Haier HWD80-BP14929A Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Haier HWD80-BP14929A (32 pagina’s), behorend tot de categorie Wasmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 121 mensen en kreeg gemiddeld 4.4 sterren uit 6 reviews. Heb je een vraag over Haier HWD80-BP14929A of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Haier |
| Categorie: | Wasmachine |
| Model: | HWD80-BP14929A |
Handleiding Haier HWD80-BP14929A – volledige tekst
Bedankt 2 Bedankt voor het kopen van een Haier-product. Lees deze instructies zorgvuldig door voordat u dit apparaat gebruikt. De instructies bevatten belangrijke informatie die u helpt het beste uit het apparaat te halen en installatie, gebruik en onderhoud op een veilige en juiste manier te garanderen. Bewaar deze handleiding op een handige plaats, zodat u deze altijd kunt raadplegen voor een veilig en juist gebruik van het apparaat. Als u het apparaat verkoopt, weggeeft of achterlaat bij een verhuizing, zorg er dan voor dat u ook deze handleiding doorgeeft, zodat de nieuwe eigenaar vertrouwd kan raken met het apparaat en de veiligheidswaarschuwingen. Verklaring van symbolen Waarschuwing – Belangrijke veiligheidsinformatie Algemene informatie en tips Milieu-informatie Verwijdering Help het milieu en de menselijke gezondheid te beschermen.
Doe de verpakking in containers die geschikt zijn voor recycling. Help bij het recyclen van afval van elektrische en elektronische apparaten. Apparaten met dit symbool mogen niet bij het huishoudelijk afval. Lever het product in bij het plaatselijke recyclingbedrijf of neem contact op met het gemeentekantoor. WAARSCHUWING! Gevaar voor verwonding of verstikking! Haal de stekker van het apparaat uit het stopcontact. Snijd het netsnoer af en gooi het weg. Verwijder de deurvergrendeling om te voorkomen dat kinderen en huisdieren in het apparaat vast komen te zitten.
1-Veiligheidsinformatie 4 1-Veiligheidsi nformatie Lees de hiernavolgende veiligheidsaanwijzingen voordat u het apparaat voor het eerst inschakelt! WAARSCHUWING! Voor het eerste gebruik ► Controleer of er geen transportschade is. ► Zorg ervoor dat alle transportbouten verwijderd zijn. ► Verwijder alle verpakkingen en houd ze buiten het bereik van kinderen. ► Hanteer het apparaat altijd met minstens twee personen, aangezien het zwaar is. Dagelijks gebruik ► Dit apparaat mag worden gebruikt door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met verminderde lichamelijke, zintuiglijke of geestelijke vermogens of met een gebrek aan kennis en ervaring, mits zij onder toezicht worden gehouden of instructies hebben gekregen om het apparaat veilig te kunnen gebruiken en de gevaren begrijpen die ermee gepaard gaan.
► Houd kinderen jonger dan 3 jaar uit de buurt van het apparaat, tenzij ze voortdurend onder toezicht staan. ► Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. ► Laat geen kinderen of huisdieren in de buurt van het apparaat komen als de deur open is. Bewaar wasmiddelen buiten het bereik van kinderen. ► Trek ritsen dicht, herstel losse draden en let op kleine voorwerpen om te voorkomen dat het wasgoed verstrikt raakt. Gebruik indien nodig een geschikte zak of een wasnet. ► Raak het apparaat niet aan en gebruik het niet op blote voeten of met natte of vochtige handen of voeten. ► Bedek of omhul het apparaat niet tijdens de werking of daarna, zodat vocht of damp kan verdampen. ► Plaats geen zware voorwerpen of warmte- of vochtbronnen op het apparaat. ► Gebruik of bewaar geen ontvlambaar wasmiddel of chemisch reinigingsmiddel in de buurt van het apparaat.
► Gebruik geen ontvlambare sprays in de buurt van het apparaat. ► Was geen kledingstukken die met oplosmiddelen zijn behandeld in het apparaat zonder ze eerst aan de lucht te hebben gedroogd.
1-Veiligheidsinformatie 5 WAARSCHUWING! Dagelijks gebruik ► Verwijder de stekker niet of steek deze niet in het stopcontact in de aanwezigheid van ontvlambare gassen. ► Schuimrubber of sponsachtige materialen niet heet wassen. ► Was geen wasgoed dat vervuild is met bloem. ► Open de wasmiddellade niet tijdens een wascyclus. ► Druk niet op de deur tijdens het wasproces, deze wordt heet. ► Open de deur niet als het water zichtbaar hoger staat dan de deur. ► Forceer de deur niet open. De deur is voorzien van een zelfvergrendeling en opent kort nadat de wasprocedure is beëindigd. ► Schakel het apparaat na elk wasprogramma en voor elk routineonderhoud uit en koppel het apparaat los van het elektriciteitsnet om elektriciteit te besparen en voor de veiligheid. ► Houd de stekker vast, niet het snoer, wanneer u de stekker uit het apparaat trekt.
Onderhoud/reiniging ► Zorg ervoor dat kinderen onder toezicht staan als ze schoonmaken en onderhoud uitvoeren. ► Haal de stekker van het apparaat uit het stopcontact voordat u routineonderhoud uitvoert. ► Houd het onderste deel van de deuropening schoon en open de deur en wasmiddellade als het apparaat niet in gebruik is om geurtjes te voorkomen. ► Gebruik geen waternevel of stoom om het apparaat schoon te maken. ► Een beschadigd netsnoer mag alleen worden vervangen door de fabrikant, diens servicevertegenwoordiger of vergelijkbaar gekwalificeerde personen om gevaar te voorkomen. ► Probeer het apparaat niet zelf te repareren. Neem in geval van reparatie contact op met onze klantenservice. Installatie ► Plaats het apparaat op een goed geventileerde plaats. Zorg voor een locatie waar de deur volledig geopend kan worden.
► Installeer het apparaat nooit buiten op een vochtige plaats of in een ruimte waar water kan lekken, zoals onder of bij een gootsteen. In geval van een waterlek moet u de stroomtoevoer onderbreken en het apparaat op natuurlijke wijze laten drogen.
1-Veiligheidsinformatie6 WAARSCHUWING! Installatie ►Installeer of gebruik het apparaat alleen waar de temperatuur hogeris dan 5°C.►Plaats het apparaat niet rechtstreeks op een tapijt of dicht bij een muurof meubels.► Installeer het apparaat niet in direct zonlicht of in de buurt van warmtebronnen(zoals kachels, verwarmingstoestellen).►Controleer of de elektrische informatie op het typeplaatje overeenkomt met de stroomvoorziening. Als dit niet het geval is, neem dan contact op met een elektricien.►Gebruik geen adapters met meerdere stekkers en verlengkabels.► Zorg ervoor dat alleen de meegeleverde elektrische kabel en slangenset worden gebruikt.►Zorg ervoor dat de elektrische kabel en de stekker niet beschadigd raken.Laat ze bij beschadiging vervangen door een elektricien.►Gebruik voor de stroomvoorziening een apart geaard stopcontact datgemakkelijk toegankelijk is na de installatie.
Het apparaat moet geaard zijn.► Controleer of de slangverbindingen stevig zijn en geen lekken vertonen.Beoogd gebruikDit apparaat is alleen bedoeld voor wasbaar dat geschikt is voor machinewas. Volg altijd de instructies op het label van elk kledingstuk. Het is niet bedoeld voor commercieel of industrieel gebruik. Wijzigingen of aanpassingen aan het apparaat zijn niet toegestaan. Oneigenlijk gebruik kan leiden tot gevaren en verlies van alle garantie- en aansprakelijkheidsclaims.
3-Bedieningspaneel 8 3-Bedieningspaneel 1 Programmakeuzeknop 2 Display 3 Lade voor wasmiddel/ wasverzachter 4 Functietoetsen 5 Start/Pauze-toets Opmerking: Geluidssignaal In de volgende gevallen klinkt er een geluidssignaal: ► bij het indrukken van een toets ► aan het einde van een programma ► in geval van storingen Indien nodig kan het geluidssignaal gedeselecteerd worden; zie DAGELIJKS GEBRUIK. 3.1 UIT Draai de knop naar een willekeurige stand (behalve UIT) om de machine te starten. Draai de knop naar de UIT-positie om de machine uit te schakelen (afb. 3-2). 3.2 Programmakeuzeknop Door aan de knop te draaien (afb. 3-3) kan een van de 15 programma's worden geselecteerd (de aan/uit-knop is niet inbegrepen). 3.3 Display Het display (afb. 3-4) toont de volgende informatie: ► Wastijd ► Eindtijd uitstel ► Wassen met stoom ► De deur vergrendelen ► Kinderslot
3-Bedieningspaneel 9 3.4 Wasmiddellade Open de lade, er zijn twee compartimenten te zien (afb. 3-5): 1) Compartiment 1: Poeder of vloeibaar wasmiddel voor programma. 2) Compartiment 2: Wasverzachter, conditioneringsmiddel, etc. Raadpleeg de handleiding van het wasmiddel voor aanbevelingen over het type wasmiddel dat geschikt is voor de verschillende wastemperaturen. 3.5 Functietoetsen De functietoetsen (afb. 3-6) maken extra opties mogelijk in het geselecteerde programma voordat het programma start. De gerelateerde indicatoren worden weergegeven. Als een toets meerdere opties heeft, kan de gewenste optie worden geselecteerd door meerdere keren op de toets te drukken. Opmerking: Fabrieksinstellingen Om de beste resultaten te krijgen voor elk programma, heeft Haier specifieke standaardinstellingen gedefinieerd. Als er geen speciale vereisten zijn, worden standaardinstellingen aanbevolen.
3.5.1 Functietoets ‘Uitstel’ Druk op deze toets (afb. 3-7) om het programma uitgesteld te starten. De uitstel van de eindtijd kan worden verhoogd in stappen van 30 minuten van 0,5–24 uur. Wanneer u de uitstel selecteert, is de totale tijd standaard langer dan de looptijd van het programma. Een displayweergave van 6:30 betekent bijvoorbeeld dat het einde van de programmacyclus over 6 uur en 30 minuten is. Druk op de ‘Start/Pauze’-toets om de uitsteltijd te activeren. 3.5.2 Functietoets ‘Temp.’ Druk op deze toets (afb. 3-8) om de wastemperatuur van het programma te wijzigen. Als er geen waarde oplicht, wordt het water niet verwarmd.
3-Bedieningspaneel 10 3.5.3 Functietoets ‘Snelheid’ Druk op deze toets (afb. 3-9) om het centrifugeren van het programma te wijzigen of te deselecteren. Als er geen waarde oplicht, dan zal het wasgoed niet worden gecentrifugeerd. 3.5.4 Toets ‘Extra spoelen’ Druk op deze toets (afb. 3-10) om het wasgoed intensiever te spoelen met schoon water. Dit wordt aanbevolen voor mensen met een gevoelige huid. Door meerdere keren op de toets te drukken kunnen nul tot twee extra cycli worden geselecteerd. Ze verschijnen op het display met P--0/P--1/P--2. En het aantal extra spoelingen dat kan worden geselecteerd voor verschillende programma's verschilt. Opmerking: Vloeibaar wasmiddel Als u vloeibaar wasmiddel gebruikt, wordt niet aangeraden uitstel van de eindtijd te activeren. 3.5.5 Toets ‘Droogniveau’ Druk op deze toets (afb. 3-11) om de droogfunctie te activeren/deactiveren.
Door achtereenvolgens op de toets te drukken, kan de droogtijd worden ingesteld. De tijd is AU, 30, 60, 90, 120, 150 min. 3.6 Start/Pauze-toets Druk voorzichtig op deze toets (afb. 3-12) om het momenteel weergegeven programma te starten of te onderbreken. 3.7 Kinderslot Druk tegelijkertijd 3 seconden op de toetsen ‘Uitstel’ en ‘Droogniveau’ (afb. 3-13) om alle paneelelementen tegen activering te beschermen. Druk nogmaals op de twee toetsen om te ontgrendelen. De kinderslotindicator licht op wanneer het kinderslot in werking is. Deze functie is optioneel wanneer de machine draait. Op het display verschijnt CLOI- (afb. 3-14) als er op een toets wordt gedrukt, en dit betekent dat het kinderslot is geactiveerd. De verandering wordt niet uitgevoerd.
1) Kies alleen een wastemperatuur van 90° voor speciale hygiënische vereisten. 2) Er kan slechts één kledingstuk voor volwassenen of volumineuze kleding worden gewassen, en maximaal drie kledingstukken voor kinderen; en verzorg alleen droge kleding. 3) Het prestatieprogramma moet standaard de maximumsnelheid instellen, maar geeft deze niet weer (1400 tpm). Het ontwerp en de specificaties kunnen zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd met het oog op kwaliteitsverbetering. ● = ja, = optioneel, / = nee Wasmiddelcompartiment voor: ❶ Wasmiddel ❷ Wasverzachter of verzorgingsproduct ❸ /
5-Dagelijks gebruik 12 5-Dagelijks gebr uik 5.1 Stroomvoorziening Sluit de wasmachine aan op een stroomvoorziening (220–240 V/50 Hz: afb. 5-1). Raadpleeg ook het hoofdstuk INSTALLATIE. 5.2 Wateraansluiting ► Controleer voor het aansluiten of de watertoevoer schoon en vrij is. ► Draai de kraan open (afb. 5-2). Opmerking: Lekdichtheid Controleer vóór gebruik op lekkage bij de aansluitingen tussen de kraan en de toevoerslang door de kraan open te draaien. 5.3 De was voorbereiden ► Sorteer kleding op stof (katoen, synthetisch, wol, etc.) en hoe vuil ze zijn (afb. 5-3). Let op de verzorgings-instructies op waslabels. ► Scheid witte kleren van gekleurde. Was gekleurde stoffen eerst met de hand om te controleren of ze vervagen of uitlopen. ► Leeg zakken (sleutels, muntgeld, etc.) en verwijder harder decoratieve voorwerpen (zoals broches).
► Kleding zonder zomen, fijne was en fijngeweven stoffen zoals fijne gordijnen moeten in een waszak worden gedaan om dit delicate wasgoed te verzorgen (handwas of stomerij is beter). ► Sluit ritsen, klittenbandsluitingen en haakjes. Zorg ervoor dat knopen goed vastgenaaid zijn. ► Doe gevoelige items zoals wasgoed zonder stevige zoom, delicaat ondergoed en kleine items zoals sokken, riemen, beha's, etc. in een waszak. ► Vouw grote stukken stof zoals lakens, spreien, etc. open. ► Keer jeans en bedrukte, versierde of kleurintensieve stoffen binnenstebuiten. Indien mogelijk apart wassen. VOORZICHTIG! Voorwerpen die niet van stof zijn, maar ook kleine, losse of scherpgerande items kunnen storingen en schade aan kleding en apparatuur veroorzaken.
40°C Niet wassen Bleken Bleken toegestaan Alleen zuurstof/geen chloor Niet bleken Drogen Drogen in de droogtrommel mogelijk bij normale temperatuur Drogen in de droogtrommel mogelijk bij lagere temperatuur Niet in de droger drogen Drogen aan de lijn Vlak drogen Strijken Strijken met een maximumtemperatuur tot 200°C Strijken met een gemiddelde temperatuur tot 150°C Strijken op een lage temperatuur tot 110°C: zonder stoom (strijken met stoom kan onherstelbare schade veroorzaken) Niet strijken Professionele textielverzorging Chemisch reinigen in tetrachlooretheen Chemisch reinigen in koolwaterstoffen Niet chemisch reinigen Professionele natte reiniging Niet professioneel nat reinigen 5.4 Het apparaat laden ► Doe het wasgoed er één voor één in. ► Niet te vol laden. Let op de verschillende maximale beladingen per programma!
5-Dagelijks gebruik 14 5.5 Wasmiddel kiezen ► De wasefficiëntie en -prestaties worden bepaald door de kwaliteit van het gebruikte wasmiddel. ► Gebruik alleen goedgekeurd wasmiddel voor machinewas. ► Gebruik indien nodig specifieke wasmiddelen, bijvoorbeeld voor synthetische en wollen stoffen. ► Let altijd op de aanbevelingen van de wasmiddelfabrikant. ► Gebruik geen chemische reinigingsmiddelen zoals trichloorethyleen en soortgelijke producten.
Kies het beste wasmiddel Programma Soort wasmiddel Universeel Bonte was Fijne was Speciaal Wasverzachter Katoen √ √ - - √ Synthetisch - √ - - √ Jeans - √V - √ √ Sport - - √ √ - Allergie-verzorging √P √ - - √ Babyver-zorging - - √ √ √ T-shirts √ √ - - √ Centrifugeren - - - - - Eco 40-60 √ √ - - √ Katoen 20°C √ √ - - √ Enkel drogen √V √ - - √ Zelfreiniging - - - √ - Snel V √V - - √ Snel 15' V √V - - √ Refresh - - - - - V = gel-/vloeibaar wasmiddel P = poederwasmiddel O = optioneel - = nee √ = Aanbevolen Als u vloeibaar wasmiddel gebruikt, wordt niet aangeraden de tijdsuitstel te activeren. We adviseren het gebruik van: ► Waspoeder: 20°C tot 90°C* (beste gebruik: 40-60°C). ► Kleurwasmiddel: 20°C tot 60°C* (beste gebruik: 30-60°C). ► Wasmiddel voor wol/fijne was: 20°C tot 30°C* (beste gebruik: 20-30°C). * Kies alleen een wastemperatuur van 90°C voor speciale hygiënische vereisten.
5-Dagelijks gebruik 15 5.6 Wasmiddel toevoegen 1. Schuif de wasmiddellade naar buiten. 2. Doe de benodigde middelen in de betreffende compartimenten (afb. 5-4). 3. Duw de lade voorzichtig terug. Opmerking: ► Verwijder wasmiddelresten vóór de volgende wasbeurt uit de wasmiddellade. ► Gebruik niet te veel wasmiddel of wasverzachter. ► Volg de instructies op de verpakking van het wasmiddel. ► Vul het wasmiddel altijd vlak voor het begin van het wasprogramma. ► Geconcentreerd vloeibaar wasmiddel moet worden verdund voordat u het toevoegt aan compartiment 2. ► Het beste gebruik van vloeibaar wasmiddel is door een doseerbal te gebruiken, die samen met het wasgoed in de wasmachine wordt gedaan. ► Gebruik geen vloeibaar wasmiddel als ‘Uitstel eindtijd’ is geselecteerd. ► Kies de programma-instellingen zorgvuldig volgens de verzorgingssymbolen op alle waslabels en volgens de programmatabel.
5.7 Het apparaat inschakelen Draai de knop naar een willekeurige stand (behalve UIT) om de machine te starten. Draai de knop naar de UIT-positie om de machine uit te schakelen (afb. 5-5). 5.8 Een programma selecteren Voor de beste wasresultaten kiest u een programma dat past bij de mate van vervuiling en het soort wasgoed. Draai aan de programmaknop (afb. 5-6) om het juiste programma te kiezen. Opmerking: Geur verwijderen Voor het eerste gebruik raden p16-we aan het programma ‘Zelfreiniging’ te draaien zonder wasgoed en met een kleine hoeveelheid wasmiddel in het wasmiddelcompartiment (1) of een speciale wasmachinereiniger om mogelijk corrumperende resten te verwijderen. 5.9 Individuele selecties toevoegen Selecteer de gewenste opties en instellingen (afb. 5-7); raadpleeg BEDIENINGSPANEEL.
5-Dagelijks gebruik 16 5. 10 Een wasprogramma starten Druk op de ‘Start/Pauze’-toets (afb. 5-8) om te starten. Het apparaat werkt volgens de huidige instellingen. Wijzigingen zijn alleen mogelijk door het programma te annuleren. 5. 11 Het wasprogramma onderbreken/annuleren Om een lopend programma te onderbreken drukt u voorzichtig op ‘Start/Pauze’. Het ledlampje in de toets knippert. Druk er nogmaals op om de bediening te hervatten. Een lopend programma en alle individuele instellingen annuleren: 1. Druk op de ‘Start/Pauze’-toets om het lopende programma te onderbreken. 2. Draai aan de knop om een nieuw programma te selecteren en te starten. 5. 12 Na het wassen Opmerking: Deurvergrendeling ► Om veiligheidsredenen is de deur gedeeltelijk vergrendeld tijdens het wasprogramma.
Het is alleen mogelijk om de deur te openen aan het einde van het programma of nadat het programma correct werd geannuleerd (zie bovenstaande beschrijving). ► Bij een hoog waterpeil, een hoge watertemperatuur en tijdens het centrifugeren is het niet mogelijk om de deur te openen. wordt weergegeven. 1. Aan het einde van de programmacyclus wordt weergegeven. 2. Het apparaat schakelt automatisch uit. 3. Haal het wasgoed er zo snel mogelijk uit zodat het goed blijft en meer kreukels te voorkomen. 4. Draai de watertoevoer dicht. 5. Haal de stekker uit het stopcontact. 6. Open de deur om dampvorming en geurtjes te voorkomen. Laat hem open als hij niet wordt gebruikt, enkele minuten voordat het programma begint of aan het einde van het programma. Het display wordt uitgeschakeld.
Opmerking: Stand-bymodus/energiebesparingsmodus Het ingeschakelde apparaat gaat in stand-by als het niet binnen 2 minuten voor aanvang van het programma of aan het einde van het programma wordt geactiveerd. Het display wordt uitgeschakeld. Het bespaart energie. 5. 13 De zoemer in- of uitschakelen Indien nodig kan het geluidssignaal gedeselecteerd worden: 1. Schakel het apparaat in. 2.
6-Verbruik 17 6-Verbruik Scan de QR-code op het energielabel voor informatie over het energieverbruik. Het werkelijke energieverbruik kan afwijken van het opgegeven verbruik, afhankelijk van de plaatselijke omstandigheden. Opmerking: Automatische gewichtsherkenning Het apparaat is uitgerust met laadherkenning. Bij lage belading worden energie, water en wastijd bij sommige programma's automatisch verminderd. De standaardduur op het display kan variëren afhankelijk van het gewicht van de lading wanneer het gaat om het programma ‘Gemengd, Synthetisch, Katoen, Katoen 20°C, Eco 40-60’. Nominaal vermogen Programma Max.
7-Milieuvriendelijk wassen 18 7-Milieuvriendel ijk wassen Milieuverantwoord gebruik ► Voor een optimaal gebruik van energie, water, wasmiddel en tijd moet u de aanbevolen maximale belading in acht nemen. ► Niet te zwaar beladen (handbreedte ruimte boven wasgoed). ► Voor licht vervuild wasgoed kiest u het programma ‘Snel 15'. ► Gebruik exacte doseringen van elk wasmiddel. ► Kies de laagste geschikte wastemperatuur. Moderne wasmiddelen reinigen efficiënt bij temperaturen lager dan 60°C. ► Standaardinstellingen alleen verhogen bij hardnekkige vlekken. ► Selecteer de maximale centrifugeersnelheid als een huishoudelijk droger wordt gebruikt.
8-Onderhoud en reiniging 19 8-Onderhoud en reinig ing 8.1 De wasmiddellade reinigen Zorg er altijd voor dat er geen wasmiddelresten achterblijven. Reinig de lade regelmatig (afb. 8-1): 1. Trek de lade uit totdat deze stopt. 2. Druk op de ontgrendelingsknop en verwijder de lade. 3. Spoel de lade af met water tot deze schoon is en plaats de lade terug in het apparaat. 8.2 De machine reinigen ► Haal de stekker uit het stopcontact tijdens reiniging en onderhoud. ► Gebruik een zachte doek met vloeibare zeep om de behuizing van de machine (afb 8-2) en de rubberen onderdelen schoon te maken. ► Gebruik geen organische chemicaliën of bijtende oplosmiddelen. 8.3 Waterinlaatklep en filter van de inlaatklep Om verstopping van de watertoevoer door vaste stoffen zoals kalk te voorkomen, moet het filter van de inlaatklep regelmatig worden gereinigd.
► Haal de stekker uit het stopcontact en draai de watertoevoer dicht. ► Schroef de watertoevoerslang aan de achterkant los van het apparaat en van de kraan (afb. 8-3.1). ► Verwijder de filters en spoel ze door met water en een borstel (afb. 8-3.2). ► Plaats het filter terug en installeer de toevoerslang weer. 8.4 De trommel reinigen ► Verwijder per ongeluk gewassen metalen onderdelen zoals spelden, muntgeld, etc. uit de trommel (afb. 8-4), aangezien deze roestvlekken en schade veroorzaken. ► Gebruik een reinigingsmiddel zonder chloor om roestvlekken te verwijderen. Neem de waarschuwings-aanwijzingen van de fabrikant van het reinigingsmiddel in acht. ► Gebruik geen harde voorwerpen of staalwol voor het reinigen. Opmerking: Hygiëne Voor regelmatig onderhoud raden we aan elk kwartaal het zelfreinigingsprogramma zonder lading uit te voeren om mogelijk corrumperende resten te verwijderen.
8-Onderhoud en reiniging 20 8.5 Lange perioden van onbruik Als het apparaat langere tijd niet wordt gebruikt: 1. Trek de stekker uit het stopcontact (afb. 8-5.1). 2. Sluit de watertoevoer af (afb. 8-5.2). 3. Open de deur om dampvorming en geurtjes te voorkomen. Laat de deur open wanneer het apparaat niet wordt gebruikt. Controleer vóór het volgende gebruik zorgvuldig het netsnoer, de watertoevoer en de afvoerslang. Controleer of alles goed geïnstalleerd is en er geen lekkage is. Opmerking: Hygiëne Na lange periodes van geen gebruik raden we aan het programma ‘Zelfreiniging’ te draaien zonder wasgoed en met een kleine hoeveelheid wasmiddel in het wasmiddelcompartiment (1) of een speciale wasmachinereiniger om mogelijk corrumperende resten te verwijderen.
8.6 Pompfilter Reinig het filter één keer per maand en controleer bijvoorbeeld het pompfilter als het apparaat: ► het water niet afpompt; ► niet draait; ► een ongewoon geluid maakt tijdens het draaien. WAARSCHUWING! Verbrandingsgevaar! Water in het pompfilter kan erg heet zijn! Zorg ervoor dat het water is afgekoeld voordat u actie onderneemt. 1. Schakel het apparaat uit en haal de stekker uit het stopcontact (afb. 8-6.1). 2. Open de serviceklep (afb. 8-6.2). 3. Zorg voor een platte bak om loogwater op te vangen (afb. 8-6.3). Er kunnen grotere hoeveelheden zijn!
8-Onderhoud en reiniging 21 4. Trek de afvoerslang naar buiten en houd het uiteinde boven de bak (afb. 8-6.3). 5. Neem de afdichtplug uit de afvoerslang (afb. 8-6.3). 6. Na volledige drainage sluit u de afvoerslang (afb. 8-6.4) en duwt u deze terug in de machine. 7. Schroef het pompfilter tegen de klok in los en verwijder het (afb. 8-6.5). 8. Verwijder verontreinigingen en vuil (afb. 8-6.6). 9. Reinig het pompfilter zorgvuldig, bijvoorbeeld met stromend water (afb. 8-6.7). 10. Plaats goed terug (afb. 8-6.8). 11. Sluit de serviceklep. VOORZICHTIG! ► De afdichting van het pompfilter moet schoon en onbeschadigd zijn. Als het deksel niet goed vastzit, kan er water ontsnappen. ► Het filter moet op zijn plaats zitten, anders kan het gaan lekken.
9-Problemen oplossen 22 9-Problemen oploss en Veel voorkomende problemen kunt u zelf oplossen zonder specifieke expertise. Als er een probleem optreedt, controleer dan alle getoonde mogelijkheden en volg de onderstaande instructies voordat u contact opneemt met een aftersales-service. Zie KLANTENSERVICE. WAARSCHUWING! ► Voordat u onderhoud uitvoert, moet u het apparaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact halen. ► Elektrische apparatuur mag alleen worden onderhouden door gekwalificeerde elektrische experts, omdat onjuiste reparaties aanzienlijke gevolgschade kunnen veroorzaken. ► Een beschadigd netsnoer mag alleen worden vervangen door de fabrikant, diens servicevertegenwoordiger of vergelijkbaar gekwalificeerde personen om gevaar te voorkomen. 9.1 Informatiecodes De volgende codes worden alleen weergegeven voor informatie over de wascyclus.
Er hoeven geen maatregelen te worden genomen. Code Bericht De resterende wascyclustijd is 1 uur en 25 minuten. De resterende tijd van de wascyclus, inclusief de gekozen eindtijdvertraging, is 6 uur en 30 minuten. De wascyclus is voltooid. Het apparaat schakelt automatisch uit. Functie kinderslot is geactiveerd. De deur is gesloten vanwege hoog waterpeil, hoge watertemperatuur of een centrifugeercyclus. De zoemer wordt geactiveerd. De zoemer is uitgeschakeld. 9.2 Problemen oplossen met de displaycode Probleem Oorzaak Oplossing Afpompfout, water wordt niet volledig afgevoerd binnen 6 minuten. Maak het pompfilter schoon. Controleer de installatie van de afvoerslang. Vergrendelingsfout. Sluit de deur goed. Waterniveau niet bereikt na uiterlijk 12 minuten. Controleer of de kraan helemaal open staat en de waterdruk normaal is. De afvoerslang is zelfafvoerend.
9-Problemen oplossen 23 Fout waterbeschermingsniveau. Neem contact op met de aftersales-service. Fout temperatuursensor. Neem contact op met de aftersales-service. Verwarmingsfout. Neem contact op met de aftersales-service. Motorfout. Neem contact op met de aftersales-service. of Abnormale communicatiefout. Neem contact op met de aftersales-service. Fout bij onevenwichtig verdeelde lading. Controleer en balanceer het wasgoed in de trommel. Verklein de lading. Fout waterniveausensor. Neem contact op met de aftersales-service. 9.3 Problemen oplossen zonder displaycode Probleem Oorzaak Oplossing Wasmachine werkt niet. Het programma is nog niet gestart. Controleer het programma en start het. De deur zit niet goed dicht. Sluit de deur goed. De machine is niet ingeschakeld. Schakel het apparaat in. Stroomuitval. Controleer de stroomvoorziening. Het kinderslot is geactiveerd.
Deactiveer het kinderslot. De wasmachine wordt niet gevuld met water. Geen water. Controleer de waterkraan. De inlaatslang is geknikt. Controleer de inlaatslang. Het filter van de inlaatslang is verstopt. Ontstop het filter van de inlaatslang. De waterdruk is minder dan 0,03 MPa. Controleer de waterdruk. De deur zit niet goed dicht. Sluit de deur goed. Storing in de watertoevoer. Zorg voor watertoevoer. De machine pompt af tijdens het vullen. De hoogte van de afvoerslang is minder dan 80 cm. Zorg ervoor dat de afvoerslang goed is geïnstalleerd. Het uiteinde van de afvoerslang kan in het water komen. Zorg ervoor dat de afvoerslang niet in het water staat. Afpompstoring. De afvoerslang is verstopt. Ontstop de afvoerslang. Het pompfilter is verstopt. Maak het pompfilter schoon. Het uiteinde van de afvoerslang ligt hoger dan 100 cm boven de vloer.
9-Problemen oplossen 24 Probleem Oorzaak Oplossing Sterke trilling tijdens het centrifugeren. Niet alle transportbouten zijn verwijderd. Verwijder alle transportbouten. Het apparaat heeft geen stevige positie. Zorg voor een stevige ondergrond en een vlakke plaatsing. De machinebelading is niet correct. Controleer het gewicht en de balans van de lading. De bediening stopt voordat de wascyclus is voltooid. Water- of elektriciteitsstoring. Controleer de stroom- en watertoevoer. De werking stopt gedurende een bepaalde tijd. Het apparaat geeft een foutcode weer. Denk aan de displaycodes. Probleem door de verdeling van de belading. Verminder de belading of herschik deze. Het programma voert inweekcyclus uit. Programma annuleren en opnieuw starten. Overmatig schuim drijft op trommel en/of in de wasmiddellade. Het wasmiddel is niet geschikt. Controleer de aanbevelingen voor de wasmiddelen.
Overmatig gebruik van wasmiddel. Verminder de hoeveelheid wasmiddel. Automatische aanpassing van de wastijd. De duur van het wasprogramma wordt aangepast. Dit is normaal en heeft geen invloed op de functionaliteit. Centrifugeren mislukt. Onbalans van de was. Controleer de lading van de machine en het wasgoed en draai opnieuw een centrifugeerprogramma. Onbevredigend wasresultaat. De mate van vervuiling komt niet overeen met het geselecteerde programma. Selecteer een ander programma. De hoeveelheid wasmiddel was niet voldoende. Kies het wasmiddel op basis van de mate van vuilheid en volgens de specificaties van de fabrikant. De maximale belading is overschreden. Verklein de belading. Het wasgoed was ongelijk verdeeld in de trommel. Haal het wasgoed uit elkaar.
9-Problemen oplossen 25 Probleem Oorzaak Oplossing Er zitten waspoederresten op het wasgoed. Onoplosbare deeltjes wasmiddel kunnen als witte vlekken achterblijven op het wasgoed. Voer een extra spoeling uit. Probeer de vlekken uit de droge was te borstelen. Kies een ander wasmiddel. Het wasgoed heeft grijze vlekken. Veroorzaakt door vetten zoals oliën, crèmes of zalven. Behandel de was vooraf met een speciaal reinigingsmiddel. Opmerking: Schuimvorming Als er te veel schuim wordt waargenomen tijdens het centrifugeren, stopt de motor en wordt de afvoerpomp gedurende 90 seconden geactiveerd. Als het verwijderen van schuim 3 keer mislukt, eindigt het programma zonder te centrifugeren. Mochten de foutmeldingen ook na de genomen maatregelen opnieuw verschijnen, schakel dan het apparaat dan uit, haal de stekker uit het stopcontact en neem contact op met de klantenservice.
9.4 Bij stroomuitval Het huidige programma en de instelling ervan worden opgeslagen. Wanneer de stroomtoevoer is hersteld, wordt de werking hervat. Bij stroomuitval tijdens de uitvoering van een programma wordt het openen van de deur mechanisch geblokkeerd. Als het wasgoed moet worden verwijderd, mag het waterniveau niet zichtbaar zijn in de glazen deur. Verbrandingsgevaar! ► Verlaag het waterniveau volgens stap 1 t/m 6 van het hoofdstuk ONDERHOUD EN REINIGING (POMPFILTER). ► Trek aan hendel (A) onder de serviceklep (afb. 9-4) totdat de deur wordt ontgrendeld met een zachte klik. ► Zet alle onderdelen vast en sluit de serviceklep.
10-Installatie 26 10-Installatie 10.1 Voorbereiding ► Haal het apparaat uit de verpakking. ► Verwijder al het verpakkingsmateriaal, inclusief de polystyreenbasis, en houd ze buiten het bereik van kinderen. Bij het openen van de verpakking kunnen waterdruppels zichtbaar zijn op de plastic zak en het glas van de deur. Dit normale verschijnsel is het resultaat van watertests in de fabriek. Opmerking: Verwijdering van de verpakking Houd alle verpakkingsmaterialen buiten het bereik van kinderen en gooi ze op een milieuvriendelijke manier weg. 10.2 OPTIONEEL: Geluiddempende pads installeren 1. Als u de verpakking opent, vindt u vier geluiddempende pads. Deze worden gebruikt om lawaai te verminderen (afb. 10-1). 2. Leg de wasmachine op zijn kant, met de deur naar boven en de onderkant naar de gebruiker gericht. 3.
10-Installatie 27 Opmerking: Op een veilige plek bewaren Bewaar de transportbouten op een veilige plaats voor later gebruik. Breng de bouten opnieuw aan wanneer het apparaat wordt verplaatst. 10.4 Het apparaat verplaatsen Als het apparaat naar een andere locatie moet worden verplaatst, plaatst u de transport-bouten die u vóór de installatie hebt verwijderd om schade te voorkomen: 1. Verwijder de afdichtpluggen. 2. Verwijder de achterklep. 3. Plaats de plastic afstandsbussen en de transportbouten. 4. Draai de bouten vast met een moersleutel. 5. Plaats de achterklep terug. 10.5 Het apparaat uitlijnen Stel alle voeten bij (afb. 10-3) om een volledig vlakke positie te verkrijgen. Dit minimaliseert trillingen en dus lawaai tijdens het gebruik. Het vermindert ook slijtage. We raden aan om een waterpas te gebruiken voor het afstellen. De vloer moet zo stabiel en vlak mogelijk zijn. 1.
10-Installatie 28 10.6 Aansluiting waterafvoer Bevestig de waterafvoerslang op de juiste manier aan de leidingen. De slang moet op één punt 80 tot 100 cm boven de onderkant van het apparaat uitkomen! Bevestig de afvoerslang indien mogelijk altijd aan de clip aan de achterkant van het apparaat. WAARSCHUWING! ► Gebruik alleen de meegeleverde slangenset voor de aansluiting. ► Gebruik oude slangensets nooit opnieuw! ► Alleen aansluiten op koud water. ► Controleer voor het aansluiten of het water schoon en helder is. De volgende aansluitingen zijn mogelijk: 10.6.1 Afvoerslang naar gootsteen ► Hang de afvoerslang met de U-steun over de rand van een gootsteen met passende afmetingen (afb 10-4.1). ► Bescherm de U-steun voldoende tegen wegglijden. 10.6.2 Afvoerslang naar afvalwateraansluiting ► De binnendiameter van de standpijp met ontluchtingsgat moet minimaal 40 mm zijn.
► Plaats de afvoerslang 80 mm in de afvoerbuis. ► Bevestig de U-steun en zet hem goed vast (afb. 10-4.2). 10.6.3 Afvoerslang naar gootsteenaansluiting ► De aansluiting moet boven de sifon liggen. ► Een spigotverbinding wordt meestal afgesloten met een vulkussentje (A). Dat moet worden verwijderd om disfunctioneren te voorkomen (afb 10-4.3). ► Zet de afvoerslang vast met een klem. VOORZICHTIG! ► De afvoerslang mag niet onder water staan en moet stevig en lekvrij bevestigd zijn. Als de afvoerslang op de grond wordt geplaatst of als de buis zich op een hoogte van minder dan 80 cm bevindt, zal de wasmachine tijdens het vullen continu leeglopen (zelfafvoerend). ► De afvoerslang mag niet worden verlengd. Neem indien nodig contact op met de aftersales-service.
10-Installatie 29 10.7 Aansluiting voor schoon water Zorg ervoor dat de pakkingen geplaatst zijn. 1. Sluit de watertoevoerslang met het gehoekte uiteinde aan op het apparaat (afb. 10-5.1). Draai de schroefverbinding met de hand vast. 2. Sluit het andere uiteinde aan op een waterkraan met 3/4" schroefdraad (afb. 10-5.2). 10.8 Elektrische aansluiting Controleer bij elke aansluiting of: ► stroomvoorziening, stopcontact en zekering overeenkomen met het typeplaatje; ► het stopcontact geaard is en er geen stekkerdoos of verlengsnoer wordt gebruikt; ► de stekker en het stopcontact bij elkaar passen. Steek de stekker in het stopcontact (afb. 10-6). WAARSCHUWING! ► Zorg er altijd voor dat alle aansluitingen (stroomtoevoer, afvoer en schoonwaterslang) stevig, droog en lekvrij zijn! ► Zorg ervoor dat deze onderdelen nooit geplet, geknikt of gedraaid worden.
► Als het netsnoer beschadigd is, moet het worden vervangen door de servicevertegenwoordiger (zie garantiekaart) om gevaar te voorkomen. Opmerking: Hygiëne Na elke installatie of lange periodes van geen gebruik, voor het eerste gebruik en bij regelmatig onderhoud moet u het programma ‘Trommel reinigen’ draaien zonder wasgoed en met een kleine hoeveelheid wasmiddel in het wasmiddelcompartiment (1) of een speciale wasmachinereiniger om mogelijk corrumperende resten te verwijderen.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Haier HWD80-BP14929A stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Wasmachine Haier
Handleiding Wasmachine
Nieuwste handleidingen voor Wasmachine