Grundfos AP50 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Grundfos AP50 (36 pagina’s), behorend tot de categorie Waterpomp. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 15 mensen en kreeg gemiddeld 4.1 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over Grundfos AP50 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Grundfos |
| Categorie: | Waterpomp |
| Model: | AP50 |
Handleiding Grundfos AP50 – volledige tekst
Nederlands (NL) VeiligheidsinstructiesAlgemene informatieLees dit document voordat u het productinstalleert. De installatie en bedieningmoeten voldoen aan de lokale regelgevingen gangbare gedragscodes. GevarenaanduidingenDe onderstaande symbolen en gevarenaanduidingenworden mogelijk weergegeven in installatie- enbedrijfsinstructies, veiligheidsinstructies en service-instructies van Grundfos. GEVAARGeeft een gevaarlijke situatie aan die, alsdeze niet wordt vermeden, zal resulterenin de dood of in ernstig persoonlijk letsel. WAARSCHUWINGGeeft een gevaarlijke situatie aan die, alsdeze niet wordt vermeden, zou kunnenresulteren in de dood of in ernstigpersoonlijk letsel. LET OPGeeft een gevaarlijke situatie aan die, alsdeze niet wordt vermeden, zou kunnenresulteren in licht of middelzwaarpersoonlijk letsel.
De gevarenaanduidingen zijn als volgtgestructureerd:SIGNAALWOORDBeschrijving van gevaarGevolg van negeren van waarschuwing• Actie om het gevaar te vermijden. OpmerkingenDe onderstaande symbolen en opmerkingen wordenmogelijk weergegeven in installatie- enbedrijfsinstructies, veiligheidsinstructies en service-instructies van Grundfos. Neem deze instructies in acht voorexplosieveilige producten. Een blauwe of grijze cirkel met een witgrafisch symbool geeft aan dat een actiemoet worden uitgevoerd. Een rode of grijze cirkel met een diagonalebalk, mogelijk met een zwart grafischsymbool, geeft aan dat een actie niet moetworden uitgevoerd of moet wordengestopt. Als deze instructies niet in acht wordengenomen, kan dit resulteren in technischefouten en schade aan de installatie. Tips en advies om het werk gemakkelijkerte maken.
321465TM076786AP70 pompPositie Beschrijving1 Hijsbeugel2 Statorhuis3 - typeplaatje4 Pomphuis5 Persopening6 KabelinvoerBeoogd gebruikDeze pompen zijn ontworpen voor het verpompenvan riool- en afvalwater in een breed scala aanparticuliere en industriële toepassingen.Te verpompen vloeistoffenDe pompen mogen niet worden gebruiktvoor het verpompen van brandbare,ontvlambare of corrosieve vloeistoffen.De pompen zijn ontworpen voor het transport van devolgende vloeistoffen:• riool• drainage- en oppervlaktewater• slib met minimaal gehalte aan droge stof• afvalwaterIdentificatieTypeplaatjeBevestig het bij de pomp meegeleverde extratypeplaatje ter plekke van de opstelling of bewaar hetbij deze instructiehandleiding.P1/P2kWcos ФV A AV YMade inGermanyDEDK-8850 Bjerringbro,DenmarkTypeP/N: xxxxxxxxModel No.Hmax m mMotorSN~ Hzn min-1QmaxTemp.P.cºCkgInsul. classU.K Importer: Grundfos Pumps ltd.
Code Beschrijving UitlegAP Afvalwater-/rioolpomp Pomptype40Maximalekogeldoorlaat 40 = 40mmPompdoorlaat50Nominaleuitlaatdiameter 50 =50 mmPompuitlaat07UitgangsvermogenP2/10Vermogen [kW]A Niveauschakelaar Regeling1 EénfasemotorAantal fasen3 Driefasenmotor1 Eén-kanaalswaaierWaaiertypeV VortexwaaierZOp maat gemaakteproductenAanpassingHet product verplaatsen en hijsenAlle hijsapparatuur moet worden beoordeeld voor hetdoel en gecontroleerd worden op schade voordat depomp wordt gehesen. De capaciteit van dehijsapparatuur mag niet worden overschreden. Hetgewicht van de pomp staat vermeld op hettypeplaatje. WAARSCHUWINGBeknellingsgevaarDood of ernstig persoonlijk letsel‐ Stapel geen pomppakketten of palletsop elkaar wanneer u deze optilt ofverplaatst. ‐ Hijs de pomp altijd met behulp van dehijsbeugel of met een vorkheftruck alsde pomp op een pallet is geplaatst.
Hijs de pomp nooit op aan devoedingskabel, slang of leiding. VOORZICHTIGScherp elementGering of beperkt persoonlijk letsel‐ Draag beschermende handschoenenbij het openen van het pomppakket. Bewaar de beschermingen voor dekabeluiteinden voor later gebruik. WAARSCHUWINGBeknellingsgevaarDood of ernstig persoonlijk letsel‐ Zorg ervoor dat uw hand niet bekneldraakt tussen de hijsbeugel en de haak. WAARSCHUWINGBeknellingsgevaarDood of ernstig persoonlijk letsel‐ Controleer of de haak correct aan dehijsbeugel is bevestigd. ‐ Hijs de pomp altijd met behulp van dehijsbeugel of met een vorkheftruck alsde pomp op een pallet is geplaatst. ‐ Controleer of de hijsbeugel goed isbevestigd voordat de pomp wordtopgehesen. Installatie-eisenHet opstellen van de pomp in putten dientdoor speciaal opgeleid personeel teworden gedaan.
GEVAARElektrische schokDood of ernstig persoonlijk letsel‐ Zorg dat er ten minste 3 m vrije kabelis boven het maximale vloeistofniveau. Onderhouds- en servicewerkzaamhedenmoeten worden uitgevoerd als de pompzich buiten de put bevindt. Vanwegeveiligheidsredenen moet op allewerkzaamheden in putten toezicht wordengehouden door een persoon buiten de put. WAARSCHUWINGBeknellingsgevaarDood of ernstig persoonlijk letsel‐ Zorg ervoor dat de hijsbeugel goed isbevestigd voordat de pomp wordtopgehesen. 6Nederlands (NL).
Elektrische aansluitingGEVAARElektrische schokDood of ernstig persoonlijk letsel‐ Sluit de pomp aan op een externehoofdschakelaar die zorgt voorscheiding van alle polen met eencontactscheiding overeenkomstig EN60204-1. ‐ Het moet mogelijk zijn om denetschakelaar in positie 0 vast tezetten. Type en eisen zoalsgespecificeerd in EN 60204-1. GEVAARElektrische schokDood of ernstig persoonlijk letsel‐ Als de voedingskabel beschadigd is,dient deze door de fabrikant, haarserviceagent of door andergekwalificeerd personeel vervangen teworden. GEVAARElektrische schokDood of ernstig persoonlijk letsel‐ Voorafgaand aan de eersteinschakeling dient u de kabel tecontroleren op zichtbare defecten omkortsluiting te voorkomen. NiveauregelaarsHet vloeistofniveau kan worden geregeld door deGrundfos LC niveauregelaars.
Geschikte niveauregelaars:• LC 231: compacte oplossing met gecertificeerdemotorbeveiliging voor uitvoeringen met enkele endubbele pomp. • LC 241: kastoplossing die modulariteit enmaatwerk biedt voor uitvoeringen met enkele endubbele pomp. In de volgende beschrijving kunnen"niveauschakelaars" belvormigeniveaumelders, vlotterschakelaars of elektroden zijn,afhankelijk van de geselecteerde pompregelaar. Afhankelijk van de beveiligingsniveaus en het aantalpompen kunnen niveauschakelaars worden gebruiktin de volgende opstellingen:• Drooglopen (optioneel)• Stoppen• Start pomp 1 (versie met één pomp)• Start pomp 2 (uitvoering met twee pompen)• Hoog niveau (optioneel)Er kunnen analoge niveau-opnemers worden gebruikten alle niveaus kunnen worden aangepast. Er kunnenniveauschakelaars worden gebruikt met niveau-opnemers, voor droogloopbeveiliging enhoogwateralarm.
De pomp mag niet drooglopen. Installeereen extra niveauschakelaar om er zekervan te zijn dat de pomp wordtuitgeschakeld in het geval dat deuitschakelniveauschakelaar niet werkt.
Niveauschakelaars installerenLet op de volgende punten bij het installeren van deniveauschakelaars:• Om aanzuiging van lucht en trillingen tevoorkomen, installeert u deuitschakelniveauschakelaar zodat de pomp wordtuitgeschakeld voordat het vloeistofniveau wordtverlaagd tot in het midden van het motorhuis. • Installeer de niveauschakelaar voor inschakelen,zodat de pomp op het vereiste niveau wordtingeschakeld. De pomp moet altijd inschakelenvoordat het vloeistofniveau de ondersteinstroomleiding bereikt. • Installeer de alarmschakelaar voor hoog niveaualtijd ongeveer 10 cm boven de niveauschakelaarvoor inschakelen. Het alarm moet echter altijdworden gegeven voordat het vloeistofniveau deinstroomleiding bereikt. Zie de installatie- en bedieningsinstructies van degeselecteerde niveauregelaars voor verdereinstellingen en informatie.
VOORZICHTIGBiologisch gevaarGering of beperkt persoonlijk letsel‐ Zorg ervoor dat u de pompuitlaatcorrect afdicht bij het aanbrengen vande persleiding, anders kan er water uitspuiten. WAARSCHUWINGBeknelling van de handenDood of ernstig persoonlijk letsel‐ Zorg er bij het hijsen van de pomp voordat uw hand niet bekneld raakt tussende hijsbeugel en de haak. GEVAARBeknellingsgevaarDood of ernstig persoonlijk letsel‐ Zorg ervoor dat de haak goed isbevestigd aan de hijsbeugel. ‐ Hijs de pomp altijd met behulp van dehijsbeugel of met een vorkheftruck alsde pomp op een pallet is geplaatst. ‐ Hijs de pomp nooit op aan devoedingskabel, slang of leiding. ‐ Controleer of de hijsbeugel goed isbevestigd voordat de pomp wordtopgehesen.
GEVAARElektrische schokDood of ernstig persoonlijk letsel‐ Voorafgaand aan het voor het eerstinschakelen van het productcontroleert u de voedingskabel opzichtbare defecten om kortsluiting tevoorkomen. ‐ Als de voedingskabel beschadigd is,dient deze door de fabrikant, haarserviceagent of door andergekwalificeerd personeel vervangen teworden. ‐ Zorg ervoor dat het product correct isgeaard. ‐ Schakel de voedingsspanning uit envergrendel de netschakelaar in positie0. ‐ Alle externe spanning die op hetproduct is aangesloten moet wordenuitgeschakeld voordat er aan hetproduct wordt gewerkt. VOORZICHTIGBiologisch gevaarGering of beperkt persoonlijk letsel‐ Spoel de pomp grondig door metschoon water en spoel depomponderdelen af na demontage. ‐ Draag passende persoonlijkeveiligheidsuitrusting en kleding.
VOORZICHTIGHeet oppervlakGering of beperkt persoonlijk letsel‐ Raak het oppervlak van de pomp nietaan terwijl deze in werking is. BedieningsmodiGebruik deze pompen nooit voorhevelwerking. De pompen moeten altijdvolledig zijn ondergedompeld in deverpompte vloeistof. De pompen zijn ontworpen voor continu (S1)bedrijf. In deze bedrijfsmodus kan de pomp continudraaien, zonder deze te stoppen voor koeling.
Doordat de pomp volledig is ondergedompeld, wordtdeze voldoende gekoeld door de omringendevloeistof. Tijdens S1-bedrijf is het maximale aantalstarts per uur 15. De pompen moeten volledig zijnondergedompeld voor continu bedrijf. P1t2S1-bedrijfPositie Beschrijving1 Bedrijf2 StoppenHet minimale vloeistofniveau bevindt zich aan debovenkant van het pomphuis. Voor AP40- en AP50-pompen is periodiek (S3) bedrijfmet een vloeistoftemperatuur tussen 40°C en 60°Ctoegestaan tot 30%. S3-bedrijf is een reeks vanwerkcycli van 10 minuten. Elke cyclus heeft eenperiode van 3 minuten constante belasting, gevolgddoor een rustperiode van 7 minuten. Het thermischevenwicht wordt niet bereikt tijdens de cyclus. 8Nederlands (NL).
Laat de pomp hangen aan een hijsapparaat zoalsde ketting die wordt gebruikt om de pomp in deput te laten zakken.2. Schakel de pomp in en uit en bekijk de beweging(reactie) van de pomp.3. Als de pomp correct is aangesloten, trekt dezetegen de klok in.4. Wanneer de draairichting verkeerd is, wisselt utwee van de fasen in de voedingskabel om.Reactierichting van de pompHet product opslaanNieuw geleverde producten kunnen 1 jaar wordenopgeslagen zonder de originele verpakking te hoevenopenen.GEVAARElektrische schokDood of ernstig persoonlijk letsel‐ Het moet mogelijk zijn om denetschakelaar in positie 0 vast tezetten. Type en eisen zoalsgespecificeerd in EN 60204-1.Indien de pomp wordt opgeslagen, dient te wordengezorgd voor bescherming tegen vocht en hitte.Na een periode van opslag inspecteert u de pompvoordat u deze in bedrijf stelt. Zorg ervoor dat dewaaier vrij kan draaien.
Laat de beschermers van dekabeluiteinden op de stuurstroomkabelszitten, totdat u begint met het uitvoerenvan de elektrische aansluiting. Geïsoleerdof niet, het vrije uiteinde van de kabel magnooit worden blootgesteld aan vocht ofwater. Als dit niet wordt nageleefd, kan demotor beschadigd raken. Als de pomp langer dan een maand wordtopgeslagen, draait u de waaier ten minsteelke maand om te voorkomen dat deafdichtingsvlakken van de onderstemechanische asafdichting vastlopen. Zo niet, dan kan de asafdichtingbeschadigd raken wanneer de pomp wordtingeschakeld. Als de waaier niet kan worden gedraaid,neemt u contact op met Grundfos of eenerkend servicebedrijf. WAARSCHUWINGBeknelling van de handenDood of ernstig persoonlijk letsel‐ Draai de waaier niet met de hand. Gebruik altijd geschikt gereedschap.
OnderhoudsschemaVoor de eerste start of na een langere opslagperiode:• Controleer de isolatieweerstand. • Controleer het vulniveau in de afdichtingskamer. • Controleer op mogelijke schade aan de axialeafdichting. Maandelijks:• Bewaak het opgenomen vermogen en hetvoltage. • Controleer de gebruikte schakelinstallaties opweerstand en regeling van de afgedichte ruimte. Elke zes maanden:• Inspecteer de voedingskabel. • Inspecteer de kabelhouder en bedrading. • Inspecteer de accessoires, zoals de ophanging enhijswerktuigen. Na 1000 bedrijfsuren of na zes maanden, naargelang welk tijdstip eerder is:• Bewaak stroomverbruik en spanning• Controleer de relais voor posistors,afdichtingsruimtes etc.
• Inspecteer de voedingskabel• Inspecteer de kabelhouder en het steunmateriaalvoor de kabel• Inspecteer toebehoren, zoals ophanging enhijswerktuigenNa 3000 bedrijfsuren:• Voer een visuele controle van de pomp uit eninspecteer de slijtring. • Controleer het oliepeil en de conditie van deolie. Ververs de olie. Vervang de asafdichting ingeval van binnendringend water of olielekkage. • Controleer de hydraulische componenten en deslijtring op slijtage.
Vervang indien nodig. Na 8000 bedrijfsuren of twee jaar:• Controleer de isolatieweerstand• Maak de lekkamer leeg. Niet beschikbaar vooralle modellen. Neem voor meer informatie contactop met Grundfos. • Inspecteer alle veiligheids- enbesturingsapparaten. • Controleer de coating en werk zo nodig bij. Na 15. 000 bedrijfsuren of vijf jaar:• Algemene revisie. Als de pomp wordt gebruikt in sterkschurende of corrosieve materialen,dienen de onderhoudsintervallen teworden verkort. Aandraaimomenten voor het vastdraaienA2/A4,Hardheidsklasse70A2/A4,Hardheidsklasse80DIN912 / DIN933M6 7 Nm 11,8 NmM8 17 Nm 28,7 NmM10 33 Nm 58 NmM12 57 Nm 100 NmM16 140 Nm 245 NmM20 273 Nm 494 NmOlie controleren en verversenGebruik alleen originele onderdelen. Gebruik Shell Ondina X420 olie of eenvergelijkbaar type. Voer gebruikte olie af in overeenstemmingmet de lokale voorschriften10Nederlands (NL).
VOORZICHTIGSysteem onder drukGering of beperkt persoonlijk letsel‐ De oliekamer staat mogelijk onderdruk. Draai de schroeven voorzichtiglos en verwijder ze niet voordat de drukvolledig is afgelaten. Vervang na 3000 bedrijfsuren of tenminste eenmaal per jaar de olie in deoliekamer zoals hieronder beschreven. Deolie moet ook worden ververst als deasafdichting vervangen is. Als de pomp nieuw is of de asafdichting is vervangen,controleert u het oliepeil en het watergehalte na éénweek in bedrijf. Als er meer dan 20% extra vloeistof(water) in de oliekamer zit, dan is de asafdichtingdefect. De onderstaande tabel geeft de hoeveelheid olie inde oliekamer aan:Pomptype Hoeveelheid [l]AP40 0,01AP50 0,8AP51 (1,2 kW) 0,01AP51 (1,7 kW) 0,8AP60 (0,8 kW) 0,8AP60 (1,8 kW) 0,5AP70 0,5Olie aftappen1. Plaats de pomp op een vlak oppervlak met éénolieaftapschroef naar beneden gericht. 2.
Plaats een doorzichtige container met een inhoudvan 1 liter onder de olieaftapschroef. 3. Verwijder de onderste olie-aftapschroef. 4. Verwijder de bovenste olie-aftapschroef. Inspecteer de olie. Als de kleur grijsachtig wit is,kan de olie water bevatten. Als de olie waterbevat, is de asafdichting defect en moet dezeworden vervangen. Als de oliehoeveelheid minderis dan de opgegeven hoeveelheid, is deasafdichting defect. Als de asafdichting niet wordtvervangen, kan dit leiden tot schade aan demotor. 5. Reinig de oppervlakken voor pakkingen enolieaftapschroeven. Vullen met olie1Vullen met olieVoer de volgende handelingen uit:1. Plaats de pomp horizontaal, op een vlakkeondergrond. 2. Vul nieuwe olie in de kamer via de olievulpositie(1). Het juiste olievolume is voorgeschreven in debovenstaande tabel. Gebruik Shell Ondina X420of equivalent. 3.
Verwijder de oude afdichting (pakking) voor deolieplug en vervang deze door een nieuweafdichting. Deze kan worden gevonden in Kitolieplugafdichtingen. 4.
Plaats beide olieaftapschroevenVerontreinigde pompenHet product wordt geclassificeerd als verontreinigdals het wordt gebruikt met besmettelijke of giftigevloeistof. VOORZICHTIGBiologisch gevaarGering of beperkt persoonlijk letsel‐ Spoel de pomp grondig door metschoon water en spoel depomponderdelen af na demontage. 11Nederlands (NL).
Het product afvoerenDit product of delen ervan dienen te wordenafgevoerd op een milieuverantwoorde wijze.1. Maak gebruik van de plaatselijke reinigingsdienst.2. Als dat niet mogelijk is, neem dan contact op meteen filiaal of servicedienst van Grundfos hetdichtst bij u in de buurt.Het doorkruiste symbool vaneen afvalbak op een productbetekent dat het gescheidenvan het normalehuishoudelijke afval moetworden verwerkt enafgevoerd. Als een product datmet dit symbool is gemarkeerdhet einde van de levensduurheeft bereikt, brengt u het naareen inzamelpunt dat hiertoe isaangewezen door deplaatselijkeafvalverwerkingsautoriteiten.De gescheiden inzameling enrecycling van dergelijkeproducten helpt het milieu ende menselijke gezondheid tebeschermen.Zie ook informatie over het einde van deproductlevensduur op www.grundfos.com/product-recycling13Nederlands (NL)
Type-, batch- of serienummer of enig ander element datidentificatie van het bouwproduct mogelijk maakt zoalsvereist conform artikel 11(4):• AP70-pompen gemarkeerd met EN 12050-1• AP40-, AP50-, AP51-, AP60-pompen met aanduidingEN 12050-2 op het typeplaatje. 3. Beoogde toepassing of toepassingen van hetbouwproduct, in overeenstemming met de vantoepassing zijnde geharmoniseerde technischespecificatie, zoals voorzien door de fabrikant:• Pompen voor het verpompen van afvalwater datfecale materie bevat gemarkeerd met EN 12050-1 ophet typeplaatje. • Pompen voor het verpompen van afvalwater dat geenfecale materie bevat gemarkeerd met EN 12050-2 ophet typeplaatje. 4. Naam, gedeponeerde handelsnaam of gedeponeerdhandelsmerk en contactadres van de fabrikant zoalsvereist conform artikel 11(5):• Grundfos Holding A/SPoul Due Jensens Vej 78850 BjerringbroDenemarken. 5. NIET RELEVANT. 6.
Systeem of systemen voor beoordeling en verificatie vanconstantheid van prestaties van het bouwproduct zoalsbeschreven in Bijlage V:• Systeem 3. 7. In het geval van de prestatieverklaring voor eenbouwproduct dat onder een geharmoniseerde norm valt:• TÜV Rheinland LGA Products GmbH,identificatienummer: 0197.
Uitgevoerde test conform EN 12050-1 (AP70), EN12050-2 (AP40, AP50, AP51, AP60) onder systeem3. (beschrijving van de externe taken zoals beschrevenin Bijlage V)• Testrapport: nr. DE23668I (AP70, EN 12050-1) enDE235N5T (AP40, AP50, AP51, AP60 EN 12050-2). Type getest. 8. NIET RELEVANT. 9. Verklaarde prestatie:De producten die vallen onder deze prestatieverklaringzijn in overeenstemming met de essentiëleeigenschappen en de prestatievereisten zoalsbeschreven in het volgende:• Gebruikte norm: EN 12050-1:2015-05 and EN12050-1:2001 or EN 12050-2:2015-05 and EN12050-2:200110. De prestaties van het product dat is geïdentificeerd inpunten 1 en 2 zijn in overeenstemming met de verklaardeprestaties in punt 9. 25Prestatieverklaring.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Grundfos AP50 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Waterpomp Grundfos
Handleiding Waterpomp
Nieuwste handleidingen voor Waterpomp