Greenlee DM-200A Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Greenlee DM-200A (168 pagina’s), behorend tot de categorie Multimeter. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 17 mensen en kreeg gemiddeld 5.0 sterren uit 8 reviews. Heb je een vraag over Greenlee DM-200A of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/168
INSTRUCTION MANUAL
52058078 REV 1 © 2014 Greenlee Textron Inc. 3/14
Read understand and all of the instructions and safety information in this
manual before operating or servicing this tool.
Register this product at www.greenlee.com
DM-200A • DM-210A • DM-510A
Digital Multimeters
English 1–24 ....................
Français 25–48 ................
Italiano 49–72 ..................
Deutsch73–96 ..................
Español.................97–120
Português121–144 ...........
Nederlands145–168 .........

Beoordeel deze handleiding

5.0/5 (8 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Greenlee
Categorie: Multimeter
Model: DM-200A

Handleiding Greenlee DM-200A – volledige tekst

146BeschrijvingDe Greenlee DM-200A, DM-210A en DM-510A digitale multimeters (of universeelmeters) zijn handtestapparaten waarmee de volgende metingen kunnen worden uitgevoerd: AC en DC voltage, wissel- en gelijkstroomsterkte, frequentie en weerstand. U kunt er ook diodes mee controleren en de continuïteit verifiëren. Een optionele optisch geïsoleerde computerinterface met software vergemakkelijkt het optekenen van meetresultaten van de meter naar een computer. Andere speciale functies en mogelijkheden waarover alle meters beschikken zijn:• Lcd met achtergrondverlichting voor het lezen bij beperkte verlichting. • Beep-Jack™ pieptoon en een foutmelding op de lcd waarschuwen de gebruiker als de meetkabel op de mA/μA A mA/μA A of -ingangsklem is aangesloten en de keuzeschakelaar niet in de of -stand staat. • Mogelijkheid om contactloos of met een enkele voeler voltages te meten.

• Staafdiagramdisplay dat sneller reageert dan het numerieke display — handig voor het detecteren van defecte contacten, klikken van potentiometers en signaalpieken. • Relatieve-nulwaardemodus• Meetgegevens bevriezen. • Mogelijkheid om automatische uitschakeling te selecteren. De DM-210A en DM-510A multimeters bieden de volgende bijkomende meetmogelijkheden: temperatuur (alleen K-type thermo-elementen) en elektrische capaciteit. De DM-510A multimeter heeft een AutoCheck™ functie voor automatische selectie van AC voltage, DC voltage en weerstand met lage ingangsimpedantie om “echo”-voltages uit te sluiten. De DM-510A heeft verder een piekregistratiefunctie voor het vastleggen van spannings- of stroomsignaalpieken en een optekenfunctie voor het opslaan van maximum- en minimumwaarden. De DM-510A meet de feitelijke RMS-waarde.

In deze gebruiksaanwijzing en via markeringen op het toestel krijgt u informatie voor het vermijden van gevaarlijke situaties en het voorkomen van een onveilig gebruik van dit instrument. Leef altijd de verstrekte veiligheidsinformatie na. Doel van deze gebruiksaanwijzingDeze gebruiksaanwijzing is bedoeld om alle personeelsleden vertrouwd te maken met de procedures voor een veilig gebruik en onderhoud van de Greenlee DM-200A, DM-210A en DM-510A digitale multimeters. Zorg ervoor dat deze gebruiksaanwijzing altijd door alle personeelsleden kan worden geraadpleegd. Op verzoek kunt u gratis extra exemplaren van de gebruiksaanwijzing krijgen bij www. greenlee. com. Dit product niet weggooien. Voor informatie over recycling, bezoek www. greenlee. com.

DM-200A • DM-210A • DM-510A147SYMBOOL VOOR BELANGRIJKE VEILIGHEIDSINFORMATIEDit symbool wordt gebruikt om uw aandacht te vestigen op gevaarlijke situaties en vormen van onveilig gebruik die tot verwondingen of beschadiging zouden kunnen leiden. De waarschuwingsterm geeft de ernst van het gevaar aan, zoals hieronder gedefinieerd.

In de tekst die op de waarschuwingsterm volgt, vindt u informatie voor het voorkomen of vermijden van de gevaarlijke situatie.Direct gevaarlijke situaties die, wanneer ze niet worden vermeden, ZEKER tot ernstige verwondingen leiden of dodelijk zijn.Gevaarlijke situaties die, wanneer ze niet worden vermeden, MOGELIJK tot ernstige verwondingen leiden of dodelijk zijn.Gevaarlijke situaties of vormen van onveilig gebruik waarbij het, indien ze niet worden vermeden, NIET UITGESLOTEN is dat ze tot ernstige verwondingen of beschadiging leiden.U moet deze gebruiksaanwijzing en voor u met of aan dit toestel lezen begrijpenwerkt.

Het niet begrijpen van hoe dit instrument op een veilige manier moet worden gebruikt kan leiden tot een ongeval met ernstige verwondingen of de dood tot gevolg.Gevaar voor elektrische schokken:Contact met onder stroom staande stroomkringen kan leiden tot ernstige verwondingen of dodelijk zijn.Belangrijke veiligheidsinformatieAlle specificaties zijn nominaal en kunnen veranderen wanneer verbeteringen worden aangebracht aan het ontwerp. Greenlee Textron Inc. kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade die voortvloeit uit het verkeerd gebruik of misbruik van zijn producten.® Gedeponeerd handelsmerk: de kleur groen voor elektrische testapparatuur is een gedeponeerd handelsmerk van Textron Innovations Inc.AutoCheck en Beep-Jack zijn handelsmerken van BTC.Microsoft en Windows zijn gedeponeerde handelsmerken van Microsoft Corporation.GOOI DEZE HANDLEIDING NIET WEG

148Belangrijke veiligheidsinformatieGevaar voor elektrische schokken of brand:• Stel dit toestel niet bloot aan regen of vocht.• Gebruik dit toestel niet als het nat of beschadigd is.• Gebruik meetkabels en accessoires die geschikt zijn voor de toepassing. Controleer voor welke categorie en welk voltage de meetkabel of het accessoire is goedgekeurd.• Inspecteer de meetkabels of het accessoire voor gebruik. Zij moeten schoon en droog zijn en de isolatie moet in goede staat verkeren.• Gebruik dit toestel alleen voor de toepassing waarvoor het door de fabrikant is bedoeld en zoals in deze gebruiksaanwijzing beschreven.

Elk ander gebruik kan afbreuk doen aan de door het toestel geboden bescherming.Het niet naleven van deze waarschuwingen zou kunnen leiden tot ernstige verwondingen of dodelijk kunnen zijn.Gevaar voor elektrische schokken:• Zet niet meer dan het nominale voltage tussen twee ingangsklemmen of tussen een ingangsklem en de aarding.• Maak geen contact met de uiteinden van de meetkabels of een niet-geïsoleerd deel van het accessoire.Het niet naleven van deze waarschuwingen zou kunnen leiden tot ernstige verwondingen of dodelijk kunnen zijn.Gevaar voor elektrische schokken:• Gebruik dit toestel niet met open behuizing.• Voor u de behuizing opent, verwijdert u de meetkabels van het circuit en zet u het toestel uit.Het niet naleven van deze waarschuwingen zou kunnen leiden tot ernstige verwondingen of dodelijk kunnen zijn.Gevaar voor elektrische schokken:De zekeringen vormen een wezenlijk onderdeel van de overspanningsbeveiliging.

Wanneer een zekering moet worden vervangen, raadpleegt u “Specificaties” voor het correcte type, de correcte grootte en capaciteit. Wanneer u een ander type zekering gebruikt, is de overspanningsbeveiligingsclassificatie van het toestel niet langer geldig.Het niet naleven van deze waarschuwing zou kunnen leiden tot ernstige verwondingen of dodelijk kunnen zijn.

DM-200A • DM-210A • DM-510A149Belangrijke veiligheidsinformatieGevaar voor elektrische schokken:• Tenzij u een voltage, stroom of frequentie aan het meten bent, schakelt u het toestel uit en sluit u de stroomtoevoer af. Zorg ervoor dat alle condensatoren ontladen zijn. Er mag geen voltage meer aanwezig zijn.• Zet de keuzeschakelaar in de correcte stand en sluit de meetkabels zo aan dat beide elementen voldoen aan de vereisten voor de bedoelde meting.

Een onjuiste instelling van de keuzeschakelaar of onjuiste aansluitingen kunnen leiden tot het doorbranden van een zekering.• Het gebruik van dit toestel in de onmiddellijke omgeving van apparaten die elektromagnetische interferentie veroorzaken, kan leiden tot onstabiele of onnauwkeurige meetwaarden.Het niet naleven van deze waarschuwingen zou kunnen leiden tot ernstige verwondingen of dodelijk kunnen zijn.Gevaar voor elektrische schokken:Verander niet van meetfunctie terwijl de meetkabels op een onderdeel of circuit zijn aangesloten.Het niet naleven van deze voorzorgsmaatregel zou eventueel kunnen leiden tot verwondingen en kan schade aan het toestel veroorzaken.Gevaar voor elektrische schokken:Gebruik het meettoestel niet om voltages te meten in circuits die beschadigd of geactiveerd zouden kunnen worden door de lage ingangsimpedantie van de AutoCheck™ modus (ongeveer 2,5 kΩ en 120 pF).Het niet naleven van deze voorzorgsmaatregel zou eventueel kunnen leiden tot verwondingen en kan schade aan het toestel veroorzaken.Gevaar voor elektrische schokken:• Probeer niet om dit toestel te repareren.

Het bevat geen onderdelen die door de gebruiker kunnen worden hersteld.• Stel het toestel niet bloot aan extreme temperaturen of hoge vochtigheid. Zie de “Specificaties”.Het niet naleven van deze voorzorgsmaatregelen zou eventueel kunnen leiden tot verwondingen en kan schade aan het toestel veroorzaken.

150Identificatie 1. Display LCD met 4-cijferplaatsen (maximumwaarde: 5999) en staafdiagram. 2. Functietoetsen Zie toelichting onder “De functies gebruiken”. 3. Keuzeschakelaar Voor het selecteren van een functie of het uitschakelen van het toestel. 4. ΩV Positieve ingangsklem voor alle metingen behalve stroomsterkte. 5. COM Negatieve, gemeenschappelijke of aardingsingangsklem voor alle metingen. 6. A Positieve ingangsklem voor metingen van grote stroomsterkte. 7. mA µA Positieve ingangsklem voor metingen van geringe stroomsterkte.6712453

152De functies gebruikenAlle modellen• SELECT: Druk kort op deze toets om heen en weer te springen tussen functies. • Houd ingedrukt tot de achtergrondverlichting actief wordt. Houd nogmaals ingedrukt om de verlichting :uit te schakelen. De achtergrondverlichting wordt na ongeveer 30 seconden automatisch uitgeschakeld om de levensduur van de batterij te verlengen. • Druk één keer om de handmatige bereikbepalingsmodus te activeren. Het pictogram RANGE (BEREIK): verdwijnt van het display. Druk herhaaldelijk om de diverse bereikwaarden te kiezen. Houd ingedrukt om terug te keren naar de automatische bereikbepalingsmodus. Opmerking: wanneer u in de MAX/MIN, HOLD (display bevriezen) of Δ-modus werkt, verlaat u de modus met een druk op de toets. RANGE• Geeft het verschil weer tussen twee metingen. Terwijl u een meting uitvoert, drukt u op om het REL: RELdisplay op nul te zetten.

Op het display verschijnt dan het pictogram. Voer een tweede meting uit. De ∆waarde die op het display verschijnt is het verschil tussen de twee metingen. Druk nogmaals om deze modus te verlaten. • Houd ingedrukt tot de meter een pieptoon laat horen om frequentiemeting in te schakelen. Hz:De frequentiefunctie kan worden gebruikt met de keuzeschakelaar in een willekeurige voltage- of stroomsterktestand. Gebruik de stand of om de frequentie van sinusvormige golfvormen te meten. V AGebruik de stand om de frequentie te meten van 3 volt of 5 volt blokgolf logisch-niveausignalen. mVDe gevoeligheid van de frequentiemeetfunctie is afhankelijk van het meetbereik. Om het gevoeligheidsniveau automatisch te laten selecteren, meet u eerst het spanningsniveau of de stroomsterkte en drukt u vervolgens op.

Het aantal staafdiagramelementen geeft de geselecteerde gevoeligheid aan:• 1 element = 6 V, 6 A, 60 mA, of 600 μA• 2 elementen = 60 V, 10 A, 600 mA, of 6000 μA• 3 elementen = 600 V• 4 elementen = 1000 V • : Druk kort om de huidige waarde op het display te bevriezen. Druk nogmaals om deze modus HOLDte verlaten. Deze functie heeft geen invloed op het staafdiagram. • Stel de meter in op een willekeurige stroomsterkte- of voltagefunctie. Houd de toets ingedrukt tot de EF:meter een pieptoon laat horen om het elektrische veld te detecteren dat de stroomvoerende geleiders omgeeft. De signaalsterkte wordt weergegeven in de vorm van een reeks streepjes op het display. • Gebruik de ingebouwde antenne (die zich aan de bovenkant in de buurt van de lcd bevindt) van het meettoestel om onder stroom staande stroomkringen te volgen of een breuk in een kabel op te sporen.

• Voor een grotere precisie, zoals voor het maken van een onderscheid tussen stroomvoerende draden en aardingsdraden, sluit u een meetkabel aan op de ingangsklem en gebruikt u de meetkabel als een ΩVvoeler voor verificatie van AC voltage door middel van direct contact. • Om de levensduur van de batterij te verlengen wordt de multimeter Automatische uitschakeling:automatisch uitgeschakeld na ongeveer 30 minuten inactiviteit. Om de meter opnieuw aan te zetten, drukt u kort op de toets of , of draait u de keuzeschakelaar in de stand en vervolgens SELECT, CREST REC OFFweer in een andere stand. Om deze functie uit te schakelen drukt u op terwijl u de meter aanzet. SELECT.

DM-200A • DM-210A • DM-510A153• Houd de -toets ingedrukt terwijl u de meter aanzet om de Het piepsignaal uitschakelen: RANGEpiepsignaalfunctie tijdelijk uit te schakelen. Draai de keuzeschakelaar in de stand en vervolgens OFF weer in een andere stand om het piepsignaal te activeren. Alleen DM-510A• In deze modus selecteert de meter automatisch de juiste AutoCheck™ modus met lage impedantie:meting op basis van de input. • Als er geen input is, verschijnt “Auto” op het display. • Als het voltage hoger is dan ongeveer 1 volt AC of DC, wordt het voltage weergegeven. • Als er zowel een AC voltage als een DC voltage aanwezig is, wordt de grootste van de twee voltagewaarden weergegeven. • Als er geen voltage aanwezig is maar wel een weerstand van minder dan ongeveer 10 MΩ, wordt de weerstand weergegeven.

Als de gemeten weerstand onder de continuïteitsdrempel (tussen 10 Ω en 80 Ω) ligt, weerklinkt de continuïteitstoon. Deze modus werkt met een lage ingangsimpedantie om te voorkomen dat parasitaire voltages of echovoltages worden gemeten. De ingangsimpedantie bedraagt ongeveer 2,5 kΩ bij een laag voltage en neemt toe tot ongeveer 375 kΩ bij 1000 V. Het pictogram “LoZ” geeft aan dat de meter in een modus met lage impedantie werkt. Gebruik de AutoCheck™ modus niet op circuits die door zo een lage ingangsimpedantie beschadigd of geactiveerd zouden kunnen worden. Gebruik in plaats daarvan de keuzeschakelaar om de AC of DC voltagemodus met hoge impedantie te selecteren en zo de belasting op zulke circuits te minimaliseren. Bereik- en functievergrendelingsfunctie: Terwijl u in de AutoCheck™ modus werkt, drukt u kort op de -toets om de weergegeven functie te vergrendelen.

Alarm bij circuit onder stroom: Als in de AutoCheck™ modus de weerstandmodus is vergrendeld en u de meetkabels over een circuit onder stroom beweegt, laat de meter een waarschuwingstoon horen. • Druk kort om de MAX/MIN optekenmodus te activeren. In deze modus wordt de ingangswaarde om de REC:50 milliseconden gemeten. Op het display verschijnt "MAX MIN". De lcd geeft de feitelijke ingangswaarde weer. Telkens wanneer de maximum- of minimumwaarde wordt bijgewerkt, laat de meter een pieptoon horen. Druk herhaaldelijk om de gewenste weergave te kiezen: maximum, minimum, of feitelijke ingangswaarde. Houd de toets ingedrukt om deze modus te verlaten. De automatische uitschakeling is niet actief wanneer u deze functie gebruikt. • CREST: Druk kort om de piekoptekenmodus te activeren. In deze modus wordt de ingangswaarde elke 5 milliseconden gemeten en verschijnt en “MAX” op het display.

De lcd geeft de maximum piekwaarde weer. Druk herhaaldelijk om de gewenste weergave te kiezen: maximum of minimum piekwaarde. Houd de toets ingedrukt om deze modus te verlaten. Automatische bereikbepaling en automatische uitschakeling zijn niet actief wanneer u deze functie gebruikt. De functies gebruiken (vervolg).

154WisselstroommetingWisselstroommetingen worden doorgaans weergegeven als RMS-waarden (“root mean square” of middelbare waarden). De RMS-waarde is gelijk aan de waarde van een gelijkstroomgolfvorm die dezelfde elektrische energie zou leveren als zij de tijdvariërende golfvorm verving. De twee methoden voor wisselstroommetingen zijn average-responding RMS calibrated (gemiddelde waarde) en true RMS-reading (feitelijke waarde).Bij de “average-responding RMS calibrated” methode wordt de gemiddelde waarde van het ingangssignaal na volle golfgelijkrichting genomen, dat gemiddelde wordt vermenigvuldigd met 1,11 en dat resultaat wordt dan op het display weergegeven. Deze methode levert een nauwkeurig resultaat op als het ingangssignaal een perfecte sinusgolf is.

De DM-200A en DM-210A zijn gemiddelde-waardemeters.Bij de “true RMS-reading” methode wordt een intern schakelsysteem gebruikt om de feitelijke-RMS-waarde weer te geven. Deze methode levert nauwkeurige resultaten op binnen de gespecificeerde piekfactorbeperkingen, ongeacht of het ingangssignaal een perfecte sinusgolf, een blokgolf, driehoekgolf of halve golf dan wel een signaal met harmonisch verloop is. De mogelijkheid om feitelijke-RMS-waarden te meten zorgt voor een veel ruimere toepasbaarheid van de metingen.

DM-200A • DM-210A • DM-510A155De optionele software gebruikenDeze meters zijn compatibel met Greenlee DMSC-2U, een optisch geïsoleerde computerinterfacekabel en software. Daarmee kunnen metingen op een pc met het Microsoft® Windows® besturingssysteem worden opgetekend.De software installeren 1. Leg of steek de cd in het cd-romstation van de computer. 2. Het installatieprogramma zou automatisch moeten starten. Als dat niet het geval is, dubbelklikt u op het cd-pictogram in “Mijn computer.” 3. Het menu van het installatieprogramma verschijnt. Klik op “Software Installation.” 4. Voer in het dialoogvenster het catalogusnummer in van uw meter (bijvoorbeeld “DM-510A”). 5. Vul in de resterende dialoogvensters de voorkeuren van de gebruiker in. 6. Zie het “Readme”-bestand van het programma voor instructies met betrekking tot het gebruik van de software.De optische interfacekabel aansluiten 1.

Lijn de aansluiting uit met de gleuf op de achterkant van de meter. De kabel moet naar links wijzen. 2. Duw de interface in de gleuf. 3. Voor USB-toepassingen, ga naar stap 5. 4. Voor RS-232-toepassingen, sluit de interfacekabel aan op een seriële poort van de computer en ga naar stap 8. 5. Sluit de interfacekabel aan op de RS-232-naar-USB-adapter die bij de DMSC-2U is geleverd. 6. Sluit het vierkante uiteinde van de USB-kabel aan op de RS-232-naar-USB-adapter. 7. Sluit het andere uiteinde van de USB-kabel aan op de computer. 8. Druk op de toets terwijl u de meter aanzet om zijn communicatiemogelijkheden te activeren.HOLD

156GebruikGevaar voor elektrische schokken:Contact met onder stroom staande stroomkringen kan leiden tot ernstige verwondingen of dodelijk zijn. 1. Raadpleeg de Instellingentabel. Selecteer de correcte instelling met de keuzeschakelaar, druk op SELECT(wanneer u wordt gevraagd om dat te doen) en sluit de meetkabels aan op de meter. 2. Zie “Typische metingen” voor instructies in verband met specifieke metingen. 3. Test het toestel op een circuit of een component waarvan u de werking kent.• Als het toestel, op een circuit waarvan u de werking kent, niet werkt zoals u had verwacht, vervangt u de batterij en/of de zekeringen.• Als het toestel nog steeds niet werkt zoals verwacht, belt u de technische dienst van Greenlee op het nummer +1-815-397-7070. 4.

Meet de waarde van het circuit dat of de component die u wilde testen.InstellingentabelOm het volgende kenmerk te meten…Selecteert u met de keuzeschakelaar het volgende symbool…Op het display verschijnen dan de pictogrammen…Sluit de rode kabel aan op…Sluit de zwarte kabel aan op…Alle modellenVoltage (max. 1000 V) en V ΩV COMen VWeerstand Ω en druk op SELECTMΩ ΩV COMContinuïteit* en ΩDiode diode (kortstondig) en VVoltage (max. 600 mV)** mV mV ΩV COMStroomsterkte (max. 8A)** A mA A, of A COMStroomsterkte (max. 600mA)** A mA mA, of mA µA COMStroomsterkte (max. 6000µA)** µA µA, of mA µA COMHet vervolg van deze tabel vindt u op de volgende pagina.

DM-200A • DM-210A • DM-510A157Gebruik (vervolg)Instellingentabel (vervolg)Om het volgende kenmerk te meten…Selecteert u met de keuzeschakelaar het volgende symbool…Op het display verschijnen dan de pictogrammen…Sluit de rode kabel aan op…Sluit de zwarte kabel aan op…Alle modellen (vervolg)Frequentie—lijnniveau, voltage, of stroom , , A mA, of µAen druk op Hz Hz ΩV COM Frequentie—logisch niveau*** en druk op Hz ΩV COMmV HzEF Elektrisch veld met één voeler† Een willekeurige voltage- of stroomsterktefunctie en druk ten minste 1 seconde op EFE.F.

ΩV —EF Elektrisch veld contactloos† — —Alleen DM-210A en DM-510AElektrische capaciteit†† Ω en druk op SELECTnFTemp ΩV COM Temperatuur TempC of F (druk op SELECTom van schaal te veranderen)Temp ΩV COMAlleen DM-510AAutomatische selectie van AC voltage, DC voltage, weerstand en continuïteit (meting met lage impedantie)AutoChecken LoZTemp ΩV COM * Een toon geeft de continuïteit aan. De drempelwaarde ligt tussen 10 Ω en 80 Ω. ** Druk op voor AC of DC, afhankelijk van wat vereist is.SELECT *** Frequentie van logisch niveau heeft een vaste gevoeligheid en is voor digitale signalen. Zie “Nauwkeurigheid”. † Raadpleeg “De functies gebruiken” voor uitleg over EF (detectie van het elektrisch veld). †† Ontlaad de condensator vóór u de meting uitvoert. Ontlaad een grote condensator door middel van een geschikte weerstandsbelasting.

DM-200A • DM-210A • DM-510A161NauwkeurigheidZie “Specificaties” voor gebruiksomstandigheden en temperatuurcoëfficiënt.De nauwkeurigheid wordt als volgt gespecificeerd: ± (een percentage van de gemeten waarde + een vaste waarde) bij een temperatuur van 23 °C ± 5 °C (73,4 °F ± 9 °F), 0% tot 75% relatieve vochtigheid.True RMS Readings (feitelijke RMS-waarden): Wisselstroomnauwkeurigheid van de DM-510A wordt gespecificeerd van 5% tot 100% van het bereik, tenzij anders vermeld. De frequentie moet binnen de gespecificeerde bandbreedte vallen voor niet-sinusvormige golfvormen.

Alleen DM-510A AutoCheck™ modus AC voltage AutoCheck™ modus DC voltage Bereik (50/60 Hz) Nauwkeurigheid Bereik Nauwkeurigheid 6,000 V ± (1,4% + 0,005 V) ± (1,3% + 0,003 V)6,000 V 60,00 V ± (1,4% + 0,05 V) ± (1,3% + 0,03 V)60,00 V 600,0 V ± (1,4% + 0,5 V) ± (1,3% + 0,3 V)600,0 V 1000 V ± (1,4% + 5 V) ± (1,3% + 3 V)1000 V Ingangsimpedantie: Initieel 2,5 kΩ // 120 pF typisch bij voltages tot 50 V; neemt in functie van het voltage toe tot ongeveer 375 kΩ bij 1000 V Triggerniveau voor AutoCheck™: > 1,0 V (50/60 Hz) typisch Ingangsimpedantie: Initieel 2,5 kΩ // 120 pF typisch bij voltages tot 50 V; neemt in functie van het voltage toe tot ongeveer 375 kΩ bij 1000 V Triggerniveau voor AutoCheck™: > +1,0 VDC en < -1,0 VDC typisch AutoCheck™ modus weerstand Optekenmodus (voltage en stroomsterkte) voor het optekenen van maximum en minimum signaalwaarden ≥ 100 ms duurtijdNauwkeurigheid: Gespecificeerde nauwkeurigheid ± 100 cijfersPiekregistratie (spanning en stroomsterkte) voor pieken ≥ 5 ms duurtijdNauwkeurigheid: Gespecificeerde nauwkeurigheid ± 150 cijfers Bereik Nauwkeurigheid 600,0 Ω ± (1,2% + 1,0 Ω) 6,000 kΩ ± (1,2% + 0,010 kΩ) 60,00 kΩ ± (1,2% + 0,10 kΩ) 600,0 kΩ ± (1,2% + 1,0 kΩ) 6,000 MΩ ± (1,2% + 0,010 MΩ) 60,00 MΩ ± (1,2% + 0,10 MΩ) Nullastspanning: 0,45 VDC typisch Triggerniveau voor AutoCheck™: < 10,00 MΩ typischNauwkeurigheid (vervolg).

SELECTRuisonderdrukking*:NMRR (Normal Mode Rejection Ratio) onderdrukkingsfactor: > 60 dB bij 50 Hz en 60 Hz bij het meten van DC voltageCMMR (Common Mode Rejection Ratio) onderdrukkingsfactor: > 60 dB van 0 Hz tot 60 Hz bij het meten van AC voltageCMMR (Common Mode Rejection Ratio) onderdrukkingsfactor: > 100 dB bij 0 Hz, 50 Hz en 60 Hz bij het meten van DC voltageBedrijfsomstandigheden:Temperatuur: 0 °C tot 40 °C (32 °F tot 104 °F)Relatieve vochtigheid (niet-condenserend): maximum 80% voor temperaturen tot 31 °C (88 °F), lineair afnemend tot maximum 50% bij 40 °C (104 °F)Hoogte: maximum 2000 m (6500')Uitsluitend voor gebruik binnenshuisGraad van vervuiling: 2Opslagcondities:Temperatuur: -20 °C tot 60 °C (-4 °F tot 140 °F)Relatieve vochtigheid (niet-condenserend): 0% tot 80%Verwijder de batterij.

166MeetcategorieënDeze definities zijn afgeleid van de internationale veiligheidsnormen voor isolatiecoördinatie zoals van toepassing op meet-, regel- en laboratoriumapparatuur. Deze meetcategorieën worden nader toegelicht door de International Electrotechnical Commission; raadpleeg een van hun volgende publicaties: IEC 61010-1 of IEC 60664.Meetcategorie ISignaalniveau. Elektronische apparatuur en telecommunicatieapparatuur, of onderdelen ervan. Voorbeelden hiervan zijn elektronische circuits in fotokopieertoestellen en modems met bescherming tegen pieken op het net.Meetcategorie IILokaal niveau. Apparaten, draagbare toestellen en de circuits waarop ze zijn aangesloten. Voorbeelden zijn lichtarmaturen, televisies en lange aftakkingcircuits.Meetcategorie IIIDistributieniveau. Permanent geïnstalleerde machine en de circuits waarop ze via een vaste bedrading zijn aangesloten.

Voorbeelden zijn transportbandsystemen en de zekeringpanelen van het elektrische systeem van een gebouw.Meetcategorie IVPrimair toevoerniveau. Bovenleidingen en andere kabelsystemen. Voorbeelden zijn kabels, meters, transformatoren en andere buitenvoorzieningen die eigendom zijn van de elektriciteitsmaatschappij.ConformiteitsverklaringGreenlee Textron Inc. beschikt over een ISO 9001 (2000) attest dat het voldoet aan de vereisten inzake kwaliteitbeheersystemen.Het toestel waarop deze verklaring slaat werd gecontroleerd en geijkt met behulp van apparatuur die terug te voeren is op het National Institute for Standards and Technology (NIST).

DM-200A • DM-210A • DM-510A167OnderhoudGevaar voor elektrische schokken:Voor u de behuizing opent, verwijdert u de meetkabels van het circuit en zet u het toestel uit.Het niet naleven van deze waarschuwingen zou kunnen leiden tot ernstige verwondingen of dodelijk kunnen zijn.Gevaar voor elektrische schokken:De zekeringen vormen een wezenlijk onderdeel van de overspanningsbeveiliging. Wanneer een zekering moet worden vervangen, raadpleegt u “Specificaties” voor het correcte type, de correcte grootte en capaciteit. Wanneer u een ander type zekering gebruikt, is de overspanningsbeveiligingsclassificatie van het toestel niet langer geldig.Het niet naleven van deze waarschuwing zou kunnen leiden tot ernstige verwondingen of dodelijk kunnen zijn.De batterijen en zekeringen vervangen 1. Verbreek de verbinding tussen het toestel en het circuit. Zet het toestel uit (“OFF”). 2.

Verwijder de rubberen beschermhoes. 3. Verwijder de schroef uit het rugpaneel. 4. Verwijder het rugpaneel. 5. Vervang de batterijen (let op de polariteit) en/of de zekering(en). 6. Breng het deksel en de schroef weer aan.SchoonmakenMaak de behuizing regelmatig schoon met een vochtige doek en mild detergent; gebruik geen schurende producten of solventen.

Levenslange beperkte garantieGreenlee Textron Inc. garandeert de oorspronkelijke koper van deze gebruiksgoederen dat deze goederen geen productie- of materiaalfouten zullen vertonen gedurende hun bruikbare leven, uitgenomen normale slijtage en misbruik. Op deze garantie zijn dezelfde voorwaarden van toepassing als op de beperkte garantie van één jaar die Greenlee Textron Inc.

standaard geeft.Voor alle reparaties van meettoestellen, neemt u contact op met de klantendienst op het nummer +1-815-397-7070 en vraagt u om een retourneringstoelating.Voor zaken die niet door de garantie zijn gedekt (zoals artikelen die zijn gevallen, misbruikt, enz.) kan op aanvraag een prijsopgave voor reparatie worden verkregen.Opmerking: Controleer voor het retourneren van een meettoestel de vervangbare batterijen of vergewis u ervan dat de batterij volledig opgeladenis.Gustav Klauke GmbHAuf dem Knapp 46 • D-42855 Remscheid Telefon ++49 +2191-907-0 Telefax ++49 +2191-907-141www.klauke.com

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Greenlee DM-200A stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden