Gaggenau RS295355 Handleiding

Gaggenau Koelkast RS295355

Bekijk gratis de handleiding van Gaggenau RS295355 (140 pagina’s), behorend tot de categorie Koelkast. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 85 mensen en kreeg gemiddeld 5.0 sterren uit 6 reviews. Heb je een vraag over Gaggenau RS295355 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/140
Gaggenau
deMontage- und Gebrauchsanleitung
enInstallation instructions and instructions for use
frNotice de montage et dutilisation
itIstruzioni per il montaggio e luso
nlMontage- en gebruiksaanwijzing
RS 295
Standgerät
Free-standing appliance
Appareil indépendant
Apparecchio indipendente
Vrijstaand apparaat

Beoordeel deze handleiding

5.0/5 (6 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Gaggenau
Categorie: Koelkast
Model: RS295355

Handleiding Gaggenau RS295355 – volledige tekst

112nl InhoudnlMontage- en gebruiksaanwijzingVeiligheidsvoorschriften 114Over deze gebruiksaanwijzing 114Explosiegevaar 114Gevaar voor elektrische schokken 114Verbrandingsgevaar door kou 114Risico op letsel 114Brandgevaar/gevaren door of van het koelmiddel 114Brandgevaar 115Vermijden van risico's voor kinderen en kwetsbare personen 115Materiële schade 115Gewicht 115Aanwijzingen over de afvoer 115* Afvoeren van de verpakking van uw nieuwe apparaat 115* Afvoeren van uw oude apparaat 115Omvang van de levering 116Opstellen van het apparaat 116Transport 116De juiste plaats 116Ondergrond 117Let op de omgevingstemperatuur en de beluchting 117Opstellingsafmetingen 118Apparaat horizontaal zetten 119Apparaat aansluiten 119Wateraansluiting 119Elektrische aansluiting 120Deuren van het apparaat en deurgrepen demonteren 120Kennismaking met het apparaat 121Bedieningspaneel en display 122Apparaat inschakelen 123Temperatuureenheid instellen 123Temperatuureenheid instellen 123Instellen van de temperatuur 123Diepvriesruimte 123Koelruimte 123Speciale functies 123[timer] 123[eco] 124[vacation] 124[clock] 124[IWD off] 124[filter change] 124Rust-modus 125Rust-modus in- en uitschakelen 125Alarm function 125Deuralarm 125Temperatuuralarm 125Netto-inhoud 126Vriesvermogen volledig benutten 126De diepvriesruimte 126De diepvriesruimte gebruiken 126Inkopen van diepvriesproducten 126Maximale invriescapaciteit 126Verse levensmiddelen invriezen 126Diepvrieswaren verpakken 126Houdbaarheid van de diepvrieswaren 127Snelvriezen 127Snel invriezen inschakelen 127Snel invriezen uitschakelen 127Ontdooien van diepvrieswaren 127De koelruimte 127In acht nemen bij het bewaren 127Let op de koudezones in de koelruimte 128Verskoellade 128Groentelade met vochtigheidsregelaar 128Snelkoelen 129Snel koelen inschakelen 129Snel koelen uitschakelen 129IJs- en waterdispenser 129Attentie bij ingebruikneming 129Aanwijzingen bij het gebruik van de ijsbereider 129Let op de kwaliteit van het drinkwater 130IJs/water eruit halen 130IJsbereider buiten werking stellen 130Waterfilter 130Belangrijke aanwijzingen bij het waterfilter 131Vervangen van de filterpatroon 131Filterpatroon als volgt eruit halen: 131Afsluitkap gebruiken 131Specificatie- en vermogensgegevens 132Variabele indeling van de binnenruimte 133Verstelbaar glasplateau 133.

113Apparaat uitschakelen en buiten werking stellen 133Uitschakelen van het apparaat 133Buiten werking stellen van het apparaat 133Ontdooien 133Diepvriesruimte 133Koelruimte 133Schoonmaken van het apparaat 134Ga als volgt te werk: 134Uitvoering 134Schoonmaken van de wateropvangschaal 135IJsblokjesreservoir schoonmaken 135Verlichting (LED) 136Energie besparen 136Bedrijfsgeluiden 136Heel normale geluiden 136Voorkomen van geluiden 136Kleine storingen zelf verhelpen 137Water- en ijsdispenser 138Zelftest apparaat 139Zelftest starten 139Zelftest apparaat beëindigen 139Servicedienst 139Verzoek om reparatie en advies bij storingen 139

114m VeiligheidsvoorschriftenVeiligheidsvoorschriftenDit apparaat voldoet aan de geldende veiligheidsbepalingen voor elektrische apparatuur en het is radio-ontstoord. Het koelcircuit is op dichtheid gecontroleerd. Over deze gebruiksaanwijzing▯Lees de gebruiksaanwijzing en de montagehandleiding en neem deze in acht. U vindt daarin belangrijke informatie over plaatsing, gebruik en onderhoud van het apparaat. ▯De fabrikant is niet aansprakelijk wanneer u de aanwijzingen en waarschuwingen in de gebruiksaanwijzing en de montagehandleiding negeert. ▯Bewaar alle documenten voor later gebruik en voor eventuele volgende eigenaars. Explosiegevaar▯Nooit elektrische apparaten in het apparaat gebruiken (bijv. verwarmingsapparaten of elektrische ijsbereiders). ▯Geen producten met brandbare drijfgassen (bijv. spuitbussen) en geen explosieve stoffen in het apparaat opslaan.

▯Dranken met een hoog alcoholpercentage altijd goed afgesloten en staand bewaren. ▯Afgezien van de aanbevelingen van de fabrikant geen aanvullende maatregelen nemen om het ontdooien te versnellen. Gevaar voor elektrische schokkenOnvakkundige installatie en reparaties kunnen groot gevaar opleveren voor de gebruiker van het apparaat. ▯Bij het opstellen van het apparaat erop letten dat het aansluitsnoer niet wordt afgeklemd of beschadigd. ▯Bij een beschadigd aansluitsnoer: maak het apparaat direct los van het stroomnet. ▯Gebruik geen meervoudige stopcontacten, verlengsnoeren of adapters. ▯Het apparaat uitsluitend laten repareren door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon. ▯Gebruik alleen originele onderdelen van de fabrikant. De fabrikant garandeert dat deze onderdelen voldoen aan de veiligheidseisen.

Risico op letselFlessen of blikjes met koolzuurhoudende drank kunnen barsten. Geen flessen of blikjes met koolzuurhoudende drank in het vriesvak bewaren. Brandgevaar/gevaren door of van het koelmiddelDoor de leidingen van het koelcircuit stroomt een kleine hoeveelheid milieuvriendelijk, maar brandbaar koelmiddel (R600a). Dit is niet schadelijk voor de ozonlaag en verhoogt het broeikaseffect niet. Vrijkomend koelmiddel kan echter oogletsel veroorzaken of vlam vatten. ▯Leidingen niet beschadigen. Bij beschadiging van de leidingen:▯Vuur en ontstekingsbronnen uit de buurt van het apparaat houden. ▯De ruimte ventileren. ▯Het apparaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken. ▯Neem contact op met de servicedienst.

115BrandgevaarDraagbare meervoudige stopcontacten of draagbare netvoedingen kunnen oververhit raken en tot brand leiden. Plaats geen draagbare meervoudige stopcontacten of draagbare netvoedingen achter het apparaat. Vermijden van risico's voor kinderen en kwetsbare personenEr bestaat gevaar voor:▯kinderen;▯personen met lichamelijke, geestelijke of zintuiglijke beperkingen;▯personen die onvoldoende kennis hebben over de veilige bediening van het apparaat. Maatregelen:▯Zorg dat kinderen en kwetsbare personen begrijpen wat de gevaren zijn. ▯Een voor de veiligheid verantwoordelijke persoon moet toezicht houden op kinderen en kwetsbare personen bij het apparaat of hen instrueren. ▯Alleen kinderen vanaf 8 jaar het apparaat laten gebruiken. ▯Bij reiniging en onderhoud toezicht houden op kinderen. ▯Laat kinderen nooit met het apparaat spelen.

Kans op stikken▯Bij een apparaat met deurslot: Sleutel buiten bereik van kinderen opbergen. ▯Verpakkingsmateriaal en onderdelen van het apparaat zijn geen speelgoed voor kinderen. Materiële schadeOm materiële schade te voorkomen:▯Niet op de sokkel, uitschuifdelen of deuren staan of leunen. ▯Kunststof onderdelen en deurafdichtingen olie- en vetvrij houden. ▯Aan de stekker trekken – niet aan de aansluitkabel. GewichtHet apparaat is erg zwaar. Installatie en transport van het apparaat altijd met ten minste 2 personen uitvoeren. Aanwijzingen over de afvoer* Afvoeren van de verpakking van uw nieuwe apparaatDe verpakking beschermt uw apparaat tegen transportschade. De gebruikte materialen zijn onschadelijk voor het milieu en kunnen opnieuw worden gebruikt. Help daarom mee en zorg dat de verpakking milieuvriendelijk wordt afgevoerd.

U kunt bij uw leverancier of bij de reinigingsdienst in uw gemeente informeren hoe u uw oude apparaat en het verpakkingsmateriaal van het nieuwe apparaat kunt (laten) afvoeren voor een milieuvriendelijke verwerking.

* Afvoeren van uw oude apparaatOude apparaten zijn geen waardeloos afval. Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen worden teruggewonnen. mWaarschuwingBij afgedankte apparaten1. Stekker uit het stopcontact trekken. 2. Aansluitkabel doorknippen en samen met de stekker verwijderen. 3. Legplateaus en voorraadvakken niet eruit halen om het kinderen moeilijk te maken erin te klimmen. 4. Laat kinderen niet met het afgedankte apparaat spelen. Verstikkingsgevaar. Koelapparaten bevatten koelmiddel en in de isolatie gas. Die zorgvuldig moeten worden afgevoerd. Met het oog op een doelmatige en milieuvriendelijke afvoer mogen de leidingen van het koelcircuit tot het moment van transport niet beschadigd worden.

116Omvang van de leveringControleer na het uitpakken alle onderdelen op eventuele transportschade.Voor klachten kunt u terecht bij de winkel waar u het apparaat hebt aangeschaft of bij onze klantenservice.De levering bestaat uit de volgende onderdelen:▯Vrijstaand apparaat▯Uitrusting (modelafhankelijk)▯Zakje met montagemateriaal▯Gebruiksaanwijzing▯Montagevoorschrift▯Klantenserviceboekje▯Garantiebijlage▯Informatie over energieverbruik en geluidenOpstellen van het apparaatTransportHet toestel is zwaar. Bij het transport en bij de montage beveiligen!Op grond van het gewicht en de afmetingen van het apparaat en om het risico van letsel of schade aan het apparaat te minimaliseren, zijn ten minste twee personen nodig voor de veilige opstelling van het apparaat.De juiste plaatsGeschikt voor het opstellen zijn droge, ventileerbare vertrekken.

Het apparaat liefst niet in de zon of naast een fornuis, verwarmingsradiator of een andere warmtebron plaatsen. Is plaatsing naast een warmtebron niet te vermijden, maak dan gebruik van een isolerende plaat of neem de volgende minimumafstanden in acht:▯Naast elektrische- of gasfornuizen: 3 cm.▯Naast een CV-installatie 30 cm. Bij plaatsing naast een ander koel- of vriesapparaat moet aan de zijkant ten minste 25 mm ruimte worden opengelaten om het ontstaan van condenswater te vermijden.Wanneer er boven het apparaat een plank of een kast wordt gemonteerd, dient men een opening van 30 mm aan te houden, zodat het apparaat desgewenst uit de nis kan worden getrokken.De verwarmde lucht aan de achterkant van het apparaat moet ongehinderd afgevoerd kunnen worden.

117OndergrondmAttentieHet apparaat is zwaar.Het gewicht van het apparaat kan afhankelijk van het model tot 165 kg bedragen.De vloer op de plaats van opstelling mag niet meegeven, vloer eventueel verstevigen.Bij het plaatsen in een hoek of nis de minimumafstanden aan de zijkanten in acht nemen (zie Afmetingen van het apparaat) zodat de deuren tot de aanslag geopend kunnen worden (zie het hoofdstuk „Opstellingsafmetingen”).Als de keukenmeubelen ernaast dieper zijn dan 60 cm, dan moeten aan de zijkant minimumafstanden in acht worden genomen om de openingshoek van de deur ten volle te benutten (zie hoofdstuk „Openingshoek deur”).Let op de omgevingstemperatuur en de beluchtingOmgevingstemperatuur De klimaatklasse vindt u op het typeplaatje.Deze geeft aan binnen welke omgevingstemperaturen het apparaat gebruikt kan worden.

Het typeplaatje bevindt zich rechts in de koelruimte.AanwijzingHet apparaat is volledig functioneel binnen de binnentemperatuurgrenzen van de aangegeven klimaatklasse. Wanneer een apparaat uit klimaatklasse SN wordt gebruikt bij een lagere binnentemperatuur, kunnen beschadigingen aan het apparaat worden uitgesloten tot een temperatuur van +5 °C.BeluchtingDe beluchtings- en ontluchtingsopeningen in de achterzijde van het apparaat in geen geval afdekken. De verwarmde lucht moet ongehinderd afgevoerd kunnen worden. Anders moet de koelmachine meer presteren. Waardoor het energieverbruik toeneemt.Steek de afstandshouder op de daartoe bestemde houder op de achterzijde van het apparaat. Hierdoor wordt de minimumafstand tot de wand in acht genomen.Klimaatklasse Toegestane omgevingstemperatuurSN +10 °C tot 32 °CN +16 °C tot 32 °CST +16 °C tot 38 °CT +16 °C tot 43 °C

119Apparaat horizontaal zettenOm het apparaat perfect te laten functioneren moet het waterpas staan.Als het apparaat scheef staat, dan kan dit ertoe leiden dat het water uit de ijsbereider loopt, dat er ongelijke ijsblokjes geproduceerd worden of dat de deuren niet goed sluiten.Apparaat aansluitenHet apparaat door een vakman volgens bijgesloten montagehandleiding laten plaatsen en aansluiten.De transportbeveiligingen van de legplateaus en de voorraadvakken pas na plaatsing van het apparaat verwijderen.Het apparaat eerst op de waterleiding aansluiten, daarna pas op het elektriciteitsnet.Naast de wettelijk voorgeschreven nationale voorschriften moeten ook de aansluitvoorwaarden van het plaatselijke elektriciteits- en waterleidingbedrijf in acht worden genomen.Na het plaatsen van het apparaat moet u minimaal 1 uur wachten voordat u het apparaat in gebruik neemt.

Tijdens het transport kan het gebeuren dat de olie van de compressor in het koelsysteem terecht komt.Vóór het eerste gebruik de binnenruimte van het apparaat schoonmaken (zie hoofdstuk „Schoonmaken van het apparaat”).WateraansluitingDe wateraansluiting mag alleen door een vakkundig monteur volgens de plaatselijke voorschriften van het waterleidingbedrijf worden uitgevoerd.mAttentieVoor de aansluiting op het drinkwaternet uitsluitend de bijgevoegde slangenset gebruiken. In geen geval aanwezige of reeds gebruikte slangensets gebruiken.Het apparaat alleen aansluiten op een drinkwaterleiding:▯Min. druk: 0,2 MPa (2 bar)▯Max. druk: 0,8 MPa (8 bar)▯Druk hoger dan 0,8 MPa (8 bar): drukbegrenzer installeren tussen de drinkwateraansluiting en de slangensetAanwijzingDe maximale uitwendige diameter van de waterleiding (zonder verbindingsstukken) bedraagt 10 mm.

120Elektrische aansluitingmWaarschuwingGevaar voor een elektrische schok!Gebruik, indien het aansluitsnoer niet lang genoeg is, in geen geval meervoudige stopcontacten of verlengsnoeren. Neem in plaats daarvan contact op met de klantenservice voor alternatieve oplossingen.Voor de aansluiting van dit apparaat is een vast geïnstalleerd stopcontact nodig.Het stopcontact moet zich in de buurt van het apparaat bevinden en ook na het opstellen van het apparaat goed bereikbaar zijn.Het apparaat voldoet aan beschermklasse I. Sluit het apparaat aan op een volgens de voorschriften geïnstalleerd 220–240 V/50 Hz wisselstroomstopcontact met aardleiding. Het stopcontact moet met een zekering van 10 A tot 16 A of meer zijn beveiligd.Controleer bij apparaten die in niet Europese landen worden gebruikt of de aansluitspanning en de stroomsoort overeenkomen met de waarden van uw elektriciteitsnet.

Het typeplaatje bevindt zich rechts onderaan in het apparaat. Een eventueel noodzakelijke vervanging van het netsnoer mag uitsluitend worden uitgevoerd door een vakman.mWaarschuwingHet apparaat mag in geen geval worden aangesloten op elektronische energiebesparingsstekkers.Voor onze apparaten kunnen netvoedingsinverters en sinusinverters worden gebruikt. Netvoedingsinverters worden gebruikt bij fotovoltaïsche installaties die rechtstreeks zijn aangesloten op het openbare elektriciteitsnet. Bij losstaande systemen (bijv.

op schepen of in berghutten) die geen rechtstreekse aansluiting op het openbare elektriciteitsnet hebben, moet een sinusinverter worden gebruikt.Deuren van het apparaat en deurgrepen demonterenAls het apparaat niet door de deur van de woning past, kunnen de deuren van het apparaat en de deurgrepen er worden afgeschroefd.mAttentieHet afschroeven van de deuren mag uitsluitend worden uitgevoerd door de klantenservice.

122Bedieningspaneel en displayHet bedieningspaneel en display op de deur bestaat uit een aanrakingspaneel.Door een toetsenveld aan te raken wordt de betreffende functie ingeschakeld.1 Toets „options”Om speciale functies te kiezen. Toets net zo vaak indrukken tot de gewenste functie met een pijl gemarkeerd is (zie hoofdstuk „Speciale functies”).2 super-toetsDe toets dient voor het inschakelen van de functies Snel koelen (koelcompartiment) of Snel invriezen (diepvriescompartiment) (zie hoofdstuk Snel koelen of Snel invriezen).3 Toets „select”Om instellingen in de verschillende temperatuurzones (diepvriesruimte, koelruimte) te kunnen uitvoeren.

Toets net zo vaak indrukken tot de gewenste zone met een pijl gemarkeerd is.4 Indicatie diepvriesruimteToont de actuele temperatuurinstelling voor de diepvriesruimte.5 Indicatie tijdToont de actuele tijd of het tijdsverloop wanneer een speciale functie van de timer is geactiveerd.6 Indicatie Speciale functiesGeeft de beschikbare speciale functies aan (zie hoofdstuk „Speciale functies”).7 Indicatie koelruimteToont de actuele temperatuurinstelling voor de koelruimte.8 Insteltoetsen +/–De toetsen dienen voor▯Het instellen van de temperaturen voor de verschillende koelzones.▯In- en uitschakelen van de speciale functies.▯Wijzigen van de tijdinstelling van de speciale functie „timer”.9 Toets „alarm/lock”De toets dient voor▯Het alarmsignaal uit te schakelen (zie het hoofdstuk Alarmfunctie).▯De toetsenblokkering in en uit te schakelen.Om de toetsenblokkering in en uit te schakelen: toets 5 seconden indrukken.

Bij ingeschakelde functie brandt op het display „lock”.Uitzondering bij de toetsblokkering: Bij een alarmsignaal kan de „alarm/lock“-toets worden ingedrukt.10 Aan-/Uittoets verlichting ijs- en waterdispenser11 Toets ijsdispenser12 Dispensertoets crushed ice13 Dispensertoets water

123Apparaat inschakelenNa aansluiting is het apparaat ingeschakeld. Het alarmsignaal is te horen. Druk de toets „alarm/lock” in. Het alarmsignaal gaat uit. De indicatie “alarm” gaat uit als in het apparaat de ingestelde temperatuur is bereikt. AanwijzingGedurende de eerste 30 seconden na het inschakelen geen andere instellingen op het apparaat doorvoeren. De vooraf ingestelde temperaturen worden na enkele uren bereikt. Vóór die tijd geen levensmiddelen in het apparaat leggen. De fabriek adviseert de volgende temperaturen:▯Diepvriesruimte: -18 °C▯Koelruimte: +4 °CTemperatuureenheid instellenDe temperatuur kan in graden Celsius (°C) of graden Fahrenheit (°F) worden aangegeven. Temperatuureenheid instellenOm de temperatuureenheid in te stellen de toets super en de toets options tegelijkertijd 5 seconden ingedrukt houden.

Afhankelijk van de voorafgaande instelling wordt overgeschakeld naar de andere temperatuureenheid. Instellen van de temperatuurOm temperatuurinstellingen voor de verschillende klimaatzones (koelruimte, diepvriesruimte) te kunnen uitvoeren moet eerst de gewenste zone gekozen zijn:1. De select-toets ingedrukt houden tot de gewenste klimaatzone met een pijl is gemarkeerd. 2. Met de insteltoetsen + (warmer) of - (kouder) de temperatuur instellen. De laatst aangegeven waarde wordt in het geheugen opgeslagen. DiepvriesruimteDe diepvriesruimte is van -16 °C tot -24 °C instelbaar. Wij raden een instelling van -18 °C aan. KoelruimteDe koelruimte is van +2 °C tot +8 °C instelbaar. De temperatuur wordt in stappen van 1 °C ingesteld. Gevoelige levensmiddelen niet warmer dan bij +4 °C bewaren. Wij raden een instelling van +4 °C aan.

Speciale functies[timer]Met deze functie kunt u een tijdverloop van 0-99 minuten instellen. U wordt met een signaal eraan herinnerd dat bijv. levensmiddelen na een bepaalde tijd uit het vak gehaald moeten worden. In de fabriek is tevoren een waarde van 20 minuten ingesteld.

1242. Om te activeren de insteltoets + of - indrukken (de functie is omlijnd). 3. Met de insteltoetsen +/- de gewenste tijd instellen. AanwijzingDoor de toets meerdere keren in te drukken, kan de tijd in stappen van een minuut gewijzigd worden. Door de toets langer in te drukken, wordt de tijd in stappen van 3 minuten gewijzigd. 4. Met de toets options het tijdverloop starten. [timer] uitschakelenDe functie deactiveren door de insteltoetsen + en - gelijktijdig 3 seconden ingedrukt te houden. [eco]Met deze functie schakelt u het apparaat op energiebesparend gebruik. Het apparaat stelt automatisch de volgende temperaturen in:▯Diepvriesruimte: -16 °C▯Koelruimte: +6 °C[eco] inschakelen1. De toets „options” ingedrukt houden tot de functie [eco] met een pijl is gemarkeerd. 2. Om te activeren de insteltoets + indrukken (de functie is omlijnd). [eco] uitschakelen1.

De toets „options” ingedrukt houden tot de functie [eco] met een pijl is gemarkeerd. 2. Deactiveren door de insteltoets - in te drukken (de functie wordt niet langer omrand). [vacation]Bij lange afwezigheid kunt u het apparaat op de energiebesparende vakantiemodus zetten. De temperatuur in de koelruimte wordt automatisch op +14 °C omgeschakeld. mAttentieGedurende deze tijd geen levensmiddelen in de koelruimte opslaan. [vacation] inschakelen1. De toets „options” ingedrukt houden tot de functie [vacation] met een pijl is gemarkeerd. 2. Om te activeren de insteltoets + indrukken (de functie is omlijnd). [vacation] uitschakelen1. De toets „options” ingedrukt houden tot de functie [vacation] met een pijl is gemarkeerd. 2. Deactiveren door de insteltoets - in te drukken (de functie wordt niet langer omrand). [clock]Op de tijdsdisplay wordt de tijd weergegeven.

Met de insteltoetsen +/- de gewenste tijd instellen. 4. Met de toets „options” de ingestelde tijd opslaan. AanwijzingBij ingeschakelde [timer] functie wordt de dagtijd niet aangegeven. [IWD off]Met deze functie kunt u de ijs- en waterdispenser uitschakelen. mAttentie▯Watertoevoer naar het apparaat beslist een paar uur vóór het uitschakelen van de ijsbereider onderbreken. ▯IJsblokjesreservoir legen en schoonmaken. Reservoir er weer in zetten. Let erop dat het ijsblokjesreservoir op de steunen vastklikt. [IWD off] inschakelen1. De toets „options” ingedrukt houden tot de functie [IWD off] met een pijl is gemarkeerd. 2. Om te activeren de insteltoets + indrukken (de functie is omlijnd). [IWD off] uitschakelen1. De toets „options” ingedrukt houden tot de functie [IWD off] met een pijl is gemarkeerd. 2. Deactiveren door de insteltoets - in te drukken (de functie wordt niet langer omrand).

125Nieuwe filterpatroon activerenNadat de filterpatroon is vervangen, moet de functie [filter change] weer worden geactiveerd. 1. Filterpatroon vervangen (zie het hoofdstuk Waterfilter). 2. De toets „options” ingedrukt houden tot de functie [filter change] met een pijl is gemarkeerd. 3. Activeren door op de insteltoetsen +/- te drukken. De indicatie [filter change] gaat uit. Rust-modusInstellingen van de rust-modus:▯Geluidssignaal wordt uitgeschakeld. ▯Snel koelen of Snel invriezen wordt beëindigd (indien geactiveerd). ▯De verlichting wordt uitgeschakeld. ▯De verlichting van het display wordt gereduceerd tot de basisverlichting. ▯De toetsen worden geblokkeerd (behalve de toets options en de insteltoets +). Rust-modus in- en uitschakelen1. Activeren door de toets options en de insteltoets + tegelijkertijd 5 seconden ingedrukt te houden.

Op het display wordt aangegeven dat de rust-modus is ingeschakeld. 2. Deactiveren door de toets options en de insteltoets + tegelijkertijd 5 seconden ingedrukt te houden. Alarm functionDoor indrukken van de „alarm/lock”-toets wordt het alarmsignaal uitgeschakeld. In de volgende gevallen kan het alarm afgaan:DeuralarmWanneer het apparaat langer dan een minuut openstaat, wordt het deuralarm ingeschakeld. Door de deur te sluiten of op de alarmtoets te drukken, wordt het waarschuwingssignaal uitgeschakeld. TemperatuuralarmHet temperatuuralarm wordt ingeschakeld als het te warm is in de diepvriesruimte en de levensmiddelen gevaar lopen. Zonder gevaar voor de koelwaren kan het akoestische en optische signaal worden weergegeven bij:▯Het in gebruik nemen van het apparaat. ▯Het inruimen van grotere hoeveelheden verse levensmiddelen.

De indicatie „alarm” gaat uit zodra de ingestelde temperatuur weer is bereikt. AanwijzingHalf of geheel ontdooide diepvrieswaren niet opnieuw invriezen. Pas na het koken of braden tot een kant-en-klaargerecht kunnen ze opnieuw worden ingevroren. De maximale bewaartijd niet meer ten volle benutten. KoelruimtemAttentieAls het in de koelruimte te warm is geworden: de verwarmde koelwaren vóór het consumeren verhitten. Rauwe levensmiddelen in geval van twijfel niet meer gebruiken.

126Netto-inhoudDe gegevens bij de nuttige inhoud vindt u op het typeplaatje in uw apparaat (zie de afb. in het hoofdstuk „Servicedienst”). Vriesvermogen volledig benuttenOm de maximale hoeveelheid diepvrieswaren aan te brengen, kan de bovenste diepvrieslade uit het apparaat worden genomen. De levensmiddelen kunnen dan rechtstreeks op de legplateaus en in de onderste diepvrieslade worden gestapeld. De diepvriesruimteDe diepvriesruimte gebruiken▯voor het opslaan van diepvriesproducten,▯om ijsblokjes te maken,▯om levensmiddelen in te vriezen. AanwijzingLet erop dat de deur van het diepvriesruimte goed gesloten is. Bij een open deur ontdooien de diepvrieswaren. In de diepvriesruimte vormt zich veel ijs. Bovendien: energieverspilling door te hoog stroomverbruik. Na het sluiten van de deur van de diepvriesruimte ontstaat onderdruk waardoor een zuigend geluid te horen is.

Twee tot drie minuten wachten tot de onderdruk is opgeheven. Wij adviseren de ijsblokjesreservoir in het apparaat te laten. Dit waarborgt een optimale temperatuurverdeling in de vriesruimte. Inkopen van diepvriesproducten▯De verpakking mag niet beschadigd zijn. ▯Neem de houdbaarheidsdatum in acht. ▯De temperatuur in de verkoop-koelkist moet -18 °C of kouder zijn. ▯De diepvriesproducten liefst in een koeltas transporteren en snel in de diepvriesruimte leggen. Maximale invriescapaciteitGegevens over de maximale invriescapaciteit binnen 24 uur vindt u op het typeplaatje (zie de afb. in het hoofdstuk „Servicedienst”). Verse levensmiddelen invriezenGebruik uitsluitend verse levensmiddelen. Om de voedingswaarde, het aroma en de kleur zo goed mogelijk te behouden, dient groente geblancheerd te worden voordat het wordt ingevroren.

▯Geschikt om in te vriezen: Bakwaren, vis en zeevruchten, vlees, wild, gevogelte, groente, fruit, kruiden, gepelde eieren, melkproducten zoals kaas, boter en kwark, bereide gerechten en kliekjes zoals soep, eenpansgerechten, gaar vlees en gare vis, aardappelgerechten, ovenschotels en zoete toetjes. ▯Niet geschikt om in te vriezen: Groentesoorten die meestal rauw worden gegeten, zoals kropsla en radijsjes, ongepelde eieren, wijndruiven, hele appels, peren en perziken, hardgekookte eieren, yoghurt, dikke zure melk, zure room, crème fraîche en mayonaise. Diepvrieswaren verpakkenDe levensmiddelen luchtdicht verpakken zodat ze niet uitdrogen of hun smaak verliezen. 1. Levensmiddelen in de verpakking leggen. 2. Lucht eruit drukken. 3. Het geheel van een goede sluiting voorzien. 4. Vermeld op de pakjes inhoud en invriesdatum.

Voor verpakking geschikt:Kunststof-, polyetheen- en aluminiumfolie, diepvriesdozen. Deze producten zijn in de handel verkrijgbaar. Niet geschikt voor verpakking:Inpakpapier, perkamentpapier, cellofaan, afvalzakken en gebruikte boodschappentasjes. Als sluiting geschikt:elastiekjes, clips van kunststof, touwtjes, koudebestendig plakband e. d. Zakjes en wrapfolie van polyethyleen (PE) kunt u sealen met een folie-sealer.

127Houdbaarheid van de diepvrieswarenDe houdbaarheid is afhankelijk van het soort levensmiddelen. Op een temperatuur van -18 °C:▯Vis, worst, klaargemaakte gerechten, brood en banket:tot 6 maanden. ▯Kaas, gevogelte, vlees:tot 8 maanden. ▯Groente, fruit:tot 12 maanden. SnelvriezenDe levensmidelen zo snel mogelijk door en door invriezen zodat vitamine, voedingswaarden, uiterlijk en smaak behouden blijven. Om te voorkomen dat bij het inladen van verse levensmiddelen de temperatuur ongewenst stijgt: een paar uur vóór het inladen van verse levensmiddelenhet snelvriessysteem inschakelen. Doorgaans is 4-6 uur van tevoren voldoende. Na het inschakelen werkt het apparaat permanent, in de diepvriesruimte wordt een zeer lage temperatuur bereikt. Als u het max. vriesvermogen wilt gebruiken, dient u 24 uur vóór het inladen van de verse waar het snelvriezen in te schakelen.

Kleine hoeveelheden levensmiddelen (tot 2 kg) kunt u zonder snelvriezen invriezen. AanwijzingAls het snelvriessysteem is ingeschakeld kunnen de bedrijfsgeluiden toenemen. Snel invriezen inschakelen1. De select-toets ingedrukt houden tot de klimaatzone Diepvriescompartiment met een pijl is gemarkeerd. 2. Super-toets indrukken. Wanneer het snel invriezen is ingeschakeld, wordt op het display "SU" en "super" weergegeven. Snel invriezen uitschakelen1. De select-toets ingedrukt houden tot de klimaatzone Diepvriescompartiment met een pijl is gemarkeerd. 2. Super-toets indrukken. Wanneer het snel invriezen is uitgeschakeld, gaan de indicaties "SU" en "super" op het display uit. AanwijzingHet snel invriezen wordt na ca. 2^ dagen automatisch uitgeschakeld.

Pas na het koken of braden tot een kant-en-klaargerecht kunnen ze opnieuw worden ingevroren. De maximale bewaartijd wordt hierdoor bekort. De koelruimteDe koelruimte is een ideale plaats voor het bewaren van vlees, worst, vis, melkproducten, eieren, toebereide etenswaren en brood/banket. In acht nemen bij het bewaren▯Bewaar verse, onbeschadigde levensmiddelen. Zo blijft de kwaliteit en de versheid langer bewaard.

128▯Bij kant-en-klaarproducten en afgevulde producten de door de fabrikant vermelde houdbaarheids- of gebruiksdatum in acht nemen. ▯De levensmiddelen goed verpakt of afgedekt inruimen, om aroma, kleur en versheid te bewaren. Dit voorkomt geuroverdracht en verkleuring van de kunststof onderdelen in de koelruimte. ▯Warme gerechten en dranken eerst laten afkoelen en pas daarna in het apparaat zetten. AanwijzingVoorkom dat de levensmiddelen de achterwand raken. Anders wordt de luchtcirculatie verminderd. Levensmiddelen of verpakkingen kunnen aan de achterwand vastvriezen. Let op de koudezones in de koelruimteDoor de luchtcirculatie in de koelruimte verschillen de koudezones:▯De koudste zone is tussen de groentelade en het glazen legplateau daarboven. AanwijzingBewaar in de koudste zone boven de groentelade gevoelige levensmiddelen (bijv. vis, worst, vlees).

▯De warmste zone bevindt zich helemaal bovenaan in de deur. AanwijzingBewaar in de warmste zone bijv. harde kaas en boter. Kaas kan zo zijn aroma verder ontwikkelen en de boter blijft goed smeerbaar. VerskoelladeGeschikt om vers te koelen:In principe alle levensmiddelen die vers zijn en nog langer vers moeten blijven, bijv. vis, zeevruchten, vlees, worstwaren, melkproducten en kant-en-klaargerechten. Niet geschikt voor „verskoelen”:Koudegevoelige fruit en groente (bijv. zuidvruchten zoals ananas, bananen, papaja’s, citrusvruchten en meloenen, evenals tomaten, aubergines, courgettes, paprika’s, komkommers, aardappels). De ideale plaats voor het bewaren van deze levensmiddelen is de koelruimte.

ananas, bananen, papaja en citrusvruchten) en groente (bijv. aubergines, komkommers, courgettes, paprika, tomaten en aardappels) dienen voor een optimaal behoud van kwaliteit en aroma buiten de koelkast bewaard te worden op een temperatuur van circa +8 °C tot +12 °C. ▯Afhankelijk van de soort levensmiddelen en de hoeveelheid kan zich condenswater vormen in de groentelade. Condenswater verwijderen met een droge doek en de luchtvochtigheid in de groentelade aanpassen met behulp van de vochtigheidsregelaar.

129SnelkoelenTijdens het snelkoelen wordt de koelruimte ca. 6 uur zo koud mogelijk gekoeld. Hierna wordt automatisch omgeschakeld naar de vóór het snelkoelen ingestelde temperatuur. Het snelkoelen inschakelen bijv. :▯vóór het inladen van grote hoeveelheden levensmiddelen. ▯voor het snelkoelen van dranken. AanwijzingAls het snekoelsysteem is ingeschakeld kunnen de bedrijfsgeluiden toenemen. Snel koelen inschakelen1. De select-toets ingedrukt houden tot de klimaatzone Koelcompartiment met een pijl is gemarkeerd. 2. Super-toets indrukken. Wanneer het snel koelen is ingeschakeld, wordt op het display "SU" en "super" weergegeven. Snel koelen uitschakelen1. De select-toets ingedrukt houden tot de klimaatzone Koelcompartiment met een pijl is gemarkeerd. 2. Super-toets indrukken. Wanneer het snel koelen is uitgeschakeld, gaan de indicaties "SU" en "super" op het display uit.

IJs- en waterdispenserNaar wens kunt u eruit halen/tappen:▯gekoeld water,▯crushed ice,▯ijsblokjes. mWaarschuwingNooit in de opening van de ijsblokjesdispenser grijpen. Kans op verwondingen. mAttentieLeg nooit flessen of levensmiddelen in het ijsblokjesreservoir om snel te laten koelen. De ijsbereider kan geblokkeerd en daardoor beschadigd worden. * Niet bij alle modellen. Attentie bij ingebruiknemingDe ijs en waterdispenser functioneert alleen als het apparaat op de waterleiding is aangesloten. Nadat het apparaat in gebruik is genomen duurt het ca. 24 uur tot de eerste portie ijsblokjes is aangemaakt. Na het aansluiten bevinden zich in de leidingen nog luchtbelletjes. Het drinkwater net zolang aftappen en weggooien tot het water zonder luchtbelletjes getapt kan worden. De eerste 5 glazen leeggooien.

Als de ijsblokjesmaker voor het eerst wordt gebruikt: de eerste 30-40 ijsblokjes om hygiënische redenen niet gebruiken. Aanwijzingen bij het gebruik van de ijsbereiderZodra het vriesvak zijn vriestemperatuur heeft bereikt, start de ijsblokjesproductie.

Na 2–3 uur worden de geproduceerde ijsblokjes automatisch in het ijsblokjesreservoir gestort. AanwijzingHet apparaat produceert meer ijs wanneer u de vriesvaktemperatuur kouder instelt. Daardoor wordt het energieverbruik van uw apparaat iets hoger. Soms vriezen ijsblokjes aan elkaar en blokkeren de afgifte: 1. De deur openen en binnenin controleren of er ijsblokjes vastzitten in de ijs- en waterafgifte. 2. Als de ijs- en waterafgifte niet geblokkeerd is:m AttentieEen vol ijsblokjesreservoir is zwaar. Het ijsblokjesreservoir voorzichtig uittrekken en aan elkaar gevroren ijsblokjes verwijderen. Als het ijsblokjesreservoir vol is, dan wordt de ijsbereiding automatisch uitgeschakeld. Tijdens het aanmaken van de ijsblokjes is het gezoem van het waterventiel, het binnenstromen van het water in het ijsblokjesreservoir en het vallen van de ijsblokjes te horen.

130Let op de kwaliteit van het drinkwaterAlle voor de drinkwaterdispenser gebruikte materialen zijn neutraal van geur en smaak. Als het water een bijsmaak heeft, dan kan dat de volgende oorzaken hebben:▯het mineraal- en chloorgehalte van het drinkwater;▯het materiaal van de waterleiding in huis en van de toevoerleiding;▯de versheid van het drinkwater. Wanneer er langere tijd geen water is afgenomen, kan het water „muf” smaken. In dit geval ca. 15 glazen met water vullen en weggooien. Wij raden u aan regelmatig wat vers water uit de waterdispenser te tappen en het apparaat niet uit te schakelen. Hierdoor blijft de kwaliteit van het water behouden. Het meegeleverde waterfilter filtert uitsluitend kleine deeltjes uit het toegevoerde water, geen bacteriën of microben. IJs/water eruit halen▯Toets van de ijs- en waterdispenser (water, crushed ice of ijsblokjes) kiezen.

▯Toets net zo lang indrukken tot het glas met de gewenste hoeveelheid gevuld is. Water tappenAanwijzingen▯Het water van de waterdispenser is op de juiste temperatuur om te drinken gekoeld. Wilt u kouder water, dan moet u vóór het tappen ijsblokjes in het glas doen. ▯Bij afname van grote hoeveelheden water kan het afgenomen water warmer worden. IJs eruit halenIJsbereider buiten werking stellenAls er vermoedelijk langer dan 1 week geen ijsblokjes uitgehaald worden ( bijv. tijdens een vakantie) dan moet de ijsbereider tijdelijk buiten werking worden gesteld om te voorkomen dat de ijsblokjes aan elkaar vriezen. De ijsbereider uitschakelen:1. IJsblokjesreservoir eruit halen. 2. De toets „options” ingedrukt houden tot de functie [IWD off] met een pijl is gemarkeerd. 3. Om te activeren de insteltoets + indrukken (de functie is omlijnd). 4. IJsblokjesreservoir legen en schoonmaken.

De toets „options” ingedrukt houden tot de functie [IWD off] met een pijl is gemarkeerd. 2. Deactiveren door de insteltoets - in te drukken (de functie wordt niet langer omrand). WaterfiltermWaarschuwingHet apparaat in plaatsen waar de kwaliteit van het water twijfelachtig of niet voldoende bekend is, niet zonder adequate desinfectie voor en na het filteren gebruiken. Een filterpatroon voor het partikelfilter kan bij de Servicedienst of bij een vakhandelaar besteld worden. mAttentie▯Na montage van een nieuw filter altijd de ijsproductie van de eerste 24 uur na inschakeling van de ijsbereider weggooien.

131▯Wanneer het ijs langere tijd niet is gebruikt, alle ijsblokjes uit het reservoir weggooien, evenals de ijsproductie van de volgende 24 uur.▯Wanneer het apparaat of het ijs meerdere weken of maanden niet actief gebruikt is, of wanneer de ijsblokjes onaangenaam smaken of ruiken, moet het waterfilter worden vervangen.▯Luchtinsluitingen in het systeem kunnen wateruittreding en het uitwerpen van de filterpatroon veroorzaken. Wees voorzichtig bij het verwijderen.▯Het filter moet uiterlijk om de 6 maanden worden vervangen.Belangrijke aanwijzingen bij het waterfilter▯Het watersysteem staat na gebruik onder lichte druk. Wees voorzichtig als u het filter eraf haalt.▯Als het apparaat langere tijd niet gebruikt werd of als het water onaangenaam smaakt of ruikt: watersysteem doorspoelen. Hiertoe een aantal minuten water uit de waterdispenser tappen.

Als de onaangename smaak of geur blijft bestaan: filter vervangen.Vervangen van de filterpatroonNa verloop van 6 maanden wordt u via de indicatie [filter change] eraan herinnerd de filterpatroon te vervangen (zie hoofdstuk „Speciale functies”).Filterpatroon als volgt eruit halen:▯Nieuwe filterpatroon erin zetten.▯Een paar liter water uit de waterdispenser tappen. Hierdoor wordt de lucht uit het watersysteem verwijderd.▯Water uit de oude filterpatroon gieten. De filterpatroon kan met het huisvuil worden weggedaan.Afsluitkap gebruikenDe ijs- en waterdispenser kan ook zonder waterfilter worden gebruikt. In dat geval de afsluitkap aanbrengen.AanwijzingDe afsluitkap en de hierin aanwezige filterzeef moeten met regelmatige tussenpozen onder stromend water worden uitgewassen.

132Specificatie- en vermogensgegevensVoor filtermodel: 9000 225 170 Met gebruik van reservepatroon: 9000 077 104 Het model werd door NSF International op ANSI/NSF-Standards 42 & 53 getest en tot het reduceren van de onderstaande substanties gecertificeerd. De concentratie van de aangegeven in water opgeloste substanties die het systeem binnendringen, werd verlaagd tot een waarde minder dan of gelijk aan de toelaatbare grenswaarde volgens ANSI/NSF 42 en 53 voor uit het apparaat afgevoerd water. AanwijzingHoewel de testen onder standaard-laboratoriumvoorwaarden werden uitgevoerd, kan de daadwerkelijke capaciteit hiervan afwijken. * Op basis van gebruik van cryptosporium parvum-oöcysten. Toepassingsrichtlijnen/parameters watervoorziening: ▯Het systeem moet volgens de door de fabrikant aanbevolen richtlijnen geïnstalleerd en gebruikt worden.

▯Het filter moet om de 6-9 maanden vervangen worden. ▯Nieuw filter 5 minuten doorspoelen. ▯Nadere gegevens vindt u op de garantiekaart. Dit product mag NIET gebruikt worden als het water microbiologisch schadelijk of van onbekende kwaliteit is, zonder adequate desinfectie voor of na aansluiting op het systeem. Een systeem dat gecertificeerd is voor de reductie van cysten mag gebruikt worden voor gedesinfecteerd water dat eventueel filtreerbare cysten bevat. Voor het hele systeem (behalve voor de wegwerppatroon) geldt een garantie van een jaar. Met betrekking tot de wegwerppatronen geldt alleen een garantie voor materiaalgebreken en verwerkingsfouten. De gebruiksduur van wegwerppatronen hangt af van de plaatselijke wateromstandigheden, zodat hiervoor geen garantie wordt gegeven.

133Variabele indeling van de binnenruimteU kunt de legplateaus en de deurvakken naar wens verplaatsen.▯Legplateau naar voren trekken, iets laten zakken en aan de zijkant uitzwenken.▯Vakken in de deur iets optillen en eruit halen.Verstelbaar glasplateauHet legplateau kan in de hoogte versteld worden zonder dat het eruit gehaald hoeft te worden. Levensmiddelen eerst van het legplateau af halen.Maximale belading van het legplateau: 3 kgApparaat uitschakelen en buiten werking stellenUitschakelen van het apparaatStekker uit het stopcontact trekken of de zekering losdraaien resp. uitschakelen.Koelmachine wordt uitgeschakeld.Buiten werking stellen van het apparaatAls u het apparaat langere tijd niet gebruikt:1. Watertoevoer naar het apparaat altijd een paar uur voor het uitschakelen onderbreken.2. Alle levensmiddelen uit het apparaat halen.3.

Stekker uit het stopcontact trekken of de zekering losdraaien resp. uitschakelen.4. IJsblokjesreservoir legen en schoonmaken. (zie hoofdstuk „Schoonmaken van het apparaat”).5. Binnenkant van het apparaat schoonmaken (zie hoofdstuk „Schoonmaken van het apparaat”).6. De deuren van het apparaat open laten om geurvorming te voorkomen.OntdooienDiepvriesruimteDoor het volledig automatische NoFrost-systeem blijft de vriesruimte ijsvrij. Ontdooien is overbodig.KoelruimteHet apparaat wordt automatisch ontdooid.Het dooiwater loopt via het afvoergaatje naar een verdampingsschaal aan de achterkant van het apparaat.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Gaggenau RS295355 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden