Fuji Electric ASYG7LUCA Handleiding

Fuji Electric Airco ASYG7LUCA

Bekijk gratis de handleiding van Fuji Electric ASYG7LUCA (32 pagina’s), behorend tot de categorie Airco. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 54 mensen en kreeg gemiddeld 4.2 sterren uit 6 reviews. Heb je een vraag over Fuji Electric ASYG7LUCA of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/32
Invertermodel
P/N9319356006-02
Bedieningsvoorschrift
WANDMODEL
AIRCONDITIONER
airconditioner
ASYG7LUCA ASYG9LUCA ASYG12LUCA ASYG14LUCA
condensingunit
AOYG7LUC AOYG9LUC AOYG12LUC AOYG14LUC
3513
MIDDENWEG 515, HEERHUGOWAARD
TEL. 072-5723150, WWW.BEERSKLIMAAT.NL

Beoordeel deze handleiding

4.2/5 (6 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Fuji Electric
Categorie: Airco
Model: ASYG7LUCA

Handleiding Fuji Electric ASYG7LUCA – volledige tekst

1. voorzorgsmaatregelen• Lees voor het gebruiken van deze airconditioner het bedieningsvoorschrift zorgvuldig door. Werk volgens de aanwijzingen. • De instructies in deze alinea hebben betrekking op de veiligheid. Houd bij het gebruik van de airconditioner rekening met de veiligheidsvoorschriften. VeiligheidsvoorschriftenGEVAAR. • Probeer niet deze airconditioner zelf te installeren. • Geen van de onderdelen van deze unit kunnen door de gebruiker zelf worden gerepareerd. Raadpleeg altijd de erkende installateur voor reparaties. • Raadpleeg bij verhuizing een erkende installateur voor het loskoppelen en opnieuw installeren van de unit. • Blijf niet te lang in de koude luchtstroom van de airconditioner in verband met gevaar voor onderkoeling. • Steek geen voorwerpen of lichaamsdelen in de luchtuitlaat of het luchtrooster.

• Schakel de airconditioner niet uit door de stekker uit het stopcontact te nemen of de hoofdschakelaar uit te zetten. • Zorg dat het elektrische snoer niet wordt beschadigd. • Schakel het apparaat uit in geval van storing (brandlucht, e. d. ). Trek de stekker uit het stopcontact en raadpleeg de erkende installateur. • Als de elektriciteitskabel van deze airconditioner beschadigd is, dient deze uitsluitend te worden vervangen door de fabrikant of zijn gemachtigd servicepersoneel om veiligheidsrisico’s te voorkomen. PAS OP. • Zorg tijdens het gebruik regelmatig voor ventilatie. • Richt de luchtstroom niet op kachels of verwarmingsapparatuur. • Klim niet op de airconditioner, plaats er geen voorwerpen op. • Plaats geen bloemenvazen of waterbakken op de airconditioner. • Hang geen voorwerpen aan de airconditioner. • Stel de airconditioner niet rechtstreeks bloot aan water.

• Bedien de airconditioner niet met natte handen. • Schakel de elektriciteit uit wanneer de unit langere tijd niet wordt gebruikt. • Controleer of het onderstel van de installatie is beschadigd.

• Plaats geen planten of dieren in de directe luchtstroom. • Drink niet van het water dat uit de airconditioner komt. • Niet te gebruiken voor toepassingen bij de opslag van voedingsmiddelen, planten, dieren, precisieapparatuur of kunstwerken. • Oefen geen druk uit op de radiatorvinnen. • Alleen te gebruiken wanneer de luchtfilters zijn geïnstalleerd. • Zorg dat het luchtinlaatrooster en de uitlaatopening niet worden geblokkeerd of afgedekt. • Zorg dat elektronische apparatuur tenminste een meter van de binnen- of buitenunit verwijderd staat. • Voorkom installatie van de airconditioner dichtbij een kachel of ander verwarmingsapparaat. • Gebruik geen ontvlambare gassen nabij de airconditioner. • Verbindingskleppen worden tijdens verwarmen heet; wees voorzichtig. • Schakel de hoofdschakelaar altijd uit als u de airconditioner reinigt of het luchtfilter verwisselt. 3.

2. Omschrijving van de functiesEnergiebesparende functiesInverter functieDirect na het inschakelen van de airconditioner wordt extra vermogen gebruikt om de ruimte snel op de ingestelde temperatuur te brengen. Daarna schakelt de unit automatisch over naar een lager vermogen. Energiebesparende functieIn de energiebesparende functie is de temperatuur tijdens de koelfunctie iets hoger dan de ingesteldewaarde. Tijdens de verwarmingsfunctie is de temperatuur iets lager. Op deze manier wordt energiebespaard t. o. v. de normale functie. SwingfunctieDe luchtuitblaasrichting wordt geregeld door de lamellen. Doordat de lamellen automatisch op enneer bewegen wordt de lucht door de gehele ruimte verspreid. Automatische functieomschakelingDe airconditioner schakelt automatisch tussen de koel- en verwarmingsfunctie om de ingestelde temperatuur te handhaven.

Super stil functieDe luchtuitblaassnelheid wordt verlaagd om een fluisterstille koelwerking te verkrijgen. 10° C verwarmingsfunctieDe ruimtetemperatuur kan op 10° C worden ingesteld, waardoor voorkomen wordt dat de ruimte-temperatuur te ver daalt. Geluidsbeperking buitenunitDeze functie vermindert het geluid van de buitenunit door het verlagen van de ventilatorsnelheid enhet toerental van de compressor. Vooral nuttig als het stil is in de omgeving, bijv. ‘s nachts. N. B. : dezefunctie is niet beschikbaar voor Multisplit modellen. Handige functiesWeektimerDe instelling van de temperatuur en de timerfunctie kan naar uw eigen wensen worden gekozen voorelke dag tussen maandag en vrijdag. U kunt maximaal 4 “ON” tijden of “OFF” tijden per dag instellen. Programma-timerDe timerfunctie maakt het mogelijk de OFF-timer en ON-timer functies te combineren. (Bijv.

van OFF-timer naar ON-timer of van ON-timer naar OFF-timer binnen een periode van 24 uur. )SlaapfunctieIndien de slaapfunctie (SLEEP) toets wordt ingedrukt tijdens de koelfunctie, dan wordt de ingestelde temperatuur automatisch geleidelijk verhoogd.

ReinigingsfunctiesSchimmelbestendig filterHet luchtfilter is behandeld om groei van schimmels tegen te gaan. De uitgeblazen lucht is schoner en het filter is eenvoudig te onderhouden.Polyfenol Catechin luchtreinigingsfilterHet polyfenol catechin luchtreinigingsfilter verwijdert d.m.v. statische elektriciteit onzichtbaar kleinestofdeeltjes (tabaksrook, micro-organismen) uit de lucht. Het filter bevat catechin, dat zeer effectief de groei van diverse bacteriën in het filter voorkomt. Houd er rekening mee, dat de luchthoeveelheidafneemt als u dit filter installeert. Hierdoor wordt het koelvermogen van de unit iets lager.IonenfilterHet filter verwijdert luchtjes door geabsorbeerde geuren af te breken m.b.v.

de oxiderende en afbrekende werking van zeer fijne keramische deeltjes.AfstandsbedieningDraadloze afstandsbedieningMet de draadloze afstandsbediening kunt u op een gemakkelijke manier de airconditioner bedienen.Afstandsbediening met draad (optie)U kunt ook gebruik maken van een (als optie verkrijgbare) afstandsbediening met draad. Ook is het mogelijk de draadloze afstandsbediening en de afstandsbediening met draad tegelijkertijd tegebruiken. Enkele functies zijn dan niet bruikbaar. Worden de niet-bruikbare functies op de afstands-bediening geselecteerd, dan klinkt een pieptoon; het OPERATION-lampje, het TIMER-lampje en hetderde lampje van de binnenunit gaan knipperen. De niet-bruikbare functies van de draadloze afstandsbediening zijn: • 10 °C Verwarmingsfunctie, • Geluidsbeperking buitenunit,• Weektimer,• TIMER (ON Timer, OFF Timer),• Program Timer, • SLEEP Timer,• Extra vermogen.5

3. Benaming en functie van onderdelenBinnenunitOntvanger van het signaal van de afstandsbediening en de MANUAL AUTO toets A ls de batterijen van de afstandsbediening leeg zijn of het als de afstandsbediening zoek is, kunt u m.b.v. de MANUAL AUTO toets de unit laten werken. A ls de MANUAL AUTO toets langer dan tien seconden wordt ingedrukt, begint de geforceerde koelfunctie. D e geforceerde koelfunctie wordt tijdens de installatie door erkend service-personeel gebruikt. M o c h t de geforceerde koelfunctie onverhoopt vanzelf starten, druk dan op de START/STOPtoets om de functie te stoppen.OPERATION lampje (groen)Brandt tijdens normale werking, knippert tijdens het automatische ontdooi-programma.

TIMER Indicatielampje (oranje)Als het TIMER lampje knippert tijdens de TIMER functie, dan duidt dit op een fout bij het instellen vande funtie.Energiebesparings lampje (groen)Het energiebesparingslampje brandt als de energiebesparende functie of de 10° verwarmingsfunctie zijn aangezet.Geopend voorpaneel InlaatroosterRechts-links lamellen (Achter de luchtrichtingslamellen)IndicatielampjesWordt geopend als de unit wordt opgestart. Gaat na het uitzetten automatisch weer dicht. Niet aanraken of uw vinger er in steken tijdens het openen/sluiten van het paneel. U zou uw vinger kunnen bezeren. Beweeg het paneel niet handmatig. Dit kanschade veroorzaken, stoom kan neerslaan op de uitblaaslamellen en er kunnen druppels waternaar beneden vallen.

7AFSTANDSBEDIENINGDISPLAY AFSTANDSBEDIENING 16 14 10 10 14 15 10 10 1010 °C Verwarmings-toetsExtra vermogentoetsTemperatuurtoetsSignaalzenderStart/stop-toetsFunctie-toetsFan-toetsSwing-toetsEnergiebesparings-toetsToets voor geluids-reductie buitenunitInstel-toetsKlok insteltoets Reset toetsTimerinstel-toetsZend-toetsSelecteer-toetsNext-toetsBack-ToetsWeektimer- toetsAan/uittoetsSlaaptimer- toetsFunctie displayDisplay geluidsreductieTemperatuur displayZend displayKlok & timer displayDisplay zendindicatorSwing displayLuchthoeveelheid displayNadat de toets op de afstandsbediening is ingedrukt, wordt alleen het betreffendedeel van de display getoond, totdat het verzenden van de instelling is voltooid. Dit is een handig hulpmiddel om de instel-ling gemakkelijk vast te leggen.

4. VoorbereidingVoorbereiding van de afstandsbedieningPlaatsen van de batterijen (RO3 of LRO3 x 2)1. Druk op het klepje aan de achterzijde van de afstandsbediening en schuif het in de richting van de pijl. 2. Plaats de batterijen in de juiste richting (+/-) in het batterijenvakje. 3. Sluit het batterijenvakje weer af met het klepje. LET OP. • Als de afstandsbediening voor een langere periode niet wordt gebruikt, dient u de batterijen te verwijderen. Dit om beschadiging van de afstandsbediening door lekkage van de batterijen te voorkomen. Zorg dat uw huid, ogen en mond niet in contact komen met de batterijenvloeistof van de eventueel lekkende batterijen. Bij contact het lichaamsdeel afspoelen met stromend water. Raadpleeg uw arts voor verdere behandeling. • Lege batterijen tijdig verwijderen en deponeren in de milieubox of bij de inzameling van chemisch afval. Geen lege batterijen opladen.

• Beide batterijen gelijktijdig vervangen. • Houd de batterijen buiten bereik van kinderen. • Batterijen blijven onder normale omstandigheden ongeveer één jaar houdbaar. Als blijkt dat de afstandsbediening niet naar behoren functioneert, vervang dan de batterijen en druk op de RESET-toets met het puntje van een balpen of ander puntig voorwerp. Instellen van de tijd1. Druk op de CLOCK ADJUST-toets. 2. Druk op de SELECT-toets om de juiste dag van de week te selecteren. Druk op de NEXT-toets3. Druk op de SELECT-toets om de juiste tijd te selecteren. 쑶toets: voor het vooruit laten lopen van de tijd. 쑴toets: voor het achteruit laten lopen van de tijd. De tijd loopt per minuut voor- of achteruit. Om de tijd in stappen van 10 minuten te laten verspringen, houdt u de toets ingedrukt. 3. Druk op de SEND-toets. De tijdsinstelling staat in het geheugen en de klok gaat lopen.

Zorg dat u dichtbij de unit staat als u de SEND-toets indrukt. Als u te ver weg staatwordt het signaal misschien niet goed verzonden, waardoor de instellingen niet goed ontvangen zouden worden.

Gebruik van de afstandsbediening •De afstandsbediening moet bij gebruik naar de airconditioner gericht zijn (bereik ca. 6 meter).• Bij ontvangst van een signaal afkomstig van de afstandsbediening, hoort u een pieptoon van de airconditioner.• Bij het uitblijven van de pieptoon, drukt u de toets opnieuw in.• Signalen zullen niet goed worden doorgegeven als er zich een muur, gordijn of ander voorwerp tussen de airconditioner en de afstandsbediening bevindt.•Laat geen direct zonlicht of sterke lampen schijnen op de afstandsbediening.• Als de afstandsbediening ook werkt op andere apparatuur raadpleeg dan uw installateur.• Plaats de afstandsbediening niet in direct zonlicht of andere warmtebronnen.• Stel de afstandsbediening niet bloot aan harde schokken en water.• Wanneer in de ruimte geïntegreerde verlichting is, bestaat de mogelijkheid dat de airconditioner de signalen niet goed ontvangt.

5. Instellen van de functiesDruk op de START/STOP-toetsHet groen lampje van de unit gaat branden. De airconditioner is in werking.Instellen van de gewenste functie1. Druk op de MODE-toets om de gewenste functiete selecteren. Iedere keer als de toets wordt ingedrukt verschijnen de functies in de onderstaande volgorde:Na 3 seconden verschijnen de eerder ingestelde functies weer op de display.Instellen van de temperatuur (SET TEMP.)Druk op de TEMP-toets.toets: druk op deze toets om de temperatuur te verhogen.toets: druk op deze toets om de temperatuur te verlagen.Temperatuurbereik:Automatisch (AUTO): 18 tot 30 °CVerwarmen (HEAT): 16 tot 30 °CKoelen/ontvochtigen(COOL/DRY): 18 tot 30 °C• In de functie circuleren kan de thermostaat kan niet worden ingesteld.

De temperatuur verschijnt niet op de display van de afstandsbediening.• De ingestelde temperatuur kan worden beschouwd als een standaard, die een kleine afwijking kan vertonen van de actuele ruimtetemperatuur.Na 3 seconden verschijnen de eerder ingestelde functies weer op de display.Instellen van de luchtsnelheid (FAN)Druk op de FAN-toets. Iedere keer als de toets wordt ingedrukt verschijnen de snelheden in de onderstaande volgorde:Na 3 seconden verschijnen de eerder ingestelde functies weer op de display.(AUTO) (HIGH) (MED) (LOW) (QUIET)10MOTU WETH FR SA SU AUTO COOL DRY HEAT FAN 1 2 3 4 5 6 7 MOTU WETH FR SA SU AUTO COOL DRY HEAT FAN 1 2 3 4 5 6 7 MOTU WETH FR SA SU AUTO COOL DRY HEAT FAN 1 2 3 4 5 6 7 MOTU WETH FR SA SU AUTO COOL DRY HEAT FAN 1 2 3 4 5 6 7 MOTU WETH FR SA SU AUTO COOL DRY HEAT FAN 1 2 3 4 5 6 7

11Als de FAN CONTROL op AUTO staat:Verwarmen (HEAT): De ventilator zal optimaal de warme lucht laten circuleren. De ventilatordraait echter heel langzaamals de uitgeblazen lucht te koud is. Koelen (COOL): Zodra de ruimtetemperatuur in de automatische (AUTO) functie de ingestelde temperatuur bereiktheeft, schakelt de ventilator automatisch over op de lage snelheid. Luchtsnelheid (FAN):Als het verschil tussen de ruimtetemperatuur en de ingestelde temperatuur is teruggebracht of ver-hoogd, dan wordt de snelheid van de ventilator aangepast. In de monitor-functie en in het begin van de verwarmingsfunctie zal de ventilator op zeer lage snelheiddraaien. Als de FAN CONTROL op Quiet staat:Het SUPER QUIET indicatie lampje gaat branden. De luchtsnelheid zal iets afnemen, waardoor erminder geluid wordt geproduceerd.

• De super stil (QUIET) functie kan niet worden gebruikt bij de ontvochtigingsfunctie (DRY). Ditzelfde geldt als de functie DRY is ingesteld via de automatische stand. • De koel- en verwarmingsfunctie zullen iets afnemen wanneer de super stil (QUIET) functie is ingeschakeld. Uitschakelen van de airconditionerDruk op de START/STOP-toets. Het groene OPERATION lampje gaat uit. Bijzonderheden van de functiesAutomatische omschakelfunctie (AUTO CHANGEOVER)• Als de automatische omschakelfunctie wordt geselecteerd, zal de ventilator ongeveer een minuut lang zeer langzaam draaien, terwijl de airconditioner de ruimteomstandigheden analiseert om de juiste functie te kiezen. • Als het verschil tussen de ingestelde temperatuur en de huidige ruimtetemperatuur meer dan +2 °C bedraagt, wordt de koelfunctie gekozen.

• Als het verschil tussen de ingestelde temperatuur en de huidige ruimtetemperatuur tussen + / -2 °Cligt, wordt de monitor functie gekozen. • Als het verschil tussen de ingestelde temperatuur en de huidige ruimtetemperatuur meer dan -2 °Cbedraagt, wordt de verwarmingsfunctie functie gekozen.

• Als de airconditioner de ruimtetemperatuur bijna op de ingestelde temperatuur heeft gebracht, zalhij gaan draaien in de monitorfunctie. In deze stand zal de ventilator zeer langzaam draaien. Als de ruimtetemperatuur aanzienlijk verandert, zal de airconditioner nogmaals de juiste functie kiezen (verwarmen, koelen), om de ruimtetemperatuur weer in overeenstemming met de ingestelde temperatuur te brengen. (Het werkgebied van de monitorfunctie is + / - 2 °C van de ingestelde temperatuur. ) • Als de automatisch gekozen functie niet optimaal naar uw zin werkt, selecteer dan een van de andere functies (verwarmen, koelen, ontvochtigen, ventileren. ).

Verwarmen (HEAT)•Deze functie wordt gebruikt voor het verwarmen van de ruimte.• Wanneer deze functie is geselecteerd zal de ventilator gedurende 3 - 5 minuten in laag toerental draaien. Daarna zal de ingestelde ventilatorstand functioneren. Deze tijd geeft de binnenunit de mogelijkheid om zich op te warmen. • Wanneer de ruimtetemperatuur erg laag is, zal de buitenunit langzaam invriezen. Hierdoor lopen de prestaties terug. De unit zal van tijd tot tijd de ‘defrost’ opstarten.

Gedurende deze defrost-periode zal het OPERATION-lampje (groen) knipperen en het verwarmen zal stoppen.Koelen (COOL)• Deze functie wordt gebruikt voor het koelen van de ruimte.Ontvochtigen (DRY)• Deze functie wordt gebruikt bij geleidelijke koeling en tegelijkertijd voor ontvochtiging van de ruimte.• De ruimte kan niet verwarmd worden tijdens het ontvochtigen.• Gedurende de ontvochtiging (DRY) werkt de ventilator van de airconditioner op lage snelheid om de gewenste luchtvochtigheid te bereiken. De ventilator stopt af en toe. De ventilator zal op lage snelheid gaan draaien als de luchtvochtigheid toeneemt.• De luchtsnelheid kan niet handmatig gewijzigd worden tijdens de ontvochtiging (DRY).Circuleren (FAN)• Wordt gebruikt om de lucht in de ruimte te laten circuleren.Tijdens verwarmenStel de thermostaat hoger in dan de ruimtetemeratuur.

De functie verwarmen werkt niet als de temperatuur lager is ingesteld dan de ruimtetemperatuur.Tijdens koelen/ontvochtigenStel de thermostaat lager in dan de ruimtetemperatuur. De functie koelen/ontvochtigen werkt nietals de thermostaat hoger ingesteld is dan de actuele ruimtetemperatuur (in de stand koelen werktalleen de ventilator).Tijdens circulerenDe koel- en verwarmingsfunctie werken niet tijdens het circuleren. Uitzetten van de unitDruk op de START/STOP-toets. Het groene OPERATION-lampje gaat uit.12MO TU WE TH FR SA SU AUTO COOL DRY HEAT FAN 1 2 3 4 5 6 7

6. Instellen luchtuitblaasrichting• Gebruik de afstandsbediening voor het verstellen van de verticale uitblaasrichting. Gebruik hiervoor de SET-toetsen. • De horizontale (rechts-links) luchtrichting wordt handmatig ingesteld door de lamellen te anders te plaatsen. Zorg er voor, dat hierbij unit aanstaat en de luchtrichtinglamellen stilstaan. Verticale verstelling luchtuitblaasrichtingDruk op de SET-toets. Iedere keer als de toets wordt ingedrukt, verandert de richting als volgt:Luchtrichting en functie:1, 2, 3, 4 bij koelen en ontvochtigen. 4, 5, 6, 7 bij verwarmen. De functie weergave op de display van de afstandsbediening verandert niet. • Gebruik de aangegeven luchtuitblaasrichtingen die in de afbeelding zijn aangegeven.

• De verticale luchtuitblaasrichting wordt automatisch ingesteld, afhankelijk van de ingestelde functie:Tijdens koelen en ontvochtigen: Horizontale richting 1Tijdens verwarmen: Neerwaartse richting 6. • De auto-functie kan tijdens de eerste minuut van de werking niet versteld worden, de stand in de eerste minuut is horizontaal 1. De luchtrichting kan nu niet worden ingesteld. • Aan het begin van de AUTO/HEAT-functie en tijdens het automatisch ontdooien is de luchtstroomhorizontaal 1. De luchtrichting kan aan het begin van de Automatische functie dan ook niet worden ingesteld. Horizontale verstelling luchtuitblaasrichtingVerplaats de Rechts-links lamellen handmatig naar de door u gewenste de stand. Tijdens deze handeling moet de verticale luchtrichting worden stopgezet en de lamellen moeten helemaal stilstaan. GEVAAR. • Steek geen voorwerpen of vingers tussen de lamellen.

Als dit gebeurt, herstart dan de airconditioner zodat de lamellen hun oorspronkelijke stand weer innemen. • Tijdens de koel- en ontvochtigingsfunctie mogen de verticale lamellen niet in de verwarmingsstand(4-7) worden gezet. Dit kan resulteren in condens dat via de lamellen uit de airconditioner zal druppelen. Als de lamellen tijdens de koel- en ontvochtigingsfunctie voor meer dan 30 minuten in de verwarmingsstand staan staan, dan gaan deze automatisch terug naar stand 3. • Als in de gekoelde ruimte kinderen, ouderen of zieke personen aanwezig zijn, dienen de ruimte-temperatuur en de uitblaasrichting zorgvuldig te worden afgesteld. 13MOTU WETH FR SA SU AUTO COOL DRY HEAT FAN 1 2 3 4 5 6 7 MO TU WE TH FR SA SU AUTO COOL DRY HEAT FAN 1 2 3 4 5 6 7 1234567Rechts-links lamellenKnopKnoppen(2 plaatsen).

7. SwingfunctieDeze functie beweegt de uitblaaslamellen op en neer en verspreidt daarmee warme of koele luchtdoor de gehele ruimte. Selecteren van de SWING-functieDruk op de SWING-toets. Het SWING-display lampje gaat branden. In deze functie bewegende uitblaaslamelen automatisch op en neer en bewegen daarmee de luchtstroom omhoog en omlaag. Stoppen van de SWING-functieDruk nogmaals op de SWING-toets. Het SWING-display lampje gaat uit. De luchtrichtingkeert terug in de oorspronkelijke instelling. Bijzonderheden swingfunctieOP/NEER SwingDe Swingfunctie werkt afhankelijk van de ingestelde luchtrichting. Tijdens koelen en ontvochtigen: Swing tussen 1 en 4 Tijdens verwarmen: Swing tussen 4 en 7. • Het SWING-bereik is afhankelijk van de ingestelde luchthoeveelheid. • De swingfunctie kan tijdelijk stoppen als de ventilator niet in werking is of als deze op zeer lage snelheid draait.

• Als de verticale SET toets wordt ingedrukt tijdens de OP/NEER functie, dan stopt deze functie en wanneer de horizontale SET toets wordt ingedrukt tijdens de LINKS/RECHTS functie, dan stopt ookdeze functie. GEVAAR. • Steek geen voorwerpen of vingers tussen de lamellen. De ventilator kan op hoge snelheid draaien en lichamelijk letsel veroorzaken. • Zet de airconditioner niet aan als de verticale of horizontale lamellen geblokkeerd zijn. • Gebruik altijd de afstandsbediening om de luchtrichting te verstellen voor op- en neerwaartse beweging. Handmatig verstellen van de lamel kan problemen opleveren. Als dit gebeurt, herstart dan de airconditioner zodat de lamel zijn oorspronkelijke positie weer inneemt. • Wanneer in de gekoelde ruimte kinderen, ouderen of zieke personen aanwezig zijn, dienen de ruimtetemperatuur en uitblaasrichting zorgvuldig te worden afgesteld. 8.

Gebruik van de extra vermogen functieDruk op de Extra vermogen toets. Het “beep”-signaal van deze functie wijkt af van het geluidvan alle andere functies. Deze functie: 3 x (Pi, Pi, Pi. ); andere functie: 2x (Pi, Pi. ). Stoppen van de extra vermogen functieDruk nogmaals op de Extra vermogen toets. De unit gaat werken in de normale functie. 14MOTU WETH FR SA SU AUTO COOL DRY HEAT FAN 1 2 3 4 5 6 7 MOTU WETH FR SA SU AUTO COOL DRY HEAT FAN 1 2 3 4 5 6 7 MO TU WE TH FR SA SU AUTO COOL DRY HEAT FAN 1 2 3 4 5 6 7 MO TU WE TH FR SA SU AUTO COOL DRY HEAT FAN 1 2 3 4 5 6 7.

15Over de Extra vermogen functieKoelen/ontvochtigen: • De Extra vermogen functie wordt automatisch uitgeschakeld als de temperatuur in de ruimte tot de gewenste waarde is gedaald of wanneer er 20 minuten zijn verstreken na het instellen van de functie. Het is echter niet mogelijk de functie na een ingestelde periode automatisch uit te schakelen. Verwarmen: • De Extra vermogen functie wordt automatisch uitgeschakeld als de temperatuur in de ruimte tot de gewenste waarde is gestegen of wanneer er 20 minuten zijn verstreken na het instellen van de functie. Het is echter niet mogelijk de functie na een ingestelde periode automatisch uit te schakelen. • Luchtrichting en luchthoeveelheid worden automatisch ingesteld in de Extra vermogen functie. De luchtrichting kan worden aangepast met de luchtrichting insteltoets.

• De Extra vermogen functie en de Energiebesparende functie kunnen niet gelijktijdig ingesteld worden. De toets op de afstandsbediening die het laatst is gebruikt is bepalend voor de functie. • Als tijdens de Extra vermogen functie de functie wordt geselecteerd, dan zal de starten nadat de Extra vermogen functie is afgelopen. 9. Energiebesparende functieStart de airconditioner alvorens deze functie te selecteren. Inschakelen van de functieDruk op de ECONOMY-toets. Het ECONOMY-indicatielampje (groen) gaat branden. De functie start. Uitschakelen van de functieDruk nogmaals op de ECONOMY-toets. Het ECONOMY-indicatielampje gaat uit en de functie stopt. Bijzonderheden van de Enegiebesparende functie• Bij maximaal vermogen is de Energiebesparende functie ongeveer 70% van het normale vermogen bij koelen en verwarmen.

• Selecteer de normale functie als de ruimte in de Energiebesparende functie onvoldoende wordt gekoeld of verwarmd. • De Energiebesparende functie kan niet worden ingeschakeld tijdens de Monitor-periode van de Automatische functie (AUTO).

10. 10°C verwarming instellingGebruik van de 10°C instellingDruk op de 10°C toets. Het ECONOMY-lampje (groen) gaat branden. Stoppen van de 10°C instellingDruk op de START/STOP-toets. Het ECONOMY-lampje gaat uit en de functie stopt. Over de 10°C instelling• De verwarmingsfunctie werkt niet, als de ruimtetemperatuur hoog genoeg is. • Met de 10 °C functie wordt de temperatuur op minimaal 10 °C gehouden, waardoor de ruimte-temperatuur niet te ver daalt. • Als er bij multi-type airconditioners een unit in een andere ruimte wordt gebruikt om te verwarmen, zal de temperatuur in de ruimte waar de 10 °C functie actief is, oplopen. Wij adviseren om bij gebruik van de 10 °C Verwarmingsfunctie alle units op deze functie te zetten. • Als de 10°C instelling is ingeschakeld, kan alleen de SWING-functie worden gebruikt. 11.

Geluidsreductie buitenunitDe functie geluidsreductie buitenunit reduceert het geluid van de buitenunit door de ventilator-snelheid en het toerental van de compressor te verlagen. Vooral ‘s nachts en/of in rustige omgevingenis dit een doeltreffende functie. Gebruik van de geluidreducerende functieDruk op de functie-toets. Op de display van de afstandsbediening verschijnt. Stoppen van de geluidreducerende functieDruk nogmaals op de functie-toets. verdwijnt van de display van de afstandsbediening. Over de geluidreducerende functie• De functie geluidsreductie buitenunit kan worden gebruikt tijdens koelen, verwarmen en in de automatische functie. De functie kan niet worden gebruikt tijdens circuleren en ontvochtigen. • De functie blijft ingesteld als de airconditioner wordt uitgeschakeld. Ook de aanduiding op de display van de afstandsbediening blijft bewaard.

• Als de luchtsnelheid en het toerental van de compressor voldoende verlaagd zijn, zal de geluid-reducerende functie de luchtsnelheid en het toerental van de compressor niet verder verlagen.

• Zelfs als de extra vermogen functie is ingesteld wanneer de wordt geselecteerd, wordt depas ingeschakeld als de extra vermogen functie is geëindigd. • Als de buitentemperatuur te hoog is, werkt de functie soms niet, ook al is deze geselecteerd. • Als het toerental van de compressor en de luchtsnelheid laag genoeg zijn, zal de functie nietwerken, ook al wordt deze geselecteerd. • De functie kan niet gebruikt worden bij Multi-type airconditioners. Zet de functie a. u. b. uit als dezeingeschakeld is, want anders kan het signaal van de draadloze afstandsbediening niet ontvangen worden.

Uitschakelen van de ON TIMER of de OFF TIMER1. Druk op de ON/OFF toets , terwijl zichtbaar is.2. verdwijnt van de display.•Druk op de ON/OFF toets terwijl niet zichtbaar is in de display om de ON (OFF)tijd weer op de vorige tijd in te stellen. 14. Program Timer functie• De Program Timer functie maakt het mogelijk de ON TIMER en OFF TIMER functies op elkaar aan te sluiten. Zo’n koppeling kan bestaan uit één overgang van OFF timer naar ON timer, of vanON timer naar OFF timer per etmaal.• Controleer of de afstandsbediening de juiste tijd aangeeft, voor u gaat werken met deze TIMER-functie.Gebruik van de PROGRAM TIMER1. Druk op de Timer instel toets .Eerst gaat “WEEKLY” knipperen, druk op de Select toets om te selecteren uit . Druk op de NEXT toets . 2. Gebruik de SELECT toets om de gewenste ON TIME te selecteren.Druk op de NEXT toets .3.

Over de PROGRAM TIMER• Druk op de ON/OFF toets terwijl niet zichtbaar is in de display om de ON (OFF)tijd weer op de vorige tijd in te stellen. •Het is mogelijk in het programma de inschakeltijd en de uitschakeltijd eenmaal per etmaal (24 uur) in te stellen, dus OFF timer 씮 ON timer of OFF timer 씯 ON timer.•De eerste TIMER-tijd die u instelt kan het beste zo dicht mogelijk liggen bij de huidige tijd. De volgorde van werking staat aangegeven op de display met pijltjes.• De WEEK timer, de ON/OFF timer (Program Timer) en de SLAAP timer kunnen niet gecombineerd worden gebruikt.•De Program timer kan meer dan 24 uur vooruit worden ingesteld.15. Slaapfunctie (SLEEP)U kunt, wanneer u gaat slapen, de OFF timer op elke gewenstetijd zetten.

De unit past de temperatuur aan, zodat u comfortabelkunt slapen.Als u eenmaal de gewenste tijd hebt ingesteld, kunt u eenvoudigde unit naar de volgende insteltijd laten gaan door simpelwegéén keer op de SLEEP toets te drukken.Gebruik van de slaapfunctie1. Druk op de Timer instel toets .Eerst gaat “WEEKLY” knipperen, druk op de Select toets om te selecteren uit. Druk op de NEXT toets . 2. Gebruik de SELECT toets om de gewenste OFF TIME te selecteren.3. Druk op de SEND toets .Als de “ON” Timer is geselecteerd, zal de airconditioner stoppen.Als u halverwege het instellen wilt stoppen, druk dan op de Timer insteltoets in plaats van op de SEND toets .

• Als u op de SLEEP toets drukt terwijl niet langer zichtbaar is, dan worden de eerder ingestelde tijden opnieuw ingesteld.• De WEEK timer, de ON/OFF timer (Program Timer) en de SLAAP timer kunnen niet gecombineerd worden gebruikt.19MO TU WE TH FR SA SU AUTO COOL DRY HEAT FAN 1 2 3 4 5 6 7 MO TU WE TH FR SA SU AUTO COOL DRY HEAT FAN 1 2 3 4 5 6 7 MO TU WE TH FR SA SU AUTO COOL DRY HEAT FAN 1 2 3 4 5 6 7 MO TU WE TH FR SA SU AUTO COOL DRY HEAT FAN 1 2 3 4 5 6 7 0.5H 1H 2H 3H 5H 7H 9H0.5H7H5H3H2H1H9H(30 min)(30 min)OFF en knipperen.toetstoets

WEEK TIMERGebruik de week timer in de volgende gevallenDe OFF timer tijd waarop de functie moet stoppen en de ON timer tijd, waarop de functie weer moetstarten kunnen worden gecombineerd. Er kunnen tot 4 periodes (programma 1-4) per dag wordeningesteld, en 28 periodes per week. Controleer vòòr het instellen van de periodes de juiste datum entijd op de airconditioner. Als de data en tijden niet kloppen, zal de unit niet op de ingestelde tijdenfunctioneren.

(Kijk ook bij “Instellen van datum en tijd” op pagina 8.)Als de tijden goed zijn ingesteld, zal de gekozen functie dag-in, dag-uit, week-in, week-uit werken.Voorbeeld om Timer 1 in te stellenMaandag tot vrijdag Programma 1: Zet de ON timer met een temperatuur van 24 °C op 7.00 uurProgramma 2: Zet de OFF timer op 9.00 uurProgramma 3: Zet de ON timer met een temperatuur van 26 °C op 17.00 uurProgramma 4: Zet de OFF timer op 23.00 uurZaterdag Geen programma-instellingenZondag Bijv. de OFF timer voor programma 1 op 9.00 uur, programma 2 op 11.00 uur,programma 3 op 17.00 uur en programma 4 op 23.00 uur 30 min.1 uur1 uur1,5 uurtijdtijd

21Program7:00 ON 24°CProgram9:00 OFFProgram17:00 ON 26°CProgram23:00 OFFProgram9:00 OFFProgram11:00 OFFProgram17:00 OFFProgram23:00 OFFON ON ON ONMaandag tot vrijdag ZaterdagZondagGeen timer instellingenopstaannaar hetwerkthuis-komstnaar bedVoorbeeld om Timer 2 in te stellenU kunt een bepaalde temperatuur instellen in ON instelling in de Week timer. * U kunt de temperatuur in stellen voor de Auto-functie, de Koelfunctie en de Ontvochtigingsfunctietussen 18 en 30 °C; voor Verwarmen op 10° of tussen 16 en 30° C. Ook als u 10°, 16° of 17° instelt, zal de unit in de Automatische functie, de Koelfunctie en de ontvochtigingsfunctie draaien op 18° C. Tijdens het verwarmingsseizoen zal de unit automatisch van functie veranderen als de temperatuur inde ruimte te laag wordt en er niemand aanwezig is.

WAARSCHUWING• Andere functies dan de temperatuurinstelling zullen gelijk blijven aan de functies waarin de unit stond toen deze de laatste keer werd uitgezet. De overgang van Koelen naar Verwarmen of Verwarmen naar Koelen kan dus niet op automatisch worden ingesteld. • Als de ON en OFF programma’s op dezelfde tijd staan, dan zal de airconditioner werken volgens hetON programma. Als twee ON programma op dezelfde tijd staan, dan zal de unit draaien volgens hetprogramma dat als eerste werd ingesteld. • Als er een stroomonderbreking is, zoals bijv. een stroomstoring of een defecte zekering, tijdens het Week timer programma, dan werkt de interne timer niet meer correct. (Zie ook pag. 30, Stroom-storing. ) In dat geval zal het Timer lampje u daarop attent maken door te knipperen. Stel dan datum en tijd opnieuw in (zie pag. 8 Instellen datum en tijd).

• U kunt niet de ON/OFF timer tegelijk met de SLEEP timer gebruiken. Als u de unit met de Week timer wilt gebruiken, terwijl er geen instelruimte meer is na het instellen van de ON/OFF timer, de Program Timer, of de SLEEP timer, dan zult u de Week timer opnieuw moeten instellen(zie pag. 18).

17. De WEEK TIMER functieGebruik van de WEEK timer functie1. Druk op de Timer instel toets .Eerst gaat “WEEKLY” knipperen, druk op de NEXT toets . 2. Selecteer het programma en de dag met behulpvan de SELECT toets .Druk op de NEXT toets als het programma (1-4) ende dag die u wilt selecteren knipperen.3. Gebruik de SELECT toets om de gewenste functie ONtimer, OFF timer of zonder timer te selecteren.Druk op de NEXT toets .22MO TU WE TH FR SA SU AUTO COOL DRY HEAT FAN 1 2 3 4 5 6 7 MO TU WE TH FR SA SU AUTO COOL DRY HEAT FAN 1 2 3 4 5 6 7 MO TU WE TH FR SA SU AUTO COOL DRY HEAT FAN 1 2 3 4 5 6 7 MO TU WE TH FR SA SU AUTO COOL DRY HEAT FAN 1 2 3 4 5 6 7 Program 1WeekProgram MondayProgram Tuesday Program SundayProgram 1WeekProgram MondayProgram Saturday Program SundayknippertProgramma en dag/knipperen“ON” of “OFF” + knipperenWerking zonder timer:1.

4. Druk op de SELECT toets om de gewenste ON timeen OFF time te selecteren. Eerst gaat “WEEKLY” knipperen, druk op de NEXT toets. Druk op de NEXT toets. 5. Druk op de SELECT toets om de temperatuur in te stellen. Als u verder wilt gaan naar de volgende instelling, druk danop de NEXT toets , keer terug naar stap 2 en maakde volgende instelling. Als u halverwege het instellen wilt stoppen, druk dan op de Timer insteltoets in plaats van op de SEND toets. LET OP. • Als u de Week timer wilt uitschakelen, selecteer dan “NoTimer Operation” in stap 3 van de procedure Gebruik van de WEEK timer functie. • Als u terug wilt gaan naar de vorige stap tijdens het makenvan de instellingen, druk dan op de BACK toets. • Druk op de SEND toets terwijl u dicht bij de unitstaat.

Als u te ver van de unit verwijderd staat, komt het signaal misschien niet goed over, waardoor de instellingenniet goed zouden worden opgeslagen. Controleren van het schema1. Druk op de TIMER instel toets. De aanduiding knippert. Druk op de NEXT toets. 2. Controleer het programma, de dag en de tijd met deSELECT toets. 3. Druk op de TIMER insteltoets op terug te gaan naar de reguliere display-aanduiding. 23MO TU WE TH FR SA SU AUTO COOL DRY HEAT FAN 1 2 3 4 5 6 7 MO TU WE TH FR SA SU AUTO COOL DRY HEAT FAN 1 2 3 4 5 6 7 MO TU WE TH FR SA SU AUTO COOL DRY HEAT FAN 1 2 3 4 5 6 7 Als u de OFF selecteerde in stap 3:1. Druk op de NEXT toets om terug te keren naar stap 2en maak de volgende instelling. 2. Druk op de SEND toets.

Uitschakelen van de WEEK timer1. Druk op de WEEKLY toets terwijl zichtbaar is.2. verdwijnt van de display.• Als niet zichtbaar is, druk dan op de WEEKLY toets om de WEEK timer weer in te schakelen.• De WEEK timer, de ON/OFF timer (Program Timer) en de SLAAP timer kunnen niet gecombineerd worden gebruikt.18. Onderhoud en schoonmaakLET OP!• Trek voor u begint met schoonmaken de stekker uit het stopcontact of zet de hoofdschakelaar uit.• Zorg dat het luchtinlaatrooster goed is bevestigd.• Let op bij het verwijderen en vervangen van de luchtroosters voor de warmtewisselaar. Aanraking kan persoonlijk letsel veroorzaken.• Zet de airconditioner niet aan als het inlaatrooster geopend is.Openen van het inlaatrooster1. Trek de kleppen aan beide zijden van het inlaatrooster naar voren. Open daarbij zowel het voor-paneel als het inlaatrooster.2.

Reinigen van de luchtfilters1. Verwijder de luchtfilters. Til de handgrepen van de luchtfilters omhoog, maak beide haken los enneem ze eruit.2. - U kunt stof verwijderen met een stofzuiger of door de filters te wassen in een sopje van warm water en een neutraal wasmiddel. Als u de filters wast, laat ze dan grondig drogen op een plek in de schaduw.- Als zich stof heeft verzameld op de luchtfilters, dan wordt de luchtstroom verminderd, de koel-prestaties nemen af en de unit maakt meer geluid.- Bij normaal gebruik moeten de filters elke twee weken gereinigd worden.Terugplaatsen van de luchtfilters1. Houd de zijkanten van het luchtfilter precies voor het frontpaneel en druk het filter stevig naar binnen. De twee onderste haken moeten goed in de gaten van het frontpaneel zitten. Sluiten van het inlaatrooster1.

Maak de roostersteun los.Als het inlaatrooster niet goed gesloten is, werkt de airconditioner niet. Het lampje zal op onderstaande manier knipperen:25HandgrepenLuchtfilter hakenRooster-steunIndicatie LampjeOPERATIONECONOMYTIMER: Knippert

• Gebruik een neutraal schoonmaakmiddel of de stofzuiger voor het reinigen. • Als het filter nat gereinigd is, laat het dan drogen op een schaduwrijke plaats, voordat u het weer installeert.• Als zich stof heeft opgehoopt op het luchtfilter, dan kan dit de oorzaak zijn van een slechtere uitblaaskwaliteit en van inefficiënt gebruik.• Tijdens intensief gebruik moeten de luchtfilters om de 2 weken worden gereinigd.• Bij langdurig gebruik kan zich in het filter vuil verzamelen, wat een optimale werking verhindert. Het is raadzaam de airconditioner regelmatig te laten inspecteren in aanvulling op uw eigen onder-houdsactiviteiten. Voor meer informatie, raadpleeg de erkende installateur.• Gebruik geen water warmer dan 40°C voor het schoonmaken. De omkasting kan krom trekken of verkleuren.

Dit geldt ook bij het schoonmaken met chemische schoonmaakmiddelen.• Gebruik in de nabije omgeving van de airconditioner geen ontvlambare sprays zoals haarlak en insecticiden.• Als u de airconditioner voor een langere periode niet gebruikt, laat deze dan een dag draaien bij droog weer, om de interne delen goed te laten drogen voordat deze worden uitgeschakeld.Installeren of vervangen van het luchtreinigingsfilter1. Open het inlaatrooster en verwijder de luchtfilters. (zie pag. 25).2. Bij vervanging: verwijder de vervuilde luchtreinigingsfilters uit de houders in het frontpaneel.3.

Bevestig nieuwe (of gereinigde) luchtreinigingsfilters in de houders in het frontpaneel.De nieuwe luchtreinigingsfilters passen zowel op de linker als op de rechter houder.• Gebruik bij vervanging van vervuilde filters de volgende componenten (los verkrijgbaar):- Polyphenol Catechin Air Cleaning Filter UTR-FA16- Geurfilter UTR-FA16-24. Bevestig de luchtfilters en sluit het inlaatrooster (zie pag. 25).26Houders voor de luchtreinigingsfiltersLuchtreinigingsfilters Houders voor luchtreinigingsfilters Luchtreinigingsfilter Haakjes (7 plaatsen)Haakjes (7 plaatsen)

Over het luchtreinigingsfilterLuchtreinigingsfilters werken optimaal als de luchtsnelheid op “High” staat.Polyphenol Catechin Air Cleaning Filter (één laag)• De luchtreinigingsfilters zijn wegwerpfilters. (Ze kunnen niet worden gewassen en hergebruikt.)• Gebruik de filters zo snel mogelijk na het openen van de verpakking. (Het reinigend vermogen neemt af, als de filters in geopende verpakking worden bewaard.)• Normaal gesproken moeten de filters ongeveer eens per drie maanden worden vervangen.• Gebruik van kwaliteitsfilters (UTR-FA16; los verkrijgbaar) wordt sterk aanbevolen.Geurfilter (één laag - lichtblauw)• Voor een goede werking moeten de geurfilters ongeveer om de drie jaar worden vervangen.

• Gebruik van kwaliteitsfilters (UTR-FA16-2; los verkrijgbaar) wordt sterk aanbevolen.Onderhoud van het geurfilter• Voor een goede werking is het nodig het geurfilter om de drie maanden schoon te maken:- verwijder het geurfilter- spoel de filters goed af in heet water met een zacht, neutraal wasmiddel. (Nooit wrijven of schrobben, dat heeft een nadelige invloed op de werking.)• Naspoelen met schoon water• In de schaduw laten drogen.Filter vervangings indicatie• Kan alleen worden gebruikt als deze tijdens de installatie correct is ingesteld. Raadpleeg een erkend service monteur als u deze functie wilt gaan gebruiken.• Het ENERGIE besparingslampje gaat knipperen als het tijd is om de luchtfilters te reinigen.• Reinig de luchtfilters als beschreven op pag. 24. • Druk na het reinigen korter dan 2 seconden op de MANUAL AUTO toets van de binnenunit(zie ook pag.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Fuji Electric ASYG7LUCA stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden