Fini Siltek 130S Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Fini Siltek 130S (92 pagina’s), behorend tot de categorie Compressor. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 12 mensen en kreeg gemiddeld 4.9 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over Fini Siltek 130S of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Fini |
| Categorie: | Compressor |
| Model: | Siltek 130S |
Handleiding Fini Siltek 130S – volledige tekst
32NLAlle gebruikers dienen alle informatie in deze handleiding voor de eigenaar te lezen en helemaal te begrijpen alvorens de luchtcompressor te assembleren, te bedienen of onderhoudswerkzaamheden erop uit te voeren. Neem de volgende regels voor veilige bediening zorgvuldig door en zorg ervoor dat u alle waarschuwingen begrijpt. 1. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTENDit symbool geeft de waarschuwingen aan die aandachtig gelezen moeten worden alvorens het product te gebruiken, teneinde mogelijk letsel van de gebruiker te voorkomen. Perslucht is een potentieel gevaarlijke vorm van energie. Het is dan ook nodig om extreme voorzichtigheid te betrachten bij het gebruik van de compressor en de accessoires. Attentie: de compressor kan in geval van black-out en daaropvolgend herstel van de spanning weer van start gaan.
De akoestische drukwaarde gemeten op 4 m, gemeten in het vrije veld, is gelijk aan de potentiele akoestische waarde aangegeven op het label dat is geplaatst op de compressor, waarvan dan 20 dB wordt afgetrokken. WAAR U OP MOET LETTEN ● De compressor moet in geschikte omgevingen worden gebruikt (goed geventileerd, omgevingstemperatuur +5°C tot +40°C) en nooit bij aanwezigheid van stof, zuren, dampen, explosieve of ontvlambare gassen. ● Houd altijd een veiligheidsafstand van minstens 4 meter tussen de compressor en het werkgebied aan. ● Eventuele verkleuringen die verschijnen op de riembeschermers van de compressor (voor de modellen die hiervan voorzien zijn) tijdens lakspuiten, wijzen op een te geringe afstand. ● Steek de stekker van de stroomkabel in een qua vorm, spanning en frequentie geschikt stopcontact dat voldoet aan de geldende voorschriften.
● Gebruik voor de stroomkabel verlengsnoeren met een lengte van hoogstens 5 meter en met een kabeldoorsnede van niet minder dan 1. 5 mm². ● Men raadt het gebruik van verlengsnoeren met een andere lengte, alsmede adapters en meervoudige stekkerdozen af.
● Als de stroomabel beschadigd is, moet deze worden vervangen door de fabrikant of zijn technische dienst of in elk geval door een persoon met gelijkaardige kwalicaties, om elk risico te vermijden. ● Gebruik uitsluitend de AAN/UIT-schakelaar om de compressor uit te schakelen. ● Gebruik uitsluitend de handgreep om de compressor te verplaatsen. ● Koppel de stroomkabel en de luchtslang altijd los van de luchtcompressor alvorens hem te vervoeren. ● De werkende compressor moet op een stabiele, horizontale ondergrond. ● Gebruik de compressor alleen in horizontale stand, waarbij op de wielen en rubber steunen staat. WAT U NIET MAG DOEN ● Richt de luchtstroom nooit op mensen, dieren of op het eigen lichaam (Gebruik een beschermbril om de ogen tegen vreemde voorwerpen die door de luchtstroom worden verplaatst te beschermen).
● Richt vloeistoffen die door op de compressor aangesloten gereedschappen worden gespoten nooit op de compressor zelf. ● Gebruik het apparaat nooit met blote voeten of vochtige handen of voeten. ● Trek nooit aan de stroomkabel om de stekker uit het stopcontact te trekken of om de compressor te verplaatsen. ● Het apparaat mag niet blootgesteld aan weersinvloeden (regen, zon, mist, sneeuw). ● Vervoer de compressor niet met de ketel onder druk. ● Voer op de ketel geen lassen of mechanische bewerkingen uit. In geval van defecten of corrosie moet de ketel vervangen worden. ● Zorg ervoor dat de compressor niet door onervaren personeel wordt gebruikt. Houd kinderen en dieren uit de buurt van het werkgebied.
● Het apparaat is niet bestemd om gebruikt te worden door personen (inclusief kinderen) wiens lichamelijk, sensoriele of mentale vermogen verminderd is of die geen ervaring of kennis hebben van het apparaat, tenzij zij geholpen worden door een persoon die over hun veiligheid waakt en voor toezicht zorgt of instructies geeft over het gebruik van het apparaat.
● Kinderen moeten onder toezicht staan om ervoor te zorgen dat ze niet met het apparaat spelen. ● Plaats geen ontvlambare voorwerpen of voorwerpen van Nylon® of stof in de buurt en/of op de compressor. ● Reinig de machine niet met ontvlambare vloeistoffen of oplosmiddelen. Gebruik uitsluitend een vochtige doek en controleer of de stekker uit het stopcontact is verwijderd. ● Het gebruik van de compressor is strikt beperkt tot de compressie van lucht. Gebruik de compressor niet voor andere gassoorten. ● De door het apparaat geproduceerde perslucht is zonder speciale behandelingen niet bruikbaar voor toepassingen op farmaceutisch, voedings- of gezondheidsgebied en mag niet gebruikt worden voor het vullen van zuurstofessen voor duikers. ● Raak om ernstige brandwonden te voorkomen nooit de onderdelen van de cilinderkop of de leidingen aan tijdens of onmiddellijk na de bediening.
● Besteed aandacht aan de werkzaamheden die worden uitgevoerd. Gebruik uw gezond verstand. Ga nooit op de compressor staan. Laat de compressor nooit onbewaakt werken. ● De compressor niet aan de telescopische hendel (referentie L) oppakken. Deze hendel moet alleen gebruikt worden om het apparaat mee te trekken. WAT U MOET WETEN ● Om oververhitting van de elektrische motor te voorkomen werd deze compressor voor intermitterende werking ontworpen (werk nooit aan meer dan een 50% bedrijfscyclus. Als deze luchtcompressor meer dan 50% van een uur lucht pompt, dan bedraagt het vermogen van de compressor minder dan de luchtuitstroming die door de toepassing vereist wordt. Pas altijd de vereisten van luchtvolume van het hulpstuk of de accessoire aan de luchtvolume-uitstroming van de compressor aan).
● Wanneer de compressor op een stroomgenerator aangesloten is en de drukschakelaar in de stand “ON” (Aan) staat, zal de compressor automatisch de cylcus uitvoeren. – Raak nooit onderdelen in beweging aan. – Houd alle lichaamsdelen, haar, kleding en juwelen ver van onderdelen in beweging. – Bedien de luchtcompressor niet wanneer alle schermkappen en beschermende afdekkingen niet op hun plaats staan. – Ga nooit op de compressor staan. ● De compressor is uitgerust met een veiligheidsventiel dat ingeschakeld wordt bij slechte werking van de drukschakelaar om de machineveiligheid te garanderen. ● Tijdens het aansluiten van een pneumatisch gereedschap op een buis met perslucht die door de compressor wordt geleverd, moet de luchtstroom die uit deze buis komt absoluut afgesloten zijn.
● Het gebruik van perslucht voor de verschillende toepassingen die mogelijk zijn (opblazen, pneumatische gereedschappen, lakspuiten, wassen met reinigingsmiddelen uitsluitend op waterbasis enz. ) veronderstelt kennis en inachtneming van de voorschriften die voor de afzonderlijke gevallen gelden. ● Overschrijd nooit de toegestane maximumdruk, aanbevolen door de fabrikant, van een hulpstuk of een accessoire dat u samen met de compressor gebruikt. ● Controleer of het luchtgebruik en de maximale bedrijfsdruk van het te gebruiken luchtdrukgereedschap en verbindingsleidingen (met de compressor) geschikt zijn voor de op de drukregelaar ingestelde druk en met de hoeveelheid door de compressor geleverde lucht. ● De prestaties van de compressor worden gegarandeerd voor een werking tussen 0 en 1000 meter boven zeeniveau. Bewaar deze handleiding voor toekomstige raadplegingNL.
NL332. KENMERKEN (Afb. 1)A. Drukschakelaar (AAN/UIT): De drukschakelaar is het activeringsmechanisme dat gebruikt wordt om de compressor te starten en stil te leggen. Wanneer de schakelaar op “On” staat, drukken de motor en de pomp lucht samen totdat de reservoirdruk de bovenlimiet van de in de fabriek ingestelde bedrijfsdruk bereikt. Wanneer de reservoirdruk minder bedraagt dan de in de fabriek ingestelde “inschakel”druk, begint de compressor automatisch opnieuw lucht samen te drukken. B. Geregelde drukmeter: De geregelde drukmeter geeft de hoeveelheid druk aan die in de afvoerlijn toegestaan is volgens de instelling van de regelinrichting. C. Regelknop: De regelknop wordt gebruikt om de luchtdruk die in de afvoerlijn toegestaan is in te stellen. De afvoerluchtdruk verhoogt als de knop in wijzerzin gedraaid wordt en verlaagt als de knop in tegenwijzerzin gedraaid wordt. D.
Aftapklep: Kogelklep die vocht uit het reservoir afvoert wanneer hij geopend wordt. E. Snelkoppeling: De snelkoppeling wordt gebruikt om de luchtleiding op uw gereedschap te sluiten. F. Veiligheidsventiel: Het veiligheidsventiel wordt ingesteld over overmatige onderdrukzetting van de luchtreservoirs te voorkomen. Dit ventiel wordt in de fabriek afgesteld en werkt eerst als de reservoirdruk deze druk bereikt. Tracht niet deze veiligheidsinrichting te verstellen of te elimineren. Elke aanpassing van dit ventiel kan ernstig letsel veroorzaken. Raadpleeg een bevoegd servicecentrum als het nodig is de inrichting te controleren of onderhoudswerkzaamheden erop uit te voeren. G. Transportgreep. H. Steunvoetje. I. Aanzuigluchtlter. J. Manometer: Keteldruk kan worden afgelezen. K. Wiel. L. Telescopisch handvat. 3.
Wij geven geen garantie indien het gereedschap in ambachtelijke of industriële bedrijven alsmede bij gelijk te stellen activiteiten wordt gebruikt. De machine mag slechts voor werkzaamheden worden gebruikt waarvoor ze bedoeld is. Elk ander verder gaand gebruik is niet reglementair. Voor daaruit voortvloeiende schade of verwondingen van welke aard dan ook is de gebruiker/bediener, niet de fabrikant, aansprakelijk. 4. NETAANSLUITINGDe compressor is voorzien van een netkabel met veiligheidsstekker. Steek de stekker van de stroomkabel in een qua vorm, spanning en frequentie geschikt stopcontact dat voldoet aan de geldende voorschriften. Alvorens het apparaat in gebruik te nemen dient u er zich van te vergewissen dat de netspanning overeenkomt met de bedrijfsspanning vermeld op het kenplaatje van het apparaat. Verzeker u ervan dat de AAN/UIT-schakelaar niet in de stand I (AAN) staat.
Lange toevoerleidingen alsmede verlengkabels, kabeltrommels enz. leiden tot spanningsverlies en kunnen het starten van de motor beletten. Bij temperaturen onder +5°C start de motor eventueel moeilijk ten gevolge van stroefheid. 5. PROCEDURES VÓÓR DE START ● Controleer het toestel op transportschade. Eventuële schade onmiddellijk aangeven aan de vervoeronderneming waarmee de compressor werd geleverd. ● Controleer of de reservoirs afgetapt werden en geen vocht of vuil bevatten. ● De compressor dient nabij de verbruikers te worden geïnstalleerd. ● Vermijd lange luchtkabels en toevoerleidingen (verlengingen). ● Let op droge en stofvrije aanzuiglucht. ● De compressor niet in een vochtige of natte ruimte installeren. ● De compressor mag slechts in gepaste ruimten (goed geventileerd, omgevingstemperatuur +5°C - +40°C) worden gebruikt.
In de ruimte mogen geen stof, zuren, dampen, explosieve of ontvlambare gassen zijn. ● De compressor is geschikt voor gebruik in droge ruimten. Hij mag niet worden gebruikt in zones waarin met spatwater wordt gewerkt.
● Vóór inbedrijfstelling dient het oliepeil in de compressorpomp te worden gecontroleerd. 5. 1 Montage van de luchtlterVerwijder de transportstop met een schroevendraaier of iets dergelijks en schroef de luchtlter (ref. I) op het apparaat vast (Fig. 2a-2b). Breng de aanzuigslang, indien voorzien, in het deksel van de lter (Fig. 2c). 6. VERVOER – Trek de telescopische handgreep naar buiten tot hij vastklikt (Afb. 4). Opgelet. De telescopische handgreep dient enkel om het apparaat vooruit te trekken (Afb. 5). Hef het apparaat NIET op bij deze handgreep. – Om de handgreep in te schuiven, duwt u er aanvankelijk op om hem te ontgrendelen en dan schuift u de handgreepstangen in tot aan de aanslag (Afb. 4). Waarschuwing. Het apparaat moet door twee personen worden opgetild. Probeer de compressor niet in uw eentje op te tillen.
Om de compressor op te tillen, moet u met twee zijn dus laat iemand helpen. De compressor moet worden opgetild door hem vast te nemen bij de handvaten M en N (Afb. 6). 7. GEBRUIKSAANWIJZINGEN7. 1 AAN/UIT-schakelaar (Fig. 7-8)De compressor wordt aangezet door de knop (ref. A) in positie I te trekken (AAN). De compressor wordt uitgezet door de knop (ref. A) in positie O te drukken (UIT). 7. 2 Drukafstelling ● Met de drukregelaar (ref. C) kan de druk op de manometer (ref. B) worden afgesteld. ● De afgestelde druk kan op de snelkoppeling (ref. E) worden ontnomen. 7. 3 Afstelling van de drukschakelaarDe drukschakelaar werd door de fabriek afgesteld. ● Zodra de bovenste afstelwaarde wordt bereikt (ingesteld door de constructeur tijdens de keuringsfase), stopt de compressor. Bij gebruik van lucht start de compressor automatisch op wanneer de onderste afstelwaarde wordt bereikt.
34NL10. MOGELIJKE STORINGEN EN TOEGESTANE REMEDIESAantekening: Koppel de energiebron los en laat de aftapreservoirdruk af alvorens reparaties of aanpassingen uit te voeren. Storing Oorzaak RemedieDe compressor stopt en start na enkele minuten weer zelfstandig op. Ingreep van de thermische beveiliging i. v. m. oververhitting van de motor. Compressor laten afkoelen. Lucht de werkruimte. De compressor stopt na enkele startpogingen. Ingreep van de thermische beveiliging i. v. m. oververhitting van de motor (verwijdering stekker tijdens bedrijf, lage voedingsspanning). Bedien de stopschakelaar. Lucht de werkruimte. Wacht enkele minuten en de compressor zal zelfstandig weer opstarten. De compressor stopt niet en de veiligheidsklep grijpt in. Abnormale werking van de compressor of slechte werking van de pressostaat. Neem de stekker uit en breng het apparaat naar het servicecentrum.
Alle overige werkzaamheden moeten door de erkende Servicecentra worden uitgevoerd, waarbij originele onderdelen gebruikt moeten worden. Zelfstandig de machine proberen te repareren kan de veiligheid in gevaar brengen en maakt sowieso de garantie ongeldig. Garantie en reparatie. In geval van goederen met defecten of als reservedelen nodig zijn, dient u contact op te nemen met het verkooppunt waar u het toestel gekocht heeft. 8. SCHOONMAKEN EN ONDERHOUDEN Let op. Trek vóór alle schoonmaak- en onderhoudswerkzaamheid de netstekker uit het stopcontact. Let op. Wacht tot de compressor helemaal is afgekoeld. Gevaar om brandwonden op te lopen. Let op. Vóór alle schoonmaak- en onderhoudswerkzaamheden dient de ketel drukloos te worden gemaakt. 8. 1 Reiniging ● Hou de veiligheidsinrichtingen zo veel mogelijk vrij van stof en vuil.
Wrijf het apparaat met een schone doek af of blaas het met perslucht bij lage druk schoon. ● Het is aan te bevelen het apparaat direct na elk gebruik schoon te maken.
● Gebruik geen reinigings- of oplosmiddelen; die zouden de kunststofcomponenten van het apparaat kunnen aantasten. Zorg ervoor dat geen water binnen in het apparaat terechtkomt. ● Slang en spuitgereedschap moeten vóór de schoonmaakbeurt van de compressor worden gescheiden. De compressor mag niet met water, oplosmiddelen of iets dergelijks schoon worden gemaakt. 8. 2 AftapreservoirHet condenswater dient elke dag afgetapt te worden, open daarvoor de aftapklep (ref. D) (op de bodem van het drukvat) (Afb. 3). 1. Controleer of de compressor uitstaat (Off). 2. Pak de compressor bij het handvat en zet hem dan schuin, zodat de afvoerkraan zich in de laagste positie bevindt. 3. Open de afvoerkraan. 4. Houd de compressor in de schuine stand totdat al het condenswater uit het reservoir is gelopen. 5. Sluit de afvoerkraan. Let op.
Ontdoet u zich van het condenswater op een milieuvriendelijke manier en deponeer het op een overeenkomstige inzamelplaats. 8. 3 Veiligheidsklep (ref. F)De veiligheidsklep is afgesteld op de maximaal toegestane druk van de druktank. Het is niet toelaatbaar de veiligheidsklep te verstellen. Om te verzekeren dat de veiligheidsklep, indien nodig, naar behoren werkt, dient u de klep van tijd tot tijd in werking te stellen. Draai de ringmoer helemaal los. Trek vervolgens hard genoeg aan de ringmoer tot u perslucht hoort ontsnappen (Afb. 9). Laat de ringmoer daarna los en schroef hem weer vast. Houd de veiligheidsklep en het gebied eromheen altijd schoon en vrij van obstakels. 8. 4 Opbergen Let op. Trek de netstekker uit het stopcontact, ontlucht het apparaat en alle aangesloten pneumatische gereedschappen en tap de condens af.
Berg de compressor op zodat hij niet door onbevoegden in werking kan worden gesteld. Let op. De compressor alleen in een droge en voor onbevoegden ontoegankelijke omgeving opbergen. Niet kantelen, alleen recht staand opbergen. Opgelet. Laat de tank altijd leeglopen voordat u de compressor in verticale positie opbergt. 9.
AFVALBEHEER EN RECYCLAGE Op grond van de Richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (AEEA). Het symbool van een doorgekruist vuilnisvat op een apparaat of de verpakking daarvan geeft aan dat het product aan het einde van zijn leven gescheiden van het overige afval moet worden verwerkt. De gebruiker moet het apparaat aan het einde van de levensduur hiervan dus aeveren aan geschikte afvalverwerkingscentra voor elektrische en elektronische apparaten, of teruggeven aan de verkoper waar op dat moment een nieuw gelijkwaardig apparaat wordt gekocht: voor elk aangekocht apparaat één gelijkwaardig afgedankt exemplaar. Het op de juiste wijze scheiden, verzamelen en verwerken van afgedankte apparaten, rekening houdend met het milieu, voorkomt negatieve gevolgen op het milieu en de gezondheid.
Bovendien draagt het bij tot hergebruik van de materialen waaruit de apparaten bestaan. Het op illegale wijze afdanken van het product door de gebruiker zal leiden tot administratieve sancties volgens de van kracht zijnde wetgeving.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Fini Siltek 130S stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Compressor Fini
Handleiding Compressor
Nieuwste handleidingen voor Compressor