Ferroli EnergyTop B250 Handleiding

Ferroli CV Ketel EnergyTop B250

Bekijk gratis de handleiding van Ferroli EnergyTop B250 (38 pagina’s), behorend tot de categorie CV Ketel. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 27 mensen en kreeg gemiddeld 4.8 sterren uit 8 reviews. Heb je een vraag over Ferroli EnergyTop B250 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/38
EnergyTop B80
EnergyTop B125
EnergyTop B160
EnergyTop B250
Gebruikersinstructie
Mont agehandleiding
Onderhoudsvoorschrif ten
cod. 3540S730

Beoordeel deze handleiding

4.8/5 (8 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Ferroli
Categorie: CV Ketel
Model: EnergyTop B250

Handleiding Ferroli EnergyTop B250 – volledige tekst

Wij behouden ons het recht voor om wijzigingen / verbeteringen aan het product en bijgevoegde informatie aan te brengen zonder voor-afgaande kennisgeving. Op www.ferroli.nl staat de meest actuele versie van deze handleiding, die alle eerdere versies vervangt.Uiteraard is de inhoud van de nieuwere versie van deze handleiding te gebruiken in plaats van de eerder gepubliceerde versies.Deze gebruikershandleiding is met grote zorg samengesteld.

Ondanks deze zorg kan Ferroli Nederland geen verantwoordelijkheidaccepteren voor fouten in deze handleiding of voor de gevolgen van zulke fouten.Documentnummer: DRS9084 versie: 1 datum: november 2010Ferroli NederlandPostbus 3364, 4800 DJ BredaKonijnenberg 24, 4825 BD BredaInternet: www.ferroli.nle-mail: [email protected] - 5 725 740(storingen melden bij uw installateur)Geachte installateur,Op bladzijde 4 en 5 wordt uitleg gegeven aan de gebruiker van het toestel.Het tweede deel van deze handleiding is een montagehandleiding, die tevens een storingsanalyse en uitleg over dewerking van het toestel bevat.De montagehandleiding biedt u een handzame hulp bij het installeren van het toestel.Montage-instructieIn deze instructie wordt aangegeven hoe het toestel gemonteerd en in bedrijf gesteld wordt.Onderhoud, storingen en serviceRaadpleeg dit hoofdstuk bij onderhoudsbeurten en storingen.Werking en technische gegevensIn dit hoofdstuk wordt in het kort uitleg gegeven over de werking van het toestel.Tevens vindt u hier de technische gegevens en het elektrisch aansluitschema.AansprakelijkheidFerroli Nederland kan niet aansprakelijk worden gesteld voor persoonlijk letsel en/of materiële schade die ontstaan isdoor het niet naleven van deze handleiding.Dit toestel voldoet aan de strenge Europeseveiligheidsnormen.

4EnergyTop B80 / EnergyTop B125 / EnergyTop B160 / EnergyTop B250• Lees de waarschuwingen in deze handleidingzorgvuldig. Zij geven informatie over een veilige installatie,gebruik en onderhoud. • Als de ketel slecht of niet functioneert, schakelde ketel uit, doe geen poging om het terepareren. Neem contact op met uwinstallateur. • Controleer , na het verwijderen van de verp ak-king, de inhoud. Houd materialen van deverpakking buiten bereik van kinderen omgevaar te voorkomen. • Deze handleiding is een integraal deel van deketel en moet zorgvuldig door de gebruikerworden bewaard. • Als de ketel of wordt verkocht of van eigenaarwisselt, moet de handleiding valtijd bij hettoestel blijven, zodat het door de nieuweeigenaar en/of de installateur kan wordengeraadpleegd.

• De installatie en het periodiek onderhoud /inspectie moeten door professioneel gekwalifi-ceerd personeel, volgens huidige verordenin-gen, deze instructies van de fabrikant enSCIOS-richtlijnen gebeuren. • Onjuiste installatie of slecht onderhoud kanschade of fysieke verwonding veroorzaken. De fabrikant is niet verantwoordelijk voorschade die wordt veroorzaakt door fouten inde installatie en of gebruik. Dit geldt ook indien de instructies van defabrikant niet worden gevolgd. • Alvorens de ketel te openen voor onderhouds-werkzaamheden, dient deze spanningsloos teworden gemaakt middels:A: het uitschakelen van de ketel. B: de stekker uit het stopcontact te nemen(230V spanning). • Elke reparatie of vervanging van onderdelenmoet door gekwalificeerd personeel wordenuitgevoerd. Enkel originele onderdelen mogenworden gebruikt.

Het niet voldoen aan bovengenoemde kan deveiligheid nadelig beïnvloeden. • Deze ketel moet slechts voor het doel wordengebruikt waarvoor deze is ontworpen: verwar-men van een cv-installatie. Een ander gebruik wordt beschouwd alsongewenst en daarom gevaarlijk. • Gebruik in het geval van twijfel de ketel niet enwaarschuw de leverancier.

• De figuren die in dit handboek worden getoondzijn een vereenvoudigde weergave van hetproduct c. q. het component. De afbeeldingen kunnen licht verschillen t. o. v. het geleverde product. Uitleg van gebruikte symbolenWaarschuwingGevaar voor elektrische stroom. WaarschuwingIn de tekst achter dit symbool wordt aangegevenwaarvoor gewaarschuwd wordt. Advies / tips / belangrijke informatieIn de tekst achter dit symbool worden adviezenof tips gegeven. StoringenBij een storing:bel uw installateur of onderhoudsbedrijf. Toesteltype: Energy TOP type BTelefoonnummer installateur of onderhoudsbedrijf:Geachte heer / mevrouw,Gefeliciteerd met uw nieuwe HR-toestel. Dit toestel geeft unaast een hoog comfort een laag energieverbruik: gunstigvoor u en voor het milieu.

EnergyTop B80 / B250 is een HR-ketel met een hoogrendement, lage emissies, premix brander en eencondenserende wisselaar voor het verwarmen van CV-water, geschikt voor aardgas (G25) en uitgerust met eenmicro-processorcontrole systeem. De HR-ketel is zeergeschikt om in een cascade opstelling te werken. DeEnergyTop B80 en B125 hebben beide 1 wisselaar en 1brander. De EnergyTop B160 en B250 hebben beide 2wisselaars en 2 branders. Mogelijk zijn meerderetoestellen gekoppeld. InstallatieHet toestel dient door een erkende installateur geïnstalleerd,in bedrijf gesteld en onderhouden te worden. OnderhoudDit toestel heeft minimaal een keer per 1 jaar eenonderhoudsbeurt nodig. Neem hiervoor contact op metuw installateur of onderhoudsbedrijf. Zie hoofdstuk 6 voormeer informatie.

5EnergyTop B80 / EnergyTop B125 / EnergyTop B160 / EnergyTop B2502. IN- EN UITSCHAKELENInschakelen van de ketel1. Zet de gaskranen open (ook die in het toestel). 2. Schakel het toestel onder 230V spanning. 3. Druk de aan/- uit toets in (als deze nog niet oplicht). Figuur 2. 1 Inschakelen ketel• Na inschakelen van de ketel zal de volgende 120seconden de display FH aangeven, ventilatie voorspoel-cyclus. • Tijdens de eerste 10 seconden toont het display ook desoftware versie van:A= de versie van de display softwareB= de softwareversie van de regeling ketel 1 (zie positiepunt in display)C= de softwareversie van de regeling ketel 2 (alleen bijEnergyTop 160-250)• W anneer FH verdwijnt van de display, is de ketel gereedom automatisch in het geval van warmtevraag bijv. vande kamerthermostaat te functioneren. Uit bedrijfstellen van de ketel (standby)1. Druk de toets 5 seconden in. Figuur 2.

2 Uit bedrijfstellen ketelWanneer de ketel uit bedrijf is geschakeld, wordt deelektronica nog van stroom voorzien (standby-stand). Warmwater bedrijf (indien optioneel een warmwatertankis aangebracht) en CV bedrijf zijn uitgeschakeld. De vorst beveiliging van de ketel blijft actief (5°C). Om de ketel weer in te schakelen, druk de toetsopnieuw 5 seconden in. Figuur 2. 3De ketel zal onmiddellijk in werking treden wanneerwarmwater vraag (optioneel, indien de boiler is geïn-stalleerd) of CV-warmte vraag door b. v. kamer-thermostaat wordt gevraagd. Om de ketel spanningsloos te maken, druk de aan-uitschakelaar (nummer 14 - fig 3. 1) in. Hierbij staat de voedingsaansluiting van de ketel nogwel onder spanning. Trek voor volledig spanningsloosmaken de stekker van het toestel uit het stopcontact. De vorstbescherming werkt niet wanneer deketel spanningsloos en/of het gas naar de ketelis afgesloten.

Om vorstschade door bevriezen tijdens de langewinter periode te voorkomen, is het raadzaamom het water van de ketel, en het warmwatersysteem af te tappen; of tap alleen het warm-water systeem af en voeg een geschikt anti-vriesmiddel aan het verwarmingssysteem toe. Raadpleeg Ferroli Nederland voor informatie.

6EnergyTop B80 / EnergyTop B125 / EnergyTop B160 / EnergyTop B250Figuur 3. 3 Foutcode F37Zodra de waterdruk weer hersteld is, activeert deketel de 120 seconden durende ontluchtings-cyclus. Op het display verschijnt dan de code FH. 3. BEDIENING EN INSTELLINGEN1. Boiler-temperatuurinstelling min-druktoets(optioneel als boiler is geïnstalleerd)2. Boiler-temperatuurinstelling plus-druktoets(optioneel als boiler is geïnstalleerd)3. CV-temperatuurinstelling min-druktoets. 4. CV-temperatuurinstelling plus-druktoets. 5. Display6. Zomer / winterstand keuzetoets. 7. Economy / Confortstand keuzetoets. (Indien een boiler is geïnstalleerd)8. Resettoets9. Warmwater in bedrijf(optioneel wanneer een boiler is geïnstalleerd). 10. Zomerstand actief (zie ook nr. 6)11. Waarde van de uitlezingFiguur 3. 1 Bedieningspaneel.

De controle-unit is aande binnenzijde van hettoestel bevestigd,bereikbaar door dedeur te openen met despeciale sleutel. 12. Economystand actief, zie ook nr. 7. (is optioneel wanneer een boiler is geïnstalleerd). 14. Aan- / uitschakelaar15. Brander aan16. Timer afstandbediening of Opentherm aansluitingactief (optioneel)17. Informatiesymbool18. Aanwijzing ketel 1 in bedrijf19. Resetvraag ketel 120. Storing / fout21. Circulatiepomp aan22. Zichtbaar bij aangesloten buitenvoeler (optioneel)23. Ketel uit24. Aanwijzing ketel 2 in bedrijf25. Reset vraag ketel 2 (alleen bij EnergyTop B160-250)De uitlezing, aanwijzing tijdens bedrijfCV-vraag, incl. aanzetten van de pomp, kan wordengegenereerd door middel van een OpenTherm-thermostaat, een aan/uit-thermostaat of een 0-10 Vdcsignaal of de eigen W A-regeling. Als cv-bedrijf actief is, zijnhet radiator en pompsymbool zichtbaar (zie figuur 3. 2).

Het pijltje geeft aan welke brander in bedrijf is (vantoepassing bij een B160 of B250) (nr. 18 en/of 24 - fig. 3. 1)Na cv-vraag geeft het display de actueleaanvoertemperatuur weer met een "d". (zie figuur 3. 2)Figuur 3.

7EnergyTop B80 / EnergyTop B125 / EnergyTop B160 / EnergyTop B250Instellen van de ruimtetemperatuur (met eenoptionele thermostaat)De gewenste ruimtetemperatuur wordt met de kamer-thermostaat ingesteld. Instellen van de ruimtetemperatuur(met een optionele klokthermostaat)De gewenste ruimtetemperatuur wordt met de klok-thermostaat ingesteld. De ketel regelt het centrale verwar-ming systeem afhankelijk van de gevraagde warmtebehoefte op de gewenste tijd. Voor informatie over deze regeling wordt u verwezen naarde gebruikershandleiding van de thermostaat. Omschakeling van zomer- / winterstand1. Druk toets 1 seconde lang in. Figuur 3. 4 Zomer-/winterstandOp het display licht het symbool op. CV bedrijf is nu niet meer mogelijk. De warmwater bereiding blijft actief (optioneel, indieneen boiler is geïnstalleerd. ). De vorst beveiliging blijft ingeschakeld.

Voor het uitschakelen van de Zomerstand, druk de toets1 seconde lang in. CV-aanvoertemperatuurinstellingFiguur 3. 5 CV-aanvoertemperatuurBedien de (linker) temperatuurinstellingstoetsenen voor het instellen van de temperatuur met eenminimum van 20°C tot maximaal van 90°C. Warmwater aanvoertemperatuurinstelling(optioneel, indien een boiler is geïnstalleerd)Figuur 3. 6 Warmwater-aanvoertemperatuurBedien de (rechter) temperatuurinstellingstoetsenen voor het instellen van de temperatuur met eenminimum van 10°C tot maximaal van 65°C. Als warmwater bedrijf actief is, zijn het pomp en tapkraan-symbool zichtbaar (zie figuur 3. 7), incl de de actuele boilertemperatuur. Bij wachttijd na boilerverwarming ziet u een“d". Het pijltje geeft aan welke brander in bedrijf is (vantoepassing van een B160 of B250) (18 en/of 24 - fig. 2. 1). Figuur 3.

In ECO stand geeft de display hetsymbool. Om de COMFORT stand te activeren, drukde toets opnieuw in. Warmwater bedrijf(optioneel, indien een boiler is geïnstalleerd)Bij warmwater vraag van een boiler wordt de circulatiepompingeschakeld en de driewegklep (optioneel) omgeschakeldvoor warmwater bedrijf. Algemene instellingenBij het installeren van een buitentemperatuurvoeler(optioneel) geeft het display het symbool weer. Hetketelsysteem functioneert dan met een weersafhankelijkestooklijn. De buitentemperatuur regelt de gewenstetemperatuur van het ketelwater. Zie op blz. 8 voor de stooklijnen, in figuur 3. 9. U kunt de maximale aanvoertemperatuur aanpassen doorop de (rechter) toetsen te drukken. enAanbeveling is om een maximale waarde in te stellen ombinnen het bereik en werkzame gebied van de weersaf-hankelijke regeling te blijven, om zo de regeling optimaal tekunnen laten functioneren.

8EnergyTop B80 / EnergyTop B125 / EnergyTop B160 / EnergyTop B250Figuur 3. 8 Stooklijn instellenDruk de toets 5 seconden in om de actueleinstelling te tonen. De ingestelde waarde kan menveranderen met de (rechter) toetsen en vande warmwaterinstelling. De gewenste instelling volgenscurve (fig. 3. 9) kan ingesteld worden van 1 tot 10. Door de gewenste instelling op 0 in te stellen, wordt deweersafhankelijke regeling buiten gebruik gesteld. Figuur 3. 10 Parallel verschuiving voetpunt / offsetDoor de (linker) toetsen en voor de CV-Figuur 3. 9 Stooklijn-instellingParallel verschuiving voetpunt / offsetFiguur 3. 11 Voorbeeld van parallel verschuiving van het voetpuntWanneer de ketel met een thermostaat isaangesloten (optioneel), dan worden de bovenbeschreven regelingen en instellingen volgenstabel 1 gerealiseerd. Druk de toets nogmaals 5 seconden in om hetprogramma van het voetpunt te verlaten.

Ligt de kamertemperatuur onder de vereiste temperatuur,dan is het aan te bevelen om een hoger niveau in testellen en omgekeerd met een hogere temperatuur dande gevraagde temperatuur. De vorstbeveiliging van de ketel blijft actief (5°C). temperatuur-instelling gelijktijdig te bedienen kan deparallelverschuiving van de stooklijn worden geactiveerd(fig. 3. 11) offset verstelling (voetpunt). Door de (rechter) toetsen en van de warm-water-instelling te bedienen kan de instelling (offset)worden veranderd. Tabel 1Instelling maximaal cv-aanvoer-temperatuurInstelling tapwater-temperatuur(optioneel indien boiler is geïnstalleerd)Zomer/Winter omschakelingInstelling Eco /Comfort standInstelling stooklijn weersafhankelijkeregelingKan evt. worden ingesteld met de OpenTherm-kamerthermostaat en op hetdisplay van de ketel. Kan evt.

Wanneer de warmwater voorziening in het menu van de openTherm kamer-thermostaat is uitgezet, schakelt de ketel standaard in de comfort stand. Indeze fase is ook de toets op de display buiten gebruik. Wanneer de warmwater vooziening in het menu van de kamerthermostaat isgeactiveerd, schakelt de ketel in de comfort stand. In deze fase kan men metde toets op de display een selectie maken. Zowel de kamerthermostaat als de display selectie zijn actief voor de selectievan de stooklijn instelling. De selectie op de display heeft voorrang en isleidend voor de instelling van de stooklijn. Stooklijn instelling en verstelling (compensatiecurve en verplaatsen van de curven).

(regeling brander)P24 Instelling laagste uitschakeldruk cv-druksensor. - -. - - (niet instellen). P25 Niet van toepassing (niet instellen). - -. - -. P26 Niet van toepassing (niet instellen). - -. - -. P27 Niet van toepassing. 00.

P 14 0-10Vdc max. voltage temperatuur-regeling. 100 (Volt/10). P 15 0-10Vdc min. temperatuur-regeling. 20 (oC). P 16 0-10Vdc max. temperatuur-regeling. 90 (oC). P17 0-10Vdc CV-uit output-regeling. 25 (Volt/10). P18 0-10Vdc CV-aan output-regeling. 30 (Volt/10). P 19 0-10Vdc max. voltage output-regeling. 100 (Volt/10). P20 0-10Vdc min. output output-regeling. 0 (%). P 21 0-10Vdc max. output output-regeling. 100 (%). 3. 5 SYSTEEM-menuDruk 10 seconden op de zomer-/ wintertoets. Het SYSTEEM-menu is nu actief. Druk op de LINKER of en doorloop hetSYSTEEM-menu tot de te wijzigen parameter. Wijzig evt. met de RECHTER en de waarde. De ingestelde waarde wordt direct opgeslagenDruk de zomer- /wintertoets in om terug te kerennaar het SYSTEEM-menu. Druk 10 sec. op de zomer- /wintertoets om uit het SYSTEEM-menu te gaan.

11EnergyTop B80 / EnergyTop B125 / EnergyTop B160 / EnergyTop B2504.2 Opstellingen en opstellingsruimteFiguur 4.1 Ruggelingse opstelling4.1 Algemene voorschriftenDe installatie moet door gekwalificeerd personeelworden uitgevoerd met inachtneming van de landelijkeen plaatselijke voorschriften en eisen zoals in degebruikers- en montagehandleiding is voorgeschreven.(o.a. NEN3028)Tevens moet de installatie wordenuitgevoerd volgens de regels van goed vakmanschap.EnergyTop B is een HR-toestel dat geschikt is voorenkel CV-bedrijf of om in een cascade opstellingtoegepast te worden. Waneer twee of meer EnergyTopB in een originele kast van Ferroli zijn ingebouwd endeze vervolgens de geldende cascade voorschriftenzijn gemonteerd kan men dat zien als één enkele ketelmet de som van het totale vermogen van de inge-bouwde ketels.

Er dient aan alle normen eisen enveiligheidsvoorschriften voor dit totale gevraagdevermogen te worden voldaan.4. INSTALLATIE-INSTRUCTIEIn het bijzonder moeten de opstellingsruimte enveiligheidsaspecten zijn gewaarborgd, zoals ook derookgasafvoer en luchttoevoer moeten volgens degezamenlijke som van het vermogen zijn afgestemd.De EnergyTop B is een zelfstandig en onafhankelijkopererende cv-ketel met zijn eigen veiligheidsappara-tuur.

12 EnergyTop B80 / EnergyTop B125 / EnergyTop B160 / EnergyTop B250OpstellingsruimteHet CV-toestel is een gesloten toestel welke door directebuitenluchtaanzuiging luchtonafhankelijk kan functioneren. Het toestel kan in iedere ruimte worden opgesteld. Deopstellingsruimte moet voldoende zijn belucht (geventi-leerd) zodat bij een evt. kleine gaslekkage er geen gevaarbestaat. Deze veiligheidsregels zijn vastgelegd in derichtlijn 90/396/EEG voor cv ketels en de NEN 3028:veiligheidseisen voor centraleverwarmingsinstallaties. Het toestel kan ook worden gebruikt met lucht uit deopstellingsruimte (type B) in dat geval moet deopstellingsruimte voldoende worden geventileerd volgensde geldende voorschriften. De opstellingsruimte moet vrij zijn van stof, brandbarematerialen en corrosieve gassen. Tevens moet de ruimte droog en vorstvrij zijn.

Indien het toestel in een beperkte ruimte wordtingebouwd, moet er rekening worden gehou-den met de minimale vrije ruimte voor hetopenen van de deur aan de voorkant voor hetverrichten van servicewerkzaamheden. De aanzuiging van de verbrandingslucht, dienodig is voor de verbranding, geschied door-middel van roosters in het onder en boven-gedeelte van de module. Controleer of deze luchtpassages op geenenkele wijze belemmerd worden. Figuur 4. 3 LuchtaanzuigingTevens dient een vuilfilter in de retourleidingworden geplaatst om vuil en of bezinksel uit deinstallatie op te vangen om verstopping en ofbeschadiging in de ketel te voorkomen. Het installeren van een filter is absoluutnoodzakelijk bij vervanging van ketels inbestaande installaties.

De fabrikant houdt zich niet aansprakelijk vooreventuele schade aan de ketel die veroorzaaktwordt door het niet of niet goed installeren vaneen dergelijk filter. Watereigenschappen voor het CV waterBij een waterhardheid van meer dan 25° Farenheid (1°F=10 ppm CaCO3) is het noodzakelijk dat het water wordtbehandeld om verkalking van de warmtewisselaar tevoorkomen.

Bij het ontharden mag het niveau niet onderde 15° Farenheid komen (besluit 236/88 voor gebruik vanwater voor menselijke consumptie). Wij maken u er opattent dat ook kleine afzettingen van enkele millimetersdikte vanwege hun lage thermische geleiding een aan-zienlijke verhitting van de spiraal in de ketel teweeg kun-nen brengen met dienovereenkomstig ernstige uitval. Bij grote systemen en regelmatig bij vullen van het cv-systeem is het noodzakelijk onthard water te gebruiken. Ook bij het gedeeltelijk of helemaal leegmaken van hetsysteem is het noodzakelijk bij het vullen onthard water toete passen. Vorstbeveiliging, antivriesmiddel, additieven eninhibitorsDe ketel is uitgerust met een vorstbeveiliging systeemwaarbij de ketel onder de 6°C in bedrijf komt. De vorst-beveiliging is niet actief indien de stroom of gastoevoer isafgesloten.

Indien het toch noodzakelijk is een anti-vriesmiddel, additieven of inhibitors te gebruiken, moeten datmiddelen zijn die toegestaan zijn en gegarandeerd doorde fabrikant. Dit om schade aan de warmtewisselaar enandere componenten te voorkomen. Het is uitdrukkelijkverboden universele antivries middelen, additieven ofinhibitors te gebruiken die niet geschikt zijn voor CV ketelsen hun componenten van het verwarmingssysteem. Gasaansluiting4. 3 Aansluiten gas en waterHydraulische aansluitingenMaak de aansluitingen op de bijbehorende aansluitstuk-ken volgens de hieronder gegeven instructies. Sluit demodule zodanig aan dat de interne leidingen niet onderspanning staan.

V oor een goede werking en lange levens-duur van de ketel is het noodzakelijk dat de hydraulischeinstallatie de juiste inhoud hoeveelheid heeft en is voor-zien van de alle noodzakelijke accessoires die garantstaan voor een normale regelmatige werking van hetsysteem.

De installatie moet zijn uitgerust met allecomponenten die een geregelde en goedwerkendeinstallatie waarborgen volgens de geldende voorschriften,in het bijzonder de veiligheids- en zekerheidscomponen-ten om een modulerende regeling te realiseren. Dezemoeten zijn geïnstalleerd in de aanvoerleiding van deinstallatie en binnen een afstand van 0,5 meter van deketel zonder enige afsluiting daar tussen. De ketel is nietvoorzien van een expansievat, deze voorziening moet doorde installateur in het systeem worden aangebracht. Voordat de installatie in bedrijf wordt genomen dienen alleleidingen in de installatie te worden gespoeld. Dit om vuilte verwijderen zodat een goedwerkend cv-bedrijf wordtgewaarborgd.

De gasleiding moet worden aangesloten volgens degeldende gasinstallatievoorschriften met een vastemetalen pijp of met een ononderbroken roestvrijstalenflexibele pijp, tussen het gasnet en de ketel is een gas-kraan geplaatst. Controleer alle aansluitingen op gas-dichtheid. De capaciteit van de gasmeter moet zijn bere-kend voor het gelijktijdige gebruik van alle aangeslotenketels. De aansluitdiameter van het toestel is niet bepa-lend voor de diameter van de binnenleiding naar demeter. Deze diameter dient afhankelijk van de lengte vande leiding en druk verlies te worden vastgesteld overeen-komstig de normvoorschriften. Voordat de ketel aan het gasnet wordt aange-sloten is het noodzakelijk te controleren of deketel is geschikt voor de toegepaste gassoort. Alle gastoevoerleidingen vooraf goed reinigenom blokkade van gastoevoer te voorkomen. Dit om de ketel goed in bedrijf te laten gaan.

Gebruik de gasleiding niet als aarde voorelektrische toestellen. Bij cascade dient eenexterne gasafsluiting te worden aangebrachtom de modules buiten werking te stellen zonderdat de, met een sleutel afgesloten, afzonderlijkemodules te hoeven worden geopend.

13EnergyTop B80 / EnergyTop B125 / EnergyTop B160 / EnergyTop B250AansluitinstructieDe EnergyTop B is uitgerust met 3 interne verzamel-leidingen (gasleiding, cv-toevoerleiding en retour-leiding)en een condensafvoerbuis waardoor zowel de parallelleaansluiting, als de aansluiting van de enkele module opde installatie eenvoudig zijn te realiseren. De open verdeler uitvoering is geschikt tot een vermogenvan 1000 kW. Aansluiten van 1 toestel• Nadat besloten is aan welke kant van de module dehydraulische aansluiting en gasaansluitingen wordenuitgevoerd, vervolgens aan die kant de flenzen metpijpstomp aansluiten, nadat deze eerst lekdicht op deleidingen van de installatie te hebben gelast. V ergeetniet de speciale afdichtingen uit de set ertussen teplaatsen.

• Sluit op de condensafvoerbuis een pijpleiding van Ø40mm aan voor de afvoer van de condens die tijdens dewerking van de ketel wordt geproduceerd. • Monteer aan de andere zijde van de module de blindeflenzen uit de set en plaats de daarvoor bestemdeafdichtingen er tussen. Figuur 4. 4 Aansluiten van 1 module1. Gasinlaat2. Toevoer cv-installatie3. Retour cv-installatie4. Condensafvoer5. Blindflenzen (optioneel)7. Flens met pijpstomp (optioneel)Aansluiten van meerdere toestellen in lijn• Sluit de eerste module aan op de leidingen van deinstallatie en van het gas, zoals eerder is beschreven,maar zonder aan de andere kant de blindflenzen teplaatsen. • Plaats aan deze zijde de tweede module en let er op datde aansluitflenzen en de condensafvoeraansluitinggoed zijn uitgelijnd. Plaats tussen de flenzen van demodules de afdichtingen.

• Verbind de eerste module aan het systeem en gas-aansluiting, gebruik daarvoor de flenzen met pijpstomp-aansluiting en de afdichtingen. • Positioneer de tweede module en let er op dat deaansluitflenzen en de condensafvoer aansluiting goedzijn uitgelijnd. Plaats tussen de flenzen van de tweemodules de afdichtingen uit de set. • Plaats de bouten uit de set in de flenzen vanuit debinnenzijde van de eerste module, steek ze door deflenzen heen zodat ze aan de binnenkant van de tweedemodule naar buiten komen. Schroef de moeren op debouten aan de binnenzijde van de tweede modulegedeeltelijk vast. • Alvorens de moeren aan te draaien, eerst controleren ofalle afdichtingen goed zijn aangebracht en vervolgensde condensafvoerbuizen van de twee modules in elkaarschuiven. • Draai de moeren aan en herhaal het plaatsen van de“U” gebogen verbindingspijpen aan de volgende modu-le.

14 EnergyTop B80 / EnergyTop B125 / EnergyTop B160 / EnergyTop B250Open verdeler, incl beveiligingsapp aratuur(optioneel)De openverdeler heeft een ontluchter en is voorzien vanthermische isolatie. Het systeem bevat een aanvoer- enretourverdeler. Aansluitingen voor temperatuurdruk en veiligheid enoverstort zijn voorzien als mede een extra aansluiting voorde overstortbeveiliging voor het systeem welke buiten demodules moet worden aangesloten. De open verdeler regelt onafhankelijk van het systeem(secondair circuit) de hydraulische neutraliteit van demodules EnergyTop B (primaire circuit). De openverdeleris uitgelegd voor vermogens tot 1000kW. • Een circulatie pomp voor het primaire circuit is nietnodig. In de modules EnergyTop B is de circulatiepompstandaard voorzien. • De flow in het primaire circuit is een constante flow, desysteem flow kan variëren of intermitterend werken.

• Er ontstaan geen buitengewone effecten wanneer desysteempomp wisselt ten op zichtte van het primairecircuit van de EnergyTop B. • De grote van de systeem pomp kan worden uitgelegdnaar de secundaire systeem circulatie behoefte. De EnergyTop’s zijn voorzien van een 6 bar cv-overstort. Als het nodig is een cv-overstort in de installatie te hebben,eventueel werkend bij een andere druk, dient dezeoverstort extra in de installatie geplaatst te worden. Figuur 4. 7 Ruggelingse opstellingA. 1e ModuleB. 2e Module1. Gasinlaat2. Systeem-aanvoer3. Systeem-retour4. Hydraulische neutrale openverdelerDe openverdeler module en de beveiliging apparatuurmoet direct aan de laatste module EnergyTop B wordengekoppeld. Door de praktische symmetrie van de modules is hetmogelijk deze aan de linker en rechter zijde te plaatsen. Zie hier onder ook ander opstellingsmogelijkheden. Figuur 4. 8 Opstelling in lijnC.

Het SYSTEEM-menuVoor elk systeem is een aparte parameter-instelling nodig. Kijk op de volgende pagina’s naar naar de mogelijkeopstellingen en bijbehorende systeem-instellingen. Bekijk de mogelijkheden vooraf de verandering aan tebrengen, refereer aan de tabellen gegeven in de aansluitdiagram. SERVICE-menuDruk gedurende 10 sec. de knop in om toegangtot het SERVICE-menu te verkrijgen. Zie bladzijde 9 en 10 voor meer uitlegvan het SERVICE-menu. “tS” = parameter menu. “Ïn” = Informatie menu. “Hi” = Historie menu. “rE” = Historie menu reset. SYSTEEM-menuDruk gedurende 10 sec. de zomer en winter toets inom in het SYSTEEM-menu te komen. Het programma heeft 21 parameters. Zie bladzijde 10 voor meer uitlegvan het SERVICE-menu.

17EnergyTop B80 / EnergyTop B125 / EnergyTop B160 / EnergyTop B250De elektrische zekerheid is alleen gewaar-borgd als deze is aangesloten op een goedgeaard systeem dat volgens de huidigeveiligheidsnormen is uitgevoerd. Tevens dienthet geaarde systeem door gekwalificeerdpersoneel te zijn beproeft en gecontroleerd. Defabrikant is niet aansprakelijk voor eventueleschade welke ontstaat door het niet of niet juistaarden van de installatie. Ook dient gecontro-leerd te worden dat er voldoende elektrischvermogen geleverd kan worden zoals opgege-ven op het typeplaatje van de ketel. 4. 4 Elektrische aansluitingenAansluiten aan het elektriciteitsnetDe module is standaard voorzien van een aansluitkast diemet een vaste verbinding is aan te sluiten op het net metdaartussen een twee polige schakelaar met een mini-male opening van 3 mm.

Tussen het voedingsnet en hettoestel dient een zekering van 3 Ampère te zijn aange-bracht. Het is belangrijk de polariteit te waarborgen door(fase : bruine draad // de nul : blauwe draad // aarde:geelgroene draad aan te sluiten, de aardedraad dient 2cm langer te zijn dan de andere draden. De voedingskabel van het toestel mag niet doorde gebruiker worden verwijderd cq vervangen,bij beschadiging van de kabel moet het toestelworden afgeschakeld. Bij vervanging van denetkabel moet dit door gekwalificeerd perso-neel worden uitgevoerd en moet het een kabelzijn van het type "HAR H05 VV-F" (3x 0,75mm²)met een maximale buiten diameter van 8mm. De ruimte thermostaat moet voorzien zijn vanpotentiaal vrije contacten. Bij aansluiting van 230 V olt aan de thermostaat-contacten, zal de printplaat ernstig wordenbeschadigd.

Bij het aansluiten van ruimteregelaars ofschakelklokken, kan de stroomvoorziening nietaan deze contacten worden onttrokken. De stroomverzorging dient te geschieden dooraansluiting op het net of via batterijen. Kamerthermostaat (optioneel)Buitentemperatuurvoeler (optioneel)De voeler aan de daarvoor bestemde contacten bij deketel aansluiten.

De maximale lengte van de aansluitkabelmag 50 meter zijn. Een normale 2 aderig kabel kanworden gebruikt. De buitentemperatuur voeler moet aande Noordzijde of Noordwesten van de woning. De sensormag niet worden aangestraald door de ochtend zon ofdirect zonlicht, indien noodzakelijk dit afschermen. Desensor niet plaatsen in de directe omgeving van vensters,deuren, beluchtingsopeningen of een hittebron welke detemperatuur van de sensor kan beïnvloeden. Figuur 4. 15 Afgeraden positiesbuitenvoelerToegang tot de elektrische klemmenstrook /toestelconnectorHet elektrische klemmenbord zit linksonder in de kastmodule, in een waterdichte doos. Breng de aansluitingentot stand zoals aangegeven in het elektrisch aansluit-schema en laat de kabels via de daarvoor bestemdekabel doorvoergaten naar buiten komen. Figuur 4.

18 EnergyTop B80 / EnergyTop B125 / EnergyTop B160 / EnergyTop B250- Module 3: Positie aanwijzing (driehoekje) aan derechter onderzijde van de display. - Module 4: Positie aanwijzing (driehoekje) aan derechter bovenzijde van de display. Indien dit niet correct volgens bovenstaande wordtaangegeven schakel de voeding uit en controleer deaansluitingen volgens fig. 4. 17. SettingsAlle aansluitingen moeten worden gerealiseerd aanmodule nummer 1. Mogelijke foutenIndien er een aansluiting fout of los is om welke redendan ook dan geeft de display van module 1 de fout F70. Indien er een aansluiting fout of los is om welke redendan ook dan geeft de display van de volgende module defout F71. 4. 5 Rookgasafvoer en luchttoevoeraansluitingenWaarschuwingDe ketels kunnen ook aangesloten wordenals type B23met aanzuiging van de verbrandingslucht uit deinstallatieruimte.

(werking met rookgasafvoerleidingonder druk) en moet worden aangesloten op één vande hieronder beschreven afvoersystemen. Alvorens totinstallatie over te gaan, de de voorschriften van deplaatselijke normen en verordeningen controleren enstrikt in acht nemen. Bovendien de regels met betrekking tot plaatsing vande eindstukken aan de wand en/of het dak en deminimum afstanden tot ramen, wanden, ventilatieopeningen, enzovoorts in acht nemen. De afmetingen,het ontwerp en de fabricage van deverzamelleiding, de leidingen en het rookgaskanaalmoeten conform zijn aan de geldende voorschriften. Hetmateriaal moet geschikt zijn voor het bestemde doeld. w. z. warmte en corrosie bestendig en van binnen gladen lekdicht. Tevens is van belang dat de verbindingsstukken geencondens doorlaten.

De unit is uitgevoerd met één (EnergyTop B80-125) of twee modules (EnergyTop 160 -250)met twee onafhankelijke rookgasafvoer aan-sluitingen van Ø 80 voor de twee groepenbrander-wisselaar die zich in de kast bevindt. De verbranding circuits van de twee ketels zijnvolledig onafhankelijk. Indien de twee rookgas-afvoeren op één enkele rookgasafvoerverzamelleiding wordt aangesloten(zowel in hetgeval van enkele module als bij een aansluitingin cascade) is het verplicht om op iedere rook-gas uitlaat een terugslagklep te installeren diehet terugstromen van de rookgassen tegengaat, dit om storingen in de werking of hetontstaan van gevaarlijke situatie te voorkomen. Aanbevolen wordt gebruik te maken van deoptionele sets Ferroli kits. Deze zijn voorzienvan speciale terugslagkleppen.

Alvorens de aansluiting van de rookgasafvoer-leidingen tot stand te brengen, de condens-sifon met 0,5 liter water vullen om rookgasuitstroom te voorkomen. Aansluiten met individuele luchtaanvoer enrookgasafvoer. Aansluiten met individuele luchtaanvoer enrookgasafvoerFiguur 4. 18 Aansluitvoorbeeld met gescheiden buizenDe individuele buizen van Ø 80 kunnen rechtstreeks opde ketel worden gemonteerd. Plaats op de leidingenvan Ø 80, die uit de ketel komen en laat deze goedaansluiten op de bovenwand van de kast. Voor hetinstalleren kan aan de hand van de eenvoudige bereke-ning worden overgegaan of de maximale lengte nietwordt overschreden. 1. Het aansluitschema vastleggen van de individuelepijpen met daarbij de te gebruiken rookgasuitlaatstuk en luchttoevoer aansluiting. 2. Bepaal aan de hand van tabel 5 (blz.

19) het drukverlies in m eq (meter equivalent) voor ieder toe tepassen onderdeel van het systeem. 3. Controleer of de totale som van de weerstanden demaximaal toelaatbare weerstand (zie tabel 4, blz 19)niet overstijgt. In het toestel zit standaard geen meetpunt omCO2 te meten. Derhalve dient altijd de losverkrijgbare verlengpijp 80mm met meetpunt teworden geplaatst.

19EnergyTop B80 / EnergyTop B125 / EnergyTop B160 / EnergyTop B250Maximaal toelaatbare weerstandIndividuele luchttoevoer/rookgasafvoer voor elke warmtewisselaar en branderlichaam20 meqTabel 4: Maximaal toelaatbare weerstandRookgasafvoer1. 82. 00. 3-5. 05. 0Vertikaal1. 6Tabel 5: Rookgasafvoer accessoiresRechte buisBochtMeetpijpEindstukConcentrische dakdoorvoerØ 80 1 m VT/MT45° VT/MT90° VT/MTmet testaansluitinglucht muurdoorvoerRookgas muurdoorvoerLucht rookgas 80/801KW MA 83W1KW KA 65W1KW MA 01W1KW MA 70W1KW MA 85A1KW MA 86A1KW MA 84UDrukverlies in meqHorizontaal2. 0Luchtinlaat1. 01. 21. 50. 32. 0--Directe aansluiting eindstukken Ø80code nr 041013X0Iedere afzonderlijke module kan ook ingeval van aanslui-ting in een batterij, rechtstreeks worden aangesloten opde set eindstukken 041013X0. Iedere set omvat een eindstuk van Ø 80 met rooster (nr. 3),een afdichting (nr.

1) en een centreerring (nr. 2) (niet tegebruiken bij dit model). Op het model EnergyTop B 160 – 250 gebruikt u 2 sets permodule. Op het model EnergyTop B 80 – 125 gebruikt u 1 set permodule. Figuur 4. 19Alvorens de aansluiting van de rookgasafvoer-leidingen tot stand te brengen, de condens-sifon met 0,5 liter water vullen om rookgasuitstroom te voorkomen. Bij installatie buitenshuis wordt aanbevolen deafdichting 1 perfect op de bovenkast aan telaten sluiten om mogelijke binnendringen vanregen en dergelijke te voorkomen. Aansluiting met verzamelleidingVoor het aansluiten van één of meer modules in batterij opeen enkel rookgasafvoer kanaal is het raadzaam de juistein de tabel vermelde verzamelleidingen (optioneel) tegebruiken. De keuze van de diameter moet wordengemaakt op grond van het totale vermogen van de modulebatterij, met in achtneming van de gegevens die vermeldzijn in tabel 6.

Gebruik voor iedere ketel een aansluitset (samengesteldverdeelstuk en sifon) en een geschikt aantal verdeel-stukken (een voor EnergyTop B80-125 en twee voorEnergyTop B 160-250).

22 EnergyTop B80 / EnergyTop B125 / EnergyTop B160 / EnergyTop B250Alle hieronder beschreven werkzaamheden die afstel-lingen, wijzigingen en inbedrijfstelling betreffen mogenuitsluitend worden uitgevoerd door gekwalificeerd enhiervoor opgeleid personeel (dat voldoet aan detechnische professionele vereiste grond van degeldende voorschriften), zoals het personeel van deservice dienst. Ferroli is niet aansprakelijk voorschadeaan zaken en/of persoonlijk letsel, veroorzaakt dooringrepen op het toestel, uitgevoerd door onbevoegdepersonen. 5. 1 Modificatie t. b. v. gassoortWijziging van het gas type (L gas voor Nederland, gas25). Alleen voor de EnergyTop B 125 en 250Het toestel kan functioneren op aardgas of propaan enwordt in de fabriek ingesteld op één van de tweegastypes.

Standaard voor Nederland is aardgas G25 (Lgas) zoals duidelijk wordt aangegeven op de verpakkingen op het type plaatje met de technische gegevens vanhet toestel. Als het toestel moet worden omgebouwd naar eenandere gassoort, gebruik dan hiervoor speciale om-bouw-set en volg de hieronder beschreven procedure. 1. Open de kast met behulp van de bijgeleverde sleutelom de bovenkant van de WW te kunnen bereiken. Verwijder de deels te verwijderen bovenplaat van deketel (alleen bij B160 en B250)2. Draai de wartel van de gas aansluitleiding “A” los. 3. Draai de drie imbus bouten “B” los en verwijder degasklep “C”4. Vervang het gas inspuitstuk “D”, geplaatst binnen inde afdichting “E” met het inspuitstuk uit de ombouwset. Plaats onderdelen terug / controleer afdichting. 5. Herhaal de handelingen van punt 2, 3 en 4 voor hetander toestel in de module. (alleen B 160-250)6.

- Druk de DHW toets fig 1(detail 1 en 2 ) 10 sec in :op de display verschijnt een knipperende “P01”- Druk op de DHW toets fig1 (detail 1 en 2) totparameter stand 00 ( voor aardgas G 25) enparameter stand 01 (voor propaan)- Druk de DHW toets fig 1(detail 1 en 2 ) 10 sec in :de ketel gaat weer op standby stand. 7. Plaats het bijgeleverde gewijzigde type plaatje bij hetoriginele typeplaatje. 8. Controleer de verbranding d. m. v. het meten van hetCO2 gehalte in de rookgasafvoer op het maximaleen minimale vermogen van het toestel en controleerof dit correspondeert met de in de tabel opgegevenwaarde voor de betreffend gassoort. Figuur 5. 1 Model EnergyTop B125 - B250Wijziging van het gas type. (L gas voor Nederland, gas25) Alleen voor de EnergyTop B 80 en 160Voor het toestel EnergyTop B 80-160 is de gasafstellingte realiseren met een regelbare stelschroef op demengventurie op de ventilator.

Punt 2, 3, 4 en 5 van dehiernaast beschreven procedure komen te vervallen. Figuur 5. 2EnergyTopB80 - B160Activeren van de testmoduleVoor het activeren van de test model, de (rechter) CV -insteltoetsen (4) en (3) 5 sec. gelijktijdigindrukken. De ketel wordt in de hoogste capaciteit inge-schakeld. Instellen van de capaciteit wordt hieronderbeschreven. In het display blinken de symbolen voor CVbedrijf en tapwaterbedrijf op in het middenwordt het capaciteit niveau aangegeven. Figuur 5. 3 Testbedrijf (CV vermogen = 100%)Om de testmodule weer uit te schakelen, herhaal deactiveringsprocedure. De testmodule wordt na 15 minautomatisch uitgeschakeld. Alleen voor de modules EnergyTop B160 - B250Wanneer u in de TEST modus op de toets eco /comfort(pos 7 fig. 6. 3) drukt wordt de volgende werking verkregen. - Rechtse ketel ingeschakeld, linker ketel uitgeschakeld.

23EnergyTop B80 / EnergyTop B125 / EnergyTop B160 / EnergyTop B2505. 2 InbedrijfstellingUit te voeren controlepunten bij de eersteinbedrijfname, na onderhoud, bij onder-brekingen aan het CV systeem of werk-zaamheden aan veiligheidscomponentenvan de ketel:Condensafvoer aansluiting met één module• De kranen/afsluiters tussen ketel en het systeemopenzetten. • Controleer de gasdichtheid van de gasleiding voor-zichtig maak gebruik van lek-spray. • Controleer het drukvat op de juiste voordruk is gevuld. • De installatie vullen met water alle ontluchters bij deketel en in de installatie openen en ketel en installatieontluchten. • Vul de sifon met water en controleer de aansluitingmet de rioolaansluiting. • Controleer zowel ketel als de installatie dat er geenwater lekkages zijn. • Controleer of de netaansluiting en aardvoorzieningcorrect zijn uitgevoerd.

• Controleer het gasverbruik met de gasmeter of hetmin/max gasverbruik overeenkomt met de opgegevenwaarde in de technische data voor deze gassoort. • Controleer de juiste parameter instellingen eventueelde persoonlijke instellingen aanbrengen (b. v voetpunt-instelling, vermogen en CV -temperatuur). 5. 3 OnderhoudRegelmatige controleOm een goedwerkend CV-bedrijf te waarborgen is hetnoodzakelijk om jaarlijks door gekwalificeerd personeelde volgende tests te laten uitvoeren. Volg hierbij debetreffende SCIOS richtlijnen en regelgeving voor-vloeiend uit EBI >100kW. • Dat de stuur en veiligheidsdelen (gasventiel,gasmeter, thermostaat ) correct weken. • De rookgasafvoer en luchttoevoer goed functionerenen de verbindingen dicht zijn. • De luchtomspoelde kast moet luchtdicht zijn. • De rookgasafvoer dakdoorvoer en luchttoevoeraan-sluiting moeten vrij zijn van obstakels en lekvrij.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Ferroli EnergyTop B250 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden