Fagor LF-453 IT Handleiding

Fagor Vaatwasser LF-453 IT

Bekijk gratis de handleiding van Fagor LF-453 IT (32 pagina’s), behorend tot de categorie Vaatwasser. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 24 mensen en kreeg gemiddeld 4.9 sterren uit 6 reviews. Heb je een vraag over Fagor LF-453 IT of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/32
Inhoudsopgave
1
1.Aanwijzingen voor veiligheid en gebruik______________________2
2.Installatie en inbedrijfstelling_______________________________5
3.Beschrijving van het bedieningspaneel_______________________9
4.Gebruiksinstructies _____________________________________15
5.Schoonmak en onderhoud _______________________________26
6.Oplossingen voor storingen in de werking___________________30
Wij wensen u van harte te bedanken voor uw keuze voor dit product van
ons.
Wij bevelen aan om alle instructies in deze gebruiksaanwijzing
aandachtig door te lezen om op de hoogte te zijn van de meest
geschikte voorwaarden voor een correct en veilig gebruik van uw
vaatwasser.
De volgorde van de afzonderlijke paragrafen is erop gebaseerd dat u
stap voor stap alle functies van het apparaat leert kennen, de teksten
zijn gemakkelijk te begrijpen en worden geïllustreerd met gedetailleerde
afbeeldingen.
U zult hier tevens praktische aanbevelingen vinden voor het gebruik van
korven, sproeiarmen, bakjes, filters, wasprogramma's en de juiste
instelling van de bedieningsorganen.
De hier verstrekte reinigingsadviezen stellen u in staat om de prestaties
van uw vaatwasser altijd optimaal te houden.
In deze eenvoudig te raadplegen gebruiksaanwijzing zult u de
antwoorden kunnen vinden op al uw vragen met betrekking tot het
gebruik van de vaatwasser.
INSTRUCTIES VOOR DE INSTALLATEUR: deze instructies zijn
bestemd voor de bevoegde installateurdie is belast met de installatie,
inbedrijfstelling en het uitproberen van het apparaat.
INSTRUCTIES VOOR DE GEBRUIKER: deze instructies omvatten de
gebruiksinstructies, de beschrijving van de bedieningsorganen en de
juiste schoonmaak- en onderhoudshandelingen van het apparaat.

Beoordeel deze handleiding

4.9/5 (6 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Fagor
Categorie: Vaatwasser
Model: LF-453 IT

Handleiding Fagor LF-453 IT – volledige tekst

Inhoudsopgave 1 1. Aanwijzingen voor veiligheid en gebruik______________________ 2 2. Installatie en inbedrijfstelling_______________________________ 5 3. Beschrijving van het bedieningspaneel_______________________ 9 4. Gebruiksinstructies _____________________________________ 15 5. Schoonmak en onderhoud _______________________________ 26 6. Oplossingen voor storingen in de werking ___________________ 30 Wij wensen u van harte te bedanken voor uw keuze voor dit product van ons. Wij bevelen aan om alle instructies in deze gebruiksaanwijzing aandachtig door te lezen om op de hoogte te zijn van de meest geschikte voorwaarden voor een correct en veilig gebruik van uw vaatwasser.

De volgorde van de afzonderlijke paragrafen is erop gebaseerd dat u stap voor stap alle functies van het apparaat leert kennen, de teksten zijn gemakkelijk te begrijpen en worden geïllustreerd met gedetailleerde afbeeldingen. U zult hier tevens praktische aanbevelingen vinden voor het gebruik van korven, sproeiarmen, bakjes, filters, wasprogramma's en de juiste instelling van de bedieningsorganen. De hier verstrekte reinigingsadviezen stellen u in staat om de prestaties van uw vaatwasser altijd optimaal te houden. In deze eenvoudig te raadplegen gebruiksaanwijzing zult u de antwoorden kunnen vinden op al uw vragen met betrekking tot het gebruik van de vaatwasser. INSTRUCTIES VOOR DE INSTALLATEUR: deze instructies zijn bestemd voor de bevoegde installateur die is belast met de installatie, inbedrijfstelling en het uitproberen van het apparaat.

Aanwijzingen 2 1. Aanwijzingen voor veiligheid en gebruik DEZE HANDLEIDING IS EEN WEZENLIJK ONDERDEEL VAN HET APPARAAT: HIJ DIENT ALTIJD IN ZIJN GEHEEL SAMEN BIJ HET APPARAAT TE WORDEN BEWAARD. VÓÓR DE INGEBRUIKNEMING BEVELEN WIJ AAN OM DE IN DEZE HANDLEIDING OPGENOMEN AANWIJZINGEN AANDACHTIG DOOR TE LEZEN. DE INSTALLATIE MOET DOOR BEVOEGD PERSONEEL WORDEN UITGEVOERD MET INACHTNEMING VAN DE GELDENDE NORMEN. DIT APPARAAT IS BESTEMD VOOR EEN HUISHOUDELIJK GEBRUIK EN BEANTWOORDT AAN DE MOMENTEEL VAN TOEPASSING ZIJNDE RICHTLIJNEN 73/23 EEG, 89/336 (INCLUSIEF 92/31 EN 93/68), MET INBEGRIP VAN HET VOORKOMEN EN ELIMINEREN VAN RADIOSTORINGEN. HET APPARAAT IS ONTWIKKELD VOOR DE VOLGENDE WERKZAAAMHEDEN: HET WASSEN EN DROGEN VAN DE VAAT; IEDER ANDER GEBRUIK DIENT ALS ONEIGENLIJK TE WORDEN BESCHOUWD.

DE FABRIKANT KAN NIET AANSPRAKELIJK WORDEN GESTELD VOOR ENIG GEBRUIK DAT AFWIJKT VAN HETGEEN IS VOORZIEN. HET TYPEPLAATJE MET DE TECHNISCHE GEGEVENS, HET SERIENUMMER EN DE MERKING IS ZICHTBAAR OP DE RAND AAN DE BINNENKANT VAN DE DEUR. HET PLAATJE OP DE RAND AAN DE BINNENKANT VAN DE DEUR MAG NOOIT WORDEN VERWIJDERD. LAAT DE RESTEN VAN DE VERPAKKING NIET ONBEWAAKT IN DE HUISELIJKE OMGEVING LIGGEN. VERDEEL DE VERSCHILLENDE VAN DE VERPAKKING AFKOMSTIGE AFVALMATERIALEN EN BRENG ZE NAAR HET DICHTSBIJZIJNDE CENTRUM VOOR GESCHEIDEN AFVALINZAMELING. DE AARDAANSLUITING IS VERPLICHT OP DE DOOR DE VEILIGHEIDSNORMEN VOOR ELEKTRISCHE INSTALLATIES VOORZIENE WIJZE. DE FABRIKANT KAN NIET AANSPRAKELIJK WORDEN GESTELD VOOR ENIG LETSEL AAN PERSONEN OF SCHADE AAN ZAKEN ALS GEVOLG VAN EEN ONTBREKENDE OF GEBREKKIGE AARDAANSLUITING.

BIJ PLAATSING VAN HET APPARAAT OP VLOEREN MET VLOERBEDEKKING MOET U CONTROLEREN OF DE OPENINGEN AAN DE ONDERZIJDE NIET WORDEN AFGESLOTEN. SCHAKEL DE VAATWASSER NA IEDER GEBRUIK UIT OM STROOMVERSPILLING TE VOORKOMEN.

Aanwijzingen 3 HET AFGEDANKTE APPARAAT MOET ONBRUIKBAAR WORDEN GEMAAKT. SNIJD, NA DE STEKER UIT HET STOPCONTACT TE HEBBEN GETROKKEN, DE VOEDINGSKABEL DOOR. MAAK DE VOOR KINDEREN GEVAARLIJKE DELEN (SLUITINGEN, DEUREN ENZ. ) ONGEVAARLIJK. DIT APPARAAT IS VOORZIEN VAN HET MERKTEKEN VOLGENS DE EUROPESE RICHTLIJN 2002/96/EG INZAKE AFGEDANKTE ELEKTRISCHE EN ELEKTRONISCHE APPARATEN (AEEA). DOOR ERVOOR TE ZORGEN DAT DIT PRODUCT OP DE JUISTE MANIER ALS AFVAL WORDT VERWERKT, HELPT U MOGELIJK NEGATIEVE CONSEQUENTIES VOOR HET MILIEU EN DE MENSELIJKE GEZONDHEID TE VOORKOMEN DIE ANDERS ZOUDEN KUNNEN WORDEN VEROORZAAKT DOOR ONJUISTE VERWERKING VAN DIT PRODUCT ALS AFVAL. HET SYMBOOL OP HET PRODUCT OF OP DE BIJBEHORENDE DOCUMENTATIE GEEFT AAN DAT DIT PRODUCT NIET ALS HUISHOUDELIJK AFVAL MAG WORDEN BEHANDELD.

IN PLAATS DAARVAN MOET HET WORDEN AFGEGEVEN BIJ EEN VERZAMELPUNT VOOR RECYCLING VAN ELEKTRISCHE EN ELEKTRONISCHE APPARATEN. AFDANKING MOET WORDEN UITGEVOERD IN OVEREENSTEMMING MET DE PLAATSELIJKE MILIEUVOORSCHRIFTEN VOOR AFVALVERWERKING. VOOR NADERE INFORMATIE OVER DE BEHANDELING, TERUGWINNING EN RECYCLING VAN DIT PRODUCT WORDT U VERZOCHT CONTACT OP TE NEMEN MET HET STADSKANTOOR IN UW WOONPLAATS, UW AFVALOPHAALDIENST OF DE WINKEL WAAR U HET PRODUCT HEEFT AANGESCHAFT. BIJ STORINGEN MOET U HET APPARAAT VAN HET ELEKRICITEITSNET LOSKOPPELEN EN DE WATERKRAAN SLUITEN. GEBRUIK GEEN TIJDENS HET TRANSPORT BESCHADIGDE APPARATEN. RAADPLEEG, BIJ TWIJFEL, UW WEDERVERKOPER. HET APPARAAT MOET WORDEN GEÏNSTALLEERD EN AANGESLOTEN OVEREENKOMSTIG DE DOOR DE FABRIKANT VERSTREKTE INSTRUCTIES OF DOOR BEVOEGD PERSONEEL. DE VAATWASSER MOET WORDEN GEBRUIKT DOOR VOLWASSEN PERSONEN.

HET GEBRUIK ERVAN DOOR PERSONEN MET BEPERKTE LICHAMELIJKE EN/OF VERSTANDELIJKE VERMOGENS IS UITSLUITEND TOEGESTAAN ONDER TOEZICHT VAN EEN PERSOON DIE VERANTWOORDELIJK IS VOOR HUN VEILIGHEID. HOUD KINDEREN UIT DE BUURT VAN DE AFWASMIDDELEN EN VAN DE VERPAKKINGSMATERIALEN (PLASTIC ZAKJES, POLYSTYROL, ENZ.

); STA NIET TOE DAT ZE IN DE BUURT VAN DE VAATWASSER KOMEN EN ERMEE SPELEN, ER ZOUDEN RESTEN AFWASMIDDEL IN KUNNEN ZIJN ACHTERGEBLEVEN DIE ONHERSTELBARE SCHADE AAN DE OGEN, MOND EN KEEL KUNNEN VEROORZAKEN EN ZELFS TOT VERSTIKKING KUNNEN LEIDEN. GEBRUIK GEEN OPLOSMIDDELEN ZOALS ALCOHOL EN TERPENTINE IN HET APPARAAT DIE TOT ONTPLOFFINGEN KUNNEN LEIDEN. PLAATS GEEN MET AS, WAS OF VERF BEVUILDE VAAT IN HET APPARAAT.

Aanwijzingen 4 DE VAATWASSER KAN KANTELEN ALS GEVOLG VAN HET LEUNEN OF ZITTEN OP DE OPEN DEUR, MET ALLE RISICO'S VAN DIEN VOOR DE PERSONEN. OM TE VOORKOMEN DAT U EROVER STRUIKELT MOET U DE DEUR VAN DE VAATWASSER NIET OPEN LATEN STAAN. DRINK, NA BEËINDIGING VAN HET WASPROGRAMMA EN VOOR HET DROGEN, NIET VAN HET EVENTUEEL IN DE VAAT OF DE VAATWASSER ACHTERGEBLEVEN WATER. MESSEN EN ANDER KEUKENGEREI MET SCHERPE PUNTEN MOETEN MET DE PUNT NAAR BENEDEN IN DE CONTAINER WORDEN GEZET OF HORIZONTAAL IN DE BOVENSTE KORF GELEGD, WAARBIJ U ERVOOR MOET OPLETTEN DAT U ZICH NIET VERWONDT EN DAT ZE NIET UIT DE CONTAINER NAAR BUITEN STEKEN. MET ACQUASTOP UITGEVOERDE MODELLEN ACQUASTOP IS EEN INRICHTING DIE BIJ LEKKAGES OVERSTROMINGEN VOORKOMT. NA DE INTERVENTIE VAN DE ACQUASTOP MOET EEN BEVOEGD TECHNICUS WORDEN GERAADPLEEGD OM DE OORZAAK VAN DE STORING OP TE SPOREN EN TE VERHELPEN.

BIJ DE MET ACQUASTOP UITGEVOERDE MODELLEN BEVAT DE TOEVOERSLANG EEN ELEKTROMAGNETISCHE KLEP. SNIJD DE SLANG NIET DOOR EN LAAT DE ELEKTROMAGNETISCHE KLEP NIET IN HET WATER VALLEN. BIJ BESCHADIGING VAN DE TOEVOERSLANG MOET U HET APPARAAT LOSKOPPELEN VAN DE WATERLEIDING EN HET ELEKTRICITEITSNET. ONMIDDELLIJK NA DE INSTALLATIE MOET HET APPARAAT KORT WORDEN UITGEPROBEERD OVEREENKOMSTIG DE HIERNA VERSTREKTE INSTRUCTIES. ALS HET APPARAAT NIET MOCHT FUNCTIONEREN MOET U HET VAN DE ELEKTRICITEITSNET LOSKOPPELEN EN DE DICHTSTBIJZIJNDE TECHNISCHE DIENST WAARSCHUWEN. PROBEER NIET OM HET APPARAAT TE REPAREREN. DE VAATWASSER BEANTWOORDT AAN ALLE DOOR DE GELDENDE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN OPGELEGDE EISEN MET BETREKKING TOT ELEKTRISCHE APPARATEN.

EVENTUELE TECHNISCHE CONTROLES MOGEN UITSLUITEND DOOR GESPECIALISEERD EN ERKEND PERSONEEL WORDEN UITGEVOERD: REPARATIES UITGEVOERD DOOR NIET ERKEND PERSONEEL, ZULLEN DE GARANTIE DOEN VERVALLEN EN KUNNEN EEN BRON VAN GEVAAR VOOR DE GEBRUIKER WORDEN.

Instructies Voor de Installateur 5 2. Installatie en inbedrijfstelling Verwijder de polystyrol korfblokkeringen. Plaats het apparaat op de daarvoor bestemde. De vaatwasser kan met de zijkanten of de achterkant tegen meubels of wanden worden geplaatst. Als de vaatwasser naast een warmtebron wordt geplaatst moet een warmteïsolerende wand worden geplaatst om oververhitting en een slechte werking te voorkomen. Voor de stabilteit moeten de inbouwapparaten voor onderbouw of integratie uitsluitend onder ononderbroken werkbladen worden geplaatst en aan de ernaast geplaatste meubels worden vastgeschroefd. Om de inbouw te vergemakkelijken kunnen de toevoer- en afvoerslangen in alle richtingen worden gedraaid; zorg ervoor dat ze niet worden geknikt of afgeklemd en dat ze niet te strak gespannen komen te staan.

Zorg ervoor dat u de borgring aandraait nadat u de buizen in de gewenste richting heeft gedraaid. Voor de passage van de buizen en de voedingskabel is een gat nodig van minimaal Ø 8 cm. Zet het apparaat waterpas op de grond met behulp van de regelbare voetjes. Dit is vereist voor de correcte werking van de vaatwasser. Het is ten strengste verboden om de vaatwasser in te bouwen onder een glaskeramische kookplaat. U kunt de vaatwasser inbouwen onder een traditionele kookplaat, op voorwaarde dat het werkblad van de keuken ononderbroken doorloopt, en dat zowel de vaatwasser als de kookplaat op correcte wijze zijn gemonteerd en vastgezet, zodat ze geen enkele gevaarlijke situatie kunnen creëren.

Bij installatie van de vaatwasser in een ruimte die tegen andere huishoudelijke apparaten aangrenst zult u zich nauwkeurig aan de voorschriften van de fabrikant van die apparaten zelf moeten houden (minimumafstanden, installatiewijzen, enz. ). Sommige modellen hebben een centrale regelbare voet achter die met behulp van een schroef onderaan de voorkant van het apparaat kan worden afgesteld. 2.

1 Aansluiting op de waterleiding Voorkom het risico van verstoppingen of beschadigingen: als de waterleiding nieuw is of langdurig ongebruikt gebleven, moet u, voordat u de aansluiting op de waterleiding uitvoert, controleren of het water helder is en zonder vervuiling om schade aan het apparaat te voorkomen. Gebruik voor de aansluiting van de vaatwasser op de waterleiding, uitsluitend nieuwe slangen; gebruik nooit oude of reeds gebruikte slangen.

Instructies Voor de Installateur 6 AANSLUITING OP DE WATERKRAAN Sluit de toevoerslang, na plaatsing van het bij de vaatwasser geleverde filter A, aan op een koudwaterkraan met een schroefdraad van ¾" gas. Draai de slang met de hand stevig vast en draai hem nog circa een kwartslag na met een tang. Bij de met ACQUASTOP uitgeruste modellen is het filter al in de ring met schroefdraad aangebracht. De vaatwasser kan worden gevuld met water van maximaal 60°C. Bij gebruik van warm water zal de wastijd met circa 20 minuten worden teruggebracht, hoewel de efficiëntie iets minder zal zijn. De aansluiting moet worden uitgevoerd op de warmwaterleiding van het huis en op dezelfde wijze als beschreven voor het koude water.

AANSLUITING OP DE AFVOER Plaats de afvoerslang in een afvoerpijp met een minimum-diameter van 4 cm; de slang kan ook in de gootsteen worden gehangen met behulp van de bijgesloten slanghouder, waarbij er echter voor moet worden opgelet dat hij niet wordt geknikt of afgeklemd. Het is belangrijk dat de slang niet kan losraken en vallen. Om deze reden heeft de slanghouder een gat waarmee hij met behulp van een touwtje aan de pijp of kraan kan worden bevestigd. Het vrije eind moet op een hoogte tussen de 30 en 100 cm worden aangebracht en mag nooit onder water staan. Horizontaal geplaatste verlengstukken mogen maximaal 3 m lang zijn en in dat geval moet de afvoerslang maximaal 85 cm van de grond af worden aangebracht.

Instructies Voor de Installateur 7 2.2 Elektrische aansluiting en waarschuwingen CONTROLEER OF DE SPANNINGS- EN FREQUENTIEWAARDEN VAN HET ELEKTRICITEITSNET OVEREENSTEMMEN MET DIE VERMELD OP HET TYPEPLAATJE VAN HET APPARAAT OP DE RAND AAN DE BINNENZIJDE VAN DE DEUR. DE STEKKER AAN HET UITEINDE VAN DE VOEDINGSKABEL EN HET BIJBEHORENDE STOPCONTACT MOETEN VAN HETZELFDE TYPE ZIJN EN OVEREENSTEMMEN MET DE GELDENDE NORMEN MET BETREKKING TOT DE ELEKTRISCHE INSTALLATIES. NA DE INSTALLATIE MOET DE STEKKER TOEGANKELIJK ZIJN. TREK NOOIT AAN DE KABEL OM DE STEKKER UIT HET STOPCONTACT TE VERWIJDEREN. DE BESCHADIGDE VOEDINGSKABEL MOET WORDEN VERVANGEN DOOR DE FABRIKANT OF EEN ERKEND SERVICECENTRUM. NA DE VERVANGING VAN DE VOEDINGSKABEL, MOET U ERVOOR ZORGEN DAT DE VERANKERINGSBEUGEL VAN DE KABEL GOED WORDT VASTGEZET.

VERMIJD HET GEBRUIK VAN ADAPTERS OF AFLEIDINGEN DIE TOT OVERVERHITTING OF BRAND ZOUDEN KUNNEN LEIDEN. WANNEER HET APPARAAT UITSLUITEND EEN VOEDINGSKABEL ZONDER STEKKER HEEFT: MOET U, OP EEN GEMAKKELIJK BEREIKBARE PLAATS IN DE NABIJHEID VAN HET APPARAAT EEN MEERPOLIGE SCHEIDINGSINRICHTING MET EEN MINIMALE CONTACTOPENING VAN 3,5MM OP DE VOEDINGSLIJN ERVAN AANBRENGEN. DE AANSLUITING OP HET ELEKTRICITEITSNET MAG UITSLUITEND WORDEN UITGEVOERD DOOR EEN GESPECIALISEERDE TECHNICUS, IN OVEREENSTEMMING MET HET ONDERSTAANDE SCHEMA EN DE GELDENDE WETTEN. L = bruin N = blauw = geel-groen Om ieder risico te voorkomen moet een eventueel beschadigde voedingskabel worden vervangen door de fabrikant of een erkend servicecentrum.

Instructies Voor de Installateur 8 ALLEEN VOOR GROOT-BRITTANNIË: DIT APPARAAT MOET WORDEN AANGESLOTEN OP EEN AARDVERBINDING. Vervanging van de zekering Wanneer het apparaat wordt geleverd met een BS 1363A 13A zekering in de stekker voor de aansluiting op het elektrische voedingsnet, moet u, bij vervanging van de zekering in dit type stekker een ASTAgekeurde zekering gebruiken van het type BS 1362 en als volgt te werk gaan: 1. Verwijder het deksel A en de zekering B.2. Plaats de nieuwe zekering in het deksel. 3. Plaats beide weer terug in de stekker. Het deksel van de zekering moet bij de vervanging van de zekering weer worden teruggeplaatst. Wanneer het deksel zoek mocht raken mag de stekker pas weer worden gebruikt nadat u een geschikt vervangingsonderdeel heeft gemonteerd.

De geschikte vervangingsonderdelen zijn herkenbaar aan het gekleurde insteekstuk of aan het opschrift in reliëf op de basis van de stekker die er de kleur van beschrijft. U kunt de vervangingsdeksels voor de zekeringen bij de plaatselijke wederverkopers van elektriciteitsmateriaal vinden.

Instructies Voor de Gebruiker 9 3. Beschrijving van het bedieningspaneel 3.1 Het bedieningspaneel Alle bedieningsorganen en controle-instrumenten van de vaatwasser zijn aanwezig op het bedieningspaneel aan de bovenzijde. De handelingen voor het inschakelen, programmeren, uitschakelen enz. kunnen uitsluitend bij een geopende deur plaatsvinden. 1 AAN/UIT TOETS Door deze toets in te drukken wordt de machine onder spanning gezet. 2 CONTROLELAMPJE GESELECTEERD PROGRAMMA Het verlichte controlelampje verwijst naar het geselecteerde programma en eventuele storingen (oplossingen voor de storingen). 3 DRUKKNOP PROGRAMMAKEUZE Druk deze knop meerdere malen in om het gewenste programma te selecteren. 4 CONTROLELAMPJE ZOUT BIJVULLEN Het verlichte controlelampje geeft aan dat het zout in de machine op is.

NSTELLING VAN HET WASPROGRAMMA EN INSCHAKELEN VAN DE MACHINE Om het voor de te wassen vaat meest geschikte programma te selecteren verwijzen wij naar de onderstaande tabel, waar u het meest geschikte wasprogramma kunt vinden afhankelijk van de aard en de mate van bevuiling van de vaat.

Instructies Voor de Gebruiker 10 Druk, als via de voorgestelde tabel, het meest geschikte programma bepaald is: • de toets AAN/UIT (1) in en wacht tot het PROGRAMMACONTROLELAMPJE (2) gaat branden; • toets de PROGRAMMAKEUZE (3) drukknop meerdere malen in tot het controlelampje van het gewenste programma gaat branden; • de deur sluiten; na ongeveer 2" zal het programma starten, tijdens het verloop ervan zal het betreffende CONTROLELAMPJE knipperen (signalering programma in uitvoering). DUUR VERBRUIK PROGRAMMA NUMMER EN SYMBOOL LADEN VAN VAAT EN BESTEK AFWIKKELING PROGRAMMA’S MINUUT (2) WATER LITER (1)ENERGIE KWh (2) 1 WEKEN Pannen en vaatwerk in afwachting van de voltooiing van de belading. Koud voorwassen 9' 0,01 5 2 DELICAAT Delicate, normaal vieze vaat.

Wassen op 45°C Koud spoelen Spoelen op 68°C Drogen 59' 12 0,90 3 ECO (*) EN 50242 Normaal vieze vaat, die onmiddelllijk na het gebruik gewassen wordt. Wassen op 55°C Koud spoelen Spoelen op 66°C Drogen 175' ** ** 4 NORMAAL Normaal vieze vaat, ook met opgedroogde resten. Koud voorwassen Wassen op 65°C Koud spoelen Spoelen op 68°C Drogen 80' 17 1,20 5 INTENSIEF Zeer vieze pannen en vaat, ook met opgedroogde resten. Voorwassen op 45°C Wassen oop 70°C 2 koude spoelbeurten Spoelen op 70°C Drogen 105’ 20 1,50 Gebruik het weken uitsluitend bij een gedeeltelijke belading. (*) Referentieprogramma volgens de EN 50242 norm. (**)Zie etiketje energieverbruik. (1) Gemiddeld verbruik bij een regeling van de ontharder op livello 2. (2) De duur van de cyclus en het energieverbruik kunnen varëren afhankelijk van de temperatuur van het water en de omgeving en van het type en de hoeveelheid vaat.

Instructies Voor de Gebruiker 11 Druk, als via de voorgestelde tabel, het meest geschikte programma bepaald is: • de toets AAN/UIT (1) in en wacht tot het PROGRAMMACONTROLELAMPJE (2) gaat branden; • toets de PROGRAMMAKEUZE (3) drukknop meerdere malen in tot het controlelampje van het gewenste programma gaat branden; • de deur sluiten; na ongeveer 2" zal het programma starten, tijdens het verloop ervan zal het betreffende CONTROLELAMPJE knipperen (signalering programma in uitvoering). DUUR VERBRUIK PROGRAMMA NUMMER EN SYMBOOL LADEN VAN VAAT EN BESTEK AFWIKKELING PROGRAMMA’S MINUUT (2) WATER LITER (1)ENERGIE KWh (2) 1 WEKEN Pannen en vaatwerk in afwachting van de voltooiing van de belading. Koud voorwassen 9' 0,01 5 2 DELICAAT Delicate, normaal vieze vaat.

Wassen op 45°C Koud spoelen Spoelen op 68°C Drogen 59' 12 0,90 3 ECO (*) EN 50242 Normaal vieze vaat, die onmiddelllijk na het gebruik gewassen wordt. Wassen op 55°C Koud spoelen Spoelen op 66°C Drogen 175' ** ** 4 NORMAAL Normaal vieze vaat, ook met opgedroogde resten. Koud voorwassen Wassen op 65°C Koud spoelen Spoelen op 68°C Drogen 80' 17 1,20 5 INTENSIEF Zeer vieze pannen en vaat, ook met opgedroogde resten. Voorwassen op 45°C Wassen oop 70°C 2 koude spoelbeurten Spoelen op 70°C Drogen 105’ 20 1,50 Gebruik het weken uitsluitend bij een gedeeltelijke belading. (*) Referentieprogramma volgens de EN 50242 norm. (**)Zie etiketje energieverbruik. (1) Gemiddeld verbruik bij een regeling van de ontharder op livello 2. (2) De duur van de cyclus en het energieverbruik kunnen varëren afhankelijk van de temperatuur van het water en de omgeving en van het type en de hoeveelheid vaat.

Instructies Voor de Gebruiker 12 3.2 Wasprogramma's Alvorens een wasprogramma te starten moet u controleren of: • de waterkraan geopend is; • er regeneratiezout in het reservoir aanwezig is; • er voldoende afwasmiddel in het bakje is gedaan; • de korven op de juiste wijze zijn beladen; • de sproeiarmen vrij, onbelemmerd kunnen draaien; • de deur van de vaatwasser goed is gesloten. ANNULERING VAN HET LOPENDE PROGRAMMA • Om het lopende programma te annuleren moet u, na de deur te hebben geopend, de drukknop PROGRAMMAKEUZE (3) een paar seconden lang ingedrukt houden tot de controlelampjes van de programma's 4 en 5 gelijktijdig gaan branden (gekenmerkt met "end"). • De deur vervolgens weer sluiten. • Na ongeveer 1 minuut zal de vaatwasser naar de einde cyclus stand gaan.

WIJZIGING VAN HET PROGRAMMA Om een programma waar de machine mee bezig is, te wijzigen, hoeft u alleen maar de deur te openen en het nieuwe programma te selecteren. Als u de deur weer sluit zal de vaatwasser automatisch het nieuwe programma uitvoeren.

Instructies Voor de Gebruiker 13 OM ENERGIE TE BESPAREN! … EN VOOR HET BEHOUD VAN HET MILIEU • Probeer om de vaatwasser altijd volledig gevuld te gebruiken. • Was de vaat niet onder stromend water. • Gebruik het voor de aard van de vaat meest geschikte programma. • Spoel niet vooraf eerst af. • Sluit, indien mogelijk, de vaatwasser aan op een warmwaterleiding tot 60°C. OM HET AFWASMIDDELVERBRUIK TE BEPERKEN! … EN VOOR HET BEHOUD VAN HET MILIEU De in de afwasmiddelen voor vaatwassers aanwezige fosfaten vormen een probleem voor het milieu. Om een overmatig afwasmiddel- en stroomverbruik te voorkomen, raden wij aan om: • de delicate vaat te scheiden van vaat die beter bestand is tegen agressieve afwasmiddelen en hoge temperaturen; • het afwasmiddel niet rechtstreeks op de vaat te gieten.

Wanneer het nodig mocht blijken om tijdens het wassen de deur te openen, zal het programma worden onderbroken, zal het betreffende controlelampje blijven knipperen en zal een geluidssignaal erop wijzen dat de cyclus nog niet is voltooid. U zult circa 1 minuut moeten wachten voordat u de deur kunt sluiten om het programma weer te hervatten. Bij het sluiten van de deur zal het programma weer worden hervat vanaf het punt waarop het werd onderbroken. Het verdient aanbeveling om deze handeling uitsluitend indien noodzakelijk uit te voeren, omdat het onregelmatigheden in de afwerking van het programma zou kunnen veroorzaken.

Instructies Voor de Gebruiker 14 BEËINDIGING Op het eind van het programma zendt de vaatwasser een kort geluidssignaal uit en zullen de programmacontrolelampjes nr. 4 en 5 (gekenmerkt met "end") knipperen. Om de machine uit te schakelen moet de deur worden geopend en de drukknop AAN/UIT (1) worden ingedrukt. VERWIJDEREN VAN DE VAAT Na beëindiging van het wasprogramma moet u tenminste 20 minuten wachten alvorens de vaat er uit te halen, om hem te laten afkoelen. Om te voorkomen dat eventuele in de bovenste korf achtergebleven waterdruppels op de nog in de onderste korf achtergebleven vaat vallen, wordt het aangeraden om eerst de onderste korf en daarna pas de bovenste korf leeg te halen.

Instructies Voor de Gebruiker 15 4. Gebruiksinstructies Na de vaatwasser op correcte wijze te hebben geïnstalleerd zijn de volgende handelingen noodzakelijk om hem te kunnen gebruiken: • Regeling van de ontharder; • Vullen met het regeneratiezout; • Vullen met glansspoelmiddel en afwasmiddel. 4.1 Gebruik van de waterontharder De hoeveelheid kalk in het water (hardheidsgraad van het water) is verantwoordelijk voor de witte vlekken op de opgedroogde vaat, die, na verloop van tijd mat zullen worden. De vaatwasser is uitgerust met een automatische ontharder die met gebruikmaking van hiervoor specifiek bestemd regeneratiezout, de hardheids-elementen uit het water onttrekt. De vaatwasser is in de fabriek afgesteld op een hardheidsgraad van 3 (gemiddelde hardheid 41-60°dF – 24-31°dH). Bij gebruik van gemiddeld hard water zal het zout na ongeveer 20 wasbeurten moeten worden bijgevuld.

Het reservoir van de ontharder heeft een capaciteit van ongeveer 1,5 Kg grof zout. Het reservoir bevindt zich onderin de vaatwasser. Na de onderste korf te hebben verwijderd moet u de dop van het reservoir linksom losdraaien en het zout met behulp van de met de vaatwasser geleverde trechter toevoegen. Alvorens de dop weer vast te draaien moet u eventuele zoutresten bij de opening verwijderen. • Bij de eerste inwerkingstelling van de vaatwasser dient u, afgezien van het zout, tevens een liter water in het reservoir te gieten. • Controleer altijd na het vullen van het reservoir of de dop goed is afgesloten. Het mengsel van water en afwasmiddel mag het reservoir niet binnendringen daar dit werking van het regeneratiesysteem zal beïnvloeden. In dat geval is de garantie niet meer geldig. • Gebruik uitsluitend regeneratiezout voor vaatwassers voor huishoudelijk gebruik.

Instructies Voor de Gebruiker 16 • Gebruik geen keukenzout, omdat dit niet-oplosbare substanties bevat die na verloop van tijd het onthardingssysteem kunnen beschadigen. • Vul, indien noodzakelijk, het zout bij vóór u het wasprogramma start; op deze wijze zal de overtollige zoutoplossing onmiddellijk door het water worden verwijderd; een langdurige aanwezigheid van zout water in de waskuip kan tot corrosievorming leiden. Let ervoor op dat u het zout niet met het afwasmiddel verwisselt: de aanwezigheid van afwasmiddel in het zoutreservoir zal de ontharder beschadigen. REGELING VAN DE ONTHARDER De vaatwasser is uitgerust met een inrichting die het mogelijk maakt om de regeling van de ontharder aan te passen aan de hardheid van het vulwater.

Instructies Voor de Gebruiker 17 TABEL HARDHEID VAN HET WATER HARDHEID VAN HET WATER Duitse graden (°dH) Franse graden (°dF) REGELING 0 - 4 0 - 7 Staand nr. 1 GEEN ZOUT 5 - 15 8 - 25 Staand nr. 1 16 - 23 26 - 40 Staand nr. 2 24 - 31 41 - 60 Staand nr. 3 32 - 47 61 - 80 Staand nr. 4 48 - 58 81 - 100 Staand nr. 5 Vraag het waterleidingbedrijf om de informatie betreffende de hardheidsgraad van het water. 4.2 Gebruik van de doseerbakjes voor het glansspoelmiddel en het afwasmiddel De doseerbakjes voor het afwasmiddel en het glansspoelmiddel bevinden zich aan de binnenkant van de deur: links dat van het afwasmiddel en rechts dat van het glansspoelmiddel. Uitgezonderd het WEEK programma, moet het afwasmiddelbakje vóór iedere wasbeurt met een geschikte dosis afwasmiddel worden gevuld. Het glansspoelmiddel hoeft alleen maar worden bijgevuld indien nodig.

Instructies Voor de Gebruiker 18 TOEVOEGING VAN HET GLANSSPOELMIDDEL Het glansspoelmiddel zal het opdrogen van de vaat versnellen en de vorming van vlekken en kalkafzettingen voorkomen; het wordt automatisch tijdens de laatste spoelbeurt aan het water toegevoegd vanuit het doseerbakje aan de binnenkant van de deur. Om het glansspoelmiddel toe te voegen: • Open de deur. • Draai de dop van het reservoir ¼ slag linksom en verwijder hem. • Vul het glansspoelmiddel bij tot het bakje vol is (circa 140 c.c.). Het venstertje naast de dop moet helemaal donker worden. Vul weer glansspoelmiddel bij als het venster lichter wordt of het controlelampje voor het ontbreken van het glansspoelmiddel gaat branden. • Plaats de dop weer terug en draai hem rechtsom. • Veeg het gemorste glansspoelmiddel met een doek af omdat dit tot schuimvorming kan leiden.

REGELING VAN DE DOSERING VAN HET GLANSSPOELMIDDEL De vaatwasser wordt in de fabriek op een gemiddelde waarde afgesteld. De dosering kan echter worden geregeld met behulp van de regelknop op de doseerder, de dosis zal proportioneel zijn aan de stand van de regelknop. • Voor de regeling van de dosering moet de dop van het reservoir ¼ slag linksom worden gedraaid en verwijderd. • Draai vervolgens met een schroevendraaier de regelaar van de dosering in de gewenste stand. • Plaats de dop weer terug en draai hem rechtsom vast. • De hoeveelheid glansspoelmiddel moet worden verhoogd als de gewassen vaat mat is of ronde vlekken vertoont. • Als de vaat daarentegen plakkerig aanvoelt of witte strepen vertoont moet de hoeveelheid glansspoelmiddel worden verminderd.

Instructies Voor de Gebruiker 19 VULLEN MET AFWASMIDDEL Om het deksel van het bakje te openen moet u drukknop P een weinig indrukken. Voeg het afwasmiddel toe en sluit het deksel zorgvuldig af. Tijdens het wassen zal het bakje automatisch worden geopend. • Wanneer u een programma met warme voorwas kiest (zie de programmatabel), moet u een extra hoeveelheid afwasmiddel in de holte G/H (afhankelijk van de modellen) doen. • Gebruik uitsluitend specifieke afwasmiddelen voor vaatwassers. Het gebruik van afwasmiddelen van goede kwaliteit is van groot belang voor optimale wasresultaten. • Bewaar het afwasmiddel in een gesloten verpakking op een droge plek om de vorming van klonten die de wasresultaten nadelig zullen beïnvloeden, te voorkomen. Eenmaal geopend zullen de afwasmiddelen niet al te lang bewaard kunnen blijven omdat het afwasmiddel aan efficiëntie zal inboeten.

• Gebruik geen afwasmiddel voor de handafwas omdat de hoge schuimproductie ervan de werking van de vaatwasser nadelig kan beïnvloeden. • Zorg voor een goede dosering van het afwasmiddel. Te weinig afwasmiddel zal leiden tot een onvolledige verwijdering van het vuil, terwijl een teveel ervan de efficiëntie niet zal verhogen, maar slechts verspilling is.

Instructies Voor de Gebruiker 20 • Er zijn vloeibare en afwasmiddelen in poedervorm in de handel, die onderling verschillen voor wat betreft hun chemische samenstelling en die fosfaten kunnen bevatten of niet, die in dat geval zijn vervangen door natuurlijke enzymen. - Fosfaathoudende afwasmiddelen zijn voornamelijk actief tegen vetten en amide bij temperaturen van meer dan 60°C. - De enzymen bevattende afwasmiddelen zijn ook al bij lagere temperaturen actief (vanaf 40 tot 55°C) en zijn biologisch beter afbreekbaar. Met dit type afwasmiddel kunnen bij lagere temperaturen dezelfde wasresultaten worden bereikt die anders pas bij programma's van 65°C mogelijk zouden zijn. Voor het behoud van het milieu bevelen wij het gebruik aan van afwasmiddelen zonder fosfaten of chloor.

• Op de markt vinden we ook afwasmiddelen in de vorm van tabletten, waarvan wordt verklaard dat ze het gebruik van zouten of glansmiddel overbodig maken. In bepaalde gevallen kunnen dergelijke afwasmiddelen niet doeltreffend blijken, vooral indien gebruikt met korte cycli en/of lage wastemperaturen. Bij problemen met de prestaties (bijv. een witte patina op de kuip of de vaat, slechte resultaten bij het drogen, resten op de vaat na het wassen) raden wij aan om weer terug te vallen op de traditionele producten (zout in korrels, wasmiddel in poedervorm, vloeibaar glansmiddel). Wij wijzen er echter op dat bij het terugkeren naar het gebruik van het traditionele zout een paar cycli nodig zullen zijn voordat de installatie weer volledig efficiënt zal werken; u kunt dus nog sporen van de witte patina op de kuip en de vaat vinden.

Mocht het probleem zich herhalen, waarschuw dan de Technische Dienst van de Klantenservice. • Wanneer u een afwasmiddel in de vorm van tabletten gebruikt (wij raden het gebruik aan van drie afzonderlijke producten: afwasmiddel, zout en glansmiddel) moet u de tabletten in de bestekcontainer leggen.

Het doseerbakje is ontworpen voor het gebruik van vloeibaar afwasmiddel of in poedervorm. Tijdens de wascyclus gaat het deurtje niet volledig open en een tabletje wordt daarom niet in zijn geheel afgegeven (gesmolten); dit zou kunnen leiden tot: - een onvoldoende hoeveelheid tijdens de cyclus afgegeven afwasmiddel, met slechte wasresultaten; - het samenpersen van het afwasmiddel in het doseerbakje en de afgifte ervan tijdens het spoelen op het eind. De aanwezigheid van, ook vloeibaar afwasmiddel, in het glansspoelmiddelreservoir zal de vaatwasser beschadigen.

Instructies Voor de Gebruiker 21 4.3 Waarschuwingen en algemene aanbevelingen Vóór de eerste ingebruikneming van de vaatwasser verdient het aanbeveling om eerst de onderstaande aanbevelingen met betrekking tot de aard van de te wassen vaat en de plaatsing ervan te lezen. Over het algemeen bestaan er geen beperkingen voor het wassen van de huishoudelijke vaat, maar in sommige gevallen moet met hun eigenschappen rekening worden gehouden. Alvorens de vaat in de korven te plaatsen moet u: • de grootste etensresten, zoals bijvoorbeeld botjes, graten enz. die de filter zouden kunnen verstoppen en de waspomp beschadigen, verwijderen; • de pannen of koekenpannen met op de bodem verbrande etensresten laten weken om het vuil beter te laten loskomen; om ze vervolgens in de ONDERSTE KORF te zetten.

Om niet onnodig water te verspillen moet u de vaat vooraf niet onder stromend water wassen voordat u hem in de korven laadt. Een correcte plaatsing van de vaat is een garantie voor goede wasresultaten. LET OP! • Controleer of de couverts goed stevig staan en niet kunnen omvallen en de draaiing van de sproeiarmen tijdens de werking niet belemmeren; • plaats geen hele kleine voorwerpen in de korven die bij het vallen de sproeiarmen of de waspomp zouden kunnen blokkeren; • vaat zoals bijv. kopjes, schotels, glazen, bekers en pannen moeten altijd met de opening naar beneden en met eventuele holle kanten schuin worden gezet om het weglopen van het water te bevorderen; • de verschillende delen van de vaat niet in elkaar zetten omdat ze elkaar anders zouden afdekken; • plaats glazen niet te dicht op elkaar omdat ze met elkaar in aanraking zouden kunnen komen en breken.

Instructies Voor de Gebruiker 22 Ongeschikte vaat voor het wassen in een vaatwasser: • Houten pannen en couverts: kunnen beschadigd raken als gevolg van de hoge wastemperaturen; • handwerkproducten: zijn slechts zelden geschikt om te worden gewassen in een vaatwasser. De relatief hoge watertemperaturen en het afwasmiddel kunnen ze beschadigen; • plastic couverts: eventueel hittebestendige plastic couverts moeten in de bovenste korf worden gewassen; • couverts en voorwerpen van koper, tin, zink en messing: hebben de neiging om vlekken te vormen; • aluminium vaat: vaat van geanodiseerd aluminium kan verkleuren; • glas en kristal: over het algemeen kunnen glazen en kristallen voorwerpen in de vaatwasser worden gewassen.

Er bestaan echter glas- en kristalsoorten die na vele wasbeurten mat kunnen worden en hun transparantie verliezen; voor dit soort materiaal raden wij altijd aan om het minst agressieve programma van de programmatabel te kiezen; • vaat met decoraties: de in de handel verkrijgbare gedecoreerde voorwerpen zijn over het algemeen goed tegen het wassen in de vaatwasser bestand ook al is het mogelijk dat de kleuren na frequente wasbeurten vervagen, Bij twijfel over de bestendigheid van de kleuren verdient het aanbeveling om ongeveer een maand lang een paar elementen per keer te wassen.

Instructies Voor de Gebruiker 23 4.4 Gebruik van de korven De vaatwasser heeft een capaciteit van 10 couverts inclusief het opdienservies. DE ONDERSTE KORF De onderste korf ontvangt de maximale intensiteit van de werking van de onderste sproeiarm en is daarom bestemd voor de "moeilijkste" en vuilste vaat. Alle mogelijke beladingscombinaties zijn toegestaan, op voorwaarde dat er bij de plaatsing van het servies, de pannen en de koekenpannen voor wordt gezorgd dat alle vuile oppervlakken worden blootgesteld aan de van onderen afkomstige waterstralen. Met vaste supports Voor een maximale benutting van de beschikbare ruimte kunnen de supporten van de onderste mand naar beneden worden verplaatst. Met verstelbare supporten BELADING VAN DE ONDERSTE KORF Plaats de platte, diepe, dessert- en dienborden zorgvuldig rechtop.

De pannen, koekenpannen en bijbehorende deksels moet ondersteboven worden geplaatst. Zorg er bij het plaatsen van de diepe en dessertborden altijd voor dat er vrije ruimte tussen blijft. Laadvoorbeelden:

Instructies Voor de Gebruiker 24 BESTEKCONTAINER Het bestek moet gelijkmatig over de container worden verdeeld, met het handvat naar beneden gericht waarbij u goed moet opletten dat u zich niet bezeert aan de lemmetten van de messen. De container is bestemd voor alle soorten bestek, uitgezonderd bestek waarvan de lengte de bovenste sproeiarm hindert. Spanen, houten lepels en keukenmessen kunnen in de bovenste korf worden gelegd, waarbij u ervoor moet opletten dat de punt van de messen niet buiten de korf uitsteekt. De bestekkorf is uitgerust met een exclusief systeem van onderling onafhankelijke verschuifbare flappen, die meerdere nuttige combinaties mogelijk maken voor een optimale benutting van de beschikbare ruimte.

Verticale insteekstukken Handeling voor het er uit trekken van de insteekstukken BOVENSTE KORF Het wordt aangeraden om de bovenste korf te vullen met klein of middelgroot serviesgoed, zoals bijvoorbeeld glazen, kleine borden, koffie- en theekopjes, platte schotels en lichte, hittebestendige plastic voorwerpen. Bij gebruik van de bovenste korf in de laagste stand kunnen er ook dienborden in worden geplaatst, mits slechts licht bevuild. De bovenste korf beschikt over twee "bestekcontainer" flappen die naar wens kunnen worden geopend of gesloten. Zie de onderstaande afbeeldingen. Horizontaal insteekstuk gesloten Horizontaal insteekstuk geopend

Instructies Voor de Gebruiker 25 BELADING VAN DE BOVENSTE KORF Laad de borden met de holle zijde naar voren; kopjes en holle recipiënten moeten altijd met de opening naar beneden worden gezet. Aan de linkerkant van de mand kunt u op twee niveaus kopjes en glazen laden. In het midden kunt u borden en bordjes rechtop in de speciale supporten zetten. Laadvoorbeelden: REGELING VAN DE BOVENSTE KORF De bovenste korf kan in twee standen worden gezet, afhankelijk van de persoonlijke behoeften en de hoogte van de in de onderste korf geplaatste vaat. Ga hiervoor als volgt te werk: • draai de blokkeringen E van beide geleiders, rechts en links, 90°; • trek de korf eruit; • til de korf op en steek de laagste wielenparen in de geleiders; • zet de blokkeringen E weer terug in de beginstand.

Instructies Voor de Gebruiker 26 5. Schoonmak en onderhoud Voordat u onderhoud gaat uitvoeren op het apparaat moet u de stekker uit het stopcontact verwijderen of de spanning onderbreken met de meerpolige scheidingsinrichting. 5.1 Waarschuwingen en algemene aanbevelingen Vermijd het gebruik van schurende of bijtende schoonmaakmiddelen. De buitenoppervlakken en de contradeur van de vaatwasser moeten met regelmatige tussenpozen met een zachte met een normaal schoonmaakmiddel voor geverfde oppervlakken bevochtigde doek worden schoongemaakt. De pakkingen van de deur moeten met een vochtige spons worden schoongemaakt. Periodiek (één of twee keer per jaar) verdient het aanbeveling om al het vuil dat zich op de kuip en de afdichtingen heeft gevormd met een zachte doek en wat water te verwijderen.

SCHOONMAKEN VAN HET WATERTOEVOERFILTER Het na de kraan geplaatste toevoerfilter voor het water A moet regelmatig worden schoongemaakt. Sluit de waterkraan, draai het uiteinde van de toevoerslang los, verwijder het filter A en maak hem voorzichtig onder een straal water schoon. Plaats het filter A weer in diens houder terug en draai de watertoevoerslang zorgvuldig vast. SCHOONMAKEN VAN DE SPROEIARMEN De sproeiarmen kunnen gemakkelijk worden verwijderd om de mondstukken periodiek te reinigen en mogelijke verstoppingen te voorkomen. Was ze onder een straal water en plaats ze weer zorgvuldig in hun houders terug en controleer of hun draaibeweging op geen enkele wijze wijze wordt belemmerd. Om de bovenste sproeiarm te verwijderen moet de stelring R worden losgedraaid.

Instructies Voor de Gebruiker 27 SCHOONMAKEN VAN DE TRANSLATIESPROEIARM Om de TRANSLATIESPROEIARM te verwijderen moet u hem beetpakken en naar boven trekken, om zowel de sproeiarm als het buisstuk van de kuip los te maken en vervolgens de sproeier van het buisstuk te verwijderen. Was zowel het buisstuk als de sproeiarm onder stromend water. Bevestig de sproeiarm weer op het buisstuk en monteer het geheel weer terug op zijn plek op de kuip. Na voltooiing van de montage moet u controleren of de arm vrij kan draaien (draai hem met de hand een paar keer rond) en of het buisstuk ongehinderd heen en weer kan bewegen. Wanneer dit niet het geval is moet u controleren of ze correct zijn gemonteerd. SCHOONMAKEN VAN DE FILTERGROEP • Het verdient aanbeveling om regelmatig het centrale filter H te controleren en, indien noodzakelijk, schoon te maken.

Om het filter te verwijderen moet u de handgreep beetpakken, linksom draaien en naar boven trekken. • Druk van onderen tegen het centrale filter H om hem uit het microfilter te verwijderen. • Scheid de twee delen waaruit het plastic filter bestaat door op de door de pijl aangegeven plaats tegen het lichaam van het filter te drukken. • Verwijder het centrale filter door hem naar boven te trekken.

Instructies Voor de Gebruiker 28 WAARSCHUWINGEN EN AANBEVELINGEN VOOR EEN GOED ONDERHOUD: • De filters moeten met een harde borstel onder een waterstraal worden schoongemaakt. • Controleer bij het verwijderen van het filter of er geen etensresten op zijn achtergebleven. Eventuele in het putje gevallen resten zouden bepaalde hydraulische onderdelen kunnen blokkeren of de mondstukken van de sproeiers kunnen verstoppen. • Het is absoluut noodzakelijk dat de filters zorgvuldig worden schoongemaakt overeenkomstig de bovenstaande aanwijzingen: de vaatwasser kan niet functioneren als de filters verstopt zijn. • Plaats de filters weer zorgvuldig terug in hun houders, om schade aan de waspomp te voorkomen. ALS DE VAATWASSER LANGDURIG BUITEN GEBRUIK BLIJFT: • Voer twee keer achter elkaar het weekprogramma uit. • Trek de steker uit het stopcontact.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Fagor LF-453 IT stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden