Etna HF2026 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Etna HF2026 (64 pagina’s), behorend tot de categorie Fornuis. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 77 mensen en kreeg gemiddeld 4.9 sterren uit 5 reviews. Heb je een vraag over Etna HF2026 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Etna |
| Categorie: | Fornuis |
| Model: | HF2026 |
Handleiding Etna HF2026 – volledige tekst
NL 2Uw inductiekookplaatInleiding 4Beschrijving 5Bedieningspaneel 6Meldingen op het display 7VeiligheidTemperatuurbeveiliging 8Kookduurbegrenzer 8Vermogensregeling 8Voor het eerste gebruikGebruik van de aanraaktoetsen en de schuifregelaar 9Inductiegeluiden 9Geschikte pannen 9Pandetectie 10Vermogensniveaus 10Richtlijnen voor het koken 11Gebruik van de afzuigunit 12Reiniging 12Bediening van de kookplaatBereiding starten 13Boost 13Pandetectiesymbool 13Klaar met koken 14De automatische opwarmfunctie inschakelen 14De warmhoudfunctie inschakelen 14De Bridge-inductiekookzones koppelen 15Koken pauzeren 15Herstelfunctie 16De eierwekker gebruiken 16De timer gebruiken 16Kinderslot 18Vergrendelingsfunctie voor een snelle reiniging tijdens het koken 18INHOUDSOPGAVE
NL 4InleidingGefeliciteerd met uw keuze voor dit toestel van Etna. In het ontwerp van dit product heeft eenvoudige bediening en optimale gebruiksvriendelijkheid centraal gestaan. In deze handleiding leest u hoe u dit toestel het best kunt gebruiken. Naast informatie over de bediening, vindt u hier ook achtergrondinformatie die u tijdens het gebruik van het toestel van pas kan komen. Lees eerst de separate veiligheidsinstructies voordat u het toestel gebruikt. Lees deze handleiding door voordat u het toestel in gebruik neemt, en berg de handleiding daarna veilig op voor toekomstig gebruik. Deze handleiding dient als referentie voor de servicedienst. Plak het typeplaatje in het daarvoor bestemde kader, achter op de handleiding.
NL 7NLMeldingen op het displayDisplay kookzone Beschrijving - Vermogensniveau: 1 = lage stand / 9 = hoge stand.Boostniveau actief.Geen (geschikte) pan op de kookzone (pandetectiesymbool).Restwarmte-indicator: de kookplaat heeft voor elke kookzone een restwarmte-indicator waarmee wordt aangegeven welke kookzone nog warm is. Zelfs als de kookplaat is uitgeschakeld, blijft de indicator ‘H’ ingeschakeld zolang de kookzone nog warm is! Raak de kookzones niet aan wanneer deze indicator brandt. Gevaar! Risico op brandwonden.Kinderslot actief.Automatische verhitting actief.Warmhoudfunctie actief.Pauzefunctie actief.Gekoppelde Bridge inductie zones actief.Timer actief.Display afzuigunit Beschrijving - Afzuigsnelheid: 1 = lage stand / 9 = hoge stand.Boostniveau actief. / ‘FG’ en ‘FC’: Indicatie verzadiging twin-lters.
NL 8Lees eerst de afzonderlijke veiligheidsinstructies voordat u het apparaat in gebruik neemt!TemperatuurbeveiligingEen sensor controleert continu de temperatuur van bepaalde onderdelen van de kookplaat. Elke kookzone is voorzien van een sensor die continu de temperatuur van de bodem van de pan controleert om risico op oververhitting te voorkomen wanneer een pan droogkookt. Bij een te hoge temperatuur wordt de kookstand van de kookplaat automatisch verlaagd of wordt de kookplaat automatisch uitgeschakeld.KookduurbegrenzerDe kookduurbegrenzer is een veiligheidsfunctie van uw kookplaat. Deze wordt geactiveerd als u vergeet de kookplaat uit te schakelen.
Afhankelijk van het gekozen vermogensniveau wordt de kookduur als volgt begrensd:Vermogensniveau Maximale gebruikstijd (in uren, minuten)1 8 uur, 36 min.2 6 uur, 42 min.3 5 uur, 18 min.4 4 uur, 18 min.5 3 uur, 30 min.6 2 uur, 18 min.7 2 uur, 18 min.8 1 uur, 48 min.9 1 uur, 30 min.P (boost) 5 min. (schakelt dan terug naar stand 9)VermogensregelingTwee kookzones die achter elkaar liggen beïnvloeden elkaar. Wanneer deze kookzones tegelijk ingeschakeld zijn, wordt het vermogen automatisch verdeeld. Wanneer de boostfunctie wordt gekozen, wordt de andere kookzone automatisch op een iets lagere stand gezet. Staat een kookzone op boost en u wilt de andere op stand 9 of boost zetten, zal de kookzone met boost automatisch naar een lagere stand gaan. De automatische opwarmfunctie wordt uitgeschakeld.VEILIGHEID
NL 9NLVOOR HET EERSTE GEBRUIKGebruik van de aanraaktoetsen en de schuifregelaarPlaats uw vingertop plat op een toets of op de schuifregelaar voor het beste resultaat. U hoeft geen druk uit te voeren. De aanraaktoetsen reageren alleen op lichte druk van een vingertop.Bedien de toetsen niet met andere objecten.InductiegeluidenEen tikkend geluidDit wordt veroorzaakt door de vermogensbegrenzer op de linker- en rechterzones. Ook bij lagere kookstanden kunt u een tikkend geluid horen. Pannen maken geluidPannen kunnen tijdens het koken geluid maken. Dit wordt veroorzaakt door de energie die van de kookplaat naar de pan stroomt. Bij hoge niveaus is dit bij sommige pannen een heel normaal verschijnsel.De ventilator maakt geluidHet toestel is voorzien van een ventilator om de levensduur van de elektronica te verlengen.
Als u het toestel intensief gebruikt, wordt de ventilator ingeschakeld om het toestel te koelen en hoort u een zoemend geluid. De ventilator blijft nog enkele minuten doorwerken nadat de kookplaat is uitgeschakeld.Geschikte pannenVoor inductiekoken moet een pan een dikke vlakke bodem hebben (minimaal 2,25 mm). Gebruik pannen van magnetisch materiaal of pannen met een sandwichbodem. Pannen van koper, aluminium of keramisch materiaal zijn niet geschikt.Gebruik alleen pannen met een vlakke bodem. Een holle of bolle bodem kan de werking van de droogkookbeveiliging belemmeren; het toestel kan dan te warm worden. Dit kan tot schade leiden. Schade, ontstaan door het gebruik van ongeschikte pannen of droogkoken, valt buiten de garantie.Pannen die op een gaskookplaat zijn gebruikt, zijn niet meer geschikt voor inductiekoken.Wees voorzichtig met dunne plaatstaal geëmailleerde pannen!
NL 10VOOR HET EERSTE GEBRUIKMinimale pandiameter• De minimale pandiameter per zone is als volgt: ▷ Ø160 mm: minimale pandiameter 120 mm. ▷ Ø200 mm: minimale pandiameter 140 mm. ▷ Octa zone: minimale pandiameter 140 mm.• Het beste resultaat wordt bereikt met een pan die dezelfde diameter heeft als de kookzone. De kookzone wordt niet ingeschakeld als een pan te klein is.• Op gekoppelde Bridge inductie kookzones moet de minimale pandiameter 220 mm zijn.Let opZorg ervoor dat de onderzijde van de pan en het oppervlak van de kookzone schoon en droog zijn. Wij adviseren om pannen op te tillen en niet te verschuiven over de kookplaat.Pandetectie• Als de kookplaat, na plaatsing van een pan op een kookzone, geen (geschikte) pan detecteert, gaat het symbool voor pandetectie op het display knipperen. De kookzone schakelt na 20 seconden uit.
Het symbool verdwijnt wanneer er een geschikte pan op de kookzone wordt geplaatst.• Haalt u tijdens het koken een pan van de kookzone af, dan verschijnt het pandetectie-symbool. De kookzone schakelt uit. Het symbool verdwijnt als u de pan weer terug plaatst. De kookzone schakelt weer in met het eerder ingestelde vermogensniveau.VermogensniveausDe kookzones hebben 9 niveaus en een boostniveau (P). Stel het vermogensniveau in door de regelaar aan te raken. Door over de regelaar te vegen, verandert u de instelling. De stand wordt hoger wanneer u naar rechts schuift. De stand wordt lager wanneer u naar links schuift. Als u uw vinger van de regelaar haalt, begint de kookzone op de ingestelde stand te verwarmen.Boostfunctie• Met de boostfunctie kunt u gedurende korte tijd (maximaal 5 minuten) op de hoogste vermogensstand koken.
NL 11NLVOOR HET EERSTE GEBRUIKRichtlijnen voor het kokenAangezien de instellingen afhankelijk zijn van de hoeveelheid en samenstelling van het gerecht in de pan, geldt de onderstaande tabel alleen als richtlijn.Gebruik de boost-instelling voor:• snel aan de kook brengen van vloeistof.Gebruik instelling 8 en 9 voor:• aanbraden van vlees;• voedsel bruinen;• beginnen met koken;• bakken van wentelteefjes; • bakken van bacon (vet);• bakken van gekookte aardappelen;• frituren van voedsel.Gebruik instelling 6 en 7 voor:• bakken van dikke pannenkoeken;• bakken van dikke lappen gepaneerd vlees en gepaneerde vis;• koken van rauwe aardappelen;• bereiden van vis;• bakken van omeletten.Gebruik instelling 5 en 6 voor:• iets aan de kook houden.• zachtjes koken van voedsel;• doorkoken van pasta;• doorkoken van grote hoeveelheden;• ontdooien van harde groenten.Gebruik instelling 1-4 voor:• trekken van bouillon;• stoven van vlees;• zacht koken van groenten;• smelten van chocolade;• pocheren;• smelten van kaas.
NL 12Gebruik van de afzuigunit Kook bij voorkeur met een deksel op de pan; dit vermindert kookgeuren en energieverbruik. Een te vochtig geurfilter door waterdampen, vermindert tevens de effectiviteit van het geurfilter.ReinigingEerste gebruik• Gebruik een vochtige doek om het glasoppervlak schoon te maken voor het eerste gebruik.• Het is aan te raden om het toestel te drogen (nadat het met een vochtige doek is schoongemaakt) om kalkaanslag te voorkomen.VOOR HET EERSTE GEBRUIK
NL 13NLLees het hoofdstuk ‘Voor het eerste gebruik’ zorgvuldig door voordat u begint met koken. Dit voorkomt onjuist gebruik van de kookplaat.Voor een goed gebruik van het product wordt aanbevolen om tijdens het koken altijd de afzuiging aan te zetten.Bereiding starten1. Raak de aan/uit-toets aan totdat u een geluidssignaal hoort. ▷ De displays lichten op; de inductiekookplaat staat in de stand-by modus. ▷ De kookzones en de afzuigunit hebben vermogensniveau nul. Als de kookplaat 20 seconden niet wordt gebruikt, wordt deze automatisch uitgeschakeld.2. Plaats een geschikte pan op een kookzone.3. Raak de kookzonetoets van de kookzone aan. Zolang het display van de kookzone fel brandt, is de kookzone geselecteerd en kan het vermogensniveau worden ingesteld.Wanneer de response tijd is verstreken, of tijdens het koken, activeert u de kookzone door de kookzonetoets aan te raken. 4.
Stel binnen 10 seconden het vermogen in door de schuifregelaar aan te raken. ▷ De kookzone start op het ingestelde niveau. BoostU kunt de boostfunctie gebruiken om max. 5 minuten op de hoogste kookstand te koken. De boostfunctie kan voor maximaal twee naast elkaar liggende kookzones tegelijk gebruikt worden.1. Raak vermogensniveau P aan om de boostfunctie te selecteren. ▷ ‘P’ verschijnt op het display. ▷ Na het verstrijken van de maximale boosttijd wordt het vermogen verlaagd naar stand 9.PandetectiesymboolWanneer het symbool voor pandetectie op het display verschijnt:• hebt u de pan niet op de juiste kookzone geplaatst; • is de gebruikte pan niet geschikt voor inductiekoken;• is de pan te klein of niet goed op de kookzone geplaatst. ▷ De kookzone werkt niet totdat er een geschikte pan op de kookzone is geplaatst.BEDIENING VAN DE KOOKPLAAT
NL 14Klaar met koken 1. Zet het vermogensniveau op ‘0’ om de kookzone uit te schakelen.2. Schakel de inductiekookplaat uit door de aan/uit-toets aan te raken.Het symbool H wordt weergegeven op het display van de kookzone, als deze te heet is om te worden aangeraakt. Het symbool verdwijnt wanneer het oppervlak is afgekoeld tot een veilige temperatuur. U kunt ook energie besparen door een nog hete kookzone te gebruiken om andere pannen te verwarmen.De automatische opwarmfunctie inschakelenMet deze functie wordt de kookzone op het hoogste niveau ingesteld zodat uw pan snel op de gewenste temperatuur is. Na verloop van een bepaalde tijd keert het vermogensniveau weer terug naar het ingestelde vermogen. Deze functie is beschikbaar voor vermogensniveau 1 t/m 8. Vermogens-niveauOpwarmtijd (seconden)1 482 1443 2304 3125 4086 1207 1688 2161.
Schakel de kookplaat in en selecteer de gewenste kookzone . 2. Raak de schuifregelaar ten minste 3 seconden op het gewenste niveau aan (van 1 t/m 8). ▷ In het display verschijnt een ‘A’ afgewisseld met het geselecteerde vermogensniveau. Na afloop van de automatische opwarmtijd schakelt de kookzone automatisch over naar het gekozen niveau, dat permanent op het display wordt weergegeven. 3. Stop de automatische opwarmfunctie door de kookzone te selecteren en de schuifregelaar aan te raken.De warmhoudfunctie inschakelen1. Schakel de kookplaat in en plaats een geschikte pan op een kookzone. 2. Raak de kookzonetoets van de gewenste kookzone aan. ▷ De ‘0’ van de geselecteerde kookzone licht duidelijk op en er klinkt een enkele pieptoon. BEDIENING VAN DE KOOKPLAAT
NL 15NL3. Raak de warmhoudtoets aan. ▷ Het warmhoudsymbool ‘u’ verschijnt op het display. De warmhoudfunctie is geselecteerd. 4. Zet het vermogensniveau op ‘0’ of raak de warmhoudtoets aan om de warmhoudfunctie uit te schakelen. De Bridge-inductiekookzones koppelenTwee Bridge-inductiezones kunnen aan elkaar worden gekoppeld. Hierdoor ontstaat één grote zone die kan worden gebruikt voor bijvoorbeeld een grillplaat of een vispan op hetzelfde vermogen. De pan moet groot genoeg zijn om het midden van de voorste en achterste kookzone te bedekken (minimaal 22 cm). Koppeling van Bridge-inductiekookzones1. Schakel de kookplaat in.2. Raak tegelijkertijd de kookzonetoetsen aan de linkerzijde aan. ▷ Een verbindingssymbool verschijnt op het display van de achterste kookzone om aan te geven dat de twee kookzones zijn verbonden.3. Stel het vermogen in door de schuifregelaar aan te raken.
▷ Het display van de voorste kookzone toont het vermogensniveau.Ontkoppeling van Bridge-inductiekookzones1. Raak de kookzonetoetsen van de verbonden kookzones tegelijk aan. ▷ Het verbindingssymbool verdwijnt op het display van de achterste kookzone.Koken pauzerenDeze functie stopt de kookactiviteit tijdelijk (max. 10 minuten); de afzuiging gaat in de laagste stand en timers en tellers worden gepauzeerd.1. Raak de pauzetoets aan. ▷ Alle displays tonen het pauzesymbool.2. Om door te gaan met koken; raak minstens 1 seconde de pauzetoets aan totdat deze knippert.3. Raak binnen 10 seconden een willekeurige toets aan en het kookproces wordt vervolgd. ▷ De kookplaat wordt na 10 minuten automatisch uitgeschakeld als de pauzefunctie tussendoor niet wordt beëindigd.BEDIENING VAN DE KOOKPLAAT
NL 16HerstelfunctieAls de kookplaat met de aan/uit-toets per ongeluk werd uitgeschakeld, kunnen alle instellingen worden teruggezet met behulp van de herstelfunctie.1. Raak binnen 6 seconden opnieuw de aan/uit-toets aan. ▷ De pauzetoets knippert.2. Raak binnen 6 seconden de pauzetoets aan. ▷ De vorige instellingen zijn weer actief. De eierwekker gebruiken De eierwekker is niet aan een kookzone gekoppeld. De eierwekker schakelt de kookzone of de afzuigunit niet uit.De kookplaat is ingeschakeld. 1. Raak de eierwekkertoets aan om de eierwekker in te schakelen. ▷ Het display van de timer toont ‘0.00’.2. Gebruik de toets ‘+’ of ‘-’ om de gewenste tijd in te stellen (van 1 minuut tot 9 uur en 59 minuten). ▷ De linkerpositie van het timerdisplay geeft de uren weer, de overige posities de minuten. ▷ Wanneer de tijd is ingesteld, begint deze af te tellen.
▷ Op het timerdisplay wordt de resterende tijd weergegeven. ▷ De laatste 10 minuten worden in minuten en seconden weergegeven. ▷ De timer knippert en het alarm klinkt wanneer de ingestelde tijd is verstreken. 3. Raak het timerdisplay aan om het alarm uit te schakelen. ▷ Het alarm stopt automatisch na 2 minuten. Raak de eierwekkertoets aan en raak vervolgens de toets ‘-’ aan om de tijd in te stellen op ‘0.00’ om voortijdig de eierwekker uit te schakelen. Als de kookplaat uitgeschakeld is; raak tweemaal achter elkaar de aan/uit-toets aan om voortijdig de eierwekker uit te schakelen.De timer gebruiken De timer is gekoppeld aan een kookzone. Nadat de ingestelde tijd is verstreken schakelt de kookzone automatisch uit.De kookplaat is ingeschakeld en voor minimaal één kookzone is het vermogen ingesteld.1. Raak de gewenste kookzonetoets aan.BEDIENING VAN DE KOOKPLAAT
NL 17NL2. Raak het timersymbool aan. ▷ Het timersymbool van de actieve kookwekker licht helder op. ▷ Het display van de timer toont ‘0. 00’. 3. Gebruik de toets ‘+’ of ‘-’ om de gewenste tijd in te stellen (van 1 minuut tot 9 uur en 59 minuten). ▷ De linkerpositie van het timerdisplay geeft de uren weer, de overige posities de minuten. ▷ Wanneer de tijd is ingesteld, begint deze af te tellen en het timersymbool knippert langzaam. ▷ Op het timerdisplay wordt de resterende tijd weergegeven. ▷ De laatste 10 minuten worden in minuten en seconden weergegeven. ▷ De geselecteerde kookzone wordt automatisch uitgeschakeld zodra de ingestelde tijd is verstreken. ▷ De timer knippert en het alarm klinkt wanneer de ingestelde tijd is verstreken. 4. Raak het timersymbool aan om het alarm uit te schakelen. ▷ Het alarm stopt automatisch na 2 minuten. Alle kookzones kunnen een ingestelde timer hebben.
Het display toont altijd de tijd van de kookzone met de kortst resterende tijd. De vooraf ingestelde tijd wijzigenU kunt de tijd op elk gewenst moment wijzigen. 1. Raak de betreffende kookzonetoets aan. 2. Raak het timersymbool aan. 3. Gebruik de toets ‘+’ of ‘-’ om de tijd te wijzigen. De resterende tijd controleren1. Druk op de kookzonetoets om de zone te selecteren waarvan u de resterende tijd wilt zien. ▷ Een aan de timer gekoppelde zone is te herkennen aan het knipperende timersymbool boven het kookzonedisplay. ▷ De timer geeft de resterende tijd van de geselecteerde kookzone weer. ▷ Tijdens de laatste 10 minuten van de looptijd wordt de resterende tijd in minuten en seconden weergegeven. De timer uitschakelenOm de timer uit te schakelen voordat de ingestelde tijd is verstreken:1. Raak de kookzonetoets aan om de zone te selecteren waarvan u de timer wilt uitschakelen.
NL 18KinderslotOm het kinderslot in te schakelen, moeten de beschreven stappen binnen 10 seconden worden uitgevoerd.1. Schakel de kookplaat in.2. Raak een willekeurige kookzonetoets 3 seconden aan.3. Laat de toets los en schuif van 0 naar 9 over de schuifregelaar. ▷ Alle displays tonen het symbool ‘L’.De kookplaat is nu vergrendeld. Onbedoeld inschakelen van het toestel wordt hiermee voorkomen. Na 20 seconden wordt de kookplaat automatisch uitgeschakeld.Om het kinderslot uit te schakelen, moeten de beschreven stappen binnen 10 seconden worden uitgevoerd.1. Schakel de kookplaat in.2. Raak een willekeurige kookzonetoets 3 seconden aan.3. Laat de toets los en schuif van 9 naar 0 over de schuifregelaar. ▷ Het symbool “L” verdwijnt in alle displays; het kinderslot is nu gedeactiveerd.Vergrendelingsfunctie voor een snelle reiniging tijdens het koken1. Raak de vergendelingstoets aan.
NL 19NLHandmatig de afzuigunit in- en uitschakelen1. Raak de afzuigtoets aan. ▷ Het display van de afzuigunit licht op.2. Stel binnen 3 seconden de afzuigsnelheid in door de schuifregelaar aan te raken (1 t/m P). ▷ De afzuigunit schakelt in op het ingestelde niveau. ▷ Stel een hoger of lager niveau in met de schuifregelaar.3. Zet de afzuigsnelheid op ‘0’ om de afzuigunit uit te schakelen.4. Schakel de inductiekookplaat uit door de aan/uit-toets aan te raken. In de recirculatiemodus werkt de afzuigunit nog 20 minuten in naloopstand als de kookplaat wordt uitgeschakeld.BoostU kunt de boostfunctie gebruiken om max. 6 minuten op de hoogste stand af te zuigen.1. Raak niveau P aan om de boostfunctie te selecteren. ▷ ‘P’ verschijnt op het display. ▷ Na het verstrijken van de maximale boosttijd wordt de afzuigsnelheid verlaagd naar stand 9.
In de recirculatiemodus is er geen tijdslimiet en blijft de boostfunctie actief.2. Zet de afzuigsnelheid op ‘0’ om de afzuigunit uit te schakelen.3. Schakel de inductiekookplaat uit door de aan/uit-toets aan te raken.De automatische afzuigmodus in- en uitschakelenIn de automatische afzuigmodus wordt de afzuigsnelheid automatisch aangepast aan het gebruik van de kookzones.1. Raak de afzuigtoets 3 seconden aan. ▷ ‘A’ verschijnt op het display.2. Raak de afzuigtoets weer 3 seconden aan om de automatische afzuigmodus uit te schakelen.BEDIENING VAN DE AFZUIGUNIT
NL 20BEDIENING VAN DE AFZUIGUNITInstellen van een aantal minuten vertragingstijdGebruik deze functie om de afzuigunit met een vertraging van een aantal minuten uit te schakelen.De automatische afzuigmodus moet uitgeschakeld zijn.1. Schakel de kookplaat in.2. Raak de afzuigtoets aan en stel een afzuigsnelheid in.3. Raak het timersymbool aan. ▷ Het timersymbool van de afzuigunit licht helder op.4. Gebruik de toets ‘+’ of ‘-’ om de gewenste vertragingstijd in te stellen. ▷ De tijd begint automatisch af te tellen. ▷ De afzuigunit wordt na de ingestelde tijd uitgeschakeld.Verzadiging van de twin-filtersDe gebruikte filters in deze kookplaat zijn gecombineerde filters voor vet- en geurfiltering.
Afhankelijk van de gebruiksintensiteit van het toestel, het kookgedrag en de regenereringscycli dient u de twin-filters te vervangen:• wanneer u merkt dat de geurfiltering niet meer voldoende is (de gemiddelde tijd is 240 bedrijfs uren).• uiterlijk na 1 jaar gebruik.• wanneer de filters duidelijk beschadigd zijn.
NL 21NLWanneer in het gebruikersmenu de instelling voor reciriculatie wordt geactiveerd, komt er (na 120 uur) een extra melding voor reiniging van het geurfilter (‘F’ en ‘C’ verschijnen afwisselend in de display van de afzuigunit). Uw toestel is voorzien van Twin-filters waarbij vetfilter en geurfilter zijn gecombineerd. U kunt daarom deze melding resetten zoals hierna beschreven en de onderhoudsvoorschriften volgen zoals beschreven in ‘Onderhoud/Filters en waterreservoir’.Geheugenreset van de indicatie van de filterverzadigingReset het geheugen na het onderhoud/vervangen van de twin-filters.1. Schakel de kookplaat in.2. Raak gedurende 3 seconden de afzuigtoets aan. ▷ Op het display van de afzuigunit verdwijnt de verzadigingsmelding en het geheugen start opnieuw met tellen.BEDIENING VAN DE AFZUIGUNIT
NL 22GEBRUIKERSMENU In het gebruikersmenu kan de gebruiker o.a. de signaleringen van de kookplaat naar wens instellen. Het gaat hierbij om zowel akoestische (toon en volume) als visuele signaleringen.Menu codeBeschrijving ConfiguratiewaardeU0 Toont het ingestelde maximale vermogen.7400 W (standaard)U1 Uitblaas naar buiten / Recirculatie0: uitblaas naar buiten (standaard)1: recirculatieU2 Volume geluidssignaal toetsen 0 (uit) - 1 - 2 - 3 max. (standaard)U3 Volume geluidssignaal alarm 0 (uit) - 1 - 2 - 3 max. (standaard)U4 Lichtsterkte display Max. 0 (standaard) - 1 - 2 - 3 - 4 - 5 - 6 - 7 - 8 - 9 Min.U5 Aftelanimatie 0: uit (standaard)1: aanU7 Geluidssignaal na aftellen timer0: geluidssignaal gedurende 120 seconden (standaard)1: geluidssignaal gedurende 10 seconden 2: geen geluidssignaalOpen het gebruikersmenu1. Raak binnen drie seconden de aan/uit-toets twee keer aan.
NL 23NL4. Laat de pauzetoets los. ▷ “U” knippert afwisselend met nummer “0” op het display van de kookzone links achter. ▷ De configuratiewaarde voor U0 verschijnt op het timerdisplay.5. Raak de kookzonetoets van de kookzone links achter aan en kies het juiste nummer van het menu (zie tabel). ▷ De configuratiewaarde verschijnt op het display van de kookzone links voor.6. Raak de kookzonetoets van de kookzone links voor aan en kies de juiste waarde (zie tabel).7. Bevestig de instelling door de aan/uit-toets aan te raken totdat u een geluidssignaal hoort.GEBRUIKERSMENU
NL 24VERMOGENSBEGRENZERHet instellen van de vermogensbegrenzer mag alleen worden uitgevoerd door een erkende en gekwalificeerde installateur. Lees de veiligheidsvoorschriften en de installatie-instructies zorgvuldig door. De kookplaat is voorzien van een vermogensbegrenzer. Als het totale vermogen van de actieve kookzones het maximaal beschikbare vermogen overschrijdt, wordt het vermogen automatisch verlaagd. Het display van de kookzone die in vermogen wordt verlaagd knippert eerst; het niveau wordt dan automatisch verlaagd naar het hoogste beschikbare vermogen. • De begrenzer is af fabriek ingesteld op 7400W, maar het is mogelijk om deze instelling te wijzigen naar 6000W of 4500W.Configuratie van de vermogensbegrenzerControleer voordat u begint of er geen pannen op de kookplaat staan.1.
Koppel het toestel los van de hoofdvoeding door de stekker uit het stopcontact te halen, de zekering te verwijderen of de stroomonderbreker uit te schakelen.2. Sluit het toestel weer aan op de stroomvoorziening. ▷ De eierwekkertoets knippert. • Voer, binnen 2 minuten na het aansluiten van de kookplaat op de stroomvoorziening, de volgende stappen uit.• Zorg ervoor dat alle kookzones uitgeschakeld zijn.3. Raak de eierwekkertoets aan en houd deze vast. 4. Raak vervolgens, tegen de klok in, elke kookzonetoets aan (begin met de kookzonetoets rechts voor).5. Laat de eierwekkertoets los ▷ “C” knippert afwisselend met “0” op het display van de kookzone links achter. ▷ De configuratiewaarde verschijnt op het display van de kookzone links voor.6. Raak de kookzonetoets links achter aan en kies “8” met behulp van de schuifregelaar.
NL 26Filters en waterreservoir ONDERHOUD MOET WORDEN UITGEVOERD MET DE AFZUIGING UIT.Waterreservoir• Aanbevolen wordt om het waterreservoir elke twee weken te controleren en leeg te maken.• Verwijder de filters en droog de binnenkant van het waterreservoir met een droge doek.Twin-filtersDe gebruikte filters in deze kookplaat zijn gecombineerde filters voor vet- en geurfiltering. Deze twin-filters zijn regenereerbaar en hebben periodiek onderhoud nodig.ONDERHOUD
NL 27NLONDERHOUD• Na 30 werkuren, knipperen afwisselend ‘F’ en ‘G’ in de display van de afzuigunit; de twin-filters moeten gewassen worden. • De twin-filters moeten zonder reinigingsmiddel worden gewassen. • De twin-filters kunnen in de gootsteen met heet water worden gewassen of kunnen in de vaatwasser worden geplaatst met een snel wasprogramma, zonder enig ander vaatwerk (om de aanwezigheid van vetten of oliën te vermijden) en bij een aanbevolen temperatuur van maximaal 60/65 °C. • De twin-filters kunnen op natuurlijke wijze worden gedroogd door ze af te dekken met een schone, residuvrije doek, of in een oven met boven- en onderwarmte bij een temperatuur van 80 °C gedurende maximaal 1 uur. De twin-filters moeten worden vervangen:• wanneer u merkt dat de geurfiltering niet meer voldoende is (de gemiddelde tijd is 240 bedrijfs uren). • uiterlijk na 1 jaar gebruik.
• wanneer de filters duidelijk beschadigd zijn. LET OP: Het drogen mag nooit met luchtstromen gebeuren. Het is belangrijk dat de filters goed droog zijn voordat u ze plaatst. Na het onderhoud moet het geheugen van de filterverzadigingsindicatie gereset worden. ReinigingDagelijkse reiniging• Hoewel overgekookt voedsel niet kan inbranden in het glas, verdient het aanbeveling de kookplaat direct na gebruik schoon te maken. • Gebruik voor de dagelijkse reiniging een vochtige doek met een mild reinigingsmiddel. • Droog de glasplaat vervolgens met keukenpapier of met een droge doek. Hardnekkige vlekken• Ook hardnekkige vlekken zijn te verwijderen met een mild reinigingsmiddel, bijv. afwasmiddel. • Verwijder watervlekken en kalkaanslag met azijn. • Metaalsporen (veroorzaakt door het schuiven van pannen) zijn vaak lastig te verwijderen. Hiervoor zijn speciale producten verkrijgbaar.
• Verwijder voedselresten met een glasschraper. Ook gesmolten kunststof en suiker kunt u het beste verwijderen met een glasschraper. Gebruik nooit schuurmiddelen.
NL 28Let opWanneer u een barst in het glas ziet (hoe klein ook), schakelt u de kookplaat onmiddellijk uit en koppelt u deze los van het elektriciteitsnet. Neem contact op met de serviceafdeling. Als het toestel niet naar behoren werkt, betekent dit niet altijd dat het defect is. Probeer het probleem eerst zelf op te lossen door de onderstaande tabel te raadplegen. U kunt voor meer informatie ook terecht op de website. Neem contact op met de serviceafdeling als het probleem blijft bestaan. Probleem Mogelijke oorzaak OplossingHet display gaat branden wanneer de kookplaat de eerste keer wordt ingeschakeld. Dit is de standaard opstartroutine. Normale werking. De ventilator blijft nog enkele minuten doorwerken nadat de kookplaat is uitgeschakeld. De kookplaat koelt af. Normale werking. In het begin is het mogelijk dat u een lichte geur ruikt. Het nieuwe toestel wordt opgewarmd.
Dit is normaal en verdwijnt nadat het toestel een aantal keer is gebruikt. Ventileer de keuken. De pannen maken geluid tijdens het koken. Dit wordt veroorzaakt door de energie die van de kookplaat naar de pan stroomt. Bij hoge instellingen is dit bij bepaalde pannen een heel normaal verschijnsel. Dit is niet schadelijk voor de pannen of de kookplaat. U hebt een kookzone ingeschakeld maar het display toont u. De gebruikte pan is niet geschikt voor inductiekoken of heeft een te kleine diameter. Gebruik een geschikte pan. Een kookzone stopt plotseling en u hoort een geluidssignaal. De ingestelde tijd van de timer is verstreken. Raak de linker of rechter timertoets aan om het alarm uit te schakelen. De kookplaat werkt niet en er verschijnt niets op het display. Er is geen netvoeding vanwege een defecte kabel of defecte aansluiting.
Controleer de zekeringen en de elektriciteitsschakelaar (als er geen stekker wordt gebruikt). Bij het inschakelen van de kookplaat slaat er een zekering door. Foutieve elektrische aansluiting. Neem contact op met een installateur. L verschijnt op het display.
NL 29NLProbleem Mogelijke oorzaak Oplossing‘F’ en ‘G’ worden afwisselend weergegeven op het display van de afzuigunit.Indicatie verzadiging twin-filtersDe twin-filters hebben onderhoud nodig (zie ‘Onderhoud/Filters en waterreservoir’).Foutcode ER03.U hebt op twee of meer toetsen tegelijk gedrukt.Bedien maar één toets tegelijk.Het bedieningspaneel is vuil of er ligt water op.Reinig het bedieningspaneel.Foutcode ER21.Oververhitting. Laat de kookplaat afkoelen.Foutcode E2.Oververhitting van de sensor van de kookzone. Mogelijk is er een lege pan gebruikt.Geen lege pannen verwarmen.Foutcode E3.Verkeerde pan. Gebruik een geschikte pan.Foutcode E8.Defect van de afzuigunit, de afzuigunit kan verstopt zijn.Eventuele verstoppingen verwijderen en de afzuigunit reinigen.Overige foutcodes.Neem contact op met de serviceafdeling.PROBLEMEN OPLOSSEN
NL 31NLMILIEUASPECTENVerpakking en apparaat afdankenBij de productie van dit apparaat is gebruik gemaakt van duurzame materialen. Dit apparaat moet aan het einde van zijn levenscyclus op verantwoorde wijze worden afgedankt. De overheid kan u hierover informatie verstrekken.De verpakking van het apparaat is recyclebaar. Mogelijk zijn de volgende materialen gebruikt:• karton;• polyetheenfolie (PE);• CFK-vrij polystyreen (PS-hardschuim).Deze materialen moeten op verantwoorde wijze en conform de overheidsvoorschriften worden afgedankt.Om te wijzen op de noodzaak van gescheiden inzameling van elektrische huishoudelijke apparatuur, is op het product het symbool van een doorgekruiste vuilnisbak aangebracht. Dit betekent dat het apparaat aan het einde van zijn levensduur niet met het gewone huisvuil mag worden meegegeven.
Het apparaat moet naar een speciaal centrum voor gescheiden afvalinzameling van de gemeente worden gebracht of naar een verkooppunt dat deze dienst aanbiedt.Het apart inleveren van huishoudelijke apparaten voorkomt mogelijk negatieve gevolgen voor het milieu en de gezondheid, en zorgt ervoor dat de materialen in deze apparaten kunnen worden teruggewonnen, waardoor in aanzienlijke mate kan worden bespaard op energie en grondstoffen.Verklaring van conformiteitWij verklaren dat onze producten voldoen aan de toepasselijke Europese richtlijnen, normen en voorschriften, evenals aan alle vereisten in de normen waarnaar wordt verwezen.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Etna HF2026 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Fornuis Etna
Handleiding Fornuis
Nieuwste handleidingen voor Fornuis