Etna A2120RVS Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Etna A2120RVS (13 pagina’s), behorend tot de categorie Magnetron. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 26 mensen. Heb je een vraag over Etna A2120RVS of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Etna |
| Categorie: | Magnetron |
| Model: | A2120RVS |
| Apparaatplaatsing: | Ingebouwd |
| Inhoud (binnenkant): | 20 l |
| Soort bediening: | Knoppen |
| Magnetronvermogen: | 800 W |
| Kleur van het product: | Roestvrijstaal |
| Aantal vermogenniveau's: | 5 |
| Afmeting draaiplateau: | 245 mm |
| Netbelasting: | 1200 W |
| Kinderslot: | Ja |
| Geïntegreerde klok: | Ja |
| Ontdooifunctie: | Ja |
| Aantal automatische programma's: | 8 |
| Installatie compartiment afmetingen(WxDxH): | 560 x 320 x 365 mm |
| Afmetingen (B x D x H): | 595 x 340 x 384 mm |
Handleiding Etna A2120RVS – volledige tekst
NL 4NL 5 ToestelbeschrijvingUW MAGNETRON1. Deurvergrendeling2. Deur3. Ruit4. Glazen draaiplateau5. Geleidering6. Aandrijving7. Bedieningspaneel8. Display9. Ontdooien (gewicht) 10. Klok11. Ontdooien (tijd)12. Auto-menu13. Start14. Magnetron15. Stop16. Instelknop17. Deurontgrendeling1 2 3 4 5 6 781113141516179 1012 InleidingUW MAGNETRONKoken in uw nieuwe magnetron is veilig en comfortabel. U zet binnen een handomdraai de lekkerste gerechten op tafel. Het toestel is uiterst simpel te bedienen, mede dankzij de automatische kook- en ontdooiprogramma’s. In deze handleiding vindt u informatie over de installatie, veiligheid, bediening en het onderhoud van uw magnetron. Lees eerst de gebruiksaanwijzing geheel en aandachtig door voordat u het apparaat gaat gebruiken en bewaar deze zorgvuldig voor latere raadpleging. De handleiding dient bovendien als referentie voor de servicedienst.
Plak daarom het los bijgeleverde gegevensplaatje in het daarvoor bestemde kader, achter in de handleiding. Het gegevensplaatje bevat alle informatie die de servicedienst nodig heeft om adequaat op uw vragen te reageren.Veel kookplezier!Gebruikte pictogrammenBelangrijk om te wetenTipDe magnetron mag niet gebruikt worden zonder geleidering en draaiplateau. Het draaiplateau moet met de uitsparing voor de aandrijving naar beneden geplaatst worden.
UW MAGNETRONNL 6UW MAGNETRONNL 7 Veiligheidsvoorschriften Veiligheidsvoorschriftenkunt u opheffen door een kunststof of glazen lepeltje in de vloei-stof te zetten alvorens de vloeistof op te warmen in de magnetron. •Waarschuwing. Sluit het apparaat alleen aan op wisselstroom, op een geaard stopcontact, met een netspanning overeenkomstig met de informatie aangegeven op het typeplaatje van het apparaat. •Waarschuwing. Maak het toestel spanningsloos voordat met reparatie of schoonmaken wordt gestart. Trek de stekker uit het stopcontact of draai de schakelaar in de meterkast op nul. •Waarschuwing. Gebruik het toestel niet wanneer de stekker, het snoer of het toestel beschadigd is of wanneer het toestel niet (meer) naar behoren functioneert. •Waarschuwing. Kinderen herkennen de gevaren niet die kunnen ontstaan bij het bedienen van elektrische apparatuur.
Laat de magnetron daarom niet door kinderen bedienen en plaats het toestel buiten bereik van kinderen. •Waarschuwing. Let op met babyvoeding: º Schud of roer de inhoud van babyflesjes of potjes Let op. babyvoeding na verwarming. º Controleer de temperatuur van de voeding zorgvuldig Let op. vóór consumptie om brandwonden te voorkomen. •Waarschuwing. Vloeistoffen of etenswaren in luchtdichte verpakking mag u alleen opwarmen indien u gaatjes in de verpakking prikt. Dit in verband met explosiegevaar. •Waarschuwing. Let op met vocht. Gebruik het toestel daarom niet in de buitenlucht, in vochtige ruimten of in de buurt van een waterkraan. Raak het toestel niet aan met natte handen. •Waarschuwing. Bestek en serviesgoed kan heet zijn na gebruik van de magnetron. •Voorzichtig.
Gebruik uitsluitend bestek en serviesgoed dat geschikt is voor gebruik in de magnetron (let op serviesgoed met goud- of zilverkleurige randjes). Let op. º Verwijder metalen sluitstrips van plastic zakken alvorens deze in de magnetron te plaatsen. Voorzichtig. •Schakel de magnetron niet in als deze leeg is.
De magnetron kan zijn energie niet kwijt en kan beschadigd raken. Voorzichtig. •Laat het toestel niet zonder toezicht achter wanneer deze in werking is. Voorzichtig. • Houd het snoer uit de buurt van warme oppervlakken. Voorzichtig. •Ventilatieopeningen nooit afdekken. Houd rekening met onderstaande veiligheidsvoorschriften om brand, elektrische schokken, verwonding van personen en blootstelling aan microgolven te voorkomen. Houd het toestel schoon, dit verlengt de levensduur van uw magnetron en voorkomt gevaarlijke situaties. Deze magnetron is ontworpen voor huishoudelijk gebruik en is niet bedoeld voor professioneel gebruik of gebruik in de horeca. Gebruik dit toestel uitsluitend voor het bereiden van etenswaren. Wanneer het apparaat oneigenlijk gebruikt wordt, kan er bij defecten geen aanspraak op schadevergoeding worden gemaakt en vervalt het recht op garantie.
Voorzorgsmaatregelen om blootstellig aan hoogspanning te •voorkomen: º Levensgevaar. De ommanteling van de magnetron nooit verwijderen. Het aanraken van interne onderdelen van dit toestel kan aanzienlijke verwonding en zelfs de dood tot gevolg hebben. º Levensgevaar. In geen geval reparaties zelf uitvoeren. Reparaties aan elektrische apparaten mogen uitsluitend door geauthoriseerde servicemedewerkers uitgevoerd worden. Het toestel nooit gebruiken met onderdelen die niet door de fabrikant zijn aanbevolen of geleverd. Voorzorgsmaatregelen om blootstelling aan microgolven te •voorkomen: º Schakel de magnetron nooit in met de deur open. Let op. º Plaats geen enkel voorwerp tussen de deur van de Let op. magnetron. º Gebruik de magnetron niet als er beschadigingen zijn Let op. aan de deur (verbogen), de deurvergrendeling, de afdichting of het hang- en sluitwerk.
UW MAGNETRONNL 8NL 9GEBRUIKVóór het eerste gebruik Open de deur, verwijder al het verpakkingsmateriaal en controleer •de magnetron op beschadigingen. Installeer de magnetron niet als deze beschadigd is, maar neem contact op met uw leverancier. Verwijder de beschermfolie van de ommanteling. • Reinig de ovenruimte en het toebehoren met een vochtige doek. •Gebruik geen schuurmiddel of sterk geurende schoonmaakmiddelen. Plaats de geleidering in het midden van de ovenruimte. Leg •het draaiplateau op de geleidering met de uitsparing voor de aandrijving naar beneden. De magnetron mag niet gebruikt worden zonder geleidering en draaiplateau. Test de magnetron op juiste werking. Plaats een glas water in de •ovenruimte. Schakel de magnetron één minuut in op de hoogste stand (druk op de starttoets ). Het water moet na afloop heet zijn.
De klok instellenDe klok loopt zolang de oven op de netspanning is aangesloten. Wanneer er geen tijd is ingesteld, geeft het display ‘0:00’ weer. Klok instellen Druk op toets 1. In het display knippert het uur. Draai aan de instelknop om de uren in te stellen. 2. Druk nog een keer op toets 3. In het display knipperen de minuten. Draai aan de instelknop om de minuten in te stellen. 4. Druk nog een keer op toets 5. om de instelling te bevestigen. De tijd is ingesteld en de dubbele punt knippert. Wat wel, wat nietAls de magnetron ingeschakeld is, mag de deur geopend worden; druk op toets , de magnetron schakelt uit en de ingestelde tijd wordt stilgezet. Open de deur. Na het sluiten van de deur op de starttoets drukken om de magnetron weer in te schakelen. Vóór gebruik Veiligheidsvoorschriften Let op.
•Het toestel is niet bedoeld voor gebruik door kleine kinderen, hulpbehoevenden en/of personen met gebrek aan kennis en ervaring, tenzij zij goede begeleiding krijgen of geïnstrueerd zijn in het veilig gebruiken van het toestel door een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid. Let op.
•Gebruik de magnetron alleen voor het ontdooien en bereiden van voedsel en niet voor bijvoorbeeld het drogen van kleding of papier. Deze kunnen vlam vatten. Let op. •In geval van rook of vuur in de magnetron: Schakel de magnetron uit. ºHoud de magnetrondeur gesloten. ºHaal de stekker uit het stopcontact. º •Let op. Gebruik geen chemicaliën in dit toestel. •Let op. Gebruik de ovenruimte niet voor opslagdoeleinden. •Let op. Installeer de magnetron volgens het installatievoorschrift. •Let op. Trek niet aan het snoer of het toestel om de stekker uit het stopcontact te halen. Let op. • Vermijd het aanraken van warme oppervlakken wanneer het toestel ingeschakeld is. Let op. • Indien het apparaat na het inschakelen niet functioneert, dan is mogelijk de zekering of de aardlekschakelaar in de meterkast uitgeschakeld.
De betreffende groep kan te zwaar zijn belast of het geïnstalleerde toestel is defect. •Let op. Als u besluit het toestel, vanwege een defect, niet langer te gebruiken, adviseren wij u, nadat u de stekker uit het stopcontact heeft verwijderd, het snoer af te knippen. Breng het toestel naar de betreffende afvalverwerkingsafdeling van uw gemeente.
NL 10NL 11GEBRUIKGEBRUIK Werking Vóór gebruikHoe werkt de magnetronEen magnetron is een kooktoestel dat door middel van microgolven voedsel verhit. Microgolven zijn elektromagnetische golven, net zoals radio- en tv-golven. Een radio zet deze golven om in geluid. In een magnetron worden de golven omgezet in warmte. De warmte ontstaat doordat de microgolven water- en vetmoleculen, die altijd in voedsel aanwezig zijn, snel laten bewegen. Hierdoor schuren de moleculen snel langs elkaar en ontstaat er wrijving. Deze wrijving veroorzaakt warmte (wrijf maar eens snel met uw handen langs elkaar). De magnetron verhit voedsel zeer intensief, omdat de golven direct het voedsel binnendringen. De golven warmen dus niet alleen de buitenkant van het gerecht op -zoals bij de traditionele manier van koken het geval is-, maar dringen door tot de kern.
Vermogen Display GerechtHoog P 100 - Water koken, opwarmen- Koken van kip, vis en groentenMidden hoog P 80 - Opwarmen- Koken van paddestoelen en schaaldieren- Koken van gerechten die ei en kaas bevattenMidden P 50 - Koken van rijst en soepMidden laag P 30 - Ontdooien- Chocola en boter smeltenLaag P 10 - Ontdooien van gevoelige/kwetsbare gerechten- Ontdooien van onregelmatig gevormde gerechten- Consumptie-ijs zacht maken- Laten rijzen van deegDe magnetron is niet geschikt voor:het inmaken van etenswaren; •het verhitten van frituurolie; • het koken van eieren in de schaal in verband met explosiegevaar •(ook nadat de magnetron uitgeschakeld is). Niet alle materialen mogen in de magnetron. In onderstaande tabel wordt aangegeven welke materialen u wel en niet mag gebruiken. •Voorzichtig.
Gebruik uitsluitend bestek en serviesgoed dat geschikt is voor gebruik in de magnetron (let op serviesgoed met goud- of zilverkleurige randjes). Let op. º Verwijder metalen sluitstrips van plastic zakken alvorens deze in de magnetron te plaatsen. Materiaal ToegestaanPapier JaAluminiumfolie JaHuishoudfolie JaAluminium bakjes NeeDiepvries/magnetron servies JaHittebestendig plastic JaOngeglazuurd aardewerk NeeGeglazuurd aardewerk JaMetalen kookgerei NeeNormaal glas JaPyrex, ander ovenvast glas en keramiek JaServiesgoed met metaalhoudende sierrand NeeMetalen sluitstrip NeeKwikthermometer NeeAfgesloten pot NeeFles met nauwe hals NeeBraadzakken Ja.
NL 12NL 13BEDIENINGBEDIENINGSnelstartMet één druk op de starttoets kunt u 1 minuut op maximaal vermogen koken. Door herhaaldelijk op de starttoets te drukken kunt u de kooktijd in stappen van 1 minuut verlengen. Ontdooien op gewicht Druk op toets 1. In het display verschijnt ‘dEF1’. Draai aan de instelknop om het gewicht in te stellen. 2. In het display verschijnt het gewicht in gram en een ‘g’. Druk op de starttoets 3. om de magnetron in te schakelen. Ontdooien op tijd Druk op toets 1. In het display verschijnt ‘dEF2’. Draai aan de instelknop om de tijd in te stellen. 2. Druk op de starttoets 3. om de magnetron in te schakelen. Informatieweergave Tijdens het kookproces kunt u het ingestelde vermogen in het •display laten weergeven door op toets te drukken. Tijdens het kookproces kunt u de huidige tijd in het display laten •weergeven door op toets te drukken.
Koken in fasenU kunt maximaal drie fasen in een kookprogramma instellen. Indien ontdooien een fase is in het kookprogramma, moet u deze als eerste invoeren. VoorbeeldU wilt 20 minuten op 100% vermogen koken, daarna 5 minuten op 80% vermogen. Druk op toets 1. In het display knippert ‘P 100’. Druk op toets 2. om de instelling te bevestigen. Het vermogen is ingesteld op ‘P 100’. KokenKoken Waarschuwing. •Verhitting van vloeistoffen in de magnetron kan resulteren in kookpuntvertraging. Dit houdt in dat de vloeistof pas na verwijdering uit de magnetron heftig kan gaan koken met het risico dat u zich brandt. Het effect van kookpuntvertraging kunt u opheffen door een kunststof of glazen lepeltje in de vloei-stof te zetten alvorens de vloeistof op te warmen in de magnetron. Waarschuwing. • Let op met babyvoeding: º Schud of roer de inhoud van babyflesjes of potjes Let op. babyvoeding na verwarming.
• Bestek en serviesgoed kan heet zijn na gebruik van de magnetron. De stappen voor het instellen van de tijd gaan als volgt:Instellen 0 - 1 min. 1 - 5 min. 5 - 10 min. 10 - 30 min. 30 - 95 min. Stap 5 sec. 10 sec. 30 sec. 1 min. 5 min. VoorbeeldU wilt 20 minuten op 80% vermogen koken. Druk op toets 1. In het display knippert ‘P 100’. Draai aan de instelknop totdat ‘P 80’ in het display verschijnt. 2. Druk nog een keer op toets 3. om de instelling te bevestigen. Het vermogen is ingesteld op ‘P 80’. Draai aan de instelknop totdat ‘20:00’ in het display verschijnt. 4. Druk op de starttoets 5. om de magnetron in te schakelen of op toets om te stoppen. OpmerkingZie pagina 17 t/m 19 voor kooktips en informatie over gerechten. Koken.
Draai aan de instelknop totdat ‘5:00’ in het display verschijnt. 7. Druk op de starttoets 8. om de magnetron in te schakelen of op toets om te stoppen. Voorgeprogrammeerd programmaStel eerst de klok in (zie pagina 12). 1. Voer het kookprogramma in door vermogen en tijd in te stellen. 2. U kunt maximaal 3 fasen instellen. Indien ontdooien een fase is in het kookprogramma, moet u deze als eerste invoeren. Let op: NIET druk na het instellen op de starttoets. Druk op toets 3. In het display knippert het uur. Draai aan de instelknop om de uren in te stellen. 4. Druk nog een keer op toets 5. In het display knipperen de minuten. Draai aan de instelknop om de minuten in te stellen. 6. Druk op de starttoets 7. om de instelling te bevestigen. Als de deur gesloten is en de ingestelde tijd is verstreken, hoort u twee keer een geluidsignaal waarna het kookproces start.
NL 16NL 17BEDIENINGOpwarmen en koken De magnetron verwarmt altijd met dezelfde intensiteit. Hoe meer •u in de magnetron plaatst, des te langer de kooktijd. Vlakke en platte gerechten zijn sneller warm dan smalle, hoge •gerechten. Gerechten afdekken met magnetronfolie of een passende deksel •voorkomt spetteren, verkort de gaartijd en helpt de vochtigheids-graad te behouden. Na afloop de folie of het deksel voorzichtig verwijderen. Let op. º De vrijkomende stoom kan zeer heet zijn. Gerechten die snel uitdrogen eventueel bevochtigen. Zet •aardappels en groenten eerst even in koud water voordat u ze in de magnetron plaatst. Hiermee voorkomt u dat er zich een velletje op vormt. Voor een gelijkmatig resultaat kunt u het beste gerechten één- tot •tweemaal roeren of keren. Kies voor het opwarmen van reeds bereide gerechten altijd de •hoogste magnetronstand.
Bij het koken hoeft u maar weinig water, zout en kruiden te •gebruiken. Zout kunt u het beste na afloop toevoegen. Hiermee voorkomt u dat het vocht aan het gerecht wordt onttrokken. Nadat de magnetron is uitgeschakeld gaart het gerecht nog enige •tijd na. Houd hier rekening mee door het gerecht niet te lang op te warmen. •Let op. Plaats, bij het opwarmen van kleine hoeveelheden poedervormige producten (zoals bij het drogen van kruiden), altijd een bekertje water in de magnetron. Anders bestaat er, door de geringe hoeveelheid, kans op zelfontbranding. Ontdooien Ontdooi grote compacte stukken altijd met behulp van het •ontdooiprogramma. Doordat het gerecht geleidelijk en gelijkmatig ontdooit, loopt u niet de kans dat de buitenkant uitdroogt terwijl de kern nog bevroren is. Om het ontdooiproces sneller te laten verlopen, wordt aanbevolen •om het gerecht na enige tijd in stukken te verdelen.
Las, bij grote stukken vlees en compacte gerechten, tweemaal een •pauze in. KinderslotU kunt uw magnetron ‘op slot’ zetten, waardoor het starten van de magnetron niet meer mogelijk is.
In werking stellen van het kinderslot:Druk op toets en houd deze toets drie seconden vast totdat er een geluidssignaal klinkt. In het display verschijnt een tekening van een slot. De tijdsweergave is verdwenen en alle bedieningsfuncties zijn buiten werking gesteld. Uitschakelen van het kinderslot:Druk op toets en houd deze toets drie seconden vast totdat er een geluidssignaal klinkt. In het display verschijnt de tijdsweergave en de magnetron kan weer normaal worden gebruikt. Kooktips KinderslotBEDIENING.
NL 18NL 19BEDIENING BEDIENINGPrikken Gerechten met een vel of schaal, zoals eierdooiers, schaaldieren en •fruit, barsten open in de magnetron. Voorkom dit door er van te voren enkele keren met een vork of satéprikker in te prikken. Controleren Gerechten garen snel. Controleer ze daarom regelmatig. Haal •gerechten net voordat ze gaar zijn uit de magnetron. Nagaren Laat gerechten, nadat u ze uit de magnetron hebt gehaald, over •het algemeen 3 tot 10 minuten afgedekt staan. De gerechten garen dan na. Gerechten met een droge korst, zoals cake, niet afdekken. Invriezen Bij het invriezen kunt u al rekening houden met het ontdooien in •de magnetron, door geen aluminiumfolie of -bakjes te gebruiken en door plattere porties in te vriezen. Koken van groente Gebruik indien mogelijk verse groenten.
Als groenten al wat slap •zijn geworden doordat ze te lang gelegen hebben kunt u ze een tijdje in koud water leggen, zodat ze zich weer vol kunnen zuigen. Gebruik voor het koken van groente een ruime schaal, zodat de •schaalbodem bedekt wordt met een niet al te dikke laag. Kook groente bij voorkeur met aanhangend water. • Dek de schaal altijd af met een deksel of magnetronfolie. • Voeg geen zout toe. De van nature in de groente aanwezige zouten •geven meestal voldoende smaak. Indien u toch zout toe wilt voegen, doe dat dan na het koken. Kook groente zo kort mogelijk. Houd rekening met het nagaren. • Controleer met een satéprikker of vork of de groente gaar is. •Koken van visVis moet geleidelijk gaar worden. Schakel daarom bij dunne vissen, vette vissen of kleine porties het vermogen in op 30%. In andere gevallen kunt u het vermogen gerust iets hoger instellen.
Houd wel rekening met nagaren. Vis is gaar als het vlees ondoorschijnend is geworden. Kooktips Bij het ontdooien van onregelmatig gevormde gerechten kunt •u dunne delen na de helft van de ontdooitijd afdekken of omwikkelen met aluminiumfolie.
Factoren die van invloed zijn op het kookproces De temperatuur van ingrediënten van invloed op de •bereidingstijd. Een koude maaltijd heeft een langere kooktijd nodig dan een maaltijd op kamertemperatuur. Lichte, poreuze gerechten garen sneller dan zware en massieve •gerechten, zoals stoofgerechten of rollades. Let op bij het bereiden van lichte, poreuze gerechten. De randen worden snel droog en taai. Kleine gerechten worden gelijkmatiger verwarmd als u ze los van •elkaar, liefst cirkelvormig, in de magnetron plaatst Botten en vet geleiden hitte beter dan vlees. Aluminiumfolie •blokkeert de magnetrongolven. Door dunnere gedeelten van gerechten (zoals kippenpoten en -vleugeltjes) af te dekken voorkomt u dat ze te snel garen. Magnetrongolven dringen tot ongeveer 3 cm in het gerecht door.
•De kern van dikke gerechten wordt verhit doordat de warmte zich van het verwarmde deel (de buitenkant) naar binnen verspreidt. Vlees en gevogelte dat langer dan een minuut of 15 in de •magnetron gekookt wordt, bruint lichtjes. Gerechten die korter bereid worden kunt u van te voren insmeren met een ‘bruinende’ saus, zoals Worcestershire saus, sojaolie of barbecue saus. Vetvrij papier voorkomt spetteren en helpt warmte vast te houden. •BasistechniekenPlaatsen Plaats dikkere stukken aan de buitenkant op het draaiplateau. •Gerechten die aan de buitenkant op het draaiplateau geplaatst worden ontvangen de meeste microgolven. Roeren Door gerechten regelmatig te roeren verspreidt u de opgeslagen •warmte. Roer altijd van buiten naar binnen, aangezien de buitenkant van het gerecht altijd het eerste warm wordt. Omdraaien Grote, dikke gerechten regelmatig omdraaien.
NL 20NL 21STORINGENONDERHOUDWat moet ik doen als...Als de kookresultaten niet naar wens zijn, er vonken overspringen in de magnetron, de magnetron niet start etc., probeer dan eerst zelf de oorzaak van de storing te vinden voordat u de servicedienst belt. Controleer: Zit de stekker in het stopcontact? •Is de deur goed gesloten? •Is het vermogen en de bereidingsduur goed ingesteld? •Staan er voorwerpen in de magnetron die er niet thuishoren? •Is het juiste keukengerei gebruikt? •Zijn de geleidering en het draaiplateau in de magnetron? •Zijn de ventilatie-openingen niet geblokkeerd? •Is het voedsel voldoende ontdooid? •Is het voedsel tijdens de bereiding gekeerd of geroerd? •Is het kinderslot ingeschakeld? •Houd uw toestel mooi Reinig de binnen- en buitenzijde regelmatig; gebruik een •sopje van afwasmiddel en maak de oven met een droge doek goed droog.
Zorg dat de afdekking van de microgolfverdeler (rechterzijde van de ovenruimte) schoon is. Vervuiling van de afdekking kan leiden tot vonkvorming. Reinig de binnenzijde direct na gebruik. Verwijder overgekookt •vocht en voedselresten met een vochtige doek. Achtergebleven kruimels en vocht absorberen microgolven en verlengen de kooktijd. Reinig het toebehoren regelmatig; gebruik een sopje van •afwasmiddel met een borstel en maak het toebehoren met een droge doek goed droog. Het toebehoren mag ook in de vaatwasmachine. Geurtjes verdwijnen als u een glas azijn of water met citroen in de •ovenruimte zet. Schakel de magnetron gedurende twee minuten in op vol vermogen. Daarna afnemen met een vochtige doek. Wat moet ik doen als... Algemeen
NL 22NL 23Plaatsing •Levensgevaar! De ommanteling van de magnetron nooit verwijderen. Het aanraken van interne onderdelen van dit toestel kan aanzienlijke verwonding en zelfs de dood tot gevolg hebben. Plaats de magnetron op een stevige en vlakke ondergrond. • Zorg voor voldoende ventilatie rondom de magnetron. Houd aan •de achterzijde en zijkanten minimaal 10 cm ruimte vrij. Dek de ventilatie-openingen niet af. • Verwijder de stelvoetjes nooit. • Plaats de magnetron niet in de buurt van warmtebronnen. • Zend- en ontvangstapparatuur zoals radio’s en televisietoestellen •kunnen de werking van de magnetron beïnvloeden.
Inbouwmaten InbouwenINSTALLATIEVOORSCHRIFTINSTALLATIEVOORSCHRIFT AlgemeenTechnische gegevens Op het gegevensplaatje aan de binnenzijde van het toestel worden de totale aansluitwaarde, de vereiste spanning en de frequentie aangegeven.ProductspecificatiesAfmetingen toestel (bxdxh) 595 x 340 x 384 incl. frameMagnetron inhoud 20 literDiameter draaiplateau 245 mmNetvoeding 230 V / 50 HzAansluitwaarde 1250 WMagnetronvermogen 800 WElektrische aansluitingVoor dit toestel is een netvoeding vereist van 230V, 50 Hz wisselstroom. Het toestel heeft een netsnoer voorzien van aardeverbinding.Let op! Voor veilig gebruik is het noodzakelijk dat het toestel correct geaard is. Sluit het toestel nooit aan op gelijkstroomvoeding. Verkeerd gebruik kan elektrische schokken tot gevolg hebben. min.32036556040-50595320600550-580384560min.18min.320365595320384
NL 24NL 25Afvoeren toestel en verpakkingBij de vervaardiging van dit toestel is gebruik gemaakt van duurzame materialen. Dit toestel moet aan het eind van zijn levenscyclus op verantwoorde wijze worden afgevoerd. De overheid kan u hierover informatie verschaffen.De verpakking van het toestel is recyclebaar. Gebruikt kunnen zijn:karton; •polyethyleenfolie (PE); •CFK- vrij polystyreen (PS- hardschuim). • Deze materialen dient u op verantwoorde wijze en conform de overheidsbepalingen af te voeren. Om op de verplichting tot gescheiden verwerking van elektrische huishoudelijke apparatuur te wijzen, is op het product het symbool van een doorgekruiste vuilnisbak aangebracht. Dit betekent dat het apparaat aan het einde van zijn levensduur niet bij het gewone huisvuil mag worden gevoegd.
Het toestel moet naar een speciaal centrum voor gescheiden afvalinzameling van de gemeente worden gebracht of naar een verkooppunt dat deze service verschaft. Het apart verwerken van een huishoudelijk apparaat, zoals deze magnetron, voorkomt mogelijk negatieve gevolgen voor het milieu en de gezondheid die door een ongeschikte verwerking ontstaat. Het zorgt ervoor dat de materialen waaruit het apparaat bestaat, teruggewonnen kunnen worden om een aanmerkelijke besparing van energie en grondstoffen te verkrijgen. Afvoeren toestel en verpakkingBIJLAGEINSTALLATIEVOORSCHRIFT InbouwenInstalleren Plaats het inbouwraam A om de magnetron en zet het vast met de 1. vier bijgeleverde schroeven. Schuif de magnetron voorzichtig een eindje in de kast. Draai aan 2. stelschroef B totdat er nog 1 mm ruimte over is tussen de schroef en de bovenkant van de inbouwruimte.
Schuif de magnetron nu helemaal in de kast en zorg ervoor dat de magnetron in het midden staat. Met de vier stelvoetjes aan de onderkant van de magnetron kunt u de magnetron eventueel nog in hoogte verstellen. Open de deur en schroef (met bijgeleverde schroef) de magnetron 3. vast.Plaats tot slot het afdekdopje over de schroef. 4. AB
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Etna A2120RVS stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Magnetron Etna
Handleiding Magnetron
Nieuwste handleidingen voor Magnetron