Electrolux WH6-33CV Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Electrolux WH6-33CV (52 pagina’s), behorend tot de categorie Wasmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 39 mensen en kreeg gemiddeld 4.4 sterren uit 6 reviews. Heb je een vraag over Electrolux WH6-33CV of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/52
Installatiehandleiding
Wasautomaat
WH6–7CV,WH6–8CV,WH6–11CV,WH6–14CV,
WH6–20CV,WH6–27CV,WH6–33CV
TypeW3....
Origineleinstructies
438905970/NL
2025.05.16

Beoordeel deze handleiding

4.4/5 (6 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Electrolux
Categorie: Wasmachine
Model: WH6-33CV

Handleiding Electrolux WH6-33CV – volledige tekst

4412 Machine met peilbuis en testkraan (optie voor WH6-14, WH6-20, WH6-27, WH6-33 ). 4712. 1 Opstelling/gebruik. 4713 Bij de eerste maal opstarten. 4814 Controle van de werking. 4915 Informatie m. b. t. afvoeren. 5015. 1 Afvoeren van het apparaat aan het einde van de levensduur. 5015. 2 Het weggooien van de verpakking. 50.

Installatiehandleiding51 Veiligheid• Reparaties mogen alleen door geautoriseerd personeel worden uitgevoerd. • Er mogen alleen goedgekeurde reserveonderdelen, accessoires en verbruiksartikelenworden gebruikt. • Gebruik alleen wasmiddel dat bedoeld is voor in water gewassen textiel. Gebruik nooitdroogreinigingsmiddelen. • De machine moet worden aangesloten met nieuwe waterslangen. Gebruikte water-slangen mogen niet gebruikt worden. • Het deurslot van de machine mag onder geen enkele voorwaarde worden overbrugd. • Als de machine een storing heeft, moet dit zo snel mogelijk gemeld worden aan de ver-antwoordelijke persoon. Dit is belangrijk, zowel voor uw eigen veiligheid als de veilig-heid van anderen. • BRENG GEEN WIJZIGINGEN AAN IN DIT APPARAAT. • Bij het uitvoeren van service of het vervangen van onderdelen moet de stroom wordenafgesloten.

• Wanneer de stroom is losgekoppeld, moet de operator controleren of de machine islosgekoppeld (dat de stekker is verwijderd en verwijderd blijft) vanaf elk punt waartoehij toegang heeft. Indien dit niet mogelijk is, wordt omwille van de constructie of instal-latie van de machine een loskoppeling met een vergrendelingssysteem in de geïso-leerde positie voorzien. • Monteer in overeenstemming met de bedradingsvoorschriften vóór installatie van demachine een meerpolige schakelaar ten behoeve van installatie- enservicewerkzaamheden. • Als er andere voltages of andere frequenties (gescheiden door een “/”) op het typepla-tje van de machine worden vermeld, dan zijn instructies voor het aanpassen van hetapparaat voor werking bij het vereiste voltage of de vereiste frequentie te vinden in deinstallatiehandleiding.

• Bij stationaire apparaten die niet zijn voorzien van middelen voor loskoppeling van hetstroomnet met een contactscheiding in alle polen die zorgen voor volledige loskoppe-ling onder omstandigheden van overspanningscategorie III, moeten middelen voor los-koppeling worden opgenomen in de vaste bedrading in overeenstemming met debedradingsvoorschriften. • De openingen in de basis mogen niet worden afgesloten door een tapijt. • Maximumgewicht van droge kleding: WH6–7CV: 7. 5 kg, WH6–8CV: 8. 5 kg, WH6–11CV: 11. 5 kg, WH6–14CV: 14. 5 kg, WH6–20CV: 21 kg, WH6–27CV: 27. 5 kg, WH6–33CV: 36. 5 kg. • A-gewogen emissie geluidsdrukniveau op werkplekken:– Wassen: WH6–7CV:.

6Installatiehandleiding• Bijkomende vereisten voor de volgende landen; AT, BE, BG, HR, CY, CZ, DK, EE, FI,FR, DE, GR, HU, IS, IE, IT, LV, LT, LU, MT, NL, NO, PL, PT, RO, SK, SI, ES, SE, CH,TR, UK:– Het apparaat mag gebruikt worden in een openbaar toegankelijke ruimte. Als het apparaat op een openbare plek wordt geïnstalleerd, kunnen alleen de onder-staande segmenten worden geselecteerd:Automatische dosering appartementHandmatige dosering appartementFlatgebouw MattenWasseretteWasserette WascomatWasserette MenchCamping/JachthavenAndere zelfbediening– Deze machine kan worden gebruikt door kinderen vanaf 8 jaar en door personenmet een fysieke of geestelijke beperking of gebrek aan kennis en ervaring als ze on-der toezicht staan of instructies ontvangen over een veilig gebruik van de machineen de gevaren die daarmee gepaard zijn begrijpen. Kinderen mogen niet met demachine spelen.

Het reinigen en het onderhoud mogen niet worden uitgevoerd doorkinderen zonder toezicht. • Bijkomende vereisten voor andere landen:– Deze machine is niet bedoeld voor gebruik door personen (inclusief kinderen) meteen fysieke of geestelijke beperking of gebrek aan kennis en ervaring, tenzij ze on-der toezicht staan en instructies ontvangen over het gebruik van de machine vaneen persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid. Kinderen moeten in de ga-ten gehouden worden, zodat ze niet met de machine spelen. – Dit apparaat is bedoeld voor gebruik in huishoudens en vergelijkbare toepassingen,zoals: (IEC 60335-2-7) personeelskeukens in winkels, kantoren en andere werkom-gevingen, boerderijen, door klanten in hotels, motels en andere woonomgevingen,bed-and-breakfast-omgevingen, ruimtes voor gemeenschappelijk gebruik in delenvan flats of in wasserettes. 1.

Om schade aan de elektronica (en andere onderdelen) te voorkomen, die kunnen ontstaan door condensatie, moetde machine gedurende 24 uur in kamertemperatuur worden geplaatst, voordat deze de eerste keer wordt gebruikt. 1. 2 Alleen voor commercieel gebruikDe machine/machines die in deze handleiding wordt/worden besproken, is/zijn alleen gemaakt voor commercieel enindustrieel gebruik. 1. 3 AuteursrechtenDeze handleiding is uitsluitend bestemd voor raadpleging door de operator en kan uitsluitend afgegeven worden aanderden met toestemming van het bedrijf Electrolux Professional AB.

Installatiehandleiding71. 4 Ergonomische certificeringHet menselijk lichaam is gemaakt voor beweging en activiteit, maar er kan fysiek stressletsel optreden als gevolgvan statische en herhaalde bewegingen of een onjuiste werkhouding. De ergonomische kenmerken van uw product, die uw fysieke en cognitieve interactie daarmee kunnen beïnvloeden,zijn beoordeeld en gecertificeerd. Een product met ergonomische kenmerken moet in feite voldoen aan specifieke ergonomische vereisten, op drieverschillende gebieden: Polytechnisch, Biomedisch en Psychosociaal (bruikbaarheid en tevredenheid)Voor elk van deze gebieden zijn specifieke testen met echte gebruikers uitgevoerd. Het product voldeed daarom aande ergonomische acceptatiecriteria die door de normen worden vereist.

In het geval dat meerdere machines door dezelfde operator worden beheerd, neemt het aantal herhaalde bewegin-gen toe en als gevolg daarvan neemt het daarmee samenhangende biomechanische risico exponentieel toe. Volg de onderstaande aanbevelingen om lichamelijk letsel bij operators zo veel mogelijk te vermijden. • De modellen WH6-14, WH6-20, WH6-27 en WH6-33 moeten worden aangesloten op automatische chemicalië-ndosering of aan de voorzijde voorzien worden van een doseerapparaat voor wasmiddel. • Voor de modellen WH6-7, WH6-8 en WH6-11 zijn de mogelijke risico’s die samenhangen met lichaamshoudingde interactie met de deurhendel in het geval dat de machine niet op een basis is geplaatst. Plaats de machine opeen basis in plaats van rechtstreeks op de vloer, zodat de operator niet onnodig zijn/haar rug hoeft te buigen bijhet inladen en uitladen van de machine.

We raden daarom aanom niet alleen de vingers, maar ook de handpalm te gebruiken bij het openen en sluiten van de deur. De druk vande pakking neemt na een paar dagen gebruik af. • Zorg voor geschikte karren of manden voor het inladen, uitladen en voor transport. • Zorg voor afwisseling van taken op de werkvloer in het geval dat meerdere machines door dezelfde operator wor-den beheerd. 1. 5 SymbolenVoorzichtigLet op, hoogspanningLees de instructies voordat u de machine gebruikt.

8Installatiehandleiding2 Garantievoorwaarden en uitsluitingenAls de aanschaf van dit product garantiedekking omvat, wordt garantie geboden die in overeenstemming is metplaatselijke verordeningen en die van toepassing is op het product dat geïnstalleerd en gebruikt wordt voor de doel-einden waarvoor het is ontworpen, en zoals beschreven in de van toepassing zijnde documentatie van deapparatuur. De garantie is van toepassing in het geval dat de klant uitsluitend originele reserveonderdelen heeft gebruikt en on-derhoud heeft uitgevoerd in overeenstemming met de documentatie van Electrolux Professional AB voor gebruikersen onderhoud, die op papier of in elektronisch formaat beschikbaar zijn gemaakt.

Het volgende wordt niet gedekt door de garantie van Electrolux Professional AB:• kosten voor onderhoudsritten om het product af te leveren en op te halen;• installatie;• training over het gebruik/de bediening;• vervanging (en/of levering) van reserveonderdelen, tenzij als gevolg van defecten in materialen of vakmanschapdie binnen één (1) week na de storing zijn gemeld;• correctie van externe bedrading;• correctie van niet-geautoriseerde reparaties evenals schade, storingen en inefficiënties die worden veroorzaaktdoor en/of het gevolg zijn van;– onvoldoende en/of abnormale capaciteit van de elektrische systemen (stroomsterkte/spanning/frequentie, metinbegrip van pieken en/of stroomstoringen);– onvoldoende of onderbroken watertoevoer, stoom, lucht, gas (inclusief verontreinigende stoffen en/of andereaspecten die niet voldoen aan de technische vereisten voor elke machine);– loodgietersonderdelen, onderdelen of verbruikbare schoonmaakproducten die niet zijn goedgekeurd door defabrikant;– verwaarlozing, verkeerd gebruik, misbruik of niet houden aan de gebruiks- en verzorgingsinstructies die be-schreven worden in de bijbehorende documentatie van de apparatuur door de klant;– onjuiste of slechte: installatie, reparatie, onderhoud (inclusief knoeien, wijzigingen en reparaties die worden uit-gevoerd door derden die niet geautoriseerd zijn) en wijzigingen aan de veiligheidssystemen;– Het gebruik van niet-originele onderdelen (bijv.

corrosie/oxidatie) stressveroorzaken;– vreemde voorwerpen die in het product worden geplaatst of daarop worden aangesloten;– ongelukken of overmacht;– transport en hantering, inclusief krassen, deuken, kerven en/of andere schade aan de afwerking van het pro-duct, tenzij dergelijke schade het gevolg is van defecten in materialen of vakmanschap en binnen één (1) weekna aflevering wordt gemeld, tenzij anders overeengekomen;• product met originele serienummers die verwijderd of gewijzigd zijn of niet gemakkelijk vastgesteld kunnenworden;• vervanging van lampen, filters of verbruiksartikelen;• alle accessoires en software die niet zijn goedgekeurd of niet gespecificeerd worden door Electrolux ProfessionalAB.

Installatiehandleiding134 Instellingen4.1 Verwijdering verpakking4.1.1 WH6-7, WH6-8, WH6-11Verwijdering van de bouten tussen de machine en de palletVerwijder het voor- en achterpaneel.fig.X01120FVerwijder de bouten tussen machine en pallet.fig.X01121Verwijder de machine van de pallet.Let op:De machine voorzichtig behandelen bij het verplaatsen. zorg ervoor dat de machine niet eerst met één vande achterste hoeken op de grond terecht komt. Hierdoor kan het zijpaneel van de machine wordenbeschadigd.

14InstallatiehandleidingVerwijdering van de transportbeveiligingenAls de machine op zijn uiteindelijke plaats of vlakbij zijn uiteindelijke plaats is neergezet, verwijder dan de vier trans-portsteunen. Bewaar de transportsteunen als de machine in de toekomst nog eens verplaatst moet worden.Let op:Ga voorzichtig met de machine om nadat de transportsteunen zijn verwijderd om schade aan de ophang-ingscomponenten te voorkomen.fig.X01120Als de machine op zijn uiteindelijke plaats is gezet, verwijder dan de steunvoetjes. (Als de machine niet op een sok-kel gemonteerd moet worden).fig.W00859C

16InstallatiehandleidingVerwijdering van de transportbeveiligingenAls de machine op zijn uiteindelijke plaats of vlakbij zijn uiteindelijke plaats is neergezet, verwijder dan de vier trans-portsteunen. Bewaar de transportsteunen als de machine in de toekomst nog eens verplaatst moet worden.Let op:Ga voorzichtig met de machine om nadat de transportsteunen zijn verwijderd om schade aan de ophang-ingscomponenten te voorkomen.fig.X01123BAls de machine in de uiteindelijke positie is geplaatst, verwijder dan de steunvoetjes. (Als de machine niet op eensokkel gemonteerd moet worden).WH6–14, WH6–20, WH6–27WH6–33

18Installatiehandleiding4.3 PlaatsingInstalleer de machine nabij een afvoerput of een open afvoer.De machine moet zo worden geplaatst dat er voldoende ruimte is voor het uitvoeren van werkzaamheden door zowelde gebruiker als servicepersoneel.De afbeelding toont de minimale afstand t.o.v. een wand en/of andere machines.

Wanneer de voorgeschreven af-standen niet in acht worden genomen, verhindert dit gemakkelijke toegang voor onderhouds- en servicehandelingen.A ABfig.X00959A 25 mmB 500 mm4.4 Mechanische installatieAls de machine niet op een sokkel wordt gemonteerd, moet de machine aan de vloer worden vastgezet met de bijge-leverde betonankers.De tabel toont de correcte positie van de voetjes en boorpunten.WH6–7-WH6–11: Markeer en boor twee gaten (⌀ 8 mm) van ongeveer 40 mm diep op positie (1).WH6–14-WH6–33: Markeer en boor twee gaten (⌀ 10 mm) van ongeveer 50 mm diep op positie (1).C ADGFEBHFRONT= drilling points= position of feet11XXX-Xfig.5989C

Installatiehandleiding216 WateraansluitingAlle waterinvoeraansluitingen van de machine moeten worden voorzien van handmatige afsluitkleppen en filters, ominstallatie en service te vergemakkelijken.Waterleidingen en -slangen moeten door worden gespoeld voor installatie.De machine moet worden aangesloten met nieuwe waterslangen. Gebruikte waterslangen mogen niet gebruiktworden.De slangen moeten goedgekeurd zijn m.b.t. type en kwaliteit en voldoen aan IEC 61770 en de van toepassing zijndelokale regelgeving.Na installatie moeten de slangen licht doorhangen.Alle aansluitingen van de machine moeten worden aangesloten. In de tabel staan de mogelijke aansluitopties, die af-hangen van de watertypes die op de machine worden aangesloten. Er staat ook informatie op het paneel boven deaansluitingen.Watertype Wateraansluiting12WH6–7, WH6–8, WH6–11• Koud en warmWH6–7, WH6–8, WH6–111.

Koud (voor wasmiddeldoseerapparaat)2. Heet123WH6–14, WH6–20, WH6–27, WH6–33• Koud en warmWH6–14, WH6–20, WH6–27, WH6–331. Koud2. Heet3. Koud (voor wasmiddeldoseerapparaat)/ HeetEr is ook een extra waterklep die kan worden gebruikt voor hard water, wanneer zacht water is aangesloten op 1.Deze klep kan ook worden gebruikt voor hergebruik van water uit de tank.Wanneer de pomp wordt gebruikt, is het alleen een wateraansluiting zonder klep.Verwijder de drie kunststof afdekkingen (A).Afig.7811B

Installatiehandleiding237 Aansluiten van externe doseersystemenAfhankelijk van welk type doseersysteem wordt aangesloten, volgt u de instructies die bij het doseersysteem zijnbijgesloten.Hieronder staan enkele voorbereidingen die op de machine kunnen worden uitgevoerd.7.1 Jetsave en Dosave7.1.1 Aansluiting van de slangDe machine is voorbereid om te worden aangesloten op de doseersystemen Jetsave en Dosave.De aansluitingen zijn gesloten bij de levering. Open de aansluitingen die moeten worden gebruikt door een gat te bo-ren waarin de slang moet worden aangesloten.Let op:Zorg ervoor dat er geen bramen achterblijven na het boren. Zorg er bij het verwijderen van de bramen voordat deze niet in de sifonafsluiter vallen.A = ⌀ 17 mm (gebruikt voor doseersystemen).B = ⌀ 6 mm (gebruikt voor doseersystemen).C = Alleen gebruikt voor het spoelspruitstuk.

(Aparte instructies bijgesloten bij de bestelling).Afhankelijk van welk wasmiddelreservoir wordt gebruikt op de machine, kan het achteraanzicht van de machine eenvan de onderstaande voorbeelden zijn.WH6–7, WH6–8, WH6–11, WH6–14, WH6–20, WH6–27, WH6–33ABCABCBevestig slangen op aansluitingen (A) altijd met een slangklem.Voor aansluitingen (B); als de slangen van zacht materiaal zijn gemaakt zoals siliconen of dergelijke, gebruik daneen kabelbandje om de slang op de aansluiting te bevestigen. Als de slangen van hard materiaal zijn gemaakt, wordthet niet aanbevolen om de aansluiting strakker te maken met een kabelbandje.Let op:Apparatuur voor externe dosering mag alleen worden aangesloten op pompdruk en niet op netwerkdruk.

24Installatiehandleiding8 Afvoer aansluitingSluit een leiding of rubberen slang van 75 mm (50 mm voor modellen WH6–7-WH6–11) aan op de afvoerbuis van demachine, om een neerwaartse stroming vanaf de machine te garanderen. Vermijd scherpe bochten, die een goedeafvoer kunnen belemmeren.De machine kan leeglopen in een afvoer door of naar een gesloten afvoersysteem. Zorg er in elk geval voor datwordt voldaan aan alle van toepassing zijnde nationale en lokale regelgeving op het gebied van waterleidingen.fig.5330Afvoerpomp (voor modellen WH6–7, WH6–8, WH6–11)De afvoerpijp moet zich boven een afvoerputje, een afvoerkanaal of op een dergelijke plek bevinden.Het hoogste gedeelte van de afvoerslang moet worden geplaatst zoals in de afbeelding.Zorg dat er geen knikken in de slang zitten.max100 mm /3 15/16 inch650 mm ± 50 mm /25 9/16 inch ±1 15/16 inchfig.X02458

Installatiehandleiding259 Elektrische aansluitingen9. 1 Elektrische installatieDe elektrische installatiewerkzaamheden mogen alleen door gekwalificeerd personeel worden uitgevoerd. Machines met frequentiegeregelde motoren kunnen incompatibel zijn met bepaalde soorten aardlekschakelaars. Het is van belang om te weten dat de machines zijn ontworpen voor een zo hoog mogelijke persoonlijke veilig-heid, daarom zijn onderdelen zoals een aardlekschakelaar niet noodzakelijk, maar wel aanbevolen. Indien u demachine desondanks op een aardlekschakelaar wilt aansluiten, moet u rekening houden met het volgende:• neem contact op met een erkende installateur om ervoor te zorgen dat de juiste automaat met de juiste waar-den wordt gekozen• sluit voor een maximale betrouwbaarheid slechts één machine per aardlekschakelaar aan• het is belangrijk dat de aarddraad goed wordt aangesloten.

Is de machine niet uitgerust met een meerpolige schakelaar, moet deze vooraf worden geïnstalleerd. Monteer in overeenstemming met de bedradingsvoorschriften vóór installatie van de machine een meerpolige scha-kelaar ten behoeve van installatie- en servicewerkzaamheden. De aansluitkabel moet in een lichte bocht hangen. Bij aansluiting op een aansluitingenblok, moet het omhulsel van de aansluitkabel 10-11 mm worden gestript. Het ka-beloppervlak moet minstens 0,5 mm2zijn en niet meer dan 4 mm2(AWG12/AWG20). Het aansluitingenblok datwordt gebruikt is een met een veer belaste sluitklem. 9.

28Installatiehandleiding9.3 Machineaansluiting met ferriet9.3.1 WH6–14CV, WH6–20CV, WH6–27CV, WH6–33CVOm het goedgekeurde EMC-niveau te verkrijgen, is het verplicht om ferriet te gebruiken, dat bij bovengenoemde mo-dellen wordt meegeleverd.

(Merk op dat dit alleen voor die modellen geldt).Voordat de machine wordt aangesloten, moet de aardingsdraad (PE) om de ferriet worden gewikkeld.Bereid de elektriciteitskabel voor door ervoor te zorgen dat de aardingsdraad (PE) langer is dan de andere draden,volgens de tabel.Draadgrootte L aantal keer doorheenAWG14 of 2,5 mm2230 mm x 4AWG12 of 4 mm2250 mm x 4AWG10 of 6 mm2270 mm x 4AWG8 of 10 mm2290 mm x 4AWG6 of 16 mm2330 mm x 4AWG4 of 25 mm2490 mm x 4Lfig.X01516Als de elektriciteitskabel is voorbereid volgens de tabel, wikkel de aardingsdraad (PE) dan door de ferriet en verbindalle draden volgens het hoofdstuk “Aansluiting machine”.T1T2T3N1NL1L2L3fig.X01360A

Installatiehandleiding299.4 MachineaansluitingSluit de aarde en andere draden aan volgens de tabel.Enkelfase-aansluiting 3-fasen aansluiting1NACL1N3ACL1 L2 L31ACL1 L23N ACL1 L2 L3N1N/1L1 L2/N3N ACL1 L2 L3 NEnkelfasige machines kunnen worden gevoed door aansluiting tussen een fase en neutraal of door aansluiting tus-sen twee fasen.Voorbeeld:Machines voor 220-240V enkelfasig kunnen worden gevoed door een 380V- of 400V- of 415V-systeem door aanslui-ting tussen een fase en neutraal of door een 220V- of 230V- of 240V-systeem door aansluiting tussen twee fasen.

Installatiehandleiding319.6 Aansluiting van externe functies9.6.1 UitgangenAfhankelijk van de configuratie van de machine zijn de uitgangen volgens onderstaande tabel geconfigureerd:Aansluiting Config. 22A Config. 22BKlem 12 Stoomklep (indien dubbele verwarming) Stoomklep (indien dubbele verwarming)Klem 13n.v.t.Vloeistof 1Klem 14n.v.t.Vloeistof 2Klem 15 n.v.t.Vloeistof 3Klem 16n.v.t.Vloeistof 4Klem 18 Programma uitvoeren Programma uitvoerenAls de externe stroomvoorziening (bijv. 24 V DC) wordt gebruikt, moet de stroomvoorziening worden aangesloten opklem 9 en 10.Als de inwendige stroomvoorziening (230 V van de machine) wordt gebruikt, sluit dan een jumper aan van klem 1(N) naar 9 en een jumper van klem 2 (L) naar 10. Max.

32Installatiehandleiding9.6.2 IngangenAfhankelijk van de configuratie van de machine zijn de ingangen volgens onderstaande tabel geconfigureerd:Aansluiting Config. 22A Config. 22BKlem 5 Start inschakelen Start inschakelenKlem 6 Starten/stoppen op afstand Starten/stoppen op afstandKlem 7 Munt 1 Munt 1Klem 8 Pauze PauzeHet signaalniveau voor de ingangen kan 5-24 V DC/AC of 100-240 V AC zijn.Sluit voor 5-24 V de signaalreferentie aan op klem 3 en voor 100-240 V op klem 4. De potentialen op de ingangenmogen niet gemengd worden!De afbeelding toont een voorbeeld van het aansluiten van een pauzesignaal van 24 V. Het programma pauzeert zo-lang het pauzesignaal actief (hoog) blijft, bijv. terwijl gewacht wordt tot het centrale doseersysteem klaar is.fig.6266

Installatiehandleiding339.7 Functies voor I/O-kaartenHet elektrische schema kan één van de volgende zijn:9.7.1 Start inschakelen (22A, 22B)Dit signaal kan gebruikt worden om de start van het programma mogelijk te maken als de machine op stand-by staat.Als er toestemming om te starten is gegeven, moet het signaal van het centrale betaalsysteem of boekingssysteemactief (hoog) blijven totdat de machine start.Om een terugkoppelingssignaal van de machine te ontvangen, moet 230 V of 24 V worden aangesloten op klem 19.Het terugkoppelingssignaal op klem 18 blijft actief (hoog) tijdens het gehele programma.2Con 1131 21Con 108Con 1111 2Con 1121 2Function2221Con 10733 4 5 6Con 1091 23 4 5 6Con 1101 2AI/O typeLed+5VCon 1161 32 4T1OUTVCCR1INV-C1-GNDC1+V+R1OUTT1INRx+5VTx+12VCon 1151 2Con 1141 2Central payment orBooking systemCentral payment orBooking system1 2 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 196 7 83 4 53 443RL5RL6 RL2RL3A122RL4 RL1U13++-U14++-U15++-U16++-U17++-0V+24VFeedbackFeedbackLog inp+5V+5VLog inpN InputsCommon 24VNeutralLineCommon 230VEnable startRemote start / stopCoin 1PausePower INOutput 1Output 2Output 3Output 4Output 5Common INCommon OUTPower INProg.RunL InputsCom 230VEn.

34Installatiehandleiding9.7.2 Starten/stoppen op afstand (22A, 22B)Dit signaal kan gebruikt worden om het programma te starten als de machine op standby staat, om de cyclus te pau-zeren als hij loopt en om een cyclus voort te zetten als hij gepauzeerd is.Het centrale betaalsysteem moet een puls afgeven om het programma te starten.Om een terugkoppelingssignaal van de machine te ontvangen, moet 230 V of 24 V worden aangesloten op klem 19.Het terugkoppelingssignaal op klem 18 blijft actief (hoog) tijdens het gehele programma.2Con 1131 21Con 108Con 1111 2Con 1121 2Function2221Con 10733 4 5 6Con 1091 23 4 5 6Con 1101 2AI/O typeLed+5VCon 1161 32 4T1OUTVCCR1INV-C1-GNDC1+V+R1OUTT1INRx+5VTx+12VCon 1151 2Con 1141 2Central payment orBooking systemCentral payment orBooking systemCentral payment orBooking system1 2 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 196 7 83 4 53 443RL5RL6 RL2RL3A122RL4 RL1U13++-U14++-U15++-U16++-U17++-0V+24VFeedbackFeedbackLog inp+5V+5VLog inpCommon 24VNeutralLineCommon 230VEnable startCoin 1PausePower INOutput 1Output 2Output 3Output 4Output 5Common INCommon OUTPower INProg.RunN InputsL InputsCom 230VR.

40Installatiehandleiding9.8 Verwarmingselementen ombouwen9.8.1 WH6–7, WH6–8 en WH6–11 kunnen omgebouwd worden van 400-415 V 3AC naar230-240 V 1AC met een lager vermogenSchakel de stroom naar de machine uit.Demonteer het voorpaneel en verwijder de kap van de verwarmingselementen.Verwijder de blauwe kabels.Verplaats de kabels 357/BN op E1 en 358/GY op E3 van de rode naar de witte aansluitingen van elk element volgensde afbeelding.Plaats de kap weer op de verwarmingselementen en plaats het voorpaneel terug.Demonteer het dekpaneel van de relais.

42Installatiehandleiding10StoomaansluitingInlaatleidingen die zijn aangesloten op de machine, moeten zijn uitgerust met een handbediende afsluitklep om in-stallatie en onderhoud te vergemakkelijken. De aansluitslang moet van het type ISO/1307- 1983 of gelijkwaardig zijn.Maat van de aansluiting op het filter: DN 15 (BSP 1/2").Demonteer het bovenpaneel (A). Demonteer de behuizing (B).ABfig.6600fig.X04344Bevestig de nippel op de stoomklep. Bevestig de stoomklep op de machine. Bevestig nippel, zeef en bochtpijp. Letop de richting van de zeef. Bevestig stoomslang op de bochtpijp. Controleer of er geen scherpe hoeken of buigingenin de aangesloten stoomslang zitten.fig.5862C

44Installatiehandleiding11 Stoomaansluiting voor dubbele verwarming (optie voor WH6-14, WH6-20,WH6-27, WH6-33 )Inlaatleidingen die zijn aangesloten op de machine, moeten zijn uitgerust met een handbediende afsluitklep om in-stallatie en onderhoud te vergemakkelijken. De aansluitslang moet van het type ISO/1307- 1983 of gelijkwaardig zijn.Maat van de aansluiting op het filter: DN 15 (BSP 1/2").Demonteer het bovenpaneel (A). Demonteer de behuizing (B).ABfig.6600fig.X04344Bevestig de nippel op de stoomklep. Bevestig de stoomklep op de machine. Bevestig nippel, zeef en bochtpijp. Letop de richting van de zeef. Bevestig stoomslang op de bochtpijp. Controleer of er geen scherpe hoeken of buigingenin de aangesloten stoomslang zitten.fig.5862C

Installatiehandleiding4712Machine met peilbuis en testkraan (optie voor WH6-14, WH6-20, WH6-27,WH6-33 )Machines met deze optie zijn gebouwd voor specifieke klanten die het waterpeil in de trommel moeten zien of contro-leren via een glazen buis die aan de zijkant van de machine is gemonteerd.Een meegeleverde testkraan wordt voor de tester/controleur voorbereid en er kunnen watermonsters uit de trommelworden verzameld.• Monteer de meegeleverde testkraan aan de linkerzijde van de machine. Gebruik voor de montage schroefdraad-tape en sluit vervolgens de testkraan.fig.X0351412.1 Opstelling/gebruikZet markeringen op de peilbuis om bijvoorbeeld te meten wanneer de trommel is gevuld met een bekend watervo-lume. Een tip is om een schaal naast de peilbuis te monteren.Verzamel watermonsters uit de testkraan, wanneer dat nodig is.

48Installatiehandleiding13Bij de eerste maal opstartenWanneer de installatie is voltooid en de stroom voor de eerste maal wordt aangesloten, moet u bepaalde instellingenuitvoeren. Volg de aanwijzingen op het scherm. Als één instelling is voltooid, wordt de volgende automatischgeopend.Als het apparaat op een openbare plek wordt geïnstalleerd, kunnen alleen de onderstaande segmenten wordengeselecteerd:Automatische dosering appartementHandmatige dosering appartementFlatgebouw MattenWasseretteWasserette WascomatWasserette MenchCamping/JachthavenAndere zelfbediening

Installatiehandleiding4914Controle van de werkingMag alleen door gekwalificeerd personeel worden uitgevoerd.Na voltooiing van de installatie en voordat de machine in bedrijf mag worden gesteld, moet de werking wordengecontroleerd.Open de handbediende waterkleppen.Start een programma.• Controleer of de trommel normaal draait en of er geen ongewone geluiden zijn.• Controleer of de aansluitingen voor watertoevoer/-afvoer niet lekken.• Controleer of er water door het wasmiddelreservoir loopt.• Controleer of de deur vergrendeld is tijdens een programma.Klaar voor gebruikAls alle tests goed resultaat opleveren, is de machine klaar voor gebruik.Leveren een of meer tests niet het juiste resultaat op of worden gebreken of fouten geconstateerd, neem dan contactop met de plaatselijke serviceorganisatie of dealer.

50Installatiehandleiding15Informatie m. b. t. afvoeren15. 1 Afvoeren van het apparaat aan het einde van de levensduurVoordat u begint aan de sloop van de machine, adviseren wij u de fysieke toestand van de machine zorgvuldig tecontroleren, met name of er geen delen van de structuur verzwakt of gebroken zijn. De onderdelen van de machine moeten gescheiden worden afgevoerd op grond van hun verschillende eigenschap-pen (bijv. metalen, oliën, vetten, plastic, rubber, etc. ). In de diverse landen zijn verschillende wetgevingen van toepassing. U moet dan ook de voorschriften die bepaaldworden door de wetten en de instanties in het land waar het apparaat gesloopt wordt, in acht nemen. In het algemeen moet het apparaat naar een gespecialiseerd inzamel/sloopbedrijf worden gebracht.

Demonteer het apparaat, groepeer de onderdelen op basis van hun chemische eigenschappen, denk eraan dat decompressor smeerolie en koelvloeistof bevat die gerecycled kunnen worden en dat de onderdelen van de koeling enverwarmingspomp speciaal afval zijn en als stedelijk afval behandeld moeten worden. Het symbool op het product geeft aan dat dit product niet als huishoudelijk afval behandeld moet worden, maar op de juiste wij-ze moet worden afgevoerd om negatieve gevolgen voor het milieu en de volksgezondheid te vermijden. Neem voor meer infor-matie over het recyclen van dit product contact op met de plaatselijke dealer of vertegenwoordiger, de klantenservice of deplaatselijke instelling die verantwoordelijk is voor afvalverwerking. Let op:Bij het afdanken van de machine moeten alle markeringen, deze handleiding en andere bij de apparatuur ho-rende documentatie vernietigd worden. 15.

2 Het weggooien van de verpakkingHet verpakkingsmateriaal moet worden weggegooid in overeenstemming met de voorschriften die van toepassingzijn in het land waar het apparaat gebruikt wordt. Alle materialen die gebruikt zijn voor de verpakking zijnmilieuvriendelijk.

Ze kunnen veilig worden bewaard, gerecycled of verbrand in een geschikte afvalverbrandingsinstallatie. Plastic on-derdelen die gerecycled kunnen worden zijn gemarkeerd zoals in de volgende voorbeelden. PEPolyethyleen:• Buitenverpakking• Zak met instructiesPPPolypropyleen:• RiempjesPSPolystyreenschuim• Hoekbeschermstukken.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Electrolux WH6-33CV stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden