Electrolux KCC83443CK Handleiding

Electrolux Fornuis KCC83443CK

Bekijk gratis de handleiding van Electrolux KCC83443CK (32 pagina’s), behorend tot de categorie Fornuis. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 36 mensen en kreeg gemiddeld 4.6 sterren uit 5 reviews. Heb je een vraag over Electrolux KCC83443CK of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/32
KCC83443CK
NLGebruiksaanwijzing | Kookplaat

Beoordeel deze handleiding

4.6/5 (5 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Electrolux
Categorie: Fornuis
Model: KCC83443CK
Apparaatplaatsing: Ingebouwd
Soort bediening: Touch
Kleur van het product: Zwart
Ingebouwd display: Ja
Timer: Ja
Gewicht: 18060 g
Breedte: 770 mm
Diepte: 510 mm
Hoogte: 210 mm
Kinderslot: Ja
Geluidsniveau: 64 dB
Gewicht verpakking: 24220 g
Breedte verpakking: 540 mm
Diepte verpakking: 935 mm
Hoogte verpakking: 619 mm
Maximale afzuigcapaciteit: 630 m³/uur
Afzuigmethode: Luchtafvoer
Fluid dynamic efficiency class: A
Vetfilterefficiëntieklasse: B
Soort materiaal (bovenkant): Glas
Aantal branders/kookzones: 4 zone(s)
Type kookplaat: Inductiekookplaat zones
Type brander/kookzone 1: Regulier
Type brander/kookzone 2: Regulier
Type brander/kookzone 3: Regulier
Makkelijk schoon te maken: Ja
Aantal gaspitten: 0 zone(s)
Aantal elektronische kook zones: 4 zone(s)
Controle positie: Voorkant
Aangesloten lading (elektrisch): 7350 W
LED-indicatoren: Ja
Aangesloten lading (gas): - W
Hob²Hood-functie: Ja
Uitlaat locatie: Midden
Breedte kookplaat: 80 cm
Kleur bedieningspaneel: Zwart
Stroomverbruik (in standby): 0.49 W
Restwarmte-indicator: Ja
Panherkenning: Ja
Traploze temperatuurregelaar: Ja
Auto-off timer koks voedsel veilig: Ja
Frame kleur: Zwart
Frame vorm: Schuin
Type brander/kookzone 4: Regulier
Voedingsbron brander/kookzone 1: Electrisch
Voedingsbron brander/kookzone 2: Electrisch
Voedingsbron brander/kookzone 3: Electrisch
Voedingsbron brander/kookzone 4: Electrisch
Positie brander/kookzone 1: Links voor
Diameter brander/kookzone 1: 210 mm
Positie brander/kookzone 2: Links achter
Diameter brander/kookzone 2: 210 mm
Positie brander/kookzone 3: Rechts voor
Diameter brander/kookzone 3: 145 mm
Positie brander/kookzone 4: Rechts achter
Diameter brander/kookzone 4: 180 mm
Energie-efficiëntieklasse (kap): A
Klaar alarm: Ja
Kookzone 1 vorm: Rond
Kookzone 2 vorm: Rond
Kookzone 3 vorm: Rond
Kookzone 4 vorm: Rond
Quick start: Ja
AC-ingangsspanning: 220-240 V
AC-ingangsfrequentie: 50 Hz
Type beeldscherm: LED
Energie-efficiëntieschaal: A+++ tot D
Inbouw afzuigkap: Ja
Geluidsniveau ventilatie (min): 48 dB
Geluidsniveau ventilatie (max): 69 dB
Snelle selectie voor vermogensniveaus: Ja
Randprofiel: Schuin
Afzuigkap aansluitvermogen: 105.8 W

Handleiding Electrolux KCC83443CK – volledige tekst

Welkom bij Electrolux. Hartelijk dank dat je voor onze apparatuurhebt gekozen. Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, service- en reparatie-informatie:www. electrolux. com/supportWijzigingen voorbehouden. INHOUDSOPGAVE1. VEILIGHEIDSINFORMATIE. 22. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN. 53. INSTALLATIE. 84. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT. 115. VOORAFGAAND AAN HET EERSTE GEBRUIK. 136. DAGELIJKS GEBRUIK. 147. EXTRA FUNCTIES. 188. AANWIJZINGEN EN TIPS. 199. ONDERHOUD EN REINIGING. 2210. PROBLEEMOPLOSSING. 2411. TECHNISCHE GEGEVENS. 2612. ENERGIEZUINIGHEID. 2713. MILIEUBESCHERMING. 291. VEILIGHEIDSINFORMATIELees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatieen gebruik van het apparaat. De fabrikant is nietverantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeituit de onjuiste installatie of het onjuiste gebruik.

Bewaar deinstructies altijd op een veilige, toegankelijke plek voortoekomstig gebruik. 1. 1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare personen• Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaaren ouder en door mensen met een beperkt lichamelijk,zintuiglijk of verstandelijk vermogen of een gebrek aanervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan ofinstructies hebben gekregen over het veilig gebruiken vanhet apparaat en indien zij de gevaren begrijpen. Kinderenjonger dan 8 jaar en personen met zware en complexebeperkingen dienen altijd uit de buurt van het apparaat te2 NEDERLANDS.

het elektriciteitsbedrijf regelmatig aan en uit wordtgeschakeld.• OPGELET: Tijdens het kookproces moet u in de buurtblijven Een kort kookproces moet voortdurend bewaaktworden.• WAARSCHUWING: Brandgevaar: Bewaar geenvoorwerpen op de kookoppervlakken.• Metalen voorwerpen, zoals messen, vorken, lepels endeksels mogen niet op het oppervlak van de kookplaatworden geplaatst, aangezien ze heet kunnen worden.• Gebruik het apparaat niet voordat u het in de ingebouwdeconstructie installeert.• Gebruik geen stoomreiniger om het apparaat schoon temaken.• Schakel het kookplaatelement na elk gebruik uit met debedieningstoetsen. Vertrouw niet op de pandetector.• Als de glaskeramische / glazen oppervlakte gebarsten is,schakel het apparaat dan uit en trek de stekker uit hetstopcontact.

In het geval het apparaat rechtstreeks op destroom is aangesloten met een aansluitdoos, verwijdert ude zekering om het apparaat van de stroom te halen. Neemaltijd contact op met de erkende servicedienst.• Zorg voor een goede luchtventilatie in de ruimte waar hetapparaat geïnstalleerd is, om het terugstromen van gassenvan apparaten in de ruimte die op gas of anderebrandstoffen werken, zoals open haarden, te voorkomen.• Zorg ervoor dat de ventilatieopeningen niet wordengeblokkeerd en dat de door het apparaat opgevangen luchtniet wordt overgebracht naar een kanaal dat wordt gebruiktom rook en stoom uit andere apparaten (centraleverwarmingssystemen, thermosifons,waterverwarmingstoestellen, enz.) af te zuigen.• Wanneer het apparaat met andere apparaten werkt, maghet maximale vacuüm dat in de ruimte wordt gegenereerdniet groter zijn dan 0,04 mbar.4 NEDERLANDS

• Reinig het afzuigkapfilter regelmatig en verwijdervetafzettingen uit het apparaat om brandgevaar tevoorkomen.• Indien het netsnoer beschadigd is, moet het wordenvervangen door de fabrikant, een erkende service ofvergelijkbaar gekwalificeerde personen om gevaar tevoorkomen.• Als het apparaat rechtstreeks op de voeding is aangesloten,moet de elektrische installatie zijn uitgerust met eenisoleerinrichting waarmee het apparaat van alle polen vanhet stopcontact kan worden losgekoppeld. Volledigeontkoppeling moet voldoen aan de voorwaarden van deoverspanningscategorie III.

De middelen voor ontkoppelingmoeten worden opgenomen in de vaste bedrading inovereenstemming met de bedradingsregels.• WAARSCHUWING: Gebruik alleen kookplaatbeschermersdie door de fabrikant van het kookapparaat zijn ontworpenof door de fabrikant van het apparaat in degebruiksinstructies als geschikt zijn aangegeven ofkookplaatbeschermers die in het apparaat zijngeïntegreerd. Het gebruik van ongeschiktekookplaatbeschermers kan ongelukken veroorzaken.2.

VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN2.1 InstallerenWAARSCHUWING!Alleen een erkende installatietechnicusmag dit apparaat installeren.WAARSCHUWING!Gevaar voor letsel of schade aan hetapparaat.• Verwijder alle verpakkingsmaterialen.• Installeer en gebruik geen beschadigdapparaat.• Volg de installatie-instructies die zijnmeegeleverd met het apparaat.• Houd de minimumafstand naar andereapparaten en units in acht.• Pas altijd op bij verplaatsing van hetapparaat, want het is zwaar. Gebruik altijdveiligheidshandschoenen en geslotenschoeisel.• Dicht de oppervlakken af met kit om tevoorkomen dat ze gaan opzetten doorvocht.• Bescherm de bodem van het apparaattegen stoom en vocht.• Installeer het apparaat niet naast een deurof onder een raam. Dit voorkomt dat heetkookgerei van het apparaat valt als dedeur of het raam wordt geopend.NEDERLANDS 5

• Installeer de uitlaatlucht niet in eenwandopening, tenzij de opening voor datdoel is ontworpen. • Voor installatie zonder kanaal moet deventilatoruitlaat direct tegen de muurworden geplaatst of door een extrakastwand worden gescheiden om toegangtot de ventilatorbladen te voorkomen. • Elk apparaat heeft koelventilatoren op debodem. • Als het apparaat gemonteerd wordt boveneen lade:– Leg geen kleine dingen of papierdewelke kunnen binnengezogenworden, omdat ze de koelventilatorenkunnen beschadigen of hetkoelsysteem kunnen belemmeren. – Houd een minimumafstand van 2 cmtussen de bodem van het apparaat ende voorwerpen die u in de ladeopbergt. • Verwijder de afscheidingspanelen die inde kast onder het apparaat zijngeïnstalleerd. 2. 2 Elektrische aansluitingWAARSCHUWING. Gevaar voor brand en elektrischeschokken.

• Alle elektrische aansluitingen moetenworden uitgevoerd door eengekwalificeerde elektricien inovereenstemming met het aansluitschemaof het installatieboekje. • Bij een afvoer en waar de accessoiresaanwezig of verplicht zijn (wandklep,raamschakelaar en/of raamopener)moeten elektrische aansluitingen wordengeïnstalleerd door een gekwalificeerdeelektricien, in overeenstemming met hetaansluitschema of het installatieboekje. • , moet het apparaat geaard worden. • Verzeker jezelf ervan dat de stekker uithet stopcontact is getrokken, voordat jewelke werkzaamheden dan ook uitvoert. • Zorg ervoor dat de parameters op hetvermogensplaatje overeenkomen metelektrische vermogen van de netstroom. • Controleer of het apparaat correctgeïnstalleerd is. Losse en onjuistestroomkabels of stekkers (indien vantoepassing) kunnen ertoe leiden dat decontactklem te heet wordt. • Gebruik het juiste netsnoer.

• Zorg ervoor dat de stroomkabel of stekker(indien van toepassing) het hete apparaatof heet kookgerei niet aanraakt als je hetapparaat op een nabijgelegen contactdoosaansluit. • Gebruik geen adapters met meerderestekkers en verlengkabels. • Zorg ervoor dat je de stekker (indien vantoepassing) of het netsnoer nietbeschadigt. Neem contact op met onserkende servicecentrum of een elektricienom een beschadigde stroomkabel tevervangen. • De schokbescherming van delen onderstroom en geïsoleerde delen moet op zo'nmanier worden bevestigd dat het nietzonder gereedschap kan wordenverplaatst. • Steek de stekker pas in het stopcontactals de installatie is voltooid. Zorg ervoordat het netsnoer na installatie bereikbaaris. • Als het stopcontact los zit, mag u destekker niet in het stopcontact steken. • Trek niet aan het netsnoer om hetapparaat los te koppelen. Trek altijd aande stekker.

• Gebruik enkel correcteisolatievoorzieningen:stroomonderbrekers, zekeringen(schroefzekeringen moeten uit de houderworden verwijderd), aardlekschakelaarsen contactgevers. • De elektrische installatie moet eenisolatieapparaat bevatten waardoor hetapparaat volledig van het lichtnetafgesloten kan worden. Hetisolatieapparaat moet een contactopeninghebben met een minimale breedte van 3mm. 6 NEDERLANDS.

2. 3 GebruikWAARSCHUWING. Gevaar voor letsel, brandwonden ofelektrische schokken. • De specificatie van dit apparaat nietwijzigen. • Verwijder voor het eerste gebruik alleverpakkingsmaterialen, etiketten enbeschermfolie (indien van toepassing). • Zorg ervoor dat de ventilatieopeningenniet geblokkeerd worden. De ventilatiemoet periodiek worden gecontroleerd dooreen gekwalificeerd persoon. • Laat het apparaat tijdens de werking nietonbeheerd achter. • Zet de kookzone op "uit" na ieder gebruik. • Plaats geen bestek of deksels vansteelpannen op de kookzones. Ze kunnenheet worden. • Gebruik het apparaat niet met nattehanden of als het contact maakt metwater. • Gebruik het apparaat niet als werkblad ofals opslagoppervlak. • Als het oppervlak van het apparaatgebarsten is, koppel het apparaat danonmiddellijk los van de stroomtoevoer. Ditdient om een elektrische schok tevoorkomen.

• Gebruikers met een pacemaker moeteneen afstand van minimaal 30 cmaanhouden tot de inductiekookzones alshet apparaat in werking is. • Als u voedsel in hete olie plaatst, kan hetspatten. • Gebruik nooit open vuur wanneer degeïntegreerde afzuigkap in werking is. • Gebruik geen aluminiumfolie of anderematerialen tussen het kookoppervlak enhet kookgerei, tenzij anders aangegevendoor de fabrikant van dit apparaat. • Gebruik alleen accessoires die door defabrikant voor dit apparaat wordenaanbevolen. WAARSCHUWING. Risico op brand en explosie. • Wanneer ze verwarmd worden, kunnenvetten en oliën ontvlambare dampenafgeven. Houd open vuur of verwarmdevoorwerpen uit de buurt van vetten enoliën wanneer u ermee kookt. • De dampen die boven erg hete olieontstaan kunnen spontaan ontbranden.

Risico op schade aan het apparaat. • Laat geen heet kookgerei op hetbedieningspaneel staan. • Leg geen hete deksel op het glazenoppervlak van de kookplaat. • Laat kookgerei niet droogkoken. • Zorg ervoor dat je geen voorwerpen ofkookgerei op het apparaat laat vallen. Hetoppervlak kan beschadigd raken. • Schakel de kookzones niet terwijl er leegkookgerei of geen kookgerei op geplaatstis. • Verwijder het rooster of het afzuigkapfilternooit wanneer de geïntegreerde afzuigkapof het apparaat in werking is. • Gebruik de geïntegreerde kap nooitzonder het filter van de afzuigkap. • Dek de inlaat van de geïntegreerdeafzuigkap niet af met kookgerei. • Open het deksel van de bodem nietwanneer de geïntegreerde afzuigkap ofhet apparaat in werking is. • Plaats geen kleine of lichte voorwerpen inde buurt van de geïntegreerde afzuigkap,om het risico van beknelling te vermijden.

• Kookgerei gemaakt van gietijzer of meteen beschadigde bodem kan krassen ophet glas/glaskeramiek veroorzaken. Tildeze voorwerpen altijd op als je ze op dekookplaat moet verplaatsen. 2. 4 Onderhoud en reiniging• Reinig het apparaat regelmatig om tevoorkomen dat het materiaal van hetoppervlak achteruitgaat. • Schakel het apparaat uit en laat hetafkoelen voordat u het schoonmaakt. • Gebruik geen waterstralen en stoom omhet apparaat te reinigen. NEDERLANDS 7.

• Reinig het apparaat met een vochtigezachte doek. Gebruik alleen neutraleschoonmaakmiddelen. Gebruik geenschurende producten, schuursponsjes,oplosmiddelen of metalen voorwerpen,tenzij anders aangegeven.2.5 Service• Neem contact op met de erkendeservicedienst voor reparatie van hetapparaat. Gebruik alleen originelereserveonderdelen.• Met betrekking tot de lamp(en) in ditproduct en reservelampen die afzonderlijkworden verkocht: Deze lampen zijnbedoeld om bestand te zijn tegen extremefysieke omstandigheden in huishoudelijkeapparaten, zoals temperatuur, trillingen,vochtigheid, of zijn bedoeld om informatiete geven over de operationele status vanhet apparaat.

Reinig het werkblad rond het uitgesnedengebied.2. Bevestig de meegeleverde 2x6 mmafdichtstrip tegen de onderrand van dekookplaat langs de van de keramischeplaat. Rek het niet uit. Zorg dat deuiteinden van de afdichtstrip zich in hetmidden van een van de zijden van dekokplaat bevinden.8 NEDERLANDS

3. Tel een paar millimeter bij de af teknippen lengte van de afdichtstrip.4. Duw de twee uiteinden van de afdichtstripsamen.Geïntegreerde installatie1. Reinig de sponningen in het werkblad.2. Snijd de meegeleverde 3x10 mmafdichtingsstreep in vier strepen. Destrepen moeten dezelfde lengte hebbenals de sponningen.3. Knip de uiteinden van de strepen in eenhoek van 45°. Ze moeten nauwkeurig inde hoeken van de sponningen passen.4. Bevestig de strepen aan de rabbels. Rekde strippen niet uit. Plak de uiteinden vande strippen niet over elkaar heen.Dicht na plaatsing van de kookplaat de kiertussen het werkblad en het glaskeramiek metsiliconenkit.

Zorg ervoor dat de siliconen nietonder het glaskeramiek komen.3.4 MontageRaadpleeg het installatieboekje voorgedetailleerde informatie over het monterenvan jouw kookplaat.Volg het aansluitingsschema van dekookplaat en het aansluitingsschema van deraamschakelaar in het installatieboekje en/ofde labels onder de kookplaat.Alleen voor geselecteerde landenIn geval van uitlaatinstallatie kan eenraamschakelaar nodig zijn (raadpleegeen bevoegde technicus). Je moet hetapart kopen omdat het niet bij deafzuigkap wordt geleverd. Deraamschakelaar moet door eenbevoegde technicus wordengeïnstalleerd. Raadpleeg hetinstallatieboekje.min.50mmmin.500mmAls het apparaat boven een lade wordtgeïnstalleerd, kan de ventilatie van dekookplaat de artikelen die zich in de ladebevinden tijdens het bereidingsprocesopwarmen.INSTALLATIE AAN BOVENKANTNEDERLANDS 9

GEÏNTEGREERDE INSTALLATIEZoek de videotutorial "Hoe installeer ik mijnElectrolux-afzuigkap van 80 cm" door devolledige naam die in de afbeelding hieronderstaat in te typen.www.youtube.com/electroluxwww.youtube.com/aegHow to install your Electrolux Extractor Hob 80 cmMontage filterbehuizingZorg er vóór het eerste gebruik voor dat u hetfilter in de behuizing plaatst, met de zwartezijden naar binnen gericht en de zilverenzijden naar buiten gericht. Zie "Het filter vande afzuigkap reinigen". Zodra defilterbehuizing is gemonteerd, plaats je dezein de holte van de afzuigkap waarna je hetrooster op de afzuigkap plaatst.3.5 Aansluitsnoer• De kookplaat wordt geleverd met eenaansluitkabel.• Gebruik als vervanging van hetbeschadigde netsnoer het volgendesnoertype: H05V2V2-F die bestand istegen een temperatuur van 90 °C ofhoger.

De enkele draad moet eendiameter hebben van minimaal 1,5 mm².Neem contact op met onzeserviceafdeling. Het vervangen van deverbindingskabel mag alleen wordengedaan door een gekwalificeerdeelektricien.WAARSCHUWING!Alle elektrische aansluitingen moetendoor een gekwalificeerde elektricienworden aangelegd.LET OP!Aansluitingen via contactpluggen zijnverboden.LET OP!Boor of soldeer de draaduiteinden niet.Het is verboden.LET OP!Sluit de kabel niet aan zonder de hulsvoor het kabeluiteinde.Eenfasige aansluiting1. Verwijder de huls voor het kabeluiteindevan de zwarte en bruine draden.10 NEDERLANDS

7Slang8Adapter4.2 Indeling van het kookoppervlak3211111Inductie kookzone2Bedieningspaneel3Kap4.3 Indeling bedieningspaneel5 6 7 8 91111223410Gebruik de tiptoetsen om het apparaat te bedienen. De displays, indicatielampjes en geluidentonen welke functies worden gebruikt.Tip‐toetsFunctie Omschrijving1Aan / Uit Het apparaat in- en uitschakelen.2Pauze De functie in- en uitschakelen.3Timer De functie instellen.4 / - De tijd verlengen of verkorten.5- Timerdisplay De tijd in minuten weergeven.6Bridge De functie in- en uitschakelen.7AUTO Automatische modus van de af‐zuigkapDe functie in- en uitschakelen.12 NEDERLANDS

Tip‐toetsFunctie Omschrijving8Handmatige modus van de afzuig‐kapOm de functie in/uit te schakelen en tussen 3 ventila‐torsnelheden om te schakelen.9Boost De functie in- en uitschakelen.10- Bedieningsstrip Het instellen van de kookstand.11PowerBoost Het inschakelen van de functie.12Blokkering / Kinderbeveiligingsin‐richtingHet bedieningspaneel vergrendelen/ontgrendelen.4.4 Indicatielampjes op de displayIndicatielampje Omschrijving + cijferEr is een storing.Het afzuigkapfilter moet opnieuw worden gegenereerd. / / OptiHeat Control (3 stappen Restwarmte-indicator): doorgaan met koken/warm hou‐den/restwarmte.5.

VOORAFGAAND AAN HET EERSTE GEBRUIKWAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.5.1 EnergiebeperkingEnergiebeperking bepaalt hoeveel stroom dekookplaat in totaal gebruikt, binnen degrenzen van de zekeringscapacitiet van dehuisinstallatie.De kookplaat is standaard op het hoogstmogelijke vermogensniveau ingesteld.Om het vermogensniveau te verlagen ofverhogen:1. Open het menu: houd 3 secondeningedrukt. Houd vervolgens ingedrukt.2. Druk op de timer aan de voorzijde tot verschijnt.3. Druk op / op de timer aan devoorkant om het vermogensniveau in testellen.4. Druk op om af te sluiten.VermogensniveausZie het hoofdstuk 'Technische gegevens'.LET OP!Zorg ervoor dat het gekozen vermogenaansluit op de zekeringenkast in huis.• P73 — 7350 W• P15 — 1500 W• P20 — 2000 W• P25 — 2500 W• P30 — 3000 W• P35 — 3500 W• P40 — 4000 W• P45 — 4500 W• P50 — 5000 W• P60 — 6000 WNEDERLANDS 13

6. DAGELIJKS GEBRUIKWAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.6.1 In- en uitschakelenHoud ingedrukt om de kookplaat in of uitte schakelen.6.2 PandetectieDeze functie geeft de aanwezigheid vankookgerei op de kookplaat aan en schakeltde kookzones uit als er tijdens eenkooksessie geen kookgerei wordtgedetecteerd.Als je kookgerei op een kookzone plaatstvoordat je een kookstand selecteert,verschijnt het indicatielampje boven 0 op deregelbalk.Als je kookgerei uit een geactiveerdekookzone verwijdert en deze tijdelijk opzij zet,gaan de indicatielampjes boven debijbehorende regelbalk knipperen.

Als je hetkookgerei niet binnen 120 secondenterugplaatst op de geactiveerde kookzone,wordt de kookzone automatischuitgeschakeld.Plaats het kookgerei weer op de kookzonesbinnen de aangegeven time-out om hetkoken te hervatten.6.3 De kookzones gebruikenPlaats het kookgerei in het midden van degekozen kookzone. Inductiekookzonespassen zich tot op zekere hoogteautomatisch aan de afmetingen van pannenaan.U kunt met groot kookgerei op tweekookzones tegelijkertijd koken. Het kookgereidient het midden van beide zones tebedekken, maar niet voorbij degebiedsmarkering komen. Als het kookgereitussen beide middenzones wordt geplaatst,wordt de functie Bridge niet geactiveerd.6.4 Warmte-instelling1. Druk op de gewenste warmte-instellingop de regelbalk.De indicatielampjes boven de regelbalkverschijnen tot het geselecteerdewarmteniveau.2.

Druk op 0 om een kookzone uit teschakelen.6.5 PowerBoostDeze functie maakt meer vermogenbeschikbaar voor de inductiekookzones. Defunctie kan voor een beperkte tijdsduur vooruitsluitend de inductiekookzone wordengeactiveerd. Daarna wordt deinductiekookzone automatischteruggeschakeld naar de hoogste kookstand.Zie het hoofdstuk 'Technische gegevens'.14 NEDERLANDS

Om de functie voor een kookzone in teschakelen: raak aan. De functie uitschakelen: wijzig dekookstand. 6. 6 OptiHeat Control (3-stapsrestwarmte-indicator)WAARSCHUWING. / / Zolang het indicatielampjeaanstaat, bestaat er een risico opbrandwonden door restwarmte. De inductiekookzones creëren de voor hetkookproces benodigde warmte rechtstreeksin de bodem van het kookgerei. Hetglaskeramiek wordt verwarmd door dewarmte van het kookgerei. De indicatielampjes verschijnen als eenkookzone heet is. De aanduidingen tonen hetniveau van de restwarmte voor de kookzonesdie je momenteel gebruikt: - doorgaan met koken, - warm houden, - restwarmte. Het indicatielampje kan ook verschijnen:• voor de aangrenzende kookzones, zelfsals je ze niet gebruikt,• als er heet kookgerei op de koudekookzone wordt geplaatst,• als de kookplaat is uitgeschakeld, maar dekookzone nog heet is.

Het indicatielampje verdwijnt als de kookzoneis afgekoeld. 6. 7 TimerTimer met aftelfunctieGebruik deze functie om aan te gevenhoelang een kookzone moet werken tijdenseen enkele kooksessie. Stel eerst de wartme-instelling voor degeselecteerde kookzone in en stel daarna defunctie in. 1. Druk op. 00 verschijnt op hettimerdisplay. 2. Druk op of op om de tijd in testellen (00-99 minuten). 3. Druk op om de timer te starten ofwacht 3 seconden. De timer begint af tetellen. Om de tijd te wijzigen: selecteer dekookzone met en druk op of. Om de functie uit te schakelen: selecteerde kookzone met en druk op. Deresterende tijd telt terug tot 00. De timer is klaar met aftellen, er klinkt eensignaal en 00 knippert. Schakelt de kookzoneuit. Druk op een willekeurig symbool om hetsignaal en te knipperen te stoppen.

Druk op eenwillekeurig symbool om het signaal testoppen en te knipperen. Om de functie uit te schakelen: druk op en. De resterende tijd telt terug naar 00. 6. 8 StroommanagementAls er meerdere zones actief zijn en hetverbruikte vermogen de limiet van destroomtoevoer overschrijdt, verdeelt dezefunctie het beschikbare vermogen tussen allekookzones. De kookplaat regelt de warmte-instellingen om de zekeringen van deinstallatie in het huis te beschermen. • Als de kookplaat de limiet van hetmaximaal beschikbare vermogen bereikt(zie het typeplaatje) wordt het vermogenvan de kookzones automatisch verlaagd. • De warmte-instelling van de als eerstegekozen kookzone heeft altijd prioriteit. Het resterende vermogen zal tussen deNEDERLANDS 15.

eerder geactiveerde kookzones wordenverdeeld, in omgekeerde volgorde vanselectie. • Voor kookzones met verminderdvermogen knippert het bedieningspaneeltweemaal en toont het de maximaalmogelijke warmte-instellingen. • Wacht totdat het display stopt metknipperen of verlaag de kookstand van delaatst geselecteerde kookzone. Dekookzones blijven werken met deverlaagde warmte-instelling. Wijzig indiennodig handmatig de warmte-instellingenvan de kookzones. • De afzuigkap is altijd beschikbaar alselektrische belasting. 6. 9 AfzuigkapfunctiesWAARSCHUWING. Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. De afzuigkap in- en uitschakelenDe afzuigkap kan tijdens de kooksessietegelijkertijd met de kookplaat werken maarook terwijl de kookplaat is uitgeschakeld. 1. Druk op om de afzuigkap in teschakelen. Er klinkt een signaal en er verschijnenindicatoren boven het symbool. 2.

Pas de instelling van deventilatorsnelheid zo nodig aan door ophet symbool te drukken. Deindicatielampjes veranderen om dehuidige ventilatorsnelheid weer te geven. 3. Om de afzuigkap uit te schakelen, drukt uherhaaldelijk op totdat deindicatielampjes boven het symboolverdwijnen. AUTODe functie past de ventilatorsnelheidautomatisch aan op basis van hetgeselecteerde warmteniveau van dekookplaat. Als je de kookplaat voor de eerste keergebruikt, wordt de functie standaardgeactiveerd. Je kunt de functie inschakelen terwijl dekookplaat is ingeschakeld en geen van dekookzones actief is, of op elk moment tijdensde kooksessie. Als je de functie activeert terwijl dekookplaat is uitgeschakeld, geen van dekookzones werkt en er geen restwarmtezichtbaar is op het bedieningspaneel,wordt de functie na enkele secondenvanzelf uitgeschakeld. 1. Houd ingedrukt om de kookplaat in teschakelen. 2.

Druk op AUTO om de functie te activeren. Er klinkt een signaal en er verschijnenindicatoren boven het symbool. 3. Plaats kookgerei op de kookplaat enselecteer een warmteniveau. Verhoog ofverlaag indien nodig het warmteniveau.

De afzuigkap reageert op het warmteniveau,waardoor de ventilatorsnelheiddienovereenkomstig wordt verhoogd ofverlaagd. De indicatielampjes boven hetsymbool van de afzuigkap verschijnen. 4. Druk op 0 op de regelbalk van dekookplaat om een kookzone uit teschakelen of op om de kookplaat uit teschakelen. Als de restwarmte-indicator verschijnt, blijftAUTO de ventilatorsnelheid aanpassen. 5. Druk op AUTO om de functie tijdens hetkoken uit te schakelen en over teschakelen op handmatige bediening. Er klinkt een signaal en het indicatielampjeboven het symbool verdwijnt. 16 NEDERLANDS.

Automatische modi - ventilatorsnelhedenAf‐zuig‐kap‐modusRestwarmteniveau (kookplaat isuit)Restwarmteniveau (kook‐plaat is aan)Koken Roosteren 0 H1 - - - - - - - - 1H2 - - - - - - 1 1 1H3 - - - - - 1 1 1 2H4 - - - 1 1 1 2 2 3Als je de kookplaat uitschakelt terwijlAUTO deze draait, wordt de functieonthouden voor de volgende kooksessie. BoostDe functie schakelt de ventilator van deafzuigkap op maximale snelheid in. 1. Druk op om de functie te activeren. Er klinkt een signaal en er verschijnenindicatoren boven het symbool. 2. Druk nogmaals op om de functieindien nodig uit te schakelen. De functie kan maximaal 10 minutenononderbroken werken. Na die tijd verandertde instelling van de ventilatorsnelheidautomatisch in 3. Je kunt de functie zo nodigopnieuw activeren.

Auto BreezeDe functie stelt de afzuigkapventilatorautomatisch zodat deze een tijd blijft draaiennadat je klaar bent met koken en schakeltvervolgens de kookplaat uit. De ventilatordraait gedurende maximaal 20 minuten opeen minimumsnelheid. De functie verwijderteventuele aanhoudende geuren na hetkoken. Als je de kookplaat voor de eerste keergebruikt, is de functie standaardingeschakeld. Wanneer de functie in werking is, verschijnthet indicatielampje boven AUTO. Zodra decyclus voorbij is, schakelt de ventilatorautomatisch uit. Om de functie uit te schakelen terwijl dezeactief is:Druk op AUTO of. De ventilator van de afzuigkap wordtuitgeschakeld. Om de functie volledig uit te schakelen:1. Open het menu: houd 3 secondeningedrukt. Houd vervolgens ingedrukt. 2. Druk op op de timer vooraan totdat dFop het display verschijnt. 3. Druk op of op de timer aan devoorzijde tot Uit (--) verschijnt. 4.

Druk op om af te sluiten. Het wordt aanbevolen om de functie nietuit te schakelen en deze gedurende devolledige cyclus ononderbroken te latenwerken. 6. 10 MenustructuurDe tabel toont de basismenustructuur.

Sym‐boolInstellingen Mogelijke optiesdF Auto Breeze Aan / Uit (--)E Alarm / foutge‐schiedenisDe lijst met recentealarmen / fouten. Om gebruikersinstellingen in te voeren: 3seconden ingedrukt houden. Houdvervolgens ingedrukt. De instellingenverschijnen op de timer van de linkerkookzones. Navigeren door het menu: het menubestaat uit het instellingssymbool en eenwaarde. Het symbool verschijnt op de timeraan de achterkant en de waarde verschijnt opde timer aan de voorkant. Om tussen deinstellingen te navigeren, druk je op op detimer aan de voorzijde. Druk op of opde timer aan de voorzijde om deinstellingswaarde te wijzigen. Om het menu te verlaten: druk op. OffSound ControlJe kunt de geluiden in / uitschakelen in Menu> Gebruikersinstellingen. Zie "Menustructuur".

Wanneer de geluiden uit zijn, kun je hetgeluid nog steeds horen als:• u aanraakt,• de timer gaat uit,• druk je op een inactief symbool. 7. EXTRA FUNCTIES7. 1 Automatische uitschakelingDe functie schakelt de kookplaatautomatisch uit als:• alle kookzonesen de afzuigkap zijnuitgeschakeld,• je na het inschakelen van de kookplaatgeen kookstand of ventilatorsnelheidinstelt,• je iets hebt gemorst of langer dan 10seconden iets op het bedieningspaneelhebt gelegd (een pan, doek). Er klinkt eensignaal en de kookplaat wordtuitgeschakeld. Verwijder het object ofreinig het bedieningspaneel. • het apparaat te heet wordt (bijv. als eensteelpan droogkookt). Laat de kookzoneafkoelen voordat je de kookplaat weergebruikt. • je een kookzone niet uitschakelt of dekookstand wijzigt. Na enige tijd wordt dekookplaat uitgeschakeld.

Desnelheid van de afzuigkapventilator daalt totsnelheid 1. Als je de functie activeert terwijlde afzuigkap in de automatische moduswerkt, wordt de snelheid van deafzuigkapventilator niet verlaagd. Als de functie in werking is kunnen en worden gebruikt. Alle andere symbolen ophet bedieningspaneel zijn vergrendeld. 18 NEDERLANDS.

De functie stopt de timerfuncties niet. 1. Om de functie in te schakelen: druk op. De warmte-instelling wordt verlaagd naar 1. De snelheid van de afzuigkapventilator daalttot snelheid 1. 2. Om de functie uit te schakelen, druk op. De vorige kookstand / ventilatorsnelheid gaataan. 7. 3 BlokkeringU kunt het bedieningspaneel vergrendelenterwijl de kookplaat in werking is. Hetvoorkomt dat de warmte-instelling/snelheidvan de afzuigkap per ongeluk wordtgewijzigd. Stel eerst de kookstand/snelheid van deafzuigkap in. Om de functie in te schakelen: druk op. Om de functie uit te schakelen: druknogmaals op. De functie wordt uitgeschakeld, als je dekookplaat uitschakelt. 7. 4 KinderbeveiligingsinrichtingDeze functie voorkomt onbedoeld gebruikvan de kookplaat en de afzuigkap. Om de functie te activeren: druk op. Stelgeen kookstand / afzuigkap in.

Houd 3seconden ingedrukt tot het indicatielampjeboven het symbool verschijnt. Schakel dekookplaat uit met. Als je de kookplaat uitschakelt, is defunctie nog steeds actief. Hetindicatielampje hierboven brandt. Om de functie uit te schakelen: druk op. Stel geen kookstand / afzuigkap in. Houd 3 seconden ingedrukt totdat hetindicatielampje boven het symbool verdwijnt. Schakel de kookplaat uit met. Koken met de functie ingeschakeld: drukop en druk vervolgens 3 seconden optot het indicatielampje boven het symboolverdwijnt. Je kunt de kookplaat bedienen. Alsje de kookplaat uitschakelt met de -functie, werkt weer. 7. 5 BridgeDe functie werkt als de pan demiddelpunten van beide zones bedekt. Raadpleeg "De kookzones gebruiken"voor meer informatie over de juisteplaatsing van kookgerei. De functie verbindt twee kookzones en zewerken als één kookzone.

8. 1 PannenVoor inductiekookzones creëert een sterkelektromagnetisch veld de hitte in depannen zeer snel. Gebruik de inductiekookzones met geschiktepannen. • De bodem van de pannen moet zo dik envlak mogelijk zijn. • Zorg ervoor dat bodems schoon en droogzijn voordat de pannen op de kookplaatworden gezet. • Schuif of wrijf de pan niet over hetkeramische glas, om krassen tevoorkomen. Panmaterialen• goed: gietijzer, staal, geëmailleerd staal,roestvrij staal, meerlaagse bodem(aangemerkt als geschikt door defabrikant). • niet goed: aluminium, koper, messing,glas, keramiek, porselein. Een pan is geschikt voor eeninductiekookplaat als:• water op de hoogste kookstand binnenkorte tijd wordt verwarmd,• een magneet op de onderkant van hetkookgerei plakt. Afmetingen van pannen• Inductiekookzones passen zich tot opzekere hoogte automatisch aan deafmetingen van pannen aan.

• De efficiëntie van de kookzone hangtsamen met de diameter van de pan. Pannen met een diameter kleiner dan hetminimum ontvangen slechts een deel vanhet vermogen dat door de kookzone wordtgegenereerd. • Gebruik zowel om veiligheidsredenen alsvoor optimale kookresultaten geen pannengroter dan aangegeven in dekookzonespecificaties. Zorg ervoor datpannen tijdens het koken niet dicht bij hetbedieningspaneel blijven. Dit kan invloedhebben op de werking van hetbedieningspaneel of onbedoeld dekookplaatfuncties activeren. Raadpleeg de technische gegevens. Geventileerde stoomdekselsOm de kooksessies naast de afzuigkapverder te optimaliseren, kun je de specialestoomgeventileerde deksels met jouwkookgerei gebruiken.

2 Lawaai tijdens gebruikAls u dit hoort:• kraakgeluid: de pan is gemaakt vanverschillende materialen (een sandwich-constructie). • fluitend geluid: bij gebruik van eenkookzone met een hoge kookstand en alshet kookgerei is gemaakt vanverschillende materialen (een sandwich-constructie). • zoemend geluid: als u hoge kookstandengebruikt. • klikken: er treedt elektrische schakelingop. • sissend, brommend: de ventilator werkt. Deze geluiden zijn normaal en hebbenniets met een defect te maken. 20 NEDERLANDS.

8. 3 Öko Timer (Eco-timer)Om energie te besparen schakelt hetverwarmingselement van de kookzone eerderuit dan het signaal van de timer metaftelfunctie klinkt. Het verschil in werkingstijdhangt af van het niveau van de kookstand ende tijd dat u kookt. 8. 4 Voorbeelden vankooktoepassingenDe correlatie tussen de kookstand en hetstroomverbruik van de kookzone is nietlineair. Wanneer u de kookstand verhoogt, isdit niet proportioneel met de toename instroomverbruik van de kookzone. Hetbetekent dat een kookzone op de mediumkookstand minder dan de helft van hetvermogen gebruikt. De gegevens in de tabel dienen alleenals richtlijn. Warmte-instel‐lingGebruik om het volgende tedoen:Tijd(min)Tips1 Houd gekookt voedsel warm. indien no‐digDoe een deksel op het kookgerei. 1 - 2 Hollandaisesaus, smelten: boter, cho‐colade, gelatine. 5 - 25 Roer af en toe. 2 Stollen: luchtige omeletten, gebakkeneieren.

10 - 40 Kook met een deksel erop. 2 - 3 Zachtjes aan de kook brengen van rijsten gerechten op melkbasis, reeds be‐reide gerechten opwarmen. 25 - 50 Voeg minimaal twee keer zo veelvocht toe als rijst en roer gerechten opmelkbasis halverwege de proceduredoor. 3 - 4 Stoofgroenten, vis, vlees. 20 - 45 Voeg een paar eetlepels water toe. Controleer de hoeveelheid water tij‐dens het proces. 4 - 5 Stoom aardappelen en andere groen‐ten. 20 - 60 Bedek de bodem van de pan met 1-2cm water. Controleer het waterpeil tij‐dens het proces. Houd het deksel opde pan. 4 - 5 Kook grotere hoeveelheden voedsel,stoofschotels en soepen. 60 - 150 Tot 3 liter vloeistof plus ingrediënten. 6 - 7 Zacht bakken: escalope, kalfscordonbleu, koteletten, rissoles, worstjes, le‐ver, roux, eieren, pannenkoeken, do‐nuts. indien no‐digDraai om wanneer nodig. 7 - 8 Flink bakken, hash browns, lendenbief‐stuk, steaks.

5 Aanwijzingen en tips voor deafzuigkap• Het rooster dat de afzuigkap bedekt isgemaakt van gietijzer. Je kunt er potten opzetten als de afzuigkap niet werkt. Het zalgeen schade veroorzaken. • Wanneer de AUTO-modus in werking is,start de ventilator aan het begin van elkekooksessie op een lage snelheid. DeNEDERLANDS 21.

snelheid neemt geleidelijk toe. Je kunt ookde snelheid van de ventilator handmatigaanpassen. 9. ONDERHOUD EN REINIGINGWAARSCHUWING. Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 9. 1 Algemene informatie• Reinig de kookplaat na elk gebruik. • Gebruik altijd kookgerei met een schonebodem. • Krassen of donkere vlekken op hetoppervlak hebben geen invloed op dewerking van de kookplaat. • Gebruik een specifiek schoonmaakmiddelvoor het oppervlak van de kookplaat. • Gebruik een speciale schraper voor hetglas. 9. 2 De kookplaat reinigen• Verwijder onmiddellijk: gesmoltenkunststof, plastic folie, zout, suiker ensuikerhoudend voedsel, anders kan ditschade aan de kookplaat veroorzaken. Doe voorzichtig om brandwonden tevoorkomen. Gebruik de speciale schraperop de glazen plaat en verwijder restendoor het blad over het oppervlak teschuiven.

• Verwijder wanneer de kookplaatvoldoende is afgekoeld: kalkringen,waterringen, vetvlekken, glanzendemetaalverkleuring. Reinig de kookplaatmet een vochtige doek en een beetje niet-schurend reinigingsmiddel. Droog dekookplaat na reiniging af met een zachtedoek. • Verwijder glanzende metaalverkleuring:reinig het glazen oppervlak met een doeken een oplossing van water met azijn. 9. 3 De afzuigkap schoonmakenRasterHet rooster leidt de lucht in de afzuigkap. Bovendien beschermt het rooster hetafzuigkapsysteem en voorkomt het dat er perongeluk vreemde voorwerpen in vallen. Jekunt het rooster handmatig of in eenvaatwasser wassen. Veeg het rooster af meteen zachte doek. WaterreservoirOnder de kap bevindt zich eenwaterreservoir. Dit verzamelt hetcondenswater dat bij elk kookproces ontstaat. Vergeet niet om het waterreservoir regelmatigte legen.

Als er water of andere vloeistoffen in hetafzuigkapsysteem terechtkomen:• schakel de afzuigkap eerst uit,• til het rooster op en reinig het gebied rondde kap voorzichtig met een vochtige doekof spons en een mild schoonmaakmiddel,• veeg het overtollige vocht op de bodemvan de afzuigkap weg met een spons ofeen droge doek,• Reinig zonodig het filter (zie "Het filter vande afzuigkap reinigen"),• schakel de afzuigkap in, stel hetventilatorsnelheidsniveau in op 2 of hogeren laat de kap enige tijd draaien om hetresterende vocht te verwijderen. 22 NEDERLANDS.

9. 4 Het filter van de afzuigkapreinigenHet 2-in-1 koolstoffilter met langelevensduur combineert de filtratie van vet engeur in één unit. Het filter bestaat uit tweeelementen aan de linker- en rechterkant vanhet filterhuis. Elk element bestaat uit hetvetfilter en het koolstoffilter met langelevensduur. Het vetfilter vangt vet, olie envoedselresten op en voorkomt dat ze in hetafzuigkapsysteem terechtkomen. Hetkoolstoffilter met lange levensduur, dat actiefkoolstofschuim bevat, neutraliseert rook enkookgeuren. Reinig en regenereer het filterregelmatig:• Reinig het filter zodra het opgebouwde vetzichtbaar wordt. De reinigingsfrequentie isafhankelijk van de hoeveelheid vet en oliedie bij het koken wordt gebruikt. Hetverdient aanbeveling om het filter elke 10 -20 uur, of zo nodig vaker, te reinigen. • Regenereer het filter alleen als de melding is ingeschakeld.

Het maximale aantalregeneratiecycli is 7. Daarna moet hetfilter worden vervangen door een nieuwfilter. De kookplaat heeft een ingebouwde tellerom je eraan te herinneren dat het filtermoet worden schoongemaakt. De tellerstart automatisch opnieuw wanneer je deafzuigkap voor de eerste keer inschakelt. Na 100 uur gebruik begint hetfilterindicatielampje te knipperen omaan te geven dat het filter moet wordenschoongemaakt. De melding blijft 30seconden aan nadat je de afzuigkap en dekookplaat hebt uitgeschakeld. De meldingblokkeert het gebruik van de kookplaatniet. WAARSCHUWING. Een oververzadigd filter kan brandgevaaropleveren. Het filter demonteren/opnieuwmonterenHet filter en de filterbehuizing bevinden zichdirect onder het rooster in het midden van dekookplaat. Verwijder ze voorzichtig, omdat zedoor opgehoopt vet glad kunnen zijn. 1. Verwijder het rooster. 2. Verwijder het filterhuis. 3.

zilveren zijden naar buiten zijngericht. Na het opnieuw monterenmoet u de zwarte kant in deovenruimte kunnen zien. b. Plaats het filterhuis terug in de holtevan de afzuigkap. Het filterhuis reinigenWas de filterbehuizing handmatig met eenmild reinigingsmiddel en een zachte doek. Jekunt het ook in de vaatwasser wassen. Het filter reinigen1. Was het filter in warm water zonderreinigingsmiddelen. Reinigingsmiddelenkunnen de geurfiltratie beschadigen. Jekunt indien nodig een zachte spons, eenzachte doek of een niet-schurendereinigingsborstel gebruiken omvoedselresten te verwijderen. U kunt hetfilter ook wassen in een vaatwasser op65-70°C (met een programma langer dan90min),zonder afwasmiddelen enzondervaat in dezelfde lading. 2. Droog het filter in de oven voor 20-30 minbij 70 °C. Plaats het filter op het middelsterooster. Gebruik hiervoor niet deheteluchtovenfunctie.

Je kunt het filterook 's nachts laten drogen bijkamertemperatuur. Het filter moetvolledig worden gedroogd voordat hetweer in elkaar wordt gezet. 3. Zet de filtereenheid weer in elkaar enplaats deze terug in de holte van deafzuigkap. Het filter regenereren1. Reinig eerst het filter, zoals hierboven instap 1 beschreven. 2. Zet het filter in een oven op 80-110 °Cgedurende 60 min. Plaats het filter op hetmiddelste rooster. Gebruik eenovenfunctie zonder ventilator. 3. Zet de filtereenheid weer in elkaar enplaats deze terug in de holte van deafzuigkap. 4. Druk kort op om de teller te resetten. De teller wordt opnieuw gestart. 10. PROBLEEMOPLOSSINGWAARSCHUWING. Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 10. 1 Wat moet je doen als. Probleem Mogelijke oorzaak OplossingJe kunt de kookplaat niet inscha‐kelen of bedienen. De kookplaat is niet aangesloten opeen stopcontact of niet goed geïn‐stalleerd.

Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing Pauze is in werking. Zie "Pause". Water of vetvlekken op het bedie‐ningspaneel. Reinig het bedieningspaneel. Je kunt een constant piepgeluidhoren. De elektrische aansluiting is ver‐keerd. Trek de stekker van de kookplaat uithet stopcontact. Laat de installatiecontroleren door een erkende elektri‐cien. Je kunt de maximale warmte‐stand niet instellen voor één vande kookzones. De andere zones verbruiken hetmaximaal beschikbare vermogen. Je kookplaat werkt correct. Verlaag de warmtestand van de ande‐re kookzones die op dezelfde fase zijnaangesloten. Zie 'Stroommanage‐ment'. Er klinkt een geluidssignaal en dekookplaat wordt uitgeschakeld. Als de kookplaat wordt uitge‐schakeld, klinkt er een geluids‐signaal. Je hebt iets op een of meer sensor‐velden geplaatst. Verwijder het voorwerp van de sensor‐velden. De kookplaat wordt uitgescha‐keld.

Je hebt iets op het sensorveld geplaatst. Verwijder het voorwerp van het sen‐sorveld. De restwarmte-indicator gaat nietaan. De zone is niet heet omdat dezeslechts kortstondig is gebruikt, of desensor is beschadigd. Als de zone voldoende lang gebruikt isom heet te zijn, neem je contact opmet een erkende servicedienst. Het bedieningspaneel wordt heetbij aanraking. Het kookgerei is te groot of je plaatsthet te dicht bij het bedieningspaneel. Plaats grotere pannen indien mogelijkop de achterste kookzones. Er klinkt geen geluidsignaal wan‐neer je de tiptoetsen van het be‐dieningspaneel aanraakt. De signalen zijn uit. Schakel de geluiden in. Raadpleeg‘Dagelijks gebruik’. Het indicatielampje boven hetsymbool gaat aan. Kinderbeveiligingsinrichting of Blok‐kering werkt. Zie "Kinderbeveiliging" en "Blokke‐ring". De bedieningsbalk knippert.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Electrolux KCC83443CK stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden