Electrolux CIB60424CK Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Electrolux CIB60424CK (88 pagina’s), behorend tot de categorie Fornuis. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 10 mensen en kreeg gemiddeld 5.0 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over Electrolux CIB60424CK of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag
Product specificaties
| Merk: | Electrolux |
| Categorie: | Fornuis |
| Model: | CIB60424CK |
Handleiding Electrolux CIB60424CK – volledige tekst
Welkom bij Electrolux. Hartelijk dank dat je voor onze apparatuurhebt gekozen. Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, service- en reparatie-informatie:www. electrolux. com/supportWijzigingen voorbehouden. INHOUDSOPGAVE1. VEILIGHEIDSINFORMATIE. 182. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN. 213. INSTALLATIE. 234. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT. 255. DAGELIJKS GEBRUIK. 266. AANWIJZINGEN EN TIPS. 287. ONDERHOUD EN REINIGING. 308. PROBLEEMOPLOSSING. 309. TECHNISCHE GEGEVENS. 3210. ENERGIEZUINIGHEID. 3211. MILIEUBESCHERMING. 331. VEILIGHEIDSINFORMATIELees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatieen gebruik van het apparaat. De fabrikant is nietverantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeituit de onjuiste installatie of het onjuiste gebruik. Bewaar deinstructies altijd op een veilige, toegankelijke plek voortoekomstig gebruik. 1.
1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare personen• Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaaren ouder en door mensen met een beperkt lichamelijk,zintuiglijk of verstandelijk vermogen of een gebrek aanervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan ofinstructies hebben gekregen over het veilig gebruiken vanhet apparaat en indien zij de gevaren begrijpen. Kinderenjonger dan 8 jaar en personen met zware en complexebeperkingen dienen altijd uit de buurt van het apparaat te18 NEDERLANDS.
worden gehouden, tenzij ze voortdurend onder toezichtstaan.• Houd toezicht op kinderen, om te voorkomen dat zij gaanspelen met het apparaat.• Houd alle verpakking uit de buurt van kinderen en gooi hetop passende wijze weg.• WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijkeonderdelen ervan worden heet tijdens het gebruik.
Houdkinderen en huisdieren uit de buurt van het apparaat tijdenshet gebruik en bij het afkoelen.• Als het apparaat is voorzien van een kinderslot, dient dit teworden geactiveerd.• Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- enonderhoudswerkzaamheden aan het apparaat uitvoeren.1.2 Algemene veiligheid• Dit apparaat is uitsluitend bestemd om mee te koken.• Dit apparaat is bedoeld voor binnenshuis huishoudelijkgebruik.• Dit apparaat kan worden gebruikt in kantoren, hotelkamers,bed & breakfast-kamers, boerderijgasthuizen en anderesoortgelijke accommodaties waar dergelijk gebruik de(gemiddelde) huishoudelijke gebruiksniveaus nietoverschrijdt.• WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijkeonderdelen ervan worden heet tijdens het gebruik.
U dientte voorkomen de verwarmingselementen aan te raken.• WAARSCHUWING: Onbewaakt koken op een kookplaatmet vet of olie kan gevaarlijk zijn en tot brand leiden.• Rook is een indicatie van oververhitting. Gebruik nooitwater om het kookvuur te blussen. Schakel het apparaat uiten bedek de vlammen met bijv. een branddeken of deksel.• WAARSCHUWING: Het apparaat mag niet van stroomworden voorzien door een extern schakelapparaat, zoalseen tijdklok, of aangesloten worden op een circuit dat doorNEDERLANDS 19
het elektriciteitsbedrijf regelmatig aan en uit wordtgeschakeld.• OPGELET: Tijdens het kookproces moet u in de buurtblijven Een kort kookproces moet voortdurend bewaaktworden.• WAARSCHUWING: Brandgevaar: Bewaar geenvoorwerpen op de kookoppervlakken.• Metalen voorwerpen, zoals messen, vorken, lepels endeksels mogen niet op het oppervlak van de kookplaatworden geplaatst, aangezien ze heet kunnen worden.• Gebruik het apparaat niet voordat u het in de ingebouwdeconstructie installeert.• Gebruik geen stoomreiniger om het apparaat schoon temaken.• Schakel het kookplaatelement na elk gebruik uit met debedieningstoetsen. Vertrouw niet op de pandetector.• Als de glaskeramische / glazen oppervlakte gebarsten is,schakel het apparaat dan uit en trek de stekker uit hetstopcontact.
In het geval het apparaat rechtstreeks op destroom is aangesloten met een aansluitdoos, verwijdert ude zekering om het apparaat van de stroom te halen. Neemaltijd contact op met de erkende servicedienst.• Indien het netsnoer beschadigd is, moet het wordenvervangen door de fabrikant, een erkende service ofvergelijkbaar gekwalificeerde personen om gevaar tevoorkomen.• WAARSCHUWING: Gebruik alleen kookplaatbeschermersdie door de fabrikant van het kookapparaat zijn ontworpenof door de fabrikant van het apparaat in degebruiksinstructies als geschikt zijn aangegeven ofkookplaatbeschermers die in het apparaat zijngeïntegreerd. Het gebruik van ongeschiktekookplaatbeschermers kan ongelukken veroorzaken.20 NEDERLANDS
2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN2. 1 InstallerenWAARSCHUWING. Alleen een erkende installatietechnicusmag dit apparaat installeren. WAARSCHUWING. Gevaar voor letsel of schade aan hetapparaat. • Verwijder alle verpakkingsmaterialen. • Installeer en gebruik geen beschadigdapparaat. • Volg de installatie-instructies die zijnmeegeleverd met het apparaat. • Houd de minimumafstand naar andereapparaten en units in acht. • Pas altijd op bij verplaatsing van hetapparaat, want het is zwaar. Gebruik altijdveiligheidshandschoenen en geslotenschoeisel. • Dicht de oppervlakken af met kit om tevoorkomen dat ze gaan opzetten doorvocht. • Bescherm de bodem van het apparaattegen stoom en vocht. • Installeer het apparaat niet naast een deurof onder een raam. Dit voorkomt dat heetkookgerei van het apparaat valt als dedeur of het raam wordt geopend. • Elk apparaat heeft koelventilatoren op debodem.
• Als het apparaat gemonteerd wordt boveneen lade:– Leg geen kleine dingen of papierdewelke kunnen binnengezogenworden, omdat ze de koelventilatorenkunnen beschadigen of hetkoelsysteem kunnen belemmeren. – Houd een minimumafstand van 2 cmtussen de bodem van het apparaat ende voorwerpen die u in de ladeopbergt. • Verwijder de afscheidingspanelen die inde kast onder het apparaat zijngeïnstalleerd. 2. 2 Elektrische aansluitingWAARSCHUWING. Gevaar voor brand en elektrischeschokken. • Alle elektrische aansluitingen moetenworden uitgevoerd door eengekwalificeerde elektricien. • Als het symbool ( ) niet op de typeplaatis afgedrukt, moet het apparaat geaardworden. • Verzeker jezelf ervan dat de stekker uithet stopcontact is getrokken, voordat jewelke werkzaamheden dan ook uitvoert. • Zorg ervoor dat de parameters op hetvermogensplaatje overeenkomen metelektrische vermogen van de netstroom.
• Gebruik het juiste netsnoer. • Zorg dat de stroomkabel niet verstriktraakt. • Controleer of er een aardlekschakelaar isgeïnstalleerd. • Gebruik de trekontlastingsklem op dekabel. • Zorg ervoor dat de stroomkabel of stekker(indien van toepassing) het hete apparaatof heet kookgerei niet aanraakt als je hetapparaat op een nabijgelegen contactdoosaansluit. • Gebruik geen adapters met meerderestekkers en verlengkabels. • Zorg ervoor dat je de stekker (indien vantoepassing) of het netsnoer nietbeschadigt. Neem contact op met onserkende servicecentrum of een elektricienom een beschadigde stroomkabel tevervangen. • De schokbescherming van delen onderstroom en geïsoleerde delen moet op zo'nmanier worden bevestigd dat het nietzonder gereedschap kan wordenverplaatst. • Steek de stekker pas in het stopcontactals de installatie is voltooid. Zorg ervoorNEDERLANDS 21.
dat het netsnoer na installatie bereikbaaris. • Als het stopcontact los zit, mag u destekker niet in het stopcontact steken. • Trek niet aan het netsnoer om hetapparaat los te koppelen. Trek altijd aande stekker. • Gebruik enkel correcteisolatievoorzieningen:stroomonderbrekers, zekeringen(schroefzekeringen moeten uit de houderworden verwijderd), aardlekschakelaarsen contactgevers. • De elektrische installatie moet eenisolatieapparaat bevatten waardoor hetapparaat volledig van het lichtnetafgesloten kan worden. Hetisolatieapparaat moet een contactopeninghebben met een minimale breedte van 3mm. 2. 3 GebruikWAARSCHUWING. Gevaar voor letsel, brandwonden ofelektrische schokken. • De specificatie van dit apparaat nietwijzigen. • Verwijder voor het eerste gebruik alleverpakkingsmaterialen, etiketten enbeschermfolie (indien van toepassing).
• Zorg ervoor dat de ventilatieopeningenniet geblokkeerd worden. • Laat het apparaat tijdens de werking nietonbeheerd achter. • Zet de kookzone op "uit" na ieder gebruik. • Plaats geen bestek of deksels vansteelpannen op de kookzones. Ze kunnenheet worden. • Gebruik het apparaat niet met nattehanden of als het contact maakt metwater. • Gebruik het apparaat niet als werkblad ofals opslagoppervlak. • Als het oppervlak van het apparaatgebarsten is, koppel het apparaat danonmiddellijk los van de stroomtoevoer. Ditdient om een elektrische schok tevoorkomen. • Gebruikers met een pacemaker moeteneen afstand van minimaal 30 cmaanhouden tot de inductiekookzones alshet apparaat in werking is. • Als u voedsel in hete olie plaatst, kan hetspatten. • Gebruik geen aluminiumfolie of anderematerialen tussen het kookoppervlak enhet kookgerei, tenzij anders aangegevendoor de fabrikant van dit apparaat.
Houd open vuur of verwarmdevoorwerpen uit de buurt van vetten enoliën wanneer u ermee kookt. • De dampen die boven erg hete olieontstaan kunnen spontaan ontbranden. • Gebruikte olie, die voedselresten kanbevatten, kan ontbranden bij een lageretemperatuur dan olie die voor de eerstekeer wordt gebruikt. • Plaats geen ontvlambare producten ofartikelen die vochtig zijn met ontvlambareproducten in, bij of op het apparaat. WAARSCHUWING. Risico op schade aan het apparaat. • Laat geen heet kookgerei op hetbedieningspaneel staan. • Leg geen hete deksel op het glazenoppervlak van de kookplaat. • Laat kookgerei niet droogkoken. • Zorg ervoor dat je geen voorwerpen ofkookgerei op het apparaat laat vallen. Hetoppervlak kan beschadigd raken. • Schakel de kookzones niet terwijl er leegkookgerei of geen kookgerei op geplaatstis.
2. 4 Onderhoud en reiniging• Reinig het apparaat regelmatig om tevoorkomen dat het materiaal van hetoppervlak achteruitgaat. • Schakel het apparaat uit en laat hetafkoelen voordat u het schoonmaakt. • Gebruik geen waterstralen en stoom omhet apparaat te reinigen. • Reinig het apparaat met een vochtigezachte doek. Gebruik alleen neutraleschoonmaakmiddelen. Gebruik geenschurende producten, schuursponsjes,oplosmiddelen of metalen voorwerpen,tenzij anders aangegeven. 2. 5 Service• Neem contact op met de erkendeservicedienst voor reparatie van hetapparaat. Gebruik alleen originelereserveonderdelen.
• Met betrekking tot de lamp(en) in ditproduct en reservelampen die afzonderlijkworden verkocht: Deze lampen zijnbedoeld om bestand te zijn tegen extremefysieke omstandigheden in huishoudelijkeapparaten, zoals temperatuur, trillingen,vochtigheid, of zijn bedoeld om informatiete geven over de operationele status vanhet apparaat. Ze zijn niet bedoeld voorgebruik in andere toepassingen en zijnniet geschikt voor verlichting inhuishoudelijke ruimten. 2. 6 VerwijderingWAARSCHUWING. Gevaar voor letsel of verstikking. • Neem contact op met uw plaatselijkeoverheid voor informatie over het afvoerenvan het apparaat. • Haal de stekker uit het stopcontact. • Snijd het netsnoer vlak bij het apparaat afen gooi het weg. 3. INSTALLATIEWAARSCHUWING. Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 3. 1 Voor montageVoordat u de kookplaat installeert, dient u deonderstaande informatie van het typeplaatjete noteren.
Het typeplaatje bevindt zichonderop de kookplaat. Serienummer. 3. 2 Ingebouwde kookplatenInbouwkookplaten mogen alleen wordengebruikt nadat zij ingebouwd zijn in geschikteinbouwunits of werkbladen die aan denormen voldoen. 3. 3 Aansluitsnoer• De kookplaat wordt geleverd met eenaansluitkabel Het installeren van deverbindingskabel mag alleen wordengedaan door een gekwalificeerdeelektricien.
• Gebruik als vervanging van hetbeschadigde netsnoer het volgendesnoertype: H05V2V2-F of gelijkwaardig,dat bestand is tegen een temperatuur van90°C of hoger. Neem contact op met deservicedienst. Het aansluitsnoer magalleen worden vervangen door eengekwalificeerde elektricien. • Het apparaat werkt op 50 of Hz 60 Hz envereist geen extra actie van eengekwalificeerde elektricien om tussenfrequenties te schakelen. NEDERLANDS 23.
3.4 Aansluitingsdiagram380 - 415V 2N ~ 220 - 240V ~220 - 240V ~220 - 240V ~220 - 240V ~ 220 - 240V 1N ~ 220 - 240V ~220 - 240V ~NLDraadkleurenN2 N1 L2 L1Blauw Blauw - Grijs Bruin Zwart3.5 MontageAls je de kookplaat onder een kap installeert,raadpleeg je de installatie-instructies van deafzuigkap voor de minimumafstand tussen deapparaten.min.50mmmin.500mmAls het apparaat boven een lade wordtgeïnstalleerd, kan de ventilatie van dekookplaat de artikelen die zich in de ladebevinden tijdens het bereidingsprocesopwarmen.Zoek de videotutorial "Hoe installeert u uwElectrolux inductiekookplaat - installatie ophet aanrecht" door de volledige naam die inde onderstaande afbeelding staat in te typen.24 NEDERLANDS
www.youtube.com/electroluxwww.youtube.com/aegHow to install your Electrolux Induction Hob - Worktop installation4. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT4.1 Indeling van het kookoppervlak210 mm145 mm180 mm145 mm111 121Inductie kookzone2Bedieningspaneel4.2 Indeling van het bedieningspaneel1 32 4 5Gebruik de tiptoetsen om het apparaat te bedienen. De displays, indicatielampjes en geluidentonen welke functies worden gebruikt.Tiptoets Functie Opmerking1Aan / Uit De kookplaat in- en uitschakelen.2Blokkering / Kinderbeveili‐gingsinrichtingHet bedieningspaneel vergrendelen/ontgrendelen.3- Om de kookzone te selecteren.4- Kookstanddisplay De kookstand weergeven.5 / - Het instellen van de kookstand.NEDERLANDS 25
4.3 KookstanddisplaysScherm BeschrijvingDe kookzone is uitgeschakeld. - De kookzone wordt gebruikt.PowerBoost werkt. + cijferEr is een storing.Er is nog een kookzone heet (restwarmte).Blokkering / Kinderbeveiligingsinrichting werkt.Het kookgerei is niet geschikt of te klein, of er is geen kookgerei op de kookzone ge‐plaatst.Automatische uitschakeling werkt.5. DAGELIJKS GEBRUIKWAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.5.1 In- of uitschakelenRaak 1 seconde aan om de kookplaat in–of uit te schakelen.5.2 Automatische uitschakelingDe functie schakelt de kookplaatautomatisch uit als:• alle kookzones zijn uitgeschakeld,• u de kookstand niet instelt nadat u dekookplaat hebt ingeschakeld,• u iets hebt gemorst of iets langer dan 10seconden op het bedieningspaneel hebtgelegd (een pan, doek, etc.). Er klinkt eengeluidssignaal en de kookplaat wordtuitgeschakeld.
Verwijder het voorwerp ofreinig het bedieningspaneel.• De kookplaat te heet wordt (bijvoorbeeldals een steelpan droog kookt). Dekookzone moet afgekoeld zijn voordat ude kookplaat weer kunt gebruiken.• u ongeschikte pannen gebruikt. Hetsymbool gaat branden en na 2 minutenschakelt de kookzone automatisch uit.• u een kookzone niet uitschakelt of dekookstand verandert. Na een tijdje gaat aan en schakelt de kookplaat uit.De verhouding tussen kookstand en detijd waarna de kookplaat uitschakelt:Warmte-instelling De kookplaat wordtuitgeschakeld na1 - 2 6 uur3 - 4 5 uur5 4 uur6 - 9 1,5 uur5.3 De kookzone selecterenRaak om de kookzone te selecteren hetsensorveld aan dat bij de zone hoort. Hetdisplay toont de kookstand ( ).5.4 De kookstandStel de kookzone in. aanraken om te verhogen. aanrakenom te verlagen. Raak en tegelijkertijdaan om de kookzone uit te schakelen.26 NEDERLANDS
5. 5 Restwarmte-indicatorWAARSCHUWING. Zolang het indicatielampje aanstaat,bestaat er een risico op brandwondendoor restwarmte. De inductiekookzones creëren de voor hetkookproces benodigde warmte rechtstreeksin de bodem van het kookgerei. Hetglaskeramiek wordt verwarmd door dewarmte van het kookgerei. Het indicatielampje verschijnt als eenkookzone heet is. Het indicatielampje kan ook verschijnen:• voor de aangrenzende kookzones, zelfsals je ze niet gebruikt,• als er heet kookgerei op de koudekookzone wordt geplaatst,• als de kookplaat is uitgeschakeld, maar dekookzone nog heet is. Het indicatielampje verdwijnt als de kookzoneis afgekoeld. 5. 6 PowerBoostDeze functie maakt meer vermogenbeschikbaar voor de inductiekookzones. Defunctie kan voor een beperkte tijdsduur vooruitsluitend de inductiekookzone wordengeactiveerd.
Daarna wordt deinductiekookzone automatischteruggeschakeld naar de hoogste kookstand. Zie het hoofdstuk 'Technische gegevens'. Om de functie voor een kookzone teactiveren: stel eerst de kookzone in endaarna de maximale kookstand. Raak aan tot gaat branden. Voor het uitschakelen van de functie raaktu aan. 5. 7 BlokkeringU kunt het bedieningspaneel vergrendelenterwijl de kookzones in werking zijn. Hiermeewordt voorkomen dat de kookstand perongeluk wordt veranderd. Stel eerst de kookstand in. De functie inschakelen: raak aan. gaat gedurende 4 seconden aan. De functie uitschakelen: Raak aan. Devorige kookstand gaat aan. Als u de kookplaat uitzet, stopt u dezefunctie ook. 5. 8 KinderbeveiligingsinrichtingDeze functie voorkomt dat de kookplaatonbedoeld wordt gebruikt. Om de functie te activeren: activeer dekookplaat met. Stel geen warmteinstellingin. Raak 4 seconden aan. gaat aan.
Raak 4seconden aan. Stel de kookstand in binnen10 seconden. U kunt de kookplaat bedienen. Als u de kookplaat uitschakelt met , treedtde functie weer in werking. 5. 9 OffSound Control (In- enuitschakelen van de geluiden)De kookplaat uitschakelen. Druk 3 secondenop. Druk 3 seconden op. Het displayverschijnt op de zone linksvoor en of op de zone rechtsvoor. Raak het sensorveldaan voor de zone rechtsachter om eenvan de volgende opties te kiezen:• - de geluiden zijn uit• - de geluiden zijn aanAls de functie op staat, kunt u de geluidenalleen horen als:• u aanraakt• Er is een fout opgetreden in de kookplaat. NEDERLANDS 27.
5. 10 StroommanagementAls er meerdere zones actief zijn en hetverbruikte vermogen de limiet van destroomtoevoer overschrijdt, verdeelt dezefunctie het beschikbare vermogen tussen allekookzones. De kookplaat regelt de warmte-instellingen om de zekeringen van deinstallatie in het huis te beschermen. • Als de kookplaat de limiet van hetmaximaal beschikbare vermogen bereikt(zie het typeplaatje) wordt het vermogenvan de kookzones automatisch verlaagd. • Als er meer dan één kookzone tegelijkwordt geactiveerd, wordt het vermogenverlaagd en verdeeld over allegeactiveerde zones. De stroomverdelingblijft gehandhaafd zolang de zonesgeactiveerd blijven. De zones keren nietterug naar het volledige vermogen als eenvan deze zones is gedeactiveerd. Destroomverdeling eindigt alleen als allezones of de kookplaat zijn uitgeschakeld.
• De weergave van de warmte-instelling vande verlaagde zones wisselt tussen deaanvankelijk gekozen warmte-instelling ende verlaagde warmte-instelling. • Wacht totdat het display stopt metknipperen of verlaag de opwarmstand vande geselecteerde kookzone als laatste. Dekookzones blijven werken met deverlaagde warmte-instelling. Wijzig indiennodig handmatig de warmte-instellingenvan de kookzones. 6. AANWIJZINGEN EN TIPSWAARSCHUWING. Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 6. 1 PannenVoor inductiekookzones creëert een sterkelektromagnetisch veld de hitte in depannen zeer snel. Gebruik de inductiekookzones met geschiktepannen. • De bodem van de pannen moet zo dik envlak mogelijk zijn. • Zorg ervoor dat bodems schoon en droogzijn voordat de pannen op de kookplaatworden gezet. • Schuif of wrijf de pan niet over hetkeramische glas, om krassen tevoorkomen.
Een pan is geschikt voor eeninductiekookplaat als:• water op de hoogste kookstand binnenkorte tijd wordt verwarmd,• een magneet op de onderkant van hetkookgerei plakt. Afmetingen van pannen• Inductiekookzones passen zich tot opzekere hoogte automatisch aan deafmetingen van pannen aan. • De efficiëntie van de kookzone hangtsamen met de diameter van de pan. Pannen met een diameter kleiner dan hetminimum ontvangen slechts een deel vanhet vermogen dat door de kookzone wordtgegenereerd. • Gebruik zowel om veiligheidsredenen alsvoor optimale kookresultaten geen pannengroter dan aangegeven in dekookzonespecificaties. Zorg ervoor datpannen tijdens het koken niet dicht bij hetbedieningspaneel blijven. Dit kan invloedhebben op de werking van hetbedieningspaneel of onbedoeld dekookplaatfuncties activeren. Raadpleeg de technische gegevens. 6. 2 Lawaai tijdens gebruikAls u dit hoort:28 NEDERLANDS.
• kraakgeluid: de pan is gemaakt vanverschillende materialen (een sandwich-constructie). • fluitend geluid: bij gebruik van eenkookzone met een hoge kookstand en alshet kookgerei is gemaakt vanverschillende materialen (een sandwich-constructie). • zoemend geluid: als u hoge kookstandengebruikt. • klikken: er treedt elektrische schakelingop. • sissend, brommend: de ventilator werkt. Deze geluiden zijn normaal en hebbenniets met een defect te maken. 6. 3 Voorbeelden vankooktoepassingenDe correlatie tussen de kookstand en hetstroomverbruik van de kookzone is nietlineair. Wanneer u de kookstand verhoogt, isdit niet proportioneel met de toename instroomverbruik van de kookzone. Hetbetekent dat een kookzone op de mediumkookstand minder dan de helft van hetvermogen gebruikt. De gegevens in de tabel dienen alleenals richtlijn.
Warmte-instel‐lingGebruik om het volgende tedoen:Tijd(min)Tips1 Houd gekookt voedsel warm. indien no‐digDoe een deksel op het kookgerei. 1 - 2 Hollandaisesaus, smelten: boter, cho‐colade, gelatine. 5 - 25 Roer af en toe. 2 Stollen: luchtige omeletten, gebakkeneieren. 10 - 40 Kook met een deksel erop. 2 - 3 Zachtjes aan de kook brengen van rijsten gerechten op melkbasis, reeds be‐reide gerechten opwarmen. 25 - 50 Voeg minimaal twee keer zo veelvocht toe als rijst en roer gerechten opmelkbasis halverwege de proceduredoor. 3 - 4 Stoofgroenten, vis, vlees. 20 - 45 Voeg een paar eetlepels water toe. Controleer de hoeveelheid water tij‐dens het proces. 4 - 5 Stoom aardappelen en andere groen‐ten. 20 - 60 Bedek de bodem van de pan met 1-2cm water. Controleer het waterpeil tij‐dens het proces. Houd het deksel opde pan. 4 - 5 Kook grotere hoeveelheden voedsel,stoofschotels en soepen.
7. ONDERHOUD EN REINIGINGWAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.7.1 Algemene informatie• Reinig de kookplaat na elk gebruik.• Gebruik altijd kookgerei met een schonebodem.• Krassen of donkere vlekken op hetoppervlak hebben geen invloed op dewerking van de kookplaat.• Gebruik een specifiek schoonmaakmiddelvoor het oppervlak van de kookplaat.• Gebruik een speciale schraper voor hetglas.7.2 De kookplaat reinigen• Verwijder onmiddellijk: gesmoltenkunststof, plastic folie, zout, suiker ensuikerhoudend voedsel, anders kan ditschade aan de kookplaat veroorzaken.Doe voorzichtig om brandwonden tevoorkomen. Gebruik de speciale schraperop de glazen plaat en verwijder restendoor het blad over het oppervlak teschuiven.• Verwijder wanneer de kookplaatvoldoende is afgekoeld: kalkringen,waterringen, vetvlekken, glanzendemetaalverkleuring.
Reinig de kookplaatmet een vochtige doek en een beetje niet-schurend reinigingsmiddel. Droog dekookplaat na reiniging af met een zachtedoek.• Verwijder glanzende metaalverkleuring:reinig het glazen oppervlak met een doeken een oplossing van water met azijn.8. PROBLEEMOPLOSSINGWAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.8.1 Wat moet je doen als ...Probleem Mogelijke oorzaak OplossingJe kunt de kookplaat niet inscha‐kelen of bedienen.De kookplaat is niet aangesloten opeen stopcontact of niet goed geïn‐stalleerd.Controleer of de kookplaat goed aan‐gesloten is op het lichtnet. De zekering is doorgeslagen. Verzeker je ervan dat de zekering deoorzaak van de storing is. Als de zeke‐ringen keer op keer doorslaan, neemje contact op met een erkende installa‐teur. Je stelde gedurende 10 secondengeen kookstand in.Schakel de kookplaat opnieuw in enstel de kookstand binnen 10 secondenin.
Probleem Mogelijke oorzaak OplossingJe kunt een constant piepgeluidhoren. De elektrische aansluiting is ver‐keerd. Trek de stekker van de kookplaat uithet stopcontact. Laat de installatiecontroleren door een erkende elektri‐cien. Er klinkt een geluidssignaal en dekookplaat wordt uitgeschakeld. Als de kookplaat wordt uitge‐schakeld, klinkt er een geluids‐signaal. Je hebt iets op een of meer sensor‐velden geplaatst. Verwijder het voorwerp van de sensor‐velden. De kookplaat wordt uitgescha‐keld. Je hebt iets op het sensorveld geplaatst. Verwijder het voorwerp van het sen‐sorveld. De restwarmte-indicator gaat nietaan. De zone is niet heet omdat dezeslechts kortstondig is gebruikt, of desensor is beschadigd. Als de zone voldoende lang gebruikt isom heet te zijn, neem je contact opmet een erkende servicedienst. De kookstand schakelt tussentwee niveaus. Stroommanagement is in werking.
Raadpleeg ‘Dagelijks gebruik’. Het bedieningspaneel wordt heetbij aanraking. Het kookgerei is te groot of je plaatsthet te dicht bij het bedieningspaneel. Plaats grotere pannen indien mogelijkop de achterste kookzones. Er klinkt geen geluidsignaal wan‐neer je de tiptoetsen van het be‐dieningspaneel aanraakt. De signalen zijn uit. Schakel de geluiden in. Raadpleeg‘Dagelijks gebruik’. gaat aan. Kinderbeveiligingsinrichting of Blok‐kering werkt. Raadpleeg ‘Dagelijks gebruik’. gaat aan. Er staat geen pan op de zone. Plaats een pan op de zone. De pan is niet geschikt. Gebruik kookgerei dat geschikt is voorinductiekookplaten. Zie 'Aanwijzingenen tips'. De diameter van de bodem van depan is te klein voor de zone. Gebruik pannen met de juiste afmetin‐gen. Raadpleeg de technische gege‐vens. en een getal gaan branden. Er is een fout opgetreden in dekookplaat.
Steek de stekker van de kook‐plaat er na 30 seconden weer in. Alshet probleem zich blijft voordoen,neem je contact op met een erkendeservicedienst. 8. 2 Als je geen oplossing kuntvinden. Als je niet zelf het probleem kunt verhelpen,neem dan contact op met je verkoper of eenerkende serviceafdeling. Geef de gegevensop het typeplaatje. Geef ook de driecijferigecode voor het glaskeramiek (bevindt zich inde hoek van het glazen oppervlak) en eenfoutmelding die gaat branden. Zorg ervoordat je de kookplaat correct gebruikt. Als ditniet het geval is, is het onderhoud van eenservicemonteur of dealer niet gratis, ooktijdens de garantieperiode. De informatie overgarantieperiode en geautoriseerdeservicecentra vind je in het garantieboekje. NEDERLANDS 31.
9. TECHNISCHE GEGEVENS9.1 TypeplaatjeModel CIB60424CK PNC 949 492 517 00Type 64 B4A 00 AA 220 - 240 V, 50 / 60 HzInductie 3.0 kW Gemaakt in: RoemeniëSerienr. ................ 3.0 kWELECTROLUX 9.2 Specificatie kookzonesKookzone Nominaal vermo‐gen (max warmte-instelling) [W]PowerBoost [W] PowerBoostmaximale duur[min]Diameter van hetkookgerei [mm]Links voor 2200 2400 4 125 - 210Links achter 1400 1500 4 125 - 145Rechtsvoor 1400 1500 4 125 - 145Rechtsachter 1700 1800 4 150 - 180Het vermogen van de kookzones kan binneneen bepaalde kleine marge verschillen vande gegevens in de tabel. Dit kan veranderenafhankelijk van het materiaal en deafmetingen van het kookgerei.Gebruik voor optimale kookresultaten alleenkookgerei met een diameter die niet groter isdan vermeld in de tabel.10.
IEC / EN 60350-2 - Huishoudelijke elektrischekookapparaten - Deel 2: Kookplaten -Methoden voor het meten van prestaties.10.2 EnergiebesparendeJe kunt energie besparen tijdens het dagelijkskoken als je de onderstaande aanwijzingenvolgt.• Gebruik bij het opwarmen van wateralleen de hoeveelheid die je nodig hebt.• Plaats, indien mogelijk, altijd de dekselsop het kookgerei.• Plaats het kookgerei direct in het middenvan de kookzone.• Gebruik de restwarmte om het voedselwarm te houden of om het te latensmelten.11.
MILIEUBESCHERMINGRecycleer de materialen met het symbool .Gooi de verpakking in een geschikteafvalcontainer om het te recycleren.Bescherm het milieu en de volksgezondheiden recycleer op een correcte manier het afvalvan elektrische en elektronische apparaten.Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool niet weg met het huishoudelijk afval.Breng het product naar het milieustation bij uin de buurt of neem contact op met degemeente.NEDERLANDS 33
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Electrolux CIB60424CK stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Fornuis Electrolux
Handleiding Fornuis
Nieuwste handleidingen voor Fornuis
