Einhell SKA 5003 C+H Handleiding

Einhell Airco SKA 5003 C+H

Bekijk gratis de handleiding van Einhell SKA 5003 C+H (28 pagina’s), behorend tot de categorie Airco. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 57 mensen en kreeg gemiddeld 4.9 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over Einhell SKA 5003 C+H of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/28
Art.-Nr.: 23.655.30I.-Nr.: 01017
Gebruiksaanwijzing voor toestel binnen en
buiten
Airconditioninginstallatie in twee delen
SKA 5003 C+H
Opmerking:
Enkel een juiste standplaats, een doelmatige
montage en een vakkundige ingebruikname
bieden de garantie dat dit kwaliteitsproduct
volledig goed werkt.
Voorkom storingen bij het gebruik door
professioneel advies in verband met
standplaats, montage en ingebruikname.
Voor storingen of onvoldoende koeling als
gevolg van een ondoelmatige behandeling
van het product kan geen aansprakelijkheid
worden gesteld.
U kunt deze airco niet zelf ingebruikstellen of
aansluiten!.
Koeltechnisch en elektrotechnisch mag de
installatie enkel door een STEK-gecertificeerd
installatiebedrijf worden aangesloten en in
bedrijf worden gesteld. Indien u niet aan deze
voorwaarde voldoet vervalt met onmiddellijke
ingang de door Einhell gegeven garantie.
Moet de installatie worden verplaatst of
verwijderd, dan mogen demontage en
verwijdering enkel door een STEK-
gecertificeerd installatiebedrijf worden
uitgevoerd.
Anleitung_SKA_5003_C_H_NL:_ 29.11.2007 8:35 Uhr Seite 1

Beoordeel deze handleiding

4.9/5 (2 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Einhell
Categorie: Airco
Model: SKA 5003 C+H

Handleiding Einhell SKA 5003 C+H – volledige tekst

Art.-Nr.: 23.655.30 I.-Nr.: 01017 Gebruiksaanwijzing voor toestel binnen enbuitenAirconditioninginstallatie in twee delenSKA 5003 C+H Opmerking:Enkel een juiste standplaats, een doelmatigemontage en een vakkundige ingebruiknamebieden de garantie dat dit kwaliteitsproductvolledig goed werkt. Voorkom storingen bij het gebruik doorprofessioneel advies in verband metstandplaats, montage en ingebruikname. Voor storingen of onvoldoende koeling alsgevolg van een ondoelmatige behandelingvan het product kan geen aansprakelijkheidworden gesteld. U kunt deze airco niet zelf ingebruikstellen ofaansluiten!. Koeltechnisch en elektrotechnisch mag deinstallatie enkel door een STEK-gecertificeerdinstallatiebedrijf worden aangesloten en inbedrijf worden gesteld.

Indien u niet aan dezevoorwaarde voldoet vervalt met onmiddellijkeingang de door Einhell gegeven garantie.Moet de installatie worden verplaatst ofverwijderd, dan mogen demontage enverwijdering enkel door een STEK-gecertificeerd installatiebedrijf wordenuitgevoerd.Anleitung_SKA_5003_C_H_NL:_ 29.11.2007 8:35 Uhr Seite 1

NL9 Let op. Bij het gebruik van gereedschappen dienen enkeleveiligheidsmaatregelen te worden nageleefd omlichamelijk gevaar en schade te voorkomen. Leesdaarom deze handleiding/veiligheidsinstructieszorgvuldig door. Bewaar deze goed zodat u deinformatie op elk moment kunt terugvinden. Mocht udit gereedschap aan andere personen doorgeven,gelieve dan deze handleiding/veiligheidsinstructiesmee te geven. Wij zijn niet aansprakelijk voorongevallen of schade die te wijten zijn aan niet-naleving van deze handleiding en van deveiligheidsinstructies. 1. Veiligheidsbepalingen Lees de veiligheidsbepalingen alvorens het toestel te gebruiken. Dit zijn zeer belangrijke veiligheidsmaatregelen die u ook moet naleven. Bewaar deze gebruiksaanwijzing na het lezen. Zorg ervoor dat de drainageleiding reglementair aangesloten is. Anders komt er water vrij. Waarschuwing.

Verleng de kabel niet en gebruik geen meervoudige contactdoos. Er kan brandgevaar ontstaan door een slechte elektrische verbinding, slechte isolatie en het overschrijden van de toegelaten spanning. Verwijder al het vuil van de stekker en stop deze vast in het stopcontact. Vuile stekkers kunnen elektrische schokken veroorzaken. Waarschuwing. Trek de stekker niet uit het stopcontact wanneer het toestel nog werkt. Laat koude lucht niet langdurig op het toestel blazen. Schakel het toestel onmiddellijk uit en trek de stekker uit het stopcontact wanneer zich een abnormale situatie voordoet (bv. brandgeur). Neem contact op met uw servicepartner. Steek geen vingers of stokken in de openingen waar de lucht binnen komt en buiten gaat. Herstel de airconditioninginstallatie niet zelf. Neem in elk geval contact op met uw servicepartner. Trek de stekker niet aan de kabel uit het stopcontact.

Alvorens het toestel schoon te maken moet het uitgeschakeld worden en moet de stekker uit het stopcontact gehaald worden. Raak de schakelaars niet met natte handen aan. Maak de installatie niet schoon met water. Zet geen planten of dieren op een plaats waar zich een directe koude luchtstroom bevindt. Daardoor kunnen planten en dieren schade oplopen. Gebruik geen brandbare schoonmaakmiddelen. Zo kunnen brand en vervormingen ontstaan. Wanneer het toestel samen met andere verwarmingstoestellen gebruikt wordt, moet er af en toe verlucht worden. Anders kan er een tekort aan zuurstof ontstaan. Gebruik dit toestel niet voor doeleinden waarvoor het niet bedoeld is. Leg geen levensmiddelen, precisie-instrumenten, planten, dieren, verf, enz. op het toestel. Houd geen brandende voorwerpen in de buurt van het toestel, deze kunnen door de naar buiten komende lucht aangewakkerd worden.

Trek de stekker uit het stopcontact wanneer het toestel lange tijd niet gebruikt wordt. Opgestapeld stof kan brand veroorzaken. Stap niet op het toestel voor buiten, leg hier ook geen voorwerpen op. Gebruik geen wankel of verroest onderstel. Laat het toestel niet te lang werken bij een open deur of raam of bij zeer hoge luchtvochtigheid. Wanneer de airconditioninginstallatie lange tijd in de koelfunctie werkt bij een hoge luchtvochtigheid (hoger dan 80%), kan condenswater uit het toestel druppelen. Zet het toestel niet op een wankele ondergrond wanneer u het uit de houder in de muur nemen. Zorg ervoor dat het condenswater vrij kan weglopen. Bij een slechte afvoer van condenswater kan waterschade ontstaan. Raak de metalen delen van het toestel voor binnen niet aan wanneer u de luchtfilter er uit neemt. U kunt zich bezeren.

Installeer het toestel niet in een kamer waar brandbaar gas vrij kan komen. Het vrijgekomen gas kan zich opstapelen en een ontploffing veroorzaken. Schakel het toestel uit en trek de stekker uit het stopcontact tijdens een onweer.

De elektrische delen zouden beschadigd kunnen worden. Aarding. Er is een aardingsader geïnstalleerd in de netkabel (stekker), vervang deze dan ook niet. Voor elektrische veiligheid raden wij u aan een FI-veiligheidsschakelaar te gebruiken. U kunt deze airco niet zelf ingebruikstellen of aansluiten. Koeltechnisch en elektrotechnisch mag de installatie enkel door een STEK-gecertificeerd installatiebedrijf worden aangesloten en in bedrijfworden gesteld. Indien u niet aan deze Anleitung_SKA_5003_C_H_NL:_ 29. 11. 2007 8:36 Uhr Seite 9.

NL10voorwaarde voldoet vervalt met onmiddellijke ingang de door Einhell gegeven garantie. Een verkeerde montage kan leiden tot schade aan personen en voorwerpen.  WAARSCHUWING. Lees alle veiligheidsinstructies en aanwijzingen. Nalatigheden bij de inachtneming van deveiligheidsinstructies en aanwijzingen kunnenelektrische schok, brand en/of zware letsels totgevolg hebben. Bewaar alle veiligheidsinstructies enaanwijzingen voor de toekomst. Verpakking:Het gereedschap bevindt zich in een verpakking omtransportschade te voorkomen. Deze verpakking iseen grondstof en bijgevolg herbruikbaar of kan degrondstofkringloop terug worden ingebracht. EnergiebesparingstipsGebruik de airconditioning alleen als u haardaadwerkelijk nodig hebt. Kies bij het verwarmen geen te hoge temperatuur enbij het koelen geen te lage temperatuur. Kies tijdensde nacht de “sleep“-functie.

Sluit ramen, deuren en jaloezieën om zoninstralingzo veel mogelijk te verhinderen. Functieprincipe koelenVia de luchtwarmtewisselaar (verdamper) waarin hetkoelmiddel circuleert wordt aan de kamerluchtwarmte onttrokken en overgebracht naar debuitenluchtwarmtewisselaar (condensor). Deze geeft de warmte af aan de buitenlucht. Daarvoor is elektrische energie nodig. Onderbepaalde omstandigheden aan de verdamper kancondensatiewater op het binnenapparaat ontstaandat via de condensatiewaterslang wordt afgevoerd. 2. Omvang van de levering1 binnenapparaat (karton 1, artikelnr. 23. 654. 06)1 buitenapparaat (karton 2, artikelnr. 23. 654. 07)1 set montageaccessoires (details zie blz. 18)3.

NL11Temperatuurbereiken:Koeling Kamertemperatuur 17°C ~ 32°C Buitentemperatuur 18°C ~ 43°CVerwarming Kamertemperatuur 17°C ~ 30°C Buitentemperatuur -7°C ~ 24°COntvochtiging Kamertemperatuur 17°C ~ 32°C Buitentemperatuur 18°C ~ 43°CAanwijzingen: 1. Om gezondheidsredenen mag in de koelmodusde kamertemperatuur niet meer dan 5-6°C onderde buitentemperatuur liggen. 2. Het optimale vermogen van de installatie wordtbinnen de temperatuurbereiken vermeld in detabel bereikt. 3. Indien de airco buiten het boven vermeldetemperatuurbereik wordt gebruikt wordeneventueel veiligheidsfuncties geactiveerd dieanomalieën van het apparaat tot gevolg hebben. 4. Indien de airco bij een relatievekamerluchtvochtigheid van meer dan 80% wordtgebruikt kan op het oppervlak van de installatiecondensatiewater ontstaan dat dan op de vloerkan druppelen.

Stel in dit geval de horizontaleluchtklep af op een zo groot mogelijke hoek(verticaal ten opzichte van de vloer) en stel deFAN-modus af op “HIGH”. 4. Reglementair gebruikDe airco is bedoeld om privé-woonruimtes of -slaapkamers te koelen, te verwarmen of teontvochtigen. De machine mag slechts voor werkzaamhedenworden gebruikt waarvoor ze bedoeld is. Elk anderverder gaand gebruik is niet reglementair. Voordaaruit voortvloeiende schade of verwondingen vanwelke aard dan ook is de gebruiker/bediener, niet defabrikant, aansprakelijk. Wij wijzen erop dat onze gereedschappenovereenkomstig hun bestemming niet geconstrueerdzijn voor commercieel, ambachtelijk of industrieelgebruik. Wij geven geen garantie indien hetgereedschap in ambachtelijke of industriële bedrijvenalsmede bij gelijk te stellen activiteiten wordtgebruikt. 5. Beschrijving van de onderdelen (fig.

2) 1AUTO indicatorDe indicator brandt als het apparaat in de modusAUTO draait. 2ONTDOOIEN indicatorDe indicator brandt als het apparaat de functie“ontdooien“ automatisch start of als dewarmeluchtcontrole in de modus “verwarmen“ isgeactiveerd. 3TEMPERATUUR indicatorGeeft de ingestelde kamertemperatuur aan alshet apparaat in werking is. 4OPERATION indicatorDe indicator knippert na het aansluiten van denetstekker op het stopcontact en brandt als hetapparaat in werking is. 5TIMER indicatorDe indicator brandt als de timer “ON“ / “OFF“ isingeschakeld. 6SIGNAALONTVANGER van deafstandsbediening7. Afstandsbediening voorbereidenBatterijen installeren 1. Open het deksel van het batterijvak. 2. Plaats er twee nieuwe batterijen in. Let zeker op de juiste polariteit. (+ / -) van de batterijen. 3. Sluit het deksel van het batterijvak. Aanwijzingen. Het ontvangersignaal gaat ongeveer 8 meter ver.

NL12 Gebruik nooit nieuwe en afgewerkte batterijentegelijkertijd. Gebruik alleen het in deze handleidingopgegeven batterijtype, nooit een ander type. Als de afstandsbediening voor een tijdje nietwordt gebruikt, is het aan te raden de batterijente verwijderen om het uitlopen te voorkomen. De levensduur van de batterijen bedraagt bijnormaal gebruik van de afstandsbediening ca. 12 maanden. Verwijder de afgewerkte batterijen naar behoren. Aanwijzingen. Bewaar de afstandsbediening op een afstand vanca. 1 m van een tv-toestel of ander elektrischmaterieel. Rechtstreekse zonnestraling kan deactiestraal van de afstandsbediening aanzienlijkbeperken. Voorwerpen tussen de afstandsbediening en de IR-ontvanger, die de ontvangst van het signaal kunnenbelemmeren, moeten worden vermeden. Gazorgvuldig met de afstandsbediening om.

Laat haarniet vallen, vermijdt hitte en vocht opdat geen schadeaan de afstandsbediening wordt berokkend. 8. Functiebeschrijving van deafstandsbediening (fig. 3/4)Toewijzing van de toetsen 1. TEMP ▼: Door indrukken van de toets wordt deingestelde kamertemperatuur verlaagd. 2. TEMP ▲: Door indrukken van de toets wordt deingestelde kamertemperatuur verhoogd. 3. MODE: Door indrukken van de toets kiest u debedrijfsmodus van het apparaat. Telkens als ude toets indrukt verandert de bedrijfsmodus in devolgorde AUTO – COOL – DRY – HEAT – FAN. 4. SWING: Door indrukken van de toets activeert ude automatische verandering van richting van deventilatiekleppen. De luchtstroom wordt OP / AFingesteld. Door opnieuw de toets in te drukkenwordt deze functie gestopt. 5. RESET: Door indrukken van deze toets wordenalle verrichte afstellingen gewist en teruggezetnaar de fabrieksafstelling. 6.

Door detoets opnieuw in te drukken wordt de aanduidingterug geactiveerd. 8. FAN SPEED: Door indrukken van de toets kiestu het toerental van de ventilator. Telkens als uop de toets drukt verandert het toerental in devolgende volgorde:LOW – MED – HIGH – AUTO. 9. ON/OFF: Door indrukken van de toets wordt hetapparaat ingeschakeld. Het apparaat schakelt uuit door opnieuw op deze toets te drukken. 10. TIMER ON: Door indrukken van de toets bepaaltu de inschakeltijd van het apparaat (0,5-24u). Telkens als u deze toets indrukt verschuift deinschakeltijd in stappen van 30 minuten (vanaf10 uur in stappen van één uur). Om deze moduste deactiveren stelt u 0:00 in. 11. SLEEP: Door indrukken van de toets kiest u deenergiebesparingsmodus. Door opnieuw de toetsin te drukken deactiveert u deze modus. Demodus wordt ook gedeactiveerd zodra u op eenandere toets drukt.

Deze functie kan enkel in demodus COOL, HEAT en AUTO worden gebruikt. 12. TIMER OFF: Door indrukken van de toetsbepaalt u de uitschakeltijd van het apparaat (0,5-24u). Telkens als u deze toets indrukt verschuiftde uitschakeltijd in stappen van 30 minuten(vanaf 10 uur in stappen van één uur). Om dezemodus te deactiveren stelt u 0:00 in. 13. LOCK: Als u deze toets indrukt worden allelopende afstellingen geblokkeerd en staat deafstandsbediening geen verandering van modustoe. De LOCK-modus annuleert u door opnieuwdeze toets in te drukken. 14. TURBO: Niet toegewezen. Display 21. DIGITAAL AANDUIDINGSBEREIK: Principieelwordt de afgestelde na te streven temperatuuraangeduid. Worden de toetsen “Timer On” of“Timer Off” ingedrukt, worden de afstellingen vande TIMER voorgesteld. In de FAN-modus wordtniets aangegeven. 22.

Het symbool verdwijnt zodra hetapparaat wordt uitgeschakeld. 24. BEDRIJFSMODI: Als u de MODE-toets indruktverschijnt een pijl voor de telkens gekozenmodus. 25. LOCK: De LOCK-indicatie verschijnt na hetindrukken van de LOCK-toets. Drukt u opnieuwop de LOCK-toets verdwijnt de indicatie. 26. TIMER INDICATIE: Zodra een inschakeltijd isgekozen wordt hier “TIMER ON“ aangeduid. Iseen uitschakeltijd gekozen, wordt TIMER OFFAnleitung_SKA_5003_C_H_NL:_ 29. 11. 2007 8:36 Uhr Seite 12.

NL13aangeduid. Zijn beide functies gekozen, wordtTIMER ON OFF aangegeven. 27. FAN SPEED aanduiding: Als u de FANSPEED-toets indrukt verschijnt hier telkens voorde gekozen ventilatorsnelheid een pijl(uitzondering: als AUTO snelheid is gekozen,wordt niets aangegeven). WerkwijzenA) AUTO (automatische) modus 1. Door indrukken van de MODE-toets kiest u deAUTO modus. 2. Door de TEMP-toetsen in te drukken kiest u degewenste kamertemperatuur. De aangenaamstetemperatuurafstellingen liggen tussen 21 en28°C. 3. Door indrukken van de ON/OFF-toets schakelt ude airco in. Op het display van hetbinnenapparaat branden OPERATION en AUTO. Bovendien wordt de op de afstandsbedieningingestelde temperatuur aangegeven. Deventilatorsnelheid wordt automatisch afgesteld. 4. Door de ON/OFF-toets opnieuw in te drukkenschakelt u het apparaat uit.

AANWIJZINGDe FAN-modus kan niet voor het regelen van detemperatuur worden gebruikt. In deze modus kunnenenkel de afstelstappen 1, 3, 4 en 5 wordenuitgevoerd. C) DRY (ontvochtigen) modus 1. Door indrukken van de MODE-toets kiest u deDRY modus. 2.

Door de TEMP-toetsen in te drukken kiest u degewenste kamertemperatuur. Afwisselend wordtde ventilatorfunctie en de koelfunctiegeschakeld. 3. Door indrukken van de ON/OFF-toets start u hetaircoapparaat. Op het display van hetbinnenapparaat brandt AUTO. Bovendien wordtde op de afstandsbediening ingesteldetemperatuur aangegeven. Het apparaat draait inde DRY modus bij lage ventilatorsnelheid. 4. Door de ON/OFF-toets opnieuw in te drukkenstopt u de modus. D) TIMER (tijdschakelklok) modusDruk op de TIMER ON-toets om de automatischeinschakeltijd van het apparaat resp. op de TIMEROFF-toets om de automatische uitschakeltijd van hetapparaat af te stellen. Afstellen van de inschakeltijd (uitschakeltijd): 1. Druk op de TIMER ON (TIMER OFF)-toets. Ophet display van de afstandsbediening verschijnenTIMER ON (TIMER OFF), de laatste afgesteldetijd voor bedrijfsbegin (bedrijfsstop) en hetsymbool “h“.

Stel nu de tijd voor bedrijfsbegin(bedrijfsstop) in. 2. Telkens als u de TIMER ON (TIMER OFF) toetsindrukt verschuift u de inschakeltijd(uitschakeltijd) met 0,5 uur naar achteren (vanaf10 uur in stappen van één uur). 3. Na enkele seconden gaat de verklikker TIMERop het binnenapparaat permanent branden. AANWIJZINGEN 1. Als u een inschakeltijd en een uitschakeltijd hebtgekozen, wordt op het display TIMER ON/OFFaangegeven. 2. Om de TIMER ON/OFF tijd te veranderen drukt uop de overeenkomstige TIMER-toets en stelt ude tijd opnieuw in. 3. Om de TIMER ON/OFF afstelling te wissen, steltu de TIMER-tijd op 0:00 in. E) SLEEP (energiebesparings) modus 1. Druk gedurende de koel-, verwarmings- of auto-modus op de afstandsbediening de SLEEP-toetsin. 2. De airco zal de ingestelde temperatuur na éénuur automatisch met 1°C verhogen (koelmodus)of verlagen (verwarmingsmodus). 3.

Aan het einde van het volgende uur wordt ditproces automatisch herhaald. 4. In deze modus bespaart u energie bij eenAnleitung_SKA_5003_C_H_NL:_ 29. 11. 2007 8:36 Uhr Seite 13.

aangename temperatuur. 9. Afstellingen op het binnenapparaatAls de afstandsbediening niet werkt(noodbediening) (fig. 5)Indien de afstandsbediening niet werkt (legebatterijen of storing), gebruik dan de noodschakelaar(auto/cool). a) Open de frontplaat en til die op tot de plaat in geopende positie hoorbaar vastklikt. b) Druk op de toets tot de indicator AUTO brandt. Het apparaat draait nu in de geforceerde automatische modus (de standaard ingestelde temperatuur is 24°C) c) Sluit de frontplaat. Voorzichtig: 1. Als u de toets herhaaldelijk indrukt gaat demodus in de volgende volgorde veranderen:AUTO, COOL, OFF. 2. Drukt u de toets twee keer in, gaat het apparaatin de geforceerde koelmodus draaien. Dezemodus is alleen bedoeld voor testdoeleinden. 3. Door de toets een derde keer in te drukken stopthet apparaat. 4. Gebruik de afstandsbediening om de besturingvia afstandsbediening te hervatten.

Afstellen van de verticale luchtstroomrichtingDe linker en rechter stromingsrichting kan manueelworden ingesteld. De afstellingen dient u uit tevoeren voordat u het apparaat in werking stelt. Tijdens de werking van het apparaat oscilleert delamel en zou u uw vingers ertussen kunnen knellen. Afstellen van de horizontale luchtstroomrichting(Fig. 7/8)De airco stelt de horizontale luchtstroomrichting automatisch met de modus in. 1. Voer deze functie uit terwijl het apparaat inwerking is. 2. Blijf op de afstandsbediening de toets AIRDIRECTION indrukken om de luchtklep in degewenste richting te bewegen. 3. Stel de horizontale luchtstroomrichting op degewenste positie af. 4. Telkens als u het apparaat opnieuw in bedrijfstelt wordt de horizontale luchtstroomautomatisch op de richting afgesteld waarin deluchtklep door indrukken van de toets AIRDIRECTION werd bewogen.

Om de functie te beëindigen, drukt u opnieuwop de toets SWING. 3. Druk de toets AIR DIRECTION in om deluchtklep in een gewenste stand te fixeren. Aanwijzingen: 1. Is de airco niet ingeschakeld of is TIMER ONgeactiveerd, zijn de toetsen AIR DIRECTION enSWING zonder functie. 2. Het is niet aan te raden de airco langdurig metomlaag georiënteerde luchtstroom in de koel- ofontvochtigingsmodus te laten draaien. Anderskan op de horizontale luchtklepcondensatiewater ontstaan dat op de vloer of opmeubels zou kunnen druppelen. 3. Verstel de horizontale luchtklep niet met dehand. Gebruik daarvoor steeds de toets AIRDIRECTION of SWING. Als u de luchtklep metde hand verstelt kan die eventueel tijdens hetbedrijf een storing vertonen. Mocht zich eendergelijke storing voordoen moet u de aircoeenmaal stopzetten en opnieuw starten. 4.

Als u de airco onmiddellijk opnieuw startbeweegt de horizontale luchtklep eventueel voorca. 10 seconden niet. 5. Gebruik het apparaat niet met geslotenhorizontale luchtklep. 6. Als u de airco aansluit op de stroomtoevoer(eerste inschakeling van de stroomtoevoer),wordt door de horizontale luchtklep eventueeleen tien seconden voortdurende toon verwekt. Dit is normaal en geen storing. 10. SchoonmaakinstructiesLet op. Schakel voor elke schoonmaakbeurt het apparaat uiten verwijder de stekker uit het stopcontact. Aanwijzing. De tijdsintervallen voor de reiniging van de installatiezijn afhankelijk van de opstelplaats. Normaal dienende hieronder opgegeven tijdsintervallen in acht teworden genomen. Hou het buitenapparaat en de omgeving rond hetbuitenapparaat schoon. Verwijder regelmatigbladeren enz. die zich rond het buitenapparaatkunnen hebben opgehoopt. NL14Anleitung_SKA_5003_C_H_NL:_ 29. 11.

NL15Schoonmaken van de behuizing van hetbinnenapparaat Maak de behuizing van het binnenapparaat,indien nodig, enkel met een zachte vochtigedoek schoon. Gebruik voor het schoonmaken geen benzine,verdunningen, schuurpoeder, poetsmiddel enz. om een beschadiging van de behuizing en deelektronica te voorkomen. Schoonmaken van de luchtfilter van hetbinnenapparaatVergewis u er zich van dat de luchtfilters schoon zijn. Vervuilde luchtfilters verminderen het luchtdebiet vanhet apparaat. De luchtfilters in het binnenapparaatdienen maandelijks te worden gecontroleerd en,indien nodig, gereinigd. 1. Til de frontplaat van het binnenapparaat op totde plaat in geopende positie hoorbaar vastklikt(fig. 10). 2. Til de luchtfilter aan het greepstuk (fig. 11, pos. A) lichtjes aan om de filter uit de filterhouder teverwijderen en trek hem dan naar beneden uit.

Verwijder de luchtfilter uit het binnenapparaat(fig. 12). 3. In de linker luchtfilter is een extra actieve-kool-filter geïntegreerd. Verwijder de actieve-kool-filter(fig. 13) uit het bevestigingsframe. 4. Maak de actieve-kool-filter minstens eenmaal permaand schoon en vervang hem om de 12maanden. 5. Maak de actieve-kool-filter met een stofzuigerschoon. 6. Reinig het net van de luchtfilter met eenstofzuiger of was de filter met water uit. 7. Laat de filter daarna op een koele plaats drogen. 8. Zet de actieve-kool-filter terug op zijn plaats. 9. Installeer het bovendeel van de luchtfilteropnieuw in het apparaat en let er goed op dat delinker- en rechterrand correct zijn uitgericht. Installeer dan de filter helemaal (fig. 14). 10. Sluit de frontplaat. Schoonmaken van de warmtewisselaar van hetbinnenapparaatDe warmtewisselaar dient minstens eenmaal jaarlijksschoon te worden gemaakt.

een stofzuiger of eenborstel met lang haar om een beschadiging vande ribben van de warmtewisselaar te voorkomen. Een beschadigde warmtewisselaar heeft hogerebedrijfskosten tot gevolg. Wees voorzichtig dat u zich aan de kanten vande ribben niet verwondt. 11. Algemene aanwijzingenInbedrijfstelling na langdurig niet-gebruikWerd de airco een tijdje niet gebruikt, dient u er zichvóór het inschakelen van te vergewissen dat: 1. geen voorwerpen het buiten- of binnenapparaat bedekken, 2. het stopcontact waarop het apparaat is aangesloten naar behoren is geïnstalleerd, 3. de luchtfilters schoon zijn. Wanneer de airconditioninginstallatie lange tijd nietgebruikt wordt: 1. Laat eerst de ventilator 3-4 uur draaien, om hettoestel volledig te drogen. Stel daarna de hoogstmogelijke temperatuur in zolang de ventilatordraait. 2. Zet het toestel uit en trek de stekker uit hetstopcontact. 3.

Maak de luchtfilters en de delen van de behuizing schoon. 4. Ontdoe het buitenapparaat van vuil van welke aard dan ook. 5. Haal de batterijen uit de afstandsbediening. De volgende tijdens de werking van het apparaatzich voordoende gebeurtenissen zijn geenstoringen:1. Veiligheidsfunctie van de airco, beveiliging vande compressor a) De compressor wordt na het herinschakelen vande airco pas met een vertraging van 3 minutenautomatisch ingeschakeld. b) Het apparaat beschikt over een speciale functiedie voorkomt dat koude lucht in deverwarmingsmodus wordt uitgeblazen als dewarmtewisselaar van het binnenapparaat zich ineen van de volgende drie situaties bevindt en deingestelde temperatuur nog niet bereikt is:- Verwarmingsmodus is net gestart. - Het apparaat is bezig met de ontdooiing. - Verwarmingsmodus met lage temperatuur.

10 minuten bedragen, naargelang debuitentemperatuur en de hoeveelheid ijs dat zichop het buitenapparaat heeft gevormd. 2. “Witte nevel“ komt uit het binnenapparaat: a) Bij grote temperatuurverschillen tussenluchtinlaat en luchtuitlaat en hoge relatievekamerluchtvochtigheid kan in de koelmodus„witte nevel“ ontstaan. b) Als de airco na het ontdooien in deverwarmingsmodus wordt herstart ontstaateventueel “witte nevel” door vocht. 3. Zacht geluid komt uit de airco: a) Bij draaiende of kort voordien uitgeschakeldecompressor is een sissend geluid waarneembaardat door het koelmiddel wordt veroorzaakt datdoor de leidingen stroomt. b) Bij draaiende of kort voordien uitgeschakeldecompressor is een “piepend” geluidwaarneembaar dat door de warmte-expansie enkoudecontractie van de plastiekonderdelen in hetapparaat als gevolg vantemperatuurveranderingen wordt veroorzaakt.

c) Bij de eerste inschakeling van de stroomtoevoerwordt de luchtklep teruggebracht naar haaroorspronkelijke positie. 4. Uit het binnenapparaat wordt stof uitgeblazen: a) Dit is normaal als de airco voor een tijdje wasuitgeschakeld of voor de eerste keer in bedrijfwordt gesteld. 5. Een merkwaardige reuk ontsnapt uit hetbinnenapparaat: a) Deze reuk ontstaat in het binnenapparaat enwordt door bepaalde materialen of meubelsafgegeven of wordt veroorzaakt doorsigarettenreuk. 6. De airco schakelt vanuit de koel- ofverwarmingsmodus over naar uitsluitendeventilatormodus:Heeft de binnentemperatuur de vastgelegde na testreven kamertemperatuur bereikt, wordt decompressor automatisch uitgeschakeld en werkt deairco in de ventilatiemodus (FAN).

luchtvochtigheid), worden op het oppervlak vanhet binnenapparaat in de koelmoduswaterdruppels gevormd:Stel de horizontale luchtklep op de verticaleluchtuitlaatpositie af en kies een hoogventilatortoerental (HIGH). 8. Verwarmingsmodus:De airco zuigt warme lucht uit het buitenapparaat engeeft die in de verwarmingsmodus af aan deomgeving via het binnenapparaat. Daalt debuitentemperatuur, vermindert overeenkomstig dedoor de airco aangezogen hoeveelheid warme lucht. Tegelijkertijd verhoogt de warmtelast van de airco alsgevolg van het grote verschil tussen de binnen- enbuitentemperatuur. Dit kan ertoe leiden dat door deairco geen voldoende kamertemperatuur kan wordenbereikt. Let wel dat van de verwarmingsfunctie enkelin de overgangstijd zinvol gebruik kan wordengemaakt. 9.

Functie voor een automatische herstart: Als destroom uitvalt terwijl de airco in werking is wordthet apparaat volledig uitgeschakeld. Is de stroomtoevoer hersteld, knippert de aanduidingOPERATION op het binnenapparaat. Voor hetherstarten van het apparaat drukt u op deafstandsbediening de toets ON/OFF in. 10. Een bliksemontlading of de radiotelefoon vaneen auto die in de buurt van de airco in werkingis kan tot fouten in het apparaat leiden. Onderbreek in dit geval kort de stroomtoevoer vanhet apparaat en breng dan de verbinding opnieuw totstand. Voor het herstarten van het apparaat drukt udan op de afstandsbediening de toets ON/OFF in. 12. AnomalieënCotroleer volgende punten alvorens u contactopneemt met de klantendienst:Het toestel werkt niet. Controleer volgendepunten: 1. Is er netspanning aan het stopcontact. 2. Controleer de beveiliging van het stopcontact. 3.

Staat de tijdschakelaar ingesteld. Het toestel koelt niet voldoende. Controleer volgende punten: 1. Is de temperatuur goed ingesteld. 2. Is de luchtfilter vuil. Maak hem schoon en plaatshem terug. 3. Zijn de in- en uitgangen van het toestel buitengeblokkeerd. 4. Is de slaapfunctie misschien overdag ingesteld. 5.

buiten niet meer dicht? Misschien is er te weinigkoelvloeistof voorhanden. In dit geval moet u uwservicepartner contacteren. De afstandsbediening werkt niet!(Let op: de afstandsbediening werkt enkel in eenstraal van 8 meter rond het toestel binnen.) 1. Zijn de batterijen nog in orde? Vervangen! 2. Zijn de batterijen juist geplaatst? Let op depolariteit! 3. Zijn er voorwerpen aanwezig tussen hetbinnenapparaat en de afstandsbediening die hetsignaal storen?

Verwijder deze voorwerpen.Controleer volgende punten bij stroomuitval:Druk op de AAN/UIT-schakelaar na stroomuitval.Wanneer de problemen niet verholpen zijn na hetcontroleren van de bovenstaande zaken, schakelt uhet toestel uit en neemt u best contact op met debevoegde servicepartner.Bij de volgende foutaanduidingen gelieveonverwijld onze servicepartner te contacteren.Aanduiding E1Circulatieluchtsensor in het binnenapparaat is defectAanduiding E2Sensor van de warmtewisselaar in hetbinnenapparaat is defectAanduiding E4Geen koel-/verwarmingsvermogenAanduiding E5Koelmodus – beveiliging tegen bevriezen heeftgereageerd / verwarmingsmodus – beveiliging tegenoververhitting heeft gereageerdNL17Anleitung_SKA_5003_C_H_NL:_ 29.11.2007 8:36 Uhr Seite 17

De volgende bladzijden zijn voordeskundigen bedoeld. 13. Belangrijke montageaanwijzingen(fig. 15)Keuze van de plaats van inbouw van het toestelbinnen     De voor de installatie voorziene wand moet stabielzijn en het gewicht van het apparaat kunnendragen.      De luchtstroom mag niet geblokkeerd worden.      De gekoelde lucht moet in elke hoek van de kamerverspreid kunnen worden.      De maximumafstand bij standaarduitrustingbedraagt 4 m tussen het binnen- enbuitenapparaat. Die maximaal mogelijke lengtevan de koelmiddelleiding bedraagt 10 m bij eenmaximaal toegestaan hoogteverschil van 5 m.      Monteer de installatie aan een vaste muur omtrillingen te vermijden.      Directe zonnestralen moeten vermeden worden.      Let op een lichte condensaatafvoer.

Keuze van de plaats van inbouw van het toestelbuiten      De voor de installatie voorziene wand moet stabielzijn en het gewicht van het apparaat kunnendragen.      Het toestel mag ook bij hevige windstoten geenschade oplopen.      Let op een goede verluchting en stofvrijeomgeving, directe regenval en zonnestralenmoeten vermeden worden.      Let erop dat de geluiden tijdens het gebruik en devrijkomende lucht geen overlast vormen voor deburen.      Monteer de installatie vast op een onderconstructieom verhoogd lawaai en trillingen te vermijden.      Vermijd plaatsen waar brandbaar gas of lekkenkunnen voorkomen.      De montagevoeten van de installatie moetenzorgvuldig vastgemaakt worden indien deinstallatie ver daarboven gemonteerd wordt. Let opU kunt deze airco niet zelf ingebruikstellen ofaansluiten.

Koeltechnisch en elektrotechnisch mag de installatie enkel door een STEK-gecertificeerd installatiebedrijf worden aangesloten en in bedrijf worden gesteld.

Indien u niet aan deze voorwaarde voldoet vervalt met onmiddellijke ingang de door Einhell gegeven garantie. 14. MontageaccessoiresGelieve vóór de montage de volledigheid van demontagestukken te controleren:1 montageplaat voor het binnenapparaat1 infraroodafstandsbediening2 batterijen (type AAA 1,5V)1 condenswaterslang (lengte = 2 m)2 dichtingsmassa1 kap voor muuropening2 kunststofwikkelband1 set koelmiddelleiding (lengte = 4 m)1 buisisolatie (Ø 35 x 500mm)8 stuks schroeven ST 3,9x258 stuks muurpluggen1 stuk muurdoorvoering15. Montage-instructies:Zorg ervoor dat de voorhanden zijndenetspanning overeenkomt met de netspanningdie op het gegevensbordje aangegeven is. Let op. Vergewis u er zich van dat in de buurtvan de boorgaten zich geen elektrische leidingenof andere installaties (b. v. waterleidingen)bevinden. Aardt het buitenapparaat overeenkomstig de vankracht zijnde voorschriften.

Beveilig het toestel apart. U kunt deze airco niet zelf ingebruikstellen ofaansluiten. Koeltechnisch en elektrotechnisch mag deinstallatie enkel door een STEK-gecertificeerdinstallatiebedrijf worden aangesloten en in bedrijfworden gesteld. Indien u niet aan dezevoorwaarde voldoet vervalt met onmiddellijkeingang de door Einhell gegeven garantie. Een verkeerde montage kan tot schade aanpersonen en voorwerpen leiden. Draag tijdens de montage gehoor- engezichtsbescherming en werkhandschoenen. Opmerking bij de elektrische aansluiting. Kies een voldoende gemiddelde voor de aanvoer. Degele/groene ader mag enkel als ondersteuninggebruikt worden en in geen geval alsspanningsleider. Bij een vaste elektrische aansluitingvan het toestel moet deze via een scheiding vanminstens 3 mm open ruimte (vb. LS-schakelaar) vanhet net te scheiden zijn.

buiten en zorg dan voor aansluiting op het net. Zorgervoor dat de hele installatie spanningsvrij is. Zorgervoor dat de installatie niet per ongeluk zichzelf kaninschakelen. A. Keuze plaats van montageToestel binnen 1. De openingen waar de lucht binnen komt enbuiten gaat mogen niet bedekt zijn, zodat delucht in de hele kamer verspreid kan worden. 2. Monteer het toestel binnen zo dat er slechts eenkorte afstand is door de muur tussen het toestelbinnen en buiten. 3. Let erop dat de drainagebuis geen buigingenvertoont en zonder stijging naar buiten gelegdkan worden. 4. Vermijd het plaatsen naast een warmtebron,hoge luchtvochtigheid of ontvlambaar gas. 5. Kies een plaats die stabiel genoeg is voor demontage, zodat het toestel niet aan trillingenblootgesteld wordt. 6. Zorg ervoor dat de montage ordelijk en netjesuitgevoerd wordt. 7.

Zorg ervoor dat er voldoende plaats is voorlatere herstellings- en servicewerkzaamheden. 8. Het toestel moet minstens 1 m van elektrischetoestellen en installaties verwijderd zijn, vb. TV,radio, computer, enz. 9. Kies een plaats waar het toestel makkelijk tebereiken is, om een filter schoon te maken of tevervangen. Toestel buiten 1. Kies een plaats waar de buren niet gestoordworden door geluiden of naar buiten geblazenlucht. 2. Kies een plaats waar zeker voldoendeluchttoevoer aanwezig is. 3. De openingen waar de lucht binnen komt enbuiten gaat mogen niet afgedekt zijn. 4. De plaats moet voldoende stabiel zijn voormontage en trillingen. 5. Er mag geen gevaar bestaan wegens brandbaargas of vrijkomend gas door corrosie. 6. Zorg ervoor dat de installatie volgens devoorschriften geplaatst wordt. 7. De montage dient tenminste 20 cm boven de teverwachten sneeuwhoogte te gebeuren.

Volgende montageplaatsen moeten wordenvermeden Een plaats waar olie (machineolie) opgeslagenwordt. Een plaats met een hoog zoutgehalte. Een plaats met zwavelbronnen, bv. zones metkuurbaden. Een plaats waar radiozenders enversterkingsantennes, lastoestellen of medischetoestellen gebruikt worden. Een plaats waar het toestel buiten directblootgesteld wordt aan zonlicht. In dit geval dientu voor schaduw te zorgen. Deze schaduw magook de luchtstroom niet hinderen. Een plaats in de buurt van warmte- endampbronnen. Een plaats met sterke stofontwikkeling. Een plaats waar openbaar verkeer is. Een plaats met andere abnormaleomstandigheden. Let op. De richting van de uitgeblazen lucht moet met dehoofdwindrichting overeenkomen. De installatie mag niet op plaatsen metagressieve lucht werken. De minimumafstanden moeten in acht genomenworden (zie Belangrijke montageaanwijzingen).

Het binnen- en buitenapparaat mag alleenhorizontaal worden geïnstalleerd mitsgebruikmaking van een waterpas. Aan het eindevan de montage dient u te controleren of deapparaten waterpas zijn. Knik of druk niet de koelmiddelleidingen. Alle koelmiddelleidingen met inbegrip van deaansluitingen en kleppen moeten wordenvoorzien van een diffusiedichte warmte-isolatie. De beschermkappen van de koelmiddelleidingen/ aansluitingen op het apparaat mogen pasonmiddellijk voor het verbinden wordenverwijderd. Open koelmiddelleidingen moeten door gepastekappen of plakbanden worden beschermd tegenhet binnendringen van vocht. B. Montage van het toestel binnenLet zeker op de montageaanwijzingen. 1. Voor de montage Kies de plaats van het toestel binnen (let op devoorafgaande tips voor de keuze van de plaats).

geïsoleerd zijn met het bijgeleverde materiaal. 2. De montageplaat aanbrengen (fig. 16/17) De montageplaat voor het toestel binnen moethorizontaal aan de muur gemonteerd worden. Houd u zeker aan de opgegeven afstanden. Duidde plaats aan en boor de bevestigingsgaatjes enschroef de montageplaat met pluggen enschroeven vast. Om trillingen van het toestelbinnen te voorkomen moet u er op letten dat ergeen tussenruimte is tussen de muur en demontageplaat. 3. Muuropening boren (fig. 18) Boor de muuropening met een 65 mm boorkroonvan binnen naar buiten voor de leidingen in eenhoek van ongeveer 5° naar buiten dalend. Belangrijke aanwijzing:Onderstaande werkzaamheden uitsluitend door onzeservicepartner of een gespecialiseerd bedrijf voorkoeltechniek van uw keuze laten uitvoeren. 4. Buis voor afvoer van condenswateraanbrengen (fig.

19) Deze buis moet met een afdalende helling naarbuiten toe gemonteerd worden. Vermijd zekerbuigingen en knikken. Het uiteinde van de buismag niet in een houder liggen die vol water kanlopen. Wanneer er water in de afvoerbuis blijftzitten, kan waterschade optreden. Schuif de bijkomende afvoerbuis op de steunvan de afvoerbuis aan het toestel binnen. Maakdeze aansluiting goed vast met kleefband. Wikkel het gedeelte van de afvoerbuis in het gatin de muur goed in met isolatiemateriaal en nog10 cm verder aan de binnen-en buitenkant. 5. Aansluiting van de koelmiddelleidingen op hetbinnenapparaat (fig. 20)Plaats de koelmiddelleidingen van hetbinnenapparaat naar het buitenapparaat. Verwijder de kunststofsluitingen van hetkoelmiddelaansluitstuk op het binnenapparaat enop de overeenkomstige koelmiddelleiding.

Het uit te oefenaanspankoppel vindt u terug in de onderstaandetabel. Controleer het aanspankoppel d. m. v. eendynamometrische sleutel. Ø 6 mm buis = 15 - 20 NmØ 12 mm buis = 50 - 55 NmAanwijzingen: De bovenste haak (fig. 21, pos. A) van demontageplaat moet aan de achterkant van hetbinnenapparaat veilig zijn vastgehaakt. Om deverbinding van de buisleiding tevergemakkelijken is het binnenapparaat benedenb. v. met behulp van een schroevendraaier vande muur weg te tillen. Na het verbinden van debuisleiding moet de schroevendraaier opnieuwworden verwijderd en moet het binnenapparaatook met de onderste haak (fig. 21, pos. B) vande montageplaat veilig worden vastgehaakt. De buisleiding moet zorgvuldig worden gebogenen geplaatst. (Fig. 22) Beide koelmiddelleidingen moeten op deverbindingsplaatsen worden geïsoleerd.

De condensatiewater-afvoerslang dient steedsonder de koelmiddelleiding te wordenvastgebonden. U dient er zich van te vergewissen dat allebuizen aan de achterkant van hetbinnenapparaat dicht zijn. Zorg ervoor dat de condensatiewater-afvoerslang op het laagste punt van hetisolatiepakket ligt. De slang moet gescheiden zijnvan kabels en aansluitbuis zodat geencondensatiewater over kabels en buis kan lopen. Kruis de netkabel niet met andere kabels. 6. Omwikkelen van de leidingen (fig. 23) Let erop dat de leiding voor de aansluiting op hetnet niet naar buiten geleid wordt. Alle buizen,elektrische leidingen en de waterafvoerbuismoeten met bijgeleverde beschermende bandomwikkeld worden. Naargelang de leidingennaar links of naar rechts geleid worden, moet deandere leiding verwijderd worden uit het toestelbinnen. Het leidingpakket wordt tussen het huis van hetbinnenapparaat en de muur gelegd.

8. Elektrische aansluiting op het binnenapparaatLet wel: de elektrische aansluiting mag alleen dooreen elektricien worden uitgevoerd die erkend is doorde energievoorzieningsmaatschappij. Gebruik uitsluitend de bijgeleverde verbindingskabelof, indien die niet lang genoeg is, eenrubberslangkabel H07RN-F 5x1,5 mm². Verwijder de hoekafdekking van hetbinnenapparaat. Sluit de kabel aan op het binnenapparaatvolgens het aansluitschema (fig. 24). (N = blauwe ader, PE = geel/groene ader)C. Bevestiging van het toestel buitenLet zeker op de montageaanwijzingen. 1. Voor de montage Kies de plaats van het toestel buiten (let op debovenstaande aanwijzingen voor de keuze vande plaats). Kijk of de voorhanden zijnde netspanningovereenkomst met de netspanning die op hetgegevensbordje aangegeven staat. Dezespanning moet dezelfde zijn.

Het verschil tussen binnen- en buitenapparaatkan met de ingesloten stukken maximaal 4 mbedragen. Wanneer het toestel buiten hoger geplaatstwordt dan het toestel binnen, let er dan op dat ereen boog gemaakt wordt in de leiding voor hetkoelmiddel die lager ligt dan de onderkant vanhet toestel binnen. Bevestig de afvoer voor het condenswater op debodem van het toestel buiten. Montage van het toestel buiten Het toestel buiten kan met pluggen en schroevenaan de grond of aan een muurconsole (vb. speciale onderdelen art. nr. 23. 651. 57) bevestigdworden. Gebruik hiervoor de gaten in het toestel. Aansluiting van de koelmiddelleidingenVoor de aansluiting van de koelmiddelleidingen ophet buitenapparaat gaat u te werk zoals beschrevenonder punt B. 5. Gelieve de volgende bijzondereaanwijzingen in acht te nemen. 1.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Einhell SKA 5003 C+H stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden