Constructa CP530 J9 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Constructa CP530 J9 (26 pagina’s), behorend tot de categorie Vaatwasser. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 29 mensen en kreeg gemiddeld 4.4 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over Constructa CP530 J9 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Constructa |
| Categorie: | Vaatwasser |
| Model: | CP530 J9 |
Handleiding Constructa CP530 J9 – volledige tekst
nl Inhoudsopgave Veiligheidsvoorschriften. 4 Bij aflevering. 4 Bij de installatie. 4 Dagelijks gebruik. 4 Bij kinderen in het huishouden. 4 Deurvergrendeling. 5 Bij schade. 5 Bij het afvoeren van het apparaat. 5 Kennismaking met het apparaat. 5 Bedieningspaneel. 5 Binnenkant van het apparaat. 5 Wateronthardingsinstallatie. 6 Instellen. 6 Tabel voor de waterhardheid. 6 Onthardingszout $. 7 Gebruik van onthardingszout. 7Reinigingsproducte met zoutcomponente. 7 Ontharding uitschakelen. 7 Glansspoelmiddel %. 8Hoeveelheid glansspoelmiddel instellen. 8 Serviesgoed. 9 Ongeschikt servies. 9 Schade aan glas en serviesgoed. 9 Inruimen. 9 Uitruimen. 9 Kopjes en glazen. 9 Pannen. 10 Bestekkorf. 10 Messenrek. 10 Omklapbare bordensteunen. 10 Houder voor kleingoed. 10 Verstellen van de korfhoogte. 11 Afwasmiddel. 12 Vul afwasmiddel. 12 Gecombineerde reinigingsmiddelen. 13 Programma-overzicht.
14 Programmakeuze. 14 Aanwijzingen voor testinstituten. 14 Extra functies. 15 Tijd besparen (VarioSpeed). 15 Halve belading. 15 Afwassen. 15 Programmagegevens. 15 Inschakelen van het apparaat. 15 Einde van het programma. 15 Uitschakelen van het apparaat. 15 Onderbreken van het programma. 16 Afbreken van het programma. 16 Wijzigen van het programma. 16 Schoonmaken en onderhoud. 16 Algemene toestand van de machine. 16Onthardingszout en glansspoelmiddel. 16 Zeven. 17 Sproeiarmen. 17 Storingen zelf verhelpen. 18 Afvoerpomp. 18. bij het inschakelen. 18. aan het apparaat. 19. bij de afwas. 19. aan het serviesgoed. 20 Servicedienst. 21 Installatie. 21 Veiligheidsvoorschriften. 21 Aflevering. 22 Technische gegevens. 22 Plaatsing. 22 Aansluiten op de waterafvoer. 23 Aansluiten op de watertoevoer. 23 Elektrische aansluiting. 23 Demontage. 23 Transport.
nl4Bij aflevering – Controleer onmiddellijk of de verpakking en de afwasautomaat tijdens het transport beschadigd zijn. Een beschadigd apparaat niet in gebruik nemen maar contact opnemen met uw leverancier. – Het verpakkingsmateriaal milieuvriendelijk volgens de geldende voorschriften afvoeren. – Laat kinderen niet met de verpakking en de onderdelen daarvan spelen. Kans op stikken door vouwdozen en folie. Bij de installatie Hoe het apparaat volgens de voorschriften geplaatst en aangesloten moet worden, kunt u nalezen in het hoofdstuk „Installatie”. Dagelijks gebruik – De afwasautomaat alleen in het huishouden gebruiken en alleen voor het aangegeven doel: het afwassen van huishoudelijk serviesgoed.
– Kinderen of personen die vanwege hun beperkte lichamelijke of geestelijke vermogens, motorische storingen, onervarenheid of gebrekkige kennis niet in staat zijn het apparaat veilig te bedienen, mogen dit apparaat alleen onder toezicht of na instructie door een verantwoordelijke persoon gebruiken. – Niet op de geopende deur gaan zitten of staan. Het apparaat kan kantelen. – Bij vrijstaande apparaten erop letten dat het apparaat naar voren kan kiepen bij te vol geladen servieskorven. – Doe geen oplosmiddel in de spoelruimte. Kans op explosie. – Tijdens het programmaverloop de deur alleen heel voorzichtig openen. Er kan namelijk heet water uit het apparaat spuiten. – Om verwondingen bijv. door struikelen te voorkomen: de afwasautomaat tijdens het in- en uitladen zo kort mogelijk openen. – Let op de veiligheidsvoorschriften resp.
de aanwijzingen bij het gebruik op de verpakkingen van het afwas- en glansspoelmiddel. ã=WaarschuwingMessen en andere voorwerpen met scherpe punten met de punten naar beneden in de bestekkorf zetten of plat in het messenrek * leggen. * Afhankelijk van het modelBij kinderen in het huishouden – Maak gebruik – indien aanwezig – van de kinderbeveiliging. Een nauwkeurige beschrijving vindt u achter in de omslag.
– Laat kinderen nooit met het apparaat spelen of het bedienen. – Kinderen uit de buurt van afwasmiddel en glansspoelmiddel houden. Deze kunnen irritaties in mond, keel en ogen veroorzaken of tot verstikking leiden. – Kinderen uit de buurt van de geopende afwasautomaat houden, Het water in het apparaat is geen drinkwater. Er kunnen nog resten afwasmiddel in het apparaat zijn achtergebleven. Veiligheidsvoorschriften.
nl5Kinderbeveiliging (deurvergrendeling) *De beschrijving van de kinderbeveiliging bevindt zich achterin in de omslag.* Afhankelijk van het modelBij schade – Reparaties en ingrepen mogen alleen door een vakkundig monteur worden uitgevoerd. Hierbij mag het apparaat niet op het lichtnet zijn aangesloten. Stekker uit het stopcontact trekken of de zekering losdraaien resp. uitschakelen. Kraan dichtdraaien.Bij het afvoeren van het apparaat – Het afgedankte apparaat onmiddellijk onbruikbaar maken om eventuele ongelukken te voorkomen. – Het apparaat op een milieuvriendelijke wijze (laten) afvoeren.ã=WaarschuwingKinderen kunnen zichzelf tijdens het spelen in het apparaat opsluiten (kans op stikken) of in een andere gevaarlijke situatie geraken.Trek daarom de stekker uit het stopcontact. Aansluitkabel doorknippen en verwijderen.
Deurslot onklaar maken zodat de deur niet meer sluit.De afbeeldingen van het bedieningspaneel en van de binnenruimte van het apparaat vindt u vooraan in de omslag van deze gebruiksaanwijzing.In de tekst wordt op de verschillende posities gewezen.Bedieningspaneel* Afhankelijk van het model** Aantal afhankelijk van het modelBinnenkant van het apparaat* Afhankelijk van het modelKennismaking met het apparaat ( Hoofdschakelaar 0 Toets om de deur te openen 8 Programmakiezer (te verzinken *) @ Extra functies ** H Indicatie „Watertoevoer controleren” P Programmaverloopindicatie X Indicatie Einde programma ` Indicatie glansspoelmiddel bijvullen h Indicatie zout bijvullen 1" Bovenste servieskorf 1* Messenrek * 12 Bovenste sproeiarm 1: Onderste sproeiarm 1B Reservoir voor onthardingszout 1J Zeven 1R Bestekkorf 1Z Onderste servieskorf 1b Vergrendeling voor afwasmiddelbakje 1j Voorraadreservoir voor glansspoelmiddel 9" Afwasmiddelbakje 9* Typeplaatje
nl6Voor een goed afwasresultaat heeft de afwasautomaat zacht water, d.w.z. water met weinig kalk nodig. Anders zetten zich witte kalkresten op het serviesgoed en de binnenkant van de spoelruimte af. Leidingwater met een hardheidsgraad boven 7° dH (1,2 mmol/l) (vanaf instelwaarde •:‹‚) moet onthard worden. Dit gebeurt met behulp van onthardingszout (regenereerzout) in de wateronthardingsinstallatie van de afwasmachine. De instelling en daarmee de benodigde hoeveelheid zout zijn afhankelijk van de hardheidsgraad van het leidingwater.InstellenDe hoeveelheid zout is op 4 standen instelbaar, afhankelijk van de hardheid van het water. Afhankelijk van de stand branden 0, 1, 2 of 3 indicaties (zie de tabel). – Vraag de hardheidsgraad van het water. Informeer bij het waterleidingbedrijf. – De stand vindt u in de tabel voor de waterhardheid.– Deur sluiten.
– Programmakiezer 8 vanuit de 12-uur-stand tegen de wijzers van de klok in één klik naar links draaien. – Hoofdschakelaar ( inschakelen en min. 3 sec. ingedrukt houden. De indicatie zout bijvullen knippert hen de lampjes boven de symbolen 6 en , branden. (De instelling van de waterhardheid is in de fabriek op stand 2 ingesteld.) Om de instelling te wijzigen: – Programmakiezer 8 draaien.U kunt een instelwaarde tussen 0 en 3 kiezen, afhankelijk van de hardheid van het leidingwater. Als de lampjes 6, , en „End” branden is de maximale instelwaarde van de waterhardheid bereikt. Wordt de programmakiezer verder gedraaid, dan gaan de lampjes uit en de instelwaarde van de waterhardheid staat op stand 0.
nl7Gebruik van onthardingszoutOnmiddellijk vóór het inschakelen van het apparaat zout bijvullen. Hiermee bereikt u dat de overgelopen zoutoplossing onmiddellijk wordt uitgespoeld en corrosie aan het spoelreservoir wordt voorkomen. – De schroefdop van het voorraadreservoir 1B eraf draaien. – Het reservoir met water vullen (alleen nodig bij het eerste gebruik). – Hierna onthardingszout bijvullen (geen tafelzout). Hierdoor wordt het water verdrongen en loopt weg. * afhankelijk van het modelDe indicatie zout bijvullen h op het bedieningspaneel blijft nog even branden en gaat pas na een tijdje uit, als zich een voldoende zoutconcentratie heeft gevormd. Bij de instelwaarde van de waterhardheid „0” geen onthardingszout gebruiken omdat tijdens het afwassen geen zout wordt verbruikt. De zoutindicatie is uitgeschakeld.
Bij het instellen op 1 tot 3 moet het zoutreservoir met zout gevuld worden.Gebruik van reinigingsproducten met zoutcomponenten Bij gebruik van gecombineerde reinigingsproducten met zoutcomponenten hoeft in het algemeen tot een waterhardheid van 21°dH (37°fH, 26°Clarke, 3,7mmol/l) geen onthardingszout gebruikt te worden. Bij een waterhardheid boven 21° dH is ook hier het gebruik van onhardingszout noodzakelijk.Indicatie zout bijvullenZodra de indicatie zout bijvullen h op het bedieningspaneel brandt, moet opnieuw zout worden bijgevuld. Afhankelijk van het aantal afwasbeurten en de instelling van de wateronthardingsinstallatie kan het meerdere maanden duren voordat het zout bijgevuld dient te worden.ã=Waarschuwingen – Het zoutreservoir nooit met afwasmiddel vullen. Hierdoor gaat de onthardingsinstallatie kapot.
nl8Als indicatie Glansspoelmiddel bijvullen ` op het bedieningspaneel brandt, dan is er nog glansspoelmiddel voor 1–2 afwasbeurten aanwezig. U moet glansspoelmiddel bijvullen.Glansspoelmiddel hebt u nodig voor streeploos gedroogd serviesgoed en heldere glazen. Gebruik alleen glansspoelmiddel voor huishoudelijke afwasautomaten.Gecombineerde reinigingsproducten met glansspoelcomponenten kunnen alleen tot een waterhardheid van 21° dH (37° fH, 26° Clarke, 3,7 mmol/l) gebruikt worden. Bij een waterhardheid boven 21° dH is ook hier het gebruik van glansspoelmiddel noodzakelijk. – Deksel van het voorraadreservoir voor glansspoelmiddel 1j openklappen. Hiertoe op de markering (1) op het deksel drukken en tegelijkertijd het deksel met het bedieningslipje (2) optillen. – Het reservoir voorzichtig tot net onder de rand van de vulopening met glansspoelmiddel vullen.
– Deksel sluiten tot u een klik hoort. – Eventueel gemorst glansspoelmiddel met een doekje verwijderen om overmatige schuimontwikkeling bij de volgende afwasbeurt te voorkomen.Hoeveelheid glansspoelmiddel instellenDe dosering van de hoeveelheid glansspoelmiddel kan traploos worden ingesteld. De glansspoelmiddelregelaar werd in de fabriek op 4 ingesteld. Verander de instelling van de instelknop alleen als er strepen (draaien in richting –) of watervlekken (draaien in richting +) op het serviesgoed achterblijven. Glansspoelmiddel %Instelknopvoor glans-spoelmiddel
nl9Ongeschikt servies – Bestek en servies met houten onderdelen. – Gevoelige gedecoreerde glazen, kunstnijverheidsservies en -vazen en antiek servies. De decoraties zijn niet bestand tegen afwassen in een afwasautomaat. – Niet hittebestendige kunststof voorwerpen/onderdelen. – Koperen en tinnen serviesgoed. – Serviesgoed dat bevuild is met as, kaarsvet, smeerolie of verf.Geglazuurd serviesgoed en voorwerpen van aluminium en zilver kunnen bij het afwassen gaan verkleuren of verbleken. Ook sommige soorten glas (bijv. voorwerpen van kristal) kunnen dof worden nadat ze vele malen zijn afgewassen.Schade aan glas en serviesgoedOorzaken: – glassoort en fabricagewijze van het glas. – chemische samenstelling van het afwasmiddel. – temperatuur van het water tijdens de afwas.Advies: – gebruik alleen glas en porselein dat volgens de fabrikant geschikt is voor de afwasautomaat.
– gebruik afwasmiddel waarop staat aangegeven dat het het serviesgoed ontziet. – glas en bestek na afloop van het programma zo snel mogelijk uit de afwasmachine halen.Inruimen – Grove etensresten verwijderen. Afspoelen onder stromend water is niet nodig. – Het serviesgoed zodanig inruimen dat – het stevig staat en niet kan omvallen; – alle soorten serviesgoed met de opening naar beneden staan; – serviesgoed met een ronding of een holte schuin staat zodat het water er vanaf kan lopen; – het de twee sproeiarmen 12 en 1: tijdens het ronddraaien niet belemmert. Hele kleine voorwerpen niet in de machine afwassen. Ze kunnen gemakkelijk uit de servieskorven vallen.UitruimenOm te vermijden dat waterdruppels van de bovenste servieskorf op het serviesgoed in de onderste servieskorf vallen, is het aan te raden het apparaat van onder naar boven uit te ruimen.Heet serviesgoed is stootgevoelig!
Laat het daarom na afloop van het programma net zo lang in de afwasautomaat afkoelen tot u het goed kunt vastpakken.Kopjes en glazenBovenste servieskorf 1"Serviesgoed
nl10PannenOnderste servieskorf 1ZTipErg vervuild serviesgoed (pannen) moet in de onderste korf worden ingeruimd. Door de sterkere sproeistraal verkrijgt u zo een beter afwasresultaat.Bestekkorf Bestek altijd ongesorteerd met de scherpe kant naar beneden inruimen. Om verwondingen te voorkomen: lange, puntige bestekdelen en messen in het messenrek leggen.Messenrek ** afhankelijk van het modelLange messen en andere lange voorwerpen kunnen horizontaal ingeruimd worden.U kunt het messenrek eruit halen om hoger serviesgoed af te wassen. Omklapbare bordensteunen ** Afhankelijk van het modelDe bordensteunen zijn omklapbaar waardoor pannen, schalen en glazen praktischer kunnen worden ingeruimd.Houder voor kleingoed ** Afhankelijk van het modelHier kunnen lichte voorwerpen van kunststof zoals bekers, deksels enz. vastgeklemd worden.12
nl11Verstellen van de korfhoogte ** afhankelijk van het modelDe bovenste servieskorf 1" kan – indien gewenst – in de hoogte versteld worden om in de bovenste of in de onderste servieskorf meer ruimte te maken voor hoger serviesgoed.Hoogte van het apparaat 81 cmAfhankelijk van de uitvoering van de bovenste servieskorf in uw model afwasautomaat kunt u kiezen uit een van de volgende manieren om te werk te gaan:Bovenste servieskorf met hendels aan de zijkant – De bovenste servieskorf 1" uittrekken. – Om de korf te laten zakken: de twee hendels links en rechts aan de buitenkant van de korf een voor een naar binnen drukken. Hierbij de korf aan de zijkant aan de bovenste rand vasthouden om te voorkomen dat hij plotseling naar beneden valt. – Om de korf op te tillen: de korf aan de zijkant aan de bovenste rand vastpakken en naar boven trekken.
– Overtuig u ervan dat de korf – voordat u hem weer in het apparaat schuift – aan beide zijden op dezelfde hoogt ligt. Anders kan de deur van het apparaat niet dicht en heeft de bovenste sproeiarm geen verbinding met het aansluitpunt van de watertoevoer. Bovenste servieskorf met boven en onder een paar rollen – De bovenste servieskorf 1" uittrekken. – De bovenste servieskorf eruit halen en op de bovenste (stand 2) resp. onderste (stand 1) rollen weer erin hangen.Bovenste korfOnderste korf Stand 1 max. ø 20 cm 28 cm Stand 2 max. ø 25cm 23,5 cm
nl12U kunt zowel tabletten als poedervormige of vloeibare afwasmiddelen voor de wasmachine gebruiken, maar nooit handafwasmiddel. Afhankelijk van de vervuiling kan met poedervormig of vloeibaar afwasmiddel de dosering individueel worden aangepast. Tabs bevatten voor alle afwasprogramma’s voldoende werkzame stoffen. Moderne, krachtige afwasmiddelen hebben meestal een laag alkalische receptuur met fosfaat en enzymen. Fosfaten binden de kalk in het water. Enzymen breken zetmeel af en lossen eiwitten op. Minder voorkomend zijn afwasmiddelen zonder fosfaat. Deze hebben iets minder vermogen om kalk te binden en vereisen een hogere dosering. Om gekleurde vlekken (bijv.
thee of ketchup) te verwijderen worden meestal bleekmiddelen op basis van zuurstof gebruikt.AanwijzingNeem voor een goed afwasresultaat altijd de aanwijzingen op de verpakking in acht!Hebt u nog andere vragen, dan raden wij u aan contact op te nemen met de fabrikant van het afwasmiddel.ã=WaarschuwingLet op de veiligheidsvoorschriften resp. de aanwijzingen bij het gebruik op de verpakkingen van het afwas- en glansspoelmiddel.Vul afwasmiddel – Als het afwasmiddelbakje 9" nog dicht is: vergrendeling 1b bedienen om het te openen.Afwasmiddel alleen in het droge afwasmiddelbakje 9" gieten. Dosering: zie de aanwijzingen van de fabrikant op de verpakking. De indeling in het afwasmiddelbakje 9" biedt hulp bij de juiste dosering van poedervormig of vloeibaar afwasmiddel.Gewoonlijk volstaat 20 ml–25 ml bij normale vervuiling. Bij gebruik van tabs is één tablet voldoende.
– Deksel van het afwasmiddelbakje sluiten. Hiertoe (1) het deksel van het bakje dichtschuiven en (2) hierna licht erop drukken zodat de sluiting hoorbaar vastklikt.Bij gebruik van tabletten kunt u op de verpakking ervan nalezen waar u de tabletten moet plaatsen (bijv. in de bestekkorf, het afwasmiddelbakje etc.). Let erop dat ook bij het gebruik van tabletten het deksel van het afwasmiddelbakje is gesloten.Afwasmiddel
nl13TipAls het serviesgoed niet erg vuil is, kunt u normalerwijze volstaan met minder afwasmiddel dan is aangegeven. Geschikte reinigings- en onderhoudsmiddelen kunt u online op onze internetsite of bij de Servicedienst bestellen (zie achterkant). Gecombineerde reinigingsmiddelenNaast de gebruikelijke afwasmiddelen (Solo) wordt een aantal producten aangeboden met extra functies. Deze producten bevatten behalve afwasmiddel vaak ook glansspoelmiddel en zoutvervangende stoffen (3in1) en, afhankelijk van de combinatie (4in1, 5in1, enz. ), ook nog extra componenten zoals glasbescherming of glansmiddel voor roestvrij staal. Gecombineerde reinigingsmiddelen functioneren alleen tot een bepaalde hardheidsgraad (meestal 21°dH). Boven deze grenswaarde moeten zout en glansspoelmiddel worden toegevoegd.
Zodra gecombineerde reinigingsproducten gebruikt worden past het afwasprogramma zich automatisch zodanig aan dat altijd het best mogelijke afwas- en droogresultaat bereikt wordt. Aanwijzingen – Optimale afwas- en droogresultaten bereikt u door het gebruik van losse afwasmiddelen in combinatie met (apart) gebruik van onthardingszout en glansspoelmiddel. – Bij korte programma’s kunnen tabletten door een verschillende manier van oplossen eventueel niet de volle reinigingskracht ontwikkelen waardoor er onopgeloste afwasmiddeldeeltjes achterblijven. Voor deze programma's is een reinigingsmiddel in poedervorm beter geschikt. – Bij het programma „Intensief” (niet bij alle modellen) is de dosering van één tablet voldoende. Bij gebruik van poedervormig afwasmiddel kunt u nog wat extra afwasmiddel op de binnenkant van de deur strooien.
– Ook als de indicatie glansspoelmiddel en/of zout bijvullen brandt, verloopt het afwasprogramma bij gebruik van gecombineerd reinigingsmiddelen zonder problemen. – Bij gebruik van afwasmiddelen met in water oplosbaar beschermend omhulsel: het omhulsel alleen met droge handen vastpakken.
Het afwasmiddelbakje moet vóór het vullen absoluut droog zijn, anders kan het afwasmiddel eraan vastplakken. – Als u van gecombineerde reinigingsmiddelen op losse afwasmiddelen omschakelt, let er dan op dat de wateronthardingsinstallatie en de hoeveelheid glansspoelmiddel op de juiste waarde zijn ingesteld.
nl14In dit overzicht staat het maximaal mogelijke aantal programma’s vermeld. De bijpassende programma’s en hun rangschikking vindt u op het bedieningspaneel.Programmakeuze Aan de hand van het soort serviesgoed en de mate van vervuiling kunt u een passend programma uitzoeken.Aanwijzingen voor testinstitutenTestinstituten ontvangen de voorwaarden voor vergelijkende tests op aanvraag per e-mail aan [email protected]. Geef wel het typenummer (ENr.) en de fabricagedatum (FD) op.
U vindt ze op het typeplaatje 9* op de deur van het apparaat.Programma-overzichtSoort serviesgoed Soort vervuiling Programma Eventuele extra functiesProgrammaverlooppotten, pannen, niet gevoelig serviesgoed en bestekerg aangekoekte, ingebrande of opgedroogde zetmeel- of eiwithoudende etensresten²Intensief 70°alleVoorspoelenReinigen 70°TussenspoelenGlansspoelen 70°DrogenÚNormaal 65°VoorspoelenReinigen 65°TussenspoelenGlansspoelen 70°Drogengemengd serviesgoed en besteklicht opgedroogde, in het huishouden gebruikelijke etensresten âEco 50°VoorspoelenReinigen 50°TussenspoelenGlansspoelen 65°Drogengevoelig serviesgoed, bestek, temperatuurgevoelige kunststoffen en glazenweinig aangekoekte verse etensrestenêGlas 40°Tijd besparenHalve beladingVoorspoelenReinigen 40°TussenspoelenGlansspoelen 55°DrogenòSnel 35°geenReinigen 35°TussenspoelenGlansspoelen 55°alle soorten serviesgoedkoud voorspoelen, tussentijdse reiniging úVoorspoelen geen Voorspoelen
nl16ã=WaarschuwingOm na afloop van het programma het serviesgoed uit te ruimen: de deur helemaal openen en niet op een kier laten staan. Eventueel nog ontsnappende waterdamp kan gevoelige werkbladen beschadigen. Onderbreken van het programma – Hoofdschakelaar ( uitschakelen. De indicatielampjes gaan uit. Het programma blijft in het geheugen opgeslagen. Als bij aansluiting op warm water of als het apparaat al is opgewarmd de deur van het apparaat geopend werd, de deur eerst een paar minuten op een kier laten staan en dan pas dichtdoen. Anders kan de deur van het apparaat door expansie (overdruk) openspringen of water uit het apparaat komen. – Om het programma voort te zetten: hoofdschakelaar ( weer inschakelen. Afbreken van het programma (Reset) – Alleen als de hoofdschakelaar is ingeschakeld:Programmakiezer 8 op Reset draaien. – Het programma is na ca. 1 minuut afgelopen.
– Hoofdschakelaar ( uitschakelen. Wijzigen van het programmaNadat het apparaat is ingeschakeld kan binnen 2 minuten een ander programma worden ingesteld. Bij een latere programmawijziging worden al gestarte programma-onderdelen (bijv. reinigen) afgewerkt. Regelmatige controle en onderhoud van het apparaat dragen ertoe bij defecten te voorkomen. Dit bespaart u tijd en ergernis. Algemene toestand van de machine – Spoelruimte controleren op kalkaanslag en vetresten. Als u zulke aanslag aantreft: – afwasmiddelbakje met afwasmiddel vullen. Het apparaat zonder serviesgoed in het programma met de hoogste afwastemperatuur starten. Om het apparaat te reinigen alleen speciaal voor afwasautomaten geschikte afwas-/schoonmaakmiddelen gebruiken. – Deurafdichting regelmatig met een vochtig doekje afnemen. Gebruik bij het reinigen van uw afwasautomaat nooit een stoomreiniger.
De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor eventuele gevolgen. De voorkant van het apparaat en het bedieningspaneel regelmatig met een vochtig doekje afnemen. Water met een scheutje afwasmiddel is voldoende.
Geen schuursponsjes gebruiken of schoonmaakmiddelen met schuurmiddelen. Dit kan krassen op de oppervlakken veroorzaken. Bij roestvrijstalen apparaten geen sponsjes gebruiken of deze anders vóór het eerste gebruik een aantal keren grondig uitspoelen om corrosie te voorkomen. ã=WaarschuwingGebruik nooit andere huishoudelijke schoonmaakmiddelen die chloor bevatten. Ze kunnen schadelijk zijn voor de gezondheid. Onthardingszout en glansspoelmiddel – De bijvulindicaties h en ` controleren. Eventueel zout en/of glansspoelmiddel bijvullen. Schoonmaken en onderhoud.
nl17ZevenDe zeven 1J zorgen ervoor dat grove etensresten in het spoelwater niet in de afvoerpomp terechtkomen. Door deze etensresten kunnen de zeven verstopt raken. – Na elke afwasbeurt de zeven op etensresten controleren en eventueel reinigen. – Na het losdraaien van de grove microzeef kunt u het zevensysteem eruit halen. – Eventuele etensresten verwijderen en de zeven onder stromend water schoonmaken. – Zevensysteem in omgekeerde volgorde weer erin zetten en erop letten dat de gemarkeerde pijlen na het sluiten tegenover elkaar staan.SproeiarmenKalk en etensresten in het afwaswater kunnen de sproeiopeningen en de lagers van de sproeiarmen 12 en 1: blokkeren. – Sproeiopeningen van de sproeiarmen op verstopping controleren. – Bovenste sproeiarm 12 eraf schroeven. – De onderste sproeiarm 1: naar boven eraf trekken. – Sproeiarmen onder stromend water schoonmaken.
nl18De ervaring leert dat veel storingen die in het dagelijks gebruik optreden, door u zelf verholpen kunnen worden. Hiermee bespaart u natuurlijk kosten en bent u er zeker van dat de machine snel weer gebruikt kan worden. In het volgende overzicht vindt u eventuele oorzaken van de storingen en nuttige aanwijzingen om deze te verhelpen.AanwijzingAls het programma tijdens het afwassen om onduidelijke redenen stopt: eerst de functie Programma afbreken (Reset) uitvoeren. (zie hoofdstuk Afwassen)ã=WaarschuwingDenk eraan: reparaties mogen alleen door een vakkundig monteur worden uitgevoerd. Mocht het uitwisselen van een onderdeel noodzakelijk zijn, let er dan op dat alleen originele onderdelen gebruikt worden.
Ondeskundige reparatie of gebruik van niet-originele onderdelen kan aanzienlijke schade en gevaar voor de gebruiker opleveren.AfvoerpompGrove etensresten in het afwaswater die niet door de zeven worden tegengehouden, kunnen de afvoerpomp blokkeren. Het afwaswater wordt dan niet afgepompt en blijft boven de zeef staan. In dit geval: – Altijd eerst de stekker uit het stopcontact trekken resp de zekering uitschakelen of losdraaien.– Zeven 1J eruit halen. – Water eruit scheppen, eventueel met behulp van een spons. – Schroef aan de afdekking losdraaien (Torx T 20) en de afdekking eraf halen. – Binnenruimte op vreemde voorwerpen controleren en deze – indien nodig – verwijderen. – Afdekking weer erin zetten en vastschroeven. – Zeven weer erin zetten en vastschroeven.... bij het inschakelenHet apparaat start niet. – Zekering van de huisinstallatie niet in orde.
nl19. aan het apparaatDe onderste sproeiarm draait moeilijk. – Sproeiarm geblokkeerd. De deur kan niet alleen moeilijk geopend worden. * – Kinderbeveiliging is geactiveerd. De gebruiksaanwijzing voor de deactivering bevindt zich achterin in de omslag. * Afhankelijk van het modelDeksel van het afwasmiddelbakje kan niet gesloten worden. – Afwasmiddelbakje te vol of mechanisme door vastgeplakte afwasmiddelresten geblokkeerd. Afwasmiddelresten in het afwasmiddelbakje. – Afwasmiddelbakje was tijdens het vullen vochtig. Indicatie „Watertoevoer controleren” H brandt. – Kraan dicht. – Watertoevoer onderbroken. – Watertoevoerslang geknikt. – Zeef aan de kraan verstopt. – Apparaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken. – Kraan dichtdraaien. – Zeef in de toevoerslang schoonmaken. – Stroom weer inschakelen. – Kraan opendraaien. – Apparaat inschakelen.
– Na afloop van het programma blijft er water in het apparaat staan. – Waterafvoerslang verstopt of geknikt. – Waterafvoerpomp geblokkeerd, afdekking van de waterafvoerpomp niet vastgeklikt (zie Afvoerpomp). – Zeven verstopt. – Programma nog niet beëindigd. Einde van het programma afwachten of functie „Reset” activeren. Bijvulindicatie voor zout h en/of glansspoelmiddel ` brandt niet. – Bijvulindicatie(s) uitgeschakeld. – Voldoende zout/glansspoelmiddel aanwezig. De navulindicatie voor speciaal zout h brandt. – Het zout ontbreekt. Onthardingszout bijvullen. bij de afwasAbnormale schuimvorming – Handafwasmiddel in het reservoir voor glansspoelmiddel. Gemorst glansspoelmiddel leidt tot overmatige schuimvorming. Daarom moet u het gemorste glansspoelmiddel met een doekje verwijderen. Het programma stopt tijdens de afwas. – Stroomtoevoer onderbroken. – Watertoevoer onderbroken.
Klappende geluiden van de vulventielen – Wordt veroorzaakt door de ligging van de waterleiding maar heeft geen invloed op het functioneren van het apparaat.
nl20. aan het serviesgoedEtensresten op het serviesgoed. – Serviesgoed te dicht op elkaar ingeruimd, servieskorf te vol. – Te weinig afwasmiddel. – Te zwak afwasprogramma gekozen. – Sproeiarmen konden niet ongehinderd ronddraaien. – Sproeiers van sproeiarmen verstopt. – Zeven verstopt. – Zeven verkeerd ingezet. – Afvoerpomp geblokkeerd. – Bovenste servieskorf rechts en links niet op dezelfde hoogte erin gezet. Er zijn resten thee of lippenstift achtergebleven. – Het afwasmiddel heeft te weinig bleekwerking. – Te lage afwaswatertemperatuur. – Te weinig/ongeschikt afwasmiddel. Witte vlekken op het serviesgoed/de glazen blijven melkkleurig. Bij het gebruik van afwasmiddel zonder fosfaat kan er bij hard leidingwater eerder witte aanslag op het serviesgoed en de binnenwanden van de machine ontstaan. – Te weinig/ongeschikt afwasmiddel. – Te zwak programma gekozen.
– Geen/te weinig glansspoelmiddel. – Geen/te weinig onthardingszout. – Onthardingsinstallatie op een verkeerde waarde ingesteld. – Deksel van het zoutreservoir niet vastgedraaid. Neem contact op met de fabrikant van het reinigingsproduct, vooral als: – het serviesgoed na afloop van het programma erg nat is, – er kalkaanslag ontstaat. Doffe, verkleurde glazen, aanslag kan niet worden afgewassen. – Ongeschikt afwasmiddel. – Glazen niet geschikt voor afwasmachine. Strepen op glazen en bestek, glazen zien er metaalachtig uit. – Te veel glansspoelmiddel. Verkleuringen op kunststof delen. – Te weinig/ongeschikt afwasmiddel. – Te zwak programma gekozen. Roestsporen op het bestek. – Bestek niet roestbestendig. – Zoutgehalte in het afwaswater te hoog doordat het deksel van het zoutreservoir niet goed is vastgedraaid of bij het bijvullen zout gemorst werd. Serviesgoed niet droog.
– De deur van het apparaat werd te vroeg geopend en het serviesgoed werd er te snel uitgehaald. – Een programma zonder drogen gekozen. – Te weinig/ongeschikt glansspoelmiddel.
nl21Als u de storing niet zelf kunt verhelpen, neem dan contact op met de Servicedienst. De contactgegevens van de dichtstbijzijnde Servicedienst vindt u op de achterkant van deze gebruiksaanwijzing of in de bijgesloten lijst met Servicedienstadressen. Geef aan de Servicedienst typenummer (ENr. = 1) en het FD-nummer (FD = 2) op. U vindt deze gegevens op het typeplaatje 9* op de deur van het apparaat.Vertrouw op de deskundigheid van de fabrikant. Neem contact met ons op. U bent er dan van verzekerd dat de reparatie door ervaren technici wordt uitgevoerd die gebruik maken van de originele reserveonderdelen voor uw apparaat. Om de afwasautomaat goed te laten functioneren moet hij vakkundig worden aangesloten. De gegevens van watertoevoer en waterafvoer en de elektrische aansluitwaarden moeten met de vereiste criteria overeenkomen zoals deze in de volgende alinea’s resp.
in het montagevoorschrift zijn beschreven.Bij de montage de juiste volgorde van de handelingen aanhouden: – Bij aflevering controleren – Plaatsen – Aansluiten op de waterafvoer – Aansluiten op de watertoevoer – Elektrische aansluitingVeiligheidsvoorschriften – Het apparaat volgens het installatie- en montagevoorschrift plaatsen en aansluiten. – Tijdens het installeren mag de afwasautomaat niet op het elektriciteitsnet zijn aangesloten. – Overtuig u ervan dat het aardingssysteem van de elektrische huisinstallatie volgens de elektrotechnische voorschriften is geïnstalleerd. – De elektrische aansluitvoorwaarden moeten overeenkomen met de gegevens op het typeplaatje 9* van de afwasautomaat. – Als de elektrische aansluitkabel van het apparaat beschadigd wordt, dan moet deze door een speciale aansluitkabel vervangen worden.
Om gevaren te voorkomen mag deze alleen door de Servicedienst vervangen worden. – Als de afwasmachine in een hoge kast moet worden ingebouwd, dan moet deze volgens de voorschriften bevestigd worden.Servicedienst12FDInstallatie
nl22 – Voor een goede stabiliteit van het apparaat mogen integreerbare of onderbouwapparaten alleen onder een doorlopend werkblad worden ingebouwd dat aan de kasten ernaast is vastgeschroefd. – Het apparaat niet in de buurt van een warmtebron (radiator, boiler, fornuis of andere apparaten die warmte afgeven) installeren en niet onder een kookplateau inbouwen. – Na het plaatsen van het apparaat moet de stekker gemakkelijk te bereiken zijn. – Bij sommige modellen:In de kunststof behuizing aan de wateraansluiting bevindt zich een elektrisch ventiel, in de toevoerslang bevinden zich de aansluitingsleidingen. De slang niet doorsnijden, de kunststof behuizing niet in water onderdompelen. ã=WaarschuwingAls het apparaat niet in een nis staat waardoor een zijwand toegankelijk is, dan moeten de deurscharnieren om veiligheidsredenen aan de zijkant afgedekt worden (kans op verwondingen).
De afdekkingen zijn als extra toebehoren tegen meerprijs bij de Servicedienst of bij uw leverancier verkrijgbaar. Aflevering Uw afwasmachine werd in de fabriek grondig gecontroleerd op correct functioneren. Hierbij zijn kleine watervlekken achtergebleven. Deze zijn na de eerste afwas verdwenen. Technische gegevensGewicht:max. 53 kgSpanning:230 V, 50 HzAansluitwaarde:2,3 kWZekering:10/13 AWaterdruk:minimaal 0,05 MPa (0,5 bar), maximaal 1 MPa (10 bar). Bij hogere waterdruk: een drukreduceerventiel ervoor installeren. Hoeveelheid binnenstromend water:minimaal 10 liter per minuut. Temperatuur van het water:Koud water, bij warm water max. temperatuur 60 °C. PlaatsingDe vereiste inbouwmaten vindt u in het montagevoorschrift. Het apparaat met behulp van de verstelbare voetjes waterpas zetten. Let erop dat het apparaat stevig staat.
– Geïntegreerde en onderbouwapparaten die naderhand als vrijstaand apparaat worden opgesteld, moeten beveiligd worden tegen kantelen, bijv. door vastschroeven aan de wand of door inbouw onder een doorlopend werkblad dat aan de kasten ernaast is vastgeschroefd.
– Het apparaat kan zonder problemen tussen wanden van hout of kunststof in een rij keukenmeubelen worden ingebouwd. Als de stekker niet gemakkelijk bereikbaar is, dan moet er volgens de veiligheidsvoorschriften een meerpolige scheidingsinstallatie met een contactopening van minimaal 3 mm aanwezig zijn.
nl23Aansluiten op de waterafvoer – De noodzakelijke handelingen vindt u in het montagevoorschrift. Eventueel een sifon met aansluitnippel monteren. – Afvoerslang met behulp van de meegeleverde onderdelen op de aansluitnippel van de sifon aansluiten. Let erop dat de waterafvoerslang niet geknikt, ingedrukt of ineen gestrengeld is en dat een stop in de afvoer het wegstromen van het water niet belemmert. Aansluiten op de watertoevoer – Aansluiting volgens het montagevoorschrift. De toevoerslang met behulp van de meegeleverde onderdelen op de kraan aansluiten. Let erop dat de toevoerslang niet geknikt, platgedrukt of ineengestrengeld is. – Bij vervanging van het apparaat moet altijd een nieuwe watertoevoerslang in gebruik worden genomen. Waterdruk:minimaal 0,05 MPa (0,5 bar), maximaal 1 MPa (10 bar). Bij hogere waterdruk: een drukreduceerventiel ervoor installeren.
Hoeveelheid binnenstromend water:minimaal 10 liter per minuut. Temperatuur van het water:Bij voorkeur koud water, bij warm water max. temperatuur 60 °C. Elektrische aansluiting – Het apparaat uitsluitend via een volgens de voorschriften aangebracht, randgeaard stopcontact op 230 V en 50 Hz wisselstroom aansluiten. Zie het typeplaatje 9* voor de vereiste zekering. – Het stopcontact moet zich in de buurt van het apparaat bevinden en ook na het inbouwen gemakkelijk bereikbaar zijn. – Veranderingen in de aansluiting mogen alleen door een vakkundig monteur worden uitgevoerd. – Een verlenging van de elektrische aansluitkabel mag alleen door de Servicedienst geleverd worden. – Bij gebruik van een aardlekschakelaar mag alleen een type met het teken ‚ geïnstalleerd worden. Alleen deze voldoet aan de nu geldende voorwaarden. DemontageNeem ook hier de volgorde van de handelingen in acht.
nl24TransportAfwasmachine leeg laten lopen en losse onderdelen vastzetten.Het apparaat in de volgende stappen legen: – Kraan opendraaien.– Deur sluiten. – Programma Eco â kiezen. – Hoofdschakelaar ( inschakelen. Het programmaverloop start. – Ca. 4 minuten wachten. – Programmakiezer 8 op Reset draaien. – Na nog een minuutHoofdschakelaar ( uitschakelen. – Kraan dichtdraaien.Apparaat alleen rechtop vervoeren(om te voorkomen dat resterend water in het besturingsmechanisme terechtkomt wat tot een verkeerd programmaverloop leidt).Bescherming tegen vorstAls het apparaat in een voor vorst gevoelige ruimte staat (bijv. in een vakantiehuisje), dan moet u het apparaat helemaal leeg laten lopen (zie Transport).
– Kraan dichtdraaien, toevoerslang losmaken en laten leeglopen.Zowel de verpakking van het nieuwe apparaat als het oude apparaat bevat waardevolle grondstoffen en materiaal dat hergebruikt kan worden.De afzonderlijke delen a.u.b. gesorteerd afvoeren.U kunt bij uw leverancier of bij de gemeente informeren hoe u uw oude apparaat en het verpakkingsmateriaal kunt (laten) afvoeren.VerpakkingAlle kunststof delen van het apparaat zijn gemerkt met een gestandaardiseerd afkortingsteken (bijv. >PS< polystyreen). Hierdoor is bij het afvoeren van het apparaat een scheiding per soort van de kunststof afvaldelen mogelijk.Neem a.u.b. de aanwijzingen voor de veiligheid onder „Bij levering” in acht.Uw oude apparaatNeem a.u.b. de aanwijzingen voor de veiligheid onder „Bij het afvoeren” in acht.
Kinderbeveiliging (deurvergrendeling)*40 Kinderbeveiliging activeren.41 Deur openen bij geactiveerde kinderbeveiliging.42 Kinderbeveiliging deactiveren.Zorg dat de deur van het apparaat altijd goed gesloten is als u het apparaat verlaat. Alleen zo kunt u uw kinderen tegen eventuele gevaren beschermen.Bakplaat-sproeikop*Grote bakplaten ofroosters enborden meteendoorsnede vanmeer dan 30 cm (gourmetborden, pastaborden, onderborden) kunt umetbehulp vandeze sproeikopreinigen. Hiertoe debovenste servieskorf eruit halen en desproeikopzoals afgebeeld erinzetten.*niet bijalle modellenDeafwasautomaat altijd met debovenste servieskorf ofdebakplaat-sproeikopgebruiken!Debakplaten zoals afgebeeld inruimen zodat desproeistraal alle delen kan bereiken (maximaal 2 bakplaten en2 roosters).
Tijdens het gebruik vanhet apparaat hoeft uer inprincipe niet bijteblijven resp. na het gebruik om veiligheidsredenen dekraan dicht tedraaien. Alleen bijlangere afwezigheid, bijv. als ueenpaar weken opvakantie gaat, moet dekraan worden dichtgedraaid.Voorwaarde voor aanspraak opgarantie is dat het apparaat metAqua-Stopvakkundig enovereenkomstig ons installatievoorschrift is opgesteld enaangesloten. Hiertoe behoort ook devakkundig gemonteerde verlenging vandeAqua-Stop(origineel toebehoren). Onze garantie heft geen betrekking opdefecte toevoerleidingen ofarmaturen tot aan deAqua-Stop-aansluiting opdekraan.Deze aansprakelijkheidsgarantie geldt voor delevensduur vanhet apparaat.Alsdoor eenfout inons Aqua-Stop-systeem waterschade wordt veroorzaakt, vergoeden wij deschade aan particuliere gebruikers.
Omhet waterbeveiligingssysteem tegaranderen het apparaat ophet moetelektriciteitsnet zijn aangesloten. Alsaanvulling opdegarantie-aanspraken tegenover deverkoper indekoopovereenkomst enals aanvulling oponze garantie ophet apparaat wordt uschadeloos gesteld als aan onderstaande voorwaarden wordt voldaan:1.2.3.4.CONSTRUCTA-NEFF VERTRIEBS-GMBHPostfach 100 25080076 MünchenAQUA-STOP-garantieConstructa GmbH Carl-Wery-Straße 34 81739 München(vervalt bijapparaten zonder Aqua-Stop)nlNLDecontactgegevens inalle landen vindt uinde bijgesloten lijst met Servicedienstadressen. Verzoek om reparatie enadvies bij storingenB070 333 1234070 222 1459000 539 334 nl (9002)451O
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Constructa CP530 J9 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Vaatwasser Constructa
Handleiding Vaatwasser
Nieuwste handleidingen voor Vaatwasser