Constructa CG 564J5 Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Constructa CG 564J5 (33 pagina’s), behorend tot de categorie Vaatwasser. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 37 mensen en kreeg gemiddeld 4.8 sterren uit 5 reviews. Heb je een vraag over Constructa CG 564J5 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/33
   
 

Beoordeel deze handleiding

4.8/5 (5 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Constructa
Categorie: Vaatwasser
Model: CG 564J5

Handleiding Constructa CG 564J5 – volledige tekst

nl4VeiligheidsvoorschriftenBij aflevering Controleer onmiddellijk of deverpakking en de afwasautomaattijdens het transport beschadigd zijn.Een beschadigd apparaat niet ingebruik nemen maar contact opnemenmet uw leverancier.Het verpakkingsmateriaal volgens debestaande milieuvoorschriften (laten)afvoeren:Het karton bestaat voornamelijk uitoudpapier.Het opvulmateriaal is van CFK-vrijgeschuimd styropor.Het foliemateriaal van polyetheen(PE) bestaat voor een deel uitsecundaire grondstoffen.Het hout (indien aanwezig) is vanafvalhout en onbehandeld.De banden (indien aanwezig) zijnvan polypropeen (PP).Bij de installatieHet apparaat volgens het installatie-en montagevoorschrift plaatsen enaansluiten.Tijdens het installeren mag deafwasautomaat niet op het lichtnetzijn aangesloten.Overtuig u ervan dat het aardings-systeem van de elektrischehuisinstallatie volgens de geldendeelektrotechnische voorschriften isgeïnstalleerd.De elektrische aansluitvoorwaardenmoeten overeenkomen met degegevens op het typeplaatje vande afwasautomaat.Voor een goede stabiliteit van hetapparaat mogen integreerbare ofonderbouwapparaten alleen onder eendoorlopend werkblad wordeningebouwd dat aan de kasten ernaastis vastgeschroefd.Na het plaatsen van het apparaat moetde stekker gemakkelijk te bereiken zijn.Niet bij alle modellen:Het kunststof huis aan de water-aansluiting bevat een elektrisch ventiel.

In de toevoerslang bevindenzich de aansluitingsleidingen. De slangniet doorsnijden en het kunststof huisniet in water onderdompelen.WaarschuwingAls het toestel niet in een nis staat endaardoor een zijwand toegankelijk is, danmoeten de deurscharnieren omveiligheidsredenen bedekt worden (gevaarvoor verwondingen).De afdekkingen krijgt u als extratoebehoren bij de klantendienst of uwdealer.

nl5Dagelijks gebruikWaarschuwingMessen en andere voorwerpen metscherpe punten met de punten naarbeneden inruimen of plat in de servieskorfleggen. De afwasautomaat alleen in hethuishouden gebruiken en alleen voorhet aangegeven doel: het afwassenvan huishoudelijk serviesgoed. Niet op de geopende deur gaan zittenof staan. Het apparaat kan kantelen. Het water in de spoelruimte is geendrinkwater. Doe geen oplosmiddel in despoelruimte. Kans op explosie. Tijdens het programmaverloop de deuralleen heel voorzichtig openen. Er kanwater uit het apparaat spuiten. Om verwondingen bijv. door struikelente voorkomen: de afwasautomaattijdens het in- en uitladen zo kortmogelijk openen. Let op de veiligheidsvoorschriften resp. de aanwijzingen op de verpakking vanhet afwa- en glansspoelmiddel. Bij kinderen in het huishoudenKleine kinderen mogen niet met deafwasautomaat spelen of dezebedienen.

Kleine kinderen uit de buurt vanafwasmiddel of glansspoelmiddelhouden. Kleine kinderen uit de buurt van degeopende afwasautomaat houden. Er kunnen nog resten afwasmiddel inhet apparaat zijn achtergebleven. Kinderbeveiliging ** niet bij alle modellenBekijk eerst de afbeeldingen in de omslag. 40 Kinderbeveiliging inschakelen 41 Deur met ingeschakeldekinderbeveiliging openen 42 Kinderbeveiliging uitschakelenBij schadeReparaties mogen alleen door eenvakkundig monteur worden uitgevoerd. Bij reparaties mag het apparaat niet ophet lichtnet zijn aangesloten. Stekker uithet stopcontact trekken of de zekeringin de meterkast uitschakelen. Alleenaan de stekker trekken, niet aan deaansluitkabel. Kraan dichtdraaien. Bij het afvoeren van hetapparaatAfgedankte apparaten onmiddellijkonbruikbaar maken waardoorongevallen worden voorkomen.

Stekkeruit het stopcontact trekken,aansluitkabel doorknippen en dedeursluiting onklaar maken. Het apparaat volgens de bestaandemilieuvoorschriften (laten) afvoeren. WaarschuwingKinderen kunnen in het toestel ingeslotenraken (verstikkingsgevaar) of in anderesituaties terechtkomen.

nl6Kennismaking met hetapparaatDe afbeeldingen van hetbedieningspaneel en van de binnenruimtevan het apparaat vindt u vooraan inde omslag van deze gebruiksaanwijzing.Bedieningspaneel 1Hoofdschakelaar 2Handgreep om de deur te openen 3Cijferindicatie 4Toets starttijd kiezen * 5Toets mono-afwassysteem *(alleen bovenste servieskorf) 6Programmatoetsen 7Indicatie zout bijvullen 8Indicatie glansspoelmiddel bijvullenHoud het bedieningspaneel steedsschoon en vetvrij. Om schoon te makenalleen een droog of vochtig doekjegebruiken.

Geen krassende of schurendeschoonmaakmiddelen gebruiken.Binnenkant van het apparaat20 Bovenste servieskorf met etagère21 Extra bestekkorf voor de bovensteservieskorf *22 Bovenste sproeiarm23 Onderste sproeiarm24 Zoutreservoir met bijvul-indicatie *25 Zeven26 Bestekkorf27 Onderste servieskorf28 Vergrendeling29 Reservoir voor glansspoelmiddelmet bijvulindicatie30 Afwasmiddelbakje31 Typeplaatje* niet bij alle modellenInkopen voordat u het apparaatvoor het eerst in gebruik neemt:– zout– afwasmiddel– glansspoelmiddelGebruik enkel producten die geschikt zijnvoor de vaatwasmachine.

nl7WateronthardingsinstallatieVoor een goed afwasresultaat heeft deafwasautomaat zacht water, d.w.z. watermet weinig kalk nodig. Anders zetten zichwitte kalkresten op het serviesgoed en debinnenkant van de spoelruimte af.Leidingwater met een te hogehardheidsgraad moet voor gebruik in deafwasautomaat onthard, d.w.z. ontkalktworden.Dit gebeurt met behulp van speciaal zoutin de wateronthardingsinstallatie van deafwasautomaat.De instelling en daarmee de benodigdehoeveelheid zout zijn afhankelijk van dehardheidsgraad van het leidingwater.Instellen van dewateronthardingsinstallatieVraag de hardheidsgraad van het waterbij het waterleidingbedrijf of bij deServicedienst op.De juiste instelling vindt u in de tabelvoor de waterhardheid.Tabel voor de waterhardheid Programmatoets B ingedrukt houdenen de hoofd- schakelaar 1 inschakelen. Daarna de toetsen loslaten.

De indicatie van de toets Ben de door de fabriek ingesteldewaarde op de cijfer- indicatieknipperen.Om de instelling te veranderen: programmatoets B indrukken.Bij elke druk op de toets wordt deinstelling steeds met één cijfer ver- hoogd. Als u het cijfer hebt bereikt,dan springt de indicatie weer op . Hoofdschakelaar 1 uitschakelen. Deingestelde waarde is in het geheugenvan het apparaat opgeslagen.Om de onthardingsinstallatie te regenerenis ca. 4 liter water nodig. Hierdoor wordthet waterverbruik per afwasprogramma –afhankelijk van de instelling voor dewaterhardheid – met 0 tot 4 liter verhoogd.

nl8Zout bijvullenWerking van het zoutTijdens het afwassen wordt het zoutautomatisch uit het zoutreservoir in dewateronthardingsinstallatie gespoeld waar de kalk wordt opgelost.De kalkhoudende oplossing wordt uit deafwasautomaat gepompt. Daarnafunctioneert het onthardingssysteem weer.Het regenereren functioneert alleen als hetzout in het water is opgelost.De schroefdop van het voorraadreservoir 24 openen.Voordat u het apparaat voor het eerst ingebruik neemt: ca. 1 l water in hetzoutreservoir gieten.Gebruik hiervoor de meegeleverdedoseerhulp.Het zoutreservoir hierna met zoveel zout(geen tafelzout) vullen tot het vol is (max.1,5 kg). Als u het reservoir met zout vult,wordt het water verdrongen en loopt hetweg. Daarom moet dit altijd onmiddellijkvóór het inschakelen van de afwasauto-maat gebeuren.

(Om corrosie tevoorkomen.) Hiermee bereikt u dat deoverlopende zoutoplossing direct wordtverdund en weggespoeld. Verwijdervervolgens de zoutresten rond devulopening en schroef het reservoir dicht.De schroefdop niet schuin erop draaien. De indicatie zout bijvullen 7 op hetbedieningspaneel brandt eerst en gaat naenige tijd uit als zich een voldoendezoutconcentratie heeft gevormd.AttentieBij het instellen op mag ugeen regenereerzout gebruikenomdat er tijdens het afwassengeen zout verbruikt wordt. Deindicatie voor zout isuitgeschakeld. Bij het instellen op tot moet het zoutreservoir met zoutworden gevuld.Het zoutreservoir nooit metafwasmiddel vullen. Hierdoorgaat de onthardingsinstallatiekapot.Indicatie zout bijvullenZodra in het bedieningspaneel de indicatiezout bijvullen 7 brandt, moetu onmiddellijk vóór de volgendeafwasbeurt zout bijvullen.

nl9Vullen metglansspoelmiddelGlansspoelmiddel wordt gebruikt om deglazen helder en het serviesgoed zonderstrepen te laten opdrogen.Deksel van het voorraadreservoir voorglansspoelmiddel 29 openklappen. Druk hiertoe op de markering (1 ) ophet deksel en open tegelijkertijd het deksel met het bedieningslipje (2 ).12Glansspoelmiddel in de vulopeninggieten tot de indicatie donker wordt.Deksel sluiten tot u een klik hoort.Gebruik alleen glansspoelmiddel datgeschikt is voor huishoudelijkeafwasautomaten.Gemorst glansspoelmiddel kan bij devolgende afwasbeurt tot overmatigeschuimvorming leiden. Het ernaastgegoten glansspoelmiddel daarom meteen doekje verwijderen.Instellen van de juiste doseringvan glansspoelmiddelDe dosering van de hoeveelheidglansspoelmiddel kan traploos wordeningesteld.

nl10Indicatie glansspoelmiddel Uit–of inschakelen U kunt de indicatie glansspoelmiddel 8in– of uitschakelen. Deze functie kan alsvolgt gewijzigd worden.Deur sluiten. Programmatoets C ingedrukt houdenen de hoofdschakelaar 1 net zolangindrukken tot de cijferindicatie brandt.Hierna de toetsen loslaten.Op de cijferindicatie 3 verschijnt (de indicatie glansspoelmiddel isingeschakeld). Door de programmatoets C in tedrukken kunt u de indicatieglansspoelmiddel uit of inschakelen . Hoofdschakelaar 1 uitschakelen;de instelling is in het geheugenopgeslagen.Attentie!De indicatie glansspoelmiddel alleen uitschakelen als u reini-gingsmiddel met geïntegreerdglansspoelmiddel gebruikt!Ongeschikt serviesIn uw afwasautomaat mag u hetvolgende niet afwassen:Bestek en servies met houtenonderdelen.

Ze logen uit en wordenlelijk; ook de gebruikte lijm is nietbestand tegen de optredendetemperaturen.Gevoelige gedecoreerde glazen,kunstnijverheidsservies en -vazen,speciaal antiek of niet meer tevervangen serviesgoed. De decoratieswaren nog niet bestand tegen hetafwassen in een afwasautomaat.Niet geschikt zijn bovendien kunststofvoorwerpen die gevoelig zijn voor heetwater, koperen en tinnen serviesgoed.Geglazuurd serviesgoed met decoratiesen voorwerpen van zilver en aluminiumkunnen bij het afwassen gaan verkleurenof verbleken. Ook sommige soorten glas(bijv. voorwerpen van kristal) kunnen dofworden nadat ze vele malen zijnafgewassen.

Verder hoort materiaal datwater absorbeert, zoals sponzen endoeken, niet in de afwasautomaat thuis.Tip:Koop voortaan alleen nog serviesgoedwaarbij staat aangegeven dat het geschiktis voor de afwasautomaat.Attentie!Serviesgoed dat bevuild is metas, kaarsvet, smeerolie of verfmag niet in de afwasautomaatworden afgewassen.

nl11Schade aan glas enserviesgoedOorzaken:glassoort en fabricagewijze van hetglas;chemische samenstelling van hetafwasmiddel;temperatuur van het water enprogrammaduur van deafwasautomaat.Advies:gebruik glas en porcelein dat door defabricant aangeduid wordt als geschiktvoor afwasautomaten.Gebruik afwasmiddel dat hetserviesgoed ontziet. U kunt ditinformeren bij de fabricant van hetafwasmiddel.Kies een programma met een zo laagmogelijke temperatuur en een korteprogrammaduur.Om beschadigingen te voorkomen glasen bestek na afloop van het programmazo snel mogelijk uit de afwasautomaathalen.Mono-afwassysteem (alleen debovenste servieskorf)* niet bij alle modellenBij een kleine afwas vult u alleen debovenste servieskorf en schakelt u hetmono-afwassysteem in. Hiermee bespaartu op stroom en water. Bij het mono-afwassysteem moet de onderste servies-korf leeg zijn.

met de openingnaar beneden zetten.Serviesgoed met een ronding ofeen holte schuin in de servieskorfzetten zodat het water er vanaf kanlopen.Het serviesgoed moet stevig staanen mag niet wankelen.De twee sproeiarmen moetenongehinderd kunnen ronddraaien.Heel kleine stukken kunnen niet in demachine gewassen worden omdat zemakkelijk uit de manden kunnen vallen.Vaatwerk uit de machine halenOm te vermijden dat waterdruppels van debovenste mand op het vaatwerk in deonderste mand vallen, is het aan te radenom eerst de onderste en dan de bovenstemand te legen.Kopjes en glazen Bovenste servieskorf 20* niet bij alle modellen

nl12Pannen Onderste servieskorf 27BestekBestek altijd ongesorteerd met het eetvlaknaar beneden inruimen. Zo kan desproeistraal elk stuk bestek beterbereiken.Om verwondingen te voorkomen: lange,puntige bestekdelen en messen op deetagère (niet bij alle modellen) of op debesteketagère (tegen meerprijsverkrijgbaar) leggen.Omklapbare bordensteunen ** niet bij alle modellenDe bordensteunen zijn omklapbaarwaardoor pannen en schalen practischerkunnen worden ingeruimd.De etagère ** niet bij alle modellenHoge glazen en glazen op een hoge voetniet tegen het servies maar tegen de randvan de etagère laten leunen.Lange voorwerpen, voorsnij- enslacouverts, pollepels of messen op deetagère leggen zodat de sproeiarmenongehinderd kunnen ronddraaien.

nl13Verstellen van de korfhoogte ** niet bij alle modellen86cm81cmØ max.30/*25cmØ max.20/*25cmØ max.34/*29cmØ max.20/*25cmDe bovenste servieskorf kan – indiengewenst – in de hoogte versteld wordenom in de bovenste of in de ondersteservieskorf meer ruimte te maken voorhoger serviesgoed.Afhankelijk van de uitvoering van debovenste servieskorf in uw modelafwasautomaat kunt u kiezen uit een vande volgende manieren om te werk tegaan:bovenste servieskorf met bovenen onder een paar rollenDe bovenste servieskorf uittrekken.De bovenste servieskorf eruit halen enop de bovenste resp. onderste rollenweer inhangen.

nl14Bovenste servieskorf methendels aan de zijkant(Rackmatic)De bovenste servieskorf uittrekken.Om de korf te laten zakken: de tweehendels links en rechts aan debuitenkant van de korf één voor éénnaar binnen drukken. Hierbij altijd dekorf aan de zijkant met één hand aande bovenste rand vasthouden. Hiermeevoorkomt u dat de korf plotseling naarbeneden valt (waardoor hetserviesgoed beschadigd kan worden).Om de korf op te tillen: de korf aande zijkant aan de bovenste randvastpakken en naar boven trekken.Overtuig u ervan dat de korf – voordatu hem weer in het apparaat schuift –aan beide zijden op dezelfde hoogtestaat. Anders kan de deur van hetapparaat niet dicht en heeft debovenste sproeiarm geen verbindingmet het aansluitpunt van dewatertoevoer.

nl15Bakplaat-sproeikop ** niet bij alle modellenGrote bakplaten of roosters kunt u metbehulp van de bakplaat-sproeikopreinigen. Hiertoe de bovenste servieskorferuit halen en de sproeikop zoalsafgebeeld erin zetten.De bakplaten zoals afgebeeld inruimenzodat de sproeistraal alle delen kanbereiken (maximaal 4 bakplaten en 2 roosters).AfwasmiddelenAttentieU kunt in uw afwasautomaat de in dehandel verkrijgbare vloeibare ofpoedervormige afwasmiddelen, resp.tabletten gebruiken (geen hand-afwasmiddel!).Er zijn momenteel drie soortenafwasmiddel verkrijgbaar:1. met fosfaat en chloor2. met fosfaat en zonder chloor3. zonder fosfaat en zonder chloorBij gebruik van afwasmiddel zonderfosfaat kan er bij hard leidingwater eerderwitte aanslag op het serviesgoed en dewanden van de spoelruimte ontstaan.

Ukunt dit vermijden door een grotere hoe-veelheid afwasmiddel te doseren.Afwasmiddel zonder chloor heeft eengeringere bleekwerking. Dit kan leiden toteen versterkte aanslag van thee of totverkleuringen op kunststof onderdelen.De oplossing in dit geval: het gebruik van een sterkerafwasprogramma ofhet doseren van een groterehoeveelheid afwasmiddel ofhet gebruik van een afwasmiddelmet chloorOf een afwasmiddel geschikt is voorzilveren voorwerpen vindt u op deverpakking van het afwasmiddel.Heeft u nog andere vragen, dan raden wiju aan contact op te nemen met defabrikant van het afwasmiddel.

nl16Afwasmiddelbakje metdoseerhulpDe indeling in het afwasmiddelbakje biedthulp bij de juiste dosering van hetafwasmiddel. Het afwasmiddelbakje bevat bij deonderste lijn 15 ml afwasmiddel en bij demiddelste lijn 20 ml. Een vol afwasmiddel-bakje bevat 40 ml afwasmiddel.40 ml25 ml15 mlAttentie!Als het afwasmiddelbakje nogdicht is: vergrendeling opzijdrukken om het te openen.Vullen met afwasmiddel Het afwasmiddelbakje 30 metafwasmiddel vullen.Neem voor een juiste dosering degegevens van de fabrikant op deverpakking van het afwasmiddel inacht.Attentie!Doordat de reinigingstablettenvan verschillend fabrikaat op eenverschillende manier oplossen, is hetmogelijk dat bij korte programma’s niet devolle reinigingskracht wordt bereikt. Voordeze programma’s is een reinigingsmiddelin poedervorm beter geschikt.Bij het programma „Intensief”ca.

10–15 ml afwasmiddel extra op dedeur van het apparaat strooien.BesparingstipBij het mono-afwassysteemresp. als het serviesgoed nieterg vuil is, kunt u normalerwijzevolstaan met minder afwas-middel dan is aangegeven.Deksel van het afwasmiddelbakjesluiten: (1) deksel dichtschuiven en totslot (2) licht erop drukken zodat desluiting hoorbaar vastklikt.Bij gebruik van tabletten vindt u op deverpakking waar u de tabletten moetgebruiken (bijv. in de bestekkorf, hetafwasmiddelbakje etc.).Let erop dat ook bij gebruik vantabletten het deksel van hetafwasmiddelbakje gesloten is.

nl17auto 3in1Het gebruik van zogenaamdegecombineerde reinigingsproducten kanhet gebruik van glansspoelmiddel en/ofonthardingszout overbodig maken. Op het moment zijn verschillende soortengecombineerde reinigingsproductenverkrijgbaar:3in1: deze bevatten afwasmiddel,glansspoelmiddel en een zoutfunctie. 2in1: deze bevatten afwasmiddel englansspoelmiddel of een zoutfuntie. >>> Altijd nakijken om welk soortafwasmiddel of gecombineerdproduct het gaat. De gebruiksaanwijzing of de aanwijzingenop de verpakking altijd in acht nemen. Het afwasprogramma past zichautomatisch zó aan dat altijd het bestmogelijke afwas- en droogresultaatwordt bereikt. Neem de volgende belangrijkeaanwijzingen in acht bij het gebruik vangecombineerde reinigingsproducten:Alleen tot een waterhardheid van21 dH (37 fH, 26 Clarke,3,7 mmol/L) kan van het gebruik vanonthardingszout worden afgezien.

Andere instellingen aan het apparaatzijn overbodig. Bij een waterhardheid van meer dan21   dH (37 fH, 26 Clarke, 3,7 mmol/L)is het gebruik van zout welnoodzakelijk. Zoutreservoir 24 metzout vullen en dewateronthardingsinstallatie op stand6 zetten. Neem in geval van twijfel contact op metde fabrikant van het reinigingsmiddel,vooral als:het serviesgoed na afloop van hetprogramma erg nat is,er kalkaanslag ontstaat. Attentie. Optimale afwas- en droogresultatenbereikt u door het gebruik van normaleafwasmiddelen in combinatie met(apart) gebruik van onthardingszout englansspoelmiddel. Het in acht nemen van degebruiksaanwijzing of de aanwijzingenop de verpakking van de gecombineerdereinigingsmiddelen is van groot belangvoor de effectiviteit van deze middelen. Attentie.

Als de indicatie glansspoelmiddel bijvullen 8 7 of onthardingszout bijvullen u stoort en u deze wilt uitschakelen,ga dan als volgt te werk:Indicatie glansspoelmiddelbijvullen uit- en inschakelenU kunt de indicatie glansspoelmiddelbijvullen 8 in- of uitschakelen. Dezefunctie kan als volgt gewijzigd worden. Deur sluiten. Programmatoets C ingedrukt houden en de hoofdschakelaar 1 net zolangindrukken tot de cijferindicatie brandt. Hierna de toetsen loslaten. Op de cijferindicatie 3 verschijnt (indicatie glansspoelmiddel bijvulleningeschakeld). Door indrukken van de programmatoets C kunt u de indicatieglansspoelmiddel bijvullen uit- of inschakelen. Hoofdschakelaar 1 uitschakelen;de instelling is in het geheugenopgeslagen.

nl19Programma-overzichtIn dit overzicht staat het maximaal mogelijke aantal programma’s vermeld. De bij uw apparaatbehorende programma’s kunt u op het bedieningspaneel aflezen.Soort serviesgoedbijv. porcelein,pannen,bestek,glazen,etc.Soortetensrestenbijv.

van deetensresten kunt u in het programma-overzicht het juiste door u in te stellenprogramma vinden.De bijbehorende programmagegevensvindt u in de korte handleiding.

nl20AfwassenBesparingstipBij een niet vol beladenmachine kunt u meestalgebruik maken van een mindersterk programma.ProgrammagegevensDe programmagegevens vindt uin de korte handleiding. Ze hebbenbetrekking op normale omstandigheden.Door:verschillen in de hoeveelheidserviesgoedde temperatuur van het toegevoerdewaterde druk in de waterleidingde omgevingstemperatuurtoleranties in de netspanningen de onvermijdelijke toleranties in hetapparaat (bijv. temperatuur,hoeveelheid water, ...)kunnen grotere afwijkingen optreden.Bij het mono-afwassysteem (alleen debovenste servieskorf) kunnen het energie-en waterverbruik tot ca. 1/4 verminderdworden.De waarden van het waterverbruik hebbenbetrekking op instelwaarde 4 van dewaterhardheid.Aqua-Sensor ** niet bij alle modellenDe Aqua-Sensor is een optischmeetsysteem waarmee de vertroebelingvan het afwaswater wordt gemeten.

Metinfrarood licht kan de vervuiling van hetwater door losgeweekte etensresten,zoals ei, vet en havermout, herkendworden.Afhankelijk van het programma treedtde Aqua-Sensor in werking. Als deAqua-Sensor actief is, kan het ”schone”afwaswater in de volgende reinigingsfasegebruikt worden en/of de temperatuurworden aangepast. Is het water te vuil,dan wordt het afgepompt en door verswater vervangen. Op deze manier wordthet waterverbruik bij ”minder” vervuilingvan het serviesgoed met ca. 4 literverminderd.Inschakelen van het apparaatKraan opendraaien. Hoofdschakelaar 1 inschakelen.De indicaties van het laatst gekozenprogramma branden.Dit programma begint als u geenandere programmatoets 6 hebt ingedrukt.Bij apparaten met mono-afwassysteem:als u alleen de bovenste servieskorfhebt ingeruimd, dan drukt u de toetsmono-afwassysteem 5 in.

nl21ResttijdindicatieNa het starten verschijnt op het displayde vermoedelijke duur van hetprogramma. De programmaduur wordtbeïnvloed door de temperatuur van hetwater, de hoeveelheid serviesgoed en degraad van vervuiling. Door wijzigingen in deze gegevens kande looptijd (afhankelijk van het gekozenprogramma) sterk variëren. Doordat debeïnvloeding van de programmaduur pastijdens het programmaverloop wordtherkend, kunnen grotere tijdsprongenoptreden. Starttijd kiezen ** niet bij alle modellenU kunt het programma tot 19 uur later(in stappen van een uur) laten starten. Apparaat inschakelen. Toets starttijd kiezen 4 net zolangindrukken tot de cijferindicatie 3 op springt. Toets starttijd kiezen net zo vaakindrukken tot de aangegeven tijd aanuw wens voldoet. Om de gekozen starttijd te wissen:toets starttijd kiezen net zo vaakindrukken tot op de cijferindicatie verschijnt.

Tot de starttijd kunt u het programmawillekeurig wijzigen. Einde van het programmaHet programma is afgelopen als er op decijferindicatie 3 een verschijnt. Uitschakelen van het apparaatEnkele minuten na afloop van hetprogramma: Hoofdschakelaar 1 uitschakelen. Kraan dichtdraaien(niet van toepassing bij apparaten metAqua-Stop). Na afkoeling het serviesgoed uit hetapparaat halen. Onderbreking van hetprogramma Hoofdschakelaar 1 uitschakelen. De lichtindicatie gaat uit. Hetprogramma blijft opgeslagen in hetgeheugen. Bij aansluiting op warm water of als demachine al is opgewarmd en de deur vanhet apparaat geopend werd, de deur eersteen paar minuten op een kier laten staanen daarna dichtdoen. Anders kan door expansie de deur van hetapparaat openspringen. Om het programma door te laten gaan:hoofdschakelaar weer inschakelen.

Afwasmiddelbakje 30 sluiten. Om een nieuw programma te starten dehoofdschakelaar 1 weer inschakelenen het gewenste programma kiezen. Wijzigen van het programmaNadat u het apparaat hebt ingeschakeld,kunt u binnen 2 min. een anderprogramma instellen. Als het programma hierna gewijzigd moetworden, dan worden eerst de al gestarteprogramma-onderdelen (bijv. reinigen)afgewerkt. De nieuw aangegeven resttijd bestaat uitde resttijd van het vorigeprogramma-onderdeel en de resttijd vanhet nieuw gekozen programma.

nl22Intensief drogenDoor de functie „Intensief drogen”te activeren wordt in alle programma’stijdens het glansspoelen een hogeretemperatuur bereikt en daardoor een beterdroogresultaat. (Wees voorzichtig metgevoelig serviesgoed bij een hogeretemperatuur.) Programmatoets A ingedrukt houden en de hoofdschakelaar 1inschakelen.Beide toetsen loslaten.De cijferindicatie 3 knippert (aan)of (uit).Om de instelling te wijzigenprogrammatoets A indrukken. Hoofdschakelaar 1 uitschakelen;de instelling blijft opgeslagen.Schoonmakenen onderhoudRegelmatige controle en onderhoud vanhet apparaat dragen ertoe bij defecten tevoorkomen. Dit bespaart u tijd en ergernis.Daarom moet u af en toe deafwasautomaat goed controleren.Algemene toestand van demachineSpoelruimte controleren op aanslag vanvet en kalk.Als u zulke aanslag aantreft:afwasmiddelbakje met afwasmiddelvullen.

Het apparaat zonderserviesgoed in het programma met dehoogste afwastemperatuur starten.Deurafdichting schoonmaken:de deurafdichting regelmatig met eenvochtig doekje afnemen om resten vuilte verwijderen.Speciaal zoutControleer de indicatie zout bijvullen 7. Indien nodig zout bijvullen.GlansspoelmiddelControleer de indicatieglansspoelmiddel bijvullen op het bedieningspaneel 8 resp. deindicatie in het voorraadreservoir 29 .Indien nodig glansspoelmiddel bijvullen.Zeven De zeven 25 zorgen ervoor dat groveetensresten in het spoelwater niet in deafvoerpomp terechtkomen. Door dezeetensresten kunnen de zeven verstoptraken.Het zeefsysteem bestaat uit eenzeefcylinder, een vlakke fijne zeef en –afhankelijk van het type apparaat –tevens uit een microzeef (*).

nl24SproeiarmenKalk en etensresten in het spoelwaterkunnen de sproei-openingen en de lagers van de sproeiarmen 22 en 23blokkeren.Sproeiopeningen van de sproeiarmenop verstopping door etensresten con-troleren. Eventueel de onderste sproeiarm 23naar boven eraf trekken. Bovenste sproeiarm 22 erafschroeven.Sproeiarmen onder stromend waterschoonmaken.0123Sproeiarmen weer vastdrukken resp.vastschroeven.Afvoerpomp ** niet bij alle modellenGrove etensresten in het spoelwater dieniet door de zeven worden tegengehouden,kunnen de afvoerpomp blokkeren. Hetspoelwater wordt dan niet afgepompt enblijft boven de zeef staan.In dit geval:eventueel water eruit scheppen.

nl25Opsporing van storingenKleine storingen zelf verhelpenDe meest voorkomende storingen in hetdagelijks gebruik van het apparaat kunt uzelf verhelpen zonder de hulp van deServicedienst in te roepen. Hiermeebespaart u kosten en bent u ervan zekerdat u het apparaat weer snel kuntgebruiken. Het volgende overzicht kan uerbij helpen de oorzaken van de ontstanestoringen vinden.Storingen... bij het inschakelenHet apparaat start niet.De zekering van de huisinstallatieis niet in orde.De stekker zit niet in hetstopcontact.De deur van het apparaat is nietgoed dicht.De kraan is niet open.De zeef aan de watertoevoerslangis verstopt.Apparaat uitschakelen en destekker uit het stopcontact trekken.Kraan dichtdraaien. Hierna de zeefschoonmaken die zich aan deaansluiting van de toevoerslangbevindt.

aan het apparaatde onderste sproeiarm draaitmoeilijkSproeiarm door kleine deeltjes ofetensresten geblokkeerd.Deksel van het afwasmiddelbakjekan niet gesloten wordenDoseerreservoir te vol.Mechanisme door vastgeplakteafwasmiddelresten geblokkeerd.Controlelampjes gaan na de afwasniet uitHoofdschakelaar nogingeschakeld.Er kleven na de afwas restenafwasmiddel in het reservoirReservoir was bij het vullenvochtig, alleen een droog reservoirmet afwasmiddel vullen.De bijvulindicatie brandt niet.Indicatie glansspoelmiddelbijvullen uitgeschakeld.(zie hoofdstuk auto 3in1)Indicatie onthardingszout bijvullenuitgeschakeld.(zie hoofdstuk auto 3in1)

nl26Na afloop van het programma blijfter water in het apparaat staanDe afvoerslang is verstopt ofgeknikt.De afvoerpomp is geblokkeerd.De zeven zijn verstopt.Het programma is nog nietafgelopen. Wacht op het einde vanhet programma (de cijferindicatiegeeft 0 aan).Functie ”Reset” uitvoeren.... bij de afwasAbnormale schuimvormingHandafwasmiddel in het reservoirvoor glansspoelmiddel.Gemorst spoelmiddel kan bij devolgende spoelbeurt totovermatige schuimvorming leiden,daarom moet u het gemorstespoelmiddel met een doekverwijderen.Het programma stopt tijdens deafwasStroomtoevoer onderbroken.Watertoevoer onderbroken.Klappende geluiden tijdens deafwasSproeiarm slaat tegenserviesgoed.Kletterende geluiden tijdens deafwasServiesgoed niet goed ingeruimd.Klappende geluiden van devul-ventielenWordt veroorzaakt door de liggingvan de waterleiding en heeft geeninvloed op het functioneren van demachine.

aan het serviesgoedEr blijven gedeeltelijk etensrestenaan het serviesgoed plakkenHet serviesgoed was niet goedingeruimd, de waterstralen kondenhet oppervlak niet bereiken.De servieskorf was te vol.Het serviesgoed ligt tegen elkaaraan.Te weinig afwasmiddel gebruikt.Een te zwak programma gekozen.Sproeiarmen konden nietongehinderd ronddraaien doordateen stuk serviesgoed in de wegstond.Sproeiers van de sproeiarmen zijndoor etensresten verstopt.De zeven zijn verstopt.Zeven verkeerd ingezet.Afvoerpomp geblokkeerd.Er ontstaan verkleuringen opkunststof onderdelenTe weinig afwasmiddel gebruikt.Er blijven gedeeltelijk witte vlekkenop het serviesgoed achter, deglazen blijven melkkleurigTe weinig afwasmiddel gebruikt.Hoeveelheid glansspoelmiddel telaag ingesteld.Ondanks een hogehardheidsgraad van hetleidingwater geen zouttoegevoegd.Onthardingsinstallatie te laagingesteld.Het deksel van het zoutreservoir isniet goed vastgedraaid.Als u afwasmiddel zonder fosfaathebt gebruikt, probeer dan eensafwasmiddel met fosfaat tervergelijking.

nl27Het serviesgoed wordt niet droogProgramma zonder drogengekozen.Hoeveelheid glansspoelmiddel telaag ingesteld.Serviesgoed te snel uit hetapparaat gehaald.De glazen zien er dof uitHoeveelheid glansspoelmiddel telaag ingesteld.Resten thee of lippenstift zijnachtergeblevenHet afwasmiddel heeft te weinigbleekwerking.Een te lage afwastemperatuurgekozen.Roestsporen op het bestekHet bestek is niet voldoenderoestbestendig.Het zoutgehalte in het afwaswateris te hoog.Deksel van het zoutreservoirniet goed vastgedraaid.Tijdens het navullen te veelzout toegevoegd.De glazen worden dof enverkleuren, de aanslag kan nietworden afgewrevenEen ongeschikt afwasmiddelgebruikt.De glazen zijn niet geschikt vooreen afwasautomaat.Op glazen en bestek blijven strepenachter, de glazen zien ermetaalachtig uit.Hoeveelheid glansspoelmiddel tehoog ingesteld.Inschakelen van deServicedienstAls het u niet lukt de fout te verhelpen,schakel dan de Servicedienst in.

Hetdichtstbijzijnde adres van de Servicedienstvindt u in het telefoonboek of in demeegeleverde brochure metservice-adressen. Geef aan deServicedienst het typenummer (1) en hetFD-nummer (2) op. U vindt deze gegevens op het typeplaatje 31 op de deur van hetapparaat.FD12OpgeletWe willen er u op wijzen dateen bezoek van een technicusvan onze klantendienst naaraanleiding van een debeschreven storingen ooktijdens de garantieperiode nietkostenloos is.

nl28AanwijzingenAanwijzingen voorvergelijkende testsDe voorwaarden voor de vergelijkendetests vindt u op het extra blad“Aanwijzingen voor vergelijkende tests”.De verbruikswaarden voor de betreffendeprogramma’s vindt u in de kortehandleiding.Algemeen Geïntegreerde en onderbouwapparatendie achteraf als vrijstaand apparaatworden opgesteld, moeten beveiligdworden tegen kantelen, bijv. doorvastschroeven aan de muur of doorinbouw onder een doorlopend werkbladdat aan de kasten ernaast isvastgeschroefd.InstallatieOm de afwasautomaat goed te latenfunctioneren moet hij vakkundig wordenaangesloten. De gegevens van dewatertoevoer en -afvoer en de elektrischeaansluitwaarden moeten met de vereistecriteria overeenkomen zoals deze in devolgende alinea’s resp.

in hetmontagevoorschrift zijn beschreven.Bij de montage de juiste volgorde van dehandelingen aanhouden:– bij aflevering controleren– plaatsen– aansluiten op de waterafvoer– aansluiten op de watertoevoer– elektrische aansluitingAfleveringUw afwasautomaat werd in de fabriekzorgvuldig getest op functionerenwaardoor kleine watervlekken zijnachtergebleven. Deze verdwijnen na deeerste afwas.PlaatsingDe vereiste inbouwmaten vindt u in hetmontagevoorschrift. Het apparaat metbehulp van de verstelbare voetjeswaterpas zetten. Let erop dat het apparaatstevig staat.Aansluiten op de waterafvoerDe noodzakelijke handelingen vindt u inhet montagevoorschrift. Eventueel eensifon met aansluitnippel monteren.Afvoerslang met behulp van demeegeleverde onderdelen op deaansluitnippel van de sifon aansluiten.Let erop dat de afvoerslang niet geknikt,platgedrukt of ineengestrengeld is.

nl29Aansluiten op de watertoevoerAansluiting volgens montagevoorschrift. Toevoerslang met behulp van demeegeleverde onderdelen op de kraanaansluiten. Let erop dat de watertoevoerslang nietgeknikt, platgedrukt of ineengestrengeldis. Bij vervanging van het apparaat moetook de watertoevoerslang voor deaansluiting op de kraan vervangenworden. De oude toevoerslang mag nietmeer gebruikt worden. Waterdruk:minimaal 0,05 MPa (0,5 bar), maximaal1 MPa (10 bar). Bij hogere druk een reduceerventielaanbrengen. Hoeveelheid binnenstromend water:minimaal 10 liter per minuut. Temperatuur van het water:bij voorkeur koud water. Warm water magmaximaal een temperatuur van 60 °Chebben. Elektrische aansluitingHet apparaat uitsluitend via een volgensde voorschriften aangebracht, randgeaardstopcontact op 230 volt wisselstroomaansluiten. Zie het typeplaatje 31 voor de vereiste zekering.

Het stopcontact moet zich in de buurt vande afwasautomaat bevinden engemakkelijk bereikbaar zijn. Veranderingen in de aansluiting mogenalleen door een deskundig monteurworden uitgevoerd. Bij gebruik van een aardlekschakelaarmag alleen een type met het teken geïnstalleerd worden. Alleen dezeaardlekschakelaar voldoet aan denu geldende voorschriften. DemontageDe volgorde van de handelingen is ookhier van belang: altijd eerst het apparaatvan het elektriciteitsnet loskoppelen. Stekker uit het stopcontact trekken. Kraan dichtdraaien. Aansluiting op de waterafvoer en -toevoerloskoppelen. Bevestigingsschroeven onder hetwerkblad eruit draaien. De plint – indienaanwezig – demonteren. Apparaat eruit halen en daarbij de slangvoorzichtig naar voren trekken. TransportDe afwasautomaat leeg laten lopen. Losseonderdelen vastzetten.

Het apparaatalleen rechtop vervoerenAls het apparaat niet rechtop wordtvervoerd, dan kan er resterend water inhet besturingsmechanismeterechtkomen. Dit kan tot een verkeerdprogrammaverloop leiden. Het apparaat laten leeglopen op devolgende wijze:Kraan opendraaien. Deur sluiten.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Constructa CG 564J5 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden