Constructa CF3M60050 Handleiding

Constructa Oven CF3M60050

Bekijk gratis de handleiding van Constructa CF3M60050 (36 pagina’s), behorend tot de categorie Oven. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 29 mensen en kreeg gemiddeld 4.1 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over Constructa CF3M60050 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/36
[nl]Gebruiksaanwijzing
CF.M600..
Oven

Beoordeel deze handleiding

4.1/5 (7 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Constructa
Categorie: Oven
Model: CF3M60050

Handleiding Constructa CF3M60050 – volledige tekst

nl Gebruik volgens de voorschriften48Gebruik volgens de voorschriftenGebr ui k v ol gen s de vo or s ch r i f t e nLees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door. Alleen dan kunt u uw apparaat goed en veilig bedienen. Bewaar de gebruiksaanwijzing voor later gebruik of om door te geven aan een volgende eigenaar.Dit apparaat is alleen bestemd voor inbouw. Neem het speciale installatievoorschrift in acht.Controleer het apparaat na het uitpakken. Niet aansluiten in geval van transportschade.Alleen een daartoe bevoegd vakman mag apparaten zonder stekker aansluiten. Bij schade door een verkeerde aansluiting maakt u geen aanspraak op garantie.Dit apparaat is alleen bestemd voor huishoudelijk gebruik en de huiselijke omgeving. Gebruik het uitsluitend voor het bereiden van gerechten en drank. Zorg ervoor dat het apparaat onder toezicht gebruikt wordt.

Het toestel alleen gebruiken in gesloten ruimtes.Dit apparaat is bestemd voor gebruik tot op hoogten van maximaal 4.000 meter boven zeeniveau.Dit toestel kan worden gebruikt door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met beperkte fysieke, sensorische of geestelijke vermogens of personen die gebrek aan kennis of ervaring hebben, wanneer zij onder toezicht staan van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid of geleerd hebben het op een veilige manier te gebruiken en zich bewust zijn van de risico's die het gebruik van het toestel met zich meebrengt.Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.

Reiniging en onderhoud van het toestel mogen niet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij zij 15 aar of ouder zijn en onder toezicht staan.Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar uit de buurt blijven van het toestel of de aansluitkabel.Toebehoren altijd op de juiste manier in de binnenruimte leggen. ~ "Toebehoren" op pagina 11

Belangrijke veiligheidsvoorschriften nl5(Belangrijke veiligheidsvoorschriftenBel an gr i j k e vei l i g hei d s v oor s chr i f t enAlgemeen:Waarschuwing – Risico van brand. ■Brandbare voorwerpen die in de binnenruimte worden bewaard kunnen vlam vatten. Bewaar geen brandbare voorwerpen in de binnenruimte. Open nooit de deur wanneer er sprake is van rookontwikkeling in het apparaat. Het toestel uitschakelen en de stekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen. Risico van brand. ■Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen. Voor gebruik dient u de binnenruimte, de verwarmingselementen en de accessoires vrij te maken van grove verontreiniging. Risico van brand. ■Wanneer de apparaatdeur geopend wordt, ontstaat er een luchtstroom. Het bakpapier kan dan de verwarmingselementen raken en vlam vatten.

Tijdens het voorverwarmen mag er nooit bakpapier los op de toebehoren liggen. Verzwaar het bakpapier altijd met een vorm. Bakpapier alleen op het benodigde oppervlak leggen. Het bakpapier mag niet uitsteken over de toebehoren. :Waarschuwing – Risico van verbranding. ■Het toestel wordt zeer heet. Nooit de hete vlakken in de binnenruimte of verwarmingselementen aanraken. Het apparaat altijd laten afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn. Risico van verbranding. ■Toebehoren of vormen worden zeer heet. Neem hete toebehoren en vormen altijd met behulp van een pannenlap uit de binnenruimte. Risico van verbranding. ■Alcoholdampen kunnen in de binnenruimte vlam vatten. Nooit gerechten klaarmaken die een hoog percentage alcohol bevatten. Alleen kleine hoeveelheden drank met een hoog alcoholpercentage gebruiken. De deur van het toestel voorzichtig openen.

:Waarschuwing – Kans op verbranding. ■Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderdelen heet. De hete onderdelen nooit aanraken. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn. Kans op verbrandingen.

■Bij het openen van de deur van het apparaat kan hete stoom vrijkomen. Afhankelijk van de temperatuur is er geen stoom te zien. Tijdens het openen niet te dicht bij het apparaat staan. De deur van het apparaat voorzichtig openen. Zorg ervoor dat kinderen uit de buurt blijven. Kans op verbrandingen. ■Door water in de hete binnnruimte kan hete waterdamp ontstaan. Nooit water in de hete binnenruimte gieten. :Waarschuwing – Risico van letsel. ■Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit springen. Geen schraper, scherpe of schurende schoonmaakmiddelen gebruiken. Risico van letsel. ■Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten. Kom niet met uw handen bij de scharnieren. :Waarschuwing – Kans op een elektrische schok. ■Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.

Reparaties en de vervanging van beschadigde aansluitleidingen mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici die zijn geïnstrueerd door de klantenservice. Is het apparaat defect, haal dan de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit. Contact opnemen met de klantenservice. Kans op een elektrische schok. ■De kabelisolatie van hete toestelonderdelen kan smelten. Zorg ervoor dat er nooit aansluitkabels van elektrische toestellen in contact komen met hete onderdelen van het apparaat. Kans op een elektrische schok. ■Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken. Geen hogedrukreiniger of stoomreiniger gebruiken. Kans op een elektrische schok. ■Een defect toestel kan een schok veroorzaken. Een defect toestel nooit inschakelen. De netstekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.

nl Oorzaken van schade6:Waarschuwing – Gevaar door magnetisme. In het bedieningspaneel of de bedieningselementen bevinden zich permanente magneten. Deze kunnen elektronische implantaten, zoals pacemakers, of insulinepompen beïnvloeden. Dragers van elektronische implantaten dienen een afstand van minstens 10 cm tot het bedieningspaneel aan te houden. Halogeenlamp:Waarschuwing – Gevaar voor verbranding. De lampen in de binnenruimte worden heel heet. Ook enige tijd na het uitschakelen bestaat er nog een risico van verbranding. Glazen afscherming niet aanraken. Tijdens het schoonmaken contact met de huid vermijden. :Waarschuwing – Kans op een elektrische schok. Bij vervanging van de lamp in de binnenruimte staan de contacten van de lampfitting onder stroom. Trek voordat u tot vervanging overgaat de netstekker uit het stopcontact trekken of schakel de zekering in de meterkast uit.

]Oorzaken van schadeOo r z ak e n v a n s c ha d eAlgemeenAttentie. ■Toebehoren, folie, bakpapier of vormen op de bodem van de binnenruimte: Geen toebehoren op de bodem van de binnenruimte leggen. Geen bakpapier of folie, van welk type dan ook, op de bodem van de binnenruimte leggen. Geen vorm op de bodem van de binnenruimte plaatsen wanneer een temperatuur van meer dan 50 °C ingesteld is. Er ontstaat dan een opeenhoping van warmte. De bak- en braadtijden kloppen niet meer en het email wordt beschadigd. ■Aluminiumfolie: aluminiumfolie in de binnenruimte mag niet in contact komen met de deurruit. Hierdoor kunnen permanente verkleuringen van de ruit optreden. ■Water in de hete binnenruimte: Nooit water in de hete binnenruimte gieten. Er ontstaat dan waterdamp. Door de verandering van temperatuur kan schade aan het email ontstaan.

■Koelen met de apparaatdeur open: na een bereiding met hoge temperaturen de binnenruimte laten afkoelen met de deur gesloten. Zorg ervoor dat er niets tussen de apparaatdeur beklemd raakt. Ook wanneer de deur slechts op een kier staat, kunnen naburige voorzijden van meubels in de loop van de tijd beschadigd raken. Alleen na gebruik met veel vocht de binnenruimte laten drogen met de deur open. ■Vruchtensap: De bakplaat bij zeer vochtig vruchtengebak niet te overvloedig bedekken. Vruchtensap dat van de bakplaat druppelt, laat vlekken achter die niet meer kunnen worden verwijderd. Gebruik zo mogelijk de diepere braadslede. ■Sterk vervuilde dichting: wanneer de dichting sterk vervuild is, sluit de apparaatdeur niet goed meer. De aangrenzende voorzijden van meubels kunnen dan beschadigd raken. Zorg ervoor dat de dichting altijd schoon is.

~ "Reinigen" op pagina 16■Apparaatdeur als vlak om op iets op te leggen of te plaatsen: niets op de apparaatdeur leggen of plaatsen en er niets aan hangen. Geen vormen of toebehoren op de apparaatdeur plaatsen. ■Toebehoren inschuiven: afhankelijk van het type toestel kunnen de toebehoren krassen geven op de deur. Toebehoren altijd tot de aanslag in de binnenruimte schuiven. ■Apparaat transporteren: Het apparaat niet aan de deurgreep vasthouden of dragen. De deurgreep houdt op den duur het gewicht van het apparaat niet en kan afbreken.

Milieubescherming nl77MilieubeschermingMi l i eu be sc h er mi ngUw nieuwe apparaat is bijzonder energie-efficiënt. Hier krijgt u tips over de manier waarop u bij het gebruik van uw apparaat nog meer kunt besparen op energie en het apparaat op de juiste manier afvoert.Energiebesparing■Het apparaat alleen voorverwarmen als dit in het recept of in de tabellen van de gebruiksaanwijzing is opgegeven.■Laat diepvrieslevensmiddelen eerst ontdooien voordat u ze in de binnenruimte plaatst.■Gebruik donkere, zwart gelakte of geëmailleerde bakvormen. Deze nemen de hitte bijzonder goed op.■Verwijder de accessoires die u niet nodig heeft uit de binnenruimte.■Open de apparaatdeur tijdens de bereiding zo weinig mogelijk.■Meerdere taarten of cakes kunt u het beste na elkaar bakken. De binnenruimte is dan nog warm. Hierdoor is de baktijd voor het tweede gerecht korter.

U kunt ook twee rechthoekige vormen naast elkaar in de binnenruimte plaatsen.■Bij langere bereidingstijden kunt u het apparaat 10 minuten voor het einde van de bereidingstijd uitzetten en de restwarmte gebruiken voor het afbakken.Milieuvriendelijk afvoerenVoer de verpakking op een milieuvriendelijke manier af.Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.

nl Het apparaat leren kennen8*Het apparaat leren kennenHet ap pa r aa t l e r en k en ne nIn dit hoofdstuk geven we u uitleg over de indicaties en bedieningselementen. Daarnaast leert u verschillende functies van uw apparaat kennen. Aanwijzing: Afhankelijk van het apparaattype zijn kleur- en detailafwijkingen mogelijk. BedieningspaneelVia het bedieningspaneel stelt u de verschillende functies van uw apparaat in. Hier ziet u een overzicht van het bedieningspaneel en de indeling van de bedieningselementen. Aanwijzing: Bij veel apparaten kunnen de schakelaars worden ingedrukt. Om te ver- en ontgrendelen in de nulstand op de schakelaar drukken. Toetsen en displayMet de toetsen kunt u verschillende extra functies van uw apparaat instellen. Op het display ziet u de bijbehorende waarden. --------DisplayDe functie die kan worden ingesteld of op dit moment afloopt, verschijnt op het display.

Om de verschillende tijdfuncties te kiezen meerdere keren het sensorgebied e aanraken. Het symbool van de functie die op dit moment wordt gekozen is verlicht.  (Toetsen en display De Toetsen zijn touch-velden waar sensoren onder liggen. Tip alleen op het betreffende symbool om de functie te kiezen. Op het display zijn symbolen van actieve functies en de tijdfuncties te zien. 0Functiekeuzeknop Met de functiekeuzeknop stelt u de verwarmingsmethode of andere functies in. U kunt de functiekeuzeknop naar rechts of links draaien. 8Temperatuurknop Met de temperatuurknop stelt u de temperatuur in of kiest u de instelling voor andere functies. De temperatuurknop kunt u vanuit de nulstand alleen naar rechts draaien, tot de aanslag. Niet daaraan voorbij. Sensorgebied BetekenisMKookwekker Kookwekker instellen.

eTijdfuncties Bereidingstijd , Einde en Tijd x ykiezen door het betreffende symbool meerdere keren aan te raken. Kinderslot Om de ovenfuncties via het bedie-ningspaneel te blokkeren en deblok-keren het sensorgebied ca.

Het apparaat leren kennen nl9Verwarmingsmethoden en functiesMet de functiekeuzeknop stelt u de verwarmingsmethoden en meer functies in. Om altijd de juiste verwarmingsmethode voor uw gerecht te kunnen bepalen, geven wij hier uitleg over de verschillen en toepassingen. --------Meer functiesUw nieuwe oven biedt u nog meer functies, waarop wij hier een korte toelichting geven. --------Verwarmingsmethode Gebruik›3D-hetelucht Voor het bakken en braden op één of meerdere niveaus. De ventilator verdeelt de warmte van het ronde verwarmingselement aan de achterkant gelijkmatig in de binnenruimte. "Hetelucht Eco Voor het efficiënt bereiden van geselecteerde gerechten op één niveau, zonder voorver-warmen. De ventilator verdeelt de warmte van het ronde verwarmingselement aan de achterkant in de binnenruimte.

Deze verwarmingsmethode wordt gebruikt voor het bepalen van het energieverbruik in de luchtcirculatiemodus en de energie-efficiëntieklasse. 0Pizzastand Voor het bereiden van pizza's en gerechten die veel warmte van onderen nodig hebben. Het onderste verwarmingselement en het ronde verwarmingselement aan de achterwand zijn ingeschakeld. $Onderwarmte Voor de bereiding au bain-marie en om na te bakken. De warmte komt van onderen. $Grill, groot Voor het grillen van platte stukken, zoals steaks, worstjes of toast, en voor het gratineren. Het hele oppervlak onder het grillelement wordt heet. #Circulatiegrillen Voor het braden van gevogelte, hele vis en grotere vleesstukken. Het grillelement en de ventilator schakelen afwisselend in en uit. De ventilator wervelt de hete lucht rond de gerechten. %Boven- en onderwarmte Voor traditioneel bakken en braden op één niveau.

Bijzonder geschikt voor gebak met vochtige bedekking. De warmte komt gelijkmatig van onderen en van boven. Deze verwarmingsmethode wordt gebruikt voor het bepalen van het energieverbruik in de conventionele modus. Functie GebruikJSnel voorverwarmen Binnenruimte zonder accessoires snel opwarmen.

nl Het apparaat leren kennen10TemperatuurMet de temperatuurknop stelt u de temperatuur in de binnenruimte in. Daarnaast worden hiermee de standen voor andere functies gekozen.Bij zeer hoge temperaturen wordt de temperatuur van het apparaat na langere tijd wat lager.--------TemperatuurindicatieBij het opwarmen van de oven verschijnt het symbool p op het display. In de verwarmingspauzes verdwijnt het.Wanneer u voorverwarmt, is het optimale tijdstip voor het inschuiven van de gerechten bereikt zodra het symbool voor het eerst verdwijnt.Aanwijzing: Door thermische traagheid kan de weergegeven temperatuur een beetje afwijken van de werkelijke temperatuur in de binnenruimte.BinnenruimteVerschillende functies voor de binnenruimte vergemakkelijken het gebruik van uw apparaat. Zo wordt bijv.

de binnenruimte volledig verlicht en een koelventilator beschermt het apparaat tegen oververhitting.Apparaatdeur openenOpent u de apparaatdeur wanneer er een programma loopt, dan wordt de werking voortgezet.Verlichting van de binnenruimteBij de meeste verwarmingsmethoden en functies is de verlichting van de binnenruimte aan als het programma loopt. Wordt de werking met de functieschakelaar beëindigd, dan gaat de verlichting uit.Met de stand Verlichting van de binnenruimte, kunt u de lamp met de functiekeuzeknop, inschakelen zonder dat de oven opwarmt. Dit helpt u bijv. bij de reiniging van het apparaat.KoelventilatorDe koelventilator wordt zo nodig in- en uitgeschakeld. De warme lucht ontsnapt via de deur.Attentie!De ventilatiesleuven niet afdekken.

Dan raakt het apparaat oververhit.De koelventilator loopt een bepaalde tijd na, zodat de binnenruimte na gebruik sneller afkoelt.Stand BetekenisÚStand nul De oven warmt niet op.50-275 Temperatuurbereik De temperatuur die in de binnen-ruimte kan worden ingesteld op °C.1, 2, 3 Grillstanden De grillstanden voor Grill, groot $ % en Grill, klein (afhankelijk van het type apparaat).1 = stand 1, zwak2 = stand 2, gemiddeld3 = stand 3, sterk

Toebehoren nl11_ToebehorenToebehor enBij uw apparaat horen verschillende toebehoren. Hier is krijgt u een overzicht over de meegeleverde toebehoren en de manier waarop ze worden gebruikt. AccessoiresDe meegeleverde accessoires kunnen variëren, afhankelijk van het type apparaat. --------Gebruik alleen originele toebehoren. Deze zijn speciaal op uw apparaat afgestemd. Toebehoren kunt u nabestellen bij de servicedienst, in de vakhandel of via het internet. Aanwijzing: Wanneer de toebehoren heet worden, kunnen ze vervormen. Dit heeft geen invloed op de werking. De vervorming verdwijnt weer nadat ze zijn afgekoeld. Accessoires inschuivenDe binnenruimte heeft 5 inschuifhoogtes. De inschuifhoogtes worden van beneden naar boven geteld. In de binnenruimte is de bovenste inschuifhoogte bij veel apparaten voorzien van een grillsymbool.

De accessoires altijd inschuiven tussen de beide geleidestangen van een inschuifhoogte. De accessoires kunnen tot ongeveer halverwege naar buiten worden getrokken zonder dat ze kantelen. Aanwijzingen■Let erop dat u de accessoires altijd op de juiste manier in de binnenruimte plaatst. ■Schuif de accessoires altijd volledig in de binnenruimte, zodat ze de apparaatdeur niet raken. ■Neem de accessoires die u niet nodig hebt uit de binnenruimte. VergrendelingsfunctieDe toebehoren kunnen tot ongeveer halverwege naar buiten worden getrokken, tot ze inklikken. De vergrendelingsfunctie voorkomt dat de toebehoren kantelen wanneer ze worden verwijderd. De toebehoren dienen op de juiste wijze in de binnenruimte te worden geschoven, zodat de kantelbeveiliging goed werkt. Let er bij het inschuiven van het rooster op dat de ontgrendelnok ‚ zich aan de achterkant bevindt en naar beneden wijst.

De schuine kant van de toebehoren ƒmoet van voren naar de apparaatdeur wijzen. Voorbeeld in de afbeelding: braadsledeToebehoren combinerenU kunt het rooster gelijktijdig met de braadslede inschuiven, om afdruipende vloeistof op te vangen. Let er bij het plaatsen vanhet rooster op dat beide afstandhouders op de achterste rand staan. Bij het ‚inschuiven van de braadslede bevindt het rooster zich boven de bovenste geleidestang van de inschuifhoogte. Rooster Voor servies, gebak- en ovenschalen. Voor braad- en grillstukken en diepvries-gerechten. Braadslede Voor vochtig gebak, taarten, diepvries-gerechten en grote braadstukken. Hij kan ook worden gebruikt om het vet op te vangen, als u direct op het rooster grilt. Bakplaat Voor plaatgebak en klein gebak. DDDDE.

nl Voor het eerste gebruik12Voorbeeld in de afbeelding: braadsledeExtra toebehorenExtra toebehoren kunt u kopen bij de servicedienst, in speciaalzaken of via het internet. U vindt een uitgebreid aanbod voor uw apparaat in onze folders of op internet. De beschikbaarheid en de mogelijkheid om online te bestellen is per land verschillend. U kunt dit nakijken in uw verkoopdocumenten. Aanwijzing: Niet alle extra toebehoren passen bij elk apparaat. Geef bij de aankoop altijd de precieze aanduiding (E-nr. ) van uw apparaat op. ~ "Servicedienst" op pagina 21--------KVoor het eerste gebruikVo o r het e er s t e g eb r u i kVoordat u uw nieuwe apparaat kunt gebruiken moet u enkele instellingen uitvoeren: Reinig daarnaast de binnenruimte en de toebehoren. Eerste gebruikNa het apparaat op de stroom is aangesloten verschijnt de tijd op het display. Stel de actuele tijd in.

Tijd instellenDe functiekeuzeknop moet op nul staan. De klok is standaard ingesteld op 12:00. 1. Met de velden de tijd instellen. A @of 2. Om te bevestigen op het veld e tippen. De ingestelde tijd wordt weergegeven op het display. Binnenruimte en accessoires reinigenVoordat u voor het eerst gerechten klaarmaakt met het apparaat dient u de binnenruimte en de accessoires te reinigen. Binnenruimte reinigenOm het "nieuwe" luchtje van de oven te verwijderen, warmt u de lege, gesloten binnenruimte op. Let erop dat zich geen verpakkingsresten, zoals piepschuimkorreltjes, in de binnenruimte bevinden. Neem voor het opwarmen de gladde oppervlakken in de binnenruimte af met een zachte, vochtige doek. Tijdens het opwarmen van de oven dient de keuken geventileerd te worden. Voer de opgegeven instellingen uit. In het volgende hoofdstuk kunt u lezen hoe u een verwarmingsmethode en temperatuur instelt.

Accessoires reinigenReinig de accessoires grondig met zeepsop en een schoonmaakdoekje of een zachte borstel. Speciale accessoiresRoosterVoor servies, gebak- en ovenschalen en voor braad- en grillstukken. BakplaatVoor plaatgebak en klein gebak. BraadsledeVoor vochtig gebak, taarten, diepvriesgerechten en grote braadstuk-ken. Hij kan ook worden gebruikt om het vet op te vangen, wanneer u direct op het rooster grilt. Twee braadsledes, klein formaatVoor vochtig gebak, taarten en diepvriesgerechten. De braadsledes niet met de clip-uitschuifrails gebruiken en niet op het rooster plaatsen. PizzaplaatVoor pizza's en groot, rond gebak. BaksteenVoor zelfgemaakt brood, broodjes en pizza's die een knapperige bodem moeten hebben. De baksteen moet tot de aanbevolen temperatuur worden voorver-warmd. Glazen schaalVoor grote braadstukken, vochtig gebak en ovenschotels.

Clip-uitschuifrailDe uitschuifrails kunnen op elke hoogte worden gebruikt. Er kunnen zoveel uitschuifrails worden aangebracht als er vrije niveaus zijn. Uittreksysteem 2-voudig Met de uitschuifrails op hoogte 2 en 3 kunt u de accessoires verder naar buiten trekken zonder dat ze kantelen. Uittreksysteem 3-voudig Met de uitschuifrails op hoogte 1, 2 en 3 kunt u de accessoires verder naar buiten trekken zonder dat ze kantelen. DDDInstellingenVerwarmingsme-thode3D-hetelucht ›Temperatuur maximaalTijdsduur 1 uur.

Apparaat bedienen nl131Apparaat bedienenAp p ar a a t be di enenU heeft de bedieningselementen en hun werking al leren kennen. Nu leggen we uit hoe u het apparaat instelt. Apparaat in- en uitschakelenDe functiekeuzeknop schakelt het apparaat in en uit. Zodra u hem in een positie buiten de nulstand draait, is het apparaat ingeschakeld. Om het apparaat uit te schakelen de functiekeuzeknop altijd in de nulstand draaien.Verwarmingsmethode en temperatuur instellenMet de functiekeuze- en temperatuurknop stelt u het apparaat heel eenvoudig in. In der tabel met de verwarmingsmethoden vindt u voor elk gerecht de methode die het meest geschikt is. Voorbeeld in de afbeelding: boven- en onderwarmte %bij 190°C.1. Met de functiekeuzeknop de verwarmingsmethode instellen.2.

Met de temperatuurknop de temperatuur of grillstand instellen.Na enkele seconden begint de oven op te warmen.Om de oven uit te schakelen de functiekeuzeknop op nul zetten.Aanwijzing: Op het apparaat kan ook de bereidingstijd en de eindtijd worden ingesteld.~ "Tijdfuncties" op pagina 14WijzigenU kunt de verwarmingsmethode en de temperatuur op elk moment met de daarvoor bestemde knop veranderen.Snel voorverwarmenMet de functie Snel voorverwarmen kunt u de opwarmtijd verkorten.Gebruik Snel voorverwarmen alleen bij ingestelde temperaturen van boven de 100 °C.Om een gelijkmatig resultaat te krijgen, plaatst u het gerecht pas in de binnenruimte wanneer het snel voorverwarmen beëindigd is.1. De functiekeuzeknop op zetten.J2. Met de temperatuurknop de temperatuur instellen.Na enkele seconden begint de oven op te warmen.Wanneer het snel voorverwarmen is beëindigd, klinkt er een signaal.

nl Tijdfuncties14OTijdfunctiesTi j d f unc t i esUw apparaat beschikt over verschillende tijdfuncties. Om bij de bereidingstijd te komen een verwarmingsmethode kiezen en het sensorgebied eaanraken. Zodra de bereidingstijd is ingesteld kunt u een eindtijd instellen. Aan het einde van de bereidingstijd of de kookwekkertijd klinkt een signaal. U kunt het signaal voortijdig beëindigen door het sensorgebied aan te eraken. Bereidingstijd instellenU kunt op de oven de bereidingstijd voor uw gerecht instellen. Zo wordt de bereidingsduur niet per ongeluk overschreden en hoeft u andere werkzaamheden niet te onderbreken om de werking te beëindigen. U kunt maximaal 23 uur en 59 minuten instellen. De bereidingstijd kan tot een uur in stappen van een minuut worden ingesteld en daarna in stappen van 5 minuten.

Afhankelijk van het sensorgebied dat u het eerst aanraakt, begint de bereidingstijd bij een andere voorgestelde waarde: 10 minuten met het sensorgebied A en 30 minuten met het sensorgebied. @Voorbeeld in de afbeelding: bereidingstijd 45 minuten. 1. Verwarmingsmethode en temperatuur of grillstand instellen. 2. Het sensorgebied aanraken. eOp het display verschijnen A A : A A en het symbool. x3. De bereidingstijd instellen met A @ of. Na enkele seconden begint de oven op te warmen. Op het display kunt u het verloop van de bereidingstijd aflezen. De tijd is afgelopenEr klinkt een signaal. De oven warmt niet meer op. Op het display verschijnt ‹‹‹‹. Zodra het signaal beëindigd is, kunt u het sensorgebied aanraken en opnieuw een tijdsduur @instellen. Schakel de oven uit zodra het gerecht klaar is. Hiervoor de functiekeuzeknop op de nulstand draaien.

Wijzigen en afbrekenMet het sensorgebied A of kunt u de tijdsduur op elk @moment wijzigen. Na enkele seconden wordt de wijziging overgenomen. Om af te breken stelt u met het sensorgebied A de bereidingstijd in op :. De oven warmt zonder ‹‹ ‹‹tijdsduur verder op.

Einde instellenU kunt het tijdstip waarop de bereidingstijd afloopt op een later tijdstip zetten. U kunt het gerecht bijv. 's morgens in de oven zetten en zo instellen dat het 's middags klaar is. Aanwijzingen■Let erop dat levensmiddelen niet te lang in de oven staan en bederven. ■Stel het einde in als de oven nog onverwarmd is. ■Stel geen einde meer in wanneer hij al gestart is. Hierdoor kan het bereidingsresultaat worden beïnvloed. Het einde van de bereidingstijd kan maximaal 23 uur en 59 minuten worden uitgesteld. Voorbeeld in de afbeelding: het is 10:30 uur, de ingestelde tijdsduur is 45 minuten en het gerecht moet om 12:30 uur klaar zijn. 1. Verwarmingsmethode en temperatuur of grillstand instellen. 2. Het sensorgebied aanraken en de bereidingstijd einstellen met A @ of.

Tijdfunctie GebruikxBereidingstijd Wanneer de ingestelde bereidingstijd afgelo-pen is, wordt de oven automatisch uitgescha-keld. yEindtijd De bereidingstijd en de gewenste eindtijd kie-zen. De oven start automatisch, zodat het pro-gramma op het gewenste tijdstip beëindigd is. QKookwekker De kookwekker functioneert als een eierwek-ker. Hij loopt onafhankelijk van het gebruik en de oven wordt er niet door beïnvloed. Tijd Als er geen andere functie is gekozen, ver-schijnt de tijd op het display van de oven.

Tijdfuncties nl153. Het sensorgebied aanraken. eOp het display verschijnen A A : A A en het symbool. y4. De eindtijd instellen met het sensorgebied A of @. Na enkele seconden neemt de oven de instellingen over. Op het display verschijnt de eindtijd. Zodra de oven start, loopt de bereidingstijd af. De tijd is afgelopenEr klinkt een signaal. De oven warmt niet meer op. Op het display verschijnt ‹‹‹‹. Zodra het signaal beëindigd is, kunt u het sensorgebied aanraken en opnieuw een tijdsduur @instellen. Schakel de oven uit zodra het gerecht klaar is. Hiervoor de functiekeuzeknop op de nulstand draaien. Wijzigen en afbrekenMet de toets of kunt u de eindtijd wijzigen. Na A @enkele seconden wordt de verandering overgenomen. De eindtijd kan niet meer worden gewijzigd wanneer de tijdsduur afloopt. Het bereidingsresultaat zou dan niet meer kloppen.

Om het programma af te breken zet u met de toets Ade eindtijd helemaal terug naar de actuele tijd plus tijdsduur. Het apparaat begint op te warmen en de tijdsduur loopt af. Kookwerker instellenU kunt de kookwekker gebruiken wanneer de oven in- of uitgeschakeld is. Er mag echter geen bereidingsduur of eindtijd zijn ingesteld. U kunt maximaal 23 uur en 59 minuten instellen. Tot 10 minuten kan de wekkertijd worden ingesteld in stappen van 30 seconden. Hierna worden de tijdstappen groter, naarmate de waarde hoger is. Afhankelijk van het sensorgebied dat u het eerst aanraakt, begint de wekkertijd bij een andere voorgestelde waarde: 5 minuten met het sensorgebied en 10 minuten met Ahet sensorgebied. @1. Het sensorgebied aanraken. MOp het display is het symbool verlicht. Q2. Met of A @ de kookwekkertijd instellen. Na enkele seconden begint de wekkertijd af te lopen.

Tip: Geldt de ingestelde kookwekkertijd voor het gebruik van de oven, gebruik dan de bereidingsduur. Zo schakelt de oven automatisch uit. De kookwekker is afgelopenEr klinkt een signaal. Op het display verschijnt ‹‹‹‹.

Met een willekeurig sensorgebied de kookwekker uitschakelen. Wijzigen en afbrekenMet of A @ kunt u de wekkertijd op elk moment veranderen. Na enkele seconden wordt de wijziging overgenomen. Om af te breken stelt u met het sensorgebied A de kookwekker in op :. De kookwekker is ‹‹ ‹‹uitgeschakeld. Tijd instellenNa de aansluiting of na een stroomonderbreking knippert de tijd op het display. Stel de tijd in. De functiekeuzeknop dient in de nulstand te staan. 1. Met het sensorgebied of A @ de tijd instellen. 2. Om te bevestigen op het veld e tippen. Tijd wijzigenU kunt de tijd zo nodig weer veranderen, bijv. van zomer- in wintertijd. Raak hiervoor, terwijl het apparaat uitgeschakeld is, het sensorgebied aan tot de tijd knippert en wijzig hem emet of. A @.

nl Kinderslot16AKinderslotKi n de r s l o tOm te voorkomen dat kinderen het apparaat per ongeluk inschakelen of instellingen wijzigen, is het voorzien van een kinderslot. Aanwijzingen■Een eventueel aangesloten kookplaat wordt niet beïnvloed doordat de oven is voorzien van een kinderslot. ■Na een stroomonderbreking is het kinderslot niet meer actief. Activeren en deactiverenOm het kinderslot te activeren moet de functiekeuzeknop op nul staan. Veld e ca. 4 seconden lang aanraken. Op het display wordt †‘”“ weergegeven. Het kinderslot is geactiveerd. Aanwijzing: Wanneer er een wekkertijd Q is ingesteld, loopt deze verder. Zolang het kinderslot geactiveerd is, kan de wekkertijd niet worden veranderd. Om te deactiveren het veld e opnieuw 4 seconden lang aanraken tot †‘”“ verdwijnen van het display.

DReinigenRei n i ge nWanneer uw apparaat goed wordt onderhouden en schoongemaakt blijft het er lang mooi uitzien en goed functioneren. Hier leggen we uit hoe u het apparaat goed onderhoudt en schoonmaakt. Geschikte schoonmaakmiddelenLet op de opgaven in de tabellen om te voorkomen dat de verschillende oppervlakken door verkeerde schoonmaakmiddelen worden beschadigd. Afhankelijk van het apparaattype zijn bij uw apparaat niet alle voorzieningen beschikbaar. Attentie. OppervlakteschadeGebruik geen■scherpe of schurende schoonmaakmiddelen,■sterk alcoholhoudende schoonmaakmiddelen,■harde schuur- of schoonmaaksponsjes,■hogedrukreiniger of stoomreiniger of■speciale schoonmaakmiddelen voor de warmtereiniging. Was nieuwe vaatdoekjes voor gebruik grondig uit. Tip: Bijzonder aanbevelenswaardige schoonmaak- en verzorgingsmiddelen kunt u kopen bij de servicedienst.

Houd u aan de betreffende aanwijzingen van de fabrikant. :Waarschuwing – Risico van verbranding. Het toestel wordt zeer heet. Nooit de hete vlakken in de binnenruimte of verwarmingselementen aanraken. Het apparaat altijd laten afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.

Bereik SchoonmakenBuitenzijde apparaatVoorzijde van roestvrij staalWarm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Kalk, vet, zetmeel en eiwitvlekken onmiddellijk verwijderen. Onder zulke vlekken kan corrosie ontstaan. Bij de servicedienst of in de vakhandel zijn speci-ale schoonmaakmiddelen voor roestvrij staal ver-krijgbaar die geschikt zijn voor warme oppervlakken. Het schoonmaakmiddel heel dun opbrengen met een zachte doek. Knststof Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Geen glasreiniger of schraper gebruiken. Gelakte opper-vlakkenWarm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Bedieningspaneel Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Geen glasreiniger of schraper gebruiken.

Reinigen nl17--------Aanwijzingen■Geringe kleurverschillen op de voorzijde van het apparaat ontstaan door gebruik van verschillende materialen, zoals glas, kunststof en metaal. ■Donkere plekken bij de ruiten van de deur, lijkend op vegen, zijn lichtreflexen van de verlichting van de binnenuimte. ■Het email wordt ingebrand op zeer hoge temperaturen. Hierdoor kunnen er kleine kleurverschillen ontstaan. Dit is normaal en heeft geen nadelige invloed op de werking. De smalle randen van de bakplaten kunnen niet volledig worden geëmailleerd. Ze kunnen daarom ruw zijn. De bescherming tegen corrosie blijft hierbij intact. Apparaat schoon houdenOm te voorkomen dat er hardnekkig vuil ontstaat, dient u het apparaat altijd schoon te houden en vuil direct te verwijderen. :Waarschuwing – Risico van brand. Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen.

Voor gebruik dient u de binnenruimte, de verwarmingselementen en de accessoires vrij te maken van grove verontreiniging. Tips■De binnenruimte na gebruik altijd schoonmaken. Zo kan er geen vuil inbranden. ■Verwijder kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken altijd onmiddellijk. ■Voor het bereiden van zeer vochtig gebak de braadslede gebruiken. ■Gebruik geschikt gerei om te braden, bijv. een braadpan. Ruiten van de deurWarm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Geen schraper of schuursponsjes van roestvrij staal gebruiken. Deurgreep Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Als er ontkalkingsmiddel op de deurgreep komt, direct afnemen. Anders ontstaan er mogelijk vlek-ken die niet meer verwijderd kunnen worden.

Binnenzijde apparaatEmaillen vlakken Warm zeepsop of water met azijn: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Ingebrande voedselresten met een vochtige doek en zeepsop losweken. Bij sterke vervuiling een schuursponsje van roestvrij staal of ovenreiniger gebruiken. Attentie.

Nooit ovenreiniger in de warme binnenruimte ge-bruiken. Er kan schade aan het email ontstaan. Vóór het volgende opwarmen resten uit de binnen-ruimte en van de toesteldeur volledig verwijderen. De binnenruimte na het schoonmaken open laten om te drogen. Aanwijzing: Door levensmiddelresten kan witteaanslag ontstaan. Deze zijn ongevaarlijk en heb-ben geen invloed op de werking. Zo nodig verwijderen met citroenzuur. Glazen kapje van de binnenruimte-verlichtingWarm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Bij sterke vervuiling ovenspray gebruiken. DeurdichtingNiet afnemen. Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen. Niet schuren. Deurafscherming van roestvrijstaal: Reinigingsmiddelen voor roestvrij staal gebruiken. Neem de aanwijzingen van de fabrikant in acht. Geen schoonmaakmiddelen voor roestvrij staal gebruiken.

van kunststof: Met warm zeepsop en een schoonmaakdoekje reinigen. Met een zachte doek nadrogen. Geen glasreiniger of schraper gebruiken. Deurafscherming afnemen om hem schoon te maken. Rekjes Warm zeepsop: Laten weken en reinigen met een schoonmaak-doekje of borstel. Uittreksysteem Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje of borstel schoonma-ken. Verwijder het smeervet niet van de uitschuifrails. U kunt ze het beste reinigen wanneer ze inge-schoven zijn. Niet afwassen in de vaatwasma-chine. Toebehoren Warm zeepsop: Laten weken en reinigen met een schoonmaak-doekje of borstel. Bij sterke vervuiling een schuursponsje van roest-vrij staal gebruiken.

nl Rekjes18pRekjesRek j e sWanneer uw apparaat goed wordt onderhouden en schoongemaakt blijft het er lang mooi uitzien en goed functioneren. Hier leggen wij u uit hoe u de rekjes kunt verwijderen en schoonmaken.Rekjes verwijderen en bevestigen:Waarschuwing – Risico van verbranding! De rekjes worden heel heet. Nooit de hete rekjes aanraken. Het apparaat altijd laten afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.Rekjes verwijderen1. Het rekje aan de voorkant een beetje optillen ‚ en verwijderen (Afb. ).ƒ!2. Vervolgens het hele rekje naar voren trekken en uitnemen (Afb. )."Maak de rekjes schoon met zeepsop en een schoonmaaksponsje. Gebruik bij hardnekkig vuil een borstel.Rekjes ophangenDe rekjes passen alleen links of rechts. Let er bij beide rekjes op dat de gebogen stangen zich aan de voorkant bevinden.1.

Het rekje eerst in het midden van de achterste bus steken , tot het aansluit op de wand van de ‚binnenruimte, en naar achteren drukken (Afb. ).ƒ!2. Het rekje vervolgens in de voorste bus steken , tot „het ook hier aansluit op de wand van de binnenruimte, en naar beneden drukken (Afb. ).…"21DE2FG1DE

Apparaatdeur nl19qApparaatdeurAppar aat d eurWanneer uw apparaat goed wordt onderhouden en schoongemaakt blijft het er lang mooi uitzien en goed functioneren. Hier leggen wij u uit hoe u de apparaatdeur kunt verwijderen en schoonmaken.Deurruiten verwijderen en inbrengenOm ze gemakkelijker schoon te maken kunt u de ruiten van de apparaatdeur afnemen.Apparaatdeur vastzetten1. Apparaatdeur helemaal openen.2. Beide blokkeerhendels links en rechts openklappen (Afb. ).!3. Apparaatdeur sluiten tot de aanslag (Afb. ").Ruiten verwijderen1. Links en rechts op de afscherming drukken (Afb. !).2. Afscherming afnemen (Afb. )."3. De ruit eruit trekken (Afb. ) en voorzichtig op een #egaal oppervlak leggen.4. Zo nodig kunt u de condensstrip voor het reinigen verwijderen. Hiervoor de apparaatdeur volledig openen (Afb. ).$5. De condensstrip naar boven klappen en uitnemen (Afb.

).%Reinig de ruiten met glasreiniger en een zachte doek. Neem de condensstrip af met een doek en warm zeepsop.:WaarschuwingRisico van letsel! ■Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit springen. Geen schraper, scherpe of schurende schoonmaakmiddelen gebruiken.Risico van letsel! ■Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten. Kom niet met uw handen bij de scharnieren.Ruiten inbrengen1. De apparaatdeur volledig openen en de condensstrip weer aanbrengen. Hiervoor de strip verticaal inbrengen en naar beneden draaien (Afb. ).!2. Apparaatdeur sluiten tot de aanslag .3. Ruit inschuiven en erop letten dat hij van onderen goed in de houder zit (Afb. )."212112

nl Wat te doen bij storingen. 204. Ruit van boven aandrukken (Afb. ). #5. De afscherming plaatsen en aandrukken tot hij hoorbaar vergrendelt (Afb. ). $6. Apparaatdeur weer volledig openen. 7. Beide blokkeerhendels links en rechts dichtklappen (Afb. ). %8. Apparaatdeur sluiten. Attentie. Gebruik de binnenruimte pas weer wanneer de ruiten naar behoren zijn ingezet. 3Wat te doen bij storingen. Wat t e doen bi j s t or i n gen. Storingen worden vaak veroorzaakt door een kleinigheid. Probeer voordat u contact opneemt met de servicedienst de storing zelf op te lossen met behulp van de tabel. Storingen zelf verhelpenTechnische storingen aan het apparaat kunt u vaak heel gemakkelijk zelf verhelpen. Lukt een gerecht niet optimaal, dan vindt u aan het einde van de gebruiksaanwijzing vele tips en aanwijzingen voor de bereiding. ~ "Voor u in onze kookstudio uitgetest.

" op pagina 22--------:Waarschuwing – Gevaar voor letsel. Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. Nooit proberen het apparaat zelf te repareren. Reparaties mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici die zijn geïnstrueerd door de klantenservice. Bij defect van het apparat met de servicedienst contact opnemen;:Waarschuwing – Kans op een elektrische schok. Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. Reparaties en de vervanging van beschadigde aansluitleidingen mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici die zijn geïnstrueerd door de klantenservice. Is het apparaat defect, haal dan de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit. Contact opnemen met de klantenservice. Foutmeldingen op het displayWanneer op het display een foutmelding met „“” verschijnt, bijv. aanraken. De “‹†‹ƒ, het veld efoutmelding wordt dan teruggezet. Stel eventueel de tijd opnieuw in.

Verschijnt de foutmelding opnieuw, neem dan contact op met de servicedienst en geef hierbij de exacte foutmelding en het E-nr. van uw apparaat op. ~ "Servicedienst" op pagina 21gStoring Mogelijke oorzaakOplossing / aanwijzingApparaat werkt niet. Zekering defect. Controleer de zekering in de meterkast. Stroomonder-brekingControleer of het keukenlicht of andere keukenapparaten functio-neren. Op het display knippert de tijd. Stroomonder-breking. Stel de tijd opnieuw in. Apparaat kan niet worden inge-steld. Op het dis-play is een sleutelsymbool verlicht of †‘”“. Kinderslot is geactiveerd. Deactiveer het kinderslot door ca. 4 seconden lang de toets met het sleutelsymbool in te drukken.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Constructa CF3M60050 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden