Casio XJ-V2 Handleiding

Casio Beamer XJ-V2

Bekijk gratis de handleiding van Casio XJ-V2 (43 pagina’s), behorend tot de categorie Beamer. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 83 mensen en kreeg gemiddeld 4.9 sterren uit 9 reviews. Heb je een vraag over Casio XJ-V2 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/43
1
DATA PROJECTOR
XJ-V1/XJ-V2
Gebruiksaanwijzing
zLees de “Veiligheidsvoorzorgen” en “Voorzorgen in het gebruik” in het document “Instelgids” en
zorg ervoor dat u dit product correct gebruikt.
zBewaar deze handleiding op een veilige plek zodat u er later nog eens iets in op kunt zoeken.
zBezoek de website hieronder voor de nieuwste versie van deze handleiding en de “Instelgids”.
http://world.casio.com/manual/projector/
NL

Beoordeel deze handleiding

4.9/5 (9 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Casio
Categorie: Beamer
Model: XJ-V2
Kleur van het product: Wit
Ingebouwd display: Nee
Gewicht: 2900 g
Breedte: 270 mm
Diepte: 270 mm
Hoogte: 89 mm
Geluidsniveau: 37 dB
AC invoer frequentie: - Hz
Typisch stroomverbruik: - W
Stroombron: AC
Kleur: Ja
Plaatsing: Plafond
Temperatuur, in bedrijf: 5 - 35 °C
Afstandsbediening: Nee
Oorspronkelijke beeldverhouding: 4:3
Ethernet LAN: Nee
Typische contrastverhouding: 20000:1
Projector helderheid: 3000 ANSI lumens
Projectietechnologie: DLP
Projector native resolution: XGA (1024x768)
Geschikt voor schermmaten: 30 - 300 "
Projectie-afstand objectief: - m
Aantal kleuren: 1.073 biljoen kleuren
VGA (D-Sub)poort(en): 1
Aantal HDMI-poorten: 1
Soort serieële aansluiting: RS-232C
DVI-poort: Nee
Focus: Handmatig
Brandpuntbereik: - mm
Levensduur van de lichtbron: 20000 uur
Stroomverbruik (in standby): - W
Ondersteunde beeldverhoudingen: 4:3
Off-set: 72 procent
RS-232C: Ja
Volledige HD: Nee
Ondersteuning voor plafondmontage: Ja
Optische zoom: 1.1 x
RS-232 port: 1
3D: Nee
Ondersteunde grafische resoluties: 1024 x 768 (XGA),1600 x 1200 (UXGA)
Preset modes: Presentatie
Afstandsbediening inbegrepen: Nee
AC-ingangsfrequentie: - Hz
Bedrijfstemperatuur (T-T): 5 - 35 °C
Type product: Projector met normale projectieafstand

Handleiding Casio XJ-V2 – volledige tekst

1DATA PROJECTORXJ-V1/XJ-V2GebruiksaanwijzingzLees de “Veiligheidsvoorzorgen” en “Voorzorgen in het gebruik” in het document “Instelgids” en zorg ervoor dat u dit product correct gebruikt.zBewaar deze handleiding op een veilige plek zodat u er later nog eens iets in op kunt zoeken.zBezoek de website hieronder voor de nieuwste versie van deze handleiding en de “Instelgids”.http://world.casio.com/manual/projector/NL

2zDLP is een gedeponeerd handelsmerk van Texas Instruments uit de Verenigde Staten.zHDMI, het HDMI Logo en High-Definition Multimedia Interface zijn handelsmerken of gedeponeerde handelsmerken van HDMI Licensing, LLC.zXGA is een gedeponeerd handelsmerk van IBM Corporation uit de Verenigde Staten.zAndere namen van bedrijven en producten zijn mogelijk gedeponeerde namen of handelsmerken van hun respectievelijke eigenaren.zDe inhoud van deze Gebruiksaanwijzing kan zonder kennisgeving gewijzigd worden.zKopiëren van deze handleiding, geheel of gedeeltelijk, is verboden. U mag deze handleiding gebruiken voor uw eigen persoonlijk gebruik. Enig ander gebruik zonder toestemming van CASIO COMPUTER CO., LTD. is verboden.zCASIO COMPUTER CO., LTD.

aanvaardt geen aansprakelijkheid voor enige gederfde winst, of claims van derden voortkomend uit het gebruik van dit product of deze handleiding.zCASIO COMPUTER CO., LTD. aanvaardt geen aansprakelijkheid voor enig verlies of gederfde winst als gevolg van gegevensverlies veroorzaakt door een storing of onderhoud aan dit product, noch om enige andere reden.zDe voorbeeldschermen in deze handleiding zijn uitsluitend bedoeld ter illustratie en het is daarom mogelijk dat ze niet exact overeenkomen met de beelden zoals die daadwerkelijk door het product weergegeven worden.

3InhoudsopgaveHandige kenmerken en functies. 5Van start. 6Opstellen van de projector. 6Voorzorgen bij het opstellen. 6Aansluiten van de bedrading van de projector. 7Afstandsbediening. 8Inzetten van batterijen in de afstandsbediening. 9Vervangen van de batterijen van de afstandsbediening. 9Bedienen van de projector. 10Selecteren van de signaalbron (INPUT). 10Selecteren van de signaalbron. 10Resolutie. 10Handelingen met weergegeven beeld. 11Gebruiken van de handmatige perspectivische correctie (KEYSTONE). 11Beelden zoomen (D-ZOOM). 11Het beeld tijdelijk blanco maken en uitschakelen van de geluidsweergave (BLANK). 11Het beeld stilzetten (FREEZE). 11Automatisch instellen van het beeld (AUTO). 12Veranderen van de beeldverhouding van het geprojecteerde beeld (ASPECT). 12Aanpassen van de helderheid van het beeld (FUNC). 13Veranderen van de kleurenmodus (FUNC).

13Regelen van het volumeniveau (VOLUME). 14Regelen van het volumeniveau. 14Uitschakelen van de geluidsweergave. 14Eco modus (ECO). 15Selecteren van de Eco modus. 15Gebruiken van de Presentatietimer (TIMER). 16Weergeven van de timer. 16Openen van het menu voor de timerfunctie. 16Configureren van timerinstellingen. 17Starten van de afteltimer. 17Pauzeren van de timer. 18Hervatten van een gepauzeerde timer. 18.

4De timer terugzetten op de starttijd. 18Gebruiken van het instelmenu (MENU). 19Basisbediening instelmenu. 19Instellingen op het instelmenu. 19Wachtwoordbeveiliging. 23Gebruiken van de wachtwoordfunctie. 23Wijzigen van het wachtwoord. 24Veranderen van de instelling voor het Spanning aan Wachtwoord. 25Schoonmaken van de projector. 26Schoonmaken van de buitenkant van de projector. 26De lens reinigen. 26Ventilatie-openingen schoonmaken. 26Oplossen van problemen. 27Indicators. 27Foutindicators en waarschuwingen. 28Oplossen van problemen met de projector. 30Bijlage. 32Aansluiten op een component video-uitgang. 32Bijwerken van de firmware. 33De SERVICE-aansluiting van de projector verbinden met de USB-aansluiting van een computer. 33De projector aan het plafond hangen. 33Projectie-afstand en schermgrootte. 34Beeldverhouding en geprojecteerd beeld. 35Ondersteunde signalen.

5Handige kenmerken en functieszKwikvrije hybride lichtbronEen door CASIO zelf ontwikkelde laser en LED hybride lichtbron met een hoge lichtopbrengst van maximaal 2. 700 lumen (XJ-V1)/3. 000 lumen (XJ-V2). Deze projector maakt geen gebruik van een kwikhoudende lamp, zodat het toestel milieuvriendelijker is. zProjecteren zonder wachtenDe hybride lichtbron van CASIO hybrid bereikt onmiddellijk na het inschakelen zijn maximale helderheid, vergeleken met een normale wachttijd van ongeveer één minuut bij gebruik van een kwiklamp. De lichtbron bereikt ook direct zijn maximale helderheid nadat u hem inschakelt als u hem kort daarvoor juist hebt uitgeschakeld. Een kwiklamp heeft in een dergelijk geval veel langer nodig om af te koelen. zEco modusU kunt kiezen uit vijf niveaus met verschillende combinaties van instellingen die energiebesparing afwegen tegen lichtopbrengst.

zOndersteuning voor drie signaalbronnenZowel analoog RGB, component video (Y·Cb·Cr, Y·Pb·Pr), als HDMI-signaalbronnen worden ondersteund. zVerticale perspectivische correctie (keystone)Handmatige instelling voor het corrigeren van verticale perspectivische correctie (vervorming van het geprojecteerde beeld bij projectie van beneden of boven af op het scherm) zodat het geprojecteerde beeld weer rechthoekig wordt weergegeven. zAUDIO OUT-aansluiting voor het weergeven van audiosignalenAudiosignalen die binnenkomen via de HDMI-aansluiting of de AUDIO IN-aansluiting van de projector worden geproduceerd via de AUDIO OUT-aansluiting. Luidsprekers met eigen versterker of andere apparatuur kan worden aangesloten op de AUDIO OUT-aansluiting wanneer u audio via de projector wilt laten weergeven door een ander apparaat.

zOndersteuning voor plafondbevestiging en projectie van achter het schermDe projector kan zo worden geconfigureerd dat het beeld normaal wordt geprojecteerd, ook wanneer het toestel ondersteboven (aan het plafond) of op de achterkant van een doorzichtscherm projecteert.

zDirecte stroominschakelingDe projector kan zo worden ingesteld dat deze automatisch wordt ingeschakeld en begint te projecteren zodra de stekker in het stopcontact wordt gedaan. zFirmware updateFirmware (de software in het flash ROM-geheugen van de projector) updates kunnen indien nodig naar de projector worden overgebracht vanaf een computer.

6Van startDit gedeelte geeft uitleg over hoe u een locatie voor de projector moet kiezen, hoe u de kabels moet aansluiten en hoe u de andere vereiste handelingen moet uitvoeren voor u de projector kunt gebruiken.Plaats de projector op een bureau, tafel of ander platform dat stevig en horizontaal is. Zorg voor voldoende ruimte rond de zijkanten en de achterkant van de projector voor een goede ventilatie. De volgende illustraties laten zien hoe de projector opgesteld moet worden ten opzichte van het scherm voor een optimale projectie.Voorzorgen bij het opstellenzGebruik een stopcontact waar u gemakkelijk bij kunt wanneer u de stekker van de projector eruit moet halen.zZorg ervoor dat er zich binnen 30 cm rond de projector geen andere voorwerpen bevinden.

Let in het bijzonder op dat u voorwerpen uit de buurt houdt van de in- en uitlaatopeningen van de projector.zDe luchtstoom van een airconditioning kan de warmte die wordt uitgestoten rond de lens van de projector zo beïnvloeden dat het geprojecteerde beeld erdoor gestoord wordt. Pas in een dergelijk geval de luchtstroom van de airconditioning aan, of verplaats de projector.Opstellen van de projectorSchermZorg ervoor dat de projector in een rechte hoek ten opzichte van het scherm wordt opgesteld.

7Sluit de projector aan op een stopcontact en op een signaalbron.OpmerkingzZie voor meer informatie over videoverbindingen “Aansluiten op een component video-uitgang” op bladzijde 32.zZie voor informatie over het gebruiken van de RS-232C bedieningsaansluiting van de projector “RS-232C bediening van de projector” (bladzijde 39).zZie voor informatie over het maken van de verbindingen voor het updaten van de firmware van de projector “Bijwerken van de firmware” (bladzijde 33).Aansluiten van de bedrading van de projectorGebruik een RGB-kabel om de RGB-uitgangsaansluiting van een computer of andere signaalbron aan te sluiten.Gebruik een HDMI-kabel* voor de verbinding met de HDMI-uitgangsaansluiting van een computer, video-apparaat of andere signaalbron.Gebruik het meegeleverde netsnoer om de projector aan te sluiten op een stopcontact.* Gebruik altijd een hoge-snelheid HDMI-kabel.

8De projector wordt bediend met de meegeleverde afstandsbediening. Richt de zender van de afstandsbediening op één van de ontvangers op de projector wanneer u de toetsen van de afstandsbediening gebruikt. Het maximum bereik van het signaal van de afstandsbediening is ongeveer 5 meter (tussen de zender en de ontvanger).Belangrijk!Om te voorkomen dat de batterij leeg raakt, moet u de afstandsbediening zo opbergen dat geen van de toetsen per ongeluk wordt ingedrukt.OpmerkingDe technische gegevens kunnen zonder kennisgeving worden gewijzigd.AfstandsbedieningZender afstandsbedieningssignaal[P] (Aan/uit) toetsZet het toestel aan of uit.[ESC] toetsDruk hierop om het huidige menu te verlaten of om een handeling te annuleren.Cursortoetsen (///), [ENTER] toetsGebruik de cursortoetsen om te navigeren tussen de diverse menu-items en om ingestelde waarden te veranderen.

Druk op [ENTER] om een menu-item te selecteren of een functie uit te voeren.Elk van deze toetsen heeft een bepaalde, vaste functie. Zie voor details de paragrafen die de bediening van de toetsen beschrijven in “Bedienen van de projector” (bladzijde 10 t/m 25). Zie bijvoorbeeld voor informatie over de [MENU] toets, “Gebruiken van het instelmenu (MENU)” (bladzijde 19).14325B

9Inzetten van batterijen in de afstandsbedieningBelangrijk!zGebruik uitsluitend alkalibatterijen.Vervangen van de batterijen van de afstandsbedieningMaak de batterijklep aan de achterkant van de afstandsbediening open, vervang de oude batterijen door nieuwe en doe de batterijklep weer dicht.*Pas opER IS ONTPLOFFINGSGEVAAR ALS EEN BATTERIJ WORDT VERVANGEN DOOR EEN INCORRECT TYPE.HOUD U BIJ HET WEGGOOIEN VAN BATTERIJEN AAN DE VOORSCHRIFTEN.1.Maak de batterijklep aan de achterkant van de afstandsbediening open.2.Doe twee nieuwe batterijen in het compartiment en zorg ervoor dat de positieve (+) en negatieve (–) polen de goede kant op wijzen.3.Doe de batterijklep aan de achterkant van de afstandsbediening weer dicht.

10Bedienen van de projectorDit gedeelte geeft uitleg over hoe u de afstandsbediening kunt gebruiken om handelingen met de projector uit te voeren.Selecteren van de signaalbron1.Druk op de [INPUT] toets.2.Gebruik in het “Ingangssignaal” dialoogvenster dat zal verschijnen de [INPUT], [S] en [T] toetsen om de gewenste signaalbron te selecteren en druk vervolgens op [ENTER].zAls u niet op [ENTER] drukt, zal de projector na ongeveer twee seconden automatisch de op dit moment geselecteerde signaalbron gebruiken.zDe naam van de geselecteerde signaalbron verschijnt een paar seconden lang in de rechter bovenhoek van het geprojecteerde beeld.zDe melding “Geen ingangssignaal” zal verschijnen wanneer er geen ingangssignaal kan worden gedetecteerd.ResolutieDe videoresolutie van deze projector is vastgezet op XGA (1024 × 768 pixels).

Wanneer het ingangssignaal dat ontvangen wordt van de computer niet overeenkomt met de videoresolutie van de projector, kan het beeld grof lijken, kunnen tekst en andere tekens moeilijk te lezen zijn of kan er een moiré-patroon verschijnen. Als dit gebeurt, moet u de uitgangsresolutie van de computer zo veranderen dat deze overeenkomt met de videoresolutie van de projector. Raadpleeg de documentatie van uw computer voor details omtrent het wijzigen van de instellingen daarvan.Selecteren van de signaalbron (INPUT)

11Gebruiken van de handmatige perspectivische correctie (KEYSTONE)Deze projector heeft een correctiefunctie voor perspectivische vertekening die voorkomt dat het geprojecteerde beeld vervormd wordt wanneer er onder een hoek geprojecteerd wordt. U kunt de [KEYSTONE +] en [KEYSTONE –] toetsen gebruiken om de perspectivische (keystone) correctie met de hand in te stellen.Beelden zoomen (D-ZOOM)1.Druk op de [D-ZOOM +] toets.zHierdoor wordt het midden van het geprojecteerde beeld één stap uitvergroot.2.Druk nog eens op [D-ZOOM +] om verder in te zoomen op het midden van het geprojecteerde beeld. Druk op de [D-ZOOM –] toets om uit te zoomen.zMet elke druk op [D-ZOOM +] zoomt u in (wordt de vergrotingsfactor hoger), terwijl u met [D-ZOOM –] uitzoomt.

U kunt de vergrotingsfactor doorlopend laten veranderen door elk van deze toetsen ingedrukt te houden.3.Wanneer er is ingezoomd op een beeld, kunt u met de [S], [T], [W] en [X] toetsen andere delen van het beeld laten uitvergroten (alsof u een vergrootglas over het oorspronkelijke beeld beweegt).4.Druk op [ESC] om het zoomen af te sluiten.Het beeld tijdelijk blanco maken en uitschakelen van de geluidsweergave (BLANK)1.Druk op de [BLANK] toets.zHierdoor wordt het scherm leeg gemaakt op de manier die u heeft bepaald via de “Blanco scherm” instelling in het instelmenu (bladzijde 21) en wordt de geluidsweergave tijdelijk uitgeschakeld.2.Om de weergave van beeld en geluid te hervatten, drukt u nog eens op [BLANK] (of op [ESC]).Het beeld stilzetten (FREEZE)Druk op de [FREEZE] toets om het beeld dat op dit moment wordt ontvangen van de signaalbron stil te zetten.

12Automatisch instellen van het beeld (AUTO)Druk op [AUTO]. zDoor op [AUTO] te drukken worden automatisch de frequentie en de fase aangepast aan de hand van het ingangssignaal, hetgeen flikkeren en andere problemen met het geprojecteerde beeld kan verminderen. zDeze handeling wordt ondersteund wanneer Computer (RGB) de signaalbron is. Veranderen van de beeldverhouding van het geprojecteerde beeld (ASPECT)Druk op de [ASPECT] toets om de mogelijke instellingen voor de beeldverhouding van het beeld te doorlopen. De tabel hieronder toont de beschikbare instellingen voor elk type signaalbron. Beschrijving van elk van de instellingenOpmerkingzZie “Beeldverhouding en geprojecteerd beeld” (bladzijde 35) voor details over welke invloed de instellingen voor de beeldverhouding hebben op het geprojecteerde beeld. zU kunt de beeldverhouding ook veranderen via de instelling “Scherminstellingen 3 Hor.

-Ver. verhouding” in het instelmenu (bladzijde 20). Belangrijk. zLet op, want beelden vergroten of verkleinen met de [ASPECT] toets voor handelsdoeleinden of openbare presentaties kan inbreuk maken op de auteursrechten van de rechthebbende op het originele materiaal. Signaalbron Door op [ASPECT] te drukken, schakelt u heen en weer tussen deze instellingen:RGB, HDMI (PC) Normaal J Volledig J 16:9 J 16:10Component, HDMI (DTV) Normaal J 16:9 J 16:10 J 4:3Normaal: Projecteert het beeld met de maximale grootte met behoud van de beeldverhouding van het ingangssignaal. Volledig: Projecteert het beeld met de maximale grootte door het ingangssignaal te vergroten of te verkleinen. 16:9: Deze instelling is voor een beeldverhouding van 16:9, wat hetzelfde is als een bioscoopfilm, een HDTV enz.

Gebruiken van deze instelling wanneer het ingangssignaal een 16:9 beeld is dat in een 4:3 formaat is gecomprimeerd, zal het beeld weergeven met de daarvoor bestemde 16:9 beeldverhouding. 16:10: Deze instelling is voor een beeldverhouding van 16:10.

13Aanpassen van de helderheid van het beeld (FUNC)1.Druk op de [FUNC] toets. Selecteer op het menu dat zal verschijnen “Helderheid” en druk dan op [ENTER].2.Gebruik op het instelscherm voor de helderheid dat zal verschijnen de [W] en [X] toetsen om de helderheid van het beeld in te stellen.3.Druk op [ESC] om het venster weer te sluiten.Veranderen van de kleurenmodus (FUNC)1.Druk op de [FUNC] toets. Selecteer op het menu dat zal verschijnen “Kleurenmodus” en druk dan op [ENTER].zHiermee opent u het keuzevenster voor de kleurenmodus.

De knop voor de huidige kleurenmodus staat geselecteerd (ingevuld).2.Gebruik de [T] en [S] toetsen om de gewenste kleurenmodus te selecteren en druk dan op [ENTER].zHiermee selecteert u de knop naast de gemarkeerde kleurenmodus.zZie voor details over wat elke kleurmodus precies doet “Beeldinstelling 1 3 Kleurmodus” (bladzijde 19).3.Druk op [ESC] om het venster weer te sluiten.Belangrijk!zDe kleurenmodus kan niet worden geselecteerd in de volgende gevallen.• Wanneer “Uit” is ingesteld voor de Eco modus (bladzijde 15).

14U kunt de [VOLUME +] en [VOLUME –] toetsen op de afstandsbediening gebruiken om het volume te regelen van de audio die wordt geproduceerd via de AUDIO OUT-aansluiting.Regelen van het volumeniveau1.Druk op [VOLUME +] of [VOLUME –].zHiermee opent u het “Volume” scherm op het geprojecteerde beeld.2.Druk op [VOLUME +] om het volume te verhogen, of op [VOLUME –] om het volume te verlagen.3.Wanneer u klaar bent, drukt u op [ESC].Uitschakelen van de geluidsweergave1.Druk op [VOLUME +] of [VOLUME –] om het “Volume” scherm te openen.2.Druk op [ENTER].zHierdoor wordt de geluidsweergave via de luidspreker uitgeschakeld.3.Druk op [VOLUME +] of [VOLUME –] om de geluidsweergave te hervatten.Regelen van het volumeniveau (VOLUME)

15In de Eco modus zijn de volgende instellingen beschikbaar voor een laag stroomverbruik, voor minder geruis in bedrijf of voor een aangepaste helderheid.Selecteren van de Eco modus1.Druk op de [ECO] toets.zHierdoor opent u het “Eco modus” venster op het geprojecteerde beeld.2.Gebruik de [W] en [X] toetsen om de gewenste instelling te selecteren.zAls u hier “Aan” selecteert, moet u naar stap 3 gaan. Als u “Uit” selecteert, moet u naar stap 4 gaan.3.Voer de volgende stappen uit om het “Eco niveau” aan te passen (de balans tussen stroombesparing, geruis en helderheid).4.Druk op [ESC] om het venster weer te sluiten.OpmerkingzWanneer “Uit” is geselecteerd voor de Eco modus, kunt u ook bepalen of de nadruk gegeven moet worden aan de helderheid of aan de kleurweergave.

Zie voor details “Beeldinstelling 1 3 Eco Uit modus” (bladzijde 20).Eco modus (ECO)Aan: Stelt u in staat met de hand de instellingen te bepalen voor stroombesparing, vermindering van geruis en helderheid.Uit : De helderheid krijgt de hoogste prioriteit.1Druk op de [T] om de markering te verplaatsen naar Eco niveau te verplaatsen.2Gebruik de [W] en [X] toetsen om het Eco niveau naar wens in te stellen.Minder tekens geven een hogere prioriteit aan de helderheid. Een groter aantal geeft een hogere prioriteit aan stroombesparing en minder geruis.

16De presentatietimer telt af vanaf een vooraf ingestelde tijd. U kunt hier gebruik van maken om bij te houden hoeveel tijd er verstreken is tijdens uw presentatie en om uw presentatie binnen de van tevoren gestelde tijd af te ronden. U kunt de presentatietimer zo configureren dat deze wordt aangegeven op het geprojecteerde beeld.Weergeven van de timerDruk één keer op [TIMER] wanneer de timer niet wordt weergegeven op het geprojecteerde beeld.De timer zal ongeveer vijf seconden lang worden weergegeven en dan automatisch verdwijnen als “Uit” is geselecteerd bij “Doorlopende weergave” op het menu voor de timerfunctie.Openen van het menu voor de timerfunctieDruk twee keer op [TIMER] wanneer de timer niet wordt weergegeven op het geprojecteerde beeld.

17Configureren van timerinstellingen1. Gebruik de [TIMER] toets om het timerfunctiemenu te openen. 2. Gebruik de [T] en [S] toetsen om de “Positie”, “Doorlopende weergave” of “Starttijd” instelling te selecteren en verander de instelling aan de hand van de tabel hieronder. 3. Druk op [ESC] om uw instellingen op te slaan en het functiemenu voor de timer te sluiten. zOm de timer onmiddellijk te starten nadat de instellingen zijn veranderd, moet u [T] en [S] gebruiken om “Timer starten” te selecteren van het functiemenu voor de timer en dan op [ENTER] drukken voor u bij de stap hierboven op [ESC] drukt. Starten van de afteltimer1. Gebruik de [TIMER] toets om het timerfunctiemenu te openen. 2. Selecteer “Timer starten” en druk dan op [ENTER]. zHierdoor wordt het timerfunctiemenu gesloten en zal het aftellen van de timer beginnen.

zWanneer er is afgeteld tot 00:00, zal er 60 minuten verder worden geteld met negatieve getallen (van –00:01 t/m –60:00). De negatieve getallen worden in het timerdisplay rood weergegeven (ten teken dat de presentatie nu over tijd is). Om dit te doen: Voert u deze handeling uit:De timer verplaatsen op het geprojecteerde beeldSelecteer “Positie” en gebruik de [W] en [X] toetsen om één van de volgende instellingen te selecteren: “Rechtsonder”, “Rechtsboven”, “Linksboven”, “Linksonder” (fabrieksinstelling: Rechtsonder). In- of uitschakelen van de doorlopende weergave van de timerSelecteer “Doorlopende weergave” en gebruik de [W] en [X] toetsen om “Aan” of “Uit” te selecteren (fabrieksinstelling: Uit). Aan: Wanneer de timer weergegeven wordt, zal deze in beeld blijven staan tot u een ander dialoogvenster opent of op [ESC] drukt.

18Pauzeren van de timer1.Gebruik de [TIMER] toets om het timerfunctiemenu te openen.2.Selecteer “Timer pauzeren” en druk dan op [ENTER].Hervatten van een gepauzeerde timer1.Gebruik de [TIMER] toets om het timerfunctiemenu te openen.2.Selecteer “Timer opnieuw starten” en druk dan op [ENTER].De timer terugzetten op de starttijd1.Gebruik de [TIMER] toets om het timerfunctiemenu te openen.2.Selecteer “Timer resetten” en druk dan op [ENTER].zHierdoor wordt de tijd teruggezet op de “Starttijd” instelling.

19Als u op de [MENU] toets drukt, wordt het hieronder getoonde instelmenu weergegeven op het geprojecteerde beeld. U kunt dit menu gebruiken om de helderheid, het contrast en andere instellingen voor het geprojecteerde beeld in te stellen en projectorinstellingen te veranderen. De uitleg geeft aan welke handelingen er met de toetsen kunnen worden uitgevoerd voor het geselecteerde (gemarkeerde) menu-item. Basisbediening instelmenuInstellingen op het instelmenuzEén of meer letters achter de naam van een item in het menu (zoals RC), geeft aan dat dit item alleen beschikbaar is wanneer een bepaalde signaalbron is geselecteerd. De letters geven de signaalbron(nen) aan waarvoor het menu-item beschikbaar is.

R: RGB-ingangsaansluiting, C: Component ingangsaansluiting, H: HDMI (PC) ingangsaansluiting, D: HDMI (DTV) ingangsaansluitingzEen menu-item zonder letter ernaast wordt toegepast ongeacht de signaalbron. zDe fabrieksinstelling wordt aangegeven met een asterisk (*). Gebruiken van het instelmenu (MENU)Om dit te doen: Voert u deze handeling uit:Open het instelmenuSluit het instelmenuDruk op de [MENU] toets. Druk op [MENU] om het instelmenu af te sluiten en om de daarin gemaakte instellingen op te slaan. Selecteer een item van het menuGebruik de [S] en [T] toetsen om de markering naar het menu met het gewenste item te brengen en druk dan op [ENTER]. Gebruik vervolgens de [S] en [T] toetsen om de markering naar het gewenste item te brengen.

Configureer de instelling van een menu-itemzBij een menu-item met rechts ervan opties of ingestelde waarden, kunt u met de [W] en [X] toetsen de instelling veranderen. zVoor een menu-item met “Wijzigen [ENTER]” of “OK [ENTER]” rechts ervan, kunt u op [ENTER] drukken om een dialoogvenster te openen om de instelling te configureren. U moet dit menu-item gebruiken:Om dit te doen:Beeldinstelling 1 3 HelderheidStel de helderheid van het geprojecteerde beeld in.

Beeldinstelling 1 3 ContrastStel het contrast van het geprojecteerde beeld in. Beeldinstelling 1 3 KleurmodusSelecteer één van de volgende kleurinstellingen voor het geprojecteerde beeld: “Standaard*1”, “Grafieken”, “Theater*2”, “Schoolbord”, “Natuurlijk”. *1 Begininstelling wanneer RGB of HDMI (PC) wordt geselecteerd als ingangsaansluiting. *2 Begininstelling wanneer Component of HDMI (DTV) wordt geselecteerd als ingangsaansluiting. Menu-items(Hoofdmenu)MarkerenMenu-item(Submenu)Uitleg.

20Beeldinstelling 1 3 KleurbalansSelecteer één van de volgende voorgeprogrammeerde instellingen voor de kleurbalans: “Warm”, “Normaal*”, “Koud”. Kan ook worden gebruikt om apart rood, groen en blauw in te stellen. Beeldinstelling 1 3 Eco Uit modusWanneer “Uit” is geselecteerd als “Optie instellingen 1 3 Eco modus” instelling, kunt u kiezen uit “Helder” (de helderheid heeft voorrang) of “Normaal*” (kleurweergave heeft voorrang) als instellingen voor de beeldweergavevoorkeur. Beeldinstelling 1 3 Menu terugstellenHiermee zet u alle items op het “Beeldinstelling 1” hoofdmenu terug op hun fabrieksinstellingen voor de op dit moment gebruikte signaalbron. Beeldinstelling 2 3 Verticale Positie (RC)Pas de verticale en horizontale posities van het van de signaalbron ontvangen beeld aan in relatie tot het projectiescherm.

Beeldinstelling 2 3 Horizontale Positie (RC)Beeldinstelling 2 3 Frequentie (R)Wanneer er verticale banden verschijnen op het geprojecteerde beeld wanneer RGB als signaalbron geselecteerd is, is de frequentie niet correct ingesteld. Gebruik in een dergelijk geval deze instelling om de frequentie met de hand in te stellen. Als, om wat voor reden dan ook, het beeld van de computer bij uw handmatig ingestelde frequentie verdwijnt, kunt u op [AUTO] drukken om een automatische instelling te laten uitvoeren, waarna het beeld weer terug zou moeten keren. Beeldinstelling 2 3 Fase (R)Pas de fase van het RGB-ingangssignaal aan wanneer het beeld flikkert omdat de fase van de projector en de fase van het RGB-ingangssignaal niet met elkaar overeenkomen. Beeldinstelling 2 3 Overscan (CD)Stel de hoeveelheid overscan in voor een video-ingangssignaal binnen een bereik van 0% t/m 5%*.

De breedte van de rand rond het geprojecteerde beeld hangt af van deze instelling. Een kleinere waarde resulteert in een bredere rand, zoals u hieronder kunt zien.

Beeldinstelling 2 3 Menu terugstellen (RCD)Hiermee zet u alle items op het “Beeldinstelling 2” hoofdmenu terug op hun fabrieksinstellingen voor de op dit moment gebruikte signaalbron. Volume instelling 3 VolumeZie “Regelen van het volumeniveau (VOLUME)” (bladzijde 14) voor meer informatie. Volume instelling 3 Menu terugstellenZet de volume-instelling terug op de fabrieksinstelling voor de op dit moment geprojecteerde signaalbron. Scherminstellingen 3 Keystone correctieGebruik dit submenu om de verticale perspectivische vertekening van het geprojecteerde beeld te corrigeren (keystone correctie). Scherminstellingen 3 Hor. -Ver. verhouding (RCHD)Selecteer een beeldverhouding voor het geprojecteerde beeld. Zie “Veranderen van de beeldverhouding van het geprojecteerde beeld (ASPECT)” (bladzijde 12) voor meer informatie.

Scherminstellingen 3 ProjectiemodusStel in of de projectie plaatsvindt op de voorkant van het scherm of op de achterkant. Voor*: Selecteer deze optie als u projecteert op de voorkant van het scherm. Achter: Selecteer deze optie als u projecteert op de achterkant van het scherm. Deze instelling spiegelt het geprojecteerde beeld horizontaal (links-rechts). U moet dit menu-item gebruiken:Om dit te doen:Weergave bij instelling op 5%Weergave bij instelling op 0%.

21Scherminstellingen 3 PlafondbeugelDe projector kan aan het plafond worden gehangen. Aan: Kies deze instelling wanneer de projector aan het plafond wordt gehangen. Omdat hierbij de onderkant van de projector naar boven zal wijzen, wordt het geprojecteerde beeld horizontaal en verticaal gespiegeld. Uit*: Kies deze instelling wanneer de projector gewoon op een tafel of iets dergelijks wordt gebruikt. Bij deze instelling wordt het beeld geprojecteerd onder de vooronderstelling dat de bovenkant van de projector naar boven wijst. Scherminstellingen 3 Geen signaalschermKies uit de volgende mogelijkheden voor het beeld dat geprojecteerd moet worden wanneer de projector geen ingangssignaal ontvangt: “Blauw”* (blauw scherm), “Zwart” (zwart scherm), “Logo” (eigen logo van de projector).

Scherminstellingen 3Blanco schermKies uit de volgende mogelijkheden voor het beeld dat geprojecteerd moet worden wanneer er op de [BLANK] toets wordt gedrukt: “Blauw”* (blauw scherm), “Zwart” (zwart scherm), “Logo” (eigen logo van de projector). Scherminstellingen 3 Menu terugstellenHiermee zet u alle items op het “Scherminstellingen” hoofdmenu terug op hun fabrieksinstellingen voor de op dit moment gebruikte signaalbron. Ingangsinstellingen 3 COMPUTER aansluiting (RC)Bepaal hoe ingangssignalen die binnenkomen via de COMPUTER aansluiting geïdentificeerd zullen worden. Automatisch*: De projector identificeert het via de COMPUTER aansluiting ontvangen ingangssignaal automatisch. RGB: Er wordt altijd van uit gegaan dat het ingangssignaal dat binnenkomt via de COMPUTER aansluiting een RGB-signaal is.

Component: Er wordt altijd van uit gegaan dat het ingangssignaal dat binnenkomt via de COMPUTER aansluiting een Componentsignaal is. Ingangsinstellingen 3 RGB-niveau instellen (R)Bepaalt of de niveau-instelling voor het ontvangen RGB-signaal is ingeschakeld (Aan*) of uitgeschakeld (Uit).

Als u deze instelling “Aan” laat staan, zal het geprojecteerde beeld normaal gesproken geoptimaliseerd kunnen worden. Afhankelijk van het ingangssignaal is het echter mogelijk dat het beeld bij deze instelling niet geoptimaliseerd kan worden en dat het beeld hierdoor zelfs vervormd kan raken. Verander deze instelling in een dergelijk geval naar “Uit”. Ingangsinstellingen 3 Signaalnaam indicatorGeef op of het nieuw geselecteerde type ingangssignaal moet worden weergegeven (Aan*) of niet (Uit) wanneer er op [INPUT] wordt gedrukt om het ingangssignaal te veranderen. Ingangsinstellingen 3 Menu terugstellenHiermee zet u alle items op het “Ingangsinstellingen” hoofdmenu terug op hun fabrieksinstellingen voor de op dit moment gebruikte signaalbron.

Optie instellingen 1 3 Automatische instelling (R)Bepaal of de projector zelf het type RGB-ingangssignaal moet detecteren (resolutie, frequentie) en het geprojecteerde beeld daaraan aanpassen. Aan*: Automatische instelling ingeschakeld. Uit: Automatische instelling uitgeschakeld. Optie instellingen 1 3 Eco modusZie “Eco modus (ECO)” (bladzijde 15). Optie instellingen 1 3 Automatische stroomonderbrekingGeef de tijd op waarin er geen ingangssignaal wordt ontvangen en de projector niet gebruikt wordt waarna de projector automatisch uitgeschakeld zal worden. De Automatische stroomonderbreking kan uit worden gezet, als u dat wilt. 5 min, 10 min*, 15 min, 20 min, 30 min: Tijd tot de Automatische stroomonderbreking in werking treedt. Uit: De Automatische stroomonderbreking is uitgeschakeld. Optie instellingen 1 3 WachtwoordZie “Wachtwoordbeveiliging” (bladzijde 23).

Optie instellingen 1 3 Directe stroominschakelingInschakelen (Aan) of uitschakelen (Uit*) van de functie die de projector onmiddellijk aan zet zodra de stekker van de projector in het stopcontact wordt gedaan. U moet dit menu-item gebruiken:Om dit te doen:.

22Optie instellingen 1 3 TaalGeef de displaytaal op. Engels, Frans, Duits, Italiaans, Spaans, Zweeds, Portugees, Nederlands, Noors, Pools, Fins, Tsjechisch, Turks, Russisch, Litouws, Vietnamees, Thais, Maleis, Indonesisch, Arabisch, Chinees (vereenvoudigd), Chinees (traditioneel), Koreaans, Japans Optie instellingen 1 3 Menu terugstellenHiermee zet u alle items op het “Optie instellingen 1” hoofdmenu terug op hun fabrieksinstellingen voor de op dit moment gebruikte signaalbron. Optie instellingen 2 3 Grote hoogteU kunt de ventilatorsnelheid voor gebruik op grote hoogte aan of uit zetten aan de hand van de hoogte waarop de projector gebruikt wordt. Aan: Selecteer deze instelling wanneer u de projector op grote hoogte (1. 500 tot 3. 000 meter boven zeeniveau) gebruikt, waar de lucht ijler is. Deze instelling verbetert de koeling.

Uit*: Selecteer deze instelling bij gebruik op normale hoogte (tot 1. 500 meter). Belangrijk. zGebruik deze projector niet op grotere hoogtes dan 3. 000 meter boven zeeniveau. Optie instellingen 2 3 TimerfunctieOpen het menu voor de timerfunctie. Zie voor details “Gebruiken van de Presentatietimer (TIMER)” (bladzijde 16). Optie instellingen 2 3 Menu terugstellenHiermee zet u alle items op het “Optie instellingen 2” hoofdmenu terug op hun fabrieksinstellingen voor de op dit moment gebruikte signaalbron. Bedieningsinformatie (RCHD)Toont de projectorinformatie hieronder. Ingangssignaal, Signaalnaam, Resolutie, Horizontale frequentie, Verticale frequentie, Aftastsysteem, Lichttijd, Versie (ROM-versie van de projector)Alle waarden terugstellen 3 Bedrijfstijd van apparaatToont de totale tijd dat dit toestel in bedrijf is geweest. Deze tijd kan niet worden teruggezet.

23Met de wachtwoordfunctie kunt u voorkomen dat personen zonder toestemming gebruik maken van de projector. U kunt opgeven of er een wachtwoord ingevoerd moet worden wanneer u de projector aan zet; u kunt het wachtwoord opgeven en wijzigen indien gewenst. Gebruik het instelmenu “Optie instellingen 1 3 Wachtwoord” om de instellingen voor het wachtwoord te configureren. Gebruiken van de wachtwoordfunctieLet op de volgende voorzorgen wanneer u de wachtwoordfunctie wilt gebruiken. zDe wachtwoordfunctie is een beveiliging tegen gebruik van de projector zonder toestemming van de eigenaar. Wij wijzen u erop dat het geen antidiefstal maatregel is. zDe eerste keer dat u de projector gebruikt nadat u de wachtwoordfunctie heeft ingeschakeld, zult u de fabrieksinstelling voor het wachtwoord moeten invoeren.

Verander de fabrieksinstelling voor het wachtwoord in uw eigen wachtwoord zo snel mogelijk nadat u de wachtwoordfunctie heeft ingeschakeld. zVergeet niet dat handelingen die met het wachtwoord te maken hebben moeten worden uitgevoerd met de afstandsbediening, dus wees voorzichtig dat u de afstandsbediening niet kwijt raakt of kapot maakt. zVergeet ook niet dat u het wachtwoord niet in zult kunnen voeren als de batterijen van de afstandsbediening leeg zijn. Vervang de batterijen van de afstandsbediening zo snel mogelijk wanneer u merkt dat ze leeg raken. Als u uw wachtwoord vergeten bent. Als u uw wachtwoord vergeet, moet u de volgende twee dingen meenemen naar uw CASIO delaer om het wachtwoord te laten wissen. Let op dat u een bedrag in rekening zal worden gebracht voor het wissen van het wachtwoord.

Wij wijzen u erop dat uw CASIO delaer het wachtwoord van uw projector niet mag of niet kan wissen als u deze twee dingen niet meeneemt. Bewaar de garantie van de projector ook op een veilige plek. Belangrijk.

zDoor het wissen van het wachtwoord op de hierboven genoemde manier, worden ook alle andere instellingen van de projector, behalve de Lichttijd, terug gezet op de fabrieksinstellingen. Schrijf uw wachtwoord dus ergens op. U zult de projector niet kunnen gebruiken als u het wachtwoord vergeet. We raden u daarom aan om het wachtwoord ergens te noteren of op te slaan zodat u het indien nodig kunt opzoeken. Wachtwoordbeveiliging1. Persoonlijke identificatie (rijbewijs, werknemerspas enz. , origineel of in kopie)2. De projector zelf.

24Wijzigen van het wachtwoord1.Druk op de [MENU] toets om het instelmenu te openen.2.Gebruik de [T] toets om “Optie instellingen 1” te selecteren en druk dan op [ENTER].3.Gebruik de [T] toets om “Wachtwoord” te selecteren en druk dan op [ENTER].zEr zal nu een dialoogvenster verschijnen waarin u het huidige wachtwoord kunt invoeren.4.Voer het huidige wachtwoord in.zHet wachtwoord van uw projector is niet echt een “woord” dat uit letters bestaat, maar een reeks toetsdrukken op de afstandsbediening.zAls de fabrieksinstelling nog geldt voor het wachtwoord, drukt u op de toetsen zoals hieronder staat vermeld om het wachtwoord in te voeren.5.Druk op [ENTER] wanneer u het huidige wachtwoord heeft ingevoerd.zHiermee opent u het instelscherm voor het wachtwoord.6.Gebruik de [T] toets om “Wachtwoord veranderen” te selecteren en druk dan op [ENTER].zEr zal nu een dialoogvenster verschijnen waarin u het nieuwe wachtwoord kunt invoeren.7.Voer een reeks van maximaal acht toetsdrukken uit.zU kunt gebruik maken van de volgende toetsen voor uw wachtwoord.

[INPUT], [MENU], [BLANK], [FREEZE], [ECO], [VOLUME +], [VOLUME –], [D-ZOOM +], [D-ZOOM –], [KEYSTONE +], [KEYSTONE –], [S], [T], [W], [X], [TIMER], [AUTO], [ASPECT], [FUNC]8.Druk op [ENTER] wanneer u het nieuwe wachtwoord heeft ingevoerd.zEr zal nu een dialoogvenster verschijnen waarin u het nieuwe wachtwoord nog eens moet invoeren.9.Voer dezelfde reeks toetsdrukken voor uw wachtwoord uit als bij stap 7 en druk dan op [ENTER].zDe melding “Nieuw wachtwoord is geregistreerd.” zal verschijnen ten teken dat het wachtwoord is veranderd. Druk op de [ESC] toets.zAls u bij deze stap een ander wachtwoord invoert dan bij stap 7, zal de melding “Ingevoerde wachtwoord is fout.” verschijnen. Druk op [ESC] om terug te gaan naar stap 7.[S] [T] [W] [X] [S] [T] [W] [X]

25Veranderen van de instelling voor het Spanning aan Wachtwoord1.Voer de stappen 1 t/m 5 onder “Wijzigen van het wachtwoord” (bladzijde 24) uit en open het instelscherm voor het Spanning aan Wachtwoord.2.Controleer of “Spanning aan Wachtwoord” is geselecteerd en gebruik de [W] en [X] toetsen om “Aan” of “Uit” in te stellen.zAls u de instelling verandert van “Uit” naar “Aan”, zal er een bevestiging “Prompt voor wachtwoord bij inschakelen van spanning?” verschijnen. Druk op [ENTER] om te bevestigen dat u inderdaad de wachtwoordbeveiliging bij het aan zetten van de projector wilt inschakelen, of druk op [ESC] om het dialoogvenster te sluiten zonder de instelling te veranderen.3.Druk op [MENU] wanneer u klaar bent om het instelmenu af te sluiten.

26Schoonmaken van de projectorMaak er een goede gewoonte van om de projector regelmatig schoon te maken zoals beschreven staat in dit gedeelte. Voor u de projector schoon gaat maken, moet u de stekker uit het stopcontact halen en controleren of de projector helemaal afgekoeld is.Veeg de buitenkant van de projector af met een zachte doek die bevochtigd is met een zwakke oplossing van water en een mild, neutraal schoonmaakmiddel. U moet vrijwel al het water uit de doek wringen voor u begint met schoonmaken.Gebruik in geen geval benzeen, alcohol, verfverdunner of andere agressieve middelen om het toestel schoon te maken.Maak de lens voorzichtig schoon met een in de handel verkrijgbaar lensdoekje of optische lenstissues, zoals die te koop zijn voor brillen of cameralenzen.

Gebruik niet teveel kracht wanneer u de lens schoonmaakt en wees voorzichtig dat u de lens niet beschadigt.Stof en vuil hopen zich doorgaans op rond de inlaten. Gebruik daarom regelmatig (ongeveer een keer per maand) stofzuiger om opgehoopt stof en vuil te verwijderen, zoals u hieronder kunt zien.Belangrijk!zAls de projector wordt gebruikt wanneer er zich teveel stof heeft opgehoopt rond de inlaten, kan het binnenwerk oververhit raken, wat kan leiden tot storingen.zDoor bepaalde omstandigheden in het gebruik is het ook mogelijk dat vuil en stof zich ophopen rond de uitlaten van de projector. Gebruik in een dergelijk geval dezelfde procedure als die hierboven is beschreven voor het schoonmaken van de uitlaten.Schoonmaken van de buitenkant van de projectorDe lens reinigenVentilatie-openingen schoonmaken

27Oplossen van problemenDe POWER/STANDBY indicator en de STATUS indicator veranderen zoals in de tabellen hieronder staat beschreven om de huidige toestand van de projector aan te geven.POWER/STANDBY indicatorSTATUS indicatorOpmerkingzDe POWER/STANDBY en STATUS indicators lichten allebei geelbruin op onmiddellijk nadat de projector is aangesloten op een stopcontact.IndicatorsWanneer de indicator er als volgt uit ziet: Betekent dit het volgende voor de projector:Licht rood op Aangesloten op een stroombron, maar staat uit (standby)Groen knipperend Aan het opwarmen na inschakelenLicht groen op Aan, werkt normaalRood knipperend Interne handelingen in uitvoering onmiddellijk na uitschakelenWanneer de indicator er als volgt uit ziet: Betekent dit het volgende voor de projector:Licht groen op “Aan” is geselecteerd voor de “Eco modus” instelling.Licht rood op (of knippert) FoutLicht geelbruin op (of knippert) Fout

28Wanneer er iets fout gaat met de projector, laten waarschuwingen en de indicators u weten wat het probleem is. zWacht wanneer er een fout optreedt tot de ventilator gestopt is voor u de stekker uit het stopcontact haalt. Als u de stekker uit het stopcontact haalt terwijl de ventilator nog werkt, kan er een fout optreden wanneer u de stekker vervolgens weer in het stopcontact doet. zDruk op [ESC] om de waarschuwing te sluiten. Foutindicators en waarschuwingenIndicator/foutmelding Beschrijving en vereiste handelingPOWER : Doorlopend groen De interne temperatuur van de projector is erg hoog. Voer de volgende stappen uit. 1Controleer of de inlaten en uitlaten van de projector niet geblokkeerd worden en zorg voor voldoende vrije ruimte rond de projector. Zie “Voorzorgen bij het opstellen” (bladzijde 6).

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Casio XJ-V2 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden