Candy CF 3E7L0S Handleiding

Candy Vaatwasser CF 3E7L0S

Bekijk gratis de handleiding van Candy CF 3E7L0S (136 pagina’s), behorend tot de categorie Vaatwasser. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 60 mensen en kreeg gemiddeld 4.4 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over Candy CF 3E7L0S of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/136
ES
NL
PT

Beoordeel deze handleiding

4.4/5 (2 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Candy
Categorie: Vaatwasser
Model: CF 3E7L0S

Handleiding Candy CF 3E7L0S – volledige tekst

46 Bedankt dat u voor dit product heeft gekozen.We zijn er trots op dat we het ideale product voor u en het beste complete assortiment huishoudelijke apparaten voor dagelijks gebruik kunnen bieden. Lees deze handleiding zorgvuldig voor een correct en veilig gebruik van het apparaat, en voor handige tips voor efficiënt onderhoud. Gebruik de vaatwasser alleen nadat u deze instructies zorgvuldig hebt doorgenomen. Wij raden u aan om deze handleiding altijd bij de hand en in goede staat te houden, om die later eventueel aan een nieuwe eigenaar over te maken. Controleer of het apparaat samen met de gebruikshandleiding, het garantiecertificaat, het adres van het onderhoudscentrum en het energie-efficiëntielabel is geleverd. Elk product is geïdentificeerd aan de hand van een unieke code die uit 16 tekens bestaat, ook wel het "serienummer" genoemd.

Dit nummer is op het garantiecertificaat of op het serieplaatje geprint dat rechts bovenaan aan de binnenkant van de deur zit. Deze code is een soort productspecifieke ID-kaart die u nodig hebt om het product te registreren of als u met het technische assistentiecentrum contact moet opnemen. Afb. A 1. ALGEMENE VELIGHEIDSVOORSCHRIFTEN 2. WATERTOEVOER 3. ZOUT VULLEN 4. DE BOVENSTE MAND AANPASSEN (ALLEEN OP SOMMIGE MODELLEN) 5. DE VAAT SCHIKKEN 6. INFORMATIE VOOR TESTLABORATORIA 7. WASMIDDEL VULLEN 8. TYPES WASMIDDEL 9. SPOELMIDDEL VULLEN 10. DE FILTERS REINIGEN 11. PRAKTISCHE TIPS 12. ONDERHOUD EN REINIGING 13. BESCHRIJVING VAN HET BEDIENINGSPANEEL 14. TECHNISCHE GEGEVENS 15. PROGRAMMASELECTIE EN SPECIALE EIGENSCHAPPEN 16. BEDIENING OP AFSTAND (Wi-Fi) 17. LEGENDE PROGRAMMA'S 18. WATERONTKALKER 19. PROBLEEM OPLOSSEN EN GARANTIE 20. MILIEUCONDITIES Inhoudsopgave

47 NL 1. ALGEMENE VELIGHEIDS- VOORSCHRIFTEN  Dit apparaat is bedoeld voor gebruik in het huishouden en voor gelijkaardige toepassingen, zoals: − Personeelskeukens in winkels, kantoren en andere werkomgevingen; − Boerderijen; − Bij gasten in hotels, motels en andere verblijfsaccommodaties; − Bed-and-breakfast structuren. Een ander gebruik van het apparaat dan voor huiselijke omgevingen of voor typische huishoudelijke toepassingen, zoals commercieel gebruik door ervaren of getrainde gebruikers, is niet in bovenstaande toepassingen inbegrepen. Als het toestel wordt gebruikt op een manier die niet consistent is met het bovenstaande, kan dit de levensduur van het apparaat doen verminderen en de garantie van de fabrikant doen vervallen.

Eventuele schade aan het apparaat of andere schade of verlies te wijten aan een gebruik dat niet consistent is met huishoudelijk gebruik (zelfs indien in een huishoudelijke omgeving ondergebracht), wordt niet door de fabrikant aanvaard, en dit volledig volgens wat bij wet is toegestaan.  voor EU-markt Het apparaat kan worden gebruikt door personen van 8 jaar of ouder en door mensen met beperkte fysieke, zintuiglijke of geestelijke capaciteiten, zonder ervaring met of kennis van het product, maar alleen onder toezicht of met instructies voor het gebruik van het apparaat, op een veilige manier en met besef van de mogelijke risico's.

 voor extra EU-markten Dit apparaat mag niet worden gebruikt door personen (waaronder kinderen) met verminderde fysieke, zintuiglijke of geestelijke vermogens of met een gebrek aan kennis en ervaring, tenzij deze personen door iemand die verantwoordelijk is voor hun veiligheid onder toezicht worden gehouden of instructies hebben gekregen over de werking van het apparaat.  Houd kinderen in de gaten, zodat zij niet met het apparaat spelen.  Kinderen tot 3 jaar moet u uit de buurt houden, tenzij zij voortdurend onder toezicht staan.

48  Gebruik uitsluitend de slangensets die bij het toestel zijn meegeleverd voor de aansluiting op de watertoevoer (geen oude slangensets hergebruiken).  De waterdruk moet tussen 0,08 MPa en 1 MPa zijn.  Zorg ervoor dat tapijten of matten de onderkant of eventuele ventilatieopeningen niet afdichten.  Na het installeren moet het apparaat worden opgesteld zodat de stekker vlot bereikbaar is.  Laat de deur niet in horizontale positie open staan, om mogelijke gevaren (vb. struikelen) te vermijden.  Raadpleeg de website van de fabrikant voor meer informatie over het product of raadpleeg het technische gegevensinformatieblad.  Raadpleeg het betreffende typeplaatje dat is bevestigd op het product voor het maximale aantal couverts.  De technische gegevens (voedingsspanning en vermogeninput) staan op het typeplaatje van het product aangegeven.

 Controleer of het elektrische systeem geaard is en aan de toepasselijke wetten beantwoordt, en of het stopcontact compatibel is met de stekker van het apparaat. De fabrikant wijst alle verantwoordelijkheid af voor eventuele lichamelijke letsels of materiële schade wegens het niet aarden van de machine.  Zorg ervoor dat de vaatwasser geen voedingskabels plet.  In het algemeen is het niet aanbevolen om adapters, verdeelstekkers en/of verlengkabels te gebruiken.  Voordat u de vaatwasser reinigt of onderhoudt; moet u de stekker uit het stopcontact halen en de watertoevoer afsluiten. WAARSCHUWING Het apparaat mag niet via een extern schakelsysteem, bijvoorbeeld via een timer, worden gevoed, of aangesloten zijn op een circuit dat regelmatig door een nutsvoorziening wordt aan en uitgeschakeld. Elektrische aansluitingen en veiligheidsinstructies

49 NL  Trek niet aan het voedingssnoer om de stekker van de machine uit het stopcontact te halen.  Laat het apparaat niet aan weersinvloeden blootgesteld (regen, zon, enz.).  De vaatwasser kan omkantelen als u op de open deur van de vaatwasser leunt of zit.  De vaatwasser bij het verplaatsen niet optillen aan de deur; tijdens het transport de deur niet op de rolwagen laten steunen. We raden aan om de machine met twee personen op te tillen.  De vaatwasser is ontworpen voor gewoon keukengerief. Voorwerpen die besmeurd zijn met aardolie, verf, sporen van staal of ijzer, bijtende chemische stoffen, zuren of alkali's, mogen niet in de vaatwasser worden afgewassen.  Indien er in huis een waterverzachtingssysteem is geïnstalleerd, is het niet nodig om zout aan de waterverzachter toe te voegen.

 Als het toestel defect raakt of niet meer naar behoren werkt, moet u het uitschakelen en de watertoevoer afsluiten; u mag niet zelf met het apparaat knoeien. Reparatiewerken mogen alleen door het technische assistentiecentrum worden uitgevoerd, en er mogen alleen originele reserveonderdelen worden gebruikt. Als u deze instructie niet naleeft, kan dit de veiligheid van het apparaat in gevaar brengen.  Als u de machine moet verplaatsen nadat de verpakking is verwijderd, mag u niet proberen om die op te tillen via de onderkant van de deur. Open de deur een beetje en til de machine op door die aan de bovenkant vast te nemen. Via het keurmerk dat op dit product is aangebracht, bevestigen wij op onze eigen verantwoordelijkheid dat dit product volledig in overeenstemming is met alle relevante voorschriften inzake veiligheid, gezondheid en milieu volgens de Europese wetgevingen.

50  Verwijder alle elementen van de verpakking.  De vaatwasser niet installeren of gebruiken als die beschadigd is.  Volg de instructies die bij het product zijn meegeleverd. WAARSCHUWING Zorg er voordat u het product voor het eerst inschakelt voor dat u deze in horizontale positie installeert door de poten te verstellen. Controleer met behulp van een waterpas of deze horizontaal staat. WAARSCHUWING (alleen vrijstaande modellen). Als het keukenblad moet worden verwijderd om de afwasmachine in een compartiment van een modulaire keuken te installeren, neem dan contact op met ons erkend technisch assistentiecentrum. WAARSCHUWING (alleen inbouw- en half geïntegreerde modellen) Sluit de vaatwasser niet aan op de netvoeding totdat het voorste paneel volledig is geïnstalleerd. Wanneer u dit niet doet, blijft er een risico op elektrisch gevaar bestaan.

WAARSCHUWING (alleen inbouw- en half geïntegreerde modellen) Sluit de vaatwasser niet aan op de netvoeding totdat alle installatiewerkzaamheden zijn uitgevoerd volgens de "TECHNISCHE OPMERKINGEN VOOR INSTALLATIE" die bij het product worden geleverd. WAARSCHUWING Houd het verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinderen. Installatie WAARSCHUWING Messen en andere voorwerpen met scherpe punten moeten in het mandje worden gedaan met de punten naar beneden gericht, ofwel horizontaal worden gelegd.

51 NL  In geval van een breuk moet de slang vervangen worden door een origineel reserveonderdeel dat verkrijgbaar is bij de fabrikant of het servicecentrum. WAARSCHUWING Gebruik alleen de slangenset die met het apparaat is meegeleverd voor de aansluiting op de watertoevoer. Gebruik oude slangensets niet opnieuw. Vervanging van de inlaatslang

52 2. WATERTOEVOER  De aan-en afvoerbuizen voor het water kunt u naar keuze naar rechts of links draaien.  De waterdruk moet liggen tussen minimal 0,08 MPa en maximaal 1 MPa.  Tussen de waterleiding en de afwasmachine moet zich een kraan bevinden, zodat de toevoer kan worden afgesloten wanneer de afwasmachine niet in werking is (fig.1).  De afwasmachine is voorzien van een "druk-vaste" waterslang "A" met een ¾ aansluitnippel voor aansluiting op de afsluitkraan "B" (afb.2).  Bevestig de toevoerslang "A" aan de waterkraan "B" en controleer of deze goed vastzit.  Indien nodig kan de water-toevoerslang tot 2,5 meter verlengd worden. Een extra waterafvoerslang kan  Als de afwasmachine wordt aangesloten op een nieuwe waterkraan, of eentje die al lang niet meer in gebruik is, laat dan het water een paar minuten uit de kraan stromen voordat u de toevoerslang bevestigd.

Op deze manier voorkomt u ophoping van zand of roest in de filter. De afwasmachine mag naar keuze worden aangesloten op eenkoude of een warme leiding, mits de temperatuur niet boven de 60°C komt. Het apparaat moet aangesloten worden aan de waterkraan met behulp van de watertoevoerslang. Maak gebruik van de nieuwe watertoevoerslang, gebruik niet de oude!

53 NL SOMMIGE MODELLEN kunnen een of meerdere van de volgende kenmerken omvatten:  WATERBLOKKERING (afb.3) Het waterblokkeersysteem is ontworpen om de veiligheid van uw apparaat te verbeteren. Het systeem voorkomt overstromen dat door een slechte werking van de machine kan zijn veroorzaakt, of een gevolg kan zijn van een breuk van de rubberen leidingen, meer bepaald van de watertoevoerleiding. Zo werkt het Een opvangbak op het onderstel van het apparaat vangt eventuele waterlekken op en werkt als een sensor die een klep onder de waterkraan activeert en zo het water blokkeert, zelfs als de kraan helemaal open staat. Indien box "A" waarin de elektrische onderdelen zitten beschadigd is, moet u de stekker onmiddellijk uit het stopcontact halen.

Om een perfecte werking van het veiligheidssysteem te verzekeren, moet de slang met box "A" iop de kraan aangesloten zijn zoals geïllustreerd in de afbeelding. De watertoevoerslang mag niet worden doorgesneden, omdat die onderdelen bevat die onder spanning staan. Als de slang niet lang genoeg is om correct aan te sluiten, moet die door een langere worden vervangen. De slang is bij het technische assistentiecentrum verkrijgbaar.  AQUASTOP (afb.4): dit is een systeem dat op de toevoerleiding zit en de waterstroom stopt als de leiding aftakelt; in dit geval verschijnt een rode markering op het scherm "B" en moet u de leiding vervangen. Druk op de eenrichtingsblokkering "C" om de moer los te schroeven.

Alle vaatwassers zijn uitgerust met een overloop beveiliging die stromend water automatisch blokkeert en/of overtollige hoeveelheden water afvoert wanneer het water bij een storing het normale niveau overschrijdt. Hydraulische veiligheidsvoorzieningen

54  De afvoerslang moet worden aangesloten op de ingebouwde, permanente afvoerbuis. Controleer bij deze bevestiging of er geen knik in de afvoerslang zit (afb.5).  De afvoerbuis mag niet hoger dan 40 cm vanaf het vloerniveau zijn en moet een minimale doorsnede van 4 cm hebben.  Om onaangename geuren te voorkomen is het aan te bevelen voor de afvoerslang een zwanehals te gebruiken (afb.5X).  Wanneer noodzakelijk kan de afvoerslang verlengd worden tot een totale lengte van 2,5 m mits u een hoogte van 85 cm boven het vloerniveau in acht neemt. Deze afvoerslang is verkrijgbaar via de Servicedienst.  De afvoerslang kan in de spoel- of wasbak worden gehangen, maar mag nooit in het water hangen. Dit om te voorkomen dat tijdens de werking water terugstroomt in de machine wanneer deze aanstaat (afb.5Y).

 Wanneer het apparaat onder een werkblad geplaatst wordt, moet de afvoerbuisklem zo hoog mogelijk geplaatst worden onder het werkblad (afb.5Z).  Controleer of er geen knikken in de toevoer- of afvoerslang zitten. Voor het verlengen van de toevoerslang kan een verlengstuk gebruikt worden. Aansluiting op de afvoerleiding

55 NL 3. ZOUT VULLEN (Afb. A "1")  De verschijning van witte vlekken op de vaat is over het algemeen een waarschuwing dat het zoutreservoir moet bijgevuld worden.  Op de bodem van de vaatwasser bevindt zich het zoutreservoir voor de regeneratie van de wasverzachter.  Het is belangrijk alleen zout te gebruiken dat ervoor geschikt is te worden gebruik in een afwasautomaat. Ander zout bevat kleine hoeveelheden onoplo sbare deeltjes, die na verloop van tijd de automatische waterverzachter aantasten en verslechteren.  Schroef het dekseltje van het reservoir los.  Bij de eerste vulling het reservoir eerst met water vullen en daarna het zout erin gieten tot het reservoir vol is. Het is normaal dat tijdens het bijvullen wat water over loopt.  Verwijder de zoutresten en draai het dekseltje er weer vast op.

 De inhoud van de ontharder is tussen de 1kg, om de ontharder efficiënt te laten werken, moet het apparaat van tijd tot tijd gevuld worden met neutraliserend zout, naar gelang het wateronthardingssysteem. (Alleen bij eerste ingebruikname) Wanneer het apparaat voor het eerst wordt gebruikt, dient na het vullen van het zoutreservoir het reservoir volledig met water te worden gevuld totdat deze overloopt . Na het bijvullen met zout, moet u een volledige wascyclus, of een VOORWAS/ KOUDE SPOELING programma uitvoeren.

56 4. DE BOVENSTE MAND AANPASSEN (ALLEEN OP SOMMIGE MODELLEN) Type "A": 1. Draai de blokkeringen vooraan "A" naar buiten; 2. Verwijder de mand en monteer die opnieuw in de hoogste stand; 3. Breng de blokkeringen "A" opnieuw in de oorspronkelijke stand. Na deze handeling kunnen de beweegbare steunen niet in de hoge positie worden gebruikt. Type "A" Type "B": (ALLEEN BIJ MODELLEN MET EASY CLICK): De bovenste korf is voorzien van een hoogteverstellingssysteem. Verhogen: til de korf op door deze bij de zijkanten vast te pakken; laat weer los zodra hij omhoog en in positie is zonder druk uit te oefenen op de hendels. Verlagen: houd de korf aan de zijkanten vast, druk op de twee B-hendels aan de zijkanten van de korf en zet de korf lager. WAARSCHUWING: Verhoog of verlaag NOOIT de korf maar aan één kant. WAARSCHUWING: Begeleid de korf altijd tijdens bij het laten zakken naar de stoppositie.

57 NL 5. DE VAAT SCHIKKEN Bekerhouder (alleen bij sommige modellen) De bovenste korf (afb.1) is uitgerust met beweegbare steunen aan het zijpaneel. Ze kunnen in de open positie (A) worden geplaatst om theebekers, koffie, lange messen en grendels te plaatsen of in de onderste positie (B) om meer ruimte in de bovenste korf te hebben.  Glazen op een poot kunnen aan hun poot worden opgehangen (afb.2). Gebruik de bovenste korf  De bovenste korf is ontworpen om een maximale gebruiksflexibiliteit te bieden. Hierin kunnen dessertbordjes, kopjes en glazen worden gezet, waarbij het raadzaam is ze vast te zetten om te voorkomen dat ze worden omgedraaid door de waterstralen.  Plaats de grotere borden licht naar voren gekanteld om gemakkelijk inbrengen van de korf in de machine mogelijk te maken. Een standaard dagelijkse lading wordt weergegeven in afb.3.

58  In de onderste korf worden potten, pannen, terrines, slakommen, deksels, serveerschalen, borden en soepborden geplaatst.  Het bestek moet met de handgreep naar beneden in de speciale plastic houder in de onderste korf worden geplaatst (afb.11-12) zodat het bestek zelf het draaien van de spuitarm of het openen van het wasmiddelcompartiment niet verhindert. Inklapbare rekken (alleen bij sommige modellen) In de onderste korf (afb.5) kunnen een aantal verstelbare kammen (C-D-E, afhankelijk van het model) aanwezig zijn om een optimale stabiliteit voor de vaat te garanderen. Bij borden of schalen van niet-standaard grootte of vorm kunnen ze omhoog/omlaag worden gedaan (afb.6 en 7) om een maximale laadflexibiliteit te garanderen. Een standaard dagelijkse lading wordt weergegeven in afb.9. Het logisch en correct ordenen van de vaat is een essentiële voorwaarde voor een goed wasresultaat.

59 NL Maxi Plates (alleen bij sommige modellen) Het Maxi Plates-systeem (afb.10) is ontworpen om de optimale waspositie te bieden dankzij twee speciale steunen voor maximaal 8 extra grote borden met een diameter van maximaal 34,5 cm (bijvoorbeeld pizzaborden). Het bestekmandje is bedoeld voor allerlei soorten bestek, behalve als het zo lang is dat het de bovenste sproeier in de weg zit. Het bestek moet in de daarvoor bestemde openingen van de bovenste roosters worden geplaatst om een optimale waterdoorlating mogelijk te maken. Het is mogelijk om de bovenste roosters te verwijderen door ze op te tillen en naar binnen te schuiven (afb.11). U kunt de hoogte van de handgreep van het bestekmandje aanpassen door de handgreep aan te trekken of in te duwen. (afb.12). Een voorbeeld van de plaatsing van het bestekrek wordt weergegeven in afbeelding 8.

Gebruik de derde korf voor bestek, zoals weergegeven in de afbeelding (afb.13). Plaats messen met de scherpe snijkant naar beneden. GEBRUIK VAN DE DERDE KORF (alleen bij sommige modellen) WAARSCHUWING: Messen en andere voorwerpen met scherpe punten moeten in het mandje worden gedaan met de punten naar beneden gericht, ofwel horizontaal worden gelegd. BESTEKMAND (alleen bij sommige modellen) WAARSCHUWING Zorg er na het laden van de korf voor dat de spuitarm vrij draait zonder vaat of keukengerei te raken.

60 Indien nodig kunnen de zijplankjes van de derde korf worden verschoven of verwijderd (afb.14-15) om extra ruimte te creëren in de bovenste korf voor grote artikelen, zoals wijnglazen. Bij sommige programma's (zie tabel met de programma's) zal ook de derde wasarm, POWER WASH, die zich onder in de vaatwasser bevindt, worden ingeschakeld. Deze functie is ideaal voor het reinigen van zwaar bevuild tafel- of kookgerei, als deze in het gebied van de korf direct boven de POWER WASH-arm worden geplaatst (afb.16). 6. INFORMATIE VOOR TESTLABORATORIA Informatie welke benodigd is voor vergelijkingstests, geluidsmeting, volgens de EN normen kunt u aanvragen bij het volgende adres: [email protected] Vermeld bij uw verzoek het modelnaam en nummer van de vaatwasser. POWER WASH (alleen bij sommige modellen)

61 NL 7. WASMIDDEL VULLEN (Fig. A "2") Niet geschikte afwasmiddelen (zoals afwasmiddel voor handafwas) bevatten niet de juiste ingrediënten voor gebruik in een afwasautomaat waardoor de afwasautomaat niet goed zal werken. Het vaatwasmiddelreservoir bevindt zich in de deur (afb.A "2"). Als het klepje van het reservoir dicht is, klikt u gewoon op de ontgrendelingsknop (A). Aan het einde van elk wasprogramma staat het klepje altijd open, klaar voor het volgende gebruik. De hoeveelheid wasmiddel dat nodig is varieert en is afhankelijk van de vuiltegraad en het soort servies dat gewassen moet worden. Wij adviseren een gebruik van 20÷30 g per wasbeurt in het wasgedeelte van het wasmiddelbakje (B). Als u tabletten gebruikt, dan is één voldoende. Plaats de TABLET en zorg ervoor dat deze niet in de weg zit van het openingssysteem.

Sluit nadat u het vaatwasmiddel in het reservoir hebt gedaan het klepje weer door het in de richting van de pijl te duwen tot het vastklikt. Omdat niet alle afwasmiddelen hetzelfde zijn kan de hoeveelheid variëren. Te weinig wasmiddel kan tot gevolg hebben dat het servies niet goed schoon wordt, maar met teveel wasmiddel krijgt u geen betere resultaten en verspilt u wasmiddel. Gebruik dus geen overdadige hoeveelheid wasmiddel en spaar hiermee het milieu. WAARSCHUWING Als u de onderste korf heeft geladen, let dan goed op dat borden of andere vaat niet voor het wasmiddelbakje zit. Het wasmiddelbakje vullen BELANGRIJK Het is noodzakelijk een wasmiddel te gebruiken, dat speciaal bestemd is voor afwasmachines ofwel in poedervorm, vloeibaar of in een tablet. Afwasmiddel

62 Bij programma's met een voorwascyclus waarvoor een extra dosis vaatwasmiddel nodig is (zie het hoofdstuk over wasprogramma's), moet het extra vaatwasmiddel op de juiste plaats (C) worden toegevoegd. Vaatwasmiddel toevoegen bij programma's waarvoor dat nodig is Gebruik niet onnodig veel afwaspoeder. Het is niet nodig het milieu daarmee extra te belasten.

63 NL 8. TYPES WASMIDDEL Vaatwastabletten van verschillende merken lossen is verschillende snelheden op, dat is de reden waarom sommige tabletten niet effectief genoeg zijn en niet volledig oplossen bij een kort programma. Als u deze tabletten wil gebruiken raden wij u aan om een langer programma te kiezen. De middelen welke ook glansspoelmiddel bevatten moeten in het wasmiddel bakje geplaatst worden. Er mag geen glanspoelmiddel in het reservoir zitten, is dit wel het geval, zet dan de knop van het glansspoelmiddel op de laagste stand. Als u gebruik maakt van "TABLETTEN" ("3 in 1"/"4 in 1"/"5 in 1" enz. ) vaatwastabletten, dan adviseren wij het volgende:  Lees aandachtig de instructies op de verpakking;  Het effect van de vaatwastabletten met ingebouwde zoutfunctie en/of waterontharder is afhankelijk van de waterhardheid. Controleer of de waterhardheid binnen de toleraties valt.

, zoals vermeld op de verpakking. Als u bij gebruik van dit product niet tevreden over het wasresultaat neem dan contact op met de productent van het wasmiddel. In sommige gevallen kan het gebruik van gecombineerde vaatwasmiddelen het volgende veroorzaken:  Kalkaanslag op de vaat of in de machine;  Een reductie van het was- en/of droogresultaat. Als er gebruik gemaakt word van een "TABLETTEN" tablet, zullen de zout- en glasspoelmiddel lampjes branden op de machine (op een aantal modellen) deze lampjes kunt u negeren. Als er problemen zijn met het was- en/of droogresultaat adviseren wij u gebruik te maken van gescheiden zout, glansspoel- en afwasmiddel. Wij adviseren u in dit geval:  Vul zowel de zout- en glanspoelcontainer volledig aan;  Draai een standaard wasprogramma zonder belading.

64 9. SPOELMIDDEL VULLEN (Afb. A "3") Spoelmiddel, dat automatisch wordt vrijgegeven tijdens de laatste spoelcyclus, helpt de vaat snel te drogen en voorkomt kringen en vlekken. Het spoelmiddelreservoir bevindt zich naast het wasmiddelreservoir (afb.A "3"). Om te openen, drukt u op het lipje op het deksel van de spoelmiddeldispenser en tilt u het deksel omhoog. Voeg tot aan de markering spoelmiddel toe.  Als het spoelmiddel naar buiten stroomt, moet u alles buiten het reservoir verwijderen.  Gemorst spoelmiddel kan leiden tot overmatig schuim tijdens de wascyclus.  Sluit het deksel van de spoelmiddeldispenser.  Het deksel klikt in de vergrendelde stand. Gebruik altijd spoelhulpmiddelen die geschikt zijn voor automatische vaatwassers.

Modellen met display of indicatielampje voor spoelmiddel (alleen bij sommige modellen) Wanneer het nodig is om het spoelmiddelreservoir te vullen, geeft het display een tekort aan spoelmiddel aan (bij modellen met een display) of gaat het betreffende indicatielampje op het dashboard branden. De hoeveelheid spoelmiddel aanpassen 1. Zet het apparaat aan; druk op de knop "AAN/UIT" . 2. Houd de knop "INSTELLINGEN (5 sec.)" ingedrukt. Er klinkt een korte pieptoon. 3. Het bericht "INSTELLINGEN" verschijnt op het display. 4. Druk op de "PROGRAMMASELECTIE"-knoppen om in het submenu te navigeren. 5. Kies de optie "SPOELMIDDEL". 6. Druk op "STARTEN/ANNULEREN" voor toegang tot de regelingsniveaus. 7. Druk op "PROGRAMMASELECTIE" om de waarde te kiezen (R1......R6). Bij niveau R0 wordt er geen glansspoelmiddel afgegeven. Start de procedure ALTIJD met de vaatwasser uitgeschakeld.

65 NL 8. Druk op "STARTEN/ANNULEREN" om te bevestigen. 9. Druk op "AAN/UIT" om te bevestigen. Het kalkgehalte van het water heeft een grote invloed op de kalkvorming en de droogprestaties. Het is daarom belangrijk om de hoeveelheid spoelmiddel te reguleren om goede wasresultaten te bereiken. Als er na het wassen strepen op de afwas zitten, verkleint u de hoeveelheid met één positie. Als er witte vlekken optreden, vergroot u de hoeveelheid met één positie. Modellen die niet zijn voorzien van een indicatielampje voor spoelmiddel (alleen bij sommige modellen): U kunt het niveau van het spoelmiddel controleren met behulp van het optische display (B) op het afgiftereservoir.

VOL LEEG donker licht De hoeveelheid spoelmiddel aanpassen Het is alleen mogelijk om de hoeveelheid spoelmiddel die tijdens het wassen door de vaatwasser wordt gebruikt aan te passen via een speciale APP die met uw smartphone kan worden gedownload vanaf de site. Het kalkgehalte van het water heeft een grote invloed op de kalkvorming en de droogprestaties. Het is daarom belangrijk om de hoeveelheid spoelmiddel te reguleren om goede wasresultaten te bereiken. Als er na het wassen strepen op de afwas zitten, verkleint u de hoeveelheid met één positie. Als er witte vlekken optreden, vergroot u de hoeveelheid met één positie. De aanpassing is in de fabriek ingesteld op niveau 2, omdat dit de meeste gebruikers voldoet.

66 10. DE FILTERS REINIGEN (Fig. A "4") Het filtersysteem (figuur A "4") bestaat uit: - Een centrale houder die de grotere vuildeeltjes van de vaat trapsgewijs sorteert; - Een micro filter onder de platte zeef dat de kleinste onzuiverheden uit het water haalt en zorgt voor een perfecte spoeling; - Een platte zeef die het spoelwater voortdurend filtert.  Om optimale resultaten te bereiken moeten de filters gecontroleerd worden na elke was.  Om de filtereenheid te verwijderen, draait u de hendel gewoon linksom en haalt u hem eruit door hem omhoog te trekken (fig.1).  Om het reinigen eenvoudiger te maken, kan het centrale reservoir worden verwijderd (fig.2) door op de twee knoppen aan de zijkanten te drukken en het reservoir omhoog te trekken.  Verwijder de platte zeef (fig.3) en spoel het gehele onderdeel met water (fig.4), indien nodig kan hierbij een klein borsteltje gebruikt worden.

67 NL  Plaats de plaat en de filtereenheid terug door de voorgaande handelingen in omgekeerde volgorde uit te voeren. Zorg ervoor dat de onderdelen correct worden teruggeschroefd, zodat de werking van de vaatwasser niet in gevaar komt.  Het zelfreinigende microfilter hoeft maar een keer in de twee weken te worden gecontroleerd. Niettemin is het aan te raden na elke wasbeurt de centrale houder en de zeef te controleren op eventuele verstoppingen. Gebruik de vaatwasser nooit zonder de filters. WAARSCHUWING Na het schoonmaken van de filters, controleer of ze correct zijn schoongemaakt en teruggeplaatst, voornamelijk de zeef, of deze op de juiste plaats zit onder in de vaatwasser. Zorg dat het filter teruggedraaid is, met de klok mee. Niet goed teruggeplaatste onderdelen kunnen een omgekeerd effect geven op de werking.

68 11. PRAKTISCHE TIPS  Voordat servies in de afwasautomaat wordt geplaatst dienen grove etensresten (bijv. botjes, eierschalen, koffiedik, tandenstokers of fruitschillen) verwijderd te worden om te voorkomen dat de filters, slangen en sproeiarmen verstopt raken.  Het is niet nodig de vaat te spoelen voordat deze in de vaatwasser wordt geplaatst, dit leidt alleen maar tot een hoger water- en energieverbruik en wordt niet aanbevolen.  Als pannen en ovenschalen zijn aangekoekt of aangebrand is het aan te raden deze eerst in een sopje te laten weken.  Plaats de kopjes, bakjes en pannen altijd met de bovenkant naar beneden.  Plaats het servies zo dat het niet tegen elkaar staat en de waterstraal overal kan komen. Door de korven goed in te richten worden er betere resultaten behaald.  Controleer na het laden van uw afwasautomaat of de sproeiarmen vrij kunnen draaien.

 Laat aangekoekt servies of pannen eerst enige tijd in een sopje weken, eventueel met wasmiddel voor de afwasmachine.  Het afwassen van zilver: a) spoel het zilver direct na gebruik af, vooral als het is gebruikt voor mayonaise, eieren etc; b) strooi er geen afwasmiddel overheen; c) houd het gescheiden van andere metalen voorwerpen. Een gids voor milieuvriendelijk en economisch gebruik van uw apparaat.  Bereik het beste verbruik van energie, water, vaatwasmiddel en tijd door gebruik te maken van het aanbevolen maximale laadvermogen. Bespaar tot wel 50% energie door een volle vaatwasser aan te zetten in plaats van 2 halfvolle.  Als u alleen de afwasmachine wilt gebruiken als deze vol beladen is, plaats dan na elke maaltijd het servies in de korven en gebruik wanneer nodig het programma voor KOUDE SPOELING. Als de afwasmachine uiteindelijk vol is stel dan het gewenste programma in.

 Als het servies niet erg vuil is of als de afwasmachine nog niet helemaal vol is, gebruik dan de Economy-toets bij de programma's waarbij dit mogelijk is (zie afwasprogrammatabel).

69 NL  Bepaalde decoraties kunnen verbleken, daarom kunt u eerst beter een exemplaar enkele malen machinaal wassen om er zeker van te zijn dat de decoratie niet verbleekt.  Het is verstandig zilver en metalen bestek niet bij elkaar te zetten om eventuele chemische reacties te voorkomen.  Om het druppelen vanaf het bovenrek te voorkomen is het raadzaam na beeindiging van het programma eerst het onderrek leeg te halen.  Mocht de vaat na beëindiging niet meteen uit de machine gehaald worden dan radenwij u aan de deur op een kier te zetten, om een nog betere droging te verkrijgen. Raadgevingen, voor na het afwassen BELANGRIJK Let bij de aankoop van servies of bestek of deze geschikt zijn voor machinaal afwassen.

70 12. ONDERHOUD EN REINIGING Door uw machine op de juiste manier te verzorgen, kunt u ervoor zorgen dat hij langer meegaat.  Haal de stekker van de machine uit het stopcontact.  Om de buitenzijde van de afwasautomaat te reinigen wordt afgeraden gebruik te maken van agressieve reinigingsmiddelen en schuursponsjes. Beter is het gebruik te maken van alleen water en een doek.  Neem de rubberen deurafdichting af en toe af met een natte doek.  Mocht er naglansmiddel gemorst worden tijdens het vullen neem het dan met een doekje meteen op.  Om kalksteenafzettingen of vuil te verwijderen wordt aanbevolen uw vaatwasser te reinigen. Wij raden u aan periodiek een wasbeurt uit te voeren met gespecialiseerde vaatwasser reinigingsmiddelen. Voor alle reinigingswerkzaamheden moet de vaatwasser leeg zijn.

 Wanneer, ondanks regelmatig schoonmaak van de filters, de vaat niet goed schoon wordt, dient u de sproeikoppen op de roterende armen onder in de machine te controleren of deze schoon zijn (fig.A "5"). Wanneer deze geblokkeerd zijn maak deze dan schoon op de volgende manier: 1) Verwijder de bovenste rotorarm en draai de ringmoer van rechts naar links (afb.1); 2) Verwijder de onderste rotorarm door deze gewoon omhoog te trekken (afb.2); 3) Was de rotorarmen onder een waterstraal om blokkades in de spuitkoppen te verwijderen (afb.3); De binnenkant van de machine reinigen De buitenkant van de machine reinigen

71 NL 4) Wanneer u klaar bent, plaatst u de rotorarmen weer in dezelfde positie terug. Vergeet niet de pijl weer uit te lijnen en de schroef in positie vast te draaien (afb.4); 5) De binnendeur en kuip zijn ook van roestvrijstaal. Eventuele oxidatieverschijnselen kunnen afkomstig zijn van een grote concentratie ijzerzouten in het water. 6) Roestende bestekheften of bevestigingsschroeven in handvatten van pannen kunnen ook een lichte roestvorming veroorzaken. Deze vlekken kunnen met een licht schuurmiddel verwijderd worden: maak nooit gebruik van chloorhoudende middelen of ijzeren pannensponzen. Indien de machine meerdere dagen niet gebruikt wordt, is het raadzaam de volgende punten in acht te nemen. 1. Draai een programma af zonder afwas, maar met afwasmiddel om de machine te ontvetten; 2. Trek de stekker uit het stopcontact; 3. Draai de waterkraan dicht; 4.

Vul het glansmiddelreservoir; 5. Zet de deur op een kier; 6. Houd de binnenkant van de afwasmachine schoon; 7. Als de afwasmachine is opgesteld waar een omgevingstemperatuur beneden 0°C behaald kan worden, dan kan het achtergebleven water in de slangen bevriezen. Wacht dan met het aanzetten van de afwasmachine tot de temperatuur weer boven het vriespunt is en wacht dan nog een uur voordat u de afwasmachine weer aanzet. NAHET WASSEN Gebruik geen hulpmiddelen die de spuitkoppen kunnen vervormen.

73 NL 15. PROGRAMMASELECTIE EN SPECIALE EIGENSCHAPPEN  Druk op de AAN/UIT-knop om het apparaat in en uit te schakelen.  Open de deur en plaats de vuile vaat in het apparaat.  Druk op de "AAN/UIT"-knop. Het indicatielampje dat aan het programma "ECO" of het opgeslagen programma is gekoppeld, knippert.  Selecteer een ander programma door op de knop "PROGRAMMASELECTIE" te drukken. Het met het geselecteerde programma geassocieerde indicatielampje knippert.  Om een optie te selecteren, drukt u op de bijbehorende knop (het indicatielampje gaat branden).  Druk op de knop "STARTEN/ANNULEREN" (het indicatielampje van het geselecteerde programma stopt met knipperen en blijft branden).  Als de deur dicht is en na een hoorbaar signaal, zal het programma automatisch starten.

Als er tijdens het gebruik van de vaatwasser sprake is van een stroomonderbreking, dan slaat een speciaal geheugen het geselecteerde programma op en gaat het wanneer de stroom weer is hersteld, verder waar het was gebleven. Sommige programma's gebruiken een impuls- of intermitterend wassysteem (afhankelijk van het model) die het verbruik en het lawaai beperkt en de prestaties verbetert. Het openen van de deur wanneer een programma wordt uitgevoerd wordt niet aanbevolen, vooral niet tijdens de hoofdwas- en de eindspoelfase. Als de deur wel wordt geopend terwijl een programma loopt (bijvoorbeeld om vaat toe te voegen) stopt de machine automatisch. Sluit de deur, zonder op een knop te drukken. Het programma gaat verder vanaf waar het gebleven was.

Als u een programma dat al bezig is wilt wijzigen of annuleren, gaat u als volgt te werk:  Houd de knop "ANNULEREN" ten minste 3 seconden lang ingedrukt. Verschillende geluidssignalen klinken en de programma-indicatielampjes gaan individueel en opeenvolgend aan en uit.  Het indicatielampje dat aan het programma "ECO" of het opgeslagen programma is gekoppeld, knippert.  Op dit moment kan een nieuw programma worden ingesteld.

Een lopend programma veranderen WAARSCHUWING Als u tijdens de droogcyclus de deur opent, klinkt er een onderbroken zoemersignaal dat u laat weten dat de droogcyclus nog niet is voltooid. Het onderbreken van een programma De "intermittent" (onderbroken) werking van de waspomp mag NIET als een storing worden beschouwd; het is een kenmerk van impulswassen en moet daarom als een normaal onderdeel van het programma worden beschouwd. Programma's "IMPULSE" of "INTERMITTENT" (alleen bij sommige modellen) Programma-instellingen AAN/UIT-knop.

74 Het einde van het programma wordt aangegeven door 3 signalen die 3 seconden duren, met een pauze van 20 seconden. Na een minuut wordt de vaatwasser tegelijkertijd uitgeschakeld op het display. Het woord "EINDE" verschijnt één minuut. Deze knop kan worden gebruikt om twee verschillende functies te selecteren, afhankelijk van het geselecteerde programma: Knop "HALFVOL" (alleen bij sommige modellen) Speciaal ontwikkeld voor kleine, licht bevuilde ladingen die in ongeveer de helft van de vaatwasser passen. Door deze optie te selecteren, kunt u tijd, energie en water besparen. Druk na het selecteren van het programma op de knop "HALFVOL" en het indicatielampje gaat branden. Als deze optie niet kan worden gebruikt met het ingestelde programma, dan klinkt er een geluid.

Knop "TABLETTEN" (alleen bij sommige modellen) Deze optie optimaliseert het gebruik van tabletten ("3 in 1"/"4 in 1"/"5 in 1", etc. ) met gecombineerde vaatwasmiddelen. Door op deze knop te drukken, wordt het geselecteerde wasprogramma aangepast om de beste prestaties te verkrijgen van gecombineerde wasmiddelen (bovendien worden de lampjes voor een tekort aan zout en spoelmiddel gedeactiveerd). Houd na het selecteren van het programma de knop "TABLETTEN" 5 seconden ingedrukt en het indicatielampje gaat branden. Als deze optie niet kan worden gebruikt met het ingestelde programma, dan klinkt er een geluid. "SMART DOOR" (Deur automatisch openen) (Alleen bij modellen waar aanwezig) Met deze optie wordt een speciaal mechanisme ingeschakeld dat de deur een paar centimeter opent aan het einde van het "ECO"-programma.

Door het openen van de deur in de laatste droogfase kan de lucht circuleren, waardoor het risico op onaangename geurtjes wordt weggenomen. Wanneer de deur open gaat, verschijnt de melding "SMART DOOR" op de display. Deze optie wordt aanbevolen bij gebruik van het snelle programma (RAPID), waarvan de duur wordt verlengd, waardoor de prestaties van de wasmiddeltabletten kunnen worden verbeterd.

WAARSCHUWING Eenmaal geselecteerd, blijft deze optie ook actief (lampje aan) voor volgende wascycli en kan alleen worden gedeactiveerd (lampje uit) door nogmaals 5 seconden op de knop te drukken. Optieknop HALFVOL/TABLETTEN Bij modellen met de optie "AUTO DOOR" gaat de deur tijdens de droogfase automatisch open en moet u wachten tot het signaal van het einde van de cyclus voordat u de vaat uit de machine haalt. Einde van het programma WAARSCHUWING: Voordat u een nieuw programma start, moet u controleren of er nog vaatwasmiddel in de dispenser zit. Vul indien nodig het vaatwasmiddel bij.

75 NL Dit model is voorzien van een indicatielampje op het bedieningspaneel dat gaat branden als het zoutreservoir moet worden bijgevuld. Druk na het bijvullen van het zoutreservoir enkele seconden op deze knop, totdat het overeenkomstige indicatielampje uit gaat. Deze knop kan gebruikt worden om twee verschillende functies te selecteren. - UITGESTELDE START De starttijd van de vaatwasser kan met deze knop worden ingesteld, waarbij de start met 3, 6 of 9 uur wordt uitgesteld. Ga als volgt te werk om een uitgestelde start in te stellen:  Kies een programma door op de knop "PROGRAMMASELECTIE" te drukken.  Druk op de knop "UITGESTELDE START" (elke keer als u erop drukt, kunt u een bepaalde uitsteltijd voor de start instellen).

Type A (alleen bij sommige modellen) 3 uur: indicatielampje 3h aan 6 uur: indicatielampje 6h aan 9 uur: beide indicatielampjes aan Type B (alleen bij sommige modellen) 3 uur: indicatielampje 3h aan 6 uur: indicatielampje 6h aan 9 uur: indicatielampje 9h aan  Om het aftellen te starten, drukt u op de knop "STARTEN/ANNULEREN" (het indicatielampje voor de ingestelde tijd begint te knipperen). Optieknop UITGESTELDE START/ INSTELLINGEN Om de correcte werking van het zoutindicatielampje te waarborgen, MOET U ALTIJD HET ZOUTRESERVOIR VOLLEDIG BIJVULLEN. WAARSCHUWING: Als u op de resetknop drukt zonder het zoutreservoir bij te vullen dan zal dit de juiste werking van het zoutindicatielampje verstoren. "ANNULEREN"-knop voor het zoutindicatielampje (alleen bij modellen met een resetknop voor het zoutindicatielampje).

Indicatielampje zout bijvullen WAARSCHUWING Wanneer deze optie is geselecteerd, mag u in geen geval verhinderen dat de deur opengaat of de deur forceren om te sluiten, omdat dit het mechanisme beschadigt. Zorg ervoor dat er voor de deur ruimte vrij is en wacht tot de werking van het mechanisme om te openen is voltooid voordat u de deur sluit. WAARSCHUWING Deze functie wordt alleen automatisch geactiveerd met het ‘ECO’-programma.

76 Als een uitstel van 9 uur is ingesteld, wordt het aftellen weergegeven door het 6h-indicatielampje na 3 uur en het 3h-indicatielampje na 6 uur. Aan het einde van de laatste 3 uur (aan het einde van het aftellen) stopt het 3h-indicatielampje met knipperen en blijft branden om de wasfase aan te geven en wordt het programma automatisch gestart. Uitgestelde start kan worden gewijzigd of geannuleerd als het aftellen nog niet is afgelopen en dus het programma nog niet is begonnen. Selecteer een ander programma of selecteer/deselecteer de optieknop, ga daarbij als volgt te werk:  Houd de knop ANNULEREN ten minste 3 seconden lang ingedrukt. Sommige geluidssignalen zullen klinken en de programma-indicatielampjes gaan afzonderlijk en opeenvolgend aan en uit.  De uitgestelde start en het geselecteerde programma worden geannuleerd.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Candy CF 3E7L0S stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden