Cadel Gemma Handleiding

Cadel Heater Gemma

Bekijk gratis de handleiding van Cadel Gemma (60 pagina’s), behorend tot de categorie Heater. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 25 mensen en kreeg gemiddeld 5.0 sterren uit 8 reviews. Heb je een vraag over Cadel Gemma of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/60
©2014 CADEL srl | All rights reserved – tutti i diritti riservati
en WOOD COOKING STOVE
installationuse and maintenance manual,
nl HOUTKEUKEN
handleidingvoor installatiegebruik enonderhoud ,
diamante smart maxi master gemmatilde vesta taurus minismart - - - - - - - -
mini ghibli jolly opalecountry rubino club opale - - - - 60 - - - 80

Beoordeel deze handleiding

5.0/5 (8 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Cadel
Categorie: Heater
Model: Gemma

Handleiding Cadel Gemma – volledige tekst

30 KEUKENKACHEL OP HOUTNL1 IN DE HANDLEIDING GEBRUIKTE SYMBOLEN• De iconen met de mannetjes geven aan tot wie het in de paragraaf behandelde onderwerp gericht is (gebruiker en/of geautoriseerde technicus en/of kachel- en schoorsteenspecialist). • De AANDACHTS-symbolen duiden op een belangrijke opmerking. GEBRUIKERGEAUTORISEERDE TECHNICUS(moet UITSLUITEND opgevat worden als: of de fabrikant van de kachel, of de geautoriseerde technicus van de technische assistentiedienst die door fabrikant van de kachel erkend is)GESPECIALISEERDE INSTALLATEURLET OP:LEES DE OPMERKING MET AANDACHTLET OP:MOGELIJKHEID VAN GEVAAR OF ONHERSTELBARE SCHADE2 BESTE KLANT• onze producten zijn ontworpen en geconstrueerd met inachtneming van de normen EN13240 voor houtkachels, EN 14785 voor pelletkachels, EN 13229 voor haarden, EN12815 voor houtgestookte fornuizen, C. P. R.

305/2011 voor te construeren producten, EG-verordening1935/2004 voor materialen en voorwerpen die in aanraking met levensmiddelen komen, Richtlijn 2006/95/EEG voor laagspanning, Richtlijn 2004/108/EG voor elektromagnetische compatibiliteit. • Lees de instructies die in deze handleiding staan met aandacht om de beste prestaties te verkrijgen. • Deze handleiding met instructies maakt integraal deel uit van het product: controleer of de handleiding zich altijd bij het apparaat bevindt, ook als dit van eigenaar verandert. Bent u de handleiding kwijtgeraakt, vraag dan een kopie aan bij de technische assistentiedienst bij u in de buurt. • Alle plaatselijke reglementen, met inbegrip van de reglementen die naar nationale, Europese normen verwijzen, moeten op het moment van installatie van het apparaat in acht genomen worden.

37/08 verwezen en iedere gekwaliceerde installateur die aan de daarvoor gestelde eisen voldoet moet de conformiteitsverklaring van het geïnstalleerde systeem afgeven (met “systeem” wordt bedoeld: kachel + schoorsteen + luchtinlaat). • Volgens de Verordening (EU) nr. 305/2011, de “Prestatieverklaring” is online beschikbaar aan de internetsite www. cadelsrl. com / www. free-point. it. 3 WAARSCHUWINGEN• Alle afbeeldingen die in de handleiding staan, zijn van louter verhelderende en indicatieve aard en kunnen dus enigszins afwijken van het apparaat dat u in bezit heeft. • Het apparaat waarnaar verwezen wordt, is het apparaat dat u gekocht heeft. • In geval van twijfel, als u iets niet begrijpt, of wanneer zich problemen voordoen die niet door deze handleiding behandeld worden, verzoeken wij u zo snel mogelijk contact op te nemen met uw distributeur of installateur.

31KEUKENKACHEL OP HOUTNL4 GARANTIEVOORWAARDENHet bedrijf geeft garantie op het product, met uitzondering van de elementen onderhevig aan normale slijtagezoals hierna vermeld, gedurende vanaf de datum van aankoop, wat wordt aangetoond door: 2 (twee) jaar• een bewijsdocument (factuur en/of scaal bewijs) dat de naam van de verkoper en de datum vermeldt waarop de verkoop plaatsvond;• de verzending van het garantiecerticaat, ingevuld binnen 8 dagen na de aankoop. Opdat de garantie verder zou geldig worden en effectief zijn, mag de installatie volgens de regels van de kunsten de inwerkingstelling van het toestel uitsluitend door gekwaliceerd personeel worden uitgevoerd, dat in de voorziene gevallen aan de gebruiker een gelijkvormigheidsattest van de installatie en verklaring van goede werking van het toestel moet overhandigen.

Wij raden aan om de werkingstest van het toestel uit te voeren vooraleer de voltooiing met de desbetreffendeafwerkingen (bekledingen, kleurafwerking van de wanden, enz. ) te doen. Installaties die niet overeenkomen met de geldende normen doen de garantie van het product vervallen, evenals oneigenlijk gebruik en het niet uitvoeren van het onderhoud zoals door de fabrikant voorzien. De garantie is van kracht op voorwaarde dat de aanwijzingen en waarschuwingen worden nageleefd in de handleiding voor gebruik en onderhoud dat bij het toestel zit, zodat een zo correct mogelijk gebruik mogelijk is. De vervanging van het hele toestel of de reparatie van een van zijn onderdelen zorgen niet voor verlenging vande garantie, die ongewijzigd blijft. Met garantie wordt de gratis vervanging of reparatie bedoeld van delen die als defect worden erkend als gevolg van fabricatiefouten.

Om zich op de garantie te kunnen beroepen wanneer er zich een defect voordoet, moet de eigenaar het garantiecerticaat bewaren en dit samen met het aankoopbewijs aan de technische dienst voor assistentie voorleggen.

Alle slechte werkingen en/of schade aan het toestel die aan de volgende oorzaken te wijten zijn, zijn van dezegarantie uitgesloten:• Schade veroorzaakt door transport en/of verplaatsing. • Alle delen die defect blijken door verwaarlozing of onachtzaamheid tijdens het gebruik, door foutief onderhoud, door een installatie die niet conform is met wat door de fabrikant is aangegeven (raadpleeg altijd de handleiding voor installatie en gebruik die bij het toestel zit). • Foutieve dimensionering in verhouding tot het gebruik of defecten tijdens de installatie of het niet toepassen van de nodige maatregelen om een uitvoering volgens de regels van de kunst te verzekeren. • Onjuiste oververhitting van het toestel, namelijk door gebruik van brandstoffen die niet conform zijn met het type en met de hoeveelheden aangegeven in de meegeleverde instructies.

• Andere schade veroorzaakt door foutieve interventies van de gebruiker wanneer die probeert om het oorspronkelijke defect zelf op te lossen. • Verergering van de schade veroorzaakt door het toestel verder te gebruiken nadat het defect zich voordeed. • Eventuele corrosie, aanslag of breuken veroorzaakt door zwerfstroom, condens, agressiviteit of zuurheid van het water, onjuist uitgevoerde aanslagwerende behandelingen, watertekort, bezinksel van modder of kalkaanslag. • Inefciëntie van de schoorstenen, rookgaskanalen of delen van de installatie waarvan het toestel afhangt. • Schade toegebracht door het openbreken van het toestel, weersinvloeden, natuurrampen, vandalisme, elektrische schokken, brand, defecten aan de elektrische en/of hydraulische installatie.

Bovendien is het volgende van deze garantie uitgesloten:• Onderdelen onderhevig aan normale slijtage, zoals pakkingen, ruiten, bekledingen en roosters in gietijzer, gelakten verchroomde of vergulde onderdelen, de handgrepen en elektrische kabels, lampen, verlichte controlelampjes, draaiknoppen en alle delen van de vuurhaard die weggenomen kunnen worden. • De kleurwijzigingen van de gelakte delen en de delen van keramiek/serpentijn, alsook barstjes in de keramiek, omdat dit natuurlijke kenmerken van het materiaal en van het gebruik van het product zijn. • Metselwerk. • Onderdelen van de installatie (indien aanwezig) die niet door de fabrikant zijn geleverd. Eventuele technische interventies op het toestel om voornoemde defecten en daaruit voortvloeiende schade weg te nemen, moeten bijgevolg met de technische dienst voor assistentie worden overeengekomen.

Deze dienst behoudt zich het recht voor om de betreffende opdracht al of niet te aanvaarden en de opdracht wordtin ieder geval niet in garantie uitgevoerd, maar wel als technische assistentie geleverd onder eventuele speciekovereengekomen voorwaarden en volgens de tarieven die van kracht zijn voor de uit te voeren werken. Bovendien worden de kosten nodig om foutieve technische interventies uitgevoerd door de gebruiker te corrigeren, om forceringen te herstellen of alle andere schadelijke factoren die niet te herleiden zijn tot oorspronkelijke defecten, ten laste van de gebruiker zijn. Met uitzondering van de beperkingen die door de wetten of reglementeringen worden opgelegd, blijft verder iedere garantie uitgesloten voor atmosferische en akoestische vervuiling.

Het bedrijf kan niet aansprakelijk gesteld worden voor eventuele schade die, rechtstreeks of onrechtstreeks, te wijten is aan personen, dieren of voorwerpen als gevolg van het niet respecteren van alle voorschriften die aangeduid worden in deze handleiding, en vooral diegene betreffende de installatie, het gebruik en het onderhoud van het toestel.

32 KEUKENKACHEL OP HOUTNL5 RESERVEONDERDELENVoor iedere reparatie of jnafstelling die nodig mochten zijn, dient u zich te wenden tot de concessionaris die de verkoop verricht heeft, of tot de technische assistentiedienst bij u in de buurt, onder vermelding van:• Model van het apparaat• Serienummer• Type ongemakGebruik alleen originele reserveonderdelen die u altijd bij onze assistentiecentra vindt. 6 AANWIJZINGEN VOOR EEN CORRECTE VERWIJDERING VAN HET PRODUCT De afbraak en het verwijderen van het product is uitsluitend ten laste van en op verantwoordelijkheid van deeigenaar, die moet handelen in naleving van de geldende wetten in zijn land inzake veiligheid en milieubehoud. Aan het einde van de nuttige levensduur mag het product niet samen met het gewone huishoudafval wordenverwerkt.

Het moet naar een speciaal centrum voor gescheiden afvalinzameling van de gemeente worden gebracht, ofnaar een verkooppunt dat deze service verschaft. Het gedifferentieerd verwijderen van het product voorkomt mogelijke negatieve gevolgen voor het milieu ende gezondheid die door een ongeschikte verwijdering ontstaan en zorgt ervoor dat de materialen waaruithet apparaat bestaat teruggewonnen kunnen worden om een aanmerkelijke besparing van energie engrondstoffen te verkrijgen. 7 VERPAKKING EN VERPLAATSING 7. 1 VERPAKKING• De verpakking bestaat uit een recyclebare kartonnen doos volgens de RESY-normen, recyclebare inzetstukken van geëxpandeerd EPS en houten pallets. • Alle verpakkingsmaterialen kunnen voor een gelijkaardig gebruik hergebruikt worden of eventueel als stadsafval, met inachtneming van de van kracht zijnde normen, weggegooid worden.

2 VERPLAATSING VAN DE KACHELZowel voor de verpakte als voor de uitgepakte kachel is het noodzakelijk de volgende instructies voor de verplaatsing en het transport van de kachel zelf in acht te nemen, vanaf het moment van aankoop tot het bereiken van het punt van gebruik en voor iedere andere toekomstige verplaatsing:• verplaats de kachel met geschikte werktuigen en let op de normen die van kracht zijn op het gebied van de veiligheid;• leg de kachel niet op één zijde en/of kantel hem niet maar houd hem verticaal of hoe dan ook overeenkomstig de aanwijzingen van de fabrikant;• als de kachel onderdelen van majolica, steen, glas, of hoe dan ook van bijzonder delicate materialen bevat, verplaats het geheel dan zeer voorzichtig.

Controleer bij de plaatselijke overheid of er beperkende normen zijn die betrekking hebben op de inlaat van de verbrandingslucht, de rookafvoerinstallatie, het rookkanaal of de schoorsteenpot.De rma stelt zich op generlei wijze aansprakelijk voor de slechte werking van de kachel als die te wijten is aan het gebruik van een rookkanaal met verkeerde afmetingen dat niet aan de van kracht zijnde normen voldoet.8.2 ROOKKANAAL• Het rookkanaal of de schoorsteen zijn zeer belangrijk voor de goede werking van een verwarmingsapparaat.• Het is van essentieel belang dat het rookkanaal volgens de regels van het vak geconstrueerd is en altijd perfect efciënt gehouden wordt.• Het rookkanaal moet enkelvoudig zijn met geïsoleerde inox-buizen of op een bestaand rookkanaal.• Beide oplossingen moeten een inspectieluikje bezitten.8.3 TECHNISCHE KENMERKENFig. 1 - Schuin dakLEGENDA Fig. 2 op pag.

331Hoogte boven de nok van het dak = 0,5 m2Helling dak ≥10°390°4Gemeten afstand op 90° van het oppervlak van het dak = 1,3 m.• Het rookkanaal moet rookdicht zijn.• Het moet een verticaal verloop hebben, zonder knikken, en moet van materialen gemaakt zijn die ondoordringbaar zijn voor rook en condens, die thermisch geïsoleerd zijn en geschikt zijn om door de tijd heen bestand te zijn tegen normale mechanische belastingen.Het rookkanaal moet extern geïsoleerd zijn ter vermijding van condensvorming en moet het effect van koeling van de rookgassen verlagen.

34 KEUKENKACHEL OP HOUTNL• Het moet zich door middel van een luchtbuffer of isolatiemateriaal op afstand van brandbare of gemakkelijk ontvlambare materialen bevinden. Controleer deze afstand bij de producent van de schoorsteen. • De opening van de schoorsteen moet zich in dezelfde ruimte bevinden waarin het apparaat geïstalleerd is, of op zijn minst in de aangrenzende ruimte. Onder de opening moet een opvangruimte voor vast materiaal en condens aanwezig zijn, die via het metalen, hermetisch gesloten deurtje toegankelijk is. • Extra afzuigsystemen mogen noch langs de schoorsteen noch op de schoorsteenpot geïnstalleerd zijn. • De binnendoorsnede van het rookkanaal kan rond zijn (het best), of vierkant, waarbij de op elkaar aangesloten zijden een minimumstraal van 20 mm hebben. • De grootte van de doorsnede is minimaal Ø150 mm, maximaal Ø240 mm.

• Laat de efciëntie van het rookkanaal door een ervaren kachel- en schoorsteenspecialist nakijken en bedek het rookkanaal zo nodig met materiaal dat aan de van kracht zijnde normen voldoet. • De afvoer van de verbrandingsproducten moet plaatsvinden op het dak. • Het rookkanaal moet het CE-plaatje bezitten volgens de norm EN 1443. Hieronder een voorbeeldplaatje:Fig. 2 - Voorbeeld van een plaatje8. 4 HOOGTE-ONDERDRUKDe onderdruk (trek) van een rookkanaal is ook afhankelijk van diens hoogte. Controleer de onderdruk met de waarden die vermeld worden bij KENMERKEN op. Minimum hoogte 3,5 meter. KENMERKEN op pag. 558. 5 ONDERHOUD• Het rookkanaal moet altijd schoon zijn omdat de aanslag van roet of onverbrande olie de doorsnede verkleint en de trek blokkeert. In grote hoeveelheden kan deze aanslag in brand raken.

• De rookafvoerleidingen (rookleiding + rookkanaal + schoorsteenpot) moeten altijd door een ervaren schoorsteenveger gereinigd, geveegd en gecontroleerd worden in overeenstemming met de plaatselijke regelgeving, met aanduiding van de producent van de schoorsteen en met de richtlijnen van uw verzekeringsmaatschappij. • Pas in geval van twijfel altijd de strengste regels toe. • Laat het rookkanaal en de schoorsteenpot minstens één keer per jaar door een ervaren schoorsteenveger controleren en reinigen. De schoorsteenveger moet een schriftelijke verklaring afgeven waarin staat dat het systeem veilig is. • Het niet reinigen compromitteert de veiligheid.

35KEUKENKACHEL OP HOUTNL8.6 SCHOORSTEENPOTFig. 3 - Windbestendige schoorsteenpottenDe schoorsteenpot heeft een belangrijke functie voor de goede werking van de verwarmingsapparatuur:• .Er wordt geadviseerd een windbestendige schoorsteenpot te gebruiken, zie Fig. 4 op pag. 35• De zone van de gaten voor de afvoer van de rookgassen moet twee keer zo groot zijn als de zone van het rookkanaal en zo gevormd zijn dat de afvoer van de rook ook in geval van wind verzekerd wordt.• Deze zone moet voorkomen dat regen, sneeuw en eventueel dieren de schoorsteen binnendringen.• De hoogte waarop de rookgassen in de atmosfeer uitgestoten worden, moet buiten de zone van terugstroming liggen. Deze terugstroming wordt veroorzaakt door de vorm van het dak of door obstakels die zich in de nabijheid bevinden (zie ).TECHNISCHE KENMERKEN op pag. 338.7 ONDERDELEN VAN DE SCHOORSTEENFig.

36 KEUKENKACHEL OP HOUTNLLEGENDA Fig. 5 op pag. 351Schoorsteenpot2Uitstroomweg3Rookkanaal4Thermische isolatie5Buitenmuur6Aansluiting van de schoorsteen7Rookleiding8Warmtegenerator9Inspectieluikje10 Damper8. 8 BUITENLUCHTINLAATFig. 5 - Directe luchttoevoer Fig. 6 - Indirecte luchttoevoerLEGENDA Fig. 6 op pag. 36 - Fig. 7 op pag. 361Te ventileren vertrek2Aangrenzend vertrek3Buitenluchtinlaat4Opening onder de deur voor toename• Het is verplicht om voor buitenluchtrecirculatie te zorgen ten behoeve van een goed welzijn in het vertrek. • De luchttoevoer tussen de buitenlucht en het vertrek kan zowel direct plaatsvinden, via een opening in de buitenmuur van het vertrek (zie ), danwel indirect, via opname van de lucht uit vertrekken Fig. 6 op pag. 36die aan het te ventileren vertrek grenzen (zie ). Fig. 7 op pag.

36• Vertrekken als slaapkamers, berghokken, garages, magazijnen voor brandbaar materiaal mogen hiervoor niet in aanmerking komen. • De luchtinlaatopening moet in zijn totaal een minimum netto oppervlak van 100 cm2 hebben genoemd oppervlak moet vergroot worden als er andere actieve generatoren in het vertrek aanwezig zijn (bijvoorbeeld: een elektroventilator voor de extractie van verzadigde lucht, een keukenafzuigkap, andere kachels, enz,,,). die het vertrek in onderdruk brengen. • Het is noodzakelijk te laten nakijken - wanneer alle apparatuur ingeschakeld is - of de drukval tussen het vertrek en de buitenlucht niet groter is dan 4,0 Pa: vergroot de opening van de luchtinlaat zo nodig (EN 13384).

• De luchtinlaat moet tot stand gebracht worden op een hoogte vlakbij de vloer, met een extern rooster dat bescherming tegen vogels biedt, en op een wijze dat het door geen enkel object belemmerd wordt. • De luchtinlaat is niet nodig in het geval van een hermetisch gesloten installatie. 8. 9 AANSLUITING OP HET ROOKKANAALDe kachel werkt via natuurlijke trek van de rook.

Het is verplicht te controleren of alle leidingen volgens de regels van het vak tot stand gekomen zijn, volgens de normen EN 1856-1, EN 1856-2 en UNI/TS 11278 inzake de keuze van de materialen. Het geheel moet in ieder geval gerealiseerd worden door gespecialiseerde bedrijven of personeel volgens UNI 10683:2012. • De aansluiting tussen het apparaat en het rookkanaal moet kort zijn om de trek te bevorderen en condensvorming in de leidingen te voorkomen.

37KEUKENKACHEL OP HOUTNL• Het rookkanaal moet groter of gelijk zijn aan de afvoerpijp. • Enkele modellen kachels hebben de afvoer aan de zijkant en/of de achterkant. Controleer of de ongebruikte afvoer gesloten wordt met de bijgeleverde dop. TYPE SYSTEEM BUIS Ø150 mm BUIS Ø240 mmMinimum verticale lengte 1,5 m. 2 m. Maximum lengte (met 1 aansluiting) 6,5 m. 10 m. Maximum lengte (met 3 aansluitingen) 4,5 m. 8 m. Maximum aantal aansluitingen 3 3Horizontale delen (minimum helling 3%) 2 m. 2 m. Installatie op een hoogte van meer dan 1200 meter n. a. p. VerplichtNEE• Gebruik een specieke metalen buis voor rookafvoer. • Het is verboden buigzame metalen buizen van vezelcement of aluminium te gebruiken.

• Om van richting te veranderen is het verplicht altijd van T-aansluitingen gebruik te maken (met een bocht, niet met een rechte hoek), met inspectiedop, zodat het gemakkelijk is om een periodieke reiniging van de leidingen uit te voeren. • Controleer na de reiniging altijd of de inspectiedoppen opnieuw hermetisch en met de eigen efciënte pakking gesloten worden. • Het is verboden meer apparaten op hetzelfde rookkanaal aan te sluiiten. • Het is verboden om de rookafvoer van zich erboven bevindende afzuigkappen in hetzelfde rookkanaal te voeren. • Het is verboden de verbrandingsproducten rechtstreeks via de muur naar buiten af te voeren, of naar gesloten ruimtes, ook wanneer deze onoverdekt zijn. • Het is verboden om andere apparaten van ongeacht welk type aan te sluiten (houtkachels, afzuigkappen, ketels, enz. ).

• Het rookkanaal moet zich op een afstand van minstens 500 mm van ontvlambare constructie-elementen of hittegevoelige elementen bevinden. • Het rookgaskanaal moet op vaste en hermetische wijze verbonden worden met de schoorsteen van de kachel; monteer eventueel een damper (zie ). KENMERKEN op pag. 558. 10 VOORBEELDEN VAN CORRECTE INSTALLATIEFig. 7 - Voorbeeld 1LEGENDA Fig. 8 op pag.

39KEUKENKACHEL OP HOUTNL• Extern rookkanaal dat tot stand gebracht is met uitsluitend geïsoleerde inox-buizen, dus met dubbele wand minimaal Ø150 mm: het geheel is goed aan de muur verankerd. Met windbestendige schoorsteenpot (zie Fig. 4 op pag. 35).• Kanaliseringssysteem via T-aansluitingen die een gemakkelijke reiniging zonder demontage van de buizen mogelijk maken.Er wordt geadviseerd de in acht te nemen veiligheidsafstanden en het type isolatiemateriaal samen met de producent van het rookkanaal te controleren. De vorige regels gelden ook voor gaten die in de muur gemaakt worden (EN 13501 - EN 13063 - EN 1856 - EN 1806 - EN 15827).9 BRANDSTOF 9.1 BRANDSTOF• De brandstof die gebruikt moet worden is hout en alle afgeleiden ervan (lignietblokken, samengeperst zaagsel, enz.) met een watergehalte van max.

20%.• Goed brandhout moet minstens 2 jaar gedroogd hebben op een plaats buiten maar afgeschermd van neerslag.• Het gebruik van vochtig hout of schors geeft aanleiding tot de vorming van creosoot in de leidingen van de vuurhaard. Vochtig hout zal veel minder warmte opbrengen dan droog hout.Fig. 10 - Positionering van het hout• Voor de lengte van de houtblokken, controleer de afmetingen van de verbrandingskamer van de kachel.• Het hout moet horizontaal ingebracht worden (zie ). Regel de luchtstroming met de Fig. 11 op pag. 39regelklep.• Er bestaan verschillende producten om het hout aan te steken.Het is verboden vloeibare producten te gebruiken om het hout aan te steken!Het is verboden resten van de houtbewerking te verbranden die lijm en/of vernis bevatten, afval in het algemeen en karton!• Hier volgen enkele gegevens over de kwaliteit van de verschillende houtsoorten:

40 KEUKENKACHEL OP HOUTNLSOORT HOUT KWALITEIT % RENDEMENTEik Uitstekend 100Haagbeuk Uitstekend 100Es 92Heel goedEsdoorn Heel goed 91Berk Goed 89Iep Goed 84Beuk Goed 80Wilg Voldoende 71Spar Voldoende 70Noorse den Slecht 67Lariks Slecht 66Linde Slecht 57Populier Slecht 5010 INSTALLATIE 10. 1 INLEIDING• De positie van de montage moet gekozen worden op grond van de omgeving, de afvoer en het rookkanaal. • Controleer bij de plaatselijke overheid of er beperkende normen zijn die betrekking hebben op de inlaat van de verbrandingslucht, de inlaat voor de ventilatie van het vertrek, de rookafvoerinstallatie, het rookkanaal en de schoorsteenpot.

• De fabrikant stelt zich op generlei wijze aansprakelijk voor een installatie die niet conform de van kracht zijnde wetten is, voor een onjuiste luchtverversing in de vertrekken, voor een elektische aansluiting die niet conform de voorschriften is en voor een oneigenlijk gebruik van het apparaat. • De installatie, de elektrische aansluiting, de controle van de werking en het onderhoud mogen uitsluitend door gekwaliceerd, bevoegd personeel uitgevoerd worden. • Controleer of de inlaat voor verbrandingslucht aanwezig is. • Controleer de eventuele aanwezigheid van andere kachels of apparaten die de kamer in onderdruk kunnen brengen (zie ). BUITENLUCHTINLAAT op pag. 36• Controleer met ingeschakelde kachel of er geen CO in het vertrek aanwezig is. • Controleer of de schoorsteen de benodigde trek heeft.

• Controleer of tijdens de trek van de rook alles in veilige staat verkeert (eventuele rooklekken en afstanden ten opzichte van ontvlambaar materiaal, enz. ). • De installatie van het apparaat moet een gemakkelijke toegang voor de reiniging van het apparaat, de rookafvoerleidingen en het rookkanaal garanderen. • De installatie moet een gemakkelijke toegang tot de elektrische voedingsstekker garanderen (zie ELEKTRISCHE AANSLUITING op pag. 44).

• Het is verboden de kachel te installeren in slaapkamers, badkamers en douches, in ruimtes die als magazijn van verbrandingsmateriaal dienst doen en in eenkamerwoningen. • De kachel mag in geen geval geïnstalleerd worden in ruimtes die hem blootstellen aan contact met water, en helemaal niet aan waterspetters, omdat dit het risico op brandwonden en korsluiting kan veroorzaken. • Om meer apparaten te kunnen installeren, moet de buitenluchtinlaat de daarvoor geschikte afmetingen krijgen (zie ). BUITENLUCHTINLAAT op pag. 36• Alleen in vertrekken waar gekookt wordt is het mogelijk inrichtingen te gebruiken voor de bereiding van voedingsmiddelen voorzien van afzuigkap. • Het gebruik van gasapparaten van het type “C” en niet van het type “B” is toegelaten: raadpleeg de normen van kracht in het land van installatie.

43KEUKENKACHEL OP HOUTNLFig. 13 - Afstand van de murenLEGENDE Fig. 14 op pag. 431min. 1,5 mt2min. 10 cm van de muur3min. 20 cm van ontvlambare muren450 cm520 cm6Muur7Vloerbescherming• Naargelang het model van houtkachel kan gekozen worden voor een alleenstaande installatie, tegen een muur of tussen twee muren.• In beide laatste gevallen moet de muur boven het fornuis zich op een minimale afstand van de rand van de kachel bevinden (zie ).Fig. 14 op pag. 43• De wanden van de belendende meubels en de achterwand van de kachel moeten van hittebestendig (90°C) en brandvrij materiaal zijn.• Ook de achterwand boven het fornuis moet van hittebestendig (120°C) en brandvrij materiaal zijn.

Gebruik nooit een achterwand in hout.• De alleenstaande kachel moet voldoende ver van eventuele muren en/of meubels geplaatst worden, met voldoende ruimte aan de zijkanten en achteraan voor de luchtstroming, zodat het apparaat goed kan afkoelen en de warmte goed verdeeld kan worden in het vertrek (zie ).Fig. 13 op pag. 42• Voor de veiligheidsvoorschriften op het gebied van de brandpreventie moeten de afstanden ten opzichte van ontvlambare of hittegevoelige objecten in acht genomen worden (banken, meubels, houten bekleding, enz....), zoals vermeld wordt Fig. 13 op pag.

42.• Bij zeer ontvlambare objecten (gordijnen, vloerbedekking, enz...) moeten al deze afstanden bijkomend met 1 meter verlengd worden.• In enkele landen worden de gemetselde draagmuren ook als ontvlambare muren beschouwd.• Als de vloer van een brandbaar materiaal is moet een bescherming voorzien worden van brandvrij materiaal (stalen plaat, hittebestendige plaat, marmer,...). Voor de afmetingen van de bescherming, zie Fig. 13 op pag. 42.• Controleer of de vloer een adequate capaciteit heeft om de last te dragen. Als de bestaande constructie niet aan deze eis voldoet, moeten passende maatregelen getroffen worden (bijvoorbeeld een plaat voor

44 KEUKENKACHEL OP HOUTNLde verdeling van het gewicht). • Wanneer afzuigkappen met luchthercirculatie gebruikt worden, moeten deze geschikt zijn voor gebruik boven de kachel, op een afstand van minstens 60 cm. 10. 4 NIVELLERINGAlle kachels zijn uitgerust met verstelbare voetjes die het mogelijk maken de apparatuur waterpas te zetten en de eventuele inbouw te vergemakkelijken. Fig. 14 - Regeling van de voetjesVoor de kachels met voetjes voor plint, kunnen de voorste voetjes geregeld worden om ze perfect uit te lijnen met de plint (vb. inbouw tussen keukenmodules). Om te regelen volstaat het de houtlade volledig uit te trekken door hem lichtjes op te tillen. Draai vervolgens de bouten boven de voorste voetjes ls met een sleutel van 17 mm (zie ), verplaats de voetjes en draai de bouten weer vast. Fig. 15 op pag. 44Let op de inbouwmodellen op marmeren blad.

Als de kachel uit de meubels gehaald moet worden, verlaag de voetjes tot het fornuis onder het niveau van het marmeren blad komt en verwijder het apparaat. 10. 5 ELEKTRISCHE AANSLUITINGSommige modellen van houtkachel zijn voorzien van geforceerde ventilatie, daarom is een elektrische aansluiting nodig. Belangrijk: het apparaat moet door een geautoriseerd technicus geïnstalleerd worden. • De elektrische aansluiting vindt plaats met een kabel met stekker op een elektrisch stopcontact dat geschikt is om de lading en de specieke spanning van ieder afzonderlijk model te verdragen, zoals aangeduid wordt in de tabel met technische gegevens (zie ). KENMERKEN op pag. 55• De stekker moet gemakkelijk toegankelijk zijn wanneer het apparaat geïnstalleerd is. De kabel mag nooit in aanraking met de rookgassenafvoerpijp komen en ook niet met ongeacht welk ander deel van de kachel.

• Controleer bovendien of het elektriciteitsnet over een doeltreffende aardverbinding beschikt: als die niet aanwezig of niet efciënt is, zorg dan voor een aardverbinding in overeenstemming met de wettelijke voorschriften.

45KEUKENKACHEL OP HOUTNL• Wanneer de kachel gedurende lange tijd niet gebruikt zal worden, is het raadzaam de stekker uit het elektrische wandstopcontact te halen.11 GEBRUIK 11.1 LET OPDit apparaat is niet bestemd om gebruikt te worden door mensen (met inbegrip van kinderen) met verminderde geestelijke of motorische capaciteiten, of zonder ervaring en kennis, tenzij zij onder toezicht staan van, of geïnstrueerd worden door, iemand die verantwoordelijk is voor hun veiligheid.Kinderen moeten constant onder toezicht staan om er zeker van te zijn dat ze niet met het apparaat spelen.Tijdens de werking kan de kachel hoge temperaturen bereiken: houd kinderen en dieren op afstand en gebruik geschikte, vuurvaste, persoonlijke beschermingsmiddelen, zoals hittebestendige handschoenen.11.2 INLEIDING Voor het beste rendement met het laagste verbruik moeten onderstaande aanwijzingen opgevolgd worden.• Het hout kan heel makkelijk aangestoken worden wanneer de installatie correct verlopen is en het rookgaskanaal doeltreffend is.

• Bij de eerste inschakeling van de kachel moet de vlam gedurende minstens 4-5 uren laag gezet worden, om de materialen waaruit de kachel opgebouwd is de kans te geven zich te zetten. Deze handeling moet minstens 3-4 keer uitgevoerd worden.• Resterende vetten van de bewerking en vernis kunnen tijdens de eerste bedrijfsuren onaangename geurtjes en rook veroorzaken: het is raadzaam het vertrek goed te verluchten omdat dit schadelijk kan zijn voor personen en huisdieren.Gebruik tijdens de inschakeling geen ontvlambare vloeistoffen (alcohol, benzine, petroleum, enz...).Kookplaten in gietijzer mogen niet te veel verhit worden (kersrood) omdat ze kunnen breken!

46 KEUKENKACHEL OP HOUTNL11. 3 STARTENFig. 15 - Voorbeeld van een kachel 1 Fig. 16 - Voorbeeld van een kachel 2LEGENDA Fig. 16 op pag. 46 - Fig. 17 op pag. 461Ontstekingsklep2Damper3Handregelklep primaire lucht +/-4Schakelaar ventilators5Automatische regelklep primaire lucht +/-6Rookgasklep onder de oven• Verwijder handleidingen en andere documentatie die zich eventueel in de verbrandingskamer bevindt. • Controleer of de stekker goed in het stopcontact zit (geldt alleen voor de kachels voorzien van geforceerde ventilatie). • Open de inlaatklep van de primaire lucht volledig, open de inschakelklep (alleen voor de kachels met oven) en de damper (zie ). Fig. 16 op pag. 46 Fig. 17 op pag. 46 en • Leg de ontstekingsblokjes en het blokje droog hout in de vuurpot. • Steek het blokje droog hout aan en voer direct daarna goed gedroogd brandhout in. Sluit de deur van de vuurhaard.

Voor een beter rendement moet men, zodra de vlam hevig wordt, de regelklep van de primaire lucht sluiten (zie Fig. 16 op pag. 46) et en de inschakelklep sluiten. Zo verkrijgt men een maximaal rendement (nominaal) met een zo laag mogelijk brandstofverbruik. Eens de inschakelkep dicht is, worden de hete verbrandingsgassen in een parcours geforceerd dat gaat van onder de plaat tot helemaal rond de oven. Dit zorgt ervoor dat de oven beter opwarmt en dat men een groter warmterendement krijgt in de keuken. De modellen Master en Gemma (zie ) zijn uitgerust met een automatische regelklep voor Fig. 17 op pag. 46de primaire lucht met sonde, die automatisch open en dicht gaat volgens de interne temperatuur van de vuurhaard; wanneer de vlam hoog is gaat de klep dicht zodat minder lucht stroomt. Eens de vlam brandt, wordt aangeraden de klep in stand te houden op (-).

Als de rookgassen met moeite rond de oven gaan eens de inschakelklep dicht is, is nog een rookgasklep beschikbaar onder de oven (zie ); door te trekken aan de Hendel wordt het parcours van Fig. 17 op pag. 46de rookgassen verkort. 11.

47KEUKENKACHEL OP HOUTNLOpen en sluit de deur van de vuurhaard niet te hevig: het glas kan breken. De deur openen wanneer de vlam hoog staat kan gevaarlijk zijn voor de gebruiker en/of de woning. Tijdens de werking kan de buitenkant op sommige plekken heel warm worden. Voor het vullen moeten de meeleverde handschoenen gebruikt worden. • Het is raadzaam de kachel alleen te vullen wanneer in de vuurpot alleen smeulend as aanwezig is. • Als volgt te werk gaan: sluit de klep van de primaire lucht, open de deur van de vuurhaard langzaam, roer even in de assen met het gepaste instrument, voer het brandhout in, sluit de deur en regel de klep van de primaire lucht. Tijdens de normale werking is het gevaarlijk de aslade en/of de deur van de vuurhaard open te laten om de trek te verhogen. Er bestaan andere middelen om de verbrandingslucht te regelen (klep primaire lucht, regelaar, enz. ). 11.

5 GEBRUIK VAN DE OVENEens de kachel goed op gang gekomen is, sluit de inschakelklep en wacht tot de oven op de aangewezen temperatuur gekomen is. De temperatuur van de oven staat rechtstreeks in verhouding tot de verbrandingssnelheid en er is een constante verbranding nodig om temperatuurschommelingen in de oven te voorkomen. De ovens van de kachels zijn voorzien van een thermometer die de temperatuur meet op de plaats waar ze zich bevinden; om te weten hoe warm het is in het midden van de oven, moet dit gegeven met ongeveer 20°C verhoogd worden. Om de gerechten te laten sudderen worden ze het best boven in de oven of in het midden geplaatst. Fig. 17 - Thermometer ovenPOSITIES THERMOMETER GEBAK GEBRAAD BROODTEMPERATUUR MIDDEN OVEN 115 °C 180 °C 240 °C11.

6 DEKSELOp verzoek kunnen sommige modellen geleverd worden met een deksel, dat evenwel nooit gebruikt wordt wanneer het fornuis nog warm is, om de keuken zelf niet te oververhitten. Wanneer het deksel dichtgeklapt is, wordt het fornuis een extra werkblad. Kras hem niet door pannen of kookpotten te verslepen. 11.

7 VENTILATIESommige modellen van kachel zijn voorzien van geforceerde ventilatie met handbediening: in- en uitschakeling met de toegewijde schakelaar (zie ). Fig. 16 op pag. 46De lucht aangevoerd door de ventilators houdt de kachel in stand op een lagere temperatuur , zodat de materialen waaruit de kachel opgebouwd is niet te veel belast worden en tegelijk de omgeving gelijkmatig verwarmd wordt. Controleer de werking van de ventilator regelmatig.

48 KEUKENKACHEL OP HOUTNLBij een stroomuitval of indien de ventilatie te laat afweten, kan de kachel toch nog werken met een lage vlam. Vul de vuurhaard niet te veel met hout. Indien de ventilator het laat afweten, contacteer een geautoriseerd technicus die de ventilator vervangt door een origineel nieuw exemplaar. 11. 8 ONGUNSTIGE WEERSOMSTANDIGHEDENWanneer de buitentemperaturen hoog zijn en/of de weersomstandigheden ongunstig zijn (sterke wind), zal de trekking van de schoorsteen afnemen, zodat de rookgasen niet correct afgevoerd worden. • Doe weinig hout in de vuurhaard en houd de luchtregelkleppen maximaal open. 11. 9 GEVAAR CREOSOOTHet gebruik van vochtig hout en/of hout van slechte kwaliteit (vb. harshoudend hout) veroorzaakt de vorming van creosoot in het rookgaskanaal, wat de doorgang van de rookgassen belemmerd.

Creosoot is ontvlambaar en indien het zich met verloop van tijd gaat ophopen moet het verwijderd worden, om brand in het rookgaskanaal te voorkomen. • In geval van brand moet de luchtregelklep gesloten worden en moet de brandweerdienst onmiddellijk gecontacteerd worden. • Nadat de brand in de schoorsteen gedoofd is, moet het rookgaskanaal gecontroleerd worden door een specialist. 11. 10 DOVEN VAN HET VUUR IN GEVAL VAN BRANDMocht het nodig zijn het vuur te moeten doven dat zich buiten de kachel of het rookkanaal verspreidt, gebruik dan een blusser of bel de brandweer. Gebruik NOOIT water om het vuur in de vuurpot te doven. 12 ONDERHOUD 12. 1 INLEIDINGVoor een lange levensduur van de kachel moet regelmatig een algehele reiniging uitgevoerd worden zoals vermeld wordt in onderstaande paragrafen.

• Bij afwezigheid van plaatselijke voorschriften en richtlijnen van uw verzekeringsmaatschappij is het nodig de reiniging van de rookleiding, het rookkanaal en de schoorsteenpot minstens één keer per jaar te laten uitvoeren. • Het is bovendien nodig om de verbrandingskamer minstens één keer per jaar te laten reinigen en de pakkingen na te laten kijken, de motoren en de ventilatoren te laten reinigen en het elektrische gedeelte te laten controleren. Al deze werkzaamheden moeten tijdig geprogrammeerd worden in overleg met de geautoriseerde technische assistentiedienst. • Na een lange periode van onbruik dient men te controleren of de rookgassenafvoerpijp geen obstructies bevat, alvorens de kachel in te schakelen. • Als de kachel op continue en intense wijze gebruikt wordt, moet het gehele systeem (met inbegrip van de schoorsteen) vaker gereinigd en gecontroleerd worden.

• Voor de eventuele vervanging van beschadigde delen dient u de geautoriseerde verkoper om originele vervangingsonderdelen te vragen. Alvorens ongeacht welke ingreep uit te voeren, dient men het vuur in de verbrandingskamer volledig uit te laten gaan, tot de kamer volledig koel is, en moet de stekker altijd uit het stopcontact getrokken worden (als toepasselijk).

49KEUKENKACHEL OP HOUTNL12. 2 REINIGING VUURPOT EN ASLADE Voor een goede verbranding moet de as in de vuurpot voor elke inschakeling van de kachel verwijderd worden. Een teveel aan as belemmert de doorgang van de primaire lucht, wat fundamenteel is voor een goede verbranding. • Haal de as uit de vuurpot door het te schudden, zodat het in de lade eronder valt. • Een volle aslade moet geledigd worden• De assen worden opgevangen in een metalen recipiënt met hermetisch deksel en deze recipiënt mag nooit in contact Komen met brandbaar materiaal (vb. op een houten vloer plaatsen), omdat de as lang kan smeulen. • Pas wanneer de as gedoofd is kan ze weggegooid worden bij het organische afval. • Maak ook de asruimte vrij. 12. 3 JAARLIJKSE REINIGING VAN DE ROOKGASSENLEIDINGEN Reinig deze jaarlijks en verwijder het roet met gebruik van borstels.

De reiniging moet door een kachel- en schoorsteenspecialist uitgevoerd worden die de rookleiding, het rookkanaal en de schoorsteenpot reinigt, de efciëntie ervan nakijkt en een schriftelijike verklaring afgeeft waarin vermeld wordt dat het systeem veilig is. Deze werkzaamheden moeten minstens één keer per jaar uitgevoerd worden. 12. 4 ALGEMENE REINIGING Voor de reiniging van de externe en interne delen van de kachel dient u geen gebruik te maken van staalsponsjes, zoutzuur of andere corroderende en schurende producten. 12. 5 REINIGING VAN GELAKTE METALEN ONDERDELEN Voor de reiniging van de gelakte metalen onderdelen dient u een zachte doek te gebruiken. Gebruik nooit ontvettende substanties zoals alcohol, verdunners, aceton of benzine omdat deze de lak op onherstelbare wijze beschadigen. 12.

6 REINIGING VAN DE MAJOLICA ONDERDELEN Enkele modellen kachel hebben een externe bekleding van majolica o steen. Deze zijn ambachtelijk gemaakt en het is dan ook haast overmijdelijk dat ze barstjes, putjes en schaduwen vertonen. Voor de reiniging van de majolica o steen gebruikt u een zachte, droge doek.

Als ongeacht welk reinigingsmiddel gebruikt wordt, zal dit in de barstjes sijpelen en deze beter doen uitkomen. 12. 7 REINIGING VAN HET GLAS Het keramische glas van de vuurdeur is bestand tegen 700°C maar niet tegen temperatuurschommelingen. De eventuele reiniging met in de handel verkrijgbare producten voor glas moet plaatsvinden wanneer het glas koud is om te voorkomen dat het kan exploderen. 12. 8 REINIGING OVEN De oven moet na elk gebruik gereinigd worden m. b. v. een zachte doek en warm water of aangewezen producten die in de handel verkrijgbaar zijn. Gebruik nooit schuursponsjes want die kunnen de oppervlakken onherroepelijk beschadigen.

50 KEUKENKACHEL OP HOUTNL12.9 REINIGING KOOKFORNUIS De kookplaat in gietijzer heeft een olieachtig beschermend oppervlak dat met verloop van tijd afneemt. Dit kan aan het oppervlak van de plaat donkere of roestvlekken geven. Om dit te voorkomen, moet het fornuis in de periode waarin het niet gebruikt wordt gereinigd worden met schuurlinnen met jne korrel, waarna het oppervlak geolied wordt met vaselineolie.12.10 REINIGING BINNENKANT OVEN Jaarlijks (en indien nodig maandelijks) moet de binnenkant van de oven gereinigd worden door de verbrandingsresten aanwezig op de bodem van de ketel weg te schrapen en op te zuigen.Om toegang te krijgen tot de binnenkant van de oven, moet de bodem uit de oven gehaald worden (zie Fig. 19 op pag. 50).Fig.

18 - Haal de bodem uit de ovenNa de reiniging moet de bodem van de oven ALTIJD teruggeplaatst worden!12.11 REINIGING VENTILATOR Voor de modellen voorzien van ventilatie, reinig de omgevingsventilator jaarlijks en verwijder de as of het stof die een onbalans van de schoepen veroorzaken, alsmede een grotere geluidsemissie. Gezien het delicate karakter van deze reiniging moet dit gedaan worden door een geautoriseerde technicus.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Cadel Gemma stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden