Bosch PXY890DV1E Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Bosch PXY890DV1E (28 pagina’s), behorend tot de categorie Fornuis. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 136 mensen en kreeg gemiddeld 4.3 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over Bosch PXY890DV1E of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag
Product specificaties
| Merk: | Bosch |
| Categorie: | Fornuis |
| Model: | PXY890DV1E |
Handleiding Bosch PXY890DV1E – volledige tekst
241 VeiligheidNeem de volgende veiligheidsvoorschriften inacht. 1. 1 Algemene aanwijzingen¡ Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldigdoor. ¡ Bewaar de gebruiksaanwijzingen, de appa-raatpas en de productinformatie voor latergebruik of voor volgende eigenaren. ¡ Sluit het apparaat in geval van transport-schade niet aan. 1. 2 Bestemming van het apparaatApparaten zonder stekker mogen alleen doorgeschoold personeel worden aangesloten. Bijschade door een verkeerde aansluiting kunt ugeen aanspraak maken op garantie. De veiligheid is alleen gewaarborgd bij eendeskundige montage volgens de montage-handleiding. De installateur is verantwoordelijkvoor een goede werking op de plaats van op-stelling. Gebruik het apparaat uitsluitend:¡ om voedsel en dranken te bereiden. ¡ onder toezicht. Houd kortstondige kookpro-cessen ononderbroken in het oog.
Gebruik het apparaat niet:¡ met een externe timer of een separate af-standsbediening. Dit geldt niet voor het ge-val dat de werking middels de doorEN50615 genoemde apparaten wordt uit-geschakeld. Als u een actief, geïmplanteerd medisch ap-paraat (zoals een pacemaker of defibrillator)draagt, ga dan bij uw arts na of dit voldoetaan de Richtlijn 90/385/EEG van de Raadvan de Europese Gemeenschappen van 20juni 1990 alsmede EN 45502-2-1 en EN45502-2-2, en conform VDE-AR-E 2750-10 isgeselecteerd, geïmplanteerd en geprogram-.
Veiligheid nl3meerd. Als aan deze voorwaarden wordt vol-daan en er bovendien non-ferro pannen metnon-ferro handgrepen worden gebruikt, kandeze inductiekookplaat zonder bezwaar wor-den gebruikt, mits dit natuurlijk op de juistewijze gebeurt. 1. 3 Inperking van de gebruikersDit apparaat kan worden bediend door kinde-ren vanaf 8 jaar en door personen met fysie-ke, sensorische of geestelijke beperkingen ofmet gebrekkige ervaring en/of kennis, indienzij onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd inhet veilige gebruik van het apparaat en dedaaruit resulterende gevaren hebben begre-pen. Kinderen mogen niet met het apparaat spe-len. Reiniging en gebruikersonderhoud mogenniet worden uitgevoerd door kinderen, tenzijze 15jaar of ouder zijn en onder toezichtstaan. Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8jaar niet bij het apparaat of de aansluitkabelkunnen komen. 1.
4 Veilig gebruikWAARSCHUWING‒Kans op brand. Zonder toezicht koken op kookplaten met vetof olie kan gevaarlijk zijn en brand veroorza-ken. ▶ Verlies hete oliën en vetten daarom nooituit het oog. ▶ Nooit proberen om een vuur met water teblussen, maar het apparaat uitschakelenen dan de vlammen bijv. met een deksel ofeen blusdeken afdekken. Het kookvlak wordt erg heet. ▶ Nooit brandbare voorwerpen op het kook-vlak of in de directe omgeving leggen. ▶ Nooit voorwerpen op het kookvlak bewa-ren. Het apparaat wordt heet. ▶ Nooit brandbare voorwerpen of spuitbus-sen bewaren in laden direct onder de kook-plaat. Als de kookplaat wordt afgedekt, kan dat on-gelukken veroorzaken, bijvoorbeeld dooroververhitting, in brand vliegen of ontploffendematerialen. ▶ Dek de kookplaat niet af. Na gebruik de kookplaat altijd met de hoofd-schakelaar uitschakelen.
▶ Niet wachten tot de kookplaat automatischuitschakelt omdat er zich geen potten enpannen meer op bevinden. Levensmiddelen kunnen vuur vatten. ▶ Er moet toezicht worden gehouden op hetkookproces.
Een korte procedure moetpermanent worden gecontroleerd. WAARSCHUWING‒Kans opbrandwonden. Tijdens het gebruik worden het apparaat enzijn aanraakbare onderdelen heet, vooral eeneventueel aanwezig kookplaatframe. ▶ Wees voorzichtig om het aanraken van ver-warmingselementen te voorkomen. ▶ Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit debuurt worden gehouden. Kookplaatbeschermroosters kunnen tot onge-vallen leiden. ▶ Nooit kookplaatbeschermroosters gebrui-ken. Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik. ▶ Het apparaat voor het schoonmaken latenafkoelen. Voorwerpen van metaal worden zeer snelheet op de kookplaat. ▶ Leg nooit voorwerpen van metaal, zoalsmessen, vorken, lepels of deksels, op dekookplaat. WAARSCHUWING‒Kans op elektrischeschok. Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. ▶ Alleen daarvoor geschoold vakpersoneelmag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
▶ Er mogen uitsluitend originele reserveon-derdelen worden gebruikt voor reparatievan het apparaat. ▶ Wanneer de netaansluitkabel of de appa-raataansluitkabel van dit apparaat bescha-digd raakt, moet deze worden vervangendoor een speciale netaansluitkabel of spe-ciale apparaataansluitkabel die verkrijgbaaris bij de fabrikant of de klantenservice. Een beschadigd apparaat of een beschadigdnetsnoer is gevaarlijk. ▶ Nooit een beschadigd apparaat gebruiken. ▶ Is het oppervlak gescheurd, dan het appa-raat uitschakelen om een mogelijke elektri-sche schok te vermijden. Hiervoor het ap-paraat niet aan de hoofdschakelaar, maar.
nl Materiële schade voorkomen4via de zekering in de meterkast uitschake-len. ▶ Nooit aan het netsnoer trekken, om het ap-paraat van het elektriciteitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trek-ken. ▶ Wanneer het apparaat of het netsnoer isbeschadigd, dan direct de zekering in demeterkast uitschakelen. ▶ Contact opnemen met de servicedienst. →Pagina24Binnendringend vocht kan een elektrischeschok veroorzaken. ▶ Geen stoomreiniger of hogedrukreinigergebruiken om het apparaat te reinigen. Bij hete apparaatonderdelen kan de kabeliso-latie van elektrische apparaten smelten. ▶ Zorg ervoor dat de aansluitkabel van elek-trische apparaten nooit in contact komt methete onderdelen van het apparaat. Contact van metalen voorwerpen met de zichaan de onderkant van de kookplaat bevinden-de ventilator kan leiden tot een elektrischeschok.
▶ Bewaar geen lange, puntige metalen voor-werpen in de lade onder de kookplaat. WAARSCHUWING‒Kans op letsel. Wanneer er vloeistof zit tussen de bodem vande pan en de kookzone, kunnen kookpannenplotseling omhoog springen. ▶ Zorg ervoor dat de kookzone en de bodemvan de pan altijd droog zijn. ▶ Nooit bevroren kookgerei gebruiken. Bij de bereiding au-bain-marie kunnen dekookplaat en kookvorm barsten door overver-hitting. ▶ De au-bain-marie kookvorm mag niet in di-rect contact komen met de bodem van depan die met water is gevuld. ▶ Gebruik alleen hittebestendige vormen. Een apparaat met een gebarsten of gebrokenoppervlak kan tot snijwonden leiden. ▶ Het apparaat niet gebruiken als het opper-vlak ervan gebarsten of gebroken is. WAARSCHUWING‒Kans opverstikking. Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal overhet hoofd trekken en hierin verstrikt raken enstikken.
▶ Kleine onderdelen uit de buurt van kinde-ren houden. ▶ Kinderen niet met kleine onderdelen latenspelen. Materiële schade voorkomen2 Materiële schade voorkomenHier vindt u de meest voorkomende oorzaken van schade en tips om deze te voorkomen. Schade Oorzaak MaatregelVlekken Bereiden zonder toezicht. Het bereidingsproces in de gaten houden. Vlekken, defecten Gemorste levensmiddelen, vooral diegenemet hoog suikergehalte. Onmiddellijk met een schraper voor vitroke-ramische kookplaat verwijderen. Vlekken, defecten ofbreuken in het glasDefect kookgerei, kookgerei met gesmoltenemaille of kookgerei met koperen- of alumini-umbodem. Gebruik geschikt kookgerei dat in een goedeconditie is. Vlekken, verkleurin-genOngeschikte reinigingsmethoden. Alleen reinigingsmiddelen gebruiken die ge-schikt zijn voor glaskeramiek en reinig dekookplaat alleen wanneer deze koud is.
Defecten of breukenin het glasStoten of vallend kookgerei, kookaccessoiresof andere harde of scherpe voorwerpen. Bij het koken niet tegen het glas stoten ofvoorwerpen op de kookplaat laten vallen. Krassen, verkleurin-genRuwe pannenbodems of het verplaatsen vande pan op de kookplaat. Kookgerei controleren. Kookgerei bij het ver-plaatsen optillen. Krassen Zout, suiker of zand. Gebruik de kookplaat niet als plaats om ietsop te zetten of als werkvlak.
Milieubescherming en besparing nl5Schade Oorzaak MaatregelSchade aan het ap-paraat. Koken met diepgevroren kookgerei. Nooit bevroren kookgerei gebruiken. Schade aan de panof aan het apparaatKoken zonder inhoud. Nooit een pan zonder inhoud op een hetekookzone plaatsen of verhitten. Glasbeschadigingen Gesmolten materiaal op de hete kookzone ofhete deksels van pannen op het glas. Geen bakpapier of aluminiumfolie en geenkunststof containers of pandeksels op dekookplaat leggen. Oververhitting Heet kookgerei op het bedieningspaneel ofop het kader. Plaats heet kookgerei nooit op deze gebie-den. LET OP. Deze kookplaat beschikt aan de onderkant over eenventilator. ▶ Als er zich onder de kookplaat een lade bevindt, be-waar daarin dan geen kleine of scherpe voorwer-pen, geen papier en geen theedoeken. Deze voor-werpen kunnen aangezogen worden en de ventila-tor beschadigen of de koeling belemmeren.
▶ Tussen de inhoud van de lade en de ventilator-in-gang moet een minimale afstand van 2cm wordenaangehouden. Milieubescherming en besparing3 Milieubescherming en besparing3. 1 Afvoeren van de verpakkingDe verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kun-nen worden hergebruikt. ▶De afzonderlijke componenten op soort gescheidenafvoeren. 3. 2 Energie besparenAls u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt het apparaatminder energie. Een kookzone kiezen die bij de grootte van de panpast. Het kookgerei gecentreerd plaatsen. Gebruik kookgerei met een bodemdiameter die over-eenkomt met de diameter van de kookzone. Tip:Fabrikanten van kookgerei geven vaak de boven-diameter van de pan aan. Die is dikwijls groter dan debodemdiameter. ¡Niet-passend kookgerei of niet volledig afgedektekookzones verbruiken veel energie. Pannen afsluiten met een passend deksel.
¡Door het glazen deksel kunt u in de pan kijken zon-der het deksel op te lichten. Pannen met vlakke bodem gebruiken. ¡Als de bodem niet vlak is, wordt het energiever-bruik hoger. Gebruik kookgerei dat past bij de hoeveelheid levens-middel. ¡Groot kookgerei met weinig product heeft meerenergie nodig om op te warmen. Met weinig water koken. ¡Hoe meer water er in het kookgerei zit, des te meerenergie is er nodig om op te warmen. Tijdig terugschakelen naar een lagere kookstand. ¡Met een te hoge doorkookstand verspilt u energie. Productinformatie conform (EU) 66/2014 vindt u op demeegeleveerde apparaatpas en op het intern op deproductpagina van uw apparaat. Geschikt kookgerei4 Geschikt kookgereiEen voor inductiekoken geschikt kookgerei moet eenferromagnetische bodem hebben, dus door een mag-neet worden aangetrokken, en verder moet de bodemeven groot zijn als de kookzone.
Wanneer het kookge-rei op een kookplaat niet herkend kan worden, plaatsdan het kookgerei op een kookplaat met de eerstvol-gende kleinere diameter. 4. 1 Grootte en kenmerken van hetkookgereiOm het kookgerei correct te herkennen, moet u met degrootte en het materiaal van het kookgerei rekeninghouden. Alle panbodems moeten volledig vlak en gladzijn.
nl Geschikt kookgerei6Met Kookgerei-test controleert u of het kookgerei ge-schikt is. Meer informatie vindt u onder →"Kookgerei-test", Pagina17.Kookgerei Materialen EigenschappenAanbevolen kookge-reiRoestvaststalen kookgerei met sandwich-bo-dem welke de warmte goed verdeelt.Dit kookgerei verdeelt de warmte gelijkmatig,warmt snel op en waarborgt zijn herkenning.Ferromagnetisch kookgerei van geëmailleerdstaal, gietijzer, of speciale pannen voor in-ductie van edelstaal.Dit kookgerei warmt snel op en wordt veiligherkend.Geschikt De bodem is niet volledig ferromagnetisch. Als de diameter van het ferromagnetischeoppervlak kleiner is dan de bodem van hetkookgerei, warmt alleen het ferromagneti-sche oppervlak op. Daardoor verdeelt dewarmte niet gelijkmatig.Kookgereibodems met aluminiumaandeel.
Deze bodems van het kookgerei verkleinenhet ferromagnetische oppervlak, waardoorminder vermogen aan het kookgerei wordtafgegeven. Het kan zijn dat deze pannen on-voldoende of helemaal niet worden herkenden daarom ook onvoldoende worden ver-warmd.Niet geschikt Kookgerei van normaal dun staal, glas, aar-dewerk, koper of aluminium.Opmerkingen¡ Gebruik tussen de kookplaat en de pan in principegeen adapterplaten.¡ Verwarm geen leeg kookgerei en geen kookgereimet dunne bodem, omdat deze zeer sterk verhitkunnen raken.
Uw apparaat leren kennen nl7Uw apparaat leren kennen5 Uw apparaat leren kennen5.1 Koken met inductieVergeleken met gangbare kookplaten brengt inductie-koken enkele veranderingen met zich mee en biedt heteen aantal voordelen zoals tijdbesparing tijdens het ko-ken en braden, energiebesparing, alsmede eenvoudi-ger onderhoud en reiniging. Het biedt ook een beterewarmteregeling, omdat de warmte direct in het kookge-rei wordt opgewekt.5.2 BedieningspaneelIndividuele details, zoals kleur en vorm, kunnen afwij-ken van de illustratie.Opmerkingen¡ Houd het bedieningspaneel schoon en droog.¡ Geen pannen in de buurt van de displays en senso-ren plaatsen.
nl Voor het eerste gebruik8Gebied Hoogste kookstand Vermogensstand 9PowerBoost3. 300W3. 700W5. 4 KookzoneControleer voordat u met het koken begint of het for-maat van de pan bij de kookzone past waarmee ukookt:Gebied Type kookzone Kookzone van één enkele kring Flex-Zone →"FlexInduction", Pagina10Gebied Type kookzone / Uitgebreide Flex Zone →"Uitgebreide FlexInduction", Pagina115. 5 Restwarmte-indicatieDe kookplaat heeft voor elke kookzone een restwarm-te-indicatie. Zolang de restwarmte-indicator brandt,mag u de kookzone niet aanraken. Indicatie Betekenis De kookzone is heet. De kookzone is warm. Voor het eerste gebruik6 Voor het eerste gebruikHoud de volgende adviezen aan. 6. 1 Eerste reinigingVerpakkingsresten van het kookplaatoppervlak verwij-deren en het oppervlak met een vochtige doek afve-gen.
Een lijst met de aanbevolen reinigingsmiddelenvindt u op de officiële website www. bosch-home. com. Meer informatie over onderhoud en reiniging. →Pagina216. 2 Koken met inductieVergeleken met gangbare kookplaten brengt inductie-koken enkele veranderingen met zich mee en biedt heteen aantal voordelen zoals tijdbesparing tijdens het ko-ken en braden, energiebesparing, alsmede eenvoudi-ger onderhoud en reiniging. Het biedt ook een beterewarmteregeling, omdat de warmte direct in het kookge-rei wordt opgewekt. 6. 3 KookgereiEen lijst van het aanbevolen kookgerei vindt u op deofficiële website www. bosch-home. com. Meer informatie over het passende kookgerei. →Pagina56. 4 Home Connect instellenWanneer het apparaat voor de eerste keer wordt inge-schakeld, wordt de instelling van het thuisnetwerk op-gevraagd. Op het display licht gedurende enkele se-conden het symbool op.
De Bediening in essentie7 De Bediening in essentie7. 1 Kookplaat inschakelen▶ aanraken. Er klinkt een signaal. De symbolen van de kookzo-nes en de momenteel beschikbare functies bran-den. Naast de kookzones is . verlicht. a De kookplaat is klaar voor gebruik. ReStart▶Wanneer u het apparaat binnen 4seconden na hetuitschakelen weer inschakelt, treedt de kookplaat inwerking met de vorige instellingen. 7. 2 De kookplaat uitschakelen▶ aanraken tot de indicaties doven. a Alle kookzones zijn uitgeschakeld. Opmerking:Wanneer alle kookzones langer dan20seconden uitgeschakeld zijn, dan schakelt de kook-plaat uit. 7. 3 De vermogensstand in de kookzonesinstellenDe kookzone heeft 17 vermogensstanden, die van tot met tussenwaarden worden weergegeven. Voor hetproduct en het geplande bereidingsproces de meestgeschikte vermogensstand kiezen. 1. Raak het symbool van de gewenste kookzoneaan.
a De indicatie is . is helderder verlicht. 2. Selecteer de gewenste vermogensstand in het in-stelgebied. a De vermogensstand is ingesteld. Opmerking:Wanneer er geen kookgerei op de kook-plaat staat, of de pan niet geschikt is, dan knippert degekozen vermogensstand. Na een bepaalde tijd wordtde kookzone uitgeschakeld. QuickStart▶Wanneer u vóór het inschakelen kookgerei op dekookplaat plaatst, dan wordt dit bij het inschakelenherkend en wordt de betreffende kookzone automa-.
De Bediening in essentie nl9tisch gekozen. Vervolgens in de volgende 20 secon-den de vermogensstand kiezen, anders schakelt dekookplaat zelf uit. Vermogensstand wijzigen of kookzoneuitschakelen1. De kookzone kiezen. 2. Kies in het instelbereik de gewenste kookstand ofop instellen. a De kookstand van de kookzone wijzigt of de kook-zone schakelt uit en de restwarmte-indicatie ver-schijnt. 7. 4 Kooktips¡ Wanneer u puree, romige soepen of dikvloeibaresauzen opwarmt, deze af en toe omroeren. ¡ Om voor te verwarmen, kookstand 8-9 instellen. ¡ Wanneer u bereidt met deksel, de kookstand verla-gen zodra er stoom vrijkomt. Het bereidingsresultaatwordt door het vrijkomen van stoom niet beïnvloed. ¡ Doe na het bereiden een deksel op het kookgerei,totdat u het gerecht serveert. ¡ Houd voor het bereiden met de snelkookpan deaanwijzingen van de fabrikant aan.
¡ Levensmiddelen niet te lang bereiden, voor het be-houd van de voedingswaarde. Met de kookwekkerkunt u de optimale bereidingstijd instellen. ¡ Zorg ervoor dat de olie niet rookt. ¡ Om de levensmiddelen te bruinen, deze na elkaaren in kleine porties aanbraden. ¡ Sommige pannen kunnen bij het bereiden hogetemperaturen bereiken. Gebruik daarom pannenlap-pen. ¡ Advies voor energiezuinig koken kunt u vinden on-der →"Energie besparen", Pagina5KookadviezenDe tabel geeft aan welke vermogensstand ( ) voorwelk levensmiddel geschikt is. De bereidingstijd ()kan variëren afhankelijk van de soort, het gewicht, dedikte en de kwaliteit van de levensmiddelen. SmeltenChocolade, couverture 1-1. 5 -Boter, honing, gelatine 1-2 -Verwarmen en warm houdenEenpansgerecht, bijv. linzen-schotel1. 5-2 -Melk11. 5-2.
Is de flexibele kookzone ingebruik, dan wordt alleen het gebied geactiveerd datdoor de pan wordt bedekt. 8. 1 Plaatsen van het kookgereiDe flexibele kookzone kan op twee manieren wordengeconfigureerd, al naar gelang welk kookgerei wordtgebruikt. Om een goede warmteherkenning en warmte-verdeling te waarborgen, het kookgerei goed gecen-treerd te plaatsen, zoals op de afbeeldingen is weerge-geven. Als een gecombineerde kookzoneAanbevolen voor het komen met slechts één stukkookgerei. ¡ Plaatsen van het kookgerei afhankelijk van de groot-te:¡ Aanbevolen langwerpig kookgerei :Als twee gescheiden kookzonesAanbevolen voor het koken met twee stukken kookge-rei. U kunt de voorste en achterste zone gescheiden vanelkaar gebruiken en voor elke een eigen vermogens-stand instellen. AttentiePlaats geen kookgerei in het midden tussen de rechter-en linkerzone.
De kookzones worden anders niet cor-rect geactiveerd en u realiseert geen goed bereidings-resultaat. 8. 2 Schakel FlexInduction in1. Plaats het kookgerei op de kookzone. 2. Kies de kookzone.
a Al naar gelang de grootte en positie van de panworden de kookzones automatische gescheiden ofverbonden. a De FlexZone is verbonden en brandt. Opmerkingen¡ U kunt de instellingen van de kookzone handmatigwijzigen door aan te raken. ¡ U kunt de standaardconfiguratie van de flexibelekookzone wijzigen. Hoe u dat kunt doen kunt u vin-den in het hoofdstuk Basisinstellingen. →Pagina16.
Uitgebreide FlexInduction nl11¡ Wanneer u het kookgerei van een actieve verbon-den kookzone verplaatst of optilt, start automatischeeen zoekfunctie. Elke kookgerei, dat bij deze zoek-actie binnen de kookzone wordt gevonden, wordtverwarmd met de eerder gekozen kookstand. Uitgebreide FlexInduction9 Uitgebreide FlexInductionMet de uitgebreide kookzone kunt u met groter kook-gerei koken of langwerpig kookgerei zijwaarts plaatsen. De uitbreiding schakelt steeds in combinatie met eenvan beide flexibele kookzones in. U kunt de uitbreidingniet afzonderlijk inschakelen. 9. 1 Plaatsen van het kookgereiovereenkomstig de vorm en het formaatPlaats het kookgerei in het midden boven het achterstegedeelte van de flexibele kookzone en de uitbreidingervan.
Afhankelijk van het formaat van het kookgerei en hetafgedekte kookvlak kunt u de flexibele kookzone alstwee gescheiden of als een samenhangende kookzoneinschakelen:9. 2 Uitgebreide FlexInduction activeren1. Het kookgerei op de flexibele kookzone plaatsen enhierbij de uitbreiding afdekken. 2. Kookzone en vermogensstand kiezen De indicatiesvoor de kookzone en voor de uitgebreide zonebranden. a De zone is geactiveerd. Opmerking:Als de indicatie niet brandt, dan het kook-gerei optillen en weer op de kookzone plaatsen. 9. 3 Uitgebreide FlexInduction deactiveren▶De kookzone kiezen en in het instelgebied op zetten. a De functie is gedeactiveerd. MoveMode10 MoveModeMet deze functie kunt u de vermogensstand van hetkookgerei wijzigen, door het gewoon in de flexibelekookzone naar voren of terug te schuiven. De zonewordt hievoor in drie gebieden met verschillende ver-mogensstanden onderverdeeld.
10. 1 Plaatsen en verplaatsen van hetkookgereiSlechts een stuk kookgerei gebruiken. Het kookgebiedhangt van het gebruikte kookgerei en zijn grootte enpositie af. Elk kookgebied heeft een vooraf ingestelde vermo-gensstand:¡ Voorste gebied = kookstand ¡ Middelste gebied = kookstand¡ Achterste gebied = kookstand.
nl Tijdfuncties1210. 2 MoveMode activerenVereiste:Slechts één stuk kookgerei op een flexibelezone plaatsen. 1. Een van de beide kookzones van de flexibele zonekiezen. 2. Op drukken. a De vermogensstand van het gebied waarop hetkookgerei zich bevindt, brandt in de kookzone-indi-catie naast . a De functie is ingeschakeld. Opmerking:U kunt de vermogensstanden van de ge-bieden tijdens het koken wijzigen. 10. 3 MoveMode deactiveren▶ aanrakena De indicatie naast schakelt uit. a De functie is gedeactiveerd. Tijdfuncties11 TijdfunctiesUw kookplaat beschikt over verschillende instellingenvoor de bereidingstijd:¡ Uitschakeltimer¡ Timer¡ Count-up timer11. 1 UitschakeltimerMaakt de programmering van een bereidingstijd vooréén of meerdere kookzones mogelijk. Na het verstrij-ken van de tijd wordt de kookzone automatisch uitge-schakeld. Uitschakeltimer inschakelen1.
Kookzone en vermogensstand kiezen. 2. Druk op . a De indicatie van de kookzone licht op. 3. In het instelgedeelte de tijd instellen. ‒ Om een bereidingstijd van minder dan 10 minu-ten in te stellen, dient u altijd 0 aan te rakenvoordat u de gewenste waarde kiest. 4. Met bevestigen. a De bereidingstijd begint af te lopen. a Wanneer de bereidingstijd is verstreken, schakelt dekookzone uit en er klinkt een geluidssignaal. Opmerking:Wanneer in een kookzone, waarin Perfect-Fry Sensor is geactiveerd, een bereidingstijd is gepro-grammeerd, begint de geprogrammeerde bereidings-tijd af te tellen, zodra het gekozen temperatuurniveau isbereikt. Uitschakeltimer wijzigen of uitschakelen1. De kookzone kiezen en aanraken. 2. Om de tijd te wissen, in het instelbereik de tijd wijzi-gen of op instellen. 3. Bevestig met . 11. 2 TimerMaakt de activering mogelijk van een timer van 0 tot99 min.
Deze functie is onafhankelijk van de kookzo-nes en andere instellingen. Deze schakelt de kookzo-nes niet automatisch uit. Timer inschakelen1. Raak aan. 2. Stel in het instelbereik de gewenste tijd in. 3.
Met bevestigen. a De tijd begint te lopen. a Als de tijd is verstreken, klinkt er een signaal enknipperen de displays. Timer wijzigen of uitschakelen1. Raak aan. 2. Om de tijd te wissen, in het instelbereik de tijd wijzi-gen of op instellen. 3. Met bevestigen. 11. 3 Count-up timerDe stopwatchfunctie geeft de tijd weer die sinds de ac-tivering is verstreken. Schakel Count-up timer in▶Raak aan. a De tijd begint te lopen. Schakel Count-up timer uit1. Raak aan. De stopwatch stopt. De timer-indicatiesblijven verlicht. 2. Raak aan. De indicaties verdwijnen. PowerBoost12 PowerBoostMet deze functie verhit u grote hoeveelheden watersneller dan met . Deze functie is voor alle kookzones beschikbaar, voorzover de andere kookzone van dezelfde groep niet ingebruik is.
PanBoost nl1312. 1 PowerBoost inschakelen1. Kies de kookzone. 2. Op tippen. De indicatie brandt. a De functie is ingeschakeld. Opmerking:Deze functie kunt u ook bij het koken metsamenhangende FlexZone inschakelen. 12. 2 PowerBoost uitschakelen1. Kies de kookzone. 2. Op tippen. De indicatie verdwijnt en de kook-zone schakelt terug naar de kookstand . a De functie is gedeactiveerd. Opmerking:Onder bepaalde omstandigheden kan de-ze functie automatisch uitschakelen, om de elektroni-sche elementen binnenin de kookplaat te beschermen. PanBoost13 PanBoostMet deze functie verhit u pannen sneller dan met . Deze functie is voor alle kookzones beschikbaar, voorzover de andere kookzone van dezelfde groep niet ingebruik is. 13. 1 Gebruiksadviezen¡ Leg geen deksel op de pan. ¡ Nooit lege pannen zonder toezicht verhitten. ¡ Alleen koude pannen gebruiken.
¡ Pannen met volkomen effen bodem gebruiken. Geen pannen met dunne bodem gebruiken. 13. 2 Schakel PanBoost in1. Kies de kookzone. 2. Twee keer op tippen. is verlicht. a De functie is ingeschakeld. Opmerking:Deze functie kunt u ook bij het koken metsamenhangende FlexZone inschakelen. 13. 3 PanBoost uitschakelen1. Kies de kookzone. 2. Op tippen. dooft en de kookzone schakelt te-rug naar de kookstand . a De functie is gedeactiveerd. Opmerking:Om hoge temperaturen te vermijden scha-kelt deze functie na 30 seconden automatisch uit. Warmhoudfunctie14 WarmhoudfunctieDeze functie kunt u gebruiken om chocolade of boterte smelten en gerechten warm te houden. 14. 1 Schakel Warmhoudfunctie in1. Kies de gewenste kookzone. 2. Raak binnen de volgende 10 seconden het sym-bool aan. brandt. a De functie is ingeschakeld. 14. 2 Schakel Warmhoudfunctie uit1. Kies de kookzone. 2. Tip op. verdwijnt.
Instellingen overnemen15 Instellingen overnemenMet deze functie kunt u de kookstand en de gepro-grammeerde bereidingstijd van de ene naar de anderekookzone overdragen. 15. 1 Instellingen overnemenVereiste:Verplaats het kookgerei naar een kookzonedie niet ingeschakeld is en nog niet vooraf is ingestelden waarop eerder geen ander kookgerei stond. 1. Verplaats het kookgerei. Het kookgerei wordt herkend en op het display vande nieuwe kookzone knipperen afwisselend de eer-der gekozen kookstand en . 2. Kies de nieuwe kookzone in de instellingen over tenemen.
nl PerfectFry Sensor14Het apparaat zet het vermogen van de oorspronke-lijk kookzone op . a De instellingen zijn op de nieuwe kookzone overge-dragen. Opmerking:Wanneer u een nieuw kookgerei op eenandere kookzone plaatst, voordat u de instellingenheeft bevestigd, dan kunt u deze functie voor beidepannen gebruiken. PerfectFry Sensor16 PerfectFry SensorIs geschikt voor het bereiden of inkoken van sauzen,pannenkoeken of voor het bakken van eieren met bo-ter, voor het bakken van groente of steaks tot de ge-wenste gaarheid en hierbij de temperatuur onder con-trole houden. In de plaats van tijdens het koken vaak de vermogens-stand aan te passen, bij het begin een keer de ge-wenste doeltemperatuur kiezen. De sensoren onder dekeramische glasplaat meten dan de temperatuur vanhet kookgerei en houden deze tijdens het volledigekookproces constant.
Deze functie is op alle kookzones beschikbaar die met zijn gemarkeerd. 16. 1 Voordelen¡ De temperatuur wordt constant gehouden zonderdat u de vermogensstand hoeft te veranderen. ¡ Olie wordt niet oververhit. Het aanbranden van delevensmiddelen wordt verhinderd. ¡ De kookzone warmt alleen op wanneer dit nodig isvoor het behouden van de temperatuur, waardoor erenergie wordt gespaard. 16. 2 TemperatuurstandenTemperatuurstanden voor de bereiding van voedsel. StandTempe-ratuurFuncties1 120ºC Koken en inkoken van sauzen, bak-ken van groente2 140ºC In olijfolie of boter aanbraden3 160ºC Bakken van vis en grove levensmid-delen4 180ºC Frituren van gepaneerde, bevrorenen gegrilde gerechten5 215ºC Hogetemperatuurgrill en grillplaat16. 3 Aanbevolen kookgereiVoor deze functie werd speciaal kookgerei ontwikkeld,dat optimale resultaten levert.
Het aanbevolen kookgerei kunt u verkrijgen via de ser-vicedienst, de vakhandel of onze onlineshopwww. bosch-home. com. Opmerking:U kunt ook ander kookgerei gebruiken.
Af-hankelijk van de kwaliteit van het kookgerei kan de be-reikte temperatuur echter van de gekozen temperatuur-stand afwijken. 16. 4 PerfectFry Sensor inschakelen1. Lege pan op de kookzone plaatsen. 2. De kookzone kiezen en aanraken. 3. In de volgende 10 seconden in het instelgebied degewenste temperatuurstand kiezen. a De functie start. knippert tot de ingesteldedoeltemperatuur is bereikt. a Als de doeltemperatuur is bereikt, weerklinkt eensignaal en stopt met knipperen. 4. Het braadvet en dan het product in de braadpandoen. Opmerking:Als u meer dan 250 ml olie nodig hebt omte koken, dan de olie toevoegen en een paar secondenwachten voordat u het te bereiden product toevoegt. 16. 5 Schakel PerfectFry Sensor uit▶De kookzone kiezen en aanraken. a De functie is gedeactiveerd. 16.
Hiermeevoorkomt u dat kinderen de kookplaat inschakelen. 17. 1 Kinderslot inschakelenVereiste:De kookplaat moet uitgeschakeld zijn. 1. Op tippen. 2. Raak gedurende 4 seconden aan. a De indicatie is 10seconden lang verlicht. a De kookplaat is geblokkeerd. 17. 2 Kinderslot uitschakelen1. Op tippen. 2. Raak gedurende 4 seconden aan. a De blokkering is opgeheven. 17. 3 Automatisch kinderslotU kunt het kinderslot ook automatisch elke keer na hetuitschakelen van de kookplaat activeren. In het hoofdstuk Basisinstellingen kunt u nalezen hoe ude functie in- en uitschakelt. →Pagina16Veegbeveiliging18 VeegbeveiligingZorgt voor een blokkering van het bedieningspaneel,zodat bij het reinigen instellingen niet ongewild wordengewijzigd. De reinigingsblokkering heeft geen invloed op dehoofdschakelaar. 18. 1 Schakel Veegbeveiliging in▶Druk op. Er klinkt een waarschuwingssignaal en brandt.
nl Individuele veiligheidsuitschakeling16Individuele veiligheidsuitschakeling19 Individuele veiligheidsuitschakelingIs een kookzone lange tijd in gebruik en heeft u de in-stelling niet veranderd, dan wordt de automatische uit-schakeling geactiveerd. De kookzone geeft weer enschakelt uit. De tijd van 1 tot 10 uur hangt van de geselecteerdevermogensstand af. Druk op een willekeurige button. Basisinstellingen20 BasisinstellingenU kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgens uw wensen instellen. 20. 1 Overzicht van de basisinstellingenIndicatie Instelling Waarde Kinderslot - Handmatig. 1 Automatisch. – Uitgeschakeld Akoestische signalen – Bevestigings- en foutsignaal zijn uitgeschakeld. – Alleen het foutsignaal is ingeschakeld. – Alleen het bevestigingssignaal is ingeschakeld. – Alle geluidssignalen zijn ingeschakeld 1.
Weergave energieverbruikToont het totale energieverbruik tussen hetin- en uitschakelen van de kookplaat in kWh. De precisie van de indicatie is onder andereafhankelijk van de spanningskwaliteit van hetelektriciteitsnet. – Uitgeschakeld1 – Ingeschakeld Automatisch uitschakelen van de kookzones. - uitgeschakeld. 1 - - Tijd tot het automatisch uitschakelen. Duur van het timer-einde-geluidssignaal – 10seconden 1 – 30seconden - 1 minuut VermogensbegrenzingMaakt indien nodig de begrenzing mogelijkvan het totale vermogen van de kookplaat,indien vereist, op basis van de omstandighe-den van uw elektrische installatie. De be-schikbare instellingen hangen af van hetmaximale vermogen van de kookplaat (zie ty-peplaatje). Wanneer de functie actief is en dekookplaat de ingestelde vermogensgrens be-reikt, dan wordt weergegeven en u kuntgeen hogere vermogensstand kiezen.
Aanbevolen voor 20 ampère. - Maximaal vermogen van de kookplaat. MoveModeMaakt de wijziging mogelijk van de vooringe-stelde vermogensstanden van de drie kook-bereiken van de flexibele kookzone. Kies hiervoor een van de beide kookzones,stel de gewenste vermogensstand in het in-stelbereik in raak aan om de nieuwe ver-mogensstand te bevestigen en de volgendekookzone te selecteren. - Vooringestelde vermogensstand voor de voorstekookzone. - Vooringestelde vermogensstand voor de middelstekookzone. . - Vooringestelde vermogensstand voor de achterstekookzone. Kookgerei-testMet deze functie kunt u de kwaliteit van hetkookgerei controleren. - Niet geschikt. - Niet optimaal. - Geschikt. 1Fabrieksinstelling.
Kookgerei-test nl17Indicatie Instelling Waarde FlexInductionInschakelmodus van de FlexZone wijzigen. - Als twee onafhankelijke kookzones. 1 - Als een gecombineerde kookzone. Terugzetten naar de fabrieksinstellingen - Individuele instellingen 1. - Fabrieksinstellingen. 1Fabrieksinstelling20. 2 Naar de basisinstellingenVereiste:De kookplaat moet uitgeschakeld zijn. 1. Raak aan om de kookplaat in te schakelen. 2. Raak binnen de volgende 10 seconden 4 secon-den lang aan. Productinformatie IndicatieLijst van de Technische Service (TS) FabricagenummerFabricagenummer 1 . Fabricagenummer 2 . a De eerste vier indicaties geven de productinformatieweer. Raak het instelgebied aan, om de afzonderlij-ke indicaties te kunnen zien. 3. Raak aan om naar de basisinstellingen te gaan. a en lichten op als voorinstelling. 4. Raak net zo lang aan totdat de gewenste instel-ling verschijnt. 5.
De gewenste instelling in het instelbereik kiezen. 6. Raak gedurende 4 seconden aan. a De instellingen zijn opgeslagen. 20. 3 Wijzigen van de basisinstellingenannuleren▶Raak aan. a Alle wijzigingen werden verworpen en niet opgesla-gen. Kookgerei-test21 Kookgerei-testDe kwaliteit van de pan heeft een grote invloed op desnelheid en het resultaat van het kookproces. Met deze functie kunt u de kwaliteit van het kookgereitesten. Ga vóór de test na of de diameter van de bodem vande pan met de grootte van de gebruikte kookzoneovereenstemt. De toegang vindt plaats via de basisinstellingen. →Pagina1621. 1 Kookgerei-test uitvoerenDe flexibele kookzone is als enige kookzone zo inge-steld dat deze slechts één enkele pan controleert. 1. Plaats het kookgerei bij kamertemperatuur met ca.
200ml water midden op die kookzone, waarvan dediameter het best overeenkomt met de diameter vande bodem van het kookgerei. 2. Roep de basisinstellingen op en kies . 3. Het instelgebied aanraken. Op de kookzone knip-pert de indicatie .
a De test is bezig. a Na 10 seconden verschijnt het resultaat op hetkookzonedisplay. 21. 2 Resultaat controlerenIn de volgende tabel kunt u zien wat het resultaat voorkwaliteit en snelheid van het kookproces betekent. ResultaatHet kookgerei is voor de kookzone niet geschikten wordt daarom niet opgewarmd. Het kookgerei warmt langzamer op dan verwachten het kookproces verloopt niet optimaal. Het kookgerei wordt goed warm en het kookpro-ces is in orde. Raak om deze functie te activeren het instelbereik aan. HomeConnect22 HomeConnectDit apparaat is geschikt voor netwerken. Verbind uwapparaat met een mobiel eindapparaat om functies tekunnen bedienen via de HomeConnect app, basisin-stellingen aan te passen of de actuele gebruikstoe-stand te bewaken. De HomeConnect diensten zijn niet in elk land be-schikbaar.
De beschikbaarheid van de functie Ho-meConnect is afhankelijk van de beschikbaarheid vande HomeConnect diensten in uw land. Informatie hier-over vindt u op: www. home-connect. com. De HomeConnect app leidt u door het gehele aanmel-dingsproces. Volg de aanwijzingen in de HomeCon-nect app om de instellingen aan te brengen. Tip:Neem ook de aanwijzingen in deHomeCon-nectapp in acht. Opmerkingen¡ Houd u aan de veiligheidsinstructies in deze ge-bruiksaanwijzing en zorg ervoor dat deze ook wor-den nageleefd wanneer u het apparaat via de Ho-meConnect app bedient. →"Veiligheid", Pagina2.
nl HomeConnect18¡ De bediening aan het apparaat heeft altijd voorrang. Gedurende deze tijd is de bediening via de Ho-meConnectapp niet mogelijk. ¡ In de netwerkgebonden stand-by-stand heeft het ap-paraat max. 2W nodig. ¡ Kookplaten zijn niet bedoeld voor gebruik zondertoezicht. Het bereidingsproces moet in de gatenworden gehouden. 22. 1 HomeConnect app instellen1. Installeer de HomeConnect app op het mobieleeindapparaat. 2. De HomeConnect app starten en de toegang voorHomeConnect instellen. De HomeConnect app leidt u door het gehele aan-meldingsproces. 22. 2 HomeConnect instellenVereisten¡ Het apparaat is verbonden met het stroomnet en in-geschakeld. ¡ U beschikt over een mobiel eindapparaat met eenactuele versie van het iOS- of Android-besturingssys-teem, bijvoorbeeld een smartphone. ¡ De HomeConnectapp is op het mobiele eindappa-raat geïnstalleerd.
¡ Het apparaat heeft op de plaats van opstelling ont-vangst van het thuisnetwerk (wifi). ¡ Het mobiele eindapparaat en het apparaat bevindenzich binnen het bereik van het WiFi-signaal van uwthuisnetwerk. 1. De HomeConnect app openen en de volgende QR-code scannen. 2. De aanwijzingen van de HomeConnect app opvol-gen. 22. 3 Overzicht van de HomeConnect instellingenIn de basisinstellingen van uw kookplaat kunt u voor HomeConnect instellingen en netwerkinstellingen aanpassen. Instelling Selectie of weergave Extra informatie Netwerkverbinding – Niet verbonden/netwerkverbindingverbreken - Automatisch verbinden - Handmatig verbinden - VerbondenKookplaat in het WLAN-thuisnetwerk (WiFi) aanmelden ofnetwerkverbinding verbreken Verbinding met app - Niet verbonden – Verbinding maken wordt alleen weergegeven als de kookplaat methet thuisnetwerk is verbonden.
wordt alleen weergegeven, wanneer de kookplaatal een keer met het netwerk werd verbonden. Instelling via app – Uitgeschakeld – Ingeschakeld1Als is uitgeschakeld, worden uitsluitend de bedrijfs-toestanden van de kookplaat in de HomeConnect appweergegeven. Software-update – Update beschikbaar en gereedvoor installatie – Installatie starten wordt alleen weergegeven wanneer er een softwa-re-update beschikbaar is. Toegang op afstand door servicedienstregelen – Niet toegestaan - Toegestaan wordt alleen weergegeven wanneer de service-dienst verbinding probeert te maken met de kookplaat. Nadat u toegang heeft verleend, kunt u deze op elk ge-wenst moment weer beëindigen. 1Fabrieksinstelling.
HomeConnect nl19Instelling Selectie of weergave Extra informatie WiFi-signaalsterkte laten weergeven – Niet verbonden met het WiFi-thuis-netwerk – Signaalsterkte 1 (slecht) – Signaalsterkte 2 (gemiddeld) – Signaalsterkte 3 (goed) wordt alleen weergegeven als er een verbinding ismet het thuisnetwerk (WiFi). Verbinding met de HomeConnect ser-ver - Niet verbonden - Verbonden wordt alleen weergegeven als er een verbinding ismet het thuisnetwerk (WiFi). 1Fabrieksinstelling22. 4 Instellingen via de HomeConnect appwijzigenMet de HomeConnect app kunt u de instellingen voorde kookzones wijzigen en naar de kookplaat sturen. Vereisten¡ De kookplaat is met het thuisnetwerk en de Ho-meConnect app verbonden. ¡ Om de kookplaat via de HomeConnect app in tekunnen stellen, moet in de basisinstellingen in-geschakeld zijn. In de toestand bij levering is in-geschakeld.
Als de overdracht van instellingen is ge-deactiveerd, worden uitsluitend de bedrijfstoestan-den van de kookplaat in de HomeConnect appweergegeven. 1. De instelling in de HomeConnect app uitvoeren ennaar de kookplaat sturen. De aanwijzingen in de HomeConnect app opvol-gen. Instellingen die u vanuit de HomeConnect app naarde kookplaat stuurt, moet u op de kookplaat beves-tigen. a Wanneer kookinstellingen naar een kookplaat wor-den doorgestuurd, begint afhankelijk van de instel-ling de betreffende kookzone-indicatie te knipperen. 2. Druk op de kookzone-indicatie op de gewenstekookzone op de instelling te bevestigen. 3. Om de instelling te verwerpen, op een willekeurigander touchveld van de kookplaat tippen. 22. 5 Software-updateMet de functie software-update wordt de software vanuw apparaat bijgewerkt, bijv.
Voorwaarde is wel dat u een geregistreerde Ho-meConnectgebruiker bent, de app op uw mobieleeindapparaat hebt geïnstalleerd en een verbinding metde HomeConnectserver hebt gemaakt. Zodra er een software-update beschikbaar is, wordt uhierover via de HomeConnectapp geïnformeerd enkunt u de software-update via de app starten. Na hetsuccesvol downloaden kunt u de installatie via de Ho-meConnectapp starten als u in uw WLAN-thuisnet-werk (WiFi) bent. Over een succesvol uitgevoerde in-stallatie wordt u via de HomeConnectapp geïnfor-meerd. Opmerkingen¡ De software-update bestaat uit twee stappen. – In de eerste stap van de download. – In de tweede stap de installatie op uw apparaat. ¡ Tijdens de download kunt u uw apparaat gewoonblijven gebruiken. Afhankelijk van de persoonlijke in-stellingen in de app kunnen software-updates ookautomatisch worden gedownload.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Bosch PXY890DV1E stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Fornuis Bosch
Handleiding Fornuis
Nieuwste handleidingen voor Fornuis
