Bosch PXX890D51E Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Bosch PXX890D51E (36 pagina’s), behorend tot de categorie Fornuis. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 243 mensen en kreeg gemiddeld 4.3 sterren uit 4 reviews. Heb je een vraag over Bosch PXX890D51E of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag
Product specificaties
| Merk: | Bosch |
| Categorie: | Fornuis |
| Model: | PXX890D51E |
Handleiding Bosch PXX890D51E – volledige tekst
311 VeiligheidNeem de volgende veiligheidsvoorschriften inacht. 1. 1 Algemene aanwijzingen¡ Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldigdoor. ¡ Bewaar de gebruiksaanwijzingen, de appa-raatpas en de productinformatie voor latergebruik of voor volgende eigenaren. ¡ Sluit het apparaat in geval van transport-schade niet aan. 1. 2 Bestemming van het apparaatApparaten zonder stekker mogen alleen doorgeschoold personeel worden aangesloten. Bijschade door een verkeerde aansluiting kunt ugeen aanspraak maken op garantie. De veiligheid is alleen gewaarborgd bij eendeskundige montage volgens de montage-handleiding. De installateur is verantwoordelijkvoor een goede werking op de plaats van op-stelling. Gebruik het apparaat uitsluitend:¡ om voedsel en dranken te bereiden. ¡ onder toezicht. Houd kortstondige kookpro-cessen ononderbroken in het oog.
Gebruik het apparaat niet:¡ op boten of in voertuigen. ¡ met een externe timer of een separate af-standsbediening. Dit geldt niet voor het ge-val dat de werking middels de doorEN50615 genoemde apparaten wordt uit-geschakeld. ¡ om gevaarlijke of explosieve stoffen endampen af te zuigen. ¡ om kleine onderdelen of vloeistoffen af tezuigen. Als u een actief, geïmplanteerd medisch ap-paraat (zoals een pacemaker of defibrillator)draagt, ga dan bij uw arts na of dit voldoet.
Veiligheid nl3aan de Richtlijn 90/385/EEG van de Raadvan de Europese Gemeenschappen van 20juni 1990 alsmede EN 45502-2-1 en EN45502-2-2, en conform VDE-AR-E 2750-10 isgeselecteerd, geïmplanteerd en geprogram-meerd. Als aan deze voorwaarden wordt vol-daan en er bovendien non-ferro pannen metnon-ferro handgrepen worden gebruikt, kandeze inductiekookplaat zonder bezwaar wor-den gebruikt, mits dit natuurlijk op de juistewijze gebeurt. 1. 3 Inperking van de gebruikersDit apparaat kan worden bediend door kinde-ren vanaf 8 jaar en door personen met fysie-ke, sensorische of geestelijke beperkingen ofmet gebrekkige ervaring en/of kennis, indienzij onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd inhet veilige gebruik van het apparaat en dedaaruit resulterende gevaren hebben begre-pen. Kinderen mogen niet met het apparaat spe-len.
Reiniging en gebruikersonderhoud mogenniet worden uitgevoerd door kinderen, tenzijze 15jaar of ouder zijn en onder toezichtstaan. Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8jaar niet bij het apparaat of de aansluitkabelkunnen komen. 1. 4 Veilig gebruikWAARSCHUWING‒Kans opverstikking. Kinderen kunnen kleine onderdelen inademenof inslikken en hierdoor stikken. ▶ Kleine onderdelen uit de buurt van kinde-ren houden. ▶ Kinderen niet met kleine onderdelen latenspelen. Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal overhet hoofd trekken en hierin verstrikt raken enstikken. ▶ Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kin-deren houden. ▶ Laat kinderen niet met verpakkingsmateri-aal spelen. WAARSCHUWING‒Kans opvergiftiging. Teruggezogen verbrandingsgassen kunnenleiden tot vergiftiging. Vuurbronnen die delucht in de ruimte verbruiken (bijv.
In combina-tie met een ingeschakelde afzuigkap wordtaan de keuken en aan de naastgelegen ruim-tes lucht onttrokken. Zonder voldoende lucht-toevoer ontstaat er een onderdruk. Giftigegassen uit de schoorsteen of het afvoerkanaalworden teruggezogen in de woonruimte. ▶ Altijd voor voldoende luchttoevoer zorgen,wanneer het apparaat in luchtafvoermoduswerkt, en er tegelijkertijd vuurbron is diegebruik maakt van de aanwezige lucht. ▶ U kunt het apparaat alleen dan zonder risi-co gebruiken wanneer de onderdruk in deruimte waarin de vuurbron zich bevindt nietgroter is dan 4 Pa (0,04 mbar). Dit kanworden bereikt wanneer de voor de ver-branding benodigde lucht door niet afsluit-bare openingen, bijv. in deuren, ramen, incombinatie met een ventilatiekast in demuur of door andere technische voorzienin-gen, kan worden toegevoerd.
Een luchtaan-voer/afvoereenheid in de muur alleen isniet voldoende om aan de minimale eisente voldoen. ▶ Raadpleeg in ieder geval het bedrijf dat inuw huis zorgt voor de schoorsteenreiniging. Dit bedrijf is in staat het totale ventilatiesys-teem van uw huis te beoordelen en kaneen voorstel doen voor passende maatre-gelen op het gebied van de luchttoevoer. ▶ Indien het apparaat alleen met recirculatiewordt gebruikt, is een onbeperkt gebruikmogelijk.
nl Veiligheid4WAARSCHUWING‒Kans op brand. Zonder toezicht koken op kookplaten met vetof olie kan gevaarlijk zijn en brand veroorza-ken. ▶ Verlies hete oliën en vetten daarom nooituit het oog. ▶ Nooit proberen om een vuur met water teblussen, maar het apparaat uitschakelenen dan de vlammen bijv. met een deksel ofeen blusdeken afdekken. Het kookvlak wordt erg heet. ▶ Nooit brandbare voorwerpen op het kook-vlak of in de directe omgeving leggen. ▶ Nooit voorwerpen op het kookvlak bewa-ren. Het apparaat wordt heet. ▶ Nooit brandbare voorwerpen of spuitbus-sen bewaren in laden direct onder de kook-plaat. Als de kookplaat wordt afgedekt, kan dat on-gelukken veroorzaken, bijvoorbeeld dooroververhitting, in brand vliegen of ontploffendematerialen. ▶ Dek de kookplaat niet af. Na gebruik de kookplaat altijd met de hoofd-schakelaar uitschakelen.
▶ Niet wachten tot de kookplaat automatischuitschakelt omdat er zich geen potten enpannen meer op bevinden. De vetafzettingen in de vetfilters kunnen ont-branden. ▶ Apparaat nooit zonder vetfilter gebruiken. ▶ De vetfilters regelmatig reinigen. ▶ Nooit in de omgeving van het apparaat metopen vuur werken (bijv. flamberen). ▶ Het apparaat alleen in de buurt van eenvuurbron voor vaste brandstoffen (bijv. houtof kolen) installeren wanneer de vuurbroneen afgesloten, niet verwijderbare afscher-ming heeft. Er mogen geen vonken weg-springen. WAARSCHUWING‒Kans opbrandwonden. Tijdens het gebruik worden het apparaat enzijn aanraakbare onderdelen heet, vooral eeneventueel aanwezig kookplaatframe. ▶ Wees voorzichtig om het aanraken van ver-warmingselementen te voorkomen. ▶ Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit debuurt worden gehouden. Kookplaatbeschermroosters kunnen tot onge-vallen leiden.
Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik. ▶ Het apparaat voor het schoonmaken latenafkoelen. ▶ Wanneer er hete vloeistoffen in het appa-raat komen, het vetfilter of het overloopre-servoir pas verwijderen nadat het apparaatis afgekoeld. WAARSCHUWING‒Kans op elektrischeschok. Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. ▶ Alleen daarvoor geschoold vakpersoneelmag reparaties aan het apparaat uitvoeren. ▶ Er mogen uitsluitend originele reserveon-derdelen worden gebruikt voor reparatievan het apparaat. ▶ Wanneer de netaansluitkabel of de appa-raataansluitkabel van dit apparaat bescha-digd raakt, moet deze worden vervangendoor een speciale netaansluitkabel of spe-ciale apparaataansluitkabel die verkrijgbaaris bij de fabrikant of de klantenservice. Een beschadigd apparaat of een beschadigdnetsnoer is gevaarlijk. ▶ Nooit een beschadigd apparaat gebruiken.
▶ Nooit een apparaat met gescheurd of ge-broken oppervlak gebruiken. ▶ Nooit aan het netsnoer trekken, om het ap-paraat van het elektriciteitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trek-ken. ▶ Wanneer het apparaat of het netsnoer isbeschadigd, dan direct de zekering in demeterkast uitschakelen. ▶ Contact opnemen met de servicedienst. →Pagina30Binnendringend vocht kan een elektrischeschok veroorzaken. ▶ Geen stoomreiniger of hogedrukreinigergebruiken om het apparaat te reinigen.
Materiële schade voorkomen nl5Bij hete apparaatonderdelen kan de kabeliso-latie van elektrische apparaten smelten. ▶ Zorg ervoor dat de aansluitkabel van elek-trische apparaten nooit in contact komt methete onderdelen van het apparaat. WAARSCHUWING‒Kans op letsel. Wanneer er vloeistof zit tussen de bodem vande pan en de kookzone, kunnen kookpannenplotseling omhoog springen. ▶ Zorg ervoor dat de kookzone en de bodemvan de pan altijd droog zijn. ▶ Nooit bevroren kookgerei gebruiken. Bij de bereiding au-bain-marie kunnen dekookplaat en kookvorm barsten door overver-hitting. ▶ De au-bain-marie kookvorm mag niet in di-rect contact komen met de bodem van depan die met water is gevuld. ▶ Gebruik alleen hittebestendige vormen. Een apparaat met een gebarsten of gebrokenoppervlak kan tot snijwonden leiden. ▶ Het apparaat niet gebruiken als het opper-vlak ervan gebarsten of gebroken is.
Materiële schade voorkomen2 Materiële schade voorkomenHier vindt u de meest voorkomende oorzaken van schade en tips om deze te voorkomen. Schade Oorzaak MaatregelVlekken Bereiden zonder toezicht. Het bereidingsproces in de gaten houden. Vlekken, defecten Gemorste levensmiddelen, vooral diegenemet hoog suikergehalte. Onmiddellijk met een schraper voor vitroke-ramische kookplaat verwijderen. Vlekken, defecten ofbreuken in het glasDefect kookgerei, kookgerei met gesmoltenemaille of kookgerei met koperen- of alumini-umbodem. Gebruik geschikt kookgerei dat in een goedeconditie is. Vlekken, verkleurin-genOngeschikte reinigingsmethoden. Alleen reinigingsmiddelen gebruiken die ge-schikt zijn voor glaskeramiek en reinig dekookplaat alleen wanneer deze koud is. Defecten of breukenin het glasStoten of vallend kookgerei, kookaccessoiresof andere harde of scherpe voorwerpen.
Bij het koken niet tegen het glas stoten ofvoorwerpen op de kookplaat laten vallen. Krassen, verkleurin-genRuwe pannenbodems of het verplaatsen vande pan op de kookplaat. Kookgerei controleren.
Kookgerei bij het ver-plaatsen optillen. Krassen Zout, suiker of zand. Gebruik de kookplaat niet als plaats om ietsop te zetten of als werkvlak. Schade aan het ap-paraat. Koken met diepgevroren kookgerei. Nooit bevroren kookgerei gebruiken. Schade aan de panof aan het apparaatKoken zonder inhoud. Nooit een pan zonder inhoud op een hetekookzone plaatsen of verhitten. Glasbeschadigingen Gesmolten materiaal op de hete kookzone ofhete deksels van pannen op het glas. Geen bakpapier of aluminiumfolie en geenkunststof containers of pandeksels op dekookplaat leggen. Oververhitting Heet kookgerei op het bedieningspaneel ofop het kader. Plaats heet kookgerei nooit op deze gebie-den. Milieubescherming en besparing3 Milieubescherming en besparing3. 1 Afvoeren van de verpakkingDe verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kun-nen worden hergebruikt.
▶De afzonderlijke componenten op soort gescheidenafvoeren. 3. 2 Energie besparenAls u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt het apparaatminder energie. Een kookzone kiezen die bij de grootte van de panpast. Het kookgerei gecentreerd plaatsen. Gebruik kookgerei met een bodemdiameter die over-eenkomt met de diameter van de kookzone. Tip:Fabrikanten van kookgerei geven vaak de boven-diameter van de pan aan. Die is dikwijls groter dan debodemdiameter. ¡Niet-passend kookgerei of niet volledig afgedektekookzones verbruiken veel energie.
nl Geschikt kookgerei6Pannen afsluiten met een passend deksel. ¡Wanneer u zonder deksel kookt, heeft het apparaataanzienlijk meer energie nodig. Deksel zo min mogelijk oplichten. ¡Wanneer u het deksel oplicht, ontsnapt er veelenergie. Glazen deksel gebruiken. ¡Door het glazen deksel kunt u in de pan kijken zon-der het deksel op te lichten. Pannen met vlakke bodem gebruiken. ¡Als de bodem niet vlak is, wordt het energiever-bruik hoger. Gebruik kookgerei dat past bij de hoeveelheid levens-middel. ¡Groot kookgerei met weinig product heeft meerenergie nodig om op te warmen. Met weinig water koken. ¡Hoe meer water er in het kookgerei zit, des te meerenergie is er nodig om op te warmen. Tijdig terugschakelen naar een lagere kookstand. Eenpassende doorkookstand gebruiken. ¡Met een te hoge doorkookstand verspilt u energie. Pas de ventilatiestand aan de intensiteit van de kook-damp aan.
¡Een lagere ventilatiestand betekent minder energie-verbruik. Kies bij intensieve kookdampen op tijd een hogereventilatiestand. ¡De geuren verdelen zich minder in de ruimte. Schakel het apparaat uit wanneer dit niet langer nodigis. ¡Bij het koken voldoende ventileren. ¡Het apparaat werkt efficiënter en met minder be-drijfsgeluiden. De filter met de opgegeven intervallen reinigen of ver-vangen. ¡De effectiviteit van het filter blijft behouden. Productinformatie conform (EU) 66/2014 vindt u op demeegeleveerde apparaatpas en op het intern op deproductpagina van uw apparaat. Geschikt kookgerei4 Geschikt kookgereiEen voor inductiekoken geschikt kookgerei moet eenferromagnetische bodem hebben, dus door een mag-neet worden aangetrokken, en verder moet de bodemeven groot zijn als de kookzone.
1 Grootte en kenmerken van hetkookgereiOm het kookgerei correct te herkennen, moet u met degrootte en het materiaal van het kookgerei rekeninghouden. Alle panbodems moeten volledig vlak en gladzijn. Met Kookgerei-test controleert u of het kookgerei ge-schikt is. Meer informatie vindt u onder →"Kookgerei-test", Pagina21. Kookgerei Materialen EigenschappenAanbevolen kookge-reiRoestvaststalen kookgerei met sandwich-bo-dem welke de warmte goed verdeelt. Dit kookgerei verdeelt de warmte gelijkmatig,warmt snel op en waarborgt zijn herkenning. Ferromagnetisch kookgerei van geëmailleerdstaal, gietijzer, of speciale pannen voor in-ductie van edelstaal. Dit kookgerei warmt snel op en wordt veiligherkend. Geschikt De bodem is niet volledig ferromagnetisch. Als de diameter van het ferromagnetischeoppervlak kleiner is dan de bodem van hetkookgerei, warmt alleen het ferromagneti-sche oppervlak op.
Daardoor verdeelt dewarmte niet gelijkmatig. Kookgereibodems met aluminiumaandeel. Deze bodems van het kookgerei verkleinenhet ferromagnetische oppervlak, waardoorminder vermogen aan het kookgerei wordtafgegeven. Het kan zijn dat deze pannen on-voldoende of helemaal niet worden herkenden daarom ook onvoldoende worden ver-warmd. Niet geschikt Kookgerei van normaal dun staal, glas, aar-dewerk, koper of aluminium.
nl Uw apparaat leren kennen8Uw apparaat leren kennen5 Uw apparaat leren kennen5.1 Koken met inductieVergeleken met gangbare kookplaten brengt inductie-koken enkele veranderingen met zich mee en biedt heteen aantal voordelen zoals tijdbesparing tijdens het ko-ken en braden, energiebesparing, alsmede eenvoudi-ger onderhoud en reiniging. Het biedt ook een beterewarmteregeling, omdat de warmte direct in het kookge-rei wordt opgewekt.5.2 Uw nieuwe apparaatInformatie over uw nieuwe apparaat21345Nr.
Aanduiding1Vetfilter2Geurfilter bij circulatiefunctie of akoestische fil-ter bij afvoerluchtfunctie 13Kookplaat4Bedieningspaneel5Overloopreservoir1Afhankelijk van de apparaatuitvoering.5.3 Speciale accessoiresAl naar gelang de inbouwvariant van het apparaat zijner verschillende accessoires verkrijgbaar, welke u in devakhandel, bij de klantenservice of via onze officiëlewebsite kunt kopen.¡ Luchtafvoerset¡ Luchtcirculatieset¡ Geurfilter voor circulatiefunctie¡ Akoestisch filter voor luchtafvoer5.4 BedieningspaneelIndividuele details, zoals kleur en vorm, kunnen afwij-ken van de illustratie.Opmerkingen¡ Houd het bedieningspaneel schoon en droog.¡ Geen pannen in de buurt van de displays en senso-ren plaatsen.
Functies nl9Sensor Functie UitschakeltimerCount-up timer Warmhoudfunctie PerfectFry Sensor FlexInduction MoveMode Kookzone kiezen WiFi Kapregeling Sensor ventilatieregelingAfhankelijk van de status van de kookplaat lichten ookde indicatoren voor de kookzones en de verschillendegeactiveerde en beschikbare functies op. 5. 5 Verdeling van de kookzonesHet aangegeven vermogen wordt gemeten met de ge-normeerde pannen, die in IEC/EN 60335-2-6 zijn be-schreven. Het vermogen kan al naar gelang de grootteof materiaal van het kookgerei variëren. A AGebied Hoogste kookstand Vermogensstand 9PowerBoost2. 200W3. 700W Vermogensstand 9PowerBoost3. 300W3. 700W5. 6 KookzoneControleer voordat u met het koken begint of het for-maat van de pan bij de kookzone past waarmee ukookt:Gebied Type kookzone Kookzone met enkele kring Flex-Zone →"FlexInduction", Pagina135.
7 Restwarmte-indicatieDe kookplaat heeft voor elke kookzone een restwarm-te-indicatie. Zolang de restwarmte-indicator brandt,mag u de kookzone niet aanraken. Indicatie Betekenis De kookzone is heet. De kookzone is warm. Functies6 FunctiesU kunt uw apparaat gebruiken in de luchtafvoermodusof in de luchtcirculatiemodus. 6. 1 Gebruik met afvoerluchtDe aangezogen lucht wordt door de vetfilters gereinigden via een buizensysteem naar de buitenlucht afge-voerd. De lucht mag niet worden afgevoerd ineen schoorsteen die wordt gebruiktvoor afvoergassen van apparaten be-stemd voor het verbranden van gas ofandere brandstoffen (dit geldt niet voorventilatieapparatuur). ¡ Komt de afvoerlucht terecht in eenrook- of afvoergasschoorsteen dieniet in gebruik is, dan dient hiervoortoestemming van een vakbekwameschoorsteenveger te worden verkre-gen.
nl Voor het eerste gebruik10Monteer een geurfilter om geurtjes tevoorkomen bij het gebruik van de circu-latiefunctie. De verschillende manierenom het apparaat met circulatielucht tegebruiken, vindt u in onze catalogus ofkunt u navragen bij uw speciaalzaak. Het daartoe benodigde toebehoren isverkrijgbaar bij de speciaalzaak, deklantenservice of in de online-shop. Opmerking:Bij intensief en langdurig koken wordtvocht in de lucht van de ruimte afgegeven. Wanneer uhet apparaat in de circulatiefunctie gebruikt, dan radenwij aan de keuken afdoende te ventileren, bijvoorbeelddoor het kortstondig openen van een raam, om deovertollige vochtigheid af te voeren. Voor het eerste gebruik7 Voor het eerste gebruikHoud de volgende adviezen aan. 7. 1 Eerste reinigingVerpakkingsresten van het kookplaatoppervlak verwij-deren en het oppervlak met een vochtige doek afve-gen.
Een lijst met de aanbevolen reinigingsmiddelenvindt u op de officiële website www. bosch-home. com. Meer informatie over onderhoud en reiniging. →Pagina237. 2 Apparaat voorbereidenVoor een correcte werking moet u de componenten indeze volgorde plaatsen:1. De filters plaatsen. 2. Het metalen vetfilter plaatsen. Opmerking:Het apparaat nooit zonder metalen vetfilteren overloopreservoir gebruiken. 7. 3 Functie instellenHet apparaat wordt geleverd met vooringestelde circu-latiefunctie. Wanneer uw kookplaat met luchtafvoer naar buiten isgeïnstalleerd, moet u de instelling op deze modusconfigureren. Meer informatie kunt u vinden in hoofd-stuk →"Basisinstellingen", Pagina197.
4 Koken met inductieVergeleken met gangbare kookplaten brengt inductie-koken enkele veranderingen met zich mee en biedt heteen aantal voordelen zoals tijdbesparing tijdens het ko-ken en braden, energiebesparing, alsmede eenvoudi-ger onderhoud en reiniging. Het biedt ook een beterewarmteregeling, omdat de warmte direct in het kookge-rei wordt opgewekt. 7.
5 KookgereiEen lijst van het aanbevolen kookgerei vindt u op deofficiële website www. bosch-home. com. Meer informatie over het passende kookgerei. →Pagina67. 6 Home Connect instellenWanneer het apparaat voor de eerste keer wordt inge-schakeld, wordt de instelling van het thuisnetwerk op-gevraagd. Op het display licht gedurende enkele se-conden het symbool op. Om de aansluitinstelling te starten, de sensor aanra-ken en de aanwijzingen in het hoofdstuk opvolgen. Omde eerste instelling te verlaten een willekeurige sensoraanraken. Voor het eerste gebruik8 Voor het eerste gebruikHoud de volgende adviezen aan. 8. 1 Eerste reinigingVerpakkingsresten van het kookplaatoppervlak verwij-deren en het oppervlak met een vochtige doek afve-gen. Een lijst met de aanbevolen reinigingsmiddelenvindt u op de officiële website www. bosch-home. com. Meer informatie over onderhoud en reiniging.
→Pagina238. 2 Apparaat voorbereidenVoor een correcte werking moet u de componenten indeze volgorde plaatsen:1. De filters plaatsen. 2. Het metalen vetfilter plaatsen. Opmerking:Het apparaat nooit zonder metalen vetfilteren overloopreservoir gebruiken. 8. 3 Koken met inductieVergeleken met gangbare kookplaten brengt inductie-koken enkele veranderingen met zich mee en biedt heteen aantal voordelen zoals tijdbesparing tijdens het ko-ken en braden, energiebesparing, alsmede eenvoudi-ger onderhoud en reiniging. Het biedt ook een beterewarmteregeling, omdat de warmte direct in het kookge-rei wordt opgewekt. 8. 4 KookgereiEen lijst van het aanbevolen kookgerei vindt u op deofficiële website www. bosch-home. com. Meer informatie over het passende kookgerei. →Pagina6.
De Bediening in essentie nl118. 5 Functie instellenHet apparaat wordt geleverd met vooringestelde circu-latiefunctie. Wanneer uw kookplaat met luchtafvoer naar buiten isgeïnstalleerd, moet u de instelling op deze modusconfigureren. Meer informatie kunt u vinden in hoofd-stuk →"Basisinstellingen", Pagina198. 6 Home Connect instellenWanneer het apparaat voor de eerste keer wordt inge-schakeld, wordt de instelling van het thuisnetwerk op-gevraagd. Op het display licht gedurende enkele se-conden het symbool op. Om de aansluitinstelling te starten, de sensor aanra-ken en de aanwijzingen in het hoofdstuk →"HomeConnect ", Pagina21 opvolgen. Om de eer-ste instelling te verlaten een willekeurige sensor aanra-ken. De Bediening in essentie9 De Bediening in essentie9. 1 Kookplaat inschakelen▶ aanraken. Er klinkt een signaal.
De symbolen van de kookzo-nes en de momenteel beschikbare functies bran-den. Naast de kookzones is . verlicht. a De kookplaat is klaar voor gebruik. ReStart▶Wanneer u het apparaat binnen 4seconden na hetuitschakelen weer inschakelt, treedt de kookplaat inwerking met de vorige instellingen. 9. 2 De kookplaat uitschakelen▶ aanraken tot de indicaties doven. a Alle kookzones zijn uitgeschakeld. Opmerking:Wanneer alle kookzones langer dan20seconden uitgeschakeld zijn, dan schakelt de kook-plaat uit. 9. 3 De vermogensstand in de kookzonesinstellenDe kookzone heeft 17 vermogensstanden, die van tot met tussenwaarden worden weergegeven. Voor hetproduct en het geplande bereidingsproces de meestgeschikte vermogensstand kiezen. 1. Raak het symbool van de gewenste kookzoneaan. a De indicatie is . is helderder verlicht. 2. Selecteer de gewenste vermogensstand in het in-stelgebied.
QuickStart▶Wanneer u vóór het inschakelen kookgerei op dekookplaat plaatst, dan wordt dit bij het inschakelenherkend en wordt de betreffende kookzone automa-tisch gekozen. Vervolgens in de volgende 20 secon-den de vermogensstand kiezen, anders schakelt dekookplaat zelf uit. Vermogensstand wijzigen of kookzoneuitschakelen1. De kookzone kiezen. 2. Kies in het instelbereik de gewenste kookstand ofop instellen. a De kookstand van de kookzone wijzigt of de kook-zone schakelt uit en de restwarmte-indicatie ver-schijnt. 9. 4 Kooktips¡ Wanneer u puree, romige soepen of dikvloeibaresauzen opwarmt, deze af en toe omroeren. ¡ Om voor te verwarmen, kookstand 8-9 instellen. ¡ Wanneer u bereidt met deksel, de kookstand verla-gen zodra er stoom vrijkomt. Het bereidingsresultaatwordt door het vrijkomen van stoom niet beïnvloed.
¡ Doe na het bereiden een deksel op het kookgerei,totdat u het gerecht serveert. ¡ Houd voor het bereiden met de snelkookpan deaanwijzingen van de fabrikant aan. ¡ Levensmiddelen niet te lang bereiden, voor het be-houd van de voedingswaarde. Met de kookwekkerkunt u de optimale bereidingstijd instellen. ¡ Zorg ervoor dat de olie niet rookt. ¡ Om de levensmiddelen te bruinen, deze na elkaaren in kleine porties aanbraden. ¡ Sommige pannen kunnen bij het bereiden hogetemperaturen bereiken. Gebruik daarom pannenlap-pen. ¡ Advies voor energiezuinig koken kunt u vinden on-der →"Energie besparen", Pagina5KookadviezenDe tabel geeft aan welke vermogensstand ( ) voorwelk levensmiddel geschikt is. De bereidingstijd ()kan variëren afhankelijk van de soort, het gewicht, dedikte en de kwaliteit van de levensmiddelen. SmeltenChocolade, couverture 1-1.
5 3-10Spiegeleieren in olie 5-6 3-6Frituren, 150-200g per portiein 1-2l olie, in porties frituren1Diepvriesproducten, bijv. frites,kip-nuggets8-9 -Kroketten, diepvries 7-8 -Vlees, bijv. stukken kip 6-7 -Vis, gepaneerd of in bierdeeg 6-7 -Groente, paddestoelen, gepa-neerd, in bierdeeg of in tempu-ra6-7 -Klein gebak, bijv. beignets, Ber-liner bollen, fruit in bierdeeg4-5 -1Zonder deksel2Voorverwarmen op kookstand 8 - 8. 5Kapregeling10 KapregelingMet de kapregeling kunt u het in het kookvlak geïnte-greerde hoogefficiënte afvoerluchtsysteem regelen. 10. 1 Handmatige ventilatieregelingU kunt de ventilatiestand handmatig besturen. Opmerking:Bij hoge pannen kan geen optimale af-zuigprestatie worden gegarandeerd. Door een schuingeplaatst deksel verbetert de afzuigprestatie. Handmatige ventilatieregeling activeren1. aanraken.
FlexInduction nl1310. 2 Intensief ventilatiestandEr zijn twee intensiefstanden voor de ventilatie. Wan-neer u de intensiefstand activeert, werkt de ventilatiekorte tijd met maximaal vermogen. Intensief ventilatiestand activeren1. aanraken. 2. De gewenste intensiefstand kiezen:‒ Intensiefstand I: indrukken. De lijn boven hetsymbool brandt. De stand is geactiveerd. ‒ Intensiefstand II: twee keer indrukken. De lijnboven het symbool knippert. De stand is geacti-veerd. Opmerking:Na ca. 8minuten schakelt het apparaatzelfstandig terug naar de vermogensstand . Intensief ventilatiestand wijzigen of deactiveren1. aanraken. 2. In het instelbereik de gewenste vermogensstand se-lecteren of op instellen. 10. 3 Automatische start voor de ventilatieWanneer u voor een kookzone een vermogensstandkiest, dan schakelt de automatische start in.
Af fabriek is de sensorgestuurde automatische start in-gesteld. Hoe u deze instelling wijzigt kunt u lezen inhoofdstuk →"Basisinstellingen", Pagina19. Automatische start met sensorregelingDe luchtkwaliteitssensor herkent de kookdamp automa-tisch, schakelt de optimale vermogensstand in en delijn boven licht op. Automatische start via vermogensstandenDe ventilatie schakelt bij een vermogensstand overeen-komstig de betreffende vermogensstand van de kook-zone in. 10. 4 Automatische modus metsensorregelingDe kookplaat beschikt over een luchtkwaliteitssensor,welke de kookdamp automatisch registreert en de ven-tilatie inschakelt. Wanneer de automatische start is uitgeschakeld of opbasis van kookstanden is ingesteld, dan kunt u de wer-king met deze sensorregeling te allen tijde handmatiginschakelen. Automatische modus met sensorregelingactiveren▶ aanraken.
a De functie is gedeactiveerd. Opmerking:Hoe u de sensorgevoeligheid instelt kuntu lezen in hoofdstuk →"Basisinstellingen", Pagina19. 10. 5 Naloopfunctie voor de ventilatieDe naloop-functie laat het ventilatiesysteem na het uit-schakelen van de kookplaat enkele minuten draaien. Zo verwijdert het de nog aanwezige kookdamp. Daarnaschakelt het ventilatiesysteem automatisch uit. De kookplaat wordt standaard geleverd met de naloop-tijd ingesteld op een maximale uitschakeltijd. Hoe u de-ze instelling wijzigt kunt u lezen in hoofdstuk →"Basisinstellingen", Pagina19. Ventilatornaloop activerenDe naloop is overeenkomstig de basisinstellinggeconfigureerd:¡ Via de regeling van de luchtkwaliteitssensor. brandt. ¡ Met een maximale uitschakeltijd. brandt. Opmerking:De naloop schakelt alleen in wanneer erminstens één kookzone minimaal één minuut werd in-geschakeld.
Ventilatornaloop deactiverenHandmatigWanneer u of aanraakt, deactiveert u de functie. AutomatischHet apparaat deactiveert de naloopfunctie wanneer:¡ De nalooptijd is afgelopen. ¡ U het apparaat weer inschakelt. ¡ De sensor stelt vast dat de luchtkwaliteit in orde is. FlexInduction11 FlexInductionDe flexibele kookzone maakt het voor u mogelijk omkookgerei in gelijk welke vorm of grootte naar wens teplaatsen. Hij bestaat uit vier inductoren, die onafhanke-lijk van elkaar functioneren. Is de flexibele kookzone ingebruik, dan wordt alleen het gebied geactiveerd datdoor de pan wordt bedekt. 11. 1 Plaatsen van het kookgereiDe flexibele kookzone kan op twee manieren wordengeconfigureerd, al naar gelang welk kookgerei wordtgebruikt. Om een goede warmteherkenning en warmte-verdeling te waarborgen, het kookgerei goed gecen-treerd te plaatsen, zoals op de afbeeldingen is weerge-geven.
nl MoveMode14¡ Plaatsen van het kookgerei afhankelijk van de groot-te:¡ Aanbevolen langwerpig kookgerei :Als twee gescheiden kookzonesAanbevolen voor het koken met twee stukken kookge-rei.U kunt de voorste en achterste zone gescheiden vanelkaar gebruiken en voor elke een eigen vermogens-stand instellen.11.2 Schakel FlexInduction in1.Plaats het kookgerei op de kookzone.2.Het apparaat herkent het kookgerei en kiest dekookzone.a Al naar gelang de grootte en positie van de panworden de kookzones automatische gescheiden ofverbonden.a De FlexZone is verbonden en brandt.Opmerkingen¡ U kunt de instellingen van de kookzone handmatigwijzigen door aan te raken.¡ U kunt de standaardconfiguratie van de flexibelekookzone wijzigen.
Hoe u dat kunt doen kunt u vin-den in het hoofdstuk Basisinstellingen.→Pagina19¡ Wanneer u het kookgerei van een actieve verbon-den kookzone verplaatst of optilt, start automatischeeen zoekfunctie. Elke kookgerei, dat bij deze zoek-actie binnen de kookzone wordt gevonden, wordtverwarmd met de eerder gekozen kookstand.MoveMode12 MoveModeMet deze functie kunt u de vermogensstand van hetkookgerei wijzigen, door het gewoon in de flexibelekookzone naar voren of terug te schuiven. De zonewordt hievoor in drie gebieden met verschillende ver-mogensstanden onderverdeeld.12.1 Plaatsen en verplaatsen van hetkookgereiSlechts een stuk kookgerei gebruiken.
Het kookgebiedhangt van het gebruikte kookgerei en zijn grootte enpositie af.Elk kookgebied heeft een vooraf ingestelde vermo-gensstand:¡ Voorste gebied = kookstand ¡ Middelste gebied = kookstand¡ Achterste gebied = kookstand .U kunt de standaardinstelling van de vooringesteldevermogensstanden wijzigen. In het hoofdstuk Basisin-stellingen kunt u nalezen hoe u de waarden verandert→Pagina19.
Tijdfuncties nl1512. 2 MoveMode activerenVereiste:Slechts één stuk kookgerei op een flexibelezone plaatsen. 1. Een van de beide kookzones van de flexibele zonekiezen. 2. Op drukken. a De vermogensstand van het gebied waarop hetkookgerei zich bevindt, brandt in de kookzone-indi-catie naast . a De functie is ingeschakeld. Opmerking:U kunt de vermogensstanden van de ge-bieden tijdens het koken wijzigen. 12. 3 MoveMode deactiveren▶ aanrakena De indicatie naast schakelt uit. a De functie is gedeactiveerd. Tijdfuncties13 TijdfunctiesUw kookplaat beschikt over verschillende instellingenvoor de bereidingstijd:¡ Uitschakeltimer¡ Timer¡ Count-up timer13. 1 UitschakeltimerMaakt de programmering van een bereidingstijd vooréén of meerdere kookzones mogelijk. Na het verstrij-ken van de tijd wordt de kookzone automatisch uitge-schakeld. Uitschakeltimer inschakelen1.
Kookzone en vermogensstand kiezen. 2. Druk op . a De indicatie van de kookzone licht op. 3. In het instelgedeelte de tijd instellen. ‒ Om een bereidingstijd van minder dan 10 minu-ten in te stellen, dient u altijd 0 aan te rakenvoordat u de gewenste waarde kiest. 4. Met bevestigen. a De bereidingstijd begint af te lopen. a Wanneer de bereidingstijd is verstreken, schakelt dekookzone uit en er klinkt een geluidssignaal. Opmerking:Wanneer in een kookzone, waarin Perfect-Fry Sensor is geactiveerd, een bereidingstijd is gepro-grammeerd, begint de geprogrammeerde bereidings-tijd af te tellen, zodra het gekozen temperatuurniveau isbereikt. Uitschakeltimer wijzigen of uitschakelen1. De kookzone kiezen en aanraken. 2. Om de tijd te wissen, in het instelbereik de tijd wijzi-gen of op instellen. 3. Bevestig met . 13. 2 TimerMaakt de activering mogelijk van een timer van 0 tot99 min.
Deze functie is onafhankelijk van de kookzo-nes en andere instellingen. Deze schakelt de kookzo-nes niet automatisch uit. Timer inschakelen1. Raak aan. 2. Stel in het instelbereik de gewenste tijd in. 3.
Met bevestigen. a De tijd begint te lopen. a Als de tijd is verstreken, klinkt er een signaal enknipperen de displays. Timer wijzigen of uitschakelen1. Raak aan. 2. Om de tijd te wissen, in het instelbereik de tijd wijzi-gen of op instellen. 3. Met bevestigen. 13. 3 Count-up timerDe stopwatchfunctie geeft de tijd weer die sinds de ac-tivering is verstreken. Schakel Count-up timer in▶Raak aan. a De tijd begint te lopen. Schakel Count-up timer uit1. Raak aan. De stopwatch stopt. De timer-indicatiesblijven verlicht. 2. Raak aan. De indicaties verdwijnen. PowerBoost14 PowerBoostMet deze functie verhit u grote hoeveelheden watersneller dan met . Deze functie is voor alle kookzones beschikbaar, voorzover de andere kookzone van dezelfde groep niet ingebruik is.
nl PanBoost1614. 1 PowerBoost inschakelen1. Kies de kookzone. 2. Op tippen. De indicatie brandt. a De functie is ingeschakeld. Opmerking:Deze functie kunt u ook bij het koken metsamenhangende FlexZone inschakelen. 14. 2 PowerBoost uitschakelen1. Kies de kookzone. 2. Op tippen. De indicatie verdwijnt en de kook-zone schakelt terug naar de kookstand . a De functie is gedeactiveerd. Opmerking:Onder bepaalde omstandigheden kan de-ze functie automatisch uitschakelen, om de elektroni-sche elementen binnenin de kookplaat te beschermen. PanBoost15 PanBoostMet deze functie verhit u pannen sneller dan met . Deze functie is voor alle kookzones beschikbaar, voorzover de andere kookzone van dezelfde groep niet ingebruik is. 15. 1 Gebruiksadviezen¡ Leg geen deksel op de pan. ¡ Nooit lege pannen zonder toezicht verhitten. ¡ Alleen koude pannen gebruiken.
¡ Pannen met volkomen effen bodem gebruiken. Geen pannen met dunne bodem gebruiken. 15. 2 Schakel PanBoost in1. Kies de kookzone. 2. Twee keer op tippen. is verlicht. a De functie is ingeschakeld. Opmerking:Deze functie kunt u ook bij het koken metsamenhangende FlexZone inschakelen. 15. 3 PanBoost uitschakelen1. Kies de kookzone. 2. Op tippen. dooft en de kookzone schakelt te-rug naar de kookstand . a De functie is gedeactiveerd. Opmerking:Om hoge temperaturen te vermijden scha-kelt deze functie na 30 seconden automatisch uit. Warmhoudfunctie16 WarmhoudfunctieDeze functie kunt u gebruiken om chocolade of boterte smelten en gerechten warm te houden. 16. 1 Schakel Warmhoudfunctie in1. Kies de gewenste kookzone. 2. Raak binnen de volgende 10 seconden het sym-bool aan. brandt. a De functie is ingeschakeld. 16. 2 Schakel Warmhoudfunctie uit1. Kies de kookzone. 2. Tip op. verdwijnt.
Instellingen overnemen17 Instellingen overnemenMet deze functie kunt u de kookstand en de gepro-grammeerde bereidingstijd van de ene naar de anderekookzone overdragen. 17. 1 Instellingen overnemenVereiste:Verplaats het kookgerei naar een kookzonedie niet ingeschakeld is en nog niet vooraf is ingestelden waarop eerder geen ander kookgerei stond. 1. Verplaats het kookgerei. Het kookgerei wordt herkend en op het display vande nieuwe kookzone knipperen afwisselend de eer-der gekozen kookstand en . 2. Kies de nieuwe kookzone in de instellingen over tenemen.
PerfectFry Sensor nl17Het apparaat zet het vermogen van de oorspronke-lijk kookzone op . a De instellingen zijn op de nieuwe kookzone overge-dragen. Opmerking:Wanneer u een nieuw kookgerei op eenandere kookzone plaatst, voordat u de instellingenheeft bevestigd, dan kunt u deze functie voor beidepannen gebruiken. PerfectFry Sensor18 PerfectFry SensorIs geschikt voor het bereiden of inkoken van sauzen,pannenkoeken of voor het bakken van eieren met bo-ter, voor het bakken van groente of steaks tot de ge-wenste gaarheid en hierbij de temperatuur onder con-trole houden. In de plaats van tijdens het koken vaak de vermogens-stand aan te passen, bij het begin een keer de ge-wenste doeltemperatuur kiezen. De sensoren onder dekeramische glasplaat meten dan de temperatuur vanhet kookgerei en houden deze tijdens het volledigekookproces constant.
Deze functie is op alle kookzones beschikbaar die met zijn gemarkeerd. 18. 1 Voordelen¡ De temperatuur wordt constant gehouden zonderdat u de vermogensstand hoeft te veranderen. ¡ Olie wordt niet oververhit. Het aanbranden van delevensmiddelen wordt verhinderd. ¡ De kookzone warmt alleen op wanneer dit nodig isvoor het behouden van de temperatuur, waardoor erenergie wordt gespaard. 18. 2 TemperatuurstandenTemperatuurstanden voor de bereiding van voedsel. StandTempe-ratuurFuncties1 120ºC Koken en inkoken van sauzen, bak-ken van groente2 140ºC In olijfolie of boter aanbraden3 160ºC Bakken van vis en grove levensmid-delen4 180ºC Frituren van gepaneerde, bevrorenen gegrilde gerechten5 215ºC Hogetemperatuurgrill en grillplaat18. 3 Aanbevolen kookgereiVoor deze functie werd speciaal kookgerei ontwikkeld,dat optimale resultaten levert.
Het aanbevolen kookgerei kunt u verkrijgen via de ser-vicedienst, de vakhandel of onze onlineshopwww. bosch-home. com. Opmerking:U kunt ook ander kookgerei gebruiken.
Af-hankelijk van de kwaliteit van het kookgerei kan de be-reikte temperatuur echter van de gekozen temperatuur-stand afwijken. 18. 4 PerfectFry Sensor inschakelen1. Lege pan op de kookzone plaatsen. 2. De kookzone kiezen en aanraken. 3. In de volgende 10 seconden in het instelgebied degewenste temperatuurstand kiezen. a De functie start. knippert tot de ingesteldedoeltemperatuur is bereikt. a Als de doeltemperatuur is bereikt, weerklinkt eensignaal en stopt met knipperen. 4. Het braadvet en dan het product in de braadpandoen. Opmerking:Als u meer dan 250 ml olie nodig hebt omte koken, dan de olie toevoegen en een paar secondenwachten voordat u het te bereiden product toevoegt. 18. 5 Schakel PerfectFry Sensor uit▶De kookzone kiezen en aanraken. a De functie is gedeactiveerd. 18.
Hiermeevoorkomt u dat kinderen de kookplaat inschakelen. 19. 1 Kinderslot inschakelenVereiste:De kookplaat moet uitgeschakeld zijn. 1. Op tippen. 2. Raak gedurende 4 seconden aan. a De indicatie is 10seconden lang verlicht. a De kookplaat is geblokkeerd. 19. 2 Kinderslot uitschakelen1. Op tippen. 2. Raak gedurende 4 seconden aan. a De blokkering is opgeheven. 19. 3 Automatisch kinderslotU kunt het kinderslot ook automatisch elke keer na hetuitschakelen van de kookplaat activeren. In het hoofdstuk Basisinstellingen kunt u nalezen hoe ude functie in- en uitschakelt. →Pagina19Veegbeveiliging20 VeegbeveiligingZorgt voor een blokkering van het bedieningspaneel,zodat bij het reinigen instellingen niet ongewild wordengewijzigd. De reinigingsblokkering heeft geen invloed op dehoofdschakelaar. 20. 1 Schakel Veegbeveiliging in▶Druk op. Er klinkt een waarschuwingssignaal en brandt.
Individuele veiligheidsuitschakeling nl19Individuele veiligheidsuitschakeling21 Individuele veiligheidsuitschakelingIs een kookzone lange tijd in gebruik en heeft u de in-stelling niet veranderd, dan wordt de automatische uit-schakeling geactiveerd. De kookzone geeft weer enschakelt uit. De tijd van 1 tot 10 uur hangt van de geselecteerdevermogensstand af. Druk op een willekeurige button. Basisinstellingen22 BasisinstellingenU kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgens uw wensen instellen. 22. 1 Overzicht van de basisinstellingenIndicatie Instelling Waarde Kinderslot - Handmatig. 1 Automatisch. – Uitgeschakeld Akoestische signalen – Bevestigings- en foutsignaal zijn uitgeschakeld. – Alleen het foutsignaal is ingeschakeld. – Alleen het bevestigingssignaal is ingeschakeld. – Alle geluidssignalen zijn ingeschakeld 1.
Weergave energieverbruikToont het totale energieverbruik tussen hetin- en uitschakelen van de kookplaat in kWh. De precisie van de indicatie is onder andereafhankelijk van de spanningskwaliteit van hetelektriciteitsnet. – Uitgeschakeld1 – Ingeschakeld De instelling naargelang de hoogte boven dezeespiegel kiezen:2- - Verlaging. - Basisinstelling. - - Verhoging. Automatisch uitschakelen van de kookzones. - uitgeschakeld. 1 - - Tijd tot het automatisch uitschakelen. Duur van het timer-einde-geluidssignaal – 10seconden 1 – 30seconden - 1 minuut VermogensbegrenzingMaakt indien nodig de begrenzing mogelijkvan het totale vermogen van de kookplaat,indien vereist, op basis van de omstandighe-den van uw elektrische installatie. De be-schikbare instellingen hangen af van hetmaximale vermogen van de kookplaat (zie ty-peplaatje).
- 3000 W. Aanbevolen voor 13 ampère. - 3500 W. Aanbevolen voor 16 ampère. - 4000 W. . - 4500 W. Aanbevolen voor 20 ampère. - Maximaal vermogen van de kookplaat. MoveModeMaakt de wijziging mogelijk van de vooringe-stelde vermogensstanden van de drie kook-bereiken van de flexibele kookzone. Kies hiervoor een van de beide kookzones,stel de gewenste vermogensstand in het in-stelbereik in raak aan om de nieuwe ver-mogensstand te bevestigen en de volgendekookzone te selecteren. - Vooringestelde vermogensstand voor de voorstekookzone. - Vooringestelde vermogensstand voor de middelstekookzone. . - Vooringestelde vermogensstand voor de achterstekookzone. 1Fabrieksinstelling2De functie is in dit model niet beschikbaar.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Bosch PXX890D51E stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Fornuis Bosch
Handleiding Fornuis
Nieuwste handleidingen voor Fornuis
