Bosch PIB375FB1E Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Bosch PIB375FB1E (52 pagina’s), behorend tot de categorie Fornuis. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 68 mensen en kreeg gemiddeld 4.2 sterren uit 9 reviews. Heb je een vraag over Bosch PIB375FB1E of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag
Product specificaties
| Merk: | Bosch |
| Categorie: | Fornuis |
| Model: | PIB375FB1E |
| Apparaatplaatsing: | Ingebouwd |
| Soort bediening: | Touch |
| Kleur van het product: | Black, Stainless steel |
| Aantal vermogenniveau's: | 17 |
| Ingebouwd display: | Ja |
| Timer: | Ja |
| Breedte: | 306 mm |
| Diepte: | 527 mm |
| Hoogte: | 51 mm |
| Snoerlengte: | 1.1 m |
| Soort materiaal (bovenkant): | Glaskeramiek |
| Vermogen brander/kookzone 2: | 2200 W |
| Vermogen brander/kookzone 1: | 1400 W |
| Aantal branders/kookzones: | 2 zone(s) |
| Type kookplaat: | Inductiekookplaat zones |
| Type brander/kookzone 1: | Sudderen |
| Type brander/kookzone 2: | Groot |
| Makkelijk schoon te maken: | Ja |
| Aantal elektronische kook zones: | 2 zone(s) |
| Controle positie: | Boven voorzijde |
| Aangesloten lading (elektrisch): | 3700 W |
| Installatie compartiment breedte: | 270 mm |
| Installatie compartiment diepte: | 500 mm |
| Boost functie: | Ja |
| Restwarmte-indicator: | Ja |
| Frame kleur: | Roestvrijstaal |
| Voedingsbron brander/kookzone 1: | Electrisch |
| Voedingsbron brander/kookzone 2: | Electrisch |
| Kookzone 1 boost: | 2200 W |
| Kookzone 2 boost: | 3700 W |
| Positie brander/kookzone 1: | Midden achter |
| Diameter brander/kookzone 1: | 145 mm |
| Positie brander/kookzone 2: | Midden voor |
| Diameter brander/kookzone 2: | 210 mm |
| Kookzone 1 vorm: | Rond |
| Kookzone 2 vorm: | Rond |
| AC-ingangsspanning: | 220-240 V |
| AC-ingangsfrequentie: | 50 - 60 Hz |
Handleiding Bosch PIB375FB1E – volledige tekst
nl3Inhoudsopgave[nl] Gebr ui ks aanwi j zi ng8 Gebruik volgens de voorschriften. 4( Belangrijke veiligheidsvoorschriften. 5] Oorzaken van schade. 6Overzicht. 67 Milieubescherming. 7Tips om energie te besparen. 7Milieuvriendelijk afvoeren. 7f Koken met inductie. 7Voordelen bij koken met inductie. 7Pannen. 7* Het apparaat leren kennen. 9Het bedieningspaneel. 9De kookzones. 9Restwarmte-indicatie. 101 Apparaat bedienen. 10Kookplaat in- en uitschakelen. 10Kookzone instellen. 10Kookadvies. 11O Tijdfuncties. 14Programmering van de bereidingstijd. 14De kookwekker. 14Stopwatch-functie. 15vPowerBoost-functie. 15Activeren. 15Deactiveren. 15A Kinderslot. 16Kinderslot activeren en deactiveren. 16Automatisch kinderslot. 16b Automatische veiligheidsuitschakeling. 16Q Basisinstellingen. 17Zo komt u bij de basisinstellingen:. 18[ Weergave van het energieverbruik. 19t Kookgerei-test. 19h Power-Manager.
nl Gebruik volgens de voorschriften48Gebruik volgens de voorschriftenGebr ui k vol gens de voor schr i f t enLees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door. Berg de gebruiksaanwijzing, het installatievoorschrift en de apparaatpas goed op voor later gebruik of om ze door te geven aan volgende eigenaren. Controleer het apparaat na het uitpakken. Indien het apparaat schade heeft opgelopen tijdens het transport, schakel het dan niet in, maar neem contact op met de technische dienst en leg de veroorzaakte schade schriftelijk vast. Doet u dat niet, dan gaat elk recht op een schadevergoeding verloren. Alleen een daartoe bevoegd vakman mag apparaten zonder stekker aansluiten. Bij schade door een verkeerde aansluiting maakt u geen aanspraak op garantie. Dit apparaat moet worden geïnstalleerd volgens het meegeleverde installatievoorschrift.
Dit apparaat is alleen bestemd voor huishoudelijk gebruik en de huiselijke omgeving. Gebruik het apparaat uitsluitend voor het bereiden van gerechten en dranken. Het kookproces moet regelmatig worden gecontroleerd. Een kort kookproces moet continu in de gaten worden gehouden. Gebruik het apparaat alleen in gesloten ruimtes. Dit apparaat is bestemd voor gebruik tot op hoogten van maximaal 4. 000 meter boven zeeniveau. Dek de kookplaat niet af. Dit kan leiden tot ongevallen, bijv. door oververhitting, ontbranding of ontploffend materiaal. Gebruik uitsluitend beveiligingsvoorzieningen of kindertralies die door ons zijn goedgekeurd. Ongeschikte beveiligingsvoorzieningen of kindertralies kunnen tot ongevallen leiden. Dit apparaat is niet bestemd voor gebruik met een externe tijdschakelklok of een afstandbediening.
Belangrijke veiligheidsvoorschriften nl5(Belangrijke veiligheidsvoorschriftenBel angr i j k e vei l i ghei ds voor schr i f t en:Waarschuwing – Risico van brand. ■ Hete olie en heet vet vatten snel vlam. Hete olie en heet vet nooit gebruiken zonder toezicht. Vuur nooit blussen met water. Schakel de kookzone uit. Vlammen voorzichtig met een deksel, smoordeksel of iets dergelijks verstikken. Risico van brand. ■ De kookzones worden erg heet. Nooit brandbare voorwerpen op de kookplaat leggen. Geen voorwerpen op de kookplaat leggen. Risico van brand. ■ Het apparaat wordt heet. Nooit brandbare voorwerpen of spuitbussen bewaren in laden direct onder de kookplaat. Risico van brand. ■ De kookplaat schakelt vanzelf uit en kan niet meer worden bediend. Hij kan later per ongeluk worden ingeschakeld. Zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice. Gevaar voor verbranding.
■ Kookplaten mogen niet worden afgedekt. Dit kan leiden tot ongevallen, bijv. door oververhitting, ontbranding of ontploffend materiaal. :Waarschuwing – Risico van verbranding. ■ De kookzones en met name een eventueel aanwezige kookplaatomlijsting worden zeer heet. Raak de hete oppervlakken nooit aan. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn. Risico van verbranding. ■ De kookzone warmt op, maar de indicatie functioneert niet Zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice. Risico van verbranding. ■ Voorwerpen van metaal worden zeer snel heet op de kookplaat. Leg nooit voorwerpen van metaal, zoals messen, vorken, lepels of deksels, op de kookplaat. Brandgevaar. ■ Schakel de kookplaat na elk gebruik altijd uit met de hoofdschakelaar. Wacht niet tot de kookplaat automatisch uitschakelt doordat er geen pan op staat.
Reparaties en de vervanging van beschadigde aansluitleidingen mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici die zijn geïnstrueerd door de klantenservice. Is het apparaat defect, haal dan de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit. Contact opnemen met de klantenservice. Kans op een elektrische schok. ■ Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken. Geen hogedrukreiniger of stoomreiniger gebruiken. Kans op een elektrische schok. ■ Een defect toestel kan een schok veroorzaken. Een defect toestel nooit inschakelen. De netstekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice. Kans op een elektrische schok. ■ Scheuren of barsten in het glaskeramiek kunnen schokken veroorzaken. Zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice. :Waarschuwing – Storingsgevaar.
Deze kookplaat beschikt aan de onderkant over een ventilator. Bevindt zich onder de kookplaat een lade, bewaar daar dan geen kleine of scherpe voorwerpen, geen papier en geen theedoeken. Deze kunnen aangezogen worden en de ventilator beschadigen of de koeling belemmeren. Tussen de inhoud van de lade en de ventilator-ingang moet een minimale afstand van 2 cm worden aangehouden. :Waarschuwing – Risico van letsel. ■ Bij de bereiding au-bain-marie kunnen de kookplaat en kookvorm barsten door oververhitting. De au-bain-marie kookvorm mag niet in direct contact komen met de bodem van de pan die met water is gevuld. Gebruik alleen hittebestendige vormen. Risico van letsel. ■ Wanneer er vloeistof zit tussen de bodem van de pan en de kookzone kunnen kookpannen plotseling in de hoogte springen. Zorg ervoor dat de kookzone en de bodem van de pan altijd droog zijn.
nl Oorzaken van schade6]Oorzaken van schadeOor zaken van sc hadeAttentie!■ Ruwe bodems van pannen kunnen krassen op de kookplaat veroorzaken.■ Plaat nooit lege plannen op de kookzones. Dit kan schade veroorzaken.■ Plaats geen hete pannen op het bedieningspaneel, de indicatorzones of op de omlijsting van de kookplaat. Dit kan schade veroorzaken.■ Als er harde of scherpe voorwerpen op de kookplaat vallen, kan dit de plaat beschadigen. ■ Aluminiumfolie en plastic bakken smelten als ze op een hete kookzone gelegd worden. Het gebruik van beschermplaten op de kookplaat wordt afgeraden.OverzichtIn de volgende tabellen ziet u welke schade het meest voorkomt:Schade Oorzaak MaatregelVlekken Overgelopen etenswaar. Verwijder overgelopen etenswaar onmiddellijk met een schraper.Ongeschikte reinigingsmiddelen.
Gebruik alleen schoonmaakmiddelen die geschikt zijn voor dit soort kook-platen.Krassen Zout, suiker en zand. Gebruik de kookplaat niet als plaats om iets neer te zetten of als werkvlak.Ruwe bodems van vormen geven krassen op de kook-plaat.Controleer het kookgerei.Verkleuringen Ongeschikte reinigingsmiddelen. Gebruik alleen schoonmaakmiddelen die geschikt zijn voor dit soort kook-platen.Slijtage van de pannen. Til de pannen op wanneer u ze verplaatst.Schelpvormige beschadiging van het oppervlakSuiker, sterk suikerhoudende gerechten Verwijder overgelopen etenswaar onmiddellijk met een schraper.
Milieubescherming nl77MilieubeschermingMi l i eubesc her mingIn dit hoofdstuk krijgt u informatie over de besparing van energie en de afvoer van het apparaat. Tips om energie te besparen■ Gebruik altijd het deksel dat overeenstemt met elke kookpan. Wanneer zonder deksel gekookt wordt, is aanzienlijk meer energie nodig. Gebruik een glasdeksel om een goede zichtbaarheid te hebben zonder dat u het deksel van de pan hoeft te nemen. ■ Gebruik pannen met een vlakke bodem. Bij een niet vlakke bodem wordt meer energie verbruikt. ■ De diameter van de bodem van de pan moet overeenkomen met de afmeting van de kookzone. Opgelet: pannenfabrikanten duiden gewoonlijk de bovenste diameter van de pan aan, die meestal groter is dan de diameter van de bodem van de pan. ■ Gebruik een kleine pan voor kleine hoeveelheden. Een grote, weinig gevulde pan vereist veel energie.
■ Gebruik weinig water voor het koken. Op deze wijze wordt energie bespaard en blijven alle vitaminen en mineralen van de groenten behouden. ■ Selecteer de laagste vermogensstand die het kookpunt behoudt. Met een te hoge stand wordt energie verspild. Milieuvriendelijk afvoerenVoer de verpakking op een milieuvriendelijke manier af. fKoken met inductieKo k e n met i nduct i eVoordelen bij koken met inductieKoken met inductie is radicaal anders dan gebruikelijk, de warmte ontstaat direct in het kookgerei. Dit biedt vele voordelen: ■ Tijdsbesparing bij het koken en bakken. ■ Besparing van energie. ■ Gemakkelijker te reinigen en te onderhouden. Overgelopen etenswaar brandt niet zo snel in. ■ Warmteregeling en veiligheid: de kookplaat verhoogt of verlaagt de toevoer van warmte altijd direct na de bediening.
Neemt u het kookgerei van de kookzone, dan wordt de warmtetoevoer direct onderbroken door de kookzone met inductie, zonder dat deze eerst is uitgeschakeld. PannenGebruik alleen ferromagnetische vormen voor inductiekoken, bijv.
:■ kookgerei van geëmailleerd staal■ kookgerei van gietijzer■ speciaal kookgerei van roestvrij staal dat geschikt is voor inductie. In het hoofdstuk ~ "Kookgerei-test" kunt u lezen of het kookgerei geschikt is voor inductie. Voor een goed bereidingsresultaat dient het ferromagnetische gebied van de bodem van de pan overeen te komen met de grootte van de kookzone. Wordt het kookgerei niet herkend op een kookzone, probeer er dan een met een kleinere diameter. Er zijn ook inductievormen waarvan de bodem niet volledig ferromagnetisch is:■ Is de bodem van het kookgerei slechts gedeeltelijk ferromagnetisch, dan wordt alleen het ferromagnetische oppervlak heet. Hierdoor wordt de warmte mogelijk niet gelijkmatig verdeeld. De temperatuur van het niet-ferromagnetische gebied kan dan te laag zijn om te koken.
nl Koken met inductie8■ Bestaat het materiaal van de bodem van het kookgerei deels uit aluminium, dan is het ferromagnetische oppervlak ook kleiner. Mogelijk worden dit niet warm genoeg of zelfs helemaal niet herkend.Niet geschikte pannenGebruik nooit straalplaten of pannen van:■ dun normaal staal■ glas■ aardewerk■ koper■ aluminiumEigenschappen van de bodem van het kookgereiHet bereidingsresultaat kan worden beïnvloed door de kwaliteit van pannenbodem. Gebruik pannen waarvan het materiaal de warmte gelijkmatig in de pan verdeelt, bijv. pannen met "sandwich-bodems" van roestvrij staal. Daarmee wordt tijd en energie bespaard.Gebruik kookgerei met vlakke bodems.
Ongelijke bodems hebben invloed op de warmtetoevoer.Geen pan of ongeschikte afmetingAls er geen pan op de geselecteerde kookzone wordt geplaatst of als deze niet van het geschikte materiaal is of geen geschikte afmeting heeft, knippert de kookstand op de indicator van de kookzone. Plaats een geschikte pan, zodat het knipperen stopt. Als er meer dan 90 seconden wordt gewacht gaat de kookzone automatisch uit.Lege pannen of pannen met een dunne bodemVerwarm geen lege pannen en gebruik geen pannen met dunne bodem. De kookplaat is uitgerust met een intern veiligheidssysteem, maar een lege pan kan zo snel heet worden dat de functie “automatisch uitschakelen" geen tijd heeft om te reageren, waardoor de temperatuur erg kan oplopen. De bodem van de pan kan smelten en het glas van de kookplaat beschadigen. Raak in dat geval de pan niet aan en schakel de kookzone uit.
Als het apparaat na het afkoelen niet werkt, neem dan contact op met de technische dienst.Herkenning van de panElke kookzone heeft een ondergrens voor de herkenning van de pan. Deze is afhankelijk van de ferromagnetische diameter en het materiaal van de bodem. Daarom dient u altijd de kookzone te gebruiken die het beste past bij de diameter van de pannenbodem.
Het apparaat leren kennen nl9*Het apparaat leren kennenHe t appar aat leren kennenInformatie over afmetingen en vermogens van de kookzones vindt u in~ Blz. 2Aanwijzing: . Afhankelijk van het apparaattype zijn kleur- en detailafwijkingen mogelijk.Het bedieningspaneelBedieningsvlakkenRaakt u een symbool aan, dan wordt de betreffende functie geactiveerd. Aanwijzingen■ Zorg ervoor dat het bedieningspaneel altijd schoon en droog is. Vocht heeft een nadelige invloed op de werking.■ Zorg ervoor dat er geen pannen in de buurt van indicaties en sensoren komen.
nl Apparaat bedienen10Restwarmte-indicatieDe kookplaat heeft voor elke kookzone een restwarmte-indicatie. Hiermee wordt aangegeven dat een kookzone nog heet is. Raak de kookzone niet aan zolang de restwarmte-indicatie verlicht is. Afhankelijk van de hoogte van de restwarmte wordt het volgende weergegeven:■ Indicatie •: hoge temperatuur■ Indicatie œ: lage temperatuurWanneer u de pan tijdens het koken van de kookzone neemt, knipperen afwisselen de restwarmte-indicatie en de gekozen kookstand. Is de kookzone uitgschakeld, dan is restwarmte-indicatie verlicht. Ook wanneer de kookplaat al uitgeschakeld is, blijft de restwarmte-indicatie verlicht zolang de kookzone nog warm is. 1Apparaat bedienenAp p a r a a t bedi enenIn dit hoofdstuk kunt u lezen hoe u een kookzone instelt. In de tabel vindt u kookstanden en bereidingstijden voor verschillende gerechten.
Kookplaat in- en uitschakelenU schakelt de kookplaat met de hoofdschakelaar in en uit. Inschakelen: raak het symbool # aan. Er klinkt een signaal. De indicaties van de hoofdschakelaar en de kookzone-indicaties ‹ zijn verlicht. De kookplaat is bedrijfsklaar. Uitschakelen: het symbool # aanraken tot de indicatie verdwijnt. Alle kookzones zijn uitgeschakeld. De restwarmte-indicatie blijft verlicht tot de kookzones voldoende zijn afgekoeld. Aanwijzingen■ De kookplaat gaat automatisch uit wanneer alle kookzones langer dan 20 seconden uitgeschakeld zijn. ■ De gekozen instellingen blijven gedurende de eerste 4 seconden na uitschakeling van de kookplaat bewaard. Wanneer u in deze tijd de kookplaat opnieuw inschakelt, treedt deze in werking met de vorige instellingen. Kookzone instellenDe gewenste kookstand instellen met de symbolen ò tot ê.
Kookstand ò = laagste stand Kookstand ê = hoogste standElke kookstand heeft een tussenstand. De tussenstand is in het instelgebied weergegeven met het symbool Ø.
Aanwijzingen■ Om de gevoelige onderdelen van het apparaat te beschermen tegen oververhitting of elektrische overbelasting, kan het vermogen van de kookplaat voor korte tijd worden teruggebracht. ■ Om geluidshinder van het apparaat te voorkomen kan het vermogen van de kookplaat voor korte tijd worden teruggebracht.
Apparaat bedienen nl11Kookzone en kookstand kiezenDe kookplaat moet ingeschakeld zijn. 1. Het symbool © van de gewenste kookzone aanraken. De indicatie ‹ is verlicht. 2. Kies vervolgens in het instelgebied de gewenste kookstand. De kookstand is ingesteld. Kookstand wijzigenKies de kookzone en stel vervolgens in het instelbereik de gewenste kookstand in. De kookzone uitschakelenSelecteer de kookzone en stel af op ‹ in de programmeerzone. De kookzone wordt uitgeschakeld en de restwarmte-indicator verschijnt. Aanwijzingen■ Als er geen pan op de inductiekookzone wordt geplaatst, gaat de geselecteerde vermogensstand knipperen. Na een tijdje wordt de kookzone uitgeschakeld. ■ Als er een pan op de kookzone staat voordat de plaat wordt ingeschakeld, zal deze worden gedetecteerd binnen 20 seconden na het indrukken van de hoofdschakelaar en zal de kookzone automatisch worden geselecteerd.
Selecteer, zodra deze is gedetecteerd, de vermogensstand binnen 20 seconden, anders wordt de kookzone uitgeschakeld. Ook al worden er meerdere pannen geplaatst, bij het inschakelen van de kookplaat wordt er maar één gedetecteerd. KookadviesAdvies■ Bij het warm maken van puree, crèmesoepen en dikvloeibare sauzen regelmatig roeren. ■ Voor het voorverwarmen kookstand 8 - 9 instellen. ■ Bij de bereiding met deksel de kookstand terugschakelen, zodra er tussen deksel en kookgerei stoom vrijkomt. Voor een goed bereidingsresultaat is geen stoom nodig. ■ Na de bereiding het kookgerei tot het opdienen gesloten houden. ■ Voor het koken met de snelkookpan de aanwijzingen van de fabrikant in acht nemen. ■ De gerechten niet te lang laten koken of bakken, om de voedingswaarde te behouden. Met de kookwekker kan de optimale bereidingstijd worden ingesteld.
■ Voor een gezonder bereidingsresultaat dient rokende olie te worden voorkomen. ■ Voor een bruine kleur van de gerechten deze na elkaar klaarmaken in kleine porties.
nl Tijdfuncties14OTijdfunctiesTijdfunctiesUw kookplaat beschikt over drie timerfuncties:■ Programmering van de bereidingstijd■ Kookwekker■ Stopwatch-functieProgrammering van de bereidingstijdDe kookzone schakelt na afloop van de ingestelde tijd automatisch uit. Zo stelt u in:1. De kookzone en de gewenste kookstand kiezen. 2. Het symbool 0 twee keer aanraken. De indicatie y van de kookzone is verlicht. In de timer-indicatie is ‹‹ verlicht. 3. Binnen de volgende 10 seconden in het instelgebied de gewenste bereidingstijd instellen. Na enkele seconden begint de tijd af te lopen. Aanwijzing: Voor alle kookzones kan automatisch dezelfde bereidingstijd worden ingesteld. De ingestelde tijd loopt voor elk van beide kookzones onafhankelijk af. In de paragraaf ~ "Basisinstellingen" vindt u informatie over de manier waarop de bereidingstijd automatisch kan worden geprogrammeerd.
Tijd veranderen of wissenKies de kookzone en raak vervolgens twee keer het symbool 0 aan. Wijzig de bereidingstijd in het instelgebied of stel ‹‹ in om de geprogrammeerde bereidingstijd te wissen. Aan het einde van de ingestelde tijdDe kookzone wordt uitgeschakeld. Er klinkt een signaal. In de timer-indicatie knipperen 10 seconden lang de indicaties ‹‹ en het symbool y naast de kookstand. Bij aanraking van het symbool 0 verdwijnen de indicaties en het geluidssignaal. Aanwijzingen■ Om een bereidingstijd van minder dan 10 minuten in te stellen, dient u altijd 0 aan te raken voordat u de gewenste waarde kiest. ■ Is er een bereidingstijd voor meerdere kookzones geprogrammeerd, dan verschijnt altijd de tijdsopgave van de gekozen kookzone in de timer-indicatie. ■ Voor het opvragen van de resterende bereidingstijd de betreffende kookzone kiezen.
■ U kunt een bereidingstijd tot ŠŠ minuten instellen. De kookwekkerMet de kookwekker kunt u een tijd tot 99 minuten instellen. Hij functioneert onafhankelijk van de kookzones en andere instellingen.
Deze functie schakelt een kookzone niet automatisch uit. Zo stelt u in1. Raak meerdere keren het symbool 0 aan tot de indicatie t oplicht. In de timer-indicatie is ‹‹ verlicht. 2. In het instelgebied stelt u de gewenste tijd in. Na enkele seconden begint de tijd af te lopen. Tijd veranderen of wissenRaak meerdere keren het symbool 0 aan tot de indicatie t verlicht is. Wijzig de bereidingstijd in het instelgebied of stel ‹‹ in om de geprogrammeerde bereidingstijd te wissen. Aan het einde van de ingestelde tijdEr klinkt een signaal. In de timer-indicatie knipperen ‹‹ en de indicatie t. Na 10 seconden verdwijnen de indicaties. Bij aanraking van het symbool 0 verdwijnen de indicaties en het geluidssignaal. .
PowerBoost-functie nl15Stopwatch-functieDe stopwatch-functie geeft de tijd weer die sinds de activering verstreken is.Hij functioneert onafhankelijk van de kookzones en andere instellingen. Deze functie schakelt een kookzone niet automatisch uit.ActiverenSymbool 0 aanraken.De indicatie x is verlicht.In de timer-indicatie is ‹‹ verlicht.Raak vervolgens een willekeurig symbool in het instelgebied aan.De tijd loopt af.DeactiverenSymbool 0 aanraken.De indicatie x is verlicht.Wrijf over het instelgebied.
In de timer-indicatie worden ‹‹ weergegeven en vervolgens verdwijnen ze.De functie is gedeactiveerd.vPowerBoost-functiePower Boost - f unct i eMet de PowerBoost-functie kunnen grote hoeveelheden water sneller worden verwarmd dan met de betreffende kookstand Š.Deze functie kan alleen voor een kookzone worden geactiveerd wanneer de andere kookzone niet in gebruik is Anders knipperen › en Š in de indicatie van de gekozen kookzoneVervolgens wordt automatisch de kookstand Š ingesteld, zonder de functie te activeren.Activeren1. Een kookzone kiezen.2. Symbool à aanraken.De indicatie ›Ú is verlicht.De functie is geactiveerd.Deactiveren1. Kies de kookzone.2.
nl Kinderslot16AKinderslotKi nder sl otMet het kinderslot kunt u voorkomen dat kinderen de kookplaat inschakelen.Kinderslot activeren en deactiverenDe kookplaat moet uitgeschakeld zijn.Activeren: het symbool 0 ca. 4 seconden lang aanraken.Het symbool D is 10 seconden lang verlicht.De kookplaat is geblokkeerd.Deactiveren: het symbool 0 ca. 4 seconden lang aanraken. De blokkering is opgeheven.Automatisch kinderslotMet deze functie wordt het kinderslot altijd automatisch ingeschakeld als de kookplaat wordt uitgeschakeld.In- en uitschakelenIn het hoofdstuk ~ "Basisinstellingen" kunt u lezen hoe u het automatische kinderslot inschakelt.bAutomatische veiligheidsuitschakelingAu t omat i s ch e veiligheidsuitschakelingWanneer een kookzone langere tijd in gebruik is en er geen instellingen gewijzigd zijn, wordt de automatische veiligheidsuitschakeling geactiveerd.De kookzone warmt niet meer op.
Basisinstellingen nl17QBasisinstellingenBasi si nst el l i ngenHet apparaat beschikt over verschillende basisinstellingen. Deze basisinstellingen kunnen aan uw persoonlijke behoeften worden aangepast.Indicatie Functie™‚Kinderslot‹ Handmatig*.‚ Automatisch.ƒ Functie gedeactiveerd.™ƒGeluidssignalen‹ Bevestigings- en foutsignaal zijn uitgeschakeld.‚ Alleen het foutsignaal is ingeschakeld.ƒ Alleen het bevestigingssignaal is ingeschakeld.„ Alle geluidssignalen zijn ingeschakeld.*™„ Energieverbruik weergeven‹ Gedeactiveerd.*‚ Geactiveerd.™†Automatische programmering van de bereidingstijd‹‹ Uitgeschakeld.*‹‚-ŠŠ Tijd tot de automatische uitschakeling.™‡Duur van het geluidssignaal van de timer-functie‚ 10 seconden.*ƒ 30 seconden.„ 1 minuut.™ˆPower-management functie.
Totale vermogen van de kookplaat begrenzenDe beschikbare instellingen zijn afhankelijk van het maximale vermogen van de kookplaat.‹ Gedeactiveerd. Maximaal vermogen van de kookplaat. */**‚ 1000 W minimaal vermogen.‚. 1500 W ...„ 3000 W aanbevolen voor 13 ampère. „. 3500 W aanbevolen voor 16 ampère. … 4000 W…. 4500 W aanbevolen voor 20 ampère....Š of Š. Maximale vermogen van de kookplaat.**™ŠKeuzetijd van de kookzone‹ Onbegrensd: de laatst ingestelde kookzone blijft geselecteerd.*‚ Begrensd: de kookzone blijft slechts enkele seconden lang geselecteerd.™‚ƒKookgerei en resultaat van het bereidingsproces controleren‹ Niet geschikt‚ Niet optimaalƒ Geschikt
nl Basisinstellingen18--------Zo komt u bij de basisinstellingen:De kookplaat moet uitgeschakeld zijn.1. De kookplaat inschakelen.2. In de volgende 10 seconden het symbool 0 ca. 4 seconden lang aanraken.De eerste vier indicaties geven de productinformatie weer. Raak het instelgebied aan, om de afzonderlijke indicaties te kunnen zien.3. Wanneer u het symbool 0 opnieuw aanraakt, komt u bij de basisinstellingen.In de indicaties knipperen ™ en ‚ afwisselend en ‹ verschijnt als voorinstelling.4. Het symbool 0 zo vaak aanraken tot de gewenste functie wordt weergegeven.5. Vervolgens in het instelgebied de gewenste instelling kiezen.6.
Het symbool 0 minstens 4 seconden lang aanraken.De instellingen zijn opgeslagen.De basisinstellingen verlatenSchakel de kookplaat uit met de hoofdschakelaar.™‹Terugzetten naar de standaard instellingen‹ Individuele instellingen.*‚ Terugzetten naar de fabrieksinstellingen. *Fabrieksinstelling **Het maximale vermogen van de kookplaat wordt aangegeven op het typeplaatje.Productinformatie IndicatieKlantenservice-index (KI)‹‚Fabricagenummer”šFabricagenummer 1І.Fabricagenummer 2‹.†
Weergave van het energieverbruik nl19[Weergave van het energieverbruikWeer gave van het energieverbruikDeze functie geeft op de kookplaat het totale energieverbruik weer van de laatste keer dat hij is gebruikt. Na uitschakeling van de kookplaat wordt gedurende 10 seconden het verbruik in kilowattuur weergegeven, bijv. ‚. ‹‰ kWh. De precisie van de indicatie is onder andere afhankelijk van de spanningskwaliteit van het elektriciteitsnet. In het hoofdstuk ~ "Basisinstellingen" kunt u lezen hoe u deze functie inschakelttKookgerei-testKo o k g e r e i - t e s tMet deze functie kunnen de snelheid en kwaliteit van het kookproces afhankelijk van het kookgerei worden gecontroleerd. Het resultaat is een referentiewaarde en hangt af van de eigenschappen van het kookgerei en de gebruikte kookzone. 1. Plaats het onverwarmde kookgerei met ca.
200 ml water in het midden van de kookzone die qua diameter het meest geschikt is voor de bodem ervan. 2. Ga naar de basisinstellingen en kies de instelling ™‚ ƒ. 3. Raak het instelbereik aan. In de kookzone-indicatie knippert A. De functie is geactiveerd. Na 10 seconden verschijnt in de kookzone-indicatie het resultaat over de kwaliteit en snelheid van het kookproces. Controleer het resultaat aan de hand van de volgende tabel:Raak het instelbereik aan om deze functie weer te activeren. Aanwijzingen■ Is de gebruikte kookzone veel kleiner dan de diameter van het kookgerei, dan zal waarschijnlijk alleen het midden van de vorm warm worden en kan het resultaat niet zo goed mogelijk of naar tevredenheid uitvallen. ■ Informatie over deze functie vindt u in het hoofdstuk ~ "Basisinstellingen".
■ Informatie over het soort, de grootte en de plaatsing van het kookgerei vindt u in het hoofdstuk ~ "Koken met inductie". Resultaat‹Het kookgerei is niet geschikt voor de kookzone en wordt daarom niet verwarmd. *‚Het kookgerei wordt langzamer warm dan verwacht en het kookproces verloopt niet optimaal.
nl PowerManager20hPower-ManagerPo wer ManagerMet de functie Power-Manager kan het totale vermogen van de kookplaat worden ingesteld. De kookplaat is in de fabriek vooringesteld. Het hoogste vermogen is aangegeven op het typeplaatje. Met de functie Power-Manager kan de waarde volgens de vereisen van de betreffende elektro-installatie worden gewijzigd. Om deze instelwaarde niet te overschrijden, verdeelt de kookplaat het beschikbare vermogen automatisch over de ingeschakelde kookzones. Zolang de functie Power-Manager is geactiveerd, kan het vermogen van een kookzone tijdelijk onder de normale waarde vallen. Wordt er een kookzone ingeschakeld en is de vermogensbegrenzing bereikt, dan verschijnt ¬ kort in de kookstanden-indicatie. Het apparaat regelt en kiest automatisch een zo hoog mogelijke vermogensstand.
Voor meer informatie over de manier waarop het totale vermogen van de kookplaat wordt gewijzigd, zie het hoofdstuk ~ "Basisinstellingen"DReinigenRe i n i g e nGeschikte reinigings- en onderhoudsmiddelen kunt u kopen via de klantenservice of in onze e-shop. KookplaatSchoonmakenMaak de kookplaat altijd schoon na het koken. Hierdoor wordt voorkomen dat achtergebleven resten van etenswaar inbranden. Maak de kookplaat pas schoon wanneer de indicatie van de restwarmte verdwenen is. Reinig de kookplaat met een vochtig schoonmaakdoekje en droog hem vervolgens met een doek na, zodat er geen kalkvlekken ontstaan. Gebruik alleen schoonmaakmiddelen die geschikt zijn voor dit soort kookplaten. Lees de aanwijzingen van de fabrikant op de productverpakking.
Gebruik in geen geval:■ onverdunde afwasmiddelen■ schoonmaakmiddelen voor de vaatwasmachine■ schuurmiddelen ■ scherpe schoonmaakmiddelen zoals ovensprays of vlekkenmiddelen ■ schuursponsjes ■ hogedrukreinigers of stoomstraalapparatenHardnekkig vuil verwijdert u het best met een in de handel verkrijgbare schraper. Houd u aan de aanwijzingen van de fabrikant.
Geschikte schrapers kunt u kopen via de klantenservice of in onze online-shop. Met speciale sponsjes voor het reinigen van kookplaten van glaskeramiek bereikt u goede resultaten. Aanwijzing: Gebruik geen schoonmaakmiddelen zolang de kookplaat warm is. Hierdoor kunnen vlekken ontstaan. Zorg ervoor dat alle resten van het gebruikte schoonmaakmiddel worden verwijderd. Omlijsting van de kookplaatOm schade aan de omlijsting van de kookplaat te voorkomen, dient u zich te houden aan de volgende aanwijzingen:■ Gebruik alleen warm zeepsop. ■ Was nieuwe schoonmaakdoekjes voor gebruik grondig uit. ■ Gebruik geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen. ■ Gebruik geen schraper of scherpe voorwerpen. Mogelijke vlekkenResten van kalk en waterMaak de kookplaat schoon zodra hij afge-koeld is. Er kan een geschikt schoonmaak-middel voor kookplaten van glaskeramiek worden gebruikt.
*Suiker, maïzena of plasticDirect verwijderen, gebruik een schraper. Voorzichtig: risico van verbranding. ** Vervolgens met een vochtig schoonmaakdoekje reinigen en met eendoek nadrogen.
Veelgestelde vragen en antwoorden (FAQ) nl21{Veelgestelde vragen en antwoorden (FAQ)Veel gest el de vr agen en ant woor den (FAQ)GebruikWaarom kan ik de kookplaat niet inschakelen en waarom is het symbool van het kinderslot verlicht. Het kinderslot is geactiveerd. Informatie over deze functie vindt u in het hoofdstuk ~ "Kinderslot"Waarom knipperen de indicaties en is er een geluidssignaal te horen. Verwijder de vloeistof of etensresten van het bedieningspaneel. Verwijder alle voorwerpen die op het bedieningspaneel liggen. De aanwijzingen voor het deactiveren van het geluidssignaal vindt u in het hoofdstuk ~ "Basisinstellingen"GeluidenWaarom zijn tijdens het koken geluiden te horen. Afhankelijk van de kwaliteit van de bodem van het kookgerei kunnen bij gebruik van de kookplaat geluiden te horen zijn. De geluiden zijn normaal, horen bij de inductietechnologie en wijzen niet op een defect.
Mogelijke geluiden:Diep zoemen zoals bij een transformator:Is hoorbaar bij het koken op een hogere kookstand. Het geluid verdwijnt of neemt af wanneer de kookstand lager wordt gezet. Diep fluiten:Is hoorbaar wanneer het kookgerei leeg is. Dit geluid verdwijnt wanneer water of levensmiddelen in het kookgerei worden gedaan. Knisperen:Is hoorbaar bij kookvormen die uit verschillende materiaallagen bestaan of bij gelijktijdig gebruik van kookgerei van verschillende grootte en verschillend materiaal. Het volume van het geluid kan variëren, afhankelijk van de hoeveelheid en bereidingswijze van de gerechten. Hoge fluittonen:Kunnen ontstaan wanneer voor twee kookzones tegelijk de hoogste kookstand wordt gebruikt. De fluittonen verdwijnen of worden zwak-ker wanneer de kookstand lager wordt gezet.
Ventilatorgeluid:De kookplaat beschikt over een ventilator, die bij hoge temperaturen wordt ingeschakeld. De ventilator kan ook na uitschakeling van de kookplaat verder lopen, wanneer de gemeten temperatuur nog te hoog is. KookgereiWelk kookgerei is geschikt voor de inductiekookplaat.
Informatie over kookgerei dat geschikt is voor inductie vindt u in het hoofdstuk ~ "Koken met inductie"Waarom wordt de kookzone niet warm en knippert de kookstand. De kookzone waarop het kookgerei staat, is niet ingeschakeld. Zorg ervoor dat de kookzone waarop het kookgerei staat ingeschakeld is. Het kookgerei is te klein voor de ingeschakelde kookzone of is niet geschikt voor inductie. Informatie over het soort, de grootte en de plaatsing van het kookgerei vindt u in het hoofdstuk ~ "Koken met inductie"Waarom duurt het zo lang tot het kookgerei warm wordt of waarom wordt het niet warm genoeg, hoewel er een hoge kookstand is inge-steld. Het kookgerei is te klein voor de ingeschakelde kookzone of is niet geschikt voor inductie. Informatie over het soort, de grootte en de plaatsing van het kookgerei vindt u in het hoofdstuk ~ "Koken met inductie".
nl Wat te doen bij storingen. 223Wat te doen bij storingen. Wat te doen bi j st or i ngen. In de regel gaat het bij storingen om kleinigheden ie gemakkelijk op te lossen zijn. Neem alstublieft de aanwijzingen in de tabel in acht voor u de servicedienst belt. SchoonmakenHoe wordt de kookplaat schoongemaakt. Met de speciale glaskeramiek worden optimale resultaten bereikt. Wij adviseren om geen scherpe of schurende schoonmaakmiddelen, reinigingsmiddelen voor afwasmachines (concentraten) of poetslappen te gebruiken. Meer informatie voor de reiniging en het onderhoud van uw kookplaat vindt u in het hoofdstuk ~ "Reinigen"Indicatie Mogelijke oorzaak Oplossinggeen De stroomtoevoer is onderbroken. Controleer met behulp van andere elektrische apparaten of er een kortsluiting bij de stoomtoevoer is opgetreden. Het apparaat is niet aangesloten volgens het schakelschema.
Zorg ervoor dat het apparaat volgens het schakelschema is aan-gesloten. Storing in het elektronisch systeem. Kan de storing niet worden verholpen, schakel dan de technische servicedienst in. De indicaties knipperen Het bedieningspaneel is vochtig of het wordt afgedekt door een voorwerp. Maak het bedieningspaneel droog of verwijder het voorwerp. De indicatie Ù knippert in de kookzone-indicatiesEr is een storing in het elektronisch systeem opgetreden. Om de storing ongedaan te maken, dient u het bedieningspaneel kort met de hand af te dekken. ”ƒDe elektronica is oververhit, waardoor de betref-fende kookzone is uitgeschakeld. Wacht tot de elektronica voldoende afgekoeld is. Raak vervol-gens een willekeurig symbool van de kookplaat aan. ”…De elektronica is oververhit, waardoor alle kook-zones zijn uitgeschakeld.
Ӡ + kookstand en geluidssig-naalEr staat een hete pan in de buurt van het bedie-ningspaneel. De elektronica dreigt te oververhit-ten. Neem de pan weg. De foutindicatie verdwijnt kort daarna. U kunt verder koken. Ӡ en geluidssignaalEr staat een hete pan in de buurt van het bedie-ningspaneel.
Ter bescherming van de elektro-nica is de kookzone uitgeschakeld. Neem de pan weg. Wacht enkele seconden. Raak een willekeurig bedieningsvlak aan. Wanneer de foutindicatie verdwijnt, kunt u verder koken. ”‚ / ”‡De kookzone is oververhit geraakt en ter beveili-ging van het werkblad uitgeschakeldWacht tot de elektronica voldoende afgekoeld is en schakel de kookzone opnieuw in. ”‰De kookzone is lange tijd en zonder onderbre-king in gebruik geweest. De automatische veiligheidsuitschakeling is geactiveerd. Zie het hoofdstuk “Š‹‹‹“Š‹‚‹De bedrijfsspanning is buiten het normale bedrijfsgebied onjuist. Neem contact op met uw elektriciteitsbedrijf. —…‹‹De kookplaat is niet op de juiste manier aange-slotenHaal de stekker van de kookplaat uit het stopcontact. Zorg ervoor dat hij volgens het schakelschema is aangesloten.
š“De demo-modus is geactiveerd Haal de stekker van de kookplaat uit het stopcontact. Wacht 30 seconden en sluit hem opnieuw aan. Raak in de volgende 3 minuten een willekeurig bedieningsvlak aan. De demo-modus is gedeactiveerd. Plaats geen hete pannen op het bedieningspaneel.
Servicedienst nl23Aanwijzingen■ Wanneer in de indicatie “ verschijnt, moet u het sensorveld van de bijbehorende kookzone ingedrukt houden om de storingscode te kunnen aflezen.■ Staat de storingscode niet vermeld in de tabel, haal de stekker van de kookplaat dan uit het stopcontact, wacht 30 seconden en sluit de kookplaat vervolgens opnieuw aan. Verschijnt de indicatie opnieuw, neem dan contact op met de technische servicedienst en geef de exacte storingscode op.■ Treedt er een fout op, dan gaat het apparaat niet meer over naar de standby-modus.4ServicedienstSe r v i c e d i e ns tWanneer uw apparaat gerepareerd moet worden, staat onze servicedienst voor u klaar.
Wij vinden altijd een passende oplossing, ook om een onnodig bezoek van medewerkers van de servicedienst te voorkomen.E-nummer en FD-nummerGeef wanneer u contact opneemt met de servicedienst het E-nummer en FD-nummer van het apparaat op.Het typeplaatje met de nummers vindt u:■ op de apparaatpas.■ op het onderste deel van de kookplaat.Het E-nummer is ook op het glazen oppervlak van de kookplaat te vinden. U kunt de klantenservice-index (KI) en het FD-nummer controleren door naar de basisinstellingen te gaan.
Dit staat beschreven in het hoofdstuk~ "Basisinstellingen".Houd er rekening mee dat een bezoek van een technicus van de servicedienst in het geval van een verkeerde bediening ook tijdens de garantieperiode kosten met zich meebrengt.De contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst met Servicedienstadressen.Verzoek om reparatie en advies bij storingenVertrouw op de competentie van de fabrikant. Dan bent u ervan verzekerd dat de reparatie wordt uitgevoerd door ervaren technici die gebruikmaken van de originele reserveonderdelen voor uw apparaat.NL 088 424 4010B 070 222 141
JaLinzenschotel uit blikBijv. linzenterrine met worstjes van Erasco.Begintemperatuur 20 °CHoeveelheid: 500 gKookpan Ø 16 cm9ca. 1:30(na ca. 1 min. roeren)Ja 1. JaHoeveelheid: 1 kgKookpan Ø 22 cm9ca. 2:30(na ca. 1 min. roeren)Ja 1. JaBechamelsaus makenTemperatuur van de melk: 7 ºCIngrediënten: 40 g boter, 40 g bloem, 0,5 l melk (3,5 % vetgehalte) en een snufje zout1. Boter smelten, bloem en zout erdoor roeren en het geheel ver-warmen.Steelpan Ø 16 cm2 ca. 6:00 Nee - -2. De melk bij de roux van bloem voegen en deze onder voortdu-rend roeren aan de kook brengen.7 ca. 6:30 Nee - -3. Wanneer de bechamelsaus begint te koken, nog 2 minuten onder voortdurend roeren op de kookzone laten staan.- - - 2 Nee*Recept volgens DIN 44550**Recept volgens DIN EN 60350-2
Testgerechten nl25Rijstepap kokenRijstepap, afgedekt gekooktTemperatuur van de melk: 7 ºCDe melk opwarmen tot deze begint op te komen. Aambevolen kookstand instellen en rijst, suiker en zout aan de melk toevoegen. Bereidingstijd, inclusief voorverwarmen, ca. 45 min. Ingrediënten: 190 g rijst met ronde korrel, 90 g suiker, 750 ml melk, (3,5 % vetgehalte) en 1 g zoutKookpan Ø 16 cm8. ca. 5:30 Nee3(na 10 min. roeren)JaIngrediënten: 250 g rijst met ronde korrel, 120 g suiker, 1 l melk (3,5 % vetgehalte) en 1,5 g zoutKookpan Ø 22 cm8. ca. 5:30 Nee3(na 10 min. roeren)JaRijstepap, onafgedekt gekooktTemperatuur van de melk: 7 ºCIngrediënten aan de melk toevoegen en onder voortdurend roeren opwarmen. Aanbevolen kookstand kiezen wanneer de melk een tempe-ratuur van ca. 90 ºC heeft bereikt, en op een kleine stand ongeveer 50 min. laten sudderen.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Bosch PIB375FB1E stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Fornuis Bosch
Handleiding Fornuis
Nieuwste handleidingen voor Fornuis
