Bosch KIF86SD40 Handleiding

Bosch Koelkast KIF86SD40

Bekijk gratis de handleiding van Bosch KIF86SD40 (126 pagina’s), behorend tot de categorie Koelkast. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 40 mensen en kreeg gemiddeld 4.6 sterren uit 5 reviews. Heb je een vraag over Bosch KIF86SD40 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/126
de GebrauchsanleitungKühl- und Gefrierkombination 2
en Instructions for useFridge-freezer 25
fr Notice d’utilisationCombiné réfrigérateur-congélateur 47
it Istruzioni per l'usoFrigorifero combinato 74
nl GebruiksaanwijzingKoel- en vriescombinatie 98
Fridge-freezer
KIF86....

Beoordeel deze handleiding

4.6/5 (5 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Bosch
Categorie: Koelkast
Model: KIF86SD40

Handleiding Bosch KIF86SD40 – volledige tekst

nl98nl InhoudnlGe br ui k s aa nwi j z i n gKoel - en v r i e sc omb i nat i e( Veiligheidsvoorschriften. 100Over deze gebruiksaanwijzing. 100Kans op explosie. 100Gevaar voor een elektrische schok. 100Verbrandingsgevaar door kou. 100Risico op letsel. 101Gevaren door of van het koelmiddel. 101Vermijden van risico's voor kinderen en kwetsbare personen. 101Materiële schade. 102Gewicht. 1028 Correct gebruik van het apparaat. 1027 Milieubescherming. 102Verpakking. 102Oude apparaten. 1035 Installeren en aansluiten. 103Inhoud van de verpakking. 103Technische gegevens. 103Apparaat installeren. 104Nisdiepte. 104Side-by-side- opstelling. 104Energie besparen. 105Voor het eerste gebruik. 106Elektrische aansluiting. 106* Het apparaat leren kennen. 107Apparaat. 107Bedieningselementen. 107Uitrusting. 1071 Apparaat bedienen. 109Apparaat inschakelen. 109Apparaat uitschakelen en buiten werking stellen.

109Temperatuur instellen. 109Superkoelen. 110Supervriezen. 110Vakantiemodus. 110M Alarm. 111Deuralarm. 111Temperatuuralarm. 111U Koelvak. 111In acht nemen bij het bewaren. 112Let op de koudezones in het koelvak. 112TVerskoelruimte. 112Groentelade. 113Verskoellade. 113Bewaartijden bij 0 °C. 113W Vriesvak. 114Kleinere hoeveelheden levensmiddelen invriezen. 114Maximaal invriesvermogen. 114Vriesvermogen volledig benutten. 115Diepvriesproducten inkopen. 115Attentie bij het inruimen. 115Verse levensmiddelen invriezen. 115Ontdooien van diepvrieswaren. 116.

nl Veiligheidsvoorschriften100( VeiligheidsvoorschriftenVei l i ghei d sv o or s c hr i f t enDit apparaat voldoet aan de geldende veiligheidsbepalingen voor elektrische apparatuur en het is radio-ontstoord.Het koelcircuit is op dichtheid gecontroleerd.Over deze gebruiksaanwijzing■Lees de gebruiksaanwijzing en de montagehandleiding en neem deze in acht. U vindt daarin belangrijke informatie over plaatsing, gebruik en onderhoud van het apparaat.■De fabrikant is niet aansprakelijk wanneer u de aanwijzingen en waarschuwingen in de gebruiksaanwijzing en de montagehandleiding negeert.■Bewaar alle documenten voor later gebruik en voor eventuele volgende eigenaars.Kans op explosie■Gebruik nooit elektrische apparaten in het apparaat (bijv. verwarmingsapparaten of elektrische ijsbereiders).■Geen producten met brandbare drijfgassen (bijv.

spuitbussen) en geen explosieve stoffen in het apparaat opslaan.■Dranken met een hoog alcoholpercentage altijd goed afgesloten en staand bewaren.Gevaar voor een elektrische schokOnvakkundige installatie en reparaties kunnen groot gevaar opleveren voor de gebruiker van het apparaat.■Bij een beschadigd aansluitsnoer: Maak het apparaat direct los van het stroomnet.■Gebruik geen meervoudige stopcontacten, verlengsnoeren of adapters.■Het apparaat uitsluitend laten repareren door de fabrikant, de klantenservice of een andere gekwalificeerde persoon.■Gebruik alleen originele onderdelen van de fabrikant.De fabrikant garandeert dat deze onderdelen voldoen aan de veiligheidseisen.Verbrandingsgevaar door kou■Diepvrieswaren nadat u ze uit het vriesvak hebt gehaald, nooit onmiddellijk in de mond nemen.■Voorkom dat de huid langdurig in contact komt met diepvrieswaren, ijs en de buizen in het vriesvak.

Veiligheidsvoorschriften nl101Risico op letselFlessen of blikjes met koolzuurhoudende drank kunnen barsten. Geen flessen of blikjes met koolzuurhoudende drank in het vriesvak bewaren.Gevaren door of van het koelmiddelDoor de leidingen van het koelcircuit stroomt een kleine hoeveelheid milieuvriendelijk, maar brandbaar koelmiddel (R600a). Dit is niet schadelijk voor de ozonlaag en verhoogt het broeikaseffect niet.

Vrijkomend koelmiddel kan echter oogletsel veroorzaken of vlam vatten.■Leidingen niet beschadigen.Bij beschadiging van de leidingen:■Vuur en ontstekingsbronnen uit de buurt van het apparaat houden.■De ruimte ventileren.■Het apparaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken.■Contact opnemen met de servicedienst.Vermijden van risico's voor kinderen en kwetsbare personenEr bestaat gevaar voor:■kinderen;■personen met lichamelijke, geestelijke of zintuiglijke beperkingen;■personen die onvoldoende kennis hebben over de veilige bediening van het apparaat.Maatregelen:■Zorg dat kinderen en kwetsbare personen begrijpen wat de gevaren zijn.■Een voor de veiligheid verantwoordelijke persoon moet toezicht houden op kinderen en kwetsbare personen bij het apparaat of hen instrueren.■Alleen kinderen vanaf 8 jaar het apparaat laten gebruiken.■Bij reiniging en onderhoud toezicht houden op kinderen.■Laat kinderen nooit met het apparaat spelen.

nl Bestemming van het apparaat102Kans op stikken■Bij een apparaat met deurslot: Sleutel buiten bereik van kinderen opbergen.■Verpakkingsmateriaal en onderdelen van het apparaat zijn geen speelgoed voor kinderen.Materiële schadeOm materiële schade te voorkomen:■Niet op de sokkel, uitschuifdelen of deuren staan of leunen.■Kunststof onderdelen en deurafdichtingen olie- en vetvrij houden.■Aan de stekker trekken – niet aan de aansluitkabel.GewichtHoud er bij plaatsing en transport van het apparaat rekening mee dat het apparaat erg zwaar kan zijn.

~ "De juiste opstelplaats" op pagina 1048 Correct gebruik van het apparaatBes t e mmi ng v an he t a ppar aatGebruik dit apparaat■uitsluitend voor het koelen en invriezen van levensmiddelen en voor ijsbereiding.■uitsluitend voor privégebruik en huishoudelijk gebruik.■uitsluitend volgens deze gebruiksaanwijzing.Dit apparaat is bestemd voor gebruik tot op hoogten van maximaal 2.000 meter boven zeeniveau.7 MilieubeschermingMi l i eubes ch er mi n gVerpakkingAlle materialen zijn onschadelijk voor het milieu en kunnen hergebruikt worden.■Zorg dat de verpakking milieuvriendelijk wordt afgevoerd.■Informatie over het afvoeren van afval en het oude apparaat kunt u opvragen bij uw speciaalzaak of bij de gemeente.

Installeren en aansluiten nl103Oude apparatenDoor een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen worden teruggewonnen.:WaarschuwingKinderen kunnen zichzelf in het apparaat opsluiten en stikken! ■Legplateaus en lades niet uit het apparaat nemen, om te voorkomen dat kinderen in het apparaat kruipen.■Kinderen uit de buurt van een afgedankt apparaat houden.Attentie!Er kan koelmiddel en schadelijk gas vrijkomen.Buizen van de koelmiddelkringloop en isolatie niet beschadigen.1. Stekker uit het stopcontact halen.2. Aansluitsnoer doorknippen.3.

Apparaat op deskundige wijze laten afvoeren.Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.5 Installeren en aansluitenI ns t a l l e r e n e n aa nsl u i t e nInhoud van de verpakkingControleer na het uitpakken alle onderdelen op eventuele transportschade.Voor klachten kunt u terecht bij de winkel waar u het apparaat hebt aangeschaft of bij onze servicedienst.

nl Installeren en aansluiten104Apparaat installerenDe juiste opstelplaatsHoe meer koudemiddel het apparaat bevat, des te groter moet de ruimte zijn waarin het apparaat wordt opgesteld. In een te kleine ruimte kan bij een lek een ontvlambaar mengsel van gas en lucht ontstaan. Per 8 g koudemiddel moet het vertrek minstens 1 m³ groot zijn. De hoeveelheid koudemiddel in uw apparaat vindt u op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat. ~ "Het apparaat leren kennen" op pagina 107Het gewicht van het apparaat kan afhankelijk van het model tot 75 kg bedragen.Toegestane omgevingstemperatuurDe toegestane binnentemperatuur is afhankelijk van de klimaatklasse van het apparaat.Informatie over de klimaatklasse vindt u op het typeplaatje.

~ "Het apparaat leren kennen" op pagina 107Het apparaat is volledig functioneel binnen de toegestane binnentemperatuur.Wanneer een apparaat uit klimaatklasse SN wordt gebruikt bij een lagere binnentemperatuur, kunnen beschadigingen aan het apparaat worden uitgesloten tot een binnentemperatuur van +5 °C.NisdiepteVoor het apparaat wordt een nisdiepte van 56 cm aanbevolen. Bij een kleinere nisdiepte – minstens 55 cm – wordt het energieverbruik iets hoger.Side-by-side- opstellingDe apparaten mogen slechts met een minimale tussenafstand van 15 cm naast elkaar worden opgesteld.Klimaatklasse Toegestane omgevings-temperatuurSN +10 °C ... 32 °CN +16 °C ... 32 °CST +16 °C ... 38 °CT +16 °C ... 43 °C

Installeren en aansluiten nl105Energie besparenWanneer u de volgende aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom. Aanwijzing: De plaatsing van de uitrustingsonderdelen heeft geen invloed op het energieverbruik van het apparaat. Apparaat installerenApparaat niet blootstellen aan direct zonlicht. Bij een lage omgevingstemperatuur hoeft het appraat minder vaak te koelen en verbruikt daardoor minder stroom. Het apparaat zo ver mogelijk van radiatoren, fornuis en andere warmtebronnen plaatsen:Naast elektrische of gasfornuizen: 3 cm. Naast een cv-installatie: 30 cm. Aanwijzing: Als dat niet mogelijk is een isolatie-plaat aanbrengen tussen het apparaat en de warmte-bron. Een opstelplaats met een binnentemperatuur van ca. 20 °C kiezen. Een nisdiepte van 56 cm aanhouden. Attentie. Gevaar voor verbranding. Sommige onderdelen van het apparaat worden tij-dens het gebruik heet.

Aanraking van deze onderde-len kan brandwonden veroorzaken. De lucht bij de achterwand van het apparaat wordt niet zo warm. Het apparaat verbruikt minder stroom wanneer de warme lucht kan wegtrekken. Ventilatieopeningen niet afdekken of versperren. De ruimte dagelijks luchten. Gebruik van het apparaatDeur van het apparaat slechts kort openen. De lucht in het apparaat wordt niet veel warmer. Heapparaat hoeft minder vaak te koelen en verbruikt daardoor minder stroom. Gekochte levensmiddelen in een koeltas transporte-ren en snel in het apparaat leggen. Warme levensmiddelen en dranken eerst laten afkoelen en daarna in het apparaat leggen. Diepvrieswaren ter ontdooiing in het koelvak leggen, om de koude van de diepvrieswaren te benutten. Altijd wat ruimte openlaten tussen de levensmidde-len en de achterwand. De lucht kan circuleren en de luchtvochtigheid blijft constant.

nl Installeren en aansluiten106--------Voor het eerste gebruik1. Infomateriaal eruit nemen en zowel plakband als beschermfolie verwijderen. 2. Apparaat schoonmaken. ~ "Schoonmaken" op pagina 117Elektrische aansluitingAttentie. Het apparaat niet aansluiten op een elektronische electronische energiebesparende stekker. Aanwijzing: U kunt het apparaat aansluiten op netvoedingsinverters en sinusinverters. Netvoedingsinverters worden gebruikt bij fotovoltaïsche installaties met rechtstreekse aansluiting op het openbare elektriciteitsnet. Bij losstaande systemen dient u sinusinverters gebruiken. Losstaande systemen, bijv. op schepen of in berghutten, hebben geen rechtstreekse aansluiting op het openbare elektriciteitsnet. 1. Na plaatsing van het apparaat minstens 1 uur wachten met aansluiten, om beschadiging van de compressor te voorkomen. 2.

Het apparaat aansluiten op een volgens de voorschriften geïnstalleerd stopcontact. Het stopcontact moet voldoen aan de volgende voorwaarden:Buiten Europa: controleren of de vermelde stroomsoort van het apparaat overeenkomt met de waarden van uw elektriciteitsnet. De gegevens van het apparaat staan op het typeplaatje. ~ "Het apparaat leren kennen" op pagina 1073. Sluit het apparaat aan op een stopcontact in de buurt van het apparaat. Het stopcontact moet ook na het opstellen van het apparaat goed bereikbaar zijn. :WaarschuwingGevaar voor een elektrische schok. Indien het aansluitsnoer niet lang genoeg is, mag u in geen geval meervoudige stopcontacten of verlengsnoeren gebruiken. Neem in plaats daarvan contact op met de klantenservice voor alternatieve oplossingen. Vriesvak regelmatig ontdooien.

Een laag rijp of ijs in het vriesvak vermindert de afgifte van koude aan de diepvrieswaren en ver-hoogt het energieverbruik. Deur van het vriesvak zorgvuldig sluiten. Er treedt sterke ijsvorming in het vriesvak op. Happaraat moet vaker koelen en verbruikt meer stroom. Gebruik van het apparaatStopcontact met 220 V.

Het apparaat leren kennen nl107* Het apparaat leren kennenHe t appar a at l er e n k ennenKlap het laatste blad met afbeeldingen open. Afhankelijk van de uitrusting kunnen er verschillen zijn tussen uw apparaat en de afbeeldingen.Apparaat~ Afb. !* Niet bij alle modellen.Bedieningselementen~ Afb. "Uitrusting(niet bij alle modellen)Legplateau~ Afb.

#U kunt het legplateau variëren:■Legplateau eruit trekken en verwijderen.# Koelvak+ Verskoelruimte3 Vriesvak(...)" Bedieningselementen)* Verlichting)2 Scheidingsplaat met vochtigheidsregelaar): Groentelade)B Verskoellade)J* Diepvrieslade (vlak))R* Diepvrieslade)Z Diepvrieslade (groot))b Diepvrieslade (klein))j Typeplaatje1" Boter- en kaasvak1* Vak voor grote flessen( Toets #Schakelt het apparaat in of uit.0 Toets vriesvak superSchakelt het supervriezen in of uit.8 Toets vriesvak ¾ ¿/Stelt de temperatuur van het vriesvak in.@ Indicatie temperatuur diepvriesvak Toont de ingestelde temperatuur in °C.H Toets alarmSchakelt het alarmsignaal uit.P VitaFresh pro 0 °C De indicatie brandt als het apparaat in werking is.X Toets holidaySchakelt de vakantiemodus in of uit.` Toets ¾ ¿/ koelvak Stelt de temperatuur van het koelvak in.h Indicatie temperatuur koelvak Toont de ingestelde temperatuur in °C.)" Toets super koelvak Schakelt het superkoelen in of uit.

nl Het apparaat leren kennen108Varioplateau~ Afb. $U kunt hoge voorwerpen koelen (bijv. kannen of flessen):■Het voorste deel van het legplateau verwijderen en onder het achterste deel schuiven.Groentelade~ Afb. %U kunt de lade verwijderen: ■Lade achteraan iets optillen en verwijderen.U kunt de lade aanbrengen:■Lade op de rails plaatsen en in het apparaat schuiven.Diepvriesschaal~ Afb. &U kunt de schaal verwijderen: 1. Lade tot de aanslag eruit trekken.2. Schaal optillen en verwijderen.Diepvrieslade~ Afb. 'U kunt de lade verwijderen: ■Reservoir tot aan de aanslag uittrekken, vooraan optillen en verwijderen.Voorraadvakken~ Afb. (U kunt het flessenrek verwijderen:■Flessenrek optillen en verwijderen.Flessenhouder~ Afb. )Wanneer u de deur opent en sluit:■Het flessenrek voorkomt dat de flessen kantelen.IJsbakjeU kunt ijsblokjes maken:1.

Het ijsbakje voor 3/4 met water vullen en in het vriesvak zetten zetten.Aanwijzing: Het vastgevroren ijsbakje alleen met een bot voorwerp losmaken (bijv. steel van een lepel).2. Om de ijsblokjes los te maken: het ijsbakje iets verbuigen of kort onder stromend water houden.Koude-accuBij stroomuitval of een storing:■Het koelelement zorgt ervoor dat de opgeslagen diepvrieswaren langzamer opwarmen.Aanwijzing: De bewaartijd is het langst wanneer u het koelelement in het bovenste vak op de levensmiddelen legt.U kunt het koelelement uit het vriesvak nemen om er tijdelijk levensmiddelen te koelen, bijv. in een koeltas.

Apparaat bedienen nl1091 Apparaat bedienenAppa r aat be di en enApparaat inschakelen1. Toets indrukken.#Het apparaat begint te koelen. Een alarmsignaal, een knipperende temperatuurindicatie van het diepvriesvak en een brandende toets geven aan dat het alarmdiepvriesvak nog te warm is.2. Toets indrukken.alarmHet alarmsignaal gaat uit.3. De gewenste temperatuur instellen. ~ "Temperatuur instellen" op pagina 109Opmerkingen bij/voor het gebruik■Na het inschakelen kan het een aantal uren duren voordat de ingestelde temperaturen zijn bereikt. Geen levensmiddelen inruimen voordat de ingestelde temperatuur is bereikt.■Door het volledig automatische NoFrost-systeem blijft de vriesvak ijsvrij.Ontdooien is niet nodig.■De voorzijde van het apparaat achter de deur wordt gedeeltelijk licht verwarmd waardoor de vorming van condenswater in de buurt van de deurafdichting wordt voorkomen.

■Wanneer de deur van de diepvriesruimte na het sluiten niet direct weer geopend kan worden, dient u even te wachten tot de onderdruk is verdwenen.Apparaat uitschakelen en buiten werking stellenApparaat uitschakelen■Toets indrukken.#Het apparaat koelt niet meer.Apparaat buiten werking stellenAls u het apparaat langere tijd niet gebruikt:1. Toets indrukken.#Het apparaat koelt niet meer.2. De stekker uit het stopcontact trekken of de zekering uitschakelen.3. Apparaat schoonmaken.4. Apparat open laten.Temperatuur instellenAanbevolen temperatuurKoelvak■Toets ¾ ¿/ meermaals indrukken tot de gewenste temperatuur verschijnt op de display.VerskoelruimteDe temperatuur in de verskoelruimte wordt op circa 0 °C gehouden.Aanwijzing: Wanneer rijp op de kleine koelproducten in de verskoelruimte voorkomt: De temperatuur warmer instellen.

nl Apparaat bedienen110SuperkoelenBij het superkoelen wordt het koelvak zo koud als mogelijk is. Het superkoelen inschakelen bijv. :■vóór het inladen van grote hoeveelheden levensmiddelen■voor het snelkoelen van drankenAanwijzing: Wanneer superkoelen is ingeschakeld, wordt het apparaat iets luider. Na 15 uur schakelt het apparaat over op het normale werking. Superkoelen in-/uitschakelen: ■Toets indrukken. superDe toets brandt als het superkoelsysteem is ingeschakeld. SupervriezenAutomatisch supervriezenHet automatische supervriezen schakelt bij het inruimen van warme levensmiddelen automatisch in. Bij het automatische supervriezen koelt het vriesvak op een aanzienlijk lagere temperatuur dan bij de normale werking. Door het supervriezen worden levensmiddelen snel tot in de kern diepgevroren.

Aanwijzing: Als het automatische supervriezen ingeschakeld is, brandt de toets en kunnen de superbedrijfsgeluiden toenemen. Na afloop van het automatische supervriezen schakelt het apparaat over op de normale werking. Automatisch supervriezen handmatig annuleren: ■Toets indrukken. superHandmatig supervriezenBij het handmatig supervriezen koelt het vriesvak op een zo laag mogelijke temperatuur. Het supervriezen inschakelen bijv. :■om levensmiddelen snel tot in de kern in te vriezen■4. 6 uur vóór opslag van een levensmiddelhoeveelheid vanaf 2 kg■om het max. vriesvermogen te benutten ~ "Maximaal invriesvermogen" op pagina 114Aanwijzing: Als het supervriezen ingeschakeld is, kunnen de bedrijfsgeluiden toenemen. Na ca. 2 ^ dag schakelt het apparaat over op het normale werking. Supervriezen in-/uitschakelen: ■Toets indrukken. superDe toets brandt als het supervriessysteem is ingeschakeld.

VakantiemodusBij langere afwezigheid kunt u het apparaat in de energiebesparende vakantiemodus zetten. De temperatuur in het koelvak wordt automatisch op +14 °C omgeschakeld. Gedurende deze tijd geen levensmiddelen in het koelvak opslaan.

Alarm nl111M AlarmAl a r mDeuralarmAls de deur van het apparaat langere tijd openstaat wordt het deuralarm ingeschakeld.■Deur sluiten of toets alarmindrukken. Het alarmsignaal wordt uitgeschakeld.TemperatuuralarmWanneer het te warm wordt in het vriesvak, wordt het temperatuuralarm geactiveerd.Attentie!Bij het ontdooien kan bacterievorming optreden en kunnen de diepvrieswaren bedervenHalf of geheel ontdooide diepvrieswaren niet opnieuw invriezen.Het voedsel pas na het koken of braden opnieuw invriezen.

De maximale bewaartijd niet meer ten volle benutten.Aanwijzing: In de volgende gevallen kan een alarmsignaal klinken zonder dat er gevaar voor de diepvrieswaren bestaat:■Het apparaat wordt in gebruik genomen.■Er worden grote hoeveelheden verse levensmiddelen ingeruimd.■De deur van het vriesvak staat te lang open.Hoogste temperatuur weergeven en alarmsignaal uitschakelen:■Toets indrukken.alarmDe indicatie toont kort de hoogste temperatuur die in het diepvriesvak heeft geheerst. Daarna toont de indicatie weer de ingestelde temperatuur.Vanaf dit moment wordt de warmste temperatuur opnieuw bepaald en opgeslagen.Aanwijzing: Toets brandt tot alarmde ingestelde temperatuur weer is bereikt.U KoelvakKoel v a kHet koelvak is geschikt voor het bewaren van melkproducten, eieren, bereide gerechten, bakproducten, geopende conserven en harde kaas.De temperatuur is van +3 °C ...

+8 °C instelbaar.Door de koelopslag kunt u ook zeer bederfelijke levensmiddelen op korte of middellange termijn bewaren. Hoe lager de temperatuur, hoe langzamer de gistingsprocessen, de chemische processen en het bederf door micro-organismen verloopt. Een temperatuur van +4 °C of lager waarborgt een optimale versheid en veiligheid van de levensmiddelen.

nl Verskoelruimte112In acht nemen bij het bewaren■Verse, onbeschadigde levensmiddelen inruimen. Zo blijft de kwaliteit en de versheid langer bewaard.■Bij kant-en-klaarproducten en gebottelde producten de door de fabrikant vermelde houdbaarheidsdatum of gebruiksdatum niet overschrijden.■De levensmiddelen goed verpakt of afgedekt inruimen, om aroma/smaak, kleur en versheid te bewaren.Zo voorkomt u smaakvermenging en verkleuring van de kunststof onderdelen.■Warme gerechten en dranken eerst laten afkoelen, dan in het koelvak zetten.Let op de koudezones in het koelvakDoor de luchtcirculatie in de koelruimte ontstaan verschillende koudezones.Koudste zoneDe koudste zone is op de scheidingsplaat en in het vak voor grote flessen.Warmste zoneDe warmste zone bevindt zich helemaal bovenaan in de deur.Opmerkingen■Bewaar in de warmste zone bijv. harde kaas en boter.

Hierdoor komt het aroma van de kaas beter tot ontwikkeling en blijft de boter smeerbaar.■Bewaar gevoelige levensmiddelen zoals vis, worst en vlees in de verskoelruimte. ~ "Verskoelruimte" op pagina 112TVerskoelruimteVer s k oe l r u i mt eDe temperatuur in de verskoelruimte wordt op circa 0 °C gehouden.De lage temperatuur en de optimale luchtvochtigheid zorgen voor ideale omstandigheden voor het bewaren van verse levensmiddelen.Door de verskoelmogelijkheid kunt u verse levensmiddelen tot wel drie keer langer vers houden dan in het koelvak – voor het langer vers blijven, een langer behoud van voedingsstoffen en een betere smaak.

Verskoelruimte nl113Groentelade~ Afb. *De groentelade is de optimale plaats voor het bewaren van vers fruit en verse groente.Met de vochtigheidsregelaar van de scheidingsplaat en een speciale afdichting kunt u de luchtvochtigheid in de groentelade aanpassen.De luchtvochtigheid in de groentelade kunt u instellen afhankelijk van het soort en de hoeveelheid bewaarde levensmiddelen:■overwegend fruit en bij hoge belading – lagere luchtvochtigheid instellen■overwegend groente en bij gemengde belading of geringe belading – hogere luchtvochtigheid instellenAanwijzingen■Koudegevoelige soorten fruit (bijv. ananas, bananen, papaja's en citrusvruchten) en groente (bijv. aubergines, komkommers, courgettes, paprika, tomaten en aardappels) dienen voor een optimaal behoud van kwaliteit en aroma buiten het apparaat op temperaturen van circa +8 °C ...

+12 °C te worden bewaard.■Afhankelijk van de soort levensmiddelen en de hoeveelheid kan zich in de groentelade condenswater vormen.Condenswater verwijderen met een droge doek en de luchtvochtigheid in de groentelade aanpassen met behulp van de vochtigheidsregelaar.Verskoellade~ Afb. /! )BHet klimaat in verskoellade biedt ideale omstandigheden voor het bewaren van vis, vlees en worst.Bewaartijden bij 0 °CDe bewaartijden zijn afhankelijk van de uitgangskwaliteit.Verse vis, zeevruchten: tot 3 dagenGevogelte, vlees (gekookt/gebraden): tot 5 dagenRundvlees, varkensvlees, lamsvlees, worst (broodbe-leg): tot 7 dagenGerookte vis, broccoli: tot 14 dagenSla, venkel, abrikozen, prui-men: tot 21 dagenZachte kaas, yoghurt, kwark, karnemelk, bloemkool: tot 30 dagen

nl Vriesvak114W VriesvakVr i es v akHet vriesvak is geschikt voor:■bewaren van diepvriesproducten;■maken van ijsblokjes;■om levensmiddelen in te vriezen. De temperatuur is instelbaar van –16 °C. –24 °C. Door diepvriesopslag kunt u bederfelijke levensmiddelen vrijwel zonder kwaliteitsafname langdurig bewaren, omdat de lage temperatuur het bederf sterk vertraagt of stopzet. Het uiterlijk, het aroma en alle belangrijke inhoudsstoffen blijven grotendeels behouden. Langdurig bewaren van levensmiddelen moet op een temperatuur van –18 °C of lager gebeuren.

De tijd die nodig is om verse levensmiddelen volledig diep te vriezen is afhankelijk van de volgende factoren:■ingestelde temperatuur■soort levensmiddel■vulling van het vriesvak■bewaarde hoeveelheid en soort levensmiddelenKleinere hoeveelheden levensmiddelen invriezenLevensmiddelen invriezen:■in de achteraan op de grote diepvrieslade geplaatste diepvriesschaal of in de vlakke diepvrieslade ~ "Het apparaat leren kennen" op pagina 107■rechtsbuiten beginnend■over een breed vlakZo worden deze het snelst diepgevroren. Maximaal invriesvermogenHet maximale invriesvermogen geeft de hoeveelheid levensmiddelen aan die in 24 uur tot in de kern kunnen worden ingevroren. Gegevens over het maximale invriesvermogen vindt u op het typeplaatje.

~ "Het apparaat leren kennen" op pagina 107Om het maximale invriesvermogen te benutten, het supervriezen 24 uur voordat de verse levensmiddelen worden ingeruimd, inschakelen. ~ "Supervriezen" op pagina 110Voorwaarden voor max. invriesvermogen1. Circa 24 uur voordat u verse waar inruimt: supervriezen inschakelen. ~ "Handmatig supervriezen" op pagina 1102. Houders uit het vriesvak nemen en de levensmiddelen rechtstreeks op de legplateaus en de vriesvakbodem stapelen. 3. Eerst het bovenste vak vullen met levensmiddelen. Daar worden ze het snelst diepgevroren. 4.

Vriesvak nl115Vriesvermogen volledig benuttenOm de maximale hoeveelheid diepvrieswaren onder te brengen:■Alle uitrustingsdelen verwijderen. ■Levensmiddelen rechtstreeks op de legplateaus en de bodem van het vriesvak leggen. Diepvriesproducten inkopen■Op onbeschadigde verpakking letten. ■Op houdbaarheidsdatum letten. ■De temperatuur in de supermarktvriezer moet –18 °C of kouder zijn. ■De diepvriesketen niet onderbreken: de diepvriesproducten liefst in een koeltas transporteren en snel in het vriesvak leggen. Attentie bij het inruimen■Grote hoeveelheden levensmiddelen invriezen in het bovenste vak. Daar worden ze bijzonder snel en behoedzaam ingevroren. ■Levensmiddelen uitgespreid in de vakken of diepvrieslades leggen. ■In te vriezen levensmiddelen niet in aanraking brengen met ingevroren levensmiddelen. Tot in de kern bevroren levensmiddelen eventueel in de diepvrieslades omstapelen.

■Belangrijk voor een goede luchtcirculatie in het apparaat: Diepvrieslade tot aan de aanslag inschuiven. Verse levensmiddelen invriezenUitsluitend verse en onberispelijke levenmiddelen invriezen. Levensmiddelen die gekookt, gebraden of gebakken worden geconsumeerd, zijn geschikter voor invriezen dan levensmiddelen die rauw worden gegeten. Om voedingswaarde, aroma en kleur zo goed mogelijk te behouden, dienen de levensmiddelen voorbereid te worden:■Groente: wassen, kleiner maken, blancheren. ■Fruit: wassen, ontpitten en eventueel schillen, eventueel suiker of ascorbinezuuroplossing toevoegen. Aanwijzingen daarover vindt u in de desbetreffende literatuur. Geschikt voor invriezen■brood en banket;■vis en zeevruchten;■vlees;■wild en gevogelte;■groente, fruit en kruiden;■eieren zonder schaal;■melkproducten, bijv.

Vermeld op de pakjes inhoud en invriesdatum.Als verpakking geschikt:■kunststoffolie;■wrapfolie van polyethyleen (PE);■aluminiumfolie;■diepvriesdozen.Geschikte afsluitingen:■rubber ringen;■kunststofclips;■koudebestendig plakband.Ongeschikte verpakking:■(in)pakpapier;■perkamentpapier;■cellofaan;■vuilniszakken en plastic zakken.Houdbaarheid van de diepvrieswaren bij –18 °CDiepvrieskalenderDe erop gedrukte vrieskalender geeft de maximale bewaartijd in maanden aan bij een constante temperatuur van –18 °C.Ontdooien van diepvrieswarenDe ontdooimethode dient te worden aangepast aan het levensmiddel en het gebruiksdoel, om de productkwaliteit zo goed mogelijk te behouden.Ontdooimethoden:■in het koelvak (vooral geschikt voor dierlijke levensmiddelen zoals vis, vlees, kaas, kwark)■op kamertemperatuur (brood)■magnetron (levensmiddelen voor directe consumptie of directe toebereiding)■oven/fornuis (levensmiddelen voor directe consumptie of directe toebereiding)Attentie!Half of geheel ontdooide diepvrieswaren niet opnieuw invriezen.

Pas nadat het is verwerkt tot een panklaar gerecht (gekookt of gebraden), kunt u het opnieuw invriezen.De maximale opslagtijd van het diepvrieswaren niet meer volledig benutten.= OntdooienOnt dooi e nKoelvakHet ontdooien wordt automatisch uitgevoerd.VriesvakDoor het volledig automatische NoFrost-systeem blijft de vriesvak ijsvrij. Ontdooien is overbodig.Vis, worst, klaargemaakte gerechten, brood en banket:tot 6 maandenVlees, gevogelte: tot 8 maandenGroente, fruit: tot 12 maanden

Schoonmaken nl117D SchoonmakenScho o n makenAttentie!Beschadiging van het apparaat en de uitrustingsonderdelen vermijden.■Gebruik geen schoonmaak of oplosmiddelen die zand, chloride of zuren bevatten.■Geen schurende of krassende sponsjes gebruiken. Op de metalen oppervlakken kan corrosie ontstaan.■De legplateaus en voorraadvakken mogen niet in de afwasautomaat gereinigd worden. Ze kunnen vervormen.Ga als volgt te werk:1. Apparaat uitschakelen.2. De stekker uit het stopcontact trekken of de zekering uitschakelen.3. Levensmiddelen verwijderen en op een koele plaats bewaren.De koude-accu (indien aanwezig) op de levensmiddelen leggen.4. Indien aanwezig: Wachten tot de rijplaag is ontdooid.5.

Het apparaat schoonmaken met een zachte doek en lauw water met een scheutje pH neutraal schoonmaakmiddel.Attentie!Het afwaswater mag niet in de verlichting of via het afvoergat in het verdampingsgedeelte terechtkomen.6. Deurafdichting afvegen met schoon water en goed afdrogen.7. Apparaat weer aansluiten, inschakelen en levensmiddelen inruimen.Schoonmaken van het interieurDe variabele onderdelen uit het apparaat nemen. ~ "Uitrusting" op pagina 107Scheidingsplaat en afdekking groenteladeScheidingsplaat verwijderen~ Afb. +■Glasplaat verwijderen, hendel aan de onderzijde aan beide zijden indrukken, scheidingsplaat naar voren trekken, optillen en zijwaarts naar buiten draaien.Afdekking van de groentelade verwijderen■Afdekking optillen, naar voren trekken en zijwaarts naar buiten draaien.Afdekking van de groentelade en scheidingsplaat aanbrengen~ Afb. ,1.

Levensmiddelen inruimen.8. Na 24 uur controleren of er opnieuw luchtjes zijn ontstaan.9 VerlichtingVer l i c h t i n gHet apparaat is voorzien van een onderhoudsvrije LED verlichting.Alleen de klantenservice of een geautoriseerde vakman mag de verlichting repareren.> GeluidenGel ui d e nNormale geluidenAanwijzing: Als het automatisch of handmatig supervriezen is ingeschakeld, kunnen de bedrijfsgeluiden toenemen.Brommen: Er loopt een motor, bijv. koelaggregaat, ventilator.Borrelen, zoemen of gorgelen: Koelmiddel stroomt door de buizen.Klikgeluiden: Motor, schakelaar of magneetventielen schakelen in/uit.Gekraak: automatische ontdooiing wordt uitgevoerd.Voorkomen van geluidenHet apparaat staat niet waterpas: Het apparaat met behulp van een waterpas stellen.

Storingen, wat te doen? nl1193 Storingen, wat te doen?St o r i ngen , wat t e d o en?Controleer aan de hand van deze tabel of u de storing zelf kunt verhelpen, voordat u de klantenservice belt.De temperatuur wijkt erg af van de instelling.Apparaat 5 minuten uitschakelen. ~ "Apparaat uitschakelen en buiten werking stellen" op pagina 109Wanneer de temperatuur te hoog is, de temperatuur na een paar uur opnieuw controleren.Wanneer de temperatuur te laag is, de temperatuur de volgende dag opnieuw controleren.Geen enkele indicatie brandt.De stekker zit niet goed in het stopcontact. Stekker in het stopcontact steken.De zekering is geactiveerd. Zekeringen controleren.De stroom is uitgevallen. Controleren of er stroom is.De indicatie geeft E... aan.De elektronica heeft een fout geconstateerd. Contact opnemen met de servicedienst.

~ "Servicedienst" op pagina 121Er klinkt een alarmsignaal en toets alarm brandt.Toets indrukken. Het alarm is uitgeschakeld.alarmDe deur van het apparaat is open. Apparaatdeur sluiten.De be- en ontluchtingsopeningen zijn afgedekt. De beluchtings- en ontluchtingsopeningen vrijma-ken.Er zijn grote hoeveelheden verse levensmiddelen opgeslagen. Maximaal invriesvermogen niet overschrijden.De indicatie knippert, het alarmsignaal klinkt en toets alarm brandt.Toets indrukken. Het alarm is uitgeschakeld.alarmDe deur van het apparaat is open. Apparaatdeur sluiten.De be- en ontluchtingsopeningen zijn afgedekt. De beluchtings- en ontluchtingsopeningen vrijma-ken.Er zijn grote hoeveelheden verse levensmiddelen opgeslagen. Max. invriescapaciteit niet overschrijden.

nl Storingen, wat te doen?120--------Indicatie brandt.De temperatuur in het vriesvak was te hoog. wordt gedu-Na het indrukken van de toets alarmrende vijf seconden de warmste temperatuur aange-geven die in het vriesvak heeft geheerst. Toets alarm indrukken. De indicatie knippert niet meer.Het apparaat koelt niet, de indicatie en verlichting branden.Presentatielicht ingeschakeld. Zelftest starten. ~ "Zelftest apparaat" op pagina 121Na afloop van het programma schakelt het apparaat weer over op het normale gebruik.Automatisch supervriezen schakelt niet in.Het apparaat beslist zelfstandig of het automatische supervriezen nodig is en schakelt deze functie auto-matisch in of uit.Het is te warm of koud in het verskoelvak.De standaardinstelling is te hoog of te laag inge-steld (bijv. bij vorst in het verskoelvak). U kunt de temperatuur in het verskoelvak 3 standen warmer of kouder instellen.

Als de temperatuur in het koelvak op stand 0 is ingesteld, heeft het vers-koelvak een temperatuur van omstreeks 0 °C.1. Toets Vriesvak indrukken en ingedrukt superhouden totdat de indicatie Temperatuur koelvak knippert.2. Toets indrukken om de instelling te wijzi-¾ ¿/gen.Stand –3 is de koudste instelling.Stand +3 is de warmste instelling.Na een minuut wordt de ingestelde stand opge-slagen.

Servicedienst nl1214 Servicedienst Ser v i ce di e n s tAls het u niet lukt om de storing zelf te verhelpen, kunt u contact opnemen met onze klantenservice. Wij vinden altijd een passende oplossing, ook om een onnodig bezoek van de monteur te voorkomen. De contactgegevens van de dichtstbijzijnde Servicedienst vindt u hier of in de lijst met Servicedienstadressen. Vermeld bij het telefoongesprek a.u.b. het fabrikaatnummer (E-Nr.) en het productnummer (FD), die u op het typeplaatje vindt. ~ "Het apparaat leren kennen" op pagina 107 Vertrouw op de competentie van de fabrikant. U bent er dan van verzekerd dat de reparatie door ervaren technici wordt uitgevoerd die gebruik maken van de originele reserveonderdelen voor uw apparaat.Zelftest apparaatUw apparaat beschikt over een zelftestprogramma dat fouten aangeeft, die uw klantenservice kan verhelpen.1.

Terwijl de zelftest wordt uitgevoerd, klinkt ondertussen een lang geluidssignaal.■Als na afloop van de zelftest 2 geluidssignalen klinken en de ingestelde temperatuur wordt weergegeven: uw apparaat is in orde.■Als na afloop van de zelftest 5 geluidssignalen klinken en de toets super Vriesvak 10 seconden knippert: contact opnemen met de Servicedienst.Na afloop van het programma schakelt het apparaat weer over op het normale gebruik.Verzoek om reparatie en advies bij storingenDe contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst met Servicedienstadressen.--------GarantieMeer informatie over de garantieperiode en de garantievoorwaarden in uw land zijn verkrijgbaar bij uw klantenservice, uw speciaalzaak en op onze website.NL 088 424 4010B 070 222 141

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Bosch KIF86SD40 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden