Bosch CMG7761B1 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Bosch CMG7761B1 (52 pagina’s), behorend tot de categorie Magnetron. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 43 mensen en kreeg gemiddeld 4.5 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over Bosch CMG7761B1 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag
Product specificaties
| Merk: | Bosch |
| Categorie: | Magnetron |
| Model: | CMG7761B1 |
| Apparaatplaatsing: | Ingebouwd |
| Inhoud (binnenkant): | 45 l |
| Soort bediening: | Touch |
| Magnetronvermogen: | 900 W |
| Kleur van het product: | Zwart |
| Aantal vermogenniveau's: | 5 |
| Deurscharnieren: | Neer |
| Draaitafel: | Nee |
| Ingebouwd display: | Ja |
| Gewicht: | 34600 g |
| Breedte: | 594 mm |
| Diepte: | 548 mm |
| Hoogte: | 455 mm |
| Netbelasting: | 3600 W |
| Opwarmfunctie: | Ja |
| Grill: | Ja |
| Deurkleur: | Zwart |
| Uitgestelde start timer: | Nee |
| Deur open mechanisme: | Omlaag trekken |
| Convectie koken: | Ja |
| Stoom koken: | Nee |
| Warmhoud functie: | Ja |
| Rotisserie: | Nee |
| Ontdooifunctie: | Ja |
| Installatie compartiment breedte: | 568 mm |
| Installatie compartiment diepte: | 550 mm |
| Automatische kookfunctie: | Ja |
| Stroom: | 16 A |
| Installatie compartiment hoogte (min): | 450 mm |
| Installatie compartiment hoogte (max): | 455 mm |
| Temperatuur (max): | 300 °C |
| Deur openen: | Deur naar beneden klappen |
| Maximum temperatuur (convectie): | 300 °C |
| AC-ingangsspanning: | 220 - 240 V |
| AC-ingangsfrequentie: | 50/60 Hz |
| Type product: | Combinatiemagnetron |
| Type beeldscherm: | TFT |
| Minimum temperatuur (convectie): | 30 °C |
Handleiding Bosch CMG7761B1 – volledige tekst
4530. 1 Algemene montage-instructies. 451 VeiligheidNeem de volgende veiligheidsvoorschriften inacht. 1. 1 Algemene aanwijzingen¡Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldigdoor. ¡Bewaar de gebruiksaanwijzing en de pro-ductinformatie voor later gebruik of voorvolgende eigenaren. ¡Sluit het apparaat in geval van transport-schade niet aan. 1. 2 Bestemming van het apparaatDit apparaat is alleen bestemd voor inbouw. Houd het speciale installatievoorschrift aan. Apparaten zonder stekker mogen alleen doorgeschoold personeel worden aangesloten. Bijschade door een verkeerde aansluiting kunt ugeen aanspraak maken op garantie. Gebruik het apparaat uitsluitend:¡om voedsel en dranken te bereiden.
¡tot een hoogte van 4000m boven zeeni-veau. Dit apparaat voldoet aan de norm EN55011resp. CISPR11. Het is een product van groep2, klasse B. Groep 2 betekent dat er micro-golven worden geproduceerd om levensmid-delen te verwarmen. Klasse B houdt in dat hetapparaat geschikt is voor huishoudelijk ge-bruik.
Veiligheid nl31. 3 Inperking van de gebruikersDit apparaat kan worden bediend door kinde-ren vanaf 8 jaar en door personen met fysie-ke, sensorische of geestelijke beperkingen ofmet gebrekkige ervaring en/of kennis, indienzij onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd inhet veilige gebruik van het apparaat en dedaaruit resulterende gevaren hebben begre-pen. Kinderen mogen niet met het apparaat spe-len. Reiniging en gebruikersonderhoud mogenniet worden uitgevoerd door kinderen, tenzijze 15jaar of ouder zijn en onder toezichtstaan. Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8jaar niet bij het apparaat of de aansluitkabelkunnen komen. 1. 4 Veiliger gebruikAccessoires altijd op de juiste manier in debinnenruimte schuiven. →"Accessoires", Pagina12WAARSCHUWING‒Kans op brand. Brandbare voorwerpen die in de binnenruimteworden bewaard kunnen vlam vatten.
▶Bewaar nooit brandbare voorwerpen in debinnenruimte. ▶Wanneer er rook wordt geproduceerd moethet apparaat worden uitgeschakeld of destekker uit het stopcontact worden gehaalden moet de deur gesloten worden gehou-den om eventueel optredende vlammen tedoven. Losse voedselresten, vet en vleessap kunnenin brand vliegen. ▶Voor gebruik dient u de binnenruimte, deverwarmingselementen en de accessoiresvrij te maken van grove verontreiniging. Bij het openen van de apparaatdeur ontstaater een luchtstroom. Het bakpapier kan dan deverwarmingselementen raken en vlam vatten. ▶Plaats nooit bakpapier bij het voorverwar-men en tijdens het bereiden los op het ac-cessoire. ▶Bakpapier altijd op maat maken en verzwa-ren met een vorm. WAARSCHUWING‒Kans opbrandwonden. Tijdens het gebruik worden het apparaat enhaar onderdelen die men kan aanraken heet.
▶Wees voorzichtig om het aanraken van ver-warmingselementen te voorkomen. ▶Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit debuurt worden gehouden. Accessoires of vormen worden zeer heet.
▶Neem hete accessoires en vormen altijdmet behulp van een pannenlap uit de bin-nenruimte. In de hete binnenruimte kunnen alcoholdam-pen vlam vatten. De apparaatdeur kan open-springen. Er kunnen hete dampen en steek-vlammen naar buiten treden. ▶Gebruik slechts geringe hoeveelhedendrank met een hoog alcoholpercentage. ▶Geen alcoholhoudende dranken (≥ 15 %vol. ) in onverdunde toestand (bijv. voor hetopgieten of overgieten van gerechten) ver-hitten. ▶Apparaatdeur voorzichtig openen. WAARSCHUWING‒Kans opbrandwonden. Tijdens het gebruik worden de toegankelijkeonderdelen heet. ▶De hete onderdelen nooit aanraken. ▶Zorg ervoor dat er geen kinderen in debuurt zijn. Bij het openen van de apparaatdeur kan hetestoom vrijkomen. Stoom is afhankelijk van detemperatuur niet altijd zichtbaar. ▶Apparaatdeur voorzichtig openen. ▶Zorg ervoor dat er geen kinderen in debuurt zijn.
nl Veiligheid4Het apparaat en de delen ervan die aange-raakt kunnen worden kunnen scherpe randenhebben. ▶Wees voorzichtig bij gebruik en reinigen. ▶Draag indien mogelijk veiligheidshand-schoenen. Bij het openen en sluiten van de apparaatdeurbewegen de scharnieren zich en kunnen zeklem komen te zitten. ▶Kom niet met uw handen bij de scharnie-ren. Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kun-nen scherpe randen hebben. ▶Draag veiligheidshandschoenen. WAARSCHUWING‒Kans op elektrischeschok. Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. ▶Alleen daarvoor geschoold vakpersoneelmag reparaties aan het apparaat uitvoeren. ▶Er mogen uitsluitend originele reserveon-derdelen worden gebruikt voor reparatievan het apparaat. ▶Als het netsnoer van dit apparaat bescha-digd raakt, moet het ter vermijding van risi-co's worden vervangen door de fabrikant,de servicedienst of een andere gekwalifi-ceerde persoon.
Een beschadigde isolatie van het netsnoer isgevaarlijk. ▶Nooit het aansluitsnoer met hete apparaat-onderdelen of warmtebronnen in contactbrengen. ▶Nooit het aansluitsnoer met scherpe puntenof randen in contact brengen. ▶Het aansluitsnoer nooit knikken, knellen ofveranderen. Binnendringend vocht kan een elektrischeschok veroorzaken. ▶Geen stoomreiniger of hogedrukreinigergebruiken om het apparaat te reinigen. Een beschadigd apparaat of een beschadigdnetsnoer is gevaarlijk. ▶Nooit een beschadigd apparaat gebruiken. ▶Nooit aan het netsnoer trekken, om het ap-paraat van het elektriciteitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trek-ken. ▶Wanneer het apparaat of het netsnoer isbeschadigd, dan direct de stekker van hetnetsnoer uit het stopcontact halen of de ze-kering in de meterkast uitschakelen. ▶Contact opnemen met de servicedienst.
▶Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kin-deren houden. ▶Laat kinderen niet met verpakkingsmateri-aal spelen. Kinderen kunnen kleine onderdelen inademenof inslikken en hierdoor stikken. ▶Kleine onderdelen uit de buurt van kinde-ren houden. ▶Kinderen niet met kleine onderdelen latenspelen. 1. 5 MagnetronBELANGRIJKE VEILIGHEIDSVOORSCHRIF-TEN ZORGVULDIG LEZEN EN VOOR HETVERDERE GEBRUIK BEWARENWAARSCHUWING‒Kans op brand. Oneigenlijk gebruik van het apparaat is ge-vaarlijk en kan schade veroorzaken. Verwarm-de pantoffels, granen- pittenkussens kunnenbijvoorbeeld ook na uren nog vlam vatten. ▶Droog nooit gerechten of kleding met hetapparaat. ▶Nooit pantoffels, pitten- of granenkussens,zwammen, vochtige poetslappen e. d. methet apparaat opwarmen. ▶Gebruik het apparaat uitsluitend voor hetbereiden van gerechten en dranken. Levensmiddelen en de verpakkingen ervankunnen ontbranden.
▶Nooit levensmiddelen opwarmen in verpak-kingen die bestemd zijn om ze warm tehouden. ▶Levensmiddelen nooit zonder toezicht ver-warmen in voorwerpen van kunststof, pa-pier of ander brandbaar materiaal. ▶Bij de magnetron nooit een te groot vermo-gen of te lange tijdsduur instellen. Houd uaan de opgaven in deze gebruiksaanwij-zing. ▶Nooit levensmiddelen drogen met de mag-netron. ▶Levensmiddelen die weinig water bevatten,zoals bijv. brood, nooit met een te hoogmagnetronvermogen of gedurende een telange tijd ontdooien of verwarmen.
Veiligheid nl5Spijsolie kan vlam vatten. ▶Nooit uitsluitend spijsolie opwarmen met demagnetron. WAARSCHUWING‒Kans op explosie. Vloeistof of andere voedingsmiddelen in dichtafgesloten vormen kunnen gemakkelijk explo-deren. ▶Nooit vloeistof of andere voedingsmiddelenverhitten in dicht afgesloten vormen. WAARSCHUWING‒Kans opbrandwonden. Levensmiddelen met een vaste schil of pelkunnen tijdens, maar ook nog na het opwar-men, exploderen. ▶Nooit eieren in de eierschaal koken ofhardgekookte eieren in de eierschaal op-warmen. ▶Nooit schaal- en kreeftachtige dieren ko-ken. ▶Bij spiegeleieren of eieren in een glas dientu eerst de dooier door te prikken. ▶Bij levensmiddelen met een vaste schil ofpel, bijv. appels, tomaten, aardappelen enworstjes, kan de schil knappen. Prik voorhet opwarmen gaatjes in de schil of vel. De warmte wordt niet gelijkmatig verdeeld inde babyvoeding.
▶Warm nooit babyvoeding op in geslotenverpakkingen. ▶Verwijder altijd het deksel of de speen. ▶Na het verwarmen goed roeren of schud-den. ▶Voordat de voeding aan het kind wordt ge-geven dient de temperatuur te worden ge-controleerd. Verhitte gerechten geven warmte af. De vor-men kunnen heet worden. ▶Neem vormen en accessoires altijd met be-hulp van een pannenlap uit de binnenruim-te. De verpakking van luchtdicht verpakte levens-middelen kan knappen. ▶Houd altijd de opgaven op de verpakkingaan. ▶Neem gerechten altijd met een pannenlapuit de binnenruimte. Tijdens het gebruik worden de toegankelijkeonderdelen heet. ▶De hete onderdelen nooit aanraken. ▶Zorg ervoor dat er geen kinderen in debuurt zijn. De droogfunctie bij de hoogste standen bij demagnetronfunctie schakelt automatisch eenverwarmingselement bij en verhit de binnen-ruimte.
▶Raak nooit de hete oppervlakken in de bin-nenruimte of de verwarmingselementenaan. ▶Houd kinderen uit de buurt. Het onjuiste gebruik van het apparaat is ge-vaarlijk.
Voorwerpen zoals oververhitte pantof-fels, pitten- of graankussen, sponzen, vochtigeschoonmaakdoekjes e. d. kunnen verbrandingtot gevolg hebben. ▶Droog nooit gerechten of kleding met hetapparaat. ▶Nooit pantoffels, pitten- of granenkussens,zwammen, vochtige poetslappen e. d. methet apparaat opwarmen. ▶Gebruik het apparaat uitsluitend voor hetbereiden van gerechten en dranken. WAARSCHUWING‒Kans opbrandwonden. Bij het verwarmen van vloeistof kan er kook-vertraging ontstaan. Dit houdt in dat de kook-temperatuur wordt bereikt zonder de kenmer-kende bellen ontstaan. Al bij een kleine schokvan het recipiënt is voorzichtigheid geboden. De hete vloeistof kan plots overkoken en weg-spatten. ▶Zorg ervoor dat er tijdens het verwarmenaltijd een lepel in de vorm staat. Zo wordtkookvertraging voorkomen. WAARSCHUWING‒Kans op letsel. Ongeschikte vormen kunnen barsten.
Vormenvan porselein en keramiek kunnen kleinegaatjes hebben in de handgrepen en deksels. Achter deze gaatjes bevindt zich een holleruimte. Als er vocht in deze ruimte komt, kandit barsten veroorzaken in de vormen. ▶Alleen servies gebruiken dat geschikt isvoor de magnetron.
nl Veiligheid6Bij gebruik van de magnetronfunctie kunnenvormen van metaal of vormen met metalencoating leiden tot het ontstaan van vonken. Het apparaat wordt dan beschadigd. ▶Gebruik nooit metalen vormen bij gebruikvan uitsluitend de magnetron. ▶Alleen vormen die geschikt zijn voor demagnetron in combinatie met een verwar-mingsmethode gebruiken. WAARSCHUWING‒Kans op elektrischeschok. Het apparaat werkt met hoogspanning. ▶Nooit de behuizing verwijderen. WAARSCHUWING‒Kans op ernstiggevaar voor de gezondheid. Gebrekkige reiniging kan het oppervlak vanhet apparaat vernietigen, de gebruiksduur ver-korten en tot gevaarlijke situaties leiden, zoalsbijvoorbeeld naar buiten komende magnetron-energie. ▶Het apparaat regelmatig schoonmaken enresten van voedingsmiddelen direct verwij-deren. ▶Houd de binnenruimte, deurafdichting, deuren deuraanslag altijd schoon.
De buitenkant van het apparaat wordt zeerheet tijdens het reinigen. ▶Nooit brandbare voorwerpen, zoals bijv. droogdoeken, aan de deurgreep hangen. ▶Voorkant van het apparaat vrijhouden.
▶Zorg ervoor dat er geen kinderen in debuurt zijn. Bij beschadigde deurafdichting ontsnapt grotehitte in het bereik van de deur. ▶De dichting niet schuren en niet afnemen. ▶Nooit het apparaat met beschadigde af-dichting of zonder afdichting gebruiken. WAARSCHUWING‒Kans op ernstiggevaar voor de gezondheid. Het apparaat wordt zeer heet tijdens het reini-gen. De antiaanbaklaag van bakplaten en vor-men wordt aangetast en er ontstaan giftigegassen. ▶Bij gebruik van de reinigingsfunctie nooitplaten en vormen met een antiaanbaklaagmeereinigen. ▶Accessoires nooit meereinigen. WAARSCHUWING‒Kans op gevaarvoor de gezondheid. De reinigingsfunctie warmt de binnenruimtetot een heel hoge temperatuur op zodat res-ten van braden, grillen en bakken verbranden. Hierbij komen dampen vrij die tot irritaties vande slijmvliezen kunnen leiden. ▶Tijdens de reinigingsfunctie de keukengrondig ventileren.
▶Niet gedurende langere tijd in de ruimteverblijven. ▶Kinderen en huisdieren uit de buurt hou-den. WAARSCHUWING‒Kans opbrandwonden. De binnenruimte wordt zeer heet tijdens hetreinigen. ▶Nooit de apparaatdeur openen. ▶Het apparaat laten afkoelen. ▶Zorg ervoor dat er geen kinderen in debuurt zijn. De buitenkant van het apparaat wordt zeerheet tijdens het reinigen. ▶Nooit de apparaatdeur aanraken. ▶Het apparaat laten afkoelen. ▶Zorg ervoor dat er geen kinderen in debuurt zijn.
Materiële schade vermijden nl72 Materiële schade vermijden2. 1 AlgemeenLET OP. Alcoholdampen kunnen in de hete binnenruimte ont-vlammen en tot een permanente beschadiging van hetapparaat leiden. Door de explosieve verbranding kande apparaatdeur openspringen en er eventueel afval-len. De deurramen kunnen kapot gaan en versplinte-ren. Door de onderdruk die ontstaat kan de binnen-ruimte naar binnen sterk vervormen. ▶Geen alcoholhoudende dranken (≥ 15 % vol. ) in on-verdunde toestand (bijv. voor het opgieten of over-gieten van gerechten) verhitten. Water op de bodem van de binnenruimte bij temperatu-ren boven de 120°C leidt tot schade aan het emaille. ▶Geen programma starten wanneer zich water op debodem van de binnenruimte bevindt. ▶Voor gebruik het water van de bodem van de bin-nenruimte opnemen.
Als de temperatuur hoger is dan 50°C ontstaat erwarmteophoping door voorwerpen op de bodem vande binnenruimte. De bak- en braadtijden kloppen nietmeer en het email wordt beschadigd. ▶Nooit toebehoren, bakpapier of folie, van welkesoort dan ook op de bodem van de binnenruimteleggen. ▶Uitsluitend een vorm op de bodem van de binnen-ruimte plaatsen wanneer een temperatuur van min-der dan 50°C ingesteld is. Wanneer de hete binnenruimte water bevat, ontstaat erwaterdamp. Door de temperatuurverandering kan erschade optreden. ▶Giet nooit water in de hete binnenruimte. ▶Zet nooit servies met water op de bodem van debinnenruimte. Wanneer er langere tijd vocht aanwezig is in de binnen-ruimte ontstaat er corrosie. ▶Laat na het gebruik de binnenruimte drogen. Opendaarvoor de apparaatdeur volledig of gebruik dedroogfunctie.
▶De bakplaat bij zeer vochtig vruchtengebak niet teovervloedig bedekken. ▶Gebruik zo mogelijk de diepere braadslede. Gebruik van ovenreiniger in de warme binnenruimteleidt tot beschadiging van het email. ▶Gebruik nooit ovenreiniger in de warme binnenruim-te. ▶Vóór het opnieuw opwarmen de resten uit de bin-nenruimte en van de apparaatdeur volledig verwijde-ren. Is de afdichting sterk vervuild, dan sluit de deur tijdenshet gebruik niet meer goed. De aangrenzende meubel-fronten kunnen dan beschadigd raken. ▶Zorg ervoor dat de afdichting altijd schoon is. ▶Nooit het apparaat met beschadigde afdichting ofzonder afdichting gebruiken. Wanneer de apparaatdeur wordt gebruikt als vlak omiets op te zetten of te leggen kan de apparaatdeur be-schadigd raken. ▶Niets op de apparaatdeur zetten, er aan hangen oflaten steunen. ▶Geen vormen of accessoires op de apparaatdeurplaatsen.
Afhankelijk van het apparaattype kunnen de accessoi-res krassen veroorzaken op de ruit dan de apparaat-deur wanneer deze gesloten wordt. ▶Accessoires altijd op de juiste manier in de binnen-ruimte leggen. Door aluminiumfolie aan de deurruit kunnen permanen-te verkleuringen ontstaan. ▶Aluminiumfolie in de binnenruimte mag niet in con-tact komen met de deurruit. 2. 2 MagnetronVolg deze aanwijzingen op wanneer u de magnetrongebruikt. LET OP. Als het metaal tegen de wand van de binnenruimte aankomt, ontstaan er vonken waardoor het apparaat be-schadigd kan raken of de deurruit aan de binnenkantkan worden aangetast. ▶Metalen voorwerpen, zoals een lepel in een glas,moeten minstens 2cm van de wanden van de bin-nenruimte en de binnenkant van de deur verwijderdzijn. Accessoires die te dicht tegen elkaar worden geplaatstveroorzaken vonken. ▶Het rooster niet combineren met de braadslede.
Er kunnen vonkenontstaan waardoor de binnenruimte wordt beschadigd. ▶Gebruik het meegeleverde rooster om er iets op tezetten. Aluminium schalen in het apparaat kunnen vonken ver-oorzaken. Door de vonken die ontstaan wordt het ap-paraat beschadigd. ▶Gebruik geen vormen van aluminium in het appa-raat. Het gebruik van het apparaat zonder gerechten in debinnenruimte leidt tot overbelasting. ▶Start nooit de magnetron zonder dat er zich etens-waar in de binnenruimte bevindt. Alleen een korteserviestest vormt hierop een uitzondering.
nl Milieubescherming en besparing8Wordt er bij het maken van popcorn in de magnetroneen te hoog vermogen gebruikt, dan kan de deurruitbarsten als gevolg van overbelasting. ▶Nooit een te hoog magnetronvermogen instellen. ▶Maximaal 600watt gebruiken. ▶Het popcornzakje altijd op een glazen schaal leg-gen. 3 Milieubescherming en besparing3. 1 Afvoeren van de verpakkingDe verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kun-nen worden hergebruikt. ▶De afzonderlijke componenten op soort gescheidenafvoeren. 3. 2 Energie besparenAls u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaatminder stroom. Het apparaat alleen voorverwarmen, wanneer het re-cept of de instellingsadviezen dat aangeven. →"Zo lukt het", Pagina35¡Wanneer u het apparaat niet voorverwarmt, dan be-spaart u tot 20 % energie. Gebruik donkere, zwart gelakte of geëmailleerde bak-vormen.
¡Deze bakvormen nemen de hitte bijzonder goedop. Open de apparaatdeur tijdens de bereiding zo weinigmogelijk. ¡De temperatuur in de binnenruimte blijft constanten het apparaat hoeft niet na te verwarmen. Meerdere gerechten direct achter elkaar of parallelbakken. ¡De binnenruimte is na de eerste keer bakken opge-warmd. Hierdoor is de baktijd voor het gebak datvervolgens wordt gebakken korter. Bij langere bereidingstijden het apparaat 10minutenvoor het einde van de bereidingstijd uitschakelen. ¡De restwarmte is voldoende om het gerecht verderte bereiden. Verwijder niet gebruikte accessoires uit de binnen-ruimte. ¡Overtollige accessoires hoeven niet verwarmd teworden. Laat diepgevroren producten vóór de bereiding ont-dooien. ¡Hierdoor wordt bespaard op de energie om hetvoedsel te ontdooien. Het display in de basisinstellingen uitschakelen.
Uw apparaat leren kennen nl94 Uw apparaat leren kennen4. 1 BedieningspaneelVia het bedieningsveld kunt u alle functies van uw ap-paraat instellen en informatie krijgen over de gebruiks-toestand. Afhankelijk van het apparaattype kunnen details op deafbeelding verschillen, bijv. de kleur en de vorm. 12 21Display met instelringVia het display stelt u met behulp van de digita-le instelring het apparaat in. U ziet de actuele instelwaarden, keuzemogelijk-heden of aanwijzingsteksten. →"Display", Pagina92KnoppenMet de knoppen stelt u de verschillende func-ties direct in. →"Knoppen", Pagina94. 2 KnoppenMet de knoppen kiest u de verschillende functies di-rect. Knop FunctieApparaat in- of uitschakelen. →"De Bediening in essentie",Pagina14Functie magnetron direct kiezen. →"Magnetron", Pagina17Functiekeuze-menu openen. →"Functies", Pagina10Functie favorieten direct kiezen.
→"Favorieten", Pagina21Eén instelling terug gaan. Werking starten of onderbreken. →"De Bediening in essentie",Pagina14Timer selecteren. →"Timer instellen", Pagina17Ca. 4 seconden ingedrukt houden: kin-derslot activeren. →"Kinderslot", Pagina224. 3 DisplayHet display is in verschillende gebieden onderverdeeld. Digitale instelringMet de digitale instelring op het display verandert u deinstelwaarden. Wanneer u bij een instelling de minimale of maximalewaarde heeft bereikt, blijft deze waarde op het displaystaan. Draai indien nodig de waarde met de instelringweer terug. Fijne instelwaardenOm fijne instelwaarden in te stellen, bijv. op de minuutnauwkeurige tijd, het betreffende gebied in de instelringca. 1 - 2 seconden ingedrukt houden. De fijnere instel-waarden worden in punten weergegeven. StatusindicatieVan boven op het display wordt statusinformatie weer-gegeven.
→"Kinderslot", Pagina22Vanwege de reinigingsfunctie of het kin-derslot is de apparaatdeur vergrendeld. →"Reinigingsfunctie 'Pyrolyse activeC-lean'", Pagina27→"Basisinstellingen", Pagina22WiFi-signaalsterkte voor HomeConnect. Hoe meer lijntjes van het symbool ge-vuld zijn, des te beter is het signaal. Wanneer het symbool is doorgestreept, dan is er geen WiFi-signaal. Wanneer er een "x" bij symbool is,dan is er geen verbinding met de Ho-meConnect server. →"HomeConnect ", Pagina23Start op afstand met HomeConnect isgeactiveerd. →"HomeConnect ", Pagina23Diagnose op afstand met HomeCon-nect voor onderhoud is geactiveerd. →"HomeConnect ", Pagina23InstelbereikIn het midden van het display is het instelbereik. In het instelbereik ziet u actuele keuzemogelijkhedenen reeds uitgevoerde instellingen. Het menu en andere instelmogelijkheden zijn horizon-taal aangebracht.
Keuzelijsten bij functies zijn verticaalgerangschikt. Om in het instelbereik te bladeren, veegtu over het display. Om een functie te kiezen, op defunctie in het display drukken. →"Functie instellen", Pagina14.
nl Functies10Mogelijke symbolen in het instelbereikSymbool BetekenisInstelwaarde bevestigen. Instelwaarde resetten. Tijdens het gebruik instelwaarde wijzi-gen. Opmerking:Een blauwe markering "new" of een blau-we stip bij een functie geeft aan dat met de HomeCon-nect app een nieuwe functie, een nieuwe favoriet ofeen update op uw apparaat werd gedownload. 4. 4 BinnenruimteVerschillende functies in de binnenruimte ondersteunenbij het gebruik uw apparaat. RekjesU kunt accessoires op verschillende hoogtes in de rek-jes in de binnenruimte schuiven. →"Accessoires", Pagina12Uw apparaat heeft 3 inschuifhoogtes. De inschuifhoog-tes worden van beneden naar boven geteld. De rekjes kunt u, bijvoorbeeld om te reinigen, verwijde-ren. →"Rekjes", Pagina31VerlichtingEen of meerdere ovenlampen verlichten de binnenruim-te.
Wanneer u de deur van het apparaat opent, gaat deverlichting in de binnenruimte aan. Blijft de deur langerdan ca. 18 minuten open, dan gaat de verlichting weeruit. Bij de meeste functies schakelt de verlichting in zodrahet gebruik wordt gestart. Als het gebruik wordt beëin-digd, schakelt de verlichting uit. KoelventilatorDe koelventilator schakelt afhankelijk van de tempera-tuur van het apparaat in en uit. De warme lucht ont-snapt via de deur. LET OP. Door het afdekken van de ventilatiesleuven raakt hetapparaat oververhit. ▶Dek de ventilatiesleuven niet af. De koelventilator loopt een bepaalde tijd na, zodat hetapparaat na gebruik sneller afkoelt. ApparaatdeurWanneer u de apparaatdeur opent tijdens het gebruik,wordt de werking stopgezet. Sluit u de apparaatdeur,dan wordt de werking automatisch voortgezet.
Wanneer u bij het gebruik van de magnetronfunctie deapparaatdeur sluit, dient u de werking voort te zetten. 5 FunctiesHier krijgt u een overzicht van de hoofd- en anderefuncties van uw apparaat. Om het menu te openen op drukken.
→"Basisinstellingen", Pagina22HomeConnectMet HomeConnect kunt u de oven met een mobieleindapparaat verbinden en op afstand bedienen om devolledige functionaliteit van het apparaat te benutten.
Functies nl11Al naar gelang het apparaattype kunt u met de Ho-meConnect app extra of uitgebreide functies voor uwapparaat benutten. Informatie daarover kunt u vinden inde app. →"HomeConnect ", Pagina235. 1 VerwarmingsmethodenOm altijd de passende verwarmingsmethode voor uwgerechten te kunnen bepalen, geven wij hier uitleg overde verschillen en toepassingen. Aan de hand van de afzonderlijke symbolen ziet u omwelke verwarmingsmethoden het gaat. Wanneer u een verwarmingsmethode kiest, stelt het ap-paraat u een passende temperatuur of stand voor. Ukunt de waarde overnemen of wijzigen in het weerge-geven gebied. Bij temperatuurinstellingen boven 275°C en grillstand3 verlaagt het apparaat de temperatuur na ca. 40 mi-nuten tot ca. 275°C resp. grillstand 1. Sym-boolVerwarmingsmetho-deTemperatuurbe-reikGebruik en werkwijze4D-hetelucht 30 - 275°C Op één of meer niveaus bakken of braden.
De ventilator verdeelt de warmte van het ronde verwarmingsele-ment aan de achterkant gelijkmatig in de binnenruimte. Boven- en onder-warmte30 - 300°C Traditioneel bakken of braden op één niveau. De verwarmings-methode is bijzonder geschikt voor gebak met vochtige bedek-king. De warmte komt gelijkmatig van boven en van onderen. Eco hetelucht 125-250°C Gekozen gerechten zonder voorverwarmen op één niveau voor-zichtig garen. De ventilator verdeelt de warmte van het ronde verwarmingsele-ment aan de achterkant gelijkmatig in de binnenruimte. Het pro-duct wordt in fasen bereid met behulp van restwarmte. Houd de deur van het apparaat tijdens het bereiden gesloten. Deze verwarmingsmethode wordt voor het bepalen van het ener-gieverbruik in de circulatieluchtmodus en de energieklasse ge-bruikt. Air Fry 30 - 300°C Knapperig garen op een niveau met weinig vet.
De afvoerlucht wordt versterkt uit debinnenruimte getrokken. Boven- en onder-warmte Eco150-250°C Gekozen gerechten voorzichtig garen. De warmte komt van boven en van onderen. Deze verwarmingsmethode wordt gebruikt voor het bepalen vanhet energieverbruik in de conventionele modus. Circulatiegrillen 30 - 300°C Gevogelte, hele vis of grotere stukken vlees braden. Het grillelement en de ventilator schakelen afwisselend in en uit. De ventilator wervelt de hete lucht rond het gerecht. Grill, groot Grillstanden:1 = zwak2 = gemiddeld3 = sterkPlatte producten, zoals steaks, worstjes of toast grillen. Gerech-ten gratineren. Het hele oppervlak onder de grill wordt heet. Grill, klein Grillstanden:1 = zwak2 = gemiddeld3 = sterkKleine hoeveelheden grillen, zoals steak, worstjes of toast. Kleinehoeveelheden gratineren. Het middelste oppervlak onder de grill wordt heet.
Pizzastand 30 - 275°C Pizza's of gerechten klaarmaken die veel warmte van onderennodig hebben. Het onderste verwarmingselement en het ronde verwarmingsele-ment aan de achterwand zijn ingeschakeld. Langzaam garen 70 - 120°C Kort aangebraden, mals vlees in open vormen voorzichtig enlangzaam garen. De warmte komt bij een lage temperatuur gelijkmatig van bovenen van onderen. Ontdooien 30 - 60°C Bevroren etenswaar voorzichtig ontdooien.
Accessoires nl13Accessoires GebruikRooster Bakvormen¡¡Ovenschalen¡Vormen¡Vlees, bijv. braad- of grillstukken¡DiepvriesgerechtenBraadslede Vochtig gebak¡¡Gebak¡Brood¡Grote braadstukken¡Diepvriesgerechten¡Afdruipende vloeistof opvangen, bijv vetbij het grillen op het rooster. 6. 1 Aanwijzingen bij het toebehorenSommig toebehoren is alleen voor bepaalde functiesgeschikt. MagnetrontoebehorenVoor de zuivere magnetronfunctie is alleen het meege-leverde rooster geschikt. Platen, bijv. de universele braadslede of de bakplaat,kunnen vonken vormen en zijn niet geschikt. Neem de aanwijzingen m. b. t. de magnetron in acht. →"Vormen en accessoires met magnetron",Pagina176. 2 VergrendelingsfunctieDe vergrendelingsfunctie voorkomt dat de accessoireskantelen wanneer ze worden uitgetrokken. U kunt het accessoire tot ongeveer de helft uittrekken,tot deze vastklikt.
De kantelbeveiliging functioneert al-leen wanneer u het accessoire op de juiste manier inde binnenruimte schuift. 6. 3 Accessoire in de binnenruimte schuivenHet accessoire altijd op de juiste manier in de binnen-ruimte schuiven. Alleen zo kan het accessoire zonderte kantelen tot ongeveer de helft worden uitgetrokken. 1. Het accessoire zo draaien, dat de pal zich aan deachterkant bevindt en naar beneden wijst. 2. De accessoires altijd tussen de beide geleidestan-gen van een inschuifhoogte plaatsen. Rooster Het rooster met de open kant naarde apparaatdeur en de welving naar beneden in de oven schuiven. Plaatbijv. braad-slede ofbakplaatDe plaat met de afschuining gerichtnaar de ovendeur in de ovenschuiven. 3. Het toebehoren volledig inschuiven, zodat het deapparaatdeur niet raakt. Opmerking:Haal de accessoires die u niet nodig hebtbij het gebruik uit de binnenruimte. 6.
4 Meer accessoiresMeer accessoires kunt u kopen bij de servicedienst, inspeciaalzaken of op het internet. U vindt een uitgebreid aanbod voor uw apparaat in on-ze folders of op internet:www. bosch-home.
De Bediening in essentie nl154. Om instelwaarden te wijzigen, de digitale instelringgebruiken:‒Over de instelring vegen, al naar gelang de ge-wenste instelling rechts- of linksom. ‒Of op een bepaalde positie aan de instelringdrukken. 5. De instelling met bevestigen. 6. Start de werking met. 7. Wanneer de werking is beëindigd:‒Indien nodig kunt u verdere instellingen invoerenen de werking opnieuw starten. ‒Schakel het apparaat uit met wanneer het ge-recht klaar is. Opmerking:Uw instellingen kunt u als "Favorieten" opslaan en opnieuw gebruiken. →"Favorieten", Pagina218. 6 Verwarmingsmethode en temperatuurinstellen1. Druk in het menu op "Verwarmingsmethoden". 2. Druk op de gewenste verwarmingsmethode. 3. Druk op de temperatuur in °C of, afhankelijk van deverwarmingsmethode, op de instelstand. 4. Stel de temperatuur in met de instelring. 5.
Druk in het display op om de ingestelde tempera-tuur te bevestigen. Indien nodig kunt u verdere instellingen maken:– →"Snel voorverwarmen", Pagina16– →"Tijdfuncties", Pagina16– →"Magnetron", Pagina17– →"Ventilatiefunctie 'Knapperig laagje'",Pagina196. Start de werking met. aHet apparaat begint op te warmen. aOp het display staan de instelwaarden en de tijdhoelang het programma al loopt. 7. Wanneer de werking is beëindigd:‒Indien nodig kunt u verdere instellingen invoerenen de werking opnieuw starten. ‒Schakel het apparaat uit met wanneer het ge-recht klaar is. Opmerking:De meest geschikte verwarmingsmethodevoor uw gerechten vindt u in de beschrijving van deverwarmingsmethoden. →"Verwarmingsmethoden", Pagina11Verwarmingsmethode wijzigenVerandert u de verwarmingsmethode, dan worden ookde andere instellingen teruggezet. 1. Op drukken. 2. Op drukken. 3.
Druk op de gewenste verwarmingsmethode. 4. Stel de werking opnieuw in en start met. Temperatuur wijzigenNa het starten van de werking kunt u de temperatuur teallen tijde wijzigen. 1. Op het display op drukken.
2. Op de temperatuur drukken. 3. De temperatuur met de instelring wijzigen. 4. Om de wijziging te bevestigen, op het display op drukken. aDe wijziging wordt overgenomen. 8. 7 Informatie weergevenIn de meeste gevallen kunt u informatie bij de zojuistuitgevoerde functie oproepen. Vele aanwijzingen ver-schijnen automatisch, bijv. ter bevestiging of als oproepof waarschuwing. 1. Op "Info" drukken. aInformatie wordt gedurende enkele seconden weer-gegeven. 2. Om bij veel inhoud in de aanwijzing te bladeren,over het display vegen. 3. Indien gewenst de aanwijzing met verlaten. 8. 8 Sabbatconform bedienenWanneer u uw apparaat sabbatconform wilt bedienen,gebruik dan de tijdfuncties en wijzig de basisinstellingvoor de verlichting. Opmerking:Wanneer u de apparaatdeur tijdens hetgebruik opent, houdt het apparaat op met verwarmen. Wanneer u de apparaatdeur sluit, verwarmt het appa-raat verder.
Magnetron nl171. Druk op "Eindtijd". 2. Om de tijd in te stellen op de uurindicatie of de mi-nutenindicatie drukken. aDe geselecteerde waarde is blauw gemarkeerd. 3. De tijd met de instelring verschuiven. Reset indien nodig de instelwaarde met. 4. Om de ingestelde tijd te bevestigen, op het displayop drukken. 5. Start de werking met. aHet display toont de tijdsduur tot aan de start. Hetapparaat bevindt zich in de wachtstand. aAls de starttijd is bereikt, begint het apparaat op tewarmen en de tijdsduur loopt af. aWanneer de tijdsduur is verstreken, klinkt er een ge-luidssignaal. Op het display verschijnt een aanwij-zing dat de werking is beëindigd. 6. Wanneer de tijdsduur is verstreken:‒Indien nodig kunt u verdere instellingen invoerenen de werking opnieuw starten. ‒Schakel het apparaat uit met wanneer het ge-recht klaar is.
Einde wijzigenOm een goed bereidingsresultaat te verkrijgen, kunt ude ingestelde eindtijd alleen wijzigen voordat de wer-king gestart is en de tijdsduur afloopt. 1. Op het display op drukken. 2. Op de eindtijd drukken. 3. De eindtijd met de instelring wijzigen. 4. Om de wijziging te bevestigen, op het display op drukken. aDe wijziging wordt overgenomen. Einde annulerenU kunt de ingestelde eindtijd altijd wissen. 1. Op het display op drukken. 2. Op de eindtijd drukken. 3. De eindtijd met resetten. Opmerking:Bij functies waarbij een tijdsduur nodigis, reset het apparaat het tijdstip, waarop de tijds-duur eindigt, terug op de het volgende mogelijk tijd-stip. 4. Om de wijziging te bevestigen, op het display op drukken. aDe wijziging wordt overgenomen. 10. 3 Timer instellenDe timer loopt onafhankelijk van de werking. U kunt dewekker tot 24 uur instellen.
De timer heeft een eigensignaal, zodat u hoort of de timer of een tijdsduur ein-digt. 1. Druk op. 2. Druk om de timer in te stellen, op het display op debetreffende tijdswaarde, bijv. minutenindicatie "m" ofsecondenindicatie "s". aDe geselecteerde waarde is blauw gemarkeerd. 3.
De timer met de instelring instellen. Reset indien nodig de instelwaarde met. 4. Om de timer te starten, op het display op drukken. aDe timer loopt af. aWanneer het apparaat is uitgeschakeld, dan blijft detimer op het display zichtbaar. aAls het apparaat is ingeschakeld, staan de instellin-gen van de lopende werking op het display. De ti-mer wordt in de statusindicatie weergegeven. aWanneer de timer is verstreken, klinkt een signaal. Op het display verschijnt een aanwijzing dat de ti-mer is beëindigd. Timer wijzigenU kunt de timer altijd wijzigen. 1. Als de timer op de achtergrond loopt, voordien detimer met selecteren. 2. Op drukken. 3. De timer met de instelring wijzigen. 4. Bevestig met. Timer annulerenU kunt de timer altijd annuleren. 1. Als de timer op de achtergrond loopt, voordien detimer met selecteren. 2. Op drukken. 3. De timer met resetten. 4. Bevestig met.
11 MagnetronMet de magnetron kunt u bijzonder snel gerechten be-reiden, verwarmen, bakken of ontdooien. 11. 1 Vormen en accessoires met magnetronOm uw gerechten gelijkmatig op te warmen en het ap-paraat niet te beschadigen, dient u uitsluitend geschik-te vormen en accessoires te gebruiken. Houd u aan de aanwijzingen van de fabrikant van uwvormen in acht. Indien niet anders aangegeven, de vormen en acces-soires inschuiven op hoogte 1. Vormen en accessoires die geschikt zijn voor demagnetronVormen van hitte- en magnetronbestendig materiaal:¡Glas¡Glaskeramiek¡Porselein¡Temperatuurbestendige kunststof¡Volledig geglazuurd keramiek zonder barsten¡ServeervormenVormen met gouddecor of zilverdecor alleen gebrui-ken als de fabrikant de geschiktheid voor gebruik inde magnetron garandeert. ¡Meegeleverd roosterPlaten, bijv.
de universele braadslede of de bak-plaat, kunnen bij puur magnetrongebruik vonkenvormen en zijn niet geschikt. Deze materialen laten microgolven door en worden nietbeschadigd.
Ventilatiefunctie "Knapperig laagje" nl196. Om de vooringestelde tijsduur te wijzigen op de be-treffende tijdswaarde drukken, bijv. minutenindicatie"m" of secondenindicatie "s". aDe geselecteerde waarde is blauw gemarkeerd. 7. De tijdsduur met de instelring instellen. Reset indien nodig de instelwaarde met. 8. Om de ingestelde tijdsduur te bevestigen op het dis-play op drukken. 9. Start de werking met. aDe magnetron start en de tijdsduur loopt af. Bij hetmaximale magnetronvermogen "boost" geeft het dis-play de vermogensreductie aan. →"Magnetronvermogen", Pagina12aWanneer de tijdsduur is verstreken klinkt er een ge-luidssignaal. Op het display verschijnt een aanwij-zing dat de werking is beëindigd. 10. Wanneer de tijdsduur is verstreken:‒Indien nodig kunt u verdere instellingen invoerenen de werking opnieuw starten. ‒Schakel het apparaat uit met wanneer het ge-recht klaar is. 11.
Als u de droogfunctie voor de magnetron in de ba-sisinstellingen hebt uitgeschakeld en zich in de bin-nenruimte condens heeft gevormd, dan de binnen-ruimte drogen. →"Drogen", Pagina29Opmerking:Wanneer u de apparaatdeur opent tijdenshet gebruik, wordt de werking stopgezet. Als u de ap-paraatdeur sluit, moet u de werking voortzetten. Heeft ude basisinstelling hiervoor gewijzigd, zorg er dan voordat de magnetron niet verder loopt terwijl hij leeg is. →"Basisinstellingen", Pagina22Magnetronvermogen wijzigenU kunt het magnetronvermogen te allen tijde wijzigen. 1. Op het display op drukken. 2. Op het magnetronvermogen drukken. 3. Het magnetronvermogen met de instelring wijzigen. 4. Om de wijziging te bevestigen, op het display op drukken. aDe wijziging wordt overgenomen. Tijdsduur wijzigenU kunt de tijdsduur altijd wijzigen. 1. Op het display op drukken. 2. Op de tijdsduur drukken. 3.
4 Magnetron bijschakelen instellenOpmerking:Zorg voor de juiste omgang met de magnetron:¡→"Veiligheid", Pagina2¡→"Materiële schade vermijden", Pagina7¡→"Magnetronvermogen", Pagina12¡→"Vormen en accessoires met magnetron",Pagina17Vereiste:Let op de informatie bij de betreffende func-tie. →"Instelmogelijkheden met magnetron", Pagina181. In het menu op de gewenste functie drukken. 2. De instellingen voor de functie invoeren, bijv. ver-warmingsmethode en temperatuur. 3. Op "Bijgeschakelde magnetron" drukken. 4. Het magnetronvermogen met de instelring instellen. 5. Om het ingestelde magnetronvermogen te bevesti-gen, op het display op drukken. 6. Op "Tijdsduur" drukken en de tijdsduur instellen. 7. Start de werking met. aHet apparaat begint op te warmen en de tijdsduurloopt af. aWanneer de tijdsduur is verstreken, klinkt er een ge-luidssignaal.
Op het display verschijnt een aanwij-zing dat de werking is beëindigd. 8. Wanneer de tijdsduur is verstreken:‒Indien nodig kunt u verdere instellingen invoerenen de werking opnieuw starten. ‒Schakel het apparaat uit met wanneer het ge-recht klaar is. Bijgeschakelde magnetron wijzigenU kunt de bijgeschakelde magnetron altijd wijzigen ofdeactiveren. 1. Op het display op drukken. 2. Op het magnetronvermogen drukken. 3. De bijgeschakelde magnetron met de instelring wij-zigen of deactiveren. 4. Om de wijziging te bevestigen, op het display op drukken. aDe wijziging wordt overgenomen. 12 Ventilatiefunctie "Knapperig laagje"De ventilatiefunctie "Knapperig laagje" onttrekt vochtuit de binnenruimte, zodat uw gerecht knapperig wordt. De hoeveelheid hete stoom welke kan ontspannen bijhet openen van de deur, wordt gereduceerd. 12.
Bij de volgende verwarmingsmethoden kunt u deventilatiefunctie gebruiken:¡4Dhetelucht¡Boven- en onderwarmte¡Circulatiegrillen¡Pizzastand12. 2 Ventilatiefunctie instellenU kunt de ventilatiefunctie te allen tijde bijschakelen,ook na aanvang van de werking. 1. Stel een geschikte verwarmingsmethode en tempe-ratuur in. Indien nodig kunt u meer instellingen invoeren enmet de ventilatiefunctie combineren. 2. Op "Knapperig laagje" drukken. aHet symbool is rood verlicht. 3. Start de werking met.
nl Kinderslot2215 KinderslotBeveilig uw apparaat, zodat kinderen het niet per onge-luk inschakelen of instellingen eraan kunnen wijzigen. 15. 1 Kinderslot activerenU kunt het kinderslot activeren terwijl het apparaat in-of uitgeschakeld is. ▶Houd ca. 4 seconden lang ingedrukt om het kin-derslot te activeren. aOp het display verschijnt een aanwijzing ter bevesti-ging. aHet bedieningspaneel is geblokkeerd. Het apparaatkan alleen met worden uitgeschakeld. aAls het apparaat is ingeschakeld, brandt. Wan-neer het apparaat uitgeschakeld is, is niet ver-licht. 15. 2 Kinderslot deactiverenU kunt het kinderslot op elk gewenst moment deactive-ren. 1. Op een willekeurige plaats op het display drukken. 2. Om het kinderslot te deactiveren:‒De aanwijzing in het display opvolgen, zodat dering zich volledig wordt gevuld. ‒Of ca. 4seconden lang ingedrukt houden.
aOp het display verschijnt een aanwijzing ter bevesti-ging. 16 BasisinstellingenU kunt de basisinstellingen van uw apparaat volgensuw wensen instellen. 16. 1 Overzicht van de basisinstellingenHier vindt u een overzicht van de basis- en fabrieksin-stellingen. De basisinstellingen zijn afhankelijk van deuitvoering van uw apparaat. Meer informatie over de afzonderlijke basisinstellingenkrijgt u op het display met "Info". Basisinstellin-genKeuzeTaal Zie de keuze op het apparaat. HomeConnect De oven met een mobiel eindappa-raat verbinden en op afstand bestu-ren. →"HomeConnect ", Pagina23Tijd Tijd in het 24h-formaat. Display KeuzeHelderheid Standen 1, 2, 3, 4 en 5¡1Standby-indi-catie¡Aan, qua tijd gelimiteerd¡Aan (deze instelling verhoogt hetenergieverbruik)¡Uit1Tijd Digitaal¡1¡AnaloogAfstelling Display horizontaal en verticaal¡stellen.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Bosch CMG7761B1 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Magnetron Bosch
Handleiding Magnetron
Nieuwste handleidingen voor Magnetron
