BMW S 1000 RR (2023) Handleiding

BMW Motor S 1000 RR (2023)

Bekijk gratis de handleiding van BMW S 1000 RR (2023) (308 pagina’s), behorend tot de categorie Motor. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 16 mensen en kreeg gemiddeld 4.9 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over BMW S 1000 RR (2023) of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/308
HANDLEIDING
S1000RR
BMW
MOTORRAD
MAKELIFEARIDE

Beoordeel deze handleiding

4.9/5 (2 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: BMW
Categorie: Motor
Model: S 1000 RR (2023)

Handleiding BMW S 1000 RR (2023) – volledige tekst

01 ALGEMENEAANWIJZINGEN 2Oriëntatie 4Afkortingen en symbo-len 4Uitvoering 5Technische gegevens 5Actualiteit 6Meer informatiebronnen 6Certificaten en type-goedkeuringen 6Gegevensgeheugen 6Intelligent noodop-roepsysteem 1202 OVERZICHTEN 16Overzicht links 18Overzicht rechts 20onder de buddyseatberijder 21Combischakelaar links 22Combischakelaarrechts 23Combischakelaarrechts 24Instrumentenpaneel 2503 AANDUIDINGEN 26Controle- en waarschu-wingslampjes 28TFT-display in het aan-zicht Pure Ride 29TFT-display in het me-nuscherm 30Controlelampjes 3104 GEBRUIK 60Contact-stuurslot 62Nooduitschakelings-schakelaar 63Intelligente noodop-roep 64Verlichting 66Dynamische tractie-controle (DTC) 69Rijmodus 70Dynamic DampingControl (DDC) 72Cruise control 73Hill Start Control (HSC) 76Shiftlight 78Diefstalbeveiligingsin-stallatie (DWA) 78Bandenspanningscon-trole (RDC) 80Handvatverwarming 80Buddyseat berijder enduo-buddyseat 8105 TFTDISPLAY 84Algemeneaanwijzingen 86Principe 87Aanzicht Pure Ride 94Instellingen 95Bluetooth 96Mijn voertuig 99Boordcomputer 102Navigatie 102

4 ALGEMENE AANWIJZINGENORIËNTATIEDe nadruk is gelegd op eensnelle oriëntatie in deze hand-leiding. Het snelst vindt u be-paalde onderwerpen via de in-dex aan het eind. Als u eersteen overzicht van de motor-fiets wilt hebben, vindt u datin hoofdstuk 2. In het hoofd-stuk Service worden alle uit-gevoerde onderhouds- en re-paratiewerkzaamheden ge-documenteerd. Voor coulan-ceregelingen is het absoluutnoodzakelijk dat kan wordenaangetoond dat de vereiste on-derhoudswerkzaamheden zijnuitgevoerd.AFKORTINGEN EN SYMBO-LENVOORZICHTIG Gevaarmet laag risico. Niet ver-mijden kan leiden tot gering ofmatig letsel.WAARSCHUWING Ge-vaar met gemiddeld risico.Niet vermijden kan leiden totde dood of ernstig letsel.GEVAAR Gevaar methoog risico. Niet vermij-den leidt tot de dood of ernstigletsel.ATTENTIE Bijzondereaanwijzingen en veilig-heidsmaatregelen.

Niet op-volgen kan de motorfiets ofaccessoires beschadigen endaarmee tot uitsluiting van degarantie leiden.Speciale aanwijzingenvoor een betere hante-ring bij bedienings-, controle-en afstelprocedures alsmedeverzorgingswerkzaamheden.Werkinstructie.Resultaat van een re-paratieactiviteit.Verwijst naar een pa-gina met extra infor-matie.Geeft het einde vanaccessoire- of uitrus-tingsafhankelijke infor-matie aan.Aanhaalmoment.Technische gegevens.LU Landuitvoering.

Wijvragen uw begrip voor het feitdat er ook uitrustingsvariantenworden beschreven die u mo-gelijk niet hebt geselecteerd.Tevens zijn landspecifiekeafwijkingen van de afgebeeldemotorfiets mogelijk.Als uw motorfiets niet beschre-ven uitvoeringen bevat, vindt ude beschrijving ervan in een af-zonderlijke handleiding.TECHNISCHE GEGEVENSAlle gegevens t.a.v. maten, ge-wichten en prestaties in dehandleiding hebben betrekkingop het Deutsches Institut fürNormung e. V. (DIN) en zijn in-clusief de hierdoor gehanteerdetoleranties.Technische gegevens enspecificatie in deze handleidingdienen ter indicatie. Devoertuigspecifieke gegevenskunnen daarvan afwijken, bijv.op grond van geselecteerdespeciale uitrustingen, delanduitvoering of landspecifiekemeetprocedures. Gede-tailleerde waarden kunnenworden ontleend aan dekentekenbewijsdocumenten ofbij uw BMW Motorrad Partnerof een andere gekwalificeerde

7krijgbaar bij de fabrikant vanhet voertuig, bijv. via een af-zonderlijke brochure.PersoonsgebondenheidElk voertuig is voorzien van eeneenduidig voertuigidentifica-tienummer. Landspecifiek kanmet behulp van het voertuigi-dentificatienummer, het ken-teken en de verantwoordelijkeautoriteiten de voertuigbezit-ter worden bepaald. Bovendienzijn er andere mogelijkhedenom uit de in het voertuig ver-gaarde gegevens de berijderof voertuigbezitter af te leiden,bijv.

via de ConnectedDrive ac-count die wordt gebruikt.Rechten m.b.t.gegevensbeveiligingVoertuiggebruikers hebbenconform het geldende rechtinzake gegevensbeveiliging be-paalde rechten ten aanzien vande fabrikant van het voertuigof ten aanzien van onderne-mingen die persoonsgebondengegevens vergaren of verwer-ken.Voertuiggebruikers hebben eenkosteloos en omvattend rechtop informatie ten aanzien vaninstanties die persoonsgebon-den gegevens over de voertuig-gebruiker opslaan.Deze instanties kunnen zijn:Fabrikant van het voertuigGekwalificeerde servicepart-nersVakwerkplaatsenServiceprovidersVoertuiggebruikers mogen vra-gen om informatie welke per-soonsgebonden gegevens zijnopgeslagen, voor welk doel degegevens worden gebruikt enwaarvandaan de gegevens af-komstig zijn.

Voor het verkrij-gen van deze informatie moeteen bewijs van houderschap ofgebruik worden overlegd.Het recht op informatie om-vat tevens informatie met be-trekking tot gegevens die aanandere ondernemingen of in-stanties zijn doorgegeven.Op de webpagina van de fa-brikant van het voertuig vindtu de telkens toepasselijke pri-vacyverklaringen. Deze priva-cyverklaringen bevatten infor-matie over het recht op wissenof corrigeren van gegevens.De fabrikant van het voertuigvermeldt op internet ook zijncontactgegevens en die van detoezichthouder voor gegevens-bescherming.De voertuigeigenaar kan bijeen BMW Motorrad Partnerof een andere gekwalificeerde

8 ALGEMENE AANWIJZINGENservicepartner of een vakwerk-plaats eventueel tegen betalingde in het voertuig opgeslagengegevens laten uitlezen.Voor het uitlezen wordt dewettelijk voorgeschreven stek-ker voor diagnosecontactdoos(OBD) in het voertuig gebruikt.Wettelijke vereisten inzakede openbaarmaking vangegevensDe fabrikant van het voertuig isin het kader van het geldenderecht verplicht om bij hem op-geslagen gegevens aan de au-toriteiten beschikbaar te stel-len. Dit beschikbaar stellen vangegevens in de vereiste mategebeurt in specifieke gevallen,bijv.

voor het ophelderen vaneen misdrijf.Overheidsinstanties zijn in hetkader van het geldende rechtbevoegd om in specifieke ge-vallen zelf gegevens uit hetvoertuig uit te lezen.Bedrijfsgegevens in hetvoertuigVoor het bedrijf van het voer-tuig verwerken regeleenhedengegevens.Hiertoe behoren bijv.:Statusmeldingen van het voer-tuig en de afzonderlijke com-ponenten ervan, bijv. wieltoe-rental, wielomtreksnelheid,bewegingsvertragingOmgevingsfactoren, bijv. tem-peratuurDe verwerkte gegevens wordenalleen in het voertuig zelf ver-werkt en zijn doorgaans vluch-tig. De gegevens worden nietlanger dan de bedrijfstijd opge-slagen.Elektronische componenten,bijv. regeleenheden, bevattencomponenten voor het op-slaan van technische informa-tie.

Deze kunnen informatieover voertuigtoestand, com-ponentbelasting, voorvallen ofstoringen tijdelijk of permanentopslaan.Deze informatie documenteertin het algemeen de toestandvan een component, een mo-dule, een systeem of de omge-ving, bijv.:Bedrijfstoestanden van sys-teemcomponenten, bijv. vul-peilen, bandenspanningswaar-denStoringen en defecten in be-langrijke systeemcomponen-ten, bijv. licht en remmenReacties van het voertuig inspeciale rijsituatie, bijv. active-

9ren van de rijdynamieksyste-menInformatie over voorvallen metschade aan het voertuigDe gegevens zijn noodzakelijkvoor het uitvoeren van de re-geleenheidfuncties. Bovendiendienen deze voor het herken-nen en het verhelpen van sto-ringen en het optimaliseren vanvoertuigfuncties door de fabri-kant van het voertuig.Deze gegevens zijn grotendeelsvluchtig en worden in het voer-tuig zelf verwerkt. Slechts eenklein deel van de gegevenswordt afhankelijk van de aan-leiding opgeslagen in voorval-of storingsgeheugens.Bij een beroep op onderhouds-activiteiten, bijv. reparaties, on-derhoudsprocessen, garantie-claims en kwaliteitsborgings-maatregelen, kan deze techni-sche informatie samen met hetvoertuigidentificatienummer uithet voertuig worden uitgelezen.Het uitlezen van de informatiekan door een BMW MotorradPartner of een andere gekwali-ficeerde servicepartner of eenvakwerkplaats gebeuren.

Voorhet uitlezen wordt de wettelijkvoorgeschreven stekker voordiagnosecontactdoos (OBD) inhet voertuig gebruikt.De gegevens worden door debetreffende functionarissenvan het dealernetwerk ver-gaard, verwerkt en gebruikt.De gegevens documenterentechnische toestanden van hetvoertuig, helpen bij het storing-zoeken, het nakomen van ga-rantieverplichtingen en bij dekwaliteitsverbetering.Daarenboven heeft de fabri-kant productobservatieplichtenkrachtens het productaanspra-kelijkheidsrecht. Voor het na-komen van deze plichten heeftde fabrikant van het voertuigtechnische gegevens uit hetvoertuig nodig.

De gegevensuit het voertuig kunnen ookworden gebruikt om garantie-claims van de klant te controle-ren.Storings- en voorvalgeheugensin het voertuig kunnen in hetkader van reparatie- of ser-vicewerkzaamheden bij eenBMW Motorrad Partner of eenandere gekwalificeerde service-partner of een vakwerkplaatsworden teruggezet.Gegevensinvoer engegevensoverdracht in hetvoertuigAlgemeen

10 ALGEMENE AANWIJZINGENAfhankelijk van de uitvoeringkunnen comfortinstellingen enpersoonlijke instellingen in hetvoertuig worden opgeslagen ente allen tijde worden gewijzigdof gereset.Gegevens kunnen evt. in hetentertainment- en communi-catiesysteem van het voertuigworden ingevoerd, bijv. via eensmartphone.Daartoe behoren afhankelijkvan de betreffende uitvoering:Multimediagegevens, zoalsmuziek voor afspelenAdresboekgegevens voor ge-bruik in combinatie met eencommunicatiesysteem of eengeïntegreerd navigatiesys-teemIngevoerde navigatiebestem-mingenGegevens m.b.t. het gebruikvan internetservices. Dezegegevens kunnen lokaal inhet voertuig worden opgesla-gen, of ze staan op een ap-paraat dat met het voertuig isverbonden, bijv. smartphone,USB-stick, MP3-speler.

Alsdeze gegevens in het voertuigworden opgeslagen, kunnendeze te allen tijde worden ge-wist.Deze gegevens worden uitslui-tend op persoonlijke wens inhet kader van het gebruik vanonlinediensten doorgegevenaan derden. Dit is afhankelijkvan de geselecteerde instel-lingen bij het gebruik van dediensten.Integratie van mobieleeindapparatenAfhankelijk van de uitvoeringkunnen met het voertuig ver-bonden mobiele eindappara-ten, bijv. smartphones, via debedieningselementen van hetvoertuig worden aangestuurd.Daarbij kunnen beeld en ge-luid van het mobiele eindappa-raat via het multimediasysteemworden uitgevoerd. Tegelijker-tijd wordt er bepaalde infor-matie aan het mobiele eindap-paraat overgedragen. Afhan-kelijk van het soort integratiebehoren daartoe bijv. positie-gegevens en andere algemenevoertuiginformatie.

11het besturingssysteem van hetmobiele eindapparaat.DienstenAlgemeenAls het voertuig een draadlozeverbinding heeft, maakt dezehet uitwisselen van gegevenstussen het voertuig en anderesystemen mogelijk. De draad-loze verbinding wordt mogelijkgemaakt door een zend- enontvangstmodule in het voer-tuig zelf of via persoonlijk in-gebrachte mobiele eindappa-raten, bijv. smartphones. Viadeze draadloze verbinding kun-nen zogenaamde onlinefunctiesworden gebruikt. Dit zijn ondermeer onlinediensten en appsvan de fabrikant van het voer-tuig of van andere providers.Diensten van devoertuigfabrikantBij onlinediensten van de fa-brikant van het voertuig wor-den de betreffende functiesbeschreven in de betreffendebron, bijv. handleiding, webpa-gina van de fabrikant. Deze be-vat ook de relevante informatieover rechten m.b.t. gegevens-beveiliging.

Voor het verlenenvan onlinediensten kunne per-soonsgebonden gegevens wor-den gebruikt. Gegevens wor-den uitgewisseld via een veiligeverbinding, bijv. met de daar-voor bedoelde IT-systemen vande fabrikant van het voertuig.Het vergaren, verwerken en ge-bruiken van persoonsgebon-den gegevens tot verder danhet verlenen van diensten ge-beurt uitsluitend op basis vaneen wettelijk toestemming,een contractuele afspraak of opgrond van een inwilliging. Hetis ook mogelijk om de gehelegegevensverbinding te latenactiveren of deactiveren. Dewettelijk voorgeschreven func-ties zijn hiervan uitgesloten.Diensten van andere providersBij het gebruik van onlinedien-sten van andere providers val-len deze diensten onder de ver-antwoordelijkheid en de gege-vensbeveiligings- en gebruiks-voorwaarden van de betref-fende provider. De fabrikantvan het voertuig heeft geeninvloed op de daarbij uitge-wisselde content.

Informatieover het soort, de omvang enhet doel van het vergaren engebruiken van persoonsgebon-den gegevens in het kader vandiensten van derden kan wor-den opgevraagd bij de betref-fende provider.

bij ongevallen.De noodoproepen worden aan-genomen door een alarmcen-trale in opdracht van de voer-tuigfabrikant.Voor informatie over de wer-king van het intelligente nood-oproepsysteem en de functieservan zie ( 64).Juridische grondslagDe verwerking van persoons-gebonden gegevens via het in-telligente noodoproepsysteemis conform de volgende voor-schriften:Bescherming van persoons-gebonden gegevens: Richtlijn95/46/EG van het EuropeesParlement en de Raad.Bescherming van persoons-gebonden gegevens: Richtlijn2002/58/EG van het Euro-pees Parlement en de Raad.De juridische grondslag voorde activering en werking vanhet intelligente noodoproep-systeem zijn de afgeslotenConnectedRide overeenkomstvoor deze functie en de betref-fende wetgeving, verordenin-gen en richtlijnen van het Euro-pees Parlement en de EuropeseRaad.De betreffende verordeningenen richtlijnen regelen de be-scherming van natuurlijke per-sonen bij de verwerking vanpersoonsgebonden gegevens.De verwerking van persoonsge-bonden gegevens door het in-telligente noodoproepsysteemis conform de Europese richt-lijnen inzake bescherming vanpersoonsgebonden gegevens.Het intelligente noodoproep-systeem verwerkt persoonsge-bonden gegevens alleen mettoestemming van de voertuig-bezitter.Het intelligente noodoproep-systeem en andere dienstenmet aanvullend nut mogen per-soonsgebonden gegevens al-leen verwerken op basis vande uitdrukkelijke toestemmingvan de persoon die de gege-vensverwerking betreft, bijv.

13SIM-kaartHet intelligente noodoproep-systeem werkt via de in hetvoertuig ingebouwde SIM-kaartover het mobiele netwerk. DeSIM-kaart is permanent aan-gemeld bij het mobiele-tele-foonnetwerk, om een snelleverbindingsopbouw mogelijk temaken. De gegevens wordenbij een noodgeval aan de voer-tuigfabrikant verzonden.Verbetering van de kwaliteitDe bij een noodoproep overge-dragen gegevens worden doorde fabrikant van het voertuigook gebruikt ter verbeteringvan de product- en servicekwa-liteit.PositiebepalingDe positie van het voertuig kanop basis van de mobiele-tele-fooncellen uitsluitend wordenbepaald door de provider vanhet mobiele-telefoonnetwerk.Een koppeling tussen chassis-nummer en telefoonnummervan de gemonteerde SIM-kaartis voor de provider niet moge-lijk.

Uitsluitend de fabrikant vanhet voertuig kan de koppelingtussen het framenummer enhet telefoonnummer van de in-gebouwde SIM-kaart maken.Log-gegevens van denoodoproepenDe log-gegevens van de nood-oproepen worden opgeslagenin een geheugen in het voer-tuig. De oudste log-gegevensworden regelmatig gewist. Delog-gegevens bevatten bijv. in-formatie over wanneer en waarer een noodoproep is gedaan.De log-gegevens kunnen inuitzonderingsgevallen uit hetvoertuiggeheugen worden uit-gelezen.

In dat geval wordenlog-gegevens alleen uitgelezenop gerechtelijk bevel en dit isalleen mogelijk als de betref-fende apparaten rechtstreeksop het voertuig worden aange-sloten.Automatische noodoproepHet systeem is zodanig gecon-figureerd dat er bij een onge-val vanaf een zekere mate vanernst, dat door sensoren in hetvoertuig wordt herkend, auto-matisch een noodoproep wordtgeactiveerd.Verzonden informatieBij een noodoproep door hetintelligente noodoproepsys-teem wordt dezelfde informa-tie doorgegeven aan de be-treffende alarmcentrale als bijhet wettelijk verplichte nood-

14 ALGEMENE AANWIJZINGENoproepsysteem eCall aan deopenbare reddingsdienst.Bovendien wordt door het in-telligente noodoproepsysteemde volgende aanvullende infor-matie aan een alarmcentrale inopdracht van de voertuigfabri-kant verzonden en evt. door-gestuurd aan de openbare red-dingsdienst:Ongevalgegevens, bijv. dedoor de voertuigsensoren her-kende botsrichting, om de in-zetplanning van de reddings-diensten te vergemakkelijken.Contactgegevens, zoals hettelefoonnummer van de in-gebouwde SIM-kaart en hettelefoonnummer van de berij-der, mits beschikbaar, om zonodig snel contact met de bijhet ongeval betrokken perso-nen mogelijk te maken.GegevensopslagDe gegevens van een geacti-veerde noodoproep wordenopgeslagen in het voertuig.

Degegevens bevatten informa-tie over de noodoproep, bijv.plaats en tijd van de noodop-roep.De geluidsopnamen van hetnoodoproepgesprek wordenopgeslagen bij de alarmcen-trale.De geluidsopnamen van deklant worden gedurende 24uur opgeslagen, als er detailsvan de noodoproep moetenworden geanalyseerd. Daarnaworden de geluidsopnamengewist. De geluidsopnamenvan de medewerker van dealarmcentrale worden voorkwaliteitsdoeleinden gedurende24 uur opgeslagen.Informatie overpersoonsgebonden gegevensDe in het kader van de intelli-gente noodoproep verwerktegegevens worden uitsluitendverwerkt voor het doen van denoodoproep. De fabrikant vanhet voertuig verschaft in het ka-der van de wettelijke verplich-ting informatie over de doorhem verwerkte en evt.

31CONTROLELAMPJESWeergaveWaarschuwingen worden doorhet betreffende waarschu-wingslampje weergegeven.Waarschuwingen worden doormiddel van het algemene waar-schuwingslampje in combina-tie met een dialoogveld op hetTFT-display weergegeven. Af-hankelijk van de ernst van dewaarschuwing gaat het alge-mene waarschuwingslampjerood of geel branden.Het algemene waarschu-wingslampje wordt samenmet de waarschuwing met dehoogste prioriteit weergegeven.Een overzicht van de mogelijkewaarschuwingen vindt u op devolgende pagina's.Check-Control-displayDe meldingen op het displayzien er verschillend uit. Afhan-kelijk van de prioriteit wordener verschillende kleuren en te-kens gebruikt:Groene CHECK OK 1: Geenmelding, waarde optimaal.Witte cirkel met kleine letter"i" 2: Informatie.Gele gevarendriehoek 3:Waarschuwingsmelding,waarde niet optimaal.Rode gevarendriehoek 3:Waarschuwingsmelding,waarde kritisch

32 AANDUIDINGENWeergave van waardenDe symbolen 4 zien er ver-schillend uit. Afhankelijk vande beoordeling worden er ver-schillende kleuren gebruikt. Inplaats van numerieke waar-den 8 met eenheden 7 wordener ook teksten 6 weergegeven:Kleur van het symboolGroen: (OK) Huidige waardeis optimaal.Blauw: (Cold!) Huidige tem-peratuur is te laag.Geel: (Low!/High!) Huidigewaarde is te laag of te hoog.Rood: (Hot!/High!) Huidigetemperatuur of waarde is tehoog.Wit: (---) Er is geen geldigewaarde aanwezig. In plaatsvan de waarde worden erstreepjes 5 weergegeven.De beoordeling van deafzonderlijke waarden isdeels pas vanaf een bepaalderitduur of snelheid mogelijk.Als een meetwaarde nog nietweergegeven kan worden, om-dat niet aan de voorwaardenvoor de meting is voldaan, wor-den in plaats daarvan streepjesweergegeven.

Zolang er geengeldige meetwaarde beschik-baar is, volgt er ook geen be-oordeling in de vorm van eengekleurd symbool.Check-Control-dialoogvensterMeldingen worden als Check-Control-dialoogvenster 1 weer-gegeven.Als er meerdere Check-Con-trol-meldingen met dezelfdeprioriteit aanwezig zijn, wis-selen de meldingen elkaar opvolgorde van optreden af totze worden bevestigd.Als het symbool 2 actiefwordt weergegeven, kan demelding worden bevestigddoor de Multi-Controller naarlinks te drukken.Check-Control-meldingenworden dynamisch als extratabblad aan de pagina's in

41WAARSCHUWINGUitval van de voertuigsyste-menGevaar voor ongevallenNiet verder rijden.De accu wordt niet opgeladen.De voertuigelektronica ontlaadtde accu.Mogelijke oorzaak:Storing dynamo, accu defect ofzekering doorgebrand.De storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.Lampstoringbrandt geel.De defecte lamp wordtweergegeven:Grootlicht defect!Richtingaanwijzerlinksvoor defect!of. Richtingaanwijzerrechtsvoor defect!Dimlicht defect!Stadslicht voor de-fect!Achterlicht defect!Remlicht defect!Richtingaanwijzerlinksachter defect!of.

Richtingaanwijzerrechtsachter defect!Kentekenverlichtingdefect!Door specialist latencontroleren.knippert geel.De defecte lamp wordtweergegeven:Actieve koplamp de-fect.WAARSCHUWINGDe motorfiets wordt niet ge-zien in het wegverkeer dooruitvallen van de verlichtingvan de motorfietsVeiligheidsrisicoEen defecte gloeilamp zosnel mogelijk vervangen.Hiervoor contact opnemenmet een specialist, bij voor-keur een BMW Motorraddealer.

Door spe-cialist laten controle-ren.WAARSCHUWINGDe motorfiets wordt niet ge-zien in het verkeer door uit-val van de voertuigverlich-tingVeiligheidsrisicoDe storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats la-ten verhelpen, bij voorkeureen BMW Motorrad Partner.De voertuigverlichting is ge-deeltelijk of volledig uitgevallen.Mogelijke oorzaak:De verlichtingsregeling heefteen communicatiefout ontdekt.De storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.DWA-accu zwakmet alarmsysteem (DWA)SUDWA-accucapaciteitzwak. Geen beperkin-gen. Maak een afspraakbij een specialist.Deze storingsmeldingwordt gedurende kortetijd alleen aansluitend op dePre-Ride-Check weergegeven.Mogelijke oorzaak:De DWA-accu heeft niet meerzijn volledige capaciteit.

43DWA-accu leegmet alarmsysteem (DWA)SUDWA-accu ontladen.Autoalarm niet ac-tief. Maak een afspraakbij een specialist.Deze storingsmeldingwordt gedurende kortetijd alleen aansluitend op dePre-Ride-Check weergegeven.Mogelijke oorzaak:De DWA-accu heeft geen capa-citeit meer. De werking van deDWA is bij een losgekoppeldevoertuigaccu niet meer gewaar-borgd.Contact opnemen met eenvakwerkplaats, bij voorkeureen BMW Motorrad Partner.DWA uitgevallenmet alarmsysteem (DWA)SUDWA uitgevallen.Door specialist la-ten controleren.Mogelijke oorzaak:De DWA-regeleenheid heefteen communicatiestoring gere-gistreerd.Contact opnemen met eenvakwerkplaats, bij voorkeureen BMW Motorrad Partner.De DWA kan niet meer wor-den geactiveerd of gedeacti-veerd.Vals alarm mogelijk.Motortemperatuur hoogbrandt geel.Motortemp. hoog!

44 AANDUIDINGENAls de motortemperatuur va-ker te hoog is, de storing zosnel mogelijk laten verhelpendoor een vakwerkplaats, bijvoorkeur een BMW MotorradPartner.Motor oververhitbrandt rood.Motor oververhit!Voorzichtig stoppenen de motor afzetten.LET OPRijden met oververhitte mo-torMotorschadeBeslist de hieronder ver-melde punten in acht ne-men.Mogelijke oorzaak:Het koelvloeistofpeil is te laag.Koelvloeistofpeil controleren.( 210)Als het koelvloeistofpeil te laagis:Motor laten afkoelen.Koelvloeistof bijvullen.Het koelsysteem dooreen vakwerkplaats latencontroleren, het beste dooreen BMW Motorrad Partner.Mogelijke oorzaak:De motor is oververhit.Voorzichtig stoppen en demotor afzetten, wachten totde motor afgekoeld is.Als de motor vaker oververhitraakt, de storing zo snel mo-gelijk door een vakwerkplaatslaten verhelpen, bij voorkeureen BMW Motorrad Partner.Storing aandrijfsysteembrandt.Motor!

45knippert.Ernstige storing inde motorregeling!Rustig verder rijdenmog. Schade mogelijk.Door specialist latencontrol.Mogelijke oorzaak:De motorregeleenheid heefteen storing vastgesteld die totde beschadiging van het uit-laatsysteem kan leiden.De storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.Het is mogelijk verder te rij-den, maar dit is niet aan teraden.Motorregeling uitgevallenbrandt geel.brandt.Geen communicatiemet motorregeling.Meerdere syst. betrok-ken. Rij voorzichtignaar de dichtstbijz.specialist.Mogelijke oorzaak:De communicatie met de mo-torregeleenheid is uitgevallen.Verder rijden mogelijk. Destoring zo snel mogelijk dooreen vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.Motor in noodloopfunctiebrandt geel.Storing in de mo-torregeling. Rus-tig verder rijden mog.Rij voorzichtig naar dedichtstbijz.

46 AANDUIDINGENter niet zoals gewend ter be-schikking.De storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.Ernstige storing in demotorregelingknippert rood.Ernstige storing inde motorregeling!Rustig verder rijdenmog. Schade mogelijk.Door specialist latencontrol.WAARSCHUWINGBeschadiging van de motortijdens noodfunctieGevaar voor ongevallenLangzaam rijden, sterk acce-lereren en inhaalmanoeuvresvermijden.Indien mogelijk, voertuig la-ten ophalen en storingendoor een specialist laten ver-helpen, het liefst door eenBMW Motorrad Partner.Mogelijke oorzaak:De motorregeleenheid heefteen uitval gediagnosticeerd dietot ernstige gevolgstoringenkan leiden.

De motor bevindtzich in de noodloopfunctie.Het is mogelijk verder te rij-den, maar dit is niet aan teraden.Hoge belastingen en toeren-tallen zo mogelijk vermijden.De storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.Bandenspanningmet bandenspanningscontrole(RDC)SUVoor de weergave van de ban-denspanningen is er naast hetmenuvenster MIJN VOERTUIGen de Check-Control-meldin-gen ook het beeldvenster BAN-DENSPANNING:

47De waarden links hebben be-trekking op het voorwiel, dewaarden rechts op het achter-wiel.Boven de werkelijke en voor-geschreven bandenspanningenwordt het drukverschil weerge-geven.Meteen na het inschakelen vanhet contact worden er alleenstreepjes weergegeven. Deoverdracht van de bandenspan-ningswaarden begint pas nadatde volgende minimumsnelheidvoor het eerst is overschreden:RDC-sensor is niet actiefmin 30 km/h (Pas na over-schrijding van de minimum-snelheid verzendt de RDC-sensor zijn signaal aan hetvoertuig.)De bandenspanningenworden op het TFT-display met temperatuur-compensatie weergegevenen hebben altijd betrekkingop de volgende luchttempe-ratuur in de band:20 °CAls bovendien het band-symbool geel of roodwordt weergegeven, betreft heteen waarschuwing.

Het druk-verschil wordt gemarkeerd meteen uitroepteken in dezelfdekleur.Als de betreffende waardebinnen het grensgebiedvan de toelaatbare tolerantieligt, brandt bovendien het al-gemene waarschuwingslampjegeel.Als de gemeten banden-spanning buiten de toe-gestane tolerantie ligt, knipperthet algemene waarschuwings-lampje rood.Uitgebreide informatie over deBMW Motorrad RDC vindt uin het hoofdstuk Techniek indetail ( 192).

48 AANDUIDINGENBandenspanning in hetgrensgebied van detoelaatbare tolerantiebrandt geel.Bandenspanning nietop voorgeschr. Ban-denspanning controle-ren.Mogelijke oorzaak:De gemeten bandenspanningligt in het grensgebied van detoegestane tolerantie.Bandenspanning corrigeren.Vóór het aanpassen van debandenspanning de informatieover de temperatuurcompen-satie en over het aanpassenvan de bandenspanning in hethoofdstuk "Techniek in detail"ter harte nemen:met bandenspanningscontrole(RDC)SUTemperatuurcompensatie( 192)met bandenspanningscontrole(RDC)SUAanpassing van de banden-spanning ( 193)De voorgeschreven banden-spanningswaarden zijn op devolgende plaatsen te vinden:Achterkant omslag van dehandleidingInstrumentenpaneel in hetaanzicht BANDENSPANNINGBandenspanningstabelBandenspanning buiten detoelaatbare tolerantieknippert rood.Bandenspanning nietop voorgeschr. Met-een stoppen!

49satie en over het aanpassenvan de bandenspanning in hethoofdstuk "Techniek in detail"ter harte nemen:met bandenspanningscontrole(RDC)SUTemperatuurcompensatie( 192)met bandenspanningscontrole(RDC)SUAanpassing van de banden-spanning ( 193)De voorgeschreven banden-spanningswaarden zijn op devolgende plaatsen te vinden:Achterkant omslag van dehandleidingInstrumentenpaneel in hetaanzicht BANDENSPANNINGBandenspanningstabelDe band bij een vakwerk-plaats op beschadigingen la-ten controleren, bij voorkeurbij een BMW Motorrad Part-ner.Bij eventuele twijfel over debruikbaarheid van de band:Niet verder rijden.Pechdienst informeren.Overdrachtsstoring"---"Mogelijke oorzaak:Het voertuig heeft de mini-mumsnelheid niet bereikt( 192).RDC-sensor is niet actiefmin 30 km/h (Pas na over-schrijding van de minimum-snelheid verzendt de RDC-sensor zijn signaal aan hetvoertuig.)RDC-weergave in het ooghouden bij hogere snelheid.Pas als daarnaast het alge-mene waarschuwingslampjegaat branden, gaat het omeen permanente storing.

In ditgeval:De storing bij een vakwerk-plaats laten verhelpen, bijvoorkeur een BMW MotorradPartner.Mogelijke oorzaak:De radioverbinding met deRDC-sensoren is verstoord.Mogelijke oorzaak is radiogra-fische apparatuur in de omge-ving die de verbinding tussende RDC-regeleenheid en desensoren stoort.RDC-weergave in een andereomgeving observeren. Pas alsdaarnaast het algemene waar-schuwingslampje gaat bran-

50 AANDUIDINGENden, gaat het om een perma-nente storing. In dit geval:De storing bij een vakwerk-plaats laten verhelpen, bijvoorkeur een BMW MotorradPartner.Sensor defect ofsysteemstoringbrandt geel."---"Mogelijke oorzaak:Er zijn wielen zonder RDC-sen-soren gemonteerd.Wielen met RDC-sensorenachteraf aanbrengen.Mogelijke oorzaak:Een of twee RDC-sensoren zijnuitgevallen of er is een sys-teemstoring aanwezig.De storing bij een vakwerk-plaats laten verhelpen, bijvoorkeur een BMW MotorradPartner.Bandenspanningscontrole(RDC) uitgevallenbrandt geel.Bandenspann.controleuitgevallen! Func-tie beperkt.

Motorstarten.Mogelijke oorzaak:De valsensor heeft herkend datde motorfiets is omgevallen enheeft de motor uitgeschakeld.Het voertuig overeind zettenen controleren op mogelijkebeschadigingen.Het contact uit- en weer in-schakelen of de nood-uit-schakelaar in- en weer uit-schakelen.Noodoproepfunctie beperktbeschikbaarmet intelligente noodop-roepSUbrandt geel.Noodoproep beperkt.Bij een herhaald op-treden door een garagelaten controleren.Mogelijke oorzaak:De noodoproep kan niet au-tomatisch of niet via BMW totstand worden gebracht.De informatie over de bedie-ning van de intelligente nood-oproep vanaf pagina ( 64)in acht nemen.Contact opnemen met eenvakwerkplaats, bij voorkeureen BMW Motorrad Partner.Mogelijke oorzaak:Stekkerverbinding losgenomen.Losgenomen stekkerverbin-ding aansluiten.

( 172)Noodoproepfunctieuitgevallenmet intelligente noodop-roepSUbrandt geel.Storing noodoproep.Maak een afspraakbij een specialist.Mogelijke oorzaak:De regeleenheid van het nood-oproepsysteem heeft een uitvalgediagnosticeerd. De noodop-roepfunctie is uitgevallen.

52 AANDUIDINGENIn acht nemen dat de nood-oproep niet kan worden ver-stuurd.Contact opnemen met eenvakwerkplaats, bij voorkeureen BMW Motorrad Partner.Mogelijke oorzaak:Stekkerverbinding losgenomen.Losgenomen stekkerverbin-ding aansluiten. ( 172)Storing zijstandaardbewakingbrandt geel.Bewaking zijstan-daard defect. Ver-der rijden mogelijk. Instand motorstop! Doorspecialist laten contro-leren.Mogelijke oorzaak:Zijstandaardschakelaarof bedrading bescha-digdDe motor wordt bij het over-schrijden van de minimum-snelheid uitgeschakeld.

In datgeval is rijden niet meer mo-gelijk.min 5 km/hContact opnemen met eenvakwerkplaats, bij voorkeureen BMW Motorrad Partner.ABS-zelfdiagnose nietbeëindigdknippert.Mogelijke oorzaak:ABS-zelfdiagnose nietvoltooidDe ABS-functie is niet be-schikbaar, omdat de zelf-diagnose niet is afgesloten.(Voor de controle van dewielsensoren moet de mo-torfiets een minimumsnelheidbereiken: min 5 km/h)Langzaam wegrijden. Er reke-ning mee houden dat tot hetafsluiten van de zelfdiagnosede ABS-functie niet beschik-baar is.ABS uitgeschakeldbrandt.Off!ABS gedeactiveerd.Mogelijke oorzaak:Het ABS-systeem is door deberijder uitgeschakeld.ABS-functie inschakelen.( 171)

De ABS-functie is niet beschikbaar.Verder rijden mogelijk.Nadere informatie overbijzondere situaties die toteen ABS-storingsmeldingkunnen leiden in acht nemen( 182).De storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.ABS Pro uitgevallenbrandt geel.brandt.ABS Pro uitgevallen!Rustig verder rij-den mog. Rij voorzich-tig naar de dichtstbijz.specialist.Mogelijke oorzaak:De bewaking van de ABS Pro-functie heeft een storing op-gemerkt. De ABS Pro-functieis niet beschikbaar. De ABS-functie blijft beschikbaar. ABSondersteunt alleen bij het rem-men bij rechtuitrijden.Verder rijden mogelijk.Nadere informatie overbijzondere situaties die een

54 AANDUIDINGENABS Pro-storingsmeldingkunnen veroorzaken in achtnemen ( 182).De storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.ABS-regeling alleen bij hetvoorwielmet rijmodi ProSUknippert niet regelmatig.Mogelijke oorzaak:De ABS-achterwielregeling is inde momenteel geselecteerderijmodus uitgeschakeld. Deachterwielrem kan het achter-wiel laten blokkeren.Instellingen van de rijmoduscontroleren.Voor meer informatie over deconfiguratie van de rijmodi,zie het hoofdstuk "Techniek indetail" ( 187).DTC-ingreepknippert snel.Mogelijke oorzaak:De DTC heeft een instabiliteitvan het achterwiel herkend envermindert het koppel.Het controle- en waarschu-wingslampje knippert langerdan dat de DTC-ingreep duurt.Daarmee heeft de berijder ookna de kritieke rijsituatie nogeen optische bevestiging vande uitgevoerde regeling.Verder rijden mogelijk.

Voor-uitziend rijden.DTC-zelfdiagnose nietbeëindigdknippert langzaam.Mogelijke oorzaak:DTC-zelfdiagnose nietvoltooidDe DTC-functie is niet be-schikbaar, omdat de zelf-diagnose niet is afgesloten.(Voor de controle van dewieltoerentalsensoren moetde motorfiets een minimum-snelheid met draaiende mo-tor bereiken: min 5 km/h)Langzaam wegrijden. Er reke-ning mee houden dat tot hetafsluiten van de zelfdiagnosede DTC-functie niet beschik-baar is.DTC uitgeschakeldbrandt.Off!Tractieregeling ge-deactiveerd.

Uitge-breide informatie over situa-ties die tot een DTC-storingkunnen leiden in acht nemen( 186).De storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.DTC Slide Control en BrakeSlide Assist uitgevallenmet rijmodi ProSUbrandt geel.Slide Control enBrake Slide Assistuitgevallen Door een ga-rage laten controleren.Mogelijke oorzaak:De stuurhoeksensor is defect ofde communicatie met de rege-leenheid vertoont een storing.De storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.DDC-storingmet Dynamic Damping Con-trol (DDC)SUbrandt geel.Veerpootverstel-ling defect! Rus-tig verder rijden mog.Rij voorzichtig naar dedichtstbijz.

57slechte rijbanen oncomforta-bel.Mogelijke oorzaak:Er is een DDC sensorstoringherkend.De storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.De semi-actieve functionaliteitis gedeactiveerd.Brandstofreserve bereiktTankreserve be-reikt. Meteen naartankstation rijden.WAARSCHUWINGOnregelmatig draaien, ofuitschakeling van de motorvanwege brandstofgebrekGevaar voor ongevallen, be-schadiging van de katalysatorDe benzinetank niet leegrij-den.Mogelijke oorzaak:In de brandstoftank bevindtzich nog maximaal de brand-stofreserve.BrandstofreserveCirca 4 lTanken. ( 143)Hill Start Control actiefwordt groen weergege-ven.Mogelijke oorzaak:De Hill Start Control ( 194)is door de berijder geactiveerd.Hill Start Control uitschakelen.Hill Start Control Pro bedie-nen.

( 134)Neutraalstand N inschakelen.De zijstandaard uitklappen enweer inklappen, daarbij niethet schakelpedaal bedienen.Alle versnellingen met kop-pelingsbediening schakelen.In de betreffende versnellingmeerdere malen de gashendelin de stationaire stand bren-gen en vervolgens weer acce-lereren.De versnellingsindicator stoptmet knipperen als de versnel-lingssensor is ingeleerd.Als de versnellingssensor vol-ledig is ingeleerd, werkt deschakelassistent Pro zoals be-schreven ( 193).Als de inleerprocedure mis-lukt, de storing door een vak-werkplaats laten verhelpen, bijvoorkeur een BMW MotorradPartner.Alarmknipperlichteningeschakeldknippert groen.knippert groen.Mogelijke oorzaak:De alarmknipperlichten zijndoor de bestuurder ingescha-keld.Alarmlichtinstallatie bedienen.( 68)Launch Control niet gereedmet rijmodi ProSUShiftlight brandt of knippert.L-Con niet beschikb.Koppeling te heet.Mogelijke oorzaak:Het aantal mogelijke racestartsmet Launch Control werd over-schreden.Koppeling laten afkoelen.Launch Control bedienen.( 156)OnderhoudsmeldingAls de servicetermijn isoverschreden, gaat naastde datum- of kilometerweer-

59gave ook het algemene waar-schuwingslampje geel branden.Als de servicetermijn is over-schreden, verschijnt er een geleCheck-Control-melding. Bo-vendien worden de meldin-gen voor onderhoud, onder-houdsafspraken en resterendeafstand op de schermmenu'sMIJN VOERTUIG en BENO-DIGD ONDERHOUD gemarkeerdmet uitroeptekens.Als de onderhoudsmel-ding al meer dan éénmaand voor de onderhouds-datum wordt weergegeven,dan moet de actuele datum op-nieuw worden ingesteld. Dezesituatie kan zich voordoen wan-neer de accu losgekoppeld isgeweest.Onderhoud nodigwordt wit weergegeven.Onderhoud nodig!

Onder-houd bij een specialistlaten uitvoeren.Mogelijke oorzaak:Onderhoud is vanwege derijprestaties of de datumvereist.Onderhoud regelmatig dooreen specialist laten uitvoe-ren, bij voorkeur door eenBMW Motorrad dealer.De bedrijfs- en verkeersveilig-heid van het voertuig blijvenbehouden.Het best mogelijke waardebe-houd van het voertuig wordtverzekerd.Onderhoudsafspraakoverschredenbrandt geel.wordt geel weergegeven.Onderhoud te laat! On-derhoud bij een specia-list laten uitvoeren.Mogelijke oorzaak:Onderhoud is op basis van derijprestaties of de datum telaat.Onderhoud regelmatig dooreen specialist laten uitvoe-ren, bij voorkeur door eenBMW Motorrad dealer.De bedrijfs- en verkeersveilig-heid van het voertuig blijvenbehouden.Het best mogelijke waardebe-houd van het voertuig wordtverzekerd.

62 GEBRUIKCONTACT-STUURSLOTContactsleutelDe motorfiets wordt geleverdmet een radiografische sleutelen een reservesleutel. Bijverlies van de sleutel deaanwijzingen met betrekkingtot de elektronische wegrijbe-veiliging (EWS) ( 63) in achtnemen.Het contact-stuurslot, het tank-dopslot, alsmede het slot vande buddyseatafdekking wordenmet dezelfde sleutel bediend.Stuurslot vergrendelenHet stuur tot de aanslag naarlinks draaien.Contactsleutel in positie 1draaien, hierbij het stuur ietsbewegen.Contact, verlichting en allecircuits uitgeschakeld.Stuurslot vastgezet.De contactsleutel kan wordenverwijderd.Contact inschakelenContactsleutel in stand 1draaien.Stadslicht en alle circuits inge-schakeld.De motor kan worden gestart.Pre-Ride-Check wordt uitge-voerd. ( 135)De ABS zelfdiagnose wordtuitgevoerd. ( 135)De DTC zelfdiagnose wordtuitgevoerd.

63Elektronischewegrijbeveiliging (EWS)De elektronica in de motorfietsanalyseert via een ringantennein het contact-/stuurslot de inde contactsleutel opgeslagengegevens. Pas als de sleutel als"bevoegd" is herkend, wordthet starten vrijgegeven door demotorregeleenheid.Als er een tweede con-tactsleutel bevestigd isaan de contactsleutel om meete starten, kan de elektronica"geïrriteerd" raken en wordter geen toestemming gegevenvoor het starten van de motor.De contactsleutels altijd ge-scheiden van elkaar bewaren.Bij verlies van een van de con-tactsleutels kunt u deze dooruw BMW Motorrad partner la-ten blokkeren.Daartoe moet u alle andere bijde motorfiets behorende con-tactsleutels meebrengen. Meteen geblokkeerde sleutel kande motor niet meer wordengestart, maar een geblokkeerdesleutel kan wel weer wordenvrijgeschakeld.Reservesleutels zijn alleen viaeen BMW Motorrad Partnerverkrijgbaar.

Deze is verplichtuw legitimatie te controleren,omdat de sleutels onderdeelvan een veiligheidssysteem zijn.NOODUITSCHAKELINGS-SCHAKELAAR1 Nooduitschakelingsscha-kelaarWAARSCHUWINGBedienen van de noodstop-schakelaar tijdens het rijdenGevaar voor vallen door blok-kerend achterwielDe noodstopschakelaarnooit tijdens het rijdenbedienen.Met behulp van de nooduit-schakelingsschakelaar kan demotor op eenvoudige wijzesnel worden afgezet.

Dat is on-der andere afhankelijk van hetmobiele-telefoonnetwerk en denationale voorschriften.Taal voor noodoproepAan elk voertuig is, afhankelijkvan de markt waarvoor het isbestemd, een taal toegewezen.Het BMW Call Center meldtzich in deze taal.De taal voor de noodop-roep kan alleen door deBMW Motorrad partner wordengewijzigd. Deze aan het voer-tuig toegewezen taal onder-scheidt zich van de displaytalendie door de bestuurder op hetTFT-display kunnen worden ge-selecteerd.Handmatige noodoproepVoorwaardeEr is sprake van een noodgeval.De motorfiets staat stil. Hetcontact is ingeschakeld.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met BMW S 1000 RR (2023) stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden