BMW R 18 Transcontinental (2023) Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van BMW R 18 Transcontinental (2023) (284 pagina’s), behorend tot de categorie Motor. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 15 mensen en kreeg gemiddeld 4.7 sterren uit 9 reviews. Heb je een vraag over BMW R 18 Transcontinental (2023) of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | BMW |
| Categorie: | Motor |
| Model: | R 18 Transcontinental (2023) |
Handleiding BMW R 18 Transcontinental (2023) – volledige tekst
4 ALGEMENE AANWIJZINGENORIËNTATIEDe nadruk is gelegd op eensnelle oriëntatie in deze hand-leiding. Het snelst vindt u be-paalde onderwerpen via de in-dex aan het eind. Als u eersteen overzicht van de motor-fiets wilt hebben, vindt u datin hoofdstuk 2. In het hoofd-stuk Onderhoud worden alleuitgevoerde onderhouds- enreparatiewerkzaamheden ge-documenteerd. Voor coulan-ceregelingen is het absoluutnoodzakelijk dat kan wordenaangetoond dat de vereiste on-derhoudswerkzaamheden zijnuitgevoerd.AFKORTINGEN EN SYMBO-LENVOORZICHTIG Gevaarmet laag risico. Niet ver-mijden kan leiden tot gering ofmatig letsel.WAARSCHUWING Ge-vaar met gemiddeld risico.Niet vermijden kan leiden totde dood of ernstig letsel.GEVAAR Gevaar methoog risico. Niet vermij-den leidt tot de dood of ernstigletsel.LET OP Bijzondereaanwijzingen en vei-ligheidsmaatregelen.
Nietopvolgen kan de motorfiets ofaccessoires beschadigen endaarmee tot uitsluiting van degarantie leiden.Speciale aanwijzingenvoor een betere hante-ring bij bedienings-, controle-en afstelprocedures alsmedeverzorgingswerkzaamheden.Werkinstructie.Resultaat van een re-paratieactiviteit.Verwijst naar een pa-gina met extra infor-matie.Geeft het einde vanaccessoire- of uitrus-tingsafhankelijke infor-matie aan.Aanhaalmoment.Technische gegevens.SU Speciale uitrusting.BMW Motorrad speci-ale uitrustingen wor-den al bij de productievan de voertuigen in-gebouwd.
Wijvragen uw begrip voor het feitdat er ook uitrustingsvariantenworden beschreven die u mo-gelijk niet hebt geselecteerd.Tevens zijn landspecifiekeafwijkingen van de afgebeeldemotorfiets mogelijk.Als uw motorfiets niet beschre-ven uitvoeringen bevat, vindt ude beschrijving ervan in een af-zonderlijke handleiding.TECHNISCHE GEGEVENSAlle gegevens t.a.v. maten, ge-wichten en prestaties in dehandleiding hebben betrekkingop het Deutsches Institut fürNormung e. V. (DIN) en zijn in-clusief de hierdoor gehanteerdetoleranties.Technische gegevens enspecificatie in deze handleidingdienen ter indicatie. Devoertuigspecifieke gegevenskunnen daarvan afwijken, bijv.op grond van geselecteerdespeciale uitrustingen, delanduitvoering of landspecifiekemeetprocedures.
6 ALGEMENE AANWIJZINGENboven de specificaties in dezehandleiding.ACTUALITEITHet hoge veiligheids- en kwa-liteitsniveau van BMW motor-fietsen wordt door een conti-nue doorontwikkeling van deconstructie, uitrusting en acces-soires gegarandeerd. Hierdoorkunnen eventuele afwijkingentussen deze handleiding en deScooter ontstaan. Ten tijde vande fabricage van de motorfietsis de handleiding de meest ac-tuele bron.
Som-mige regeleenheden zijn nodigvoor het veilig functioneren vanhet voertuig of ondersteunenbij het rijden, bijv. hulpsyste-men. Daarenboven maken re-geleenheden comfort- of Info-tainmentfuncties mogelijk.Informatie over opgeslagen ofuitgewisselde gegevens is ver-krijgbaar bij de fabrikant vanhet voertuig, bijv. via een af-zonderlijke brochure.
7PersoonsgebondenheidElk voertuig is voorzien van eeneenduidig voertuigidentifica-tienummer. Landspecifiek kanmet behulp van het voertuigi-dentificatienummer, het ken-teken en de verantwoordelijkeautoriteiten de voertuigbezit-ter worden bepaald. Bovendienzijn er andere mogelijkhedenom uit de in het voertuig ver-gaarde gegevens de berijderof voertuigbezitter af te leiden,bijv.
via de ConnectedDrive ac-count die wordt gebruikt.Rechten m.b.t.gegevensbeveiligingVoertuiggebruikers hebbenconform het geldende rechtinzake gegevensbeveiliging be-paalde rechten ten aanzien vande fabrikant van het voertuigof ten aanzien van onderne-mingen die persoonsgebondengegevens vergaren of verwer-ken.Voertuiggebruikers hebben eenkosteloos en omvattend rechtop informatie ten aanzien vaninstanties die persoonsgebon-den gegevens over de voertuig-gebruiker opslaan.Deze instanties kunnen zijn:Fabrikant van het voertuigGekwalificeerde servicepart-nersVakwerkplaatsenServiceprovidersVoertuiggebruikers mogen vra-gen om informatie welke per-soonsgebonden gegevens zijnopgeslagen, voor welk doel degegevens worden gebruikt enwaarvandaan de gegevens af-komstig zijn.
Voor het verkrij-gen van deze informatie moeteen bewijs van houderschap ofgebruik worden overlegd.Het recht op informatie om-vat tevens informatie met be-trekking tot gegevens die aanandere ondernemingen of in-stanties zijn doorgegeven.Op de webpagina van de fa-brikant van het voertuig vindtu de telkens toepasselijke pri-vacyverklaringen. Deze priva-cyverklaringen bevatten infor-matie over het recht op wissenof corrigeren van gegevens.De fabrikant van het voertuigvermeldt op internet ook zijncontactgegevens en die van detoezichthouder voor gegevens-bescherming.De voertuigeigenaar kan bijeen BMW Motorrad Partnerof een andere gekwalificeerdeservicepartner of een vakwerk-
8 ALGEMENE AANWIJZINGENplaats eventueel tegen betalingde in het voertuig opgeslagengegevens laten uitlezen.Voor het uitlezen wordt dewettelijk voorgeschreven stek-ker voor diagnosecontactdoos(OBD) in het voertuig gebruikt.Wettelijke vereisten inzakede openbaarmaking vangegevensDe fabrikant van het voertuig isin het kader van het geldenderecht verplicht om bij hem op-geslagen gegevens aan de au-toriteiten beschikbaar te stel-len. Dit beschikbaar stellen vangegevens in de vereiste mategebeurt in specifieke gevallen,bijv. voor het ophelderen vaneen misdrijf.Overheidsinstanties zijn in hetkader van het geldende rechtbevoegd om in specifieke ge-vallen zelf gegevens uit hetvoertuig uit te lezen.Bedrijfsgegevens in hetvoertuigVoor het bedrijf van het voer-tuig verwerken regeleenhedengegevens.Hiertoe behoren bijv.:Statusmeldingen van het voer-tuig en de afzonderlijke com-ponenten ervan, bijv.
wieltoe-rental, wielomtreksnelheid,bewegingsvertragingOmgevingsfactoren, bijv. tem-peratuurDe verwerkte gegevens wordenalleen in het voertuig zelf ver-werkt en zijn doorgaans vluch-tig. De gegevens worden nietlanger dan de bedrijfstijd opge-slagen.Elektronische componenten,bijv. regeleenheden, bevattencomponenten voor het op-slaan van technische informa-tie. Deze kunnen informatieover voertuigtoestand, com-ponentbelasting, voorvallen ofstoringen tijdelijk of permanentopslaan.Deze informatie documenteertin het algemeen de toestandvan een component, een mo-dule, een systeem of de omge-ving, bijv.:Bedrijfstoestanden van sys-teemcomponenten, bijv. vul-peilen, bandenspanningswaar-denStoringen en defecten in be-langrijke systeemcomponen-ten, bijv. licht en remmenReacties van het voertuig inspeciale rijsituatie, bijv. active-
9ren van de rijdynamieksyste-menInformatie over voorvallen metschade aan het voertuigDe gegevens zijn noodzakelijkvoor het uitvoeren van de re-geleenheidfuncties. Bovendiendienen deze voor het herken-nen en het verhelpen van sto-ringen en het optimaliseren vanvoertuigfuncties door de fabri-kant van het voertuig.Deze gegevens zijn grotendeelsvluchtig en worden in het voer-tuig zelf verwerkt. Slechts eenklein deel van de gegevenswordt afhankelijk van de aan-leiding opgeslagen in voorval-of storingsgeheugens.Bij een beroep op onderhouds-activiteiten, bijv. reparaties, on-derhoudsprocessen, garantie-claims en kwaliteitsborgings-maatregelen, kan deze techni-sche informatie samen met hetvoertuigidentificatienummer uithet voertuig worden uitgelezen.Het uitlezen van de informatiekan door een BMW MotorradPartner of een andere gekwali-ficeerde servicepartner of eenvakwerkplaats gebeuren.
Voorhet uitlezen wordt de wettelijkvoorgeschreven stekker voordiagnosecontactdoos (OBD) inhet voertuig gebruikt.De gegevens worden door debetreffende functionarissenvan het dealernetwerk ver-gaard, verwerkt en gebruikt.De gegevens documenterentechnische toestanden van hetvoertuig, helpen bij het storing-zoeken, het nakomen van ga-rantieverplichtingen en bij dekwaliteitsverbetering.Daarenboven heeft de fabri-kant productobservatieplichtenkrachtens het productaanspra-kelijkheidsrecht. Voor het na-komen van deze plichten heeftde fabrikant van het voertuigtechnische gegevens uit hetvoertuig nodig.
De gegevensuit het voertuig kunnen ookworden gebruikt om garantie-claims van de klant te controle-ren.Storings- en voorvalgeheugensin het voertuig kunnen in hetkader van reparatie- of ser-vicewerkzaamheden bij eenBMW Motorrad Partner of eenandere gekwalificeerde service-partner of een vakwerkplaatsworden teruggezet.Gegevensinvoer engegevensoverdracht in hetvoertuigAlgemeen
10 ALGEMENE AANWIJZINGENAfhankelijk van de uitvoeringkunnen comfortinstellingen enpersoonlijke instellingen in hetvoertuig worden opgeslagen ente allen tijde worden gewijzigdof gereset.Gegevens kunnen evt. in hetentertainment- en communi-catiesysteem van het voertuigworden ingevoerd, bijv. via eensmartphone.Daartoe behoren afhankelijkvan de betreffende uitvoering:Multimediagegevens, zoalsmuziek voor afspelenAdresboekgegevens voor ge-bruik in combinatie met eencommunicatiesysteem of eengeïntegreerd navigatiesys-teemIngevoerde navigatiebestem-mingenGegevens m.b.t. het gebruikvan internetservices. Dezegegevens kunnen lokaal inhet voertuig worden opgesla-gen, of ze staan op een ap-paraat dat met het voertuig isverbonden, bijv. smartphone,USB-stick, MP3-speler.
Alsdeze gegevens in het voertuigworden opgeslagen, kunnendeze te allen tijde worden ge-wist.Deze gegevens worden uitslui-tend op persoonlijke wens inhet kader van het gebruik vanonlinediensten doorgegevenaan derden. Dit is afhankelijkvan de geselecteerde instel-lingen bij het gebruik van dediensten.Integratie van mobieleeindapparatenAfhankelijk van de uitvoeringkunnen met het voertuig ver-bonden mobiele eindappara-ten, bijv. smartphones, via debedieningselementen van hetvoertuig worden aangestuurd.Daarbij kunnen beeld en ge-luid van het mobiele eindappa-raat via het multimediasysteemworden uitgevoerd. Tegelijker-tijd wordt er bepaalde infor-matie aan het mobiele eindap-paraat overgedragen. Afhan-kelijk van het soort integratiebehoren daartoe bijv. positie-gegevens en andere algemenevoertuiginformatie.
11het besturingssysteem van hetmobiele eindapparaat.DienstenAlgemeenAls het voertuig een draadlozeverbinding heeft, maakt dezehet uitwisselen van gegevenstussen het voertuig en anderesystemen mogelijk. De draad-loze verbinding wordt mogelijkgemaakt door een zend- enontvangstmodule in het voer-tuig zelf of via persoonlijk in-gebrachte mobiele eindappa-raten, bijv. smartphones. Viadeze draadloze verbinding kun-nen zogenaamde onlinefunctiesworden gebruikt. Dit zijn ondermeer onlinediensten en appsvan de fabrikant van het voer-tuig of van andere providers.Diensten van devoertuigfabrikantBij onlinediensten van de fa-brikant van het voertuig wor-den de betreffende functiesbeschreven in de betreffendebron, bijv. handleiding, webpa-gina van de fabrikant. Deze be-vat ook de relevante informatieover rechten m.b.t. gegevens-beveiliging.
Voor het verlenenvan onlinediensten kunne per-soonsgebonden gegevens wor-den gebruikt. Gegevens wor-den uitgewisseld via een veiligeverbinding, bijv. met de daar-voor bedoelde IT-systemen vande fabrikant van het voertuig.Het vergaren, verwerken en ge-bruiken van persoonsgebon-den gegevens tot verder danhet verlenen van diensten ge-beurt uitsluitend op basis vaneen wettelijk toestemming,een contractuele afspraak of opgrond van een inwilliging. Hetis ook mogelijk om de gehelegegevensverbinding te latenactiveren of deactiveren. Dewettelijk voorgeschreven func-ties zijn hiervan uitgesloten.Diensten van andere providersBij het gebruik van onlinedien-sten van andere providers val-len deze diensten onder de ver-antwoordelijkheid en de gege-vensbeveiligings- en gebruiks-voorwaarden van de betref-fende provider. De fabrikantvan het voertuig heeft geeninvloed op de daarbij uitge-wisselde content.
Informatieover het soort, de omvang enhet doel van het vergaren engebruiken van persoonsgebon-den gegevens in het kader vandiensten van derden kan wor-den opgevraagd bij de betref-fende provider.
bij ongevallen.De noodoproepen worden aan-genomen door een alarmcen-trale in opdracht van de voer-tuigfabrikant.Voor informatie over de wer-king van het intelligente nood-oproepsysteem en de functieservan zie ( 71).Juridische grondslagDe verwerking van persoons-gebonden gegevens via het in-telligente noodoproepsysteemis conform de volgende voor-schriften:Bescherming van persoons-gebonden gegevens: Richtlijn95/46/EG van het EuropeesParlement en de Raad.Bescherming van persoons-gebonden gegevens: Richtlijn2002/58/EG van het Euro-pees Parlement en de Raad.De juridische grondslag voorde activering en werking vanhet intelligente noodoproep-systeem zijn de afgeslotenConnectedRide overeenkomstvoor deze functie en de betref-fende wetgeving, verordenin-gen en richtlijnen van het Euro-pees Parlement en de EuropeseRaad.De betreffende verordeningenen richtlijnen regelen de be-scherming van natuurlijke per-sonen bij de verwerking vanpersoonsgebonden gegevens.De verwerking van persoonsge-bonden gegevens door het in-telligente noodoproepsysteemis conform de Europese richt-lijnen inzake bescherming vanpersoonsgebonden gegevens.Het intelligente noodoproep-systeem verwerkt persoonsge-bonden gegevens alleen mettoestemming van de voertuig-bezitter.Het intelligente noodoproep-systeem en andere dienstenmet aanvullend nut mogen per-soonsgebonden gegevens al-leen verwerken op basis vande uitdrukkelijke toestemmingvan de persoon die de gege-vensverwerking betreft, bijv.
13SIM-kaartHet intelligente noodoproep-systeem werkt via de in hetvoertuig ingebouwde SIM-kaartover het mobiele netwerk. DeSIM-kaart is permanent aan-gemeld bij het mobiele-tele-foonnetwerk, om een snelleverbindingsopbouw mogelijk temaken. De gegevens wordenbij een noodgeval aan de voer-tuigfabrikant verzonden.Verbetering van de kwaliteitDe bij een noodoproep overge-dragen gegevens worden doorde fabrikant van het voertuigook gebruikt ter verbeteringvan de product- en servicekwa-liteit.PositiebepalingDe positie van het voertuig kanop basis van de mobiele-tele-fooncellen uitsluitend wordenbepaald door de provider vanhet mobiele-telefoonnetwerk.Een koppeling tussen chassis-nummer en telefoonnummervan de gemonteerde SIM-kaartis voor de provider niet moge-lijk.
Uitsluitend de fabrikant vanhet voertuig kan de koppelingtussen het framenummer enhet telefoonnummer van de in-gebouwde SIM-kaart maken.Log-gegevens van denoodoproepenDe log-gegevens van de nood-oproepen worden opgeslagenin een geheugen in het voer-tuig. De oudste log-gegevensworden regelmatig gewist. Delog-gegevens bevatten bijv. in-formatie over wanneer en waarer een noodoproep is gedaan.De log-gegevens kunnen inuitzonderingsgevallen uit hetvoertuiggeheugen worden uit-gelezen.
In dat geval wordenlog-gegevens alleen uitgelezenop gerechtelijk bevel en dit isalleen mogelijk als de betref-fende apparaten rechtstreeksop het voertuig worden aange-sloten.Automatische noodoproepHet systeem is zodanig gecon-figureerd dat er bij een onge-val vanaf een zekere mate vanernst, dat door sensoren in hetvoertuig wordt herkend, auto-matisch een noodoproep wordtgeactiveerd.Verzonden informatieBij een noodoproep door hetintelligente noodoproepsys-teem wordt dezelfde informa-tie doorgegeven aan de be-treffende alarmcentrale als bijhet wettelijk verplichte nood-
14 ALGEMENE AANWIJZINGENoproepsysteem eCall aan deopenbare reddingsdienst.Bovendien wordt door het in-telligente noodoproepsysteemde volgende aanvullende infor-matie aan een alarmcentrale inopdracht van de voertuigfabri-kant verzonden en evt. door-gestuurd aan de openbare red-dingsdienst:Ongevalgegevens, bijv. dedoor de voertuigsensoren her-kende botsrichting, om de in-zetplanning van de reddings-diensten te vergemakkelijken.Contactgegevens, zoals hettelefoonnummer van de in-gebouwde SIM-kaart en hettelefoonnummer van de berij-der, mits beschikbaar, om zonodig snel contact met de bijhet ongeval betrokken perso-nen mogelijk te maken.GegevensopslagDe gegevens van een geacti-veerde noodoproep wordenopgeslagen in het voertuig.
Degegevens bevatten informa-tie over de noodoproep, bijv.plaats en tijd van de noodop-roep.De geluidsopnamen van hetnoodoproepgesprek wordenopgeslagen bij de alarmcen-trale.De geluidsopnamen van deklant worden gedurende 24uur opgeslagen, als er detailsvan de noodoproep moetenworden geanalyseerd. Daarnaworden de geluidsopnamengewist. De geluidsopnamenvan de medewerker van dealarmcentrale worden voorkwaliteitsdoeleinden gedurende24 uur opgeslagen.Informatie overpersoonsgebonden gegevensDe in het kader van de intelli-gente noodoproep verwerktegegevens worden uitsluitendverwerkt voor het doen van denoodoproep. De fabrikant vanhet voertuig verschaft in het ka-der van de wettelijke verplich-ting informatie over de doorhem verwerkte en evt. nog op-geslagen gegevens.
31VERMOGENSRESERVEWEER-GAVEDe vermogensreserveweergavetoont hoeveel procent van hettotale aandrijfvermogen extrakan worden opgeroepen.De waarde is afhankelijk van deactuele snelheid, acceleratie ofstijging van de route. De ver-mogensreserve neemt af metmeer vermogensvraag door derijder of rijhulpsystemen zoalsde cruise control.De vermogensreserveweer-gave helpt bij de inschattingvan het acceleratievermogenof de keuze van de versnellin-gen, bijvoorbeeld bij rijden inde bergen.CONTROLELAMPJESWeergaveWaarschuwingen worden doorhet betreffende waarschu-wingslampje weergegeven.Waarschuwingen worden doormiddel van het algemene waar-schuwingslampje in combina-tie met een dialoogveld op hetTFT-display weergegeven.
32 AANDUIDINGENCheck-Control-displayDe meldingen op het displayzien er verschillend uit. Afhan-kelijk van de prioriteit wordener verschillende kleuren en te-kens gebruikt:Groene CHECK OK 1: Geenmelding, waarden optimaal.Witte cirkel met kleine letter"i" 2: Informatie.Gele gevarendriehoek 3:Waarschuwingsmelding,waarde niet optimaal.Rode gevarendriehoek 3:Waarschuwingsmelding,waarde kritischWeergave van waardenDe symbolen 4 zien er ver-schillend uit. Afhankelijk vande beoordeling worden er ver-schillende kleuren gebruikt. Inplaats van numerieke waar-den 5 met eenheden 6 kunnenook teksten worden weergege-ven.Kleur van het symboolGroen: (OK) Huidige waardeis optimaal.Blauw: (Cold!) Actuele tem-peratuur is laag.Geel: (Low!/High!) Huidigewaarde is te laag of te hoog.Rood: (Hot!/High!) Huidigetemperatuur of waarde is tehoog.Wit: (---) Er is geen geldigewaarde aanwezig.
33Als een meetwaarde nog nietweergegeven kan worden, om-dat niet aan de voorwaardenvoor de meting is voldaan, wor-den in plaats daarvan streepjesweergegeven. Zolang er geengeldige meetwaarde beschik-baar is, volgt er ook geen be-oordeling in de vorm van eengekleurd symbool.Check-Control-dialoogvensterMeldingen worden als Check-Control-dialoogvenster 1 weer-gegeven.Als er meerdere Check-Con-trol-meldingen met dezelfdeprioriteit aanwezig zijn, wis-selen de meldingen elkaar opvolgorde van optreden af totze worden bevestigd.Wordt het symbool 2 actiefweergegeven, dan kan ditdoor kantelen van de Multi-Controller naar links wordenbevestigd.Check-Control-meldingenworden dynamisch als extratabbladen aan de pagina's inhet menu Mijn Motor toe-gevoegd ( 111). Zo lang destoring aanwezig is, kan demelding opnieuw worden op-geroepen.
Als deinvloed van de motorwarmte tegroot wordt, verschijnen er tij-delijk streepjes in plaats van dewaarde.Als de buitentemperatuurtot onder de grenswaardevan circa 3 °C zakt, is er gevaarvoor ijzelvorming.Bij het eerste dalen tot onderdeze temperatuur knippert debuitenthermometer met hetijskristalsymbool op de status-regel van het TFT-display.Waarschuwingbuitentemperatuurwordt weergegeven.Mogelijke oorzaak:De bij de motorfiets ge-meten buitentempera-tuur is lager dan:Circa 3 °CWAARSCHUWINGGevaar van gladheid ook viacirca 3 °CGevaar voor een ongevalBij lage buitentemperaturenmoet op bruggen en scha-duwrijke wegen rekeningworden gehouden met glad-heid.Vooruitziend rijden.Radiografische sleutel buitenhet ontvangstbereikbrandt geel.Radiog. sleutel nietin bereik.
42 AANDUIDINGENvenster verschijnt. U kuntdoorrijden, de motor wordtniet uitgeschakeld.Defecte radiografische sleu-tels door een BMW MotorradPartner laten vervangen.Keyless Ride uitgevallenbrandt geel.Keyless Ride uit-gevallen! Motorniet afzetten. Evt.geen nieuwe motorstartmogelijk.Mogelijke oorzaak:De Keyless Ride-regeleenheidheeft een communicatiestoringgeregistreerd.De motor niet afzetten. Zosnel mogelijk een vakwerk-plaats opzoeken, bij voorkeureen BMW Motorrad Partner.Het starten van de motor kanniet meer met Keyless Rideworden ingeschakeld.DWA niet meer activeerbaar.Batterij van de radiografischesleutel vervangenbrandt geel.Batt. radiogr. sl.bijna leeg. Functiebeperkt. Batterij ver-vangen.Mogelijke oorzaak:De batterij van de radiografi-sche sleutel heeft niet meerde volledige capaciteit.
Niet verderrijden.WAARSCHUWINGUitval van de voertuigsyste-menGevaar voor ongevallenNiet verder rijden.De accu wordt niet opgeladen.De voertuigelektronica ontlaadtde accu.Mogelijke oorzaak:Storing dynamo, accu defect ofzekering doorgebrand.De storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.Lampstoringbrandt geel.De defecte lamp wordtweergegeven:
44 AANDUIDINGENGrootlicht defect!Richtingaanwijzerlinksvoor defect!of Richtingaanwijzerrechtsvoor defect!Dimlicht defect!Stadslicht voor de-fect!Dagrijlicht defect!Verstraler links de-fect! of Verstralerrechts defect!Achterlicht defect!Remlicht defect!Richtingaanwijzerlinksachter defect!of Richtingaanwijzerrechtsachter defect!Kentekenverlichtingdefect!Door specialist latencontroleren.knippert geel.met adaptieve bochtverlich-tingSUDe defecte lamp wordtweergegeven:Actieve koplamp de-fect.WAARSCHUWINGDe motorfiets wordt niet ge-zien in het wegverkeer dooruitvallen van de verlichtingvan de motorfietsVeiligheidsrisicoEen defecte gloeilamp zosnel mogelijk vervangen.Hiervoor contact opnemenmet een specialist, bij voor-keur een BMW Motorraddealer.Mogelijke oorzaak:Een of meer lampen zijn defect.Defecte lampen door visuelecontrole bepalen.LED-lampen compleet la-ten vervangen.
45Lichtregeling uit-gevallen! Door spe-cialist laten controle-ren.WAARSCHUWINGDe motorfiets wordt niet ge-zien in het verkeer door uit-val van de voertuigverlich-tingVeiligheidsrisicoDe storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats la-ten verhelpen, bij voorkeureen BMW Motorrad Partner.De voertuigverlichting is ge-deeltelijk of volledig uitgevallen.Mogelijke oorzaak:De verlichtingsregeling heefteen communicatiefout ontdekt.De storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.DWA-accu zwakmet alarmsysteem (DWA)SUDWA-accucapaciteitzwak. Geen beperkin-gen. Maak een afspraakbij een specialist.Deze storingsmeldingwordt gedurende kortetijd alleen aansluitend op dePre-Ride-Check weergegeven.Mogelijke oorzaak:De DWA-accu heeft niet meerzijn volledige capaciteit.
Dewerking van de DWA is bij eenlosgekoppelde motorfietsaccunog slechts beperkt gewaar-borgd.Contact opnemen met eenvakwerkplaats, bij voorkeureen BMW Motorrad Partner.DWA-accu leegmet alarmsysteem (DWA)SUDWA-accu ontladen.Autoalarm niet ac-tief. Maak een afspraakbij een specialist.Deze storingsmeldingwordt gedurende kortetijd alleen aansluitend op dePre-Ride-Check weergegeven.Mogelijke oorzaak:De DWA-accu heeft geen capa-citeit meer. De werking van deDWA is bij een losgekoppeldevoertuigaccu niet meer gewaar-borgd.Contact opnemen met eenvakwerkplaats, bij voorkeureen BMW Motorrad Partner.
47gelijk door een vakwerkplaatslaten verhelpen, bij voorkeureen BMW Motorrad Partner.Storing aandrijfsysteembrandt.Motor! Door specia-list laten controle-ren.Mogelijke oorzaak:De motorregeleenheid heefteen storing vastgesteld die ge-volgen heeft voor de uitstootvan schadelijke stoffen en/ofhet vermogen.De storing bij een vakwerk-plaats laten verhelpen, bijvoorkeur een BMW MotorradPartner.Verder rijden mogelijk, de uit-stoot van schadelijke stoffenligt boven de voorgeschrevenwaarden.Ernstige storingaandrijfsysteemknippert rood.knippert.Ernstige storing inde motorregeling!Rustig verder rijdenmog.
Schade mogelijk.Door specialist latencontrol.Mogelijke oorzaak:De motorregeleenheid heefteen storing vastgesteld die totde beschadiging van het uit-laatsysteem kan leiden.De storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.Het is mogelijk verder te rij-den, maar dit is niet aan teraden.Motor in noodloopfunctiebrandt geel.Storing in de mo-torregeling. Rus-tig verder rijden mog.Rij voorzichtig naar dedichtstbijz. specia-list.WAARSCHUWINGOngebruikelijk rijgedrag tij-dens de noodfunctie van demotorGevaar voor ongevallenSterk accelereren en inhaal-manoeuvres vermijden.
48 AANDUIDINGENMogelijke oorzaak:De motorregeleenheid heefteen storing geregistreerd. Inuitzonderingsgevallen slaat demotor af en kan niet meer wor-den gestart. Anders draait demotor in de noodfunctie.Verder rijden mogelijk, hetmotorvermogen staat ech-ter niet zoals gewend ter be-schikking.De storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.Ernstige storing in demotorregelingknippert rood.Ernstige storing inde motorregeling!Rustig verder rijdenmog.
Schade mogelijk.Door specialist latencontrol.WAARSCHUWINGBeschadiging van de motortijdens noodfunctieGevaar voor ongevallenLangzaam rijden, sterk acce-lereren en inhaalmanoeuvresvermijden.Indien mogelijk, voertuig la-ten ophalen en storingendoor een specialist laten ver-helpen, het liefst door eenBMW Motorrad Partner.Mogelijke oorzaak:De motorregeleenheid heefteen uitval gediagnosticeerd dietot ernstige gevolgstoringenkan leiden. De motor bevindtzich in de noodloopfunctie.Het is mogelijk verder te rij-den, maar dit is niet aan teraden.Hoge belastingen en toeren-tallen zo mogelijk vermijden.De storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.Motorregeling uitgevallenbrandt geel.brandt.
49Geen communicatiemet motorregeling.Meerdere syst. betrok-ken. Rij voorzichtignaar de dichtstbijz.specialist.Mogelijke oorzaak:De communicatie met de mo-torregeleenheid is uitgevallen.De storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.Bandenspanningmet bandenspanningscontrole(RDC)SUVoor de weergave van de ban-denspanningen is er naast hetmenuvenster MIJN VOERTUIGen de Check-Control-meldin-gen ook het beeldvenster BAN-DENSPANNING:De waarden links hebben be-trekking op het voorwiel, dewaarden rechts op het achter-wiel.Boven de werkelijke en voor-geschreven bandenspanningenwordt het drukverschil weerge-geven.Meteen na het inschakelen vanhet contact worden er alleenstreepjes weergegeven.
50 AANDUIDINGENDe bandenspanningenworden op het TFT-display met temperatuur-compensatie weergegevenen hebben altijd betrekkingop de volgende luchttempe-ratuur in de band:20 °CAls bovendien het band-symbool geel of roodwordt weergegeven, betreft heteen waarschuwing. Het druk-verschil wordt gemarkeerd meteen uitroepteken in dezelfdekleur.Als de betreffende waardebinnen het grensgebiedvan de toelaatbare tolerantieligt, brandt bovendien het al-gemene waarschuwingslampjegeel.Als de gemeten banden-spanning buiten de toe-gestane tolerantie ligt, knipperthet algemene waarschuwings-lampje rood.Uitgebreide informatie over deBMW Motorrad RDC vindt uin het hoofdstuk Techniek indetail ( 179).Bandenspanning in hetgrensgebied van detoelaatbare tolerantiemet bandenspanningscontrole(RDC)SUbrandt geel.wordt geel weergegeven.Bandenspanning nietop voorgeschr.
Ban-denspanning controle-ren.Mogelijke oorzaak:De gemeten bandenspanningligt in het grensgebied van detoegestane tolerantie.Bandenspanning corrigeren.Vóór het aanpassen van debandenspanning de informatieover de temperatuurcompen-satie en over het aanpassenvan de bandenspanning in hethoofdstuk "Techniek in detail"ter harte nemen:Temperatuurcompensatie( 180)Aanpassing van de banden-spanning ( 180)De voorgeschreven banden-spanningswaarden zijn op devolgende plaatsen te vinden:Achterkant omslag van dehandleiding
Bandenspanningcontroleren.WAARSCHUWINGBandenspanning buiten detoelaatbare tolerantie.Gevaar voor ongevallen, ver-slechtering van de rijeigen-schappen van het voertuig.Rijstijl aanpassen.Mogelijke oorzaak:De gemeten bandenspanningligt buiten de toegestane tole-rantie.Banden op beschadigingen enbruikbaarheid controleren.Is de band nog bruikbaar:Bij de volgende gelegenheidde bandenspanning corrige-ren.Vóór het aanpassen van debandenspanning de informatieover de temperatuurcompen-satie en over het aanpassenvan de bandenspanning in hethoofdstuk "Techniek in detail"ter harte nemen:Temperatuurcompensatie( 180)Aanpassing van de banden-spanning ( 180)De voorgeschreven banden-spanningswaarden zijn op devolgende plaatsen te vinden:Achterkant omslag van dehandleidingInstrumentenpaneel in hetaanzicht BANDENSPANNINGBandenspanningstabelDe band bij een vakwerk-plaats op beschadigingen la-ten controleren, bij voorkeurbij een BMW Motorrad Part-ner.Bij eventuele twijfel over debruikbaarheid van de band:Niet verder rijden.Pechdienst informeren.
52 AANDUIDINGENOverdrachtsstoringmet bandenspanningscontrole(RDC)SU"---"Mogelijke oorzaak:Het voertuig heeft de mini-mumsnelheid niet bereikt( 179).RDC-sensor is niet actiefmin 30 km/h (Pas na over-schrijding van de minimum-snelheid verzendt de RDC-sensor zijn signaal aan demotorfiets.)RDC-weergave in het ooghouden bij hogere snelheid.Pas als daarnaast het alge-mene waarschuwingslampjegaat branden, gaat het omeen permanente storing. In ditgeval:De storing bij een vakwerk-plaats laten verhelpen, bijvoorkeur een BMW MotorradPartner.Mogelijke oorzaak:De radioverbinding met deRDC-sensoren is verstoord.Mogelijke oorzaak is radiogra-fische apparatuur in de omge-ving die de verbinding tussende RDC-regeleenheid en desensoren stoort.RDC-weergave in een andereomgeving observeren. Pas alsdaarnaast het algemene waar-schuwingslampje gaat bran-den, gaat het om een perma-nente storing.
In dit geval:De storing bij een vakwerk-plaats laten verhelpen, bijvoorkeur een BMW MotorradPartner.Batterij van debandenspanningssensor zwakmet bandenspanningscontrole(RDC)SUbrandt geel.Batterij RDC-sensoren bijna leeg.Functie beperkt. Dooreen specialist latencontroleren.Deze storingsmeldingwordt gedurende kortetijd alleen aansluitend op dePre-Ride-Check weergegeven.Mogelijke oorzaak:De batterij van de bandenspan-ningssensor heeft niet meerzijn volledige capaciteit. Dewerking van de bandenspan-ningscontrole is nog voor eenbeperkte tijd gewaarborgd.
53Contact opnemen met eenvakwerkplaats, bij voorkeureen BMW Motorrad Partner.Sensor defect ofsysteemstoringmet bandenspanningscontrole(RDC)SUbrandt geel."---"Mogelijke oorzaak:Er zijn wielen zonder RDC-sen-soren gemonteerd.Wielen met RDC-sensorenachteraf aanbrengen.Mogelijke oorzaak:Een of twee RDC-sensoren zijnuitgevallen of er is een sys-teemstoring aanwezig.De storing bij een vakwerk-plaats laten verhelpen, bijvoorkeur een BMW MotorradPartner.Bandenspanningscontrole(RDC) uitgevallenmet bandenspanningscontrole(RDC)SUbrandt geel.Bandenspann.controleuitgevallen! Func-tie beperkt.
54 AANDUIDINGENschakelaar in- en weer uit-schakelen.Noodoproepfunctie beperktbeschikbaarmet intelligente noodop-roepSUbrandt geel.Noodoproep beperkt.Bij een herhaald op-treden door een garagelaten controleren.Mogelijke oorzaak:De noodoproep kan niet au-tomatisch of niet via BMW totstand worden gebracht.De informatie over de bedie-ning van de intelligente nood-oproep vanaf pagina ( 71)in acht nemen.Contact opnemen met eenvakwerkplaats, bij voorkeureen BMW Motorrad Partner.Noodoproepfunctieuitgevallenmet intelligente noodop-roepSUbrandt geel.Storing noodoproep.Maak een afspraakbij een specialist.Mogelijke oorzaak:De regeleenheid van het nood-oproepsysteem heeft een uitvalgediagnosticeerd.
De noodop-roepfunctie is uitgevallen.In acht nemen dat de nood-oproep niet kan worden ver-stuurd.Contact opnemen met eenvakwerkplaats, bij voorkeureen BMW Motorrad Partner.Storing zijstandaardbewakingbrandt geel.Bewaking zijstan-daard defect. Ver-der rijden mogelijk. Instand motorstop! Doorspecialist laten contro-leren.Mogelijke oorzaak:Zijstandaardschakelaarof bedrading bescha-digdDe motor wordt bij het over-schrijden van de minimum-snelheid uitgeschakeld. In datgeval is rijden niet meer mo-gelijk.min 5 km/hContact opnemen met eenvakwerkplaats, bij voorkeureen BMW Motorrad Partner.
55ABS-zelfdiagnose nietbeëindigdknippert.Mogelijke oorzaak:ABS-zelfdiagnose nietvoltooidDe ABS-functie is niet be-schikbaar, omdat de zelf-diagnose niet is afgesloten.(Voor de controle van dewieltoerentalsensoren moetde motorfiets een minimum-snelheid met draaiende mo-tor bereiken: min 5 km/h)Langzaam wegrijden. Er reke-ning mee houden dat tot hetafsluiten van de zelfdiagnosede ABS-functie niet beschik-baar is.ABS-storingbrandt geel.brandt.ABS beperkt beschik-baar! Rustig door-rijden mog. Rij voor-zichtig naar de dichtst-bijz. specialist.Mogelijke oorzaak:De ABS-regeleenheid heeft eenstoring opgemerkt.
56 AANDUIDINGENDe storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.ASC-ingreepknippert snel.Mogelijke oorzaak:De ASC heeft een instabiliteitvan het achterwiel herkend envermindert het koppel.Het controle- en waarschu-wingslampje knippert langerdan de ASC-ingreep duurt.Daarmee heeft de berijder ookna de kritieke rijsituatie nogeen optische bevestiging vande uitgevoerde regeling.Verder rijden mogelijk. Voor-uitziend rijden.ASC-zelfdiagnose nietbeëindigdknippert langzaam.Mogelijke oorzaak:ASC-zelfdiagnose nietvoltooidDe ASC is niet beschikbaar,omdat de zelfdiagnose niet isafgesloten. (Voor de controlevan de wielsensoren moet demotorfiets een minimumsnel-heid bereiken: min 5 km/h)Langzaam wegrijden.
57LET OPBeschadiging van onderde-lenBeschadiging van bijv. senso-ren met daaruit resulterendestoringenGeen voorwerpen onder hetbestuurderszadel of de duo-buddyseat meenemen.Boordgereedschap vastzet-ten.Giermomentsensor niet be-schadigen.Houd er rekening mee dat deASC-functie slechts beperktwerkt.Verder rijden mogelijk. Uitge-breide informatie over situa-ties die tot een ASC-storingkunnen leiden in acht nemen( 172).De storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.ASC-storingbrandt geel.brandt.Tractieregelinguitgevallen! Rustigdoorrijden mog. Rijvoorzichtig naar dedichtstbijz. specia-list.Mogelijke oorzaak:De motorregeleenheid heefteen ASC-storing herkend.Verder rijden mogelijk. Houder rekening mee dat de ASC-functie en andere rijdynamiek-systemen niet beschikbaarzijn.
niet besch.Zijstandaard uitgekl.Mogelijke oorzaak:De Hill Start Control kan nietworden geactiveerd.Zijstandaard inklappen.Hill Start Control werkt al-leen bij een ingeklapte zijstan-daard.Motor starten.Hill Start Control werkt alleenbij draaiende motor.Hill Start Control nietactiveerbaarmet Hill Start ControlSUwordt weergegeven.Wegr.ass. niet besch.Motor draait niet.Mogelijke oorzaak:De Hill Start Control kan nietworden geactiveerd.Zijstandaard inklappen.Hill Start Control werkt al-leen bij een ingeklapte zijstan-daard.Motor starten.Hill Start Control werkt alleenbij draaiende motor.Rem oververhitbrandt geel.Remtemperatuurhoog! Voorzichtigverder rijden om afte koelen. Dynamischrijden vermijden.
60 AANDUIDINGENMogelijke oorzaak:De regeleenheid heeft een sto-ring opgemerkt.Er rekening mee houden datde cruise control niet beschik-baar is.Verder rijden mogelijk. Destoring zo snel mogelijk dooreen vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.Afstandsregeling tijdelijkuitgevallenmet actieve cruise controlSUbrandt geel.Afstandsregelingtijdelijk uitgeval-len. Frontradarsensorcontroleren op beïnvloe-ding.Mogelijke oorzaak:De werking van de frontradar-sensor wordt nadelig beïnvloed.Er rekening mee houden datde afstandsregeling (ACC)tijdelijk niet beschikbaar is.De cruise control is nog welbeschikbaar.Verder rijden mogelijk. Front-radarsensor controleren.
61Mogelijke oorzaak:De regeleenheid audiosysteemheeft een te hoge temperatuurgedetecteerd.De motorfiets tegen directezonnestraling beschermen.Als de storing aanwezig blijft,de storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.Spanning audiosysteem tehoogAudiosysteem Span-ning te hoog! Audio-systeem wordt stomge-schakeld.Mogelijke oorzaak:De regeleenheid audiosysteemheeft een te hoge spanning ge-detecteerd.De storing zo snel mogelijkdoor een vakwerkplaats latenverhelpen, bij voorkeur eenBMW Motorrad Partner.Brandstofreserve bereiktTankreserve be-reikt.
62 AANDUIDINGENook het algemene waarschu-wingslampje geel branden.Als de onderhoudstermijn isoverschreden, verschijnt er eengele Check-Control-melding.Bovendien worden de meldin-gen voor onderhoud, onder-houdsafspraak en resterendeafstand op de schermmenu'sMIJN VOERTUIG en BENO-DIGD ONDERHOUD gemarkeerdmet uitroeptekens.Als de onderhoudsmel-ding al meer dan éénmaand voor de onderhouds-datum wordt weergegeven,dan moet de actuele datum op-nieuw worden ingesteld. Dezesituatie kan zich voordoen wan-neer de accu losgekoppeld isgeweest.Onderhoud nodigwordt wit weergegeven.Onderhoud nodig!
Onder-houd bij een specialistlaten uitvoeren.Mogelijke oorzaak:Onderhoud is vanwege derijprestaties of de datumvereist.Onderhoud regelmatig dooreen vakwerkplaats laten uit-voeren, bij voorkeur door eenBMW Motorrad Partner.De bedrijfs- en verkeersveilig-heid van het voertuig blijvenbehouden.Het best mogelijke waardebe-houd van het voertuig wordtverzekerd.Onderhoudsafspraakoverschredenbrandt geel.wordt geel weergegeven.Onderhoud te laat! On-derhoud bij een specia-list laten uitvoeren.Mogelijke oorzaak:Onderhoud is op basis van derijprestaties of de datum telaat.Onderhoud regelmatig dooreen vakwerkplaats laten uit-voeren, bij voorkeur door eenBMW Motorrad Partner.De bedrijfs- en verkeersveilig-heid van het voertuig blijvenbehouden.Het best mogelijke waardebe-houd van het voertuig wordtverzekerd.
66 GEBRUIKCONTACTRadiografische sleutelsHet controlelampje vande radiografische sleutelknippert, zo lang de radiografi-sche sleutel gezocht wordt.Hij dooft als de radiografischesleutel resp. de reservesleutelwordt gevonden.Als de radiografische sleutelresp. de reservesleutel nietwordt herkend, brandt hij kort.De motorfiets wordt geleverdmet een radiografische sleutelen een reservesleutel.
67Stuurslot ontgrendelt hoor-baar.Contact inschakelenVoorwaardeRadiografische sleutel is in ont-vangstgebied.Het contact kan op twee ma-nieren worden geactiveerd.Variant 1:De toets 1 kort indrukken.Stadslicht en alle circuits zijningeschakeld.Dagrijlicht is ingeschakeld.Pre-Ride-Check wordt uitge-voerd. ( 154)De ABS-zelfdiagnose wordtuitgevoerd. ( 155)ASC-zelfdiagnose wordt uit-gevoerd. ( 155)Variant 2:Stuurslot is vergrendeld,toets 1 ingedrukt houden.Het stuurslot wordt ontgren-deld.Stadslicht en alle circuits inge-schakeld.Dagrijlicht is ingeschakeld.Pre-Ride-Check wordt uitge-voerd. ( 154)De ABS-zelfdiagnose wordtuitgevoerd. ( 155)ASC-zelfdiagnose wordt uit-gevoerd.
( 155)Contact uitschakelenVoorwaardeRadiografische sleutel is in ont-vangstgebied.Het contact kan op twee ma-nieren worden gedeactiveerd.Variant 1:De toets 1 kort indrukken.Het licht wordt uitgeschakeld.Stuurslot is ontgrendeld.Variant 2:Het stuur tot de aanslag naarlinks draaien.Toets 1 ingedrukt houden.Het licht wordt uitgeschakeld.Het stuurslot wordt vergren-deld.
68 GEBRUIKBatterij van radiografischesleutel is leeg of verlies vanradiografische sleutelBij verlies van een sleutel deaanwijzingen over de elek-tronische wegrijbeveiliging(EWS) in acht nemen ( 70).Als de radiografische sleuteltijdens het rijden wordt verlo-ren, kan het voertuig wordengestart met de reservesleutel.Als de batterij van de radio-grafische sleutel leeg is, kanhet voertuig gestart wordendoor de ingeklapte radiografi-sche sleutel in de ringantenneonder de buddyseat te steken.Buddyseat verwijderen.( 103)Reservesleutel of lege inge-klapte radiografische sleutel 1in de ringantenne 2 steken.De reservesleutel resp. delege teruggeklapte radio-grafische sleutel moet in deopening van de ringantennesteken.Tijd waarbinnen demotor moet wordengestart.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met BMW R 18 Transcontinental (2023) stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Motor BMW
Handleiding Motor
Nieuwste handleidingen voor Motor