Blaupunkt 5B47M8060 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Blaupunkt 5B47M8060 (44 pagina’s), behorend tot de categorie Oven. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 33 mensen en kreeg gemiddeld 4.2 sterren uit 4 reviews. Heb je een vraag over Blaupunkt 5B47M8060 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag
Product specificaties
| Merk: | Blaupunkt |
| Categorie: | Oven |
| Model: | 5B47M8060 |
Handleiding Blaupunkt 5B47M8060 – volledige tekst
nl Gebruik volgens de voorschriften48 Gebruik volgens de voorschriftenGebr ui k vol gens de voor schr i f t enLees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door. Alleen dan kunt u uw apparaat goed en veilig bedienen. Bewaar de gebruiksaanwijzing voor later gebruik of om door te geven aan een volgende eigenaar.Dit apparaat is alleen bestemd voor inbouw. Neem het speciale installatievoorschrift in acht.Controleer het apparaat na het uitpakken. Niet aansluiten in geval van transportschade.Alleen een daartoe bevoegd vakman mag apparaten zonder stekker aansluiten. Bij schade door een verkeerde aansluiting maakt u geen aanspraak op garantie.Dit apparaat is alleen bestemd voor huishoudelijk gebruik en de huiselijke omgeving. Gebruik het uitsluitend voor het bereiden van gerechten en drank. Zorg ervoor dat het apparaat onder toezicht gebruikt wordt.
Het toestel alleen gebruiken in gesloten ruimtes.Dit apparaat is bestemd voor gebruik tot op hoogten van maximaal 4.000 meter boven zeeniveau.Dit toestel kan worden gebruikt door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met beperkte fysieke, sensorische of geestelijke vermogens of personen die gebrek aan kennis of ervaring hebben, wanneer zij onder toezicht staan van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid of geleerd hebben het op een veilige manier te gebruiken en zich bewust zijn van de risico's die het gebruik van het toestel met zich meebrengt.Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.
Reiniging en onderhoud van het toestel mogen niet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij zij 15 aar of ouder zijn en onder toezicht staan.Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar uit de buurt blijven van het toestel of de aansluitkabel.Toebehoren altijd op de juiste manier in de binnenruimte leggen. ~ "Toebehoren" op pagina 10
Belangrijke veiligheidsvoorschriften nl5( Belangrijke veiligheidsvoorschriftenBel angr i j k e vei l i ghei dsvoor schr i f t enAlgemeen:Waarschuwing – Risico van brand. ■Brandbare voorwerpen die in de binnenruimte worden bewaard kunnen vlam vatten. Bewaar geen brandbare voorwerpen in de binnenruimte. Open nooit de deur wanneer er sprake is van rookontwikkeling in het apparaat. Het toestel uitschakelen en de stekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen. Risico van brand. ■Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen. Voor gebruik dient u de binnenruimte, de verwarmingselementen en de accessoires vrij te maken van grove verontreiniging. Risico van brand. ■Wanneer de apparaatdeur geopend wordt, ontstaat er een luchtstroom. Het bakpapier kan dan de verwarmingselementen raken en vlam vatten.
Tijdens het voorverwarmen mag er nooit bakpapier los op de toebehoren liggen. Verzwaar het bakpapier altijd met een vorm. Bakpapier alleen op het benodigde oppervlak leggen. Het bakpapier mag niet uitsteken over de toebehoren. :Waarschuwing – Risico van verbranding. ■Het toestel wordt zeer heet. Nooit de hete vlakken in de binnenruimte of verwarmingselementen aanraken. Het apparaat altijd laten afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn. Risico van verbranding. ■Toebehoren of vormen worden zeer heet. Neem hete toebehoren en vormen altijd met behulp van een pannenlap uit de binnenruimte. Risico van verbranding. ■Alcoholdampen kunnen in de binnenruimte vlam vatten. Nooit gerechten klaarmaken die een hoog percentage alcohol bevatten. Alleen kleine hoeveelheden drank met een hoog alcoholpercentage gebruiken. De deur van het toestel voorzichtig openen.
:Waarschuwing – Kans op verbranding. ■Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderdelen heet. De hete onderdelen nooit aanraken. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn. Kans op verbrandingen.
■Bij het openen van de deur van het apparaat kan hete stoom vrijkomen. Afhankelijk van de temperatuur is er geen stoom te zien. Tijdens het openen niet te dicht bij het apparaat staan. De deur van het apparaat voorzichtig openen. Zorg ervoor dat kinderen uit de buurt blijven. Kans op verbrandingen. ■Door water in de hete binnnruimte kan hete waterdamp ontstaan. Nooit water in de hete binnenruimte gieten. :Waarschuwing – Risico van letsel. ■Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit springen. Geen schraper, scherpe of schurende schoonmaakmiddelen gebruiken. Risico van letsel. ■Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten. Kom niet met uw handen bij de scharnieren. :Waarschuwing – Kans op een elektrische schok. ■Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
Reparaties en de vervanging van beschadigde aansluitleidingen mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici die zijn geïnstrueerd door de klantenservice. Is het apparaat defect, haal dan de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit. Contact opnemen met de klantenservice. Kans op een elektrische schok. ■De kabelisolatie van hete toestelonderdelen kan smelten. Zorg ervoor dat er nooit aansluitkabels van elektrische toestellen in contact komen met hete onderdelen van het apparaat. Kans op een elektrische schok. ■Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken. Geen hogedrukreiniger of stoomreiniger gebruiken. Kans op een elektrische schok. ■Een defect toestel kan een schok veroorzaken. Een defect toestel nooit inschakelen. De netstekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.
nl Oorzaken van schade6Halogeenlamp:Waarschuwing – Kans op een elektrische schok. Bij vervanging van de lamp in de binnenruimte staan de contacten van de lampfitting onder stroom. Trek voordat u tot vervanging overgaat de netstekker uit het stopcontact trekken of schakel de zekering in de meterkast uit. Reinigingsfunctie:Waarschuwing – Risico van brand. ■Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen tijdens de reiniging vlam vatten. Verwijder voordat de reiniging start altijd de grove verontreiniging uit de binnenruimte. Geen accessoires meereinigen. Risico van brand. ■De buitenkant van het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen. Nooit brandbare voorwerpen, zoals bijv. droogdoeken, aan de deurgreep hangen. De voorzijde van het apparaat vrij houden. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn. :Waarschuwing – Ernstig gezondheidsrisico.
De buitenkant van het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen. De antiaanbaklaag van bakplaten en vormen wordt aangetast en er ontstaan giftige gassen. Bij gebruik van de reinigingsfunctie nooit platen en vormen met een antiaanbaklaag meereinigen. In het algemeen geen accessoires meereinigen. :Waarschuwing – Gevaar voor verbranding. ■De binnenruimte wordt zeer heet tijdens het reinigen. Nooit de apparaatdeur openen. Het apparaat laten afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn. Risico van verbranding. ■; De buitenkant van het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen. Nooit de apparaatdeur aanraken. Het apparaat laten afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn. ] Oorzaken van schadeOor zaken van schadeAlgemeenAttentie. ■Toebehoren, folie, bakpapier of vormen op de bodem van de binnenruimte: Geen toebehoren op de bodem van de binnenruimte leggen.
Er ontstaat dan een opeenhoping van warmte. De bak- en braadtijden kloppen niet meer en het email wordt beschadigd. ■Aluminiumfolie: aluminiumfolie in de binnenruimte mag niet in contact komen met de deurruit. Hierdoor kunnen permanente verkleuringen van de ruit optreden. ■Water in de hete binnenruimte: Nooit water in de hete binnenruimte gieten. Er ontstaat dan waterdamp. Door de verandering van temperatuur kan schade aan het email ontstaan. ■Blijft er gedurende langere tijd vocht in de binnenruimte, dan kan dit leiden tot corrosie. De binnenruimte na gebruik laten drogen. Bewaar gedurende langere tijd geen levensmiddelen in de gesloten binnenruimte. Bewaar geen gerechten in de binnenruimte. ■Koelen met de apparaatdeur open: na een bereiding met hoge temperaturen de binnenruimte laten afkoelen met de deur gesloten. Zorg ervoor dat er niets tussen de apparaatdeur beklemd raakt.
Ook wanneer de deur slechts op een kier staat, kunnen naburige voorzijden van meubels in de loop van de tijd beschadigd raken. Alleen na gebruik met veel vocht de binnenruimte laten drogen met de deur open. ■Vruchtensap: De bakplaat bij zeer vochtig vruchtengebak niet te overvloedig bedekken. Vruchtensap dat van de bakplaat druppelt, laat vlekken achter die niet meer kunnen worden verwijderd. Gebruik zo mogelijk de diepere braadslede. ■Sterk vervuilde dichting: wanneer de dichting sterk vervuild is, sluit de apparaatdeur niet goed meer. De aangrenzende voorzijden van meubels kunnen dan beschadigd raken. Is de dichting beschadigd, dan kunt u via de servicedienst een nieuwe aanschaffen. ■Apparaatdeur als vlak om op iets op te leggen of te plaatsen: niets op de apparaatdeur leggen of plaatsen en er niets aan hangen. Geen vormen of toebehoren op de apparaatdeur plaatsen.
Milieubescherming nl77MilieubeschermingMi l i eubes cher mingUw nieuwe apparaat is bijzonder energie-efficiënt. Hier krijgt u tips over de manier waarop u bij het gebruik van uw apparaat nog meer kunt besparen op energie en het apparaat op de juiste manier afvoert.Energiebesparing■Het apparaat alleen voorverwarmen als dit in het recept of in de tabellen van de gebruiksaanwijzing is opgegeven.■Laat diepvrieslevensmiddelen eerst ontdooien voordat u ze in de binnenruimte plaatst.■Gebruik donkere, zwart gelakte of geëmailleerde bakvormen. Deze nemen de hitte bijzonder goed op.■Verwijder de accessoires die u niet nodig heeft uit de binnenruimte.■Open de apparaatdeur tijdens de bereiding zo weinig mogelijk.■Meerdere taarten of cakes kunt u het beste na elkaar bakken. De binnenruimte is dan nog warm. Hierdoor is de baktijd voor het tweede gerecht korter.
U kunt ook twee rechthoekige vormen naast elkaar in de binnenruimte plaatsen.■Bij langere bereidingstijden kunt u het apparaat 10 minuten voor het einde van de bereidingstijd uitzetten en de restwarmte gebruiken voor het afbakken.Milieuvriendelijk afvoerenVoer de verpakking op een milieuvriendelijke manier af.Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
nl Het apparaat leren kennen8*Het apparaat leren kennenHe t appar aat leren kennenIn dit hoofdstuk geven we u uitleg over de indicaties en bedieningselementen. Daarnaast leert u verschillende functies van uw apparaat kennen.Aanwijzing: . Afhankelijk van het apparaattype zijn kleur- en detailafwijkingen mogelijk.BedieningspaneelVia het bedieningspaneel stelt u de verschillende functies van uw apparaat in. Hier ziet u een overzicht van het bedieningspaneel en de indeling van de bedieningselementen.Aanwijzing: . Bij veel apparaten kunnen de schakelaars worden ingedrukt. Om te ver- en ontgrendelen in de nulstand op de schakelaar drukken.Toetsen en displayMet de toetsen kunt u verschillende extra functies van uw apparaat instellen.
Op het display ziet u de bijbehorende waarden.--------DisplayOp het display verschijnt de temperatuur van de binnenruimte, die met de temperatuurknop kan worden ingesteld.De instellingen voor de tijdfuncties verschijnen eveneens. Om de verschillende tijdfuncties te kiezen meerdere keren het sensorgebied r aanraken. Het symbool van de op dat moment gekozen functie is verlicht.(Toetsen en display De Toetsen zijn touch-velden waar sensoren onder liggen.
Tip alleen op het betreffende symbool om de functie te kiezen.Op het display zijn symbolen van actieve functies en de tijdfuncties te zien.0Functiekeuzeknop Met de functiekeuzeknop stelt u de verwarmingsmethode of andere functies in.U kunt de functiekeuzeknop naar rechts of links draaien.8Temperatuurknop Met de temperatuurknop stelt u de temperatuur voor de verwarmingsmethode in of kiest de instelling voor andere functies.De temperatuurknop kunt u ook naar links of rechts draaien.Sensorgebied BetekenisrTijdfuncties Wekker Q Tijdsduur x, Eindtijd y en Tijd kiezen door ze meerdere keren aan te raken.~}MinPlusInstelwaarden verlagen.Instelwaarden verhogen.vGewicht Gewicht in de programma's kiezen.Kinderslot Ovenfuncties via het bedieningspa-neel blokkeren en deblokkeren.
Het apparaat leren kennen nl9Verwarmingsmethoden en functiesMet de functiekeuzeknop stelt u de verwarmingsmethoden en meer functies in. Om altijd de juiste verwarmingsmethode voor uw gerecht te kunnen bepalen, geven wij hier uitleg over de verschillen en toepassingen. --------Aanwijzing: Bij elke verwarmingsmethode geeft het apparaat een voorgestelde temperatuur of stand weer. U kunt deze overnemen of in het betreffende bereik veranderen. Meer functiesUw nieuwe oven biedt u nog meer functies, waarop wij hier een korte toelichting geven. --------Verwarmingsmethode Temperatuur Gebruik93D-hetelucht 50-275 °C Voor het bakken en braden op één of meerdere niveaus. De ventilator verdeelt de warmte van het ronde verwarmingselement aan de achterkant gelijkmatig in de binnenruimte. :Milde hetelucht 50-275 °C Een energiebesparende verwarmingsmethode voor het gezond bereiden van vlees, vis en gebak.
Het apparaat regelt de energietoevoer in de binnenruimte optimaal. Het gerecht wordt in fases bereid met behulp van restwarmte. Zo blijft het sappiger en wordt het minder bruin. Afhankelijk van de bereiding en het gerecht kan energie worden bespaard. De verwarmingsmethode wordt gebruikt voor het vaststellen van de energie-efficiën-tieklasse. ;Pizzastand 50-275 °C Voor het bereiden van pizza's en gerechten die veel warmte van onderen nodig hebben. Het onderste verwarmingselement en het ronde verwarmingselement aan de achter-wand zijn ingeschakeld. AOnderwarmte 50-275 °C Voor de bereiding au bain-marie en om na te bakken. De warmte komt van onderen. CGrill, groot Grillstanden:1 = zwak2 = gemiddeld3 = sterkVoor het grillen van platte stukken, zoals steaks, worstjes of toast, en voor het gratine-ren. Het hele oppervlak onder het grillelement wordt heet.
BBoven- en onder-warmte50-275 °C Voor traditioneel bakken en braden op één niveau. Bijzonder geschikt voor gebak met vochtige bedekking. De warmte komt gelijkmatig van onderen en van boven. Functie GebruikDSnel voorverwarmen Binnenruimte snel opwarmen, zonder accessoires. EVerlichting van de binnenruimte Verlichting van de binnenruimte inschakelen, zonder functie. Hierdoor wordt bijv. het reinigen van de binnenruimte vergemakkelijkt. @Programma's Voor veel gerechten zijn de juiste instelwaarden al in het apparaat geprogrammeerd. ~ "Programma’s" op pagina 26>Reinigingshulp voor de natte reiniging De reinigingshulp voor de natte reinging maakt het reinigen van de binnenruimte gemak-kelijker voor u. ~ "Reinigingsfunctie" op pagina 19.
nl Toebehoren10TemperatuurU stelt de temperatuur in de binnenruimte in met de temperatuurknop. Ook de grill- en reinigingsstanden worden hiermee gekozen. De instellingen verschijnen op het display. Aanwijzingen■Tot 100 °C kan de temperatuur in stappen van 1 graad worden ingesteld, daarboven in stappen van 5 graden. ■Bij zeer hoge temperaturen wordt de temperatuur na langere tijd enigszins verlaagd door het apparaat. TemperatuurindicatieWanneer het apparaat opwarmt, is op het display het symbool p verlicht. In de verwarmingspauzes verdwijnt het. Wanneer u voorverwarmt, is het optimale tijdstip voor het inschuiven van het gerecht bereikt zodra het symbool de eerste keer verdwijnt. Aanwijzingen■De temperatuurindicatie verschijnt alleen bij verwarmingsmethoden waarvoor een temperatuur wordt ingesteld. Bij grillstanden verschijnt de indicatie bijv. niet.
■Door thermische traagheid kan de weergegeven temperatuur een beetje afwijken van de werkelijke temperatuur in de binnenruimte. BinnenruimteVerschillende functies voor de binnenruimte vergemakkelijken het gebruik van uw apparaat. Zo wordt bijv. de binnenruimte volledig verlicht en een koelventilator beschermt het apparaat tegen oververhitting. Apparaatdeur openenOpent u de apparaatdeur wanneer er een programma loopt, dan wordt de werking voortgezet. Verlichting van de binnenruimteBij de meeste verwarmingsmethoden en functies is de verlichting van de binnenruimte aan als het programma loopt. Wordt de werking met de functieschakelaar beëindigd, dan gaat de verlichting uit. Met de stand Verlichting van de binnenruimte, kunt u de lamp met de functiekeuzeknop, inschakelen zonder dat de oven opwarmt. Dit helpt u bijv. bij de reiniging van het apparaat.
KoelventilatorDe koelventilator wordt zo nodig in- en uitgeschakeld. De warme lucht ontsnapt via de deur. Attentie. De ventilatiesleuven niet afdekken. Dan raakt het apparaat oververhit.
De koelventilator loopt een bepaalde tijd na, zodat de binnenruimte na gebruik sneller afkoelt. _ ToebehorenToebehor enBij uw apparaat horen verschillende toebehoren. Hier is krijgt u een overzicht over de meegeleverde toebehoren en de manier waarop ze worden gebruikt. AccessoiresDe meegeleverde accessoires kunnen variëren, afhankelijk van het type apparaat. --------Gebruik alleen originele toebehoren. Deze zijn speciaal op uw apparaat afgestemd. Toebehoren kunt u nabestellen bij de servicedienst, in de vakhandel of via het internet. Aanwijzing: Wanneer de toebehoren heet worden, kunnen ze vervormen. Dit heeft geen invloed op de werking. De vervorming verdwijnt weer nadat ze zijn afgekoeld. Accessoires inschuivenDe binnenruimte heeft 5 inschuifhoogtes. De inschuifhoogtes worden van beneden naar boven geteld.
In de binnenruimte is de bovenste inschuifhoogte bij veel apparaten voorzien van een grillsymbool. Rooster Voor servies, gebak- en ovenschalen. Voor braad- en grillstukken en diepvries-gerechten. Braadslede Voor vochtig gebak, taarten, diepvries-gerechten en grote braadstukken. Hij kan ook worden gebruikt om het vet op te vangen, als u direct op het rooster grilt. Bakplaat Voor plaatgebak en klein gebak. 54321.
Toebehoren nl11De accessoires altijd inschuiven tussen de beide geleidestangen van een inschuifhoogte. De accessoires kunnen tot ongeveer halverwege naar buiten worden getrokken zonder dat ze kantelen. Aanwijzingen■Let erop dat u de accessoires altijd op de juiste manier in de binnenruimte plaatst. ■Schuif de accessoires altijd volledig in de binnenruimte, zodat ze de apparaatdeur niet raken. ■Neem de accessoires die u niet nodig hebt uit de binnenruimte. VergrendelingsfunctieDe toebehoren kunnen tot ongeveer halverwege naar buiten worden getrokken, tot ze inklikken. De vergrendelingsfunctie voorkomt dat de toebehoren kantelen wanneer ze worden verwijderd. De toebehoren dienen op de juiste wijze in de binnenruimte te worden geschoven, zodat de kantelbeveiliging goed werkt.
Let er bij het inschuiven van het rooster op dat de ontgrendelnok ‚ zich aan de achterkant bevindt en naar beneden wijst. De open kant moet naar de apparaatdeur en de kromming naar beneden ¾ wijzen. Let er bij het inschuiven van platen op dat de ontgrendelnok ‚ zich aan de achterkant bevindt en naar beneden wijst. De schuine kant van de toebehoren ƒ moet van voren naar de apparaatdeur wijzen. Voorbeeld in de afbeelding: braadsledeToebehoren combinerenU kunt het rooster gelijktijdig met de braadslede inschuiven, om afdruipende vloeistof op te vangen. Let er bij het plaatsen vanhet rooster op dat beide afstandhouders ‚ op de achterste rand staan. Bij het inschuiven van de braadslede bevindt het rooster zich boven de bovenste geleidestang van de inschuifhoogte.
Voorbeeld in de afbeelding: braadsledeExtra toebehorenExtra toebehoren kunt u kopen bij de servicedienst, in speciaalzaken of via het internet. U vindt een uitgebreid aanbod voor uw apparaat in onze folders of op internet. De beschikbaarheid en de mogelijkheid om online te bestellen is per land verschillend. U kunt dit nakijken in uw verkoopdocumenten. Aanwijzing: Niet alle extra toebehoren passen bij elk apparaat.
Geef bij de aankoop altijd de precieze aanduiding (E-nr. ) van uw apparaat op. ~ "Servicedienst" op pagina 26--------DDDDESpeciale accessoiresRoosterVoor servies, gebak- en ovenschalen en voor braad- en grillstukken. BakplaatVoor plaatgebak en klein gebak. BraadsledeVoor vochtig gebak, taarten, diepvriesgerechten en grote braadstuk-ken. Hij kan ook worden gebruikt om het vet op te vangen, wanneer u direct op het rooster grilt. Uittreksysteem 2-voudigMet de uitschuifrails op hoogte 2 en 3 kunt u de accessoires verder naar buiten trekken zonder dat ze kantelen. Uittreksysteem 3-voudigMet de uitschuifrails op hoogte 1, 2 en 3 kunt u de accessoires verder naar buiten trekken zonder dat ze kantelen. DDD.
nl Voor het eerste gebruik12K Voor het eerste gebruikVo o r het eer st e gebr ui kVoordat u uw nieuwe apparaat kunt gebruiken moet u enkele instellingen uitvoeren: Reinig daarnaast de binnenruimte en de toebehoren. Eerste gebruikNa het apparaat op de stroom is aangesloten verschijnt de tijd op het display. Stel de actuele tijd in. Tijd instellenDe functiekeuzeknop moet op nul staan. De klok is standaard ingesteld op 12:00. 1. Met ~ of } de tijd instellen. 2. Om te bevestigen het sensorgebied r aanraken. Op het display verschijnt de ingestelde tijd. Binnenruimte en accessoires reinigenVoordat u voor het eerst gerechten klaarmaakt met het apparaat dient u de binnenruimte en de accessoires te reinigen. Binnenruimte reinigenOm het "nieuwe" luchtje van de oven te verwijderen, warmt u de lege, gesloten binnenruimte op.
Let erop dat zich geen verpakkingsresten, zoals piepschuimkorreltjes, in de binnenruimte bevinden. Neem voor het opwarmen de gladde oppervlakken in de binnenruimte af met een zachte, vochtige doek. Tijdens het opwarmen van de oven dient de keuken geventileerd te worden. Voer de opgegeven instellingen uit. In het volgende hoofdstuk kunt u lezen hoe u een verwarmingsmethode en temperatuur instelt. ~ "Apparaat bedienen" op pagina 12Na afloop van de weergegeven tijd de oven uitschakelen. Wanneer de binnenruimte afgekoeld is, reinigt u de gladde oppervlakken met zeepsop en een schoonmaakdoekje. Accessoires reinigenReinig de accessoires grondig met zeepsop en een schoonmaakdoekje of een zachte borstel. 1Apparaat bedienenAp p a r a a t bedi enenU heeft de bedieningselementen en hun werking al leren kennen. Nu leggen we uit hoe u het apparaat instelt.
Apparaat in- en uitschakelenDe functiekeuzeknop schakelt het apparaat in en uit. Zodra u hem in een positie buiten de nulstand draait, is het apparaat ingeschakeld. Om het apparaat uit te schakelen de functiekeuzeknop altijd in de nulstand draaien.
Verwarmingsmethode en temperatuur instellenMet de functiekeuze- en temperatuurknop stelt u het apparaat heel eenvoudig in. In der tabel met de verwarmingsmethoden vindt u voor elk gerecht de methode die het meest geschikt is. Het voorbeeld in de afbeelding: Boven- en onderwarmte B bij 190°C. 1. Met de functiekeuzeknop de verwarmingsmethode instellen. 2. Met de temperatuurknop de temperatuur of grillstand instellen. InstellingenVerwarmingsmethode Boven- en onderwarmteBTemperatuur 240 °CTijd 1 uur%&.
Tijdfuncties nl13Na enkele seconden begint de oven op te warmen. Om de oven uit te schakelen de functiekeuzeknop op nul zetten. Aanwijzing: Op het apparaat kan ook de bereidingstijd en de eindtijd worden ingesteld. ~ "Tijdfuncties" op pagina 13WijzigenU kunt de verwarmingsmethode en de temperatuur op elk moment met de daarvoor bestemde knop veranderen. Wanneer u de verwarmingsmethode verandert, wordt de temperatuur van de betreffende voorgestelde waarde veranderd. Snel voorverwarmenMet de functie Snel voorverwarmen kunt u de opwarmtijd verkorten. Gebruik hierna het best:■9 3D-hetelucht■B Boven- en onderwarmteGebruik Snel voorverwarmen alleen bij ingestelde temperaturen van boven de 100 °C. Om een gelijkmatig bereidingsresultaat te krijgen, plaatst u het gerecht pas in de binnenruimte wanneer het snel voorverwarmen beëindigd is. 1. De functiekeuzeknop op D zetten. 2.
Met de temperatuurknop de temperatuur instellen. Na enkele seconden begint de oven op te warmen. Wanneer het snel voorverwarmen is beëindigd, klinkt er een signaal. Het gerecht in de binnenruimte plaatsen en verwarmingsmethode en temperatuur instellen. O TijdfunctiesTi j df unc t i esUw apparaat beschikt over verschillende tijdfuncties. Om bij de tijdsduur te komen een verwarmingsmethode kiezen en het sensorgebied r aanraken. Zodra de tijdsduur is ingesteld kan er een eindtijd worden gekozen. De kookwekker kan op elk moment worden ingesteld. Als de tijdsduur of kookwekkertijd is afgelopen klinkt er een signaal. U kunt het signaal voortijdig beëindigen door het sensorgebied r aan te raken. Aanwijzing: U kunt de signaalduur in de basisinstellingen wijzigen. Bereidingstijd instellenU kunt op de oven de bereidingstijd voor uw gerecht instellen.
Zo wordt de bereidingsduur niet per ongeluk overschreden en hoeft u andere werkzaamheden niet te onderbreken om de werking te beëindigen. Om de tijdsduur van de bereidingstijd te kunnen programmeren mag er geen tijd voor de wekker zijn ingesteld.
U kunt maximaal 23 uur en 59 minuten instellen. De bereidingstijd kan tot een uur in stappen van een minuut worden ingesteld en daarna in stappen van 5 minuten. Afhankelijk van het sensorgebied dat u het eerst aanraakt, begint de bereidingstijd bij een andere voorgestelde waarde: 10 minuten met het sensorgebied ~ en 30 minuten met het sensorgebied }. Voorbeeld in de afbeelding: bereidingstijd 45 minuten. 1. Verwarmingsmethode en temperatuur of grillstand instellen. Tijdfunctie GebruikxBereidingstijd Wanneer de ingestelde bereidingstijd afgelo-pen is, wordt de oven automatisch uitgescha-keld. yEindtijd De tijdsduur en de gewenste eindtijd kiezen. De oven start automatisch, zodat het pro-gramma op het gewenste tijdstip beëindigd is. QKookwekker De kookwekker functioneert als een eierwek-ker. Hij loopt onafhankelijk van het gebruik en de oven wordt er niet door beïnvloed.
nl Tijdfuncties142. Twee keer het sensorgebied r aanraken. Op het display verschijnen A A : A A en het symbool x. 3. De bereidingstijd met ~ of } instellen. Na enkele seconden begint de oven op te warmen. Op het display verschijnt de gekozen temperatuur. De tijd is afgelopenEr klinkt een signaal. De oven warmt niet meer op. Op het display verschijnt ‹‹:‹‹. Zodra het signaal beëindigd is, kunt u het sensorgebied } aanraken en opnieuw een tijdsduur instellen. Schakel de oven uit zodra het gerecht klaar is. Hiervoor de functiekeuzeknop op de nulstand draaien. Wijzigen en afbrekenDe tijdsduur kan op elk moment worden veranderd. Raak hiervoor het sensorgebied r aan en wijzig de tijdsduur met ~ of }. Na enkele seconden wordt de wijziging overgenomen. Om af te breken raakt u het sensorgebied ~ aan en zet u de bereidingstijd op ‹‹:‹‹. De oven warmt zonder tijdsduur verder op.
Tijdfuncties opvragenWanneer er meerdere tijdfuncties zijn ingesteld, zijn de bijbehorende symbolen op het display verlicht. Het symbool waarvan de tijd op dat moment zichtbaar is, wordt weergegeven. Om de waarden van de verschillende tijdfuncties op te vragen raakt u het sensorgebied r zo vaak aan tot het gewenste symbool verschijnt. Einde instellenU kunt het tijdstip waarop de bereidingstijd afloopt op een later tijdstip zetten. U kunt het gerecht bijv. 's morgens in de oven zetten en zo instellen dat het 's middags klaar is. Aanwijzingen■Let erop dat levensmiddelen niet te lang in de oven staan en bederven. ■Stel het einde in als de oven nog koud is. ■Stel geen einde meer in wanneer hij al gestart is. Het bereidingsresultaat kan hierdoor worden beïnvloed. Het einde van de bereidingstijd kan maximaal 23 uur en 59 minuten worden uitgesteld.
Voorbeeld in de afbeelding: het is 10:30 uur, de ingestelde tijdsduur is 45 minuten en het gerecht moet om 12:30 uur klaar zijn. 1. Verwarmingsmethode en temperatuur of grillstand instellen. 2.
Het sensorgebied r twee keer aanraken en de tijdsduur instellen met ~ of }. 3. Het sensorgebied r aanraken. Op het display verschijnen A A : A A en het symbool y. 4. De eindtijd met } of ~ op een later tijdstip zetten. Na enkele seconden neemt de oven de instellingen over. Op het display verschijnt de eindtijd. Zodra de oven in gebruik is, verschijnt de ingestelde temperatuur. De tijd is afgelopenEr klinkt een signaal. De oven warmt niet meer op. Op het display verschijnt ‹‹:‹‹. Zodra het signaal beëindigd is, kunt u het sensorgebied } aanraken en opnieuw een tijdsduur instellen. Schakel de oven uit zodra het gerecht klaar is. Hiervoor de functiekeuzeknop op de nulstand draaien.
Tijdfuncties nl15Wijzigen en afbrekenMet het sensorgebied ~ of } kunt u de eindtijd wijzigen. De wijziging wordt na enkele seconden overgenomen. De eindtijd kan niet meer worden gewijzigd wanneer de tijdsduur al afloopt. Hierdoor kan het bereidingsresultaat worden beïnvloed. Om het programma af te breken zet u met het sensorgebied ~ de eindtijd weer terug naar de actuele tijd plus tijdsduur. Het apparaat begint op te warmen en de tijdsduur loopt af. Tijdfuncties opvragenWanneer er meerdere tijdfuncties zijn ingesteld, zijn de bijbehorende symbolen op het display verlicht. Het symbool waarvan de tijd op dat moment zichtbaar is, wordt weergegeven. Om de waarden van de verschillende tijdfuncties op te vragen raakt u het sensorgebied r zo vaak aan tot het gewenste symbool verschijnt. Kookwerker instellenU kunt de kookwekker gebruiken wanneer de oven in- of uitgeschakeld is.
Er mag echter geen tijdsduur of eindtijd zijn ingesteld. U kunt maximaal 23 uur en 59 minuten instellen. Tot 10 minuten kan de wekkertijd worden ingesteld in stappen van 30 seconden. Hierna worden de tijdstappen groter, naarmate de waarde hoger is. Afhankelijk van het sensorgebied dat u het eerst aanraakt, begint de wekkertijd bij een andere voorgestelde waarde: 5 minuten met het sensorgebied ~ en 10 minuten met het sensorgebied }. 1. Raak het sensorgebied r aan tot het symbool Q oplicht. 2. Met ~ of } de kookwekkertijd instellen. Na enkele seconden begint de wekkertijd af te lopen. Tip: Geldt de ingestelde kookwekkertijd voor het gebruik van de oven, gebruik dan de bereidingsduur. Zo schakelt de oven automatisch uit. De kookwekker is afgelopenEr klinkt een signaal. Op het display verschijnt ‹‹‹‹. Met een willekeurig sensorgebied de kookwekker uitschakelen.
Wijzigen en afbrekenMet ~ of } kunt u de wekkertijd op elk moment veranderen. De wijziging wordt na enkele seconden overgenomen. Om af te breken stelt u met het sensorgebied ~ de kookwekker in op ‹‹:‹‹. De kookwekker gaat uit.
Tijdfuncties opvragenWanneer er meerdere tijdfuncties zijn ingesteld, zijn de bijbehorende symbolen op het display verlicht. Het symbool waarvan de tijd op dat moment zichtbaar is, wordt weergegeven. Om de waarden van de verschillende tijdfuncties op te vragen raakt u het sensorgebied r zo vaak aan tot het gewenste symbool verschijnt. Tijd instellenNa de aansluiting of na een stroomonderbreking knippert de tijd op het display. Stel de tijd in. De functiekeuzeknop dient in de nulstand te staan. 1. Het sensorgebied r twee keer aanraken. De tijd knippert niet meer. 2. Met het sensorgebied ~ of } de tijd instellen. Na enkele seconden wordt de ingestelde tijd weergegeven. Aanwijzing: In de basisinstellingen kunt u vastleggen of de tijd op het display wordt weergegeven. ~ "Basisinstellingen"Tijd wijzigenU kunt de tijd zo nodig weer wijzigen, bijv. van zomer- in wintertijd.
nl Kinderslot16AKinderslotKi nder s l otOm te voorkomen dat kinderen het apparaat per ongeluk inschakelen of instellingen wijzigen, is het voorzien van een kinderslot. Aanwijzingen■In de basisinstellingen kunt u vastleggen of de functie Kinderslot kan worden ingesteld. ~ "Basisinstellingen" op pagina 16■Een eventueel aangesloten kookplaat wordt niet beïnvloed doordat de oven is voorzien van een kinderslot. Activeren en deactiverenOm het kinderslot te activeren moet de functiekeuzeknop op nul staan. Het sensorgebied v ca. 4 seconden lang aanraken. Op het display verschijnt het betreffende symbool. Het kinderslot is ingeschakeld. Aanwijzing: Wanneer er een wekkertijd Q is ingesteld, loopt deze verder. Zolang het kinderslot geactiveerd is, kan de wekkertijd niet worden veranderd. Om te deactiveren het sensorgebied v opnieuw 4 seconden lang aanraken, tot het symbool van het display verdwijnt.
Ovendeur vergrendelenU kunt de basisinstellingen zo wijzigen dat ook de ovendeur wordt vergrendeld. ~ "Basisinstellingen" op pagina 16Is de oven uitgeschakeld, dan vergrendelt de apparaatdeur direct wanneer u het kinderslot activeert. Q BasisinstellingenBa s i s i n s t e l l i n g e nEr zijn verschillende instellingen beschikbaar om uw apparaat optimaal en eenvoudig te kunnen bedienen. U kunt nu deze instellingen naar wens wijzigen:Lijst met basisinstellingenAfhankelijk van de uitvoering van uw apparaat zijn niet alle basisinstellingen beschikbaar. --------Basisinstelling Keuze™‚ Signaalduur na het verstrijken van een tijdsduur of wekker-tijd‚ = ca. 10 secondenƒ = ca. 30 seconden*„ = ca. 2 minuten™ƒ Wachttijd totdat een instel-ling is overgenomen‚ = ca. 3 seconden*ƒ = ca. 6 seconden„ = ca.
10 seconden™„ Toetssignaal bij het aantippen van een toets‹ = uit‚ = aan*™… Helderheid van de displayver-lichting‚ = donkerƒ = gemiddeld*„ = helder™† Indicatie van de tijd ‹ = tijdsweergave uit‚ = tijdsweergave aan*™‡ Kinderslot activeren mogelijk ‹ = nee‚ = ja*ƒ = ja, met deurvergrende-ling**™ˆ Verlichting van de binnen-ruimte bij gebruik‹ = nee‚ = ja*™‰ Nalooptijd van de koelventila-tor‚ = kortƒ = gemiddeld*„ = lang… = extra lang™Š Telescooprails achteraf aan-gebracht**‹ = nee*‚ = ja™‘ Alle waarden naar de fabriek-sinstelling terugzetten‹ = nee*‚ = ja* Fabrieksinstelling (afhankelijk van het apparaattype kunnen de fa-brieksinstellingen afwijken)** Niet beschikbaar bij alle apparaten.
Reinigen nl17Basisinstellingen wijzigenDe functiekeuzeknop dient in de nulstand te staan. 1. Het sensorgebied r ca. 4 seconden lang aanraken. Op het display verschijnt de eerste basisinstelling, bijv. ™‚ ‚. 2. Zo nodig de instelling met ~ of } wijzigen. 3. Om te bevestigen het sensorgebied r aanraken. Op het display verschijnt de volgende basisinstelling. 4. Het sensorgebied r meerdere keren aanraken, om alle basisinstellingen op te vragen. Om de instellingen te wijzigen het sensorgebied ~ of } aanraken. 5. Tot slot opnieuw het sensorgebied r ca. 4 seconden lang aanraken om de gekozen instellingen te bevestigen. Alle basisinstellingen zijn overgenomen. U kunt de basisinstellingen op elk moment opnieuw wijzigen. Aanwijzing: Na een stroomonderbreking blijven de ingevoerde wijzigingen van de basisinstellingen behouden.
DReinigenRe i n i g e nWanneer uw apparaat goed wordt onderhouden en schoongemaakt blijft het er lang mooi uitzien en goed functioneren. Hier leggen we uit hoe u het apparaat goed onderhoudt en schoonmaakt. Geschikte schoonmaakmiddelenLet op de opgaven in de tabellen om te voorkomen dat de verschillende oppervlakken door verkeerde schoonmaakmiddelen worden beschadigd. Afhankelijk van het apparaattype zijn bij uw apparaat niet alle voorzieningen beschikbaar. Attentie. OppervlakteschadeGebruik geen■scherpe of schurende schoonmaakmiddelen,■sterk alcoholhoudende schoonmaakmiddelen,■harde schuur- of schoonmaaksponsjes,■hogedrukreiniger of stoomreiniger of■speciale schoonmaakmiddelen voor de warmtereiniging. Was nieuwe vaatdoekjes voor gebruik grondig uit. Tip: Bijzonder aanbevelenswaardige schoonmaak- en verzorgingsmiddelen kunt u kopen bij de servicedienst.
Houd u aan de betreffende aanwijzingen van de fabrikant. :Waarschuwing – Risico van verbranding. Het toestel wordt zeer heet. Nooit de hete vlakken in de binnenruimte of verwarmingselementen aanraken. Het apparaat altijd laten afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Bereik SchoonmakenBuitenzijde apparaatVoorzijde van roestvrij staalWarm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Kalk, vet, zetmeel en eiwitvlekken onmiddellijk verwijderen. Onder zulke vlekken kan corrosie ontstaan. Bij de servicedienst of in de vakhandel zijn speci-ale schoonmaakmiddelen voor roestvrij staal ver-krijgbaar die geschikt zijn voor warme oppervlakken. Het schoonmaakmiddel heel dun opbrengen met een zachte doek. Knststof Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Geen glasreiniger of schraper gebruiken. Gelakte opper-vlakkenWarm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Bedieningspaneel Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Geen glasreiniger of schraper gebruiken.
nl Reinigen18--------Aanwijzingen■Geringe kleurverschillen op de voorzijde van het apparaat ontstaan door gebruik van verschillende materialen, zoals glas, kunststof en metaal. ■Donkere plekken bij de ruiten van de deur, lijkend op vegen, zijn lichtreflexen van de verlichting van de binnenuimte. ■Het email wordt ingebrand op zeer hoge temperaturen. Hierdoor kunnen er kleine kleurverschillen ontstaan. Dit is normaal en heeft geen nadelige invloed op de werking. De smalle randen van de bakplaten kunnen niet volledig worden geëmailleerd. Ze kunnen daarom ruw zijn. De bescherming tegen corrosie blijft hierbij intact. Apparaat schoon houdenOm te voorkomen dat er hardnekkig vuil ontstaat, dient u het apparaat altijd schoon te houden en vuil direct te verwijderen. :Waarschuwing – Risico van brand. Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen.
Voor gebruik dient u de binnenruimte, de verwarmingselementen en de accessoires vrij te maken van grove verontreiniging. Tips■De binnenruimte na gebruik altijd schoonmaken. Zo kan er geen vuil inbranden. ■Verwijder kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken altijd onmiddellijk. ■Voor het bereiden van zeer vochtig gebak de braadslede gebruiken. ■Gebruik geschikt gerei om te braden, bijv. een braadpan. Ruiten van de deurWarm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Geen schraper of schuursponsjes van roestvrij staal gebruiken. Deurgreep Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Als er ontkalkingsmiddel op de deurgreep komt, direct afnemen. Anders ontstaan er mogelijk vlek-ken die niet meer verwijderd kunnen worden.
Binnenzijde apparaatEmaillen vlakken Warm zeepsop of water met azijn: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Ingebrande voedselresten met een vochtige doek en zeepsop losweken. Bij sterke vervuiling een schuursponsje van roestvrij staal of ovenreiniger gebruiken.
De binnenruimte na het schoonmaken open laten om te drogen. Het beste de reinigingsfunctie gebruiken. ~ "Reinigingsfunctie" op pagina 19Aanwijzing: Door voedselresten kan een witteaanslag ontstaan. Dit is een normaal verschijnselen de werking wordt hierdoor niet beïnvloed. Zo nodig verwijderen met citroenzuur. Glazen kapje van de binnenruimte-verlichtingWarm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Bij sterke vervuiling ovenspray gebruiken. Deurafscherming van roestvrijstaal: Reinigingsmiddelen voor roestvrij staal gebruiken. Neem de aanwijzingen van de fabrikant in acht. Geen schoonmaakmiddelen voor roestvrij staal gebruiken. van kunststof: Met warm zeepsop en een schoonmaakdoekje reinigen. Met een zachte doek nadrogen. Geen glasreiniger of schraper gebruiken. Deurafscherming afnemen om hem schoon te maken.
Rekjes Warm zeepsop: Laten weken en reinigen met een schoonmaak-doekje of borstel. Uittreksysteem Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje of borstel schoonma-ken. Verwijder het smeervet niet van de uitschuifrails. U kunt ze het beste reinigen wanneer ze inge-schoven zijn. Niet afwassen in de vaatwasma-chine. Toebehoren Warm zeepsop: Laten weken en reinigen met een schoonmaak-doekje of borstel. Bij sterke vervuiling een schuursponsje van roest-vrij staal gebruiken.
Reinigingsfunctie nl19. ReinigingsfunctieRe i n i g i n g s f u n c t i eHet apparaat beschikt over de functie „Zelfreiniging” en de reinigingshulp voor de natte reiniging. Met de functie „Zelfreiniging” kunt u de binnenruimte moeiteloos reinigen en de reinigingshulp vergemakkelijkt de dagelijkse reiniging van de binnenruimte. ZelfreinigingMet de reinigingsfunctie „Zelfreiniging” kan de binnenruimte moeiteloos worden gereinigd. De binnenruimte wordt opgewarmd tot een zeer hoge temperatuur. Resten van het bakken, braden en grillen verbranden. U kunt drie reinigingsstanden kiezen. Hoe sterker en ouder de verontreiniging, des te hoger de reinigingsstand moet zijn. Het is voldoende wanneer u de binnenruimte om de twee tot drie maanden reinigt. Zo nodig kunt u het ook vaker doen. Voor het reinigen zijn ca. 2,5-4,8 kilowattuur nodig.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Blaupunkt 5B47M8060 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Oven Blaupunkt
Handleiding Oven
Nieuwste handleidingen voor Oven
