Berbel BIH 120 BL Handleiding

Berbel Afzuigkap BIH 120 BL

Bekijk gratis de handleiding van Berbel BIH 120 BL (36 pagina’s), behorend tot de categorie Afzuigkap. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 23 mensen. Heb je een vraag over Berbel BIH 120 BL of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/36
NL Eilandkap
Glassline
NL Gebruiks- en montagehandleiding voor de modellen
BIH 100 GL
6005735_0

Beoordeel deze handleiding


Product specificaties

Merk: Berbel
Categorie: Afzuigkap
Model: BIH 120 BL

Handleiding Berbel BIH 120 BL – volledige tekst

2 6005735_0 – 31.03.2021DocumentinformatieGebruiks- en montagehandleiding voor: yEiland-afzuigkap Glassline BEH 100 GL E02 y Originele handleiding. y Deel van het product. y Door de auteurswet beschermd. y Vermenigvuldiging, reproductie en doorgeven alleen met toestemming. y Wijzigingen voorbehouden.Veiligheidsinstructies DGEVAAR!Aanwijzingen met het woord GEVAAR waarschuwen voor een gevaarlijke situatie die ernstig of dodelijk letsel tot gevolg zal hebben. DWAARSCHUWING!Aanwijzingen met het woord WAARSCHUWING waarschuwen voor een gevaarlijke situatie die ernstig of dodelijk letsel tot gevolg kan hebben. DVOORZICHTIG!Aanwijzingen met het woord VOORZICHTIG waarschuwen voor een situatie die licht of middelzwaar letsel tot gevolg kan hebben.

DATTENTIE!Aanwijzingen met het woord ATTENTIE waarschuwen voor een situatie die materiële schade of milieuschade tot gevolg kan hebben.Verklaring van de symbolen, tekst ☞Oproep tot actie yOpsomming DVerwijzing naar andere plaatsen in dit document Verwijzing naar andere documenten die moeten worden opgevolgdVerklaring van de symbolen, afbeeldingenxAB1.2. Accentuering van de actiegedeeltes met vlakken1. Handelingsstappen met nummering A Benaming onderdelen met hoofdlettersx Maten met kleine letters of eenheden in mm Bewegings- en richtingspijlen

4Veiligheidsinformatie6005735_0 – 31. 03. 20211. Veiligheidsinformatie 1. 1 Doelmatig gebruik Het apparaat dient voor het afzuigen van kookdampen. Het apparaat is uitsluitend bestemd voor het gebruik in particuliere huishoudens. Het apparaat mag uitsluitend met de originele filters van de fabrikant worden gebruikt. Het gebruik van het apparaat is alleen toegestaan in technisch onberispelijke toestand en na correcte montage. Elk ander gebruik geldt als ondoelmatig gebruik. Tot doelmatig gebruik behoort ook het lezen en opvolgen van deze handleiding. 1. 2 Geautoriseerde doelgroepenElektrotechnische werkzaamheden alleen laten uitvoeren door gekwalificeerde elektromonteurs conform DIN VDE 0100. Eisen aan gekwalificeerde elektromonteurs: yBasiskennis van de elektrotechniek. yKennis van de landspecifieke bepalingen en normen (in Duitsland bijv. DIN VDE 0100, deel 701).

yKennis van de van toepassing zijnde veiligheidsvoorschriften. yKennis van de van toepassing zijnde wettelijke voorschriften voor gasinstallaties (in Duitsland bijv. de technische regels voor gasinstallaties TRGI). yKennis van deze handleiding. Montage en reparaties alleen door gekwalificeerd, deskundig vakpersoneel. Eisen aan gekwalificeerd, deskundig vakpersoneel: yKennis van de bepalingen voor arbeidsveiligheid (ARBO). yKennis van de bevestigingstechniek. yBasiskennis van de ventilatietechniek. yErvaring in het gebruik van elektrische en mechanische gereedschappen. yKennis van het lezen van technische tekeningen. y Kennis van deze handleiding. Bediening, reiniging en reparaties door gebruikers. Eisen aan de gebruikers: y Kennis van deze handleiding. Voor de volgende gebruikers gelden bijzondere eisen: yKinderen van 8 jaar en ouder.

y Personen met een verminderd fysiek, sensorisch of mentaal vermogen. yPersonen met gebrek aan ervaring en kennis. Deze gebruikers mogen uitsluitend opdracht krijgen voor het bedienen, reinigen en onderhouden. Bijzondere eisen: y De gebruikers staan onder toezicht.

y De gebruikers worden geïnstrueerd over het veilig gebruik van het apparaat. y Gebruikers begrijpen de gevaren bij de omgang met het apparaat. yKinderen mogen niet met het apparaat spelen. 1. 3 Algemene veiligheidsinstructies DWAARSCHUWING. Gevaar door het niet opvolgen van de gebruiks- en montagehandleiding. Deze handleiding bevat belangrijke informatie voor een veilige omgang met het apparaat. Op mogelijke gevaren wordt gewezen. ☞Lees deze handleiding zorgvuldig door. ☞De veiligheidsinstructies in deze handleiding moeten worden opgevolgd. ☞De handleiding vrij toegankelijk opbergen. Open vuur kan het apparaat beschadigen en branden veroorzaken. yGaswerking alleen met een korte gasvlam (niet tot over de rand van de bodem van de pan). yFlambeer niet onder het apparaat. yFrituur niet onder het apparaat zonder continu toezicht.

In de volgende gevallen is het gebruik van het apparaat verboden: yWanneer de vereiste veiligheidsvoorzieningen ontbreken (bijv. bij gelijktijdig gebruik van een ruimtelucht-afhankelijke brander). yWanneer de vereiste vergunningen ontbreken (bijv. door schoorsteenveger). yIn omgevingen met explosiegevaar. yBij beschadiging van het apparaat of afzonderlijke componenten. yBij eigenmachtige ombouw van of wijzigingen aan het apparaat. yAls vloeistof binnendringt in het apparaat. yBij sterke verontreiniging. yVoor kinderen onder 8 jaar en personen die gevaren bij de omgang met het apparaat niet kunnen inschatten. In de volgende gevallen accepteert de fabrikant geen aansprakelijkheid voor schade: yBij het negeren van deze handleiding. yBij ondoelmatig gebruik van het apparaat. yBij ondeskundige montage en ondeskundig gebruik van het apparaat.

yBij gebruik van het apparaat door niet geautoriseerde doelgroepen. yBij omzeiling van de veiligheidsvoorzieningen aan het apparaat. yBij gebruik van vervangingsonderdelen (bijv. stroomkabels), die niet door de fabrikant zijn geproduceerd of goedgekeurd.

5Productinformatie6005735_0 – 31.03.2021NL2. Productinformatie2.1 FunctieprincipeCentrifugale kracht y Kookdampen worden door een spleet in de kap gezogen, versneld en in een boog omgeleid. y Door de centrifugale kracht die daarbij ontstaat, worden vuildeeltjes (bijv. vet- en oliedeeltjes) uit de lucht weggeslingerd. yDe vuildeeltjes worden zowel in de onderst schaal als in de afscheider afgescheiden en verzameld.BackFlow-technologie (optioneel) yCondens of druppels op de afzuigkap (bijv. als waterdamp het koude oppervlak raakt) wordt voorkomen door beluchting van de onderkant van de afzuigkap.

yEen deel van de afgezogen lucht wordt via de zijkanten langs de onderkant van de kap geblazen en gericht naar de aanzuigspleet gestuurd.2.2 BedrijfsmodiHet apparaat is geschikt voor de volgende bedrijfsmodi: yLuchtcirculatiemodus yAfzuigmodus yHybride modus2.2.1 LuchtcirculatiemodusDe filtervulling in het circulatiefilter neutraliseert de aanwezige geurtjes. De geurloze, gereinigde lucht wordt weer naar de ruimte geleid. Door toevoer van verse lucht kan de luchtvochtigheid in de ruimte worden verlaagd.Bij de luchtcirculatiemodus is het gebruik van de naloopfunctie noodzakelijk, opdat het apparaat de resterende geuren kan opnemen. Door het gebruik van de naloopfunctie wordt de levensduur van de filtervulling verlengd. De filtervulling moet regelmatig worden vervangen.2.2.2 AfzuigmodusDe gereinigde lucht wordt via de bouwconstructie (bijv.

De geurloze, gereinigde lucht wordt weer naar de ruimte geleid.De luchtcirculatiemodus is aan te bevelen in de winter, wanneer er geen warme lucht naar buiten gevoerd moet worden.2.3 ProductoverzichtEDFGABCHA Rookkanaal met bekledingB Body van de kapC BedieningspaneelD Onderkant van de body van de kapE Onderste schaal (uitneembaar)F Afscheider (uitneembaar) bestaande uit een centrifugaalafscheider en een opvangzeef („Capillar Trap“) G Typeplaatje (in de luchtinlaatschacht van de afscheider)H KookplaatverlichtingFCDGJEABHIA PlafondbevestigingsplaatB Hoekverbindingen met hoogteverstellingC Kartelmoer voor voorpaneelD Netkabel met Wielandstekker en apparaatstekkerE BackFlow-aansluitstuk (bij gebruik van de BackFlow-technologie)F Aansluitstekkerbussen voor accessoiresG KabelverbindingenH Houders voor afdekkap zijkantI Houders voor achterpaneelJ Houders voor voorpaneel

8Productinformatie6005735_0 – 31.03.20212.5 Technische gegevensBEH100GLE02Aansluitspanning 230 V / 50 HzTotaal vermogen 188 WOpgenomen vermogen ventilator 170 WLampen Led 17,2 W, 637 lxKleurtemperatuur kookplaatverlichting, instelbaar 2700 - 6500 KBreedte 1000 mmDiepte 670 mmHoogte bij luchtcirculatiemodus met circulatiefilter BUF 150 + 745 - 995 mmHoogte bij luchtcirculatiemodus met circulatiefilter permalyt 895 - 995 mmHoogte bij afzuigmodus 645 - 995 mmHoogte bij hybride modus 945 - 995 mmNettogewicht (bij een rookkanaallengte van 900 mm) 39 kgDe gegevens over het energieverbruik staan in het productgegevensblad. D„9.1 Productgegevensblad“ (pagina 34).Informatie over het model (bijv. serienummer, bouwjaar) staat op het typeplaatje. D„2.3 Productoverzicht“ (pagina 6).

9Montage6005735_0 – 31. 03. 2021NL3. Montage3. 1 Veiligheidsinstructies voor de montage DWAARSCHUWING. Gevaar door veronachtzaming van de montage-instructies. Dit hoofdstuk bevat belangrijke informatie voor een veilige montage van het apparaat. ☞Dit hoofdstuk voor de montage zorgvuldig doorlezen. ☞De veiligheidsinstructies opvolgen. ☞De montage uitvoeren zoals is beschreven. yMontage alleen door gekwalificeerd, deskundig personeel. D„1. 2 Geautoriseerde doelgroepen“ (pagina 4). yElektrotechnische werkzaamheden alleen laten uitvoeren door gekwalificeerde elektromonteurs. D„1. 2 Geautoriseerde doelgroepen“ (pagina 4). yDe montage mag alleen met twee personen worden uitgevoerd. yBij werkzaamheden op hoogte moet u letten op een stabiele stapositie (bijv. een stabiele keukentrap). yDe kookplaat en andere onderdelen die kunnen worden aangeraakt, moeten voor de montage zijn afgekoeld.

yBewaar folie en andere verpakkingsonderdelen op een plek die voor kinderen niet toegankelijk is. yHet apparaat moet voor de montage onbeschadigd en in probleemloze toestand zijn. yDe kabels mogen niet geknikt zijn, bekneld raken of worden beschadigd. yDe ventilatorbehuizing mag nooit geopend worden. yDe bevestiging van andere onderdelen (bijv. panelen, luchtkanalen) aan het apparaat is niet toegestaan. yDe vereiste netspanning moet met de aangegeven spanning op het typeplaatje overeenkomen. D„2. 5 Technische gegevens“ (pagina 8). yVoor de montage moet ervoor gezorgd worden, dat de stroomvoorziening onderbroken is en blijft. De stroomvoorziening wordt pas ingeschakeld na de vraag hiertoe in de betreffende montagestap. 3. 2 Eisen aan de montageplaats DWAARSCHUWING. Levensgevaar door ondeskundige montage. Het negeren van omgevingscondities kan tot gevaarlijke situaties leiden, bijv.

yBij gelijktijdig gebruik van een ruimteluchtafhankelijke brander (bijv. rookkanaal) binnen hetzelfde luchtsysteem: yEen veiligheidsvoorziening is absoluut noodzakelijk. yDe veiligheidsvoorziening moet verhinderen dat gassen worden binnengezogen in de ruimte. y Er moet op worden gelet dat de onderdruk in de installatieruimte van de brander niet groter is dan 4 Pa. yEr moet een vergunning voor de inbedrijfstelling (bijv. door schoorsteenveger) aanwezig zijn. y De montage is alleen toegestaan aan draagkrachtige delen van het gebouw (massieve bouwwijze). yHet plafond moet vlak en waterpas zijn. yIndien er een opening in de muur moet worden gemaakt: Een wanddoorvoer beïnvloedt de statica van het gebouw, er bestaat instortingsgevaar. De uitvoering is alleen door een installateur toegestaan. yBij montage boven een stookplaats (fornuis/kachel/brander) voor vaste brandstoffen (bijv.

kolenkachel): De stookplaats moet een gesloten, niet afneembare afdekking hebben. Anders bestaat er brandgevaar door wegvliegende vonken. De betreffende wettelijke en nationaal geldende voorschriften in acht nemen. yUitstromende lucht moet ongehinderd kunnen ontsnappen. Geen hinderen van de luchtstroom bijv. door montage van objecten op of aan het apparaat. yDe elektrische installatie van het gebouw moet over een correcte aarding beschikken. yDe onderhavige netspanning moet met de aangegeven spanning op het typeplaatje overeenkomen. yIn de montagezone van het rookkanaal moet een ca. 80 cm lange aansluitkabel voor de voedingsspanning voorbereid zijn. yDe stekker moet na het inbouwen toegankelijk zijn. Alternatief moet in het stroomnet een scheidingsinrichting voor alle polen aanwezig zijn (contactopening van minimaal 3 mm).

10Montage6005735_0 – 31. 03. 20213. 3 Eisen volgens de bedrijfsmodiAfhankelijk van de bedrijfsmodus kunnen andere accessoires nodig zijn. 3. 3. 1 Eisen bij de luchtcirculatiemodus yCirculatiefilter op de ventilatorafvoer. yDoorsnedes van de ventilatiesleuven in de bovenbouw groter dan 300 cm2. yFiltervulling vrij toegankelijk om deze te kunnen vervangen. 3. 3. 2 Eisen bij de afzuigmodus yAfzuigkanaal op de ventilatorafvoer. D„3. 4 Eisen aan de afzuigleiding (alleen bij afzuig- of hybride modus)“ (pagina 10). yDiameter van het afzuigkanaal minimaal 150 mm (komt overeen met een oppervlak van ca. 177 cm2). yVoor voldoende toevoer van verse lucht wordt gezorgd door montage van de vereiste accessoires. yRaamcontactschakelaar. yWandkast BMK-F / BMK-Z. 3. 3. 3 Eisen bij hybride modus yHybride filter op de ventilatorafvoer. yAansluiting afzuigkanaal op het hybride filter. D„3.

4 Eisen aan de afzuigleiding (alleen bij afzuig- of hybride modus)“ (pagina 10). yDoorsnedes van de ventilatiesleuven in de bovenbouw groter dan 300 cm2. yDiameter van het afzuigkanaal minimaal 150 mm (komt overeen met een oppervlak van ca. 177 cm2). yFiltervulling vrij toegankelijk om deze te kunnen vervangen. yVoor voldoende toevoer van verse lucht wordt gezorgd door montage van de vereiste accessoires. yRaamcontactschakelaar. yWandkast BMK-F / BMK-Z. 3. 4 Eisen aan de afzuigleiding (alleen bij afzuig- of hybride modus) DWAARSCHUWING. Brand- en verstikkingsgevaar door ondeskundige montage. Bij gebruik van het afzuigkanaal samen met andere apparaten of bij aansluiting op actieve afvoerkanalen (bijv. open haard), kunnen gassen of rook worden binnengezogen in de ruimte. ☞Stel vast dat de eisen aan de afzuigleiding altijd worden opgevolgd.

yBij gebruik van een rookkanaal als afzuigkanaal: yHet rookkanaal mag niet door andere apparaten worden gebruikt. yToevoer van de afgezogen lucht in het rookkanaal met een naar boven gerichte bocht van 90°. yVrijgave door een schoorsteenveger. yBij het door het dak of de buitenwand leiden van het afzuigkanaal: yDe doorsnede van de ventilatorafvoer wordt niet onderschreden. yMontage van een condenswateropvanginrichting in het afzuigkanaal om waterschade aan het apparaat te voorkomen. De condenswateropvanginrichting moet voldoende gedimensioneerd zijn. De doorsnede, lengte soort en het verloop van het afzuig-kanaal beïnvloeden het afzuigrendement. Sterk afgebogen lucht leidt tot vermogensverliezen en geluiden. Voor optimale prestaties van het apparaat: yHet afzuigkanaal is zo kort mogelijk en leidt direct naar buiten. yDe voorgeschreven doorsnede van het afzuigkanaal wordt aangehouden. D„3.

3 Eisen volgens de bedrijfsmodi“ (pagina 10). yGebruik uitsluitend buizen en bochten met een glad oppervlak aan de binnenkant. Om wervelingen of stuwing van de getransporteerde lucht te voorkomen – geen gebruik van: ySpiraalslangen. yFlexkanalen. yVlakke afbuigstukken. yAfvoerluchtkanalen met scherpe randen. Voor de montage van het apparaat moet lokaal een afzuigkanaal aanwezig zijn.

☞Stel het benodigde werktuig en materiaal samen: yStabiele keukentrap yDuimstok of meetband yStift yWaterpas ySoldeertin yKruiskopschroevendraaier PH2 yInbussleutel maat 2,5 mm ySleufschroevendraaier SL 2,5 x 0,4 ySteeksleutel maat 13 mm ySteenboor ø 8 mm yKlopboormachine yStanleymes yBeschermingsmateriaal (bijv. dik karton) voor kookplaat en werkvlak ☞De montageomgeving vrijhouden van voorwerpen, die kunnen storen of beschadigen. ☞Stel vast dat de kookplaat en andere onderdelen die kunnen worden aangeraakt zijn afgekoeld. ☞Bescherm de kookplaat en andere vlakken in de montageomgeving (bijv. met dik karton). ☞Stel vast dat de stroomvoorziening onderbroken is en blijft. De stroomvoorziening wordt pas ingeschakeld na de vraag hiertoe in de betreffende montagestap. Wanneer accessoires (bijv.

Het apparaat en het oppervlak hiervan kunnen bij het uitpakken of bij het transport worden beschadigd. ☞Snijd niet in de beschermende kartonverpakking. ☞Houd voorwerpen uit de buurt, die het apparaat kunnen bekrassen (bijv. gereedschap, riemgespen). ☞Pak het apparaat en alle meegeleverde onderdelen voorzichtig uit. ☞Zet het apparaat op een vaste, schone en beschermende onderlaag (bijv. dik karton). ☞Controleer het apparaat en alle aanwezige delen op beschadigingen. ☞Controleer de levering op volledigheid. D„2. 4 Leveringsomvang“ (pagina 7). Wanneer delen ontbreken of beschadigd zijn: ☞Neem contact op met uw dealer of de klantenservice. ☞Verwijder het verpakkingsmateriaal en de beschermfolie. D„8. 1 Verpakking afvoeren“ (pagina 33).

12Montage6005735_0 – 31.03.20213.5.3 Ophangpositie bepalenHet apparaat is gemaakt om aan het plafond te hangen. Bij bevestiging aan een massief plafond: ☞Controleer of de draagkracht van het plafond voldoende is. ☞Gebruik het meegeleverde bevestigingsmateriaal.Bij andere montageomstandigheden: ☞Informeer voor de montage naar alternatieve bevestigingsmogelijkheden (bijv. bij een architect). ☞Gebruik voor het plafond geschikt bevestigingsmateriaal.Voorpaneel, achterpaneel en de zijkant rookkanaalpanelen zijn af fabriek aan de betreffende plafondhoogte aangepast. Het rookkanaal is af fabriek op een hoogte van 750 mm voorgemonteerd.Om de hoogte van het rookkanaal aan de montageomstandigheden aan te passen zijn de volgende stappen noodzakelijk: ☞De schroeven en moeren van de hoekverbindingen losdraaien. ☞Stel de gewenste hoogte in, in stappen van 50 mm.

☞Zet de hoekverbindingen weer vast met de bouten en moeren. ☞Zorg ervoor dat het rookkanaal goed vastzit.Vooraanzichtx==Veiligheidsafstand (x): yAanbevolen 700 mm. yBij elektrische kookvelden tenminste 600 mm. yBij gaskookplaten ten minste 650 mm. De specificaties voor de kooktoestellen moeten in acht worden genomen (bijv. bij installatie boven een fornuis op vaste brandstof). ☞Zorg ervoor of de veiligheidsafstand in acht wordt genomen.Bovenaanzicht272= =220= = ☞Bepaal de ophangpositie. ☞Markeer het middelpunt van het apparaat op het plafond.

13Montage6005735_0 – 31.03.2021NL DWAARSCHUWING!Levensgevaar door explosies of elektrische schok!Het aanboren van gas-, water- of elektrische leidingen kan tot gevaarlijke situaties leiden. ☞Controleer of zich op de bevestigingspunten geen leidingen in het plafond bevinden. ☞De boormal parallel op de voorkant van het apparaat uitlijnen. ☞Bepaal en markeer de bevestigingspunten met behulp van de boormal.Ø 8 ☞Boor de gaten in het plafond. ☞Sla de ankerbouten in de boorgaten. ☞Controleer of de ankerbouten stevig in de boorgaten zitten.6 ☞Schroef op de positie van de slotgaten de moeren en onderlegringen op de ankerbouten. ☞Zorg ervoor dat de afstand tussen plafond en onderlegring ca. 6 mm bedraagt.

14Montage6005735_0 – 31.03.20213.5.4 Rookkanaal ophangen DWAARSCHUWING!Letselgevaar door ondeskundig gebruik!De grootte en het gewicht van het apparaat vergen bij het ophangen veel kracht. Wanneer het apparaat valt, is ernstig letsel mogelijk. ☞Hang het apparaat met twee personen op. ☞Zorg voor een veilige standplaats bij het ophangen. ☞Zorg ervoor, dat er verder geen personen in de werkzone aanwezig zijn. DATTENTIE!Gevaar voor materiële schade door ondeskundig gebruik!De grootte en het gewicht van het apparaat vergen bij het ophangen veel kracht. Wanneer het apparaat valt, kunnen het apparaat, keukenmeubels en andere voorwerpen beschadigd raken. ☞Dek de afgekoelde kookplaat af. ☞De montageomgeving vrijhouden. ☞Het rookkanaal met de voorkant uitlijnen op de voorkant van de kookplaat. ☞Til het rookkanaal op. ☞Plaats het rookkanaal over de ankerbouten tegen het plafond.

☞Draai het rookkanaal zodanig dat het op de positie van beide slotgaten door de moeren wordt gedragen. ☞Zorg ervoor dat het rookkanaal in deze positie wordt gehouden. ☞Het rookkanaal met de voorkant parallel uitlijnen op de voorkant van de kookplaat. ☞Draai de moeren op de slotgaten stevig vast. ☞De moeren en onderlegringen op beide andere ankerbouten plaatsen en de moeren aandraaien. ☞Controleer of alle moeren stevig aangedraaid zijn. ☞Verwijder het deksel van het kabelcompartiment op het rookkanaal.De kabels van de body van de kap zijn voor transport geborgd. ☞Verwijder voor het ophangen de transportbeveiliging van de kabels.

15Montage6005735_0 – 31.03.2021NL3.5.5 Body van de kap ophangen DWAARSCHUWING!Letselgevaar door ondeskundig gebruik!De grootte en het gewicht van het apparaat vergen bij het ophangen veel kracht. Wanneer het apparaat valt, is ernstig letsel mogelijk. ☞Hang het apparaat met twee personen op. ☞Zorg voor een veilige standplaats bij het ophangen. ☞Zorg ervoor, dat er verder geen personen in de werkzone aanwezig zijn. DATTENTIE!Gevaar voor materiële schade door ondeskundig gebruik!De grootte en het gewicht van het apparaat vergen bij het ophangen veel kracht. Wanneer het apparaat valt, kunnen het apparaat, keukenmeubels en andere voorwerpen beschadigd raken. ☞Dek de afgekoelde kookplaat af. ☞De montageomgeving vrijhouden. ☞De Body van de kap met de voorkant uitlijnen op de voorkant van de kookplaat.

☞Til de body van de kap van onderaf naar het rookkanaal totdat de vier metaalklemmen vastklikken. ☞Zorg ervoor dat de body van de kap in deze positie wordt gehouden. ☞De body van de kap met bouten aan de houders op het rookkanaal vastzetten. ☞Steek de kabels van het bedieningspaneel en van de kookplaatverlichting in de connectoren op het rookkanaal. ☞Schroef daarna het deksel van het kabelcompartiment weer terug.

16Montage6005735_0 – 31.03.2021 ☞Plaats de montagehulp in het midden van het rookkanaal. ☞Lijn de montagehulp vlak uit met de onderkant van de body van de kap. ☞Schuif de houdbeugels van de afdekkappen in de sleuven aan de zijkant van de body van de kap. ☞Klap de afdekkappen omhoog. ☞De afdekkappen met een bout van binnenuit vastzetten. ☞Verwijder het montagehulpmiddel.3.5.6 Accessoires aansluitenAfhankelijk van de montagesituatie worden aanwezige accessoires op de kap aangesloten, bijv.: yWandkast yRaamcontactschakelaar yStelklep yCirculatiefilter permalyt De handleidingen van de accessoires opvolgen. DATTENTIE!Gevaar voor beschadigingen door ondeskundig aansluiten!De aansluitspanning of gebrekkige aansluitingen kunnen leiden tot beschadigingen aan de elektronica. ☞Stel vast dat de stroomvoorziening onderbroken is en blijft. ☞Zorg voor de juiste toewijzing van de aansluitingen.

☞Zorg dat de stekkers van de accessoires volledig worden ingestoken.ABCA Penstekkerbus – voor het aansluiten van muurkast, stelklep of circulatiefilter permalyt. B Holle penstekkerbus – voor het aansluiten van raamcontactschakelaar.C Aansluitstekkerbus (RJ45) – BUS-interface, voor verbinding met speciale accessoires van de fabrikant. Een verbinding met een PC of andere apparaten is niet toegestaan.

17Montage6005735_0 – 31.03.2021NLWandkast yDe wandkast is gesloten, wanneer het aansturingscontact geopend is. yDe wandkast is geopend, wanneer het besturingscontact gesloten is. Raamcontactschakelaar yDe ventilator van de kap is alleen bedrijfsklaar, wanneer het raam geopend is. Veiligheidsinrichting yDe ventilator van de kap is alleen bedrijfsklaar, wanneer geen kritieke onderdruk in de ruimte wordt vastgesteld. ☞Sluit alle aanwezige accessoires aan. ☞Leg de kabel zo, dat deze niet kan worden geknikt, bekneld kan raken of kan worden beschadigd of bij het vervangen van de filtervulling in de weg zit.3.5.7 Voedingsspanning aansluiten DWAARSCHUWING!Levensgevaar door elektrische schokken!Het aanraking van delen die onder stroom staan, kan toteen elektrische schok, verbrandingen of de dood leiden. ☞Stel vast dat de stroomvoorziening onderbroken is en blijft.

☞Let op de aangegeven spanning op het typeplaatje. ☞Sluit de aansluitkabel voor de voedingsspanning aan op de Wielandstekker. ☞Steek de aansluitkabel met de Wielandstekker in de Wieland-bus van het apparaat. ☞Leg de kabel zo, dat deze niet kan worden geknikt, bekneld kan raken of kan worden beschadigd of bij het vervangen van de filtervulling in de weg zit. ☞Zorg ervoor dat na montage de mogelijkheid bestaat, alle polen van het apparaat van de stroomvoorziening los te koppelen.

18Montage6005735_0 – 31.03.20213.5.8 Rookkanaalpanelen van de zijkant aanbrengen DATTENTIE!Gevaar voor beschadigingen door ondeskundig gebruikDe body van de kap en van het rookkanaal kunnen bij bewegingen tijdens de montage beschadigd raken. ☞Houd afstand tussen het rookkanaal en de body van de kap. ☞Houd voorwerpen uit de buurt, die het apparaat kunnen bekrassen (bijv. gereedschap, riemgespen). ☞De bevestigingsbouten van het rookkanaal losdraaien. ☞Zorg ervoor dat er een ca. 3 mm brede spleet tussen het rookkanaalpaneel en de boutkop overblijft. ☞Breng het rookkanaalpaneel zijdelings naar het rookkanaal. ☞Schuif de houdbeugels onder de boutkoppen. ☞Draai de bevestigingsbouten weer aan.3.5.9 Achterpaneel aanbrengen ☞Breng het achterpaneel met de onderste rand naar het rookkanaal. ☞Steek de houders van de onderste rand in de houdpennen van het rookkanaal.

19Montage6005735_0 – 31.03.2021NL ☞Het achterpaneel met een bout van binnenuit vastzetten. ☞Zorg ervoor dat het achterpaneel stevig vastgeschroefd is.3.5.10 BackFlow-aansluitstuk aanbrengenBij de volgende bedrijfsmodi wordt het BackFlow-aansluitstuk gemonteerd: yLuchtcirculatiemodus yAfzuigmodus met BackFlow-technologie yHybride modusHet gebruik van het BackFlow-aansluitstuk heeft effect op de energiezuinigheid van het apparaat. D„2.1 Functieprincipe“ (pagina 5).2.1. ☞Plaats het BackFlow-aansluitstuk op het rookkanaal.

☞Fixeer het BackFlow-aansluitstuk door het kort rechtsom draaien.3.5.11 Filter plaatsen (bij luchtcirculatiemodus en hybride modus)Voor de montage van het filter is op de ventilatorbehuizing een BackFlow-aansluitstuk (ø 150 mm) als geleidingshulp aangebracht.De filters zijn correct aangebracht, wanneer de onderkant van het filter parallel aan het oppervlak van de ventilator-behuizing verloopt en de spleet ca. 3 mm breed is. Indien accessoires worden aangesloten, moet het filter onder een lichte hoek worden geplaatst, zodat de stekkers van de accessoires de bevestiging niet in de weg zitten.Luchtcirculatiemodus3 ☞Plaats het circulatiefilter van bovenaf op het BackFlow-aansluitstuk. ☞Zorg ervoor, dat het circulatiefilter correct gemonteerd is.Hybride modus3 ☞Plaats het hybride filter van bovenaf op het BackFlow-aansluitstuk. ☞Zorg ervoor dat het hybride filter correct gemonteerd is.

20Montage6005735_0 – 31.03.20213.5.12 Afzuigleiding aansluiten (bij afzuig- en hybride modus)Afzuigmodus zonder BackFlow-technologieHet BackFlow-aansluitstuk wordt niet gebruikt. Bij het aansluiten van een flexibele slang kan een starre, nauwaansluitende buis worden gebruikt als tussenstuk.2. ☞Aan de binnenzijde van het afzuigkanaal een afschuining aanbrengen. ☞Plaats het afzuigkanaal van bovenaf direct op de uitlaat van de ventilatorbehuizing.Afzuigmodus met BackFlow-technologieHet BackFlow-aansluitstuk wordt gebruikt. D„3.5.10 BackFlow-aansluitstuk aanbrengen“ (pagina 19).2.1.2. ☞Plaats het afzuigkanaal van bovenaf op het BackFlow-aansluitstuk. ☞De overgang tussen het afzuigkanaal en BackFlow-aansluitstuk afplakken met afdichttape (accessoire).Hybride modus2.

☞Zet het afzuigkanaal aan de bovenkant op de kraag van het hybride filter.Alle varianten ☞Zorg ervoor dat het afzuigkanaal correct gemonteerd is.3.5.13 Voorpaneel aanbrengen ☞Draai de kartelmoeren van het rookkanaal los. ☞Zorg ervoor dat de sluiting van het voorpaneel geopend is. ☞Plaats het voorpaneel onder op de pennen van de body van de kap. ☞Steek het vrije uiteinde van de kabelbeveiliging op de schroefdraadbout van het rookkanaal. ☞Schroef de kartelmoeren handvast op het rookkanaal. ☞Duw het voorpaneel boven tussen de zijdelen tot de sluiting hoorbaar vastklikt. Indien nodig kan de sluiting worden bijgesteld via sleufgaten.

21Montage6005735_0 – 31.03.2021NL3.5.14 Onderste schaal en de afscheider plaatsen ☞Plaats de afscheider met beide handen in de opnameschacht. ☞Duw de afscheider omhoog tot deze vastklikt. ☞Plaats de onderste schaal aan de onderkant in het apparaat, tot de geleidingspennen van de onderste schaal aan beide kanten voor de geleidegroeven staan. ☞Druk de geleidepennen van de onderste schaal in de geleidingsgroeven. ☞Trek de onderste schaal naar beneden tot deze vastklikt. ☞Controleer of de onderste schaal optimaal kan worden bewogen. ☞Zwenk de onderste schaal naar boven tot de twee sluitmagneten hoorbaar aansluiten.3.5.15 Controle en inbedrijfstelling uitvoeren DATTENTIE!Gevaar voor storingen door vocht in het apparaat!Wordt het apparaat van een koude naar een warme omgeving gebracht, kan aan de binnenzijde vocht neerslaan. ☞Wacht 2-3 uur, voordat u het apparaat in bedrijf neemt.

☞Verwijder eventueel beschermfolie van het apparaat. ☞Controleer of de netstekker vrij toegankelijk is en of er een alpolige scheidingsinrichting (minstens 3 mm contactopening) aanwezig is. ☞Controleer of de net- en elektroaansluitkabel niet geknikt, bekneld geraakt of beschadigd zijn. ☞Controleer of de ventilatie-uitgangen niet gesloten of afgedekt zijn. ☞Bij circulatieapparaten: Zorg ervoor, dat de ventilatiesleuven vrij zijn. ☞Stel vast dat de beschermfolies worden verwijderd.Na aansluiting van de voedingsspanning is het apparaat bedrijfsklaar. ☞Controleer de correcte werking van het apparaat. D„4. Bediening“ (pagina 22).

22Bediening6005735_0 – 31. 03. 20214. Bediening4. 1 Veiligheidsinstructies voor de bediening DWAARSCHUWING. Gevaar door veronachtzaming van de bedieningsinstructies. Dit hoofdstuk bevat belangrijke informatie voor het veilig bedienen van het apparaat. ☞Dit hoofdstuk zorgvuldig doorlezen, voor bediening van het apparaat. ☞De veiligheidsinstructies opvolgen. yBediening alleen door geautoriseerde gebruikers. D„1. 2 Geautoriseerde doelgroepen“ (pagina 4). yGeen bediening door kinderen jonger dan 8 jaar en mensen die gevaren bij het omgaan met het apparaat niet kunnen inschatten. yDe wasemkap mag niet zonder toezicht worden gebruikt. yGebruik het apparaat niet in geval van brand of acuut brandgevaar (bijv. gasreuk). yGaswerking alleen met een korte gasvlam (niet tot over de rand van de bodem van de pan). Open vuur kan het apparaat beschadigen en branden veroorzaken.

yFlambeer niet onder het apparaat. Brandgevaar. yFrituur niet onder het apparaat zonder continu toezicht. yBij gebruik kunnen de kookplaat en andere delen die aangeraakt kunnen worden zeer heet worden. Er bestaat verbrandingsgevaar. yVetresten moeten worden verwijderd. Vetresten zijn een brandrisico. yGeen vocht in het apparaat. yDruppels of spatwater moeten worden voorkomen. y Houder met vloeistoffen (bijv. vazen, flessen) mogen niet op het apparaat gezet worden. yGeen hindering van de luchtstroom. yGeen blokkade van het luchtkanaal aan de onderkant van het apparaat. yGebruik het apparaat alleen met geplaatste Capillar Trap en gesloten onderste schaal. y Bij luchtcirculatiemodus: Geen ventilatie-uitlaten niet afdekken (bijv. glazen/borden op of voor de ventilatiesleuven). Uitstromende lucht moet ongehinderd door de ventilatiesleuven kunnen ontwijken, anders kan stuwing ontstaan.

Maatregelen voor een voldoende toevoer van verse lucht: ☞Open de ramen. ☞Open de deuren. ☞Zorg dat de raamcontactschakelaar(s) en muurdoorvoer geïnstalleerd en klaar voor gebruik zijn. ☞Bij ruimteluchtafhankelijke brandpunten (bijv. rookkanaal) binnen hetzelfde luchtsysteem: Zorg ervoor dat de voorgeschreven veiligheidsvoorziening werkt. Wanneer u het apparaat inschakelt en een ongewoon hoog ventilatorgeruis hoorbaar is: ☞Reinig het apparaat. ☞Let op de richtlijnen voor de reiniging. D„5. Reiniging“ (pagina 27). Wanneer u het apparaat inschakelt en een geur vrijkomt: ☞Vervang de filtervulling. ☞Let op de richtlijnen voor het vervangen van de filtervulling. D„6. 2. 2 Filtervulling vervangen (bij luchtcirculatiemodus en hybride modus)“ (pagina 29). Als de controle-indicatie voor de filtervulling knippert: ☞Vervang de filtervulling.

23Bediening6005735_0 – 31. 03. 2021NL4. 2 Apparaat bedienenHet apparaat wordt via het bedieningspaneel aangestuurd. De positie van het bedieningspaneel is altijd herkenbaar aan de uitholling van de AAN-/UIT-toets. De overige toetsen branden wanneer het apparaat is ingeschakeld. yToets brandt fel = functie actief yToets brandt zwak = functie niet actiefToets WerkingAAN / UIT, toegang configuratiemodusLuchtcirculatiemodus, controle-indicatie filtervullingKookplaatverlichtingEffectverlichting (geen functie)Vermogensniveau 1Vermogensniveau 2Vermogensniveau 3Vermogensgraad POWERNaloopfunctieMultifunctionele toets (zonder functie)Na het inschakelen van de netspanning heeft het apparaat enkele seconden nodig om zich aan de omgevingscondities aan te passen. Tijdens deze periode zijn geen invoer-handelingen mogelijk. De procedure is afgesloten, als de toetsen zwak branden. 4. 2.

1 Normaal bedrijf DWAARSCHUWING. Brandgevaar door vetresten. Wanneer het apparaat werkt, hopen zich in en aan het apparaat vetresten op, die licht ontvlambaar zijn. ☞Reinig het apparaat volgens de voorschriften. D„5. Reiniging“ (pagina 27). Voor een optimaal rendement bij het verwijderen van kookdampen: ☞Het apparaat 1-2 minuten voordat u gaat koken alvast inschakelen. Zo kan de stroming worden opgebouwd en worden de dampen snel afgevoerd. ☞Schakel tijdens het koken naar een vermogensniveau dat past bij de intensiteit van de kookdampen: yVermogensniveau 1 – kleinste ventilatorcapaciteit yVermogensniveau 2 – middelste ventilatorcapaciteit yVermogensniveau 3 – hoge ventilatorcapaciteit ☞Wanneer de intensiteit van de kookdampen niet afneemt, schakelt u naar een hoger vermogensniveau. ☞Schakel bij het aanbraden naar het vermogensniveau Power.

Na 6 minuten schakelt het apparaat automatisch terug naar vermogensniveau 3. Om het vermogensniveau power continu te activeren moet de betreffende toets nog een keer worden ingedrukt. Het apparaat schakelt dan niet terug.

☞Zorg voor een regelmatige toevoer van frisse lucht. ☞Gebruik het apparaat ook voor het verminderen van andere storende geuren. Bijvoorbeeld van: yUien en knoflook yOven, magnetron of stoomoven yFondue en raclette ☞Na het koken de naloopfunctie inschakelen. ☞Schakel het apparaat na gebruik uit. Is de automatische naloopfunctie geactiveerd, start de nalooptijd (10 minuten) automatisch op vermogensniveau 1. Bij gebruik van de BackFlow-technologie wordt, als een vermogensniveau actief is, een zwakke luchtstroom uit het luchtkanaal aan de onderkant van het apparaat naar de voorste luchtinlaat geleid. Deze luchtcirculatie is gewenst. Het luchtkanaal aan de onderkant van het apparaat mag nooit worden gesloten. Na 12 uur zonder bediening schakelt het apparaat (incl. verlichting) automatisch uit.

24Bediening6005735_0 – 31. 03. 20214. 2. 2 Omschakeling afzuig-/luchtcirculatiemodusWanneer het apparaat met hybride modus is uitgerust, kan na het activeren van de omschakelfunctie altijd tussen afzuig- en luchtcirculatiemodus gewisseld worden. De omschakeling wordt in de configuratiemodus geactiveerd. D„4. 3 Apparaat configureren“ (pagina 26). Toets WerkingWanneer de omschakeling geactiveerd is: ☞1x toets aanraken. Toets brandt zwak: yHet apparaat werkt in de bedrijfsmodus Afzuigen. yDe wandkast is geopend. yDe gereinigde lucht wordt naar buiten geleid. Toets brandt fel: yHet apparaat werkt in de bedrijfsmodus Circulatielucht. yDe wandkast is gesloten. yDe gereinigde lucht wordt het vertrek in geleid. 4. 2. 3 Controle-indicatie filtervullingHet apparaat is uitgerust met een controle-indicatie om aan het vervangen van de filtervulling te herinneren.

Als er geen circulatiefilter gebruikt wordt, heeft de controle-indicatie geen betekenis. De functie is zo geconfigureerd, dat de toets na elke 1000 bedrijfsuren van de ventilator knippert (knippertijd 120 seconden), zodra het apparaat wordt uitgeschakeld. Door de controle-indicatie uit te schakelen, wordt de urenteller opnieuw gestart. Toets WerkingToets knippert:De filtervulling moet vervangen worden. D„6. 2. 2 Filtervulling vervangen (bij luchtcirculatiemodus en hybride modus)“ (pagina 29). ☞Toets vasthouden (> 1 sec. ), om de urenteller opnieuw te starten. 4. 2. 4 RaamcontactschakelaarIs een raamcontactschakelaar aangesloten op het apparaat, wordt bewaakt of het betreffende raam geopend of gesloten is. Het afzuigen gebeurt alleen bij geopend raam of in luchtcirculatiemodus. Toets WerkingToets knippert: yEen raamcontactschakelaar is aangesloten op het apparaat. yHet raam is gesloten.

yHet apparaat zuigt niet af. ☞Open het raam. yDe afzuiging kan worden gebruikt. 4. 2. 5 KookplaatverlichtingDe kookplaatverlichting is dimbaar en uitgerust met een energiebesparende LED-verlichting.

De verlichting kan onafhankelijk van de ventilator gebruikt worden. Inschakelen is mogelijk als het apparaat ingeschakeld is. Uitschakelen is te allen tijde mogelijk. De kleurtemperatuur kan worden gewijzigd. Toets WerkingDimmer. ☞1x toets aanraken om de kookplaatverlichting in- of uit te schakelen. ☞Toets vasthouden (>1 sec. ), om de dimmer te starten. Als de toets wordt losgelaten, blijft de kookplaatverlichting in de geselecteerde lichtsterkte. Na het uitschakelen start de kookplaatverlichting bij de volgende inschakeling weer met de volle lichtsterkte. Kleurtemperatuur. ☞1x toets aanraken. ☞Toets binnen een halve seconde opnieuw aanraken en vasthouden, om de kleurendoorloop te starten. De kookplaatverlichting wordt ingeschakeld, de kleurendoorloop start. ☞Toets loslaten, als de gewenste kleurtemperatuur is bereikt.

25Bediening6005735_0 – 31.03.2021NL4.2.6 NaloopfunctieHet apparaat beschikt over een naloopfunctie. Wordt deze functie gebruikt, draait het apparaat na het uitschakelen nog 10 minuten langer door.Bij de luchtcirculatiemodus is het gebruik van de naloopfunctie noodzakelijk, opdat het apparaat de resterende geuren kan opnemen. Door het gebruik van de naloopfunctie wordt de levensduur van de filtervulling verlengd. De filtervulling moet regelmatig worden vervangen.De naloopfunctie kan handmatig of automatisch ingeschakeld worden. In de leveringstoestand is de automatische naloop-functie geactiveerd. De betreffende instelling kan in de configuratiemodus worden gemaakt. D„4.3 Apparaat configureren“ (pagina 26).Toets WerkingHet apparaat is ingeschakeld.Wanneer de naloopautomaat geactiveerd is: ☞1x toets aanraken. yHet apparaat schakelt uit.

yDe nalooptijd (10 minuten) start automatisch in vermogensgraad 1. yDe toets van vermogensgraad 1 brandt. yDe toets van de naloopfunctie knippert. yEr kan worden omgeschakeld tussen de vermogensniveaus.Als de toets nog een keer wordt aangeraakt, schakelt het apparaat volledig uit.Het apparaat is ingeschakeld, een willekeurig vermogensniveau is geselecteerd. ☞1x toets aanraken. yDe nalooptijd (10 minuten) start op het geselecteerde vermogensniveau. yDe knop van de actieve vermogensinstelling brandt. yDe toets van de naloopfunctie knippert. yEr kan worden omgeschakeld tussen de vermogensniveaus.Als de toets nog een keer wordt aangeraakt, stopt de naloopfunctie.4.2.7 AutoRunApparaten die met de AutoRun-module zijn uitgerust, starten automatisch als de kookplaat wordt ingeschakeld. Bij uitschakelen van de kookplaat schakelt het apparaatover naar de naloopfunctie en schakelt daarna uit.

26Bediening6005735_0 – 31.03.20214.3 Apparaat configurerenToets WerkingHet apparaat is ingeschakeld. ☞1x toets langer dan 5 seconden aanraken en vasthouden, tot de configuratiestappen zijn afgesloten.Alle toetsen knipperen.Het apparaat schakelt naar de configuratiemodus. De configuratiemodus is ingeschakeld.Om de configuratiemodus te verlaten: ☞Toets loslaten.De instellingen worden opgeslagen.Het apparaat is weer in normaal bedrijf.In de configuratiemodus kunnen door het aanraken van de betreffende toets de volgende functies worden ingesteld.Toets WerkingAutoRun.Bij leveringstoestand is deze functie ingeschakeld. ☞1x toets aanraken.Toets brandt fel:De AutoRun-automaat is geactiveerd. ☞1x toets aanraken.Toets knippert:De AutoRun-automaat is gedeactiveerd.Omschakeling afzuig-/luchtcirculatiemodus.In de toestand bij levering is de functie uitgeschakeld.

☞1x toets aanraken.Toets brandt fel:De omschakeling is geactiveerd. ☞1x toets aanraken.Toets brandt zwak:De omschakeling is gedeactiveerd.Reset urentellerDe controle-indicatie voor het vervangen van de filtervulling knippert na elke 1000 bedrijfsuren van de ventilator. Door een reset kan de urenteller op nul worden ingesteld. ☞Toets vasthouden (> 1 sec.).De urenteller start opnieuw. De toetsen 1, 2, 3 en P knipperen snel, de configuratiemodus wordt verlaten.Toets WerkingNaloopautomaat.Bij leveringstoestand is deze functie ingeschakeld. ☞1x toets aanraken.Toets brandt fel:De naloopautomaat is geactiveerd. ☞1x toets aanraken.Toets knippert:De naloopautomaat is gedeactiveerd.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Berbel BIH 120 BL stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden