Asko W 421 D Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Asko W 421 D (23 pagina’s), behorend tot de categorie Wasmachine. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 66 mensen en kreeg gemiddeld 4.1 sterren uit 8 reviews. Heb je een vraag over Asko W 421 D of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Asko |
| Categorie: | Wasmachine |
| Model: | W 421 D |
Handleiding Asko W 421 D – volledige tekst
2INHOUDPagina Tips voor ingebruikname van de machine 3 De transportsteunen verwijderen 3 Afvalverwijdering 3 Het gebruik in het kort 4 Accessoires 5 Technische gegevens 5 Onderdelen 6 Installatie 6 De was sorteren 8 Vlekken verwijderen 10 Bedieningspaneel 11 Keuzeschakelaars 11 Wasprogramma’s 13 Controlelampjes 15 Display 15 Opnieuw programmeren 16 Het deksel openen 18 Wasmiddel doseren 18 De machine aanzetten 19 Wanneer de machine is gestopt 20 Verzorging en onderhoud 21 Als de machine niet werkt 22 Service en garantie 22 Veiligheid 23 Programma tabel 24Fabrikant:Asko Appliances Holding AB,sivuliike SuomessaIso -Paavolankatu 2aFIN-15101 LahtiGefabriceerd in Finland. De fabrikant is gecertificeerd volgens de kwaliteitsnorm ISO 9001 en demilieunorm ISO 14001. De fabrikant behoudt zich het recht voor specificaties zondervoorafgaande kennisgeving te wijzigen.
3TIPS VOOR INGEBRUIKNAME VAN DE MACHINEWaarschuwing. Lees voordat u de machine gaat gebruiken de gehele gebruiksaanwijzing zorgvuldig door. Bewaar deze instructies voor later en voor eventuele andere gebruikers. In deze instructiesvindt u informatie over gebruik, onderhoud en installatie van uw wasmachine en daarnaastenkele technische gegevens. U leert op de juiste manier met uw wasmachine omgaan,waardoor u bespaart op onderhoudskosten. Indien tijdens het transport schade aan uwwasmachine is ontstaan, neem dan direct contact op met uw leverancier. De machine wordt geleverd met transportsteunen die voorkomen dat de buitenste kuip kanbewegen tijdens het vervoer. Vergeet niet deze steunen te verwijderen voordat u de machinegaat gebruiken. De wasmachine is uitsluitend bestemd voor huishoudelijk gebruik. Gebruik de machine nietvoor chemisch reinigen.
Wij raden u aan de eerste keer een katoenwas met hoofdwasmiddel te draaien op90 C om eventueel achtergebleven vet van de binnenzijde van de trommel te verwijderen. °Verwijder het beschermingsfolie van het bedieningspaneel. DE TRANSPORTSTEUNEN VERWIJDERENDe wasmachine is voorzien van transportsteunen die voor het eerste gebruikverwijderd moeten worden. A. Til de machine van het basisframe (A)B. Maak de schoren (met behulp van de 2 schroeven) los van deachterzijde van de machine. Wanneer de schroeven los zijn, vallen de schoren naar benedenzodat deze op de openingen rusten. Trek de transportsteun met schroeven en kunststofbussen door deopeningen naar buiten. Druk de meegeleverde kunststof beschermingsdopjes (2 stuks) in deopeningen. C. Druk deze in het midden van de machine naar beneden. D. Verwijder de steunen van de bovenzidje van de machine (2 stuks). Let op. Bewaar de transportsteunen.
4HET JUISTE PROGRAMMA KIEZEN• Zorg dat de wasmachine vol is (indien mogelijk). Zo bespaart u water enenergie.• ‘ ’ Gebruik geen zwaarder programma dan nodig is.• Maak alleen gebruik van het voorwasprogramma als het wasgoed erg vuil is.• Als u een kleine hoeveelheid wast of als het wasgoed niet zo vuil is, kunt usynthetisch materiaal of super kort was kiezen.• Kies het programma 60 C katoen of het zuinige 60 C ecoprogramma voor° °licht vervuilde witte was.• Kies de hoogste centrifugesnelheid als u de was in een wasdroger ofdroogkast droogt.WASMIDDEL• Gebruik een milieuvriendelijk wasmiddel.• Gebruik niet te veel wasmiddel. Dit zorgt niet voor betere wasresultatenmaar vormt slechts een extra belasting voor het milieu.• Gebruik dus zo min mogelijk wasmiddel en verhoog de dosis pas als u niettevreden bent over het wasresultaat.• Gebruik voor de bonte was een wasmiddel zonder bleek.
Een bleekmiddel isalleen maar schadelijk voor het milieu en vervaagt bovendien de kleuren.AFVALAls de machine aan het eind van zijn levensduur is en moet wordenverwijderd, dient u de wasmachine onbruikbaar te maken.• Haal de stekker uit het stopcontact en snijd de kabel zo dicht mogelijk bij demachine af.• Neem contact op met de afvalophaaldienst in uw woonplaats om uwwasmachine op de juiste wijze te laten verwijderen.• De machine is recyclebaar.HET GEBRUIK IN HET KORT1. Open het deksel en de trommelkleppen van de wasmachine.2. Stop uw wasgoed in de machine.3. Sluit de kleppen en het deksel. Draai de kraan open en steek de stekker inhet stopcontact.4. Doseer wasmiddel en wasverzachter in de juiste bakjes.5. Zet de programmaschakelaar op het gewenste programma.
56. Kies met behulp van de diverse knoppen de andere opties. Schakel de machinein door op de knop START/PAUZE te drukken.7. Draai de programmaschakelaar naar als de machine is gestopt, draai dekraan dicht en open het deksel en de trommelkleppen van de machine. Haal uwwas uit de machine. Laat de trommelkleppen een paar uur open staan zodat demachine van binnen kan drogen.ACCESSOIRESDe machine wordt geleverd met:- instructies voor bediening en installatie- garantiebepalingen en onderhoudsboekje- toevoerslang met koppelstuk- kunststofbesche mdopjes, 2 stuksrTECHNISCHE GEGEVENS Hoogte 670 mm - bij geopend deksel 1115 mm Breedte 395 mm Diepte 600 mm Gewicht 50 kg Trommelinhoud 30 l Wascapaciteit 3,0 kg droge katoen1,2 kg synthetische stoffen1,0 kg fijne was en wolDraaisnelheid trommel: Wassen 55 tpm Lang centrifugeren (katoenprogramma’s): 8 minmax.
6ONDERDELENINSTALLATIEDe wasmachine kan worden ge nstalleerd in keuken, badkamer of bijkeukenïof in een andere ruimte waar een watertoevoer, waterafvoer enelektriciteitsaansluiting is. De ondergrond moet zo vlak mogelijk zijn.Tijdens het centrifugeren verschuift de machine niet.DE MACHINE VERPLAATSENDankzij de wieltjes kan de machine eenvoudig worden verplaatst. Door deverstelhendel naar rechts te draaien, wordt de machine op de wieltjes gezeten kunt u hem verrijden. Als de machine op de goede plaats staat, draait u dehendel naar links zodat de machine weer stevig op zijn poten staat.Let op!De wieltjes dienen alleen voor het verplaatsen van de machine. Tijdens hetgebruik dient de machine altijd op de pootjes te staan.DE POTEN VERSTELLENControleer of de machine waterpas staat en of de poten contact maken metde vloer. De machine mag niet meer dan 2 naar een kant hellen.
7ELEKTRISCHE INSTALLATIEAls een smeltzekering van minimaal 10A aanwezig is, zijn geen speciale elektrische voorzieningen voor uwwasmachine vereist. Wij raden u aan geen andere grote machines op dezelfde groep aan te sluiten om doorslaan vande zekering te voorkomen. Waarschuwing. Indien de aansluitkabel beschadigd raakt, dient deze te worden vervangen. Een nieuwe kabel (voorzien vanconnectoren) kunt u aanschaffen via de technische dienst van de leverancier. De kabel mag alleen wordenvervangen door een erkende monteur. WATERAANSLUITINGDe machine wordt geleverd met een drukbestendige toevoerslang met een 3/4 hoekkoppelstuk voor de”wasmachine en een 3/4 directe koppeling voor de watertoevoer. De machine moet met behulp van een nieuwe”slangenset worden aangesloten op de waterleiding. Gebruik hiervoor geen oude slangen. De waterdruk moet tussen50-1000 kPa liggen.
De machine is uitgerust met een speciale beveiligingsklep in de toevoer zodat u geen anderebeveiligingen nodig hebt. Het is echter altijd raadzaam bij uw gemeente te controleren of er bijzonderheden zijnvoor wat betreft de watertoevoer. Het is niet toegestaan de machine op de warmwatertoevoer aan te sluiten. Warmwater kan sommige weefsels beschadigen en de wasresultaten beïnvloeden. De wasmachine moet aangesloten zijn op een afzonderlijke kraan die na elke wasbeurt kan worden dichtgedraaid. Indien een nieuwe leiding voor de machine is aangelegd, dient deze zorgvuldig te worden doorgespoeld zodateventuele vuilresten worden verwijderd. Achtergebleven vuil zou namelijk het filter , in de inlaatklep van de ma-chine kunnen blokkeren.
AFVOERDe toevoer- en afvoerslangen van de machine kunnen afhankelijk van de installatie ofwel rechtop ofwel door deopening aan de linker- of rechterachterzijde van de kast worden geleid door het kunststofdopje te verwijderen. Bij de machine wordt een afvoerslang geleverd die in een gootsteen of standbuis moet worden gehangen op eenhoogte van 50 tot 100 cm boven de vloer.
8Bij verlenging van de slang mag de weerstand in de slang niet hoger worden. Indit geval dient de slang lager dan normaal te worden gehangen. Door onjuisteinstallatie van de slang kan een zogenaamd “zwanenhalseffect” optredenwaardoor het water niet kan weglopen en het wasproces wordt gestopt. Dit isbijvoorbeeld het geval als de slang op de grond ligt. De machine wordt goedgevuld en geleegd als de slang op de juiste hoogte hangt (zie afbeelding). A. Het uiteinde van de afvoerslang dient zich 50-100 cm boven de vloer tebevinden. Tussen het gebogen uiteinde van de slang en de gootsteen dient eenruimte van 2 cm te zijn. B. Wanneer de slang in een standbuis wordt gehangen, geldt dezelfde hoogte. Ook hier kan het water in de slang blijven staan. Mocht dit gebeuren, controleerdan of de sifonklep open is. C.
Indien het gebogen uiteinde van de slang lager hangt dan 50 cm en het waterin de slang blijft staan, moet de slang over de hiervoor bestemde haak aan deachterzijde van de machine worden gehangen. WATERAFVOER RECHTSTREEKS OP DE RIOLERINGOp de riolering moet een pijp van minimaal 50 cm hoog en met een doorsnedevan 5 cm worden aangesloten (D). De pijp moet stevig worden vastgezet. Hetuiteinde van de slang wordt vervolgens in de pijp gehangen. Let op. Controleer altijd of de afvoerslang goed in de pijp blijft hangen. OPSLAG IN EEN KOUDE RUIMTEIngeval van opslag in een koude ruimte in de winter, moet de machine geheelworden leeggepompt. Maak de toevoerslang los van de machine en laat al hetwater uit de magneetklep weglopen. Als u de machine weer gaat gebruiken, laatdeze dan eerst 2 3 uur opwarmen in een verwarmde (+20 C) ruimte. De pijpà°moet stevig worden vastgezet.
Het uiteinde van de slang wordt vervolgens in depijp gehangen. DE WAS SORTEREN• Sorteer de was op kleur, materiaal of mate van vervuiling om het juisteprogramma te bepalen. • Verwijder voor het wassen eventuele hardnekkige vlekken.
10VLEKKEN VERWIJDERENDe meeste vlekken verdwijnen door het wassen in de wasmachine. Vet, lipstick, fruit, chocolade en koffie lossenop in een 60 C was, mits de kleding op 60 C kan worden gewassen. Na de eerste keer wassen kan nog een lichte° °vlek zichtbaar zijn, maar deze vervaagt en verdwijnt na een paar wasbeurten. Sommige vlekken moeten voor hetwassen eerst behandeld worden, vooral als de kleding alleen op het fijnwasprogramma gewassen mag worden. Hoe‘ ’verser de vlek, des te gemakkelijker deze verwijderd kan worden. Test voordat u een vlekkenmiddel gebruikt eerst wat het effect hiervan is. Het is van tevoren niet te zeggen of hetvlekkenmiddel niet alleen de vlek verwijdert maar ook de kleur. Acetaatvezels lossen bijvoorbeeld op in aceton.
Weefsels als katoen, linnen, viscose en acetaatvezels kunnen niet tegen zuren en dierlijke weefsels als wol en zijdezijn niet bestand tegen alkaliën. Laat de vlek inweken; niet wrijven. Leg de stof met de vlek op een kleurloze keukenhanddoek of een stuk badstof. Begin met heel weinig vlekkenmiddel. Dep de vlek met een witte doek maar ga niet boenen. Werk vanaf de randnaar het midden. Verplaats ook de onderliggende stof zodat er steeds een schoon stuk onder de vlek ligt. Gavoorzichtig te werk en stop onmiddellijk als de vlek verdwenen is. Spoel de stof goed uit in lauw water. Probeer de vlek niet te verwijderen als u niet weet wat voor een vlek het is. Breng het wasgoed in dat geval naar destomerij. De meeste vlekkenverwijderaars zijn te koop bij de drogist.
Deze vlekken kunt u beter vóór het wassen verwijderen: Vlek Behandeling Carbonpapier Terpentine en lauw water met zeep Viltstift Warme ammonia Viltstift op witte stof Spiritus Viltstift op gekleurde stof Ammonia of azijnzuur, spiritus Schimmel Gedurende 24 uur in yoghurt weken. Spoelen en wassen. Gebruik voor witte stoffen een wasmiddel met bleekmiddel Nagellak Aceton (niet op acetaat/kunstzijde). Gebruik spiritus om eventuelekleurresten te verwijderen.
Hars Spiritus of terpentine en lauw water Kauwgom Koelen met ijsblokjes of in vriezer leggen. Voorzichtig wegwrijven. Roest Oxaalzuur Olie, smeer, vet Terpentine of vlekkenmiddel en lauw sopje Verf Terpentine en ammonia met water en zeep Kaarsvet Hard laten worden. Breek het hard geworden vet doormidden en haal hetvan de stof. Leg keukenpapier aan elke zijde van de stof en pers het geheelmet een strijkijzer. Verwijder de eventueel achtergebleven vetvlek met eenvlekkenverwijderaar of terpentine. Vervolgens zoals gebruikelijk wassen. Ballpoint Spiritus, lauwe ammonia en wassen met zeep Bloed Gebruik koud water bij vers bloed. Gebruik een wasmiddel dat enzymenbevat (eventueel met oxaalzuur) bij opgedroogde bloedvlekken Vernis Terpentine Gras Spiritus en vervolgens wassen met een enzymen bevattend wasmiddel.
11BEDIENINGSPANEELKEUZESCHAKELAARSPROGRAMMAKEUZESCHAKELAARDraai de programmakeuzeschakelaar naar het gewenste programma. Start het programma door op deknop START/PAUZE te drukken. U kunt de keuzeschakelaar zowel naar rechts als naar links draaien.Deze schakelaar is tevens de hoofdschakelaar van de machine. De programmaschakelaar draait niet meegedurende het programma, maar de controlelampjes geven de voortgang van het programma aan.
12APARTE KEUZETOETSENDruk op de keuzetoets = De functie is ingeschakeld en het controlelampje gaat brandenDruk nogmaals op de keuzetoets = De functie is uitgeschakeld en het controlelampje gaat uitTEMPERATUURKIEZERMet behulp van de temperatuurkiezer kunt u de wastemperatuur van het programma verlagen. Druk net zo lang op de knop totdat de gewenste temperatuur wordt weergegeven in het display. Kiesgeen hogere of lagere temperatuur dan aangegeven in het wasvoorschrift om beschadiging van hetweefsel te voorkomen. VOORWASHet wordt aanbevolen voorwas te gebruiken bij erg vuile was of bij loszittend vuil, zoals zand. In deprogramma’s 1 tot 8 bestaat de mogelijkheid van een warme voorwas. Het geselecteerde programmawordt na de voorwas automatisch gestart.
ECOWASDe ecowas is speciaal bedoeld voor witte was op lage temperaturen met een wasmiddel datbleekmiddel bevat, maar het is ook geschikt voor sterk vervuilde kledingstukken. Als Ecowas isgeselecteerd, wordt de hoofdwas van de programma’s 1-4 verlengd met 20 minuten. Bij desynthetische programma’s 5-7 wordt de duur van de hoofdwas verlengd met 10 minuten. De verlengdewastijd komt in de plaats van een hogere wastemperatuur. Kies 60 C voor witte en 40 C voor bonte° °was en strijkvrij textiel. EXTRA SPOELENAls u extra spoelen selecteert, wordt de was in de programma’s 1-4 in plaats van 3 keer 7 keergespoeld. In de programma’s 5-12 wordt 1 keer extra gespoeld. Het wordt aanbevolen deze functie teselecteren bij extra dikke stoffen zoals strandlakens of bij overgevoeligheid voor wasmiddelen binnenhet gezin. SPOELSTOPHet laatste spoelwater blijft in de machine staan.
Als het programma is voltooid, stopt de machine engaat het lampje Spoelen branden. Toets de knop 'Spoelstop' opnieuw in het programma vervolgt metcentrifugeren. KREUKHERSTELLENDDeze functie kan worden geselecteerd in alle programma’s, behalve de programma’s 9-13.
Als defunctie kreukherstellend is geselecteerd, blijft de trommel langzaam draaien als het programma isvoltooid. De trommel draait maximaal 1 uur of totdat de programmakeuzeschakelaar naar het symbool wordt gedraaid. Deze functie voorkomt dat kledingstukken krimpen als de was niet onmiddellijkuit de trommel wordt gehaald wanneer het programma klaar is. 1-19 UUR TIMERU kunt de starttijd van het programma maximaal 19 uur uitstellen. Selecteer het gewenste programma,de temperatuur en de vereiste keuzefuncties. Draai de kraan open. Druk net zo lang op de knop totdathet gewenste aantal uren wordt weergegeven in het display. Na het geselecteerde aantal uren uurwordt het programma automatisch gestart. Druk op de hoofdschakelaar als u de machine eerder wiltstarten. Let op. U kunt het deksel openen en meer wasgoed toevoegen als de timer ingeschakeld is.
143. KATOEN 40 °CDit programma is bedoeld voor 2 tot 2,5 kg witte of bonte normaal vervuilde was of een volle machine(3,0 kg) met licht vervuilde witte of bonte was. Het programma begint met 10 minuten koud wassenwaardoor vlekken die prote ne bevatten gemakkelijker worden verwijderd. Vervolgens wordt het waterïverwarmd tot de geselecteerde temperatuur. De hoofdwas wordt gevolgd door drie spoelgangen en langcentrifugeren. 4. KATOEN 30 °CDit programma is bedoeld voor 2 tot 2,5 kg witte of bonte licht vervuilde was. Het programma begint met10 minuten koud wassen waardoor vlekken die prote ne bevatten gemakkelijker worden verwijderd. ïVervolgens wordt het water verwarmd tot de geselecteerde temperatuur. De hoofdwas wordt gevolgd doordrie spoelgangen en lang centrifugeren. 5. SYNTHETISCH 60 °CDit programma is geschikt voor wit textiel van polyester/katoen, polyamide en viscose.
Veel herenshirtszijn gemaakt van polyester/katoen. De aanbevolen lading is 1,2 kg. Het programma bestaat uit een kortehoofdwas, drie spoelgangen en kort centrifugeren. Aan het einde van de hoofdwas neemt de machineextra koud water in. Selecteer een programma zonder centrifugeren voor strijkvrije kledingstukken. Selecteer afpompen of 1spoeling en kort centrifugeren als het programma is voltooid. Zie pagina 20. 6. SYNTHETISCH 40 °CDit programma is geschikt voor bont textiel van polyester/katoen, polyamide en viscose. Veel herenshirtszijn gemaakt van polyester/katoen. De aanbevolen lading is 1,2 kg. Het programma bestaat uit een kortehoofdwas, drie spoelgangen en kort centrifugeren. Aan het einde van de hoofdwas neemt de machineextra koud water in. Selecteer een programma zonder centrifugeren voor strijkvrije kledingstukken.
Veel herenshirts zijn gemaakt van polyester/katoen. De aanbevolen lading is 1,2 kg. Het programmabestaat uit een korte hoofdwas, drie spoelgangen en kort centrifugeren. Aan het einde van de hoofdwasneemt de machine extra koud water in. Selecteer een programma zonder centrifugeren voor strijkvrijekledingstukken. Selecteer afpompen of 1 spoeling en kort centrifugeren als het programma is voltooid. Zie pagina 20. 8. SUPER KORT 30 °CVoor 0,5-1 kg licht vervuilde kleding. Het programma bestaat uit een korte hoofdwas, twee spoelgangenen kort centrifugeren. 9. WOL 40 °CVoor synthetische en wollen stukken die voorzichtig moeten worden gewassen. Bij dit programma wordtextra veel water gebruikt en wordt voorzichtig gewassen. Alleen wol met een label met de aanduidingmachinewas of superwas kan worden gewassen in de machine. 10.
HANDWAS 30 °CDit programma is geschikt voor kledingstukken met de aanduiding handwas op het wasvoorschrift. Bij ditprogramma wordt extra veel water gebruikt en wordt voorzichtig gewassen. Het programma isvoorzichtiger dan het programma wolwas 40 C. Behandel vlekken voor het wassen. Als de°kledingstukken niet kunnen worden gecentrifugeerd, selecteert u Niet centrifugeren. Het wasgoed blijftstaan in het laatste spoelwater.
1511. 1 SPOELING + LANG CENTRIFUGERENDit programma is geschikt voor katoen. Het programma bestaat uit een spoelgang, lang centrifugeren opmaximumsnelheid en rustig uitdraaien van de trommel.12. 1 SPOELING + KORT CENTRIFUGERENDit programma is geschikt voor katoen, viscose en synthetisch materiaal. Het programma bestaat uit eenspoelgang, kort centrifugeren (900 tpm) en rustig uitdraaien van de trommel.13. AFPOMPENDeze functie pompt het water weg zonder te centrifugeren.CONTROLELAMPJESLAMPJES PROGRAMMAVOORTGANGAls u een programma selecteert, geven de controlelampjes aan welke functies in het geselecteerde pro-gramma zijn opgenomen. Tijdens het wassen geven de lichtjes de voortgang van het programma weer. Alshet programma is voltooid, brandt het lampje Stop.N.B. Als u een programma hebt geselecteerd zonder centrifugeren, brandt het lampjeSpoelen als het programma is voltooid.
Zie pagina 20.Sommige controlelampjes branden als• er een storing is in de werking van de machine• het veiligheidsslot is ingeschakeldLAMPJES VAN KEUZEKNOPPENAls u een bepaalde functie hebt geselecteerd (bijvoorbeeld Voorwas), blijft het bijbehorende lampjebranden. Druk nogmaals op de knop om een functie uit te schakelen zodat het lampje uitgaat.DISPLAYHET DISPLAY VERTELT U…… Hoe lang het programma nog duurt (indicatief)Zodra een programma wordt gestart, geeft het display de geschatte duur van het programma weer. Tijdenshet verloop van het programma toont het display hoeveel tijd resteert tot het eind van het programma.… Het toerental bij het selecteren van centrifugesnelheid… De temperatuur bij het selecteren van de temperatuur… Het aantal uren als een timerfunctie is geselecteerd… Geselecteerde functies in de programmeermodus… Storingen in functies van de machine
16Het display en de controlelampjes geven de storing aan om welke storing het gaat. Display Probleem Controlelampjes knipperen E01 Motorstoring of klep langer open dan 2,5 min Voorwas en Hoofdwas E02 Storing watertoevoer Zorg dat de kraan open is Voorwas en Spoelen E03 Storing afvoerpomp Reinig de pomp Voorwas en Centrifugeren E04 Storing in de watertoevoer Voorwas en Stop E05 Storing weerstand verwarming Temperatuur overschrijdt de Hoofdwas en Spoelengeselecteerde temperatuurAls er een storing optreedt, kunt u met behulp van bovenstaande tabel proberen de oorzaak van hetprobleem op te zoeken. Kies het programma opnieuw en start de machine. Neem als de storing aanhoudtcontact op met de technische dienst. OPNIEUW PROGRAMMERENDe volgende functies kunnen opnieuw worden geprogrammeerd: veiligheidsslot, geluidssignaal en vol-ume geluidssignaal.
Het opnieuw programmeren gebeurt met de normale keuzeknoppen van de machine. Een programma blijft actief totdat het wordt gewijzigd. De programmeermodus wordt geactiveerd doorten minste 3 seconden op START/PAUZE te drukken. De programmeermodus wordt afgesloten na zesseconden inactiviteit. VEILIGHEIDSSLOTDeze functie voorkomt dat kinderen de wasmachine inschakelen of een wasprogramma wijzigen. Het veiligheidsslot kan alleen worden ingeschakeld als het programma is gestart, omdat anders de ma-chine niet start. Als de beveiliging is geactiveerd, moet deze voor de volgende was worden uitgeschakeld. De beveiliging blijft zelfs geactiveerd na een stroomstoring. Deze functie kan alleen volledig wordenuitgeschakeld in de modus opnieuw programmeren.
GELUIDSSIGNAALAls de functie Geluidssignaal geactiveerd is, klinkt een signaal als het programma is afgelopen of als ereen fout optreedt in de machine. Als het programma is voltooid, hoort u gedurende een minuut steeds drieopeenvolgende tonen. Als er sprake is van een storing, hoort u gedurende deze minuut steeds achtopeenvolgende tonen.
VOLUME GELUIDSSIGNAALHet volume van het geluidssignaal kan op laag, normaal of hoog worden gezet. Storingen inmachinefuncties worden altijd gemeld met het maximale volume als de functie Geluidssignaal isgeactiveerd. PROGRAMMERENDruk ten minste 3 seconden op de knop START/PAUZE om de programmeermodus te activeren. Hetlampje Centrifugeren gaat nu branden en het lampje Stop gaat knipperen. In deze modus kunt u defuncties Veiligheidsslot, Geluidssignaal en Volume geluidssignaal selecteren op de volgende manier:.
17In de programmeermodus: Keuzeknop Functie Display Lampje keuzeknop Lampje prog- Aan/Uit ramma voortgang Veiligheidsslot Ch.on/—Aan/Uit Geluidssignaal bu.on/—Aan/Uit Centrifugeren aan enStop knippert Volume geluidssignaal bu. 0 Uit bu. 1/2/3 Aan/Aan/AanDruk ten minste 6 seconden op de knop START/PAUZE of wacht ten minste 6 seconden na het drukkenop een keuzeknop om de programmeermodus te verlaten.VEILIGHEIDSSLOTSelecteer het programma en de gewenste keuzefuncties. Druk op de knop START/PAUZE om het pro-gramma te starten. Druk vervolgens ten minste 3 seconden op de knop START/PAUZE waarna hetveiligheidsslot in- of uitgeschakeld kan worden door te drukken op keuzeknop .NB. Als op het display de tekst Ch.on‘ ’ staat en het lampje Stop knippert, bent u de laatste keer dat u demachine gebruikte vergeten het veiligheidsslot uit te schakelen en start de machine niet.
Schakel eerst hetveiligheidsslot uit. Selecteer vervolgens het programma en start de machine. Schakel indien nodig hetveiligheidsslot weer in nadat het programma is gestart.Als het veiligheidsslot is ingeschakeld: Functie Display Lampje programmavoortgang Programma loopt De resttijd De controlelampjes geven de voortgangvan het programma weer en het lampjeStop knippert Programma voltooid 0:00 Het lampje Stop knippert Programmakeuzeschakelaar Display uit Controlelampjes uitstaat op Programmakeuzeschakelaar wijst Chon Het lampje Stop knippertnaar het gewenste wasprogramma Klep langer open dan 2,5 min. E01 De lampjes Voorwas en Hoofdwas tijdens het programma knipperen
18GELUIDSSIGNAALDruk eerst ten minste 3 seconden op de knop START/PAUZE en schakeldaarna het geluidssignaal in door op de keuzeknop te drukken. VOLUME GELUIDSSIGNAALDruk eerst ten minste 3 seconden op de knop START/PAUZE en kies daarnahet gewenste geluidsvolume. Door te drukken op de keuzeknop wordthet volume van het geluidssignaal automatisch ingesteld 0 (uit)/1 (laag)/2–(normaal)/3 (hoog) Nu hoort u een ononderbroken zoemer. Als u alleen een signaal wilt horen bij een storing maar niet aan het eindevan het programma:- Activeer het geluidssignaal (zie Geluidssignaal). - Zet het volume van het signaal op ‘ ’0. HET DEKSEL OPENEN• Druk op de knop aan de voorzijde van de machine om het buitendeksel teopenen. • Open het binnendeksel door de hendel omhoog te trekken en de pal teontgrendelen. De trommelkleppen• Druk beide kleppen naar beneden zodat ze opengaan.
• Sluit de trommelkleppen door deze in elkaar te laten grijpen. • Zorg dat er geen kleren tussen de kleppen zitten. Let op. Om veiligheidsredenen wordt het deksel vergrendeld bij elke spoelbeurt entijdens het centrifugeren. Het deksel kan 2-3 minuten na het wasprogrammaworden geopend. Als u een van de deksels te snel probeert te openen, kan dezevergrendeld blijven. Druk het deksel dan weer dicht en wacht 2 3 minuten. àWASMIDDEL DOSERENGebruik alleen speciaal voor wasautomaten bestemd laagschuimend waspoeder. Gebruik voor de witte was een hoofdwasmiddel met bleek. Voor gekleurde wasis een bleekmiddel overbodig aangezien dit belastend is voor het milieu en dekleuren van de kleding vervaagt. Gebruik bij bonte, donkere of felle kleuren eenbontwasmiddel of fijnwasmiddel.
De keuze van het wasmiddel wordt onder andere bepaald door de hoeveelheidwasgoed, de mate van vervuiling en de hardheid van het water. Gebruik niet teveel wasmiddel. Op de verpakking van het wasmiddel staat aangegeven hoeveelu dient te gebruiken.
Vaak volstaat 3/4 van de aanbevolen hoeveelheid en u dientzeker minder te gebruiken als de wasmachine niet vol is of als de was haast nietvuil is. Gebruik voor het wassen van 1 kg katoen slechts de helft van de normalehoeveelheid wasmiddel. Bij de gemeente kunt u informatie inwinnen over dehardheid van het water in uw woonplaats.
19VOORWASDoe het wasmiddel bovenop de trommelkleppen of in het bakjevoor de voorwas (1).HOOFDWASDoe het wasmiddel in het bakje voor de hoofdwas (2).VLOEIBAAR WASMIDDELZowel voor de voorwas als de hoofdwas kan een vloeibaarwasmiddel worden gebruikt. Druk daarvoor het kunststofplaatjeomlaag.WASPOEDERHaal het kunststofplaatje omhoog.WASVERZACHTERDoe wasverzachter in het hiervoor bestemde bakje (3). Deze wordt automatischtoegevoegd aan de laatste spoelbeurt. In het bakje kan nog een restje water vande vorige wasbeurt zijn achtergebleven.
Kijk op de verpakking van dewasverzachter hoeveel u dient te gebruiken en giet niet teveel in het bakje.Indien u toch teveel gebruikt, wordt de wasverzachter direct via de sifon aan devoor- of hoofdwas toegevoegd en wordt het wasresultaat minder.DE MACHINE AANZETTEN• Controleer of de programmakeuzeschakelaar op staat.• Laad de machine en voeg wasmiddel en eventueel wasverzachter toe• Vergrendel de trommel en het buitendeksel zorgvuldig.• Open de kraan en steek de stekker in het stopcontact.• Draai de programmakeuzeschakelaar naar het gewenste programma.
Demachine schakelt nu in.• Pas met behulp van de temperatuurkiezer de wastemperatuur aan het typewasgoed aan.• Kies het aantal toeren voor het centrifugeren.• Kies eventuele extra functies met de betreffende keuzeknoppen.• Schakel de machine in door op de knop START/PAUZE te drukken.INDIEN U ZICH BEDENKT ...Schakel eerst de machine uit op de knop START/PAUZE tedrukken.…EN EEN ANDER PROGRAMMA WILT KIEZENDraai de programmakeuzeknop en de temperatuurkiezer naar de gewenstepositie.Schakel de machine weer in door op de knop START/PAUZE tedrukken.... EN MEER WASGOED IN DE MACHINE WILT STOPPENOpen het deksel en de kleppen en doe het wasgoed erbij in de trommel.Sluit de kleppen en het deksel en schakel de machine in door op de knopSTART/PAUZE te drukken.321
20NB. Als het deksel langer open is dan 2,5 minuut terwijl een programma actief is,klinkt een waarschuwingssignaal en beginnen de voortgangslampjes voorwas enhoofdwas te knipperen. Bovendien de melding ‘ ’E01 verschijnt in het display.Draai bij een storing eerst de programmakeuzeschakelaar naar het symboolSluit het deksel en de trommelkleppen van de machine. Kies het programmaopnieuw en start de machine door op de knop START/PAUZE te drukken.WANNEER DE MACHINE IS GESTOPTER STAAT GEEN WATER MEER IN DE TROMMELOm veiligheidsredenen wordt het deksel van de machine tijdens het spoelen encentrifugeren automatisch vergrendeld. U kunt het deksel openen 2 3 minutenànadat de machine is gestopt. Na afloop van het programma (met uitzondering vanwolwas en handwas) draait de trommel na het centrifugeren nog 3 minuten rustigdoor.
De machine draait dan op de normale wassnelheid waardoor de klerenloskomen van de trommelwand.ER STAAT NOG WATER IN DE TROMMELAls het programma is voltooid, brandt het lampje Spoelen.• Als u het water wilt laten weglopen zonder te centrifugeren, moet deprogrammakeuzeschakelaar eerst naar worden gedraaid (of u kiest eencentrifugetoerental) en daarna naar Afpompen Druk op START/PAUZE..• Als u lang wilt centrifugeren, draait u de keuzeschakelaar naar 1 Spoeling +lang centrifugeren. Kies het aantal toeren voor het centrifugeren. Druk opSTART/PAUZE.• Als u kort wilt centrifugeren, draait u de keuzeschakelaar naar 1 Spoeling + kortcentrifugeren. Kies het aantal toeren voor het centrifugeren.
Druk op START/PAUZE.NA HET WASSEN• Draai de programmakeuzeschakelaar naar .• Draai de kraan dicht.• Open het deksel en de trommelkleppen en haal de kleren uit de trommel.• Laat de trommelkleppen een paar uur open staan zodat de machine van binnenkan drogen.START/PAUSE
21VERZORGING EN ONDERHOUDHaal altijd de stekker uit het stopcontact voordat u de machineschoonmaakt. Trek hierbij nooit aan het snoer. DE AFVOERPOMP REINIGENDe afvoerpomp bevindt zich aan de voorzijde van de machine. Mocht er een voorwerp in de pomp terechtkomen, dan draait hetblad van de pomp de andere kant op en wordt het voorwerpverwijderd. Als grote voorwerpen in de pomp terechtkomen, kan depomp geblokkeerd raken. Verricht de volgende handelingen als de pompgeblokkeerd is:• Controleer of er water in de machine zit. Indien de pomp tijdenshet wassen geblokkeerd raakt, kan het water uit de machine wordenverwijderd door de slang op de grond te leggen. • Klap de afdekplaat open en zet er een lage bak onder (1). • Draai de dop van de pomp linksom (2) zodat het achtergeblevenwater in de bak kan stromen. • Blijf de dop naar links draaien totdat deze geheel uitgenomen kanworden (3).
• Reinig de pomp. • Plaats de dop terug en draai hem naar rechts totdat de pomp weer geheel isafgesloten. • Klap de afdekplaat terug. VERWIJDERBARE OVALE PLAAT IN DE TROMMELIndien iets tussen de trommel en de kuip is gevallen, kan dit als volgt wordenverwijderd:• Open de trommelkleppen. • Duw de plaat onderin de trommel in de richting van de pijl om deze los temaken. • Haal de voorwerpen van de bodem van de kuip via de opening die ontstaatnadat de plaat is verwijderd. • Bevestig de plaat weer onderin de trommel door de pinnetjes in de openingente duwen en de plaat tegen de richting van de pijl in vast te drukken. Waarschuwing. Als de openingen in de trommel zichtbaar blijven, is de plaat niet goedbevestigd en kan het wasgoed scheuren. Zorg dus dat de openingen goedafgedekt zijn.
KALK- EN ZEEPRESTEN OP TROMMEL EN KUIPHard water, wasmiddel, zeep en lage temperaturen kunnen afzetting achterlatenop de trommel en de kuip. Gebruik voor het reinigen van de binnenkant van demachine een programma op 90 C.
22Als dit niet helpt, maak dan de machine schoon met citroenzuur (verkrijgbaarbij drogist). Strooi 50-100 g citroenzuur op de klep van de trommel of in hetwasmiddelbakje. Draai het 90 C programma voor katoen. Herhaal indien nodig°de behandeling. Laat de lege machine nog eenmaal draaien op 90 C met een°wasmiddel dat fosfaat bevat. Voor het verwijderen van kalk- en roestaanslag zijnook speciale verwijderaars verkrijgbaar. Neem contact op met de technischedienst voor meer informatie hierover. DE SLANGEN CONTROLERENControleer de slangen ten minste eenmaal per jaar, met name de toevoerslang. De toevoerslang staat voortdurend onder druk en dient te worden vervangen alsscheurtjes of andere beschadigingen zichtbaar zijn. DE BUITENKANT VAN DE MACHINE REINIGENMaak de buitenkant van de machine schoon met een warm sopje en wrijf demachine droog met een zachte doek.
Gebruik geen agressieve schoonmaak- ofoplosmiddelen. Reinig de keuzeknoppen met een vochtige, zachte doek en eenoplossing van water en zachte zeep (bijv. een mild handwasmiddel). ALS DE MACHINE NIET WERKTControleer of:U de instructies in de handleiding hebt opgevolgdDe deksels en kleppen gesloten zijnDe toevoerkraan open isDe zekering niet is doorgebrand• Er geen knik in de toevoer- of afvoerslang zit• Het filter van de waterklep schoon is• Er geen voorwerpen tussen de trommel en kuip liggen• Er geen voorwerpen in de pomp vastzittenAlle overige storingen moeten worden verholpen door een erkendonderhoudsmonteur. Elektrische huishoudelijke apparaten kunnen alleenworden gerepareerd door een deskundig en bevoegd persoon. Houd het machinetype en modelnummer bij de hand als u contact opneemt metde technische dienst. U kunt deze vinden op de achterplaat van de machine.
23VEILIGHEIDDe machine is veilig mits deze op de juiste wijze wordt gebruikt engeïnstalleerd. De machine wordt geleverd met:• Overloopschakelaar• Beveiliging tegen drooglopen• Terugloopsysteem• Watertoevoer wordt geregeld door waterpeil (drukregelaar)De machine werkt niet als het buitendeksel nog open staat. Het deksel kan nietworden geopend tijdens het spoelen of centrifugeren. Alle overige functiesworden onderbroken als het deksel wordt geopend.Waarschuwing!Laat een draaiende wasmachine nooit onbeheerd achter. De machine dientalleen door volwassenen te worden bediend. Houd kleine kinderen uit de buurtvan de machine als deze in bedrijf is.De machine is geschikt voor normaal huishoudelijk gebruik volgens deinstructies in deze handleiding. Een onjuiste installatie van de watertoevoer en -afvoer kan waterschade of andere storingen tot gevolg hebben.
Draai na hetwassen de kraan dicht om beschadiging van de slang te voorkomen.Elektrische aansluitingen moeten voldoen aan de veiligheidsvoorschriften.Reparaties aan de machine mogen alleen worden uitgevoerd door een erkendmonteur. Reparaties verricht door een ondeskundige kunnen leiden tot schadeaan de machine of tot persoonlijk letsel.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Asko W 421 D stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Wasmachine Asko
Handleiding Wasmachine
Nieuwste handleidingen voor Wasmachine