Amica KMI 751 000 E Handleiding

Amica Fornuis KMI 751 000 E

Bekijk gratis de handleiding van Amica KMI 751 000 E (180 pagina’s), behorend tot de categorie Fornuis. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 31 mensen en kreeg gemiddeld 4.5 sterren uit 9 reviews. Heb je een vraag over Amica KMI 751 000 E of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/180
IO-TGC-0254
(07.2024)
Einbau-induktionkochfelde / Built-in induction hob /
Ingebouwde inductiekookplaat/ Plaque à induction
intégrée / Indukční varná deska / Indukčná varná
doska / Vgradna indukcijska kuhalna plošča /
Ugradbena indukcijska ploča
KMI 751 000 E
BEDIENUNGSANLEITUNG DE
INSTRUCTION MANUAL EN
NOTICE D'UTILISATION FR
GEBRUIKSAANWIJZING NL
NÁVOD K OBSLUZE CS
NÁVOD NA OBSLUHU SK
NAVODILO ZA UPORABO SL
UPUTE ZA UPORABU HR

Beoordeel deze handleiding

4.5/5 (9 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Amica
Categorie: Fornuis
Model: KMI 751 000 E

Handleiding Amica KMI 751 000 E – volledige tekst

- 6 -NL - InhoudsopgaveAANWIJZINGEN VOOR VEILIG GEBRUIK 75UITPAKKEN 77VERWIJDERING VAN GEBRUIKTE APPARATUUR 78ENERGIE BESPAREN 78INSTALLATIE 79VOORBEREIDING VAN HET WERKBLAD VOOR INBOUW VAN DE KOOKPLAAT 79INSTALLATIE VAN DE KOOKPLAAT IN DE MONTAGEOPENING 81AANWIJZINGEN VOOR DE INSTALLATEUR 81SCHEMA VAN MOGELIJKE VERBINDINGEN 82BASISINFORMATIE OVER HET APPARAAT 83WERKINGSPRINCIPES INDUCTIEKOOKPLAAT 83KENMERKEN VAN HET KOOKGEREI 83RESTWARMTE-INDICATOR "H" 85VOOR HET EERSTE GEBRUIK VAN DE KOOKPLAAT 85DE PAN WORDT NIET ONTDEKT OP DE INGESCHAKELDE KOOKZONE.

85AFMETINGEN KOOKGEREI 85BEDIENING 86ONDERDELEN VAN HET APPARAAT 86BEDIENINGSPANEEL 86VOORBEREIDING VOOR HET KOKEN 87NA HET KOKEN 87BOOSTFUNCTIE 87TIPTOETSEN VERGRENDELEN 87WAARSCHUWING VOOR RESTWARMTE 88AUTOMATISCH UITSCHAKELEN VAN EEN KOOKZONE 88KOOKWEKKER GEBRUIKEN 88DE KOOKWEKKER ALS AFTELTIMER GEBRUIKEN 88DE KOOKWEKKER GEBRUIKEN OM EEN OF MEER KOOKZONES UIT TE SCHAKELEN 89ALS DE KOOKWEKKER VOOR MEER DAN ÉÉN KOOKZONE IS INGESTELD 89DE KOOKWEKKER UITSCHAKELEN 89HANDELWIJZE BIJ STORINGEN 90FOUTCODES 91REINIGING EN ONDERHOUD 92SCHOONMAKEN NA IEDER GEBRUIK 92VLEKKEN VERWIJDEREN 92PERIODIEKE ONDERHOUDSBEURTEN 93GARANTIE, SERVICE 94GARANTIE 94

- 74 -Beste klantVanaf vandaag zijn de dagelijkse klusjes eenvoudiger dan ooit tevoren. Het apparaat is een combinae van uitzonderlijk bedieningsgemak en perfecte eecvi-teit. Na het lezen van de gebruiksaanwijzing kent de bediening voor u geen geheimen meer. Ieder apparaat dat de fabriek verlaat is vóór het in-pakken op controleplekken grondig gecontroleerd op veiligheid en funconaliteit.Wij vragen u deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door te lezen voordat u het apparaat inschakelt. Naleving van de aanwijzingen die erin zijn opgenomen be-schermt u tegen onjuist gebruik. Bewaar de gebruiks-aanwijzing en zorg dat u hem aljd binnen handbereik hee.Volg de gebruiksaanwijzing nauwkeurig op om onge-vallen te voorkomen.Hoogachtend

- 75 -AANWIJZINGEN VOOR VEILIG GEBRUIK• Attentie. Dit apparaat en de bereikbare onder-delen ervan worden tijdens het gebruik heet. Wees bijzonder voorzichtig bij het aanraken van de verwarmingselementen. Zorg dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar niet bij het apparaat kun-nen komen, tenzij ze onder permanent toezicht staan.• Dit apparaat mag gebruikt worden door kinderen van 8 jaar en ouder en personen met lichamelij-ke of geestelijke beperkingen of personen zonder ervaring met of kennis van het apparaat, als dit gebruik plaatsvindt onder toezicht of in overeen-stemming met de gebruiksaanwijzing van het ap-paraat, door personen die verantwoordelijk zijn voor hun veiligheid. Zorg ervoor dat kinderen niet met het apparaat kunnen spelen. Kinderen mo-gen de kookplaat niet zonder toezicht schoonma-ken of onderhoudswerkzaamheden verrichten.• Attentie.

Het koken van vetten of olie op de kook-plaat zonder toezicht kan erg gevaarlijk zijn en leiden tot brand.• Probeer het vuur NOOIT met water te blussen, maar schakel het apparaat uit en bedek de vlam-men met een deksel of een niet-brandbare de-ken.• Attentie. Brandgevaar: geen voorwerpen verza-melen op de kookoppervlakte.• Attentie. Schakel de stroom uit als de oppervlak-te is gebarsten, om elektrische schokken te voor-komen.• Leg geen metalen voorwerpen als messen, vor-ken, lepels, deksels en aluminiumfolie op de op-pervlakte van de kookplaat, zij kunnen heet wor-

- 76 -den. • Schakel de kookplaat na aoop van het gebruik uit met de regelaar, vertrouw niet op de pand-etectie. • Het apparaat is niet bedoeld voor aansturing met een externe tijdschakelaar of een apart systeem voor afstandsbesturing. • Gebruik geen stoomreinigers voor het schoon-maken van het apparaat. • Lees de gebruiksaanwijzing door voordat u de inductiekookplaat voor de eerste maal gebruikt. Alleen dan kunt u zeker zijn dat de kookplaat veilig functioneert en kunnen beschadigingen voorkomen worden. • Als de inductiekookplaat in de buurt van een radio- of televisieontvanger of andere zendapparatuur is geplaatst, moet het juist functioneren van de sen-sorbediening getest worden. • De kookplaat moet door een gekwaliceerde elektricien geïnstalleerd wor-den. • De kookplaat mag niet in de buurt van koelapparatuur geïnstalleerd worden.

• Het meubel waarin het apparaat geplaatst wordt, moet bestand zijn tegen temperaturen tot 100°C. Dit geldt ook voor het neer, de randlijsten, kunst-stofoppervlaktes, lijm en laklagen. • Het apparaat mag pas gebruikt worden nadat het is ingebouwd. Alleen op deze manier bent u beschermd tegen het onbedoeld in aanraking komen met onder spanning staande onderdelen. • Elektrische apparaten mogen alleen gerepareerd worden door gekwaliceer-de specialisten. Onvakkundige reparaties leveren ernstig gevaar op voor de gebruiker. • Het apparaat is pas afgesloten van het lichtnet, als de zekering in de meter-kast is uitgeschakeld of wanneer de stekker uit het stopcontact is getrokken. • De stekker van de aansluitkabel moet na de installatie van de plaat bereik-baar zijn. • Zorg ervoor dat kinderen niet met het apparaat kunnen spelen.

• Dit apparaat is niet bestemd voor gebruik door personen (waaronder kinde-ren) met lichamelijke of geestelijke beperkingen of personen zonder ervaring met of kennis van het apparaat, tenzij dit gebruik plaatsvindt onder toezicht of overeenkomstig de gebruiksaanwijzing van het apparaat, door personen die verantwoordelijk zijn voor hun veiligheid. • Personen met implantaten die helpen bij de lichaamsfuncties (bv. pacema-ker, insulinepompje of gehoorapparaten), moeten controleren of de werking van die apparaten niet wordt gestoord door de inductiekookplaat (de wer-kingsfrequentie van de inductiekookplaat bedraagt 20-50 kHz). • Bij stroomuitval verdwijnen alle instellingen. Bij terugkeer van de spanning moet u bijzonder voorzichtig zijn. Zolang de kookzones heet zijn brandt de restwarmteindicator „H” en, net zoals bij het eerste gebruik, de sleutel van het kinderslot.

• De in het elektronische systeem ingebouwde restwarmteindicator laat zien of de kookzone is ingeschakeld of nog heet is. • Als de wandcontactdoos zich in de buurt van een kookzone bevindt, let er dan op dat de kabel niet in aanraking komt met de hete plekken. • Bij gebruik van vetten en oliën, mag u het apparaat niet zonder toezicht la-ten vanwege brandgevaar. • Gebruik geen kookgerei van plastic of aluminiumfolie. Dit materiaal smelt bij hoge temperaturen en kan de keramische glasplaat beschadigen. • Suiker, citroenzuur, zout enz. mogen zowel in vloeibare als in vaste vorm net.

- 77 -als plastic niet in aanraking komen met een hete kookzone. • Mocht er per ongeluk toch suiker of kunststof op een hete kookzone terecht-komen, schakel deze dan niet uit voordat u de suiker of de kunststof met behulp van een scherpe schraper verwijderd heeft. Bescherm uw handen tegen verbranding en verwondingen. • Bij het gebruik van de inductiekookplaat mogen slechts pannen en braad-pannen met een vlakke bodem gebruikt worden, zonder scherpe randen of bramen, omdat anders permanente krassen ontstaan op de plaat. • De verwarmingsoppervlakte van de inductiekookplaat is bestand tegen tem-peratuurschokken. Hij is zowel hitte- als koudebestendig. • Voorkom het vallen van voorwerpen op de kookplaat. De inslag van harde en puntige voorwerpen, zoals een kruidenpotje, kunnen het barsten of versplin-teren van de keramische glasplaat veroorzaken.

• Overkokende gerechten kunnen via beschadigde plekken in aanraking ko-men met onder spanning staande delen van de inductiekookplaat. • Schakel de stroom uit als de oppervlakte is gebarsten, om elektrische schok-ken te voorkomen. • Gebruik de oppervlakte van de kookplaat niet als snijplank of werkvlak. • Leg geen metalen voorwerpen als messen, vorken, lepels, deksel en alumini-umfolie op de oppervlakte van de kookplaat, zij kunnen heet worden. • Bouw de kookplaat niet in boven een oven zonder ventilator of boven een afwasmachine, koelvrieskast of wasmachine. • Bij inbouw van de kookplaat in het werkblad kunnen metalen voorwerpen die zich in de kastjes bevinden verhit raken door de lucht die uit het ventilatie-systeem van de kookplaat komt. Het gebruik van een direct scherm wordt daarom aanbevolen (zie afb. 2).

• Om gevaarlijke situaties te vermijden moet een beschadigde aansluitleiding, die niet losgemaakt kan worden, vervangen worden bij de producent, bij een gespecialiseerde hersteldienst of door een gekwaliceerd persoon. UITPAKKENHet apparaat is beveiligd tegen transportschade. Na het uitpakken moet het verpakkingsmateriaal zo verwerkt worden dat er geen risico voor het milieu ontstaat. Al het materiaal dat voor de verpakking is gebruikt is milieuvriendelijk, het kan voor 100% hergebruikt worden en het is gelabeld met het bijbe-horende symbool. Attentie. Het verpakkingsmateriaal (polyethyleen-zakjes, stukken polystyreen etc. ) bij het uitpakken buiten het bereik van kinderen houden.

- 78 -VERWIJDERING VAN GEBRUIKTE APPARATUURDit product is in overeenstemming met de Europese richt-lijn 2002/96/EG en de Poolse wet op gebruikte elektrische en elektronische apparatuur, gemerkt met het symbool van een doorgekruiste verrijdbare afvalbak.Dit merkteken informeert dat dit apparaat na aoop van zijn levensduur niet samen met ander huishoudelijk afval verwijderd mag worden. De gebruiker is verplicht om het aan te bieden bij een inzamelpunt voor gebruikte elek-trische en elektronische apparatuur. De inzamelende in-stanties, waaronder lokale inzamelpunten, winkels en gemeentelijke instanties vormen een geschikt systeem voor de inzameling van deze apparatuur.

De juiste behandeling van gebruikte elektrische en elektro-nische apparatuur leidt tot het vermijden van consequenties die scha-delijk zijn voor de menselijke gezondheid en de natuurlijke omgeving en die voortkomen uit de aanwezigheid van gevaarlijke bestanddelen en verkeerde opslag en verwerking van dergelijke apparatuur.ENERGIE BESPARENWie verantwoordelijk omgaat met energie, be-schermt niet alleen zijn portemonnee, maar handelt ook milieuvriendelijk. Help daarom mee om zuinig te om te gaan met elektriciteit! Dit kan op de volgende manier:• Gebruik geschikt kookgerei.• Door pannen te gebruiken met een vlakke en dik-ke bodem bespaart u tot 1/3 elektriciteit.

Vergeet niet het deksel op de pan te leggen, anders is uw energieverbruik tot viermaal hoger!• Kookzones en kookgerei schoon houden.• Vuil verstoort de warmteoverdracht - sterk ingebrand vuil kan vaak alleen verwijderd worden met middelen die het milieu zwaar belas-ten.• Vermijd onnodig optillen van het deksel tijdens het koken.• Bouw de kookplaat niet in de buurt van koel-/vriesapparatuur in.• Hun energieverbruik zal daardoor onnodig toenemen.

- 79 -INSTALLATIEVoorbereiding van het werkblad voor inbouw van de kook-plaatHet werkblad moet vlak en waterpas zijn. Aan de kant van de muur moet het werkblad worden afgedicht en beveiligd tegen vocht en over-lopen.De bekleding van de inbouwmeubelen en de lijm waarmee deze is vast-gelijmd moeten bestand zijn tegen temperaturen van 100°C. Als niet aan deze voorwaarde wordt voldaan kan het oppervlak vervormen of de bekleding loslaten.Bescherm de randen van de opening met materiaal dat bestand is te-gen vocht.Laat onder de kookplaat wat ruimte vrij om te zorgen voor goede luchtcirculatie. Daarmee voorkomt u oververhitting van de oppervlakte rondom de kookplaat.

De omvang van deze spleet vindt u verderop in deze gebruiksaanwijzingMaak de opening in het werkblad volgens de afmetingen uit onder-staande afbeelding (eenheid [mm]):L (mm) W (mm) H (mm) D(mm) A(mm) B(mm) X(mm)290 520 58 54 270 490 50 min

- 81 -Installatie van de kookplaat in de montageopeningSluit de kookplaat aan met een elektrische kabel volgens het meegele-verde aansluitschema. Maak het werkblad stofvrij, leg de kookplaat in de opening en druk hem stevig tegen het werkblad. Aanwijzingen voor de installateurDe kookplaat is uitgerust met een aansluitblok dat verschillende aan-sluitmogelijkheden biedt, die geschikt zijn voor verschillende typen elektrische installaties. Het aansluitblok maakt de volgende aansluitingen mogelijk:• Monofasig 220-240V ~• Tweefasig 400V 2N ~Aansluiting van de kookplaat op de gewenste voeding is mogelijk door middel van een geschikte geleidingsbrug op het aansluitblok volgens bijgeleverd schakelschema. Het schakelschema is ook op de onderkant van de behuizing van het apparaat aangebracht.

Na verwijdering van het onderste gedeelte van de behuizing van het klemmenbord, hebt u toegang tot het aansluitblok. Vergeet niet om de juiste aansluitkabel te kiezen die overeenstemt met het soort aansluiting en het nominale vermogen van de kookplaat. Attentie. Vergeet niet om de aardleiding te bevestigen aan de met het symbool gelabelde klem op het aansluitblok. De elektrische installatie die de kookplaat van stroom voorziet, moet voorzien zijn van een juist gekozen zekering of een veiligheidsschakelaar, om de hoofdleiding te beschermen en in noodgevallen de stroom uit te kunnen schakelen. Neem kennis van de informatie op het typeplaatje en het schakelsche-ma voordat u het apparaat op de elektrische installatie aansluit. Een aansluiting die afwijkt van het meegeleverde schakelschema, kan be-schadiging van de kookplaat veroorzaken. Attentie.

De aansluiting van de kookplaat op het lichtnet mag uitslui-tend uitgevoerd worden door een erkend installateur. Eigenmachtige aanpassingen of wijzigingen van de elektrische installatie zijn verbo-den. Attentie.

De installateur is verplicht om de gebruiker een "Bevestiging van aansluiting van het apparaat" (dit vindt u bij het garantiebewijs) te geven. De installateur moet na aoop van de installatie ook informatie vermelden over de wijze van aansluiting van het apparaat:• monofasig, tweefasig of driefasig;• doorsnede van de aansluitkabel;• de aard van de toegepaste beveiliging (soort zekering).

- 82 -Schema van mogelijke verbindingenAttentie! Bij iedere verbinding moet de aardleiding worden aangesloten op klem .Type /doorsnede kabelBeveiligings-zekering1Voor het 230 V lichtnet een mono-fasige aansluiting met nulleiding, de klemmen L1 en L2 zijn verbonden met een brug, de nulleiding aan N, de aardleiding aan 1N~HO5VV-FG3x4 mm2 min. 30A2Voor het 230/400V lichtnet een tweefasige aansluiting met nullei-ding, de nulleiding aan N, de aard-leiding aan 2N~HO5VV-FG4x2,5 mm2 min. 16A

- 83 -BASISINFORMATIE OVER HET APPARAATWerkingsprincipes inductiekookplaatOnder het glas van de inductiekookplaat bevinden zich inductiespoelen die een magnetisch veld opwekken. Een pan die op het magnetische veld staat, wordt warm onder invloed van dat veld. Vergeet niet dat het belangrijk is om pannen met een geschikte bodem te gebruiken. De kookzone werkt cyclisch. Dat is een normaal verschijnsel. De fre-quentie is afhankelijk van het ingestelde vermogen van de kookzone. Afhankelijk van de gebruikte pannen en het ingestelde vermo-gen tijdens het koken, maakt het apparaat een speciek uitend geluid. Dit is een normaal verschijnsel en vormt geen reden voor reclamaties. Kenmerken van het kookgerei• Om te controleren of een pan geschikt is voor uw inductiekookplaat, controleert u of een magneet wordt aangetrokken door de bodem van de pan. Hoe hoger de aantrekkingskracht, hoe beter de pan.

• Gebruik altijd kookgerei van hoge kwaliteit met een perfect vlakke bodem. Zo voorkomt u het ontstaan van punten met een te hoge temperatuur waar voedingsmiddelen tijdens het koken aan vast kun-nen kleven. Pannen en koekenpannen met dikke, metalen wanden zorgen voor uitstekende verspreiding van de warmte. Een holle bo-dem of een diep ingeslagen logo van de producent hebben een nega-tieve invloed op de temperatuurcontrole door de inductiemodule en kunnen oververhitting van het kookgerei veroorzaken. • Gebruik geen beschadigde pannen bv. met een bodem die door te hoge temperaturen is vervormd. • Bij toepassing van groot kookgerei met een ferromagnetische bodem waarvan de diameter kleiner is dan de totale diameter van het kook-gerei, wordt uitsluitend het ferromagnetische deel van het kookgerei verhit.

Het ferromag-netische oppervlak wordt in de bodem van het kookgerei verminderd vanwege de aluminium elementen die erin zijn geplaatst, daardoor kan de geleverde hoeveelheid warmte lager zijn. Er kunnen ook problemen optreden met het detec-teren van het kookgerei, of het gerei wordt he-lemaal niet gedetecteerd. De diameter van het ferromagnetische deel van het kookgerei moet passen bij de doorsnede van de kookzone om de beste kookresultaten te bereiken. Wanneer het kookgerei niet wordt ontdekt op de door u gekozen kookzone, probeer dan een kookzone met een kleinere diameter.

- 84 -Basisvoorwaarde voor de goede werking en eciëntie van de kookplaat is het gebruik van de juiste kwaliteit pannen.Het gebruik van losse inductie-adapters wordt afgeraden.• Gebruik voor inductiekoken uitsluitend ferromagnetisch kookgerei van materialen als:- Geëmailleerd staal- Gietijzer- Kookgerei van roestvrij staal dat geschikt is voor inductiekoken. • Een deksel verhindert dat de warmte tijdens het koken ontsnapt, waardoor de kooktijd korter wordt en u minder energie verbruikt. • Zorg ervoor dat de bodem van de pan droog is. Controleer na het vul-len, of wanneer u een pan gebruikt die in de koelkast heeft gestaan, of de oppervlakte volledig droog is.

Hierdoor voorkomt u verontreini-ging van de oppervlakte van de kookplaat.Markering van keukenge-reiControleer of zich op het eti-ket een symbool bevindt, dat aangeeft dat de pan geschikt is voor inductiekookplatenRVSAanwezigheid pan niet ontdektUitgezonderd pannen van ferromagnetisch staalAluminium Aanwezigheid pan niet ontdektGietijzerBijzonder geschiktOpgelet: de pannen kunnen krassen op de kookplaat veroorzakenGeëmailleerd staalBijzonder geschiktAanbevolen worden pannen met een dikke, vlakke en gladde bodemGlas Aanwezigheid pan niet ontdektPorselein Aanwezigheid pan niet ontdektPannen met een koperen bodemAanwezigheid pan niet ontdekt

- 85 -Restwarmte-indicator "H"Na aoop van het koken is de ruit van de inductiekookplaat op het gebied van de betreende kookzone nog steeds heet. Dit heet restwarmte. Als de ruit heet is, verschijnt op de display van deze zone het symbool “H”.Raak tijdens het branden van de restwarmteindicator de kookzone niet aan in verband met het risico voor verbran-dingen en zet er geen voorwerpen op die gevoelig zijn voor warmte!Bij stroomonderbreking wordt de restwarmteindicator "H" niet getoond. Ondanks dat kan de kookzone nog steeds heet zijn!Voor het eerste gebruik van de kookplaat• Maak de inductiekookplaat zorgvuldig schoon. De plaat heeft een glazen oppervlak, behandel hem dus met de nodige zorg.• Na de eerste start van het apparaat kunnen er geuren vrijkomen. Schakel in dat geval de ventilatie in of zet een raam open.

Het vrij-komen van geuren is tijdelijk.De pan wordt niet ontdekt op de ingeschakelde kookzone.Als u geen pan op de actieve inductiezone plaatst of de pan is niet geschikt, verschijnt op de display het getoon-de symbool.

Als u geen geschikte pan op de kookzone plaatst, schakelt deze na een minuut uit (de plaat is nog een minuut in stand-bymodus, hierna schakelt hij volle-dig uit, tenzij een van de overige kookzones nog functio-neert).Afmetingen kookgereiGebruik voor het beste kookresultaat vaatwerk waarvan de bodemafme-ting (het ferromagnetische gedeelte) overeenkomt met de omvang van de kookzone.Wanneer u ander vaatwerk gebruikt waarvan de bodemdoorsnede klei-ner is dan de kookzone, is de eciëntie van de kookzone lager en duurt het kookproces langer.Kookzones hebben met betrekking tot de panherkenning een ondergrens die afhankelijk is van de doorsnede van het ferromagnetische deel van de panbodem en het materiaal waarvan de pan is gemaakt.Doorsnede kookzone Doorsnede pan [mm]160 120180 140210 180

- 86-BEDIENINGOnderdelen van het apparaatBedieningspaneel1 - Tiptoets AAN/UIT2 - Schuifregelaar van het ver-mogensniveau3 - Kookwekker instellen4 - Kinderslot (Child Lock)5 - Kookzone selecteren6 - BoostfunctieOpmerking: Na iedere aanraking van een tiptoets hoort u een geluids-signaal. Het is niet mogelijk om de geluidssignalen uit te schakelen.

- 87-kan ook worden gebruikt om energie te besparen. Als u meer potten wilt opwarmen, gebruik dan de kookplaat die nog heet is. BoostfunctieDeze functie wordt gebruik om tij-delijk het vermogen van een spe-cieke kookzone te verhogen. Het verwarmingsvermogen kan worden ingesteld in het bereik van 1 tot P, waarbij P het hoogst mogelijke verwarmingsvermogen is. Opmerking: De Boostfunctie kan maximaal 5 minuten werken, daarna wordt het verwarmingsver-mogen automatisch verlaagd naar stand 9. Boostfunctie inschakelen• Selecteer de zone met de Boostfunctie. • Raak de Boost-tiptoets aan, de vermogensindicator geeft nu “P” weer. Boostfunctie uitschakelen• Selecteer de zone met Boost-functie. • Raak de Boost-tiptoets “P” aan of selecteer een vermo-gensstand om de Boostfunctie uit te schakelen en een ander gewenst vermogensstand in te stellen.

Tiptoetsen vergrendelen• U kunt de bedieningselementen vergrendelen om onbedoeld ge-bruik te voorkomen (bijvoorbeeld dat kinderen per ongeluk de kook-zones aanzetten). • Wanneer de bedieningselemen-ten vergrendeld zijn, werken er geen tiptoetsen behalve AAN/UIT. Om tiptoetsen te vergrendelenRaak de vergrendeltiptoets (kin-derslot) aan. Op het display van de kookwekker verschijnt “Lo”. Voorbereiding voor het ko-kenNa inschakeling klinkt er een enkel geluidssignaal, lichten alle indi-catoren gedurende 1 seconde op en gaan vervolgens uit om aan te geven dat de kookplaat nu in de stand-bymodus staat. 1. Raak de tiptoets AAN/UIT aan. Alle indicatoren tonen "–". 2. Plaats een geschikte pan op de geselecteerde kookzone. Zorg ervoor dat de panbodem en de kookzone schoon en droog zijn. 3. Als u de tiptoets voor keuze van de kookzone aanraakt, gaat het indicatielampje naast de tiptoets knipperen.

4. Selecteer een vermogensstand door de schuifregelaar van het ver-mogen te verplaatsen. • Als u geen vermogensstand binnen 1 minuut instelt, scha-kelt de kookplaat automatisch uit. U moet dan opnieuw begin-nen vanaf stap 1.

• Tijdens het koken kunt u de vermogensstand op elk mo-ment aanpassen. Na het koken• Raak de tiptoets van de kook-zone die u wilt uitschakelen. • Schakel de kookzone uit door over de schuifregelaar van het vermogensniveau te schuiven. Controleer dat het display “0” toont. • Schakel de hele kookplaat uit door de AAN/UIT-knop aan te raken. Kijk uit voor heet oppervlak-ken. • “ ” geeft aan de kookzone nog te heet is om aan te raken. Het gaat uit zodra het opper-vlak naar een veilige tempera-tuur is afgekoeld. Deze functie.

- 88-Om tiptoetsen te ontgrendelen1. Controleer of de kookplaat inge-schakeld is. 2. Raak de vergrendeltiptoets aan en houd je vinger er geduren-de 3 seconden op. 3. De kookplaat kan nu worden gebruikt. Wanneer de kookplaat in de ver-grendelmodus staat, zijn alle be-dieningselementen uitgeschakeld, behalve de tiptoets AAN/UIT. In een noodgeval kunt u de kookplaat altijd uitschakelen met de tiptoets AAN/UIT, maar voor de volgende handeling moet u eerst de kook-plaat ontgrendelen. Waarschuwing voor rest-warmteAls de kookplaat enige tijd in wer-king is geweest, blijft er restwarm-te achter. De letter “H” waarschuwt u om de kookplaat niet aan te raken. Automatisch uitschakelen van een kookzoneDe kookzone wordt automatisch uitgeschakeld na een bepaalde tijd die afhankelijk is van het vermo-gen. Dit is een veiligheidsfunctie die u niet kunt uitschakelen.

VermogenTijd tot automatische uitschakeling1 8h2 8h3 8h4 4 h5 4 h6 4 h7 2 h8 2 h9 2 hKookwekker gebruikenDe kookwekker kan op 2 manieren worden gebruikt:• Als timer om de tijd af te tel-len. In dit geval schakelt de kookwekker geen kookzone uit nadat de ingestelde tijd is afgelopen. • Als tijdschakelaar om een of meer kookzones na aoop van de ingestelde tijd uit te scha-kelen. De kookwekker als aftelti-mer gebruiken1. Controleer of de kookplaat inge-schakeld is. En dat de tiptoets voor keuze van de kookzone niet geac-tiveerd is (het indicatielampje van de zone “-” knippert niet). Opmerking: De afteltimer kan worden ingesteld voor of na het in-stellen van het vermogen van een kookzone. 2. Raak de tiptoets van de kook-wekker aan. Op het display van de kookwekker verschijnt “00”, en “0” knippert. 3. Stel de tijd in door de schuifre-gelaar te bedienen. 4.

Raak de tiptoets van de kook-wekker opnieuw aan. “0” gaat knipperen. 5. Stel de tijd in door de schuifre-gelaar te bedienen. 6. Na het instellen van de tijd be-gint het aftellen onmiddellijk. Op het display wordt de overgebleven tijd weergegeven. 7.

- 89-2. Na aoop van de afteltijd wordt de betreende kookzone uitge-schakeld. Vervolgens wordt de volgende kortste afteltijd weerge-geven en de stip van de betreen-de zone gaat knipperen.Opmerking: Raak de tiptoets voor keuze van de kookzone aan om de betreende afteltijd op het display van de kookwekker weer te geven.De kookwekker uitschakelen1. Raak de tiptoets van de kookzo-ne waarvoor u de kookwekker wilt uitschakelen.2. Raak de tiptoets van de kook-wekker aan, de indicator gaat knipperen.3. Verschuif de schuifregelaar “-” zodanig dat de kookwekker op “00” wordt ingesteld. De kookwek-ker is nu uitgeschakeld.De kookwekker gebruiken om een of meer kookzones uit te schakelen1. Raak de tiptoets van de kook-zone waarvoor u de kookwekker wilt instellen.2. Raak de tiptoets van de kook-wekker aan, op het display verschijnt “00”, en “0” knippert.3.

Stel de tijd in door de schuifre-gelaar te bedienen.4. Raak de tiptoets van de kook-wekker opnieuw aan. “0” gaat knipperen.5. Stel de tijd in door de schuifre-gelaar te bedienen. Nu is de kook-wekker ingesteld op 25 minuten.6. Na het instellen van de tijd be-gint het aftellen onmiddellijk. Op het display wordt de overgebleven tijd weergegeven.OPGELET: Er verschijnt een rode stip in de rechterbenedenhoek van de weergave van de vermogens-stand om aan te geven dat de zone is geselecteerd.7. Na aoop van de kooktijd wordt de betreende kookzone automa-tisch uitgeschakeld.Opmerking: Andere kookzones blijven werken als ze eerder zijn ingeschakeld.Als de kookwekker voor meer dan één kookzone is ingesteld1. Als de kookwekker voor meer-dere kookzones is ingesteld, wor-den de rode stippen van de betref-fende kookzones weergegeven.

- 90 -HANDELWIJZE BIJ STORINGENBij het optreden van storingen handelt u als volgt:• Schakel alle functies van het apparaat uit• Onderbreek de stroomtoevoer• Bied het apparaat aan voor reparatie• Omdat u zelf kleine storingen kunt verhelpen volgens de onderstaande aanwijzingen, dient u het apparaat eerst te controleren aan de hand van de punten in de volgende tabel, voordat u contact opneemt met de klantenservice. PROBLEEM OORZAAK OPLOSSING1. Het apparaat werkt niet - Stroomuitval-Controleer de zekering en vervang deze als hij is doorgebrand2. Het apparaat reageert niet op de ingevoerde waarden- Het bedieningspaneel is niet ingeschakeld- Inschakelen- De tiptoets is te kort aangeraakt (minder dan een seconde)- Raak de tiptoets langer aan- Tegelijkertijd meerdere tiptoetsen aangeraakt- Raak altijd maar één tiptoets tegelijk gaan (uitgezonderd het inschakelen van de kookzone)3.

Het apparaat reageert niet en laat een kort geluidssig-naal horen- Onjuiste bediening (de verkeerde tiptoetsen aangeraakt of te snel aangeraakt)- Schakel de kookplaat opnieuw in- De tiptoets(en) is(zijn) bedekt of verontreinigd- De tiptoetsen vrijmaken of schoon-maken 4. Het hele apparaat schakelt uit- Na inschakeling is er binnen 10 seconden geen enkele waarde ingevoerd- Schakel het bedieningspaneel opnieuw in en voer de gegevens onmiddellijk in- De tiptoets(en) is(zijn) bedekt of verontreinigd- De tiptoetsen vrijmaken of schoon-maken 5. Een kookzone schakelt uit en op de display verschijnt de letter „H”- Beperking van de werkingsduur - Schakel de kookzone opnieuw in- De tiptoets(en) is(zijn) bedekt of verontreinigd- De tiptoetsen vrijmaken of schoon-maken - Oververhitting van de elektronische onderdelen 6. Restwarmteweergave licht niet op, terwijl de kook-zones nog heet zijn.

- Onderbreking van de stroomtoe-voer, verbinding van het apparaat met het lichtnet onderbroken- Restwarmteindicator gaat pas weer werken nadat het bedieningspaneel opnieuw is in- en uitgeschakeld. 7.

Keramische plaat is gebarsten. Gevaar. Stroomvoorziening van de kookplaat onmiddellijk onderbreken (zekering). Neem contact op met de dichtstbijzijnde klantenservice. 8. Als het gebrek of de sto-ring niet nog steeds niet is opgeheven. Stroomvoorziening van de kookplaat onmiddellijk onderbreken (zekering. ). Neem contact op met de dichtstbijzijnde klantenservice. Belangrijk. U bent verantwoordelijk voor de goede staat van het apparaat en het juiste gebruik ervan in de huishouding. Als u op basis van onjuist gebruik van het apparaat contact opneemt met de klantenservice, dan zijn ook binnen de garantieperiode de kosten van zo´n bezoek voor u. Voor schade die is ontstaan door het niet in acht nemen van deze gebruiksaan-wijzing, kunnen wij helaas niet aansprakelijk gesteld worden. 9. De inductiekookplaat maakt een schurend geluid. Dat is een normaal verschijnsel.

De koelventilator van de elektronische onderdelen werkt. 10. De inductiekookplaat maakt een uitend geluid. Dat is een normaal verschijnsel. Conform de werkfrequentie van de spoelen tij-dens het gebruiken van een aantal kookzones, maakt de kookplaat bij maximaal vermogen en een licht uitend geluid. 11. De plaat werkt niet, u kunt de kookzones niet inschakelen en ze functione-ren niet. - Elektronische storing- Reset de kookplaat, koppel de kookplaat enkele minuten los van de stroomvoorziening (verwijder de zekering van de installatie).

- 91 -FOUTCODESTijdens het gebruik van het apparaat kan een foutcode op de display verschijnen. De ver-schillende foutcodes staan beschreven in onderstaande tabel:PROBLEEM OORZAAK OPLOSSINGE4/E5 Beschadigde temperatuurvoelerNeem contact op met de KlantenserviceE7/E8Beschadigde temperatuurvoeler van de IGBT-transistorNeem contact op met de KlantenserviceE2/E3 Onjuiste voedingsspanningControleer of de voedingsspanning correct is.E6/E9 Oververhitting van de kookplaatSchakel de kookplaat opnieuw in zodra hij volledig is afgekoeld

- 92 -REINIGING EN ONDERHOUDHet regelmatig reinigen en onderhouden van de kookplaat heeft grote invloed op de levensduur en storingsvrije werking van het apparaat.Neem bij het reinigen van de keramische glasplaat dezelfde regels in acht als bij het reinigen van glasoppervlakten. Gebruik nooit schurende of agressieve schoonmaakmiddelen, schuurpoeders of schuursponsjes met een ruw oppervlak. Gebruik ook geen stoomcleaners.Schoonmaken na ieder gebruikLichte, niet ingebrande verontreinigingen met een vochtig doekje zon-der reinigingsmiddel verwijderen. Het gebruik van een afwasmiddel kan een blauwe verkleuring veroorzaken.

Deze hardnekkige vlekken kunnen vaak niet bij de eerste reiniging verwijderd worden, zelfs niet als u spe-ciale reinigingsmiddelen gebruikt.Verwijder vastgebrande kookresten met een scherpe schraper en wis de oppervlakte met een vochtig doekje af.Vlekken verwijderenLichte, parelmoerkleurige vlekken ( aluminiumresten) kunt u verwijde-ren van de afgekoelde kookplaat met behulp van een speciaal reinigings-middel. Kalkresten (van overgekookt water) verwijdert u met azijn of speciale reinigingsmiddelen.Schakel de kookzone niet uit als u suiker, suikerhoudende gerechten, plastic of aluminiumfolie wilt verwijderen! Verwijder kookresten (als ze nog heet zijn) meteen van de hete kookzone met een scherpe schraper. U kunt de kookzone uitschakelen zodra u de verontreiniging heeft ver-wijderd. Na afkoeling kunt u met behulp van speciale reinigingsmiddelen de kookplaat verder schoonmaken.

- 93 -De speciale reinigingsmiddelen zijn verkrijgbaar in supermarkten, spe-ciale winkels met elektronische apparatuur, drogisterijen, levensmidde-lenzaken en keukenspeciaalzaken. Scherpe schrapers zijn verkrijgbaar in winkels met bouwmaterialen, bouwgereedschappen en schildersbeno-digdheden.Reinigingsmiddelen nooit toepassen op een hete kookplaat. U kunt het beste het aangebrachte reinigingsmiddel laten drogen en vervolgens met een natte doek afwissen.

Voordat u de glaskeramische kookplaat opnieuw verhit, moet u de resten van het reinigingsmiddel met een vochtige doek afvegen, omdat deze anders een bijtende werking kunnen hebben.Wij zijn niet aansprakelijk in het kader van de garantie, manier u de ke-ramische glasplaat niet op de goede manier hebt behandeld.Periodieke onderhoudsbeurtenNaast de normale schoonmaakwerkzaamheden moet u:• regelmatig de besturings- en werkonderdelen van de kookplaat con-troleren.

na aoop van de garantieperiode minimaal één keer per twee jaar het apparaat na laten kijken door een servicedienst,• de geconstateerde storingen verhelpen,• periodiek de onderdelen van de kookplaat een onderhoudsbeurt ge-ven.Attentie!Als om de een of andere reden de besturing niet werkt, terwijl het ap-paraat is ingeschakeld, schakel dan de hoofdschakelaar uit of schroef de zekering los en neem vervolgens contact op met de klantenservice.Attentie!Mochten er barsten of breuken in uw keramische glasplaat verschijnen, schakel dan onmiddellijk de kookplaat uit en verbreek de aansluiting met het lichtnet. Draai hiertoe de zekering los of haal de stekker uit het stopcontact. Neem vervolgens contact op met de klantenservice.Attentie!Reparaties en afstelhandelingen moeten worden uitgevoerd door een be-voegde servicedienst of installateur.

- 94 -GARANTIE, SERVICEGarantieDe garantieverplichtingen blijken uit het garantiebewijs. De producent is niet aansprakelijk voor schade die is veroorzaakt door oneigenlijk gebruik van het product.Service• De producent van het apparaat raadt aan om alle reparaties en afstelwerkzaamheden uit te laten voeren door de fabrieksservice of de geautoriseerde service van de producent. Om veiligheidsredenen mag u het apparaat niet zelf repareren.

• Reparaties die zijn uitgevoerd door personen die niet over de ver-eiste kwalicaties beschikken, kunnen een ernstig gevaar opleveren voor de gebruiker van het apparaat.• De minimale garantieperiode voor het apparaat die door de fabri-kant, importeur of gevolmachtigde wordt aangeboden, staat ver-meld op het garantiebewijs.• Het apparaat verliest zijn garantie als gevolg van eigenhandige aanpassingen, wijzigingen, schending van de verzegeling of andere beveiligingen van het apparaat of onderdelen daarvan, en andere eigenhandige interventie in de apparatuur die niet in overeenstem-ming is met de gebruiksaanwijzing.Reparatiemelding en assistentie bij storingenAls het apparaat gerepareerd moet worden, moet u contact opnemen met de klantenservice. De adresgegevens en het telefoonnummer van de klantenservice vindt op het garantiebewijs.

Als u contact opneemt, zorg er dan voor dat u het serienummer van het apparaat bij de hand heeft, dit staat op het typeplaatje. Voor uw gemak kunt u het hieronder noteren:Verklaring van de producentHierbij verklaart de producent, dat het product aan de eisen van de onderstaande Europese richtlijnen voldoet:• Laagspanningsrichtlijn 2014/35/EC • Richtlijn elektromagnetische compatibiliteit 2014/30/EC• Richtlijn 2009/125/EC• Richtlijn RoHS 2011/65/ECen over de certi cering en de conformiteitsverklaring voor orga-nen die toezicht op de markt houden beschikt.

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Amica KMI 751 000 E stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden