Alpine TDM-9501RM Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Alpine TDM-9501RM (28 pagina’s), behorend tot de categorie Autoradio's. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 46 mensen en kreeg gemiddeld 4.0 sterren uit 8 reviews. Heb je een vraag over Alpine TDM-9501RM of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Alpine |
| Categorie: | Autoradio's |
| Model: | TDM-9501RM |
Handleiding Alpine TDM-9501RM – volledige tekst
CHM-S630• CD-wisselaar voor TDM-9505RB/TDM-9503R/TDM-9501RM/TDM-9501R CHA-S634 CHA-1214Alpine-CD-wisselaars geven u meer!Meer muziekselecties, meer veelzijdigheid, meer gebruiksgemak.De CHA-S634 is een sterk presterende 6-CD-wisselaar met een nieuwe M DAC en WEERGAVE VAN CD-R/RW, MP3 en CD-TEKST. Het model CHA-1214 Ai-NET heeft plaats voor 12 CD’s en het model CHM-S630 M-Bus is eensupercompacte 6-CD-wisselaar met CD-R/RW-WEERGAVE.OPMERKINGHet model CHA-S634 kan worden aangesloten op een ingebouwd toestelgedeelte met M-Bus via de optionele M-Bus/Ai-NET-compatibele kabel. (KCA-130B)
9Verkeersinformatie ontvangen tijdens de weergavevan een cassette of een radio-uitzending. 9 Prioriteit Nieuws. 10 Regionale (lokale) RDS-zenders ontvangen. 101-NEBediening van de cassettespelerCassette inbrengen/uitwerpen. 11 Normaal afspelen en pauzeren. 11 Dolby B NR (Ruisonderdrukking)(enkel TDM-9505RB/TDM-9503R). 11 Herhaald afspelen. 11 Lege gedeeltes overslaan (B. SKIP). 11 Snel vooruit en achteruit. 12 Programma’s scannen. 12Manueel de afspeelrichting veranderen. 12Programmasensor (P. S. ). 12Bediening van de CD-wisselaarFuncties van de CD-wisselaar (optie). 13 Music Sensor (M. S. ) overslaan. 13 Snel vooruit en achteruit. 13Herhaald afspelen van een enkele track of een volledige CD. 14M. I. X. (Willekeurig afspelen). 14Programma’s scannen. 14CD-titels tonen (enkel TDM-9505RB/TDM-9503R). 15Titels geven aan CD’s (enkel TDM-9505RB/TDM-9503R).
WAARSCHUWINGWAARSCHUWINGHet uitroepingsteken binnen een gelijkzijdigedriehoek en “WAARSCHUWING” zijn bedoeld omde gebruiker ervan te verwittigen dat het ombelangrijke gebruiksaanwijzingen gaat. Niet-naleving van de aanwijzingen zal ernstig letselof zelfs de dood tot gevolg hebben. HET TOESTEL NIET UIT ELKAAR NEMEN OFWIJZIGEN. Niet-naleving van deze aanwijzing kan een ongeval, brandof elektrische schok tot gevolg hebben. HOUD KLEINE VOORWERPEN ZOALS BATTERIJENBUITEN BEREIK VAN KINDEREN. Het inslikken ervan kan ernstig letsel tot gevolg hebben. Indien dit toch gebeurt, raadpleeg dan onmiddellijk een arts. GEBRUIK BIJ HET VERVANGEN VAN ZEKERINGENENKEL ZEKERINGEN MET DEZELFDE AMPEREWAARDE. Niet-naleving van deze aanwijzingen kan brand ofelektrische schok tot gevolg hebben. VOER GEEN BEDIENINGEN UIT DIE UW AANDACHTAFLEIDEN EN ZO HET VEILIG BESTUREN VAN UWVOERTUIG IN GEVAAR BRENGEN.
Functies die langer dan een moment uw aandacht vergen,mogen enkel worden bediend nadat u uw voertuig volledigtot stilstand heeft gebracht. Breng uw voertuig altijd tot stilstand op een veilige plaatsalvorens deze functies te bedienen. Niet-naleving van dezeaanwijzingen kan een ongeval tot gevolg hebben. STEL HET GELUIDSVOLUME ZO IN DAT U NOGALTIJD BUITENGELUIDEN KUNT WAARNEMENTIJDENS HET RIJDEN. Niet-naleving van deze aanwijzingen kan een ongeval totgevolg hebben. GEBRUIK DIT TOESTEL ENKEL VOOR MOBIELE 12V-TOEPASSINGEN. Elk ander gebruik dan dat waarvoor het toestel ontworpenis, kan brand, elektrische schok of ander letsel tot gevolghebben. UW HANDEN, VINGERS OF VREEMDE VOORWERPENNIET IN DE GLEUVEN OF OPENINGEN STEKEN. Niet-naleving van deze aanwijzing kan letsel ofbeschadiging van het toestel tot gevolg hebben. VENTILATIEOPENINGEN OF RADIATORPANELENNIET AFSTOPPEN.
VOORZICHTIGHet uitroepingsteken binnen een gelijkzijdigedriehoek en “VOORZICHTIG” zijn bedoeld om degebruiker ervan te verwittigen dat het ombelangrijke gebruiksaanwijzingen gaat. Niet-naleving van deze aanwijzing kan letsel ofmateriële schade tot gevolg hebben. STOP ONMIDDELLIJK HET GEBRUIK INDIEN ER ZICHEEN PROBLEEM VOORDOET. Niet-naleving van deze aanwijzing kan letsel ofbeschadiging van het toestel tot gevolg hebben. Breng hettoestel naar uw erkende Alpine-dealer of hetdichtstbijzijnde Alpine Service Centre voor herstelling. GEBRUIK GEEN NIEUWE EN OUDE BATTERIJENTEZAMEN. PLAATS DE BATTERIJEN VOLGENS DEJUISTE POLARITEIT. Bij het plaatsen van de batterijen moet u de polariteit (+ en -) respecteren, zoals aangegeven. Een lekkendebatterij kan brand of lichamelijk letsel veroorzaken.
VOORZORGSMAATREGELENTemperatuurControleer of de temperatuur binnen de wagen tussen -10°C en +60°C is alvorens het toestel in te schakelen. Cassettebandje te slapControleer of het cassettebandje strak genoeg isaangespannen alvorens de cassette in de cassettespeler teplaatsen. Een slappe cassetteband kan geklemd geraken inhet mechanisme, met eventueel schade aan het toestel enaan het bandje zelf tot gevolg. Span het bandje aan dooreen potlood of iets dergelijks in het gat van de spoel testeken en dan de spoel te draaien tot het bandjestrakgespannen staat. Uitzonderlijk dun bandjeCassettetypes met uiterst dunne bandjes (type C-120)worden afgeraden voor gebruik in cassettespelers in auto’s. 2-NE.
3-NEPrecisiemechanismeVoorkom dat vreemde voorwerpen in de cassetteopeningterechtkomen, want het precisiemechanisme en deaudiokop kunnen hierdoor beschadiging oplopen.Speel nooit vuile of stoffige cassettes af, want zij kunnende audiokop beschadigen.Reinigen van de audiokopOm optimale prestaties te kunnen blijven garanderen is eenperiodieke reiniging (ongeveer alle 20 speeluren) van deaudiokop met een natte reinigingscassette (verkrijgbaar inaudiowinkels) noodzakelijk.Vervanging van de zekeringBij het vervangen van een zekering moet u een zekeringplaatsen met de ampèrewaarde die op de zekeringhoudervermeld is. Als de zekering herhaaldelijk smelt, moet uzorgvuldig alle elektrische verbindingen controleren opkortsluitingen. Laat ook de voltregelaar van uw wagennazien.OnderhoudProbeer in geval van problemen nooit om zelf het toestel teherstellen.
Breng het toestel naar uw erkende Alpine-dealerof het dichtstbijzijnde Alpine Service Centre voor service.De plaats van installatieZorg ervoor de TDM-9505RB/TDM-9503R/TDM-9501RM/TDM-9501R niet te installeren op een plaats dieonderhevig is aan:• Rechtstreeks zonlicht en warmte• Hoge vochtigheid en water• Overmatig veel stof• Overmatig veel trillingenBehandeling van het afneembare voorpaneel• Niet blootstellen aan regen of water.• Niet laten vallen of aan schokken onderwerpen.NE
Het frontpaneel verwijderen1 Druk op de POWER-toets om het toestel uit teschakelen. 2 Druk op de (ontgrendelings-) knop linksonderaan tot het voorpaneel losspringt. 3 Neem het frontpaneel vast aan de linkerzijde en verwijder het. OPMERKINGEN• Het frontpaneel kan erg warm worden (in het bijzonder deaansluitklemmen). Dit wijst niet op een defect. • Plaats het frontpaneel in het meegeleverde draagetui. Het frontpaneel bevestigen1 Plaats eerst de rechterzijde van het frontpaneelin het ingebouwde toestel0gedeelte. Breng degroef op het frontpaneel overeen met hetuitstekende gedeelte op het ingebouwdetoestelgedeelte. 2 Druk op de linkerzijde van het frontpaneel tot hetvastklikt in het ingebouwde toestelgedeelte.
OPMERKINGAlvorens het frontpaneel te plaatsen moet u controleren dater zich geen vuil of stof op de aansluitklemmen bevindt en ergeen vreemd voorwerp tussen het voorpaneel en hetingebouwde toestelgedeelte zit. • Kan worden aangesloten op interfacedoosvoor afstandsbediening. U kunt dit toestel bedienen met de bedieningin de wagen indien een Alpine-interfaceboxvoor afstandsbediening (optie) aangesloten is. Neem contact op met uw Alpine-dealer voormeer inlichtingen. IngebruiknemingHet toestel moet worden geïnitialiseerdonmiddellijk na de installatie of het onderspanning zetten ervan. 1 Druk op de POWER-toets om het toestel uit te schakelen. 2 Druk op de (ontgrendelings-) knop om hetvoorpaneel te verwijderen. 3 Druk met een balpen of een ander puntigvoorwerp op de RESET-knop die zich achterdeze opening bevindt om deinitialiseringsprocedure te voltooien.
4 Plaats het frontpaneel terug op het ingebouwdetoestelgedeelte. OPMERKINGEN• Het frontpaneel kan erg warm worden (in het bijzonder deaansluitklemmen). Dit wijst niet op een defect. • Alvorens het frontpaneel te plaatsen moet u controleren dater zich geen vuil of stof op de aansluitklemmen bevindt ener geen vreemd voorwerp tussen het voorpaneel en hetingebouwde toestelgedeelte zit.
5-NEVoeding in- en uitschakelen1 Druk op de POWER-toets om het toestel in teschakelen. OPMERKINGHet toestel kan worden ingeschakeld door eender welke toets in te drukken, behalve de uitwerptoets. Het volumepeil stijgt geleidelijk naar het niveaudat was ingesteld voordat het toestel de laatstemaal werd uitgeschakeld. Druk opnieuw op de POWER-toets om hettoestel uit te schakelen. OPMERKINGWanneer het toestel de allereerste keer wordt ingeschakeldnadat het werd aangesloten op de accu van de wagen, staathet toestel in de tunermodus, met het geluidsvolume opniveau 12 en de functie loudness aan. Non Fading Pre-Out (N. F. P. ) Aan en Uit(enkel TDM-9505RB/TDM-9503R)1 Houd de ontwerp-toets (0) gedurende minstens3 seconden ingedrukt. Telkens als u drukt, wordt N. F. P. in- ofuitgeschakeld. N. F. P. ON:In deze stand heeft de fader geen invloed op dePre-uitgang op de TDM-9505RB/TDM-9503R.
Dit is ideaal voor een subwooferversterker. N. F. P. OFF:Keert terug naar normale fadermodus. OPMERKINGEN• Aanvankelijk staat N. F. P. op OFF. • Stel de N. F. P. op OFF als u de subwoofer niet gebruikt. Het basisvolume van bronsignalen regelenIndien het verschil in volume tussen decassettespeler en de FM-radio te groot is, regeltu het basisvolume van het FM-signaal als volgt:1 Houd de toets SETUP gedurende minstens 3 seconden ingedrukt. 2 Druk op preselectietoets 1 om het volume vanhet FM-signaal op HI (hoog) of LO (laag) testellen, om het basisvolume van de FM-band ende cassettespeler beter op elkaar af te stemmen. Telkens u deze toets indrukt, wordt erovergeschakeld tussen FM-LV HI en FM-LV LO. 3 Druk op de toets SETUP om de regelmodus uitte schakelen.
Door herhaaldelijk te drukken selecteert uachtereenvolgens de volgende modi:VOL BASS TREBFAD BALOPMERKING Als u na de selectie van de modi BASS, TREBLE, BALANCEen FADER de toets of niet binnen 5 seconden indrukt,kiest het toestel automatisch de modus VOLUME. 2 Druk op de toetsen en tot u de gewensteklank bereikt in elke modus. OPMERKING De instellingen van de Lage en Hoge tonen wordenafzonderlijk in het geheugen opgeslagen voor elke bron (FM, MW, LW, cassettespeler en CD-wisselaar) en blijvenactief totdat ze worden veranderd. Afhankelijk van de aangesloten apparaten kunnen sommigefuncties en display-indicaties niet werken. Loudness Aan/Uit1 Houd de toets LOUD minstens 2 seconden langingedrukt om de loudnessmodus in- of uit teschakelen. Het display toont “LD” wanneer deloudnessmodus ingeschakeld is. NE.
3 Druk op de toets TUNE om de indicatoren “DX”en “SEEK” te doen oplichten op het display. Wanneer de DX-modus geactiveerd is, houdt deautomatische zoekfunctie halt bij zowel sterkeals zwakke zenders. Druk opnieuw op de toets om terug te kerennaar de lokale modus. De indicator “DX” zaldoven en de indicator “SEEK” zal blijvenoplichten. Nu wordt enkel nog afgestemd opsterke zenders. 4 Druk op de toets 4 of ¢ om respectievelijkhoger of lager automatisch naar een zender tezoeken. Het toestel stopt bij de eerstvolgende zender diehet vindt. Druk opnieuw op dezelfde toets om de volgendezender te zoeken. Manueel opslaan van preselectiezenders1 Selecteer de radioband en stem af op deradiozender die u in het preselectiegeheugen wiltopslaan.
2 Vergewis u ervan dat de functie-indicator aan debovenkant van de “F”-toets oplicht en houd depreselectietoets (1 tot en met 6) waaronder ude zender wilt opslaan minstens 2 secondenlang ingedrukt. De geselecteerde zender is nuopgeslagen in het geheugen. Het display toont de opgeslagen frequentieband,het preselectienummer met een driehoek ( ) en de zenderfrequentie die in het geheugen zijnopgeslagen. 6-NEManueel op zenders afstemmen1 Druk op de SOURCE-toets tot de radiofrequentieop het display verschijnt. 2 Druk herhaaldelijk op de toets BAND tot hetdisplay de gewenste radiofrequentieband toont. Door herhaaldelijk te drukken selecteert uachtereenvolgens de volgende modi:F1 F2 MW LW3 Druk herhaaldelijk op de toets TUNE tot “DXSEEK” en “SEEK” van het scherm verdwijnen. OPMERKINGDe beginmodus is DX SEEK.
4 Druk op de toets 4 of ¢ om respectievelijk eenstap vooruit of achteruit te gaan tot het display defrequentie van de gewenste zender toont. OPMERKINGDe indicator ST verschijnt op het display wanneer erafgestemd is op een Stereo-FM-zender. Indien het stereo-FM-signaal verzwakt, verdwijnt de indicator ST van hetdisplay en schakelt het toestel automatisch over naar monoom het geruis te beperken.
Wanneer het signaal opnieuwsterk genoeg wordt, schakelt het toestel automatisch terugnaar stereoweergave. Automatisch zenders zoeken1 Druk op de SOURCE-toets tot de radiofrequentieop het display verschijnt. 2 Druk herhaaldelijk op de toets BAND tot hetdisplay de gewenste radiofrequentieband toont. Door herhaaldelijk te drukken selecteert uachtereenvolgens de volgende modi:F1 F2 MW LW4¢TUNE / A. MESOURCE BAND Preselectietoets (1 tot en met 6)Radiobedieningen.
7-NE3 Herhaal de procedure om nog maximaal 5andere zenders in dezelfde frequentieband in hetgeheugen op te slaan.Om deze procedure voor anderefrequentiebanden te gebruiken, selecteert ueenvoudigweg de gewenste frequentieband enherhaalt de procedure.In het totaal kunnen 24 zenders wordenopgeslagen in het preselectiegeheugen (6zenders voor elke frequentieband: FM1, FM2,MW en LW).OPMERKINGIndien een zender wordt opgeslagen onder een reeds bezettepreselectietoets, wordt de eerder opgeslagen zender door denieuwe vervangen.Automatisch zendergeheugen 1 Druk op de SOURCE-toets tot de radiofrequentieop het display verschijnt.2 Druk op de BAND-toets tot de gewenstefrequentieband op het display verschijnt.Door herhaaldelijk te drukken selecteert uachtereenvolgens de volgende modi:F1 F2 MW LW3 Houd de toets A.
ME minstens 2 seconden langingedrukt.De frequentie op het display blijft veranderenterwijl het automatische geheugen voortzoekt.De tuner zoekt automatisch en slaat 6 sterkezenders van de geselecteerde frequentieband opin de volgorde van de signaalsterkte.Wanneer het automatische geheugen 6 zendersheeft opgeslagen, gaat de tuner naar de zenderdie in preselectie 1 opgeslagen is.OPMERKINGAls er geen zenders zijn opgeslagen, keert de tuner terugnaar de oorspronkelijke zender die u beluisterde voordat deautomatische geheugenprocedure startte.Afstemmen op preselectiezenders1 Druk op de SOURCE-toets tot de radiofrequentie op het display verschijnt.2 Druk herhaaldelijk op de toets BAND tot het display de gewenste frequentieband toont.Door herhaaldelijk te drukken selecteert u achtereenvolgens de volgende modi:F1 F2 MW LW3 Vergewis u ervan dat de functie-indicator aan debovenkant van de "F"-toets oplicht en druk op depreselectie-toets waaronder u de gewenstezender hebt opgeslagen.Het display toont de band, hetvoorselectienummer met een driehoek en defrequentie van de geselecteerde zender.NE
RDS-ontvangstmodus instellen enRDS-zenders ontvangenRDS (Radio Data System) is eenradioinformatiesysteem dat gebruik maakt van de 57 kHz-subdraaggolf van normale FM-uitzendingen. Via RDS kunt u allerlei informatie, zoalsverkeersinformatie en zendernamen, ontvangen enautomatisch herafstemmen op een sterkere zenderdie hetzelfde programma uitzendt. 1 Druk op de toets AF om de RDS-modus te activeren. Het display toont “AF” wanneer de RDS-modusingeschakeld is. 2 Druk op de toets 4 of ¢ om af te stemmenop de gewenste RDS-zender. OPMERKINGWanneer u de toets BAND langer dan 2 seconden ingedrukthoudt terwijl het display een zendernaam toont, verschijnt 5seconden lang de zenderfrequentie op het display. Wanneer het ontvangen RDS-zendersignaalverzwakt:• AF-zoekmodus, houd de AF-toets minstens 2 seconden lang ingedrukt om het toestelautomatisch naar een sterkere zender te latenzoeken in de AF-lijst.
Indien er geen AF-zender is, toont het display“SEEK END. ”3 Druk op de toets AF om de RDS-modus uit teschakelen. TipsDe digitale RDS-gegevens omvatten de volgende informatie:PI Programma-identificatiePS ProgrammaservicenaamAF Lijst van de alternatieve frequentiesTP VerkeersprogrammaTA VerkeersmeldingPTY ProgrammatypeEON Verbeterde andere netwerkenGepreselecteerde RDS-zendersoproepen1 Druk op de toets AF om de RDS-modus teactiveren. Het display toont “AF” wanneer de RDS-modusingeschakeld is. 2 Vergewis u ervan dat de functie-indicator aan debovenkant van de "F"-toets oplicht en druk op depreselectie-toets waaronder u de gewensteRDS-zender hebt opgeslagen. Als het signaal van de preselectiezender zwakis, zoekt het toestel automatisch een sterkerezender in de lijst met alternatieve frequenties(AF).
3 Indien de preselectiezender en de zenders in deAF-lijst niet kunnen worden ontvangen:Druk dan binnen 5 seconden op dezelfdepreselectietoets om het toestel te laten zoekennaar een zender in de programma-identificatielijst (PI).
Indien er nog altijd geen zenders kunnen wordenontvangen, toont het display de frequentie vande preselectiezender en verdwijnt de preselectie-indicator. Indien het signaalniveau van de regionale(lokale) zender te zwak wordt om goed teontvangen, druk dan op dezelfdepreselectietoets om af te stemmen op eenregionale zender in een andere zone. OPMERKINGRaadpleeg het hoofdstuk “Radiobedieningen” voor hetpreselecteren van de RDS-zenders. RDS-zenders kunnenenkel worden gepreselecteerd in de banden F1 en F2. 8-NE4 ¢POWER/SETUP AF T. INFO F 3 Preselectietoets (1 tot en met 6)PTYRDS-bedieningen.
9-NENoodalarm in- en uitschakelen1 Houd de toets SETUP gedurende minstens 3seconden ingedrukt. 2 Druk herhaaldelijk op de preselectie-toets 3 om demodus PTY31 ON of PTY31 OFF te selecteren. In de modus PTY31 ON geeft het toestel eennoodbericht door bij het ontvangen van hetPTY31-signaal (nooduitzending). 3 Druk op de toets SETUP om de geselecteerdemodus te activeren. Verkeersinformatie ontvangen1 Druk op de toets T. INFO om de modusverkeersinformatie te activeren. Het display toont “T. INFO. ” wanneer de modusverkeersinformatie geactiveerd is. 2 Druk op de toets 4 of ¢ om af te stemmenop uw gewenste verkeersinformatiezender. Wanneer een verkeersinformatiezender wordtgevonden, licht de indicator TP op. De verkeersinformatie is enkel hoorbaar op hetmoment dat ze wordt uitgezonden. Indien ergeen verkeersinformatie wordt uitgezonden, blijfthet toestel in waakstand staan.
Wanneer verkeersinformatie wordt uitgezonden,wordt deze automatisch ontvangen door hettoestel en toont het display 5 seconden lang“TRF-INFO” en keert dan terug naar het PS-display. Na de uitzending van de verkeersinformatieschakelt het toestel automatisch terug in dewaakstand. OPMERKINGEN• Als het verkeersinformatiesignaal onder een bepaaldesterkte zakt, blijft het toestel nog 1 minuut inontvangstmodus. Indien het signaal langer dan 1 minuutonder een bepaald sterkteniveau blijft, maakt het toesteleen alarmgeluid. • Indien u niet naar de ontvangen verkeersinformatie wiltluisteren, drukt u lichtjes op de toets T. INFO om dieverkeersmelding over te slaan. De T. INFO-modus blijftingeschakeld om de volgende melding te ontvangen. • Indien het geluidsvolume wordt gewijzigd tijdens deontvangst van een verkeersmelding, wordt het veranderdevolume in het geheugen opgeslagen.
De volgende maal datverkeersinformatie wordt ontvangen, wordt hetgeluidsniveau automatisch ingesteld op het opgeslagen niveau. Zenders zoeken volgens programmatype (PTY)1 Druk op de toets "F".
De functie-indicator aan de bovenzijde van de“F”-toets zal doven. 2 Druk op de toets PTY om de PTY-modus te activeren. Het programmatype van de momenteelbeluisterde zender wordt 5 seconden langgetoond. • Indien er geen PTY-uitzending kan wordenontvangen, toont het display gedurende 5seconden “NO PTY”. • Indien er geen RDS-uitzending kan wordenontvangen, toont het display “NO RDS”. OPMERKINGIndien er binnen 5 seconden na het indrukken van de PTY-toets geen andere toets wordt ingedrukt, wordt de PTY-modus automatisch uitgeschakeld. 3 Druk binnen 5 seconden na het activeren van dePTY-modus op de toets 4 of ¢ om hetgewenste programmatype te kiezen, terwijl hetdisplay het programmatype (PTY) toont. Bij elke druk op de toets toont het display eenander programmatype.
LIGHT M CLASSICS OTHER M4 Druk binnen 5 seconden na het selecteren vanhet programmatype op de toets PTY om tebeginnen zoeken naar een zender die hetgeselecteerde programmatype uitzendt. De indicator knippert tijdens het zoeken van hetgekozen programmatype en blijft brandenwanneer een zender wordt gevonden. Indien er geen PTY-uitzending wordt gevonden,toont het display gedurende 5 seconden “NOPTY”. 5 Druk op de toets “F” om de normale modus teactiveren. De functie-indicator aan de bovenzijdevan de “F”-toets zal oplichten. Verkeersinformatie ontvangen tijdens deweergave van een cassette of een radio-uitzending1 Druk herhaaldelijk op de toets T. INFO tot deindicator T. INFO op het display verschijnt. 2 Druk op de toets 4 of ¢ om eenverkeersinformatiezender te selecteren indiennodig.
• Bij de aanvang van een verkeersmelding dempthet toestel automatisch het geluid van decassettespeler of de normale FM-uitzending. • Wanneer de verkeersmelding ten einde is,schakelt het toestel automatisch terug naar debron die geselecteerd was voordat deverkeersmelding begon.
Wanneer er geen verkeersinformatiezenderskunnen worden ontvangen:In de tunermodus:Wanneer het TP-signaal niet langer kan wordenontvangen, weerklinkt een alarm na 1 minuut. In de cassettemodus:Wanneer het TP-signaal niet meer kan wordenontvangen, wordt automatisch deverkeersinformatiezender op een anderefrequentie geselecteerd. OPMERKINGDe ontvanger is uitgerust met de functie EON (EnhancedOther Networks) om bijkomende alternatieve frequenties opte sporen die niet in de AF-lijst staan. Tijdens de ontvangstvan een RDS EON-zender toont de display de indicatorEON. Indien de ontvangen zender geen verkeersinformatieuitzendt, stemt de ontvanger automatisch af op de betrokkenzender die eventuele verkeersmeldingen uitzendt. 3 Druk op de toets “T. INFO” om deverkeersinformatiemodus uit te schakelen. Het display toont de indicator “T. INFO”. NE.
Prioriteit NieuwsDankzij deze functie kunt u het toestel zo instellendat er voorrang wordt gegeven aannieuwsuitzendingen. Zo mist u nooit eennieuwsuitzending, want het toestel onderbreektautomatisch het programma dat u beluistert omvoorrang te geven aan een nieuwsuitzending diestart.
Deze functie is bruikbaar wanneer uw toestelop een andere frequentieband dan LW of MWafgestemd is.1 Druk op de toets "F".De functie-indicator aan de bovenzijde van de“F”-toets zal doven.2 Druk op de toets NEWS om de PRIORITYNEWS-modus te activeren.In het display licht “NEWS” op.• Om de functie PRIORITY NEWS uit teschakelen, drukt u op de NEWS-toets.OPMERKINGIn de stand PRIORITY NEWS stijgt het geluidsvolume nietautomatisch zoals het geval is bij de functie T.INFO.3 Druk op de toets “F” om de normale modus teactiveren.De functie-indicator aan de bovenzijde van de“F”-toets zal oplichten.Regionale (lokale) RDS-zendersontvangen1 Houd de toets SETUP minstens 3 secondenlang ingedrukt om de instelmodus te activeren.2 Druk op de preselectie-toets 2 om de modusREG (Regionaal) in of uit te schakelen.In de modus REG OFF blijft het toestelautomatisch de desbetreffende lokale RDS-zender ontvangen.3 Druk op de toets SETUP om de instelmodus uitte schakelen.10-NESETUP F2NEWSRDS-bedieningen
11-NECassette inbrengen/uitwerpen1 Breng een cassette in de gleuf met de openzijde van de cassette naar rechts. Wanneer de cassette geladen is, start de spelerautomatisch met de weergave ervan enverschijnt op het display “TAPE”. 2 Druk op de uitwerp-toets (0) wanneer u decassette wilt uitwerpen. OPMERKINGEN• Wanneer de voeding wordt uitgeschakeld of het frontpaneelwordt weggenomen, schakelt het Full-logicmechanismeautomatisch in de PAUZEER-modus. Hierdoor wordt decassette beschermd tegen vervorming door deaandrukrollen indien ze lange tijd in de cassettespelerachterblijft. • Auto MetalWanneer een metaalcassette is ingebracht, regelt decassettespeler automatische de geluidsweergave voormetaalcassettes of andere high bias-cassettes voor eenoptimale klank.
Normaal afspelen en pauzeren1 Breng een cassette in (of druk op de brontoetsom vanuit de modi tuner- of CD-wisselaar overte schakelen naar de cassettespeler indien erreeds een cassette is aangebracht). De cassettespeler start de weergave. Het displaytoont "TAPE" en " "of " " tijdens de weergavevan een cassette om aan te geven welke zijdewordt afgespeeld. Wanneer het einde van hetcassettebandje bereikt is, stopt het toestelautomatisch en speelt vervolgens de anderezijde van de cassette af. 2 Druk op de toets 6 om de weergave van decassette te pauzeren. Het display toont “PAUSE”. Druk nogmaals om het afspelen opnieuw testarten. 3 Druk op de uitwerp-toets (0) om de weergavete stoppen en de cassette uit te werpen. De indicator van de weergaverichting verschijntop het display.
Dolby B NR (Ruisonderdrukking)(enkel TDM-9505RB/TDM-9503R)1 Na het inbrengen van een cassette die isopgenomen met Dolby B NR, drukt u op de toetsB NR. Het display toont “B NR”. De cassetteruis wordtonderdrukt in de modus Dolby NR wanneer eencassette wordt afgespeeld die is opgenomen metDolby B NR. Druk op de toets B NR om de modus Dolby NRuit te schakelen.
Herhaald afspelen1 Druk op de toets (REPEAT) om het huidigeprogramma telkens opnieuw af te spelen. Het display toont de indicator “RPT” en hetprogramma wordt telkens opnieuw afgespeeld. Druk op de toets (REPEAT) om deherhaalfunctie uit te schakelen. Het display toontde indicator “RPT”. Lege gedeeltes overslaan (B. SKIP)1 Druk op de toets B. SKIP tijdens het afspelenvan een cassette om lege gedeeltes die langerduren dan 15 seconden over te slaan. Hetdisplay toont “B. S. ”Druk op de toets B. SKIP om de modus BlankSkip uit te schakelen. "B. S. " verdwijnt van hetdisplay. NEBediening van de cassettespeler(REPEAT)B. SKIP660B NR.
13-NEMusic Sensor (overslaan)1 Druk eenmaal op de toets 4 om naar hetbegin van de huidige track terug te gaan.Bij elke druk op de toets gaat u naar het beginvan een eerdere track terug.Druk eenmaal op de toets ¢ om naar hetbegin van de volgende track te springen.Bij elke druk op de toets gaat u naar het beginvan een volgende track.OPMERKINGDe muzieksensorfunctie is bruikbaar in de afspeelmodus ofin de pauzeermodus.Snel vooruit en achteruit1 Houd de toets 4 of ¢ ingedrukt om snelachteruit of vooruit te spoelen tot u hetgewenste gedeelte bereikt.OPMERKINGDeze functie werkt enkel in de CD-weergavemodus.NEFuncties van de CD-wisselaar (optie)Indien een optionele Alpine 6-CD-wisselaar (M-Bus)is aangesloten op de 8-pins DIN-stekker van deTDM-9505RB/TDM-9503R/TDM-9501RM/TDM-9501R, kunt u de CD-wisselaar bedienen via deTDM-9505RB/TDM-9503R/TDM-9501RM/TDM-9501R.OPMERKINGDe CD-bedieningen op de TDM-9505RB/TDM-9503R/TDM-9501RM/TDM-9501R voor het besturen van de CD-wisselaarzijn enkel actief wanneer de CD-wisselaar verbonden is met deTDM-9505RB/TDM-9503R/TDM-9501RM/TDM-9501R.1 Druk op de toets SOURCE/POWER om de CD-wisselaar te activeren.Het display toont het CD-nummer en hettracknummer.2 Controleer of de functie-indicator oplicht en drukvervolgens op de preselectietoetsen om degewenste CD in de CD-wisselaar te selecteren.3 Om de weergave te pauzeren, drukt u op detoets 6.Om de weergave voort te zetten drukt unogmaals op de toets 6.OPMERKINGEN• Indien de indicator “F” brandt, zijn de CD-selectietoetsenonbruikbaar.• Druk op de toets SOURCE om de WISSELAAR-modus teactiveren.Bediening van de CD-wisselaarSOURCE Preselectietoetsen 64¢
De functie-indicator aan de bovenzijde van de“F”-toets zal doven.2 Druk op de toets (M.I.X.) in de afspeelmodusof de pauzeermodus.Op het display verschijnt de M.I.X.-indicator.De tracks op de CD worden afgespeeld inwillekeurige volgorde.Nadat alle tracks op de CD zijn weergegeven,laadt de wisselaar de volgende CD en beginteen nieuwe willekeurige selectie af te spelen.Het willekeurig afspelen stopt pas wanneer u deM.I.X.-modus uitschakelt.Druk opnieuw op de toets(M.I.X.) om de(M.I.X.) modus uit te schakelen.De M.I.X.-indicator verdwijnt van het display.3 Druk op de toets “F” om de normale modus teactiveren.De functie-indicator aan de bovenzijde van de“F”-toets zal oplichten.OPMERKINGEen enkele track kan niet worden herhaald in de M.I.X.-modus.Programma’s scannen1 Druk op de toets "F".De functie-indicator aan de bovenzijde van de“F”-toets zal doven.2 Druk op de toets (SCAN) om de eerste 10seconden van elke track op de CD af te spelen.Het display toont het CD-nummer, “SCAN” enhet nummer van de track die wordt afgespeeldtijdens de scanfunctie.
15-NECD-titels tonen(enkel TDM-9505RB/TDM-9503R)De titels van CD’s waarvan de titel is ingevoerdkunnen worden weergegeven op het display. (Zie pagina 15 voor het invoeren van CD-titels. )1 Druk op de toets TITLE in de CD-modus. Het display toont een andere titel telkens u opde toets drukt. Titels geven aan CD’s (enkel TDM-9505RB/TDM-9503R)1 Druk op de toets TITLE om de modus voor hettonen van de CD-titel te activeren. (Zie pagina15. )2 Vergewis u ervan dat de functie-indicator aan debovenkant van de "F"-toets oplicht en druk op depreselectietoetsen om de CD te selecterenwaaraan u een titel wilt geven. 3 Houd de toets TITLE minstens 3 seconden langingedrukt. Het eerste teken knippert. 4 Druk herhaaldelijk op de toets 4 of ¢ om degewenste letters/cijfers/symbolen te kiezen voor het schrijven van de titel. 5 Druk op de toets TITLE om het eerste teken opte slaan.
Het eerste teken stopt met knipperen en hetdisplay activeert automatisch het volgendebeschikbare teken. Wanneer dat teken begint teknipperen kunt u opnieuw een letter of eensymbool kiezen voor het schrijven van de titel. 6 Herhaal de stappen 4 en 5 tot de titel voltooid is. Bij het ingeven van het achtste teken wordt detitel automatisch in het geheugen opgeslagen. Voor titels van minder dan 8 tekens (bijvoorbeeldeen titel van 3 tekens) gaat u te werk als volgt:Na het invoeren van de 3 tekens zal het vierdeteken knipperen. Ga naar stap 7 voor hetvoltooien van de CD-titel. 7 Houd de toets TITLE minstens 3 seconden langingedrukt om de titel op te slaan. OPMERKINGEN• Wanneer de geheugencapaciteit voor de CD-titels opgebruikt is, toont het display “FULL DATA” omaan te geven dat er geen titels meer kunnen wordenopgeslagen.
2 Houd de toets SOURCE minstens 3 secondenlang ingedrukt om de modus voor het wissenvan de titel te activeren. Op het display knippert de CD-titel. 3 Druk herhaaldelijk op de toets 4 of ¢ tot deCD-titel die u wilt wissen op het displayverschijnt. 4 Houd de toets SOURCE minstens 3 secondenlang ingedrukt om de getoonde CD-titel tewissen. 5 Houd de toets TITLE minstens 3 seconden langingedrukt om de modus voor het wissen van deCD-titel uit te schakelen. NE.
Toetsen op de afstandsbediening(enkel TDM-9505RB/TDM-9503R) Aan/Uit-toetsDruk op deze toets om het toestel in/uit te schakelen. Source-toetsDruk op deze toets om de audiobron te kiezen. 66-toetsDruk op deze toets om heen-en-weer teschakelen tussen de afspeel- en pauzeermodusvoor cassettes of CD. TILT 55∞∞-toetsenDeze toets wordt niet gebruikt. Band/Program-toetsRadiomodus: BAND-toetsDruk op deze toets om de frequentieband teveranderen zoals volgt. F1 F2 MW LWCassettemodus: PROG-toetsDruk op deze toets tijdens het afspelen van decassette om de afspeelrichting te veranderen ende andere zijde van de cassette te beluisteren.
Volume-insteltoetsenOm het volume te verhogen:Druk op de toetsOm het volume te verlagen:Druk op de toets55-toetsRadiomodus: Door op deze toets te drukkenselecteert u de zenders die onder depreselectietoetsen zijn geprogrammeerd, instijgende volgorde, zoals hieronder afgebeeld. 1 2. 6CD-wisselaarmodus: DISC Select-toets (omhoog) Druk op de toets om een CD te kiezen, instijgende volgorde. Cassettemodus: Druk op deze toets tijdens hetafspelen van een cassette om de volgendeselectie te kiezen. 44OmlaagtoetsRadiomodus: SEEK-toets (omlaag) CD-wisselaarmodus: Druk op de toets om naarhet begin van de huidige track te gaan. Cassettemodus: Druk op de toets tijdens decassetteweergave om de cassette snel achteruitte spoelen. ¢¢OmhoogtoetsRadiomodus: SEEK-toets (omhoog) CD-wisselaarmodus: Druk op de toets om naarhet begin van de volgende track te gaan.
Cassettemodus: Druk eenmaal op de toetstijdens het afspelen van een cassette om terugte keren naar de huidige selectie die wordtafgespeeld. Mute-toetsDruk op deze toets om het volume onmiddellijk20 dB lager te stellen. Druk opnieuw op de toetsom de functie uit te schakelen. Audio Processor-toetsDeze toets wordt niet gebruikt. 16-NESensor voor afstandsbedieningAfstandsbediening.
17-NEVervangen van de batterijType batterij: Gebruik twee droge “AAA”-batterijenof gelijkwaardige batterijen.1 Openen van het batterijdekselSchuif het batterijdeksel weg terwijl u stevig inde richting van de pijl duwt.2 Vervangen van de batterijPlaats de batterijen volgens de juiste polariteit inhet batterijcompartiment.3 Sluiten van het batterijdekselDuw op het deksel zoals getoond tot u een klikhoort.NE++
Bij problemenIndien er een probleem optreedt, schakel hettoestel dan uit en weer in. Als het toestel nog altijdniet normaal werkt, controleer dan de onderstaande punten. Deze gids helpt u hetprobleem te isoleren indien er een defect is aanhet toestel. Anders moet u zich ervan vergewissendat de rest van uw systeem correct is aangeslotenofwel uw erkende Alpine-dealer raadplegen. BasisproblemenToestel of display werkt niet. • De contactsleutel van de auto staat niet in de juistepositie. - Als het toestel correct aangesloten is volgens deaanwijzingen, kan het niet werken als de contactsleutelvan de auto op OFF staat. • Stroomkabels verkeerd aangesloten. - Controleer de aansluiting van de stroomkabels. • Zekering gesmolten. - Controleer de zekering van de accukabel van hetapparaat; vervang de zekering, indien nodig, door eenzekering met de juiste sterkte.
• Defect in de interne microcomputer tengevolge vaninterferentiegeruis enz. - Druk met een balpen of een ander puntig voorwerp opde Reset-knop. RadioGeen ontvangst van radiozenders. • Geen antenneaansluiting ofwel een open aansluiting. - Vergewis u ervan dat de antenne correct is aangesloten; vervang de antenne of de kabel indien nodig. Onmogelijk om zenders te vinden in de zoekmodus. • U bevindt zich in een zone waar het signaal zwak is. - Vergewis u ervan dat de tuner in de DX-modus staat. • Indien u zich in een gebied bevindt waar een primairsignaal is, dan is misschien de antenne niet geaard enverkeerd aangesloten. - Controleer de aansluitingen van de antenne; vergewis u ervan dat de antenne correct geaard is ter hoogte van zijn montageplaats. • De antenne is misschien niet lang genoeg. - Vergewis u ervan dat de antenne volledig uitgetrokken is.
Vervang een gebroken antenne dooreen nieuwe. De radio-uitzending gaat gepaard met veel ruis. • De antenne is niet lang genoeg. - Trek de antenne volledig uit; vervang een gebrokenantenne. • De antenne is slecht geaard.
- Vergewis u ervan dat de antenne juist geaard is terhoogte van zijn montageplaats. CassetteDe weergave van de cassette klinkt dof. • De audiokop moet worden gereinigd. - Reinig de audiokop•Verkeerd Dolby NR in gebruik (enkel TDM-9505RB/TDM-9503R). - Controleer stand van Dolby NR-schakelaar. CDCD-wisselaar werkt niet. • Te hoge bedrijfstemperatuur voor CD (+50°C). - Laat de binnenkant van de auto (of debagageruimte) afkoelen. De geluidsweergave van de CD is beverig. • Vochtcondensaties in de CD-module. - Wacht lang genoeg om de condensatie te latenverdampen (ongeveer 1 uur). Onmogelijk om de CD snel vooruit of achteruit tespoelen. • De CD is beschadigd. - Werp de CD uit en werp hem weg; eenbeschadigde CD in uw toestel proberen af tespelen kan het weergavemechanismebeschadigen. Bij de weergave van de CD worden stukkenovergeslagen tengevolge van trillingen.
• De CD-wisselaar is niet correct gemonteerd. - Hermonteer de CD-wisselaar op de juiste wijze. • De CD is erg vuil. - Reinig de CD. • De CD is gekrast. - Plaats een andere CD. Bij de weergave van de CD worden stukkenovergeslagen alhoewel er geen trillingen zijn. • De CD is vuil of gekrast. - Maak de CD schoon; een beschadigde CD moetworden vervangen. Single-CD (8 cm) wordt niet weergegeven. • De speciale adapter voor single-CD’s is niet gebruikt. - Bevestig een adapter voor single-CD’s(aanbevolen door Alpine) aan de CD en plaats deCD in het CD-magazijn. 18-NEInformatie.
19-NEIndicatie voor CD-wisselaarHI TEMP ( hoge temperatuur)• Beschermingscircuit wordt geactiveerd door hogetemperatuur. - De indicator verdwijnt van het display wanneer detemperatuur zich terug binnen het bedrijfsbereikbevindt. ERROR (fout)- 01• Defect in de CD-wisselaar. - Raadpleeg uw Alpine-dealer. Druk op demagazijnuitwerptoets en trek het magazijn naar buiten. Controleer de indicatie. Breng het magazijn terug in. Raadpleeg uw Alpine-dealer indien het magazijn nietuit het toestel kan worden getrokken. • Magazijnuitwerping onmogelijk. - Druk op de magazijnuitwerpknop. Raadpleeg uwAlpine-dealer indien het magazijn niet wordtuitgeworpen. ERROR (fout)- 02• Er is een CD achtergebleven in de CD-wisselaar. - Druk op de Eject-toets om de uitwerpfunctie teactiveren.
Wanneer de CD-wisselaar de CD-uitwerpfunctievoltooit, plaatst u een leeg CD-magazijn in de CD-wisselaar om de achtergebleven CD in op te vangen. NO MAGZN (geen magazijn)• Er is geen magazijn in de CD-wisselaar aanwezig. - Breng een magazijn in. NO DISC (geen CD)• Er wordt geen CD aangegeven. - Kies een andere CD. Technische gegevensFM-TUNERGEDEELTEAfstembereik 87,5 – 108,0 MHzBruikbare gevoeligheid mono 0,7 µV50 dB gevoeligheid 1,1 µVAlternatieve kanaalselectiviteit 80 dBSignaal/ruisverhouding 65 dBStereoverdeling 35 dBMW-TUNERGEDEELTEAfstembereik 531 - 1602 kHzGevoeligheid (IEC-standaard) 25,1 µV/28 dBLW-TUNERGEDEELTEAfstembereik 153 - 281 kHzGevoeligheid (IEC-standaard) 31,6 µV/30 dBCASSETTESPELERGEDEELTEAfspeelsnelheid 4,8 cm/sec.
Alvorens het toestel te installeren of aan te sluiten dient u de volgende informatie en pagina’s 2 en 3 vandeze gebruiksaanwijzing grondig door te lezen voor hetjuiste gebruik. WAARSCHUWINGGEBRUIK HET APPARAAT ENKEL IN WAGENS MET EEN12-VOLT-ACCU MET NEGATIEVE AARDING. (Als u hier niet zeker van bent, vraag het dan na bij uwdealer. ) Niet-naleving van deze aanwijzingen kan brand ofandere nare gevolgen hebben. ALVORENS DE AANSLUITINGEN TE MAKEN DIENT U DEKABEL VAN DE NEGATIEVE ACCUPOOL LOS TE MAKEN. Niet-naleving van deze aanwijzing kan elektrische schokof letsel door elektrische kortsluitingen tot gevolg hebben. MAAK GEEN VERBINDINGEN MET KABELS VAN ANDERESYSTEMEN. Nooit kabelisolatie wegsnijden om stroom af te takkenvoor andere systemen. Hierdoor zou destroomdoorvoercapaciteit van de draad wordenoverschreden, wat brand of elektrische schok tot gevolgkan hebben.
NIET INSTALLEREN OP PLAATSEN WAAR HET TOESTEL DEBEDIENING VAN DE WAGEN, ZOALS HET STUURWIEL OFDE VERSNELLINGSHENDEL, ZOU KUNNEN HINDEREN. Mocht u dat toch doen, kan het zicht vooruit wordenbelemmerd of kunnen bepaalde bewegingen wordengehinderd, wat tot een ernstig ongeval kan leiden. GEEN PIJPEN OF BEDRADING BESCHADIGEN BIJ HETBOREN VAN GATEN. Wanneer u gaten in het chassis boort voor de installatie,moet u voorzorgsmaatregelen nemen om geen pijpen,brandstofleidingen, reservoirs of elektrische bedrading teraken, te beschadigen of te hinderen. Het niet nemen vandeze voorzorgsmaatregelen kan brand tot gevolg hebben. GEBRUIK BOUTEN OF MOEREN IN HET REM- OFBESTURINGSSYSTEEM NIET ALS AARDAANSLUITINGEN. Bouten of moeren van het rem- of besturingssysteem (ofandere veiligheidssystemen) of reservoirs mogen NOOITworden gebruikt voor installaties of aardaansluitingen.
VOORZICHTIGGEBRUIK ENKEL DE VERMELDE ACCESSOIRES ENINSTALLEER ZE OP VEILIGE MANIER. Vergewis u ervan enkel de vermelde accessoireonderdelente gebruiken. Gebruik van andere onderdelen dan devermelde kan het toestel inwendig beschadigen of kan totgevolg hebben dat het toestel niet stevig op zijn plaatswordt geïnstalleerd. Hierdoor kunnen onderdelen loskomen, wat gevaar of eendefect aan het toestel kan veroorzaken. NIET INSTALLEREN OP PLAATSEN MET VEEL VOCHT OFSTOF. Vermijd het toestel te installeren op plaatsen waar vaakvocht of stof komt. Het toestel kan defect geraken doorbinnendringend vocht of stof. BRENG DE BEDRADING ZO AAN DAT ZE NERGENSWORDT GEPLOOID OF GEKNELD DOOR EEN SCHERPEMETALEN RAND. Leg de kabels en draden uit de weg van bewegendeonderdelen (zoals de stoelrails) of scherpe of gepunteranden. Dit voorkomt dat de bedrading geplooid enbeschadigd geraakt.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Alpine TDM-9501RM stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Autoradio's Alpine
Handleiding Autoradio's
Nieuwste handleidingen voor Autoradio's