Agpo Ferroli HR OPTIFOR B Handleiding


Bekijk gratis de handleiding van Agpo Ferroli HR OPTIFOR B (32 pagina’s), behorend tot de categorie Verwarmingsketel. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 22 mensen en kreeg gemiddeld 4.5 sterren uit 3 reviews. Heb je een vraag over Agpo Ferroli HR OPTIFOR B of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/32
Gebruikershandleiding
Montagehandleiding
Technische Specificaties
Multifunctioneel toestel typen:
AGPO HR OPTIFOR
AGPO HR OPTIFOR B
Made by

Beoordeel deze handleiding

4.5/5 (3 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: Agpo Ferroli
Categorie: Verwarmingsketel
Model: HR OPTIFOR B

Handleiding Agpo Ferroli HR OPTIFOR B – volledige tekst

Agpo b. v. Postbus 3364, 4800 DJ BredaKonijnenberg 24, 4825 BD BredaInternet: www. agpo. nle-mail: info@agpo. nlGeachte gebruiker,Gefeliciteerd met uw nieuwe AGPO HR OPTIFOR. Dittoestel is de nieuwste ontwikkeling van Agpo. Het biedt unaast een hoog comfort een laag energieverbruik: gun-stig voor u en voor het milieu. Deze gebruikershandlei-ding biedt u diverse adviezen om goed met uw toestel enhet CV-toestel om te gaan. Wij raden u daarom aan,deze zorgvuldig te lezen en te bewaren. GarantiebewijsAan het einde van dit handboek treft u een garantiebe-wijs aan. Wij verzoeken u dit zorgvuldig in te vullen enbinnen 8 dagen te retourneren aan Agpo b. v. InstallatieHet toestel moet door een erkend installateur geïnstal-leerd, in bedrijf gesteld en onderhouden worden. StoringenKijk bij hoofdstuk 16 of de storing eenvoudig teverhelpen is.

Als u de storing niet zelf kunt oplossen:Bel uw installateur. Schrijf toestelgegevens op: (vermeld op de onderkant van het bovendeel van de Optifor)Toesteltype: OPTIFOR / OPTIFOR-BSerienummer:Telefoonnummer installateur:Consumenten-informatielijn076 - 5 725 740(storingen melden bij uw installateur)Geachte installateur,Het tweede deel van deze handleiding is een montage-handleiding. Hierin wordt toegelicht hoe de AGPO HROPTIFOR aan de wand wordt gemonteerd. Voor deinstallatie van het CV-toestel wordt naar de Econpacthandleiding verwezen. Aandachtspunten vóór montageU wordt in dit hoofdstuk geattendeerd op belangrijkezaken, die u voorafgaand aan de montage moet weten. Montage-instructieIn deze instructie wordt aangegeven hoe het toestel aan-gesloten en in bedrijf gesteld moet worden. Inspectie, storingen en serviceRaadpleeg dit hoofdstuk bij inspectiebeurten en storin-gen.

Werking en technische gegevensIn dit hoofdstuk wordt in het kort uitleg gegeven over dewerking van het toestel. Tevens treft u hier de technische gegevens en de elektri-sche aansluitschema’s aan.

ALGEMENE INFORMATIE1. VoorwoordDe Agpo HR OPTIFOR is een toestel dat bestaatuit twee delen: de warmteterugwinunit MFT-M enhet verwarmingstoestel HR Econpact, zie Figuur1-1. De HR OPTIFOR-B is het toestel dat is uitge-rust met de zogenaamde bypass. Zie hoofdstuk3. 2. 1 voor een toelichting over de werking van debypass. Voor beide delen is een handleiding geschreven. De "handleiding OPTIFOR" heeft betrekking op dewarmteterugwinunit MFT-M. De HR Econpact heefteen eigen handleiding. Beide toestellen worden opéén montageframe gemonteerd. Het montagevoor-schrift wordt in deze handleiding behandeld. Ditvervangt gedeeltelijk het montagevoorschrift in deEconpact handleiding. leest u voor gebruik deze handleiding zorgvuldig door.

Deze handleiding bestaat uit twee delen: de gebrui-kershandleiding, waarin de werking en bedieningvan de MFT-M worden uitgelegd, en de montage-handleiding, waarin de montage van de OPTIFORen de inregeling van de MFT-M staan beschreven. Deze handleiding bevat alle informatie die bijdraagtaan een veilige en optimale installatie van de OPTI-FOR. Het is tevens bedoeld als naslagwerk bij ser-vice- en onderhoudswerkzaamheden, zodat dezeop een verantwoorde wijze kunnen worden uitge-voerd. Wat betreft het installeren is de OPTIFORhandleiding altijd bindend. Het toestel is onderworpen aan voortdurende ont-wikkeling en verbetering. Hierdoor bestaat er demogelijkheid dat de OPTIFOR enigszins afwijkt vande omschrijvingen. Wij wensen u veel comfort toe. N. B. : Deze handleiding is door Agpo met de groot-ste zorgvuldigheid samengesteld. Er kunnen echtergeen rechten aan worden ontleend.

Tevensbehoudt zij zich het recht voor om zonder vooraf-gaande mededelingen de inhoud van deze handlei-ding te wijzigen. Het toestel bestaat uit twee delen, Figuur 1-1:warmteterugwinunit MFT-MVerwarmingstoestel HR EconpactFiguur 1-1 De Agpo HR OPTIFORU kunt de gegevens van het geleverde toestelterugvinden op het typeplaatje, Figuur 1-2.

Hettypeplaatje van het multifunctioneel toestel isbevestigd op de onderzijde van de MFT-M. In deonderstaande tabel staat vermeld wat de betekenisis van de verschillende velden op het typeplaatje. Voor het CV-toestel wordt verwezen naar deEconpact handleiding. Figuur 1-2. Typeplaatje MFT-M5Type: Fase Voltage Hertz Codenummer: Beschermingsklasse Isolatieklasse CAPACITEIT: L-M-H 100 - 150 - 225 [m3/h] Vermogen Amperage AFVOERZIJDE Filter: Ventilator: TOEVOERZIJDE Filter: Ventilator: Aansluitschema 981000390 week/jaar Serienummer: Vermogen Econpact + MFT-M: 300 W UITSLUITEND DE VOLGENDE TYPEN VERWARMINGS- TOESTELLEN MOGEN IN COMBINATIE MET DE MFT-M(B) WORDEN TOEGEPAST: AGPO HR Econpact 125C AGPO HR Econpact 127A AGPO HR Econpact 127C AGPO HR Econpact 135A AGPO HR Econpact 135C PIN-NUMMER 0063AS4818 IS GELIJK VOOR ALLE BOVENSTAANDE TOESTELLEN.

2. VeiligheidVoor uw veiligheid: Let op. De Agpo HR OPTIFOR is een toestel dat voldoetaan de strenge Europese veiligheidsnormen. HetCE-keurmerk (Conform de Europese normen) geeftdit aan. Omdat er voor de ventilatie gebruik wordt gemaaktvan 230V voedingsspanning, willen wij u op de vol-gende zaken attenderen 230 V Elektrische spanningDit toestel bevat componenten die ondereen spanning van 230V staan. Warme leidingen en pijpenDe leidingen en radiatoren kunnen 90°Cworden De rookgasafvoerpijp kan tijdensbedrijf ca. 80°C worden. Deze lopen ookdoor het MFT-M-deel van de OPTIFOR. Zorg dat de verbindingen van de pijp altijdgoed gemonteerd blijven. 2. 1 Algemene veiligheidsvoorschriften•Neem steeds de veiligheidsvoorschriften in dezehandleiding en de handleiding van de Econpactin acht.

Indien de veiligheidsvoorschriften, waar-schuwingen, opmerkingen en instructies nietworden opgevolgd kan dit leiden tot persoonlijkletsel of schade aan de OPTIFOR. •In geval van eventuele tegenstrijdigheid van dehandleidingen "Econpact" en "OPTIFOR" is deOPTIFOR handleiding bindend. •De installatie van de OPTIFOR moet uitgevoerdworden overeenkomstig de algemene en plaat-selijk geldende bouw-, veiligheids- en installatie-voorschriften van gemeente, elektriciteits- enwaterleidingsbedrijf. •Alleen een erkend installateur mag de OPTIFORinstalleren, aansluiten en in bedrijf stellen. •De stekker van de Econpact moet altijd in decontactdoos van de MFT-M aangesloten zijn. •Instructies voor het periodiek reinigen of vervan-gen van de filters en van de toevoer- en afvoer-ventielen dienen nauwgezet opgevolgd te wor-den. •De in dit document vermelde specificatiesmogen niet gewijzigd worden.

•Modificatie van de OPTIFOR is niet toegestaan. •De OPTIFOR is niet geschikt voor aansluiting ophet draaistroomnet. •De Perilex steker van de MFT-M moet ten alletijde, zonder gebruik van gereedschappen ofandere hulpmiddelen, uit de wandcontactdooskunnen worden verwijderd. 2.

2 Getroffen veiligheidsvoorzieningen en maatregelen•Met de hand aanraken van de ventilatoren magniet mogelijk zijn, daarom moet er kanaalwerkop de MFT-M worden aangesloten. De minimalekanaallengte bedraagt 900 mm. •Het toestel kan niet worden geopend zondergebruik te maken van gereedschappen. 2. 3 Gebruik volgens bestemmingDe OPTIFOR is bedoeld voor het afzuigen van ver-vuilde lucht uit een woning, het toevoeren vanverse buitenlucht naar een woning, warm tapwater-voorziening en verwarming van een woning. Elkander of verdergaand gebruik geldt niet conform debestemming. Voor hieruit voortvloeiende schade ofletsel aanvaardt de fabrikant geen enkele aanspra-kelijkheid. 6.

Balansventilatie en verwarming3.2 Werking HR warmteterugwinningFiguur 3-3. BalansventilatieVervuilde lucht (A) wordt afgezogen uit keuken, toi-let en badkamer. De HR tegenstroomwarmtewisse-laar (B) onttrekt warmte aan deze vervuilde lucht.Verse buitenlucht (C) wordt van buiten aangezo-gen. De warmtewisselaar (B) verwarmt deze bui-tenlucht m.b.v. de aan de vervuilde binnenlucht ont-trokken warmte. De verwarmde verse buitenluchtwordt toegevoerd in woon- en slaapkamers (D). Dewarmtewisselaar heeft een thermisch rendementvan meer dan 95% waardoor naverwarming vantoegevoerde buitenlucht niet meer nodig is.7Binnenlucht AToevoerlucht DAfvoerlucht GBuitenlucht CBypass ETegenstroomwarmtewisselaar BPrincipeschemaEconpactTerugslagklep FoptiforGEBRUIKERSHANDLEIDING

Balansventielatie wil zeggen dat de hoeveelhedentoe- en afvoerlucht gelijk zijn. Een balansventilatie-systeem met warmteterugwinning draagt bij aanenergiebesparing, een gezond binnenklimaat, eenoptimaal leefmilieu en het voorkomt vochtproble-men. De toevoer- en afvoerventielen in de woon-,slaapvertrekken en/of de hal zijn zorgvuldigdoor de installateur ingesteld waardoor deluchttoevoer en luchtafvoer met elkaar inbalans gebracht zijn. Aan deze instellingenmag daarom niets worden veranderd. Om goede en tochtvrije luchtdoorstromingin de woning te verkrijgen is er, onder debinnendeuren, bewust een opening vrijge-laten. Wanneer deze openingen wordenafgedicht, door bijvoorbeeld deurrubbers ofzelfs hoogpolig tapijt, zal de luchtdoorstro-ming in uw woning stagneren. Het systeemzal hierdoor niet meer optimaal functione-ren.

Ook het openen van ramen en deurenheeft een negatieve invloed op het opti-maal functioneren van het systeem. 3. 2. 1Werking bypassZie figuur 3. 3. Type OPTIFOR-B is uitgerust meteen BYPASS (E). Type OPTIFOR kan naderhandworden uitgerust met een bypass d. m. v. eenbypass inbouwset. Door het inschakelen van dezebypass wordt een groot gedeelte van de afvoer-lucht door de bypass en niet door de wisselaargeleidt. Hierdoor is het mogelijk om in de zomer-maanden het huis met nachtlucht te verfrissen. De relatief frisse buitenlucht wordt namelijk niet verwarmd door de warmere binnenlucht. De temperatuur waarop de bypass wordtgeregeld kan door de bewoner wordeningesteld. Op het display van de OPTIFOR ishiervoor een toets "comforttemperatuur" aange-bracht. De OPTIFOR zal de ingestelde temperatuurnastreven. De OPTIFOR is beveiligd tegen het bevriezen vande tegenstroomwisselaar.

In de afvoerlucht is hier-voor een temperatuurvoeler aangebracht. Bij een telage temperatuur wordt elektronisch het toerentalvan de toevoerventilator verminderd, hierdoor wordtminder warmte aan de afvoerlucht onttrokken enwordt bevriezen voorkomen. 3.

3 Combinatie van MFT-M & Econpact:de OPTIFORHet CV-toestel "Econpact" onttrekt zijn verbran-dingslucht uit de afvoerluchtstroom van de OPTI-FOR; zie figuur 3. 3. Dit gebeurt nadat de lucht-stroom door de wisselaar is geleid. Verderop in deafvoerluchtstroom worden de rookgassen in dezeluchtstroom toegevoerd. De terugstroming vanrookgassen wordt beveiligd door een terugslagklep(F). Deze klep wordt automatisch op correcte wer-king gecontroleerd. 3. 3. 1 Werking terugstroombeveiligingDe OPTIFOR is middels een speciale terugslagklepbeveiligd tegen de terugstroming van rookgassennaar de woning. Deze veiligheidsvoorziening wordtautomatisch iedere 22 uur op zijn werking gecon-troleerd. De terugstroombeveiliging voorkomt dat er bij eenstoring bij u of, toegepast in collectieve opstelling,bij uw benedenburen rookgassen terug de woningin kunnen stromen.

Zodra de druk in het afvoersys-teem te laag wordt sluit de klep zich automatischen wordt dit door de elektronica gesignaleerd. Naeen bepaalde veiligheidstijd zal het CV-toestel auto-matisch worden uitgeschakeld. Verwijder nooit de Perilex steker uit dewandcontactdoos. Het verwarmingstoestelkan door de rookgasterugstroombeveiligingalleen functioneren met een ingeschakeldmultifunctioneel toestel In verband met de veiligheid zal bij een sto-ring in het multifunctioneel toestel ook destroomtoevoer naar het CV-toestel wordenafgesloten. 4. Bediening4. 1 VentilatiestandenMet behulp van de driestandenschakelaar of metbehulp van de motorloze wasemkap, kunt u hetsysteem in de volgende standen schakelen:Stand 1 laagIn deze stand worden de luchttoevoer- en afvoer-ventilator op een minimum stand gezet. Deze standkan worden ingeschakeld bij langdurige afwezig-heid en eventueel 's nachts.

Stand 2 middenIn deze stand staan de luchttoevoer- en luchtaf-voerventilator op een normaal toerental. Stand 3 hoogIn deze stand staan de luchttoevoer- en luchtaf-voerventilator op een hoog toerental. Kies dezestand tijdens koken of douchen.

Beslist geen motorwasemkap op dit sys-teem aansluiten. De steker moet steeds in de wandcontact-doos blijven, tenzij voor een ernstige sto-ring of andere dringende reden het toestelbuiten bedrijf moet worden gesteld (bij-voorbeeld waarschuwing van de brand-weer). 4. 2 BedieningspaneelIn het front van de MFT-M bevindt zich een bedie-ning- en uitleesmogelijkheid van het toestel meteen zevental bedieningstoetsen. Naast het tonenvan de bedrijfsstatus kunnen diverse instellingen entemperaturen worden uitgelezen en bijgesteld. 8.

KinderbeveiligingVoordat het bedieningsdisplay geactiveerdwordt heeft de eerste toets een vertragingvan circa 1,5 secondenFiguur 4-1. Bedieningspaneel4. 2. 1 DisplayIndicatie" 1 " Ventilatiestand "laag"" 2 " Ventilatiestand "midden"" 3 " Ventilatiestand "hoog""A. # of E. #" Storingscode" -- -- --" Functie niet aanwezig". " Bypass open4. 2. 2 FunctietoetsenMenuDeze toets wordt door de installateur gebruikt voorhet inregelen van het systeem en uitlezen vaneventuele storingen. OKMet deze toets worden gekozen waarden/ parame-ters bevestigd. Bij filter reinigen wordt OK gebruiktals reset. Toevoer aanIndien de toevoerventilator ingeschakeld is brandtde groene led. Tijdens warme zomerdagen wordenvaak ramen en/of deuren opengezet. In deze situ-atie kunt u door op deze toets te drukken de toe-voerventilator uitschakelen.

Voor toestellen met een "bypass" kan geennachtverfrissing plaats vinden indien detoevoerventilator uitgeschakeld is. Comfort temperatuurAlleen voor apparaten met een "bypass". Zonder"bypass" geeft de display "-- -- --". Met deze toetskunt u de ingestelde streeftemperatuur bekijken enindien gewenst wijzigen. Indien u de temperatuurwilt wijzigen druk dan op de OP toets of op deNEER toets (st) tot u de gewenste waarde heeft. Druk dan op de OK toets en de nieuwe waardewordt opgeslagen in het geheugen. De "bypass" wordt zodanig bestuurd datde ingestelde comforttemperatuur nage-streefd wordt. Voor de werking van debypass, zie hoofdstuk 3. 2. 1. Het toestel keert terug in normale bedrijfs-status door nogmaals op menu te drukkenof 1 minuut geen toets in te drukken. 4. 3 In bedrijf nemenDeze handeling zal doorgaans door uwinstallateur worden verricht.

Met uitzondering van het feit dat de stroomvoorzie-ning van de Econpact afkomstig moet zijn van deaansluiting op de MFT-M wordt voor het inschake-len van het CV-toestel verwezen naar de Econpact-handleiding.

De OPTIFOR wordt vervolgens in bedrijf gestelddoor de Perilex steker in de daarvoor aangelegdePerilex wandcontactdoos te steken. De OPTIFORzal automatisch met zijn opstartprogramma begin-nen dat ongeveer 1 minuut in beslag zal nemen. Wanneer de zelftest goed is, komt het CV-toestel inbedrijf. 4. 4 Uit bedrijf nemenHet energieverbruik van het toestel is mini-maal dankzij de energiezuinige motoren. Alleen in uitzonderlijke situaties zoalsonderhoudswerkzaamheden, is het nodighet toestel af te schakelen. Dit geldt ookvoor waarschuwingen van de brandweer. Dankzij de elektronische ontsteking vanhet CV-toestel is er geen waakvlam. Neem het toestel uit bedrijf door de Perilex stekeruit de wandcontactdoos te nemen. Sluit vervolgensde gaskraan. 9MENUOKcomforttemp. toevoeraan zomertijd.

5. Onderhoud5. 1 AlgemeenHet onderhoud door de gebruiker is beperkt tot hetperiodiek reinigen van de filters en luchttoevoer- enafvoerventielen. Tweemaal per jaar verschijnt ophet display van het bedieningspaneel afwisselendde tekst "FiL" gevolgd door "tEr" om u eraan te her-inneren de filters te reinigen. Tegelijk met de filterswordt het aanbevolen tevens alle ventielen te reini-gen. De installatie mag niet zonder filtersgebruikt worden. 5. 2 Filter reinigenFiguur 5-1•Trek de filterhouders uit de OPTIFOR: A. •Maak de filters schoon met een stofzuiger. •Ook kan het filter van het metalen frame wordengehaald en worden uitgewassen met een mildsopje. •Schuif het (eventueel natte) filter weer om hetframe en zet deze vast met het klittenband •Schuif de filterhouders weer in de OPTIFOR. •Op het bedienpaneel druk op OK.

Het wordt aanbevolen, wanneer het sys-teem voor de eerste keer gebruikt wordt,eerst alle filters en ventielen te reinigendaar tijdens de bouwfase het systeem ver-vuild kan raken met bouwstof. 5. 3 Ventilatieventielen reinigenFiguur 5-2•Neem een ventiel met een draaiende beweginguit de wand of het plafond. (De afgebeelde ven-tielen zijn van J. E. StorkAir. ) •Reinig deze in een oplossing van zeep en warm water. Spoel goed na en droog af. •De installateur heeft alle ventielen afgeregeldom het systeem optimaal te laten functioneren. Verander daarom niets aan de stand van deventielen en verwissel de ventielen onderlingniet. •Plaats het ventiel terug. •Herhaal deze procedure voor alle ventielen. 5. 4 Motorloze wasemkapFiguur 5-3De afgebeelde WK 600-3 van J. E. StorkAir heeftgeen filter. Door labyrintwerking wordt het vet voorca.

StoringenIndien er zich een storing voordoet is dit middelseen code zichtbaar op het display van de MFT-M ofde Econpact. Dit is een A- of een E-code. Indien erniets zichtbaar is op het display, controleer dan ofde stekker in het stopcontact zit en of de zekeringin de meterkast niet is doorgeslagen. Indien op het display wel een storingscode zicht-baar is, geef deze dan door aan de installateur. Alvorens u contact opneemt met de installateur,wordt u verzocht het toesteltype, productiedatum enstoringscode te noteren. 7. Einde levensduurOverleg met uw leverancier als u het systeem wiltafdanken. Indien het niet mogelijk is het systeemterug te leveren, deponeer deze dan niet bij hetafval, maar informeer bij uw gemeente naar demogelijkheden voor hergebruik van componentenof milieuvriendelijke verwerking van de materialen. 10ASTHSTB.

8. VOORSCHRIFTENVoor installatie van de Agpo HR OPTIFOR moetrekening gehouden worden met de volgende voor-schriften:a. Het bouwbesluit 680 waarin naar de volgendenormen wordt verwezen:b. NEN 1078: voorschriften voor aardgasinstalla-ties GAVO met bijbehorende praktijkrichtlijn(NPR 3378);c. Richtlijn bestaande gasinstallaties, opgestelddoor EnergieNed;d. NEN 3028: veiligheidseisen voor centrale verwarmingsinstallaties;e. NEN 1010: veiligheidsbepalingen voor laag-spanningsinstallaties; f. NEN 1006: Algemene voorschriften voor drinwa-terinstallaties AVWI met bijbehorende werkbla-den;g. NEN 1087: de norm voor ventilatie in woonge-bouwen met bijbehorende toelichting (NPR1088);h. NEN 2757: de norm voor de toevoer van ver-brandingsgassen en de afvoer van rookgassen;i. NEN 3215: de norm voor binnenriolering inwoningen en woongebouwen;j. Brandweervoorschriften.

•Voor alle voorschriften geldt dat aanvullingen opnormen of voorschriften of latere voorschriftenop het moment van installeren van toepassingzijn. •De installatie van het toestel mag alleen gebeu-ren door daartoe erkende personen. Erkenningkan worden afgegeven door energiebedrijven,elektriciteits- en waterdistributie-organisaties. • Uitdrukkelijk wordt gesteld dat deze technischemontagehandleiding als aanvulling op de boven-genoemde voorschriften moet worden gezien endat deze voorschriften prevaleren boven deinformatie in deze handleiding. 9. Aandachtspunten vóór montage9. 1 Rookgasafvoer en opstellingsmoge-lijkheden9. 1. 1 Opstelling met collectieve aan- en/of afvoerkanalen z. o. z. De installatie moet worden aangelegdvolgens NEN 1078 bijlage C, uitmonding-gebied I "vrije uitmonding". De afvoer moet altijd van een specialekap worden voorzien.

Het afvoer kanaalmoet altijd worden uitgevoerd als rook-gasafvoerkanaal. Opstellingssituaties 5 en 7 voor CLVsystemen raadpleeg Agpo. Indien de aan- en/of afvoer van de Optifor op eencollectief kanaal wordt aangesloten moet het collec-tieve kanaal volgens tafel 9.

1 worden gedimensio-neerd. De dichtheid van het afvoerkanaal moet voldoen aan de eisen zoals gesteld binnen de QA-eisen voor overdruk afvoersystemen. tabel 9. 19. 2 montagemogelijkhedenVoor de montagemogelijkheden wordt verwezennaar de Econpact handleiding. Houdt er echterrekening mee dat het Multifunctioneel toestel metde geïsoleerde luchtkanaalaansluitingen nog bovende Econpact geplaatst moet worden. De bovenste bevestigingsbouten van het montage-frame dienen op tenminste 2050 mm hoogte bovende vloer gemonteerd te worden. Zie ook figuur10. 1. 9. 3 Benodigde vrije ruimte rond het toestelVoor het ophangen, aansluiten en inspectie of ser-vicewerkzaamheden moet er rondom het toesteleen minimale ruimte vrij te blijven.

Bij afwijking van de geadviseerde vrije ruimte wordtde bereikbaarheid van het toestel voor servicedoel-einden beperkt. 10. InstallatieIn dit hoofdstuk wordt stap voor stap uitleg gegevenover het ophangen en aansluiten van de Agpo HROPTIFOR. Eventueel wordt voor uitgebreidereinformatie verwezen naar de andere hoofdstukkenof naar de Agpo HR Econpact handleiding. Beschadigingen aan het toestelEventuele beschadigingen aan het toestel directaan de leverancier melden. Aandachtspunten voor montageLees eerst het voorgaande hoofdstuk en hoofdstuk8 van de Agpo HR Econpact handleiding. Eerste ingebruiknameIn het volgende hoofdstuk wordt uitleg gegeven overde eerste ingebruikname. Let op. Lees dit hoofdstukgoed door, voor u de installatie vult en in bedrijf stelt. 10.

1 InstallatievoorwaardenOm vast te stellen of de installatie van de OPTIFORin een bepaalde ruimte mogelijk is, moet er rekeninggehouden worden met de volgende aspecten:Let op. Niet geschikt voor aansluiten op hetdraaistroomnet. •De OPTIFOR moet worden geïnstalleerd vol-gens de algemene en plaatselijk geldende vei-ligheid- en installatievoorschriften van o. a. elek-triciteits- en waterleidingsbedrijf alsmede vol-gens de voorschriften in deze handleiding en deEconpacthandleiding. •Bij een afwijkende omschrijving in de OPTIFOR-en de Econpacthandleiding is de OPTIFORhandleiding altijd bindend. •De plaats van installatie moet zodanig worden geko-zen dat rondom het toestel voldoende ruimte is voorluchtkanaalaansluitingen, toe- en afvoerleidingen envoor het uitvoeren van onderhoudswerkzaamheden.

•In de ruimte dienen aanwezig te zijn: luchtkanaal-aansluitingen, elektrische aansluiting 230 Volt metPerilex wandcontactdoos en voorzieningen voorcondensafvoer. •Het buitenluchttoevoerkanaal en ook het luchtaf-voerkanaal moeten tussen dak/geveldoorvoer ende MFT-M dampdicht worden geïsoleerd. Dit tervoorkoming van condensvorming aan de buitenzij-de van het kanaal.

•Er moet voor het luchtafvoerkanaal een dubbelwan-dige of geïsoleerde dakdoorvoer worden toegepast. Dit ter voorkoming van condensvorming tussen hetdakbeschot. •Het luchtafvoerkanaal moet afwaterend naar hetapparaat worden geïnstalleerd. •De OPTIFOR moet in een vorstvrije ruimte geïn-stalleerd worden. Het condenswater moet vorstvrijen onder afschot afgevoerd worden. •Indien er ijspegelvorming kan optreden bij deafvoeren, de uitmonding niet situeren op plaatsenwaaronder zich personen kunnen begeven of waar-bij schade kan ontstaan door loslatende pegels. •Beslist geen motorwasemkap op dit systeemaansluiten. Om goede en tochtvrije luchtdoorstroming in dewoning te verkrijgen is er, onder de binnendeuren,bewust een opening vrijgelaten. Wanneer deze ope-ningen worden afgedicht, door bijvoorbeeld deurrub-bers of zelfs hoogpolig tapijt, zal de luchtdoorstromingin de woning stagneren.

Het systeem zal hierdoorniet meer optimaal functioneren. Ook het openen vanramen en deuren heeft een negatieve invloed op hetoptimaal functioneren van het systeem. 10. 2 Transport en uitpakkenControleer of de typeaanduiding op de doosstickersovereenkomen met de afleveringsbon van debestelling. Neem de nodige voorzichtigheid in achttijdens het transporteren en uitpakken van hetapparaat. Zorg dat het verpakkingsmateriaal op eenmilieuvriendelijke manier wordt afgevoerd. 10. 3 Controle leveringNeem direct contact op met de leverancier bij constatering van schade of het niet compleet zijnvan de levering. Tot de levering behoren:•MFT-M (WTW-deel). •Veiligheidsblad Econpact / OPTIFOR •Handleiding OPTIFOR. •Montageset OPTIFOR inclusief bevestigings-middelen•Condensafvoer koppeling OptiforDe OPTIFOR wordt geleverd in een "basis" of"bypass" uitvoering (de OPTIFOR-B).

4 PlaatsingMontageframeHet montageframe van de MFT-M wordt tegen dewand gemonteerd met een minimale afstand van300 mm tussen vloer en Econpact. Het toestel ophangen•Monteer het montageframe waterpas aan demuur volgens de voorgeschreven afstanden totmuren en vloer. Gebruik deugdelijke pluggen. Gebruik vulplaatjes indien de muur zelf nietwaterpas is. 12Let op. In verband met de goede koppeling tussen de Econpact en de MFT-M moet de OPTIFOR met het montageframe worden gemonteerd.

•Controleer of de 2 schuifmoffen op de kleine nis-bussen in het midden onder de MFT-M zitten.Smeer het dikke deel van de schuifmof in metvaseline of zeep, opdat deze soepel in het CV-toestel schuift.•Monteer de MFT-M op het frame. Let op: nietaan de frontdeksel tillen!•Monteer de bij de Econpact geleverde strip opde Econpact.•Monteer de Econpact onder de MFT-M volgensde Econpact handleiding hoofdstuk 10.Uitlijnen Econpact / MFT-MIndien de schuifmoffen niet exact recht boven de aan-sluitopeningen van de Econpact zitten kunnen de stel-boutjes worden gebruikt. Deze zitten onderin de ach-terwand van de MFT-M. Indien de boutjes helemaaluitgedraaid zijn moet de Econpact middels vulplaatjeswat verder van de muur af gemonteerd te worden.Gebruik vulplaatjes boven- en onderaan de Econpact.Aansluiting rookgasAansluiting van voedingPlaats de stekker van de Econpact in de onderkantvan de MFT-M.

Zet het snoer vast in de trekontlasting.PrefabpaneelHet repeterend prefabpaneel van de Econpact kangebruikt worden voor het pas maken van de leidin-gen op het toestel. Zie §9.2 van de Econpact hand-leiding. Houd rekening met de opgegeven minimaleophanghoogte.OpstellingssituatieVoor de verschillende opstellingssituaties wordt ver-wezen naar de Econpact-handleiding.131577601Montageframemet Econpact ophangstrip889min. 300Let op!Sluit de kanalen tussen MFT-M enEconpact op elkaar aan met de 2 inge-vette schuifmoffen. Verschuif ze met eendraaiende beweging om ervoor te zorgendat de 2 lippenringen in de schuifmof enEconpact goed op de kanalen aansluiten(Figuur 10-2).Let op!De stekker van de Econpact mag uitslui-tend in de OPTIFOR worden aangeslotenFiguur 10-1. Montageframe [mm]Figuur 10-2. SchuifmoffenFiguur 10-3. Stekker onder in de MFT-M.

10.5 Aansluiten luchtkanalenDe aansluitende luchtkanalen, minimaal ø 150 mm(ø130 mm voor de afvoer), moeten met zo minmogelijk luchtweerstand en vrij van lekkage wordengemonteerd. Gebruik geen flexibele kanalen. Het isaan te bevelen het ventilatiesysteem te voorzien vaneen motorloze wasemkap en toe- en afvoerventielenvan het fabrikaat J.E. StorkAir.De luchtkanalen buitenluchttoevoer (B) en ventilatie-lucht en rookgasafvoer (A) moeten tussen de dak- ofgeveldoorvoer en de OPTIFOR dampdicht wordengeïsoleerd; dit ter voorkoming van condensvormingaan de buitenzijde van het kanaal. Het afvoerkanaalAmoet uitgevoerd worden alszijnde een rookgasaf-voerkanaal. Het luchtafvoerkanaal moet afwaterendnaar het apparaat worden geïnstalleerd.14montage afwaterendKanalen afwaterend op de Optifor aansluiten Dampdicht isolerenAFVOER (A)TOEVOER (B)dampdicht isolerenFiguur 10-5.

10.6 CondensafvoerCondens van de MFT-M wordt afgevoerd via desyfon van de Econpact. De koppeling tussen MFT-M en syfon wordt gemaakt m.b.v. de bijgeleverdeset ”Condensafvoer koppeling OPTIFOR”Montage-instructie condensafvoersetMonteer de meegeleverde afvoerslang op de zij -aansluiting van de condensafvoer van het HR wtwdeel volgens figuur 10-61. Controleer of de slang helemaal over de zijaan-sluiting geschoven is. Zet deze slang stevig vastmet de meegeleverde slangklem.2. Monteer het T-stuk (wit) aan de, bij de Econpactmeegeleverde vuilopvangbeker. Bevestig ditgeheel aan de condensafvoer van de Econpact.(zie hiervoor figuur 10-7 en de montagehandlei-ding van de Econpact Hoofdstuk 7.6). De hoog-te kan naar believen worden ingesteld door mid-del van het schuifstuk.3.

Leid de condensafvoerslang buiten de Econpactom en zet deze eventueel vast met een muur-beugel zodat er geen voorwerpen achter kunnenblijven haken.4. Monteer de afvoerslang op het T-stuk. Plaats devuilopvangbeker met de dop naar voren.5. Vul de ketelsifon volgens de aanwijzing in demontage handleiding van de Econpact.6. Controleer alle verbindingen op dichtheid en deafvoerslang op knikken.10.7 Aansluiten Perilex wandcontactdoos.Elektrische aansluitingenDe MFT-M is voorzien van een snoer met eenPerilex steker voor de elektrische aansluiting. Hetapparaat moet aangesloten te zijn conform NEN1010 en de plaatselijk geldende voorschriften.15OptiforSA 1-3 Vgeel / groenblauwbruinzwartzwart+230V, 50HzPE N LPerilex:SA 1-3 V230V, 50HzPE N LNL1L2L3241241OptiforLAAG - MIDDEN - HOOGm.b.v.

Controle aansluitingenControleer de gehele elektrische installatie. 10. 8 BadkamerschakelingDe Optifor is optioneel te voorzien van een bad-kamerschakeling. Voor aansluiting wordt verwezennaar het elektrisch schema. 11. IN BEDRIJF NEMENDe OPTIFOR wordt ingeschakeld door het openzet-ten van de gastoevoer en het plaatsen van dePerilex steker in de wandcontactdoos. Het toestelzal eerst een automatische zelftest uitvoeren die ongeveer 1 minuut in beslag zal nemen. Wanneerde zelftest goed is, komt het CV-toestel in bedrijf. 11. 1 TerugstroombeveiligingDoordat de rookgasafvoer van het CV-toestel doorde OPTIFOR worden geleid is de OPTIFOR uitge-rust met een terugstroombeveiliging in de vorm vaneen terugslagklep. Deze beveiliging schakelt hetCV-toestel uit indien er te weinig lucht voor de ketelwordt getransporteerd.

Normaal bedrijfDe Econpact haalt zijn voor de verbranding beno-digde lucht uit de afvoer van de MFT-M, vlak na deterugslagklep. Indien er onvoldoende voor verbran-ding benodigde lucht de klep passeert, bijvoorbeelddoor een storing in de vorm van een windaanval ofeen vervuild filter wordt dit door de electronicagesignaleerd en toert de afvoerventilator op tot erweer voldoende lucht de klep passeert (de electro-nica signaleert de klephoek). ZelftestTijdens de zelftest zal de afvoerventilator in toeren-tal teruglopen, totdat de beveiliging signaleert datde terugstroomklep zichzelf sluit. De ventilator kangeheel tot stilstand komen. Hierna toert de afvoer-ventilator weer op naar zijn ingestelde waarde. Om de 22 uur wordt deze zelftest herhaald. Als de zelftest niet met goed gevolg wordt doorlo-pen wordt de voeding van het CV-toestel (230 volt)uitgeschakeld.

1 MenustructuurKinderbeveiligingVoordat het bedieningsdisplay geactiveerd wordtheeft de eerste toets een vertraging van circa 1,5seconden. Uitsturing ventilatorenAls OP (▲) en NEER (▼) toetsen gelijktijdig wordeningedrukt, geeft het display de huidige uitsturingvan de afvoerventilator aan (in %). Opbouw van de menu'sMet behulp van de toetsen MENU, OP (▲), NEER(▼) en de OK kunnen de volgende programma'sgekozen worden: Instellen tijdvertragingen Menu P2Instellen ventilatie Menu P3Instellen temperaturen Menu P4Uitlezen statussen Menu P5Uitlezen storingen historie Menu P6Reset Menu P7(Opmerking: menu P1wordt niet gebruikt)Het menu P2 kan gebruikt worden door de gebrui-ker en de installateur, bijvoorbeeld bij een badka-merschakeling. De hoogstand wordt dan x minutenlater in- en/of uitgeschakeld dan de schakelaar isomgezet. 16Let op. Niet geschikt voor aansluiten op het draaistroomnet.

17De menu's P3 t/m P7 kunnen alleen gebruikt wor-den door de installateur via een in te geven "toe-gangscode" (352). Toegang tot de menu'sNr. Toets Display Omschrijving1 Menu 2▲Tijdvertragingen3▲Toegangscode nodig (352)4▲Eerste nummer vantoegangscode 5 OK 6▲Tweede nummer van toegangscode 7 OK 8▼Derde nummer van toegangscode9OK Ventilatie10 ▲Temperaturen11 ▲Statussen12 ▲Storingen historie13 ▲ResetOm het programma te verlaten druk tweemaal opMENU. Indien er geen toetsen meer ingedrukt wor-den stopt het programma na vijf minuten en geefthet display weer de ventilatiestand aan.Uitzondering hierop is menu P3; hier geldt een tijdvan dertig minuten. 12.2 Instelvoorbeeld Stel de middenstand van de toevoerventilator af op40.Nr.

Is het merendeel van de afwijkingen min zorg erdan voor dat alle afwijkingen min zijn. Zorg erook voor dat een toevoerventiel en een afvoer-ventiel geheel open blijft. 9. Hierna kan de ventilatorinstelling op de displayworden gewijzigd. In verband met het energie-verbruik moet een zo laag mogelijke instellinggekozen te worden. Zorg ervoor dat de verhou-ding tussen hoog, midden en laag gelijk blijven.Maak hiervoor gebruik van bovenstaande gra-fiek. Om de ventilatorinstelling te kunnen wijzi-gen gebruik menu P3, zie §12.1 menustructuur. 10.Indien de nu ingestelde luchthoeveelheden nogteveel afwijken kan er op de ventielen nagere-geld worden. 11.Controleer, nadat alle ventielstanden zijn vastge-steld nogmaals de gehele installatie. 12.Noteer de gemeten waarden op de bijgevoegdeinstelstaat. 13.Schakel de MFT-M in het normale toerental(stand 2).

2215. ONDERHOUD15. 1 AlgemeenHet onderhoud door de gebruikers is beperkt tot hetperiodiek reinigen van de filters, luchttoevoer- enafvoerventielen. Tweemaal per jaar verschijnt ophet display op het bedieningspaneel afwisselend detekst "FiL" gevolgd door "tEr" ter herinnering de fil-ters te reinigen. Tegelijk met de filters wordt hetaanbevolen alle ventielen te reinigen. De installatiemag niet zonder filters gebruikt worden. 15. 2 Filter vervangenFiguur 15-1. Verwijderen van de filters*Vervang de filters eenmaal per jaar. *Trek de filterhouders Auit de MFT-M. (Figuur15-1)*Verwijder filter van metalen frame. Deze zittenvast met klittenband. *Vervang de filters. *Schuif de filterhouders weer in de goede positiein de MFT-M. Druk deze goed in het front. 15.

3 Filters, ventilatieventielen en motorlozewasemkap reinigenDe gebruiker wordt aanbevolen tweemaal per jaarde filters en de ventielen te reinigen en driemaalper jaar de motorloze wasemkap. Zie hoofdstuk 5. Voor de overige onderhoudswerkzaamheden dienteen installateur te worden ingeschakeld. 15. 4 Inspecteren wisselaar en ventilatorenInspecteer de wisselaar en de ventilatoren eenmaalper vier jaar. Figuur 15-2. Verwijder het front. 1. Trek Perilex steker uit de contactdoos. 2. Verwijder de 2 filters. 3. Maak het front los door de 6 schroeven Bteverwijderen. (Figuur 15-2. ) 4. Maak stekers van de bypass los (alleen bijbypass). Figuur 15-3. Verwijderen van de vulplaat. 5. Wanneer deze vast zit kan met de andere hand(zie fig. 15-3) de behuizing van de bypass naarvoren worden gekanteld zodat deze de vulplaatmeeneemt. 6. Verwijder vervolgens de bypass, de PTC-voe-lers en het schuimdeel ernaast.

Reinigen van de wisselaarReinig indien noodzakelijk de wisselaar. Dompelhiertoe de wisselaar enige malen geheel in hand-warm water (max. 40°C), waarin een niet agressiefvaatwasmiddel is opgelost. Dompel met geribdezijde in verticale positie. Doorspoel daarna de wis-selaar met schoon warm leidingwater (max. 40°C). Neem de wisselaar met beide handen op de groe-ne zijvlakken en schud het water uit de wisselaar. Gebruik voor het schoonmaken geenagressieve of oplossende schoonmaakmid-delen. AfvoerplugReinig de afvoerplug in de bodemplaat van deMFT-M door de dop te verwijderen. Let op. er kanwater in de plug staan. TerugslagklepIndien de terugslagklep gereinigd moet wordenmoet deze in gesloten toestand uit het schuimgetrokken worden.

De terugslagklep mag alleen in geslotentoestand uit het schuim getrokken wordenCondensafvoer tegenstroomwisselaarControleer deze afvoer op goede doorstroom vancondens. Verwijder eventueel het terugslagklepje(of buismembraan) en maak deze schoon. Figuur 15-6. Verwijder de instroomkeel. 8. Pak de instroomkeel van de toe- en de afvoer-ventilator eruit. (Figuur 15-6). Hierna kan deventilator waaier worden gereinigd. (Figuur 15-7)9. Gebruik een zachte borstel om de ventilator-schoepen schoon te maken. Gebruik eventueeleen stofzuiger om stof te verwijderen. Figuur 15-7. Reinigen van de ventilatorwaaier. Pas op dat u de ventilatorschoepen nietbeschadigt. Pas op dat u de temperatuurvoeler nietbeschadigt. Heropbouw van de MFT-MAlgemeen: let er bij de montage op dat afdichtpro-fielen niet beschadigd raken. Monteer het geheel inomgekeerde volgorde weer terug: 1. Plaats de instroomkelen terug. 2.

24ElektraplaatFiguur 15-10. Volledige elektraplaat.Op de elektraplaat zijn de volgende componentente onderscheiden: 1. Voeding DC2. Print t.b.v. besturing en beveiliging *3. Bedieningsdiplay + print*Enkele uitvoeringen hebben een gescheidenbesturings- en beveiligingsprint. Werking en elec-trisch schema zijn gelijk.15.6 PCDe PC kan worden aangesloten op de sub D9 aan-sluiting. Deze bevindt zich aan de onderzijde vande MFT-M. (Figuur 15-11) Figuur 15-11. Aansluiten communicatiestekker. 12316.

STORINGEN.16.1 Storingswijzer MFT-M (zie ook menu P6 en P7)Display Aanwijzingen Klacht / storing ControleWel voeding Alles uit Printzekering defectBesturingsprint defectGeen voeding Alles uit NetspanninguitvalBypass draait door Geen klacht BypassBypass draait niet BypassVentilator draait wel Geen of weinig afvoerlucht Filters verstoptDouche blijft te lang nat Ventielen verstopt, wasemkap verstoptWisselaar verstoptVentilator vervuiltVentilatiekanalen verstoptBypass Maakt teveel geluid Bypassklep hapertBypassmotor defectSlurpend geluidSifon sluit niet afFluitend geluidErgens een luchtspleetLuchtstroomgeluidVentielen onvoldoende openVentielen sluiten niet aan op hetkanaalVentilator draait een te hoog toerental.Geen of weinig toevoer-afvoerluchtCondenslekkage Geen water in condensafvoerslangCondensafvoer verstoptCondens afvoerkanaal loopt niet in lek-bakVentilator draait niet Geen of weinig toevoerlucht BesturingsprintBypass blijft dicht Hoge inblaastemp.

Filter vervuild FilterTerugstroomklepje vuil FilterA3 Bypass draait niet PTC voeler toevoer inBypass blijft dicht Hoge inblaastemperatuur in Bypassde zomer PTC voeler toevoer inA4 Bypass draait niet PTC voeler afvoer inBypass blijft dicht Hoge inblaastemp. i.d. zomer PTC voeler afvoer inA5 geen (toestel functio- A5 knippert in display menu P52 op 0 zettenneert normaal)A7 geen (toestel functio- A7 knippert in display menu P53 op 0 zettenneert normaal)E1 Ventilator draait niet Geen of weinig afvoerlucht, Ventilator defectdouche blijft te lang nat Ventilatorprint defectBesturingsprint defectE1/E2 Toe- of afvoerventilator Maakt teveel geluid Vleugel loopt aan of is stukLagers defectVentilator draait te hoog toerental.Geen of weinig toevoer- afvoerlucht.Driestanden schakelaar Schakeling (installatie) werkt niet (bijv.

standenschakelaar)BesturingsprintVentilatorE2 Ventilator draait niet Geen of weinig toevoer lucht Ventilator defectVentilator print defectE3 Bypass draait niet PTC voeler afvoer uitBypass blijft open Lage inblaastemperatuur in Bypassde winter PTC voeler afvoer uitVentilator draait niet Geen of weinig toevoerlucht PTC voeler

2616. 2 Controle instructiesBypassAls op aansluiting DO3H tussen L en N 230V ACgemeten wordt, moet de klep open zijn/gaan. Als op aansluiting DO4H tussen L en N 230Vgemeten wordt, moet de klep dicht zijn/gaan. Controleer de verbindingen van de besturingsprintnaar de bypass (steker). Toevoer- en afvoerventilatorControleer de ventilator op vervuiling of mechani-sche beschadigingen. Controleer bij een E1 en/of E2 storing de bedra-ding. Indien correct dan is de ventilator defect. De voedingsspanning voor de ventilatoren bedraagt48V DC. De stuurspanning voor de ventilatoren ligttussen 0 en 10V DC. Deze spanning kan gemetenworden op de besturingsprint op AO1L of AO2L tus-sen "+" en GND. DriestandenschakelaarControleer de werking van de schakelaar als volgt;Haal op de besturingsprint de draden L2 en L1 los. De ventilatoren draaien in stand 1. Verbind op de besturingsprint de draden L3 en L2.

De ventilatoren draaien in stand 2. Verbind op de besturingsprint de draden L3 en L1. De ventilatoren draaien in stand 3. PrintenIndien de ventilatoren op de keuzeschakelaarreageren en de display geeft geen of vreemdegegevens, dan is de display defect. Controleer ookde verbinding tussen besturingsprint en display. Indien de ventilatoren niet op de keuzeschakelaarreageren en de display geeft geen gegevens dan isde besturingsprint of display (bedieningspaneel)defect. Indien de besturingsprint wordt vervangen moet hetapparaat opnieuw ingeregeld worden. PTC-voelerControleer de plaatsing van de voeler en de bedra-ding. Indien correct moet de voeler vervangen teworden. WisselaarControleer of de wisselaar beschadigd of vervuildis. Zie hoofdstuk 15: onderhoud. FiltersBij filterstoring, de filters uitnemen, schoonmakenen indien noodzakelijk vervangen.

De tekst gaat verder in het volledige PDF-bestand

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Agpo Ferroli HR OPTIFOR B stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden