AEG TA5PB53FAB Handleiding

AEG Oven TA5PB53FAB

Bekijk gratis de handleiding van AEG TA5PB53FAB (56 pagina’s), behorend tot de categorie Oven. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 15 mensen en kreeg gemiddeld 4.1 sterren uit 3 reviews. Heb je een vraag over AEG TA5PB53FAB of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/56
aeg.com/register
TA5PB51ZAB
TA5PB53FAB
NL
Gebruiksaanwijzing | Oven3
DEBenutzerinformation | Backofen27
aeg.com\register

Beoordeel deze handleiding

4.1/5 (3 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: AEG
Categorie: Oven
Model: TA5PB53FAB

Handleiding AEG TA5PB53FAB – volledige tekst

Welkom bij AEG. Hartelijk dank dat je voor onze apparatuur hebtgekozen. Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, service- en reparatie-informatie:www. aeg. com/supportWijzigingen voorbehouden. INHOUDSOPGAVE1. VEILIGHEIDSINFORMATIE. 32. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN. 53. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT. 84. BEDIENINGSPANEEL. 95. VOORAFGAAND AAN HET EERSTE GEBRUIK. 106. DAGELIJKS GEBRUIK. 117. EXTRA FUNCTIES. 168. KLOKFUNCTIES. 169. DE ACCESSOIRES GEBRUIKEN. 1710. AANWIJZINGEN EN TIPS. 1911. ONDERHOUD EN REINIGING. 2112. PROBLEEMOPLOSSING. 2313. ENERGIEZUINIGHEID. 2514. MILIEUBESCHERMING. 261. VEILIGHEIDSINFORMATIELees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatieen gebruik van het apparaat. De fabrikant is nietverantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeituit de onjuiste installatie of het onjuiste gebruik.

Bewaar deinstructies altijd op een veilige, toegankelijke plek voortoekomstig gebruik. 1. 1 De veiligheid van kinderen en kwetsbarepersonen• Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaaren ouder en door mensen met een beperkt lichamelijk,zintuiglijk of verstandelijk vermogen of een gebrek aanervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan ofinstructies hebben gekregen over het veilig gebruiken vanNEDERLANDS 3.

• Dit apparaat wordt geleverd met eenstekker en een netsnoer. 2. 3 GebruikWAARSCHUWING. Gevaar voor letsel, brandwonden,elektrische schokken of een explosie. • De specificatie van dit apparaat nietwijzigen. • Zorg ervoor dat de ventilatieopeningenniet geblokkeerd worden. • Laat het apparaat tijdens de werking nietonbeheerd achter. • Schakel het apparaat na elk gebruik uit. • Wees voorzichtig met het openen van dedeur van het apparaat wanneer hetapparaat in werking is. Er kan hete luchtvrijkomen. • Gebruik het apparaat niet met nattehanden of als het contact maakt metwater. • Oefen geen druk uit op de open deur. • Gebruik het apparaat niet als werkblad ofals opslagoppervlak. • Open de deur van het apparaatvoorzichtig. Het gebruik van ingrediëntenmet alcohol kan een mengsel van alcoholen lucht veroorzaken.

• Laat geen vonken of open vlammen incontact met het apparaat komen wanneeru de deur opent. • Gebruik altijd glas en potten die zijngoedgekeurd voorconserveringsdoeleinden. • Plaats geen ontvlambare producten ofartikelen die vochtig zijn met ontvlambareproducten in, bij of op het apparaat. • Deel uw wifi-wachtwoord niet. 6 NEDERLANDS.

WAARSCHUWING. Risico op schade aan het apparaat. • Om schade of verkleuring van het email tevoorkomen:– plaats ovenschalen of anderevoorwerpen niet rechtstreeks op debodem van het apparaat. – leg geen aluminiumfolie op de bodemvan de ruimte in het apparaat. – plaats geen water direct in het heteapparaat. – bewaar geen vochtige gerechten envoedsel in het apparaat nadat u klaarbent met koken. – wees voorzichtig bij het verwijderen ofbevestigen van accessoires. • Verkleuring van het email of roestvrij staalis niet van invloed op de werking van hetapparaat. • Gebruik een diepe pan voor vochtigetaarten. Vruchtensappen veroorzakenvlekken die permanent kunnen zijn. • Kook altijd met de deur van het apparaatgesloten. • Als het apparaat achter een meubelpaneelgemonteerd is (bijv. een deur), zorg er danvoor dat de deur nooit gesloten is als hetapparaat in werking is.

Warmte en vochtkunnen achter een gesloten meubelpaneelophopen en schade aan het apparaat, debehuizing of de vloer veroorzaken. Sluithet meubelpaneel niet tot het apparaatcompleet is afgekoeld na gebruik. 2. 4 Onderhoud en reinigenWAARSCHUWING. Gevaar voor letsel, vuur of schade aanhet apparaat. • Schakel het apparaat uit en trek destekker uit het stopcontact voordat jeonderhoudshandelingen verricht. • Zorg ervoor dat het apparaat koud is. Hetrisico bestaat dat de glasplaten breken. • Vervang de glasplaten van de deuronmiddellijk als ze beschadigd zijn. Neemcontact op met de erkende servicedienst. • Wees voorzichtig wanneer u de deur vanhet apparaat verwijdert. De deur is zwaar. • Reinig het apparaat regelmatig om tevoorkomen dat het materiaal van hetoppervlak achteruitgaat. • Reinig het apparaat met een vochtigezachte doek. Gebruik alleen neutraleschoonmaakmiddelen.

Risico op letsel / Brand / Chemischeuitstoot (dampen) in pyrolitische modus. • Voor het uitvoeren van de pyrolytischereiniging en de eerste voorverwarmingdient u het volgende uit de ovenruimte teverwijderen:– overtollig voedselresten, olie- ofvetresten/afzettingen. – alle verwijderbare voorwerpen(inclusief planken, zijrails, enz. , die bijhet apparaat zijn geleverd), met namealle antiaanbakpotten, pannen,dienbladen, keukengerei, enz. • Lees zorgvuldig alle instructies voorpyrolytische reiniging. • Houd kinderen uit de buurt van hetapparaat als de pyrolytische reiniging inwerking is. Het apparaat wordt zeer heeten er komt hete lucht vrij uit de voorstekoelopeningen. • Pyrolytische reiniging gebeurt op hogetemperaturen waarbij dampen kunnenvrijkomen van kookresten enconstructiematerialen.

Ze zijn niet bedoeld voorgebruik in andere toepassingen en zijnniet geschikt voor verlichting inhuishoudelijke ruimten. • Dit product bevat een lichtbron vanenergie-efficiëntieklasse G. • Gebruik alleen lampjes met dezelfdespecificaties. 2. 7 Service• Neem contact op met de erkendeservicedienst voor reparatie van hetapparaat. • Gebruik alleen originelereserveonderdelen. 2. 8 VerwijderingWAARSCHUWING. Gevaar voor letsel of verstikking. • Neem contact op met uw plaatselijkeoverheid voor informatie over het afvoerenvan het apparaat. • Haal de stekker uit het stopcontact. • Snijd het netsnoer vlak bij het apparaat afen gooi het weg. 3. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT3.

• Grill-/braadpanOm te bakken en braden of als pan om vetin op te vangen.• VoedselsensorOm het koken te regelen op basis van detemperatuur in het voedsel.• Telescopische geleidersOm platen en roosters gemakkelijker in tevoeren en te verwijderen.Je kunt optionele accessoires afzonderlijkbestellen. Neem voor meer informatie contactop met je plaatselijke leverancier.4. BEDIENINGSPANEEL4.1 Het apparaat in- en uitschakelenHet apparaat inschakelen:1. Druk op de knoppen. De knoppen komeneruit.2. Draai aan de knop om deverwarmingsfuncties te selecteren.3.

Draai de regelknop om het in te stellen.Draai de knop voor de verwarmingsfunctiesnaar de uit-stand om het apparaat uit teschakelen .4.2 Overzicht bedieningspaneelDruk op de knop om timerfuncties in testellen.Druk om het volgende in te stellen:Snel opwarmen.Druk op de knop om het lampje vanhet apparaat in en uit te schakelen.Druk om de kerntemperatuur van hetvoedsel in te stellen met: Voedselsen‐sor.Druk op om de selectie te bevestigen.4.3 Indicatielampjes op de displayDisplay met toetsfuncties.Het apparaat is vergrendeld.Submenu: Kook- En Bakassistent.Submenu: Reinigen.Submenu: InstellingenSnel opwarmen is ingeschakeld.Stoomkoken is geactiveerd.Voedselsensor is ingeschakeld.Kookwekker is ingeschakeld.Kooktijd is ingeschakeld.Tijd uitgestelde start is ingeschakeld.Uptimer is ingeschakeld.Wi-Fi is ingeschakeld.Bediening op afstand is ingeschakeld.Voortgangsbalk - geeft visueel aanwanneer het apparaat de ingesteldetemperatuur bereikt of wanneer de be‐reidingstijd ten einde is.NEDERLANDS 9

5. VOORAFGAAND AAN HET EERSTE GEBRUIKWAARSCHUWING. Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 5. 1 Tijd instellenWacht bij eerste aansluiting op de stroomtotdat het display het volgende weergeeft: "00:00". 1. Draai aan de regelknop om de tijd in testellen. 2. Druk op. 5. 2 Eerste keer voorverwarmen enreinigenWarm het lege apparaat voor voordat u hetvoor de eerste keer gebruikt en voordat hetmet etenswaren in contact komt. Hetapparaat kan een onaangename geur enrook afgeven. Ventileer de kamer tijdens hetvoorverwarmen. 1. Haal alle accessoires en verwijderbareinschuifrails uit het apparaat. 2. Stel de functie in. Stel demaximumtemperatuur in. Laat hetapparaat 1 u werken. 3. Stel de functie in. Stel demaximumtemperatuur in. Laat hetapparaat 15 min werken. 4. Stel de functie in. Stel demaximumtemperatuur in. Laat hetapparaat 15 min werken. 5. Schakel het apparaat uit en wacht tot hetis afgekoeld.

6. Reinig het apparaat en de accessoiresuitsluitend met een microvezeldoek,warm water en een mild reinigingsmiddel. 7. Plaats de accessoires en deverwijderbare inschuifrails terug in hunoorspronkelijke positie. 5. 3 Draadloze verbindingOm het apparaat te verbinden hebt u hetvolgende nodig:• Draadloos netwerk met internetverbinding. • Mobiel apparaat dat is verbonden methetzelfde draadloze netwerk. 1. Scan de QR-code op de achterkant vande gebruikershandleiding om de app tedownloaden. Je kunt de app ookrechtstreeks downloaden vanuit de appstore. 2. Volg de onboarding-instructies van deapp. 3. Draai aan de knop voorverwarmingsfuncties om te selecteren. 4. Draai aan de bedieningsknop om /Wi-Fi te selecteren. Schakel het in of uit. Raadpleeg het hoofdstuk ‘Dagelijksgebruik’. Instellingen. Om veiligheidsredenen wordt debediening op afstand automatischuitgeschakeld na 24 u.

6. DAGELIJKS GEBRUIKWAARSCHUWING. Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 6. 1 VerwarmingsfunctiesHeteluchtVoor het braden van vlees en het bakken vancakes. Stel een lagere temperatuur in dan bijkoken met boven + onderwarmte, omdat deventilator de warmte gelijkmatig verdeelt in deoven. Boven + onderwarmteVoor het bakken en roosteren op één ovenni‐veau. SteamBakeOm tijdens de bereiding vocht toe te voegen. Om tijdens het bakken de juiste kleur enknapperigheid te krijgen. Om bij het opwar‐men meer sappigheid te geven. Bevroren gerechtenOm kant-en-klaar-gerechten (bijv. patat, aard‐appelpartjes of loempia's) krokant te maken. Pizza-functieOm pizza en andere gerechten te bakken dievan onderaf meer warmte nodig hebben. OnderwarmteOm een bruine en krokante bodem te maken. Gebruik de eerste rekstand. Warmelucht (vochtig)Deze functie is ontworpen om tijdens de be‐reiding energie te besparen.

Bij het gebruikvan deze functie kan de temperatuur in hetapparaat verschillen van de ingestelde tem‐peratuur. De restwarmte wordt gebruikt. Hetverwarmingsvermogen kan worden vermin‐derd. Raadpleeg voor meer informatie hethoofdstuk "Dagelijks gebruik", opmerkingenop: Warmelucht (vochtig). GrillenOm dunne stukken voedsel te grillen en broodte roosteren. CirculatiegrillVoor het braden van grote stukken vlees ofgevogelte met bot op één niveau. Voor grati‐neren en bruinen. De lamp kan tijdens sommigeverwarmingsfuncties automatischuitschakelen als de temperatuur onder de80 °C komt. 6. 2 Notities over: Warmelucht(vochtig)Deze functie wordt gebruikt om te voldoenaan de energie-efficiëntieklasse enecodesign-vereisten (volgens EU 65/2014 enEU 66/2014). Testen in overeenstemmingmet: IEC/EN 60350-1.

De ovendeur dient tijdens de bereidinggesloten te zijn zodat de functie niet wordtonderbroken en de oven werkt op de hoogstmogelijke energie-efficiëntie. Bij gebruik van deze functie gaat deverlichting na 30 seconden automatisch uit.

Zie voor bereidingsinstructies het hoofdstuk'Aanwijzingen en tips', Warmelucht (vochtig). Kijk voor algemene aanbevelingen voorenergiebesparing in het hoofdstuk 'Energie-efficiëntie', Energiebesparingstips. 6. 3 Instellen: Verwarmingsfuncties1. Draai aan de knop van deverwarmingsfuncties om eenverwarmingsfunctie te selecteren. 2. Draai aan de regelknop om detemperatuur in te stellen. Snel opwarmen - houd ingedrukt om deverwarmingstijd te verkorten. Het is alleenbeschikbaar voor een aantalverwarmingsfuncties. De ventilator kanautomatisch worden ingeschakeld. 6. 4 Instelling: SteamBake Kokenmet stoom:1. Zorg ervoor dat het apparaat koud is. 2. Vul de uitsparing van de holte metmaximaal 250 ml kraanwater. Vul de uitsparing in de ovenruimte niet bijtijdens de bereiding of als het apparaatheet is. NEDERLANDS 11.

3. Draai aan de knop van deverwarmingsfuncties om eenverwarmingsfunctie te selecteren. 4. Draai aan de regelknop om detemperatuur in te stellen. 5. Verwarm de lege oven 10 min voor omvochtigheid te creëren. 6. Plaats het voedsel in het apparaat. 7. Wanneer het bereiden klaar is, draait uaan de knop voor de verwarmingsfunctiesnaar de uit-stand om de oven uit teschakelen. 8. Als het apparaat koud is, verwijdert u hetresterende water uit de uitsparing meteen zachte doek. WAARSCHUWING. Open de deur voorzichtig. Vrijgekomenvocht kan brandwonden veroorzaken. 6. 5 Invoeren: Menu Open het menu om toegang te krijgen tot dekookassistentiegerechten en -instellingen. 1. Draai aan de knop voor deverwarmingsfuncties om. Op het display verschijnt , ,. 2. Draai aan de bedieningsknop enselecteer het pictogram om het submenute openen. Druk op. 6.

6 Instellen: Kook- En BakassistentKook- En Bakassistent submenu bestaat uitprogramma's die zijn ontworpen voor specialegerechten. Programma's beginnen met eengeschikte instelling. U kunt de tijd en detemperatuur tijdens het koken aanpassen. 1. Draai aan de knop voor deverwarmingsfuncties. 2. Draai aan de bedieningsknop om teselecteren. En druk op. 3. Draai aan de regelknop om een gerechtte selecteren (P1 - P. ). Druk op. 4. Plaats het voedsel in het apparaat. Drukop. 5. Als de functie is afgelopen, controleert uof het voedsel klaar is. Verleng debereidingstijd indien nodig. Submenu: Kook- En BakassistentLegendaDe voedselsensor moet worden aangeslotenom de functie te kunnen gebruiken. Raad‐pleeg het hoofdstuk 'De accessoires gebrui‐ken'. Vul de uitsparing van de ovenruimte met wa‐ter om stoom te gebruiken. Verwarm het apparaat voor voordat je begintmet koken. Lagerniveau.

Zie het hoofdstuk 'Beschrijvingvan het product'. Het display toont P en een nummer van hetgerecht dat u in de tabel kunt controleren. Gerecht Gewicht Schapniveau/accessoireP1Biefstuk, rauw1 - 1.

5 kg; 4 - 5 cmdikke stukken 2; bakplaatBak het vlees een paar minuten in een hete pan. Plaatsin het apparaat. P2Biefstuk: mediumP3Biefstuk, gaarP4Biefstuk, medium 180 - 220 g perstuk; 3 cm dikkeplakken 3 braadschaal op bakroosterBak het vlees een paar minuten in een hete pan. Plaatsin het apparaat. 12 NEDERLANDS.

Gerecht Gewicht Schapniveau/accessoireP5Rundvlees geroo‐sterd/gestoofd (primerib, bovenste ronde,dikke flank)1.5 - 2 kg 2 braadschaal op bakroosterBak het vlees een paar minuten in een hete pan. Vloei‐stof toevoegen. Plaats in het apparaat.P6Biefstuk, rauw (lang‐zaam koken)1 - 1.5 kg; 4 - 5 cmdikke stukken 2; bakplaatBak het vlees een paar minuten in een hete pan. Plaatsin het apparaat.P7Biefstuk, medium(langzaam koken)P8Biefstuk, gaar (lang‐zaam koken)P9Rundvleesfilet, gaar(lage temperatuur ga‐ren)0.5 - 1.5 kg; 5 - 6cm dikke stukken 2; bakplaatBak het vlees een paar minuten in een hete pan. Plaatsin het apparaat.P10Filet, gemiddeld (lagetemperatuur garen)P11Rundvleesfilet, gaar(lage temperatuur ga‐ren)P12Geroosterd kalfs‐vlees (bijv. schouder)0.8 - 1.5 kg; 4 cmdikke stukken 2 braadschaal op bakroosterBak het vlees een paar minuten in een hete pan. Vloei‐stof toevoegen.

Plaats in het apparaat. Geroosterd be‐dekt.P13Geroosterde var‐kenshals of schou‐der1 - 2 kg 2 braadschaal op bakroosterVoeg 200 ml vloeistof toe aan de braadslede.P14Aangetrokken var‐kensvlees (lage tem‐peratuur garen)1.5 - 2 kg 2; bakplaatDraai het vlees na halverwege de bereidingstijd, om eengelijkmatige bruining te krijgen.P15Varkenslende, vers 1 - 1.5 kg; 5 - 6 cmdikke stukken 2; braadschaal op bakroosterBak het vlees een paar minuten in een hete pan. Plaatsin het apparaat.P16Reserveribben var‐kensvlees2 - 3 kg; gebruikrauwe, 2 - 3 cmdunne spare ribs 3; diepe panVoeg vloeistof toe om de bodem van een schaal te be‐dekken. Draai halverwege de bereidingstijd het vlees om.P17Lambeen met botten 1.5 - 2 kg; 7 - 9 cmdikke stukken 2; braadschaal op bakplaatVloeistof toevoegen.

Gerecht Gewicht Schapniveau/accessoireP20Kippenborst 180 - 200 g perstuk 2 stoofschotel op bakroosterBak het vlees een paar minuten in een hete pan.P21Kippenpoten, vers - 3; bakplaatAls u eerst kippenpoten hebt gemarineerd, stel dan eenlagere temperatuur in en kook ze langer.P22Hele eend 2 - 3 kg 2 braadschaal op bakroosterLeg het vlees op de braadschaal. Draai halverwege debereidingstijd de eend om.P23Gans, heel 4 - 5 kg 2; diepe panLeg het vlees op een diepe bakplaat.

7. EXTRA FUNCTIES7. 1 Blokkering Deze functie voorkomt dat de functie van hetapparaat per ongeluk wordt gewijzigd. Wanneer het apparaat wordt geactiveerdterwijl het in gebruik is, vergrendelt het hetbedieningspaneel, zodat de huidigekookinstellingen ononderbroken blijven. Als het apparaat wordt ingeschakeld terwijlhet uit staat, blijft het bedieningspaneelvergrendeld, zodat het apparaat nietonbedoeld wordt ingeschakeld. – houd ingedrukt om de functie in teschakelen. een geluidssignaal. - knippert 3 keerwanneer de vergrendeling wordtingeschakeld. – houd ingedrukt om de functie uit teschakelen. 7. 2 Automatische uitschakelingAls de verwarmingsfunctie actief is en ergeen instellingen worden gewijzigd, wordt hetapparaat om veiligheidsredenen na eenbepaalde periode automatisch uitgeschakeld. (°C) (u)30 - 115 12. 5120 - 195 8. 5200 - 245 5.

5250 - maximaal 3Als je van plan bent een verwarmingsfunctiete gebruiken voor een duur die langer is dande automatische uitschakeltijd, stel dan dekooktijd in. Zie het hoofdstuk 'Klokfuncties'. De automatische uitschakeling werkt niet metde functies: Binnenverlichting,Voedselsensor, Tijd uitgestelde start. 7. 3 KoelventilatorAls het apparaat in werking is, wordt dekoelventilator automatisch ingeschakeld omde oppervlakken van het apparaat koel tehouden. Als je het apparaat uitschakelt, kande koelventilator blijven werken totdat hetapparaat is afgekoeld. 8. KLOKFUNCTIES8. 1 Omschrijving timerfunctiesKookwek‐kerOm een afteltijd in te stellen. Wanneerde tijd is verstreken, klinkt er een ge‐luidssignaal. Deze functie heeft geeninvloed op de werking van het appa‐raat en kan op elk moment worden in‐gesteld. KooktijdOm de bereidingsduur in te stellen.

Wanneer de timer stopt, klinkt het sig‐naal en stopt de verwarmingsfunctieautomatisch. Tijd uitge‐stelde startOm het begin en/of het einde van hetkoken uit te stellen. UptimerOm aan te geven hoe lang het appa‐raat in werking is. Maximum is 23 u 59min.

8.3 Instellen: Kooktijd 1. Draai aan de knoppen om deverwarmingsfunctie te selecteren en detemperatuur in te stellen.2. Druk op totdat op het displayverschijnt: 0:00 en .3. Draai de regelknop om het Kooktijd in testellen.4. Druk op . De timer begint onmiddellijkaf te tellen.5. Wanneer de tijd is verstreken, drukt u op en draait u de knop voor deverwarmingsfuncties naar de uit-stand.8.4 Instellen: Tijd uitgestelde start1. Draai aan de knoppen om deverwarmingsfunctie te selecteren en detemperatuur in te stellen.2. Druk op totdat op het displayverschijnt: en .3. Draai aan de knop om de starttijd in testellen.4. Druk op.Op het display verschijnt: --:-- STOP .5. Draai de regelknop om het in te stellen.6. Druk op .De timer begint af te tellen op een ingesteldestarttijd.7.

Wanneer de tijd is verstreken, drukt u op en draait u de knop voor deverwarmingsfuncties naar de uit-stand.8.5 Instellen: Uptimer 1. Draai aan de knop voor deverwarmingsfuncties om teopenen Menu.2. Draai aan de bedieningsknop om /Uptimer te selecteren. Zie het hoofdstuk'Dagelijks gebruik', Menu: Instellingen.3. Druk op .4. Draai de bedieningsknop om de Uptimerin en uit te schakelen.5. Druk op .8.6 Instellen: Dagtijd1. Draai aan de knop voor deverwarmingsfuncties om teopenen Menu.2. Draai aan de bedieningsknop om /Dagtijd te selecteren. Zie het hoofdstuk'Dagelijks gebruik', Menu: Instellingen.3. Draai de regelknop om de klok in testellen.4. Druk op .9. DE ACCESSOIRES GEBRUIKENWAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.9.1 Accessoires plaatsenEen kleine inkeping bovenaan verhoogt deveiligheid. De inkepingen zijn ook anti-kantelmechanismen.

rooster de achterkant van de binnenkant vande oven raakt. Plaats het rooster met dehandgreep naar u toe. Bakplaat / Diepe schaalSchuif de plaat tussen de geleidestangen vande inschuifrail. Plaats de bakplaat met dehelling naar de achterkant van de binnenkantvan de oven. 9. 2 VoedselsensorHet meet de temperatuur binnenin hetvoedsel. Er moeten twee temperaturen wordeningesteld:• - de temperatuur in het apparaat. Hetmoet ten minste 25 °C hoger zijn dan dekerntemperatuur van het voedsel. • - de kerntemperatuur van het voedsel. Voor de beste kookresultaten:• Ingrediënten moeten opkamertemperatuur zijn. • Niet gebruiken voor vloeibare gerechten. • Tijdens het koken moet de naald van devoedselsensor volledig in het gerechtworden gestoken. Koken met: VoedselsensorWAARSCHUWING. Er bestaat een risico op brandwonden alsde voedselsensor en de inschuifrails heetworden.

Raak de handgreep van devoedselsensor niet met blote handenaan. Gebruik altijd ovenhandschoenen. 1. Het apparaat inschakelen. 2. Selecteer de verwarmfunctie en, indiennodig, de oventemperatuur. 3. Plaats voedselsensor in de schaal: Vlees, gevogelte en visSteek de hele naald van devoedselsensor in het midden van hetvlees of de vis op het dikste gedeelte. StoofschotelPlaats de punt van de voedselsensorprecies in het midden van deovenschotel. De voedselsensor moettijdens het bakken op één plaats wordengestabiliseerd. Gebruik een solideingrediënt om dit voor elkaar te krijgen. Gebruik de rand van de bakplaat om hetsiliconen handvat van de voedselsensorte ondersteunen. De punt van devoedselsensor mag de bodem van debakplaat niet raken. 4. Steek de voedselsensor in hetstopcontact in het apparaat. Zie hethoofdstuk 'Beschrijving van het product'.

9. Haal de stekker van de voedselsensor uithet stopcontact en haal het gerecht uithet apparaat.10. AANWIJZINGEN EN TIPS10.1 KookadviezenDe temperatuur en kooktijden in de tabellenzijn slechts als richtlijn bedoeld. Ze zijnafhankelijk van het recept, de kwaliteit en dekwantiteit van de gebruikte ingrediënten.Je apparaat kan anders bakken of roosterendan het apparaat dat je tot nu toe gebruikthebt.

De onderstaande hints tonenaanbevolen instellingen voor temperatuur,kooktijd en rekstand voor specifieke soortenvoedsel.Tel de rekniveaus vanaf de bodem van deoven.Als u voor een speciaal recept de instellingniet kunt vinden, zoek dan naar eensoortgelijk recept.Zie het hoofdstuk "Energie-efficiëntie" voorenergiebesparingstips.Symbolen gebruikt in de tabellen:Soort voedselVerwarmingsfunctieTemperatuurAccessoireInzetniveauKooktijd (min)10.2 Warmelucht (vochtig) –aanbevolen accessoiresGebruik donkere en niet-reflecterende bakjesen schalen.

WitbroodBakplaat 2)1 200 80 - 100Hamlap, 1 kgBakrooster 3)1 180 110 - 1301) Plaats de veervormpan (Ø 26 cm) op het rooster.2) Plaats de bakplaat met de helling naar de deur.3) Plaats het voedsel in de glazen schaal en voeg 200 ml water toe.10.4 Informatie voor testinstitutenTesten in overeenstemming met: EN 60350-1, IEC 60350-1.Kleine cakes, 20 stuks perbakplaat 1)Boven + onderwarmteBakplaat 2)3 150 25 - 35Kleine cakes, 20 stuks perbakplaatHeteluchtBakplaat 2)4 140 33 - 43Kleine cakes, 20 stuks perbakplaat 1)HeteluchtBakplaat 2)2150 22 - 32Universele pan 4Zachte cake zonder vet 1)Boven + onderwarmte Bakrooster 1 180 25 - 35Zachte cake zonder vet 3)Hetelucht Bakrooster 2 180 28 - 38Zachte cake zonder vet 1)HeteluchtBakplaat 4)1170 28 - 38Bakrooster 3Appeltaart 5)Boven + onderwarmte Bakrooster 3 170 70 - 90Appeltaart 5)Hetelucht Bakrooster 3 160 70 - 90Toast 1) 6)Grillen Bakrooster 4 300 2 - 41) Verwarm het apparaat voor totdat de ingestelde temperatuur wordt bereikt.

Gebruik geen functies: Snel opwar‐men.2) Plaats de bakplaat met de helling naar de deur.3) Verwarm het apparaat voor totdat de ingestelde temperatuur wordt bereikt. Gebruik de functie: Snel opwarmen.4) Plaats de bakplaat met de helling naar de deur. Cakes worden in lijn boven elkaar geplaatst.5) 2 blikken diagonaal geplaatst. De linker moet meer naar voren worden geplaatst dan de rechter.6) Volgens: IEC 60350-1:2016 en IEC 60350-1:2023.Aanvullende testsSchuimgebakjes1) 2)Boven + onderwarmteBakplaat 3)3 100 90 - 18020 NEDERLANDS

Schuimgebakjes1) 2)HeteluchtBakplaat 3)3 100 90 - 180Scones 4)Boven + onderwarmteBakplaat 3)4 180 11 - 21Scones 4)HeteluchtBakplaat 3)3 170 10 - 20Kip, 1. 1 kg1)5)CirculatiegrillBakrooster 6)2 200 70 - 90Hamlap, 1 kg CirculatiegrillBakrooster 7)2 170 110 - 1301) Verwarm het apparaat voor totdat de ingestelde temperatuur wordt bereikt. Gebruik geen functies: Snel opwar‐men. 2) Gebruik bakpapier. 3) Plaats de bakplaat met de helling naar de deur. 4) Verwarm het lege apparaat 10 min voor. Gebruik geen functies: Snel opwarmen. 5) Draai het vlees halverwege de bereidingstijd om. 6) Gebruik de bakplaat om druppelende vloeistoffen op te vangen en plaats deze op de eerste rekpositie met dehelling naar de ventilatorafdekking. 7) Plaats het voedsel in de glazen schaal en voeg 200 ml water toe. 11. ONDERHOUD EN REINIGINGWAARSCHUWING. Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 11.

1 Opmerkingen over de reinigingReinigingsmiddelen• Reinig de voorkant van het apparaatuitsluitend met een microvezeldoek metwarm water en een mild reinigingsmiddel. • Gebruik een reinigingsoplossing ommetalen oppervlakken te reinigen. • Reinig vlekken met een mildreinigingsmiddel. Dagelijks gebruik• Reinig na elk gebruik de binnenkant vanhet apparaat. Vetophoping of andereresten kunnen brand veroorzaken. • Bewaar voedsel niet langer dan 20minuten in het apparaat. Droog debinnenkant van het apparaat na elkgebruik alleen met een microvezeldoek. Accessoires• Reinig alle accessoires na elk gebruik enlaat ze drogen. Gebruik alleen een zachtedoek met warm water en een mildreinigingsmiddel. De accessoires niet inde afwasmachine reinigen. • Reinig de antiaanbakaccessoires niet metagressieve reinigingsmiddelen of scherpevoorwerpen. 11.

11. 3 Verwijderbare inschuifrailsVerwijder de inschuifrails om het apparaat tereinigen. 1. Schakel het apparaat uit en wacht tot hetis afgekoeld. 2. Trek de inschuifrail bij de voorkant uit dezijwand. 3. Trek de geleider bij de achterkant uit dezijwand en verwijder het. 214. Plaats de inschuifrails in omgekeerdevolgorde. De borgpennen op de telescopischegeleiders moeten naar voren wijzen. 11. 4 Pyrolytische reinigingWAARSCHUWING. Er bestaat gevaar voor brandwonden. LET OP. Als er andere apparaten in dezelfde kastzijn geïnstalleerd, gebruik deze dan niettijdens deze functie. Dit kan de ovenbeschadigen. Start de functie niet als je de ovendeur nietvolledig hebt gesloten. 1. Zorg ervoor dat het apparaat koud is. 2. Verwijder alle accessoires enverwijderbare inschuifrails. 3.

Reinig de binnenzijde van de oven en deglazen deur aan de binnenkant met warmwater, een zachte doek en een mildreinigingsmiddel. 4. Draai aan de knop voor deverwarmingsfuncties om teopenen Menu. 5. Draai aan de bedieningsknop om teselecteren en druk op. Reinigingsprogramma DuurC1 - Licht reinigen 1 hC2 - Normaal reinigen 1 h 30 minC3 - Grondig reinigen 3 h6. Draai aan de bedieningsknop om hetreinigingsprogramma te selecteren endruk op. 7. Druk op om het reinigen te starten. Als het reinigen begint, wordt de deur van hetapparaat vergrendeld en is de lamp uit. Totdat de deur wordt ontgrendeld, toont hetdisplay. 8. Draai na de reiniging de knop voor deverwarmingsfuncties naar de uit-stand. 9. Wacht tot het apparaat is afgekoeld en dedeur ontgrendelt. Maak de binnenkantvan de oven schoon met een zachte doeken water. 11.

6 Verwijderen en installeren vande deurU kunt de deur en de binnenste glasplatenverwijderen om ze te reinigen. U Het aantalglasplaten verschilt per model. WAARSCHUWING. De deur is zwaar. LET OP. Behandel het glas voorzichtig, vooralrond de randen van het voorpaneel. Hetglas kan breken. 1. Zorg ervoor dat het apparaat koud is2. Open de deur volledig. 3. Druk op de klemhendels op de tweedeurscharnieren. 22 NEDERLANDS.

AA4. Sluit de ovendeur in de eersteopeningsstand (in een hoek vanongeveer: 70°). 5. Pak de deur aan de zijkanten met beidehanden vast en trek deze onder eenopwaartse hoek weg van de oven.6. Plaats de ovendeur met de buitenkantomlaag op een zachte doek op eenstabiele ondergrond.7. Pak de deurafdekking aan debovenkant van de deur aan beide kantenvast en druk deze naar binnen om deklemsluiting te ontgrendelen.12B8. Trek de deurlijst naar voren om hem teverwijderen.9. Houd de glasplaten aan hun bovenkantvast en trek deze een voor een omhooguit de geleider.10. Reinig de glasplaat met een sopje. Droogde glasplaat voorzichtig af.

Reinig deglasplaten niet in de vaatwasser.Voer na het reinigen de bovenstaandestappen in de omgekeerde volgorde uit.Plaats de kleinste glasplaat eerst, daarna degrotere glasplaat en de deur.Zorg ervoor dat de glasplaten op de juistemanier worden geplaatst, anders kan hetoppervlak van de deur oververhit raken.11.7 Het lampje vervangenWAARSCHUWING!Gevaar voor elektrische schokken.Het lampje kan heet zijn.1. Schakel het apparaat uit en wacht tot hetis afgekoeld.2. Haal de stekker uit het stopcontact.3. Leg de doek op de vloer van de oven.Bovenlamp1. Draai het glazen deksel om die teverwijderen.2. Reinig de glasafdekking.3. Vervang de lamp door een geschikte 300°C hittebestendige lamp.4. Installeer het glazen deksel.12. PROBLEEMOPLOSSINGWAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.NEDERLANDS 23

12.1 Wat te doen als...Probleem Controleer of…U kunt het apparaat niet inschakelen of bedienen. Het apparaat is op de juiste manier op een elektrischetoevoer aangesloten.Het apparaat warmt niet op. De automatische uitschakeling is gedeactiveerd.Het apparaat warmt niet op. De deur van het apparaat is gesloten.Het apparaat warmt niet op. De zekering is niet doorgeslagen.Het apparaat warmt niet op. Blokkering is gedeactiveerd.De lamp is uit. Warmelucht (vochtig) - is geactiveerd.De verlichting werkt niet. De lamp is opgebrand.De Voedselsensor werkt niet. De stekker van de Voedselsensor is volledig in hetstopcontact gestoken.Err C2 U hebt de stekker van de Voedselsensor uit het stop‐contact gehaald.Err C3 De ovendeur is gesloten of het deurslot is niet kapot.Err F102 De deur van het apparaat is gesloten.Err F102 Het deurslot is niet kapot.Op het display verschijnt 00:00.

Er was een stroomstoring. Stel het tijdstip van de dagin.Het water lekt uit de uitholling in de ovenruimte. Er zit te veel water in de uitholling van de ovenruimte.Als het display een foutcode weergeeftdie niet in deze tabel staat, schakelt u dezekering van het huis uit en weer in omde oven opnieuw te starten. Als defoutcode opnieuw optreedt, neemt ucontact op met een erkendservicecentrum. 12.2 Service-informatieAls je niet zelf het probleem kunt verhelpen,neem dan contact op met je verkoper of eenerkende serviceafdeling.De contactgegevens van de servicedienststaan op het typeplaatje. Het typeplaatjebevindt zich op het voorframe van hetapparaat. Het is zichtbaar wanneer u de deuropent. Verwijder het typeplaatje niet uit hetapparaat.Wij raden je aan om de gegevens hier tenoteren:Model (MOD.) : Productnummer (PNC): Serienummer (S.N.): 24 NEDERLANDS

13. ENERGIEZUINIGHEID13. 1 Productinformatie en productinformatieblad volgens de EU-voorschriften voor ecologisch ontwerp en energie-etiketteringNaam leverancier AEGModelnummerTA5PB51ZAB 944035044TA5PB53FAB 944035045Energie-efficiëntie-index 81. 2Energie-efficiëntieklasse A+Energieverbruik met een standaard belading, conventionele modus 1. 09 kWh/cyclusEnergieverbruik met een standaard belasting, heteluchtmodus 0. 69 kWh/cyclusAantal holtes 1Warmtebron ElektriciteitVolume 71 lSoort oven InbouwovenMassaTA5PB51ZAB 34. 5 kgTA5PB53FAB 35. 0 kgIEC/EN 60350-1 - Huishoudelijke elektrische kooktoestellen - Deel 1: Fornuizen, ovens, stoomovens en grills -Methoden voor het meten van prestaties. 13. 2 Energiebesparende tipsDe onderstaande tips helpen u energie tebesparen bij het gebruik van uw apparaat. Zorg ervoor dat de deur van het apparaatgesloten is als het apparaat in werking is.

Open de deur van het apparaat niet te vaaktijdens het koken. Houd het deurrubberschoon en zorg ervoor dat het goed op zijnplaats vastzit. Gebruik metalen kookgerei en donkere, niet-reflecterende blikken en containers omenergie te besparenVerwarm het apparaat niet voor voordat ugaat koken, tenzij specifiek aanbevolen. Houd onderbrekingen tussen het bakken zokort mogelijk als je een aantal gerechtentegelijkertijd bereidt. Koken met hete luchtGebruik indien mogelijk de bereidingsfunctiesmet hete lucht om energie te besparen. RestwarmteWanneer de kookduur langer is dan 30minuten, verlaag dan de oventemperatuur totminimaal 3-10 minuten voor het einde van hetkoken. De restwarmte binnen in het apparaatzal blijven koken. Gebruik de restwarmte om het voedsel warmte houden of andere gerechten op te warmen. Wanneer je de oven uitschakelt, geeft hetdisplay de restwarmte aan.

Eten warm houdenKies de laagst mogelijketemperatuurinstelling om de restwarmte tegebruiken en het voedsel warm te houden. Het indicatielampje van de restwarmte oftemperatuur verschijnt op het display.

Warmelucht (vochtig)Functie is ontworpen om tijdens de bereidingenergie te besparen.Als je deze functie gebruikt, gaat deverlichting na 30 sec. automatisch uit. Je kuntde verlichting weer inschakelen, maar dezehandeling vermindert de verwachteenergiebesparingen.14. MILIEUBESCHERMINGRecycleer de materialen met het symbool .Gooi de verpakking in een geschikteafvalcontainer om het te recycleren.Bescherm het milieu en de volksgezondheiden recycleer op een correcte manier het afvalvan elektrische en elektronische apparaten.Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool niet weg met het huishoudelijk afval.Breng het product naar het milieustation bij uin de buurt of neem contact op met degemeente.26 NEDERLANDS

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met AEG TA5PB53FAB stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden