AEG Santo K98840I Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van AEG Santo K98840I (28 pagina’s), behorend tot de categorie Koelkast. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 48 mensen. Heb je een vraag over AEG Santo K98840I of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | AEG |
| Categorie: | Koelkast |
| Model: | Santo K98840I |
| Apparaatplaatsing: | Vrijstaand |
| Kleur van het product: | Wit |
| Deurscharnieren: | Rechts |
| Breedte: | 880 mm |
| Diepte: | 560 mm |
| Hoogte: | 550 mm |
| Netbelasting: | 100 W |
| Jaarlijks energieverbruik: | 190 kWu |
| Nettocapaciteit vriezer: | 17 l |
| Vriescapaciteit: | 2 kg/24u |
| Draairichting deur verwisselbaar: | Ja |
| Nettocapaciteit koelkast: | 117 l |
| Aantal planken koelkast: | 3 |
| Bewaartijd bij stroomuitval: | 12 uur |
| Aantal planken vriezer: | 1 |
| Aantal sterren: | 4* |
| Totale nettocapaciteit: | 134 l |
| Ingebouwde vriezer: | Ja |
| Stroomvoorziening: | 220-230 V |
Handleiding AEG Santo K98840I – volledige tekst
2Geachte klant,Lees eerst aandachtig de gebruiksaanwijzing door voordat U Uw nieuwe koelapparaat in gebruik neemt. Hierin staat belangrijke informatie over een veilig gebruik, over het opstellen en over het onderhoud van het apparaat.De gebruiksaanwijzing s.v.p. bewaren voor latere naslag. Aan eventuele volgende bezitters van het apparaat doorgeven.Deze gebruiksaanwijzing is voor meerdere, technisch vergelijkbare modellen in diverse uitvoeringen bestemd. S.v.p. alleen op de aanwijzingen letten die op Uw apparaat betrekking hebben.1 Met de waarschuwingsdriehoek en/of door signaalwoorden (Waarschu-wing!, Voorzichtig!, Let op!) wordt de aandacht gevestigd op aanwijzin-gen die belangrijk zijn voor Uw veiligheid of voor het juist functioneren van het apparaat. Hier absoluut op letten.0 1. Dit symbool en nummeren voeren u stap voor stap door de bediening van het apparaat. 2.
....3 Na dit symbool wordt uitleg gegeven over de bediening en het prak-tisch gebruik van het apparaat.2 Met het klaverblad worden tips en aanwijzingen voor een economisch en milieuvriendelijk gebruik van het apparaat aangegeven.Verklaringen van vaktermen die in de gebruiksaanwijzing gebruikt wor-den, vindt U aan het eind in het Hoofdstuk "Vaktermen".Voor eventueel optredende storingen staan in de handleiding aanwij-zingen om deze zelf op te lossen, zie Hoofdstuk "Wat te doen als...". Als deze aanwijzingen niet voldoende informatie bieden staat onze klan-tendienst U te allen tijde ter beschikking.Gedrukt op milieuvriendelijk vervaardigd papierwie ecologisch denkt, handelt ook zo ...
51 VeiligheidDe veiligheid van onze koelapparaten voldoet aan de erkende regels der techniek en aan de Duitse wet op de veiligheid van apparaten. Deson-danks zien wij ons genoodzaakt U met de volgende veiligheidsaanwij-zingen vertrouwd te maken:Reglementaire toepassing• Het koelapparaat is voor huishoudelijk gebruik bestemd. Het is geschikt voor het koelen, invriezen en diepgevroren bewaren van levensmiddelen en voor het maken van ijs. Als het apparaat voor andere doeleinden gebruikt wordt kan de fabrikant geen verantwoor-ding nemen voor eventuele schaden.• Het ombouwen van of veranderingen aan het koelapparaat aanbren-gen is uit veiligheidsoverwegingen niet toegestaan.• Als het koelapparaat commercieel of voor andere doeleinden dan voor het koelen, diepgevroren bewaren en invriezen van levensmid-delen gebruikt wordt, s.v.p.
letten op de hiervoor van kracht zijnde wettelijke bepalingen.Voordat het apparaat voor de eerste keer in gebruik genomen wordt• Controleer het koelapparaat op transportschaden. Een beschadigd apparaat in geen geval aansluiten! Wendt U in geval van schade tot de leverancier.KoelmiddelenHet apparaat bevat in het koelvloeistofcircuit de koelvloeistof Isobutan (R600a), een natuurlijk, zeer milieuvriendelijk gas, dat echter wel brandbaar is.• Waarschuwing - Bij het transport en het opstellen van het apparaat erop letten dat geen onderdelen van het koelvloeistofcircuit bescha-digd worden.• Bij beschadiging van het koelvloeistofcircuit:– open vuur en brandhaarden absoluut vermijden;– het vertrek waar het apparaat staat goed ventileren.Veiligheid van kinderen• Verpakkingsdelen (bijv. folieën, piepschuim) kunnen voor kinderen gevaarlijk zijn. Verstikkingsgevaar!
Veiligheid6• Oude apparaten voor het weggooien onbruikbaar maken. Stekker uit het stopcontact trekken, stroomkabel doorknippen, eventueel aanwe-zige snap– of grendelsloten verwijderen of kapotmaken. Daardoor wordt voorkomen dat spelende kinderen in het apparaat opgesloten raken (stikgevaar. ) of in andere levensgevaarlijke situaties terecht komen. • Kinderen kunnen gevaren die in het omgaan met huishoudelijke apparaten schuilen vaak niet herkennen. Zorg daarom voor de nodige toezicht en laat kinderen niet met het apparaat spelen. Bij dagelijks gebruik• Containers met brandbare gassen of vloeistoffen kunnen lek raken door de inwerking van koude. Explosiegevaar. Leg geen containers met brandbare stoffen zoals bijv. spraybussen, aanstekers, navullingen van aanstekers etc. in het koelapparaat. • Flessen en blikken mogen niet in het vriesvak.
Ze kunnen springen als de inhoud bevriest – bij koolzuurhoudende inhoud zelfs exploderen. Leg noot limonades, sappen, bier, wijn, champagne etc. in het vries-vak. Uitzondering: sterke drank met een zeer hoog alcohol percen-tage kan in het vriesvak gelegd worden. • Consumptieïjs en ijsblokjes niet direct vanuit de vriesruimte in de mond steken. Zeer koud ijs kan aan de lippen of de tong vastvriezen en verwondingen veroorzaken. • Niet met natte handen aan diepvriesartikelen komen. De handen kunnen daaraan vastvriezen. • Waarschuwing - Geen electrische apparaten (bijv. electrische ijsma-chines, mixers etc. ) in het koelapparaat gebruiken. • Waarschuwing - Ventilatie-openingen in de ommanteling van het apparaat of in inbouwmeubelen niet afsluiten.
• Waarschuwing - Voor bespoedigen van het ontdooiproces geen mechanische voorzieningen of andere kunstmatige middelen gebrui-ken die niet door de fabrikant worden aanbevolen. • Voor het schoonmaken het apparaat altijd uitzetten en de stekker uit het stopcontact trekken of de zekering in de woning uitschakelen c. q. er uit draaien.
• De stekker altijd aan de stekker zelf uit het stopcontact trekken, nooit aan het snoer. Bij storing• Als er een storing aan het apparaat optreedt eerst in de gebruiksaan-wijzing kijken onder “Wat te doen als. ”. Als de daar gegeven aanwij-zingen niet verder helpen zelf niet verder aan het apparaat werken.
7• Koelapparaten mogen alleen door geschoold personeel gerepareerd worden. Door ondeskundige reparaties kunnen grote gevaren ont-staan. Wendt U zich bij reparaties tot Uw vakhandel of tot onze klan-tendienst.WeggooienInformatie over de verpakking van het apparaatAlle gebruikte grondstoffen zijn milieuvriendelijk! Ze kunnen zonder gevaar weggegooid of in de vuilverbrandingsoven verbrand worden!De grondstoffen: de kunststoffen kunnen ook opnieuw gebruikt wor-den en worden als volgt gekarakteriseerd:>PE< voor polyethyleen, bijv. bij de buitenste verpakking en de zakken binnen in. >PS< voor schuimpolystyrol, bijv. bij de bekledingsdelen, in principe FCKW-vrij.De kartonnen delen zijn van oud papier gemaakt en kunnen ook weer bij het oud-papier gedaan worden.Weggooien van oude apparatenWegens milieuredenen dienen koelapparaten vakkundig ontmanteld te worden.
Dit geldt voor Uw huidige apparaat en - als het ook aan ver-vanging toe is - ook voor Uw nieuwe apparaat.1 Waarschuwing! Apparaten die hun tijd gehad hebben onbruikbaar maken voordat ze weggegooid worden. Stekker er afhalen, netsnoer doorknippen, eventuele snap- of grendelsloten verwijderen of kapot-maken. Hierdoor wordt voorkomen dat spelende kinderen in het appa-raat opgesloten worden (verstikkingsgevaar!) of in andere levensgevaarlijke situaties terechtkomen.Aanwijzingen voor het weggooien:• Het apparaat mag niet bij het huis- of grofvuil gezet worden.• Het koelvloeistofcircuit, in het bijzonder de warmtewisselaar aan de achterkant, mag niet beschadigd worden.• Informatie over afhaaltijden of inzamelplaatsen zijn te verkrijgen bij de plaatselijke reinigingsdienst of op het gemeentehuis.
8Transportbescherming verwijderenHet apparaat alsmede de onderdelen van het interieur zijn voor het transport beschermd.0 1. Alle plakband alsmede bekledingsdelen uit het interieur verwijderen.3 Eventuele plakbandresten kunnen met schoonmaak- of wasbenzine verwijderd worden.2. Beschermfolie van het bedieningspaneel aftrekken, indien aanwezig.OpstellenOpstelplaatsHet apparaat in een goed geventileerde en droge ruimte neerzetten.
De omgevingstemperatuur heeft invloed op het stroomverbruik en het onberispelijk functioneren van het apparaat.Het apparaat daarom– niet aan directe straling van de zon blootstellen;– niet bij radiatoren, naast een kachel of andere warmtebronnen plaat-sen;– alleen op een plaats neerzetten waarvan de omgevingstemperatuur overeenkomt met de klimaatcategorie waarvoor het apparaat is ont-worpen.De klimaatcategorieën staan op het merk- en type-aanduidingsplaatje dat zich links aan de binnenkant van het apparaat bevindt.De volgende tabel geeft aan welke omgevingstemperatuur bij welke klimaatcategorie behoort:Als het onvermijdelijk is het apparaat naast een warmtebron te plaat-sen, aan weerszijden minimaal de volgende afstanden aanhouden:– tot electrische kachels 3 cm;Als men zich niet aan deze afstanden kan houden, is een warmte-isola-tieplaat tussen kachel en koelapparaat aan te bevelen.Klimaatcategorie voor een omgevingstemperatuur vanSN +10 tot +32 °CN +16 tot +32 °CST +18 tot +38 °CT +18 tot +43 °C
Opstellen9Het toestel heeft lucht nodigIntegreerbare modellen (i-toestellen)De geïntegreerde deur van de meubel-kast sluit de inbouwnis bijna geheel af. Daarom moet bij i-toestellen de beluchting volgens afb. door een ope-ning in de meubelsokkel plaatsvinden. De verwarmde lucht moet door de luchtschacht aan de achterzijde van het meubel naar boven weg kunnen. De ventilatie-openingen moeten mini-maal 200 cm2 bedragen.Waarschuwing - Om het funktioneren van het toestel niet nadelig te beïnvloeden, ventilatie-openingen niet afdekken of blokkeren.InbouwZie meegeleverde montage-aanwijzing.Kontroleer na het inbouwen van het toestel, vooral na overzetten van het deurscharnier, of de deurafdichting rondom goed afdicht.
Een ondichte deurafdichting kan tot versterkte rijpvorming en daardoor tot hoger energieverbruik leiden (zie ook hoofdstuk „Wat de doen als ...“).Electrische aansluitingVoor de electrische aansluiting is een volgens de voorschriften geïnstal-leerde beschermcontactdoos vereist. De electrische zekering dient min-sten 10 Ampère te zijn.Indien het stopcontact bij een ingebouwd apparaat niet meer toegan-kelijk is, dient een maatregel in de electrische installatie er voor te zor-gen dat het apparaat van de stroom kan worden afgesloten (bijv. zekering, beveiligingsschakelaar, aardlekschakelaar of dergelijke met een contactopeningsbreedte van minimaal 3 mm).0 1. Voor ingebruikneming op het merk– en type–aanduidingsplaatje van het apparaat controleren of de netspanning en stroomsoort overeenko-men met de waarden van het lichtnet op de plaats waar het apparaat komt te staan.Bijv.: AC 220 ...
240 V 50 Hz of 220 ... 240 V~50 Hz(d.w.z. 220 tot 240 Volt wisselstroom, 50 Hertz)Het typebordje bevindt zich links aan de binnenkant van het apparaat.Attentie: De netaansluiting mag alleen door een vakman worden ver-vangen. Wend u in geval van reparatie tot uw vakhandelaar of tot onze service-afdeling.
Beschrijving apparaat11Bedieningspaneel 1 netcontrole-indicatie (groen) 2 toets AAN/UIT 3 toets voor temperatuurinstelling (voor warmere temperaturen) 4 temperatuurindicatie 5 toets voor temperatuurinstelling (voor koudere temperaturen) 6 indicatie voor ingeschakelde FROSTMATIC-functie (geel)• FROSTMATIC voor snel invriezen in het vriesvak 7 toets FROSTMATIC 8 indicatie voor ingeschakelde COOLMATIC-functie (geel)• COOLMATIC voor intensief koelen in de koelruimte 9 toets COOLMATICToetsen voor temperatuurinstellingDe temperatuur wordt ingesteld via de toetsen „+“ (WARMER) en „-“ (KOUDER).De toetsen staan in verbinding met de temperatuurindicatie.• Door te drukken op één van de twee toetsen „+“ (WARMER) of „-“ (KOUDER) wordt de temperatuurindicatie van de WERKELIJKE temperatuur (temperatuurindicatie brandt) op de GEWENSTE tempe-ratuur (temperatuurindicatie knippert) omgeschakeld.
12GEWENSTE temperatuur betekent: De temperatuur die in de koelruimte moet heersen. De GEWENSTE tem-peratuur wordt met knipperende cijfers aangegeven.WERKELIJKE temperatuur betekent: De temperatuurindicatie geeft de temperatuur aan die op dat moment werkelijk in de koelruimte heerst. De WERKELIJKE temperatuur wordt met brandende cijfers aangegeven.TemperatuurindicatieDe temperatuurindicatie kan meerdere soorten informa-tie aangeven.• Bij normaal gebruik wordt de temperatuur aangegeven die op dat moment in de koelruimte heerst (WERKELIJKE temperatuur). • Tijdens de temperatuurinstelling wordt knipperend de op dat moment ingestelde koelruimtetemperatuur aangegeven (GEWENSTE tempera-tuur). Voor ingebruikneming0 1. Het interieur van het apparaat en alle accessoires schoonmaken voor het eerste gebruik (zie Hoofdstuk “Reiniging en Onderhoud”).In gebruik nemen - temperatuur instellen0 1.
133Uit voedingswetenschappelijk standpunt is +5 °C voor de koelruimte koud genoeg als bewaartemperatuur.5. Als na het instellen van de temperatuur de toetsen niet meer worden ingedrukt, schakelt de temperatuurindicatie na korte tijd (ca. 5 secon-den) om en geeft weer de WERKELIJKE temperatuur aan die op dat moment in de koelruimte heerst. De indicatie gaat van knipperen naar constant branden.De compressor start en loopt dan automatisch.Aanwijzing: als de instelling veranderd wordt, start de compressor niet direct als op dat ogenblik automatisch wordt ontdooid.3Omdat de bewaartemperatuur in de koelruimte snel wordt bereikt, kunt u direct na het inschakelen levensmiddelen in de koelruimte leggen. Belangrijk! Wacht met het opbergen van diepvriesartikelen tot de tem-peratuur in het vriesvak -18 °C bereikt heeft.
COOLMATIC/FROSTMATICFROSTMATICCOOLMATIC-toetsDe COOLMATIC-functie is geschikt voor het snel afkoelen van grotere hoeveelheden in de koelruimte, bijv. dranken, salades ter gelegenheid van een feestje.0 1. Door te drukken op de COOLMATIC toets wordt de COOLMATIC-functie ingeschakeld. Het gele lampje gaat branden. De COOLMATIC-functie zorgt nu voor intensief koelen. Daarbij wordt automatisch een GEWENSTE temperatuur van +2 °C ingesteld. Na ver-loop van 6 uur wordt de COOLMATIC-functie automatisch beëindigd. Het gele lampje gaat uit. De oorspronkelijk ingestelde GEWENSTE tem-peratuur geldt dan weer en de temperatuurindicatie geeft weer de temperatuur aan die op dat moment in de koelruimte heerst.2. Door opnieuw op de COOLMATIC toets te drukken kan de COOLMATIC-functie te allen tijde handmatig beëindigd worden. Het gele lampje gaat uit.
14FROSTMATIC-toetsDe FROSTMATIC-functie versnelt het invriezen van verse levensmiddelen en beschermt tegelijkertijd de reeds ingevroren waren tegen ongewenste verwarming.0 1. Door te drukken op de FROSTMATIC toets wordt de FROSTMATIC-func-tie ingeschakeld. Het gele lampje gaat branden.Als de FROSTMATIC-functie niet handmatig beëindigd wordt, schakelt de elektronica van het apparaat de FROSTMATIC-functie na 48 uur uit. Het gele lampje gaat uit.2. Door opnieuw op de FROSTMATIC toets te drukken kan de FROSTMA-TIC-functie te allen tijde handmatig beëindigd worden. Het gele lampje gaat uit.3Als de FROSTMATIC-functie is ingeschakeld, kan de WERKELIJKE tempe-ratuur in de koelruimte iets dalen. Na uitschakelen van de FROSTMA-TIC-functie heerst de gekozen GEWENSTE temperatuur weer.3Attentie: de functies COOLMATIC en FROSTMATIC kunnen niet tegelijk worden ingeschakeld.
Als de COOLMATIC- of FROSTMATIC-functie is ingeschakeld, kan de temperatuurinstelling niet worden gewijzigd.Apparaat uitschakelenOm uit te schakelen toets AAN/UIT ca. 5 seconden ingedrukt houden. In de temperatuurindicatie begint een "count down", daarbij wordt van "3" naar "1" teruggeteld. Na bereiken van "1" schakelt de koelruimte uit. De temperatuurindicatie gaat uit.Aanwijzing:De instelling van het apparaat kan niet veranderd worden, als de stek-ker uit het stopcontact getrokken is of als er anderszins geen elektrici-teit aanwezig is. Na aansluiting op het elektriciteitsnet start het apparaat weer op de stand waar het voor de stroomonderbreking op stond.Als het apparaat gedurende langere tijd niet gebruikt wordt:0 1. Apparaat uitschakelen door toets AAN/UIT in te drukken tot de indica-tie uitgaat (zie boven).2. Stekker uit het stopcontact halen of zekering uitschakelen, er resp.
15BinnenuitrustingLegvlakkenHet apparaat is voorzien van glas legvlakken.Het legvlak van glas boven de groente- en fruitbakken moet altijd op die plaats blijven liggen, opdat groente en fruit langer vers blijven.De overige legvlakken zijn in hoogte verstelbaar:0 1. Daartoe de legvlak zover naar voren trekken tot hij naar boven of onderen bewogen kan worden en eruit gehaald kan worden.2. Om de legvlakken op een andere hoogte te zetten in omgekeerde volgorde te werk gaan.Plaatsen van grote verpakkingen:0 1. De voorste helft van de tweede-lige legvlak eruit halen en op een andere hoogte erin schuiven. Hierdoor wordt ruimte gewon-nen om op de daaronder gelegen legvlak grote verpakkingen te plaatsen.Variabele binnendeurNaargelang de behoefte kunnen de deurvakbodems er naar boven uit-genomen worden en op andere plaatsen gezet worden.
Binnenuitrusting16VochtigheidsregelingVoor het legvlak boven de groente- en fruitbakken bevindt zich bij enkele modellen een verstelbaar ventilatierooster. De opening van de ventilatiesleuven kan m.b.v. een schuifje traploos geregeld worden.Schuifje rechts: ventilatiesleuven geopend.Schuifje links: ventilatiesleuven gesloten.Als de ventilatiesleuven open zijn, heerst t.g.v. sterkere luchtcircula-tie een laag luchtvochtigheidsge-halte in de groente- en fruitbakken. Als de ventilatiesleuven dicht zijn, blijft het natuurlijke vochtigheidsge-halte van de levensmiddelen in de groente- en fruitbakken langer behouden.Variabele box(niet bij alle modellen, uitvoering afhankelijk van model)Sommige modellen hebben een variabele box dat naar de zijkant ver-schoven kan worden en onder een deurvak is aangebracht. De box kan onder ieder deurvak worden aangebracht.0 1.
Voor het omzetten het deurvak met de variabele box naar boven uit de houders in de deur tillen en de beugel uit de geleider onder het deurvak uitnemen.2. Inzetten op een andere hoogte geschiedt in omgekeerde volgorde.
Binnenuitrusting17De variabele box kan in de koel-ruimte aan de zijkant van een leg-vlak gehangen worden: 0 1. Trek daartoe het legvlak zo ver naar voren tot het naar boven of naar beneden weggedraaid en er uit gehaald kan worden. 2. De beugel aan het verloop van het legvlak hangen en het vak weer in de geleidingen schuiven.Flessenhouder(niet bij alle modellen)Bij enkele modellen bevindt zich in het flessenvak een flessenhouder. Hij dient als bescherming tegen het omvallen van losse flessen en kan aan de zijkant verschoven worden worden.
18Juist opslaanIn de koelruimte heersen, fysisch bepaald, diverse temperaturen. De laag-ste temperatuur bevindt zich op de onderste planken. Warmer is het op de bovenste planken en de vakken in de deur. Waar in de koelruimte de juiste temperatuur heerst voor de diverse soorten levensmiddelen laat het voor-beeld hiernaast zien. Tip: Levensmiddel dienen altijd afgedekt of verpakt in de koelruimte gezet te worden om uitdrogen en geur- of smaakoverdracht op andere artikelen te voorkomen.Voor het verpakken zijn geschikt:– Vershoudzakken en -folien van polye-thyleen;– Plastic dozen met deksel;– Speciale kappen van plastic met elas-tieken band;– aluminiumfolie.Invriezen en bewarenAttentie!
• Voor het invriezen van levensmiddelen alsmede voor het opslaan van reeds bevroren diepvriesartikelen dient de temperatuur in het vries-vak –18 °C of lager te zijn.• Let op het invriesvermogen op het merk- en type-aanduidingsplaatje. Het invriesvermogen is de maximale hoeveelheid verse producten die binnen 24 uur ingevroren kan worden. Neem slechts 2/3 tot 3/4 van de hoeveelheid die aangegeven staat op het typeplaatje als er gedu-rende meerdere dagen achter elkaar ingevroren wordt.• Eenmaal ontdooide levensmiddelen zonder verdere verwerking (bereiden tot panklare gerechten) in geen geval een tweede keer invriezen.• Let op de bewaartijd resp. houdbaarheidsdatum van de diepvriespro-ducten.
Invriezen en bewaren19• Warme levensmiddelen voor het invriezen laten afkoelen. De warmte leidt tot verhoogde ijsvorming en verhoogt het energieverbruik. • Niet te grote hoeveelheden tegelijk invriezen. De kwaliteit is beter, als de levensmiddelen snel tot in de kern bevriezen. 0 1. Voor gebruik van de maximale invriesmogelijkheid de FROSTMATIC toets 24 uur - bij kleinere hoeveelheden zijn 4 tot 6 uur voldoende - voor het invriezen indrukken. Het gele lampje gaat branden. 3De FROSTMATIC toets behoeft niet ingedrukt te worden bij kleine in te vriezen hoeveelheden. 2. Alle levensmiddelen voor het invriezen luchtdicht verpakken, zodat ze niet uitdrogen, de smaak niet verloren gaat en de smaak niet op andere diepvriesproducten overgebracht wordt. Voorzichtig. Diepvriesartikelen niet met natte handen aanraken. De handen kunnen daaraan vast vriezen. 3.
De verpakte levensmiddelen op de bodem van het vriesvak leggen. Niet-bevroren artikelen mogen niet in aanraking komen met reeds bevroren waren omdat anders de bevroren artikelen ontdooien kunnen. 4. Sluit de vriesvakdeur. 3De elektronica van het apparaat schakelt de FROSTMATIC-functie na 48 uur automatisch uit. Het gele lampje gaat uit. U kunt de FROSTMA-TIC-functie ook handmatig beëindigen door nog een keer op de FROST-MATIC toets te drukken. 3Als de FROSTMATIC-functie is ingeschakeld, kan de WERKELIJKE tempe-ratuur in de koelruimte iets dalen. Na uitschakelen van de FROSTMA-TIC-functie heerst de gekozen GEWENSTE temperatuur weer. Tips:• Geschikt voor het verpakken van diepvriesproducten zijn:– diepvrieszakken en -folie van polyethyleen;– speciale diepvriesdozen;– aluminiumfolie, extra sterk. • Voor het sluiten van zakken en folies zijn geschikt:plastic klemmen, elastiekjes of plakband.
• Voor het sluiten de lucht uit de zakjes en folies strijken omdat lucht het uitdrogen van bevroren artikelen bevordert. • Maak platte pakjes, deze bevriezen sneller.
Gebruik daarvoor een lepelsteel of iets dergelijks.OntdooienDe koelruimte wordt automatisch ontdooidDe achterwand van de koelruimte wordt met rijp bedekt als de com-pressor loopt en ontdooit weer als de compressor stilstaat.Het dooiwater wordt in het afvoergootje aan de achterwand van de koelruimte opgevangen, door het afvoergat naar een bakje aan de motorkompressor gevoerd en verdampt daar.Het dooiwaterafvoergat moet regelmatig worden gereinigd (zie hoofd-stuk "Reiniging en onderhoud").Vriesvak ontdooienAls het apparaat aanstaat en tijdens het openen van de deur van het vriesvak slaat vocht als rijp neer in het vriesvak. Verwijder deze rijp van tijd tot tijd met een zachte plastic schaaf, bijv. een deegkrabber. Gebruik in geen geval harde of spitse voorwerpen.Het apparaat dient in ieder geval ontdooid te worden als de rijplaag ca. 4 mm dik is: echter minimaal eenmaal per jaar.
Een geschikt moment voor het ontdooien is als het apparaat leeg is of als er nog maar weinig artikelen in liggen.1 Waarschuwing! • Geen electrische verwarmingsapparaten en andere mechanische of kunstmatige hulpmiddelen gebruiken om het ontdooien te versnellen, met uitzondering van die die in deze gebruiksaanwijzing aanbevolen worden.• Geen ontdooisprays gebruiken, deze kunnen gevaarlijk voor de gezondheid zijn en/of stoffen bevatten die plastic aantasten.
21Voorzichtig! Niet met natte handen aan bevroren artikelen komen. De handen kunnen daaraan vastvriezen.0 1. Enkele uren vóór het ontdooien de FROSTMATIC-functie inschakelen om te zorgen voor een koudereserve in de diepvriesproducten.2. Diepvriesproducten uit het apparaat nemen, in enkele lagen krantenpa-pier wikkelen en op een koele plaats bewaren.3. Apparaat uitzetten en de stekker uit het stopcontact halen of de zeke-ring uitschakelen c.q. er uitdraaien.4. Afluitstopje uir de dooiwateruit-loop verwijderen. Bakje eronder zetten om het dooiwater op te vangen.Attentie! Na het ontdooien de afsluitstop weer in de dooiwa-terafvoer zetten.Tip: Het ontdooien kan versneld worden door een pan met heet water in het vriesvak te zetten en de deur te sluiten. Verwijder stukken ijs die er afvallen voor ze geheel ontdooid zijn.5. Na het ontdooien apparaat incl.
accessoires grondig reinigen (zie hoof-dstuk "Reiniging en onderhoud"). 6. Levensmiddelen terugplaatsen en apparaat weer in gebruik nemen.7. Niet vergeten de FROSTMATIC-functie weer uit te schakelen.2 Tips om energie te besparen• Het apparaat niet in de buurt van kachels, verwarmingselementen of andere warmtebronnen plaatsen. Bij een hoge omgevingstempera-tuur werkt de compressor vaker en langer.• Zorgen voor voldoende be- en ontluchting aan de onderkant van het apparaat. Ventilatieopeningen nooit afdekken.• Geen warme spijzen in het apparaat zetten. Warme spijzen eerst laten afkoelen.• Deur slechts zo lang open laten als nodig is.• De temperatuur niet lager dan nodig instellen.• Diepvriesartikelen voor het ontdooien in de koelruimte leggen. De koude in de diepvriesartikelen wordt zo voor koeling van de koel-ruimte gebruikt.
22Reiniging en onderhoudOm hygiënische redenen dient het apparaat aan de binnenkant met toebehoren geregeld gereinigd te worden.1 Waarschuwing! • Het apparaat mag tijden het schoonmaken niet op het electrici-teitsnet aangesloten zijn. Gevaar voor schokken! Zet voor het schoonmaken het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact of schakel c.q. draai de zekering er uit.• Het apparaat nooit met stoomreinigingsapparaten schoonmaken. Er kan vocht in de electrische onderdelen komen. Gevaar voor schokken!
Hete damp kan kunstoffen onderdelen beschadigen.• Het apparaat dient droog te zijn voordat het weer in gebruik geno-men wordt.Let op!• Etherische oliën en organische oplosmiddelen kunnen kunststof onderdelen aantasten, bijv.– Sap van citroen– of sinaasappelschillen;– boterzuur;– Schoonmaakmiddelen die azijnzuren bevatten.Dergelijke substanties niet in contact brengen met apparaatonder-delen.• Geen schurende schoonmaakmiddelen gebruiken.0 1. Koel– en diepvriesartikelen er uit halen. Diepvriesartikelen in meerdere lagen kranten verpakken. Alles afgedekt op een koele plaats leggen.2. Vriesvak voor het schoonmaken ontdooien (zie hoofdstuk “Ontdooien”).3. Apparaat uitzetten en de stekker uit het stopcontact halen of de zeke-ring uitschakelen c.q. er uitdraaien.4. Apparaat en interieur met een doek en lauwwarm water schoonmaken. Eventueel een beetje normaal afwasmiddel gebruiken.5.
Daarna met schoon water afnemen en droogmaken.6. Het dooiwaterafvoergat aan de ach-terzijde van de koelruimte schoon-maken m.b.v. de in het afvoergat geplaatste groene reinigingsstift.7. Als alles droog is, de levensmiddelen er weer in doen en het apparaat weer in bedrijf nemen.
23Wat te doen als ...Hulp bij storingenHet kan bij een storing om kleine defecten gaan die zelf aan de hand van de volgende aanwijzingen opgelost kunnen worden. Voer zelf geen verdere werkzaamheden uit als de volgende informatie in concrete gevallen niet verder helpen.1 Waarschuwing! Reparaties aan het koelapparaat mogen alleen door geschoold personeel uitgevoerd worden. Door ondeskundige reparaties kunnen grote gevaren ontstaan voor de gebruiker. Wendt U bij repara-tie tot Uw vakhandel of onze klantendienst.Storing Mogelijke oorzaken VerhelpenApparaat werkt niet.Apparaat is niet aangezet. Apparaat aanzetten.Stekker zit niet in het stop-contact of zit los.Stekker in stopcontact ste-ken.Zekering is los of kapot. Zekering controleren, eventueel vernieuwen.Stopcontact is kapot.Storingen in het lichtnet door Uw electrovakman laten verhelpen.Apparaat koelt te sterk.
Temperatuur is te laag ingesteld.Tenmperatuurregelaar tij-delijk op een hogere stand zetten.De levensmiddelen zijn te warm.Temperatuur is niet juist ingesteld.Zie hoofdstuk “In gebruik nemen - temperatuur instellen”Deur heeft te lang openge-staan.Deur slechts zo lang open laten als nodig is.In de laatste 24 uur zijn grotere hoeveelheden warme levensmiddelen opgeslagen.Temperatuurregelaar op een koudere stand zetten.Het apparaat staat naast een warmtebron.Zie hoofdstuk “Opstel-plaats”.Binnenverlichting werkt niet. Lamp is kapot. Zie hoofdstuk “Lamp ver-wisselen”.Water op de bodem van de koelruimte of op de planken.Ontdooiwaterafvoer is ver-stopt.Zie hoofdstuk “Reiniging en Onderhoud”.
Wat te doen als ...24Lamp verwisselen1 Waarschuwing! Gevaar voor electrische schok! Voor het verwisselen van de lamp het apparaat uitzetten en de stekker uit het stopcontact trekken of de zekering uitschakelen c.q. eruit draaien.Gegevens van de lamp: 220-240 V, max. 15 W resp. 25 W (afhankelijk van model; let op de opdruk op de transparante afdekking), fitting: E 140 1. Om het apparaat uit te schakelen toets KOELEN AAN/UIT indrukken, tot de netcontrole-indicatie uitgaat.2. Stekker uit het stopcontact trekken.3. Om de lamp te verwisselen kruiskop-schroef uitdraaien, volgens de afbeel-ding (pijl) boven op de lampafdekking drukken en lampafdekking naar ach-teren losnemen.4. Defecte lamp verwisselen.5.
Lampafdekking er weer opplaatsen en de kruiskopschroef aandraaien.Sterke rijpvorming in het apparaat, eventueel ook aan de deurafdichting.Deurafdichting is lek (eventueel na het verwisse-len van de deuraanslag).Op de ondichte plaatsen de deurafdichting voorzichtig met een haardroger ver-warmen (niet heter dan ca. 50 °C). Tegelijkertijd de verwarmde deurafdichting met de hand zo in vorm trekken dat hij weer hele-maal sluit.Na het wijzigen van de temperatuurinstelling start de compressor niet direct.Dit is normaal, het betreft geen storing.De compressor start na enige tijd automatisch.Temperatuurinstelling niet mogelijkCOOLMATIC- of FROSTMA-TIC-functie ingeschakeld.COOLMATIC of FROSTMA-TIC met de hand uitschake-len of met de temperatuurinstelling wachten, tot de functie automatisch is uitgescha-keld (zie ook hoofdstuk COOLMATIC/FROSTMATIC).Storing Mogelijke oorzaken Verhelpen
25Geluiden als apparaat in bedrijf isDe volgende geluiden zijn karakteristiek voor koelapparaten:• Klikken Altijd als de compressor in- of uitgeschakeld wordt, is een klikgeluid te horen.• Zoemen Zodra de compressor werkt, is een zoemgeluid te horen.• Borrelen/Kabbelen Als koelvloeistof door dunne buisjes stroomt, is een borrelend of kab-belend geluid te horen. Ook na het uitschakelen van de compressor is dit geluid nog korte tijd te horen. Doel, Normen, RichtlijnenHet koelapparaat is voor huishoudelijk gebruik bestemd en is met inachtneming van de voor deze apparaten geldende normen gemaakt.
Bij de fabricage zijn speciaal die maatregelen genomen die vereist zijn volgens het Duitse Gerätesicherheitsgesetz (GSG), het Duitse Unfallver-hütungsvorschrift für Kälteanlagen (VBG 20) en de bepalingen van het Verband Deutscher Elektrotechniker (VDE).De koudecirculatie is op dichtheid getest.; Dit apparaat voldoet aan de volgende EG-richtlijnen:– 73/23/EWG van 19.2.1973 - Laagspanningsrichtlijn– 89/336/EWG van 3.5.1989 (met inbegrip van Wijzigingsrichtlijn 92/31/EWG) - EMV-richtlijn – 94/2/EG van 21. 01. 1994 - richtlijn voor energie-etikettering– 96/57 EG van 3. 9. 1996 - Vereiste met betrekking tot de energie-efficiëntie van elektrische huishoudelijke koel- en vriesapparaten en de betreffende combinaties.
26Vaktermen• KoelmiddelenVloeistoffen die gebruikt worden voor het opwekken van koude noemt men koelmiddelen. Ze hebben een in verhouding laag kook-punt, zo laag dat de warmte van de in het koude-apparaat opgesla-gen levensmiddelen het koelmiddel tot koken c.q. verdampen brengt.• KoelmiddelcircuitGesloten circuit waarin het koelmiddel zich bevindt. Het koelmiddel-circuit bestaat in principe uit verdamper, compressor, condensor als-mede leidingen.• VerdamperIn de verdamper verdampt het koelmiddel. Zoals alle vloeistoffen heeft een koelmiddel warmte nodig om te verdampen. Deze warmte wordt aan het interieur van het apparaat onttrokken dat daardoor afkoelt. Daarom zit de verdamper in het apparaat direct achter de binnenwand en daardoor niet zichtbaar.• CompressorDe compressor lijkt op een klein tonnetje.
Hij wordt door een inge-bouwde electromotor aangedreven en zit achter de sokkel van het apparaat. Het is de taak van de compressor dampvormig koelmiddel uit de verdamper weg te halen, te verdichten en naar de condensor te leiden.• CondensorDe condensor heeft meestal de vorm van een hek. In de condensor wordt het door de compressor verdichte koelmiddel gecondenseerd. Daarbij komt warmte vrij die via de oppervlakte van de condensor aan de omgevingslucht afgegeven wordt. De condensor is aan de onderkant van het apparaat aangebracht.
27KlantenserviceAls bij een storing geen oplossing in deze gebruiksaanwijzing gevonden kan worden, gelieve men zich tot de handelaar of tot onze klantenser-vice te wenden. Adressen en telefoonnummers staan in bijgevoegde boekje "Garantievoorwaarden/Klantendienst".Een gerichte onderdeelvoorbereiding kan onnodige moeite en kosten besparen. Vermeld daarom de volgende gegevens van het apparaat:Deze gegevens staan op het merk- en type-aanduidingsplaatje aan de binnenkant van het apparaat. Aanbevolen wordt deze gegevens hier in te vullen om ze snel bij de hand te hebben.Aanwijzing: Voor het ten onrechte contact opnemen met de klanten-dienst tijdens de garantieperiode worden kosten berekend. • Modelnaam• Productnummer (PNC)• Productienummer (S-No.)
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met AEG Santo K98840I stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Koelkast AEG
Handleiding Koelkast
Nieuwste handleidingen voor Koelkast