AEG NSF6D181DC Handleiding

AEG Koelkast NSF6D181DC

Bekijk gratis de handleiding van AEG NSF6D181DC (52 pagina’s), behorend tot de categorie Koelkast. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 69 mensen. Heb je een vraag over AEG NSF6D181DC of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/52
aeg.com/register
NSF6D181DC
NLGebruiksaanwijzing | Koelkast3
FRNotice d'utilisation | Réfrigérateur18
DEBenutzerinformation | Kühlschrank33
aeg.com\register

Beoordeel deze handleiding


Product specificaties

Merk: AEG
Categorie: Koelkast
Model: NSF6D181DC

Handleiding AEG NSF6D181DC – volledige tekst

Welkom bij AEG. Hartelijk dank dat je voor onze apparatuur hebtgekozen. Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, service- en reparatie-informatie:www. aeg. com/supportWijzigingen voorbehouden. INHOUDSOPGAVE1. VEILIGHEIDSINFORMATIE. 32. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN. 53. BEDIENINGSPANEEL. 84. DAGELIJKS GEBRUIK. 95. TIPS EN ADVIES. 116. ONDERHOUD EN REINIGING. 127. PROBLEEMOPLOSSING. 138. TECHNISCHE GEGEVENS. 169. INFORMATIE VOOR TESTINSTITUTEN. 1710. MILIEUBESCHERMING. 171. VEILIGHEIDSINFORMATIELees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatieen gebruik van het apparaat. De fabrikant is nietverantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeituit de onjuiste installatie of het onjuiste gebruik. Bewaar deinstructies altijd op een veilige, toegankelijke plek voortoekomstig gebruik. 1.

1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare personen• Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaaren ouder en door mensen met een beperkt lichamelijk,zintuiglijk of verstandelijk vermogen of een gebrek aanervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan ofinstructies hebben gekregen over het veilig gebruiken vanhet apparaat en indien zij de gevaren begrijpen. Kinderen inde leeftijd van 3 tot 8 jaar en personen met zeer uitgebreideen complexe beperkingen mogen het apparaat in- enuitladen op voorwaarde dat ze de juiste instructies hebbenNEDERLANDS 3.

• Bescherm de vloer tegen krassen bij hetomdraaien van de deur van het apparaat. • Het apparaat bevat een zakjedroogmiddel. Dit is geen speelgoed. Dit isgeen levensmiddel. Gooi het onmiddellijkweg. 2. 2 Elektrische aansluitingWAARSCHUWING. Gevaar voor brand en elektrischeschokken. WAARSCHUWING. Zorg er bij het plaatsen van het apparaatvoor dat het stroomsnoer niet klem zit ofwordt beschadigd. WAARSCHUWING. Gebruik geen adapters met meerderestekkers en verlengkabels. • Zorg ervoor dat de parameters op hetvermogensplaatje overeenkomen metelektrische vermogen van de netstroom. • Dit apparaat moet worden aangesloten opeen geaard stopcontact. • Gebruik altijd een juist geïnstalleerdschokbestendig stopcontact. • Als het stopcontact voor huishoudelijkgebruik niet geaard is, sluit je het apparaataan op een aparte aarding inovereenstemming met de huidigevoorschriften.

Raadpleeg hiervoor eengekwalificeerde elektricien. • Zorg ervoor dat de elektrische onderdelen(bijv. stekker, netsnoer, compressor) nietbeschadigd raken. Neem contact met deBevoegde Servicedienst of een elektricienom de elektrische onderdelen te wijzigen. • Het netsnoer moet onder het niveau vande stekker blijven. • Steek de stekker pas in het stopcontactals de installatie is voltooid. Zorg ervoordat het netsnoer na installatie bereikbaaris. • Trek niet aan het netsnoer om hetapparaat los te koppelen. Trek altijd aande stekker. 2. 3 GebruikWAARSCHUWING. Gevaar voor letsel, brandwonden ofelektrische schokken. Het apparaat bevat ontvlambaar gas,isobutaan (R600a), een aardgas met eenhoge ecologische compatibiliteit. Zorg ervoordat u het koelcircuit dat isobutaan bevat, nietbeschadigt. • De specificatie van dit apparaat nietwijzigen.

• Elk gebruik van het ingebouwde productals vrijstaand product is ten strengsteverboden. • Dit apparaat is bedoeld voor gebruik bijeen omgevingstemperatuur variërend van10°C tot 38°C.

De juiste werking van hetapparaat kan alleen worden gegarandeerdbinnen het gespecificeerdetemperatuurbereik. • Zet geen elektrische apparaten (bijv. ijsvormers) in het apparaat, tenzij dit vantoepassing is op de fabrikant. • Als er schade optreedt aan het koelcircuit,zorg er dan voor dat er geen vlammen enontstekingsbronnen in de kamer aanwezigzijn. Ventileer de kamer. • Laat geen hete voorwerpen de kunststofonderdelen van het apparaat aanraken. • Zet geen frisdranken in het vriesvak. Hierdoor ontstaat er druk op dedrankverpakking. • Bewaar geen ontvlambare gassen envloeistoffen in het apparaat. • Plaats geen ontvlambare producten ofartikelen die vochtig zijn met ontvlambareproducten in, bij of op het apparaat. • Raak de compressor of de condensatorniet aan. Ze zijn heet. • Verwijder of raak geen voorwerpen uit hetvriesvak als je handen nat of vochtig zijn.

• Vries voedsel dat ontdooid is niet opnieuwin. • Bewaar de voedingswaren volgens deinstructies op de verpakking. • Wikkel het voedsel in eender welkcontactmateriaal voor voedsel alvorenshet in het vriesvak te plaatsen. 6 NEDERLANDS.

• Zorg dat er geen voedsel in contact komtmet de binnenwanden van decompartimenten van het apparaat. 2. 4 BinnenverlichtingWAARSCHUWING. Gevaar voor elektrische schokken. • Dit product bevat een of meer lichtbronnenvan energie-efficiëntieklasse F. • Met betrekking tot de lamp(en) in ditproduct en reservelampen die afzonderlijkworden verkocht: Deze lampen zijnbedoeld om bestand te zijn tegen extremefysieke omstandigheden in huishoudelijkeapparaten, zoals temperatuur, trillingen,vochtigheid, of zijn bedoeld om informatiete geven over de operationele status vanhet apparaat. Ze zijn niet bedoeld voorgebruik in andere toepassingen en zijnniet geschikt voor verlichting inhuishoudelijke ruimten. 2. 5 Onderhoud en reinigenWAARSCHUWING. Gevaar voor letsel of schade aan hetapparaat. • Schakel het apparaat uit en trek destekker uit het stopcontact voordat jeonderhoudshandelingen verricht.

• Dit apparaat bevat koolwaterstoffen in dekoelunit. Alleen een gekwalificeerdpersoon mag het apparaat onderhoudenen bijvullen. • Controleer regelmatig de afvoer van hetapparaat en reinig deze, zo nodig. Als deafvoer geblokkeerd is, hoopt er zich op debodem van het apparaat water op. 2. 6 Service• Neem contact op met de erkendeservicedienst voor reparatie van hetapparaat. Gebruik alleen originelereserveonderdelen. • Houd er rekening mee dat zelfreparatie ofniet-professionele reparatie gevolgen kanhebben voor de veiligheid en de garantiekan doen vervallen. • De volgende reserveonderdelen zullengedurende 7 jaar nadat het model nietmeer verkrijgbaar is leverbaar zijn:thermostaten, temperatuursensoren,printplaten, lichtbronnen, deurgrepen,deurscharnieren, laden en mandjes. Deurpakkingen zijn beschikbaar tot 10 jaarnadat het model uit de handel is genomen.

• Houd er rekening mee dat sommige vandeze reserveonderdelen alleenbeschikbaar zijn voor professionelereparateurs en dat niet allereserveonderdelen relevant zijn voor allemodellen. 2. 7 VerwijderingWAARSCHUWING. Gevaar voor letsel of verstikking. • Haal de stekker uit het stopcontact. • Snij het netsnoer van het apparaat af engooi dit weg. • Verwijder de deur om te voorkomen datkinderen en huisdieren opgesloten rakenin het apparaat. • Het koelcircuit en de isolatiematerialenvan dit apparaat zijn ozonvriendelijk. • Het isolatieschuim bevat ontvlambaregassen. Neem contact met uw plaatselijkeoverheid voor informatie m. b. t. correcteafvalverwerking van het apparaat. • Veroorzaak geen schade aan het deel vande koeleenheid dat zich naast dewarmtewisselaar bevindt. NEDERLANDS 7.

3. BEDIENINGSPANEELMIN MAX432 511Knop koelvak /Knop Apparaat AAN/UIT2Temperatuurindicatoren koelkast3Knop vriesvakExtra Freeze-toets4Extra Freeze-indicatielampje5Temperatuurindicatoren vriesvak3. 1 In-/uitschakelenInschakelen1. Steek de stekker in het stopcontact. 2. Houd de AAN/UIT-toets van het apparaatingedrukt. Temperatuurindicatoren tonen de ingesteldestandaardtemperatuur. Uitschakelen1. Houd de AAN/UIT-toets van het apparaatingedrukt. Temperatuurindicatoren gaanuit. 2. Neem de stekker uit het stopcontact. 3. 2 TemperatuurregelingHet is niet mogelijk om de temperatuur inte stellen wanneer de Extra Freeze-functie is ingeschakeld. Stel de temperatuur van het apparaat in doorop de knop van het koelvak of de knop vanhet vriesvak te tikken. Temperatuurindicatoren geven het ingesteldetemperatuurniveau aan. Het temperatuurbereik kan variëren tussen2°C en 8°C (aanbevolen 4°C).

Het ECO-indicatielampje gaat brandenwanneer de aanbevolen temperatuur isingesteld. De ingestelde temperatuur wordt binnen24 u bereikt. Na een stroomstoring herstelt hetapparaat de ingestelde temperaturen. 3. 3 Extra Freeze -functieDe Extra Freeze-functie wordt gebruikt om inhet vriesvak achtereenvolgens voor tevriezen en snel in te vriezen. Deze functieversnelt het invriezen van verse etenswarenen beschermt de etenswaren die al in devriesruimte aanwezig zijn tegen opwarmen. Activeer minstens 24 u van te voren defunctie Extra Freeze om verseetenswaren in te vriezen voordat je deetenswaren in de vriesruimte plaatst. Om de Extra Freeze-functie te activeren,houdt u de knop van het vriesvak ingedrukt. Het Extra Freeze controlelampje licht op. Deze functie stopt na maximaal 52 u. Druk op de knop van de vriesruimte om defunctie uit te schakelen.

Het Extra Freeze -indicatielampje wordt uitgeschakeld. 3. 4 Hoge temperatuur-alarmWanneer de temperatuur in de vriesruimtetoeneemt, knipperen de eerste en derdeindicatielampjes van de vriezertemperatuuren klinkt het akoestische alarm.

Na 1 u start het alarm opnieuw totdat denormale omstandigheden zijn hersteld.Als je niet op een knop drukt, wordt hetakoestische alarm na ongeveer 1 uuitgeschakeld.3.5 Deur open-alarmAls de deur van de koelkast ongeveer 5 mingeopend blijft, knipperen detemperatuurlampjes van de koelkast en klinkthet akoestische alarm.Druk op een willekeurige knop om hetakoestische alarm uit te schakelen. Hetakoestische alarm wordt na 1 uuitgeschakeld.Het alarm stopt als de deur wordt gesloten.4. DAGELIJKS GEBRUIK4.1 Plaatsen van deurschappenMet de deurgeleiders kunnen de schappenworden herschikt.Plaatsen van de deurschappen/-doosjes:1. Verplaats het schap/bak in de richting vande pijlen.2. Plaats het schap/bak op de gewenstepositie en steek het voorzichtig in degroef.1124.2 Verplaatsbare legrekkenDe wanden van de koelkast zijn voorzien vangeleiders.

U kunt de positie van de plankenwijzigen.Dit apparaat is uitgerust met een flexibelschap. De voorste helft van het schap kanonder de tweede helft worden geplaatst:1. Haal de voorste helft er voorzichtig uit.2. Schuif het in de onderliggende geleideren onder de andere helft.12Verplaats de glazen plaat boven degroentelade niet, om de juisteluchtcirculatie te garanderen.4.3 Verwijderen ExtraZone1. Houd de lade samen met de glazenafdekking van het ExtraZone en trek dezenaar u toe.2. Kantel de module naar beneden om dezeuit de koelkast te verwijderen.NEDERLANDS 9

4.4 GroenteladeDe lade is geschikt voor het bewaren vangroenten en fruit.De lade verwijderen:1. Trek de lade eruit en til hem op.2. Duw de rails in de kast.Om weer in elkaar te zetten:1. Trek de rails eruit.2. Plaats het achterste deel van de lade (1)op de rails.213. Houd de voorkant van de lade (2)omhoog terwijl u de lade naar binnenduwt.4. Druk het voorste deel van de lade naarbeneden.5. Trek de lade er weer uit en controleer ofdeze correct op zowel de achterste als devoorste haken is geplaatst.4.5 VentilatorDe koelruimte is voorzien van een ventilatordie snelle koeling van voedsel mogelijk maakten zorgt voor een gelijkmatige temperatuur inhet vak.De ventilator wordt automatisch geactiveerdwanneer dat nodig is.De ventilator werkt alleen als de deurgesloten is.Verwijder het deksel van de ventilatorniet.10 NEDERLANDS

4. 6 Vers voedsel invriezenGebruik het vriesvak voor het invriezen vanvers voedsel en voor het gedurende eenlange periode bewaren van ingevroren endiepgevroren voedsel. Activeer de Extra Freeze-functie ten minste24 u voordat u het in te vriezen voedsel in hetvriesvak legt. Overschrijd niet de maximale hoeveelheidvoedsel die kan worden ingevroren zonderbinnen 24 u ander vers voedsel toe te voegen(zie het typeplaatje). Wanneer het invriesproces is voltooid, keerthet apparaat automatisch terug naar devorige temperatuurinstelling (zie "ExtraFreeze-functie"). Raadpleeg voor meer informatie "Tips voorhet invriezen". 4. 7 Het bewaren van ingevrorenvoedselWanneer u het apparaat voor het eerst of naeen periode dat het niet is gebruiktinschakelt, moet u de Extra Freeze functieten minste activeren 3 u voordat u deproducten in het vriesvak plaatst. LET OP.

Als de stroom langer uitstaat dan dewaarde die op het typeplaatje staatvermeld onder "stijgtijd", moet hetontdooide voedsel onmiddellijk wordengeconsumeerd. Zie "Hoge temperatuur-alarm". 5. TIPS EN ADVIES5. 1 Tips voor energiebesparing• Koelkast: Het meest efficiënteenergiegebruik is verzekerd in deconfiguratie waarbij de lades zich in hetonderste deel van het apparaat bevindenen de rekken gelijkmatig verdeeld zijn. Depositie van de deurbakken heeft geeninvloed op het energieverbruik. • Open de deur niet te vaak of laat deze nietlanger open staan dan noodzakelijk. • Vriezer: Hoe kouder detemperatuurinstelling, hoe hoger hetenergieverbruik. • Koelkast: Stel de temperatuur niet te hoogin om energie te besparen, tenzij dit nodigis vanwege het soort voedsel.

• Als de omgevingstemperatuur hoog is, detemperatuurregeling op een lagetemperatuur staat en het apparaat vollediggevuld is, kan de compressor continuaanstaan waardoor er ijs op de verdamperontstaat. Stel in dit geval detemperatuurregeling in op een hogeretemperatuur, om automatisch ontdooienmogelijk te maken en zo energie tebesparen.

• Dek de ventilatieroosters of -gaten niet af. 5. 2 Tips voor het invriezen• Vries flessen of blikjes niet in metvloeistoffen, met name dranken diekooldioxide bevatten. Ze kunnen tijdenshet invriezen exploderen. • Plaats geen warm voedsel in het vriesvak. • Plaats vers niet-bevroren voedsel nietdirect naast al ingevroren voedsel. • IJsblokjes, ingevroren water of waterijsjesniet meteen nadat ze uit de vriezer zijngehaald opeten om bevriezingen tevoorkomen. • Ontdooid voedsel niet opnieuw invriezen. 5. 3 Tips voor het bewaren vaningevroren voedsel• Het vriesvak is het vak gemarkeerd met. • Een goede temperatuurinstelling die deconservering van ingevroren voedselgarandeert is een temperatuur lager danof gelijk aan -18°C. • Een hogere temperatuurinstelling in hetapparaat kan leiden tot een korterehoudbaarheid. • Het hele vriesvak is geschikt voor deopslag van diepvriesproducten.

• Laat voldoende ruimte rond het voedselom de lucht vrij te laten circuleren. 5. 4 Houdbaarheid voorvriescompartimentSoort voedsel Houd‐baarheid(maan‐den)Brood 3Fruit (met uitzondering van citrusvruch‐ten)6 - 12Groenten 8 - 10Restjes zonder vlees 1 - 2Zuivelproducten:BoterZachte kaas (zoals mozzarella)Harde kaas (zoals Parmezaanse kaas,cheddar)6 - 93 - 46Vis/Zeevruchten:Vette vis (zoals zalm, makreel)Magere vis (zoals kabeljauw, bot)GarnalenGepelde mosselen en mosselenGekookte vis2 - 34 - 6123 - 41 - 2Vlees:GevogelteRundvleesVarkensvleesLamsvleesWorstHamRestjes met vlees9 - 126 - 124 - 66 - 91 - 21 - 22 - 35. 5 Tips voor het koelen vanvoedsel• Het vak voor vers voedsel is het vak metde markering (op het typeplaatje) met. • Een goede temperatuurinstelling die deconservering van vers voedsel garandeertis een temperatuur lager dan of gelijk aan+4°C.

• Gebruik altijd gesloten recipiënten voorvloeistoffen en voor voedsel, om smakenof geuren in het vak te voorkomen. • Om kruisbesmetting tussen gekookt enrauw voedsel te voorkomen, bedekt je hetgekookte voedsel en scheidt je het van hetrauwe. • Wikkel het vlees in en plaats het op deglazen plank boven de groentelade. • Ontdooi het voedsel in de koelkast. • Plaats geen warm voedsel in hetapparaat. • Reinig fruit en groenten en plaats ze ineen speciale lade (groentelade). • Bewaar geen exotisch fruit in de koelkast. • Bewaar geen groenten zoals tomaten,aardappelen, uien en knoflook in dekoelkast. • Sluit de flessen voordat u ze in dekoelkast plaatst. 6. ONDERHOUD EN REINIGINGWAARSCHUWING. Zie de hoofdstukken over veiligheid. 6. 1 Het reinigen van de binnenkantReinig vóór het eerste gebruik de binnenkanten alle accessoires met lauwwarm water enneutrale zeep en droog vervolgens af. LET OP.

De accessoires en onderdelen van hetapparaat zijn niet vaatwasserbestendig. LET OP. Reinig het bedieningspaneel met eenvochtige doek. Gebruik geenreinigingsmiddelen.

Het ontdooiwaterloopt door een trog naar een specialecontainer waar het verdampt.Reinig regelmatig de afvoeropening voorontdooiwater in het midden van het koelvak.Gebruik de buisreiniger die bij het apparaat isgeleverd.6.4 De vriezer ontdooienLET OP!Gebruik nooit scherp metalengereedschap om vorst van de verdamperaf te schrapen.Gebruik alleen door de fabrikantaanbevolen accessoires om hetontdooien te versnellen.Stel een lagere temperatuur in ongeveer12 u voorafgaand aan ontdooien.Het is normaal dat er zich een dunne laag rijpvormt op de vriesplanken en rond hetbovenste vak. Ontdooi de vriezer wanneer derijplaag een dikte van ongeveer 3-5 mmheeft.1. Schakel het apparaat uit en haal destekker uit het stopcontact.2. Verwijder opgeslagen voedsel.3. Laat de deur open staan en bescherm devloer tegen het water.4. Plaats een pan warm water in hetvriesvak om het ontdooien te versnellen.5.

Droog de binnenkant na het ontdooien.6. Schakel het apparaat in. Sluit de deur.7. Stel de laagste temperatuur in voor tenminste 3 uvoordat u het voedsel weer inhet vriesvak plaatst.6.5 Periode dat het apparaat nietgebruikt wordtNeem de volgende voorzorgsmaatregelen alshet apparaat gedurende lange tijd nietgebruikt wordt:1. Koppel het apparaat los van destroomtoevoer.2. Verwijder alle etenswaren.3. Ontdooi het apparaat.4. Reinig het apparaat en alle accessoires.5. Laat de deuren geopend omonaangename luchtjes te voorkomen.7. PROBLEEMOPLOSSINGWAARSCHUWING!Zie de hoofdstukken over veiligheid.NEDERLANDS 13

7. 1 Wat te doen als. Probleem Mogelijke oorzaak OplossingHet apparaat werkt niet. Het apparaat werd uitgeschakeld. Schakel het apparaat in. De stekker zit niet goed in het stop‐contact. Steek de stekker goed in het stop‐contact. Er staat geen spanning op het stop‐contact. Sluit het apparaat aan op een anderstopcontact. Neem contact op meteen erkend elektrotechnisch instal‐lateur. Het apparaat is lawaaiig. Het apparaat staat niet stabiel. Controleer of het apparaat stabielstaat. Er is een hoorbaar of zichtbaaralarm. De kast werd onlangs ingeschakeld. Raadpleeg "Hoge temperatuur-alarm" of "Deur open-alarm". De temperatuur in het apparaat is tehoog. Raadpleeg "Hoge temperatuur-alarm" of "Deur open-alarm". De deur is open blijven staan. Sluit de deur. De compressor werkt voortdurend. De temperatuur is verkeerd inge‐steld. Raadpleeg het hoofdstuk "Bedie‐ningspaneel".

Te veel voedsel wordt tegelijkertijdbewaard. Wacht een paar uur en controleerdan de temperatuur opnieuw. De temperatuur in de ruimte is tehoog. Raadpleeg het hoofdstuk "Installe‐ren". Het voedsel dat in het apparaatwerd geplaatst was te heet. Laat voedsel afkoelen tot kamertem‐peratuur voordat je ze opbergt. De deur is niet goed gesloten. Raadpleeg het gedeelte "De deursluiten". De Extra Freeze-functie is ingescha‐keld. Zie de rubriek over ‘Extra Freeze-functie’. De compressor start niet onmiddel‐lijk na het drukken op "Extra Free‐ze" , of na het veranderen van detemperatuur. De compressor start niet direct. Dit is normaal en geen storing. De deur is niet goed gemonteerd ofdekt het ventilatierooster af. Het apparaat staat niet waterpas. Raadpleeg de montage-instructies. Deur gaat moeilijk open. Je probeerde de deur direct nadat jedie sloot opnieuw te openen.

Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing Voedsel is niet goed verpakt. Wikkel het voedsel goed in. De temperatuur is verkeerd inge‐steld. Raadpleeg het hoofdstuk "Bedie‐ningspaneel". Apparaat is volledig geladen en isingesteld op de laagste tempera‐tuur. Stel een hogere temperatuur in. Raadpleeg het hoofdstuk "Bedie‐ningspaneel". De ingestelde temperatuur in hetapparaat is te laag en de omge‐vingstemperatuur is te hoog. Stel een hogere temperatuur in. Raadpleeg het hoofdstuk "Bedie‐ningspaneel". Er stroomt water over de achter‐wand van de koelkast. Tijdens automatisch ontdooiensmelt rijp op de achterwand. Dit is correct. Er zit te veel gecondenseerd waterin de koelkast. De deur werd te vaak geopend. Open de deur alleen als het nodigis. De deur is niet volledig gesloten. Zorg ervoor dat de deur volledig ge‐sloten is. Het bewaarde voedsel was niet in‐gepakt.

Verpak voedsel in geschikt materi‐aal voordat je het in het apparaatplaatst. Dit is normaal dat er in de zomer enherfst meer condensatie kan ont‐staan door de verhoogde lucht- envoedselvochtigheid. De koelkastproduceert geen vocht. Na deze pe‐riode neemt de vochtigheid in dekoelkast af. Stel in de zomer en herfst de war‐mere temperatuur in de koelkast in(ca. 6-7°C). Er zitten waterdruppels op de gla‐zen planken. Er zit te veel vocht in de koelkast. Veeg de glazen planken af met eendoek om waterdruppels te verwijde‐ren. Er stroomt water in de koelkast. Opgeborgen voedingsproductenvoorkomen dat het water in de wa‐teropvangbak loopt. Zorg ervoor dat voedingsproductende achterwand niet raken. De waterafvoer is verstopt. Reinig de waterafvoer. Er stroomt water op de vloer. De smeltwaterafvoer is niet aange‐sloten op de verdampschaal bovende compressor.

Schakel Extra Freeze-functie hand‐matig uit, of wacht totdat de functieautomatisch wordt gedeactiveerd. Raadpleeg de rubriek over "ExtraFreeze functie". De temperatuur in het apparaat is telaag/te hoog. De temperatuur is niet correct inge‐steld. Stel een hogere/lagere temperatuurin. De deur is niet goed gesloten. Raadpleeg het gedeelte "De deursluiten". Het eten is te heet. Laat het voedsel afkoelen voordat uhet opbergt. NEDERLANDS 15.

Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing Te veel voedsel wordt tegelijkertijdbewaard. Bewaar minder voedsel tegelijker‐tijd. De dikte van de rijp is groter dan 4-5mm. Ontdooi het apparaat. De deur werd vaak geopend. Open de deur alleen als dat nodigis. De Extra Freeze-functie is ingescha‐keld. Zie de rubriek over ‘Extra Freeze-functie’. Er wordt geen koude lucht gecircu‐leerd in het apparaat. Er wordt geen koude lucht gecircu‐leerd in het apparaat. Raadpleeghet hoofdstuk "Tips en advies". De vijfde temperatuurindicator knip‐pert. Communicatieprobleem. Neem contact op met de erkendeservicedienst. Het koelsysteem blijftde voedingsproducten koelen, maarde temperatuurinstelling kan nietworden gewijzigd. Eerste of tweede temperatuurindica‐tor knippert. Storing van de temperatuursensor. Neem contact op met de erkendeservicedienst.

Het koelsysteem blijftde voedingsproducten koelen, maarde temperatuurinstelling kan nietworden gewijzigd. Als het probleem aanhoudt, neemt dancontact op met een erkendeservicedienst. 7. 2 Het lampje vervangenNeem voor het vervangen van de lampcontact op met het erkende servicecentrum. 7. 3 De deur sluiten1. Reinig de deurpakkingen. 2. Raadpleeg de installatie-instructies om dedeur aan te passen. 3. Neem contact op met het erkendeservicecentrum om de defectedeurpakkingen te vervangen. 8. TECHNISCHE GEGEVENSDe technische gegevens staan op hettypeplaatje aan de binnenkant van hetapparaat en op het energielabel. De QR-code op het energielabel dat bij hetapparaat wordt geleverd,biedt een internetkoppeling naar deinformatie gerelateerd aan de prestaties vanhet apparaat in de EU-EPREL-database.

Bewaar het energielabel ter referentie samenmet de gebruikershandleiding en alle anderedocumenten die bij dit apparaat wordengeleverd. Het is ook mogelijk om dezelfde informatie inEPREL te vinden via de koppelinghttps://eprel. ec. europa. eu en de modelnaamen het productnummer die u vindt op hettypeplaatje van het apparaat. Zie de koppeling www.

9. INFORMATIE VOOR TESTINSTITUTENDe installatie en voorbereiding van het toestelvoor elke EcoDesign-verificatie moeten inovereenstemming zijn met EN 62552 (EU).De ventilatievoorschriften, de afmetingen vande uitsparingen en de minimale openafstanden aan de achterzijde moeten voldoenaan de voorschriften van dezegebruikershandleiding in “Installeren“. Neemcontact op met de fabrikant voor verdereinformatie, inclusief laadplannen.10. MILIEUBESCHERMINGRecycleer de materialen met het symbool .Gooi de verpakking in een geschikteafvalcontainer om het te recycleren.Bescherm het milieu en de volksgezondheiden recycleer op een correcte manier het afvalvan elektrische en elektronische apparaten.Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool niet weg met het huishoudelijk afval.Breng het product naar het milieustation bij uin de buurt of neem contact op met degemeente.NEDERLANDS 17

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met AEG NSF6D181DC stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden