AEG NIO74B00CB Handleiding

AEG Fornuis NIO74B00CB

Bekijk gratis de handleiding van AEG NIO74B00CB (72 pagina’s), behorend tot de categorie Fornuis. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 37 mensen en kreeg gemiddeld 4.5 sterren uit 8 reviews. Heb je een vraag over AEG NIO74B00CB of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Pagina 1/72
aeg.com/register
NIO74B00CB
NLGebruiksaanwijzing | Kookplaat2
FRNotice d'utilisation | Table de cuisson24
DEBenutzerinformation | Kochfeld47
aeg.com\register

Beoordeel deze handleiding

4.5/5 (8 Beoordelingen)

Product specificaties

Merk: AEG
Categorie: Fornuis
Model: NIO74B00CB

Handleiding AEG NIO74B00CB – volledige tekst

Welkom bij AEG. Hartelijk dank dat je voor onze apparatuur hebtgekozen. Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, informatie metbetrekking tot service en reparatie:www. aeg. com/supportWijzigingen voorbehouden. INHOUDSOPGAVE1. VEILIGHEIDSINFORMATIE. 22. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN. 43. INSTALLATIE. 74. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT. 95. VOORAFGAAND AAN HET EERSTE GEBRUIK. 116. DAGELIJKS GEBRUIK. 117. AANWIJZINGEN EN TIPS. 168. ONDERHOUD EN REINIGING. 199. PROBLEEMOPLOSSING. 1910. TECHNISCHE GEGEVENS. 2111. ENERGIEZUINIGHEID. 2212. MILIEUBESCHERMING. 231. VEILIGHEIDSINFORMATIELees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatieen gebruik van het apparaat. De fabrikant is nietverantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeituit de onjuiste installatie of het onjuiste gebruik.

Bewaar deinstructies altijd op een veilige, toegankelijke plek voortoekomstig gebruik. 1. 1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare personen• Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaaren ouder en door mensen met een beperkt lichamelijk,zintuiglijk of verstandelijk vermogen of een gebrek aanervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan ofinstructies hebben gekregen over het veilig gebruiken vanhet apparaat en indien zij de gevaren begrijpen. Kinderenjonger dan 8 jaar en personen met zware en complexebeperkingen dienen altijd uit de buurt van het apparaat te2 NEDERLANDS.

het elektriciteitsbedrijf regelmatig aan en uit wordtgeschakeld.• OPGELET: Tijdens het kookproces moet u in de buurtblijven Een kort kookproces moet voortdurend bewaaktworden.• WAARSCHUWING: Brandgevaar: Bewaar geenvoorwerpen op de kookoppervlakken.• Metalen voorwerpen, zoals messen, vorken, lepels endeksels mogen niet op het oppervlak van de kookplaatworden geplaatst, aangezien ze heet kunnen worden.• Gebruik het apparaat niet voordat u het in de ingebouwdeconstructie installeert.• Gebruik geen waterstralen en stoom om het apparaat tereinigen.• Schakel het kookplaatelement na elk gebruik uit met debedieningstoetsen. Vertrouw niet op de pandetector.• WAARSCHUWING: Als het oppervlak gebarsten is, schakelhet apparaat dan uit om de kans op elektrische schokken tevermijden.

In het geval het apparaat rechtstreeks op destroom is aangesloten met een aansluitdoos, verwijdert ude zekering om het apparaat van de stroom te halen. Neemaltijd contact op met de erkende servicedienst.• Indien het netsnoer beschadigd is, moet het wordenvervangen door de fabrikant, een erkende service ofvergelijkbaar gekwalificeerde personen om gevaar tevoorkomen.• WAARSCHUWING: Gebruik alleen kookplaatbeschermersdie door de fabrikant van het kookapparaat zijn ontworpenof door de fabrikant van het apparaat in degebruiksinstructies als geschikt zijn aangegeven ofkookplaatbeschermers die in het apparaat zijngeïntegreerd. Het gebruik van ongeschiktekookplaatbeschermers kan ongelukken veroorzaken.2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN4 NEDERLANDS

• Controleer of er een aardlekschakelaar isgeïnstalleerd. • Gebruik de trekontlastingsklem op dekabel. • Zorg ervoor dat de stroomkabel of stekker(indien van toepassing) het hete apparaatof heet kookgerei niet aanraakt als je hetapparaat op een nabijgelegen contactdoosaansluit. • Gebruik geen adapters met meerderestekkers en verlengkabels. • Zorg ervoor dat je de stekker (indien vantoepassing) of het netsnoer nietbeschadigt. Neem contact op met onserkende servicecentrum of een elektricienom een beschadigde stroomkabel tevervangen. • De schokbescherming van delen onderstroom en geïsoleerde delen moet op zo'nmanier worden bevestigd dat het nietzonder gereedschap kan wordenverplaatst. • Steek de stekker pas in het stopcontactals de installatie is voltooid. Zorg ervoordat het netsnoer na installatie bereikbaaris. • Als het stopcontact los zit, mag u destekker niet in het stopcontact steken.

• Trek niet aan het netsnoer om hetapparaat los te koppelen. Trek altijd aande stekker. • Gebruik enkel correcteisolatievoorzieningen:stroomonderbrekers, zekeringen(schroefzekeringen moeten uit de houderworden verwijderd), aardlekschakelaarsen contactgevers. • De elektrische installatie moet eenisolatieapparaat bevatten waardoor hetapparaat volledig van het lichtnetafgesloten kan worden. Hetisolatieapparaat moet een contactopeninghebben met een minimale breedte van 3mm. 2. 3 GebruikWAARSCHUWING. Gevaar voor letsel, brandwonden ofelektrische schokken. • De specificatie van dit apparaat nietwijzigen. • Verwijder voor het eerste gebruik alleverpakkingsmaterialen, etiketten enbeschermfolie (indien van toepassing). • Zorg ervoor dat de ventilatieopeningenniet geblokkeerd worden. • Laat het apparaat tijdens de werking nietonbeheerd achter. • Zet de kookzone op "uit" na ieder gebruik.

• Plaats geen bestek of deksels vansteelpannen op de kookzones. Ze kunnenheet worden. • Gebruik het apparaat niet met nattehanden of als het contact maakt metwater. • Gebruik het apparaat niet als werkblad ofals opslagoppervlak. • Als het oppervlak van het apparaatgebarsten is, koppel het apparaat danonmiddellijk los van de stroomtoevoer. Ditdient om een elektrische schok tevoorkomen. • Gebruikers met een pacemaker moeteneen afstand van minimaal 30 cmaanhouden tot de inductiekookzones alshet apparaat in werking is. • Als u voedsel in hete olie plaatst, kan hetspatten. • Gebruik geen aluminiumfolie of anderematerialen tussen het kookoppervlak enhet kookgerei, tenzij anders aangegevendoor de fabrikant van dit apparaat. • Gebruik alleen accessoires die door defabrikant voor dit apparaat wordenaanbevolen. WAARSCHUWING. Risico op brand en explosie.

• De dampen die boven erg hete olieontstaan kunnen spontaan ontbranden. • Gebruikte olie, die voedselresten kanbevatten, kan ontbranden bij een lageretemperatuur dan olie die voor de eerstekeer wordt gebruikt. • Plaats geen ontvlambare producten ofartikelen die vochtig zijn met ontvlambareproducten in, bij of op het apparaat. WAARSCHUWING. Risico op schade aan het apparaat. • Laat geen heet kookgerei op hetbedieningspaneel staan. • Leg geen hete deksel op het glazenoppervlak van de kookplaat. • Laat kookgerei niet droogkoken. • Zorg ervoor dat je geen voorwerpen ofkookgerei op het apparaat laat vallen. Hetoppervlak kan beschadigd raken. • Schakel de kookzones niet terwijl er leegkookgerei of geen kookgerei op geplaatstis. • Kookgerei gemaakt van gietijzer of meteen beschadigde bodem kan krassen ophet glas/glaskeramiek veroorzaken.

Tildeze voorwerpen altijd op als je ze op dekookplaat moet verplaatsen. 2. 4 Onderhoud en reiniging• Reinig het apparaat regelmatig om tevoorkomen dat het materiaal van hetoppervlak achteruitgaat. • Schakel het apparaat uit en laat hetafkoelen voordat u het schoonmaakt. 6 NEDERLANDS.

• Reinig het apparaat met een vochtige,zachte doek. Gebruik alleen neutraleschoonmaakmiddelen. Gebruik geenschurende producten, schuursponsjes,oplosmiddelen of metalen voorwerpen,tenzij anders aangegeven. 2. 5 Service• Neem contact op met de erkendeservicedienst voor reparatie van hetapparaat. Gebruik alleen originelereserveonderdelen. • Met betrekking tot de lamp(en) in ditproduct en reservelampen die afzonderlijkworden verkocht: Deze lampen zijnbedoeld om bestand te zijn tegen extremefysieke omstandigheden in huishoudelijkeapparaten, zoals temperatuur, trillingen,vochtigheid, of zijn bedoeld om informatiete geven over de operationele status vanhet apparaat. Ze zijn niet bedoeld voorgebruik in andere toepassingen en zijnniet geschikt voor verlichting inhuishoudelijke ruimten. 2. 6 VerwijderingWAARSCHUWING. Gevaar voor letsel of verstikking.

• Neem contact op met uw plaatselijkeoverheid voor informatie over het afvoerenvan het apparaat. • Haal de stekker uit het stopcontact. • Snijd het netsnoer vlak bij het apparaat afen gooi het weg. 3. INSTALLATIEWAARSCHUWING. Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 3. 1 Voor montageVoordat u de kookplaat installeert, dient u deonderstaande informatie van het typeplaatjete noteren. Het typeplaatje bevindt zichonderop de kookplaat. Serienummer. 3. 2 Ingebouwde kookplatenInbouwkookplaten mogen alleen wordengebruikt nadat zij ingebouwd zijn in geschikteinbouwunits of werkbladen die aan denormen voldoen. 3. 3 Aansluitsnoer• De kookplaat wordt geleverd met eenaansluitkabel• Gebruik als vervanging van hetbeschadigde netsnoer het volgendesnoertype: H05V2V2-F die bestand istegen een temperatuur van 90 °C ofhoger. Een enkele draad moet eenminimale doorsnede hebben volgens deonderstaande tabel.

4. Breng een nieuwe draadeindhuls aan ophet uiteinde van de gedeelde draad(speciaal gereedschap vereist).5. Sluit de uiteinden van twee blauwe kabelsaan.6. Breng een nieuwe draadeindhuls aan ophet uiteinde van de gedeelde draad(speciaal gereedschap vereist).Tweefasige aansluiting1. Verwijder de kabeleindhuls van deblauwe draden.2. Verwijder een deel van de isolatie van deblauwe kabeluiteinden.3. Sluit de uiteinden van twee blauwe kabelsaan.4.

Breng een nieuwe kabeleindhuls aan ophet gemeenschappelijke kabeluiteinde(speciaal gereedschap vereist).NL1NL220-240 V~220-240 V~ 400V2N~L2NNL1L2 220 - 240 V~Tweefasige aansluiting: 400 V2N~ Eenfasige aansluiting: 220 -240 V~5x1,5 mm² 5x1,5 mm² of 4x2,5 mm² 5x1,5 mm² of 3x4 mm²Groen - geel Groen - geel Groen - geelN Blauw en blauw N Blauw en blauw N Blauw en blauwL1 Zwart L1 Zwart L Zwart en bruinL2 Bruin L2 Bruin 3.4 MontageAls je de kookplaat onder een kap installeert,raadpleeg je de installatie-instructies van deafzuigkap voor de minimumafstand tussen deapparaten.min.50mmmin.500mmAls het apparaat boven een lade wordtgeïnstalleerd, kan de ventilatie van dekookplaat de artikelen die zich in de lade8 NEDERLANDS

bevinden tijdens het bereidingsprocesopwarmen.min. 10min. 60min. 28Zoek de videotutorial "Hoe installeert u uwAEG inductiekookplaat - installatie op hetaanrecht" door de volledige naam die in deonderstaande afbeelding staat in te typen.www.youtube.com/electroluxwww.youtube.com/aegHow to install your AEG Induction Hob - Worktop installation4. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT4.1 Indeling van het kookoppervlak121111Inductie kookzone2Bedieningspaneel4.2 Indeling van het bedieningspaneel7 852 439112 10116NEDERLANDS 9

Gebruik de tiptoetsen om het apparaat te bedienen. De displays, indicatielampjes en geluidentonen welke functies worden gebruikt.Tiptoets Functie Opmerking1Aan/Uit De kookplaat in- en uitschakelen.2Blokkering / Kinderbeveili‐gingsinrichtingHet bedieningspaneel vergrendelen/ontgrendelen.3Pauze De functie in- en uitschakelen.4Bridge De functie in- en uitschakelen.5- Kookstanddisplay De kookstand weergeven.6- Timerindicatie voor de kook‐zonesGeeft aan voor welke zone u de tijd instelt.7- Timerdisplay De tijd in minuten weergeven.8Hob²Hood De handmatige modus van functie in- en uitschakelen.9- Om de kookzone te selecteren.10 / - De tijd verlengen of verkorten.11PowerBoost Het inschakelen van de functie.12- Bedieningsstrip Het instellen van de kookstand.4.3 KookstanddisplaysScherm BeschrijvingDe kookzone is uitgeschakeld.

- De kookzone wordt gebruikt.Pauze werkt.Automatisch opwarmen werkt.PowerBoost werkt. + cijferEr is een storing. / / OptiHeat Control (3-staps restwarmte-indicator): doorgaan met koken / warmhoud‐stand / restwarmte.Blokkering / Kinderbeveiligingsinrichting werkt.Het kookgerei is niet geschikt of te klein, of er is geen kookgerei op de kookzone ge‐plaatst.10 NEDERLANDS

Scherm BeschrijvingAutomatische uitschakeling werkt. 5. VOORAFGAAND AAN HET EERSTE GEBRUIKWAARSCHUWING. Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 5. 1 EnergiebeperkingEnergiebeperking bepaalt hoeveel stroom dekookplaat in totaal gebruikt, binnen degrenzen van de zekeringscapacitiet van dehuisinstallatie. De kookplaat is standaard op het hoogstmogelijke vermogensniveau ingesteld. Om het vermogensniveau te verlagen ofverhogen:1. De kookplaat uitschakelen. 2. Druk op en houd gedurende 3seconden ingedrukt. Het display gaat aanen weer uit. 3. Druk op en houd gedurende 3seconden ingedrukt. of verschijnt. 4. Druk op. P72 verschijnt. 5. Druk op / van de timer om hetvermogensniveau in te stellen. VermogensniveausZie het hoofdstuk 'Technische gegevens'. LET OP. Zorg ervoor dat het gekozen vermogenaansluit op de zekeringenkast in huis.

• P72 — 7200 W• P15 — 1500 W• P20 — 2000 W• P25 — 2500 W• P30 — 3000 W• P35 — 3500 W• P40 — 4000 W• P45 — 4500 W• P50 — 5000 W• P60 — 6000 W6. DAGELIJKS GEBRUIKWAARSCHUWING. Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 6. 1 In- of uitschakelenRaak 1 seconde aan om de kookplaat in–of uit te schakelen. 6. 2 Automatische uitschakelingDe functie schakelt de kookplaatautomatisch uit als:• alle kookzones zijn uitgeschakeld,• u de kookstand niet instelt nadat u dekookplaat hebt ingeschakeld,• u iets hebt gemorst of iets langer dan 10seconden op het bedieningspaneel hebtgelegd (een pan, doek, etc. ). Er klinkt eengeluidssignaal en de kookplaat wordtuitgeschakeld. Verwijder het voorwerp ofreinig het bedieningspaneel. • De kookplaat te heet wordt (bijvoorbeeldals een steelpan droog kookt). Dekookzone moet afgekoeld zijn voordat ude kookplaat weer kunt gebruiken. • u ongeschikte pannen gebruikt.

Hetsymbool gaat branden en na 2 minutenschakelt de kookzone automatisch uit. • u een kookzone niet uitschakelt of dekookstand verandert. Na een tijdje gaat aan en schakelt de kookplaat uit.

Warmte-instelling De kookplaat wordtuitgeschakeld na, 1 - 36 uur4 - 7 5 uur8 - 9 4 uur10 - 14 1,5 uur6.3 De kookstandVoor het instellen of wijzigen van dekookstand:Raak de bedieningsstrip aan bij de juistekookstand of beweeg uw vinger langs debedieningsstrip totdat u de jusite kookstandheeft bereikt.6.4 OptiHeat Control (3-stapsrestwarmte-indicator)WAARSCHUWING! / / Zolang het indicatielampjezichtbaar is, bestaat er een risico opbrandwonden door restwarmte.De inductiekookzones creëren de voor hetkookproces benodigde warmte rechtstreeksin de bodem van het kookgerei. Hetglaskeramiek wordt verwarmd door dewarmte van het kookgerei.De indicatielampjes verschijnen als eenkookzone heet is.

De aanduidingen tonen hetniveau van de restwarmte voor de kookzonesdie je momenteel gebruikt: - doorgaan met koken, - warm houden, - restwarmte.Het indicatielampje kan ook verschijnen:• voor de aangrenzende kookzones, zelfsals je ze niet gebruikt,• als er heet kookgerei op de koudekookzone wordt geplaatst,• als de kookplaat is uitgeschakeld, maar dekookzone nog heet is.Het indicatielampje verdwijnt als de kookzoneis afgekoeld.6.5 De kookzones gebruikenPlaats het kookgerei in het midden van degekozen kookzone. Inductiekookzonespassen zich tot op zekere hoogteautomatisch aan de afmetingen van pannenaan.Gebruik voor een optimalewarmteoverdracht kookgerei met eenbodemdiameter die vergelijkbaar is metde grootte van de kookzone (d.w.z. demaximale waarde van de diameter vanhet kookgerei in "Technische gegevens"> "Specificatie van de kookzone").

Zorgervoor dat het kookgerei geschikt is voorinductiekookplaten. Kijk voor meerinformatie op types kookgerei in hethoofdstuk 'Hints en tips'.U kunt met groot kookgerei op tweekookzones tegelijkertijd koken. Het kookgereidient het midden van beide zones tebedekken, maar niet voorbij degebiedsmarkering komen. Als het kookgereitussen beide middenzones wordt geplaatst,wordt de functie Bridge niet geactiveerd.12 NEDERLANDS

6. 6 BridgeDe functie werkt als de pan demiddelpunten van beide zones bedekt. Raadpleeg "De kookzones gebruiken"voor meer informatie over de juisteplaatsing van kookgerei. De functie verbindt twee kookzones en zewerken als één kookzone. Stel eerst de kookstand in voor één van dekookzones aan de linkerkant. Om de functie te activeren: raak aan. Raak een van de regelsensoren aan om dewarmte-instelling in te stellen of te wijzigen. Om de functie uit te schakelen: raak aan. De kookzones werken onafhankelijk vanelkaar. 6. 7 Automatisch opwarmenGebruik de functie om de gewenstekookstand binnen een kortere tijd teverkrijgen. Als de functie is ingeschakeld,werkt de kookzone in het begin op dehoogste kookstand waarna hij op degewenste kookstand blijft werken. Voor het activeren van de functie, moetde kookzone koud zijn. Om de functie voor een kookzone in teschakelen: tik op ( gaat aan).

Raakmeteen de gewenste kookstand aan. Na 3seconden gaat branden. Om de functie uit te schakelen: wijzig dewarmte-instelling. 6. 8 PowerBoostDeze functie maakt meer vermogenbeschikbaar voor de inductiekookzones. Defunctie kan voor een beperkte tijdsduur vooruitsluitend de inductiekookzone wordengeactiveerd. Daarna wordt deinductiekookzone automatischteruggeschakeld naar de hoogste kookstand. Zie het hoofdstuk 'Technische gegevens'. Om de functie voor een kookzone in teschakelen: raak aan. gaat aan. De functie uitschakelen: wijzig dekookstand. 6. 9 Timer• Timer met aftelfunctieU kunt deze functie gebruiken om de lengtevan één kooksessie in te stellen. Stel eerst de warmtestand voor de kookzonein en dan de functie. Om de kookzone in te stellen: tikherhaaldelijk op totdat het lampje van eenkookzone verschijnt.

Om de functie te activeren: tik op van detimer om de tijd in te stellen (00 - 99minuten). Als het lampje van de kookzonegaat knipperen, wordt de tijd afgeteld. Om de resterende tijd te zien: tik op omde kookzone in te stellen. Het indicatielampjevan de kookzone begint te knipperen.

Als de aftelling beëindigd is, klinkt er eengeluidssignaal en knippert 00. Dekookzone wordt uitgeschakeld. Om de functie te stoppen: tik op. • CountUp TimerGebruik deze functie om in de gaten tehouden hoe lang de kookzone werkt. Om de kookzone in te stellen: tikherhaaldelijk op totdat het lampje van eenkookzone verschijnt. Om de functie te activeren: tik op van detimer. verschijnt. Als het lampje van dekookzone gaat knipperen, wordt de tijdopgeteld. Het display schakelt tussen ende getelde tijd (in minuten). Om in de gaten te houden hoelang dekookzone werkt: tik op om de kookzonein te stellen. Het indicatielampje van dekookzone begint te knipperen. De displaygeeft aan hoe lang de zone werkt. Om de functie te deactiveren: tik op entik vervolgens op of. Hetindicatielampje van de kookzone verdwijnt.

• KookwekkerU kunt deze functie gebruiken wanneer dekookplaat is ingeschakeld maar dekookzones niet werken. De warmtestand ophet display toont. Om de functie te activeren: tik op en tikvervolgens op of van de timer om detijd in te stellen. Als de tijd verstreken is, klinkter een geluidssignaal en knippert 00. Om de functie te stoppen: tik op. De functie heeft geen invloed op dewerking van de kookzones. 6. 10 PauzeDeze functie stelt alle kookzones in die op delaagste warmte-instelling werken. Als de functie in werking is, zijn alle anderesymbolen op de bedieningspanelenvergrendeld. De functie stopt de timerfuncties niet. 1. Om de functie in te schakelen: druk op. gaat aan. De warmte-instelling wordtverlaagd naar 1. 2. Om de functie uit te schakelen, druk op. De vorige kookstand verschijnt. 6. 11 BlokkeringU kunt het bedieningspaneel vergrendelenterwijl de kookzones in werking zijn.

Als u de kookplaat uitschakelt met , treedtde functie weer in werking. 6. 13 OffSound Control (De geluidenin- en uitschakelen)Schakel de kookplaat uit. Raak 3seconden aan. Het display gaat aan en uit. Raak 3 seconden aan. of gaatbranden. Raak van de timer aan om éénvan het volgende te kiezen:• - de signalen zijn uit• - de signalen zijn aanOm uw keuze te bevestigen moet u wachtentot de kookplaat automatisch uitschakelt. Als de functie op staat, kunt u de geluidenalleen horen als:• u aanraakt• Kookwekker naar beneden komt• Timer met aftelfunctie naar beneden komt• u iets op het bedieningspaneel plaatst. 6. 14 StroommanagementAls er meerdere zones actief zijn en hetverbruikte vermogen de limiet van destroomtoevoer overschrijdt, verdeelt dezefunctie het beschikbare vermogen tussen allekookzones (verbonden met dezelfde fase).

De kookplaat regelt de warmte-instellingenom de zekeringen van de installatie in hethuis te beschermen. • Kookzones zijn gegroepeerd volgens delocatie en het aantal fasen van dekookplaat. Elke fase heeft een maximaleelektriciteitslading van (3. 700 W). Als dekookplaat de limiet van het maximaalbeschikbare vermogen bereikt binnen eenfase, wordt het vermogen van dekookzones automatisch verlaagd. • De warmte-instelling van de gekozenkookzone heeft altijd prioriteit. Hetresterende vermogen zal tussen de eerdergeactiveerde kookzones worden verdeeld,in omgekeerde volgorde van selectie. • De weergave van de warmte-instelling vande verlaagde zones wisselt tussen deaanvankelijk gekozen warmte-instelling ende verlaagde warmte-instelling. • Wacht totdat het display stopt metknipperen of verlaag de kookstand van delaatst geselecteerde kookzone.

15 Hob²HoodHet is een geavanceerde automatischefunctie die de kookplaat op een speciale kapaansluit. Zowel de kookplaat als de afzuigkaphebben een infraroodontvanger. Snelheid vande ventilator wordt automatisch bepaald opbasis van modusinstelling en temperatuurvan de heetste pan op de kookplaat. Je kuntde ventilator ook handmatig van de kookplaatbedienen. Bij de meeste afzuigkappen is hetafstandsbedieningssysteem in eersteinstantie uitgeschakeld. Activeer hetvoordat je de functie gebruikt. Zie voormeer informatie de gebruikershandleidingvan de afzuigkap. De functie automatisch bedienenOm de functie te bedienen, stelt u deautomatische modus automatisch in op H1 –H6. De kookplaat is oorspronkelijk ingesteldop H5. De afzuigkap reageert wanneer u dekookplaat bedient. De kookplaat herkent detemperatuur van de pannen automatisch enstelt de snelheid van de ventilator erop af. NEDERLANDS 15.

Automatische modi Automa‐tischlampjeKoken1)Bakken2)H0 Uit Uit UitH1 Aan Uit UitH2 3)Aan Ventilator‐snelheid 1Ventilator‐snelheid 1H3 Aan Uit Ventilator‐snelheid 1H4 Aan Ventilator‐snelheid 1Ventilator‐snelheid 1H5 Aan Ventilator‐snelheid 1Ventilator‐snelheid 2H6 Aan Ventilator‐snelheid 2Ventilator‐snelheid 31) De kookplaat detecteert het kookproces en activeertde ventilatorsnelheid overeenkomstig de automatischemodus. 2) De kookplaat detecteert het bakproces en activeertde ventilatorsnelheid overeenkomstig de automatischemodus. 3) Deze modus activeert de ventilator en de verlichtingen reageert niet op de temperatuur. De automatische modus wijzigen1. De kookplaat uitschakelen. 2. Druk 3 seconden op. Het display gaataan en weer uit. 3. Druk 3 seconden op. 4. Druk een paar keer in tot gaatbranden. 5. Druk op van de timer om eenautomatische modus te selecteren.

Schakel de automatische modus van defunctie uit om de afzuigkap rechtstreeksop het afzuigkappaneel te bedienen. Als je klaar bent met koken en dekookplaat uitschakelt, werkt de ventilatormogelijk nog even. Daarna schakelt hetsysteem de ventilator automatisch uit enwordt voorkomen dat je de ventilator perongeluk in de komende 30 secondenactiveert. De ventilatorsnelheid handmatig bedienenJe kunt de functie ook handmatig bedienen. Druk hiervoor op als de kookplaat actiefis. Hierdoor wordt de automatische werkingvan de functie uitgeschakeld en kun je deventilatorsnelheid handmatig wijzigen. Als jeop drukt, wordt de ventilatorsnelheid metéén verhoogd. Als je een intensief niveaubereikt en weer op drukt, stel je deventilatorsnelheid in op 0 waardoor deafzuigkapventilator uitschakelt. Om deventilator weer te starten metventilatorsnelheid 1, druk op.

Schakel de kookplaat uit en weer aan omautomatische bediening van de functie teactiveren. Het lampje inschakelenJe kunt de kookplaat instellen om het lichtautomatisch te activeren wanneer je dekookplaat activeert.

7. 1 PannenVoor inductiekookzones creëert een sterkelektromagnetisch veld de hitte in depannen zeer snel. Gebruik de inductiekookzones met geschiktepannen. • Om oververhitting te voorkomen en deprestaties van de zones te verbeteren,moet het kookgerei zo dik en vlak mogelijkzijn. • Zorg ervoor dat bodems schoon en droogzijn voordat het kookgerei op de kookplaatworden gezet. • Let er altijd op dat u het kookgerei nietschuift of wrijft op de randen en hoekenvan het glas , omdat dit het glasoppervlakkan beschadigen. Panmaterialen• goed: gietijzer, staal, geëmailleerd staal,roestvrij staal, meerlaagse bodem(aangemerkt als geschikt door defabrikant). • niet goed: aluminium, koper, messing,glas, keramiek, porselein. Een pan is geschikt voor eeninductiekookplaat als:• water op de hoogste kookstand binnenkorte tijd wordt verwarmd,• een magneet op de onderkant van hetkookgerei plakt.

Afmetingen van pannen• Inductiekookzones passen zich tot opzekere hoogte automatisch aan deafmetingen van pannen aan. Raadpleeg"Technische gegevens" > "Specificatie vankookzones" voor de juiste afmetingen vankookgerei. Plaats het kookgerei in hetmidden van de gekozen kookzone. • De efficiëntie van een kookzone hangtsamen met de diameter van de pan. Gebruik voor een optimalewarmteoverdracht kookgerei met eenbodemdiameter die vergelijkbaar is met degrootte van de kookzone (d. w. z. demaximale waarde van de diameter van hetkookgerei in "Technische gegevens" >"Specificatie van de kookzone"). – Pannen met een diameter kleiner daneen bepaalde kookzone ontvangenslechts een deel van het vermogen datdoor de kookzone wordt opgewekt,wat resulteert in een langzamereopwarming.

– Gebruik zowel om veiligheidsredenenals voor optimale kookresultaten geenpannen groter dan aangegeven in dekookzonespecificaties. Zorg ervoor datpannen tijdens het koken niet dicht bijhet bedieningspaneel blijven.

Dit kaninvloed hebben op de werking van hetbedieningspaneel of onbedoeld dekookplaatfuncties activeren. Raadpleeg de technische gegevens. 7. 2 Geluiden tijdens bedrijfDeze geluiden zijn normaal en hebbenniets met een defect te maken. Geluidenvan kookgerei kunnen variërenafhankelijk van het materiaal van hetkookgerei en het vermogen. Geluiden gerelateerd aan kookgerei:• kraakgeluid: kookgerei is gemaakt vanverschillende materialen (sandwich-constructie). • fluitend geluid: bij gebruik van eenkookzone met een hoge kookstand en alshet kookgerei is gemaakt vanverschillende materialen (een sandwich-constructie). • bromgeluid: als u een hoge kookstandgebruikt. Kookplaatgerelateerde geluiden:• klikken: er treedt elektrische schakelingop. • sissen, zoemen: de ventilator werkt. • ritmisch geluid: kookgerei wordtgedetecteerd. 7.

kookstandniveau en de duur van debereiding. 7. 4 Vereenvoudigde kookgidsDe correlatie tussen de kookstand en hetstroomverbruik van de kookzone is nietlineair. Wanneer u de kookstand verhoogt, isdit niet proportioneel met de toename instroomverbruik van de kookzone. Hetbetekent dat een kookzone op de mediumkookstand minder dan de helft van hetvermogen gebruikt. De gegevens in de tabel dienen alleenals richtlijn. Warmte-instel‐lingGebruik om het volgende tedoen:Tijd(min)Tips - 1Houd gekookt voedsel warm. indien no‐digDoe een deksel op het kookgerei. 1 - 3 Hollandaisesaus, smelten: boter, cho‐colade, gelatine. 5 - 25 Roer af en toe. 2 - 3 Stollen: luchtige omeletten, gebakkeneieren. 10 - 40 Kook met een deksel erop. 3 - 5 Zachtjes aan de kook brengen van rijsten gerechten op basis van melk, reedsbereide gerechten opwarmen.

25 - 50 Voeg minimaal twee keer zo veelvocht toe als rijst en roer gerechten opmelkbasis halverwege de proceduredoor. 5 - 7 Stoofgroenten, vis, vlees. 20 - 45 Voeg een paar eetlepels water toe. Controleer de hoeveelheid water tij‐dens het proces. 7 - 9 Stoom aardappelen en andere groen‐ten. 20 - 60 Bedek de bodem van de pan met 1-2cm water. Controleer het waterpeil tij‐dens het proces. Houd het deksel opde pan. 7 - 9 Kook grotere hoeveelheden voedsel,stoofschotels en soepen. 60 - 150 Tot 3 l vloeistof plus ingrediënten. 9 - 12 Zacht bakken: escalope, kalfscordonbleu, koteletten, rissoles, worstjes, le‐ver, roux, eieren, pannenkoeken, do‐nuts. indien no‐digDraai om wanneer nodig. 12 - 13 Flink bakken, hash browns, lendenbief‐stuk, steaks. 5 - 15 Draai om wanneer nodig. 14 Kook water, kook pasta, schroei vlees (goulash, braadpan), frituur frietjes. Kook grote hoeveelheden water.

Andere op afstand bediende apparatenkunnen het signaal hinderen. Gebruikdergelijke apparaten niet in de buurt vande kookplaat terwijl Hob²Hoodingeschakeld is.Afzuigkappen met de Hob²Hood-functieVoor het volledige assortiment afzuigkappendat met deze functie werkt, raadpleeg je onzewebsite van de consument. De AEG-afzuigkappen die met deze functie werken,moeten het symbool hebben.8. ONDERHOUD EN REINIGINGWAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.8.1 Algemene informatie• Reinig de kookplaat na elk gebruik.• Gebruik altijd kookgerei met een schonebodem.• Krassen of donkere vlekken op hetoppervlak hebben geen invloed op dewerking van de kookplaat.• Gebruik een specifiek schoonmaakmiddelvoor het oppervlak van de kookplaat.• Gebruik altijd een schraper die wordtaanbevolen voor kookplaten met eenglazen oppervlak.

Gebruik de schraperalleen als extra hulpmiddel voor hetreinigen van het glas na de standaardreinigingsprocedure.WAARSCHUWING!Gebruik geen messen of anderscherp, metalen gereedschap om hetglasoppervlak te reinigen.8.2 Het kookplaat reinigen• Verwijder onmiddellijk: gesmoltenkunststof, plastic folie, zout, suiker ensuikerhoudend voedsel, anders kan ditschade aan de kookplaat veroorzaken.Doe voorzichtig om brandwonden tevoorkomen. Gebruik de speciale schraperop de glazen plaat en verwijder restendoor het blad over het oppervlak teschuiven.• Verwijder dit als de kookplaatvoldoende afgekoeld is: kalkringen,waterringen, vetvlekken, glanzendemetaalverkleuring. Reinig de kookplaatmet een vochtige doek en een beetje niet-schurend reinigingsmiddel.

Veeg dekookplaat na het reinigen droog met eenzachte doek.• Verwijder glanzende metaalverkleuring:reinig het glazen oppervlak met een doeken een oplossing van water met azijn.9. PROBLEEMOPLOSSINGWAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.NEDERLANDS 19

9. 1 Wat moet je doen als. Probleem Mogelijke oorzaak OplossingJe kunt de kookplaat niet inscha‐kelen of bedienen. De kookplaat is niet aangesloten opeen stopcontact of niet goed geïn‐stalleerd. Controleer of de kookplaat goed aan‐gesloten is op het lichtnet. De zekering is doorgeslagen. Verzeker je ervan dat de zekering deoorzaak van de storing is. Als de zeke‐ringen keer op keer doorslaan, neemje contact op met een erkende installa‐teur. Je stelde gedurende 10 secondengeen kookstand in. Schakel de kookplaat opnieuw in enstel de kookstand binnen 10 secondenin. Je hebt 2 of meer sensorvelden te‐gelijkertijd aangeraakt. Raak slechts één sensorveld aan. Pauze is in werking. Zie "Pause". Water of vetvlekken op het bedie‐ningspaneel. Reinig het bedieningspaneel. Je kunt een constant piepgeluidhoren. De elektrische aansluiting is ver‐keerd. Trek de stekker van de kookplaat uithet stopcontact.

Laat de installatiecontroleren door een erkende elektri‐cien. Er klinkt een geluidssignaal en dekookplaat wordt uitgeschakeld. Als de kookplaat wordt uitge‐schakeld, klinkt er een geluids‐signaal. Je hebt iets op een of meer sensor‐velden geplaatst. Verwijder het voorwerp van de sensor‐velden. De kookplaat wordt uitgescha‐keld. Je hebt iets op het sensorveld geplaatst. Verwijder het voorwerp van het sen‐sorveld. De restwarmte-indicator gaat nietaan. De zone is niet heet omdat dezeslechts kortstondig is gebruikt, of desensor is beschadigd. Als de zone voldoende lang gebruikt isom heet te zijn, neem je contact opmet een erkende servicedienst. Hob²Hood werkt niet. Je hebt het bedieningspaneel afge‐dekt. Verwijder het voorwerp van het bedie‐ningspaneel. Je maakt gebruik van een hele hogepan die het signaal blokkeert.

Laat de zone voldoende afkoelen. De kookstand schakelt tussentwee niveaus. Stroommanagement is in werking. Raadpleeg ‘Dagelijks gebruik’. Het bedieningspaneel wordt heetbij aanraking. Het kookgerei is te groot of je plaatsthet te dicht bij het bedieningspaneel. Plaats grotere pannen indien mogelijkop de achterste kookzones. 20 NEDERLANDS.

Probleem Mogelijke oorzaak OplossingEr klinkt geen geluidsignaal wan‐neer je de tiptoetsen van het be‐dieningspaneel aanraakt. De signalen zijn uit. Schakel de geluiden in. Raadpleeg‘Dagelijks gebruik’. gaat aan. Kinderbeveiligingsinrichting of Blok‐kering werkt. Raadpleeg ‘Dagelijks gebruik’. gaat aan. Er staat geen pan op de zone. Plaats een pan op de zone. De pan is niet geschikt. Gebruik kookgerei dat geschikt is voorinductiekookplaten. Zie 'Aanwijzingenen tips'. De diameter van de bodem van depan is te klein voor de zone. Gebruik pannen met de juiste afmetin‐gen. Raadpleeg de technische gege‐vens. Opwarmen duurt lang. Pan is te klein en ontvangt slechtseen deel van het vermogen dat doorde kookzone wordt gegenereerd. Gebruik voor een optimale warmte‐overdracht kookgerei met een bodem‐diameter die vergelijkbaar is met degrootte van de kookzone (d. w. z.

demaximale waarde van de diameter vanhet kookgerei in "Technische gege‐vens" > "Specificatie van de kookzo‐ne"). en een getal gaan branden. Er is een fout opgetreden in dekookplaat. Schakel de kookplaat uit en schakeldeze na 30 seconden weer in. Wan‐neer weer verschijnt, trek je destekker van de kookplaat uit het stop‐contact. Steek de stekker van de kook‐plaat er na 30 seconden weer in. Alshet probleem zich blijft voordoen,neem je contact op met een erkendeservicedienst. 9. 2 Als je geen oplossing kuntvinden. Als je niet zelf het probleem kunt verhelpen,neem dan contact op met je verkoper of eenerkende serviceafdeling. Geef de gegevensop het typeplaatje. Geef ook de driecijferigecode voor het glaskeramiek (bevindt zich inde hoek van het glazen oppervlak) en eenfoutmelding die gaat branden. Zorg ervoordat je de kookplaat correct gebruikt.

Als ditniet het geval is, is het onderhoud van eenservicemonteur of dealer niet gratis, ooktijdens de garantieperiode. De informatie overgarantieperiode en geautoriseerdeservicecentra vind je in het garantieboekje. 10. TECHNISCHE GEGEVENS10.

AEG 10.2 Specificatie kookzonesKookzone Nominaal vermo‐gen (max warmte-instelling) [W]PowerBoost [W] PowerBoostmaximale duur[min]Diameter van hetkookgerei [mm]Links voor 2300 3200 10 125 - 210Links achter 2300 3200 10 125 - 210Rechtsvoor 1400 2500 4 125 - 145Rechtsachter 1800 2800 10 145 - 180Het vermogen van de kookzones kan binneneen bepaalde kleine marge verschillen vande gegevens in de tabel. Dit kan veranderenafhankelijk van het materiaal en deafmetingen van het kookgerei.Gebruik voor een optimale warmteoverdrachten kookresultaat kookgerei met eenbodemdiameter die vergelijkbaar is met degrootte van de kookzone (d.w.z. de maximalewaarde van de diameter van het kookgerei inde tabel). Gebruik geen kookgerei dat groteris dan de diameter van de kookzone.11.

11.2 EnergiebesparendeJe kunt energie besparen tijdens het dagelijkskoken als je de onderstaande aanwijzingenvolgt.• Gebruik bij het opwarmen van wateralleen de hoeveelheid die je nodig hebt.• Plaats, indien mogelijk, altijd de dekselsop het kookgerei.• Plaats het kookgerei direct in het middenvan de kookzone.• Gebruik de restwarmte om het voedselwarm te houden of om het te latensmelten.11.3 Productinformatie voor stroomverbruik en maximale tijd om detoepasselijke modus voor laag vermogen te bereikenStroomverbruik in uit-modus 0.3 WDe maximale tijd die de apparatuur nodig heeft om automatisch de toepasselijkemodus voor laag vermogen te bereiken2 min12.

MILIEUBESCHERMINGRecycleer de materialen met het symbool .Gooi de verpakking in een geschikteafvalcontainer om het te recycleren.Bescherm het milieu en de volksgezondheiden recycleer op een correcte manier het afvalvan elektrische en elektronische apparaten.Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool niet weg met het huishoudelijk afval.Breng het product naar het milieustation bij uin de buurt of neem contact op met degemeente.NEDERLANDS 23

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met AEG NIO74B00CB stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden