AEG NIK95N08IB Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van AEG NIK95N08IB (72 pagina’s), behorend tot de categorie Fornuis. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 10 mensen en kreeg gemiddeld 4.8 sterren uit 9 reviews. Heb je een vraag over AEG NIK95N08IB of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag
Product specificaties
| Merk: | AEG |
| Categorie: | Fornuis |
| Model: | NIK95N08IB |
Handleiding AEG NIK95N08IB – volledige tekst
Welkom bij AEG. Hartelijk dank dat je voor onze apparatuur hebtgekozen. Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, service- en reparatie-informatie:www. aeg. com/supportWijzigingen voorbehouden. INHOUDSOPGAVE1. VEILIGHEIDSINFORMATIE. 22. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN. 53. INSTALLATIE. 74. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT. 95. DAGELIJKS GEBRUIK. 106. EXTRA FUNCTIES. 137. AANWIJZINGEN EN TIPS. 168. ONDERHOUD EN REINIGING. 189. PROBLEEMOPLOSSING. 1910. TECHNISCHE GEGEVENS. 2111. ENERGIEZUINIGHEID. 2112. MILIEUBESCHERMING. 221. VEILIGHEIDSINFORMATIELees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatieen gebruik van het apparaat. De fabrikant is nietverantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeituit de onjuiste installatie of het onjuiste gebruik. Bewaar deinstructies altijd op een veilige, toegankelijke plek voortoekomstig gebruik. 1.
1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare personen• Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaaren ouder en door mensen met een beperkt lichamelijk,zintuiglijk of verstandelijk vermogen of een gebrek aanervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan ofinstructies hebben gekregen over het veilig gebruiken vanhet apparaat en indien zij de gevaren begrijpen. Kinderenjonger dan 8 jaar en personen met zware en complexebeperkingen dienen altijd uit de buurt van het apparaat te2 NEDERLANDS.
• Schakel het apparaat uit en laat hetafkoelen voordat u het schoonmaakt. • Reinig het apparaat met een vochtige,zachte doek. Gebruik alleen neutraleschoonmaakmiddelen. Gebruik geenschurende producten, schuursponsjes,oplosmiddelen of metalen voorwerpen,tenzij anders aangegeven. 2. 5 Service• Neem contact op met de erkendeservicedienst voor reparatie van hetapparaat. Gebruik alleen originelereserveonderdelen. • Met betrekking tot de lamp(en) in ditproduct en reservelampen die afzonderlijkworden verkocht: Deze lampen zijnbedoeld om bestand te zijn tegen extremefysieke omstandigheden in huishoudelijkeapparaten, zoals temperatuur, trillingen,vochtigheid, of zijn bedoeld om informatiete geven over de operationele status vanhet apparaat. Ze zijn niet bedoeld voorgebruik in andere toepassingen en zijnniet geschikt voor verlichting inhuishoudelijke ruimten. 2. 6 VerwijderingWAARSCHUWING.
Gevaar voor letsel of verstikking. • Neem contact op met uw plaatselijkeoverheid voor informatie over het afvoerenvan het apparaat. • Haal de stekker uit het stopcontact. • Snijd het netsnoer vlak bij het apparaat afen gooi het weg. 3. INSTALLATIEWAARSCHUWING. Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 3. 1 Voor montageVoordat u de kookplaat installeert, dient u deonderstaande informatie van het typeplaatjete noteren. Het typeplaatje bevindt zichonderop de kookplaat. Serienummer. 3. 2 Ingebouwde kookplatenInbouwkookplaten mogen alleen wordengebruikt nadat zij ingebouwd zijn in geschikteinbouwunits of werkbladen die aan denormen voldoen. 3. 3 Aansluitsnoer• De kookplaat wordt geleverd met eenaansluitkabel• Gebruik als vervanging van hetbeschadigde netsnoer het volgendesnoertype: H05V2V2-F dat bestand istegen een temperatuur van 90°C of hoger. Neem contact op met de servicedienst.
Het aansluitsnoer mag alleen wordenvervangen door een gekwalificeerdeelektricien. 3. 4 De afdichting bevestigen -Geïntegreerde installatie1. Reinig de sponningen in het werkblad. 2.
Snijd de meegeleverde 3x10 mmafdichtingsstreep in vier strepen. Destrepen moeten dezelfde lengte hebbenals de sponningen. 3. Knip de uiteinden van de strepen in eenhoek van 45°. Ze moeten nauwkeurig inde hoeken van de sponningen passen. 4. Bevestig de strepen aan de rabbels. Rekde strippen niet uit. Plak de uiteinden vande strippen niet over elkaar heen. Dicht na plaatsing van de kookplaat de kiertussen het werkblad en het glaskeramiek metsiliconenkit. Zorg ervoor dat de siliconen nietonder het glaskeramiek komen. 3. 5 De afdichting bevestigen -Installatie aan bovenkant1. Reinig het werkblad rond het uitgesnedengebied. 2. Bevestig de meegeleverde 2x6 mmafdichtstrip tegen de onderrand van dekookplaat langs de buitenrand van dekeramische plaat. Rek het niet uit. Zorgdat de uiteinden van de afdichtstrip zichin het midden van een van de zijden vande kokplaat bevinden. NEDERLANDS 7.
3. Tel een paar millimeter bij de af teknippen lengte van de afdichtstrip.4. Duw de twee uiteinden van de afdichtstripsamen.3.6 MontageAls je de kookplaat onder een kap installeert,raadpleeg je de installatie-instructies van deafzuigkap voor de minimumafstand tussen deapparaten.min.50mmmin.500mmAls het apparaat boven een lade wordtgeïnstalleerd, kan de ventilatie van dekookplaat de artikelen die zich in de ladebevinden tijdens het bereidingsprocesopwarmen.INSTALLATIE OP DE BOVENKANT900GEÏNTEGREERDE INSTALLATIE880+1780492851075520min.
www.youtube.com/electroluxwww.youtube.com/aegHow to install your AEG induction hob flush installation4. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT4.1 Indeling van het kookoppervlak1211111Inductie kookzone2Bedieningspaneel4.2 Indeling bedieningspaneel13 24591076 8Gebruik de tiptoetsen om het apparaat te bedienen. De displays, indicatielampjes en geluidentonen welke functies worden gebruikt.NEDERLANDS 9
Tip‐toetsFunctie Omschrijving1Aan / Uit Het apparaat in- en uitschakelen.2Timer De functie instellen.3 / - De tijd verlengen of verkorten.4- Timerdisplay De tijd in minuten weergeven.5Bridge De functie in- en uitschakelen.6Pauze De functie in- en uitschakelen.7Blokkering / Kinderbeveiligingsin‐richtingHet bedieningspaneel vergrendelen/ontgrendelen.8Hob²Hood De handmatige modus van functie in- en uitschakelen.9PowerBoost Het inschakelen van de functie.10- Bedieningsbalk Het instellen van de kookstand.4.3 Indicatielampjes op de displayIndicatielampje Omschrijving + cijferEr is een storing. / / OptiHeat Control (3 stappen Restwarmte-indicator): doorgaan met koken/warm hou‐den/restwarmte.5.
DAGELIJKS GEBRUIKWAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.5.1 In- en uitschakelenHoud ingedrukt om de kookplaat in of uitte schakelen.5.2 PandetectieDeze functie geeft de aanwezigheid vankookgerei op de kookplaat aan en schakeltde kookzones uit als er tijdens eenkooksessie geen kookgerei wordtgedetecteerd.Als je kookgerei op een kookzone plaatstvoordat je een kookstand selecteert,verschijnt het indicatielampje boven 0 op deregelbalk.Als je kookgerei uit een geactiveerdekookzone verwijdert en deze tijdelijk opzij zet,gaan de indicatielampjes boven debijbehorende regelbalk knipperen. Als je hetkookgerei niet binnen 120 secondenterugplaatst op de geactiveerde kookzone,wordt de kookzone automatischuitgeschakeld.Plaats het kookgerei weer op de kookzonesbinnen de aangegeven time-out om hetkoken te hervatten.10 NEDERLANDS
5.3 De kookzones gebruikenPlaats het kookgerei in het midden van degekozen kookzone. Inductiekookzonespassen zich tot op zekere hoogteautomatisch aan de afmetingen van pannenaan.Gebruik voor een optimalewarmteoverdracht kookgerei met eenbodemdiameter die vergelijkbaar is metde grootte van de kookzone (d.w.z. demaximale waarde van de diameter vanhet kookgerei in "Technische gegevens"> "Specificatie van de kookzone"). Zorgervoor dat het kookgerei geschikt is voorinductiekookplaten. Kijk voor meerinformatie op types kookgerei in hethoofdstuk 'Hints en tips'.U kunt met de functie Bridge groot kookgereiop twee kookzones tegelijkertijd koken. Hetkookgerei dient het midden van beide zoneste bedekken, maar niet voorbij degebiedsmarkering komen. Als het kookgereitussen beide middenzones wordt geplaatst,wordt de functie Bridge niet geactiveerd.5.4 Warmte-instelling1.
Druk op de gewenste warmte-instellingop de regelbalk.De indicatielampjes boven de regelbalkverschijnen tot het geselecteerdewarmteniveau.2. Druk op 0 om een kookzone uit teschakelen.5.5 PowerBoostDeze functie maakt meer vermogenbeschikbaar voor de inductiekookzones. Defunctie kan voor een beperkte tijdsduur vooruitsluitend de inductiekookzone wordengeactiveerd. Daarna wordt deinductiekookzone automatischteruggeschakeld naar de hoogste kookstand.Zie het hoofdstuk 'Technische gegevens'.Om de functie voor een kookzone in teschakelen: raak aan.De functie uitschakelen: wijzig dekookstand.5.6 OptiHeat Control (3-stapsrestwarmte-indicator)WAARSCHUWING! / / Zolang het indicatielampjezichtbaar is, bestaat er een risico opbrandwonden door restwarmte.De inductiekookzones creëren de voor hetkookproces benodigde warmte rechtstreeksin de bodem van het kookgerei.
- doorgaan met koken, - warm houden, - restwarmte. Het indicatielampje kan ook verschijnen:• voor de aangrenzende kookzones, zelfsals je ze niet gebruikt,• als er heet kookgerei op de koudekookzone wordt geplaatst,• als de kookplaat is uitgeschakeld, maar dekookzone nog heet is. Het indicatielampje verdwijnt als de kookzoneis afgekoeld. 5. 7 timer optiesTimer met aftelfunctieGebruik deze functie om aan te gevenhoelang een kookzone moet werken tijdenseen enkele kooksessie. Stel eerst de wartme-instelling voor degeselecteerde kookzone in en stel daarna defunctie in. 1. Druk op. 00 verschijnt op hettimerdisplay. 2. Druk op of op om de tijd in testellen (00-99 minuten). 3. Druk op om de timer te starten ofwacht 3 seconden. De timer begint af tetellen. Om de tijd te wijzigen: selecteer dekookzone met en druk op of. Om de functie uit te schakelen: selecteerde kookzone met en druk op.
Deresterende tijd telt terug tot 00. De timer is klaar met aftellen, er klinkt eensignaal en 00 knippert. Schakelt de kookzoneuit. Druk op een willekeurig symbool om hetsignaal en te knipperen te stoppen. KookwekkerU kunt deze functie gebruiken alskookwekker terwijl de kookplaat isingeschakeld maar de kookzones nietwerken. De kookstand toont 00. 1. Druk op. 2. Druk op of om de tijd in te stellen. De timer is klaar met aftellen, er klinkt eensignaal en 00 knippert. Druk op eenwillekeurig symbool om het signaal en teknipperen te stoppen. Om de functie uit te schakelen: tik op endruk op. De resterende tijd telt terug tot00. 5. 8 StroommanagementAls er meerdere zones actief zijn en hetverbruikte vermogen de limiet van destroomtoevoer overschrijdt, verdeelt dezefunctie het beschikbare vermogen tussen allekookzones (verbonden met dezelfde fase).
Als de kookplaat delimiet van het maximaal beschikbarevermogen bereikt binnen een fase, wordthet vermogen van de kookzonesautomatisch verlaagd. • De warmte-instelling van de als eerstegekozen kookzone heeft altijd prioriteit. Het resterende vermogen zal tussen deoverige kookzones worden verdeeld, inomgekeerde volgorde van selectie. • Voor kookzones met verminderdvermogen knippert het bedieningspaneeltweemaal en toont het de maximaalmogelijke warmte-instellingen. • Wacht totdat het display stopt metknipperen of verlaag de opwarmstand vande geselecteerde kookzone als laatste. Dekookzones blijven werken met deverlaagde warmte-instelling. Wijzig indiennodig handmatig de warmte-instellingenvan de kookzones. Zie de afbeelding voor mogelijke combinatieswaarin vermogen over de kookzones kanworden verdeeld. 12 NEDERLANDS.
5. 9 MenustructuurDe tabel toont de basismenustructuur. GebruikersinstellingenSym‐boolInstellingen Mogelijke optiesb Geluid Aan / Uit (--)H AUTO-modus 0 - 6E Alarm / foutge‐schiedenisDe lijst met recentealarmen / fouten. Om gebruikersinstellingen in te voeren: 3seconden ingedrukt houden. Houdvervolgens ingedrukt. De instellingenverschijnen op de timer van de linkerkookzones. Navigeren door het menu: het menubestaat uit het instellingssymbool en eenwaarde. Het symbool verschijnt op de timeraan de achterkant en de waarde verschijnt opde timer aan de voorkant. Om tussen deinstellingen te navigeren, druk je op op detimer aan de voorzijde. Druk op of opde timer aan de voorzijde om deinstellingswaarde te wijzigen. Om het menu te verlaten: druk op. OffSound ControlJe kunt de geluiden in / uitschakelen in Menu> Gebruikersinstellingen. Zie "Menustructuur".
Wanneer de geluiden uit zijn, kun je hetgeluid nog steeds horen als:• u aanraakt,• de timer gaat uit,• druk je op een inactief symbool. 6. EXTRA FUNCTIES6. 1 Automatische uitschakelingDe functie schakelt de kookplaatautomatisch uit als:• alle kookzones zijn uitgeschakeld,• je na het inschakelen van de kookplaatgeen kookstand of ventilatorsnelheidinstelt,• je iets hebt gemorst of langer dan 10seconden iets op het bedieningspaneelhebt gelegd (een pan, doek). Er klinkt eensignaal en de kookplaat wordtuitgeschakeld. Verwijder het object ofreinig het bedieningspaneel. • het apparaat te heet wordt (bijv. als eensteelpan droogkookt). Laat de kookzoneafkoelen voordat je de kookplaat weergebruikt. • je een kookzone niet uitschakelt of dekookstand wijzigt. Na enige tijd wordt dekookplaat uitgeschakeld.
De functie stopt de timerfuncties niet. 1. Om de functie in te schakelen: druk op. De warmte-instelling wordt verlaagd naar 1. 2. Om de functie uit te schakelen, druk op. De vorige kookstand verschijnt. 6. 3 BlokkeringU kunt het bedieningspaneel vergrendelenterwijl de kookplaat in werking is. Ditvoorkomt een onbedoelde wijziging van dekookstandStel eerst de kookstand. Om de functie in te schakelen: druk op. Om de functie uit te schakelen: druknogmaals op. De functie wordt uitgeschakeld, als je dekookplaat uitschakelt. 6. 4 KinderbeveiligingsinrichtingDeze functie voorkomt onbedoeld gebruikvan de kookplaat. Om de functie te activeren: druk op. Stelgeenin. Houd 3 seconden ingedrukt tot hetindicatielampje boven het symbool verschijnt. Schakel de kookplaat uit met. Als je de kookplaat uitschakelt, is defunctie nog steeds actief. Hetindicatielampje hierboven brandt.
Om de functie uit te schakelen: druk op. Stel geen kookstandin. Houd 3 secondeningedrukt totdat het indicatielampje boven hetsymbool verdwijnt. Schakel de kookplaat uitmet. Koken met de functie ingeschakeld: drukop en druk vervolgens 3 seconden optot het indicatielampje boven het symboolverdwijnt. Je kunt de kookplaat bedienen. Alsje de kookplaat uitschakelt met de -functie, werkt weer. 6. 5 BridgeDe functie werkt als de pan demiddelpunten van beide zones bedekt. Raadpleeg "De kookzones gebruiken"voor meer informatie over de juisteplaatsing van kookgerei. De functie verbindt twee kookzones en zewerken als één kookzone. Stel eerst de kookstand in voor één van dekookzones. Om de functie voor linker-/rechterkookzones te activeren: raak / aan. Om de warmte-instelling in te stellen ofte wijzigen, raakt u een van de linker/rechterregelsensoren aan. Om de functie uit te schakelen: raak / aan.
De kookzones werken onafhankelijk vanelkaar. 6. 6 Hob²HoodHet is een geavanceerde automatischefunctie die de kookplaat op een speciale kapaansluit. Zowel de kookplaat als de afzuigkaphebben een infraroodontvanger.
temperatuur van de pannen automatisch enstelt de snelheid van de ventilator erop af. Automatische modi Automa‐tischlampjeKoken1)Bakken2)H0 Uit Uit UitH1 Aan Uit UitH2 3)Aan Ventilator‐snelheid 1Ventilator‐snelheid 1H3 Aan Uit Ventilator‐snelheid 1H4 Aan Ventilator‐snelheid 1Ventilator‐snelheid 1H5 Aan Ventilator‐snelheid 1Ventilator‐snelheid 2H6 Aan Ventilator‐snelheid 2Ventilator‐snelheid 31) De kookplaat detecteert het kookproces en activeertde ventilatorsnelheid overeenkomstig de automatischemodus. 2) De kookplaat detecteert het bakproces en activeertde ventilatorsnelheid overeenkomstig de automatischemodus. 3) Deze modus activeert de ventilator en de verlichtingen reageert niet op de temperatuur. De automatische modus wijzigen1. De kookplaat uitschakelen. 2. Druk 3 seconden op. Het display gaataan en weer uit. 3. Druk 3 seconden op. 4. Druk een paar keer in tot H gaatbranden. 5.
Druk op van de timer om eenautomatische modus te selecteren. Schakel de automatische modus van defunctie uit om de afzuigkap rechtstreeksop het afzuigkappaneel te bedienen. Als je klaar bent met koken en dekookplaat uitschakelt, werkt de ventilatormogelijk nog even. Daarna schakelt hetsysteem de ventilator automatisch uit enwordt voorkomen dat je de ventilator perongeluk in de komende 30 secondenactiveert. De ventilatorsnelheid handmatig bedienenJe kunt de functie ook handmatig bedienen. Druk hiervoor op als de kookplaat actiefis. Hierdoor wordt de automatische werkingvan de functie uitgeschakeld en kun je deventilatorsnelheid handmatig wijzigen. Als jeop drukt, wordt de ventilatorsnelheid metéén verhoogd. Als je een intensief niveaubereikt en weer op drukt, stel je deventilatorsnelheid in op 0 waardoor deafzuigkapventilator uitschakelt.
7. AANWIJZINGEN EN TIPSWAARSCHUWING. Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 7. 1 PannenVoor inductiekookzones creëert een sterkelektromagnetisch veld de hitte in depannen zeer snel. Gebruik de inductiekookzones met geschiktepannen. • Om oververhitting te voorkomen en deprestaties van de zones te verbeteren,moet het kookgerei zo dik en vlak mogelijkzijn. • Zorg ervoor dat bodems schoon en droogzijn voordat het kookgerei op de kookplaatworden gezet. • Let er altijd op dat u het kookgerei nietschuift of wrijft op de randen en hoekenvan het glas , omdat dit het glasoppervlakkan beschadigen. Panmaterialen• goed: gietijzer, staal, geëmailleerd staal,roestvrij staal, meerlaagse bodem(aangemerkt als geschikt door defabrikant). • niet goed: aluminium, koper, messing,glas, keramiek, porselein.
Een pan is geschikt voor eeninductiekookplaat als:• water op de hoogste kookstand binnenkorte tijd wordt verwarmd,• een magneet op de onderkant van hetkookgerei plakt. Afmetingen van pannen• Inductiekookzones passen zich tot opzekere hoogte automatisch aan deafmetingen van pannen aan. Raadpleeg"Technische gegevens" > "Specificatie vankookzones" voor de juiste afmetingen vankookgerei. Plaats het kookgerei in hetmidden van de gekozen kookzone. • De efficiëntie van een kookzone hangtsamen met de diameter van de pan. Gebruik voor een optimalewarmteoverdracht kookgerei met eenbodemdiameter die vergelijkbaar is met degrootte van de kookzone (d. w. z. demaximale waarde van de diameter van hetkookgerei in "Technische gegevens" >"Specificatie van de kookzone").
– Pannen met een diameter kleiner daneen bepaalde kookzone ontvangenslechts een deel van het vermogen datdoor de kookzone wordt opgewekt,wat resulteert in een langzamereopwarming. – Gebruik zowel om veiligheidsredenenals voor optimale kookresultaten geenpannen groter dan aangegeven in dekookzonespecificaties. Zorg ervoor datpannen tijdens het koken niet dicht bijhet bedieningspaneel blijven.
Dit kaninvloed hebben op de werking van hetbedieningspaneel of onbedoeld dekookplaatfuncties activeren. Raadpleeg de technische gegevens. 7. 2 Geluiden tijdens bedrijfDeze geluiden zijn normaal en hebbenniets met een defect te maken. Geluidenvan kookgerei kunnen variërenafhankelijk van het materiaal van hetkookgerei en het vermogen. Geluiden gerelateerd aan kookgerei:• kraakgeluid: kookgerei is gemaakt vanverschillende materialen (sandwich-constructie). • fluitend geluid: bij gebruik van eenkookzone met een hoge kookstand en alshet kookgerei is gemaakt vanverschillende materialen (een sandwich-constructie). • bromgeluid: als u een hoge kookstandgebruikt. Kookplaatgerelateerde geluiden:• klikken: er treedt elektrische schakelingop. • sissen, zoemen: de ventilator werkt. 16 NEDERLANDS.
• ritmisch geluid: kookgerei wordtgedetecteerd.7.3 Öko Timer (Eco-timer)Om energie te besparen, wordt deverwarming van de kookzone uitgeschakeldvoordat de afteltimer klinkt. Het verschil inbedrijfstijd is afhankelijk van hetkookstandniveau en de duur van debereiding.7.4 Vereenvoudigde kookgidsDe correlatie tussen de kookstand en hetstroomverbruik van de kookzone is nietlineair. Wanneer u de kookstand verhoogt, isdit niet proportioneel met de toename instroomverbruik van de kookzone. Hetbetekent dat een kookzone op de mediumkookstand minder dan de helft van hetvermogen gebruikt.De gegevens in de tabel dienen alleenals richtlijn.Warmte-instel‐lingGebruik om het volgende tedoen:Tijd(min)Tips1 Houd gekookt voedsel warm.
indien no‐digDoe een deksel op het kookgerei.1 - 2 Hollandaisesaus, smelten: boter, cho‐colade, gelatine.5 - 25 Roer af en toe.2 Stollen: luchtige omeletten, gebakkeneieren.10 - 40 Kook met een deksel erop.2 - 3 Zachtjes aan de kook brengen van rijsten gerechten op basis van melk, reedsbereide gerechten opwarmen.25 - 50 Voeg minimaal twee keer zo veelvocht toe als rijst en roer gerechten opmelkbasis halverwege de proceduredoor.3 - 4 Stoofgroenten, vis, vlees. 20 - 45 Voeg een paar eetlepels water toe.Controleer de hoeveelheid water tij‐dens het proces.4 - 5 Stoom aardappelen en andere groen‐ten.20 - 60 Bedek de bodem van de pan met 1-2cm water. Controleer het waterpeil tij‐dens het proces.
7.5 Praktische tips voor Hob²HoodWanneer je de kookplaat gebruikt met defunctie:• Bescherm het paneel van de kap tegendirect zonlicht.• Schijn geen halogeenlicht op het paneelvan de kap.• Dek het bedieningspaneel van deafzuigkap niet af.• Onderbreek het signaal tussen dekookplaat en de afzuigkap niet(bijvoorbeeld met een hand, eenhandgreep van een pan of een grote pan).Zie de afbeelding.De kap hieronder is alleen bedoeld terillustratie.Andere op afstand bediende apparatenkunnen het signaal hinderen. Gebruikdergelijke apparaten niet in de buurt vande kookplaat terwijl Hob²Hoodingeschakeld is.Afzuigkappen met de Hob²Hood-functieVoor het volledige assortiment afzuigkappendat met deze functie werkt, raadpleeg je onzewebsite van de consument. De AEG-afzuigkappen die met deze functie werken,moeten het symbool hebben.8.
ONDERHOUD EN REINIGINGWAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.8.1 Algemene informatie• Reinig de kookplaat na elk gebruik.• Gebruik altijd kookgerei met een schonebodem.• Krassen of donkere vlekken op hetoppervlak hebben geen invloed op dewerking van de kookplaat.• Gebruik een specifiek schoonmaakmiddelvoor het oppervlak van de kookplaat.• Gebruik altijd een schraper die wordtaanbevolen voor kookplaten met eenglazen oppervlak. Gebruik de schraperalleen als extra hulpmiddel voor hetreinigen van het glas na de standaardreinigingsprocedure.WAARSCHUWING!Gebruik geen messen of anderscherp, metalen gereedschap om hetglasoppervlak te reinigen.8.2 Het kookplaat reinigen• Verwijder onmiddellijk: gesmoltenkunststof, plastic folie, zout, suiker ensuikerhoudend voedsel, anders kan ditschade aan de kookplaat veroorzaken.Doe voorzichtig om brandwonden tevoorkomen.
op de glazen plaat en verwijder restendoor het blad over het oppervlak teschuiven. • Verwijder dit als de kookplaatvoldoende afgekoeld is: kalkringen,waterringen, vetvlekken, glanzendemetaalverkleuring. Reinig de kookplaatmet een vochtige doek en een beetje niet-schurend reinigingsmiddel. Veeg dekookplaat na het reinigen droog met eenzachte doek. • Verwijder glanzende metaalverkleuring:reinig het glazen oppervlak met een doeken een oplossing van water met azijn. 9. PROBLEEMOPLOSSINGWAARSCHUWING. Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 9. 1 Wat moet je doen als. Probleem Mogelijke oorzaak OplossingJe kunt de kookplaat niet inscha‐kelen of bedienen. De kookplaat is niet aangesloten opeen stopcontact of niet goed geïn‐stalleerd. Controleer of de kookplaat goed aan‐gesloten is op het lichtnet. De zekering is doorgeslagen. Verzeker je ervan dat de zekering deoorzaak van de storing is.
Als de zeke‐ringen keer op keer doorslaan, neemje contact op met een erkende installa‐teur. Je stelde gedurende 60 secondengeen kookstand in. Schakel de kookplaat opnieuw in enstel de kookstand binnen 60 secondenin. Je hebt 2 of meer sensorvelden te‐gelijkertijd aangeraakt. Raak slechts één sensorveld aan. Pauze is in werking. Zie "Pause". Water of vetvlekken op het bedie‐ningspaneel. Reinig het bedieningspaneel. Je kunt een constant piepgeluidhoren. De elektrische aansluiting is ver‐keerd. Trek de stekker van de kookplaat uithet stopcontact. Laat de installatiecontroleren door een erkende elektri‐cien. Je kunt de maximale warmte‐stand niet instellen voor één vande kookzones. De andere zones verbruiken hetmaximaal beschikbare vermogen. Je kookplaat werkt correct. Verlaag de warmtestand van de ande‐re kookzones die op dezelfde fase zijnaangesloten. Zie 'Stroommanage‐ment'.
Probleem Mogelijke oorzaak OplossingDe kookplaat wordt uitgescha‐keld. Je hebt iets op het sensorveld geplaatst. Verwijder het voorwerp van het sen‐sorveld. De restwarmte-indicator gaat nietaan. De zone is niet heet omdat dezeslechts kortstondig is gebruikt, of desensor is beschadigd. Als de zone voldoende lang gebruikt isom heet te zijn, neem je contact opmet een erkende servicedienst. Hob²Hood werkt niet. Je hebt het bedieningspaneel afge‐dekt. Verwijder het voorwerp van het bedie‐ningspaneel. Je maakt gebruik van een hele hogepan die het signaal blokkeert. Gebruik een kleinere pan, verandervan kookzone of bedien de afzuigkaphandmatig. Automatisch opwarmen werktniet. De hoogste kookstand is ingesteld. De hoogste kookstand heeft hetzelfdevermogen als de functie. De zone is heet. Laat de zone voldoende afkoelen. Het bedieningspaneel wordt heetbij aanraking.
Het kookgerei is te groot of je plaatsthet te dicht bij het bedieningspaneel. Plaats grotere pannen indien mogelijkop de achterste kookzones. Er klinkt geen geluidsignaal wan‐neer je de tiptoetsen van het be‐dieningspaneel aanraakt. De signalen zijn uit. Schakel de geluiden in. Raadpleeg‘Dagelijks gebruik’. Het indicatielampje boven hetsymbool gaat aan. Kinderbeveiligingsinrichting of Blok‐kering werkt. Zie "Kinderbeveiliging" en "Blokke‐ring". De bedieningsbalk knippert. Er staat geen pan op de zone, of dezone is niet volledig bedekt. Zet een pan op de zone, zodat de pande zone volledig bedekt. De pan is niet geschikt. Gebruik kookgerei dat geschikt is voorinductiekookplaten. Zie 'Aanwijzingenen tips'. De diameter van de bodem van depan is te klein voor de zone. Gebruik pannen met de juiste afmetin‐gen. Raadpleeg de technische gege‐vens. Opwarmen duurt lang.
Gebruik voor een optimale warmte‐overdracht kookgerei met een bodem‐diameter die vergelijkbaar is met degrootte van de kookzone (d. w. z. demaximale waarde van de diameter vanhet kookgerei in "Technische gege‐vens" > "Specificatie van de kookzo‐ne"). en een getal gaan branden. Er is een fout opgetreden in dekookplaat. Schakel de kookplaat uit en schakeldeze na 30 seconden weer in. Wan‐neer weer verschijnt, trek je destekker van de kookplaat uit het stop‐contact. Steek de stekker van de kook‐plaat er na 30 seconden weer in. Alshet probleem zich blijft voordoen,neem je contact op met een erkendeservicedienst. 20 NEDERLANDS.
11.0 kWAEG 10.2 Specificatie kookzonesKookzone Nominaal vermo‐gen (max warmte-instelling) [W]PowerBoost [W] PowerBoostmaximale duur[min]Diameter van hetkookgerei [mm]Links voor 2300 3200 10 125 - 210Links achter 2300 3200 10 125 - 210Middenachter 1800 / 3500 2800 / 3700 10 / 10 145 - 245 / 245 - 280Rechtsvoor 2300 3200 10 125 - 210Rechtsachter 2300 3200 10 125 - 210Het vermogen van de kookzones kan binneneen bepaalde kleine marge verschillen vande gegevens in de tabel. Dit kan veranderenafhankelijk van het materiaal en deafmetingen van het kookgerei.Gebruik voor een optimale warmteoverdrachten kookresultaat kookgerei met eenbodemdiameter die vergelijkbaar is met degrootte van de kookzone (d.w.z. de maximalewaarde van de diameter van het kookgerei inde tabel). Gebruik geen kookgerei dat groteris dan de diameter van de kookzone.11.
Aantal kookzones 5Verwarmingstechnologie InductieDiameter van ronde kookzones (Ø) Links voorLinks achterMiddenachterRechtsvoorRechtsachter21.0 cm21.0 cm28.0 cm21.0 cm21.0 cmEnergieverbruik per kookzone (EC electric cooking) Links voorLinks achterMiddenachterRechtsvoorRechtsachter179.6 Wh/kg189.1 Wh/kg191.3 Wh/kg187.3 Wh/kg189.1 Wh/kgEnergieverbruik van de kookplaat (EC electric hob) 187.3 Wh/kgIEC / EN 60350-2 - Huishoudelijke elektrischekookapparaten - Deel 2: Kookplaten -Methoden voor het meten van prestaties.De energiemetingen betreffende hetkookgebied worden geïdentificeerd door demarkeringen van de respectievelijkekookzones.11.2 EnergiebesparendeJe kunt energie besparen tijdens het dagelijkskoken als je de onderstaande aanwijzingenvolgt.• Gebruik bij het opwarmen van wateralleen de hoeveelheid die je nodig hebt.• Plaats, indien mogelijk, altijd de dekselsop het kookgerei.• Plaats het kookgerei direct in het middenvan de kookzone.• Gebruik de restwarmte om het voedselwarm te houden of om het te latensmelten.11.3 Productinformatie voor stroomverbruik en maximale tijd om detoepasselijke modus voor laag vermogen te bereikenStroomverbruik in uit-modus 0.3 WDe maximale tijd die de apparatuur nodig heeft om automatisch de toepasselijkemodus voor laag vermogen te bereiken2 min12.
MILIEUBESCHERMINGRecycleer de materialen met het symbool .Gooi de verpakking in een geschikteafvalcontainer om het te recycleren.Bescherm het milieu en de volksgezondheiden recycleer op een correcte manier het afvalvan elektrische en elektronische apparaten.Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool niet weg met het huishoudelijk afval.Breng het product naar het milieustation bij uin de buurt of neem contact op met degemeente.22 NEDERLANDS
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met AEG NIK95N08IB stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Fornuis AEG
Handleiding Fornuis
Nieuwste handleidingen voor Fornuis
