AEG NBU3P401SB Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van AEG NBU3P401SB (52 pagina’s), behorend tot de categorie Oven. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 3 mensen en kreeg gemiddeld 4.5 sterren uit 6 reviews. Heb je een vraag over AEG NBU3P401SB of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag
Product specificaties
| Merk: | AEG |
| Categorie: | Oven |
| Model: | NBU3P401SB |
Handleiding AEG NBU3P401SB – volledige tekst
Welkom bij AEG. Hartelijk dank dat je voor onze apparatuur hebtgekozen. Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, service- en reparatie-informatie:www. aeg. com/supportWijzigingen voorbehouden. INHOUDSOPGAVE1. VEILIGHEIDSINFORMATIE. 32. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN. 53. PRODUCTBESCHRIJVING. 94. BEDIENINGSPANEEL. 95. VOOR HET EERSTE GEBRUIK. 106. DAGELIJKS GEBRUIK. 117. EXTRA FUNCTIES. 158. KLOKFUNCTIES. 169. DE ACCESSOIRES GEBRUIKEN. 1710. AANWIJZINGEN EN TIPS. 1811. ONDERHOUD EN REINIGING. 2012. PROBLEEMOPLOSSING. 2313. ENERGIEVERBRUIK. 2314. MILIEUBESCHERMING. 251. VEILIGHEIDSINFORMATIELees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatieen gebruik van het apparaat. De fabrikant is nietverantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeituit de onjuiste installatie of het onjuiste gebruik.
Bewaar deinstructies altijd op een veilige, toegankelijke plek voortoekomstig gebruik. 1. 1 De veiligheid van kinderen en kwetsbarepersonen• Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaaren ouder en door mensen met een beperkt lichamelijk,zintuiglijk of verstandelijk vermogen of een gebrek aanervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan ofinstructies hebben gekregen over het veilig gebruiken vanNEDERLANDS 3.
deze vervangen teneinde gevaarlijke situaties metelektriciteit te voorkomen.• WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat het apparaat isuitgeschakeld voordat u de lamp vervangt om elektrischeschokken te voorkomen.• WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijkeonderdelen ervan worden heet tijdens het gebruik.
Zorgervoor dat je de verwarmingselementen of het oppervlakvan de apparaatruimte niet aanraakt.• Gebruik altijd ovenhandschoenen om accessoires ofovenschalen te verwijderen of erin te plaatsen.• Om de inschuifrailen te verwijderen trek eerst de voorkantvan de inschuifrail en dan de achterkant uit de zijwanden.Plaats de inschuifrails in omgekeerde volgorde.• Gebruik geen stoomreiniger om het apparaat schoon temaken.• Gebruik nooit agressieve reinigingsmiddelen of scherpemetalen schrapers om de glazen deur schoon te maken.Deze kunnen krassen veroorzaken op het oppervlak,waardoor het glas zou kunnen breken.• Haal, vóór pyrolytische reiniging, alle accessoires enovermatige afzettingen/morsingen uit de ovenruimte van hetapparaat.2.
VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN2.1 InstallerenWAARSCHUWING!Alleen een erkende installatietechnicusmag dit apparaat installeren.• Verwijder alle verpakkingsmaterialen.• Installeer en gebruik geen beschadigdapparaat.• Volg de installatie-instructies die op onzewebsite staan.• Pas altijd op bij verplaatsing van hetapparaat, want het is zwaar. Gebruik altijdveiligheidshandschoenen en geslotenschoeisel.• Trek het apparaat nooit aan de handgreepvan zijn plaats.• Installeer het apparaat op een veilige engeschikte plaats die aan alle installatie-eisen voldoet.• Houd de minimumafstand naar andereapparaten en units in acht.• Controleer, voordat je het apparaatmonteert, of de ovendeur onbelemmerdopent.• Het apparaat is uitgerust met eenelektrisch koelsysteem. Het moet wordengebruikt met de elektrische voeding.NEDERLANDS 5
2. 2 Elektrische aansluitingWAARSCHUWING. Gevaar voor brand en elektrischeschokken. • Alle elektrische aansluitingen moeten dooreen gediplomeerd elektromonteur wordengemaakt. • Dit apparaat moet worden aangesloten opeen geaard stopcontact. • Zorg ervoor dat de parameters op hetvermogensplaatje overeenkomen metelektrische vermogen van de netstroom. • Gebruik altijd een juist geïnstalleerdschokbestendig stopcontact. • Gebruik geen adapters met meerderestekkers en verlengkabels. • Zorg dat u de netstekker en het netsnoerniet beschadigt. Indien de voedingskabelmoet worden vervangen, dan moet ditgebeuren door onze Klantenservice. • Laat de stroomkabel niet in aanrakingkomen met de deur van het apparaat of deniche onder het apparaat, met name nietals deze werkt of als de deur heet is.
• De schokbescherming van delen onderstroom en geïsoleerde delen moet op zo'nmanier worden bevestigd dat het nietzonder gereedschap kan wordenverplaatst. • Steek de stekker pas in het stopcontactals de installatie is voltooid. Zorg ervoordat het netsnoer na installatie bereikbaaris. • Als het stopcontact los zit, mag u destekker niet in het stopcontact steken. • Trek niet aan het netsnoer om hetapparaat los te koppelen. Trek altijd aande stekker. • Gebruik enkel correcteisolatievoorzieningen:stroomonderbrekers, zekeringen(schroefzekeringen moeten uit de houderworden verwijderd), aardlekschakelaarsen contactgevers. • De elektrische installatie moet eenisolatieapparaat bevatten waardoor hetapparaat volledig van het lichtnetafgesloten kan worden. Hetisolatieapparaat moet een contactopeninghebben met een minimale breedte van 3mm.
Kabeltypes die van toepassing zijn op deinstallatie of vervanging voor Europa:H07 RN-F, H05 RN-F, H05 RRF, H05 VV-F, H05V2V2-F (T90), H05 BB-FRaadpleeg voor het gedeelte van de kabelhet totale vermogen op het typeplaatje. Ukunt ook de tabel raadplegen:Totaal vermogen (W) Sectie van de kabel(mm²)maximaal 1380 3x0. 75maximaal 2300 3x1maximaal 3680 3x1. 5De aardedraad (groen/gele draad) moet 2 cmlanger zijn dan de bruine fase- en blauweneutrale draden. 2. 3 GebruikWAARSCHUWING. Gevaar voor letsel, brandwonden,elektrische schokken of een explosie. • De specificatie van dit apparaat nietwijzigen. • Zorg ervoor dat de ventilatieopeningenniet geblokkeerd worden. • Laat het apparaat tijdens de werking nietonbeheerd achter. • Schakel het apparaat na elk gebruik uit. • Wees voorzichtig met het openen van dedeur van het apparaat wanneer hetapparaat in werking is. Er kan hete luchtvrijkomen.
• Gebruik het apparaat niet met nattehanden of als het contact maakt metwater. • Oefen geen druk uit op de open deur. • Gebruik het apparaat niet als werkblad ofals opslagoppervlak. • Open de deur van het apparaatvoorzichtig. Het gebruik van ingrediënten6 NEDERLANDS.
met alcohol kan een mengsel van alcoholen lucht veroorzaken. • Laat geen vonken of open vlammen incontact met het apparaat komen wanneeru de deur opent. • Gebruik altijd glas en potten die zijngoedgekeurd voorconserveringsdoeleinden. • Plaats geen ontvlambare producten ofartikelen die vochtig zijn met ontvlambareproducten in, bij of op het apparaat. • Deel uw wifi-wachtwoord niet. WAARSCHUWING. Risico op schade aan het apparaat. • Om schade of verkleuring van het email tevoorkomen:– plaats ovenschalen of anderevoorwerpen niet rechtstreeks op debodem van het apparaat. – leg geen aluminiumfolie op de bodemvan de ruimte in het apparaat. – plaats geen water direct in het heteapparaat. – bewaar geen vochtige gerechten envoedsel in het apparaat nadat u klaarbent met koken. – wees voorzichtig bij het verwijderen ofbevestigen van accessoires.
• Verkleuring van het email of roestvrij staalis niet van invloed op de werking van hetapparaat. • Gebruik een diepe pan voor vochtigetaarten. Vruchtensappen veroorzakenvlekken die permanent kunnen zijn. • Kook altijd met de deur van het apparaatgesloten. • Als het apparaat achter een meubelpaneelgemonteerd is (bijv. een deur), zorg er danvoor dat de deur nooit gesloten is als hetapparaat in werking is. Warmte en vochtkunnen achter een gesloten meubelpaneelophopen en schade aan het apparaat, debehuizing of de vloer veroorzaken. Sluithet meubelpaneel niet tot het apparaatcompleet is afgekoeld na gebruik. 2. 4 Onderhoud en reinigenWAARSCHUWING. Gevaar voor letsel, vuur of schade aanhet apparaat. • Schakel het apparaat uit en trek destekker uit het stopcontact voordat jeonderhoudshandelingen verricht. • Zorg ervoor dat het apparaat koud is. Hetrisico bestaat dat de glasplaten breken.
• Reinig het apparaat regelmatig om tevoorkomen dat het materiaal van hetoppervlak achteruitgaat. • Reinig het apparaat met een vochtigezachte doek. Gebruik alleen neutraleschoonmaakmiddelen. Gebruik geenschuurmiddelen, schuursponsjes,oplosmiddelen of metalen voorwerpen. • Volg als u een ovenspray gebruikt deveiligheidsinstructies op de verpakking. 2. 5 Pyrolytische reinigingWAARSCHUWING. Risico op letsel / Brand / Chemischeuitstoot (dampen) in pyrolitische modus. • Voor het uitvoeren van de pyrolytischereiniging en de eerste voorverwarmingdient u het volgende uit de ovenruimte teverwijderen:– overtollig voedselresten, olie- ofvetresten/afzettingen. – alle verwijderbare voorwerpen(inclusief planken, zijrails, enz. , die bijhet apparaat zijn geleverd), met namealle antiaanbakpotten, pannen,dienbladen, keukengerei, enz. • Lees zorgvuldig alle instructies voorpyrolytische reiniging.
kunnen wordenbeschadigd door de hoge temperatuur vande pyrolytische reiniging van allepyrolytische ovens. Ook kunnen ze eenbron zijn voor schadelijke dampen op laagniveau. 2. 6 BinnenverlichtingWAARSCHUWING. Gevaar voor elektrische schokken. • Met betrekking tot de lamp(en) in ditproduct en reservelampen die afzonderlijkworden verkocht: Deze lampen zijnbedoeld om bestand te zijn tegen extremefysieke omstandigheden in huishoudelijkeapparaten, zoals temperatuur, trillingen,vochtigheid, of zijn bedoeld om informatiete geven over de operationele status vanhet apparaat. Ze zijn niet bedoeld voorgebruik in andere toepassingen en zijnniet geschikt voor verlichting inhuishoudelijke ruimten. • Dit product bevat een lichtbron vanenergie-efficiëntieklasse G. • Gebruik alleen lampjes met dezelfdespecificaties. 2. 7 Service• Neem contact op met de erkendeservicedienst voor reparatie van hetapparaat.
• Gebruik alleen originelereserveonderdelen. 2. 8 VerwijderingWAARSCHUWING. Gevaar voor letsel of verstikking. • Neem contact op met uw plaatselijkeoverheid voor informatie over het afvoerenvan het apparaat.
Draai de regelknop om het in te stellen.Draai de knop voor de verwarmingsfunctiesnaar de uit-stand om het apparaat uit teschakelen .4.2 Overzicht bedieningspaneelDruk op de knop om timerfuncties in testellen.Houd ingedrukt om de functie in testellen: Snel opwarmen.Druk op de knop om het lampje vanhet apparaat in en uit te schakelen.Houd ingedrukt om de functie in testellen: Blokkering.Druk op om de selectie te bevestigen.4.3 Indicatielampjes op de displayDisplay met toetsfuncties.Het apparaat is vergrendeld.Submenu: Kookassistentie.Submenu: Reinigen.Submenu: InstellingenSnel opwarmen is ingeschakeld.NEDERLANDS 9
Kookwekker is ingeschakeld. Kooktijd is ingeschakeld. Tijd uitgestelde start is ingeschakeld. Uptimer is ingeschakeld. Wi-Fi is ingeschakeld. Bediening op afstand is ingeschakeld. Voortgangsbalk - geeft visueel aanwanneer het apparaat de ingesteldetemperatuur bereikt of wanneer de be‐reidingstijd ten einde is. 5. VOOR HET EERSTE GEBRUIKWAARSCHUWING. Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 5. 1 Tijd instellenWacht bij eerste aansluiting op de stroomtotdat het display het volgende weergeeft: "00:00" of "12:00" (afhankelijk van hetmodel). 1. Draai aan de regelknop om de tijd in testellen. 2. Druk op. 5. 2 Eerste keer voorverwarmen enreinigenWarm het lege apparaat voor voordat u hetvoor de eerste keer gebruikt en voordat hetmet etenswaren in contact komt. Hetapparaat kan een onaangename geur enrook afgeven. Ventileer de kamer tijdens hetvoorverwarmen. 1.
Haal alle accessoires en verwijderbareinschuifrails uit het apparaat. 2. Stel de functie in. Stel demaximumtemperatuur in. Laat hetapparaat 1 u werken. 3. Stel de functie in. Stel demaximumtemperatuur in. Laat hetapparaat 15 min werken. 4. Stel de functie in. Stel demaximumtemperatuur in. Laat hetapparaat 15 min werken. 5. Schakel het apparaat uit en wacht tot hetis afgekoeld. 6. Reinig het apparaat en de accessoiresuitsluitend met een microvezeldoek,warm water en een mild reinigingsmiddel. 7. Plaats de accessoires en deverwijderbare inschuifrails terug in hunoorspronkelijke positie. 5. 3 Draadloze verbindingOm het apparaat te verbinden hebt u hetvolgende nodig:• Draadloos netwerk met internetverbinding. • Mobiel apparaat dat is verbonden methetzelfde draadloze netwerk. 1. Scan de QR-code op de achterkant vande gebruikershandleiding om de app tedownloaden.
Stel een lagere temperatuur in dan bijkoken met boven + onderwarmte, omdat deventilator de warmte gelijkmatig verdeelt in deoven. Boven + onderwarmteVoor het bakken en roosteren op één ovenni‐veau. Bevroren gerechtenOm kant-en-klaar-gerechten (bijv. patat, aard‐appelpartjes of loempia's) krokant te maken. Pizza-functieOm pizza en andere gerechten te bakken dievan onderaf meer warmte nodig hebben. OnderwarmteOm een bruine en krokante bodem te maken. Gebruik de eerste rekstand. OntdooienOm voedsel te ontdooien (groenten en fruit). De ontdooitijd is afhankelijk van de hoeveel‐heid ingevroren voedsel en de grootte daar‐van. Warmelucht (vochtig)Deze functie is ontworpen om tijdens de be‐reiding energie te besparen. Bij het gebruikvan deze functie kan de temperatuur in hetapparaat verschillen van de ingestelde tem‐peratuur. De restwarmte wordt gebruikt.
CirculatiegrillVoor het braden van grote stukken vlees ofgevogelte met bot op één niveau. Voor grati‐neren en bruinen. De lamp kan tijdens sommigeverwarmingsfuncties automatischuitschakelen als de temperatuur onder de80 °C komt. 6. 2 Notities over: Warmelucht(vochtig)Deze functie wordt gebruikt om te voldoenaan de energie-efficiëntieklasse enecodesign-vereisten (volgens EU 65/2014 enEU 66/2014). Testen in overeenstemmingmet: IEC/EN 60350-1. De ovendeur dient tijdens de bereidinggesloten te zijn zodat de functie niet wordtNEDERLANDS 11.
onderbroken en de oven werkt op de hoogstmogelijke energie-efficiëntie. Bij gebruik van deze functie gaat deverlichting na 30 seconden automatisch uit. Zie voor bereidingsinstructies het hoofdstuk'Aanwijzingen en tips', Warmelucht (vochtig). Kijk voor algemene aanbevelingen voorenergiebesparing in het hoofdstuk'Energiezuinigheid', Energiebesparingstips. 6. 3 Instellen: Verwarmingsfuncties1. Draai aan de knop van deverwarmingsfuncties om eenverwarmingsfunctie te selecteren. 2. Draai aan de regelknop om detemperatuur in te stellen. Snel opwarmen - houd ingedrukt om deverwarmingstijd te verkorten. Het is alleenbeschikbaar voor een aantalverwarmingsfuncties. De ventilator kanautomatisch worden ingeschakeld. 6. 4 Invoeren: Menu Open het menu om toegang te krijgen tot dekookassistentiegerechten en -instellingen. 1. Draai aan de knop voor deverwarmingsfuncties om. Op het display verschijnt , ,.
2. Draai aan de bedieningsknop enselecteer het pictogram om het submenute openen. Druk op. 6. 5 Instellen: Kookassistentie Kookassistentie submenu bestaat uitprogramma's die zijn ontworpen voor specialegerechten. Programma's beginnen met eengeschikte instelling. U kunt de tijd en detemperatuur tijdens het koken aanpassen. 1. Draai aan de knop voor deverwarmingsfuncties. 2. Draai aan de bedieningsknop om teselecteren. En druk op. 3. Draai aan de regelknop om een gerechtte selecteren (P1 - P. ). Druk op. 4. Draai aan de regelknop om het gewichtaan te passen. Optie is beschikbaar voorgeselecteerde gerechten. Druk op. 5. Plaats het voedsel in het apparaat. Drukop. 6. Als de functie is afgelopen, controleert uof het voedsel klaar is. Verleng debereidingstijd indien nodig. Submenu: KookassistentieLegendaGewichtsaanpassing beschikbaar. Verwarm het apparaat voor voordat je begintmet koken.
Lagerniveau. Zie het hoofdstuk 'Productbe‐schrijving'. Het display toont P en een nummer van hetgerecht dat u in de tabel kunt controleren. Gerecht Gewicht Schapniveau/accessoireP1Biefstuk, rauw1 - 1.
5 kg; 4 - 5 cmdikke stukken 2; bakplaatBak het vlees een paar minuten in een hete pan. Plaatsin het apparaat. P2Biefstuk: mediumP3Biefstuk, gaarP4Biefstuk, medium 180 - 220 g perstuk; 3 cm dikkeplakken 3; braadschaal op bakroosterBak het vlees een paar minuten in een hete pan. Plaatsin het apparaat. 12 NEDERLANDS.
Gerecht Gewicht Schapniveau/accessoireP5Rundvlees geroo‐sterd/gestoofd (primerib, bovenste ronde,dikke flank)1.5 - 2 kg 2 braadschaal op bakroosterBak het vlees een paar minuten in een hete pan. Vloei‐stof toevoegen. Plaats in het apparaat.P6Biefstuk, rauw (lang‐zaam koken)1 - 1.5 kg; 4 - 5 cmdikke stukken 2; bakplaatBak het vlees een paar minuten in een hete pan. Plaatsin het apparaat.P7Biefstuk, medium(langzaam koken)P8Biefstuk, gaar (lang‐zaam koken)P9Rundvleesfilet, gaar(lage temperatuur ga‐ren)0,5 - 1,5 kg; 5 - 6cm dikke stukken 2; bakplaatBak het vlees een paar minuten in een hete pan. Plaatsin het apparaat.P10Filet, gemiddeld (lagetemperatuur garen)P11Rundvleesfilet, gaar(lage temperatuur ga‐ren)P12Geroosterd kalfs‐vlees (bijv. schouder)0.8 - 1.5 kg; 4 cmdikke stukken 2 braadschaal op bakroosterVoeg vloeistof toe.
Geroosterd bedekt.P13Geroosterde var‐kenshals of schou‐der1.5 - 2 kg 2 braadschaal op bakroosterDraai halverwege de bereidingstijd het vlees om.P14Aangetrokken var‐kensvlees (lage tem‐peratuur garen)1.5 - 2 kg 2; bakplaatDraai het vlees na halverwege de bereidingstijd, om eengelijkmatige bruining te krijgen.P15Varkenslende, vers 1 - 1.5 kg; 5 - 6 cmdikke stukken 2; braadschaal op bakroosterP16Reserveribben var‐kensvlees2 - 3 kg; gebruikrauwe, 2 - 3 cmdunne spare ribs 3; diepe panVoeg vloeistof toe om de bodem van een schaal te be‐dekken. Draai halverwege de bereidingstijd het vlees om.P17Lambeen met botten 1.5 - 2 kg; 7 - 9 cmdikke stukken 2; braadschaal op bakplaatVloeistof toevoegen.
Draai halverwege de bereidingstijdhet vlees om.P18Hele kip 1 - 1.5 kg; vers 2; stoofschotel op bakplaatDraai de kip halverwege de bereidingstijd om voor eengelijkmatige bruining.P19Halve kip 0.5 - 0.8 kg 3; bakplaatP20Kippenborst 180 - 200 g perstuk 2 stoofschotel op bakroosterBak het vlees een paar minuten in een hete pan.NEDERLANDS 13
Gerecht Gewicht Schapniveau/accessoireP21Kippenpoten, vers - 3; bakplaatAls u eerst kippenpoten hebt gemarineerd, stel dan eenlagere temperatuur in en kook ze langer.P22Hele eend 2 - 3 kg 2 braadschaal op bakroosterLeg het vlees op de braadschaal. Draai halverwege debereidingstijd de eend om.P23Gans, heel 4 - 5 kg 2; diepe panLeg het vlees op een diepe bakplaat.
EXTRA FUNCTIES7.1 Blokkering Deze functie voorkomt dat de functie van hetapparaat per ongeluk wordt gewijzigd.Wanneer het apparaat wordt geactiveerdterwijl het in gebruik is, vergrendelt het hetbedieningspaneel, zodat de huidigekookinstellingen ononderbroken blijven.Als het apparaat wordt ingeschakeld terwijlhet uit staat, blijft het bedieningspaneelvergrendeld, zodat het apparaat nietonbedoeld wordt ingeschakeld.NEDERLANDS 15
– houd ingedrukt om de functie in teschakelen. een geluidssignaal. - knippert 3 keerwanneer de vergrendeling wordtingeschakeld. – houd ingedrukt om de functie uit teschakelen. 7. 2 Automatische uitschakelingAls de verwarmingsfunctie actief is en ergeen instellingen worden gewijzigd, wordt hetapparaat om veiligheidsredenen na eenbepaalde periode automatisch uitgeschakeld. (°C) (u)30 - 115 12. 5120 - 195 8. 5 (°C) (u)200 - 245 5. 5250 - maximaal 3Als je van plan bent een verwarmingsfunctiete gebruiken voor een duur die langer is dande automatische uitschakeltijd, stel dan dekooktijd in. Zie het hoofdstuk 'Klokfuncties'. De automatische uitschakeling werkt niet metde functies: Binnenverlichting, Tijd uitgesteldestart. 7. 3 KoelventilatorAls het apparaat in werking is, wordt dekoelventilator automatisch ingeschakeld omde oppervlakken van het apparaat koel tehouden.
Als je het apparaat uitschakelt, kande koelventilator blijven werken totdat hetapparaat is afgekoeld. 8. KLOKFUNCTIES8. 1 Omschrijving timerfunctiesKookwek‐kerOm een afteltijd in te stellen. Wanneerde tijd is verstreken, klinkt er een ge‐luidssignaal. Deze functie heeft geeninvloed op de werking van het appa‐raat en kan op elk moment worden in‐gesteld. KooktijdOm de bereidingsduur in te stellen. Wanneer de timer stopt, klinkt het sig‐naal en stopt de verwarmingsfunctieautomatisch. Tijd uitge‐stelde startOm het begin en/of het einde van hetkoken uit te stellen. UptimerOm aan te geven hoe lang het appa‐raat in werking is. Maximum is 23 u 59min. Deze functie heeft geen invloedop de werking van het apparaat enkan op elk moment worden ingesteld. 8. 2 Instellen: Kookwekker 1. Druk op. Op het display verschijnt: 0:00 en. 2. Draai de regelknop om het Kookwekker inte stellen. 3. Druk op.
8.4 Instellen: Tijd uitgestelde start1. Draai aan de knoppen om deverwarmingsfunctie te selecteren en detemperatuur in te stellen.2. Druk op totdat op het displayverschijnt: en .3. Draai aan de knop om de starttijd in testellen.4. Druk op.Op het display verschijnt: --:-- .5. Draai de regelknop om het in te stellen.6. Druk op .De timer begint af te tellen op een ingesteldestarttijd.7. Wanneer de tijd is verstreken, drukt u op en draait u de knop voor deverwarmingsfuncties naar de uit-stand.8.5 Instellen: Uptimer 1. Draai aan de knop voor deverwarmingsfuncties om teopenen Menu.2. Draai aan de bedieningsknop om /Uptimer te selecteren. Zie het hoofdstuk'Dagelijks gebruik', Menu: Instellingen.3. Druk op .4. Draai de bedieningsknop om de Uptimerin en uit te schakelen.5. Druk op .8.6 Instellen: Dagtijd1. Draai aan de knop voor deverwarmingsfuncties om teopenen Menu.2.
Draai aan de bedieningsknop om /Dagtijd te selecteren. Zie het hoofdstuk'Dagelijks gebruik', Menu: Instellingen.3. Draai de regelknop om de klok in testellen.4. Druk op .9. DE ACCESSOIRES GEBRUIKENWAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.9.1 Accessoires plaatsenAfhankelijk van het model kunnenaccessoires variëren. Raadpleeg hethoofdstuk "Productbeschrijving" voormeer informatie over de accessoires.Een kleine inkeping bovenaan verhoogt deveiligheid. De inkepingen zijn ook anti-kantelmechanismen.
De rand rond hetrooster voorkomt dat het kookgerei van hetrooster afglijdt.Plaats het accessoire (draadschap/lade)tussen de geleidestangen van de reksteun.Zorg ervoor dat het rooster de achterkant vande binnenkant van de oven raakt en dat devoeten naar beneden wijzen.Als uw bakplaat een helling heeft, plaats dezedan in de richting van de achterkant van deoven.Als er een opschrift op het accessoire staat,zorg er dan voor dat het naar u toe is gericht.Als u een bak met gaten gebruikt, plaats dande bak/pan eronder om druppelendevloeistoffen op te vangen.NEDERLANDS 17
10. AANWIJZINGEN EN TIPS10.1 KookadviezenDe temperatuur en kooktijden in de tabellenzijn slechts als richtlijn bedoeld. Ze zijnafhankelijk van het recept, de kwaliteit en dekwantiteit van de gebruikte ingrediënten.Je apparaat kan anders bakken of roosterendan het apparaat dat je tot nu toe gebruikthebt. De onderstaande hints tonenaanbevolen instellingen voor temperatuur,kooktijd en rekstand voor specifieke soortenvoedsel.Tel de rekniveaus vanaf de bodem van deoven.Als u voor een speciaal recept de instellingniet kunt vinden, zoek dan naar eensoortgelijk recept.Zie het hoofdstuk "Energie-efficiëntie" voorenergiebesparingstips.Symbolen gebruikt in de tabellen:Soort voedselVerwarmingsfunctieTemperatuurAccessoireInzetniveauKooktijd (min)10.2 Warmelucht (vochtig) –aanbevolen accessoiresGebruik donkere en niet-reflecterende bakjesen schalen.
Vetvrije sponscake, cake‐vorm Ø26 cm 1)Hetelucht Bakrooster 2 en 4 160 40 - 60Zandtaartdeeg Hetelucht Bakplaat 3 140 - 150 20 - 40Zandtaartdeeg Hetelucht Bakplaat 2 en 4 140 - 150 25 - 45Zandtaartdeeg Boven + onderwarmte Bakplaat 3 140 - 150 25 - 45Toast 1)Grillen Bakrooster 4 max. 1 - 51) Warm het apparaat 10 minuten voor.11. ONDERHOUD EN REINIGINGWAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.11.1 Opmerkingen over de reinigingReinigingsmiddelen• Reinig de voorkant van het apparaatuitsluitend met een microvezeldoek metwarm water en een mild reinigingsmiddel.• Gebruik een reinigingsoplossing ommetalen oppervlakken te reinigen.• Reinig vlekken met een mildreinigingsmiddel.Dagelijks gebruik• Reinig na elk gebruik de binnenkant vanhet apparaat. Vetophoping of andereresten kunnen brand veroorzaken.• Vocht kan in de oven of op de glazendeurpanelen condenseren.
Om decondens te verminderen, dien je hetapparaat gedurende 10 minuten te latenwerken voordat je er iets in plaatst.Bewaar voedsel niet langer dan 20minuten in het apparaat. Droog debinnenkant van het apparaat na elkgebruik alleen met een microvezeldoek.Accessoires• Reinig alle accessoires na elk gebruik enlaat ze drogen. Gebruik alleen een zachtedoek met warm water en een mildreinigingsmiddel. De accessoires niet inde afwasmachine reinigen.• Reinig de antiaanbakaccessoires niet metagressieve reinigingsmiddelen of scherpevoorwerpen.11.2 Verwijderbare inschuifrailsVerwijder de inschuifrails om het apparaat tereinigen.1. Schakel het apparaat uit en wacht tot hetis afgekoeld.2. Trek de inschuifrail bij de voorkant uit dezijwand.3. Trek de geleider bij de achterkant uit dezijwand en verwijder het.214.
Plaats de inschuifrails in omgekeerdevolgorde.11.3 Pyrolytische reinigingWAARSCHUWING!Er bestaat gevaar voor brandwonden.LET OP!Als er andere apparaten in dezelfde kastzijn geïnstalleerd, gebruik deze dan niettijdens deze functie. Dit kan de ovenbeschadigen.20 NEDERLANDS
Start de functie niet als je de ovendeur nietvolledig hebt gesloten.1. Zorg ervoor dat het apparaat koud is.2. Verwijder alle accessoires3. Reinig de binnenzijde van de oven en deglazen deur aan de binnenkant met warmwater, een zachte doek en een mildreinigingsmiddel.4. Draai aan de knop voor deverwarmingsfuncties om teopenen Menu.5. Draai aan de bedieningsknop om teselecteren en druk op .Reinigingsprogramma DuurC1 - Licht reinigen 1 hC2 - Normaal reinigen 1 h 30 minC3 - Grondig reinigen 2 h 30 min6. Draai aan de bedieningsknop om hetreinigingsprogramma te selecteren endruk op .7. Druk op om het reinigen te starten.Als het reinigen begint, wordt de deur van hetapparaat vergrendeld en is de lamp uit.Totdat de deur wordt ontgrendeld, toont hetdisplay .8. Draai na de reiniging de knop voor deverwarmingsfuncties naar de uit-stand.9. Wacht tot het apparaat is afgekoeld en dedeur ontgrendelt.
Maak de binnenkantvan de oven schoon met een zachte doeken water.11.4 ReinigingsherinneringAls na de kooksessie op het displayknippert, herinnert het apparaat je eraan omhet te reinigen met pyrolytische reiniging. Jekunt de herinnering uitschakelen in hetsubmenu: Instellingen. Raadpleeg hethoofdstuk 'Dagelijks gebruik', Wijzigen:Instellingen.11.5 De deur verwijderen eninstallerenDe ovendeur beschikt over drie glasplaten. Jekunt de ovendeur en de interne glasplaatverwijderen om het schoon te maken. Leesde volledige instructie 'Verwijderen vaninstallatiedeur' voordat u de glasplatenverwijdert.LET OP!Gebruik het apparaat nooit zonder deglasplaten.1. Open de deur volledig en houd beidescharnieren vast.2. Til de vergrendelingen op en trek eraantotdat ze klikken.3. Sluit de ovendeur in de eersteopeningsstand. Til hem daarna op en trekhem naar voren, verwijder hem dan vanzijn plek.4.
12B6. Trek de deurlijst naar voren om hem teverwijderen.7. Houd de glasplaten van de deur bij debovenkant vast en trek ze er voorzichtigeen voor een uit. Begin bij de bovensteplaat. Zorg dat het glas volledig uit degeleiders schuift.8. Reinig de glasplaten met een sopje.Droog de glazen panelen zorgvuldig.Reinig de glasplaten niet in devaatwasser.9. Installeer na het reinigen de glasplaten ende ovendeur.Als de deur correct is geïnstalleerd, hoor jeeen klik bij het sluiten van devergrendelingen.Zorg ervoor dat u de glasplaten ( en )weer in de juiste volgorde terugplaatst.Controleer op het symbool / opdruk op dezijkant van het glaspaneel.
Elk van deglasplaten ziet er anders uit om demontageen montage gemakkelijker te maken.Als de deur correct wordt geïnstalleerd, kliktde rand van de deur.A BZorg dat u de middelste glasplaat correct inde zittingen plaatst.AB11.6 Het lampje vervangenWAARSCHUWING!Gevaar voor elektrische schokken.Het lampje kan heet zijn.1. Schakel het apparaat uit en wacht tot hetis afgekoeld.2. Haal de stekker uit het stopcontact.3. Leg de doek op de vloer van de oven.LET OP!Houd de halogeenlamp altijd vast meteen doek om te voorkomen dat vetrestenop de lamp branden.Achterlamp1. Draai de glazen afdekking om die teverwijderen.2. Reinig de glasafdekking.3. Vervang de lamp door een geschikte 300°C hittebestendige lamp.4. Installeer het glazen deksel.22 NEDERLANDS
12. PROBLEEMOPLOSSINGWAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.12.1 Wat te doen als...Probleem Controleer of…U kunt het apparaat niet inschakelen of bedienen. Het apparaat is op de juiste manier op een elektrischetoevoer aangesloten.Het apparaat warmt niet op. De automatische uitschakeling is gedeactiveerd.Het apparaat warmt niet op. De deur van het apparaat is gesloten.Het apparaat warmt niet op. De zekering is niet doorgeslagen.Het apparaat warmt niet op. Blokkering is gedeactiveerd.De lamp is uit. Warmelucht (vochtig) - is geactiveerd.De verlichting werkt niet. De lamp is opgebrand.Err C3 De ovendeur is gesloten of het deurslot is niet kapot.Err F102 De deur van het apparaat is gesloten.Err F102 Het deurslot is niet kapot.Op het display verschijnt 00:00. Er was een stroomstoring.
Stel het tijdstip van de dagin.Als het display een foutcode weergeeftdie niet in deze tabel staat, schakelt u dezekering van het huis uit en weer in omde oven opnieuw te starten. Als defoutcode opnieuw optreedt, neemt ucontact op met een erkendservicecentrum. 12.2 Service-informatieAls je niet zelf het probleem kunt verhelpen,neem dan contact op met je verkoper of eenerkende serviceafdeling.De contactgegevens van de servicedienststaan op het typeplaatje. Het typeplaatjebevindt zich op het voorframe van hetapparaat. Het is zichtbaar wanneer u de deuropent. Verwijder het typeplaatje niet uit hetapparaat.Wij raden je aan om de gegevens hier tenoteren:Model (MOD.) : Productnummer (PNC): Serienummer (S.N.): 13. ENERGIEVERBRUIKNEDERLANDS 23
13. 1 Productinformatie en productinformatieblad volgens de EU-voorschriften voor ecologisch ontwerp en energie-etiketteringNaam leverancier AEGModelnummer NBU3P401SB 949498324Energie-efficiëntie-index 61. 2Energie-efficiëntieklasse A++Energieverbruik met een standaard belading, conventionele modus 0. 93 kWh/cyclusEnergieverbruik met een standaard belasting, heteluchtmodus 0. 52 kWh/cyclusAantal holtes 1Warmtebron ElektriciteitVolume 72 lSoort oven InbouwovenMassa 30. 8 kgIEC/EN 60350-1 - Huishoudelijke elektrische kooktoestellen - Deel 1: Fornuizen, ovens, stoomovens en grills -Methoden voor het meten van prestaties. 13. 2 Energiebesparende tipsDe onderstaande tips helpen u energie tebesparen bij het gebruik van uw apparaat. Zorg ervoor dat de deur van het apparaatgesloten is als het apparaat in werking is. Open de deur van het apparaat niet te vaaktijdens het koken.
Houd het deurrubberschoon en zorg ervoor dat het goed op zijnplaats vastzit. Gebruik metalen kookgerei en donkere, niet-reflecterende blikken en containers omenergie te besparenVerwarm het apparaat niet voor voordat ugaat koken, tenzij specifiek aanbevolen. Houd onderbrekingen tussen het bakken zokort mogelijk als je een aantal gerechtentegelijkertijd bereidt. Koken met hete luchtGebruik indien mogelijk de bereidingsfunctiesmet hete lucht om energie te besparen. RestwarmteWanneer de kookduur langer is dan 30minuten, verlaag dan de oventemperatuur totminimaal 3-10 minuten voor het einde van hetkoken. De restwarmte binnen in het apparaatzal blijven koken. Gebruik de restwarmte om het voedsel warmte houden of andere gerechten op te warmen. Wanneer u de oven uitschakelt, geeft hetdisplay de restwarmte of temperatuur aan.
Eten warm houdenKies de laagst mogelijketemperatuurinstelling om de restwarmte tegebruiken en het voedsel warm te houden. Het indicatielampje van de restwarmte oftemperatuur verschijnt op het display. Koken met de verlichting uitgeschakeldSchakel de verlichting tijdens het koken uit.
Doe het aan als je het nodig hebt. Warmelucht (vochtig)Functie is ontworpen om tijdens de bereidingenergie te besparen. Als je deze functie gebruikt, gaat deverlichting na 30 sec. automatisch uit. Je kuntde verlichting weer inschakelen, maar dezehandeling vermindert de verwachteenergiebesparingen. Wi-FiSchakel indien mogelijk de Wi-Fi uit omenergie te besparen. 24 NEDERLANDS.
14. MILIEUBESCHERMINGRecycleer de materialen met het symbool .Gooi de verpakking in een geschikteafvalcontainer om het te recycleren.Bescherm het milieu en de volksgezondheiden recycleer op een correcte manier het afvalvan elektrische en elektronische apparaten.Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool niet weg met het huishoudelijk afval.Breng het product naar het milieustation bij uin de buurt of neem contact op met degemeente.NEDERLANDS 25
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met AEG NBU3P401SB stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Oven AEG
Handleiding Oven
Nieuwste handleidingen voor Oven
