AEG NBB8S621AB Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van AEG NBB8S621AB (56 pagina’s), behorend tot de categorie Oven. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 33 mensen en kreeg gemiddeld 4.5 sterren uit 4 reviews. Heb je een vraag over AEG NBB8S621AB of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag
Product specificaties
| Merk: | AEG |
| Categorie: | Oven |
| Model: | NBB8S621AB |
Handleiding AEG NBB8S621AB – volledige tekst
Welkom bij AEG. Hartelijk dank dat je voor onze apparatuur hebtgekozen. Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, service- en reparatie-informatie:www. aeg. com/supportWijzigingen voorbehouden. INHOUDSOPGAVE1. VEILIGHEIDSINFORMATIE. 32. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN. 53. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT. 84. BEDIENINGSPANEEL. 85. VOORAFGAAND AAN HET EERSTE GEBRUIK. 96. DAGELIJKS GEBRUIK. 117. EXTRA FUNCTIES. 158. KLOKFUNCTIES. 169. DE ACCESSOIRES GEBRUIKEN. 1710. AANWIJZINGEN EN TIPS. 1811. ONDERHOUD EN REINIGING. 2112. PROBLEEMOPLOSSING. 2413. ENERGIEZUINIGHEID. 2614. MILIEUBESCHERMING. 271. VEILIGHEIDSINFORMATIELees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatieen gebruik van het apparaat. De fabrikant is nietverantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeituit de onjuiste installatie of het onjuiste gebruik.
Bewaar deinstructies altijd op een veilige, toegankelijke plek voortoekomstig gebruik. 1. 1 De veiligheid van kinderen en kwetsbarepersonen• Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaaren ouder en door mensen met een beperkt lichamelijk,zintuiglijk of verstandelijk vermogen of een gebrek aanervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan ofinstructies hebben gekregen over het veilig gebruiken vanNEDERLANDS 3.
– bewaar geen vochtige gerechten envoedsel in het apparaat nadat u klaarbent met koken. – wees voorzichtig bij het verwijderen ofbevestigen van accessoires. • Verkleuring van het email of roestvrij staalis niet van invloed op de werking van hetapparaat. • Gebruik een diepe pan voor vochtigetaarten. Vruchtensappen veroorzakenvlekken die permanent kunnen zijn. • Kook altijd met de deur van het apparaatgesloten. • Als het apparaat achter een meubelpaneelgemonteerd is (bijv. een deur), zorg er danvoor dat de deur nooit gesloten is als hetapparaat in werking is. Warmte en vochtkunnen achter een gesloten meubelpaneelophopen en schade aan het apparaat, debehuizing of de vloer veroorzaken. Sluithet meubelpaneel niet tot het apparaatcompleet is afgekoeld na gebruik. 2. 4 Onderhoud en reinigenWAARSCHUWING. Gevaar voor letsel, vuur of schade aanhet apparaat.
• Schakel het apparaat uit en trek destekker uit het stopcontact voordat jeonderhoudshandelingen verricht. • Zorg ervoor dat het apparaat koud is. Hetrisico bestaat dat de glasplaten breken. • Vervang de glasplaten van de deuronmiddellijk als ze beschadigd zijn. Neemcontact op met de erkende servicedienst. • Wees voorzichtig wanneer u de deur vanhet apparaat verwijdert. De deur is zwaar. • Reinig het apparaat regelmatig om tevoorkomen dat het materiaal van hetoppervlak achteruitgaat. • Reinig het apparaat met een vochtigezachte doek. Gebruik alleen neutraleschoonmaakmiddelen. Gebruik geenschuurmiddelen, schuursponsjes,oplosmiddelen of metalen voorwerpen. • Volg als u een ovenspray gebruikt deveiligheidsinstructies op de verpakking. 2. 5 Bereiding met stoomWAARSCHUWING. Gevaar voor brandwonden en schadeaan het apparaat.
• Vrijgekomen stoom kan brandwondenveroorzaken:– Wees voorzichtig met het openen vande deur van het apparaat als defunctie is geactiveerd. Er kan stoomvrijkomen. – De deur van het apparaat voorzichtigopenen na de bereiding met stoom. 2. 6 BinnenverlichtingWAARSCHUWING.
Gevaar voor elektrische schokken. • Met betrekking tot de lamp(en) in ditproduct en reservelampen die afzonderlijkworden verkocht: Deze lampen zijnbedoeld om bestand te zijn tegen extremefysieke omstandigheden in huishoudelijkeapparaten, zoals temperatuur, trillingen,vochtigheid, of zijn bedoeld om informatiete geven over de operationele status vanhet apparaat. Ze zijn niet bedoeld voorgebruik in andere toepassingen en zijnniet geschikt voor verlichting inhuishoudelijke ruimten. • Dit product bevat een lichtbron vanenergie-efficiëntieklasse G. • Gebruik alleen lampjes met dezelfdespecificaties. 2. 7 Service• Neem contact op met de erkendeservicedienst voor reparatie van hetapparaat. • Gebruik alleen originelereserveonderdelen. 2. 8 VerwijderingWAARSCHUWING. Gevaar voor letsel of verstikking. • Neem contact op met uw plaatselijkeoverheid voor informatie over het afvoerenvan het apparaat.
• Haal de stekker uit het stopcontact. • Snijd het netsnoer vlak bij het apparaat afen gooi het weg.3. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT3.1 Algemeen overzicht21109543215467831Bedieningspaneel2Display3Waterreservoir4Opening voor de voedselsensor5Verwarmingselement6Lamp7Ventilator8Uitgang ontkalkingsleiding9Inschuifrails, verwijderbaar10Inzetniveaus3.2 Accessoires• BakroosterVoor taartblikken, overschalen,geroosterde gerechten, kookgerei/gerechten.• BakplaatVoor vochtige taarten, gebakkenproducten, brood, grote braadstukken,bevroren maaltijden en om druppelendevloeistoffen op te vangen, bijv. vet bij hetroosteren van voedsel op het bakrooster.• Grill-/braadpanOm te bakken en braden of als pan om vetin op te vangen.• VoedselsensorOm het koken te regelen op basis van detemperatuur in het voedsel.• StoomsetEén niet-geperforeerde en ééngeperforeerde voedselcontainer.
Destoomset voert het condenswater tijdenshet koken met stoom weg van hetvoedsel. Gebruik hem voor de bereidingvan groenten, vis en kipfilet. De set isongeschikt voor voedsel dat in water moetweken bijv. rijst, polenta, pasta.4. BEDIENINGSPANEEL4.1 Overzicht bedieningspaneel1 2 3 45 61Aan / UitHoud ingedrukt om het apparaatin en uit te schakelen.2MenuToont de opties en instelfunctiesvan het apparaat.3Favorie‐tenGeeft een overzicht van de favor‐iete instellingen.4DisplayGeeft de huidige instellingen vanhet apparaat weer.5Lamp‐schake‐laarOm de verlichting in en uit teschakelen.8 NEDERLANDS
VOORAFGAAND AAN HET EERSTE GEBRUIKWAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.5.1 Eerste verbindingHet display toont een welkomstbericht na deeerste verbinding.Je moet het volgende instellen: Taal,Helderheid Display , Toetstonen ,Geluidsvolume , Waterhardheid , Dagtijd .5.2 Draadloze verbindingOm het apparaat te verbinden hebt u hetvolgende nodig:• Draadloos netwerk met internetverbinding.• Mobiel apparaat dat is verbonden methetzelfde draadloze netwerk.1. Scan de QR-code op de achterkant vande gebruikershandleiding om de app tedownloaden. Je kunt de app ookrechtstreeks downloaden vanuit de appstore.2. Volg de onboarding-instructies van deapp.3. Het apparaat inschakelen.4. Druk op . Selecteer: Instellingen /Aansluitingen.5.
Haal alle accessoires en verwijderbareinschuifrails uit het apparaat. 2. Stel de functie in. Stel demaximumtemperatuur in. Laat hetapparaat 1 u werken. 3. Stel de functie in. Stel demaximumtemperatuur in. Laat hetapparaat 15 min werken. 4. Stel de functie in. Stel demaximumtemperatuur in. Laat hetapparaat 15 min werken. 5. Schakel het apparaat uit en wacht tot hetis afgekoeld. 6. Reinig het apparaat en de accessoiresuitsluitend met een microvezeldoek,warm water en een mild reinigingsmiddel. 7. Plaats de accessoires en deverwijderbare inschuifrails terug in hunoorspronkelijke positie. 5. 5 Instellen: WaterhardheidAls u de stekker van het apparaat in hetstopcontact steekt, dan moet u dewaterhardheid instellen. Gebruik het testpapier of neem contact opmet uw waterleverancier om hetwaterhardheidsniveau te controleren. 1. Plaats het testpapier ongeveer 1 sec inkraanwater.
Het waterhardheidsniveau instellen:Menu / Instellingen / Instelling /Waterhardheid. De kleuren van het testpapier blijvenveranderen. Controleer de waterhardheidbinnen 1 min na het testen. U kunt het waterhardheidsniveau wijzigen inhet menu: Instellingen / Instelling /Waterhardheid. De tabel toont het waterhardheidsbereik methet bijbehorende waterclassificatie. Pas hetwaterhardheidsniveau aan volgens de tabel. Waterhardheidni‐veauTestpapier1 - zacht2 - gematigd hard3 - hard4 - zeer hard10 NEDERLANDS.
6. DAGELIJKS GEBRUIKWAARSCHUWING. Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 6. 1 VerwarmingsfunctiesSTANDAARDGrillenOm dunne stukken voedsel te grillen enbrood te roosteren. CirculatiegrillVoor het braden van grote stukken vleesof gevogelte met bot op één niveau. Voorgratineren en bruinen. HeteluchtVoor het braden van vlees en het bakkenvan cakes. Stel een lagere temperatuur indan bij koken met boven + onderwarmte,omdat de ventilator de warmte gelijkmatigverdeelt in de oven. Bevroren gerechtenPerfect voor kant-en-klare maaltijden (bijv. patat, aardappelkroketjes of loempia’s). Boven + onderwarmteVoor het bakken en roosteren op éénovenniveau. Pizza-functieHet beste voor het bakken van pizza's enandere gerechten die meer warmte vanonderaf nodig hebben. OnderwarmteKies deze functie na een kookproces omhet voedsel zo nodig meer aan de onder‐kant te bruinen. Gebruik het laagste rekni‐veau.
De lamp kan tijdens sommigeverwarmingsfuncties automatischuitschakelen als de temperatuur onder de80 °C komt. SPECIAALInmakenOm groenten en fruit in te maken, plaatst ude potten in een bakplaat gevuld met wa‐ter, met behulp van hittebestendige pottenmet bajonet- of schroefdeksels van dezelf‐de grootte. Gebruik de eerste rekstand. DrogenOm in plakjes gesneden fruit, groenten enchampignons te drogen. Om de met vochtverzadigde lucht te laten ontsnappen enhet fruit beter te laten drogen, is het raad‐zaam om de ovendeur tijdens het droog‐proces af en toe te openen. Borden WarmenOm borden voor het serveren op te war‐men. OntdooienOm voedsel te ontdooien (groenten enfruit). De ontdooitijd is afhankelijk van dehoeveelheid ingevroren voedsel en degrootte daarvan. GratinerenVoor gerechten zoals lasagne of aardap‐pelgratin. Voor gratineren en bruinen.
Houd er re‐kening mee dat sommige gerechten kun‐nen blijven koken en drogen terwijl zewarm worden gehouden. Bedek de scha‐len indien nodig. Warmelucht (vochtig)Deze functie is ontworpen om tijdens debereiding energie te besparen. Bij het ge‐bruik van deze functie kan de temperatuurin het apparaat verschillen van de ingestel‐de temperatuur. De restwarmte wordt ge‐bruikt. Het verwarmingsvermogen kanworden verminderd. Raadpleeg voor meerinformatie het hoofdstuk "Dagelijks ge‐bruik", opmerkingen op: Warmelucht(vochtig). NEDERLANDS 11.
STOOMSteamifyGebruik stoom voor stomen, stoven, zacht‐jes knapperig maken, bakken en braden. RegenererenHet opwarmen van voedsel met stoomvoorkomt dat het oppervlak uitdroogt. Dewarmte wordt behoedzaam en gelijkmatigverdeeld en geeft het voedsel de smaak enhet aroma alsof het net is bereid. Dezefunctie kan worden gebruikt om eten directop een bord te verwarmen. U kunt meerdan één bord tegelijkertijd opwarmen metverschillende inzetniveaus. Brood bakkenGebruik deze functie voor brood en brood‐jes met een bijna professioneel resultaatqua krokantheid, kleur en bruine korst. Deeg Laten RijzenOm het rijsproces van gistdeeg te versnel‐len. Dek het oppervlak van het deeg af omte voorkomen dat het droogt. StoomVoor het stomen van groenten, bijgerech‐ten of vis. Hoge vochtigheidDe functie is geschikt voor het bereidenvan delicate gerechten zoals vla, vlaaien,terrines en vis.
Lage vochtigheidDe functie is geschikt voor vlees, gevogel‐te, ovengerechten en stoofschotels. Dank‐zij de combinatie van stoom en warmtewordt het vlees mals en sappig met eenkrokant korstje. 6. 2 Notities over: Warmelucht(vochtig)Deze functie wordt gebruikt om te voldoenaan de energie-efficiëntieklasse enecodesign-vereisten (volgens EU 65/2014 enEU 66/2014). Testen in overeenstemmingmet: IEC/EN 60350-1. De ovendeur dient tijdens de bereidinggesloten te zijn zodat de functie niet wordtonderbroken en de oven werkt op de hoogstmogelijke energie-efficiëntie. Bij gebruik van deze functie gaat deverlichting na 30 seconden automatisch uit. Zie voor bereidingsinstructies het hoofdstuk'Aanwijzingen en tips', Warmelucht (vochtig). Kijk voor algemene aanbevelingen voorenergiebesparing in het hoofdstuk 'Energie-efficiëntie', Energiebesparingstips. 6. 3 Instellen: Verwarmingsfuncties1.
Het apparaat inschakelen. Op het displayverschijnt de standaardverwarmingsfunctie en de temperatuur. 2. Druk op het symbool van deverwarmingsfunctie om het submenute openen. 3. Selecteer de verwarmingsfunctie en drukop.
4. Stel de temperatuur in. Druk op. 5. Druk op. Voedselsensor - u kunt de sensor op elkgewenst moment voor of tijdens het kokenaansluiten. Raadpleeg het hoofdstuk "Deaccessoires gebruiken, voedselsensor". 6. - druk hierop om deverwarmingsfunctie uit te schakelen. 7. Schakel het apparaat uit. 6. 4 Instelling: Steamify -Stoomverwarmingsfunctie1. Het apparaat inschakelen. Selecteer hetsymbool van de verwarmingsfunctie endruk erop om het submenu te openen. 2. Druk op. Stel destoomverwarmingsfunctie in. 3. Druk op. Het display toont detemperatuurinstellingen. 4. Stel de temperatuur in. Het typestoomverwarmingsfunctie is afhankelijkvan de ingestelde temperatuur:a. Stoom voor Stomen 50 - 100 °C -voor het stomen van groenten,granen, peulvruchten, zeevruchten,terrines en lepeldesserts. b.
Dankzij de combinatie van stoom enwarmte wordt het vlees sappig enmals met een krokant korstje. Als ude timer instelt, wordt de grillfunctieautomatisch ingeschakeld in delaatste minuten van hetbereidingsproces om het gerecht eenzachte gratin te geven. d. Stoom voor Bakken en Braden 155- 230 °C - voor geroosterde engebakken gerechten vlees, vis,gevogelte, gevuld bladerdeeggebak,taarten, muffins, gratin, groenten engebakgerechten. Als u de timer instelten het voedsel op het eerste niveauzet, wordt de ondersteverwarmingsfunctie automatischingeschakeld in de laatste minutenvan het bereidingsproces om hetgerecht een knapperige bodem tegeven. 5. Druk op. 6. Druk op de afdekking van de watertankom dit te openen. 7. Vul de watertank tot het maximale niveau(ongeveer 950 ml water) met koud watertot het geluidssignaal klinkt of het displayhet bericht toont.
De watertoevoer isvoldoende voor ongeveer 50 min. Vul dewatertank niet verder dan zijn maximumcapaciteit. Er is een risico opwaterlekkage, overstroming enbeschadiging van meubels. WAARSCHUWING. Gebruik alleen koud kraanwater. Gebruik geen gefilterd(gedemineraliseerd) of gedestilleerdwater. Gebruik geen anderevloeistoffen. Schenk geenontvlambare of alcoholischevloeistoffen in de watertank. 8. Druk de watertank in de oorspronkelijkestand. 9. Druk op. Stoom verschijnt na ca. 2 min. Als deingestelde temperatuur is bereikt, klinkt ereen geluidssignaal. 10. Wanneer de watertank zonder water komtte zitten, klinkt het signaal. Vul dewatertank. 11. Schakel het apparaat uit. 12. Leeg de watertank na elkestoomkooksessie om kalksteenresten tevoorkomen. Zie het hoofdstuk ‘Onderhoud en reiniging’,Reservoir ledigen. 13. Open na het koken voorzichtig deovendeur.
Restwater kan condenseren inde binnenkant van de oven. 14. Als het apparaat koud is, droog dan debinnenkant van de oven met een zachtedoek. WAARSCHUWING. Het apparaat staat aan. Er bestaatgevaar voor brandwonden. Weesvoorzichtig als u het waterreservoir ledigt. 6.
5 MenuDruk op om het menu te openen. Menu-item ToepassingKook- En Bakassistent Toont overzicht van deautomatische program‐ma's. Reinigen Toont overzicht van deschoonmaakprogram‐ma's. Favorieten Geeft een overzicht vande favoriete instellingen. Opties Om de apparaatconfigu‐ratie in te stellen. Instellingen Aansluitin‐genOm de netwerkconfigu‐ratie in te stellen. Instelling Om de apparaatconfigu‐ratie in te stellen. Service Toont de softwareversieen configuratie. Submenu voor: ReinigenSubmenu ToepassingDrogen Procedure om de resterende conden‐satie in de holte op te laten drogen nagebruik van de stoomfuncties. Reservoir le‐digenProcedure voor het verwijderen vanhet restwater uit de watertank na ge‐bruik van de stoomfuncties. NEDERLANDS 13.
Submenu ToepassingStoomreini‐gingLicht reinigen. Stoomreini‐ging PlusGrondig reinigen. Ontkalken Verwijderen van kalkresten uit destoomgenerator. Spoelen Procedure voor het spoelen en reini‐gen van de stoomgenerator na fre‐quent gebruik van de stoomfuncties. Submenu voor: OptiesSubmenu ToepassingBinnenver‐lichtingSchakelt de lamp in en uit. Kinderslot Voorkomt dat het apparaat per onge‐luk wordt geactiveerd. Snel Opwar‐menVerkort de opwarmtijd. Het is alleenbeschikbaar voor een aantal verwar‐mingsfuncties. Reinigings‐herinneringSchakelt de herinnering in en uit. Digitale klok‐stijlWijzigt de indeling van de weergege‐ven tijdsaanduiding. Submenu voor: AansluitingenSubmenu BeschrijvingWi-Fi Om in en uit te schakelen: Wi-Fi. Bediening opafstandOm de bediening op afstand in en uitte schakelen. Optie alleen zichtbaar nadat u het vol‐gende inschakelt: Wi-Fi.
Automati‐sche bedie‐ning op af‐standOm de bediening op afstand automa‐tisch te starten nadat BEGIN werd in‐gedrukt. Optie alleen zichtbaar nadat u het vol‐gende inschakelt: Wi-Fi. Netwerk Om de netwerkstatus en het signaal‐vermogen van het volgende te contro‐leren: Wi-Fi. Vergeet Net‐werkOm uit te schakelen dat het huidigenetwerk automatische verbindingmaakt met het apparaat. Submenu voor: InstellingSubmenu BeschrijvingTaal Stelt de taal van het apparaat in. HelderheidDisplayStelt de helderheid van de display in. Toetstonen Schakelt het geluid van de aanraak‐velden in en uit. Het is niet mogelijkom de toon te dempen voor. Geluidsvolu‐meStelt het volume van de belangrijkstegeluiden en signalen in. Waterhard‐heidStelt de waterhardheid in. Dagtijd Stelt de huidige tijd en datum in.
6 Instelling: Kook- EnBakassistentHet submenu Kook- En Bakassistent bestaatuit een reeks extra functies en programma'sdie zijn ontworpen voor speciale gerechten. Elk gerecht in dit submenu is voorzien vaneen geschikte instelling. Je kunt de tijd en detemperatuur tijdens het koken aanpassen. Voor sommige gerechten kunt u ook kokenmet Voedselsensor. Tot hoeverre eengerecht wordt gekookt:• Rauw• Medium• Gaar1. Het apparaat inschakelen. 2. Druk op. 3. Druk op. Kook- En Bakassistent. 4. Kies een gerecht of een voedseltype. 5. Plaats het voedsel in het apparaat endruk op. 14 NEDERLANDS.
Als de functie is afgelopen, controleert u ofhet voedsel klaar is. Verleng de bereidingstijdindien nodig. 7. EXTRA FUNCTIES7. 1 Favorieten U kunt tot 3 van uw favoriete instellingenopslaan, zoals de verwarmingsfunctie en debereidingstijd. 1. Het apparaat inschakelen. 2. Selecteer de gewenste instelling. 3. Druk op. 4. Selecteer: Favorieten / Huidigeinstellingen opslaan. 5. Druk op + om de instelling toe te voegenaan de lijst met: Favorieten. 6. Druk op. - druk hierop om de instelling te resetten. - druk hierop om de instelling teannuleren. 7. 2 ToetsenblokkeringDeze functie voorkomt dat de functie van hetapparaat per ongeluk wordt gewijzigd. 1. Het apparaat inschakelen. 2. Stel een verwarmingsfunctie in. 3. , - druk hier tegelijkertijd op om defunctie in te schakelen. , - druk hier tegelijkertijd op om defunctie in te schakelen. 7.
3 KinderslotDeze functie voorkomt dat het apparaat perongeluk wordt geactiveerd. 1. Het apparaat inschakelen. 2. Druk op. 3. Selecteer Opties / Kinderslot. 4. Druk op de codeletters in alfabetischevolgorde. Kinderslot is geactiveerd. Wanneer deze functie is geactiveerd, krijgt utoegang tot: Timer , Wi-Fi en lamp isbeschikbaar. Druk op de codeletters in alfabetischevolgorde om het apparaat in te kunnenschakelen. 7. 4 Automatische uitschakelingAls de verwarmingsfunctie actief is en ergeen instellingen worden gewijzigd, wordt hetapparaat om veiligheidsredenen na eenbepaalde periode automatisch uitgeschakeld. (°C) (u)30 - 115 12. 5120 - 195 8. 5200 - 230 5. 5Als je van plan bent een verwarmingsfunctiete gebruiken voor een duur die langer is dande automatische uitschakeltijd, stel dan dekooktijd in. Zie het hoofdstuk 'Klokfuncties'.
De automatische uitschakeling werkt niet metde functies: Binnenverlichting,Voedselsensor, Eindtijd. 7. 5 KoelventilatorAls het apparaat in werking is, wordt dekoelventilator automatisch ingeschakeld omde oppervlakken van het apparaat koel tehouden.
8. KLOKFUNCTIES8. 1 Omschrijving klokfunctiesFunctie OmschrijvingTimer De duur van het koken instellen. Maxi‐mum is 23 u 59 min. U kunt instellen wat er gebeurt als detijd om is door de voorkeur in te stellen:Actie beëindigen. Actie beëin‐digenGeluidsalarm - wanneer de tijd om is,klinkt er een signaal. U kunt deze func‐tie op elk gewenst moment instellen,ook als de oven uitstaat. Geluidsalarm en stop met koken - alsde tijd is verstreken, klinkt er een ge‐luidssignaal en wordt de verwarmings‐functie uitgeschakeld. Alleen pop-up bericht - wanneer de tijdis verstreken, verschijnt het bericht ophet display. U kunt deze functie op elkgewenst moment instellen, ook als deoven uitstaat. UitgesteldestartOm het begin en/of het einde van hetkoken uit te stellen. Tijd verlen‐gingOm de bereidingstijd te verlengen. Uptimer Om aan te geven hoe lang het apparaatin werking is. Maximum is 23 u 59 min.
U kunt de functie in- en uitschakelen:Deze functie heeft geen invloed op dewerking van het apparaat. 8. 2 Instelling: Dagtijd1. Het apparaat inschakelen. 2. Druk op: Dagtijd. 3. Stel de tijd in. 4. Druk op. 8. 3 Instelling: Timer1. Kies de verwarmingsfunctie en stel detemperatuur in. 2. Druk op. 3. Stel de tijd in. U kunt de gewenste actie Einde selecterendoor op te drukken. 4. Druk op. Herhaal de actie totdat hethoofdscherm op het display verschijnt. Wanneer 10% van de bereidingstijd overblijften het voedsel niet klaar lijkt te zijn, kun je debereidingstijd verlengen. Je kunt ook deverwarmingsfunctie wijzigen. Druk op +1minom de bereidingstijd te verlengen. 8. 4 Instelling: Uitgestelde start1. Stel de verwarmingsfunctie en detemperatuur in. 2. Druk op. 3. Stel de bereidingstijd in. 4. Druk op. 5. Druk op: Uitgestelde start. 6. Kies de gewenste starttijd. 7. Druk op.
9. DE ACCESSOIRES GEBRUIKENWAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.9.1 Accessoires plaatsenEen kleine inkeping bovenaan verhoogt deveiligheid. De inkepingen zijn ook anti-kantelmechanismen. De rand rond hetrooster voorkomt dat het kookgerei van hetrooster afglijdt.BakroosterPlaats het rooster tussen de geleidestangenvan de roostersteun. Zorg ervoor dat hetrooster de achterkant van de binnenkant vande oven raakt.Bakplaat / Diepe schaalSchuif de plaat tussen de geleidestangen vande inschuifrail. Plaats de bakplaat met dehelling naar de achterkant van de binnenkantvan de oven.9.2 VoedselsensorHet meet de temperatuur binnenin hetvoedsel. Je kunt het bij elkeverwarmingsfunctie gebruiken.Er moeten twee temperaturen wordeningesteld:• - de temperatuur in het apparaat.
Hetmoet ten minste 25 °C hoger zijn dan dekerntemperatuur van het voedsel.• - de kerntemperatuur van het voedsel.Voor de beste kookresultaten:• Ingrediënten moeten opkamertemperatuur zijn.• Niet gebruiken voor vloeibare gerechten.• Tijdens het koken moet de naald van devoedselsensor volledig in het gerechtworden gestoken.Het apparaat berekent een geschattebereidingseindtijd. Dit hangt af van devoedselkwaliteit, de verwarmingsfunctie ende temperatuur.Koken met: VoedselsensorWAARSCHUWING!Er bestaat een risico op brandwonden alsde voedselsensor en de inschuifrails heetworden. Raak de handgreep van devoedselsensor niet met blote handenaan. Gebruik altijd ovenhandschoenen.1. Het apparaat inschakelen.2. Selecteer de verwarmfunctie en, indiennodig, de oventemperatuur.3.
StoofschotelPlaats de punt van de voedselsensorprecies in het midden van deovenschotel. De voedselsensor moettijdens het bakken op één plaats wordengestabiliseerd. Gebruik een solideingrediënt om dit voor elkaar te krijgen. Gebruik de rand van de bakplaat om hetsiliconen handvat van de voedselsensorte ondersteunen. De punt van devoedselsensor mag de bodem van debakplaat niet raken. 4. Steek de voedselsensor in hetstopcontact in het apparaat. Zie hethoofdstuk 'Beschrijving van het product'. Het display toont de huidige temperatuur vande voedselsensor. 5. - druk om de kerntemperatuur van desensor in te stellen. 6. - druk om de voorkeursoptie in testellen:• Geluidsalarm - wanneer het voedselde kerntemperatuur bereikt, klinkt hetsignaal. • Geluidsalarm en stop met koken -wanneer het voedsel dekerntemperatuur bereikt, klinkt hetsignaal en stopt de oven. 7.
Selecteer de optie en druk herhaaldelijkop om naar het hoofdscherm te gaan. 8. Druk op. 9. Als het voedsel de ingesteldetemperatuur bereikt, klinkt er eengeluidssignaal. Controleer of het voedselklaar is. Verleng de bereidingstijd indiennodig. 10. Haal de stekker van de voedselsensor uithet stopcontact en haal het gerecht uithet apparaat. 10. AANWIJZINGEN EN TIPS10. 1 KookadviezenDe temperatuur en kooktijden in de tabellenzijn slechts als richtlijn bedoeld. Ze zijnafhankelijk van het recept, de kwaliteit en dekwantiteit van de gebruikte ingrediënten. Je apparaat kan anders bakken of roosterendan het apparaat dat je tot nu toe gebruikthebt. De onderstaande hints tonenaanbevolen instellingen voor temperatuur,kooktijd en rekstand voor specifieke soortenvoedsel. Tel de rekniveaus vanaf de bodem van deoven.
Als u voor een speciaal recept de instellingniet kunt vinden, zoek dan naar eensoortgelijk recept. Zie het hoofdstuk "Energie-efficiëntie" voorenergiebesparingstips. Voor meer kookaanbevelingen kunt u dekooktabellen beschikbaar op onze websiteraadplegen.
1 - 2 51) Verwarm het lege apparaat voor.2) Verwarm het lege apparaat 5 min voor.Bakken op meerdere niveausZandtaartdeeg Hetelucht Bakplaat 140 25 - 45 2 en 4Kleine cakes, 20 stuks perbakplaat 1)Hetelucht Bakplaat 150 25 - 35 2 en 4Zachte cake zonder vet HeteluchtBakrooster 2)160 45 - 55 2 en 4Appeltaart HeteluchtBakrooster 2)160 55 - 65 2 en 41) Verwarm het lege apparaat voor.2) 1 cakevorm op elk bakrooster. Eén links en één rechts.10.5 Informatie voor testinstitutenTests voor de functie: StoomTesten volgens IEC 60350-1.Stel de temperatuur in op 100°C.Broccoli 1) 2)2/3 stoomset geperforeerd 0.3 3 8 - 9Broccoli 1) 2)2/3 stoomset geperforeerd max. 3 10 - 1120 NEDERLANDS
Erwten, bevroren2)2 x 2/3 stoomset geperforeerd 2 x 1,5 2 en 4 Tot de temperatuur op dekoudste plek 85 °C heeft be‐reikt. 1) Verwarm het lege apparaat voor. 2) Plaats de bakplaat op de eerste rekstand. 11. ONDERHOUD EN REINIGINGWAARSCHUWING. Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 11. 1 Opmerkingen over de reinigingReinigingsmiddelen• Reinig de voorkant van het apparaatuitsluitend met een microvezeldoek metwarm water en een mild reinigingsmiddel. • Gebruik een reinigingsoplossing ommetalen oppervlakken te reinigen. • Reinig vlekken met een mildreinigingsmiddel. Dagelijks gebruik• Reinig na elk gebruik de binnenkant vanhet apparaat. Vetophoping of andereresten kunnen brand veroorzaken. • Bewaar voedsel niet langer dan 20minuten in het apparaat. Droog debinnenkant van het apparaat na elkgebruik alleen met een microvezeldoek.
Accessoires• Reinig alle accessoires na elk gebruik enlaat ze drogen. Gebruik alleen een zachtedoek met warm water en een mildreinigingsmiddel. De accessoires niet inde afwasmachine reinigen. • Reinig de antiaanbakaccessoires niet metagressieve reinigingsmiddelen of scherpevoorwerpen. 11. 2 Verwijderbare inschuifrailsVerwijder de inschuifrails om het apparaat tereinigen. 1. Schakel het apparaat uit en wacht tot hetis afgekoeld. 2. Trek de inschuifrails voorzichtig naarboven toe uit de voorste ophanging. 3. Trek de voorkant van de inschuifrails wegvan de zijwand. 4. Trek de inschuifrails uit de achtersteophanging. 231Plaats de inschuifrails in omgekeerdevolgorde. 11. 3 Stoomreiniging1. Schakel het apparaat uit en wacht tot hetis afgekoeld. 2. Verwijder alle accessoires en deverwijderbare inschuifrails. 3.
Maak de bodem van de oven schoon meteen zachte doek, warm water en een mildreinigingsmiddel. 4. Vul de watertank tot het maximale niveautotdat het signaal klinkt of het display hetbericht weergeeft. 5. Selecteer: Menu / Reinigen.
Als de reiniging is voltooid klinkt er eengeluidssignaal. 7. Druk op een willekeurig symbool om hetsignaal uit te zetten. 8. Schakel het apparaat uit. 9. Wanneer het apparaat koud is, droog jede ovenruimte met een zachte doek. 10. Laat de ovendeur open en wacht tot debinnenkant van de oven droog is. Wanneer deze functie werkt, is de lampuit. 11. 4 ReinigingsherinneringWanneer de herinnering verschijnt, isreiniging aanbevolen. Gebruik de functie: Stoomreiniging Plus. Re11. 5 OntkalkenGebruik het om het stoomsysteem teontkalken. 1. Schakel het apparaat uit en wacht tot hetis afgekoeld. 2. Haal alle accessoires uit de oven. 3. Zorg ervoor dat de watertank leeg is. Ziehet hoofdstuk ‘Onderhoud en reiniging’,Reservoir ledigen. Duur van het eerste deel: ongeveer 100min4. Selecteer: Menu / Reinigen / Ontkalken. 5. Plaats de braadpan op de eersterekstand. 6.
Giet 250 ml antikalkmiddel in dewatertank. 7. Vul het resterende deel van de watertankmet 700 ml water, totdat het signaal klinktof het display het bericht weergeeft. 8. Schakel de functie in en volg deinstructies op het display. Het eerste deelvan het ontkalken begint. Duur van het tweede deel: ongeveer 35min9. Vul de watertank met 950 ml water, totdathet signaal klinkt of totdat het display hetbericht weergeeft. 10. Wanneer de functie is afgelopen,verwijder je de braadpan. 11. Schakel het apparaat uit en wacht tot hetis afgekoeld. 12. Maak de binnenkant van de oven schoonmet een zachte doek. 13. Laat de ovendeur open en wacht tot deovenruimte droog is. Als er na het ontkalken nog watkalksteenresten in het apparaat achterblijven,wordt op het display gevraagd de procedurete herhalen. 11.
6 Herinnering voor ontkalkingEr zijn twee melders die u de instructie gevenom het apparaat te ontkalken. U kunt deontkalkingsherinnering niet uitschakelen. • Zachte herinnering - raadt u aan hetapparaat te ontkalken. • De harde herinnering verplicht u deontkalking uit te voeren.
Als u de oven nietontkalkt wanneer de harde herinnering isingeschakeld, zijn de stoomfunctiesuitgeschakeld. 11. 7 SpoelenGebruik het om het stoomsysteem te reinigenna veelvuldig gebruik van de stoomfunctie. 1. Schakel het apparaat uit en wacht tot hetis afgekoeld. 2. Haal alle accessoires uit de oven. 3. Plaats de braadpan op de eersterekstand. 4. Vul de watertank tot het maximale niveautot het signaal klinkt of het display hetbericht weergeeft. 5. Selecteer: Menu / Reinigen / Spoelen. Duur: ongeveer 30 min6. Schakel de functie in en volg deinstructies op het display. 7. Wanneer de functie is afgelopen,verwijder je de braadpan. Wanneer deze functie werkt, is de lampuit. 11. 8 DrogenGebruik het na het koken met eenstoomverwarmingsfunctie of stoomreinigingom de ovenruimte te drogen. 1. Schakel het apparaat uit en wacht tot hetis afgekoeld. 2. Haal alle accessoires uit de oven. 3.
4. Volg de instructies op het display.11.9 DroogherinneringNa het koken met eenstoomverwarmingsfunctie vraagt het displayom het apparaat te drogen.Druk op JA om het apparaat te drogen.11.10 Reservoir ledigenGebruik het met de stoomverwarmingsfunctieom het resterende water uit de watertank teverwijderen.1. Schakel het apparaat uit en wacht tot hetis afgekoeld.2. Haal alle accessoires uit de oven.3. Plaats de braadpan op de eersterekstand.4. Selecteer: Menu / Reinigen / Reservoirledigen.Duur: 6 min5. Schakel de functie in en volg deinstructies op het display.6. Wanneer de functie is afgelopen,verwijder je de braadpan.Wanneer deze functie werkt, is de lampuit.11.11 Verwijderen en installeren vande deurU kunt de deur en de binnenste glasplatenverwijderen om ze te reinigen.
U Het aantalglasplaten verschilt per model.WAARSCHUWING!De deur is zwaar.LET OP!Behandel het glas voorzichtig, vooralrond de randen van het voorpaneel. Hetglas kan breken.1. Zorg ervoor dat het apparaat koud is.2. Open de deur volledig.3. Druk op de klemhendels op de tweedeurscharnieren.AA4.Sluit de ovendeur in de eersteopeningsstand (in een hoek vanongeveer: 70°).5. Pak de deur aan de zijkanten met beidehanden vast en trek deze onder eenopwaartse hoek weg van de oven.6. Plaats de ovendeur met de buitenkantomlaag op een zachte doek op eenstabiele ondergrond.7. Pak de deurafdekking aan debovenkant van de deur aan beide kantenvast en druk deze naar binnen om deklemsluiting te ontgrendelen.12B8. Trek de deurlijst naar voren om hem teverwijderen.9. Houd de glasplaten aan hun bovenkantvast en trek deze een voor een omhooguit de geleider.10. Reinig de glasplaat met een sopje.
Zorg ervoor dat de glasplaten op de juistemanier worden geplaatst, anders kan hetoppervlak van de deur oververhit raken.11.12 Het lampje vervangenWAARSCHUWING!Gevaar voor elektrische schokken.Het lampje kan heet zijn.1. Schakel het apparaat uit en wacht tot hetis afgekoeld.2. Haal de stekker uit het stopcontact.3. Leg de doek op de vloer van de oven.Bovenlamp1. Draai het glazen deksel om die teverwijderen.2. Verwijder de metalen ring en reinig hetglazen deksel.3. Vervang de lamp door een geschikte 300°C hittebestendige lamp.4. Bevestig de metalen ring aan de glazenafdekking en installeer deze.Zijlamp1. Verwijder de linker drager van het rek omtoegang te krijgen tot de lamp.2. Gebruik een schroevendraaier Torx 20om het deksel te verwijderen.3. Reinig de glasafdekking.4. Vervang de lamp door een geschikte 300°C hittebestendige lamp.5. Installeer het metalen frame en deafdichting.
Draai de schroeven vast.6. Installeer de linker drager van het rek.12. PROBLEEMOPLOSSINGWAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.12.1 Wat te doen als...Probleembeschrijving Pauzeren en hervattenJe kunt het apparaat niet inscha‐kelen of gebruiken.Het apparaat is niet aangesloten op een stopcontact of niet goed geïnstal‐leerd.Het apparaat warmt niet op. De klok is niet ingesteld.Raadpleeg het hoofdstuk "Klokfuncties" om de klok in te stellen.De deur is niet goed gesloten.Lampjes/symbolen voor de kookplaatDe zekering is doorgeslagen.Ga na of de zekering de oorzaak van het probleem is. Als het probleem zichopnieuw voordoet, neem dan contact op met een gekwalificeerde elektricien.Kinderslot is ingeschakeld.De lamp is uit. De lamp is opgebrand. Vervang de lamp.Zie voor details het hoofdstuk ‘Onderhoud en reiniging’.24 NEDERLANDS
Probleembeschrijving Pauzeren en hervatten Een stroomonderbreking zal de reiniging altijd stoppen. Herhaal de reiniging als deze wordt onderbrokendoor stroomuitval. Problemen met draadloos net‐werksignaal. Controleer of je mobiele apparaat is verbonden met het draadloze netwerk. Controleer uw draadloze netwerk en router. Herstart de router. Er is een nieuwe router geïnstal‐leerd of de routerconfiguratie isgewijzigd. Raadpleeg het hoofdstuk 'Voor het eerste gebruik', Draadloze verbinding,om de oven en het mobiele apparaat opnieuw te configureren. Het draadloze netwerksignaal iszwak. Verplaats de router zo dicht mogelijk bij het apparaat. Het draadloze signaal wordt ver‐stoord door een andere magnetrondie in de buurt van het apparaat isgeplaatst. Schakel de magnetron uit. Vermijd het gelijktijdige gebruik van de magnetron en de bediening op af‐stand van het apparaat.
Magnetrons storen WiFi-signaal. 12. 2 FoutcodesWanneer de softwarefout optreedt, geeft het display een foutmelding weer. U vindt de lijst metproblemen in de onderstaande tabel. Code en omschrijving OplossingF111 - Voedselsensor is niet correct in het stopcontactgeplaatst. Steek de Voedselsensor in het stopcontact. F240, F439 - de aanraakvelden op het display werkenniet goed. Reinig het oppervlak van het display. Zorg ervoor dat ergeen vuil op de aanraakvelden zit. F601 - er is een probleem met het Wi-Fi-signaal. Controleer uw netwerkverbinding. Raadpleeg het hoofd‐stuk 'Voor het eerste gebruik', Draadloze verbinding. F604 - de eerste verbinding met Wi-Fi is mislukt. Schakel het apparaat uit en weer in en probeer het op‐nieuw. Raadpleeg het hoofdstuk 'Voor het eerste ge‐bruik', Draadloze verbinding. F908 - het apparaatsysteem kan geen verbinding ma‐ken met het bedieningspaneel.
1) Wanneer een van deze foutmeldingen op het display blijft verschijnen, betekent dit dat een defect subsysteemmogelijk is uitgeschakeld. Neem in dat geval contact op met uw dealer of een erkend servicecentrum. Als een vandeze fouten optreedt zullen de overige functies van het apparaat normaal blijven werken. 12. 3 Service-informatieAls je niet zelf het probleem kunt verhelpen,neem dan contact op met je verkoper of eenerkende serviceafdeling. De contactgegevens van de servicedienststaan op het typeplaatje. Het typeplaatjebevindt zich op het voorframe van hetapparaat. Het is zichtbaar wanneer u de deuropent. Verwijder het typeplaatje niet uit hetapparaat. Wij raden je aan om de gegevens hier tenoteren:Model (MOD. ) : Productnummer (PNC): Serienummer (S. N. ): NEDERLANDS 25.
ENERGIEZUINIGHEID13.1 Productinformatie en productinformatieblad volgens de EU-voorschriften voor ecologisch ontwerp en energie-etiketteringNaam leverancier AEGModelnummerEB78SB 944035103NBB8S621AB 944035102Energie-efficiëntie-index 61,9Energie-efficiëntieklasse A++Energieverbruik met een standaard belading, conventionele modus 1,09 kWh/cyclusEnergieverbruik met een standaard belasting, heteluchtmodus 0,52 kWh/cyclusAantal holtes 1Warmtebron ElektriciteitVolume 70 lSoort oven InbouwovenMassaEB78SB 34.5 kgNBB8S621AB 35.0 kgIEC/EN 60350-1 - Huishoudelijke elektrische kooktoestellen - Deel 1: Fornuizen, ovens, stoomovens en grills -Methoden voor het meten van prestaties.13.2 Productinformatie voor stroomverbruik en maximale tijd om detoepasselijke modus voor laag vermogen te bereikenStroomverbruik in stand-by 0.8 WStroomverbruik in door netwerk verbonden stand-by 2.0 WDe maximale tijd die de apparatuur nodig heeft om automatisch de toepasselijke modus voor laagvermogen te bereiken20 minRaadpleeg het hoofdstuk "Vóór het eerstegebruik" voor richtlijnen over het in- enuitschakelen van de draadlozenetwerkverbinding.13.3 Energiebesparende tipsDe onderstaande tips helpen u energie tebesparen bij het gebruik van uw apparaat.Zorg ervoor dat de deur van het apparaatgesloten is als het apparaat in werking is.Open de deur van het apparaat niet te vaaktijdens het koken.
Houd het deurrubberschoon en zorg ervoor dat het goed op zijnplaats vastzit.Gebruik metalen kookgerei en donkere, niet-reflecterende blikken en containers omenergie te besparenVerwarm het apparaat niet voor voordat ugaat koken, tenzij specifiek aanbevolen.Houd onderbrekingen tussen het bakken zokort mogelijk als je een aantal gerechtentegelijkertijd bereidt.26 NEDERLANDS
De restwarmte binnen in het apparaatzal blijven koken.Gebruik de restwarmte om het voedsel warmte houden of andere gerechten op te warmen.Wanneer je de oven uitschakelt, geeft hetdisplay de restwarmte aan.Als een programma met Duur wordtgeactiveerd en de bereidingstijd langer is dan30 minuten, worden deverwarmingselementen bij sommige functiesvan het apparaat automatisch eerderuitgeschakeld.Eten warm houdenKies de laagst mogelijketemperatuurinstelling om de restwarmte tegebruiken en het voedsel warm te houden.Het indicatielampje van de restwarmte oftemperatuur verschijnt op het display.Koken met de verlichting uitgeschakeldSchakel de verlichting tijdens het koken uit.Doe het aan als je het nodig hebt.Warmelucht (vochtig)Functie is ontworpen om tijdens de bereidingenergie te besparen.Als je deze functie gebruikt, gaat deverlichting na 30 sec. automatisch uit.
Je kuntde verlichting weer inschakelen, maar dezehandeling vermindert de verwachteenergiebesparingen.Stand-bymodusNa 2 min. schakelt het display over naar destand-bymodus.14. MILIEUBESCHERMINGRecycleer de materialen met het symbool .Gooi de verpakking in een geschikteafvalcontainer om het te recycleren.Bescherm het milieu en de volksgezondheiden recycleer op een correcte manier het afvalvan elektrische en elektronische apparaten.Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool niet weg met het huishoudelijk afval.Breng het product naar het milieustation bij uin de buurt of neem contact op met degemeente.NEDERLANDS 27
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met AEG NBB8S621AB stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Oven AEG
Handleiding Oven
Nieuwste handleidingen voor Oven
