AEG L75689FL Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van AEG L75689FL (36 pagina’s), behorend tot de categorie Wasmachines. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 63 mensen en kreeg gemiddeld 4.8 sterren uit 4 reviews. Heb je een vraag over AEG L75689FL of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | AEG |
| Categorie: | Wasmachines |
| Model: | L75689FL |
Handleiding AEG L75689FL – volledige tekst
KLANTENSERVICEWanneer u contact opneemt met deklantenservice dient u de volgendegegevens bij de hand te hebben. Dezeinformatie treft u aan op hettypeplaatje.ModelProductnummerSerienummerIn deze gebruiksaanwijzing worden devolgende symbolen gebruikt:Waarschuwing - Belangrijkeveiligheidsinformatie.Algemene informatie en tipsMilieu-informatieWijzigingen voorbehoudenINHOUD 4 VEILIGHEIDSINFORMATIE 5 MILIEUBESCHERMING 6 TECHNISCHE INFORMATIE 7 BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT 7 ACCESSOIRES 8 BEDIENINGSPANEEL 11 PROGRAMMA’S 14 VOOR HET EERSTE GEBRUIK 14 BEDIENING VAN HET APPARAAT 14 WASGOED IN DE MACHINE DOEN 15 WASMIDDEL EN ADDITIEVEN (WASVERZACHTER,VLEKKENMIDDEL) TOEVOEGEN 16 EEN PROGRAMMA INSTELLEN EN STARTEN 18 AAN HET EINDE VAN HET PROGRAMMA 18 AANWIJZINGEN EN TIPS 19 ONDERHOUD EN REINIGING 24 PROBLEEMOPLOSSING 27 MONTAGE2
VOOR PERFECTE RESULTATENBedankt dat u voor dit AEG product heeft gekozen. Dit apparaat is ontworpen omvele jaren uitstekend te presteren, met innovatieve technologieën die het levengemakkelijker helpen maken – functies die gewone apparaten wellicht niet hebben.Neem een paar minuten de tijd om het door te lezen zodat u er optimaal van kuntprofiteren.ACCESSOIRES EN VERBRUIKSARTIKELENIn de AEG webshop vindt u alles wat u nodig heeft om al uw apparaten van AEGmooi te houden en perfect te laten functioneren. Ook vindt u hier een groot aantalaccessoires die zijn ontworpen en gebouwd volgens de hoge kwaliteitsnormen die uverwacht, van speciaal kookgerei tot bestekmandjes en van flessenhouders totwaszakken…Bezoek onze webshop opwww.aeg.com/shopGa naar onze website voor:- Producten- Brochures- Gebruikershandleidingen- Oplossen van problemen- Service-informatiewww.aeg.com NEDERLANDS 3
VEILIGHEIDSINFORMATIELees deze handleiding aandachtig doorvoordat u het apparaat installeert of ge-bruikt: • Voor uw eigen veiligheid en de vei-ligheid van uw eigendommen • Voor het milieu • Voor de correcte werking van het ap-paraat. Bewaar deze instructies altijd bij het ap-paraat, ook wanneer u het verplaatst ofaan een ander geeft. De fabrikant is niet verantwoordelijkvoor schade veroorzaakt door een fou-tieve installatie. VEILIGHEID VAN KINDERENEN KWETSBARE MENSEN • Mensen, met inbegrip van kinderen,met beperkte lichamelijke, zintuiglij-ke of verstandelijke vermogens ofgebrek aan ervaring en kennis, mo-gen dit apparaat niet bedienen. Zijmoeten onder toezicht staan of in-structies krijgen over het gebruik vandit apparaat van iemand die verant-woordelijk is voor hun veiligheid. • Houd alle verpakkingsmaterialen uitde buurt van kinderen. Gevaar voorverstikking of letsel.
• Houd alle reinigingsmiddelen uit debuurt van kinderen. • Houd kinderen en huisdieren uit debuurt van het apparaat als de deuropen is. • Voordat u de deur van het apparaatsluit, dient u te controleren dat ergeen kinderen of huisdieren in detrommel zitten. • Als het apparaat is uitgerust met eenkinderbeveiliging, raden wij aan ditte activeren. KINDERBEVEILIGING • Als u deze beveiliging activeert, kuntu de deur niet sluiten. Dit voorkomtdat u kinderen of huisdieren in detrommel opsluit. Voor het inschake-len van de kinderbeveiliging ver-plaatst u het draaigedeelte met eenmuntstuk rechtsom totdat de groefhorizontaal staat. Voor het uitschake-len van de kinderbeveiliging ver-plaatst u het draaigedeelte met eenmuntstuk linksom totdat de groefweer verticaal staat. ALGEMENE VEILIGHEID • Gebruik het apparaat niet voor pro-fessioneel gebruik.
Dit apparaat isuitsluitend bestemd voor huishoude-lijk gebruik. • De specificaties van het apparaatmogen niet worden veranderd. Risicoop letsel en beschadiging van hetapparaat.
• Plaats geen ontvlambare productenof items die vochtig zijn door ont-vlambare producten in, bij of op hetapparaat. Brand- of explosiegevaar. • Volg de veiligheidsinstructies van deverpakking van het wasmiddel ombrandwonden aan ogen, mond enkeel te voorkomen. • Zorg dat u alle metalen onderdelenuit het wasgoed verwijdert. Hard enscherp materiaal kan het apparaatbeschadigen. • Raak het glas van de deur niet aan alseen programma in gebruik is. Hetglas kan heet worden (alleen bij ma-chines met laaddeur vooraan). ONDERHOUD EN REINIGING • Schakel het apparaat uit en trek destekker uit het stopcontact. • Gebruik het apparaat niet zonder fil-ters. Zorg dat de filters op de juistewijze worden geïnstalleerd. Een on-4.
juiste installatie leidt tot waterlekka-ge. MONTAGE • Het apparaat is zwaar, wees voorzich-tig bij het verplaatsen van het appa-raat. • Vervoer uw apparaat niet zondertransportbouten, u kunt anders de in-terne componenten beschadigen enlekkages en defecten veroorzaken. • Installeer en sluit geen beschadigdapparaat aan. • Zorg dat u alle verpakkingsmateria-len en transportbouten verwijdert. • Zorg er tijdens de installatie voor datde stekker uit het stopcontact is ge-haald. • Alleen een erkende persoon mag deelektrische installatie, het loodgie-terswerk en de installatie van het ap-paraat uitvoeren. Dit om het risico opstructurele schade of lichamelijk let-sel te voorkomen. • Installeer of gebruik het apparaatniet op een plek waar de tempera-tuur onder de 0 °C komt.
• Als u het apparaat installeert opvloerbedekking, dient u ervoor tezorgen dat er luchtcirculatie is tussenhet apparaat en de vloerbedekking. Pas de stelvoeten aan om de nodigeruimte tussen het apparaat en devloerbedekking te creëren. Aansluiting aan de waterleiding • Sluit het apparaat niet aan met oudeslangen die al gebruikt zijn. Gebruikalleen nieuwe slangen. • Zorg dat u de waterslangen niet be-schadigt. • Sluit het apparaat niet op nieuwe lei-dingen aan of op leidingen die langniet zijn gebruikt. Laat het water en-kele minuten stromen en sluit dan detoevoerslang pas aan. • Let er bij het eerste gebruik op datde watertoevoerslangen en de kop-pelingen niet lek zijn. Aansluiting op hetelektriciteitsnet • Zorg ervoor dat het apparaat is ge-aard. • Controleer of de elektrische informa-tie op het typeplaatje overeenkomtmet de stroomvoorziening.
• Gebruik altijd een correct geïnstal-leerd schokvrij stopcontact. • Gebruik geen meerwegstekkers enverlengkabels. Er kan brand ontstaan. • Vervang of verander het netsnoerniet zelf. Neem contact op met hetservicecentrum. • Zorg dat u de hoofdstekker en kabelniet beschadigt.
• Steek de stekker pas in het stopcon-tact als de installatie is voltooid. Zorgervoor dat het netsnoer na installatiebereikbaar is. • Trek niet aan het snoer om het appa-raat los te koppelen van de netvoe-ding. Trek altijd aan de stekker. HET APPARAAT AFVOEREN 1. Trek de stekker uit het stopcontact. 2. Snij het netsnoer van het apparaataf en gooi dit weg. 3. Verwijder de deurvergrendeling. Ditvoorkomt dat u kinderen of huisdie-ren in de trommel opsluit. Gevaarvoor verstikking (alleen bij machinesmet laaddeur vooraan). MILIEUBESCHERMINGVERPAKKINGSMATERIALENRecycle de materialen met het symbool. Gooi de verpakking in een geschikteverzamelcontainer om het te recyclen. NEDERLANDS 5.
MILIEUTIPSGebruik minder water en energie omhet milieu te helpen, volg deze instruc-ties: • Stel een programma in zonder devoorwasfase om wasgoed dat nor-maal vervuild is te wassen. • Start een wasprogramma altijd metde maximum hoeveelheid wasgoed. • Gebruik indien nodig een vlekkenver-wijderaar als u een programma meteen lage temperatuur instelt. • Controleer de waterhardheid om dejuiste hoeveelheid wasmiddel te ge-bruiken.Het symbool op het product of opde verpakking wijst erop dat ditproduct niet als huishoudafval magworden behandeld, maar moet wordenafgegeven bij een verzamelpunt waarelektrische en elektronische apparatuurwordt gerecycled. Als u ervoor zorgtdat dit product op de juiste manierwordt verwijderd, voorkomt u mogelijkenegatieve gevolgen voor mens enmilieu die zich zouden kunnenvoordoen in geval van verkeerdeafvalverwerking.
Voor gedetailleerdereinformatie over het recyclen van ditproduct, kunt u contact opnemen metde gemeente, de gemeentereiniging ofde winkel waar u het product hebtgekocht.TECHNISCHE INFORMATIE Afmeting Breedte / hoogte / diepte 605 / 850 / 605 mm Totale diepte 640 mmAansluiting aan het elek-triciteitsnet:SpanningTotale stroomZekeringFrequentie230 V2200 W10 A50 Hz Waterdruk Minimaal 0,5 bar (0,05 MPa) Maximaal 8 bar (0,8 MPa)Watertoevoer 1) Koud water Maximale belading Katoen 8 kg Centrifugesnelheid Maximaal 1400 tpm (L75489FL)1600 tpm (L75689FL)1) Sluit de slang aan op een kraan met 3/4”-schroefdraad.6
BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT 1 2 3 8 956741011121Bovenblad2Afwasmiddeldoseerbakje3Bedieningspaneel4Handgreep5Typeplaatje6Afvoerpomp7Stelvoetjes8Afvoerslang9Watertoevoerklep10 Hoofdkabel11 Transportbouten12 StelvoetjesACCESSOIRES 1 2341MoersleutelOm de transportbouten te verwijde-ren.2Plastic dopjesVoor het afdichten van de gaten aande achterzijde van het apparaat na-dat u de transportbouten hebt ver-wijderd.3Toevoerslang met geïntegreerdbeschermingssysteem tegen wa-teroverlastOm mogelijke wateroverlast tevoorkomen.4Plastic slanggeleiderOm een afvoerslang op de rand vaneen gootsteen te bevestigen. NEDERLANDS 7
BEDIENINGSPANEEL 1 2 3456789101Aan-/Uittoets (Aan/Uit)2Programmaschakelaar3Display4Toets Start/Pauze (Start/Pauze)5Toets Startuitstel (Startuitstel)6Toets Tijd Besparen (Tijd Bespa-ren)7Toets Extra spoelen (Extra Spoe-len)8Toets Vlekken (Vlekken)9Toets Kort centrifugeren (TMP)10 Toets Temperatuur (Temp.°C)AAN/UIT-TOETS 1Druk op deze toets om het apparaat inof uit te schakelen. Er klinkt een geluidals het apparaat wordt ingeschakeld.DeAUTO Stand-by functie schakelt hetapparaat automatisch uit om stroom tebesparen als: • Er een programma is geselecteerd,maar na 5 minuten van de instellingnog niet op de toets is gedrukt.4 . – Alle instellingen worden geannu-leerd–Druk op de knop1 om het appa-raat weer in te schakelen. – Stel het wasprogramma en allemogelijke opties • 5 minuten na afloop van het waspro-gramma.
Raadpleeg 'Aan het eindevan het programma'.PROGRAMMASCHAKELAAR2Draai deze knop om een programma inte stellen. Het bijbehorende program-ma-indicatielampje gaat branden.DISPLAY 3 A B C D8
Op het display verschijnt: A• De maximum temperatuur van het programma. B• De standaard centrifugesnelheid van het programma.•'Niet centrifugeren'1) en 'Spoelstop' symbolen. C •De displaysymbolen.2) Symbolen BeschrijvingWasfaseSpoelfasesCentrifugefaseKinderbeveiligingU kunt de deur van het apparaat niet openen als het symboolaan is.U kunt de deur van het apparaat openen als het symbool uitgaat.Het symbool blijft aan, maar het programma is voltooid: • Er staat water in de trommel. • De functie 'Spoelstop' is aan.Startuitstel D• De programmatijdAls het programma start, vermindert de tijd in stappen van 1 minuut. • De uitgestelde startAls u op de toets startuitstel drukt, toont de display de uitstelde starttijd.• AlarmcodesAls het apparaat een storing heeft, toont de display alarmcodes.
Raad-pleeg het hoofdstuk 'Problemen oplossen'.• ErrHet display toont dit bericht enkele seconden als: – U een functie instelt die niet van toepassing is voor het programma. – U het programma wijzigt als het in werking is.Het lampje van de toets Start/Pauze 4 knippert.•Als het programma is voltooid.1) Alleen beschikbaar voor het programma Centrifugeren / wegpompen.2) De symbolen verschijnen op de display als de bijbehorende fase of functie is ingesteld.TOETS START/PAUZE 4Druk op toets 4 om het programma testarten of te onderbreken.TOETS STARTUITSTEL 5Druk op toets 5 om de start van eenprogramma vanaf 30 minuten tot 20 uuruit te stellen. NEDERLANDS 9
TOETS TIJDBESPARING 6Druk op de toets 6 om de program-matijd te verminderen. • Druk een keer om een verkort pro-gramma in te stellen voor wasgoedmet dagelijks vuil. • Druk twee keer voor het instellen vaneen extra snel programma voor was-goed dat bijna niet vuil is. Sommige programma's accep-teren uitsluitend een van detwee functies. TOETS EXTRA SPOELEN 7Druk op toets 7 om spoelfases toe tevoegen aan het programma. Gebruik deze functie voor personen dieallergisch zijn voor wasmiddelen en ingebieden waar het water erg zacht is. TOETS VLEKKEN 8Druk op toets 8 om de vlekkenfasetoe te voegen aan het programma. Gebruik deze functie voor wasgoedmet vlekken die moeilijk te verwijderenzijn. Als u deze functie instelt, doet u vlek-kenverwijderaar in het vakje. Deze functie verlengt de duurvan het wasprogramma. Deze functie is niet beschikbaarbij een temperatuur lager dan40°C.
TOETS CENTRIFUGEREN 9Druk op deze toets om: • De maximale snelheid van de centri-fugefase te verlagen als u een pro-gramma instelt. De display toont alleen de cen-trifugesnelheden die voor hetingestelde programma beschik-baar zijn. • Schakel de centrifugefase uit. • Schakel de functie 'Spoelstop' in. Steldeze functie in om kreukvorming instoffen te voorkomen. Het apparaatpompt geen water af als het pro-gramma is voltooid. Centrifugefase is uit. De functie 'Spoelstop' isaan. TEMPERATUURTOETS 10Druk op knop 10 om de standaardtemperatuur te wijzigen. - - = koud waterGELUIDSSIGNALENFUNCTIEU hoort geluidssignalen als: • U het apparaat inschakelt. • U het apparaat uitschakelt. • U op een toets drukt. • Het programma is voltooid. • Het apparaat ondervindt een storing. Voor het uitschakelen/inschakelen vande geluidssignalen, drukt u tegelijker-tijd op toets 8 en toets 7 gedurende6 seconden.
• Druk om de functie te activeren, te-gelijkertijd op toets 10 en toets 9totdat de display het symbool toont. • Druk om de functie te deactiveren,tegelijkertijd op toets 10 en toets 9 totdat het symbool uitgaat. U kunt de volgende functie activeren: • Voordat u drukt op de toets Start/Pauze 4 : kan het apparaat niet star-ten. • Nadat u drukt op de toets Start/Pau-ze 4 , worden alle toetsen en deprogrammaschakelaar uitgeschakeld. 10.
PERMANENTE EXTRASPOELFUNCTIEMet deze functie kunt u de extra spoel-functie permanent aan laten als u eennieuw programma instelt. • Druk om de functie te activeren, te-gelijkertijd op toets 6 en toets 5totdat het lampje van toets 7brandt. • Druk om de functie uit te schakelen,tegelijkertijd op toets 6 en toets 5totdat het lampje van toets 7 uitgaat.PROGRAMMA’SProgrammaProgrammaProgrammaProgrammaProgrammaTemperatuurTemperatuurTemperatuurTemperatuurTemperatuurType ladingType ladingType ladingType ladingType ladingmax. gewicht van be-max. gewicht van be-max. gewicht van be-max. gewicht van be-max. gewicht van be-ladingladingladingladingladingCyclus-Cyclus-Cyclus-Cyclus-Cyclus-beschrijvingbeschrijvingbeschrijvingbeschrijvingbeschrijvingFunctiesFunctiesFunctiesFunctiesFunctiesKatoen95° - KoudWit en bont katoen,normaal vervuild.max.
het uitsluitend selecteren van het programma POMPEN, stelt u de functie NIETCENTRIFUGEREN in. 4) Stel deze functie om extra spoelingen toe te voegen. Met een lage centrifugesnelheidvoert het apparaat behoedzame spoelbeurten uit met kort centrifugeren. 5) Stel dit programma in om de tijd en het water- en energieverbruik te verlagen. 6) Stel dit programma in voor een goed wasresultaat en om het stroomverbruik te verlagen. De tijd van het wasprogramma wordt verlengd. STOOMPROGRAMMA'SProgramma1)1)1)1)1) Type ladingType ladingType ladingType ladingType lading Max. bela-dingOpfrissenDit programma verwijdertluchtjes uit het wasgoed. Stoom verwijdert geendierenluchtjes. Katoen en synthetica. Stel het Stoomprogramma nietin voor dit type kleding: • Kleding waar op het was-voorschrift niet staat of hetgeschikt is voor de droger.
• Kleding met veel ingewerktestukjes plastic, metaal, houten dergelijke. tot 1. 5 kgOntkreukDit programma helpt het was-goed te ontkreuken. tot 1. 5 kgStoom kan worden gebruikt voor droge, gewassen of eenmaal gedragenwasgoed. Deze programma's kunnen kreukels en luchtjes verminderen enhet wasgoed zachter maken. Gebruik geen wasmiddel. Verwijder vlekken indien nodig door te wassenof plaatselijke vlekverwijderaar te gebruiken. Stoomprogramma's vormen geen hygiënische cyclus. 1) Als u een stoomprogramma instelt met gedroogde was, zal de was aan het eind van decyclus vochtig aanvoelen. Het is beter om de kleren aan de lucht te drogen gedurende 10minuten om de vochtigheid te laten verdampen. Het wasgoed moet zo snel mogelijk uit detrommel worden verwijderd. Na een stoomcyclus kunt u de kleding toch nog strijken, maardan uiteraard met veel minder moeite.
ProgrammaProgrammaProgrammaProgrammaProgramma1)1)1)1)1) Energieverbruik (kWh)Energieverbruik (kWh)Energieverbruik (kWh)Energieverbruik (kWh)Energieverbruik (kWh)2)2)2)2)2) Waterverbruik (li-Waterverbruik (li-Waterverbruik (li-Waterverbruik (li-Waterverbruik (li-ter)ter)ter)ter)ter)2)2)2)2)2)Het katoen 60 °C eco en katoen 40 °C eco zijn de standaard programma'svoor katoen die normaal bevuild zijn. Deze programma's zijn geschikt omnormaal bevuild katoenen wasgoed te wassen en zijn de meest efficiënt-ste programma's op het vlak van water- en energieverbruik om dit typekatoenen wasgoed te wassen. De werkelijke watertemperatuur kan ver-schillen van de aangeduide cyclustemperatuur. 1) Raadpleeg het display voor de programmatijd. 2) De consumptiegegevens die in dit overzicht worden weergegeven, zijn indicatief.
Degegevens kunnen verschillen, afhankelijk van de hoeveelheid, het type wasgoed, detemperatuur van de watertoevoer en de omgevingstemperatuur. 3) Dit is het programma voor testinstituten. Het is overeenkomstig met EN60456. VOOR HET EERSTE GEBRUIK 1. Giet 2 liter water in het vakje voorhet hoofdwasmiddel van de was-middellade om het afvoersysteemte activeren. 2. Giet een klein beetje wasmiddel inhet vakje van het hoofdwasmiddelvan de wasmiddellade. Stel het pro-gramma voor katoen in op de hoog-ste temperatuur zonder wasgoed enstart het programma. Dit verwijdertal het mogelijke vuil uit de trommelen de kuip. BEDIENING VAN HET APPARAAT 1. Draai de waterkraan open. 2. Steek de stekker in het stopcontact. 3. Druk op toets 1 om het apparaatin te schakelen. 4. Plaats het wasgoed in de machine. 5. Gebruik de juiste hoeveelheid was-middelen en toevoegingen. 6.
U dient het juiste programma in testellen en te starten voor het typelading en de mate van vervuiling. WASGOED IN DE MACHINE DOEN 1. Open de deur van het apparaat. 2. Plaats het wasgoed een voor een inde trommel. Schud de items voor uze in de wasautomaat plaatst.
Er kan wa-terlekkage of beschadigd wasgoed ont-staan.WASMIDDEL EN ADDITIEVEN (WASVERZACHTER,VLEKKENMIDDEL) TOEVOEGENHet wasmiddelvakje van de voorwasfase en het inweekprogram-ma.Voeg inweek- en voorwasmiddelen toe voordat u het programmastart.Het vakje voor het wasmiddel van de wasfase.Als u een vloeibaar wasmiddel gebruikt, dient u dit direct voor hetstarten van het programma te plaatsen.Vakje voor vloeibare nabehandelingsmiddelen (wasverzachter,stijfsel).Plaats het product in het vakje voordat u het programma start.Dit is het maximale niveau voor vloeibare nabehandelingsmidde-len.Het vakje voor de vlekverwijderaar.Plaats het product in het vakje en stel de vlekfunctie in voordat uhet programma start.Klepje voor poeder of vloeibaar wasmiddel.Draai het klepje (omhoog of omlaag) in de juiste stand om poederof vloeibaar wasmiddel te gebruiken.Volg altijd de instructies op de verpakking van de wasmiddelen.
De stand van de klep controleren 1. Trek de wasmiddeldoseerlade uittot deze stopt. 2. Druk de hendel in om de lade uit tetrekken. 3. Draai de klep omhoog om poeder-wasmiddel te gebruiken. 4. Draai de klep omlaag om vloeibaarwasmiddel te gebruiken.Met de klep in de stand OM-LAAG: – Gebruik geen gelatineachtigeof dikke vloeibare wasmidde-len. – Giet niet meer vloeibaar was-middel in het vakje dan de li-miet op de klep. – Stel de voorwasfase niet in. – Stel de startuitstelfunctie nietin. 5. Meet het wasmiddel en wasver-zachter af. 6. Sluit de wasmiddeldoseerladevoorzichtig. Zorg bij het sluiten vande lade dat de klep geen blokke-ring veroorzaakt. EEN PROGRAMMA INSTELLEN EN STARTEN 1. Draai de programmaschakelaar. Hetbijbehorende programma-indicatie-lampje gaat branden.2. Het lampje van toets 4 knippert inhet rood.16
3. Op het display verschijnt de stan-daard temperatuur en centrifuge-snelheid. Om de temperatuur en/ofde centrifugesnelheid te wijzigen,drukt u op de bijbehorende toet-sen. 4. Stel de beschikbare functies in. Hetlampje van de ingestelde functiegaat aan, of de display toont het bij-behorende symbool. 5. Druk op toets 4 om het program-ma te starten. Het lampje van toets4 is aan. EEN PROGRAMMAONDERBREKEN1. Als u op de toets 4 drukt: Het indi-catielampje knippert. 2. Als u opnieuw op toets 4 drukt. Het wasprogramma gaat verder. EEN PROGRAMMAANNULEREN1. Druk op toets 1 om het program-ma te annuleren en om het appa-raat uit te schakelen. 2. Druk opnieuw op toets 1 om hetapparaat in te schakelen. U kunt nueen nieuw wasprogramma kiezen. Het apparaat pompt geen waterweg. EEN FUNCTIE WIJZIGENU kunt slechts enkele functies wijzigenvoordat ze gaan werken. 1.
Als u op de toets 4 drukt: Het indi-catielampje knippert. 2. De ingestelde functie wijzigen. HET STARTUITSTELINSTELLEN1. Druk herhaaldelijk op toets 5 tothet aantal minuten of uren op dedisplay verschijnt. De bijbehorendesymbolen gaan branden. 2. Druk op toets 4 , het apparaat be-gint met aftellen van de uitgesteldestart. Nadat het aftelproces voltooid is,wordt het wasprogramma automa-tisch gestart. Voordat u op toets 4 drukt omhet apparaat te starten, kunt ude instelling van de uitgesteldestart annuleren of wijzigen. U kunt de uitgestelde start nietinstellen bij het Stoom pro-gramma. DE UITGESTELDE STARTANNULEREN1. Als u op de toets 4 drukt: Het bij-behorende indicatielampje knip-pert. 2. Druk herhaaldelijk op toets 5 totde display 0’ toont. 3. Als u op de toets 4 drukt: Het pro-gramma wordt gestart.
DEUR OPENENAls een programma of het startuitstel inwerking is, is de deur van de wasmachi-ne vergrendeld. De deur van het apparaat openen:1. Druk op toets 4. Het deurvergren-delingssymbool in de display gaatuit. 2. Open de deur van het apparaat. 3. Sluit de deur van de machine endruk op toets 4.
Het programmaof startuitstel gaat verder. Als de temperatuur en het wa-terpeil in de trommel te hoogzijn, blijft het symbool voor dedeurvergrendeling aan en kuntu de deur niet openen. U opentin dat geval de deur als volgt: 1. Schakel het apparaat uit. 2. Wacht enkele minuten. 3. Zorg ervoor dat er zich geenwater in de trommel bevindt. NEDERLANDS 17.
Als u het apparaat uit zet, dientu het programma opnieuw in testellen. AAN HET EINDE VAN HET PROGRAMMA • Het apparaat stopt automatisch. • De geluidssignalen klinken. •In de display gaat het symbool aan. • Het indicatielampje van de toetsStart/Pauze 4 gaat uit. • Het deurvergrendelingssymbool gaatuit. •Druk op toets 1 om het apparaat uitte schakelen. Vijf minuten na het ein-de van het programma wordt het ap-paraat door de energiebesparendefunctie automatisch uitgeschakeld. Als u het apparaat weer inscha-kelt, wordt het einde van het alslaatste ingestelde programma inde display weergegeven. Draaide programmaknop om eennieuwe cyclus in te stellen. • Haal het wasgoed uit de wasmachi-ne. Zorg ervoor dat de trommel leegis. • Laat de deur iets open staan om devorming van schimmel en onaange-name luchtjes te voorkomen. • Draai de waterkraan dicht.
Het wasprogramma is voltooid, maarer staat water in de trommel: – De trommel draait regelmatig omkreukvorming van het wasgoed tevoorkomen. – De deur blijft vergrendeld. – U moet het water afvoeren om dedeur te kunnen openen. Het water wegpompen: 1. Verlaag zo nodig de centrifugesnel-heid. 2. Druk op de toets Start/Pauze 4. Het apparaat voert het water af encentrifugeert. 3. Als het programma is voltooid, gaathet deurvergrendelingssymbool uiten kunt u de deur openen 4. Schakel het apparaat uit. Na ongeveer 18 uur begint hetapparaat automatisch met hetafvoeren van water en centrifu-geren. AANWIJZINGEN EN TIPSWASGOED SORTEREN • Verdeel het wasgoed in: wit, bont,synthetisch, fijne was en wol. • Volg de wasinstructies die u op dewaslabels van het wasgoed vindt. • Was witte en bonte artikelen niet sa-men. • Sommige bonte weefsels kunnen uit-lopen als zij de eerste keer wordengewassen.
– Gebruik een waszakje om kleinestuk wasgoed te wassen. • Een zeer kleine lading kan proble-men veroorzaken bij de centrifugefa-se. Als dit gebeurt, kunt u de artike-len handmatig verdelen in de trom-mel en de centrifugefase opnieuwstarten. HARDNEKKIGE VLEKKENVoor sommige vlekken is water en was-middel niet voldoende. We raden u aan om deze vlekken teverwijderen voordat u deze artikelen inde machine stopt. Er zijn speciale vlekverwijderaars ver-krijgbaar. Gebruik een speciale vlekver-wijderaar die geschikt is voor het typevlek en stof. WASMIDDELEN ENNABEHANDELINGSMIDDELEN • Gebruik alleen wasmiddelen en na-behandelingsproducten die bedoeldzijn voor gebruik in een wasauto-maat. • Vermeng geen verschillende soortenwasmiddel met elkaar. • Gebruik niet meer dan de benodigdehoeveelheid wasmiddel om het mili-eu te beschermen.
• Volg altijd de instructies die u vindtop de verpakking van deze produc-ten. • Gebruik de juiste producten voor hettype en de kleur stof, de programma-temperatuur en de mate van vervui-ling. • Stel geen voorwasfase in als u vloei-bare wasmiddelen gebruikt. • Als uw machine geen wasmiddelladeheeft met klepje, voeg dan het vloei-bare wasmiddel toe met een doseer-bal. WATERHARDHEIDAls de waterhardheid in uw gebiedhoog of gemiddeld is, raden we u hetgebruik van waterverzachter voor was-automaten aan. In gebieden waar dewaterhardheid zacht is, is het gebruikvan een waterverzachter niet nodig. Neem contact op met de plaatselijkewaterautoriteit voor de waterhardheidin uw gebied. Volg altijd de instructies die u vindt opde verpakking van de producten. Gelijkwaardige eenheden meten dewaterhardheid: • Duitse graden (°dH).
ONTKALKENHet water dat wij gebruiken, bevat kalk.Als het nodig is dient u waterverzachterte gebruiken om deze kalk te verwijde-ren.Gebruik een speciaal product voor was-automaten. Volg altijd de instructies dieu vindt op de verpakking van de produ-cent.Doe dit apart van het wassen van was-goed.BUITENKANT REINIGENHet apparaat alleen schoonmaken metzeep en warm water. Maak alle opper-vlakken volledig droog.LET OP!Gebruik geen brandspiritus, op-losmiddelen of chemische pro-ducten.ONDERHOUDSWASBEURTBij programma's met lage temperatu-ren is het mogelijk dat er wat wasmid-del achterblijft in de trommel. Voer re-gelmatig een onderhoudswas uit. Omdit te doen: • Haal al het wasgoed uit de trommel.
• Stel het heetste wasprogramma invoor katoen • Gebruik de juiste hoeveelheid poe-derwasmiddel met biologische ei-genschappen.Houd de deur enige tijd open na elkewasbeurt, om schimmels te voorkomenen onprettige geurtjes te verwijderen.DEURRUBBERControleer het deurrubber regelmatigen verwijder voorwerpen uit de binnen-kant.TROMMELControleer de trommel regelmatig omkalk en roestdeeltjes te voorkomen.Gebruik alleen speciale producten omroestdeeltjes uit de trommel te verwij-deren.Ga als volgt te werk: • Reinig de trommel met een speciaalproduct voor roestvrij staal. • Start een kort programma voor ka-toen op de maximale temperatuurmet een kleine hoeveelheid wasmid-del.20
WASMIDDELDOSEERLADEDe wasmiddeldoseerlade reinigen:12 1. Druk op de hendel. 2. Trek de doseerlade naar buiten. 3. Verwijder het bovenste gedeeltevan het vakje voor vloeibare nabe-handelingsmiddelen. 4. Maak alle onderdelen schoon metwater. 5. Maak de ruimte van de wasmiddel-doseerlade schoon met een bor-stel. 6. Plaats de wasmiddeldoseerlade te-rug in de ruimte.AFVOERPOMPControleer de afvoerpomp re-gelmatig en zorg dat dezeschoon is.De pomp schoonmaken als: • Het apparaat geen water wegpompt. • De trommel niet kan draaien. • Het apparaat een ongebruikelijk ge-luid maakt door een blokkade in deafvoerpomp. • De display een alarmcode weergeeftdoor een probleem met de wateraf-voer.WAARSCHUWING! 1. Trek de stekker uit het stop-contact. 2. Verwijder het filter niet alshet apparaat in gebruik is.Reinig de afvoerpomp nietals het water in de machineheet is.
De afvoerpomp reinigen: 1. Open het afvoerpompdeurtje. 2. Trek de klep naar voren om hem teverwijderen. 3. Plaats een bak onder de uitsparingvan de afvoerpomp om het uitstro-mende water op te vangen. 4. Druk de twee hendels in en trekhet afvoerkanaal naar voren om hetwater eruit te laten stromen.12 5. Als de bak vol met water is, duwt uhet afvoerkanaal terug en leegt ude bak. Herhaal stap 4 en 5 tot ergeen water meer uit de afvoer-pomp stroomt. 6. Duw het afvoerkanaal terug endraai het filter om het te verwijde-ren. 7. Verwijder stof en voorwerpen uitde pomp. 8. Zorg dat het schoepenrad op dejuiste wijze kan draaien. Neem alsdit niet lukt, contact op met deklantenservice.22
12 9. Reinig het filter onder de water-kraan en plaats het terug in de spe-ciale geleiders van de pomp. 10. Zorg ervoor dat het filter stevigvastzit om waterlekkage te voorko-men. 11. Plaats de klep terug en sluit het af-voerpompdeurtje.HET FILTER VAN DETOEVOERSLANG EN HETKLEPFILTERHet kan nodig zijn filters te reinigen als: • Het apparaat niet met water wordtgevuld. • De machine langdurig water vult.•Het lampje van toets 4 knippert ende display het bijbehorende alarmweergeeft. Raadpleeg het hoofdstuk"Problemen oplossen en service".WAARSCHUWING!Trek de stekker uit het stopcon-tact.De watertoevoerfilters schoonmaken: 1. Draai de waterkraan dicht. 2. Verwijder de watertoevoerslang vande kraan. 3. Reinig het filter in de toevoerslangmet een harde borstel. 4. Verwijder de toevoerslang achterde machine. 5. Reinig het filter in de klep met eenharde borstel of een handdoek.45°35° 6.
Als u het water afvoert met de noodaf-voerprocedure, dient u het afvoersys-teem opnieuw te activeren: 1. Giet 2 liter water in het vakje voorhet hoofdwasmiddel van de was-middeldoseerlade. 2. Start het programma om water af tevoeren. VOORZORGSMAATREGELENBIJ VORSTAls het apparaat is geïnstalleerd in eengebied waar de temperatuur lager isdan 0 °C, dan dient u het resterendewater uit de afvoerslang en de afvoer-pomp te verwijderen. 1. Trek de stekker uit het stopcontact. 2. Draai de waterkraan dicht. 3. Verwijder de watertoevoerslang. 4. Plaats de twee uiteinden van detoevoerslang in een bak en laat hetwater uit de slang stromen. 5. Leeg de afvoerpomp. Raadpleeg denoodafvoerprocedure. 6. Als de afvoerpomp leeg is, instal-leert u de toevoerslang opnieuw. WAARSCHUWING. Zorg ervoor dat de temperatuurhoger is dan 0 °C voordat u hetapparaat opnieuw gebruikt.
De fabrikant is niet verantwoor-delijk voor schade die door lagetemperaturen is veroorzaakt. PROBLEEMOPLOSSINGHet apparaat start niet of stopt tijdenshet programma. Probeer eerst het probleem zelf op telossen (zie tabel). Indien dit niet lukt,neem contact op met de service afde-ling. Bij sommige problemen werken degeluidssignalen en toont de displayeen alarmcode:• - Het apparaat wordt niet ge-vuld met water. • - Het apparaat pompt geenwater weg. • - De deur is open of niet goedgesloten. • - Anti-overstromingsbeveiligingis aan. WAARSCHUWING. Schakel het apparaat uit voordatu controles uitvoert. ProbleemProbleemProbleemProbleemProbleem Mogelijke oorzaakMogelijke oorzaakMogelijke oorzaakMogelijke oorzaakMogelijke oorzaak Mogelijke oplossingMogelijke oplossingMogelijke oplossingMogelijke oplossingMogelijke oplossingHet apparaatneemt geen water. De waterkraan is dicht.
ProbleemProbleemProbleemProbleemProbleem Mogelijke oorzaakMogelijke oorzaakMogelijke oorzaakMogelijke oorzaakMogelijke oorzaak Mogelijke oplossingMogelijke oplossingMogelijke oplossingMogelijke oplossingMogelijke oplossingHet apparaatpompt geen waterweg.De waterafvoerslang isbeschadigd.Controleer of de waterafvoers-lang niet is beschadigd. Het filter in de afvoer-pomp is geblokkeerd.Reinig het filter of maak de af-voerpomp schoon. Zie hethoofdstuk "Onderhoud en reini-ging". De aansluiting van dewaterafvoerslang is nietcorrect.Zorg dat de aansluiting altijd cor-rect is. Er is een wasprogrammazonder afvoerfase inge-steld.Stel het afvoerprogramma in. De functie 'Spoelstop' isaan.Stel het afpompprogramma in.De deur is open ofniet goed geslo-ten. Sluit de deur goed.Anti-overstro-mingsbeveilligingis aan. • Schakel het apparaat uit entrek de stekker uit het stop-contact.
• Draai de waterkraan dicht. • Neem contact op met het ser-vicecentrum.Het apparaat cen-trifugeert niet. De centrifugafase is uit. Stel het centrifugeprogramma in. Het filter in de afvoer-pomp is geblokkeerd.Reinig het filter of maak de af-voerpomp schoon. Zie hethoofdstuk "Onderhoud en reini-ging". Balansproblemen met dewaslading.Verdeel de artikelen handmatigin de trommel en start de centri-fugefase opnieuw.Het programmastart niet.De stekker zit niet goedin het stopcontact.Steek de stekker in het stopcon-tact. De zekering in de meter-kast is doorgebrand.Vervang de zekering. U heeft niet op toets 4gedrukt.Als u op de toets 4 drukt: De uitgestelde start is in-gesteld.Annuleer de uitgestelde start omhet programma direct te starten. Het kinderslot is geacti-veerd.Het kinderslot uitschakelen. NEDERLANDS 25
ProbleemProbleemProbleemProbleemProbleem Mogelijke oorzaakMogelijke oorzaakMogelijke oorzaakMogelijke oorzaakMogelijke oorzaak Mogelijke oplossingMogelijke oplossingMogelijke oplossingMogelijke oplossingMogelijke oplossingEr ligt water op devloer.Lekkages van de koppe-lingen van de waterslan-gen.Zorg dat de koppelingen goedzijn aangedraaid. Lekkages van de afvoer-pomp.Zorg dat het filter van de afvoer-pomp goed is bevestigd. De waterafvoerslang isbeschadigd.Verzeker u ervan dat de water-toevoerslang niet is beschadigd.U kunt de deur vanhet apparaat nietopenen.Het wasprogramma isbezig.Laat het wasprogramma beëindi-gen. Er staat water in de trom-mel.Kies het programma Pompen ofCentrifugeren.Het apparaatmaakt een abnor-maal geluid.Het apparaat staat nietwaterpas.Het apparaat waterpas afstellen.Raadpleeg "Installatie".
De verpakking en/of detransportbouten zijn nietverwijderd.Verwijder de verpakking en/of detransportbouten. Raadpleeg "In-stallatie". De lading is erg klein. Meer wasgoed in de machinedoen.Het apparaat vultzich met water enpompt het directweer af.Het uiteinde van de af-voerslang is te laag.Zorg dat de afvoerslang op dejuiste hoogte staat.Het wasresultaat isniet bevredigend.Het door u gebruiktewasmiddel was niet cor-rect of onvoldoende.Gebruik meer wasmiddel of ge-bruik een ander middel. U heeft de hardnekkigevlekken niet voor hetwassen uit het wasgoedgehaald.Gebruik speciale producten omhardnekkige vlekken te verwijde-ren. Onjuiste temperatuur in-gesteld.Zorg dat u de juiste temperatuurinstelt.
Te veel wasgoedbela-ding.Verminder de hoeveelheid was-goed.Schakel het apparaat na de controle in.Het programma gaat verder vanaf hetpunt waar het werd onderbroken.Als het probleem opnieuw optreedt,neem dan contact op met onze serviceafdeling.Indien het display andere alarmcodesmeldt, neem dan contact op met onzeservice afdeling.26
MONTAGEUITPAKKEN 1. Gebruik de handschoenen. De ex-terne folie eraf trekken. Gebruik zonodig een mes. 2. Verwijder de kartonnen bovenkant. 3. Verwijder de piepschuim verpak-kingsmaterialen. 4. De interne folie eraf trekken. 5. Open de deur. Verwijder het piep-schuim blok van de deur en alle an-dere onderdelen uit de trommel. NEDERLANDS 27
6. Kantel het apparaat achterover.Plaats het apparaat met de achter-zijde voorzichtig op het kartonnendeksel. Zorg dat u de slangen nietbeschadigt.12 7. Verwijder de piepschuim bescher-ming van de onderkant. 8. Zet het apparaat weer rechtop. 9. Verwijder het aansluitsnoer en deafvoerslang van de slanghouders. 10. Draai de drie transportbouten los.Gebruik de bij het apparaat gele-verde moersleutel. 11. Trek de bouten met de plastic tus-senstukken eruit.28
12. Vervang de plastic tussenstukkendoor de plastic doppen. U vindtdeze doppen in de zak van de ge-bruikershandleiding.WAARSCHUWING!Verwijder alle transportboutenen verpakking voordat u het ap-paraat installeert.Wij raden u aan om alle trans-portbouten en verpakking tebewaren voor als u het apparaatgaat verplaatsen.PLAATSING EN WATERPAS ZETTENx4 • Installeer het apparaat op een vlakkeharde vloer. • Zorg ervoor dat de vloerbedekkingde luchtcirculatie onder het apparaatniet stopt. • Zorg ervoor dat het apparaat geenmuren of andere apparaten raakt. • Gebruik de stelvoetjes om het appa-raat waterpas te zetten. Een juiste af-stelling van het apparaat voorkomttrillingen en lawaai en het bewegenvan het apparaat als deze in bedrijfis.
• Het apparaat moet waterpas en sta-biel staan.LET OP!Plaats geen karton, hout of ver-gelijkbare materialen onder devoeten van het apparaat om de-ze waterpas te stellen. NEDERLANDS 29
DE TOEVOERSLANG35O3535353535OOOOO35O45O4545454545OOOOO45O • Sluit de slang aan op het apparaat.Draai de toevoerslang alleen naarlinks of rechts. Maak de ringmoer losom hem in de juiste stand te zetten. • Sluit de watertoevoerslang aan opeen koudwaterkraan met 3/4-schroef-draad.LET OP!Zorg ervoor dat de koppelingenniet lekken.Gebruik geen verlengslang alsde toevoerslang te kort is.Neem contact op met de klan-tenservice voor vervanging vande toevoerslang.WaterstopADe watertoevoerslang is voorzien vaneen waterstop. Dit toestel voorkomtlekkage in de slang door natuurlijke slij-tage. Het rode gedeelte in het venster«A» toont deze storing.Als dit gebeurt, draait u de kraan dichten neemt u contact op met de klanten-service om de slang te laten vervangen.30
WATERAFVOEREr zijn verschillende procedures om deafvoerslang aan te sluiten:Met de plastic slanggeleider. • Op de rand van een gootsteen. • Zorg dat de plastic geleider niet kanbewegen als het apparaat water af-voert. Bevestig de geleider op dewaterkraan of wand. • Op een standpijp met ventilatieope-ning.Raadpleeg de illustratie. Rechtstreeksin een afvoerpijp op een hoogte vanniet minder dan 60 cm en niet meerdan 100 cm. Het einde van de af-voerslang moet altijd geventileerdzijn, d.w.z. dat de binnendiametervan de afvoerpijp groter moet zijndan de buitendiameter van de af-voerslang.Zonder de plastic slanggeleider. • Op een gootsteenafvoer.Raadpleeg de illustratie. Plaats de af-voerslang in de gootsteenafvoer endraai vast met een clip. Zorg dat deafvoerslang een bocht maakt om tevoorkomen dat resterende deeltjesuit de gootsteen in het apparaat ko-men. NEDERLANDS 31
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met AEG L75689FL stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Wasmachines AEG
Handleiding Wasmachines
Nieuwste handleidingen voor Wasmachines