AEG KIF6840IS Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van AEG KIF6840IS (100 pagina’s), behorend tot de categorie Fornuis. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 10 mensen en kreeg gemiddeld 4.3 sterren uit 3 reviews. Heb je een vraag over AEG KIF6840IS of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag
Product specificaties
| Merk: | AEG |
| Categorie: | Fornuis |
| Model: | KIF6840IS |
Handleiding AEG KIF6840IS – volledige tekst
Welkom bij AEG. Hartelijk dank dat je voor onze apparatuur hebtgekozen. Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, informatie metbetrekking tot service en reparatie:www. aeg. com/supportWijzigingen voorbehouden. INHOUDSOPGAVE1. VEILIGHEIDSINFORMATIE. 22. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN. 43. INSTALLEREN. 74. PRODUCTBESCHRIJVING. 95. DAGELIJKS GEBRUIK. 106. FLEXIBELE INDUCTIEKOOKZONE. 147. AANWIJZINGEN EN TIPS. 188. ONDERHOUD EN REINIGING. 219. PROBLEEMOPLOSSING. 2110. TECHNISCHE GEGEVENS. 2411. ENERGIEVERBRUIK. 2412. MILIEUBESCHERMING. 251. VEILIGHEIDSINFORMATIELees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatieen gebruik van het apparaat. De fabrikant is nietverantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeituit de onjuiste installatie of het onjuiste gebruik. Bewaar deinstructies altijd op een veilige, toegankelijke plek voortoekomstig gebruik. 1.
1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare personen• Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaaren ouder en door mensen met een beperkt lichamelijk,zintuiglijk of verstandelijk vermogen of een gebrek aanervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan ofinstructies hebben gekregen over het veilig gebruiken vanhet apparaat en indien zij de gevaren begrijpen. Kinderenjonger dan 8 jaar en personen met zware en complexebeperkingen dienen altijd uit de buurt van het apparaat te2 NEDERLANDS.
het elektriciteitsbedrijf regelmatig aan en uit wordtgeschakeld.• OPGELET: Tijdens het kookproces moet u in de buurtblijven Een kort kookproces moet voortdurend bewaaktworden.• WAARSCHUWING: Brandgevaar: Bewaar geenvoorwerpen op de kookoppervlakken.• Metalen voorwerpen, zoals messen, vorken, lepels endeksels mogen niet op het oppervlak van de kookplaatworden geplaatst, aangezien ze heet kunnen worden.• Gebruik het apparaat niet voordat je het in de ingebouwdeconstructie installeert.• Gebruik geen waterstralen en stoom om het apparaat tereinigen.• Schakel het kookplaatelement na elk gebruik uit met debedieningstoetsen. Vertrouw niet op de pandetector.• WAARSCHUWING: Als het oppervlak gebarsten is, schakelhet apparaat dan uit om de kans op elektrische schokken tevermijden.
In het geval het apparaat rechtstreeks op destroom is aangesloten met een aansluitdoos, verwijdert ude zekering om het apparaat van de stroom te halen. Neemaltijd contact op met de erkende servicedienst.• Indien het netsnoer beschadigd is, moet het wordenvervangen door de fabrikant, een erkende service ofvergelijkbaar gekwalificeerde personen om gevaar tevoorkomen.• WAARSCHUWING: Gebruik alleen kookplaatbeschermersdie door de fabrikant van het kookapparaat zijn ontworpenof door de fabrikant van het apparaat in degebruiksinstructies als geschikt zijn aangegeven ofkookplaatbeschermers die in het apparaat zijngeïntegreerd. Het gebruik van ongeschiktekookplaatbeschermers kan ongelukken veroorzaken.2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN4 NEDERLANDS
• Controleer of er een aardlekschakelaar isgeïnstalleerd. • Gebruik de trekontlastingsklem op dekabel. • Zorg ervoor dat de stroomkabel of stekker(indien van toepassing) het hete apparaatof heet kookgerei niet aanraakt als je hetapparaat op een nabijgelegen contactdoosaansluit. • Gebruik geen adapters met meerderestekkers en verlengkabels. • Zorg ervoor dat je de stekker (indien vantoepassing) of het netsnoer nietbeschadigt. Neem contact op met onserkende servicecentrum of een elektricienom een beschadigde stroomkabel tevervangen. • De schokbescherming van delen onderstroom en geïsoleerde delen moet op zo'nmanier worden bevestigd dat het nietzonder gereedschap kan wordenverplaatst. • Steek de stekker pas in het stopcontactals de installatie is voltooid. Zorg ervoordat het netsnoer na installatie bereikbaaris. • Als het stopcontact los zit, mag u destekker niet in het stopcontact steken.
• Trek niet aan het netsnoer om hetapparaat los te koppelen. Trek altijd aande stekker. • Gebruik enkel correcteisolatievoorzieningen:stroomonderbrekers, zekeringen(schroefzekeringen moeten uit de houderworden verwijderd), aardlekschakelaarsen contactgevers. • De elektrische installatie moet eenisolatieapparaat bevatten waardoor hetapparaat volledig van het lichtnetafgesloten kan worden. Hetisolatieapparaat moet een contactopeninghebben met een minimale breedte van 3mm. 2. 3 GebruikWAARSCHUWING. Gevaar voor letsel, brandwonden ofelektrische schokken. • De specificatie van dit apparaat nietwijzigen. • Verwijder voor het eerste gebruik alleverpakkingsmaterialen, etiketten enbeschermfolie (indien van toepassing). • Zorg ervoor dat de ventilatieopeningenniet geblokkeerd worden. • Laat het apparaat tijdens de werking nietonbeheerd achter. • Zet de kookzone op "uit" na ieder gebruik.
• Plaats geen bestek of deksels vansteelpannen op de kookzones. Ze kunnenheet worden. • Gebruik het apparaat niet met nattehanden of als het contact maakt metwater. • Gebruik het apparaat niet alswerkoppervlak en plaats geen voedsel indirect contact met het apparaat. • Als het oppervlak van het apparaatgebarsten is, koppel het apparaat danonmiddellijk los van de stroomtoevoer omelektrische schokken te voorkomen. • Gebruikers met een pacemaker moeteneen afstand van minimaal 30 cmaanhouden tot de inductiekookzones alshet apparaat in werking is. • Als je voedsel in hete olie plaatst, kan hetspatten. • Gebruik geen aluminiumfolie of anderematerialen tussen het kookoppervlak enhet kookgerei, tenzij anders aangegevendoor de fabrikant van dit apparaat. • Gebruik alleen accessoires die door defabrikant voor dit apparaat wordenaanbevolen. WAARSCHUWING. Risico op brand en explosie.
• De dampen die boven hete olie ontstaankunnen spontaan ontbranden. • Gebruikte olie, die voedselresten kanbevatten, kan ontbranden bij een lageretemperatuur dan olie die voor de eerstekeer wordt gebruikt. • Plaats geen ontvlambare producten ofartikelen die bevochtigd zijn metontvlambare producten in, bij of op hetapparaat. WAARSCHUWING. Risico op schade aan het apparaat. • Plaats geen heet kookgerei op hetbedieningspaneel om het risico opbrandwonden te vermijden. • Leg geen hete deksel op het glazenoppervlak van de kookplaat. • Laat kookgerei niet droogkoken. • Zorg ervoor dat je geen voorwerpen ofkookgerei op het apparaat laat vallen. Hetoppervlak kan beschadigd raken. • Schakel de kookzones niet terwijl er leegkookgerei of geen kookgerei op geplaatstis. • Kookgerei gemaakt van gietijzer of meteen beschadigde bodem kan krassen ophet glas/glaskeramiek veroorzaken.
Tildeze voorwerpen altijd op als je ze op dekookplaat moet verplaatsen. 2. 4 Onderhoud en reiniging• Reinig het apparaat regelmatig om tevoorkomen dat het materiaal van hetoppervlak achteruitgaat. 6 NEDERLANDS.
• Schakel het apparaat uit en laat hetafkoelen voordat u het schoonmaakt. • Reinig het apparaat met een vochtige,zachte doek. Gebruik alleen neutraleschoonmaakmiddelen. Gebruik geenschurende producten, schuursponsjes,oplosmiddelen of metalen voorwerpen,tenzij anders aangegeven. 2. 5 Service• Neem contact op met de erkendeservicedienst voor reparatie van hetapparaat. Gebruik alleen originelereserveonderdelen. • Met betrekking tot de lamp(en) in ditproduct en reservelampen die afzonderlijkworden verkocht: Deze lampen zijnbedoeld om bestand te zijn tegen extremefysieke omstandigheden in huishoudelijkeapparaten, zoals temperatuur, trillingen,vochtigheid, of zijn bedoeld om informatiete geven over de operationele status vanhet apparaat. Ze zijn niet bedoeld voorgebruik in andere toepassingen en zijnniet geschikt voor verlichting inhuishoudelijke ruimten. 2. 6 VerwijderingWAARSCHUWING.
Gevaar voor letsel of verstikking. • Neem contact op met uw plaatselijkeoverheid voor informatie over het afvoerenvan het apparaat. • Haal de stekker uit het stopcontact. • Snijd het netsnoer vlak bij het apparaat afen gooi het weg. 3. INSTALLERENWAARSCHUWING. Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 3. 1 Voor montageVoordat u de kookplaat installeert, dient u deonderstaande informatie van het typeplaatjete noteren. Het typeplaatje bevindt zichonderop de kookplaat. Serienummer. 3. 2 Ingebouwde kookplatenInbouwkookplaten mogen alleen wordengebruikt nadat zij ingebouwd zijn in geschikteinbouwunits of werkbladen die aan denormen voldoen. 3. 3 Aansluitsnoer• De kookplaat wordt geleverd met eenaansluitkabel• Gebruik als vervanging van hetbeschadigde netsnoer het volgendesnoertype: H05V2V2-F dat bestand istegen een temperatuur van 90°C of hoger. Neem contact op met de servicedienst.
Het aansluitsnoer mag alleen wordenvervangen door een gekwalificeerdeelektricien. 3. 4 De afdichting bevestigen -Geïntegreerde installatie1. Reinig de sponningen in het werkblad. 2.
Snijd de meegeleverde 3x10 mmafdichtingsstreep in vier strepen. Destrepen moeten dezelfde lengte hebbenals de sponningen. 3. Knip de uiteinden van de strepen in eenhoek van 45°. Ze moeten nauwkeurig inde hoeken van de sponningen passen. 4. Bevestig de strepen aan de rabbels. Rekde strippen niet uit. Plak de uiteinden vande strippen niet over elkaar heen. Dicht na plaatsing van de kookplaat de kiertussen het werkblad en het glaskeramiek metsiliconenkit. Zorg ervoor dat de siliconen nietonder het glaskeramiek komen. 3. 5 De afdichting bevestigen -Installatie aan bovenkant1. Reinig het werkblad rond het uitgesnedengebied. 2. Bevestig de meegeleverde 2x6 mmafdichtstrip tegen de onderrand van dekookplaat langs de buitenrand van dekeramische plaat. Rek het niet uit. Zorgdat de uiteinden van de afdichtstrip zichin het midden van een van de zijden vande kokplaat bevinden. NEDERLANDS 7.
3. Tel een paar millimeter bij de af teknippen lengte van de afdichtstrip.4. Duw de twee uiteinden van de afdichtstripsamen.3.6 MontageAls je de kookplaat onder een kap installeert,raadpleeg je de installatie-instructies van deafzuigkap voor de minimumafstand tussen deapparaten.min.50mmmin.500mmAls het apparaat boven een lade wordtgeïnstalleerd, kan de ventilatie van dekookplaat de artikelen die zich in de ladebevinden tijdens het bereidingsprocesopwarmen.INSTALLATIE OP DE BOVENKANTmin. 10min. 60min. 28min. 50GEÏNTEGREERDE INSTALLATIEmin.
www.youtube.com/electroluxwww.youtube.com/aegHow to install your AEG induction hob flush installation4. PRODUCTBESCHRIJVING4.1 Indeling van het kookoppervlak12131Inductie kookzone2Bedieningspaneel3Flexibele inductiekookzone bestaande uitvier secties4.2 Indeling Bedieningspaneel6 7 81011123459Om het bedieningspaneel en de zoneposities te zien, activeert u het apparaat met Gebruik de tiptoetsen om het apparaat te bedienen. De displays, indicatielampjes en geluidentonen welke functies worden gebruikt.Tip‐toetsFunctie Opmerking1AAN / UIT De kookplaat in- en uitschakelen.2Hob²Hood De handmatige modus van functie in- en uitschakelen.3Pauze De functie in- en uitschakelen.4 / - De tijd verlengen of verkorten.NEDERLANDS 9
Tip‐toetsFunctie Opmerking5- Timerfunctie instellen.6- Timerdisplay De tijd in minuten weergeven.7FlexiBridge (Flexible Bridge) Om over te schakelen tussen drie modi van de functie.8PowerSlide De functie in- en uitschakelen.9- Bedieningsstrip Het instellen van de kookstand.10PowerBoost Het inschakelen van de functie.11Blokkering / Kinderbeveiligingsin‐richtingHet bedieningspaneel vergrendelen/ontgrendelen.5. DAGELIJKS GEBRUIKWAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.5.1 In- of uitschakelenRaak 1 seconde aan om de kookplaat in–of uit te schakelen.Het bedieningspaneel gaat aan als u dekookplaat aanzet en gaat uit als u dekookplaat uitschakelt.Als de kookplaat is uitgeschakeld kunt ualleen zien.5.2 Warmte-instelling1. Druk op de gewenste warmte-instellingop de regelbalk.
U kunt uw vinger ooklangs de regelbalk bewegen om dewarmte-instelling voor een kookzone in testellen of te wijzigen.2. Druk op 0 om een kookzone uit teschakelen.Als u eenmaal een pan op de kookzone zeten de kookstand instelt, blijft deze gedurende50 seconden gelijk nadat u de pan heeftverwijderd. De regelbalk knippert voor detweede helft van die tijd. Als u de pan binnendeze tijd weer op de kookzone plaatstreactiveert de kookstand. Zo niet wordt dekookzone uitgeschakeld.5.3 PowerBoostDeze functie activeert meer vermogen voorde geschikte inductiekookzone, afhankelijkvan de grootte van het kookgerei.
De functiekan maar voor een beperkte periode wordengeactiveerd.Druk op om de functie voor de kookzonete activeren.De functie wordt automatisch uitgeschakeld.Raadpleeg voor maximale tijdsduur'Technische gegevens'.5.4 OptiHeat Control (3-stapsrestwarmte-indicator)WAARSCHUWING!/ / Zolang het indicatielampjebrandt, bestaat er een risico opbrandwonden door restwarmte.10 NEDERLANDS
De inductiekookzones creëren de voor hetkookproces benodigde warmte rechtstreeksin de bodem van het kookgerei. Hetglaskeramiek wordt verwarmd door dewarmte van het kookgerei. De indicatielampjes / / verschijnen alseen kookzone heet is. De aanduidingentonen het niveau van de restwarmte voor dekookzones die je momenteel gebruikt. Het indicatielampje kan ook verschijnen:• voor de aangrenzende kookzones, zelfsals je ze niet gebruikt,• als er heet kookgerei op de koudekookzone wordt geplaatst,• als de kookplaat is uitgeschakeld, maar dekookzone nog heet is. Het indicatielampje verdwijnt als de kookzoneis afgekoeld. 5.
5 Automatische uitschakelingDe functie schakelt de kookplaatautomatisch uit als:• u gedurende 50 seconden geen kookgereiop de kookplaats zet,• u binnen 50 seconden na het plaatsen vanhet kookgerei geen warmtestand instelt,• u iets hebt gemorst of langer dan 10seconden iets op het bedieningspaneelhebt gelegd (een pan, doek). Als hetgeluidssignaal klinkt, schakelt dekookplaat uit. Verwijder het voorwerp ofreinig het bedieningspaneel. • de kookplaat te heet wordt (b. v. als eenpan droogkookt). De kookzone moetafgekoeld zijn voordat u de kookplaatweer kunt gebruiken. • u een kookzone niet uitschakelt of dekookstand verandert. Na een tijdje gaat dekookplaat uit. De verhouding tussen kookstand en detijd waarna de kookplaat uitschakelt:Warmte-instelling De kookplaat wordtuitgeschakeld na1 - 2 6 uur3 - 4 5 uur5 4 uur6 - 9 1,5 uur5.
6 timer optiesTimer met aftelfunctieGebruik deze functie om aan te gevenhoelang een kookzone moet werken tijdenseen enkele kooksessie. Stel eerst de warmte-instelling in en dan defunctie. 1. Raak aan om de functie in teschakelen of de tijd te wijzigen. De timercijfers en de indicatoren en verschijnen op het scherm. Als de timer niet wordt ingesteld, verdwijnen en na 3 seconden. 2. Raak of aan om de tijd in te stellen(00 - 99 minuten). Na 3 seconden gaat de timer automatischaftellen. De indicatoren , en verdwijnen.
Als de tijd verstreken is, klinkt er een signaalen knippert. Om het signaal te stoppen,raakt u aan. Voor het uitschakelen van de functie raakt u aan. De indicatielampjes en gaanbranden. Gebruik of om op hetdisplay in te stellen. U kunt ook het warmte-niveau instellen op 0. Als gevolg daarvanhoort u een geluid en wordt de timergeannuleerd. KookwekkerU kunt deze functie gebruiken terwijl dekookplaat is ingeschakeld maar dekookzones niet werken. Plaats een pan op een kookzone om hetsymbool te zien. 1. Raak om de functie te activeren. 2. Tik op of om de tijd in te stellen. De functie wordt automatisch na 4 secondengestart. Als u de functie instelt, kunt u de panverwijderen. NEDERLANDS 11.
Als de tijd verstreken is, klinkt er een signaalen knippert. Tik op om het signaal uitte schakelen. Voor het uitschakelen van de functie raakt u aan. De aanduidingen en gaanbranden. Gebruik of om op hetdisplay in te stellen. De functie heeft geen invloed op dewerking van eender welke kookzone. 5. 7 PauzeDeze functie stelt alle kookzones in die op delaagste warmte-instelling werken. Als de functie in werking is kunnen , en worden gebruikt. Alle andere symbolen ophet bedieningspaneel zijn vergrendeld. 1. Om de functie in te schakelen: druk op. De warmte-instelling wordt verlaagd naar 1. 2. Om de functie uit te schakelen, druk op. De vorige kookstand verschijnt. 5. 8 BlokkeringU kunt het bedieningspaneel vergrendelenterwijl de kookplaat in werking is. Hiermeewordt voorkomen dat de kookstand perongeluk wordt veranderd. Stel eerst de kookstand in. Tik op om de functie in te schakelen.
Als u de functie wilt deactiveren, houdt u ingedrukt. Als u de kookplaat uitzet, stopt u dezefunctie ook. 5. 9 KinderbeveiligingsinrichtingDeze functie voorkomt dat de kookplaatonbedoeld wordt gebruikt. Schakel eerst de kookplaat in, maar stel geenkookstand in. Raak aan totdat u het geluid hoort en deindicator oplicht om de functie te activeren. De regelbalken verdwijnen. Schakel dekookplaat uit. Als u de kookplaat uitschakelt, is defunctie nog steeds actief. Om de functie gedurende één kooksessiete deactiveren: Schakel de kookplaat in met. gaat branden. Raak aan totdat uhet geluid hoort en de indicator uit gaat. Deregelbalk verschijnt. Stel de warmte in binnen50 seconden. U kunt de kookplaat bedienen. Als u de kookplaat uitschakelt met is defunctie nog steeds actief. Om de functie permanent te deactiveren:activeer de kookplaat en stel geen kookstandin.
Raak 3 seconden aan om de functie inte schakelen. Het display gaat aan en uit. 2. Gedurende 3 seconden aanraken. of gaat aan. 3. Raak op de timer aan om één van hetvolgende te kiezen:• - de geluiden zijn uit• - de geluiden zijn aan4. Om uw keuze te bevestigen moet uwachten tot de kookplaat automatischuitschakelt. Als de functie op staat, kunt u degeluiden alleen horen als:• u kiest • Kookwekker afgaat• Timer met aftelfunctie afgaat• u iets op het bedieningspaneel plaatst. 12 NEDERLANDS.
5. 11 StroommanagementAls er meerdere zones actief zijn en hetverbruikte vermogen de limiet van destroomtoevoer overschrijdt, verdeelt dezefunctie het beschikbare vermogen tussen allekookzones (verbonden met dezelfde fase). De kookplaat regelt de warmte-instellingenom de zekeringen van de installatie in hethuis te beschermen. • Kookzones zijn gegroepeerd volgens delocatie en het aantal fasen van dekookplaat. Elke fase heeft een maximaleelektriciteitslading van 3680 W. Als dekookplaat de limiet van het maximaalbeschikbare vermogen bereikt binnen eenfase, wordt het vermogen van dekookzones automatisch verlaagd. • Voor kookzones met verminderdvermogen toont het bedieningspaneel demaximaal mogelijke warmte-instellingen. • Als er geen hogere warmte-instellingbeschikbaar is verlaag dit dan eerst voorde andere kookzones.
• De activering van de functie is afhankelijkvan het aantal en de grootte van depannen. Zie de afbeelding voor mogelijke combinatieswaarin vermogen over de kookzones kanworden verdeeld. 5. 12 Hob²HoodHet is een geavanceerde automatischefunctie die de kookplaat op een speciale kapaansluit. Zowel de kookplaat als de afzuigkaphebben een infraroodontvanger. De snelheidvan de ventilator wordt automatisch bepaaldop basis van de modusinstelling en detemperatuur van de heetste pan op dekookplaat. Je kunt de ventilator ookhandmatig van de kookplaat bedienen. Bij de meeste afzuigkappen is hetafstandsbedieningssysteem in eersteinstantie uitgeschakeld. Als de functie isuitgeschakeld, activeert u deze voordat ude functie gebruikt. Zie voor meerinformatie de gebruikershandleiding vande afzuigkap.
Het lampje inschakelenJe kunt de kookplaat instellen om het lichtautomatisch te activeren wanneer je dekookplaat activeert. Zet daarvoor deautomatische modus op H1 - H6. Het lampje op de afzuigkap gaat 2minuten na het uitschakelen van dekookplaat uit. Automatische modi Auto‐ma‐tischlampjeKoken1)Bakken2)Modus H0 Uit Uit UitModus H1 Aan Uit UitModus H23)Aan Ventilator‐snelheid 1Ventilator‐snelheid 1Modus H3 Aan Uit Ventilator‐snelheid 1Modus H4 Aan Ventilator‐snelheid 1Ventilator‐snelheid 1Modus H5 Aan Ventilator‐snelheid 1Ventilator‐snelheid 2NEDERLANDS 13.
Auto‐ma‐tischlampjeKoken1)Bakken2)Modus H6 Aan Ventilator‐snelheid 2Ventilator‐snelheid 31) De kookplaat detecteert het kookproces en activeertde ventilatorsnelheid overeenkomstig de automatischemodus. 2) De kookplaat detecteert het bakproces en activeertde ventilatorsnelheid overeenkomstig de automatischemodus. 3) Deze modus activeert de ventilator en de verlichtingen reageert niet op de temperatuur. De automatische modus veranderen1. Schakel het apparaat uit. 2. Raak 3 seconden aan. Het display gaat aan en uit. 3. Raak 3 seconden aan. 4. Raak een paar keer aan tot aangaat. 5. Raak van de timer aan om eenautomatische modus te selecteren. Als u stopt met koken en de kookplaatuitschakelt, kan de ventilator nog even blijvenwerken. Daarna schakelt het systeem deventilator automatisch uit en wordtvoorkomen dat u de ventilator per ongeluk dekomende 30 seconden activeert.
Schakel de automatische modus van defunctie uit om de kookplaat direct tebedienen op het kookplaatpaneel. De ventilatorsnelheid handmatigbedienenU kunt de ventilator van de kookplaathandmatig bedienen. Raak aan als de kookplaat actief is. Dit schakelt de automatische bediening vande functie uit zodat u de ventilatorsnelheidhandmatig kunt veranderen. Als u op drukt, wordt de ventilatorsnelheidmet één verhoogd. Als u een intensief niveaubereikt en weer op drukt, stelt u deventilatorsnelheid in op 0 waardoor deafzuigkapventilator uitschakelt. Om deventilator weer te starten metventilatorsnelheid 1, raakt u aan. Schakel de kookplaat uit en weer aan omde automatische bediening van defunctie te activeren. 6. FLEXIBELE INDUCTIEKOOKZONEWAARSCHUWING. Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 6. 1 FlexiBridge-functieDe flexibele inductiekookzone bestaande uitvier secties.
U kiest decombinatie van de secties door de modus tekiezen die van toepassing is op de groottevan het kookgerei dat u wilt gebruiken. Er zijndrie modi: Standaard (automatischgeactiveerd als u de kookplaat aanzet), Big-modus (grote overbrugging) en Max-modus(maximale overbrugging). Gebruik de twee linkerbedieningsknoppen voor de warmte-instelling. Schakelen tussen de modiGebruik het sensorveld om te schakelentussen de modi:. 14 NEDERLANDS.
Als u tussen de modi schakelt dan wordtde warmte-instelling teruggezet op 0.Diameter en positie van het kookgereiKies de modus die van toepassing is op degrootte en de vorm van het kookgerei. Hetkookgerei moet het gekozen gebied zoveelmogelijk bedekken. Plaats het kookgerei inhet midden van de geselecteerde gebied.Plaats kookgerei met een bodem kleiner dan160 mm diameter centraal op een één deelvan de kookzone. Je kunt een grillpangebruiken voor de grote en de maximalebrugmodi.100-160mmPlaats kookgerei met een bodem groter dan160 mm diameter centraal tussen tweegedeelten.> 160 mm6.2 FlexiBridge StandaardmodusDeze modus wordt geactiveerd als u dekookplaat aanzet. Het brengt de gedeeltensamen in twee afzonderlijke kookzones.
6.3 FlexiBridge Big Bridge-modus(grote overbrugging)Om de modus te activeren, drukt u op totdat u het lampje van de juiste modusziet. Deze modus brengt drie achterstegedeelten samen in één kookzone. Hetvoorste gedeelte is niet verbonden en blijftwerken als afzonderlijke kookzone. U kunt dewarmte-instelling voor elke zone afzonderlijkinstellen. Gebruik twee regelbalken aan delinker zijkant.Juiste positie voor kookgerei:Om deze modus te gebruiken moet u hetkookgerei op de drie samengebrachtegedeelten plaatsen. Als u kookgerei gebruiktdat kleiner is dan twee gedeelten, knippert deregelbalk en schakelt de zone na 2 minutenuit.Onjuiste positie kookgerei:6.4 FlexiBridge Max Bridge mode(Maximale overbrugging)Om de modus te activeren, drukt u op totdat u het lampje van de juiste modusziet. Deze modus brengt alle gedeeltensamen in één kookzone.
Gebruik een van detwee regelbalken links om de warmte-instelling te bedienen.Juiste positie voor kookgerei:Om deze modus te gebruiken moet u hetkookgerei op de vier samengebrachtegedeelten plaatsen. Als u kookgerei gebruiktdat kleiner is dan drie gedeelten, knippert deregelbalk en schakelt de zone na 2 minutenuit.16 NEDERLANDS
Onjuiste positie kookgerei:6.5 PowerSlideMet deze functie kunt u de temperatuuraanpassen door het kookgerei naar eenandere positie op het inductiekookoppervlakte verplaatsen.De functie verdeelt de verticale kookzone indrie zones met verschillende warmte-instellingen. De kookplaat detecteert depositie van het kookgerei en past het van tevoren ingestelde warmte-instellingovereenkomstig aan. U kunt de pan in devoorste, de middelste of de achterste positiezetten. Als je het kookgerei in de voorstepositie plaatst, krijg je de hoogste warmte-instelling.
Om het te verminderen, verplaatstu het kookgerei naar de middelste ofachterste positie.Gebruik slechts één pan als je de functiegebruikt.Als u de warmte-instelling wilt wijzigen,tilt u het kookgerei op en plaatst u het opeen andere plek om het gebied.• Gebruik voor deze functie kookgerei meteen bodemdiameter van minimaal 160mm.• Als u de pan in de voorste positie plaatst,licht op het bedieningspaneel op. Debedieningsbalk toont de standaardwarmte-instelling .• Als u de pan in de middelste positieplaatst, licht op het bedieningspaneelop. De bedieningsbalk toont de standaardwarmte-instelling .• Als u de pan in de achterste positieplaatst, licht op het bedieningspaneelop. De bedieningsbalk toont de standaardwarmte-instelling .1. Raak aan om de functie te activeren.De indicator gaat branden en de regelbalkgeeft de standaard warmte-instelling weer.2.
3. U kunt de standaard warmte-instellingvoor elke positie afzonderlijk wijzigen. Gebruik de bedieningsbalk linksvoor. De kookplaat zal uw instellingenonthouden voor de volgende keer dat ude functie activeert. Om de functie uit te schakelen: raak aan. 7. AANWIJZINGEN EN TIPSWAARSCHUWING. Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 7. 1 PannenVoor inductiekookzones creëert een sterkelektromagnetisch veld de hitte in depannen zeer snel. Gebruik de inductiekookzones met geschiktepannen. • Om oververhitting te voorkomen en deprestaties van de zones te verbeteren,moet het kookgerei zo dik en vlak mogelijkzijn. • Zorg ervoor dat bodems schoon en droogzijn voordat het kookgerei op de kookplaatworden gezet. • Let er altijd op dat u het kookgerei nietschuift of wrijft op de randen en hoekenvan het glas , omdat dit het glasoppervlakkan beschadigen.
Panmaterialen• goed: gietijzer, staal, geëmailleerd staal,roestvrij staal, meerlaagse bodem(aangemerkt als geschikt door defabrikant). • niet goed: aluminium, koper, messing,glas, keramiek, porselein. Een pan is geschikt voor eeninductiekookplaat als:• water op de hoogste kookstand binnenkorte tijd wordt verwarmd,• een magneet op de onderkant van hetkookgerei plakt. Afmetingen van pannen• Inductiekookzones passen zich tot opzekere hoogte automatisch aan deafmetingen van pannen aan. Raadpleeg"Technische gegevens" > "Specificatie vankookzones" voor de juiste afmetingen vankookgerei. Plaats het kookgerei in hetmidden van de gekozen kookzone. • De efficiëntie van een kookzone hangtsamen met de diameter van de pan. Gebruik voor een optimalewarmteoverdracht kookgerei met eenbodemdiameter die vergelijkbaar is met degrootte van de kookzone (d. w. z.
– Pannen met een diameter kleiner daneen bepaalde kookzone ontvangenslechts een deel van het vermogen datdoor de kookzone wordt opgewekt,wat resulteert in een langzamereopwarming. – Gebruik zowel om veiligheidsredenenals voor optimale kookresultaten geenpannen groter dan aangegeven in dekookzonespecificaties. Zorg ervoor datpannen tijdens het koken niet dicht bijhet bedieningspaneel blijven. Dit kaninvloed hebben op de werking van hetbedieningspaneel of onbedoeld dekookplaatfuncties activeren. Raadpleeg de technische gegevens. 18 NEDERLANDS.
7. 2 Geluiden tijdens bedrijfDeze geluiden zijn normaal en hebbenniets met een defect te maken. Geluidenvan kookgerei kunnen variërenafhankelijk van het materiaal van hetkookgerei en het vermogen. Geluiden gerelateerd aan kookgerei:• kraakgeluid: kookgerei is gemaakt vanverschillende materialen (sandwich-constructie). • fluitend geluid: bij gebruik van eenkookzone met een hoge kookstand en alshet kookgerei is gemaakt vanverschillende materialen (een sandwich-constructie). • bromgeluid: als u een hoge kookstandgebruikt. Kookplaatgerelateerde geluiden:• klikken: er treedt elektrische schakelingop. • sissen, zoemen: de ventilator werkt. • ritmisch geluid: kookgerei wordtgedetecteerd. 7. 3 Öko Timer (Eco-timer)Om energie te besparen, wordt deverwarming van de kookzone uitgeschakeldvoordat de afteltimer klinkt.
Het verschil inbedrijfstijd is afhankelijk van hetkookstandniveau en de duur van debereiding. 7. 4 Vereenvoudigde kookgidsDe correlatie tussen de kookstand en hetstroomverbruik van de kookzone is nietlineair. Wanneer u de kookstand verhoogt, isdit niet proportioneel met de toename instroomverbruik van de kookzone. Hetbetekent dat een kookzone op de mediumkookstand minder dan de helft van hetvermogen gebruikt. De gegevens in de tabel dienen alleenals richtlijn. Warmte-instel‐lingGebruik om het volgende tedoen:Tijd(min)Tips1 Houd gekookt voedsel warm. indien no‐digDoe een deksel op het kookgerei. 1 - 2 Hollandaisesaus, smelten: boter, cho‐colade, gelatine. 5 - 25 Roer af en toe. 2 Stollen: luchtige omeletten, gebakkeneieren. 10 - 40 Kook met een deksel erop. 2 - 3 Zachtjes aan de kook brengen van rijsten gerechten op basis van melk, reedsbereide gerechten opwarmen.
PowerBoost is ingeschakeld.7.5 Praktische tips voor Hob²HoodWanneer je de kookplaat gebruikt met defunctie:• Bescherm het paneel van de kap tegendirect zonlicht.• Schijn geen halogeenlicht op het paneelvan de kap.• Dek het bedieningspaneel van deafzuigkap niet af.• Onderbreek het signaal tussen dekookplaat en de afzuigkap niet(bijvoorbeeld met een hand, eenhandgreep van een pan of een grote pan).Zie de afbeelding.De kap hieronder is alleen bedoeld terillustratie.Andere op afstand bediende apparatenkunnen het signaal hinderen. Gebruikdergelijke apparaten niet in de buurt vande kookplaat terwijl Hob²Hoodingeschakeld is.Afzuigkappen met de Hob²Hood-functieVoor het volledige assortiment afzuigkappendat met deze functie werkt, raadpleeg je onzewebsite van de consument. De AEG-afzuigkappen die met deze functie werken,moeten het symbool hebben.20 NEDERLANDS
8. ONDERHOUD EN REINIGINGWAARSCHUWING. Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 8. 1 Algemene informatie• Reinig de kookplaat na elk gebruik. • Gebruik altijd kookgerei met een schonebodem. • Gebruik voor zowel de dagelijkse reinigingvan het glasoppervlak als de reiniging nainstallatie en het verwijderen vaneventuele achtergebleven lijm alleen eenmild schurende reinigingsmelk en een fijneantikras-spons. Afhankelijk van de matevan vervuiling reinigt u het glasoppervlakmet kleine cirkelvormige bewegingen enmatige druk. Veeg tot slot het glazenoppervlak droog met een microvezeldoek. WAARSCHUWING. Gebruik de klassieke gele en groenespons niet, omdat dealuminiumdeeltjes op de harde laaghet glas kunnen beschadigen enverkleuren. Het gebruik van anderereinigingsinstrumenten dan deaanbevolen is niet effectief en kan hetglasoppervlak beschadigen ofverkleuren.
• Gebruik altijd een schraper die wordtaanbevolen voor kookplaten met eenglazen oppervlak. Gebruik de schraperalleen als extra hulpmiddel voor hetreinigen van het glas na de standaardreinigingsprocedure. WAARSCHUWING. Gebruik geen messen of anderscherp, metalen gereedschap om hetglasoppervlak te reinigen. De afdruk op de flexibeleinductiekookzone kan vies worden of vankleur veranderen door het bewegen vankookgerei. U kunt het gebied op debeschreven manier reinigen. 8. 2 Het glazen oppervlak van dekookplaat reinigen• Verwijder onmiddellijk: gesmoltenkunststof, plastic folie, zout, suiker ensuikerhoudend voedsel, anders kan ditschade aan de kookplaat veroorzaken. Doe voorzichtig om brandwonden tevoorkomen. Gebruik de speciale schraperop de glazen plaat en verwijder restendoor het blad over het oppervlak teschuiven.
• Blijvende vlekken en vlekken: oefenmatige druk uit en schrob het oppervlakmet een antikras, delicate spons (zieAlgemene informatie) en een lichtschurende reinigingsmelk totdat devlekken niet langer zichtbaar zijn. 9. PROBLEEMOPLOSSINGWAARSCHUWING. Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. NEDERLANDS 21.
9. 1 Wat moet je doen als. Probleem Mogelijke oorzaak OplossingJe kunt de kookplaat niet inscha‐kelen of bedienen. De kookplaat is niet aangesloten opeen stopcontact of niet goed geïn‐stalleerd. Controleer of de kookplaat goed aan‐gesloten is op het lichtnet. De zekering is doorgeslagen. Verzeker je ervan dat de zekering deoorzaak van de storing is. Als de zeke‐ringen keer op keer doorslaan, neemje contact op met een erkende installa‐teur. Je stelde gedurende 50 secondengeen kookstand in. Schakel de kookplaat opnieuw in enstel de kookstand binnen 50 secondenin. Je hebt 2 of meer sensorvelden te‐gelijkertijd aangeraakt. Raak slechts één sensorveld aan. Pauze is in werking. Zie "Pause". Water of vetvlekken op het bedie‐ningspaneel. Reinig het bedieningspaneel. Je kunt een constant piepgeluidhoren. De elektrische aansluiting is ver‐keerd. Trek de stekker van de kookplaat uithet stopcontact.
Laat de installatiecontroleren door een erkende elektri‐cien. Je kunt de maximale warmte‐stand niet instellen voor één vande kookzones. Je kunt een van de kookzonesniet inschakelen. De andere zones verbruiken hetmaximaal beschikbare vermogen. Je kookplaat werkt correct. Verlaag de warmtestand van de ande‐re kookzones die op dezelfde fase zijnaangesloten. Zie 'Stroommanage‐ment'. Er klinkt een geluidssignaal en dekookplaat wordt uitgeschakeld. Als de kookplaat wordt uitge‐schakeld, klinkt er een geluids‐signaal. Je hebt iets op een of meer sensor‐velden geplaatst. Verwijder het voorwerp van de sensor‐velden. De kookplaat wordt uitgescha‐keld. Je hebt iets op het sensorveld geplaatst. Verwijder het voorwerp van het sen‐sorveld. De restwarmte-indicator gaat nietaan. De zone is niet heet omdat dezeslechts kortstondig is gebruikt, of desensor is beschadigd.
Verwijder het voorwerp van het bedie‐ningspaneel. Je maakt gebruik van een hele hogepan die het signaal blokkeert. Gebruik een kleinere pan, verandervan kookzone of bedien de afzuigkaphandmatig. Het bedieningspaneel wordt heetbij aanraking. Het kookgerei is te groot of je plaatsthet te dicht bij het bedieningspaneel. Plaats grotere pannen indien mogelijkop de achterste kookzones. Er klinkt geen geluidsignaal wan‐neer je de tiptoetsen van het be‐dieningspaneel aanraakt. De signalen zijn uit. Schakel de geluiden in. Raadpleeg‘Dagelijks gebruik’. 22 NEDERLANDS.
Probleem Mogelijke oorzaak OplossingDe flexibele inductiekookzoneverwarmt de pan niet. De pan staat op een verkeerde plekop de flexibele inductiekookzone. Plaats de pan op de juiste plek op deflexibele inductiekookzone. De plaatsvan de pan is afhankelijk van de inge‐schakelde functie of modus. Zie ‘Flexi‐bele inductiekookruimte’. De diameter van de panbodem isverkeerd voor de ingeschakeldefunctie of functiemodus. Gebruik alleen pannen met een diame‐ter die geschikt is voor de ingeschakel‐de functie of functiemodus. Zie ‘Flexi‐bele inductiekookruimte’. gaat aan. Kinderbeveiligingsinrichting of Blok‐kering werkt. Zie "Kinderbeveiliging" en "Blokke‐ring". De bedieningsbalk knippert. Er staat geen pan op de zone, of dezone is niet volledig bedekt. Zet een pan op de zone, zodat de pande zone volledig bedekt. De pan is niet geschikt. Gebruik kookgerei dat geschikt is voorinductiekookplaten.
Zie 'Aanwijzingenen tips'. De diameter van de bodem van depan is te klein voor de zone. Gebruik pannen met de juiste afmetin‐gen. Raadpleeg de technische gege‐vens. FlexiBridge (Flexible Bridge) is inwerking. Eén of meerdere delen vande werkende functiemodus niet af‐gedekt door de pan. Plaats de pan op het juiste aantal ge‐deelten van de functiemodus die inwerking is of wijzig de functiemodus. Zie ‘Flexibele inductiekookruimte’. Opwarmen duurt lang. Pan is te klein en ontvangt slechtseen deel van het vermogen dat doorde kookzone wordt gegenereerd. Gebruik voor een optimale warmte‐overdracht kookgerei met een bodem‐diameter die vergelijkbaar is met degrootte van de kookzone (d. w. z. demaximale waarde van de diameter vanhet kookgerei in "Technische gege‐vens" > "Specificatie van de kookzo‐ne"). gaat aan. PowerSlide is in werking.
Er wordentwee pannen op de flexibele induc‐tiekookzone geplaatst of het kookge‐rei dekt meer dan één kookzone diedoor de functie wordt geactiveerd. Gebruik slechts één pan. Zie ‘Flexibeleinductiekookruimte’.
en een getal gaan branden. Er is een fout opgetreden in dekookplaat. Schakel de kookplaat uit en schakeldeze na 30 seconden weer in. Wan‐neer weer verschijnt, trek je destekker van de kookplaat uit het stop‐contact. Steek de stekker van de kook‐plaat er na 30 seconden weer in. Alshet probleem zich blijft voordoen,neem je contact op met een erkendeservicedienst. 9. 2 Als je geen oplossing kuntvinden. Als je niet zelf het probleem kunt verhelpen,neem dan contact op met je verkoper of eenerkende serviceafdeling. Verstrek degegevens van het typeplaatje. Zorg ervoordat je de kookplaat correct gebruikt. Is dit niethet geval, dan is het onderhoud door eenservicemonteur of dealer niet gratis, ook nietNEDERLANDS 23.
Dit kan veranderenafhankelijk van het materiaal en deafmetingen van het kookgerei.Gebruik voor een optimale warmteoverdrachten kookresultaat kookgerei met eenbodemdiameter die vergelijkbaar is met degrootte van de kookzone (d.w.z. de maximalewaarde van de diameter van het kookgerei inde tabel). Gebruik geen kookgerei dat groteris dan de diameter van de kookzone.11. ENERGIEVERBRUIK11.1 Productinformatie volgens de EU Ecodesign reguleringModelnummer KIF6840ISType kookplaat InbouwkookplaatAantal kookzones 2Aantal kookgebieden 1Verwarmingstechnologie Inductie24 NEDERLANDS
Diameter van ronde kookzones (Ø) MiddenachterRechtsvoor21.0 cm18.0 cmLengte (L) en breedte (W) van het kookgebied Links L 41.8 cmW 24.8 cmEnergieverbruik per kookzone (EC electric cooking) MiddenachterRechtsvoor190.8 Wh/kg194.2 Wh/kgEnergieverbruik van het kookgebied (EC electriccooking)Links 187.0 Wh/kgEnergieverbruik van de kookplaat (EC electric hob) 189.2 Wh/kgIEC / EN 60350-2 - Huishoudelijke elektrischekookapparaten - Deel 2: Kookplaten -Methoden voor het meten van prestaties.11.2 EnergiebesparendeJe kunt energie besparen tijdens het dagelijkskoken als je de onderstaande aanwijzingenvolgt.• Gebruik bij het opwarmen van wateralleen de hoeveelheid die je nodig hebt.• Plaats, indien mogelijk, altijd de dekselsop het kookgerei.• Plaats het kookgerei direct in het middenvan de kookzone.• Gebruik de restwarmte om het voedselwarm te houden of om het te latensmelten.11.3 Productinformatie voor stroomverbruik en maximale tijd om detoepasselijke modus voor laag vermogen te bereikenStroomverbruik in uit-modus 0.3 WDe maximale tijd die de apparatuur nodig heeft om automatisch de toepasselijkemodus voor laag vermogen te bereiken2 min12.
MILIEUBESCHERMINGRecycleer de materialen met het symbool .Gooi de verpakking in een geschikteafvalcontainer om het te recycleren.Bescherm het milieu en de volksgezondheiden recycleer op een correcte manier het afvalvan elektrische en elektronische apparaten.Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool niet weg met het huishoudelijk afval.Breng het product naar het milieustation bij uin de buurt of neem contact op met degemeente.NEDERLANDS 25
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met AEG KIF6840IS stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Fornuis AEG
Handleiding Fornuis
Nieuwste handleidingen voor Fornuis
