AEG HDB95623NB Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van AEG HDB95623NB (36 pagina’s), behorend tot de categorie Fornuis. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 36 mensen en kreeg gemiddeld 4.2 sterren uit 5 reviews. Heb je een vraag over AEG HDB95623NB of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | AEG |
| Categorie: | Fornuis |
| Model: | HDB95623NB |
| Apparaatplaatsing: | Ingebouwd |
| Soort bediening: | Rotary, Scrollbar, Touch |
| Kleur van het product: | Zwart |
| Aantal vermogenniveau's: | 9 |
| Timer: | Ja |
| Breedte: | 880 mm |
| Diepte: | 520 mm |
| Snoerlengte: | 1.5 m |
| Kinderslot: | Ja |
| Vermogen brander/kookzone 2: | 1800 W |
| Vermogen brander/kookzone 3: | 1900 W |
| Vermogen brander/kookzone 1: | 1800 W |
| Aantal branders/kookzones: | 4 zone(s) |
| Type kookplaat: | Combi |
| Type brander/kookzone 1: | Regulier |
| Type brander/kookzone 2: | Regulier |
| Type brander/kookzone 3: | Regulier |
| Aantal gaspitten: | 2 zone(s) |
| Aantal elektronische kook zones: | 2 zone(s) |
| Controle positie: | Boven voorzijde |
| Aangesloten lading (elektrisch): | - W |
| Aangesloten lading (gas): | - W |
| Breedte kookplaat: | 88 cm |
| Boost functie: | Ja |
| Aantal boosters: | 2 |
| Waarschuwingssignaal: | Ja |
| Restwarmte-indicator: | Ja |
| Bridge functie: | Ja |
| Type brander/kookzone 4: | Groot |
| Vermogen brander/kookzone 4: | 2700 W |
| Voedingsbron brander/kookzone 1: | Electrisch |
| Voedingsbron brander/kookzone 2: | Electrisch |
| Voedingsbron brander/kookzone 3: | Gas |
| Voedingsbron brander/kookzone 4: | Gas |
| Kookzone 1 boost: | 2800 W |
| Kookzone 2 boost: | 2800 W |
| Positie brander/kookzone 1: | Links voor |
| Diameter brander/kookzone 1: | 180 mm |
| Positie brander/kookzone 2: | Links achter |
| Diameter brander/kookzone 2: | 180 mm |
| Positie brander/kookzone 3: | Rechts voor |
| Diameter brander/kookzone 3: | 78 mm |
| Positie brander/kookzone 4: | Rechts achter |
| Diameter brander/kookzone 4: | 124 mm |
| Stop-and-go-functie: | Ja |
| AC-ingangsspanning: | 220 - 400 V |
Handleiding AEG HDB95623NB – volledige tekst
INHOUDSOPGAVE1. VEILIGHEIDSINFORMATIE. 22. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN. 53. MONTAGE. 94. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT. 155. DAGELIJKS GEBRUIK. 176. AANWIJZINGEN EN TIPS. 227. ONDERHOUD EN REINIGING. 268. PROBLEEMOPLOSSING. 279. TECHNISCHE GEGEVENS. 3010. ENERGIEZUINIGHEID. 3211. MILIEUBESCHERMING. 33VOOR PERFECTE RESULTATENBedankt dat je voor dit AEG-product hebt gekozen. We hebben het gecreëerd omjarenlang onberispelijke prestaties te leveren, met innovatieve technologieën diehet leven eenvoudiger maken – functies die je wellicht niet op gewone apparatenaantreft. Neem een paar minuten de tijd om het beste uit het apparaat te halen. Ga naar onze website voor:Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, service- enreparatie-informatie:www. aeg. com/supportRegistreer je product voor een betere service:www. registeraeg.
comKoop accessoires, verbruiksartikelen en originele reserveonderdelen voor jeapparaat:www. aeg. com/shopKLANTENSERVICE EN SERVICEGebruik altijd originele onderdelen. Als u contact opneemt met onze erkende servicedienst, zorg er dan voor dat u devolgende gegevens tot uw beschikking hebt: Model, PNC, serienummer. De informatie vindt u op het typeplaatje. Waarschuwingen en veiligheidsinformatie Algemene informatie en tips Milieu-informatieWijzigingen voorbehouden. 1. VEILIGHEIDSINFORMATIELees zorgvuldig de meegeleverde instructies voorinstallatie en gebruik van het apparaat. De fabrikant isniet verantwoordelijk voor verwondingen of schade dievoortvloeit uit de onjuiste installatie of het onjuistewww. aeg. com2.
gebruik. Bewaar de instructies altijd op een veilige,toegankelijke plek voor toekomstig gebruik.1.1 Veiligheid van kinderen en kwetsbarepersonen• Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8jaar en ouder en door mensen met een beperktlichamelijk, zintuiglijk of verstandelijk vermogen of eengebrek aan ervaring en kennis, indien zij ondertoezicht staan of instructies hebben gekregen over hetveilig gebruiken van het apparaat en indien zij degevaren begrijpen.
Kinderen jonger dan 8 jaar enpersonen met zware en complexe beperkingen dienenaltijd uit de buurt van het apparaat te wordengehouden, tenzij ze voortdurend onder toezicht staan.• Houd toezicht op kinderen, om te voorkomen dat zijgaan spelen met het apparaat.• Houd alle verpakking uit de buurt van kinderen engooi het op passende wijze weg.• WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijkeonderdelen ervan worden heet tijdens het gebruik.Houd kinderen en huisdieren uit de buurt van hetapparaat tijdens het gebruik en bij het afkoelen.• Als het apparaat is voorzien van een kinderslot, dientdit te worden geactiveerd.• Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- enonderhoudswerkzaamheden aan het apparaatuitvoeren.1.2 Algemene veiligheid• Dit apparaat is uitsluitend bestemd om mee te koken.• Dit apparaat is bedoeld voor binnenshuishuishoudelijk gebruik.• Dit apparaat kan worden gebruikt in kantoren,hotelkamers, bed & breakfast-kamers,boerderijgasthuizen en andere soortgelijkeaccommodaties waar dergelijk gebruik deNEDERLANDS 3
(gemiddelde) huishoudelijke gebruiksniveaus nietoverschrijdt.• WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijkeonderdelen ervan worden heet tijdens het gebruik. Udient te voorkomen de verwarmingselementen aan teraken.• WAARSCHUWING: Onbewaakt koken op eenkookplaat met vet of olie kan gevaarlijk zijn en totbrand leiden.• Gebruik nooit water om het kookvuur te blussen.Schakel het apparaat uit en bedek de vlammen metbijv. een branddeken of deksel.• WAARSCHUWING: Het apparaat mag niet vanstroom worden voorzien door een externschakelapparaat, zoals een tijdklok, of aangeslotenworden op een circuit dat door het elektriciteitsbedrijfregelmatig aan en uit wordt geschakeld.• LET OP: Het kookproces moet bewaakt worden.
Eenkort kookproces moet voortdurend bewaakt worden.• WAARSCHUWING: Brandgevaar: Bewaar geenvoorwerpen op de kookoppervlakken.• Metalen voorwerpen, zoals messen, vorken, lepels endeksels mogen niet op het oppervlak van de kookplaatworden geplaatst, aangezien ze heet kunnen worden.• Gebruik het apparaat niet voordat u het in deingebouwde constructie installeert.• Gebruik geen stoomreiniger om het apparaat schoonte maken.• Schakel het kookplaatelement na elk gebruik uit metde bedieningstoetsen. Vertrouw niet op depandetector.• Als de glaskeramische / glazen oppervlakte gebarstenis, schakel het apparaat dan uit en trek de stekker uithet stopcontact. In het geval het apparaat rechtstreeksop de stroom is aangesloten met een aansluitdoos,verwijdert u de zekering om het apparaat van destroom te halen. Neem altijd contact op met deerkende servicedienst.www.aeg.com4
• In geval van glasbreuk van de kookplaat:– schakel alle branders en alle elektrischeverwarmingselementen onmiddellijk uit en isoleerhet apparaat van de stroomvoorziening,– raak het oppervlak van het apparaat niet aan,– gebruik het apparaat niet.• Indien het netsnoer beschadigd is, moet het wordenvervangen door de fabrikant, een erkende service ofvergelijkbaar gekwalificeerde personen om gevaar tevoorkomen.• Als het apparaat rechtstreeks op destroomvoorziening wordt aangesloten, is er eenalpolige isolatieschakelaar met een contactopeningnodig op alle polen. De volledige ontkoppeling, inovereenstemming met de voorwaarden diegespecificeerd zijn in overspanningscategorie III, moetworden gegarandeerd.
De aardkabel is hiervanuitgesloten.• Let er bij het leiden van de stroomkabel op dat dekabel niet rechtstreeks in contact komt (bijvoorbeeldmet behulp van isolatiehuls) met onderdelen dietemperaturen van meer dan 50°C bovenkamertemperatuur kunnen bereiken.• WAARSCHUWING: Gebruik alleenkookplaatbeschermers die door de fabrikant van hetkookapparaat zijn ontworpen of door de fabrikant vanhet apparaat in de gebruiksinstructies als geschikt zijnaangegeven of kookplaatbeschermers die in hetapparaat zijn geïntegreerd. Het gebruik vanongeschikte kookplaatbeschermers kan ongelukkenveroorzaken.2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTENDit apparaat is geschikt voor devolgende markten: NL2.1 InstallerenWAARSCHUWING!Alleen een erkendeinstallatietechnicus mag ditapparaat installeren.NEDERLANDS 5
WAARSCHUWING. Gevaar voor letsel of schadeaan het apparaat. • Verwijder alle verpakkingsmaterialen. • Installeer en gebruik geen beschadigdapparaat. • Volg de installatie-instructies die zijnmeegeleverd met het apparaat. • Houd de minimumafstand naarandere apparaten en units in acht. • Pas altijd op bij verplaatsing van hetapparaat, want het is zwaar. Gebruikaltijd veiligheidshandschoenen engesloten schoeisel. • Dicht de oppervlakken af met kit omte voorkomen dat ze gaan opzettendoor vocht. • Bescherm de bodem van hetapparaat tegen stoom en vocht. • Installeer het apparaat niet naast eendeur of onder een raam. Dit voorkomtdat heet kookgerei van het apparaatvalt als de deur of het raam wordtgeopend. • Als het apparaat geïnstalleerd isboven lades zorg er dan voor dat deruimte tussen de onderkant van hetapparaat en de bovenste ladevoldoende is voor luchtcirculatie.
• De onderkant van het apparaat kanheet worden. Installeer eenonbrandbaar scheidingspaneel onderhet apparaat om te voorkomen dat deonderkant kan worden aangeraakt. • Zorg ervoor dat er een ventilatieruimtevan 2 mm tussen het werkblad en devoorzijde van de eenheid eronderwordt vrijgelaten. De garantie dektgeen schade die wordt veroorzaaktdoor het ontbreken van voldoendeventilatieruimte. 2. 2 Elektrische aansluitingWAARSCHUWING. Gevaar voor brand enelektrische schokken. • Alle elektrische aansluitingen moetenworden uitgevoerd door eengekwalificeerde elektricien. • , moet het apparaat geaard worden. • Verzeker jezelf ervan dat de stekkeruit het stopcontact is getrokken,voordat je welke werkzaamheden danook uitvoert. • Zorg ervoor dat de parameters op hetvermogensplaatje overeenkomen metelektrische vermogen van denetstroom. • Controleer of het apparaat correctgeïnstalleerd is.
Losse en onjuistestroomkabels of stekkers (indien vantoepassing) kunnen ertoe leiden datde contactklem te heet wordt. • Gebruik het juiste netsnoer. • Zorg dat de stroomkabel niet verstriktraakt.
• Controleer of er eenaardlekschakelaar is geïnstalleerd. • Gebruik de trekontlastingsklem op dekabel. • Zorg ervoor dat de stroomkabel ofstekker (indien van toepassing) hethete apparaat of heet kookgerei nietaanraakt als je het apparaat op eennabijgelegen contactdoos aansluit. • Gebruik geen adapters met meerderestekkers en verlengkabels. • Zorg ervoor dat je de stekker (indienvan toepassing) of het netsnoer nietbeschadigt. Neem contact op met onserkende servicecentrum of eenelektricien om een beschadigdestroomkabel te vervangen. • De schokbescherming van delenonder stroom en geïsoleerde delenmoet op zo'n manier wordenbevestigd dat het niet zondergereedschap kan worden verplaatst. • Steek de stekker pas in hetstopcontact als de installatie isvoltooid. Zorg ervoor dat het netsnoerna installatie bereikbaar is. • Als het stopcontact los zit, mag u destekker niet in het stopcontact steken.
• Trek niet aan het netsnoer om hetapparaat los te koppelen. Trek altijdaan de stekker. • Gebruik enkel correcteisolatievoorzieningen:stroomonderbrekers, zekeringen(schroefzekeringen moeten uit dehouder worden verwijderd),aardlekschakelaars en contactgevers. • De elektrische installatie moet eenisolatieapparaat bevatten waardoorhet apparaat volledig van het lichtnetafgesloten kan worden. Hetisolatieapparaat moet eenwww. aeg. com6.
contactopening hebben met eenminimale breedte van 3 mm. 2. 3 GasaansluitingLET OP. Bij gebruik van een gasflesmoet je deze altijd op eenvlak horizontaal oppervlakhouden (met de gasklepbovenaan). • Alle gasaansluitingen moeten dooreen gediplomeerd elektromonteurworden gemaakt. • Controleer vóór de installatie of deplaatselijke distributieomstandigheden(gassoort en -druk) en de afstellingvan het apparaat met elkaar tecombineren zijn. • Zorg ervoor dat er koudeluchtcirculatie in het apparaataanwezig is. • Op het typeplaatje staat informatieover de gastoevoer. • Dit apparaat mag niet aangeslotenworden op een inrichting datproducten afvoert voor verbranding. Sluit het apparaat aan volgens degeldende installatieregels. Volg devereisten voor voldoende ventilatie. 2. 4 GebruikWAARSCHUWING. Gevaar voor letsel,brandwonden of elektrischeschokken. LET OP.
Het gebruik van eengaskooktoestel resulteert inde productie van warmte,vocht enverbrandingsproducten in deruimte waarin het apparaatwordt geïnstalleerd. Zorgervoor dat de keuken goedgeventileerd is, vooralwanneer het apparaat ingebruik is. Langdurig intensief gebruikvan het apparaat kan extraventilatie vereisen. Dit isbijvoorbeeld het verhogenvan mechanische ventilatiewaar aanwezig, extraventilatie om deverbrandingsproducten veiligte verwijderen naarbuitenlucht (externe lucht),terwijl het ook ruimteluchtververst met extra ventilatie. Raadpleeg een bevoegdepersoon voordat je de extraventilatie installeert. • De specificatie van dit apparaat nietwijzigen. • Verwijder voorafgaand aan het eerstegebruik alle verpakkingsmaterialen,etiketten en beschermfolie (indien vantoepassing). • Zorg ervoor dat deventilatieopeningen niet geblokkeerdworden.
• Gebruik het apparaat niet met nattehanden of als het contact maakt metwater. • Gebruik het apparaat niet alswerkblad of als opslagoppervlak. • Als het oppervlak van het apparaatgebarsten is, koppel het apparaat danonmiddellijk los van destroomtoevoer. Dit dient om eenelektrische schok te voorkomen. • Gebruikers met een pacemakermoeten een afstand van minimaal 30NEDERLANDS 7.
• Zorg ervoor dat je geen voorwerpenof kookgerei op het apparaat laatvallen. Het oppervlak kan beschadigdraken. • Laat nooit een brander aan met leegkookgerei of zonder kookgerei. • Schakel de kookzones niet terwijl erleeg kookgerei of geen kookgerei opgeplaatst is. • Leg geen aluminiumfolie op hetapparaat. • Kookgerei gemaakt van gietijzer,aluminium of met een beschadigdebodem kan krassen op het glas/glaskeramiek veroorzaken. Til dezevoorwerpen altijd op als je ze op dekookplaat moet verplaatsen. • Gebruik alleen stabiel kookgerei meteen juiste vorm en diameter die groteris dan de afmetingen van debranders. • Zorg ervoor dat het kookgerei in hetmidden van de branders staat. • Gebruik geen grote pannen die deranden van het apparaatoverschrijden. Dit kan het apparaatbeschadigen. • Gebruik alleen de accessoires die bijhet apparaat zijn geleverd. • Plaats geen vlamverdeler op debrander.
• Verkleuring van het email of roestvrijstaal is niet van invloed op de werkingvan het apparaat. 2. 5 Onderhoud en reinigingWAARSCHUWING. Verwijder de toetsen,knoppen of pakkingen nietvan het bedieningspaneel. Er kan water in het apparaatkomen en schadeveroorzaken. • Reinig het apparaat regelmatig om tevoorkomen dat het materiaal van hetoppervlak achteruitgaat. • Schakel het apparaat uit en laat hetafkoelen voordat u het schoonmaakt. • Trek vooronderhoudswerkzaamheden destekker uit het stopcontact. • Gebruik geen waterstralen en stoomom het apparaat te reinigen. • Maak het apparaat schoon met eenvochtige zachte doek. Gebruik alleenneutrale schoonmaakmiddelen. Gebruik geen schuurmiddelen,schuursponsjes, oplosmiddelen ofmetalen voorwerpen. • De branders niet in de afwasautomaatreinigen. 2. 6 Service• Neem contact op met de erkendeservicedienst voor reparatie van hetapparaat.
lampen zijn bedoeld om bestand tezijn tegen extreme fysiekeomstandigheden in huishoudelijkeapparaten, zoals temperatuur,trillingen, vochtigheid, of zijn bedoeldom informatie te geven over deoperationele status van het apparaat. Ze zijn niet bedoeld voor gebruik inandere toepassingen en zijn nietgeschikt voor verlichting inhuishoudelijke ruimten. 2. 7 VerwijderingWAARSCHUWING. Gevaar voor letsel ofverstikking. • Neem contact op met uw plaatselijkeoverheid voor informatie over hetafvoeren van het apparaat. • Haal de stekker uit het stopcontact. • Snijd het netsnoer vlak bij hetapparaat af en gooi het weg. • Maak de externe gasleidingen plat. 3. MONTAGEWAARSCHUWING. Raadpleeg de hoofdstukkenVeiligheid. 3. 1 Voor montageVoordat u de kookplaat installeert, dientu de onderstaande informatie van hettypeplaatje te noteren. Het typeplaatjebevindt zich onderop de kookplaat. Model.
Productnummer(PNC). Serienummer. 3. 2 Ingebouwde kookplatenInbouwkookplaten mogen alleen wordengebruikt nadat zij ingebouwd zijn ingeschikte inbouwunits of werkbladen dieaan de normen voldoen. 3. 3 GasaansluitingWAARSCHUWING. De volgende instructies overmontage, aansluiting enonderhoud moeten doorgekwalificeerd personeel inovereenstemming met degeldende normen envoorschriften wordenuitgevoerd. Kies voor vaste aansluitingen of gebruikeen flexibele leiding van roestvrij staaldie voldoet aan de geldendevoorschriften. Als u flexibele metalenleidingen gebruikt, zorg er dan voor datdeze niet in aanraking komen metbewegende onderdelen en dat deze nietbekneld raken. Wees ook voorzichtig methet plaatsen van de kookplaat met eenoven. De aansluiting moet worden uitgevoerdvolgens NEN 1078. Controleer of degastoevoerdruk van hetapparaat voldoet aan deaanbevolen waarden.
A. Einde van as met schroefdraadB. Vulring meegeleverd met hetapparaatC. Kniekoppeling meegeleverd met hetapparaatWAARSCHUWING. Het is belangrijk de elleboogcorrect te installeren. Controleer of de borstaanligt tegen het uiteindevan de schroefdraad. Installeer deze vervolgensop de aansluitleiding van dekookplaat. Foutieve montagekan leiden tot een gaslek. Vloeibaar gasGebruik de houder voor de rubberenvloeibaar gasslang. Gebruik altijd depakking. Ga vervolgens verder met degasaansluiting. De flexibele leiding is voorbereid opgebruik als:• deze kan niet warmer worden dankamertemperatuur, hoger dan 30°C;• het niet langer is dan 1500mm;• deze geen afklemmingen vertoont;• deze niet wordt belast met trek- oftorsiekrachten;• deze niet in aanraking komt metscherpe randen of hoeken;• deze eenvoudig kan wordenonderzocht om te verzekeren datdeze in orde is.
De controle voor behoud van de flexibeleleiding bestaat uit het controleren of:• deze geen barsten, sneden, sporenvan verbranden op de twee uiteindenen over de volledige lengte vertoont;• het materiaal niet verhard is, maar decorrecte elasticiteit vertoont;• de bevestigingsklemmen niet verroestzijn;• de levensduur niet verlopen is. Als er een of meer defecten zichtbaarzijn, mag de leiding niet wordengerepareerd, maar moet deze wordenvervangen. WAARSCHUWING. Controleer na montage of deafdichting van elkeleidingaansluiting correct is. Gebruik een zeepoplossing,geen vlam. 3. 4 Sproeiers vervangen1. Verwijder de pannendragers. 2. Verwijder de kappen en kronen vande brander. 3. Verwijder de injectoren met eendopsleutel 7 en vervang ze door desproeiers die nodig zijn voor het typegas dat je gebruikt (zie de tabel in hethoofdstuk "Technische gegevens"). 4.
Plaats alle onderdelen terug, waarbijje dezelfde procedure in omgekeerdevolgorde uitvoert. 5. Bevestig het label met het nieuwetype gastoevoer in de buurt van degastoevoerleiding. Dit etiket kun jevinden in het pakket dat bij hetapparaat is meegeleverd.
Als de toevoergasdruk kan wordengewijzigd of anders is dan de benodigdedruk, moet je een geschikte drukregelaarop de gastoevoerleiding plaatsen. 3. 5 Het minimumniveauaanpassenHet minimumniveau van de brandersafstellen:1. Steek de brander aan. 2. Draai de knop op de minimumstand. 3. Verwijder de knop, de pakking en desluitring. 12www. aeg. com10.
WAARSCHUWING!Let op dat u de pakking nietbeschadigt. Gebruik geenscherp gereedschap om diete verwijderen.WAARSCHUWING!Gebruik het oppervlak vande kookplaat niet om depakking op te heffen. Dit kanhet glas beschadigen.4. Pas de stand van de bypass-schroefaan met een smalleschroevendraaier (A).A5. Bij omschakelen:• van aardgas G25.3 25mbar, G2525mbar of aardgas G20 20mbarnaar vloeibaar gas, draai debypassschroef helemaal vast.• van vloeibaar gas naar aardgasG25.3 25mbar, G25 25mbar ofaardgas G20 20mbar, draai debypass-schroef ongeveer 1/4draai los6.
Zet de sluitring, de pakking en deknop weer in elkaar.WAARSCHUWING!Zorg ervoor dat u de pakkingen de sluitring precies in hunoorspronkelijke positieplaatst.WAARSCHUWING!Controleer of de vlam nietdooft als u de knop snel vande maximale stand naar deminimale stand draait.3.6 Aansluitsnoer• Zorg ervoor dat de nominale spanningen het type vermogen op hettypeplaatje overeenkomen met despanning en het vermogen van delokale stroomvoorziening.• De kookplaat is voorzien van eenaansluitsnoer.• Vervang het beschadigdestroomsnoer uitsluitend met een kabelvan de reserveonderdelen. Neemcontact op met een erkendeklantenservice bij u in de buurt.• Laat het netsnoer niet opwarmen toteen temperatuur hoger dan 90°C.WAARSCHUWING!Alle elektrischeaansluitingen moeten dooreen gekwalificeerdeelektricien wordenaangelegd.LET OP!Boor of soldeer dedraaduiteinden niet.
Dit isten strengste verboden!LET OP!Sluit de kabel niet aanzonder de huls voor hetkabeluiteinde.Gebruik alleen de meegeleverdespeciale kabel voor het vervangen vande aansluitkabel. Het kabeltypeis:H05V2V2-F T90.Zorg ervoor dat de doorsnede van hetsnoer geschikt is voor devoltagebelasting en debedrijfstemperatuur. De groen-geleaarddraad moet ongeveer 1cm langerzijn dan de bruine en zwarte fasedraden.NEDERLANDS 11
3.7 Aansluitingsdiagram380-415V 2N~ 220-240V 2L/2N~ 220-240V 1N~ 220 - 240V ~220 - 240V ~220 - 240V ~220 - 240V ~220 - 240V ~Tweefasige aanslui‐ting:220-240V 2L/2N~Tweefasige aanslui‐ting:380-415V 2N~Eenfasige aansluiting:220- 240V 1N ~Groen - geel Groen - geel Groen - geelBlauw N1Blauw enblauwNBlauw enblauwNBlauw N2 Zwart L1Zwart enbruinLZwart L1 Bruin L2 Bruin L2 3.8 De afdichting bevestigen -Installatie aan bovenkant1. Reinig het werkblad rond deuitsnijding.2. Bevestig de meegeleverdeafdichtstrip tegen de onderrand vande kookplaat langs de buitenrand vande keramische plaat. Rek het niet uit.Zorg dat de uiteinden van deafdichtstrip zich in het midden vaneen van de zijden van de kokplaatbevinden.3. Tel een paar millimeter bij de af teknippen lengte van de afdichtstrip.4.
GEÏNTEGREERDE INSTALLATIE1.2.3. Installeer alle vier de veren met demeegeleverde T20-schroeven:4.min.12 mmmin. 2 mmmin.38 mmmin.2 mm5.3.10 Mogelijkheden voorinsertieKeukeneenheid met deurHet paneel dat onder de kookplaat isgeïnstalleerd, moet gemakkelijk teverwijderen zijn. Ook moet hetgemakkelijk toegankelijk zijn voor hetgeval dat er technische ondersteuningnodig is.www.aeg.com14
min 20 mm(max 150 mm)60 mmBAA. Verwijderbaar paneelB. Ruimte voor aansluitingenKeukeneenheid met ovenDe elektrische aansluiting van dekookplaat en de oven moetenafzonderlijk worden geïnstalleerd, omveiligheidsredenen en zodat de ovengemakkelijk uit de unit kan wordenverwijderd.LET OP!De onderkant van hetapparaat kan heet worden.Als er geen oven onder dekookplaat is geïnstalleerd,moet er een onbrandbaarscheidingspaneel onder hetapparaat wordengeïnstalleerd om toegang totde onderkant te voorkomen.De positie van het paneelwordt beschreven in hethoofdstuk "Installatie".4.
4.3 Indeling Bedieningspaneel1 2 3 5 6 78104911Gebruik de tiptoetsen om het apparaat te bedienen. De displays, indicatielampjes engeluiden tonen welke functies worden gebruikt.Tiptoets Functie Opmerking1AAN / UIT De kookplaat in- en uitschakelen.2Vergrendelen /Kinderbe‐veiligingsinrichtingHet bedieningspaneel vergrendelen/ontgrendelen.3STOP+GO De functie in- en uitschakelen.4Bridge De functie in- en uitschakelen.5- Kookstanddisplay De kookstand weergeven.6- Timerindicatie voor dekookzonesGeeft aan voor welke zone u de tijd instelt.7- Timerdisplay De tijd in minuten weergeven.8- Om de kookzone te selecteren.9 / - De tijd verlengen of verkorten.10PowerBoost De functie in- en uitschakelen.11- Bedieningsstrip Het instellen van de kookstand.4.4 Kookstand-displaysWeergave BeschrijvingDe kookzone is uitgeschakeld.
Weergave Beschrijving + cijferEr is een storing. / / OptiHeat Control (3-staps restwarmte-indicator): doorgaan met ko‐ken/warm houden/restwarmte.Blokkering Kinderbeveiligingsinrichting is in werking.Incorrect of te klein kookgerei of geen kookgerei op de kookzone.Automatische uitschakeling is in werking.4.5 OptiHeat Control (3-stapsrestwarmte-indicator)WAARSCHUWING! / / Zolang hetindicatielampje aanstaat,bestaat er een risico opbrandwonden doorrestwarmte.De inductiekookzones creëren de voorhet kookproces benodigde warmterechtstreeks in de bodem van hetkookgerei. Het glaskeramiek wordtverwarmd door de warmte van hetkookgerei.De indicatielampjes verschijnen als eenkookzone heet is.
De aanduidingentonen het niveau van de restwarmte voorde kookzones die je momenteel gebruikt: - doorgaan met koken, - warm houden, - restwarmte.Het indicatielampje kan ook verschijnen:• voor de aangrenzende kookzones,zelfs als je ze niet gebruikt,• als er heet kookgerei op de koudekookzone wordt geplaatst,• als de kookplaat is uitgeschakeld,maar de kookzone nog heet is.Het indicatielampje verdwijnt als dekookzone is afgekoeld.5. DAGELIJKS GEBRUIKWAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukkenVeiligheid.5.1 GasbrandersOverzicht brander$%'(&A. BranderkapB. BranderkroonNEDERLANDS 17
C. OntstekingskaarsD. ThermokoppelE. Vlam van de pilootDe brander ontstekenSteek de brander altijd aanvoordat je er kookgerei opplaatst.WAARSCHUWING!Wees bijzonder voorzichtigbij het gebruik van open vuurin de keukenomgeving. Defabrikant kan nietaansprakelijk wordengesteld in het geval vanonjuist gebruik van de vlam.1. Druk de bedieningsknop omlaag endraai deze linksom naar de maximalegastoevoerstand ( ).2. Houd de bedieningsknop even langof korter dan 10 seconden ingedrukt.Hierdoor kan het thermokoppelopwarmen. Zo niet, dan wordt degastoevoer onderbroken.3. Stel de vlam af nadat dezeregelmatig is.Als de brander na enkelepogingen niet aangaat,controleer dan of de kroonen de dop goed op hunplaats zitten.WAARSCHUWING!Houd de bedieningsknopniet langer dan vijftienseconden ingedrukt.
Als debrander na 15 seconden nietbrandt, laat dan debedieningsknop los enprobeer de brander naminimaal 1 minuut weer aante steken.LET OP!Bij afwezigheid vanelektriciteit kun je de branderontsteken zonder elektrischeinrichting. Breng in dit gevalde brander bij met een vlam,draai de bedieningsknoptegen de klok in naar demaximale gastoevoerstanden druk deze omlaag. Houdde bedieningsknop ongeveer10 seconden ingedrukt omhet thermokoppel op tewarmen.Als de brander per ongelukuitgaat, draai debedieningsknop dan naar deuit-stand en probeer debrander na minimaal 1minuut weer aan te steken.De vonkontsteking kanautomatisch starten als jehet apparaat inschakelt, nainstallatie of eenstroomstoring. Dat isnormaal.De kookplaat wordt geleverdmetStepPower. Met dezefunctie kunt u het vermogennauwkeuriger instellen van9-1.De vlam rondom hetthermokoppel is eenwaakvlam.
De brander uitschakelenOm de vlam te doven, de knop naar deoff-positie draaien. WAARSCHUWING. Draai de vlam altijd lager ofschakel hem uit voordat u depan van de brander haalt5. 2 InductiekookzonesIn- of uitschakelenRaak 1 seconde aan om de kookplaatin– of uit te schakelen. Automatische uitschakelingDe functie schakelt de kookplaatautomatisch uit als:• alle kookzones zijn uitgeschakeld;• je de kookstand niet instelt nadat jede kookplaat hebt ingeschakeld;• je iets hebt gemorst of langer dan 10seconden iets op hetbedieningspaneel hebt gelegd (eenpan, doek). Er klinkt eengeluidssignaal en de kookplaat wordtuitgeschakeld. Verwijder het voorwerpof reinig het bedieningspaneel. • de kookplaat te heet wordt (bijv. alseen pan droog kookt). Laat dekookzone afkoelen voordat je dekookplaat weer gebruikt. • je onjuist kookgerei gebruikt.
Hetsymbool gaat branden en dekookzone wordt na 2 minutenautomatisch uitgeschakeld. • je een kookzone niet uitschakelt of dekookstand wijzigt. Na enige tijd gaat branden en de kookplaat wordtuitgeschakeld. De relatie tussen de kookstand en detijd waarna de kookplaat wordtuitgeschakeld:Warmte-instelling De kookplaatwordt uitgescha‐keld na, 1 - 26 uur3 - 4 5 uurWarmte-instelling De kookplaatwordt uitgescha‐keld na5 4 uur6 - 9 1,5 uurDe kookstandVoor het instellen of wijzigen van dekookstand:Raak de bedieningsstrip aan bij de juistekookstand of beweeg uw vinger langs debedieningsstrip totdat u de jusitekookstand heeft bereikt. BridgeDe functie werkt als de pande middelpunten van beidezones bedekt. De functie verbindt twee kookzones enze werken als één kookzone. Stel eerst de kookstand in voor één vande kookzones aan de linkerkant. Om de functie te activeren: raak aan.
Voor het activeren van defunctie, moet de kookzonekoud zijn. Om de functie voor een kookzone inte schakelen: tik op ( gaat aan). Raak meteen de gewenste kookstandaan. Na 3 seconden gaat branden. Om de functie uit te schakelen: wijzigde warmte-instelling. PowerBoostDeze functie maakt meer vermogenbeschikbaar voor de inductiekookzones. De functie kan voor een beperktetijdsduur voor uitsluitend deinductiekookzone worden geactiveerd. Daarna wordt de inductiekookzoneautomatisch teruggeschakeld naar dehoogste kookstand. Om de functie voor een kookzone inte schakelen: raak aan. gaat aan. De functie uitschakelen: wijzig dekookstand. Timer• Timer met aftelfunctieU kunt deze functie gebruiken om delengte van één kooksessie in te stellen. Stel eerst de warmtestand voor dekookzone in en dan de functie. Om de kookzone in te stellen: tikherhaaldelijk op totdat het lampje vaneen kookzone verschijnt.
Om de functie te activeren of de tijd tewijzigen: tik op of van de timerom de tijd in te stellen (00 - 99 minuten). Als het lampje van de kookzone gaatknipperen, wordt de tijd afgeteld. Om de resterende tijd te zien: tik op om de kookzone in te stellen. Hetindicatielampje van de kookzone begintte knipperen. Op het display wordt deresterende tijd weergegeven. Om de functie te deactiveren: tik op om de kookzone in te stellen en tikvervolgens op. De resterende tijd teltterug tot 00. Het indicatielampje van dekookzone verdwijnt. Als de aftelling beëindigd is,klinkt er een geluidssignaalen knippert 00. De kookzonewordt uitgeschakeld. Om de functie te stoppen: tik op. • KookwekkerU kunt deze functie gebruiken wanneerde kookplaat is ingeschakeld maar dekookzones niet werken. De warmtestandop het display toont.
PauzeerDeze functie stelt alle kookzones in dieop de laagste warmte-instelling werken. Als de functie in gebruik is, kun je dekookstand niet wijzigen. De functie inschakelen: aanraken. gaat branden. Om de functie uit te schakelen: aanraken. De vorige kookstand gaatbranden. BlokkeringU kunt het bedieningspaneelvergrendelen terwijl de kookzones inwerking zijn. Hiermee wordt voorkomendat de kookstand per ongeluk wordtveranderd. Stel eerst de kookstand in. De functie inschakelen: raak aan. gaat gedurende 4 seconden aan. De functie uitschakelen: Raak aan. De vorige kookstand gaat aan. www. aeg. com20.
Als u de kookplaat uitzet,stopt u deze functie ook. KinderbeveiligingsinrichtingDeze functie voorkomt dat de kookplaatonbedoeld wordt gebruikt. Om de functie te activeren: activeer dekookplaat met. Stel geenwarmteinstelling in. Raak 4 secondenaan. gaat aan. Schakel de kookplaatuit met. Om de functie te deactiveren: activeerde kookplaat met. Stel geenwarmteinstelling in. Raak 4 secondenaan. gaat aan. Schakel de kookplaatuit met. OffSound Control (Degeluiden in- en uitschakelen)Schakel de kookplaat uit. Raak 3seconden aan. Het display gaat aan enuit. Raak 3 seconden aan. of gaat branden. Raak van de timer aanom één van het volgende te kiezen:• - de signalen zijn uit• - de signalen zijn aanOm uw keuze te bevestigen moet uwachten tot de kookplaat automatischuitschakelt.
Als de functie op staat, kunt u degeluiden alleen horen als:• u aanraakt• Kookwekker naar beneden komt• Timer met aftelfunctie naar benedenkomt• u iets op het bedieningspaneelplaatst. EnergiebeperkingAanvankelijk staat de kookplaat op zijnhoogste vermogensstand. Om het vermogensniveau te verlagenof verhogen:1. De kookplaat uitschakelen. 2. Gedurende 3 seconden aanraken. Het display gaat aan en weer uit. 3. Raak 3 seconden aan. of gaat branden. 4. Raak aan. P72 gaat branden. 5. Raak / van de timer aan om devermogensstand in te stellen. 6. Wacht totdat het display uitgaat. VermogensniveausZie het hoofdstuk 'Technische gegevens'. • P72 — Max. vermogen• P15 — 1500W• P20 — 2000W• P25 — 2500W• P30 — 3000W• P35 — 3500W• P40 — 4000W• P45 — 4500W• P50 — 5000W• P60 — 6000WLET OP. Zorg ervoor dat de gekozenstand past binnen dezekeringenkast van jethuisinstallatie.
Vermogensbeheer-functie• Kookzones zijn gegroepeerd volgensde locatie en het aantal fasen van dekookplaat. Zie de afbeelding. • Elke fase heeft een maximaleelektriciteitslading van 3600W. • De functie verdeelt het vermogentussen kookzones die zijnaangesloten op dezelfde fase.
• De functie wordt geactiveerd wanneerde totale elektriciteitslading van dekookzones die op een enkele fase zijnaangesloten hoger is dan 3600W. • De functie verlaagt het vermogennaar de andere kookzones die zijnaangesloten op dezelfde fase. • De weergave van de warmte-instellingvan de verlaagde zones wisselt aftussen de gekozen warmte-instellingen de verlaagde warmte-instelling. Naenige tijd blijft de weergave van dewarmte-instelling van de verlaagdezones op de verlaagde warmtestandstaan. NEDERLANDS 21.
AANWIJZINGEN EN TIPSWAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukkenVeiligheid.6.1 PannenElektrisch:Voor inductiekookzonescreëert een sterkelektromagnetisch veld dehitte in de pannen zeer snel.Gebruik de inductiekookzones metgeschikte pannen.• De bodem van de pannen moet zo diken vlak mogelijk zijn.• Zorg ervoor dat bodems schoon endroog zijn voordat de pannen op dekookplaat worden gezet.• Schuif of wrijf de pan niet over hetkeramische glas, om krassen tevoorkomen.Panmaterialen• goed: gietijzer, staal, geëmailleerdstaal, roestvrij staal, meerlaagsebodem (aangemerkt als geschikt doorde fabrikant).• niet goed: aluminium, koper,messing, glas, keramiek, porselein.Een pan is geschikt voor eeninductiekookplaat als:• water op de hoogste kookstandbinnen korte tijd wordt verwarmd,• een magneet op de onderkant van hetkookgerei plakt.Afmetingen van pannen• Inductiekookzones passen zich tot opzekere hoogte automatisch aan deafmetingen van pannen aan.• De efficiëntie van de kookzone hangtsamen met de diameter van de pan.Pannen met een diameter kleiner danhet minimum ontvangen slechts eendeel van het vermogen dat door dekookzone wordt gegenereerd.• Gebruik zowel om veiligheidsredenenals voor optimale kookresultaten geenpannen groter dan aangegeven in dekookzonespecificaties.
Zorg ervoordat pannen tijdens het koken nietdicht bij het bedieningspaneel blijven.Dit kan invloed hebben op de werkingvan het bedieningspaneel ofonbedoeld de kookplaatfunctiesactiveren.Raadpleeg de technischegegevens.LET OP!Gebruik geen gietijzerenpannen, aardewerk,grillaccessoires of grillplaten.www.aeg.com22
Gas:WAARSCHUWING!Plaats één pan niet op tweebranders.WAARSCHUWING!Zet geen instabiele ofbeschadigde pannen op debrander, om morsen enletsel te voorkomen.LET OP!Zorg ervoor dat dehandgrepen van pannenzich niet boven de voorrandvan de kookplaat bevinden.LET OP!Zorg dat de potten zich inhet midden van de branderbevinden, voor eenmaximum aan stabiliteit enlager gasverbruik.LET OP!Vloeistoffen die tijdens hetkoken worden gemorst,kunnen ertoe leiden dat hetglas breekt.6.2 Diameters van kookgereiLET OP!Gebruik kookgerei metdiameters geschikt voor degrootte van de branders.Brander Diameters vankookgerei(mm)Ultrasnel 180 - 260Semi-snel 160 - 2206.3 Öko Timer (Eco-timer)Om energie te besparen schakelt hetverwarmingselement van de kookzoneeerder uit dan het signaal van de timermet aftelfunctie klinkt.
Het verschil inwerkingstijd hangt af van het niveau vande kookstand en de tijd dat u kookt.6.4 De geluiden tijdens dewerking (voorinductiekookzones)Als u het volgende kunt horen:• kraakgeluid: kookgerei is gemaaktvan verschillende materialen(sandwichconstructie).• fluitend geluid: bij gebruik van eenkookzone met een hoge kookstand enals het kookgerei is gemaakt vanverschillende materialen (eensandwich-constructie).• zoemen: u gebruikt een hoogvermogensniveau.• klikken: er wordt elektrischgeschakeld.• sissen, zoemen: de ventilator werkt.De geluiden zijn normaal en wijzenniet op een storing in de kookplaat.6.5 Voorbeelden vankooktoepassingen (voorinductiekookzones)De relatie tussen de kookstand en hetverbruik van de kookzone is niet lineair.Wanneer je de kookstand verhoogt, is ditniet proportioneel met de toename instroomverbruik van de kookzone.
Warmte-in‐stellingGebruik om het volgende tedoen:Tijd(min)Tips - 1Warm voedsel warm houden. indiennodigPlaats een deksel op hetkookgerei.1 - 2 Hollandaisesaus, smelten: bo‐ter, chocolade, gelatine.5 - 25 Van tijd tot tijd mengen.1 - 2 Stollen: luchtige omeletten, ge‐bakken eieren.10 - 40 Kook met een deksel.2 - 3 Zachtjes aan de kook brengenvan rijst en gerechten op melk‐basis, reeds bereide gerechtenopwarmen.25 - 50 Voeg minimaal twee keer zo‐veel vloeistof toe als rijst,melkgerechten mengen.3 - 4 Stoom groenten, vis en vlees. 20 - 45 Voeg enkele eetlepels vloei‐stof toe.4 - 5 Stoom aardappelen. 20 - 60 Gebruik max.
correcte pan-/pottemperatuur, kokenvan water en opwarmen van olie...) voordat de echte kookfase wordt gestart met een ander/lager vermo‐gensniveau.2) Kook met een deksel erop.Alle recepten voor ongeveer vier porties.NEDERLANDS 25
De instellingen die in de kooktabel worden voorgesteld, dienen alleen alsrichtlijnen en moeten worden aangepast op basis van de rauwheid vanhet voedsel, het gewicht en de hoeveelheid ervan, alsook op basis vanhet type gas dat wordt gebruikt en het materiaal van het kookgerei datwordt gebruikt om het gerecht te bereiden. 7. ONDERHOUD EN REINIGINGWAARSCHUWING. Raadpleeg de hoofdstukkenVeiligheid. 7. 1 Algemene informatie• Reinig de kookplaat na elk gebruik. • Gebruik altijd kookgerei met eenschone bodem. • Krassen of donkere vlekken op hetoppervlak hebben geen invloed op dewerking van de kookplaat. • Gebruik een speciaal reinigingsmiddeldat geschikt is voor het oppervlak vande kookplaat. • Gebruik een speciale schraper voorhet glas. WAARSCHUWING.
Gebruik geen messen,schrapers of gelijksoortigehulpmiddelen om het glazenoppervlak of tussen deranden van de branders enhet frame schoon te maken(indien van toepassing). • Was de onderdelen van roestvrij staalmet water en droog ze vervolgens afmet een zachte doek. 7. 2 PandragersDe pandragers zijn nietvaatwasserbestendig. Dezemoeten met de hand wordenafgewassen. 1. Verwijder de pandragers om dekookplaat gemakkelijk te reinigen. Wees zeer voorzichtig bijhet vervangen van depannendragers omschade aan de kookplaatte voorkomen. 2. Zorg er na het reinigen van depandragers voor dat deze op dejuiste plaats zijn teruggezet. 3. Om de brander goed te laten werken,moet u ervoor zorgen dat de armenvan de pannendragers zijn die in deuitsparingen van de geëmailleerdeplaten is geplaatst. 7.
brandwonden te voorkomen. Gebruikde speciale schraper op de glazenplaat en verwijder resten door hetblad over het oppervlak te schuiven. • Verwijder wanneer de kookplaatvoldoende is afgekoeld: kalkringen,waterringen, vetvlekken, glanzendemetaalverkleuring. Reinig dekookplaat met een vochtige doek eneen beetje niet-schurendreinigingsmiddel. Droog de kookplaatna reiniging af met een zachte doek. • Verwijder glanzendemetaalverkleuring: reinig het glazenoppervlak met een doek en eenoplossing van water met azijn. • Was de geëmailleerde delen, dekselsen kronen met een warm sopje enlaat ze goed drogen alvorens ze terugte plaatsen. 7. 5 Reiniging van devlammenspreiderU kunt de vlammenspreidersin de afwasautomaatreinigen. WAARSCHUWING. Laat de vlammenspreidersafkoelen voordat u zeschoonmaakt. Licht vervuild:Was de vlammenspreider af met warmwater en zeep en droog het af met eenzachte doek.
Gemiddeld vervuild:Gebruik de afwasautomaat. Plaats devlammenspreider plat in het onderste rekmet de bovenkant omhoog. Zwaar vervuild:Was de vlammenspreider af met warmwater en zeep en was het daarna in deafwasautomaat. Was als devlammenspreider daarna nog steeds viesis de bovenkant van de vlammenspreideraf met een grillreiniger en doe devlammenspreider nog een keer in deafwasautomaat. Gebruik een tandenstoker om de gaatjesvan de vlammenspreider te reinigen. 7. 6 Reinigen van deontstekingsknopDit onderdeel is uitgerust met eenkeramische ontstekingsbougie met eenmetalen elektrode. Reinig dezeonderdelen altijd grondig, ommoeilijkheden bij het aansteken tevoorkomen, en controleer of debranderkroonopeningen niet verstoptzijn. 7. 7 Periodiek onderhoudRaadpleeg regelmatig uw lokaleserviceafdeling, om de staat van degastoevoerleiding en de drukregelaar(indien gemonteerd) te controleren. 8.
PROBLEEMOPLOSSINGWAARSCHUWING. Raadpleeg de hoofdstukkenVeiligheid. 8. 1 Wat moet u doen als. Probleem Mogelijke oorzaak OplossingU kunt de kookplaat niet in‐schakelen of bedienen.
Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing De zekering is doorgesla‐gen.Ga na of de zekering de oor‐zaak van de storing is. Alsde zekeringen keer op keerdoorslaan, neemt u contactop met een erkende installa‐teur. Schakel de kookplaat op‐nieuw in en stel de kook‐stand binnen 10 secondenin. U hebt 2 of meer sensorvel‐den tegelijk aangeraakt.Raak slechts één tiptoets te‐gelijk aan. Er ligt water of er zitten vet‐spatten op het bedienings‐paneel.Reinig het bedieningspa‐neel.Er klinkt een geluidssignaalen de kookplaat wordt uitge‐schakeld.Er klinkt een geluidssignaalals de kookplaat wordt uitge‐schakeld.U hebt een of meer tiptoet‐sen afgedekt.Verwijder het voorwerp vande tiptoetsen.De kookplaat schakelt uit.U hebt iets op de tiptoets geplaatst.Verwijder het object van detiptoets.De restwarmte-indicator gaatniet aan.
De zone is niet heet, omdathij slechts kortstondig is ge‐bruikt.Als de kookzone lang ge‐noeg in werking is geweestom heet te zijn, neemt ucontact op met de klanten‐service.De automatische opwarm‐functie start niet.De zone is heet. Laat de zone voldoende af‐koelen. De hoogste verwarmings‐stand is ingesteld.De hoogste kookstand heefthetzelfde vermogen als defunctie.De kookstand schakelt tus‐sen twee kookstanden.De Powerfunctie is in werk‐ing.Raadpleeg het hoofdstuk'Dagelijks gebruik'.De sensorvelden wordenwarm.Het kookgerei is te groot ofstaat te dicht bij het bedie‐ningspaneel.Plaats groter kookgerei opde achterste kookzones in‐dien nodig.Er klinkt geen signaal wan‐neer u de sensorvelden vanhet bedieningspaneel aan‐raakt.De signalen zijn uitgescha‐keld.Schakel de signalen in.Raadpleeg het hoofdstuk'Dagelijks gebruik'.www.aeg.com28
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met AEG HDB95623NB stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Fornuis AEG
Handleiding Fornuis
Nieuwste handleidingen voor Fornuis