AEG CKB64415BM Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van AEG CKB64415BM (32 pagina’s), behorend tot de categorie Fornuis. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 58 mensen en kreeg gemiddeld 4.1 sterren uit 2 reviews. Heb je een vraag over AEG CKB64415BM of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | AEG |
| Categorie: | Fornuis |
| Model: | CKB64415BM |
Handleiding AEG CKB64415BM – volledige tekst
Welkom bij AEG. Hartelijk dank dat je voor onze apparatuur hebtgekozen. Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, service- en reparatie-informatie:www. aeg. com/supportWijzigingen voorbehouden. INHOUDSOPGAVE1. VEILIGHEIDSINFORMATIE. 22. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN. 53. MONTAGE. 84. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT. 145. VOORAFGAAND AAN HET EERSTE GEBRUIK. 146. KOOKPLAAT - DAGELIJKS GEBRUIK. 157. KOOKPLAAT - AANWIJZINGEN EN TIPS. 178. KOOKPLAAT - ONDERHOUD EN REINIGING. 179. OVEN - DAGELIJKS GEBRUIK. 1810. OVEN - KLOKFUNCTIES. 1911. OVEN - GEBRUIK VAN DE ACCESSOIRES. 2112. OVEN - AANWIJZINGEN EN TIPS. 2113. OVEN - ONDERHOUD EN REINIGING. 2314. PROBLEEMOPLOSSING. 2615. ENERGIEZUINIGHEID. 2716. MILIEUBESCHERMING. 291. VEILIGHEIDSINFORMATIELees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatieen gebruik van het apparaat.
De fabrikant is nietverantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeituit de onjuiste installatie of het onjuiste gebruik. Bewaar deinstructies altijd op een veilige, toegankelijke plek voortoekomstig gebruik. 1. 1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare personen• Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaaren ouder en door mensen met een beperkt lichamelijk,zintuiglijk of verstandelijk vermogen of een gebrek aanervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan ofinstructies hebben gekregen over het veilig gebruiken van2 NEDERLANDS.
het apparaat en indien zij de gevaren begrijpen. Kinderenjonger dan 8 jaar en personen met zware en complexebeperkingen dienen altijd uit de buurt van het apparaat teworden gehouden, tenzij ze voortdurend onder toezichtstaan.• Houd toezicht op kinderen om te voorkomen dat zij met hetapparaat gaan spelen.• Houd alle verpakking uit de buurt van kinderen en gooi hetop passende wijze weg.• WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijkeonderdelen ervan worden heet tijdens het gebruik.
Houdkinderen en huisdieren uit de buurt van het apparaat tijdenshet gebruik en bij het afkoelen.• Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- enonderhoudswerkzaamheden aan het apparaat uitvoeren.1.2 Algemene veiligheid• Dit apparaat is uitsluitend bestemd om mee te koken.• Dit apparaat is bedoeld voor binnenshuis huishoudelijkgebruik.• Dit apparaat kan worden gebruikt in kantoren, hotelkamers,bed & breakfast-kamers, boerderijgasthuizen en anderesoortgelijke accommodaties waar dergelijk gebruik de(gemiddelde) huishoudelijke gebruiksniveaus nietoverschrijdt.• Alleen een erkende installatietechnicus mag het apparaaten de kabel vervangen.• Het apparaat kan worden gebruikt tot een maximum van2000 m boven zeeniveau.• Dit apparaat is niet bedoeld voor gebruik op schepen, botenof vaartuigen.• Installeer het apparaat ter voorkoming van oververhittingniet achter een decoratieve deur.• Installeer het apparaat niet op een platform.• Bedien het apparaat niet door middel van een externe timerof een apart afstandsbedieningssysteem.NEDERLANDS 3
• WAARSCHUWING: Onbewaakt koken op een kookplaatmet vet of olie kan gevaarlijk zijn en tot brand leiden.• Gebruik nooit water om het kookvuur te blussen. Schakelhet apparaat uit en bedek de vlammen met bijv. eenbranddeken of deksel.• LET OP: Het kookproces moet bewaakt worden. Een kortkookproces moet voortdurend bewaakt worden.• WAARSCHUWING: Brandgevaar: Bewaar geenvoorwerpen op de kookoppervlakken.• Gebruik geen stoomreiniger om het apparaat schoon temaken.• Gebruik nooit agressieve reinigingsmiddelen of scherpemetalen schrapers om de glazen deur of de glazenafdekplaat van de kookplaat schoon te maken.
Dezekunnen krassen veroorzaken op het oppervlak, waardoorhet glas zou kunnen breken.• Metalen voorwerpen, zoals messen, vorken, lepels endeksels mogen niet op het oppervlak van de kookplaatworden geplaatst, aangezien ze heet kunnen worden.• WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijkeonderdelen ervan worden heet tijdens het gebruik.
U dientte voorkomen de verwarmingselementen aan te raken.• Gebruik altijd ovenhandschoenen om accessoires ofovenschalen te verwijderen of erin te plaatsen.• Zet de stroomtoevoer uit alvorens onderhoud te plegen.• WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat het apparaat isuitgeschakeld voordat u de lamp vervangt om elektrischeschokken te voorkomen.• Als het netsnoer beschadigd is, moet de fabrikant, eenerkend servicecentrum of een gekwalificeerde persoondeze vervangen teneinde gevaarlijke situaties metelektriciteit te voorkomen.• Wees voorzichtig als je de opslaglade aanraakt. Deze kanheet worden.4 NEDERLANDS
• Om de inschuifrailen te verwijderen trek eerst de voorkantvan de inschuifrail en dan de achterkant uit de zijwanden. Plaats de inschuifrails in omgekeerde volgorde. • WAARSCHUWING: Gebruik alleen kookplaatbeschermersdie door de fabrikant van het kookapparaat zijn ontworpenof door de fabrikant van het apparaat in degebruiksinstructies als geschikt zijn aangegeven ofkookplaatbeschermers die in het apparaat zijngeïntegreerd. Het gebruik van ongeschiktekookplaatbeschermers kan ongelukken veroorzaken. 2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTENDit apparaat is geschikt voor de volgendemarkten: NL2. 1 InstallatieWAARSCHUWING. Alleen een erkende installatietechnicusmag dit apparaat installeren. • Verwijder alle verpakkingsmaterialen. • Installeer en gebruik geen beschadigdapparaat. • Volg de installatie-instructies die zijnmeegeleverd met het apparaat.
• Pas altijd op bij verplaatsing van hetapparaat, want het is zwaar. Gebruik altijdveiligheidshandschoenen en geslotenschoeisel. • Trek het apparaat nooit aan de handgreepvan zijn plaats. • De afmetingen van de keukenkast en deuitsparing moeten kloppen. • Houd de minimumafstand naar andereapparaten en units in acht. • Installeer het apparaat op een veilige engeschikte plaats die aan alle installatie-eisen voldoet. • Delen van het apparaat staan onderstroom. Sluit het apparaat met meubel omte voorkomen dat de gevaarlijke delenworden aangeraakt. • De zijkanten van het apparaat moetennaast apparaten of units staan vandezelfde hoogte. • Installeer het apparaat niet naast een deurof onder een raam. Dit voorkomt dat heetkookgerei van het apparaat valt als dedeur of het raam wordt geopend. • Installeer een stabilisator om tevoorkomen dat het apparaat kantelt. Raadpleeg het hoofdstuk Installatie.
• Dit apparaat moet worden aangesloten opeen geaard stopcontact. • Zorg ervoor dat de parameters op hetvermogensplaatje overeenkomen metelektrische vermogen van de netstroom. • Gebruik altijd een juist geïnstalleerdschokbestendig stopcontact. • Gebruik geen adapters met meerderestekkers en verlengkabels. • Laat de stroomkabel niet in aanrakingkomen met de deur van het apparaat of deniche onder het apparaat, met name nietals deze werkt of als de deur heet is. • De schokbescherming van delen onderstroom en geïsoleerde delen moet op zo'nmanier worden bevestigd dat het nietNEDERLANDS 5.
zonder gereedschap kan wordenverplaatst. • Steek de stekker pas in het stopcontactals de installatie is voltooid. Zorg ervoordat het netsnoer na installatie bereikbaaris. • Als het stopcontact los zit, mag u destekker niet in het stopcontact steken. • Trek niet aan het netsnoer om hetapparaat los te koppelen. Trek altijd aande stekker. • Gebruik enkel correcteisolatievoorzieningen:stroomonderbrekers, zekeringen(schroefzekeringen moeten uit de houderworden verwijderd), aardlekschakelaarsen contactgevers. • De elektrische installatie moet eenisolatieapparaat bevatten waardoor hetapparaat volledig van het lichtnetafgesloten kan worden. Hetisolatieapparaat moet een contactopeninghebben met een minimale breedte van 3mm. • Sluit de deur van het apparaat volledigvoordat u de stekker in het stopcontactsteekt. 2.
3 Gasaansluiting• Alle gasaansluitingen moeten door eengediplomeerd elektromonteur wordengemaakt. • Controleer vóór installatie of deplaatselijke distributieomstandigheden(gassoort en -druk) en de afstelling vanhet apparaat met elkaar te combinerenzijn. • Zorg ervoor dat er lucht in het apparaatcirculeert. • De informatie over de gastoevoer staat ophet typeplaatje. • Dit apparaat mag niet aangesloten wordenop een inrichting dat producten afvoertvoor verbranding. Sluit het apparaat aanvolgens de geldende installatieregels. Volg de vereisten voor voldoendeventilatie. 2. 4 GebruikWAARSCHUWING. Risico op letsel en brandwonden. Gevaar voor elektrische schokken. LET OP. Het gebruik van een gaskooktoestelresulteert in de productie van warmte,vocht en verbrandingsproducten in deruimte waarin het apparaat wordtgeïnstalleerd.
Ditis bijvoorbeeld het verhogen vanmechanische ventilatie waar aanwezig,extra ventilatie om deverbrandingsproducten veilig teverwijderen naar buitenlucht (externelucht), terwijl het ook ruimtelucht ververstmet extra ventilatie. Raadpleeg eenbevoegde persoon voordat je de extraventilatie installeert. • De specificatie van dit apparaat nietwijzigen. • Zorg ervoor dat de ventilatieopeningenniet geblokkeerd worden. • Laat het apparaat tijdens de werking nietonbeheerd achter. • Schakel het apparaat na elk gebruik uit. • Wees voorzichtig met het openen van dedeur van het apparaat wanneer hetapparaat in werking is. Er kan hete luchtvrijkomen. • Gebruik het apparaat niet met nattehanden of als het contact maakt metwater. • Gebruik het apparaat niet als werkblad ofals opslagoppervlak.
• Gebruik geen aluminiumfolie of anderematerialen tussen het kookoppervlak enhet kookgerei, tenzij anders aangegevendoor de fabrikant van dit apparaat. • Gebruik alleen accessoires die door defabrikant voor dit apparaat wordenaanbevolen. • Gebruik altijd glas en potten die zijngoedgekeurd voorconserveringsdoeleinden. 6 NEDERLANDS.
WAARSCHUWING. Risico op brand en explosie. • Wanneer ze verwarmd worden, kunnenvetten en oliën ontvlambare dampenafgeven. Houd open vuur of verwarmdevoorwerpen uit de buurt van vetten enoliën wanneer u ermee kookt. • De dampen die boven erg hete olieontstaan kunnen spontaan ontbranden. • Gebruikte olie, die voedselresten kanbevatten, kan ontbranden bij een lageretemperatuur dan olie die voor de eerstekeer wordt gebruikt. • Plaats geen ontvlambare producten ofartikelen die vochtig zijn met ontvlambareproducten in, bij of op het apparaat. • Laat geen vonken of open vlammen incontact met het apparaat komen wanneeru de deur opent. • Open de deur van het apparaatvoorzichtig. Het gebruik van ingrediëntenmet alcohol kan een mengsel van alcoholen lucht veroorzaken. WAARSCHUWING. Risico op schade aan het apparaat.
• Om schade of verkleuring van het email tevoorkomen:– plaats ovenschalen of anderevoorwerpen niet rechtstreeks op debodem van het apparaat. – leg geen aluminiumfolie op de bodemvan de ruimte in het apparaat. – plaats geen water direct in het heteapparaat. – bewaar geen vochtige gerechten envoedsel in het apparaat nadat u klaarbent met koken. – wees voorzichtig bij het verwijderen ofbevestigen van accessoires. • Verkleuring van het email of roestvrij staalis niet van invloed op de werking van hetapparaat. • Gebruik een diepe pan voor vochtigetaarten. Vruchtensappen veroorzakenvlekken die permanent kunnen zijn. • Laat geen heet kookgerei op hetbedieningspaneel staan. • Laat kookgerei niet droogkoken. • Zorg ervoor dat je geen voorwerpen ofkookgerei op het apparaat laat vallen. Hetoppervlak kan beschadigd raken. • Laat nooit een brander aan met leegkookgerei of zonder kookgerei.
• Kookgerei gemaakt van gietijzer,aluminium of met een beschadigde bodemkan krassen op het glas/glaskeramiekveroorzaken. Til deze voorwerpen altijd opals je ze op de kookplaat moetverplaatsen.
• Zorg voor een goede ventilatie in deruimte waar het apparaat is geïnstalleerd. • Gebruik alleen stabiel kookgerei met eenjuiste vorm en diameter die groter is dande afmetingen van de branders. • Controleer of de vlam niet dooft als je deknop snel van de maximale stand naar deminimale stand draait. • Plaats geen vlamverdeler op de brander. 2. 5 Reiniging en onderhoudWAARSCHUWING. Gevaar voor letsel, vuur of schade aanhet apparaat. • Schakel het apparaat voor onderhoud uit. Haal de netstekker uit het stopcontact. • Zorg ervoor dat het apparaat is afgekoeld. Er bestaat een risico dat de glasplatenkunnen breken. • Vervang direct de glazen deurpanelen alsdeze beschadigd zijn. Neem contact opmet een erkend servicecentrum. • Wees voorzichtig als u de deur van hetapparaat verwijdert. De deur is zwaar. • Vet en voedsel dat in het apparaatachterblijft, kan brand veroorzaken.
• Reinig het apparaat regelmatig om tevoorkomen dat het materiaal van hetoppervlak achteruitgaat. • Reinig het apparaat met een vochtigezachte doek. Gebruik alleen neutraleschoonmaakmiddelen. Gebruik geenschuurmiddelen, schuursponsjes,oplosmiddelen of metalen voorwerpen. • Volg als u een ovenspray gebruikt deaanwijzingen op de verpakking. • Reinig niet het katalytisch email (indienvan toepassing) met eenschoonmaakmiddel. NEDERLANDS 7.
Ze zijn niet bedoeld voorgebruik in andere toepassingen en zijnniet geschikt voor verlichting inhuishoudelijke ruimten.• Dit product bevat een lichtbron vanenergie-efficiëntieklasse G.• Gebruik alleen lampjes met dezelfdespecificaties.2.7 Service• Neem contact op met de erkendeservicedienst voor reparatie van hetapparaat.• Gebruik alleen originelereserveonderdelen.2.8 VerwijderingWAARSCHUWING!Gevaar voor letsel of verstikking.• Neem contact op met uw plaatselijkeoverheid voor informatie over het afvoerenvan het apparaat.• Haal de stekker uit het stopcontact.• Snijd het netsnoer vlak bij het apparaat afen gooi het weg.• Maak de externe gasleidingen plat.3. MONTAGEWAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.3.1 Locatie van het apparaatInstalleer het fornuis niet in de buurt vande gootsteen of in de buurt van de kastmet gootsteen.
BRANDER NORMAAL VER‐MOGEN kWVERLAAGDVERMOGENkWINJECTOR MARK1/100 mmNOMINALE GAS‐STROOM g/hSemi-snel 1.9 0.43 71 138Sudderbrander 0.95 0.35 50 693.8 Gasbranders voor LPG G31 30 mbarBRANDER NORMAALVERMOGENkWVERLAAGD VER‐MOGENkWINJECTORMARK 1/100mmNOMINALE GAS‐STROOM g/hMeervoudigekroon2.8 1.6 90x 200Semi-snel 1.6 0.38 71 114Sudderbrander 0.85 0.31 50 613.9 GasaansluitingWAARSCHUWING!De volgende instructies over deinstallatie en het onderhoud moetenopgevolgd worden door vakkundigpersoneel in overeenstemming met degeldende voorschriften.Gebruik vaste aansluitingen of een flexibeleleiding van roestvrij staal, inovereenstemming met de voorschriften dievan kracht zijn.
Als u flexibele metalenleidingen gebruikt, moet u opletten dat dezeniet in aanraking komen met bewegendeonderdelen, of dat ze niet vastgeklemdworden.De verbinding moet worden aangelegd inovereenstemming met NEN 1078.Controleer of de gastoevoerdruk van hetapparaat voldoet aan de aanbevolenwaarden. De verstelbare aansluitingwordt op de uitbreidingsbrug bevestigdmet behulp van een schroefdraadmoer G1/2" (NEN 3258). Schroef de onderdelenvast zonder kracht, stel de verbinding inde nodige richting af en draai alles vast.WAARSCHUWING!De gasleiding mag het deel van hetapparaat niet raken zoals getoond in deafbeelding.3.10 Aansluiting flexibele niet-metalen leidingenAls u gemakkelijk toegang hebt tot deverbinding, kunt u een flexibele leidinggebruiken. De flexibele leiding moet stevigworden bevestigd met klemmen.Gebruik bij de installatie altijd deleidinghouder en de pakking.
De flexibeleleiding kan worden aangebracht wanneer:• deze kan niet warmer worden dankamertemperatuur, hoger dan 30°C;• hij niet langer is dan 1500 mm;• hij nergens vernauwt;• hij niet gedraaid of vastgedraaid is;• hij niet in contact komt met scherperanden of hoeken;• de omstandigheden eenvoudig kunnenworden gecontroleerd.10 NEDERLANDS
Zorg er bij het controleren van de flexibeleleiding voor dat:• deze geen barsten, sneden, sporen vanverbranden op de twee uiteinden en overde volledige lengte vertoont;• het materiaal niet verhard is, maar decorrecte elasticiteit vertoont;• de bevestigingsklemmen niet verroest zijn.• de levensduur niet verlopen is.Als er een of meer defecten zichtbaar zijn,mag de leiding niet worden gerepareerd,maar moet deze worden vervangen.De gastoevoerhelling bevindt zich aan deachterkant van het bedieningspaneel.3.11 Aanpassing aan verschillendetypes gasAlleen bevoegde personen mogen deafstelling aan verschillende types gasuitvoeren.Als het apparaat is ingesteld vooraardgas, dan kunt u dit met de geschikteinjectors wijzigen naar vloeibaar gas.De hoeveelheid gas wordt aangepast.WAARSCHUWING!Voordat u de injectors vervangt, moet uervoor zorgen dat de gasknoppen zich inde UIT-stand bevinden.
Trek de stekkeruit het stopcontact. Laat het apparaatafkoelen. U kunt letsel oplopen.Het apparaat is ingesteld opstandaardgas. Om de instelling tewijzigen moet u altijd de afdichtpakkinggebruiken.A B CA. Uiteinde van as met moerB. PakkingC. Elleboog (indien nodig)3.12 Vervanging vankookplaatinjectorenVervang de inspuiters als je het gastypewijzigt.1. Verwijder de pansteunen.2. Verwijder de kappen en kronen van debrander.3. Verwijder de inspuiters met eendopsleutel 7.4. Vervang de inspuiters door de sproeiersdie nodig zijn voor het type gas dat jegebruikt.5. Vervang het typeplaatje (vlak bij degastoevoerleiding) door het nieuwe typegastoevoer. Je vindt deze plaat in de zak die bijhet apparaat geleverd is.Als de toevoergasdruk niet constant is ofanders is dan de benodigde druk, installeerdan een toepasselijke drukregelaar op degastoevoerleiding.NEDERLANDS 11
3.13 Aanpassen van de minimalegasstand op de fornuisbrander1. Haal de stekker uit het stopcontact.2. Verwijder de knop voor de kookplaat.Demonteer als de bypass-schroef niettoegankelijk is eerst het bedieningspaneelvoor de afstelling.3. Stel de stand van de bypass-schroef A afmet een dunne en platteschroevendraaier.Het model bepaalt de positie van debypass-schroef A.AAOmzetten van aardgas naar vloeibaargas1. Draai de bypass-schroef volledig vast.2. Doe de knop terug.Omzetten van vloeibaar gas naaraardgas1. Draai de stand van de bypass-schroef Aéén draai los.2. Plaats de knop voor de kookplaat terug.3. Sluit het apparaat aan op het stopcontact.WAARSCHUWING!Steek de stekker pas in hetstopcontact wanneer alle onderdelenterug op hun oorspronkelijke plaatszitten. U kunt letsel oplopen.4. Steek de brander aan.Raadpleeg het hoofdstuk 'Kookplaat -Dagelijks gebruik'.5.
Draai de knop voor de kookplaat naareen laagste stand.6. Verwijder de knop voor de kookplaatweer.7. Draai de bypass-schroef langzaam vasttot de vlam klein en stabiel wordt.8. Plaats de knop voor de kookplaat weerterug.3.14 Het apparaat waterpas zettenGebruik kleine pootjes aan de onderkant vanhet apparaat om het kookoppervlak aan debovenkant waterpas met andereoppervlakken te brengen.3.15 Anti-kantelbeschermingStel de juiste hoogte en ruimte voor hetapparaat in voordat je de anti-kantelbescherming bevestigt.LET OP!Zorg ervoor dat je de anti-kantelbescherming op de juiste hoogteinstalleert.Zorg ervoor dat het oppervlak achter hetapparaat glad is.Je moet de anti-kantelbescherminginstalleren.
Als je deze niet installeert, kan hetapparaat kantelen.Je apparaat heeft het symbool op deafbeelding (indien van toepassing) om ueraan te herinneren dat je de anti-kantelbescherming installeert.12 NEDERLANDS
1. Installeer de antikantelbescherming B -393 mm vanaf de bovenkant van hetapparaat en A - 82 mm vanaf de zijkantvan het apparaat in het ronde gat op eenbeugel. Schroef de beveiliging stevig insolide materiaal of gebruik geschikteversteviging (muur).AB2. Je vindt het gat aan de linkerkant aan deachterkant van het apparaat. Til devoorkant van het apparaat op en plaatshet in het midden van de ruimte tussende kasten.
Als de ruimte tussen deaanrechtkastjes groter is dan de breedtevan het apparaat, moet je de zijmetingaanpassen om het apparaat te centreren.Als je de afmetingen van het fornuis hebtgewijzigd, moet je de anti-kantelbeveiliging correct uitlijnen.LET OP!Als de ruimte tussen de aanrechtkastjesgroter is dan de breedte van hetapparaat, moet je de zijmetingenaanpassen aan het midden van hetapparaat.3.16 Elektrische installatieWAARSCHUWING!De fabrikant is niet verantwoordelijk als uzich niet houdt aan deveiligheidsvoorschriften in het hoofdstukVeiligheid.Dit apparaat wordt geleverd met een stekkeren een netsnoer.WAARSCHUWING!De stroomkabel mag het in de illustratiegearceerde onderdeel van het apparaatniet raken.NEDERLANDS 13
4. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT4.1 Algemeen overzicht1012341 3 45267891Knoppen voor de kookplaat2Elektronische tijdschakelklok3Temperatuurinstelknop4Temperatuurindicator/symbool5Ovenfunctieknop6Verwarmingselement7Lamp8Ventilator9Inschuifrails, verwijderbaar10Inzetniveaus4.2 Indeling kookoppervlak1 2 35 41Hulpbrander2Stoomuitlaat - aantal en positie verschiltper model3Semi-snelle brander4Semi-snelle brander5Multikroonbrander4.3 Accessoires• BakroosterVoor kookgerei, bak- en braadvormen.• BakplaatVoor gebak en koekjes.• Grill-/braadpanOm te bakken en braden of als pan om vetin op te vangen.• Optionele telescopische geleidersVoor platen en plateaus. Je kunt ze apartbestellen.• OpslagladeDe opslaglade bevindt zich onder deovenruimte.5. VOORAFGAAND AAN HET EERSTE GEBRUIKWAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.14 NEDERLANDS
5. 1 Eerste keer voorverwarmen enreinigenWarm het lege apparaat voor voordat u hetvoor de eerste keer gebruikt en voordat hetmet etenswaren in contact komt. Hetapparaat kan een onaangename geur enrook afgeven. Ventileer de kamer tijdens hetvoorverwarmen. 1. Haal alle accessoires en verwijderbareinschuifrails uit het apparaat. 2. Stel de functie in. Stel demaximumtemperatuur in. Laat hetapparaat 1 u werken. 3. Stel de functie. Stel demaximumtemperatuur in. De maximaletemperatuur voor deze functie is 210 °C. Laat het apparaat 15 uur werkenmin. 4. Stel de functie. Stel demaximumtemperatuur in. Laat hetapparaat 15 min werken. 5. Schakel het apparaat uit en wacht tot hetis afgekoeld. 6. Reinig het apparaat en de accessoiresuitsluitend met een microvezeldoek,warm water en een mild reinigingsmiddel. 7. Plaats de accessoires en deverwijderbare inschuifrails terug in hunoorspronkelijke positie. 5.
2 Tijd instellenU moet de tijd instellen voordat u de ovenbedient. Na aansluiting van het apparaat op hetstopcontact en na een stroomstoring knipperthet display automatisch. 1. Druk op de selectieknop. Het symbool timer actief gaat branden. 2. Druk op de of om de correcte tijd inte stellen. Na ongeveer 5 seconden stopt het knipperenen geeft de klok de ingestelde tijd van de dagweer. Activeer om de tijd te wijzigen het apparaaten druk op en tegelijkertijd of. Druk als de puntjes tussen de uren enminuten knipperen op of om de nieuwetijd in te stellen. 5. 3 De afdekking van destoomuitlaat installeren1. Plaats de haken van het deksel onder devoorrand van de stoomuitlaatgaten. 2. Duw de achterrand omlaag om deafdekking te vergrendelen. 6. KOOKPLAAT - DAGELIJKS GEBRUIKWAARSCHUWING. Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 6.
2. Houd de knop voor de kookplaatingedrukt gedurende 10 seconden ofminder om het thermokoppel voor teverwarmen. Als u dat niet doet, wordt degastoevoer onderbroken.3. Stel de vlam af zodra deze regelmatigbrandt.WAARSCHUWING!Houd de knop niet langer dan 15seconden ingedrukt. Als de brander na15 seconden nog niet brandt, de knoploslaten en minstens 1 minuut wachtenvoordat u opnieuw probeert de vlam teontsteken.Als de brander na enkele pogingen nietaan gaat, controleer dan of de kroon enhet branderdeksel goed op hun plaatszitten.Als er geen elektriciteit is kunt u debrander zonder de elektrischevoorziening aansteken. Breng een vlamdichtbij de brander, druk de bijbehorendeknop in en draai de knop naar demaximale stand.
7. KOOKPLAAT - AANWIJZINGEN EN TIPSWAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.7.1 PannenWAARSCHUWING!Plaats één pan niet op twee branders.WAARSCHUWING!Zet geen instabiele of beschadigdepannen op de brander, om morsen enletsel te voorkomen.LET OP!Zorg ervoor dat de handgrepen vanpannen zich niet boven de voorrand vande kookplaat bevinden.LET OP!Zorg dat de potten zich in het midden vande brander bevinden, voor een maximumaan stabiliteit en lager gasverbruik.WAARSCHUWING!Gebruik geen vaten met een rand- ofconvexe bodem op de kookplaat,aangezien er een hoog risico op kantelenbestaat.7.2 Diameters van kookgereiWAARSCHUWING!Gebruik kookgerei met diametersgeschikt voor de grootte van debranders.Brander Diameters van kook‐gerei (mm)Sudderbrander 120 - 180Semi-snel140 - 220/2401)Meervoudige kroon160 - 240/2601)1) Als er maar één pan op de kookplaat wordt gebruikt.8.
KOOKPLAAT - ONDERHOUD EN REINIGINGWAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.8.1 Algemene informatie• Reinig de kookplaat na elk gebruik.• Gebruik altijd kookgerei met een schonebodem.• Krassen of donkere vlekken op hetoppervlak hebben geen invloed op dewerking van de kookplaat.• Gebruik een specifiek schoonmaakmiddelvoor het oppervlak van de kookplaat.• Was roestvrijstalen onderdelen met wateren droog ze af met een zachte doek.8.2 Het kookplaat reinigen• Verwijder onmiddellijk: gesmoltenkunststof, plastic folie, zout, suiker ensuikerhoudend voedsel, anders kan ditschade aan de kookplaat veroorzaken.Doe voorzichtig om brandwonden tevoorkomen.• Verwijder dit als de kookplaatvoldoende afgekoeld is: kalkringen,waterringen, vetvlekken, glanzendeNEDERLANDS 17
metaalverkleuring. Reinig de kookplaatmet een vochtige doek en een beetje niet-schurend reinigingsmiddel. Veeg dekookplaat na het reinigen droog met eenzachte doek. • Was de geëmailleerde delen, deksels enkronen met een warm sopje en laat zegoed drogen alvorens ze terug teplaatsen. 8. 3 Reinigen van deontstekingsknopDit onderdeel is uitgerust met eenkeramische ontstekingsbougie met eenmetalen elektrode. Reinig deze onderdelenaltijd grondig, om moeilijkheden bij hetaansteken te voorkomen, en controleer of debranderkroonopeningen niet verstopt zijn. 8. 4 PandragersDe pandragers zijn nietvaatwasserbestendig. Deze moeten metde hand worden afgewassen. 1. Verwijder de pandragers om de kookplaatgemakkelijk te reinigen. Wees voorzichtig bij het terugzettenvan de pandragers om te voorkomendat de kookplaat beschadigd raakt. 2.
Zorg er na het reinigen van depandragers voor dat deze op de juisteplaats zijn teruggezet. 3. Om de brander goed te laten werken,moet u ervoor zorgen dat de armen vande pannendragers zijn uitgelijnd met hetmidden van de brander. 8. 5 Periodiek onderhoudRaadpleeg regelmatig uw lokaleserviceafdeling, om de staat van degastoevoerleiding en de drukregelaar (indiengemonteerd) te controleren. 9. OVEN - DAGELIJKS GEBRUIKWAARSCHUWING. Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid. 9. 1 Het in- en uitschakelen van deoven1. Draai de functieknop van de oven naareen ovenfunctie. 2. Draai aan de knop voor de temperatuurom de temperatuur te selecteren. Het lampje gaat aan wanneer de oven inwerking is. Voor de functies zonder verwarming ishet niet nodig om de temperatuur in testellen. 3. Om de oven uit te schakelen, draai je deknoppen voor de ovenfuncties entemperatuur naar de uit-stand. 9.
OnderwarmteVoor het bakken van taarten met een krokantebodem en het bewaren van voedsel.Warme LuchtVoor het roosteren of bakken van gerechtenwaarvoor dezelfde bereidingstemperatuur nodigis, op meerdere roosterhoogten, zonder dat ersmaken worden overgebracht van het ene naarhet andere gerecht.HeteluchtOm te bakken op maximaal twee bakpositiestegelijk en om voedsel te drogen. Stel de tem‐peratuur 20 - 40 °C lager in dan voor .Boven +onderwarmteWarmelucht (vochtig)Deze functie werd gebruikt om te voldoen aande eisen van de energie-efficiëntieklasse en hetecologisch ontwerp (volgens EU 65/2014 enEU 66/2014).
Testen in overeenstemming met:IEC/EN 60350-1.De ovendeur dient tijdens de bereiding geslotente zijn zodat de functie niet wordt onderbrokenen om ervoor te zorgen dat de oven werkt opde hoogst mogelijke energie-efficiëntie.Bij het gebruik van deze functie kan de tempe‐ratuur in de ruimte verschillen van de ingestel‐de temperatuur. Het verwarmingsvermogen kanworden verminderd. Zie voor algemene aanbe‐velingen voor energiebesparing het hoofdstuk‘Energie-efficiëntie’, Energiebesparing.Deze functie is ontworpen om tijdens de berei‐ding energie te besparen. Zie het hoofdstuk'Hints and tips’, Warmelucht (vochtig) voor be‐reidingsinstructies.CirculatiegrillVoor het braden van grotere stukken vlees ofgevogelte met bot op één niveau. Voor gratine‐ren en bruinen.Pizza-functieVoor het bakken van voedsel op één niveauvoor een intensievere bruining en een krokantebodem.OntdooienOm voedsel te ontdooien.
10.2 KnoppenToets functie BeschrijvingMIN Om de tijd in te stellen.KLOK Om een klokfunctie in te stellen.PLUS Om de tijd in te stellen.10.3 Tabel klokfunctiesKlokfunctie Toepassing0:00. DAGTIJD Om de dagtijd in te stellen, te wijzigen of te controle‐ren.dur DUUR Instellen hoelang het apparaat in werking is (1 min. -10 uur).KOOKWEKKER Om de afteltijd in te stellen (1 min - 23 uur 59 min).Deze functie heeft geen invloed op de werking vanhet apparaat.10.4 De BEREIDINGSDUUR instellen1. Stel een ovenfunctie en de temperatuurin.2. Druk herhaaldelijk op totdat dur begintte knipperen.3. Druk op of om de tijd voor deBEREIDINGSDUUR in te stellen.Het display toont dur en symbool A.4. Wanneer de tijd is verlopen, knippert duren weerklinkt er gedurende 7 minuteneen geluidssignaal. Het apparaat wordtautomatisch uitgeschakeld.5. Druk op een willekeurige toets om hetgeluidsignaal uit te zetten.6.
Draai de knop voor de ovenfuncties en deknop voor de temperatuur naar deuitstand.10.5 De KOOKWEKKER instellen1. Blijf op drukken totdat begint teknipperen.2. Druk op of om de gewenste tijd inte stellen.3. Wanneer de ingestelde tijd is verlopen,weerklinkt er gedurende 7 minuten eengeluidssignaal. Druk op een willekeurigetoets om het geluidsignaal uit te zetten.10.6 De klokfuncties annuleren1. Blijf op drukken tot het symbool voorde benodigde ovenfunctie knippert.2. Houd de knoppen en tegelijkertijdingedrukt.De klokfunctie gaat na een paar secondenuit.10.7 Het geluidssignaal wijzigen1. Houd om het huidige geluidssignaal tehoren de toets ingedrukt.2. Druk herhaaldelijk op om het signaalte veranderen.3. Laat de knop los.Het laatste geluid dat u instelt is het nieuwegeluid.4.
Wacht 5 seconden tot de instellingautomatisch wordt bevestigd.Als het apparaat uit het stopcontact wordtgetrokken of na een stroomstoring is hetgeluidssignaal weer ingesteld op hetstandaardgeluid.20 NEDERLANDS
11. OVEN - GEBRUIK VAN DE ACCESSOIRESWAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.11.1 Accessoires plaatsenBakplaat:Duw de bakplaat of diepe pan niethelemaal naar de achterwand van deovenruimte. Dit voorkomt dat de warmterond de bak circuleert. Het voedsel kanverbrand worden, vooral in het achterstedeel van de bakplaat.Plaats de bakplaat of braadpan tussen degeleidestangen van de inschuifrails. Zorgervoor dat het de achterwand van de ovenniet raakt.Bakrooster:Plaats het rooster tussen de geleidestangenvan de inschuifrail.12. OVEN - AANWIJZINGEN EN TIPSWAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
OVEN - ONDERHOUD EN REINIGINGWAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.13.1 Opmerkingen over de reinigingMaak de voorkant van de oven schoon meteen zachte doek, warm water en een mildreinigingsmiddel.Gebruik voor metalen oppervlakken eenspecifiek reinigingsmiddel.Reinig de binnenkant van de oven na elkgebruik. Vetaccumulatie of anderevoedselresten kunnen brand veroorzaken.Het risico is hoger voor de grillpan.Maak alle accessoires na elk gebruik schoonen laat ze drogen. Gebruik een zachte doekmet een warm sopje en een reinigingsmiddel.NEDERLANDS 23
De accessoires niet in de afwasmachinereinigen..Verwijder hardnekkige vlekken met eenspeciale ovenreiniger.Reinig de antiaanbakaccessoires niet metagressieve reinigingsmiddelen of voorwerpenmet scherpe randen.13.2 Ovens van roestvrij staal ofaluminiumMaak de ovendeur alleen met een vochtigedoek of natte spons schoon. Droog makenmet een zachte doek.Vermijd het gebruik van staalwol, zure ofschurende producten, deze kunnen deoppervlakken van de oven beschadigen.Maak het bedieningspaneel van de oven netzo voorzichtig schoon13.3 De inschuifrailsAls u de binnenkant van de oven wiltreinigen, verwijdert u de inschuifrails.LET OP!Wees voorzichtig bij het verwijderen vande inschuifrails.1. Trek de inschuifrail bij de voorkant uit dezijwand.2.
Trek de inschuifrail bij de achterkant uitde zijwand en verwijder deze.21Installeer de verwijderde accessoires in deomgekeerde volgorde.13.4 De ovendeur reinigenDe ovendeur heeft twee glasplaten. U kunt deovendeur en de interne glasplaat verwijderenom het schoon te maken.De ovendeur kan dichtslaan als je deinterne glasplaat probeert te verwijderenals de deur nog gemonteerd is.LET OP!Gebruik het apparaat niet zonder deinterne glasplaat.1. Open de deur volledig en houd beidescharnieren vast.2. Til de hendel op beide scharnierenvolledig omhoog en draai het.24 NEDERLANDS
3. Sluit de ovendeur halverwege deopeningsstand. Til hem daarna op en trekhem naar voren en verwijder hem van zijnplek.4. Plaats de deur op een zachte doek opeen stabiel oppervlak.5. Maak het vergrendelingssysteem los omde interne glasplaat te verwijderen.6. Draai de bevestigingen 90° en verwijderze uit hun zittingen.90°7. Til eerst voorzichtig op en verwijdervervolgens de glasplaat.128. Reinig de glasplaten met een sopje.Droog de glasplaten voorzichtig af. Reinigde glasplaten niet in de vaatwasser.Als de reiniging voltooid is, plaats je deglasplaat en de ovendeur terug. Voer debovenstaande stappen uit in omgekeerdevolgorde.Zorg ervoor dat je de interne glasplaat correctin de zittingen plaatst.NEDERLANDS 25
Vervang de lamp door een geschikte 300°C hittebestendige lamp.4. Installeer het glazen deksel.14. PROBLEEMOPLOSSINGWAARSCHUWING!Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.14.1 Wat te doen als...Probleem Mogelijke oorzaak OplossingEr is geen vonk als je probeert devonkontsteking te activeren.De kookplaat is niet aangesloten opeen stopcontact of niet goed geïn‐stalleerd.Controleer of de kookplaat goedaangesloten is op het lichtnet.Raadpleeg het aansluitdiagram. De zekering is doorgeslagen. Verzeker je ervan dat de zekeringde oorzaak van de storing is. Als dezekeringen keer op keer doorslaan,neem je contact op met een erken‐de installateur. De deksel en kroon van de branderzijn niet goed geplaatst.Plaats het branderdeksel en dekroon op de juiste manier.26 NEDERLANDS
Probleem Mogelijke oorzaak OplossingDe vlam dooft onmiddellijk na deontsteking. Het thermokoppel is niet voldoendeopgewarmd. Na het ontsteken van de vlam, devlamontsteking circa 10 sec. inge‐drukt houden. De vlamring is ongelijkmatig. De branderkroon is verstopt metvoedselresten. Controleer of dat de injector niet ge‐blokkeerd is en dat de branderkroonschoon is. De branders werken niet. Er is geen gastoevoer. Controleer de gasaansluiting. De vlamkleur is oranje of geel. De vlam kan er oranje of geel uit‐zien op sommige plaatsen van debrander. Dit is normaal. De oven wordt niet warm. De oven is uitgeschakeld. Schakel de oven in. De benodigde instellingen zijn nietingesteld. Controleer of de instellingen correctzijn. De klok is niet ingesteld. Stel de klok in. De lamp werkt niet. De lamp is defect. Vervang de lamp. Er slaat stoom en condens neer ophet voedsel en in de ovenruimte.
Je hebt het gerecht te lang in deoven achtergelaten. Laat de gerechten na afloop van hetkookproces niet langer dan 15 - 20minuten in de oven staan. Het bereiden van gerechten gaat telangzaam of te snel. De temperatuur is te laag of tehoog. Pas de temperatuur zo nodig aan. Volg het advies in de gebruikers‐handleiding. Op het ovendisplay verschijnt'00:00' en "LED". Er was een stroomstoring. Stel de klok opnieuw in. 14. 2 Service-informatieAls je niet zelf het probleem kunt verhelpen,neem dan contact op met je verkoper of eenerkende serviceafdeling. De contactgegevens van de servicedienststaan op het typeplaatje. Het typeplaatjebevindt zich op het voorframe van deapparaatruimte. Verwijder het typeplaatje nietuit de apparaatruimte. Wij raden je aan om de gegevens hier te no‐teren:Model (MOD. ). Productnummer (PNC). Serienummer (S. N. ). 15. ENERGIEZUINIGHEID15.
Energetisch rende‐ment per gasbran‐der (EE gas bur‐ner)Linkssachter - Hulp niet van toepassing %Rechtsmidden - Semi-snel 55.0 %Rechtsvoor - Semi-snel 55.0 %Linksvoor - Meervoudige kroonbrander 57.0 %Energetisch rendement voor het gasfornuis (EE gas hob) 55.7 %EN 30-2-1: Huishoudelijke kooktoestellen die gas verbranden - Deel 2-1 : Verstandig gebruik van energie - Alge‐meen.15.2 Kookplaat - EnergiebesparendJe kunt energie besparen tijdens het dagelijkskoken als je de onderstaande aanwijzingenvolgt.• Gebruik bij het opwarmen van wateralleen de hoeveelheid die je nodig hebt.• Plaats, indien mogelijk, altijd de dekselsop het kookgerei.• Controleer, voordat je de branders enpannendragers gebruikt, of deze correctzijn bevestigd.• De bodem van het kookgerei moet dejuiste diameter hebben voor de groottevan de brander.• Plaats het kookgerei direct boven debrander en in het midden ervan.• Zet het vuur zachter waneer de vloeistofbegint te koken om de vloeistof heel zachtte laten sudderen.• Gebruik indien mogelijk een snelkookpan.Raadpleeg de gebruikershandleiding.15.3 Productinformatie en productinformatieblad volgens de EU-voorschriften voor ecologisch ontwerp en energie-etikettering voor ovensNaam leverancier AEGModelnummer CKB64415BM 943005653Energie-efficiëntie-index 94.9Energie-efficiëntieklasse AEnergieverbruik met een standaard belading, conventionele modus 0,84 kWh/cyclusEnergieverbruik met een standaard belasting, heteluchtmodus 0,75 kWh/cyclusAantal holtes 1Warmtebron ElektriciteitVolume 57 lSoort oven Oven in vrijstaand fornuisMassa 42.0 kgIEC/EN 60350-1 - Huishoudelijke elektrische kooktoestellen - Deel 1: Fornuizen, ovens, stoomovens en grills -Methoden voor het meten van prestaties.15.4 Oven - EnergiebesparingDe onderstaande tips helpen u energie tebesparen bij het gebruik van uw apparaat.Zorg ervoor dat de deur van het apparaatgesloten is als het apparaat in werking is.Open de deur van het apparaat niet te vaak28 NEDERLANDS
tijdens het koken. Houd het deurrubberschoon en zorg ervoor dat het goed op zijnplaats vastzit.Gebruik metalen kookgerei en donkere, niet-reflecterende blikken en containers omenergie te besparenVerwarm het apparaat niet voor voordat ugaat koken, tenzij specifiek aanbevolen.Houd onderbrekingen tussen het bakken zokort mogelijk als je een aantal gerechtentegelijkertijd bereidt.Koken met hete luchtGebruik indien mogelijk de bereidingsfunctiesmet hete lucht om energie te besparen.RestwarmteWanneer de kookduur langer is dan 30minuten, verlaag dan de oventemperatuur totminimaal 3-10 minuten voor het einde van hetkoken.
De restwarmte binnen in het apparaatzal blijven koken.Gebruik de restwarmte om het voedsel warmte houden of andere gerechten op te warmen.Eten warm houdenKies de laagst mogelijketemperatuurinstelling om de restwarmte tegebruiken en het voedsel warm te houden.Warmelucht (vochtig)Functie is ontworpen om tijdens de bereidingenergie te besparen. Raadpleeg voor meerinformatie het hoofdstuk "Apparatuur -Dagelijks gebruik", de functies van hetapparaat.15.5 Productinformatie voor stroomverbruik en maximale tijd om detoepasselijke modus voor laag vermogen te bereikenStroomverbruik in stand-by 0.8 WDe maximale tijd die de apparatuur nodig heeft om automatisch de toepasselijke modus voor laagvermogen te bereiken20 min16.
MILIEUBESCHERMINGRecycleer de materialen met het symbool .Gooi de verpakking in een geschikteafvalcontainer om het te recycleren.Bescherm het milieu en de volksgezondheiden recycleer op een correcte manier het afvalvan elektrische en elektronische apparaten.Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool niet weg met het huishoudelijk afval.Breng het product naar het milieustation bij uin de buurt of neem contact op met degemeente.Electrolux Appliances AB - Contact Address:Al. Powstancow Slaskich 26, 30-570 Krakow,PolandNEDERLANDS 29*
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met AEG CKB64415BM stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Fornuis AEG
Handleiding Fornuis
Nieuwste handleidingen voor Fornuis