ACV HEATMASTER 70 TC Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van ACV HEATMASTER 70 TC (68 pagina’s), behorend tot de categorie Verwarmingsketel. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 18 mensen en kreeg gemiddeld 5.0 sterren uit 7 reviews. Heb je een vraag over ACV HEATMASTER 70 TC of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | ACV |
| Categorie: | Verwarmingsketel |
| Model: | HEATMASTER 70 TC |
Handleiding ACV HEATMASTER 70 TC – volledige tekst
nl3NLINHOUDSTAFEL664Y5500 • DOPSTARTEN. 49Veiligheidsvoorschriften. 49Benodigd gereedschap voor het opstarten. 49Controles vóór het opstarten. 49Het vullen. 50Opstarten van de ketel. 51Controle en afstelling van de brander. 52ONDERHOUD. 53Veiligheidsvoorschriften voor het onderhoud van de ketel. 53Benodigd gereedschap voor het onderhoud. 54Uitschakeling van de ketel voor het onderhoud. 54Tabel met de periodieke onderhoudstaken. 55Demontage, controle en terugplaatsing van de elektrode van de brander. 56Demontage en terugplaatsing van de brander. 57Reiniging van de warmtewisselaar. 58Demontage en reiniging van de recuperatiebak voor condenswater. 59Het ledigen van de ketel. 60Opnieuw in bedrijf stellen na onderhoud. 61In geval van problemen. 62VERKLARING VAN OVEREENSTEMMING CE. 63VERKLARING VAN OVEREENSTEMMING K. B. 17/7/2009 BE.
OPMERKINGDeze handleiding bevat belangrijke en noodzakelijke informatie met betrekking tot het installeren, opstarten en onderhouden van de ketel.Deze handleiding dient bezorgd te worden aan de gebruiker, die ze zorgvuldig zal opbergen.Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor schade die voortvloeit uit het niet naleven van de voorschriften die vermeld zijn in deze technische handleiding.Belangrijke instructies voor de veiligheid• Er mogen geen veranderingen worden aangebracht aan het toestel zonder de voorafgaande schriftelijke goedkeuring van de fabrikant.• De installatie dient te worden uitgevoerd door een erkende technicus in overeenstemming met de geldende locale normen en voorschriften.• Het toestel moet in overeenstemming met de instructies in deze handleiding, met de codes en normen die gelden geïnstalleerd worden.
• De niet-naleving van de instructies in deze handleiding kan leiden tot ernstige letsels of milieuverontreiniging.• De fabrikant kan nooit aansprakelijk worden gesteld voor schade die het gevolg is van fouten bij de installatie of het gebruik van apparaten of accessoires die niet door de fabrikant zijn goedgekeurd.Belangrijke instructies voor een correcte werking van de installatie• Om een goede werking van het toestel te garanderen, dient het jaarlijks te worden nagekeken en onderhouden door een erkende installateur of onderhoudsfirma.• Waarschuw bij een storing uw installateur.• Defecte onderdelen mogen enkel worden vervangen door originele fabrieksonderdelen.NLnl4664Y5500 • DALGEMENE AANBEVELINGEN
Wanneer u een gasgeur waarneemt: - Sluit onmiddellijk de gastoevoer af. - Verlucht de ruimte door de deuren en ramen open te zetten. - Gebruik geen elektrische toestellen en druk niet op schakelaars.
- Waarschuw onmiddellijk de gasleverancier en/of de installateur.nl5NL664Y5500 • DGEBRUIKERSHANDLEIDINGVOORSCHRIFTEN VOOR DE GEBRUIKERBelangrijke instructies voor de veiligheid• Bewaar geen ontvlambare of corrosieve producten zoals verven, oplosmiddelen, zouten, chloorhoudende producten of andere reinigingsproducten in de nabijheid van het toestel.• Dit toestel is niet bedoeld voor gebruik door personen (inclusief kinderen) met beperkte fysieke, zintuiglijke of geestelijke vermogens, of gebrek aan ervaring of kennis, tenzij ze zijn begeleid door een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid, toezicht houdt of die voorafgaande instructies geeft voor het gebruik van het toestel.REGELMATIGE CONTROLESBelangrijke instructies voor een correcte werking van de installatie• Controleer regelmatig of de waterdruk in het systeem ten minste 1 bar is (koud).
• Indien het noodzakelijk is om het systeem te vullen om de aanbevolen minimale waterdruk te handhaven, voeg koud water enkel toe in kleine hoeveelheden. Toevoegen van een grote hoeveelheid koud water in een hete ketel kan leiden tot permanente beschadiging van het toestel.• Indien het noodzakelijk is om het systeem vaak te vullen, verwittig uw installateur.• Controleer het onderste gedeelte van de ketel regelmatig op de afwezigheid van water. Bij aanwezigheid van water dient u uw installateur te verwittigen.Algemene opmerkingen• De instellingen van de ketel mogen alleen gecontroleerd worden door een installateur die opgeleid is door ACV of door de onderhoudsdienst van ACV.
bar21O3425413NLnl6GEBRUIKERSHANDLEIDING664Y5500 • DBEDIENINGSBORDAls de ketel onder spanning gezet wordt, start de ketel in de stand-by modus en wordt dan gedurende 2 seconden weergegeven voordat de status van de brander verschijnt. Legende:1. Hoofdschakelaar aan/uit van de ketel - Het ingebouwde controlelampje licht op wanneer het toestel in werking is.2. Zomer-winterschakelaar - om de verwarmingscirculatie pomp aan en uit te schakelen. Het ingebouwde controlelampje licht op in de wintermodus.3. Manometer- - geeft de druk van de ketel in de primaire kring aan (min 1 bar - koud).4. Voorgeknipt - voor een optionele regelaar Control Unit5.
Gebruikersinterface van de MCBA-regelaar – om de werkingsparameters van de ketel in te stellen, en in het bijzonder om de gewenste temperatuur voor het sanitair warm water (SWW) en de centrale verwarming (CV) te bepalen en de sanitaire modus en centrale verwarmingsmodus in en uit te schakelen.• Display: geeft de waarde van de parameters, de storingscodes en de ingestelde toestand van de parameters weer.• Toets " Reset " : om de fabrieksinstellingen van het toestel te herstellen.• Toets "Mode" : om van modus te veranderen voor de instelling van verschillende parameters.• Toets "Step" : om tussen de verschillende functies van een modus te navigeren.• Toets "Store" : om de ingestelde waarden op te slaan.• Toets "+" : om de weergegeven waarde te vergroten.• Toets"-" : om de weergegeven waarde te verkleinen.
bar21O345nl7NLGEBRUIKERSHANDLEIDING664Y5500 • DVoor meer informatie over het gebruik van de MCBA en de voor de installateur bestemde instellingen, zie de handleiding "Instellingen en parameters" van het toestel.Algemene opmerkingen• De gebruiker kan de instellingen op de volgende pagina’s zelf uitvoeren. Alle andere instellingen dienen door een erkend installateur uitgevoerd te worden.• Indien er zich een storing voordoet, schakelt deze MCBA het toestel uit en geeft het een storingscode weer: het scherm knippert en het eerste teken is een « E » gevolgd door de storingscode. - Om de fabrieksinstellingen van het toestel te herstellen, druk op de toets « RESET » van de MCBA.
- Indien de storingscode opnieuw verschijnt, neemt u best contact op met uw installateur.INSTELLEN VAN DE PARAMETERSDe gebruiker kan alle voor hem noodzakelijke instellingen uitvoeren, namelijk de sanitaire functie/verwarmingsfunctie activeren/uitschakelen en de gewenste temperatuur voor de sanitaire kring/verwarmingskring invoeren. Door een specieke servicecode in te voeren in het toestel hebben erkende installateurs toegang tot bepaalde parameters van de ketel, waarmee ze de ketel optimaal op specieke wensen kunnen afstemmen. Deze parameters zijn in principe voorgeprogrammeerd voor alle normale toepassingen.
NLnl8GEBRUIKERSHANDLEIDING664Y5500 • D →De gewenste sanitaire temperatuur instellenSanitaire modus : als deze modus wordt geactiveerd via de MCBA, kan de gewenste temperatuur voor het sanitair warm water van de boiler ingesteld worden. De maximaal toelaatbare temperatuur voor het sanitair warm water is gelijk aan 75 °C. →De sanitaire modus activeren of uitschakelen 2X1 XModeStepXModeStore1 X1 XStandbymodeStand by modeON2 X1XModeStep2 XModeStore StandbymodeOFF2 Stand by mode1 X1 XModeStep2 XModeStore1 XStandbymode1 X1 XModeStep2 XModeStore1 XStandbymode+Stand by modeStand by mode
nl9NLGEBRUIKERSHANDLEIDING664Y5500 • D →De gewenste CV temperatuur instellen Modus centrale verwarming : als deze modus wordt geactiveerd via de MCBA, kan de gewenste temperatuur voor het water van de primaire kring van de verwarming ingesteld worden. De maximaal toelaatbare temperatuur voor het sanitair warm water is gelijk aan 90°C. →De modus centrale verwarming activeren of uitschakelen3 X1 XModeStep2 XModeStore1 XStandbymode3 X1 XModeStep2 XModeStore1 XStandbymodeONOFFStand by modeStand by mode4 X1 XModeStep2 XModeStore1 XStandbymode4 X1 XModeStep2 XModeStore1 XStandbymode+Stand by modeStand by mode
NLnl10 664Y5500 • DBESCHRIJVING VAN HET TOESTELDe HeatMaster® TC combineert het unieke "Tank-in-Tank" concept van ACV met een dubbele primaire kring om de uitzonderlijke prestaties van een dubbele service verwarmingsketel met TOTALE CONDENSATIE te bekomen. De modellen HeatMaster® TC worden altijd geleverd met een brander met voormenging gas/lucht ACV BG 2000-M, met lage NOx-productie. Tijdens de werking schakelt de brander automatisch aan zodra de temperatuur van de ketel onder het ingestelde niveau daalt, en schakelt hij zichzelf uit zodra die waarde is bereikt. De ketel wordt geleverd met een ingebouwde waterdrukschakelaar, die het toestel blokkeert indien de druk van de verwarmingskring te laag is (min 1 bar).
Indien de druk onder de 0,5 bar daalt zal de waterdrukschakelaar het toestel blokkeren tot de druk van het systeem opnieuw hoger ligt dan 0,8 bar De ketel HeatMaster® TC wordt geleverd met een geïntegreerde vorstbeveiliging: wanneer de keteltemperatuur [voeler NTC1] zakt onder de 7°C gaat de pomp van de centrale verwarming aan. Wanneer de temperatuur bij het begin zakt onder de 3°C, zal de brander starten en aanblijven tot de temperatuur oploopt tot boven de 10°C. De pomp blijft gedurende een 10-tal minuten draaien. Wanneer een externe temperatuursvoeler verbonden is, wordt de pomp geactiveerd zodra de externe temperatuur daalt onder de ingestelde waarde. De verwarmingsketel kan de installatie enkel tegen vorst beschermen wanneer alle kleppen van de radiatoren of de convectoren volledig openstaan. Onderdelen1.
Indirecte voorverwarmer van water9. Retour verwarmingskring10. Ingang koud sanitair water11. Scheidingsschijf van de primaire kring12. Gasaansluiting13. Brander met voormenging van LUCHT/GAS14. Ontluchter15. Bedieningsbord16. Verwarmingskring17. Elektronische kaart18. Expansievat primaire kring (HM 70 - 85 - 120 TC)19. Isolatie uit hard geëxpandeerd polyurethaanschuim20. Voedingspomp van de verwarmingsketel (recirculatie leiding)21a. Veiligheidsklep (3 bar) (HM TC met conventionele voedingspomp) 21b. Aansluiting + veiligheidsklep (3bar) te installeren (HM TC met hoogrendement voedingspomp)Afhankelijk van het model, worden de HeatMaster® uitgerust met een hoogrendement voedingspomp of met een conventionele voedingspomp.
NLnl12BESCHRIJVING VAN HET TOESTEL664Y5500 • DBESCHRIJVING VAN DE BRANDERBrander met voormenging GAS/LUCHT - ACV BG 2000-MOnderdelen van de brander:- ventilator met variabele snelheid- automatisch ontstekings- en vlamdetectiesysteem - speciaal ontwikkeld gasklep-venturisysteem voor branders met voormenging van lucht/gas met een laag Nox-gehalteHet brandervermogen wordt continu aan de vraag aangepast, wat aanzienlijk bijdraagt tot de verbetering van het globale rendement van de verwarmings- en sanitaire installatie. De branderstaaf is bekleed met metaalvezels (NIT) die warmte kunnen uitwisselen en bovendien garant staan voor een langere levensduur. Dankzij deze regelaar wordt de gasdruk aan de uitgang van de gasklep, gecorrigeerd met de instelwaarde van de oset, gelijk gehouden aan de absolute luchtdruk gemeten aan de ingang van de venturi.
De verbrandingslucht wordt via de venturi aangezogen, deze laatste is aangesloten op de hals van de gasklep. De luchtstroming door de venturi hals veroorzaakt een onderdruk waardoor een hoeveelheid gas wordt aangezogen evenredig met het lucht debiet( hoe groter het lucht debiet hoe groter de hoeveelheid aangezogen gas). Het mengsel gas/lucht wordt uiteindelijk naar de brander geleid via de ventilator.Onderdelen1. Ventilator2. Gasklep3. Venturi4. Flens vuurhaarddeur5. Dichtingskoppeling warmtewisselaar6. Isolatie7. Branderstaaf8. Dichtingskoppeling ventilator9. Vlamkijkglas10. Dichtingskoppeling elektrode11. Elektrode12. Ontstekingskabel (samen met de elektrode bij de HM 45 TC)
C13C33C53C43C43C43C33 B23PC43C43C43C93 NLnl28TECHNISCHE KENMERKEN664Y5500 • DKENMERKEN SCHOUWAANSLUITINGVentilatie stookruimte HM 25 TC HM 35 TC HM 45 TC HM 70 TC HM 85 TC HM 120 TCToevoer verse lucht (B23 / B23P) m³/u 35,1 49,1 59,2 98,3 119,3 161,5Bovenverluchting dm² 0,8 1,1 1,5 2,1 2,6 3,6Onderverluchting dm² 0,8 1,1 1,5 2,1 2,6 3,6De ventilatie van de stookruimte is verplicht. De afmetingen van de bovenverluchting of onderverluchting zijn afhankelijk van het vermogen van de ketel en het volume van de stookruimte. De bovenstaande tabel toont indicatieve waarden die moeten aangepast worden volgens de geldende regelgevingen.
C43 : Aansluiting met twee buizen op een collectief buizensysteem waarop meer dan één toestel aangesloten is; dit collectief buizensysteem bestaat uit twee buizen, die aangesloten zijn op een doorvoer die simultaan verse lucht voor de brander aanvoert en de verbrandingsgassen afvoert door concentrische openingen of openingen die voldoende dicht bij elkaar liggen om een gelijkaardige luchtdoorvoer aan te kunnen. C53 : Aansluiting op afzonderlijke buizen voor de toevoer van verbrandingslucht en afvoer van verbrandingsgassen; deze buizen kunnen in verschillende drukzones uitkomen. C63 : Keteltype C voor aansluiting op een systeem voor luchttoevoer voor de verbranding en de afvoer van verbrandingsproducten dat afzonderlijk wordt goedgekeurd en verkocht. (Verboden in België). C83 : Aansluiting op een system met enkel of dubbel kanaal.
Dit systeem bestaat uit een schouw met normale uitgang voor de afvoer van de rookgassen. Het toestel is ook verbonden met een tweede kanaal met doorvoer dat van buiten het gebouw verse lucht aanvoert naar de brander. [Enkel als de verwarmingsketel uitgerust is met een brander van het type voormenging ACV BG 2000-S]. C93 : Aansluiting via een individueel systeem, waarvan de rookgasafvoer in een rookgaskanaal gebouwd is die deel uitmaakt van het gebouw; het toestel, de rookgasafvoer en de doorvoer zijn als één systeem gecerticeerd.
B23 : Aansluiting op een rookgaskanaal dat buiten de installatieruimte uitmondt, en waarin de verbrandingslucht wordt verzameld in de ruimte. B23P : Aansluiting op een rookgasafvoerkanaal dat met positieve druk werkt. Algemene opmerkingen• Zorg ervoor dat een meetelement geïnstalleerd wordt, in overeenstemming met de toepasselijke lokale regelgeving.
NLnl30TECHNISCHE KENMERKEN664Y5500 • DTabellen met de waarden van de drukverliezen, te gebruiken voor de berekeningen:De tabellen zijn gebaseerd op het door ACV aangeboden smateriaal en mogen niet veralgemeend worden. BEREKENING DRUKVERLIES ROOKGASKRINGBij de uitvoering van de schouwaansluiting moet u erop toezien dat het opgegeven maximale drukverlies, of de equivalente maximale lengte in meters rechte leidingen aanbevolen voor het product niet overschreden wordt, zo niet kan het vermogen van de installatie afnemen. Het drukverlies voor het schouwkanaal kan worden berekend aan de hand van één van beide metho-des op de volgende pagina. Beide methodes zijn equivalent. Onderstaande tabellen geven de drukverliezen en de equivalente lengte in meters rechte leidingen geven voor de verschillende componenten.
Het verkregen resultaat wordt vervolgens vergeleken met het vermelde maximale drukverlies in de tabel op pagina 28. Individuele luchttoevoer (L1)Ø 80 mm Ø 100 mmHM 25 TC HM 35 TC HM 45 TC HM 70 TC HM 85 TC HM 120 TCPaequival. lengte in m rechte leidingenPaequival. lengte in m rechte leidingenPaequival. lengte in m rechte leidingenPaequival. lengte in m rechte leidingenPaequival. lengte in m rechte leidingenPaequival. lengte in m rechte leidingenRechte leiding 1m 1 1,0 2 1,0 3 1,0 4 1,0 6 1,0 11 1,0Bocht 90° 1 1,0 2 1,0 4 1,3 8 2,0 12 2,0 21 1,9Bocht 45° 1 1,0 1 0,5 2 0,7 3 0,8 5 0,8 10 0,9Individuele afvoer van verbrandingsgassen (L2)Ø 80 mm Ø 100 mmHM 25 TC HM 35 TC HM 45 TC HM 70 TC HM 85 TC HM 120 TCPaequival. lengte in m rechte leidingenPaequival. lengte in m rechte leidingenPaequival. lengte in m rechte leidingenPaequival. lengte in m rechte leidingenPaequival.
3 + (2 x 6) + (6 x 4) + (2 x 3) + 35 = 80b) Vergelijk dit resultaat met de aanbevolen waarde (130 Pa). Het drukverlies van het schouwkanaal ligt lager dan de maximale toegestane weerstand.• Methode 2 :a) Bereken de equivalente lengte in meters rechte leidingen (L) voor het volledige schouwkanaal. 0,8 + (2 x 1,5) + (6 x 1,0) + (2 x 0,8) + 8,8 = 20,2b) Vergelijk het resultaat met de aanbevolen waarde (65 m van equivalente lengte). De lengte van het schouwkanaal ligt lager dan de maximale toegestane waarde.Berekeningsvoorbeeld in geval van een concentrische buis (HeatMaster 35 TC):1000 mm1000 mm2000 mm2000 mmLL = equivalente lengte of schouwkanaal in meters rechte leidingen (1 m rechte leiding) .L2L1
nl35NLINSTALLATIE664Y5500 • DINSTALLATIEINHOUD VAN DE LEVERINGDe HeatMaster® 25 / 35 / 45/ 70 / 85 / 120 TC worden getest en verpakt geleverd.Gelieve bij de ontvangst en na de verwijdering van de verpakking te controleren de inhoud en of de apparaten tijdens het transport niet beschadigd worden.Verpakkingsomvang • Een ketel• Een handleiging "Installatie-, gebruiks- en onderhoudsvoorschriften"• Een handleiding "Instellingen en parameters".• Een diafragma voor de omschakeling van aardgas op propaan• Een te monteren sifon.• Een te monteren kit met veiligheidsklep (enkel HM TC met hoogrendement pomp), samengesteld uit:• Een primaire veiligheidsklep 1/2" F• Een T-koppeling 1/2" F - 1/2" M - 1/4" F (Enkel HM 120 TC)• Een terugslagklep 1/4" F - 1/4" MAlgemene opmerkingen• De fabrikant behoudt zich het recht voor de technische kenmerken en de uitrusting van zijn producten zonder voorafgaand bericht te wijzigen.• De beschikbaarheid van bepaalde modellen en hun toebehoren kan per land verschillen.
NLnl36INSTALLATIE664Y5500 • DVERPLAATSEN VAN DE KETELVerplaats de ketel met behulp van een steekkar of een pallethefwagen.Gebruik een transportmiddel dat op het gewicht van de ketel afgestemd is. Zie "Afmetingen", op pag. 26Breedte van de deur en de gang die nodig zijn voor de passage van de ketelCBADA = maximale breedte van de ketelB = maximale lengte van de ketelC = deurbreedteD = gangbreedteDeurhoogte = std Gangbreedte: C = Ax BDVoorbeeld berekening voor het bepalen van de minimale spatie tussen gangpadbreedte en een deurbreedte met D = 800 mmC = 540 x 1000 = gangpadbreedte ≥ 675 mm800Deurbreedte: DAx BCVoorbeeld berekening voor het bepalen van de minimale spatie tussen deurbreedte en een gangpadbreedte met C = 900 mmD540 x 1000 = gangpadbreedte ≥ 600 mm900
VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTENAlgemene opmerkingen• De (elektrische, rookgaskanaal, hydraulische) aansluitingen dienen in overeenstemming met de geldende normen en voorschriften uitgevoerd worden. • Men kan op het toestel een kringloop leiding aansluiten in geval dat dit opgesteld is op een aanzienlijke afstand van het afname punt. Belangrijke instructies voor een correcte werking van de installatie• De ketel moet in een droge en beschutte ruimte geïnstalleerd worden. • Het toestel is zo op te stellen dat het ten aller tijde van alle zijden gemakkelijk toegankelijk is. • De roestvrij stalen tank dient geaard te worden om corrosie te voorkomen. • Indien de druk op het drinkwater net de 6 bar overschrijdt dient er een op 4,5 bar afgestelde drukregelaar geïnstalleerd te worden.
• De drinkwater voeding moet op zijn minst uitgerust zijn met: een veiligheidsgroep bestaande uit een afsluiter, een terugslag klep, een veiligheidsklep afgesteld op 7 bar. • Bij het werken in de stookruimte of in de buurt van de luchttoevoer, moet u de ketel uitschakelen om ophoping van stof in de brander te voorkomen. Belangrijke instructies voor de veiligheid• De sokkel waarop de ketel wordt geïnstalleerd moet gemaakt zijn van een onbrandbaar materiaal. • Zorg ervoor dat eventuele luchtkokers altijd vrij blijven. • In de buurt van de ketel moet een afvoer naar de riolering worden voorzien om te voorkomen dat het condensaat van de schouw in de ketel terechtkomt.
• Horizontale rookgaskanalen en/of horizontale delen van het rookgas kanaal moeten onder een helling van 5cm/m geïnstalleerd worden om te zorgen dat het zure condenswater naar de condensopvang stroomt dit om beschadiging aan het verwarmingskanaal te voorkomen. • Bewaar geen corrosieve producten zoals verven, oplosmiddelen, zouten, chloorhoudende producten of andere reinigingsproducten in de nabijheid van het toestel. • De diameter van het schouwkanaal mag niet kleiner zijn dans de uitlaatbuis van de ketel.
• Warm water kan brandenwonden veroorzaken. • Als meerdere keren een kleine hoeveelheid warm water afgetapt wordt, kan een “laageffect” (stratificering) in de boiler ontstaan. De bovenlaag van het warm water kan dan zeer hoge temperaturen aannemen. • ACV beveelt het gebruik van een thermostatische mengkraan aan die is ingesteld op temperatuur van maximum 60°C. • Het water voor het wassen van kleding, de vaat en andere gebruiksdoeleinden kan erg heet zijn en brandwonden veroorzaken. • Kinderen, zieke, bejaarde of gehandicapte personen lopen het meeste risico tot het oplopen van brandwonden. Laat hen nooit zonder toezicht in bad of onder de douche achter. Laat zeer jonge kinderen nooit zelf warm water nemen of hun eigen bad vullen. • Laat kinderen van jonge leeftijd nooit zelf warm water nemen of hun eigen bad vullen. • De temperatuur van het warm water kan ingesteld worden tot 90°C.
Nochtans moet het warme water aan het gebruikerspunt op een temperatuur zijn die overeenkomt met de geldende regelgevingen. (bv in België is de maximum toegelaten temperatuur aan het gebruikerspunt 75°C voor boilers met een vermogen < 70 kW). • Bij temperaturen onder de 60°C kunnen zich bacteriën in het leidingwerk en opslag tank ontwikkelen waaronder “Legionella pneumophila”. Belangrijke voorschriften met betrekking tot elektrische installaties• Alleen een erkend installateur mag de aansluiting van het toestel uitvoeren. • Een bi polaire schakelaar, een zekering en tweede schakelaar allen voor buiten opstelling te voorzien zodat het toestel veilig kan afgezonderd worden van het elektrisch net. Zodanig dat herstelling en onderhoud op een veilige manier kunnen uitgevoerd worden. • Bij ingrepen op het elektrisch circuit steeds het toestel volledig van het net afsluiten.
AANBEVELINGEN TER VOORKOMING VAN CORROSIE EN KETELSTEENVORMING Invloed van zuurstof en carbonaten in de installatieDe aanwezigheid in de primaire kring van zuurstof en opgelost gas vergemakkelijkt oxidatie en corrosie van de onderdelen van het systeem in gewoon koolstofstaal (radiatoren,. ). Het gegenereerde slib kan vervolgens worden afgezet in de warmtewisselaar van de ketel. De aanwezigheid van carbonaten en kooldioxide in water leidt tot de vorming van kalkaanslag op de hete delen van de installatie, evenals de warmtewisselaar van de ketel. Deze afzettingen in de warmtewisselaar beperken het waterdebiet en isoleren thermisch de warmteuitwisseloppervlakken en veroorzaken zo schadeBronnen van zuurstof en carbonaten in de installatieDe primaire kring is een gesloten circuit, het water van de primaire kring blijft dus geïsoleerd van het leidingwater.
Na onderhoud of bij het aanvullen van het water ondergaat de primaire kring de toevoer van zuurstof en carbonaten. deze toevoer neemt toe in de mate dat er meer water wordt toegevoegd. Hydraulische componenten zonder zuurstofbarrière (PE-buizen en verbindingen bijvoorbeeld)laten ook zuurstof in de installatie doordringen. Beginselen van preventie1. Reinig de bestaande installatie vooraleer een nieuwe ketel te installeren- Voor de installatie is voltooid, moet deze worden gereinigd volgens de norm EN14868. Chemische reinigingsmiddelen kunnen worden gebruikt. - Als de kring in slechte staat verkeert, of het schoonmaken niet effectief is of er blijft een grote hoeveelheid water achter in het systeem (bijv. cascade), dan wordt aanbevolen om de ketelkring onafhankelijk te maken van de kring van de verwarmingselementen met een platenwarmtewisselaar of gelijkaardig. 2.
Beperk het vullen- Het vullen moet worden beperkt. om de hoeveelheid water te controleren die in het systeem wordt ingevoerd, kan een watermeter worden geïnstalleerd op de vulkraan van de primaire kring. - Automatische vulsystemen zijn verboden.
- Als u vaak extra water aan uw installatie moet toevoegen, controleer dan of er geen lekken optreden in uw installatie. 3. Beperk de aanwezigheid van zuurstof en slib in het water- Een ontgasser (op de keteluitgang) en een slibafscheider (stroomopwaarts van de ketel)moet op het systeem worden gemonteerd volgens specificaties van de fabrikant. - ACV pleit ook voor het gebruik van additieven die de zuurstof in het water opgelost houden, zoals Fernox (www. fernox. com) en sentinel (www. sentinel-solutions. net). - Deze additieven worden strikt volgens de instructies gebruikt van de fabrikant van de producten voor waterbehandeling. nl39NLINSTALLATIE664Y5500 • D.
4. Beperk de aanwezigheid van carbonaten in het water- Het vulwater moet worden verzacht als de hardheid hoger is dan 20° fH (11,2° dH).- Controleer regelmatig de hardheid van het water en noteer de waarden in het onderhoudsverslag.- Tabel waterhardheid: Waterhardheid °fH °dH mmolCa(HCO3)2 / lZeer zacht 0 - 7 0 - 3,9 0 - 0,7Zacht 7 - 15 3,9 - 8,4 0,7 - 1,5Matig hard 15 - 25 8,4 - 14 1,5 - 2,5Hard 25 - 42 14 - 23,5 2,5 - 4,2Zeer hard > 42 > 23.5 > 4,25. Controleer de waterkarakteristieken- Naast zuurstof en hardheid, moeten ook nog andere parameters van het water worden gecontroleerd.- Behandel het water als de gemeten parameterwaarden buiten de limieten vallen. Zuurtegraad 6,6 < pH < 8,5Geleidbaarheid < 400 μS/cm (bij 25°C)Chloriden < 125 mg/lIjzer < 0,5 mg/lKoper < 0,1 mg/lNLnl40INSTALLATIE664Y5500 • D
BENODIGD GEREEDSCHAP VOOR DE INSTALLATIE GASpressure(mbar)nl41NLINSTALLATIE664Y5500 • DVOORBEREIDING VAN DE KETELAlvorens de ketel op zijn denitieve plaats op te stellen, dient u de volgende onderdelen te monteren:• De sifon Als u voor het gebruik van een "Easy Fit" kit (HeatMaster® 25 / 35 / 45 TC) gekozen heeft, dient u deze aan de achterkant van de ketel te monteren alvorens het toestel op zijn definitieve plaats op te stellen.
Typische installatieBeschrijving 1. Afsluitkraan 2. Drukregelaar 3. Terugslagklep 4. Drinkwaterkring expansievat 5. Veiligheidsklep 6. Aftapkraan 7. Tapkraan 8. Aarding 9. Thermostatisch mengventielKoud waterWarm water1 2 311845679AANSLUITING SANITAIR WATERAlgemene instructie• De hierna volgende figuren zijn bedoeld als principe schema's voor de aansluiting.Belangrijke instructies voor de veiligheid• Het warme water kan temperaturen boven de 60°C bereiken. Dit kan leiden tot risico op brandwonden! Bijgevolg is het aangeraden om een thermosstatisch mengventiel na het toestel te installeren.Belangrijke instructies voor een correcte werking van de installatie• Spoel de installatie alvorens de sanitaire kring aan te sluiten.
Verwijzen naar de installatie voorschriften.• Indien de druk op het drinkwater net de 6 bar overschrijdt dient er een op 4,5 bar afgestelde drukregelaar geïnstalleerd te worden.• De drinkwater voeding moet op zijn minst uitgerust zijn met: een veiligheidsgroep bestaande uit een afsluiter, een terugslag klep, een veiligheidsklep afgesteld op 7 bar.nl43NLINSTALLATIE664Y5500 • D• Om een ongewenste opening van de veiligheidsklep te voorkomen en om waterslagen in de installatie te dempen, verdient het aanbeveling om een expansievat te installeren op de sanitaire kring.• Bij gebruik van de HeatMaster® 25, 35 of 45 TC als warmwaterbereidingssysteem, zonder aansluiting op een verwarmingskring, moet een expansievat van minstens 16 liter voorzien worden in de primaire installatie (geen intern expansievat voor de HeatMaster® 25, 35 en 45 TC).
AANSLUITING VERWARMINGAansluiting - hoge temperatuurBeschrijving1. Afsluitkraan2. Circulatiepomp3. Vulkraan4. Veiligheidsklep5. Expansievat6. Aftapkraan7. Ontluchter Aansluiting - lage temperatuurBeschrijving1. Afsluitkraan2. Driewegsmengkraan3. Circulatiepomp4. Veiligheidsklep5. Vulkraan6. Expansievat7. Aftapkraan8. Ontluchter11724563112345678Koud waterWarm waterNLnl44INSTALLATIE664Y5500 • DAccessoire Code BeschrijvingOmgevingsthermostaat 10800018Kit voor hoge temperatuur DN 25 (HM 25 / 35 / 45 TC)10800294 Bevat: een circulatiepomp, twee isolatiek-leppen, de terugslagklep, twee thermome-ters.Kit voor hoge temperatuur DN 32 (HM 70 / 85 / 120 TC)10800296 Bevat: een circulatiepomp, twee isolatiek-leppen, de terugslagklep, twee thermome-ters.Als optie zijn toebehoren verkrijgbaar voor de sturing van een standaard verwarmingskring voor hoge temperaturen.
Ontluchter11724563112345678Koud waterWarm waterKoud waterWarm waternl45NLINSTALLATIE664Y5500 • DAccessoire Code BeschrijvingOmgevingsthermostaat 10800018Aanlegthermostaat 10510900 Verplicht om alle verwarmingskringen voor vloerverwarming te beschermenKit voor lage temperatuur DN 25 (HM 25 / 35 / 45 TC)10800297 Bevat: een circulatiepomp, twee isolatieklep-pen, een terugslagklep, twee thermometers, een 3-wegsklep met ingebouwde bypass en een servomotorKit voor lage temperatuur DN 32 (HM 70 / 85 / 120 TC)10800295 Bevat: een circulatiepomp, twee isolatieklep-pen, een terugslagklep, twee thermometers, en een 3-wegsklep met ingebouwde bypass.Servomotor 10800199 Motor voor 3-wegsklep DN 32 voorzien voor de kit voor lage temperatuur.Als optie zijn toebehoren verkrijgbaar voor de sturing van een standaard verwarmingskring voor lage temperaturen.
VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN VOOR DE GASAANSLUITINGBelangrijke instructies voor de veiligheid• De gasaansluiting moet in overeenstemming met de locale normen [België: NBN D51-003] uitgevoerd worden.• De gasbranders zijn in de fabriek ingesteld voor aardgas [gelijkwaardig met G20]. • De omzetting van aardgas naar propaan of omgekeerd is niet toegelaten in bepaalde landen waaronder België. Raadpleeg de tabel met gascategorieën, in de technische kenmerken van dit handleiding.• De regeling van de CO2, het gasverbruik, het luchtverbruik en de lucht- en gastoevoer worden in de fabriek ingesteld en mogen in België niet worden gewijzigd, behalve voor ketels van type I 2E(R)B.• De instelling van de “OFFSET” van de gasklep gebeurt in de fabriek en wordt verzegeld.
Deze mag niet worden gewijzigd.Belangrijke instructies voor een correcte werking van de installatie• Raadpleeg de technische kenmerken van deze handleiding of de handleiding van de brander om de aansluitdiameter te kennen.• Ontlucht de gasleiding en controleer zorgvuldig de dichtheid van alle leidingen van de ketel, zowel intern als extern.• Controleer de gasdruk van de installatie. Verwijzen naar de technische gegevens in het hoofdstuk "Technische kenmerken".• Controleer de elektrische aansluiting van de ketel, de ventilatie van de stookruimte, de dichting van de rookgasafvoerkanalen en de dichting van de vuurhaarddeur.• Controleer de gasdruk en gasverbruik op het opstarten van het toestel.• Controleer de CO2 instelling van de ketel (verwijzen naar de instellingsprocedure en de technische gegevens).NLnl46INSTALLATIE664Y5500 • DEnkel HeatMaster® 120 TCA
125634nl47NLINSTALLATIE664Y5500 • DOMZETTING NAAR PROPAANGAS HM 85 / 120 TCZoals aangegeven op het identificatieplaatje is de ketel fabrieksmatig ingesteld om op aardgas (G20/G25) te werken. Voor de omschakeling van aardgas op propaan moet een diafragma toegevoegd worden en moeten vervolgens de nodige instellingen uitgevoerd worden.Voorwaarden• Stroomtoevoer onderbroken• Gastoevoer onderbroken• Bovenpaneel van de ketel gedemonteerdProcedure om diafragma toe te voegenVoor de plaats van de onderdelen op de HM 120 TC, zie het schema op pag. 13.1. Schroef de koppeling (1) van de gasbuis los.2. Verwijder de stekker van de gasklep (2).3. Ontkoppel de luchttoevoer.4. Demonteer het gasklep-venturisysteem (3) door twee schroeven los te draaien. Bewaar ze voor de latere terugplaatsing.Ø van het diafragmaGastype HM 85 TC HM 120 TCG20/25 —10,7G31 6,8 6,7
NLnl48INSTALLATIE664Y5500 • DAANSLUITING GASKRING5. Demonteer de gasklep van de venturi (4) door 3 schroeven los te draaien. Bewaar ze voor de latere terugplaatsing.6. Plaats het diafragma (6) in het midden van de O-ring (5). Let erop dat u de O-ring juist plaatst.7. Hermonteer het gasklep-venturisysteem in omgekeerde volgorde; draai de 3 schroeven van de gasklep en de 2 schroeven van de venturi daarbij met een moment van 3,5 tot 4 Nm aan.8.
Kleef de bij de ombouwkit gevoegde sticker op de ketel en kruis het vakje aan dat aangeeft voor welk soort gas de ketel momenteel is ingesteld.Taken achteraf• Stel de parameters 22 tot 28 af op de MCBA (Zie de handleiding "Instellingen en parameters")• Stel de CO2 af, (zie "Controle en afstelling van de brander")Alvorens de CO2-waarde in te stellen, is het belangrijk dat u de parameters van de ventilatorsnelheid wijzigt (zie handleiding "Instellingen en parameters" van het toestel).
VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTENAlgemene opmerkingen• In normale omstandigheden start de brander automatisch wanneer de temperatuur van de ketel onder de ingestelde waarde zakt.Belangrijke instructies voor de veiligheid• Alleen een erkende installateur heeft toegang tot de inwendige onderdelen van het bedieningsbord.• Stel de water temperatuur in, in overeenstemming met het gebruik en de geldende codes.nl49NL664Y5500 • DOPSTARTENCONTROLES VÓÓR HET OPSTARTENBelangrijke instructie voor de veiligheid• Controleer de dichtheid van de rookgaskanaal.Belangrijke instructie voor een correcte werking van de installatie• Controleer de dichtheid van de aansluitingen van de hydraulische kring.BENODIGD GEREEDSCHAP VOOR HET OPSTARTEN GASpressure(mbar)
HET VULLEN VAN DE INSTALLATIE Het sanitaire reservoir moet eerst gevuld en onder druk gezet worden, vooraleer de verwarmingskring (primaire) onder druk te brengen.Het vullen van de sanitaire kring1. Open de afsluitkranen (1) en de tapkraan (2).2. Wanneer het water uit de kraan loopt en de installatie ontlucht is, sluit de tapkraan (2).3. Controleer de dichting van alle de aansluitingen.Het vullen van de verwarmingskring 1. Open de afsluitkranen (1).2. Controleer de dichting van the aftapkraan (3).3. Open de vulkraan (2).4. Open de ontluchter (4).5. Na het ontluchten van de installatie moet de druk ingesteld worden op een waarde die 0,5 bar hoger is dan de statische druk. 1,5 bar = 10m - 2 bar = 15mKoud waterWarm water111211234NLnl50OPSTARTEN664Y5500 • D
nl51NLOPSTARTEN664Y5500 • DOPSTARTEN VAN DE KETELVoorwaarden• Alle aansluitingen zijn uitgevoerd• Omschakeling op gas uitgevoerd indien nodig • Gastoevoer onderbroken• Sanitaire en verwarmingskringen gevuld met waterProcedure 1. Plaats de Aan/Uit-schakelaar van de ketel in de stand Aan ( ). 2. Indien een kamerthermostaat geïnstalleerd is, verhoogt u eventueel de ingestelde temperatuur, zodat warmte aangevraagd wordt.• Als de circulatie pomp van de ketel niet werkt, kan dat tot schade aan het toestel en tot een vermindering van de levensduur leiden. 3. Controleer of de circulatie pomp werkt door een hand erop te plaatsen en deblokkeer de pomp als dat nodig is. • Bij de HM TC met een hoogrendement pomp verschijnt een storingscode "b 26" op het scherm van het bedieningspaneel. Raadpleeg de handleiding "Systeeminstelling" die bij de ketel gevoegd is. 4.
2112NLnl52OPSTARTEN664Y5500 • DCONTROLE EN AFSTELLING VAN DE BRANDERAls de brander op vol vermogen werkt, moet het CO2-gehalte zich binnen de vastgelegde toleranties in de technische kenmerken, (zie "Kenmerken verbranding", op pag. 18) bevinden. Voorwaarden• Ketel in werkingControleprocedure 1. Controleer of de parameters van de MCBA ingesteld zijn overeenkomstig de behoeften van de gebruiker (zie "Instellen van de parameters", op pag. 7) en wijzig ze indien nodig. 2. Plaats het toestel in de modus van het maximale vermogen (raadpleeg de handleiding "Instellingen en parameters" van het toestel). 3. Controleer met behulp van de drukmeter of de dynamische gasdruk minstens 18 mbar bedraagt op de gasklep (2). 4. Laat het toestel enkele minuten opwarmen tot een temperatuur van minstens 60 °C. 5.
Meet de verbrandingsgraad van de brander door de sonde van het rookgasanalysetoestel in het meetelement van het rookgaskanaal te plaatsen en vergelijk de verkregen CO2- en CO-waarde met de waarde vermeld in de tabel van de verbrandingskenmerken. 6. Als de CO2-waarde met meer dan 0,3% verschilt, dient u de hieronder beschreven afstelprocedure uit te voeren. 7. Vervolgens plaatst u het toestel in de modus van het minimale vermogen (raadpleeg de handleiding "Instellingen en parameters" van het toestel). Wacht enkele minuten tot het toestel een stabiele toestand bereikt heeft. 8. Meet het CO2-gehalte. De waarde ervan moet gelijk zijn aan de waarde bij een volledig vermogen, of max. 0,5 % kleiner. In geval van grote afwijkingen neemt u best contact op met de onderhoudsdienst van ACV.
CO2-afstelprocedure Om het CO2-gehalte af te stellen, draait u de schroef van de venturi (1):• naar links (tegen de wijzers van de klok in) om het CO2-gehalte te verhogen. • naar rechts (met de wijzers van de klok mee) om het CO2-gehalte te verlagen.
Bij de HM 120 TC is de CO2-afstelschroef (1) een wormschroef; de rotatie van deze schroef in een bepaalde richting laat toe de waarde cyclusgewijs te verhogen tot de maximumwaarde, ze vervolgens te doen afnemen tot de minimumwaarde, ze weer te doen toenemen, enz. Bij de afstelling van het CO2-gehalte moet u op de waardeverandering op het toestel letten om te bepalen of de rotatie in de gekozen richting het CO2-gehalte doet afnemen of toenemen. Enkel HeatMaster® 120 TC.
VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN VOOR HET ONDERHOUD VAN DE KETELBelangrijke voorschriften met betrekking tot elektrische installaties• Verbreek de externe elektrische voeding van het toestel alvorens werken uit te voeren aan het toestel, tenzij u metingen moet doen of instellingen wilt uitvoeren.Belangrijke instructies voor de veiligheid• Het water dat uit de aftapkraan stroomt, is erg heet en kan ernstige brandwonden veroorzaken.• Controleer de dichtheid van de rookgaskanaal.Belangrijke instructies voor een correcte werking van de installatie• De ketel en de brander dienen jaarlijks of elk 1500 uren te worden onderhouden. Bij intensief gebruik van de ketel is regelmatiger onderhoud nodig.
NLnl54ONDERHOUD664Y5500 • DBENODIGD GEREEDSCHAP VOOR HET ONDERHOUDUITSCHAKELING VAN DE KETEL VOOR HET ONDERHOUD 1. Zet de ketel af met behulp van de Aan/Uit-schakelaar op het bedieningspaneel en verbreek de externe stroomtoevoer. 2. Gastoevoerkraan van de ketel dichtdraaien.GASpressure(mbar)
nl55NLONDERHOUD664Y5500 • DTABEL MET DE PERIODIEKE ONDERHOUDSTAKENTakenFrequentieRegelmatige controle 1 jaar 2 jarenGebruiker Vakman1. Controleer of de waterdruk in het systeem ten minste 1 bar is (koud). Vul indien nodig water bij door water toe te voegen in kleine hoeveelheden. Roep de hulp van uw installateur in als u vaak water moet bijvullen.X X2. Controleer regelmatig het onderste gedeelte van de ketel op de afwezigheid van water. Roep de hulp van uw installateur in indien toch water aanwezig is.X X3. Controleer of het frontpaneel van de ketel vrij is van storingscodes. Raadpleeg daarvoor uw installateur.X X4. Controleer of de gasaansluitingen, hydraulische aansluitingen en elektrische aansluitingen goed aangespannen en dicht zijn.X5. Controleer de afvoer van de rookgassen: correcte bevestiging, correcte installatie, afwezigheid van lekken of verstoppingen.X6.
Controleer of het oppervlak van de vuurhaardplaat vrij is van verkleurde of gescheurde zones. X7. Controleer de verbrandingsparameters (CO en CO2) zie "Controle en afstelling van de brander", op pag. 52 X8. Onderwerp het verwarmingslichaam aan een visuele controle: afwezigheid van tekenen van corrosie, roetafzettingen en schade. Voer de eventueel noodzakelijke reinigingen, herstellingen en vervangingen uit.X9. Controleer de elektrode, zie "Demontage, controle en terugplaatsing van de elektrode van de brander", op pag. 56X10. Demonteer de brander en reinig de warmtewisselaar, zie "Demontage en terugplaatsing van de brander", op pag. 57 en "Reiniging van de warmtewisselaar", op pag. 58.X11. Demonteer en reinig de recuperatiebak voor condenswater, zie "Demontage en reiniging van de recuperatiebak voor condenswater (HM TC met een recirculatie leiding in koper)", op pag. 59X
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met ACV HEATMASTER 70 TC stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Verwarmingsketel ACV
Handleiding Verwarmingsketel
Nieuwste handleidingen voor Verwarmingsketel