Abac Start O15 Handleiding
Bekijk gratis de handleiding van Abac Start O15 (52 pagina’s), behorend tot de categorie Compressor. Deze gids werd als nuttig beoordeeld door 8 mensen en kreeg gemiddeld 5.0 sterren uit 9 reviews. Heb je een vraag over Abac Start O15 of wil je andere gebruikers van dit product iets vragen? Stel een vraag

Product specificaties
| Merk: | Abac |
| Categorie: | Compressor |
| Model: | Start O15 |
Handleiding Abac Start O15 – volledige tekst
33NL1. INTRODUCTIE1. 1 BELANGRIJKE INFORMATIEAandachtig alle instructies voor de werking, de raad-gevingen voor de veiligheid en de waarschuwingen in het instructiehandboek lezen. Het merendeel van de onge-lukken bij gebruik van de compressor is te wijten aan het niet respecteren van de elementaire veiligheidsregels. Als men tijdig de potentieel gevaarlijke situaties identiceert en de aangepaste veiligheidsregels in acht neemt, vermi-jdt men ongelukken. De fundamentele regels voor de veiligheid worden op-gesomd in het deel “VEILIGHEID” van dit handboek en ook in het deel dat over het gebruik en het onderhoud van de compressor handelt. De gevaarlijke situaties die moeten vermeden wor-den om alle risico’s op ernstige verwondingen of schade aan de machine te voorkomen zijn aangeduid in het deel “WAARSCHUWINGEN” op de compressor of in het in-structiehandboek.
Nooit de compressor gebruiken op onaangepaste wijze, maar enkel zoals aangeraden door de constructeur. BETEKENIS VAN DE SIGNAALWOORDENWAARSCHUWINGEN: duidt op een potentieel gevaar-lijke situatie die, als ze genegeerd wordt, ernstige schade kan veroorzaken. NOTA: benadrukt een essentiÎle informatie1. 2 VEILIGHEIDAANWIJZINGEN VOOR EEN VEILIG GEBRUIK VAN DE COMPRESSOR1. DE BEWEGENDE DELEN NIET AANRAKEN Nooit uw handen, vingers of andere lichaamsdelen dichtbij de bewegende delen van de compressor brengen. 2. NOOIT DE COMPRESSOR GEBRUIKEN ZONDER DAT DE BESCHERMINGEN GEMONTEERD ZIJN. Nooit de compressor gebruiken zonder dat alle beschermingen perfect op de juiste plaats gemonteerd zijn (vb.
stroomlijn-kappen, kettingbeschermer, veiligheidsklep) als het voor onderhoud of werking nodig is deze beschermingen te verwijderen, u ervan vergewissen, alvorens de compres-sor opnieuw te gebruiken, dat de beschermingen goed vastzitten op hun originele plaats. 3. ALTIJD EEN BESCHERMINGSBRIL GEBRUIKEN Altijd een berschermingsbril of gelijkwaardige bescher-mingen gebruiken voor de ogen.
De samengeperste lucht op geen enkel deel van uw eigen lichaam of dat van een ander richten. 4. BESCHERM UZELF TEGEN ELEKTRISCHE SHOCKS Toevallige aanrakingen van het lichaam met de metalen delen van compressor zoals buizen, tanks of metalen delen verbonden met de aarde, vermijden. Nooit de compressor gebruiken in aanwezigheid van water of in een vochtige omgeving. 5. DE COMPRESSOR ONTKOPPELEN De compres-sor van de elektrische bron ontkoppelen en de tank volle-dig drukvrij maken alvorens eender welk werk, inspectie, onderhoud, schoonmaak vervanging of controle van elk deel uit te voeren. 6. ONVOORZIEN OPSTARTEN De compressor niet transporteren terwijl hij verbonden is met de elektrische bron of wanneer de tank onder druk staat. Zich ervan vergewissen dat de schakelaar van de drukregelaar in de OFF stand staat alvorens de compressor met de elektri-sche bron te verbinden. 7.
DE COMPRESSOR OP AANGEPASTE MANIER OPBERGEN Als de compressor niet gebruikt wordt moet die in een droog lokaal geplaatst worden ver van atmosfe-rische factoren. Uit de buurt van kinderen houden. 8. WERKPLAATS De werkplaats schoon houden en de zone eventueel vrij maken van onnodig gereedschap. De werkplaats goed ventileren. De compressor niet gebruiken in aanwezigheid van ontvlambare vloeistoffen of gas. De compressor kan vonken produceren tijdens de werking. De compressor niet gebruiken in situaties waar zich verf-stoffen, benzine, chemische middelen, kleefstoffen en alle andere brandbare of explosieve materialen bevinden. 9. UIT DE BUURT VAN KINDEREN HOUDEN Ver-mijden dat kinderen of eender welke andere persoon in contact komt met de voedingskabel van de compressor, alle niet geautoriseerde personen moeten op een veilige afstand van de werkplaats gehouden worden. 10.
WERKKLEDIJ Geen volumineuze kledij of juwelen dragen, deze zouden kunnen gevangen worden door de bewegende delen. Indien nodig een kap dragen die het haar bedekt. 11.
GEEN MISBRUIK MAKEN VAN DE VOEDINGSKA-BEL De stekker niet los maken door aan de voedingska-bel te trekken. De kabel uit de buurt houden van warmte, olie of van snijdende oppervlakken. Niet op de elektrische kabel trappen of hem platdrukken met onaangepaste gewichten. 12. DE COMPRESSOR MET ZORG ONDERHOUDEN De instructies volgen voor het smeren (niet geldig voor oil-less). De voedingskabel regelmatig controleren en als hij beschadigd is moet hij hersteld of vervangen worden door een geautoriseerde assistentiedienst. De buitenkant van de compressor controleren op zichtbare afwijkingen. Zich eventueel wenden tot de dichtstbijzijn. 13. ELEKTRISCHE VERLENGSNOEREN VOOR HET GEBRUIK BUITEN Als de compressor buiten gebruikt wordt enkel elektrische verlengsnoeren gebruiken die ge-schikt zijn voor gebruik buiten en daarvoor gemerkt zijn. 14. OPGELET Letten op wat u doet.
Gebruik uw gezond verstand Gebruik de compressor niet als u moe bent. De compressor mag nooit gebruikt worden als u onder invlo-ed bent van alcohol, drugs of medicijnen die slaperigheid kunnen veroorzaken. 15. DEFECTE DELEN OF LUCHTVERLIES CONTRO-LEREN Alvorens de compressor opnieuw te gebruiken, als een bescherming of andere delen beschadigd zijn, moeten deze grondig gecontroleerd worden om vast te stellen of ze kunnen functioneren zoals voorzien in veiligheid. De uitlijning van de bewegende delen, buizen, manometers, drukreductiemachines, pneumatische verbindingen en elk ander deel dat belang kan hebben bij een normale wer-king controleren. Elk beschadigd deel moet correct.
34hersteld of vervangen worden door een geautoriseerde assistentiedienst of vervangen zoals aangeduid in het in-structieboekje. DE COMPRESSOR NIET GEBRUIKEN ALS DE DRU-GREGELAAR DEFECT IS. 16. DE COMPRESSOR ENKEL GEBRUIKEN VOOR DE TOEPASSINGEN GESPECIFICEERD IN HET VOL-GENDE INSTRUCTIEHANDBOEK De compressor is een machine die samengeperste lucht produceert. Nooit de compressor gebruiken voor toepassingen die niet degene zijn die gespeciceerd worden in het instructieboekje. 17. DE COMPRESSOR CORRECT GEBRUIKEN De compressor doen werken overeenkomstig de instructies van dit handboek. De compressor niet door kinderen of personen, die niet vertrouwd zijn met de werking ervan, laten gebruiken. 18. NAGAAN OF ELKE SCHROEF, BOUT EN DEKSEL STEVIG VASTGEZET ZIJN Nagaan of elke schroef, bout en plaatje stevig vastgezet zijn. Regelmatig nagaan dat ze goed aangedraaid zijn. 19.
HET OPZUIGROOSTER SCHOON HOUDEN Het ventilatierooster van de motor schoon houden. Regelmatig dit rooster schoonmaken als de werkomgeving zeer vuil is. 20. DE COMPRESSOR DOEN WERKEN OP NOMINA-LE SPANNING De compressor doen werken op de span-ning aangeduid op het plaatje van de elektrische gege-vens. Als de compressor gebruikt wordt op een spanning hoger dan de nominale, zal de motor sneller draaien en kan de eenheid beschadigd worden waardoor de motor verbrandt. 21. DE COMPRESSOR NOOIT GEBRUIKEN ALS HIJ DEFECT IS Als de compressor bij het werken vreemde geluiden of overdreven trillingen maakt of defect lijkt, moet hij onmiddellijk stilgezet worden en controleert u de fun-ctionaliteit of neemt u contact op met de dichtstbijzijnde geautoriseerde assistentiedienst. 22.
OPLOSMIDDELEN ZOALS BENZINE, verdunners, diesel of andere middelen die alcohol bevatten kunnen de plastieken delen beschadigen, deze produkten niet op de delen in plastiek wrijven. Eventueel deze delen schoonma-ken met een zacht doek met water en zeep of met aange-paste vloeistoffen. 23.
ENKEL ORIGINELE VERVANGSTUKKEN GEBRU-IKEN Het gebruik van niet originele vervangstukken doet de garantie vervallen en veroorzaakt een slechte werking van de compressor. 24. DE COMPRESSOR NIET VERANDEREN. Een niet geautoriseerde verandering kan de prestaties van de com-pressor verminderen, maar kan ook de oorzaak zijn van ernstige ongelukken25. DE DRUKREGELAAR AFZETTEN ALS DE COM-PRESSOR NIET GEBRUIKT WORDT Als de compressor niet gebruikt wordt, de hendel van de drukregelaar in stand “0” (OFF) zetten, de compressor ontkoppelen van de stro-om en het kraantje van de lijn openen om de samengeper-ste lucht uit de tank te laten. 26. DE WARME DELEN VAN DE COMPRESSOR NIET AANRAKEN Om brandwonden te vermijden, de bu-izen, de motor en alle andere warme delen niet aanraken (g. 11). 27.
DE LUCHTSTRAAL NIET RECHTSTREEKS OP HET LICHAAM RICHTEN Om risico’s te vermijden nooit de luchtstraal op personen of dieren richten. 28. CONDENSWATER VAN DE TANK AFVOEREN Da-gelijks, de tank ontladen. Corrosie moet worden voorko-men: periodieke onderhoudsinspecties van de luchtketel zijn nodig, omdat de dikte van de stalen wand door inwen-dige corrosie kan afnemen, met het daaruit voortvloeien-de gevaar voor openbarsten van de ketel. De plaatselijke voorschriften dienen in acht te worden genomen, indien van toepassing. 29. DE COMPRESSOR NIET STILZETTEN DOOR AAN DE VOEDINGSKABEL TE TREKKEN De schake-laar “0/I” (ON/OFF) van de drukregelaar gebruiken om de compressor stil te zetten. 30. PNEUMATISCH CIRCUIT De aangeraden buizen, pneumatisch gereedschap gebruiken die een druk hoger of gelijk aan de maximum werkingsdruk van de compres-sor verdragen. 1.
3 NUTTIGE RAADGEVINGEN VOOR EEN GOEDE WERKINGVoor een goede werking van de machine met een volle-dige voortdurende lading bij maximum werkingsdruk, zich ervan vergewissen dat de temperatuur van de werking-somgeving in gesloten omgeving niet hoger is dan +25°C.
Deze compressor is gebouwd om met intermitterend bedrijf, zoals aangegeven op het plaatje met technische gegevens, te werken, (zo betekent bijvoorbeeld S3-25 2. 5 minuut bedrijf en 7. 5 minuut rust). Controleer het typepla-atje (g. 8). De elektrocompressoren op wielen, met vermogen van minstens 3Hp, zijn bedoeld om binnen te gebruiken1. 4 INSTRUCTIES VOOR DE AARDING Deze compressor moet geaard worden, terwijl hij in ge-bruik is, om de bediener te beschermen tegen elektrische schokken. De èènfase-compressor is voorzien van een tweepolige kabel plus aarde. De driefase-compressor is voorzien van een elektrische kabel zonder stekker. De elektrische verbinding moet uit-gevoerd worden door een gekwaliceerd technicus. Nooit vergeten dat de draad voor de aarding de groene of de geel/groene is. Nooit deze groene draad verbinden met een terminal in werking.
Bij twijfel een gekwaliceerde elektricien roepen en de aarding laten controleren. 1. 5 VERLENGSNOER Enkel een verlengsnoer met stekker en aarding gebru-iken, nooit beschadigde of platgedrukte verlengsnoeren gebruiken. Een te dun verlengsnoer kan spanningsverlagingen veroorzaken en zodoende een verlies van kracht en een overdreven verhitting van het apparaat. De verlengkabel van de compressoren moet een doormeter hebben overe-enkomstig zijn lengte, zie tabel (tab. A - pag. 8). WAARSCHUWINGEN De compressor nooit ge-.
35NLbruiken met een beschadigde elektrische kabel of verleng-snoer. Nooit gebruiken in of dichtbij water of in de nabijheid van een gevaarlijke omgeving waar elektrische ontladin-gen kunnen voorkomen. 2. GEBRUIK EN INSTALLATIE2. 1 INSTALLATIENa de compressor uitgepakt te hebben (g. 1) en zijn perfecte staat te hebben gecontroleerd, en zich ervan ver-gewist te hebben dat hij geen schade heeft geleden tijdens het transport, de volgende handelingen uitvoeren. De wielen en het rubberen dopje op de tanken monte-ren als ze nog niet gemonteerd zijn, volgens de instructies weergegeven op g. 2. De compressor op zetten in een goed verluchte plaats, beschermd tegen atmosferische factoren en niet in explo-sieve omgevingen. Als het oppervlak helt is (g. 3), erop letten dat de compressor zich niet verplaatst als hij werkt, anders de wielen blokkeren met twee wiggen.
Om een goede verluchting en een doeltreffende afkoe-ling te bekomen is het belangrijk dat de kettingbeschermer van de compressor zich op minstens 50 cm van eender welke muur (g. 4) bevindt. Erop letten dat de compressor op de juiste manier ver-voerd wordt, hem niet ondersteboven keren en niet ophef-fen met haken of touwen (g. 5-6). De compressoren gemonteerd op tank met vaste steunen, moeten niet op strakke wijze op de grond vast-gehecht worden, men raadt aan ze te monteren met nr. 4 antivibratie steunen. 2. 2 ELEKTRISCHE VERBINDING De èènfase-compressoren worden geleverd voorzien van elektrische kabel en tweepolige stekker + aarding. Het is belangrijk de compressor aan te sluiten op een stopcon-tact voorzien van aarding. (g. 7) De driefase-compressoren moeten geÔnstalleerd worden door een gespecialiseerd technicus. De driefase-compressoren worden geleverd zonder stekker.
Eender welke schade veroorzaakt door foute verbindin-gen van de voeding op de lijn sluit automatische de garan-tie op de elektrische delen uit. Om foute verbindingen te vermijden, is het aange-raden zich tot een gespecialiseerde technicus te wen-den. 2. 3 OPSTARTEN Controleren of de netspanning overeenstemt met die aangeduid op het plaatje elektrische gegevens (g. 8), het toegelaten tollerantieveld moet binnen de 5% liggen. Bij het eerste opstarten in de compressoren die met driefase-spanning werken de juiste draairichting van de afkoelingsventilator controleren, door middel van de pijl aangebracht op de kettingbeschermer of op de stroomli-jnkap. De stekker in het stopcontact steken en de compressor opstarten door de hendel van de drukregelaar in stand “I/ON” te brengen (g. 9).
De werking van de compressor is volledig automatisch, bevolen door de drukregelaar die hem stilzet wanneer de druk in de tank de maximum waarde bereikt en die hem terug doet starten als de druk naar het minimum niveau zakt. Normalerwijze is het verschil in druk ongeveer 2 bar (29 psi) tussen de maximum en de minimum waarde. Na de compressor verbonden te hebben met de elektri-sche lijn een lading bij maximum druk uitvoeren en de jui-ste werking van de machine nagaan. Sommige modellen zijn uitgerust met een uitlaatklep, om te helpen bevorderen van de volgende reboot. Een ro-okwolk van de lucht bij het stoppen, het is normaal. 2. 4 OPGELET De motor van de compressoren is voorzien van een automatische thermische bescherming aange-bracht op de binnenkant van de wikkeling, die de compressor stilzet als de temperatuur van de motor te hoge waarden bereikt.
5 REGELING VAN DE WERKINGSDRUKHet is niet nodig steeds de maximum werkingsdruk te gebruiken, meestal zelfs heeft het pneumatische gereed-schap minder druk nodig. Bij de compressoren voorzien van een drukreductiema-chine is het nodig de werkingsdruk goed af te stellen. De hendel van de drukreductiemachine loszetten door hem naar boven te trekken, de druk instellen op de gewen-ste waarde door de hendel met de wijzers van de klok mee te draaien om ze te verhogen, en tegen de wijzers van de klok om ze te verlagen, eens de optimale druk is bekomen, de hendel vastzetten door hem naar beneden te drukken (g. 10). Bij de drukreductiemachines geleverd zonder manome-ter is de ijkingsdruk zichtbaar op de gegradueerde schaal aangebracht op het lichaam van de reductiemachine zelf.
LET OP: Sommige drukverlagers zijn niet voorzien van een “push to lock”, zodat de knop alleen gedraaid hoeft te worden om de druk af te stellen. 2. 6 LET OP• Het is verboden de tank van de perslucht met opzet te doorboren, te solderen of te misvormen. • Omgevingstemperatuur voor een correcte werking 0°C +35°C. • Zet de schakelaar tijdens pauzes in de stand «0» (OFF) (uit). • Let erop dat enkele onderdelen van de compressor, zoals de kop en de toevoerleidingen, hoge temperatu-ren kunnen bereiken. Raak deze componenten niet aan om brandwonden te voorkomen. • Vervoer de compressor door hem aan de.
36handgrepen of handvaten op te tillen. • Als u de compressor gebruikt om te verven: a)Werk niet in gesloten ruimten of in de nabijheid van open vuur, b) Verzeker u ervan dat de omgeving waar u werkt een geschikte luchtverversing heeft, c) Bescherm neus en mond met een daarvoor geschikt masker. • Haal de stekker na gebruik van de compressor altijd uit het stopcontact. • Kinderen en dieren moeten ver van de werkingszone van de machine gehouden worden. • Geen voorwerpen en handen binnenin de bescher-mingsroosters steken om fysieke schade en schade aan de compressor te voorkomen. • De compressor niet als stomp voorwerp tegenover personen, dingen of dieren gebruiken om zware scha-de te vermijden. • Als de compressor niet meer gebruikt wordt, altijd de stekker uit het stopcontact trekken. 3.
ONDERHOUDAlvorens iedere willekeurige operatie op de com-pressor uit te voeren, dient u zich ervan te verzeke-ren dat:De algemene lijnschakelaar in de “0” stand staat. De drukregelaar en de schakelaars op de centrale uitgeschakeld zijn, “0” stand. De luchttank ontladen is van alle druk. 3. 1 OPZUIGFILTERHet is aangeraden elke 50 werkingsuren de opzui-glter te demonteren en het lterelement schoon te maken door het uit te blazen met samengeperste lucht (g. 12). Het is raadzaam het lterelement minstens èèn maal per jaar te vervangen als de compressor in een schone omgeving werkt; vaker als de omgeving waarin de com-pressor staat stofg is. 3. 2 CONDENSWATERDe compressor maakt condenswater dat zich verza-melt in de tank. Het is nodig het condenswater van de tank dagelijks weg te doen door het afvoerkraantje (g. 13) onder de tank open te doen.
PROBLEEMOPLOSSENVerlies van water door de klep onder de drukregelaar Dit ongemak hangt af van een slechte sluiting van de sluitingsklep, op de volgende wijze tussenkomen (g. 14). De tank volledig drukvrij maken. De zeshoekige kop van de klep losschroeven. Zowel het rubberen schijfje (A) als de plaats waarop het zit grondig schoonmaken. Alles terug perfect mon-teren. Luchtverlies Kan afhangen van een slechte sluiting van een ver-binding, alle verbindingen controleren door ze nat te maken met water en zeepAfname van het rendement. Veelvuldig starten. Lage drukwaarden. Overmatige vraag naar prestaties of eventuele lekkage uit koppelingen en/of leidingen. Mogelijkheid verstopt aanzuiglter. Vervang de pakkingen van de koppelingen of ver-vang het lter.
De compressor draait maar laadt niet Kan te wijten zijn aan de breuk van de kleppenof van een pakking tussenkomen door het beschadigde deel te vervangen. De compressor start niet. Als de compressor heeft moeite met het starten, con-troleer dan of:de stroomvoorziening overeenkomt met die op het typeplaatje, elektrische verlengsnoeren de juiste dia-meter of lengte, de omgevingstemperatuur te lage tem-peraturen (onder 0 ° C), de thermische beveiliging is geactiveerd. De compressor stopt niet Als de compressor niet stopt wanneer de maximum druk bereikt wordt treedt de veiligheidsklep van de tank in werking. Het is nodig contact op te nemen met de dichtstbijzijnde geautoriseerde assistentiedienst voor de herstelling. 5. NOTITIE5. 1 TECHNISCHE GEGEVENS• Controleer het typeplaatje (g. 8). • Voor de Europese markt zijn de compressoren ge-bouwd overeenkomstig met de Richtlijn CE.
2 OSPLAG VAN DE VERPAKTE EN ONVERPAKTE COMPRESSORZolang de compressor nog is verpakt, moet die wor-den opgeslagen op een droge plaats bij een tempera-tuur tussen + 5° C en + 45° C. Voor-kom daarbij dat de compressor wordt blootgesteld aan weersinvloeden. Zolang de compressor niet wordt gebruikt nadat die is uitgepakt, bijvoorbeeld in afwachting van de ingebru-ikneming of vanwege een onderbreking in de productie, moet die worden beschermd met doeken, om te voor-komen dat stof op de mechanismen terechtkomt. Indien de compressor langere tijd niet wordt gebruikt, moet de olie worden ververst en de werking worden gecontro-leerd. 5. 3 PNEUMATISCHE VERBINDINGEN Zich ervan vergewissen steeds pneumatische bui-zen te gebruiken voorsamengeperste lucht die geken-merkt zijn door een maximum drukaangepast aan die van de compressor. De buis niet trachten te herstellen als ze beschadigd is.
Heb je hulp nodig?
Als je hulp nodig hebt met Abac Start O15 stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden
Handleiding Compressor Abac
Handleiding Compressor
Nieuwste handleidingen voor Compressor